Bijlage 1 Jaarverslag en Jaarrekening 2024 versie 1, De Dienst Noardwest Fryslan getekend 9-7-2025
Tekst van het document
-
-
-
-
-
-
-
-
-
25.223.907 -
21.990.000 -
3.233.907 -
15% -
22.286.694 45.498
Gemeentelijke bijdrage Jeugdwet 25.223.907
21.990.000
3.233.907
15%
22.332.192
Dekking in euro's Gemeentelijke bijdragen structureel Gemeentelijke bijdragen incidenteel
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
47
In 2024 heeft het Rijk taakveldwijzigingen doorgevoerd (zie ook algemene toelichting op blz. 48). In deze jaarcijfers hebben we deze wijzigingen toegepast. Hierdoor ontstaan er verschuivingen van de kosten van het ene taakveld naar het andere. Het gevolg is dat de kostenontwikkelingen voor verschillende taakvelden niet goed met de begroting, waar deze wijzigingen niet in doorgevoerd zijn, te vergelijken zijn. Daarom hebben we ook een samenvatting gemaakt op de verschillende hoofdgroepen gemaakt: Noardwest Fryslân - Programma Jeugdwet Taakveld
Begroting na Jaar 2024 wijziging 2024 a. b.
Afwijking Afwijking (a-b) (c/b) in % c.
13.473.400
1.534.720
Lasten in euro's Regionale inkoop Regionale inkoop correctie 2023
-817.590
Lokale inkoop
1.697.632
Externe zaken Pleegzorg
11.938.680
13%
-817.590 810.375
887.257
109%
614.951
644.165
-29.214
-5%
1.426.882
1.580.849
-153.967
-10%
Hoogspecialistische jeugdhulp
464.862
797.832
-332.971
-42%
Verblijf
5.372.331
3.461.675
1.910.656
55%
Dyslexie
446.760
323.653
123.107
38%
Landelijke inkoop
217.110
116.270
100.840
87%
Crisis
310.296
421.828
-111.532
-26%
Jeugdbescherming
1.805.174
1.685.915
119.259
7%
Jeugdreclassering
212.099
206.115
5.984
3%
2.643
-2.643
-100%
21.990.000 3.233.907
15%
Gesloten plaatsen
Totale lasten Jeugdwet
25.223.907
Toelichting op de financiële afwijkingen Product •
Regionale inkoop
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
Toelichting Bij het opstellen van de jaarrekening maken we voor jeugdhulptrajecten met resultaatfinanciering een inschatting van de onderhandenwerkpositie. Dit betreft de kosten voor lopende, nog niet afgeronde trajecten, die worden toegerekend aan het betreffende boekjaar (zie voor een nadere uitleg de algemene toelichting op blz. 48). De onderhandenwerkpositie is in 2023 te hoog ingeschat, wat verband houdt met de overgang naar een nieuw inkoopstelsel. Uit voorzorg hebben we een bepaalde marge toegepast, waarvan inmiddels blijkt dat deze te ruim is ingeschat.
48
Het overschot is afgeboekt in 2024, wat resulteert in een incidentele bate van € 818.000. Afgezien van dit eenmalige voordeel, is er sprake van een overschrijding van 13%. Dit komt door een stijging van het aantal voorzieningen en hogere kosten per voorziening. •
Lokale inkoop
Sinds 2024 is er sprake van een nieuwe regionale inkoop voor jeugdhulp. Desondanks zien we, op basis van het aantal voorzieningen en de lokale inkoop, nog steeds een stijgende vraag naar niet-gecontracteerde zorg. Dit betreft zowel niet-gecontracteerde aanbieders als zorgvormen die niet zijn ingekocht. Deze trend is ook zichtbaar in de bestandsontwikkeling. De aanzienlijke toename van het aantal voorzieningen leidt tot een flinke stijging in de gemaakte kosten. De verwachting was dat de nieuwe inkoop zou zorgen voor een afname van de behoefte aan lokale inkoop, maar dit blijkt niet het geval te zijn.
•
Pleegzorg
Bij pleegzorg is er een onderschrijding van 10%. Deze afwijking wordt veroorzaakt door een lichte daling in het aantal cliënten dat gebruikmaakt van pleegzorg.
•
Hoogspecialistische jeugdhulp
Er is een aanzienlijke onderschrijding van 42% op hoogspecialistische jeugdzorg. In vergelijking met de afgelopen twee jaar is er aanzienlijk minder gebruik gemaakt van deze producten.
•
Verblijf
Bij verblijf is er een aanzienlijke overschrijding ten opzichte van de herziene begroting, namelijk 55% ofwel € 1,9 miljoen. De systematiek is gewijzigd ten opzichte van de oude inkoop: voorheen was het een losstaand product, terwijl de "wonen"-producten nu inclusief behandeling zijn. Dit heeft de kosten binnen dit perceel aanzienlijk verhoogd.
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
49
•
Dyslexie
Het aantal jeugdigen met een dyslexievoorziening blijft toenemen. Deze stijging heeft zich ook vertaald in hogere kosten, wat resulteert in een overschrijding van 38%.
•
Landelijke inkoop
De landelijke inkoop vertoont een overschrijding van € 101.000. Deze post is lastig te prognosticeren, aangezien het gaat om een beperkt aantal dure cliënten. Het toevoegen of weglaten van één cliënt kan al aanzienlijke financiële impact hebben, wat leidt tot potentieel grote afwijkingen.
•
Crisis
Binnen jeugdhulp crisis is er een onderschrijding van 26%. Het aantal cliënten dat gebruik van deze zorg maakt, is gedaald ten opzichte van voorgaande jaren.
Algemene toelichting Binnen het nieuwe inkoopbeleid worden twee vormen van bekostiging toegepast. 1. Resultaatfinanciering: Bij specialistische jeugdhulptrajecten wordt 70% van de kosten vooraf betaald. De resterende 30% wordt bij beëindiging van de zorg uitbetaald. 2. Traditionele financiering (p*q-methode): Hier wordt betaald op basis van het aantal gewerkte uren vermenigvuldigd met het afgesproken uurtarief. Onderhanden werk geldt alleen voor trajecten met resultaatfinanciering. Dit zijn de kosten voor nog niet afgeronde, lopende trajecten die worden toegerekend aan het betreffende jaar. Het is niet eenvoudig om dit bedrag goed vast te stellen: dit blijft een zo goed mogelijk inschatting op basis van de gegevens van dat moment. Pas achteraf, als het jeugdhulptraject volledig is afgerond, is te bepalen of de kostentoerekening op de juiste wijze heeft plaatsgevonden. Toelichtingen op taakvelden verschuiving In 2024 zijn voor het programma Jeugdwet door het Rijk verschillende wijzigingen doorgevoerd in de taakvelden. Dit bemoeilijkt historisch vergelijk. Binnen de begroting en jaarcijfers worden taakvelden gebruikt om inkomsten en uitgaven in te delen. Taakvelden geven inzicht in hoe de budgetten worden besteed en maken financiële verantwoording en vergelijking met andere (gemeentelijke) organisatie mogelijk.
Taakvelden zijn ingedeeld volgens het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV), zodat alle Nederlandse gemeenten en gemeenschappelijke regelingen dezelfde systematiek hanteren. Nieuw toegevoegde taakvelden zijn:
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
50
6.72a: Kosten vanuit 6.72d regionale inkoop 6.72c: Kosten vanuit 6.72d regionale inkoop 6.73b: Kosten vanuit 6.73c verblijf 6.73c regionale inkoop: Kosten vanuit 6.72d regionale inkoop De binnen deze taakvelden verantwoorde kosten werden voorheen dus onder andere taakvelden, 6.72d en 6.73c verantwoord. In de toelichting op de financiële afwijkingen houden we hier rekening mee.
