Bijlage 1 Kadernota 2022-2025 (21.202382)
Tekst van het document
Kadernota 2022 - 2025 T.b.v. Gemeenteraad 8 juli 2021 versie 1.0 d.d. 22 juni 2021
*21.202382* Reg. nr: 21.202382
Inhoudsopgave 1. Inleiding ................................................................................................................................................3 2. Uitgangspunten ....................................................................................................................................6 3. Ruimteberekening ................................................................................................................................7 3.1 Structurele ruimte ..........................................................................................................................7 A. Autonome ontwikkelingen ........................................................................................................ 10 B. Gemeentefonds & BUIG ............................................................................................................ 10 C. Verbonden partijen / Gemeenschappelijke Regelingen ........................................................... 16 D. Kapitaallasten en financieringen............................................................................................... 18 E. Belastingen en heffingen ........................................................................................................... 18 F.
Overig......................................................................................................................................... 18 3.2 Risiconorm ................................................................................................................................... 19 3.3 Incidentele ruimte ....................................................................................................................... 20 4. Wensen .............................................................................................................................................. 21 Inleiding ............................................................................................................................................. 21 Programma 1 Bestuur en ondersteuning .......................................................................................... 22 Programma 2 Veiligheid .................................................................................................................... 24 Programma 3 Verkeer, vervoer en waterstaat.................................................................................. 25 Programma 4 Economie ....................................................................................................................
28 Programma 5 Onderwijs.................................................................................................................... 31 Programma 6 Sport, cultuur en recreatie ......................................................................................... 33 Programma 7 Sociaal Domein ........................................................................................................... 37 Programma 8 Volksgezondheid en milieu ......................................................................................... 39 Programma 9 Volkshuisvesting, Ruimtelijke ordening en Stedelijke vernieuwing ........................... 41 Algemene Dekkingsmiddelen ............................................................................................................ 44 Samenvatting..................................................................................................................................... 50 5. Ruimte versus wensen....................................................................................................................... 52 5.1 Voorstel te honoreren structurele wensen ................................................................................. 52 5.2 Voorstel te honoreren incidentele wensen.................................................................................
52 5.3 Incidentele ruimte ....................................................................................................................... 52 5.4 Advies meerjarenraming/taakstelling ......................................................................................... 53 5.5 Procesvoorstel ............................................................................................................................. 54 6. Bijlagen .............................................................................................................................................. 55 6.1 Niet gehonoreerde wensen en overig nog financieel te vertalen............................................... 55 6.2. Autonome ontwikkelingen & areaal structureel 2022-2025...................................................... 57 6.3 Eerder gehonoreerde wensen kadernota 2020-2023 ................................................................. 71 6.4 Eerder gehonoreerde wensen kadernota 2021-2024 ................................................................. 71 6.5 Eerder gehonoreerde uitzetting Integraalhuisvestingsplan (IHP) ............................................... 71
Gemeente Waadhoeke
Kadernota 2022 - 2025
1. Inleiding Jaarlijks stelt de gemeenteraad de kadernota vast. Daarmee wordt op hoofdlijnen de beleidsmatige koers en het financiële kader voor de komende vier jaren aangegeven. De kadernota is voor het college het raamwerk waarbinnen de begrotingsvoorbereiding plaatsvindt. Begin 2020 werden we geconfronteerd met de corona-crisis. Het is zeer ongewis wat de financiële effecten van de corona-crisis zijn op de begroting 2022 en de meerjarenraming 2023-2025. Het uitgangspunt in de kadernota is dat daar waar deze effecten zich voor doen het Rijk de financiële gevolgen van de corona-crisis (grotendeels) compenseert. Afgezien van de impact van de crisis is het financiële perspectief voor onze gemeente (zoals ook vorig jaar benoemd) op korte én langere termijn niet gunstig. In eerdere kadernota's meldden wij al dat de -in vrijwel alle gemeenten spelende- tekorten in het sociaal domein, grote opgaven zoals de energietransitie en de stevige ambities die wij als jonge gemeente hebben, ons voor lastige keuzes plaatst. Ook zal de beoogde herziening van het Gemeentefonds waarschijnlijk vooral de plattelandsgemeenten negatief raken. Vanaf de start van Waadhoeke hebben we hard gewerkt aan opbouw van onze gemeente: de basis is op orde, inclusief harmonisatie van beleid. We introduceerden twee ambitieuze programma's: het Ontwikkelperspectief 2018-2028 en het programma Dienstverlening.
Vanuit deze basis en met deze koers willen we verder gaan met onze ambities. Om die ambities waar te kunnen maken moeten we financiële ruimte creëren in de (meerjaren) begroting. Op basis van de meest recente cijfers lijken we op dit moment af te stevenen op een forse structurele taakstelling. Maar veel is nog onzeker. Citaat uit Binnenlands Bestuur: ‘Het is wel extreem’, zegt gemeentefondsspecialist Dirk Jans die voor LiasPAUW de mei-circulaire analyseerde. Een opvallende arbitrage-uitspraak, de herverdeling van het gemeentefonds en een wereldwijde gezondheidscrisis ‘Het komt nu allemaal samen.' 'Maar het belangrijkste staat er niet in’. Gelezen de uitspraak van de arbitrage-commissie inzake extra compensaties jeugdzorg, stelt het huidige kabinet in de komende Miljoenennota 2022 € 1,3 miljard extra beschikbaar boven op de € 300 miljoen die eerder al beschikbaar is gesteld. Over 2023 en volgende jaren zijn nog geen afspraken gemaakt, dat is aan het nieuwe kabinet. De uitspraak levert dus geen structurele ruimte op. Het bedrag van de taakstelling baseren we om die reden in eerste instantie op de jaarschijf 2022. Bij de voorbereiding van de begroting 2022 e.v. gaan we met de invulling van deze taakstelling aan de slag om een realistisch meerjarenperspectief te maken. Franeker 22 juni 2021 het college van B&W
3
Gemeente Waadhoeke
Kadernota 2022 - 2025
Leeswijzer In hoofdstuk 2 beschrijven wij de te hanteren uitgangspunten voor de begroting. In hoofdstuk 3 lichten we de budgettaire ruimte toe (op basis van die uitgangspunten), zowel structureel als incidenteel. In hoofdstuk 4 zijn alle aangedragen wensen opgenomen. In hoofdstuk 5 worden de te honoreren wensen afgezet tegen de beschikbare ruimte. Hoofdstuk 6 bevat de bijlagen. Het hoofdstuk wensen ziet er iets anders uit als dat u gewend bent. Per programma is namelijk een doelenboom opgenomen. In deze doelenboom zijn de beleidsmatige kaders opgenomen. Dit zijn dezelfde beleidsmatige kaders die in de begroting zijn opgenomen onder het kopje ‘wat willen we bereiken’. Hiermee maken we een eerste, kleine stap naar een begroting die als kaderstellend instrument niet alleen financieel maar ook beleidsmatig voldoende richting geeft. De raad oefent op dit moment met het weken met indicatoren, als onderdeel van het werken met zogeheten doelenbomen. Indicatoren zijn zorgvuldig gekozen prestaties (effecten of activiteiten) die meetbaar zijn en die een vertaling zijn van doelstellingen op een wat abstracter niveau (subdoelen). Die subdoelen zijn op hun beurt afgeleid uit een overkoepelend strategisch doel (of hoofddoel). Op deze manier worden er sterkere verbindingen gelegd tussen doelen en doen, tussen woord en daad. Zo’n werkwijze is ook door de rekenkamer aanbevolen.
Als de raad ervoor kiest om deze werkwijze ook echt in te voeren, dan zal die bij de start van een de nieuwe raadsperiode geborgd moeten worden. Dat betekent werken aan een programmabegroting die gedragen wordt door de strategische doelen, daaruit afgeleide subdoelen en een selectie van gewenste effecten en activiteiten (de indicatoren) die binnen een bepaalde periode gerealiseerd moeten worden. Ook de wijze van monitoring moet daar natuurlijk afgestemd zijn. Louter als voorbeeld (!) zou de volgende doelenboom in zo’n begroting voor kunnen komen.
