CConstaterende datwaadhoeke
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Donkertebeleid 'Tusken skimer & moarnsdage' Waadhoeke

Gemeenteraad Waadhoeke 11 november 2021, gemeente waadhoekeBij agendapunt: Donkertebeleid 'Tusken skimer en moarnsdage' Waadhoeke11.432 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Tusken Skimer en Moarnsdage DONKERTEBELEID GEMEENTE WAADHOEKE

1

Donkertebeleid 2022 t/m 2026 Visie, ambitie en acties ter bescherming van donkerte en voorkoming van lichthinder en lichtvervuiling

Opdrachtgever

Gemeente Waadhoeke

Portefeuillehouder

de heer Dijkstra

Contactpersoon

de heer Van der Woude

Opgesteld door

Beatrijs Oerlemans en Jaklien Vlasblom, Licht en Donker Advies

Fotografie

Foto’s in Waadhoeke zijn gemaakt door Patrick Scheers, LichtSinnich in samenwerking met Licht en Donker Advies. Foto’s van andere gemeenten zijn gemaakt door Janneke Boumans Advies. Verzoeken voor gebruik van foto’s: jaklien@lichtendonkeradvies.nl

Versie

concept 12 oktober 2021

2

INHOUD Inleiding & Leeswijzer Deel I – visie en beleid 1. 2. 3. 4.

Ambitie licht en donker in Waadhoeke Verder op de ingeslagen weg Lichtbronnen Instrumenten

Deel II – keuzes en acties per lichtbron A. B. C. D. E. F. G. H. I. J.

Openbare verlichting Kasverlichting Sportveldverlichting Aanlichting bezienswaardigheden Reclameverlichting Verlichting van winkels Verlichting van bedrijven(terreinen) Open (melkvee)stallen Licht van particulieren (inclusief paardenbakken) Licht van andere overheden en semi-overheden

Bijlagen – uitleg instrumenten K. NSVV Richtlijn Lichthinder

3

Tusken Skimer en Moarnsdage

Heartiids, at boeren hjir yn de Fryske kustgebieten thúskamen fan it lân wie it gongber om foar it jûnsiten noch efkes te “skimerjen”. Nei dat de sinne ûnder gien wie en foar it jûnsiten noch krekt efkes in momint om by inoar te sitten om de dei troch te nimmen. Ús bakje kofje om fiif oere komt komt fan dit âlde gebrûk.

Tusken Skimer en Moarnsdage is net samar in titel foar in beliedsstik. Fanôf it momint dat de sinne ûnder giet begjint it te skimerjen en dat is it begjin fan de nacht dy’t pas wêr foarby is oan’t krekt it momint foardat de sinne wer opkomt, de moarnsdage.

It doel sil net wêze om werom te gean nei de ‘Dark Ages’. De 24- oers ekonomy sit yn ús tinzen. En derby heart ljocht. Mar it is in kar dy’t we sels meitsje kinne hoefolle ljocht we talitte.

De nacht is foar in grut part fan de minsken in diel fan de dei wêr’t men syn of har rêst pakt. Mar it is ek in diel fan de dei dy’t synoniem is mei angst en ûnfeiligens. Die negatife bân dy’t wy ha mei tsjuster, mei de nacht, is der in de rin fan de iuwen ynslûpt. Doaren op slot, gerdinen ticht, ljochten oan en net allinich op paed, want der barre yn de nacht saken dy’t it deiljocht net ferneare kinne . Dat wurdt ús fan jongs of oan op it hert drukt âlders mei soarch oer harren bern. Mar feroaring hinget yn’e loft. Stadichoan is der de ôfrûne jierren in feroaring te sjen. De wurdearring fan de nacht wurdt sterker. Troch ûndersyk lere we dat keunstljocht it, sa wichtige, ritme fan mins, bist en plant ferstoare kin. En we sjogge yn dat de skimer, de nacht en de moarnsdage djip ferankere sitte yn ús dwaan en litten.

4

INLEIDING

De subdoelstellingen van de gemeente zijn: • Het buitengebied en kustgebied in Waadhoeke blijft donker en de ambitie is om dit te versterken. • De lichtuitstraling vanuit de stad en de dorpen naar het buitengebied wordt geminimaliseerd. • Lichthinder en lichtvervuiling van openbare verlichting in stad en dorp wordt beperkt door bij vervanging voor nieuwe technologieën te kiezen. • Bewustwording creëren bij bewoners en bedrijven om de lichtuitstoot te beperken. • Het stimuleren van de cultuurhistorische band die Waadhoeke heeft met de nacht.

Waadhoeke ligt in één van de donkerste gebieden van Nederland. Het waddengebied en de waddenkust worden gezien als donker tot zeer donker. Dat betekent dat we op een heldere nacht meer dan 3000 sterren kunnen zien. Ter vergelijking: in de stad Utrecht houdt het op bij 100 sterren. Tegelijkertijd zien we dat de mens de dag steeds langer wil maken en dat dit door betaalbare, energiezuinige led-technieken steeds makkelijker wordt. Dit heeft als gevolg dat het de afgelopen decennia steeds lichter is geworden. Ook in de donkerste provincie van Nederland, Fryslân. Pas de laatste jaren zien we hiervan echt de gevolgen. Dieren worden door kunstlicht verstoord in hun bioritme en oriëntatie-vermogen. Ze kunnen worden afgestoten of juist aangetrokken door licht, en hun natuurlijke leefgebied wordt aangetast. Planten en bomen hebben last van de toenemende verlichting en worden verstoord in hun groeiproces. Maar ook mensen hebben er last van. Ons biologisch ritme wordt verstoord als er teveel kunstlicht is. Bovendien kunnen felle lichtbronnen ons als weggebruiker verblinden.