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
51
8 Bedrijfsvoering 8.1 Ziekteverzuim
In 2024 was sprake van een gemiddeld ziekteverzuimpercentage van 7,5%, een daling ten opzichte van 2023 toen dit 9,1% bedroeg. De interne norm van het maximale ziekteverzuimpercentage (excl. zwangerschappen) is 5%. Op landelijk niveau lag het ziekteverzuimpercentage (excl. zwangerschappen) in 2024 voor overheidsdiensten met meer dan 100 werkzame personen op 6,1%. De overschrijding van de interne norm wordt vooral veroorzaakt door een aantal langdurige (meerjarige) ziektegevallen. Dit langdurig verzuim is grotendeels niet-werkgerelateerd. In 2024 is wederom veel aandacht besteed aan vitaliteit van de medewerkers, inzetbaarheid, het zorgen voor een goede personele bezetting en het goed omgaan met werkdruk om het aandeel werkgerelateerd verzuim zo beperkt mogelijk te houden.
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
52
8.2 Paragrafen Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten 8.2.1
Openbaarheidsparagraaf Wet Open Overheid (Woo)
Volgens de Wet open overheid (Woo) moeten overheden allerlei informatie openbaar maken. Op verzoek van bijvoorbeeld inwoners, instanties of journalisten, maar ook ‘uit jezelf’. Het gaat om bijvoorbeeld wetten, onderzoeksrapporten, beschikkingen en klachtoordelen (gelukkig allemaal zonder persoonsgegevens). Er zijn in totaal 17 informatie-categorieën waarin overheidsinstellingen (op termijn) verplicht actief informatie moeten publiceren. Ze zijn niet allemaal van toepassing voor De Dienst. Op 1 november 2024 moesten de eerste vijf categorieën correct gevuld zijn. En dit is gelukt. Woo-index Instanties publiceren hun informatie op de eigen websites. Om die voor iedereen makkelijker vindbaar te maken, is een landelijke Woo-index ingericht. Overheidsinstanties moeten daarin voor alle categorieën verwijzingen opnemen naar hun eigen publicaties. Vanaf 1 november 2024 moeten de eerste vijf categorieën gevuld zijn. Het doel van die categorieën is dat De Dienst en de Woo-contactpersoon zo goed en laagdrempelig mogelijk bereikbaar zijn. Het gaat om gegevens over onze organisatie en werkwijze, dus hoe de Dienst is ingericht en welke organisatieonderdelen welke taken uitvoeren (het organogram). Ook moeten onze contactgegevens openbaar zijn. Dus onze website, bezoekadres, mail en post, maar ook hoe je bij ons een Woo-verzoek in kunt dienen en hoe je onze Woocontactpersoon kunt bereiken.
Bij De Dienst hebben we onze Woo-zaken goed geregeld We hebben 2 Woo-contactpersonen. Zij behandelen alle Woo-verzoeken en zorgen ervoor dat de juiste informatie gepubliceerd wordt. Hiernaast is er een Woo-werkgroep. woo@dedienst.nl is ons speciale e-mailadres voor informatievragen en Woo-verzoeken.
8.2.2
Paragraaf Weerstandsvermogen
Algemeen De omvang van het weerstandsvermogen geeft aan in hoeverre De Dienst in staat is middelen vrij te maken om incidentele tegenvallers (niet begrote kosten en risico´s) op te vangen, zonder dat deze lasten gelijk moeten worden doorberekend aan de deelnemende gemeenten. Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen de weerstandscapaciteit (ruimte lopend boekjaar in de exploitatie Bedrijfsvoering) en de risico´s waarvoor geen voorzieningen zijn getroffen of verzekeringen zijn afgesloten (weerstandsvermogen). Hoe groot die buffer moet zijn, hangt mede af van de risico’s die de gemeenschappelijke regeling
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
53
loopt en die van materiële betekenis kunnen zijn. Een organisatie is sterk wanneer het weerstandsvermogen op een adequate omvang wordt gehouden. Periodiek dient de omvang dan ook getoetst te worden aan de in kaart gebrachte risico’s. Beleid betreffende weerstandscapaciteit en risico´s De Dienst is een samenwerkingsverband van vier gemeenten. Om te voorkomen dat gemeenten in hun lopende begroting worden geconfronteerd met tekorten bij De Dienst, heeft het bestuur in 2005 besloten dat De Dienst een (beperkt) eigen weerstandsvermogen opbouwt. Het bestuur hanteert het standpunt dat de financiële buffers bij de deelnemende gemeenten moeten worden gevormd op basis van de geïnventariseerde risico’s. De gemeenten staan immers altijd garant voor financiële tekorten en risico’s op grond van de wet gemeenschappelijke regelingen. Inventarisatie van de weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit bestaat uit middelen en mogelijkheden waarover de gemeenschappelijke regeling beschikt om de niet begrote bedrijfsvoeringskosten te dekken. Hierbij onderscheiden we incidentele en structurele weerstandscapaciteit. Incidentele weerstandscapaciteit is het vermogen om calamiteiten en eenmalige tegenvallers op te kunnen vangen zonder dat dit invloed heeft op het bestaande voorzieningenniveau.
Met de structurele weerstandscapaciteit bedoelen we de middelen die permanent ingezet kunnen worden om tegenvallers in de lopende exploitatie binnen de bedrijfsvoering op te vangen, zonder dat dit ten koste gaat van de uitvoering van de bedrijfsvoering. De weerstandscapaciteit van De Dienst om niet begrote kosten te dekken bedraagt per: Weerstandscapaciteit (in euro's) per:
31-12-2024
31-12-2023
Exploitatie Post onvoorzien
-
100.000
Structurele weerstandscapaciteit
-
100.000
Vermogen Reserve uitvoeringslasten
692.850
654.806
Incidentele weerstandscapaciteit
692.850
654.806
Totale weerstandvermogen
692.850
754.806
Toelichting Binnen de huidige (meerjarige) budgetten van De Dienst is vanaf 2024 geen post onvoorzien meer opgenomen. Bij het bepalen van de omvang van het weerstandsvermogen wordt geen rekening gehouden met de financiële risico’s binnen de sociaal domein programma’s omdat jaarlijkse verrekening met de gemeenten plaatsvindt. Deze risico’s liggen dus bij de
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
54
gemeenten. De omvang van het weerstandsvermogen is vanaf 1 januari 2024 gebaseerd op een risicoanalyse binnen het programma Bedrijfsvoering van De Dienst. Het risicoprofiel actualiseren we jaarlijks en dit vormt de basis voor het bepalen van het benodigde weerstandsvermogen van De Dienst. Een vaste post onvoorzien maakt hier dus geen deel meer van uit. Solvabiliteit en liquiditeit De Dienst heeft voor de continuïteit van de bedrijfsvoering een bepaalde omvang van het weerstandsvermogen nodig om niet begrote bedrijfsvoeringslasten te kunnen dekken en risico’s van materiële omvang op te vangen. In de Nota Verbonden Partijen wordt door een aantal gemeenten onderstreept wat het belang is van een gezonde financiële positie van verbonden partijen. De kengetallen Solvabiliteit en Liquiditeit die hiervoor worden gebruikt zijn voor De Dienst lager dan de minimale waarde die hiervoor wordt gegeven, wat overigens is afgestemd met de deelnemende gemeenten. De solvabiliteitsratio bedraagt per 31 december 2024 6,90% (2023: 6,47%) De netto schuldquote bedraagt per 31 december 2024 -1,07% (2023: -0,70%) Het saldo van de reserve uitvoeringslasten wordt indien nodig aangewend voor het opvangen van lasten voor herstructurering, optimaliseren, innoveren en structureren van werkprocessen. 8.2.3
Paragraaf Financiering
De financieringsbehoefte van De Dienst wordt gedekt uit de bijdragen van de deelnemende gemeenten. Om de saldi op de rekening bij BNG qua rendement zo efficiënt/effectief mogelijk te gebruiken, is aangesloten bij de werkwijze (arrangement) welke de deelnemende gemeenten hebben afgesproken met de BNG. Financieringsbehoefte/leningenportefeuille/renterisiconorm Alle lasten van De Dienst worden bevoorschot door het Rijk en de deelnemende gemeenten. Er is geen sprake van leningen. Met de BNG is een kredietfaciliteit overeengekomen van € 500.000. Kasgeldlimiet Wij mogen onze activiteiten niet onbeperkt met kort geld financieren. In de Wet Fido is hiervoor de kasgeldlimiet opgenomen, waarmee een maximum wordt gesteld aan de netto kortlopende schuld. Voor 2024 bedraagt het kasgeldlimiet € 6,7 miljoen (€ 81.751.615 begrote lasten x 8,2%). De netto vlottende schuld is over 2024 gemiddeld beneden de kasgeldlimiet gebleven en daarmee er is voldaan aan de bepalingen van de wet Fido.