Hoofddoelstelling
Subdoel
Indicatoren
In de laatste begroting van deze raadsperiode, de begroting 2022, sluiten we graag aan bij de “oefenfase” van de raad; uit de begroting hebben we zo goed mogelijk de strategische doelen en subdoelen afgeleid en aan het begin van iedere programma in deze kadernota opgenomen, in de vorm van (gedeeltelijke!) doelenbomen. In sommige gevallen hebben die subdoelen, conform de formulering in de begroting, meer het karakter van een aandachtsveld dan van een doelstelling. Gemankeerde doelenbomen dus, maar dat is logisch. Omdat de huidige begrotingsopzet niet berust op doelenbomen, kan het ook niet meer dan een oefening zijn. Met terugwerkende kracht nieuwe of andere subdoelen formuleren en indicatoren benoemen in de komende begroting die niet door de raad zijn geformuleerd, is af te raden. Het zou veel tijd en energie kosten om de indicatoren alsnog gezamenlijk te bepalen, waarna in de organisatie ook nog de monitoring van die toegevoegde indicatoren geborgd moet zijn. Zo’n investering, als de raad daarvoor kiest, hoort aan het begin van de nieuwe raadsperiode plaats te vinden. 4
Gemeente Waadhoeke
Kadernota 2022 - 2025
We komen daar begin volgend jaar graag bij u op terug. Tot die tijd kunnen we ons bekwamen in een nieuwe werkwijze ter voorbereiding op een eventuele (!) andere begrotingsopzet.
5
Gemeente Waadhoeke
Kadernota 2022 - 2025
2. Uitgangspunten Belangrijk is welke uitgangspunten we hanteren bij het maken van keuzes. We hanteren de uitgangspunten zoals deze vorig jaar bij de kadernota 2021-2024 zijn vastgesteld. Onderstaand de belangrijkste uitgangspunten, aangevuld, en waar nodig geactualiseerd. 1. Covid-19 In de begroting en meerjarenraming houden we geen rekening met de corona-crisis c.q. we ramen de financiële gevolgen van de corona-crisis budgettair neutraal. De financiële effecten van de corona-crisis zijn niet (goed) in te schatten/we gaan ervan uit dat het Rijk de financiële gevolgen van de corona-crisis (grotendeels) compenseert. We verwerken dan eventuele werkelijke financiële gevolgen bij tussentijdse rapportages en op jaarrekeningbasis. 2. Sociaal Domein (Richtlijn) - Voor de jaren 2023 tot en met 2025 is de stelpost ‘Uitkomst onderzoek jeugdzorg’ geraamd: naar rato van de € 300 miljoen per jaar. Voor Waadhoeke € 850.000. - Deze stelpost ‘Uitkomst onderzoek jeugdzorg’ is structureel opgenomen. - Voorwaarde is dat de gemeente ook zelf maatregelen neemt in het kader van de transformatie rondom jeugdzorg en Wmo mede gericht op beheersing van de kosten. De provincie Fryslân heeft moeite met deze richtlijn en adviseert deze, vanwege het onzekere karakter, zo min mogelijk te gebruiken. 3. Herijking gemeentefonds Verwerkt in de ruimteberekening als PM.
De voorgestelde herijking leidt zonder meer tot herverdeeleffecten en daarmee tot gemeenten die voordeel en gemeenten die nadeel ondervinden. In afwachting van de actualisatie van de cijfers 2017 naar 2019, de verschillende adviezen daarover, de nog lopende lobby en het uiteindelijke besluit van het nieuwe kabinet is het op dit moment voorbarig om te gaan anticiperen op de herverdelingseffecten. Om de voorgestelde invoeringsdatum van 1 januari 2023 te halen, zullen gemeenten uiterlijk via de meicirculaire 2022 van het gemeentefonds geïnformeerd moeten worden. 4. Onvoorzien structureel In de begroting nemen we een post onvoorzien structureel op van € 1 per inwoner. 5. Structureel begrotingsevenwicht Zowel de eerste als de laatste jaarschijf zijn structureel in evenwicht. 6. Dekking incidentele lasten Vanuit de eventuele ruimte boven de norm van de Algemene Reserve van € 15,0 mln. dekken we incidentele lasten. 7. Ruimte onder plafond BCF geactualiseerd Voor de ruimte onder het plafond het BCF compensatiefonds houden we rekening met de laatst gerealiseerde ruimte. Deze nemen wij niet maximaal op (2 punten uitkeringsfactor minder).
6
Gemeente Waadhoeke
Kadernota 2022 - 2025
3. Ruimteberekening 3.1 Structurele ruimte De structurele ruimteberekening geeft inzicht in de mutaties ten opzichte van de ruimteberekening zoals opgenomen in de Programmabegroting 2021 voor de meerjarenraming 2021-2024. De nieuwe jaarschijf 2025 begint met het saldo van 2024. De mutaties van de post onvoorzien structureel tot en met begrotingswijziging 4 worden hier bij gevoegd. Aangezien dit budget voor de tweede helft van 2021 nog nodig is wordt deze in de volgende regel tegen geboekt. Het tekort vanuit het gemeentefonds 2021 is structureel verwerkt, maar incidenteel gedekt ten laste van de Corona reserve (onderdeel vervallen opschalingskorting 2021). Deze afname werkt wel structureel door in de jaren 2022-2025. De tabel bevat de diverse mutaties cumulatief in meerjarenperspectief. Als een mutatie in 2022 structureel doorwerkt, is in de volgende jaren hetzelfde bedrag zichtbaar. De mutaties worden aangegeven ten opzicht van de vorige vastgestelde ruimteberekening. Dat betekent bijvoorbeeld dat de jaarlijkse uitzetting voor het IHP van € 61.000 alleen zichtbaar is in de nieuwe jaarschijf 2025, de jaarlijkse uitzettingen van 2022 t/m 2024 zijn al opgenomen in de beginstand. (Een plus is een voordeel, een min is een nadeel.)
7
Gemeente Waadhoeke
Kadernota 2022 - 2025
Bedragen x € 1
2022
2023
2024
2025
Begrotingsresultaat conform programmabegroting 2021-2024
433.160
-22.435
22.295
22.295
Mutaties post onvoorzien structureel 2021 (t/m wijziging 4)
19.577
19.577
19.577
19.577
Saldo post onvoorzien structureel 2021 nodig in 2e helft 2021
-19.577
-19.577
-19.577
-19.577
Deel post onvoorzien in 2021 incidenteel gedekt
-178.547
-178.547
-178.547
-178.547
Autonome ontwikkelingen structureel
-778.393
-837.393
-806.393
-841.143
Autonome ontwikkelingen incidenteel
0
0
0
0
A Autonome ontwikkelingen
-61.000
Nieuw (bestaand) beleid IHP (integraal huisv plan onderwijs) B Gemeentefonds&BUIG 2.182.987
Mutaties gemeentefonds
1.636.299
1.275.287
1.438.309
PM
PM
PM
(inclusief loon- en prijscompensatie & integratieuitkering Participatie (Wsw)) Nieuw verdeelstelsel Reservering onvoorzien met bestemming (L&P)
-455.097
-455.097
-455.097
-455.097
Reservering onvoorzien met bestemming overig
-468.480
-469.274
-478.302
-478.207
Mutatie BUIG
-137.887
-137.887
-137.887
-137.887
Dienst SoZaWe (BVO): Programmalasten Participatie, Inkomen, Armoedebestrijding (deels) en Bedrijfsvoering
0
0
0
0
Programmalasten Armoedebestrijding (deels), Jeugd en Wmo
-1.833.788
-1.833.788
-1.833.788
-1.833.788
0
0
0
0
Fryslân West (bijdrage per SE)
-127.000
-91.000
-64.000
-28.000
Doorbetaling Wsw (zie gemeentefonds)
-123.761
-136.509
-126.904
89.196
FUMO
-59.153
-59.153
-59.153
-59.153
Veiligheidsregio
-112.803
-78.831
-79.069
-109.085
C Gemeenschappelijke regelingen
Beschermd wonen
D Kapitaallasten en financieringen Ontwikkeling kapitaallasten, rente investeringen
70.000
Ontwikkeling rente leningen
25.000
E Belastingen en heffingen 99.515
Inflatie toepassen op tarief OZB
99.515
99.515
99.515
Structurele verhoging rioolheffing
94.500
Dotatie spaarvoorziening riolering
-94.500 0
Kostendekkendheid heffingen
0
0
0
F Overig Reservering onvoorzien structureel (46.000 x € 1)
-46.000
Vervallen rente Algemene Reserve > € 15 miloen Totaal voortschrijdend cumulatief
8
13.830
7.831
7.831
7.831
-1.545.417
-2.556.269
-2.814.212
-2.475.761
Gemeente Waadhoeke
Kadernota 2022 - 2025
Hieronder is uitgewerkt welk effect de herziening van het gemeentefonds kan hebben op de meerjarenraming bij een scenario van een nadelig effect van € 50 per inwoner. Tevens is het effect van de stelpost Jeugd benoemd. Bedragen x € 1
2022
2023
2024
2025
-1.545.417
-2.556.269
-2.814.212
-2.475.761
Nieuw verdeelstelsel gemeentefonds: € 50 per inw. (schatting) Suppletie overgang ingroei nadeel maximaal € 15 per inwoner/jr
-2.300.000
-2.300.000
-2.300.000
1.610.000
920.000
230.000
Stelpost jeugd laten vervallen, nog steeds geen toezegging
-850.000
-850.000
-850.000
-4.096.269
-5.044.212
-5.395.761
Saldo ruimteberekening
Saldo
-1.545.417
De verschillende onderdelen worden hierna toegelicht.