LEESWIJZER Dit beleidsplan bestaat uit twee delen. Het eerste deel verwoordt de algemene visie en ambities van de gemeente Waadhoeke op het gebied van lichthinder, lichtvervuiling en donkertebescherming. Het bevat daarnaast een beschrijving van de diverse lichtbronnen die hierbij een rol spelen en van de instrumenten die de gemeente kan inzetten om haar ambities te realiseren.

Los van de negatieve gevolgen van overmatig lichtgebruik voor de biodiversiteit, de mens zelf en het landschap, is de donkerte van de nacht prachtig. Tijdens een heldere nacht kunnen we bij onze kust de Melkweg zien, vallende sterren en zelfs, als alles meezit, het noorderlicht. Waadhoeke wil de omgevingskwaliteit donkerte graag behouden en versterken.

Het tweede deel beschrijft per type lichtbron wat de situatie is in Waadhoeke en hoe lichtvervuiling vanuit deze lichtbron beperkt kan worden. Dit deel bevat, naast beleidskeuzes, veel praktische informatie en concrete tips. Voor de gemeente, maar ook voor overige lichtbroneigenaren. Het is vergelijkbaar met een uitvoeringsplan.

Met de vaststelling van dit beleidsplan heeft de gemeente Waadhoeke een donkertebeleid dat er voor zorgt dat lichthinder en lichtvervuiling afneemt en het donkere buitengebied beschermd wordt. Tegelijkertijd zorgen we ervoor dat een veilige en sfeervolle woon- en werkomgeving blijft bestaan.

In de bijlage wordt een belangrijk instrument, de NSVV Richtlijn Lichthinder, verder uitgelegd.

Dit donkertebeleid geeft vorm en inhoud aan de subdoelstellingen, zoals vastgelegd in de Startnotitie Lichthinderbeleid, september 2020. 5

DEEL I VISIE EN BELEID 1. Ambitie licht en donker in Waadhoeke 2. Verder op de ingeslagen weg 3. Lichtbronnen 4. Instrumenten

6

1. AMBITIE LICHT EN DONKER IN WAADHOEKE

Meer verlichting Toch staat ook in onze gemeente de natuurlijke donkerte onder druk. Dit blijkt onder andere uit het onderzoek ‘Opgaand licht provincie Friesland 2019’, uitgevoerd door onderzoeks- en adviesbureau Sotto le Stelle.

Waadhoeke: natuurlijk donker In de gemeente Waadhoeke is donkerte nog volop aanwezig (zie afbeelding hieronder). De hoeveelheid lichthinder en lichtvervuiling is – in vergelijking met de rest van Nederland – beperkt. Daar zijn we trots op en dat willen we zo houden. Donkerte hoort bij onze mooie Friese gemeente, net als de stilte. Beide zijn ruimtelijke kwaliteiten.

De kaart hierboven toont de toe- en afname van opgaand licht tussen de jaren 2013 en 2019. Het roze en rode gebied geeft een toename aan, terwijl er in het blauwe gebied een afname was. De groene lijn geeft de gemeentegrens aan. Dit onderzoek leert ons dat in een groot deel van onze donkere gemeente meer opgaand licht is gekomen. Dit heeft vooral te maken met assimilatieverlichting van kassen, maar ook met andere lichtbronnen met name in de dorpskernen. 7

Voor- en nadelen van kunstlicht Kunstlicht wordt steeds vanzelfsprekender. Het maakt dat we als mensen actief kunnen blijven in de avonduren en nacht. In ons eigen huis, maar ook daarbuiten. Verlichting kan bijdragen aan (verkeers)veiligheid en sfeer. En het zorgt ervoor dat de economische bedrijvigheid 24 uur per dag door kan gaan waar dat nodig is. Bovendien zijn lampen door iedereen eenvoudig aan te schaffen en is nieuwe verlichting energiezuinig en daarom goedkoop in gebruik. Een eeuw geleden was dat heel anders.

Doelstelling gemeente Waadhoeke De afgelopen jaren zijn er in onze gemeente veel initiatieven ontwikkeld zoals het festival ‘Nacht aan het wad’, nachtwandelingen, nachttuinen en observatoria. Waadhoeke is cultuurhistorisch sterk verbonden met de nacht. Het is dan ook geen toeval dat juist in deze gemeente in de 18de eeuw een prachtig planetarium is gebouwd. Donkerte in de buitenruimte hoort bij onze gemeente. Het is een belangrijke kernwaarde. In het verleden, nu en in de toekomst.

De almaar groeiende hoeveelheid kunstlicht vergroot onze mogelijkheden als het donker is. Het heeft echter ook ernstige nadelen, zeker als het gaat om verlichting in de buitenruimte. Dat kan leiden tot:

Onze doelstelling is daarom:

• • • •

In Waadhoeke beschermen en versterken we de natuurlijke donkerte

lichthinder voor mensen verstoring van dieren en planten verstoring van het donkere landschap verminderde zichtbaarheid van de sterren

Als gemeente zijn we ons ervan bewust dat er ook andere belangen spelen dan het behoud van donkerte. Denk bijvoorbeeld aan verkeersveiligheid, sociale veiligheid, sfeer, economie, sport en recreatie. Soms ontstaan er tegenstrijdige belangen. Het gaat dan om het maken van een afweging en het vinden van balans. De uitgangspunten van de gemeente Waadhoeke zijn daarbij:

De laatste jaren groeit de aandacht voor deze nadelen. Ook wordt er meer onderzoek gedaan, onder andere naar de schadelijke effecten van kunstlicht op dieren en mensen.