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
55
Kasgeldbeheer Het betalingsverkeer is door De Dienst ondergebracht bij twee banken: de BNG en de Rabobank. De BNG is de hoofdbankier. De andere bankrelatie wordt aangehouden als service naar de cliënten. De saldi bij de overige bankrelaties worden zo klein mogelijk gehouden. De afdeling debiteuren voert een actief debiteurenbeheer, gericht op het snel incasseren van vorderingen. Voor wat betreft de betalingen aan crediteuren wordt een correct betaalgedrag nagestreefd, hetgeen wil zeggen dat er uiterlijk betaald wordt op de uiterste vervaldag, tenzij door betalingskortingen sneller betalen voordeliger is. Liquiditeitsbeheer Het liquiditeitsbeheer is gericht op het optimaal benutten van middelen. In 2024 is geen sprake geweest van het aantrekken van (tijdelijke) leningen. 8.2.4
Paragraaf Bedrijfsvoering
Rechtmatigheidsverantwoording Met ingang van de jaarrekening 2023 verantwoorden provincies en gemeenten zich over de eigen rechtmatigheid via een rechtmatigheidsverantwoording die onderdeel is van de jaarrekening. Alhoewel de Gemeentewet en de Provinciewet hierop tijdig aangepast zijn geldt dit niet voor het BBV (Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten) en de Bado (Besluit accountantscontrole decentrale overheden). Dit heeft tot gevolg gehad dat gemeenten en provincies voor de keuze kwamen te staan om de rechtmatigheidsverantwoording voor het verantwoordingsjaar 2023 al dan niet op te nemen in de jaarrekening. Dit geldt ook voor het verantwoordingsjaar 2024. De Koninklijke Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (NBA) heeft een NBA Alert uitgebracht waarin er verschillende scenario’s zijn geschetst in relatie tot de controle en oordeelsvorming over de getrouwheid en rechtmatigheid van de jaarrekening en de specifieke uitkeringen in de jaarrekening. Decentrale overheden zijn door het ministerie van BZK opgeroepen om, ondanks dat het BBV en de Bado hier nog niet op aangepast zijn, zoveel als mogelijk een rechtmatigheidsverantwoording in de jaarrekening op te nemen. Omdat wij onze financiële en controleverordeningen hebben aangepast en hierbij een verantwoordingsgrens hebben opgenomen, volgen we de oproep en het advies van het ministerie van BZK.
Op deze wijze geeft de accountant (via het getrouwheidsoordeel) indirect een oordeel over de rechtmatigheid van de organisatie op basis van de rechtmatigheidsverantwoording. Met betrekking tot de specifieke uitkeringen geeft de accountant, evenals voorgaande jaren, een direct oordeel over de rechtmatigheid.
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
56
De gehanteerde verantwoordingsgrens voor de rechtmatigheid van De Dienst bedraagt zowel voor onrechtmatigheden als onzekerheden € 2.623.549 (3% van de gerealiseerde lasten inclusief toevoegingen aan de reserves). Alle afzonderlijke rechtmatigheidsafwijkingen die groter zijn dan 10% van de verantwoordingsgrens worden toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering, dit is de rapportagegrens. Begrotingsrechtmatigheid We maken voor elk begrotingsjaar een primitieve begroting en één herziene begroting. Dat laatste heeft tot gevolg dat in de praktijk tussen realisatie en begroting afwijkingen bestaan. Voor de sociaal domein programma’s in de begroting geldt dat sprake is van zogenaamde open eindregelingen. Meer aanvragen dan begroot leidt dan tot overschrijding van de kosten. Bij gemeenten is het gebruikelijk om met meerdere begrotingswijzigingen per jaar te werken, waardoor verschillen met de realisatiecijfers klein kunnen blijven. Meerdere begrotingswijzigingen bij De Dienst zijn echter voor de gemeenten onwenselijk omdat deze vaak niet tijdig genoeg verwerkt kunnen worden in de gemeentelijke begroting. De oplossing is gevonden in de bestuursrapportages en tussentijdse rapportages aan de gemeenten over de realisatie en prognoses van alle programma’s. Bij uitzondering wordt gewerkt met een extra tussentijdse begrotingswijziging.
Op deze wijze is het bestuur geïnformeerd over over- en onderschrijdingen en de consistentie daarvan met het door het bestuur uitgezette beleid. Daarnaast beschikken de gemeenten over betrouwbare informatie voor hun eigen tussentijdse rapportages. Dit voorkomt verrassingen bij het vaststellen van de jaarrekening. Analyse rechtmatigheidscriteria Begrotingscriterium De verantwoording van de begrotingsrechtmatigheid vindt plaats op programmaniveau, dit sluit aan op het niveau waarop het bestuur de begroting heeft vastgesteld. Het uitgangspunt bij de beoordeling van de begrotingsrechtmatigheid is dat iedere lastenoverschrijding onrechtmatig is evenals iedere overschrijding van de baten en onderschrijding van de lasten voor zover deze niet in de begroting zijn verwerkt middels een begrotingswijziging of deze niet zijn gemeld aan het bestuur. Deze begrotingsonrechtmatigheden zijn per programma, uitgesplitst naar lasten en baten, opgenomen in onderstaande tabel (kolom a). Gedurende het verslagjaar hebben we het bestuur op de hoogte gesteld van de te verwachten afwijkingen (kolom b). In onze financiële beheersverordening is vastgelegd dat het management zich over deze afwijkingen niet nogmaals (inhoudelijk) verantwoordt in het kader van de rechtmatigheidsverantwoording.
De resterende afwijkingen voor het verslagjaar 2024 (kolom c) worden, gezien het karakter van deze afwijkingen, toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering en niet in de rechtmatigheidsverantwoording.
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
57
Afwijkingen per programma
Bedrag begrotings-
Bedrag afwijkingen
Bedrag nietacceptabel
onrechtmatigheden
gemeld in voorlopige
afwijkingen
cijfers
•
Baten
Wmo en Jeugdwet o Lasten o
•
Lasten Baten
Armoedebestrijding o Lasten o
•
b.
c.
€ 2.147.000
€ 2.147.000
€
0
€
273.000
€
256.000
€
17.000
€ €
360.000 92.000
€ €
360.000 92.000
€ €
-
€ 3.390.000
€ 3.070.000
€
320.000
€
184.000
€
129.000
€
55.000
€
235.000
€
235.000
€
0
€
353.000
€
330.000
€
23.000
€ 6.619.000
€
415.000
Werk, Participatie en Inkomen o o
•
a.
Baten
Bedrijfsvoering o o
Lasten Baten
Totaal afwijkingen
€ 7.034.000
De niet-acceptabele begrotingsafwijkingen worden hieronder toegelicht. Gezien de beperkte omvang van de afwijkingen op de programma’s bedrijfsvoering en werk, participatie en inkomen worden deze hier niet nader toegelicht. Onderwerp Wmo & Jeugdwet
Onderdeel
Toelichting
Wmo
De lasten voor het programmaonderdeel Wmo vallen
( € 153.000)
€ 153.000 hoger uit dan verwacht ten tijde van de voorlopige cijfers. Bij het samenstellen van de voorlopige cijfers wordt, op basis van de realisatie van voorgaande jaren, rekening gehouden met een bepaalde omvang aan nog te verwachten kosten. Abusievelijk zijn deze te verwachten kosten systeemtechnisch niet juist verwerkt.