9
Gemeente Waadhoeke
Kadernota 2022 - 2025
A. Autonome ontwikkelingen In de ruimteberekening zijn de financiële effecten voor autonome ontwikkelingen en waar relevant voor voortzetting van bestaand beleid opgenomen. In de bijlage (H 6.2) is een specificatie opgenomen. De effecten (kolom 2025) van de eerder gehonoreerde (cumulatief structurele) wensen uit de begroting 2021 en meerjarenraming (2022-2024) zijn hier eveneens opgenomen. B. Gemeentefonds & BUIG Gemeentefonds De grootste inkomstenbron van de gemeente is het gemeentefonds. In deze kadernota is de meicirculaire 2021 meerjarig verwerkt. In begroting 2021 van gemeente Waadhoeke is het effect voor 2021 structureel verwerkt tot en met de 'maartcirculaire 2021'. Het meerjarige effect van de septembercirculaire 2020 is via een raadsmemo gecommuniceerd. Door de structurele verwerking van de effecten voor 2021 is van het meerjarige effect al € 178.547 -/- negatief verwerkt (te lezen boven A). In 2021 is dit bedrag incidenteel gedekt vanuit het bedrag dat de gemeente incidenteel in het kader van Corona heeft ontvangen onder de noemer 'Opschalingskorting'. Om gemeenten ten tijde van Corona wat lucht te geven is de jaarschijf van de lagere apparaatlasten met terugwerkende kracht niet verwerkt voor 2021.
In deze kadernota wordt het resterende effect voor de jaarschijven 2022-2025 opgenomen tezamen met de effecten van de meicirculaire 2021 en de actualisatie van de maatstafgegevens. Jaarschijf 2025 is aan het begin van de ruimteberekening identiek aan 2024. De getoonde mutaties voor 2025 zijn daarmee gelijk aan de mutaties in kolom 2024 en worden vermenigvuldigd met de mutatie tussen 2024 en 2025 uit alle eerdere circulaires. Hiervoor zijn onder ander de volgende uitgangspunten gehanteerd: het aantal woonruimten stijgt met 50 stuks per jaar; het aantal inwoners bedraagt op 1 januari 2021 46.149. Voor 2022-2025 wordt rekening gehouden met 46.150 inwoners; voor de leeftijdsopbouw van de inwoners wordt uitgegaan van de stand op 1 januari 2021; het aantal bijstandsgerechtigden is opgenomen conform de verwachte stand op 1 januari 2022 in de begroting 2022 van de BVO Dienst SoZaWe. De mutaties in het gemeentefonds zijn per saldo voor alle jaren positief. De hogere ontvangst uit het gemeentefonds wordt deels gereserveerd voor loon- en prijscompensatie van € 455.097-/- (verderop toegelicht) en overig onvoorzien met bestemming (€ 468.480-/- in 2022 tot € 478.207-/- in 2025) of resulteert in aanpassing van de doorbetaling aan de GR Fryslân-West. Alle mutaties van 2025 betreffen mutaties ten opzichte van de beginstand 2024 conform programmabegroting 2021.
Inclusief het structureel verwerkte effect van 2021 van € 178.547-/-, resteert een positief effect variërend van € 957.000 in 2022 tot € 416.000 in 2025. Met als laagste jaar 2024 met € 36.000. Hieronder worden enkele grote mutaties toegelicht. Accres De algemene uitkering in het gemeentefonds groeit mee met de uitgaven van het Rijk. Dit wordt toegekend onder de noemer accres. Het accres in de meicirculaire 2021 is negatief. In alle jaren zijn de lagere accressen volgens de circulaire het gevolg van lagere loon- en prijsontwikkeling. Vanaf 2023 is het accres neerwaartse bijgesteld als gevolg van lagere rentelasten en lagere EU-afdrachten. De gemeente Waadhoeke berekent de uitkering uit het gemeentefonds in constante prijzen. Dit houdt in dat de uitkeringsfactor uit de meicirculaire 2021 gecorrigeerd worden met de loon en prijs-
10
Gemeente Waadhoeke
Kadernota 2022 - 2025
ontwikkeling BBP voor de jaren 2023 tot en met 2025 (nominale ontwikkeling). De stand tot en met de meicirculaire 2021 resulteert voor beide onderdelen voor 2022 in een negatief effect van € 92.000 -/- tot € 1.017.000-/- in 2024. Doordat 2025 in eerdere circulaires al een hogere uitgangspunt had stijgt deze met € 142.000. Ontwikkeling uitkeringsbasis Op verschillende momenten in het jaar worden de maatstaven, die de hoogte van het aandeel in de Algemene uitkering bepalen, geactualiseerd. Zodra de aantallen landelijk stijgen wordt er meer verdeeld uit de Algemene uitkering dan er beschikbaar is. Om dit op te lossen wordt de uitkeringsfactor verlaagd. Als de aantallen landelijk dalen, stijgt de uitkeringsfactor. Dit wordt verwerkt onder de naam ‘ontwikkeling uitkeringsbasis’. De meest voorkomende hiervan zijn ontwikkeling van de OZB (belastingcapaciteit), en de ontwikkeling van de bijstand- en uitkeringsontvangers. Ondanks de ontwikkelingen rondom Corona zien we een verlaging van het landelijk aantal bijstandsontvangers. Naast de bijstandsontvangers zijn er nog andere maatstaven die gezorgd hebben voor een hogere ontwikkeling uitkeringsbasis, zoals onder andere de afname van het aantal jongeren onder de 18. In totaal een voordeel van € 555.611 in 2022 aflopend naar € 458.144 in 2025 (ten opzichte van de stand in de programmabegroting 2021).
De ontwikkeling uitkeringsbasis heeft een link met de hoeveelheidsverschillen bij 'diverse overige ontwikkelingen' die hieronder wordt toegelicht. Diverse overige ontwikkelingen De diverse overige ontwikkelingen bestaan in 2022 vooral uit hoeveelheidsverschillen door actuelere cijfers van de maatstaven (€ 155.353 -/-). Deze verlaging heeft een link met de positieve ontwikkeling uitkeringsbasis hierboven. Daarnaast bestaat deze regel 'diverse overige ontwikkelingen' uit verschillende kleinere actualisaties, zoals loon- en prijscompensatie Voogdij/18+ (€ 34.250), diverse overige mutaties van de uitkeringsfactor (€ 138.903 -/-) en diverse overige mutaties (€ 15.601 -/-). Totaal € 275.607 -/- aan overige ontwikkelingen. BTW-compensatiefonds (BCF) Het is onzeker wat de ruimte onder het BCF plafond gaat doen in de komende jaren en of er ruimte blijft onder het plafond. De ruimte kan ook negatief worden. In dat geval komt de negatieve ruimte ten laste van het gemeentefonds. Het ministerie van Binnenlandse Zaken heeft in afstemming met de VNG en de provinciale toezichthouders een advies opgesteld. Gemeenten mogen in Programmabegroting 2022-2025 voor de ruimte onder het plafond maximaal rekening houden met de laatst gerealiseerde ruimte. De laatst gerealiseerde ruimte is 2020 (€ 192,6 miljoen). Omgerekend naar punten is dit 10,6 punten keer € 46.000; € 488.000.