1. Licht brandt alleen als het echt een functie heeft 2. Lichthinder en lichtvervuiling dienen daarbij tot het minimum beperkt te worden

Dit beleidsplan werkt in deel I deze doelstelling en uitgangspunten verder uit. Concrete verbetermogelijkheden staan per lichtbron beschreven in deel II. 8

2. VERDER OP DE INGESLAGEN WEG Het maken van beleid voor donkertebescherming en het beperken van lichthinder en lichtvervuiling past bij de koers van de gemeente Waadhoeke. Het is een logisch vervolg op eerder gemaakte keuzes. De belangrijkste zijn: •

Intentieverklaring Dark Sky Werelderfgoed Waddengebied – 2016 Hierin spreken de ondertekenaars af om zich in te zetten voor: - Vergroting van de bewustwording van het belang van duisternis voor mens en dier; - Gezamenlijke versterking van de duisternis in en om de Waddenzee, passend binnen de wetgeving en veiligheidseisen t.a.v. verlichting.

•

Donker waar mogelijk, licht waar nodig, Inventarisatie en analyse lichtbeleid Leeuwarden en Waadhoeke – april 2020 Deze ambtelijke verkenning bevat een waardevolle inventarisatie van landelijk, provinciaal en gemeentelijk beleid, ook voor Waadhoeke.

•

Beheerplan Openbare verlichting – mei 2020 Hierin staat dat bij de gemeente Waadhoeke de nadruk van het op te stellen beleidsplan openbare verlichting zal komen te liggen op het beschermen van het donkere gebied. Daarbij wordt verwezen naar afspraken in het kader van Dark Sky Werelderfgoed Waddengebied-2016.

•

Startnotitie lichthinderbeleid Waadhoeke – september 2020 Deze notitie is de opmaat naar het beleidsplan dat voor u ligt. De notitie beschrijft het belang, het kader, de belanghebbenden en het proces.

•

Inspiratiesessie – januari 2021 Op de online publiekssessie over lichthinder op 26 januari is met veel enthousiasme over het onderwerp gesproken. Inwoners en raadsleden gaven hierbij input voor dit beleidsplan.

Deelnemende organisaties zijn onder andere Waadhoeke, de overige waddengemeenten, de Waddenprovincies, Rijksoverheid, natuurverenigingen en bedrijven.

•

Coalitieakkoord ‘Nije grinzen, nije kânsen’ – 2018 In dit akkoord staat onder andere: “Behoud van het unieke donkere gebied door het kritisch beoordelen van licht in het buitengebied”

Relatie met de omgevingsvisie Dit donkertebeleid wordt als onderlegger gebruikt voor de op te stellen omgevingsvisie Waadhoeke. Hierdoor zal het donkertebeleid in de toekomst onderdeel zijn van het beleidskader voor het omgevingsplan. In het omgevingsplan wordt het donkertebeleid concreet uitgewerkt.

(de afbeelding hiernaast komt uit het coalitieakkoord)

9

3. LICHTBRONNEN EN LICHTHINDER IN WAADHOEKE

In Waadhoeke gaat het met name om de volgende lichtbronnen die lichthinder en lichtvervuiling kunnen veroorzaken (meer info volgt in deel II):

Rijdende in de nacht door de gemeente Waadhoeke valt op dat het mooi donker is: buiten de bebouwde kom zijn de sterren goed zichtbaar. Er zijn weinig lichtbronnen behalve enkele lampen langs wegen en bij bedrijven. Open stallen zijn helder zichtbaar in de avond, maar staan vaak op een milde waakstand in de nacht. Op tijden dat de kasverlichting aanstaat, is een heldere gloed zichtbaar over de normaal gesproken donkere sterrenhemel.

a. gemeentelijke openbare verlichting (OVL) b. kasverlichting ofwel assimilatieverlichting c. sportveldverlichting d. aanlichting bezienswaardigheden e. reclameverlichting f. open (melkvee)stallen g. bedrijven(terreinen) h. winkelverlichting i. licht van particulieren j. verlichting van provincie, ProRail en andere (semi) overheden

Kijkend naar de dorpsrand is in de avond vooral veel sportverlichting zichtbaar en de aangelichte kerk in het centrum. In de nacht zie je op de dorpsrand soms de openbare verlichtingsarmaturen en enkele bedrijven die hun gevels of hun terrein verlichten. In de bebouwde kom is het rustig op straat. Het licht is over het algemeen bescheiden, in de kleine kernen zijn ook vrijwel geen verlichte winkels of reclames. Voor de stad Franeker geldt vanzelfsprekend dat er meer verlichting is, onder andere om de bijzondere gebouwen tot hun recht te laten komen.

Factoren die een rol spelen bij lichthinder en lichtvervuiling Bovengenoemde lichtbronnen verschillen van elkaar bijvoorbeeld qua tijdstip, richting waarin het licht uitstraalt, locatie en eigendom. Deze factoren zijn van invloed op lichthinder en vervuiling: •

10

Tijdstip waarop het licht een functie heeft Sportveldverlichting brandt alleen ’s avonds tijdens het sporten. Vanaf circa 22 uur is deze verlichting op veel plaatsen uit. Deze vaak felle verlichting heeft impact op het landschap maar in een beperkt tijdvak. Kasverlichting wordt niet jaarrond ingezet maar kan branden in de vroege avond en in de na-nacht. Openbare verlichting staat jaarrond aan tussen zonsondergang tot zonsopgang. Door te dimmen als het rustig is op straat worden de nadelige effecten in de nacht beperkt. Sommige lichtbronnen hebben alleen een functie op tijden dat mensen ernaar kijken, bijvoorbeeld aanlichting van gebouwen en reclameverlichting. De gemeente gaat in gesprek waarbij het streven is: uitschakelen om 23 uur.