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
58
Jeugd ( € 167.000)
De lasten voor het programmaonderdeel Jeugd vallen € 167.000 hoger uit dan verwacht ten tijde van de voorlopige cijfers. Deze afwijking wordt veroorzaakt door een afrekening vanuit SDF voor de kosten van jeugdbescherming, jeugdreclassering en hoogspecialistische zorg waar niet als zodanig rekening mee is gehouden in de eigen prognose.
Voorwaardencriterium Het voorwaardencriterium heeft betrekking op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheershandelingen. De eisen/voorwaarden zijn afkomstig uit diverse weten regelgeving en hebben betrekking op aspecten als doelgroep, termijn, grondslag, administratieve bepalingen, normbedragen, bevoegdheden, bewijsstukken, recht, hoogte en duur. Vanuit de interne controles is een aantal onrechtmatigheden naar voren gekomen. Deze zijn opgenomen in de tabel hieronder. Onrechtmatigheden per programma •
Werk, Participatie en Inkomen
•
Armoedebestrijding
•
Wmo en Jeugdwet
•
Bedrijfsvoering
Totaal onrechtmatigheden
Bedrag € €
68.000 -
€ €
78.000 0
€
146.000
Het overgrote deel van de totale onrechtmatigheden die voortvloeien uit het voorwaardencriterium ten aanzien van het programma Werk, Participatie en Inkomen heeft betrekking op de energietoeslag 2023 die aan ZZP’ers is toegekend. Er kon geen controle op inkomensgegevens worden uitgevoerd. De energietoeslag 2023 kon nog tot 1 juni 2024 worden aangevraagd en gezien de doorlooptijd kon deze afwijking pas over het boekjaar 2024 worden verantwoord (€ 59.000). Het overgrote deel van de totale onrechtmatigheden die voortvloeien uit het voorwaardencriterium ten aanzien van het programma Wmo en Jeugdwet heeft betrekking op de (juridisch/inkooptechnisch) onjuiste bekostiging van de meeleefgezinnen vanuit SDF (€ 62.000). M&O-criterium Onder misbruik wordt verstaan: het opzettelijk niet, niet tijdig, onjuist of onvolledig verstrekken van gegevens met als doel ten onrechte overheidssubsidies of -uitkeringen te verkrijgen of niet dan wel een te laag bedrag aan heffingen aan de overheid te betalen. Oneigenlijk gebruik wordt gedefinieerd als: het door het aangaan van rechtshandelingen, al
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
59
dan niet gecombineerd met feitelijke handelingen, verkrijgen van overheidsbijdragen of het niet dan wel tot een te laag bedrag betalen van heffingen aan de overheid, in overeenstemming met de bewoordingen van de regelgeving maar in strijd met het doel en de strekking daarvan. Misbruik is onrechtmatig, oneigenlijk gebruik niet. In 2024 zijn er geen afwijkingen als gevolg van misbruik of oneigenlijk gebruik gesignaleerd.
8.3 Risico´s in relatie tot de omvang van de benodigde weerstandscapaciteit Algemeen Voor de programma’s in de begroting sociaal domein geldt dat er sprake is van zogenaamde openeinderegelingen. Meer aanvragen dan begroot leidt dan tot overschrijding van de kosten. Wmo De AMvB stelt dat voor Wmo-voorzieningen een reëel tarief moet worden gesteld (goede verhouding tussen tarief en kwaliteit). Door deze AMvB hebben wijzigingen in bijvoorbeeld de CAO Verpleeg- & Verzorgingshuizen & Thuiszorg (VVT) mogelijk een rechtstreeks effect op de tarieven Huishoudelijke Hulp en Begeleiding van gemeenten. Jeugd Specialistische Jeugdhulp In Friesland is er voor jeugdhulp een vorm van resultaatbekostiging van kracht. De ervaringen van de afgelopen jaren laten zien dat deze inkoopsystematiek belangrijke financiële issues met zich meebrengt aangaande het verkrijgen van grip op de totale kosten. Bedrijfsvoering De werkzaamheden binnen het Sociaal Domein zijn erop gericht om adequate zorg/voorzieningen te bieden aan de inwoners. Daarbij kunnen dingen misgaan, met mogelijke reputatieschade tot gevolg. Door het goed organiseren van het risicobeheer en een goed HR beleid zet De Dienst in op het enerzijds goed bedienen van cliënten en anderzijds het voeren van een passend risicomanagement.
Daarbij rekening houdend met de actuele maatschappelijke ontwikkelingen met betrekking tot bijvoorbeeld de krappe arbeidsmarkt, privacywetgeving, toenemende transparantie door het gebruik van social media etc. en de mogelijke gevolgen daarvan.
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
60
Jaarrekening 2024 In de jaarrekening 2024 is de balans opgenomen en het overzicht van de bedrijfsvoeringslasten
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
61
9 Balans per 31 december 2024 In euro's Activa Vaste activa Investeringen met een economisch nut Materiële vaste activa Leningen u/g Financiële vaste activa Vlottende activa Vorderingen op openbare lichamen Rekening courant verhouding met het Rijk Overige vorderingen Uitzettingen < 1 jr
2024
2023
257.056
327.848 257.056
640.850
327.848 861.189
640.850
861.189
724.743 5.058.271 1.105.229 6.888.242
1.369.112 4.240.681 836.108 6.445.902
Liquide middelen - kas- en banksaldi
76.590
128.446
Overige nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen Overlopende activa
2.175.521 2.175.521
2.376.572 2.376.572
Totaal activa
9.140.353
8.950.920
10.038.259
10.139.957
Passiva Vaste passiva Bestemmingsreserve Eigen vermogen
692.850 692.850
654.806 654.806
Voorzieningen
498.862
267.354 1.191.712
922.160
Vlottende passiva Overige schulden Netto-vlottende schulden < 1 jr
1.570.843 1.570.843
1.912.077 1.912.077
Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen
6.739.267
6.751.556
Overige vooruitontvangen bedragen die ten bate van het volgende begrotingsjaar komen Overlopende passiva
536.437 7.275.704
554.164 7.305.721 8.846.547
9.217.797
Totaal passiva
10.038.259
10.139.957
Netto resultaat
-
-
Voor een toelichting op de balans verwijzen wij naar hoofdstuk 13.
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
62
10 Overzicht van baten en lasten conform BBV-regelgeving Het overzicht van baten en lasten zoals in paragraaf 4.2.2 is opgenomen is de indeling zoals wij deze binnen De Dienst gebruiken. In de regelgeving van de BBV is echter de volgende indeling als verplichting opgenomen, daarom nemen wij deze ter informatie op. De toelichting op de afwijkingen per programma kunt u vinden in het jaarverslag.
In euro's Programma Inkomen Programma Werk & Participatie Programma Armoedebestrijding Programma Jeugdwet Programma Wmo Programma Bedrijfsvoering Algemene dekkingsmiddelen Overhead Heffing VPB Onvoorzien
Baten 26.601.809 3.456.061 3.003.691 25.223.907 17.372.795 11.374.258 419.112 -
Realisatie 2024 Lasten 26.601.809 3.456.061 3.003.691 25.223.907 17.372.795 6.291.300 5.464.026 -
Saldo van baten en lasten
87.451.633
87.413.589
38.044
38.044
-38.044
-
38.044
-38.044
-
-
-
-
-
-
87.451.633
87.451.633
-0
81.751.615
81.751.615
-
84.317.295
84.317.295
-
Saldo 5.082.958 -5.044.914 -
Begroting na wijziging 2024 Baten Lasten Saldo 24.755.514 24.755.514 3.154.913 3.154.913 2.644.116 2.644.116 21.990.000 21.990.000 17.216.534 17.216.534 11.743.071 6.814.546 4.928.525 247.467 5.175.992 -4.928.525 -
Baten 24.422.326 3.002.868 8.081.116 22.332.192 15.243.790 10.813.192 421.811 -
Jaar 2023 Lasten 24.422.326 3.002.868 8.081.116 22.332.192 15.243.790 5.969.853 5.265.150 -
4.843.338 -4.843.338 -
81.751.615
84.317.295
84.317.295
-
81.751.615
-
Saldo
Mutatie reserves Reserve uitvoeringslasten Totaal dekking Gerealiseerd resultaat
-
-
-
In bijlage D vindt u het overzicht van baten en lasten verdeeld naar taakveld.