Voor de raming in 2021 hanteert de gemeente hetzelfde principe. In de meerjarenraming uit de programmabegroting 2021 werd rekening gehouden met € 276.000. Een voordeel van € 212.000. Lagere apparaatslasten In het Regeerakkoord is opgenomen dat de gemeenten groter worden. De verwachting van het kabinet is dat de gemeenten op deze manier de apparaatslasten (overhead) kunnen verlagen. Hiervoor wordt via de uitkeringsfactor geld uit het gemeentefonds gehaald. Ongeacht of gemeenten dit voordeel behalen of niet. Dit korting op het gemeentefonds is gestart in 2020 met € 60 miljoen en loopt op tot € 975 miljoen in 2025. Dit resulteert voor 2025 in een afname van € 352.771.
11
Gemeente Waadhoeke
Kadernota 2022 - 2025
Jeugd Het kabinet heeft extra middelen beschikbaar gesteld voor Jeugdzorg voor de jaren 2019-2022. Het kabinet heeft de beslissing over het eventueel structureel beschikbaar stellen van extra middelen voor de jaren 2023 en verder voor zich uitgeschoven naar de volgende kabinetsperiode. Voor de Programmabegroting 2022 heeft de provincie Fryslân de volgende richtlijn meegegeven. Voor de jaren 2023, 2024 en 2025 mag een stelpost 'Uitkomst onderzoek jeugdzorg' geraamd worden (€ 300 miljoen per jaar). Voorwaarde is dat de gemeenten tevens zelf maatregelen nemen in het kader van de transformatie rondom jeugdzorg en ggz mede gericht op beheersing van de kosten. In de ruimteberekening van programmabegroting 2021 is rekening gehouden met een structurele stelpost met ingang van 2022. Met de septembercirculaire 2020 heeft het kabinet alsnog eenmalig geld beschikbaar gesteld voor 2022. Hierdoor verviel de stelpost in 2022 en resteert een structurele stelpost van € 850.000 met ingang van 2023. Deze stelpost blijft hiermee ongewijzigd staan. Het blijft onzeker of het budget structureel wordt toegevoegd. Arbitrage uitspraak Jeugdzorg – niet opgenomen in de meicirculaire Het Rijk erkent dat in 2019 sprake was van een tekort van € 1,7 miljard op basis van een onderzoek van Andersson Elffers Felix.
Recent is dit bekrachtigd door de arbitragecommissie jeugdzorg, zij komt in haar oordeel in het conflict tussen VNG en rijk over de structurele tekorten op de jeugdzorg tot een bedrag van € 1,6 miljard voor 2022. In het Bestuurlijk Overleg van 2 juni 2021 hebben het kabinet en de VNG de uitspraak van de arbitragecommissie besproken en een aantal afspraken gemaakt. Van de afgerond € 1,6 miljard wordt € 214 miljoen omgezet in een bezuinigingstaakstelling. Het resterende bedrag van € 1.314 miljoen wordt eenmalig toegevoegd aan het gemeentefonds. Komende weken vindt overleg plaats over de verdeling van de toe te voegen middelen. De verwachting is dat een deel van de middelen via specifieke uitkering aan een aantal centrumgemeenten toegekend zal worden. Vooruitlopend op de Miljoenennota 2022 ontvangen gemeenten een indicatie over de verdeling. Er is nog geen officieel besluit genomen. Eventuele (structurele) toevoeging is aan het nieuw te vormen kabinet. Als we er vanuit gaan dat het bedrag voor 2022 op dezelfde wijze wordt verdeeld als de extra middelen voor 2021 (van de € 613 miljoen gaat € 438 miljoen rechtstreeks naar de gemeenten), gaat het voor 2022 om € 2.700.000 voor de gemeente Waadhoeke. Deze uitspraak van de arbitragecommissie maakt geen deel uit van de meicirculaire en is daarom niet verwerkt in de ruimteberekening bij 3.1.
Het effect van € 2.700.000 wordt meegenomen in hoofdstuk 5 Ruimte versus wensen. Beschermd wonen Met ingang van 1 januari 2022 gaan de taken van Beschermd Wonen van de centrumgemeente naar de eigen gemeente. Vanaf 2023 zal er een geleidelijke transitie van 10 jaar zijn waarbij het van een historisch verdeelmodel naar een objectief verdeelmodel zal gaan. Hierbij zal het historische verdeelde macrobudget voorlopig naar de centrumgemeente Leeuwarden blijven gaan. Het objectieve verdeelde macrobudget zal naar de gemeente Waadhoeke zelf gaan vanaf 2023. In 2022 zal het huidige macrobudget van Beschermd Wonen nog volledig historisch verdeeld worden. De transitie naar een objectief verdeelmodel verloopt gezamenlijk met de herijking van het gemeentefonds. De eerste resultaten van het nieuwe verdeelmodel laten een positief effect zien op het totale budget dat de gemeenten in de Provincie Fryslân hiervoor eerder gezamenlijk ontvingen via de centrumgemeente Leeuwarden. Het nieuwe model is echter op dit moment nog niet definitief vastgesteld, waardoor het op dit moment nog onzeker is wat voor budget er beschikbaar komt. Ten tweede is er een voorlopige uitname gedaan vanuit het budget voor de cliënten die overgaan naar de WLZ (wet langdurige zorg). Dit is voorlopig gedaan, omdat het onzeker is hoeveel cliënten
12
Gemeente Waadhoeke
Kadernota 2022 - 2025
precies over gaan naar de WLZ. Er vindt in de meicirculaire 2021 en meicirculaire 2022 nacalculatie plaats. De wijze van nacalculeren moet nog bekend gemaakt worden. Om deze twee bovenstaande redenen wordt er voorzichtigheidshalve in de meerjarenraming vanuit gegaan dat Beschermd Wonen budgettair neutraal verloopt voor de gemeente Waadhoeke. Invoer nieuw verdeelstelsel De invoering van de nieuwe verdeling (herijking) van het gemeentefonds is eind 2020 uitgesteld naar 2023. Dit brengt herverdeeleffecten met zich mee. Het Ministerie van Binnenlandse Zaken heeft op 2 februari 2021 de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) gevraagd om advies te geven over het voorstel van de fondsbeheerders voor de nieuwe verdeling van het gemeentefonds per 2023. Met het indienen van deze adviesaanvraag, zijn ook de voorlopige uitkomsten van de verdeling voor individuele gemeenten bekend gemaakt. Deze eerste cijfers geven een herverdeeleffect van € 0 voor Waadhoeke aan. Deze herverdeeleffecten zijn gebaseerd op de cijfers en situatie van 2017, vóór de herindeling van Waadhoeke. De herindelingseffecten zijn hier nog niet in meegenomen. Het is onduidelijk hoe dit in de cijfers doorwerkt. Echter, aangezien het vaste bedrag per gemeente stijgt in het nieuwe model verwachten we dat een nieuwe doorrekening voor Waadhoeke niet positief zal uitpakken.
De buurgemeenten in Fryslân en Groningen krijgen te maken met grote negatieve uitkomsten. Er is een gezamenlijke brede lobby opgestart vanuit de Vereniging van Friese Gemeenten (VFG) en Vereniging van Groningen Gemeenten (VGG) die zich inzet voor een eerlijkere verdeling. De Raad voor het openbaar bestuur (ROB) heeft in een tussenbericht inzake de herziening van de verdeling van het gemeentefonds aan de fondsbeheerders om meer toelichting op de keuzes en de effecten gevraagd en enkele kritische kanttekeningen geplaatst bij de uitlegbaarheid van de uitkomsten, met name in het sociaal domein. Ook hebben de fondsbeheerders veel reacties en vragen gekregen van gemeenten. Deze reacties en de vragen van de Tweede Kamer geven de fondsbeheerders voldoende aanleiding om het verdeelvoorstel nog een keer kritisch tegen het licht te houden. Naar verwachting wordt er begin juli een nieuwe verdeelvoorstel voorgelegd. De consultatie van de VNG kan dan op zijn vroegst in augustus/september plaatsvinden. Aangezien er nog geen besluitvorming is geweest wordt voorgesteld dit als PM post op te nemen. Wel wordt zichtbaar gemaakt wat een herverdeeleffect van € 50 per inwoner doet in de meerjarenraming. Bedragen per inwoner per jaar Herverdeeleffect Suppletie-uitkering Netto effect
2022 0 0 0
2023 -50 35 -15
2024 -50 20 -30
2025 -50 5 -45
Het nadeel van € 15 per inwoner per jaar betekent voor Waadhoeke een bedrag van € 690.000 (€ 15 * 46.000 inwoners ). In 2023 betekent dit een nadeel van € 690.000 oplopend tot € 2.070.000 in 2025. Reservering onvoorzien met bestemming In het gemeentefonds zijn posten opgenomen met een bestemming. Deze worden gereserveerd.