•

Bij een winkeletalage is dit heel anders. Dit licht schijnt niet naar boven en is binnen de bebouwde kom niet van grote afstand zichtbaar. Dergelijke verlichting kan wel directe lichthinder geven voor omwonenden. Ook openbare verlichting kan ongewenst een woning binnen schijnen.

Locatie: binnen of buiten de bebouwde kom Kassen en open stallen staan buiten de bebouwde kom. Sportvelden en bedrijventerreinen bevinden zich vaak op de grens tussen kern en buitengebied. De overige lichtbronnen branden voor het overgrote deel binnen de bebouwde kom maar hebben ook invloed op de donkere hemel.

Links zeer verlichte etalage (foto Nederlands Licht Instituut t.b.v. Lichtvisie Franeker), rechts openbare verlichting die fel op gevel van huis straalt (Tzummarum).

Afbeeldingen: in het donkere landschap valt een enkele lichtbron erg op. Links openbare verlichting, rechts een bedrijf dat onbedoeld fel richting het waddengebied straalt.

•

•

Soort lichtvervuiling Kassen stralen vooral naar boven veel licht uit als ze niet volledig zijn afgeschermd. De lichtvervuiling kan als een lichtkoepel zichtbaar zijn boven het landschap. Sportvelden zijn van in het landschap van veraf te zien (afbeelding links) en van boven zichtbaar door de reflectie op het veld (afbeelding rechts). Ook kan sportverlichting directe lichthinder geven voor een woning of het verkeer.

Eigendom De overheid is eigenaar van de openbare verlichting. Hier is zij bepalend, kan acties ondernemen om lichthinder en lichtvervuiling te beperken en zo het goede voorbeeld geven. In sommige gevallen is de overheid ook eigenaar van andere lichtbronnen zoals sportverlichting en het aanlichten van bezienswaardigheden. Bij de overige lichtbronnen zijn andere partijen de eigenaar. Ook hier heeft de gemeente invloed. Als gesprekspartner, motivator, vergunningverlener en/of handhaver.

De hier besproken genoemde factoren bepalen mede wat de beste aanpak is om lichthinder en lichtvervuiling te beperken en donkerte te versterken.

11

4. INSTRUMENTEN

economie, vergunningverlening, handhaving, enzovoort. Wellicht is het zinvol om een training te organiseren, bijvoorbeeld voor de handhavers. Ook is het van belang dat het thema een duidelijk plek krijgt binnen de organisatie. Dit kan door het plaatsen op de Duurzaamheidsagenda.

De gemeente Waadhoeke wil de natuurlijke donkerte beschermen en waar mogelijk versterken. Zij wil lichthinder en lichtvervuiling voorkomen. Om dit te realiseren, heeft zij diverse instrumenten tot haar beschikking.

Even belangrijk is het om externen te betrekken, zoals inwoners, bedrijven, sportverenigingen en andere belanghebbenden en lichteigenaren. Dit kan op verschillenden manieren, bijvoorbeeld door: • Algemene PR / aandacht voor het onderwerp in de (sociale) media. • Een opvallend en aantrekkelijk voorbeeldproject te realiseren met innovatieve verlichting en/of dimtechnieken. • In gesprek te gaan met diverse lichtbroneigenaren. • Mee te denken met mogelijke maatregelen die deze eigenaren kunnen nemen om lichthinder en lichtvervuiling te verminderen. • Subsidies te verstrekken voor bepaalde maatregelen, bijvoorbeeld technieken die lampen om 23 uur automatisch uitschakelen. • Voorbeeldprojecten te starten, bijvoorbeeld met de Koploper-bedrijven. • In gesprek te gaan over het thema met Dorpsbelangen, de Jongerenadviesraad, Ouderenbond, enzovoort.

Sommige daarvan worden al gebruikt, maar diverse zijn nog onbenut. Er zijn dus volop kansen voor Waadhoeke om haar ambitie te realiseren.

beleid

wetten

eigen licht

samenwerking

afsprake n

communicatie

Uitwerking instrumenten en lichtbronnen Op de volgende pagina staat een overzicht van de diverse instrumenten en de rol die de gemeente daarbij speelt. Bij elk type instrument worden concrete voorbeelden genoemd.

Bewustzijn en draagvlak Wetgeving, beleid en handhaving zijn nuttige instrumenten om lichthinder te beperken. De Richtlijn Lichthinder (zie bijlage K) biedt extra houvast.

In deel II van deze beleidsnotitie is dit verder uitgewerkt. Daar wordt per type lichtbron uitgelegd wat de huidige situatie is en welke concrete acties er nodig zijn, zowel door de gemeente als door (andere) eigenaren van verlichting.

Het belangrijkst bij het versterken van donkerte en het voorkomen van lichthinder en lichtvervuiling zijn echter bewustwording, betrokkenheid en draagvlak. Dit begint in de eigen gemeentelijk organisatie. Het is essentieel om de ambities intern te delen. Het gaat hierbij om de werkvelden openbare verlichting, duurzaamheid en sport, maar ook om ruimtelijke ordening, 12

13

DEEL II KEUZES EN ACTIES PER LICHTBRON

Gemeentelijke openbare verlichting B. Kasverlichting C. Sportverlichting D. Aanlichting bezienswaardigheden E. Reclameverlichting F. Verlichting van winkels G. Verlichting van bedrijven(terreinen) H. Open (melkvee)stallen I. Licht van particulieren (inclusief paardenbakken) J. Licht van andere overheden en semi-overheden A.