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
63
-
-
-
-
11 Bedrijfsvoeringslasten 11.1 Financiële verantwoording Bedrijfsvoering Bedrijfsvoering
Begroting na Jaar 2024 wijziging 2024 a.
Afwijking (a-b)
Afwijking (c/b) in %
Jaar 2023
8.549.305 644.944 364.192 844.383 197.453 164.386 470.341
c.
Lasten in euro's Personeelskosten Overige personeelskosten Huisvestingskosten Automatiseringskosten Organisatiekosten Afschrijvingen Externe kosten (o.a. accountant/advies/adviesraad)
9.062.716 727.922 365.608 837.891 189.565 84.793 486.832
9.305.538 450.000 420.000 885.000 225.000 200.000 505.000
-242.822 277.922 -54.392 -47.109 -35.435 -115.207 -18.168
-3% 62% -13% -5% -16% -58% -4%
Totale lasten Bedrijfsvoering
11.755.326
11.990.538
-235.212
-2% 11.235.004
Baten in euro's Rente inkomsten Dekking inzet eigen uren vanuit programma PIA Dekking overig (o.a. ziektewet uitkeringen)
326.507 1.018.058 210.160
245.000 929.560 26.519
81.507 88.498 183.641
33% 10% 692%
331.863 851.036 196.247
Totale baten Bedrijfsvoering
1.554.725
1.201.079
353.646
29%
1.379.146
Mutatie reserve in euro's Mutatie reserve uitvoeringlasten
-38.044
-
-38.044
-
-38.044
-
-38.044
-
Dekking in euro's Gemeentelijke bijdragen structureel Gemeentelijke bijdragen incidenteel
10.007.486 231.160
10.789.459 -
-781.973 231.160
-7%
9.743.375 112.482
Gemeentelijke bijdragen
10.238.645
10.789.459
-550.814
-5%
9.855.857
Totale mutatie reserve Bedrijfsvoering
Toelichting op de financiële afwijkingen Product
Toelichting
•
Personeelskosten
De personeelslasten zijn € 243.000 lager dan de begroting na wijziging. Dit komt doordat we een aantal vacatures niet snel konden vervullen. Ook kozen we er bewust voor om vacatures voor sleutelposities niet tijdelijk door externe inhuur te vervullen. In het algemeen zien we nog steeds krapte op de arbeidsmarkt, wat het invullen van vacatures bemoeilijkt.
•
Overige personeelskosten
De lasten zijn € 278.000 hoger dan begroot. Deze afwijking wordt met name veroorzaakt door de dotatie aan de voorziening Bovenwettelijk Verlof van
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
64
€ 293.000. Op basis van recente uitspraken van de commissie BBV hebben we beoordeeld dat het verlofsaldo van het bovenwettelijk verlof van niet gelijke omvang is, waardoor een voorziening moet worden gevormd. •
Afschrijvingen
De lasten zijn lager dan vooraf voorzien. Dit komt doordat we verwacht hadden in het najaar enkele investeringen te doen in het kader van digitalisering. Deze investeringen worden doorgeschoven naar 2025.
•
Rente inkomsten
De rente inkomsten zijn € 82.000 hoger dan begroot, doordat het gemiddelde rentepercentage op aangehouden tegoeden hoger was dan verwacht.
•
Dekking inzet eigen uren vanuit programma PIA (Team Werk, Participatie en Inburgering)
Door het vervullen van openstaande vacatures, waaronder ook kortdurend door inhuur, steeg gedurende 2024 de salarislast van team Werk, Participatie en Inburgering. 70% van deze lasten kunnen we dekken vanuit het Participatiebudget. De stijging van de lasten werkt hiermee door in de baten binnen het programma Bedrijfsvoering.
•
Dekking overig
De toename van de overige dekking is tweeledig. Ten eerste komt de stijging doordat we een WGA-uitkering en een transitievergoeding hebben ontvangen voor medewerkers die arbeidsongeschikt zijn geworden (€ 80.000). Ten tweede hebben we in het 4e kwartaal uitvoering gegeven aan het implementatieproject ‘Inning eigen bijdrage Oekraïners’. De lasten (€ 27.000) zijn aan de betreffende gemeenten doorbelast. In 2025 wordt dit aan gemeenten gefactureerd.
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
65
Nb. onderstaande afwijking is gerealiseerd doordat er per saldo meer of minder directe uren aan een bedrijfsonderdeel zijn besteed (en daarmee voor de verdeling procentueel is doorbelast) dan op voorhand is begroot.
Begroting na wijziging 2024
Verdeling bedrijfsvoeringslasten over programma's
Jaar 2024 a.
b.
c.
Programma Werk, Participatie en Inkomen Programma Armoedebestrijding Programma Wmo en Jeugdwet
5.772.516 1.595.044 2.871.085
5.727.908 1.556.663 3.504.888
Totaal De Dienst NWF
10.238.645
Verdeling bedrijfsvoeringslasten over gemeenten
Jaar 2024 a.
b.
c.
Gemeente Harlingen Gemeente Terschelling Gemeente Vlieland Gemeente Waadhoeke
2.833.300 407.330 117.636 6.880.380
2.950.269 451.261 119.415 7.268.513
Totaal De Dienst NWF
10.238.645
Bedrijfsvoeringslasten totaal Verdeling over taakvelden
Jaar 2024 a.
b.
c.
0.4 Overhead 0.10 Mutaties reserves 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie 6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen 6.3 Inkomensregelingen 6.4 WSW en beschut werk 6.5 Arbeidsparticipatie 6.6 Maatwerkvoorzieningen (Wmo) 6.71a Huishoudelijke hulp (Wmo) 6.71b Begeleiding (Wmo) 6.71c Dagbesteding (Wmo) 6.71d Overige Maatwerkarrangementen 6.72a Jeugdhulp Begeleiding 6.72c Jeugdhulp Dagbesteding 6.72d Jeugdhulp zonder verblijf overig 6.73a Pleegzorg 6.73b Jeugdhulp met verblijf gezinsgericht 6.73c Jeugdhulp met verblijf overig 6.74a Jeugd behandeling GGZ zonder verblijf 6.74b Jeugdhulp crisis/LTA/GGZ-verblijf
5.044.914 38.044 87.185 6.782 2.671.492 261.224 242.916 188.739 477.520 270.704 107.573 -6.666 10.794 53.221 470.191 53.276 83.803 140.559 16.681 19.692
5.423.459 75.857 5.606 2.741.038 242.878 317.542 203.252 491.717 262.560 133.802
189.020 14.362 23.879
-378.545 38.044 11.328 1.177 -69.546 18.346 -74.626 -14.513 -14.197 8.145 -26.229 -6.666 10.794 53.221 -124.146 -16.875 83.803 -48.461 2.319 -4.187
Totaal De Dienst NWF
10.238.645
10.789.459
-550.814
Afwijking (c/b) in %
Jaar 2023
44.608 38.381 -633.803
1% 2% -18%
5.774.042 1.372.563 2.709.252
10.789.459
-550.814
-5%
9.855.857
Begroting na wijziging 2024
Afwijking (a-b)
Afwijking (c/b) in %
Jaar 2023
-116.969 -43.931 -1.779 -388.134
-4% -10% -1% -5%
2.713.765 421.970 106.750 6.613.372
10.789.459
-550.814
-5%
9.855.857
Begroting na wijziging 2024
Afwijking (a-b)
Afwijking (c/b) in %
Jaar 2023
-7% 15% 21% -3% 8% -24% -7% -3% 3% -20%
4.843.338 77.638 4.524 2.812.876 168.935 217.743 181.665 402.556 230.656 104.693
-21% -24%
548.194 53.826
-26% 16% -18%
180.017 13.633 15.563
-5%
9.855.857
594.336 70.152
Afwijking (a-b)
Nb. De bedrijfsvoeringlasten taakveld 0.4 Overhead betreft het saldo van de lasten en baten inzake overhead.