13
Gemeente Waadhoeke
Kadernota 2022 - 2025
Loon- en prijscompensatie (L&P) De reservering op onvoorzien met bestemming voor loon- en prijscompensatie vanuit het gemeentefonds in 2022 is berekend op € 966.000. Binnen de autonome ontwikkelingen is de prijsontwikkeling ICT van € 151.903 al verwerkt, waardoor dat deel niet meer gereserveerd hoeft te blijven. Daarnaast is in de ruimteberekening € 360.000 verwerkt als dekking voor de prijsstijgingen programmalasten Wmo. Dat betekent dat alleen het resterende deel van de loon- en prijscompensatie gereserveerd hoeft te worden. Loon- en prijscompensatie 2021 conform septembercirculaire 2020 Tarieven ICT Programmalasten Sociaal Domein: Wmo Saldo
€ 966.000 € 151.903 -/€ 360.000 -/€ 455.097
Overig Het gaat hier onder andere om taakmutaties en decentralisatie-uitkeringen. In afwachting van de invulling van het beleid worden deze op onvoorzien met bestemming gereserveerd. Het betreft de volgende posten: Rijksvaccinatieprogramma meningokokken € 10.000 Versterking gemeentelijke antidiscriminatievoorziening € 18.500 Prenataal huisbezoek door jeugdgezondheidszorg € 12.000 Wet Open Overheid (structureel) € 56.500 Wet Open Overheid (incidenteel tot en met 2026) € 67.000 Inburgering (IU) € 27.662 Armoedebestrijding kinderen (DU) € 18.852 -/Voogdij/18+ (IU) – woonplaatsbeginsel € 327.721 Brede aanpak dak- en thuisloosheid (DU) € 32.051 -/Totaal onvoorzien met bestemming € 468.480 Rijksvaccinatie meningokokken Met ingang van 1 januari 2021 wordt de uitvoering van de vaccinatie tegen meningokokken (MenACWY) overgedragen aan gemeenten. De gemeente ontvangt hiervoor structureel € 10.000. Naar verwachting wordt deze extra bijdrage van in totaal € 10.000 via de eerste begrotingswijziging 2022 van de Veiligheidsregio Fryslân (VRF) in rekening gebracht bij de gemeente. De ontvangst van de middelen is benoemd in de nieuwe begroting van de VRF. Versterking gemeentelijke antidiscriminatievoorziening (ADV) In 2009 is de Wet gemeentelijke antidiscriminatievoorzieningen (Wga) in werking getreden. Alle gemeenten zijn verplicht te voorzien in een antidiscriminatievoorziening (ADV).
Hiervoor is in 2009 geld toegevoegd aan de algemene uitkering. Uit onderzoek blijkt dit te weinig te zijn. Om die reden wordt er vanaf 2021 structureel ruim € 6,9 miljoen extra aan de algemene uitkering toegevoegd, zodat de ADV’s ruimere budgetten kunnen krijgen om meer activiteiten te kunnen ontplooien, om zo een betere beschikbaarheid en bereikbaarheid voor melders mogelijk te maken. De gemeente ontvangt structureel € 18.500. Prenataal huisbezoek door jeugdgezondheidszorg Met ingang van 1 januari 2022 krijgen gemeente de taak een prenataal huisbezoek aan te bieden aan zwangere vrouwen en/of hun gezinnen in een kwetsbare situatie. Hiervoor wordt jaarlijks € 5,3 miljoen toegevoegd aan het gemeentefonds. Naar verwachting wordt deze extra bijdrage van in totaal € 12.000 via de eerste begrotingswijziging 2022 van de Veiligheidsregio Fryslân (VRF) in rekening gebracht bij de gemeente. De ontvangst van de middelen is benoemd in de nieuwe begroting van de VRF.
14
Gemeente Waadhoeke
Kadernota 2022 - 2025
Wet Open Overheid (structureel en incidenteel) Op 26 januari 2021 heeft de Tweede Kamer de (Wijzigingswet) Wet open overheid (Woo) aangenomen. Deze wet vervangt de huidige Wet openbaarheid van bestuur (Wob). De Eerste Kamer dient nog een besluit te nemen over de Woo. Bij instemming zal dit naar verwachting in het eerste kwartaal van 2022 in werking treden. Vooruitlopend hierop is structureel € 21,03 miljoen oplopend tot € 42,06 miljoen in 2026 beschikbaar gesteld. Deze middelen zijn voor de actieve openbaarmaking van de informatiecategorieën zoals genoemd in de Woo, het aanwijzen van een contactfunctionaris en het beheer en onderhoud van systemen. Structureel ontvangt de gemeente € 56.500 voor 2022 oplopend tot € 100.000 in 2025. De incidentele middelen (voor de periode 2022 tot en met 2026 € 24,98 miljoen per jaar) zijn bestemd voor het verbeteren van systemen, het opleiden van medewerkers en het aanpassen van processen en de organisatie. Voor de gemeente Waadhoeke is dit € 67.000 per jaar tot en met 2026. Inburgering (IU) De Wet inburgering is met een half jaar uitgesteld naar 1 januari 2022. Ter compensatie wordt er cumulatief € 29,4 miljoen toegevoegd voor de periode van 2021-2026, waarvan € 16,5 voor 2021.
Daarnaast wordt voor de periode van 2021 tot en met 2016 cumulatief € 16,5 miljoen toegevoegd voor de begeleiding van de bredere groep asielmigranten binnen de ondertussen-groep (inburgeraars die nog inburgeringsplichtig zijn onder de Wet inburgering 2013). Tot slot is cumulatief € 9 miljoen beschikbaar voor de periode 2021-2026 voor de ELIP-groep (inburgeraars die hun voor de inburgering bestemde lening vrijwel hebben uitgeput maar nog steeds inburgeringsplichtig zijn). Dit bedrag wordt later verdeeld. De al verwerkte mutaties leiden tot een verhoging van de decentralisatie-uitkering met € 27.662 in 2022 tot € 2.889 in 2025. Armoedebestrijding kinderen (DU) Met de decembercirculaire 2016 zijn middelen beschikbaar gesteld voor de armoedebestrijding van kinderen. Jaarlijks vindt in de meicirculaire actualisatie plaats van de verdeling van jaar t+1. De middelen worden verdeeld op basis van CBS-gegevens over kinderen met een kans op armoede. De reservering op onvoorzien met bestemming (tot en met de 5e begrotingswijziging: € 90.000) wordt met € 18.852 verlaagd tot € 71.148. Voogdij/18+ (IU) – woonplaatsbeginsel Tot en met uitkeringsjaar 2021 wordt een historisch verdeelmodel gehanteerd voor de verdeling van de middelen. Het historisch verdeelmodel voor Voogdij/18+ geeft jaarlijks schommelingen in de bedragen. Dat is ongewenst.
Met ingang van 2022 wordt het nieuwe woonplaatsbeginsel ingevoerd. Het gaat landelijk om naar schatting 20.000 jongeren die over gaan. Het nieuwe woonplaatsbeginsel gaat uit van de woonplaats waar de jeugdige staat ingeschreven, op moment van de zorgvraag. Voordelen van het nieuwe woonplaatsbeginsel: het budget van de jeugdzorg eerlijker wordt verdeeld; de herkomstgemeente blijft het gehele zorgtraject met verblijf gelijk; het is eenvoudiger: Vermindering van administratieve lasten gemeenten en aanbieders en je weet sneller wie verantwoordelijk is, omdat niet meer uitgezocht hoeft te worden wie de gezagdrager is. Het effect aan de uitgavenkant is nog niet bekend. Voorstel is om voor de meerjarenraming er vanuit te gaan dat invoering budgetneutraal verloopt. Het bedrag € 327.721 wordt daarom op onvoorzien met bestemming gereserveerd. Met het nieuwe woonplaatsbeginsel worden 2 compensatieregelingen in het leven geroepen: Gemeenten die in 2022 nadeel ondervinden van de vervallen T-2-systematiek;
15
Gemeente Waadhoeke
Kadernota 2022 - 2025
Gemeenten die in 2022 en 2023 kosten moeten maken voor jongeren waar geen financieel verantwoordelijke voor is aan te wijzen. In 2023 komt geen afrekening over 2021 en in 2024 evenmin een afrekening over 2022. Wel komt er een compensatieregeling voor nadeelgemeenten, de bedragen zijn nog niet bekend.