14

A. GEMEENTELIJKE OPENBARE VERLICHTING Openbare verlichting (OVL) levert een bijdrage aan verkeersveiligheid, rijcomfort, sociale veiligheid, sfeer en herkenbaarheid. Straatverlichting heeft ook nadelen. Het kan hinderlijk bij woningen naar binnen stralen. Bepaalde diersoorten (denk aan vleermuizen, en aan insecten op de straatlampen) worden door licht verstoord. Vanaf het donkere buitengebied is de straatverlichting aan de rand van dorpskernen vaak van grote afstand zichtbaar. Het draagt bij aan oplichting van de (sterren)hemel. Bovendien kost openbare verlichting de gemeente menskracht, geld en energie.

ACTUELE SITUATIE IN WAADHOEKE

Afbeelding: dit type armaturen geeft extra sfeer aan een dorpskern maar geeft ook ongewenste lichtuitstraling zijwaarts en omhoog (Deinum)

Waadhoeke heeft circa 8500 gemeentelijke lichtpunten. Circa 25% hiervan is voorzien van led, 75% van de verlichting is nog conventioneel. In het beheerplan OVL (mei 2020) staat het in stand houden van veiligheid, comfort en kwaliteit tegen zo laag mogelijke kosten centraal. Ook worden circulariteit, energiebesparing en bescherming van donkerte genoemd. De gemeente gaat de komende jaren veel verouderde verlichting vervangen. Dit biedt grote kansen om de kwaliteit van de verlichting te verhogen maar ook om donkerte verder te versterken, lichthinder te voorkomen, en energieverbruik te verminderen. De transitie naar led biedt veel kansen, maar ook risico op meer lichthinder en lichtvervuiling. Dit komt door de scherpere lichtbundel bij led en de trend naar steeds meer en steeds (blauw)witter licht. Het is daarom cruciaal om de juiste keuzes te maken bij vervangingen en bij nieuwe aanleg. De nieuwe verlichting zal immers 40 tot 50 jaar in gebruik blijven.

Afbeelding: deze woonstraat aan de dorpsrand heeft lampen die het licht naar beneden richten om het donkere landschap te beschermen (Menaam)

15

MINDER LICHTVERVUILING/HINDER DOOR OPENBARE VERLICHTING Waadhoeke stelt in dit document een serie beleidskeuzes vast voor de gemeentelijke openbare verlichting, met als doel lichthinder/vervuiling te beperken, de donkerte te versterken en het goede voorbeeld te geven. I.

BELEIDSKEUZES OVL IN WAADHOEKE i.r.t. DONKERTE

Niet verlichten tenzij echt nodig • Openbare verlichting wordt alleen geplaatst waar dit echt noodzakelijk is. Het uitgangspunt is: ‘Niet verlichten, tenzij’. • De weggebruiker heeft zicht nodig. Dat kan soms zonder of met minder licht. Voor veiligheid en geleiding maken we optimaal gebruik van verkeersmaatregelen, reflectiematerialen e.d., ook op fietspaden. • In het buitengebied wordt in principe niet verlicht, tenzij dit voor verkeersveiligheid nodig is én infrastructurele/verkeerstechnische maatregelen niet voldoende zijn. • Openbare verlichting voor sociale veiligheid heeft alleen zin indien sociale controle aanwezig is, anders ontstaat er schijnveiligheid. • Het streven is: geen toename van het aantal lichtpunten in het buitengebied, waar mogelijk worden het er minder.

Links: rondstralend armatuur voor dorpshart, rechts: vlak kofferarmatuur dat het licht goed naar beneden richt (foto’s en armaturen uit andere gemeente)

Niet meer licht dan nodig • Zoals in het beheerplan OVL en de programmabegroting 2020 is opgenomen, is de verlichtingssterkte 20% lager dan de Nederlandse Praktijk Richtlijn NPR13201-1. • Alle nieuwe verlichting wordt gedimd. • Waar het zeer rustig is, wordt in de nacht naar 30% teruggedimd. Dit gaat verder dan het standaard dimregime (50%, zie beheerplan OVL). • De lichtkleur van nieuwe lampen is maximaal 3000 Kelvin, waar mogelijk 2700K. Dit warmere licht is minder storend voor mensen en dieren. • Bij wijze van uitzondering kan voor 4000K worden gekozen waar dit voor de verkeersveiligheid nodig is (bijvoorbeeld bij veel verkeersbewegingen).

Licht goed gericht • De gemeente kiest in de regel vlakke armaturen die het licht goed naar beneden richten, zonder uitstraling boven de horizontaal. • Rondstralende armaturen worden alleen bij uitzondering toegepast (sfeer in een dorpskern versterken, plein verlichten). Directe lichthinder naar woningen wordt voorkomen door de juiste armatuurkeuze of door afschermende maatregelen aan ieder armatuur. De NSVV Richtlijn Lichthinder is ook voor openbare verlichting van toepassing. • In het buitengebied en vanaf kernrandzones wordt licht extra goed gericht en afgeschermd ter behoud van natuur en donker landschap.

Licht nabij natuur • Als verlichting noodzakelijk is nabij de Waddenzee (Natura 2000) en andere gebieden met waardevolle flora en fauna, dan kiest de gemeente een vlak armatuur én passende lichtkleur, lichtpunthoogte, afscherming. • Vanuit de International Dark Sky Association is een warmere lichtkleur (2700K of 3000K) een voorwaarde.

16

II.

CONCRETE VERBETERKANSEN OVL IN WAADHOEKE

Deze paragraaf beschrijft hoe de gemeente de beleidskeuzes in de praktijk kan toepassen. Afbeelding: deze doorgaande straat met woningen heeft ‘koude’ witte verlichting met meer dan 4000K

1: Meer rijcomfort + minder licht in het buitengebied Inventariseer de straatverlichting in het buitengebied en onderzoek wat er eventueel verwijderd kan worden. Overleg met aanwonenden wat de functie van deze lichtpunten is. Kan er verlichting weg? Zijn daarbij infrastructurele maatregelen nodig om het verkeer af te remmen of beter te geleiden?