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
66
12 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling De jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met de voorschriften die worden gegeven in het “Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten”.
12.1 Continuïteit De continuïteit van de activiteiten is geborgd in de overeenkomst tot het instellen van een gemeenschappelijke regeling door de gemeenten Harlingen, Terschelling, Vlieland en Waadhoeke. De jaarrekening is opgesteld op basis van een continuïteitsveronderstelling.
12.2 Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De algemene grondslag voor de waardering van de activa en passiva, alsmede voor de bepaling van het resultaat, is de historische kostprijs (verkrijgings- of vervaardigingsprijs). Voor zover niet anders vermeld, worden activa en passiva opgenomen voor de nominale waarde. Verantwoording van de programma’s Formeel leggen we verantwoording af over 4 programma’s namelijk: •
Werk, Participatie en Inkomen
•
Armoedebestrijding
•
Wmo en Jeugdwet
• Bedrijfsvoering Indien het voor de leesbaarheid en inzichtelijkheid beter is dan rapporteren wij ook over de deelprogramma’s. Rechtmatigheidsverantwoording De rechtmatigheidsverantwoording in deze jaarrekening is opgesteld conform de uitgangspunten van de Kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV en de financiëleen controleverordening van de gemeenschappelijke regeling Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Noardwest Fryslân. De basis voor de toetsing van de financiële rechtmatigheid is het normenkader zoals door het bestuur vastgesteld op 18 december 2024. De uitgangspunten ten aanzien van de rechtmatigheidsverantwoording zijn uitgewerkt in onze financiële verordening. Bij aanpassingen van de Kadernota rechtmatigheid wordt
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
67
beoordeeld in hoeverre de opzet en inhoud van onze financiële verordening op het vlak van de rechtmatigheid nog goed aansluit bij de kadernota en of er wijzigingen wenselijk zijn. De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld met de volgende belangrijkste uitgangspunten: 1. De verantwoordingsgrens bedraagt 3% van de lasten. Voor 2024 is dat een bedrag van € 2.623.549. 2. In de paragraaf bedrijfsvoering worden afzonderlijke afwijkingen die groter zijn dan 10% van de verantwoordingsgrens toegelicht. 3. De begrotingsrechtmatigheid wordt beoordeeld op programmaniveau. 4. Baten en lasten worden niet gesaldeerd bij de beoordeling van de rechtmatigheid (op programmaniveau). 5. Begrotingsonrechtmatigheden worden door het bestuur als acceptabel aangemerkt in de volgende situaties: a. Er is sprake van een overschrijding waarbij direct gerelateerde inkomsten de overschrijding compenseren. b. Er is sprake van een afwijking op een open-einde regeling. c. De afwijking is geautoriseerd door middel van de vaststelling van een tussentijdse rapportage. d. De afwijking past binnen de vastgestelde gemeentelijke beleidskaders c.q. het bestaande beleid van de Dienst. 6. In de bovengenoemde situatie c worden de voorlopige cijfers ook beschouwd als een tussentijdse rapportage waarmee het bestuur wordt geïnformeerd over de budgettaire stand van zaken. 7.
Overschrijdingen van baten en onderschrijdingen van lasten zijn alleen onrechtmatig indien deze niet tijdig aan het bestuur zijn gemeld. Schattingen De schattingen en hiermee verbonden veronderstellingen zijn gebaseerd op ervaringen uit het verleden en verschillende andere factoren die gegeven de omstandigheden als redelijk worden beschouwd. De uitkomsten hiervan vormen de basis voor het oordeel over de boekwaarde van de balans die niet op eenvoudige wijze uit andere bronnen blijkt. De daadwerkelijke uitkomsten kunnen afwijken van deze schattingen. Om de grondslagen en de regels voor het opstellen van de jaarrekening te kunnen toepassen, is het nodig dat het management van de gemeenschappelijke regeling over de verschillende zaken zich een oordeel vormt, en dat het management schattingen maakt die essentieel kunnen zijn voor de in de jaarrekening opgenomen bedragen.
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
68
Indien het voor het geven van het op grond van het BBV vereiste inzicht noodzakelijk is, is de aard van deze oordelen en schattingen inclusief de bijbehorende veronderstellingen opgenomen bij de toelichting op de betreffende jaarrekeningposten. Vergelijking met voorgaand jaar De gehanteerde grondslagen van waardering en van resultaatbepaling zijn ongewijzigd gebleven ten opzichte van het voorgaand jaar.
12.3 Grondslagen voor de waardering van activa en passiva Materiële vaste activa De materiële vaste activa betreffen investeringen met een meerjarig economisch nut. Bijdragen van derden die in directe relatie staan met de investering, worden hierop in mindering gebracht. Bijdragen uit reserves mogen niet in mindering worden gebracht. Deze bijdragen vallen vrij met jaarlijkse termijnen gelijk aan de afschrijvingsperiode van het actief. De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen historische kostprijs, verminderd met de cumulatieve afschrijvingen. De afschrijvingen worden gebaseerd op de geschatte economische levensduur en worden berekend op basis van een vast percentage van de kostprijs. Er wordt afgeschreven vanaf het moment van ingebruikneming. De volgende afschrijvingstermijnen gelden (aantal jaren): •
Machines, apparaten en installaties
•
Overige materiële vaste activa, waaronder - Automatisering - Verbouwing/verhuizing Eise Eisingastraat - Inventaris
5 5-7 10 5
Financiële vaste activa De financiële vaste activa betreffen langlopende lening u/g inzake Tozo en Bbz bedrijfskapitaal en zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Uitzettingen met rentetypische looptijd korter dan één jaar De uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Oninbaarheid debiteuren aanverwante wet- en regelgeving Voor verwachte oninbaarheid van debiteuren van aanverwante wet- en regelgeving is een voorziening in mindering gebracht. De aflossingsfrequentie van debiteuren is het uitgangspunt voor het bepalen van de voorziening voor de terugvordering van uitkeringen en
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
69
overige kosten. Als blijkt dat een individuele debiteur in staat is om maandelijks op de openstaande vordering af te lossen, wordt geen voorziening getroffen. Als blijkt dat de aflossingsfrequentie afneemt, neemt de onzekerheid omtrent de inning van de totale vordering toe. Voor het bepalen van de voorziening voor onderhoudsplichten, leningen en hypotheken is rekening gehouden met de historische omvang van de buiteninvorderingstellingen. De voorziening voor oninbare debiteuren is per individuele debiteur gewaardeerd en opgenomen op de balans van De Dienst. Overige vorderingen Vorderingen op debiteuren Participatiewet, IOAW, IOAZ, Bbz, Tozo en Wmo zijn opgenomen in de balans van De Dienst. De financiële gegevens worden vermeld op basis van het batenlastenstelsel. Overlopende activa De overlopende activa zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Liquide middelen De liquide middelen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde en staan, voor zover niet anders vermeld, ter vrije beschikking van De Dienst. Passiva Voor zover niet anders vermeld zijn passiva gewaardeerd tegen nominale waarde. Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat uit de reserve uitvoeringslasten. Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichtingen c.q. het voorzienbare verlies.