Brede aanpak dak- en thuisloosheid (DU) Voor 2021 heeft de gemeente incidenteel € 32.051 ontvangen voor de brede aanpak van dak- en thuisloosheid. Dit is met de wijziging van de septembercirculaire 2020 structureel gereserveerd op onvoorzien met bestemming. Met deze mutatie wordt dit ook echt incidenteel voor 2021 verwerkt. BUIG Op 23 april 2021 is het nader voorlopig budget voor BUIG (Bundeling uitkeringen inkomensvoorzieningen Gemeenten) bekend gemaakt. Voor de gemeente Waadhoeke resulteert dit in een afname van € 137.887 -/-. Dit werkt structureel door. In september 2021 wordt het definitieve bedrag voor 2021 bekend gemaakt en het voorlopige bedrag van 2022. Voor 2022 wordt uitgegaan van het laatst bekende bedrag. In dit geval het nader voorlopig budget voor 2021. C. Verbonden partijen / Gemeenschappelijke Regelingen Waadhoeke neemt deel in een aantal verbonden partijen. Dit zijn partijen die gemeentelijke taken in opdracht van de gemeente uitvoeren. Voor de GR-en wordt in principe alleen het verschil tussen 2021 en 2022 opgenomen in de ruimteberekening. Deze keer met uitzondering van de GR Fryslân West en de Veiligheidsregio Fryslân. Dit betreft een aanpassing op de meerjarenraming uit de programmabegroting 2021. De vier GR-en die de meeste invloed hebben op onze begroting zijn hieronder weergegeven.
Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Noardwest Fryslân De Gemeenschappelijke Regeling De Dienst Noardwest Fryslân is per 1 januari 2021 gewijzigd van een openbaar lichaam naar een bedrijfsvoeringsorganisatie (BVO). Er is sprake van delegatie van bevoegdheden door gemeenten aan De Dienst voor de Participatiewet, het Besluit Bijstandverlening Zelfstandigen 2004 (BBZ), de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW) en de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte zelfstandigen (IOAZ). De bijbehorende programmalasten Inkomen, Participatie en Armoedebestrijding (deels) én de bedrijfsvoeringslasten zijn in de concept-begroting 2022 van de Dienst opgenomen. De concept-begroting 2022 van De Dienst geeft een stijging van lasten aan van € 741.269. Gemakshalve is gerekend dat het totale programma Participatie bij De Dienst blijft. (Er is één budget dat verschuift naar de gemeente, echter dit heeft geen financiële consequenties.) Deze stijging kan worden opgevangen uit het Restantbudget Sociaal Domein, dat hierdoor daalt van € 890.876 naar € 149.607. Programmalasten Jeugd, Wmo en Armoedebestrijding (deels) Deze programmalasten blijven in de begroting van de gemeente staan. De Dienst heeft vanuit haar administratieve rol een raming voor 2022 afgegeven.
Met die input als basis is het financiële effect voor 2022 berekend. Er blijkt een aanzienlijke stijging van afgerond € 1.988.006, bestaande uit een uitzetting op de lasten WMO van € 1.105.007 en een uitzetting van € 892.999 op de lasten Jeugd. De verklaring van de stijging lasten WMO ligt deels in prijsaanpassingen als gevolg van de nieuwe contracten uit 2020, die nu goed zichtbaar zijn in de prognoses. Verder doet zich een stijging in de aantallen cliënten WMO voor als ook een stijgende zorgconsumptie. Bij de programmalasten Jeugd was in de begroting 2021 rekening gehouden met een positief effect van € 936.000 op de ramingen als gevolg van de ingezette acties. Helaas hebben de acties (nog) niet het gewenste resultaat gehad. Dit komt onder andere door vertraging in de invoering; hierbij speelt de Corona-pandemie nadrukkelijk een rol. Deze budgetaanpassing moet nu rechtgezet worden, 16
Gemeente Waadhoeke
Kadernota 2022 - 2025
vandaar de uitzetting met € 892.999. Geredeneerd vanuit de oorspronkelijke budgetaanpassing is er dus wel beweging zichtbaar, echter bij lange na nog niet voldoende. Het prijseffect WMO is berekend op afgerond € 360.000, en kan afgedekt worden ten laste van de loon&prijscompensatie (LPC). Dat betekent concreet dat de reservering LPC met dit bedrag verminderd wordt. Voor het overige kan het laatste deel van het Restantbudget Sociaal Domein ingezet worden van € 149.607, waarna het Restantbudget nihil is. Dat betekent dat het nadelig effect in de ruimteberekening als volgt is verwerkt: 1.988.006 - 149.607 = € 1.833.788. Fryslân West De bijdrage aan de GR Fryslân West bestaat uit een bijdrage per medewerker (omgerekend naar een bijdrage per Subsidie Eenheid) en het doorbetalen van de rijksmiddelen WSW. Op 29 april 2021 is de Herziene begroting 2021 met meerjarenraming van de GR aan de orde geweest, waarin voor 2021 en 2022 (en t/m 2025) is gerekend met verhoging van de een gemeentelijke bijdrage van € 2.000 naar € 3.000. De meerjarenreeks is conform opgenomen in de ruimteberekening. Voor de onderbouwing van de noodzakelijke verhoging per SE wordt verwezen naar de begroting 2022 van de GR Fryslân West (Raad 1 juli 2021). De dekking voor de noodzakelijke verhoging wordt meegenomen in de bezuinigingstaakstelling voor het Programma Sociaal Domein.
De gemeente ontvangt middelen uit het gemeentefonds voor de WSW. Dit budget neemt elk jaar af. De afname komt ten eerste door het afsluiten van de Wsw voor nieuwe instroom, waardoor het aantal Wsw-ers vermindert. Ten tweede is er een efficiencykorting van € 3.000 per Wsw-er geleidelijk doorgevoerd over de periode 2015–2020. De jaarlijkse daling van de Wsw-middelen en de lagere doorbetaling aan de GR Fryslân-West voor 2022 t/m 2024 zijn al meegenomen in de beginstand van de ruimteberekening. De lagere doorbetaling in 2025 is aan de ruimteberekening toegevoegd en correspondeert met het gemeentefonds, zoals hiervoor beschreven, waardoor het geen effect heeft op de begrotingsruimte van de gemeente. In de bedragen voor de GR Fryslân-West is niet rekening gehouden met mogelijke budgettaire mutaties als gevolg van het Keuzedocument, omdat er nog geen doorrekening bekend is. Fryske Utfieringstsjinst Miljeu en Omjouwing (FUMO) De ontwerpbegroting 2022 van de FUMO is op 29 april 2021 in de raad aan de orde geweest. In deze begroting is een algemene bijdrage van € 883.863 voor Waadhoeke opgenomen. Dit is een stijging ten opzichte van de nu geraamde bijdrage (op basis van de herziene begroting 2021 FUMO) van € 59.153. Veiligheidsregio Fryslân (VRF) De concept-begroting 2022 van de VRF is op 20 mei 2021 besproken in de raad.