4: Zachtere lichtkleur/kleurtemperatuur Pas bij een afzonderlijke straat of een groter vervangingsprojecten in een woonwijk of dorpskern een lichtkleur van 2700K toe en onderzoek hoe dit bevalt bij inwoners en weggebruikers.

2: Meer reflectie Maak bij nieuwe inrichting van wegen en fietspaden, zowel binnen als buiten de kom, meer gebruik van reflecterende materialen. Daardoor is er geen of minder openbare verlichting nodig voor een betere geleiding en leesbaarheid van de weg.

Een warmere lichtkleur past bij de donkere omgeving, is minder storend voor veel diersoorten en sluit aan bij de Dark Sky vereisten. Er zit minder blauw licht in 2700 Kelvin. Blauw licht dringt verder door tot de donkere hemel. 5: Vervanging rondstralers door kofferarmatuur Inventariseer waar sprake is van ongewenste lichthinder richting woningen of lichtvervuiling vanuit de kernrandzones of doorgaande wegen richting open landschap, natuurgebied of de (sterren)hemel. Bij vervanging van rondstralers beoordeelt de gemeente of deze 1 op 1 door een nieuwe (led)rondstraler vervangen moeten worden of dat een kofferarmatuur hier meer passend is. 6: In gesprek met bewoners en bedrijven Voorafgaand aan (vervangings)projecten, kan de gemeente in gesprek gaan met de betrokkenen. Geef hen eerst kennis over de voordelen en nadelen van verlichting, en de keuzes die er zijn. Wat vinden ze van licht in hun (woon)gebied: lichttemperatuur, felheid, gelijkmatigheid, dimmen. En willen meer licht op de stoep, het fietspad of juist de hoofdrijbaan? Kortom, welke wensen leven er en hoe past dit in het donkertebeleid? Leg hen alleen keuzeopties voor die passen binnen de gemeentelijke mogelijkheden.

Afbeeldingen: reflectie biedt contrasten bijvoorbeeld zwart wegdek met kattenogen (Waadhoeke) of wegdek voorzien van reflecterende steenslag (een andere gemeente)

3: Verder terugdimmen Beoordeel bij aankomende vervangingsprojecten en nieuwe aanleg of het dimregime uit het beheerplan verder aangescherpt kan worden (bijvoorbeeld naar 30% van de verlichtingssterkte in de nachtelijke uren).

17

B. KASVERLICHTING Assimilatieverlichting is het kunstmatig belichten van gewassen om het groeien bloeiproces te bevorderen. Dit is noodzakelijk voor de glastuinbouw. Deze sector speelt in Waadhoeke een grote rol als het gaat om economie en werkgelegenheid. De gemeente zet dan ook in op behoud en versterking van bestaande glastuinbouwlocaties. Omdat het bij assimilatieverlichting vaak gaat om veel licht gedurende meerdere uren per nacht, zijn er landelijke regels opgesteld. Deze zijn bedoeld om lichthinder voor omwonenden te voorkomen en de duisternis en het donkere landschap te beschermen.

Afbeelding uit ‘Donker waar mogelijk, licht waar nodig, Inventarisatie en analyse lichtbeleid Leeuwarden en Waadhoeke’

ACTUELE SITUATIE IN WAADHOEKE In Waadhoeke zijn er kassen bij Oosterbierum, Sexbierum en Berltsum. De drie glastuinbouwlocaties liggen op respectievelijk 1, 3 en 9 km van de Waddenzee. Opgaand licht uit de kassen draagt bij aan het oplichten van (de hemel boven) het Waddengebied. Met name in de winter is kasverlichting zichtbaar aan het begin van de avond en na middernacht. Om deze vorm van lichtvervuiling zoveel mogelijk te beperken, heeft de gemeente samen met de Natuur en Milieufederatie Friesland, de provincie en de glastuinbouwsector verscherpte afspraken gemaakt over de uitstoot van licht. Dit convenant geldt voor nieuwe én bestaande kassen op het grondgebied van de voormalige gemeente Franekeradeel. De afspraken worden toegelicht op de volgende pagina.

Afbeelding links: kassengebieden bij Berltsum en vooral bij Sexbierum behoren tot de grotere opgaande lichtbronnen van de provincie (Sotto le Stelle, 2020). Afbeelding rechts: de roze vlekken tonen dat het opgaande licht vanuit Sexbierum en Berltsum (en Franeker als stad) is toegenomen in 2019 t.o.v. 2013 terwijl de landelijke gebieden in het noorden en oosten juist minder licht omhoog uitstralen (blauwwit) (Sotto le Stelle, 2020).

18

MINDER LICHTVERVUILING DOOR KASVERLICHTING

verlichtingssterkte. Grotere kassen met meer dan 15.000 lux mogen helemaal niet kieren en schermen het licht de gehele nacht en ochtend met 99% af. In de landelijke wetgeving is dit 98%. De nanacht gaat in op middernacht van november tot en met maart en om 2 uur in de rest van het jaar, net als bij de landelijke regelgeving.

Voor assimilatieverlichting zijn landelijke regels opgesteld. Waadhoeke stelt echter strengere eisen, op basis van het overeengekomen convenant, voor het grondgebied van de voormalige gemeente Franekeradeel. Voor assimilatieverlichting komen landelijke regels in het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal, artikel 4.790) onder de Omgevingswet. Deze leggen vast in welke mate een kas de verlichting moet afschermen. Voor het licht richting de (sterren)hemel gelden andere grenswaarden dan voor het licht dat zijwaarts naar omwonenden of het omringende landschap straalt. Ook is er een onderscheid tussen de eerste helft van de nacht en de nanacht.