Voorzieningen worden op grond van artikel 44 BBV gevormd door: • verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op de balansdatum onzeker is, doch redelijkerwijs te schatten; • op de balansdatum bestaande risico's ter zake van bepaalde te verwachten verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs is te schatten; • kosten die in een volgend begrotingsjaar zullen worden gemaakt, mits het maken van die kosten zijn oorsprong mede vindt in het begrotingsjaar of in een voorafgaand begrotingsjaar en de voorziening strekt tot gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal begrotingsjaren; • de bijdragen aan toekomstige vervangingsinvesteringen; • van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden.
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
70
Overig Wat betreft vakantiegeld uitkeringsgerechtigden wordt geen schuld opgenomen omdat er gekozen is voor een waardering op basis van kasstelsel.
12.4 Grondslagen voor de resultaatbepaling Algemeen De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. De lasten worden bepaald met inachtneming van hiervoor vermelde waarderingsgrondslagen. Baten worden verantwoord voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het boekjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin de uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden, overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken en dergelijke. Pensioenen De Dienst heeft voor haar werknemers de pensioenregeling ondergebracht bij het Pensioenfonds voor overheid en onderwijs ABP. Hiervoor in aanmerking komende werknemers hebben op de pensioengerechtigde leeftijd recht op een pensioen welke afhankelijk is van leeftijd, salaris en dienstjaren.
De Dienst heeft geen verplichting tot het voldoen van aanvullende bijdragen in geval van een tekort bij het ABP, anders dan hogere toekomstige premies. De Dienst heeft daarom alleen de verschuldigde premies tot en met het einde van het boekjaar in de jaarrekening verantwoord. De dekkingsgraad van het Pensioenfonds voor overheid en onderwijs ABP was in december 2024 111,9% (2023: 110,5%, bron www.abp.nl). Vennootschapsbelasting De activiteiten van De Dienst zijn niet belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting. Wet normering topinkomens Voor de uitvoering van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen in de (semi)publieke sector (WNT) heeft De Dienst zich gehouden aan de Beleidsregel WNT en deze als normenkader bij het opmaken van de jaarrekening gehanteerd.
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
71
13 Toelichting op de balans per 31 december 2024 In deze paragraaf worden de afzonderlijke balansposten toegelicht. Daar waar nodig wordt de financiële uitsplitsing inhoudelijk onderbouwd.
13.1 Materiële vaste activa De mutaties in de materiële vaste activa worden als volgt weergegeven:
Machines, apparaten, installaties
Overige materiële vaste activa
Totaal
Stand per 1 januari 2024 Aanschaffingswaarde Cumulatieve afschrijvingen
121.778
1.323.594
1.445.372
88.667
1.028.855
1.117.522
Boekwaarde
33.111
294.739
327.850
-
14.000
14.000
Mutaties in de boekwaarde Investeringen Desinvesteringen Afschrijvingen Afschrijvingen desinvesteringen Bijdragen van derden Afwaarderingen
-
-
-
9.755
75.038
84.793
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Saldo
-9.755
-61.038
-70.793
Stand per 31 december 2024 Aanschaffingswaarde Cumulatieve afschrijvingen
121.778
1.337.594
1.459.372
98.422
1.103.893
1.202.315
Boekwaarde
23.356
233.701
257.057
5
5-10
Afschrijvingstermijn in jaren
Voor een gespecificeerd overzicht van de materiële vaste activa wordt verwezen naar bijlage B.
13.2 Financiële vaste activa In euro's TOZO bedrijfskapitaal Bbz bedrijfskapitaal
1-1-2024
Uitgegeven Aflossing
31-12-2024
747.775 113.414
16.972 15.609
230.861 22.059
533.886 106.964
861.189
32.581
252.920
640.850
Dit bedrijfskapitaal is verstrekt door Bureau Zelfstandigen Fryslân. BZF verzorgt tevens de inning van de aflossing en rente op deze kapitaalverstrekkingen.
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
72
13.3 Vlottende activa Uitzettingen korter dan één jaar
Vorderingen op openbare lichamen Rekening courant verhouding met het Rijk Overige vorderingen
Vorderingen op openbare lichamen * Rekening-courant gemeente Vlieland Rekening-courant gemeente Harlingen Rekening-courant gemeente Terschelling Rekening-courant gemeente Waadhoeke Overige openbare lichamen
Rekening courant verhouding met het Rijk Rekening-courant verhouding Rijk
Overige vorderingen Debiteuren regulier Debiteuren uitkeringen Af: voorziening debiteuren uitkeringen Debiteuren Bbz levensonderhoud Debiteuren TOZO levensonderhoud
31-12-2024
31-12-2023
724.743 5.058.271 1.105.229 6.888.242
1.369.112 4.240.681 836.108 6.445.902
724.743 -
15.115 -
1.353.998 -
724.743
1.369.112
5.058.271 5.058.271
4.240.681 4.240.681
1.624.548 -828.017 170.757 137.941 1.105.229
11.286 1.528.395 -1.023.686 145.502 174.612 836.108
31-12-2024 76.590 76.590
31-12-2023 128.446 128.446
2.175.521 2.175.521
31-12-2023 2.376.572 2.376.572
472.780 1.702.741 2.175.521
1.051.410 1.325.162 2.376.572
-
Liquide middelen Bank
Overlopende activa Overige nog te ontvangen en vooruitbetaalde bedragen
Overige nog te ontvangen en vooruitbetaalde bedragen Nog te ontvangen bedragen Vooruitbetaalde bedragen
* Om beter inzicht te krijgen in de onderlinge schuldposities tussen De Dienst en de gemeenten worden alle onderlinge posities verwerkt in een rekening-courant. De gemeenten ontvangen allen afzonderlijk een overzicht van de rekening-courantpositie per 31 december 2024.
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
73
Schatkistbankieren Sinds 16 december 2013 zijn alle decentrale overheden, voor zover ze een openbaar lichaam zijn, verplicht om deel te nemen aan het schatkistbankieren. Deelname van de decentrale overheden aan schatkistbankieren draagt bij aan een lagere EMU-schuld van de collectieve sector. Een ander belangrijk gevolg van deelname aan schatkistbankieren is een verdere vermindering van de beleggingsrisico’s waaraan decentrale overheden worden blootgesteld. Afgezien van de mogelijkheden om aan elkaar leningen te verstrekken, zijn decentrale overheden verplicht alle middelen die ze niet direct nodig hebben voor hun publieke taak in de schatkist aan te houden. Indien overtollige middelen de omvang van de drempel niet overschrijden, mogen die middelen buiten de schatkist worden gehouden. De drempel is nooit lager dan € 1 miljoen. Het drempelbedrag is gelijk aan 2% van het begrotingstotaal (primitieve begroting) indien het begrotingstotaal lager is dan € 500 miljoen. De drempel bedroeg in 2024 voor De Dienst € 1.600.000. Het gemiddelde saldo van de BNG rekening en de Rabobank rekening van De Dienst is in de 4 kwartalen van 2024 onder deze drempel gebleven. Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar 2024 (1)
Drempelbedrag
1600 Kwartaal 1
Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4
153
153
153
153
(3a) = (1) > (2)
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag
1.447
1.447
1.447
1.447
(3b) = (2) > (1)
Overschrijding van het drempelbedrag
-
-
-
-
(2)
(1) Berekening drempelbedrag Verslagjaar (4a) (4b) (4c)
Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat
(1) = (4b)*0,02 + (4c)*0,002 met een minimum van €1.000.000 als het begrotingstotaal kleiner of gelijk is aan 500 mln. En als begrotingstotaal groter dan € 500 miljoen is is Drempelbedrag het drempelbedrag gelijk aan € 10 miljoen, vermeerderd met 0,2% van het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat. (2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
80.003 80.003 -
1.600
Kwartaal 1 (5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)
Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4
13.949
13.949
14.102
14.102
91
91
92
92
153
153
153
153
Met de BNG is een kredietfaciliteit overeengekomen van € 500.000.