Op grond van de concept-begroting 2022 is de algemene bijdrage van Waadhoeke aan de VRF als volgt en de stijging van de algemene bijdrage als volgt: 2021 Brandweer € 2.650.015 Crisis € 180.117 Gezondheid € 1.898.474 Totaal € 4.728.606 Nu in begroting € 4.728.606 Hogere bijdrage €0
2022 € 2.733.386 € 187.222 € 1.931.030 € 4.851.638 € 4.738.835 € 112.803
2023 € 2.752.607 € 186.042 € 1.889.287 € 4.827.936 € 4.749.105 € 78.831
17
2024 € 2.780.235 € 185.781 € 1.887.553 € 4.853.569 € 4.774.501 € 79.068
2025 € 2.810.251 € 185.781 € 1.887.553 € 4.883.585 € 4.774.501 € 109.084
Gemeente Waadhoeke
Kadernota 2022 - 2025
D. Kapitaallasten en financieringen De ontwikkeling in kapitaallasten hebben een positief effect op de ruimteberekening door: - dalende afschrijvingslasten omdat oude investeringen volledig afgeschreven zijn, - dalende rentelasten door de jaarlijkse afschrijvingen (lees aflossingen). Net als voorgaande jaren is er rekening gehouden met nieuwe kapitaallasten ter grootte van € 80.000 voor vervangingsinvesteringen. E. Belastingen en heffingen OZB De OZB is aangepast voor het inflatiepercentage. In de ruimteberekening is rekening gehouden met een inflatiecorrectie van 1,30% (inflatiepercentage 2020/CBS t-2). De OZB blijft op deze manier verhoudingsgewijs in de pas lopen met de rest van de begroting. Rioolheffing en Afvalstoffenheffing Kostendekkendheid Het basisprincipe van kostendekkendheid is dat de opbrengsten minimaal gelijke tred houden met de lastenontwikkeling (waaronder inflatiecorrectie, autonome ontwikkelingen e.d.) Het gat naar volledige kostendekkendheid is in de jaren 2020 en 2021 gefaseerd voor de helft ingevuld. In deze kadernota is rekening gehouden met een verhoging van de heffingen met minimaal de inflatiecorrectie van 1,30% (inflatiepercentage 2020/CBS t-2). Aan de kostenkant wordt eenzelfde ontwikkeling verwacht, waarmee het effect in de kadernota per saldo nihil is.
Mochten de kosten in de begroting 2022 uiteindelijk hoger liggen dan dit percentage dan wordt de verhoging van de heffingen daarmee aangepast. Extra dotatie voorziening riolering 2021 t/m 2030 Op basis van het in 2020 vastgestelde verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan vindt in 10 jaar via een ingroeiregeling een extra dotatie aan de voorziening riolering plaats. De dotatie in de jaren 2021 t/m 2030 wordt ieder jaar verhoogd met € 94.500 naar € 945.000 en via de rioolheffing door de inwoner betaald. Hierna in een tabel de mutaties t.o.v. 2021. Bedragen x € 1
2022
2023
2024
2025
Rioolheffing
-94.500
-189.000
-283.500
-378.000
Dotatie spaarvoorziening
94.500
189.000
283.500
378.000
Effect ruimteberekening
0
0
0
0
F. Overig Onvoorzien structureel In de financiële verordening is vastgesteld dat minimaal € 1 per inwoner gedoteerd wordt aan onvoorzien structureel (zie uitgangspunten). Dit is de toevoeging van € 46.000 voor jaarschijf 2025. Rente Algemene Reserve Deze regel in de ruimteberekening betreft het vervallen van de rente die werd toegevoegd aan de Algemene Reserve ten laste van de exploitatie en in de meerjarenbegroting was verwerkt. Deze mutatie is aan de orde, wanneer de omvang van de Algemene Reserve aan het begin van het kalenderjaar hoger is dan € 15 miljoen. De verwachting is dat de stand van de AR rond de 15 mln. zal schommelen. Indien de Algemene Reserve bij het opstellen van de programmabegroting 2022 toch boven de € 15 miljoen uitkomst wordt dit incidenteel verwerkt in de programmabegroting 2022.
18
Gemeente Waadhoeke
Kadernota 2022 - 2025
3.2 Risiconorm Omvang Incidentele Weerstandscapaciteit De omvang van de incidentele weerstandscapaciteit (laatste actualisatie jaarrekening 2020) is berekend op € 16.500.000, na aftrek van het nog beschikbare deel van de reserve grondexploitatie € 15.500.000 (€ 16.500.000 - € 1.000.000). Beschikbare incidentele weerstandscapaciteit De beschikbare incidentele weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt om niet begrote incidentele kosten te dekken. Dit zijn standaard de Algemene reserve (het vrij aanwendbare deel van de algemene reserve) en de reserve Grondexploitatie. De reserve Grondexploitatie wordt als eerste stap in mindering gebracht op de specifieke risico’s binnen de grondexploitatie, waarna het restant (de niet afgedekte risico’s binnen de grondexploitatie) en het totaal van de overige risico’s wordt afgezet tegen de Algemene reserve. De benodigde weerstandscapaciteit die uit de risicosimulatie voortvloeit kan wordt afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. De uitkomst van die berekening vormt de ratio van het weerstandsvermogen.
Ratio weerstandsvermogen =
Beschikbare incidentele weerstandscapaciteit ------------------------------------------------------------Benodigde incidentele weerstandscapaciteit
De ratio weerstandsvermogen is vastgesteld tussen 1,0 en 1,4 met de betekenis ‘voldoende’. Wanneer uit berekeningen in de programmabegroting blijkt dat de ratio lager is dan 1,0 moeten maatregelen genomen worden om het weerstandsvermogen binnen de meerjarenplanperiode op peil te brengen. Als de ratio boven de 1,4 komt kunnen bij de kadernota voorstellen worden gedaan hoe het surplus aan te wenden. Toegepast op de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit vraagt dit om een Algemene reserve van tussen de € 15,5 miljoen en de € 21,7 miljoen. (1,4 x € 15,5 miljoen). De risicoberekening geeft daarmee voldoende onderbouwing om de huidige norm van € 15 miljoen te blijven hanteren. Risico’s Corona Het is niet duidelijk welk (structureel) budgettair effect de corona-crisis op het huishoudboekje van de gemeente heeft. Zoals in de inleiding beschreven zijn in de begroting en de meerjarenraming de financiële gevolgen van de corona-crisis budgettair neutraal geraamd.
19
Gemeente Waadhoeke
Kadernota 2022 - 2025
3.3 Incidentele ruimte In de uitgangspunten is bepaald dat de ruimte boven de norm voor de Algemene Reserve beschikbaar is voor incidentele wensen. Het verloop van de Algemene Reserve is als volgt: Verloop Algemene Reserve
2021
2022
2023
2024
2025
Stand 31-12 conform PB21
16.044.617 14.989.647 14.747.478 14.747.478 14.747.478
A. Begrotingswijzigingen 2020 na vaststelling PB21
-1.122.570 -1.122.570 -1.122.570 -1.122.570 -1.122.570
B. Realisatie raming vs jaarstukken 2020
45.820
45.820
45.820
45.820
45.820
C. Raadsbesluiten (1e t/m 5e wijz 2021)
-560.700
-560.700
-560.700
-560.700
-560.700
D. Jaarstukken 2020 E. Vervallen rente AR > 15 miljoen
649.074
649.074 -13.830
649.074 -21.661
649.074 -21.661
649.074 -21.661
Stand Algemene Reserve 31-12
15.056.241 13.987.441 13.737.441 13.737.441 13.737.441
Stand 31-12 conform Programmabegroting 2021 In de Programmabegroting 2021 wordt onder Algemene beschouwingen bij het punt 'Begroting in evenwicht' het saldo en verloop van de Algemene Reserve getoond (p.6). Dit verloop in de Algemene Reserve wordt in deze reeks gepresenteerd en sluit daarmee aan op de Programmabegroting 2021. In bovenstaand overzicht gaan wij uit van de eindstanden van de Algemene Reserve en rekenen toe naar de nieuwe stand na de laatste besluiten en ontwikkelingen. A. Begrotingswijzigingen 2020 na vaststellen programmabegroting 2021 In deze regel wordt het effect van de besluiten in 2020 na het opstellen van de programmabegroting 2021 weergegeven. B. Realisatie versus raming jaarstukken 2020 De realisatie van de raming van de Algemene Reserve is veroorzaakt doordat een onttrekking ten laste van de Algemene Reserve van 2020 niet is gerealiseerd (viering 75 jaar bevrijding) en dat de toevoeging van rente aan de Algemene reserve hoger bleek dan geraamd. C. Begrotingswijziging 1 t/m 5 Het effect van 1e tot en met de 5e begrotingswijziging resulteren in een onttrekking van de Algemene Reserve van € 560.700. D. Jaarstukken Op 8 juli 2021 volgt de besluitvorming over het gerealiseerde resultaat van 2020. In de besluitvorming wordt onder meer voorgesteld om € 649.074 toe te voegen aan de algemene reserve.