AFSPRAAK 3: Licht naar omwonenden en landschap verder afschermen De kassen hebben een installatie die het zijwaartse licht vanuit de gevels voor 100% afschermen. Deze afscherming moet in Franekeradeel de gehele avond en nacht worden ingezet. Landelijk moet de afscherming resulteren in 95% lichtvermindering op 10 meter van de gevel, alleen in de donkerteperiode.

De gemeente Waadhoeke stelt als eis dat assimilatieverlichting in kassen in de voormalige gemeente Franekeradeel voldoet aan het lokale convenant Lichtreductie Glastuinbouw. Hieronder staan kort de belangrijkste afspraken uit dit convenant. AFSPRAAK 1: Nieuwe én bestaande glastuinbouw De afspraken gelden voor nieuwe en bestaande kassen in de voormalige gemeente Franekeradeel.

Afbeelding: de verlichting in deze kas brandt op het moment van de foto niet. De zijgevels weerspiegelen het licht van andere lampen (Berltsum)

Acties gemeente Waadhoeke • Als gesprekspartner: bespreek met bestaande glastuinbouwbedrijven de inhoud van het convenant Lichtreductie Glastuinbouw; monitor de voortgang van de uitvoering in de voormalige gemeente Franekeradeel. Zet in op een soortgelijk convenant voor de gehele gemeente Waadhoeke. • Als ruimtelijke ordenaar: ondersteun waar nodig eventuele uitbreiding van de convenantsafspraken, leg deze ruimtelijk vast waar mogelijk. • Als vergunningverlener: de installatie moet voldoen aan genoemde regels. • Als handhaver: controleer of de juiste afschermingsinstallaties aanwezig zijn en of deze worden ingezet op de juiste tijdvakken.

AFSPRAAK 2: Licht naar boven toe verder afschermen De kassen in de voormalige gemeente Franekeradeel hebben een installatie waarmee ze het opgaande licht voor 99% af kunnen schermen. In de landelijke wetgeving is dit 98%. Deze afscherming moet volledig worden ingezet gedurende de 6 uur durende donkerteperiode van elke nacht. Dit donkerteperiode is gelijk aan de landelijke wetgeving. In de nanacht wil de eigenaar van de kas vaak een deel van de warmte kwijt. Dan mag een kas met 12.000 lux verlichtingssterkte, tot 2,5% ‘kieren’. De landelijke wetgeving staat meer lichtuitstoot toe: ‘slechts’ 75% afscherming is vereist. Het percentage ‘kieren’ in Franekeradeel hangt af van de 19

C. SPORTVERLICHTING Licht is nodig om goed en veilig te kunnen sporten. Ook kan het belangrijk zijn voor de sociale veiligheid rondom de sportaccommodatie. De gemeente Waadhoeke vindt goede sportverlichting daarom essentieel. Het is echter ook één van de lichtbronnen die het meest opvalt als je ’s avonds van het donkere buitengebied naar de kernen kijkt. ’s Nachts verstoort sportverlichting de donkerte niet: het moet namelijk uitgeschakeld zijn als er niet wordt gespeeld én uiterlijk om 23 uur (onder de Wet Milieubeheer).

ACTUELE SITUATIE IN WAADHOEKE Vrijwel iedere dorpskern en vanzelfsprekend de stad heeft een aantal verlichte sportvelden (met name voetbal) met bijbehorende parkeerplaats.

Afbeelding: sportveldverlichting bij de kern Deinum is van een afstand zichtbaar.

De velden zijn op energiezuinige ledverlichting overgestapt of doen dat in de komende periode. De clubs schakelen de veldverlichting uit na afloop van het sporten. De meeste clubs in kleine kernen zijn vóór 22 uur klaar met trainen. Toch is deze lichtbron van belang. Sportverlichting heeft op drie manieren impact op donkerte: • • •

lichthinder → op enkele locaties staan woningen dichtbij een sportveld. Bij wijzigingen worden omwonenden meegenomen in het proces. Ook voor weggebruikers en dieren kan sportverlichting verstorend zijn. donker landschap → sportverlichting is van grote afstand zichtbaar. In Waadhoeke moet worden beoordeeld of sportlampen zo vlak mogelijk afgesteld staan om het landschap zo min mogelijk te vervuilen. sterrenhemel → wit licht dringt verder door dan een ‘warmere’ kleur en vermindert de zichtbaarheid van sterren. Kunstgras reflecteert het licht ook rechtstreeks (zie nachtscan hiernaast). Bij enkele nieuwe installaties is 4000K toegepast, beter dan het vaak geplaatste veel ‘koudere‘ sportlicht.

Nachtscan: de felle lichtgroene vlakken zijn verlichte sportvelden in Minnertsga vanaf de lucht gezien (links tennis, rechts voetbal)

20

MINDER LICHTVERVUILING DOOR SPORTVERLICHTING

Voor nieuwe én bestaande sportverlichting geldt:

De gemeente Waadhoeke stelt als eis dat sportverlichting voldoet aan de NSVV Richtlijn Lichthinder. Zo kun je dat doen bij nieuwe verlichting:

5: Stel de verlichting horizontaal af Een armatuur dat zo horizontaal mogelijk is afgesteld, beperkt lichtvervuiling en voorkomt lichthinder en verblinding bij weggebruikers en omwonenden.