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
74
13.4 Eigen vermogen Verloop van het eigen vermogen
1-1-2024
Storting Onttrekking 31-12-2024 + -
In euro's Bestemmingsreserve uitvoeringslasten Totaal
654.806 654.806
38.044 38.044
-
692.850 692.850
De bestemmingsreserve uitvoeringslasten is gevormd met als doel het opvangen van kosten van calamiteiten en risico’s, zodat voorkomen kan worden dat de begroting van de gemeenten onverwachts moet worden aangesproken. De omvang van de reserve wordt jaarlijks berekend bij opmaak van de begroting.
13.5 Verloop voorziening Verloop van de voorzieningen
1-1-2024
Storting +
Vrijval -
Onttrekking -
31-12-2024
In euro's Voorziening WW-gelden
203.732
27.184
66.826
20.741
143.350
Voorziening WW 3de jaar Voorziening verlofsparen
50.988 12.634
23.597
25.120 -
-
25.868 36.231
-
293.413
-
-
293.413
267.354
344.194
91.945
20.741
498.862
Voorziening bovenwettelijk verlof Totaal
De WW-voorzieningen zijn gevormd met als doel de dekking van de verplichte aanvullingen op een WW-uitkering voor ontslagen werknemers. De voorziening bedraagt ultimo 2024 € 169.218. Per 1 januari 2023 kunnen medewerkers van De Dienst verlofsparen. Hiervoor dient een voorziening te worden opgenomen, omdat het spaarsaldo in de tijd vanwege toevoegingen en opnamen van het spaarverlof van niet gelijke omvang is. De opgebouwde voorziening bedraagt per 31 december 2024 € 36.231. Per einde 2024 nemen wij ook, op basis van recente uitspraken van de commissie BBV, een voorziening op voor het volledige restantsaldo van het bovenwettelijk verlof. We hebben beoordeeld dat dit verlof van niet gelijke omvang is. De voorziening bedraagt per 31 december 2024 € 293.413.
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
75
13.6 Vlottende passiva Vlottende schulden korter dan één jaar
Schulden aan openbare lichamen Crediteuren
Schulden aan openbare lichamen * Rekening-courant gemeente Harlingen Rekening-courant gemeente Terschelling Rekening-courant gemeente Waadhoeke Rekening-courant gemeente Vlieland Overige openbare lichamen
31-12-2024
31-12-2023
1.232.531 338.311 1.570.843
1.482.942 429.134 1.912.077
457.563 47.844 34.386 692.738 1.232.531
891.384 537.502 54.057 1.482.942
31-12-2024
31-12-2023
6.739.267
6.751.556
536.437 7.275.704
554.164 7.305.721
Overlopende passiva
Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume Overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen
* Om een beter inzicht te krijgen in de onderlinge schuldposities tussen De Dienst en de gemeenten worden alle onderlinge posities verwerkt in een rekening-courant. De gemeenten ontvangen allen afzonderlijk een overzicht van de rekening-courantpositie per 31 december 2024.
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
76
13.7 Niet uit de balans blijkende verplichtingen Huurverplichting De Dienst heeft zich contractueel verplicht tot het betalen van huurtermijnen voor de Eise Eisingastraat 5-8 te Franeker tot en met 30 september 2028. Dit voor een totaalbedrag van € 222.009 per jaar (per 1 oktober 2024) (vrijgesteld van BTW), vermeerderd met de jaarlijkse (per oktober) huurverhoging op CPI-indexbasis conform de algemene voorwaarden (artikel 17.1 t/m 17.4 van het huurcontract). Verplichting vakantierecht Het bovenwettelijke verlof en het spaarverlof is opgenomen in een voorziening. Hier resteert het wettelijke verlof en het saldo van de openstaande onder- en overuren. Op 31 december 2024 is de omvang hiervan € 95.684.
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
77
13.8 Wet normering bezoldiging topfunctionarissen Per 1 januari 2013 is de Wet normering topinkomens (WNT) ingegaan. De WNT is van toepassing op De Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Noardwest Fryslân. Het voor De Dienst toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2024 € 233.000. Dit betreft het algemeen bezoldigingsmaximum. Bezoldiging topfunctionarissen Leidinggevende topfunctionarissen
Gegevens 2024 (bedragen x € 1) Functie Aanvang en einde functievervulling in 2024 Omvang dienstverband ( als deeltijdfactor in fte) Dienstbetrekking?
Dhr. M.J. Jellema Directeur 1/1-31/12 1 Ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal
124.084 20.703 144.787
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
233.000
-/- Onverschuldig betaald bedrag Totale bezoldiging
N.v.t. 144.787
Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
N.v.t. N.v.t.
78
Gegevens 2023 (bedragen x € 1) Functie Aanvang en einde functievervulling in 2023 Omvang dienstverband ( als deeltijdfactor in fte) Dienstbetrekking?
Dhr. M.J. Jellema Directeur 1/1-31/12 1 Ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal
118.092 19.781 137.873
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
223.000
-/- Onverschuldig betaald bedrag Totale bezoldiging
N.v.t. 137.873
Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
N.v.t. N.v.t.
Topfunctionarissen met een bezoldiging van € 1.900 of minder: Voor juni 2024 Naam functionaris Mw. J. Hoekstra - Sikkema Mw. M. van der Meer Dhr. P. Schoute Mw. M. Vellinga -Beemsterboer
Functie Voorzitter bestuur Wnd. voorzitter bestuur Lid bestuur Lid bestuur
Na juni 2024 Naam functionaris Mw. M. van der Meer Mw. M. Vellinga -Beemsterboer Dhr. P. Schoute Dhr. A. Goldhoorn
Functie Voorzitter bestuur Wnd. voorzitter bestuur Lid bestuur Lid bestuur
Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2024 een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen.
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
79
Controleverklaring en Besluit tot vaststelling
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
80
14 Controleverklaring verslagjaar 2024 van de onafhankelijk accountant
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
81
15 Besluit tot vaststelling BESLUIT TOT VASTSTELLING
Het bestuur van De Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Noardwest Fryslán
Besruit: aWo^L Vast te stetten de programmarekening2O24 van De Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Noardwest Fryslàn. Aldus vastgesteld in de vergadering van d.d. a.9 - Of - Z.,O
Mevrouw M. van der Meer
LÍ
.J. Jellema
De heer
Voorzitter
\
Jaarstukken 2O24, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslàn
82
Bijlagen
Jaarstukken 2024, versie 1 De Dienst Noardwest Fryslân
83
Bijlage A
Rechtmatigheidsverantwoording
Verantwoordelijkheid management van De Dienst Noardwest Fryslân De baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties, blijken een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings‐, voorwaarden‐, en misbruik‐ en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het management toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings‐, voorwaarden‐, en misbruik‐ en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door het bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en gemeentelijke verordeningen en met bepalingen in de relevante wet‐ en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door het bestuur op 18 december 2024 vastgestelde normenkader van de relevante wet‐ en regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door het bestuur bepaald en bedraagt 3% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op € 2.623.549.
De grondslag voor deze verantwoording is de Kadernota Rechtmatigheid 2024 van de Commissie BBV van oktober 2024. Bevinding Het management stelt vast dat de omvang van de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties die niet rechtmatig tot stand zijn gekomen € 7,2 miljoen bedraagt. Dit is hoger dan de daarvoor gestelde grens van € 2,6 miljoen. Van de niet rechtmatig tot stand gekomen verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties is volgens het management overigens een bedrag van € 6,6 miljoen acceptabel op basis van door het bestuur vastgestelde afspraken. Het bestuur is namelijk over deze afwijkingen reeds geïnformeerd via de voorlopige cijfers. Begrotingscriterium
X € 1 miljoen
1A. Overschrijding lasten programma’s inclusief bedrijfsvoering (of indien van toepassing een ander door het bestuur vastgesteld autorisatieniveau)
5,9
1B. Overschrijding investeringsbudgetten (kredieten)
0,0
2. Ongeautoriseerde reservemutaties
0,0
3. Overschrijding van baten en/of onderschrijding van lasten
1,1
Totaal begrotingsonrechtmatigheden