In de geprognosticeerde stand van de algemene reserve wordt uitgegaan dat conform wordt besloten. E. Vervallen rente AR > 15 miljoen In de beginstanden van de Algemene Reserve zoals die in Programmabegroting 2021 zijn benoemd, zit de toevoeging van de rente in inbegrepen. In hoofdstuk 3.1 is beschreven dat deze toevoeging van de rente aan de Algemene reserve in de meerjarenraming van de ruimteberekening komt te vervallen. Dit betekent dat deze toevoeging van rente in de meerjarenraming van de Algemene reserve ook komt te vervallen. Daarnaast zit er in deze een reeks een correctie van de toevoeging van de rente 2024, omdat deze per abuis niet in de beginstanden van de Algemene Reserve was opgenomen zoals die in Programmabegroting staat.
20
Gemeente Waadhoeke
Kadernota 2022 - 2025
4. Wensen Inleiding In dit hoofdstuk worden per programma alle aangedragen wensen beschreven. De financiële consequenties met de aanduiding inkomsten en uitgaven (I/U), incidenteel en structureel (I/S), zijn in beeld gebracht. Aan het einde van het hoofdstuk is een samenvatting opgenomen, waarbij een splitsing is aangebracht in incidentele en structurele wensen. Gezien de financiële beperkingen kunnen niet alle ingediende wensen worden gehonoreerd en is voor een aantal wensen het bedrag naar beneden bijgesteld. In hoofdstuk 5 "Ruimte versus wensen" worden vervolgens alleen die wensen genoemd (herhaald), waarvan wordt voorgesteld deze te honoreren in voorliggende kadernota.
Bij de beoordeling van de te honoreren wensen zijn de volgende vragen gesteld: Is de wens een wettelijk taak? Levert de wens een directe bijdrage aan het coalitieakkoord? Levert de wens een directe bijdrage aan het ontwikkelperspectief of de uitvoering van de dienstverleningsvisie? Heeft deze wens relatie met cofinanciering of anderszins aangegane verplichtingen? Is er eerder over besloten door de raad (in dit jaar of misschien ook bij de vorige begrotingsvoorbereiding)? Indien de wens niet doorgaat, heeft dit consequenties voor andere ontwikkelingen en/of projecten? Moet het nu? Met name de laatste vraag, betreffende de urgentie, is zwaarwegend geweest voor het opnemen in de lijst van gehonoreerde wensen in hoofdstuk 5. De wensen, die niet zijn gehonoreerd, zijn in tabelvorm samengevat in de bijlage opgenomen.
21
Gemeente Waadhoeke
Kadernota 2022 - 2025
Programma 1 Bestuur en ondersteuning Wat willen we bereiken
Wat mag het kosten Structurele wensen In programma 1 zijn geen structurele wensen opgenomen. Incidentele wensen Ontwikkellijnen Er is € 100.000 beschikbaar in 2022 (gehonoreerde wens kadernota 2021-2024). Het grootste deel van dit budget wordt gebruikt voor de inzet van ambtelijke ontwikkellijntrekkers (€ 75.000). Er komen vanuit het programma Ontwikkellijnen nieuwe opgaven op ons af, waarvan de grootste zijn: o Uitwerking landschapsanalyse o Kwartiermaker landbouw o Kosten voor fondsenverwerving o Duiding Monitor brede welvaart en inzet Monitor brede welvaart als sturingsinstrument Voor de jaren daarna zal dat vergelijkbaar zijn. De koersbepalende inspanningen, zoals het maken van actieplannen en nota’s, zijn deels gereed. De focus komt daarom ook te liggen op uitvoerende inspanningen, waarbij samenwerking en verbinding met regionale partners, provincie, Rijk en EU nodig is voor cofinanciering en uitvoering. Het budget zetten we onder andere in voor:
fondsenverwerving en lobby voor ruimtelijk- en sociaaleconomische structuurversterking; deelname uitvoeringsorganisatie actieprogramma economie; ambtelijke kosten voor het verder bepalen van de koers en het uitvoeren van de vier programmalijnen; de duiding van de brede welvaart en inzet brede welvaart als strategisch sturingsinstrument voor Waadhoeke; de uitwerking van de landschapsanalyse en het perspectief op de Waddenkust; inzet van Dorpsontwikkelingsmaatschapij om dorpen vitaal en krachtig te houden.
22
Gemeente Waadhoeke
Kadernota 2022 - 2025
I/U Onderwerp U Ontwikkellijnen
2022
2023
2024
-231.140
-170.560
-162.740
2025 I/S -200.000
I
Friese Projectenmachine Met meer samenwerking tussen overheden, kennisinstellingen, bedrijfsleven, clusterorganisaties en IPF kan Fryslân meer Europese middelen binnenhalen om te investeren in de brede welvaart. Deze vorm van samenwerking wordt gebundeld in de zogenaamde Friese projectenmachine. Daarnaast is de Friese projectenmachine een uitvoeringsorganisatie voor het concrete begeleidingswerk om ideeën te helpen uitwerken tot echte projecten. De Uitvoeringsorganisatie wordt ondergebracht bij Stichting Innovatiepact Fryslân (IPF) en krijgt een subsidierelatie met de overheden.
2022: € 0,41 per inwoner (Waadhoeke € 18.860); 2023: € 0,64 per inwoner (Waadhoeke € 29.440); 2024: € 0,81 per inwoner (Waadhoeke € 37.260).
I/U Onderwerp U Friese Projectenmachine
2022
2023
2024
2025 I/S
-18.860
-29.440
-37.260
I
Ontwikkelfonds Vanaf 2023 is voor de uitvoering van het actieprogramma economie € 250.000 per jaar nodig. De andere ontwikkellijnen zijn nog minder scherp uitgewerkt. Naar schatting is € 250.000 voor de resterende drie nodig. In totaal € 500.000 per jaar voor 2023, 2024 en 2025; in totaal € 1,5 miljoen. I/U Onderwerp
2022
U Ontwikkelfonds
23
2023
2024
-500.000
-500.000
2025 I/S -500.000
I
Gemeente Waadhoeke
Kadernota 2022 - 2025
Programma 2 Veiligheid Wat willen we bereiken
Wat mag het kosten Structurele wensen In programma 2 zijn geen structurele wensen opgenomen. Incidentele wensen In programma 2 zijn geen incidentele wensen opgenomen.
24
Gemeente Waadhoeke
Kadernota 2022 - 2025
Programma 3 Verkeer, vervoer en waterstaat Wat willen we bereiken
Wat mag het kosten Structurele wensen Mobiliteitsvisie veilige schoolomgeving We willen, in de lijn van de Mobiliteitsvisie, meer inzetten op de verkeersveiligheid rond de school. Bij wijze van experiment willen we ons daarbij eerst richten op die scholen die zich actief inzetten voor verkeerseducatie en bijvoorbeeld een verkeerscommissie hebben. Om vanuit dit taakstellend budget echt een aantal maatregelen uit te kunnen voeren willen we jaarlijks 2 scholen in de gelegenheid stellen om hiermee aan de slag te gaan. I/U Onderwerp U Mobiliteitsvisie - veilige schoolomgeving
2022
2023
2024
2025 I/S
-25.000
-25.000
-25.000
-25.000 S
Verruiming werkbudget Verkeersmaatregelen Soms komen er vragen vanuit de samenleving, waarvoor niets is gepland of gereserveerd en die om een aantal redenen toch directe aanpak behoeven. Bijvoorbeeld als er op een locatie een ernstig ongeval heeft plaatsgevonden, een nijpend parkeertekort kan worden opgelost, een locatie waar veel te hard wordt gereden en controles geen oplossing zijn, een oude situatie die niet meer aan de eisen voldoet en aanpassing behoeft, een verzoek om metingen of onderzoek etc.. Via de Mobiliteitsvisie worden de grotere knelpunten in beeld gebracht maar er zijn ook veel situaties die met relatief bescheiden middelen kunnen worden opgelost. Om dit soort problemen adequaat op te kunnen pakken is het bestaande budget van € 35.000 niet toereikend. Voor de benoemde projecten zal onderzocht worden of op de geraamde kosten in het kader van ‘werk met werk’ kan worden bespaard. Ook in relatie tot gepland wegonderhoud (en rioolvervanging) zijn er mogelijkheden om via ‘werk met werk’ verbetering te. Dus niet alleen het gepland onderhoud maar ook het realiseren van een verkeerskundige plus vanuit de ambities uit de