1: Maak een goed lichtplan Eis dat het lichtplan niet alleen rekening houdt met de diverse richtlijnen van sportbonden en NSVV voor de hoeveelheid licht óp het veld. Ook de Richtlijn Lichthinder moet worden toegepast. Hierin staat hoeveel licht er maximaal mag uitstralen naar het open landschap, omwonenden en weggebruikers.

6: Niet meer licht dan nodig Laat alleen de lampen branden die nodig zijn (half veld, keeperstraining). Dim de sportveldverlichting indien mogelijk, bijvoorbeeld tijdens trainingen.

2: Kies een goed armatuur Kies een armatuur dat het licht goed naar beneden richt. Benut bij de aanschaf van de verlichting de kennis van de medewerker voor Openbare Verlichting en de Omgevingsdienst.

7: Tijdig uitschakelen Schakel de sportveldverlichting direct uit na het sporten. Zo gaan de lampen langer mee. Bovendien bespaart het energie(kosten) en draagt dit bij aan donkerte. Schakel ’s nachts ook de parkeerplaatsverlichting uit.

3: Let op de kleurtemperatuur Veel sportclubs kiezen voor zeer wit licht (5000 of 6000 Kelvin) waarmee je minder armaturen nodig hebt voor dezelfde hoeveelheid licht op het veld. De kosten voor aanschaf en energie zijn daarmee lager. Dit witte licht heeft echter meer impact op de omgeving qua directe lichthinder en lichtvervuiling dan een warmere lichtkleur. De gemeente Waadhoeke heeft daarom bij nieuwe sportverlichting daarom de voorkeur voor 4000 Kelvin.

Acties gemeente Waadhoeke • Als gesprekspartner: maak sportverenigingen bekend met/bewust van het donkertebeleid en maak afspraken over gedrag en installatie. Inventariseer of het trainingsschema om 22 uur afgerond kan zijn. • Als ruimtelijke ordenaar: sta voldoende masthoogte toe zoals genoemd onder punt 4. Het toekomstige omgevingsplan legt vast: 1) dat veldverlichting uitgeschakeld moet zijn als er niet wordt gesport 2) na welk tijdstip de verlichting altijd uit moet zijn in Waadhoeke. Onder de Wet Milieubeheer is dit standaard 23 uur voor heel Nederland, voor Waadhoeke is mogelijk 22 uur passend. • Als vergunningverlener: eis bij een nieuwe of te wijzigen vergunning dat het verlichtingsplan ook voldoet aan de Richtlijn Lichthinder (niet alleen aan de beter bekende richtlijnen voor óp het veld). • Als handhaver: controleer de horizontale afstelling (voer zo nodig metingen uit) en de tijdige uitschakeling van sportveldverlichting.

4: Let op masthoogte Bespaar niet op mastlengte en sta in ruimtelijke plannen voldoende masthoogte toe. Bij een lage lichtpunthoogte zijn meer lichtmasten nodig of worden lampen schuin geplaatst. Hogere lichtmasten zijn van grotere afstand te zien, maar hierbij kun je licht naar beneden richten en zo toch het midden van het veld verlichten. De lichtvervuiling is daardoor per saldo minder.

21

D. AANLICHTING BEZIENSWAARDIGHEDEN Het aanlichten van een bezienswaardigheid, zoals een kerk, molen of de gevels in het centrumgebied, kan de sfeer en identiteit van een dorpskern versterken. Zo kan de bezienswaardigheid ook in de avond een herkenbaar baken zijn voor de eigen inwoners en voor gasten. Vanzelfsprekend moet de aanlichting een sfeer neerzetten die past bij de omgeving. Het licht straalt zo min mogelijk langs het object heen om het donkere landschap en de (sterren)hemel te beschermen.

ACTUELE SITUATIE IN WAADHOEKE In de meeste dorpskernen zijn kerken aangelicht door het kerkbestuur. Daarnaast licht de gemeente soms gebouwen aan. In alle gevallen is het belangrijk dat er rekening wordt gehouden met de omgeving, lichthinder en lichtvervuiling. Ook duurzaamheid en energiebesparing spelen een rol. Tot nu toe werden hier geen eisen aan de gesteld door de gemeente Waadhoeke. Vaak verlicht een beperkt aantal spots het object vanaf de grond. In dat geval is er sprake van ongewenste lichtvervuiling richting de sterrenhemel. De kerk in Sint Annaparochie staat zelfs de gehele nacht vol in het licht. In Franeker zijn de gevels in het centrumgebied aangelicht volgens een vast concept: een uithouder met een standaard schijnwerper is op de gevel gemonteerd. De mooie details van de gevels worden zo weinig zichtbaar en het geeft veel lichthinder en lichtvervuiling. In de Lichtvisie Centrum Franeker wordt hier aandacht aan besteed. Afbeelding boven: verlichte kerken versterken de herkenbaarheid van een dorpskern. Omhoog stralend licht kan echter ook lichtvervuiling veroorzaken. (foto: Menaam) Afbeelding beneden: oude aanlichting van gevels in het centrum van Franeker (foto: Nederlands Licht Instituut t.b.v. Lichtvisie Franeker)

22

MINDER LICHTVERVUILING DOOR AANLICHTING

5: Tijdig uitschakelen Aanlichting heeft alleen een functie op tijden dat er voldoende mensen op straat zijn om er van te genieten. De gemeente gaat in gesprek met eigenaren van aanlichting. Er kan een tijdstip van uitschakeling worden afgesproken. Het streven hierbij is: uitschakelen om 23 uur. Ook is de vraag of de aanlichting in de ochtend ook wordt aangeschakeld of alleen in de avond.

De gemeente vindt het belangrijk dat aanlichting van bezienswaardigheden voldoet aan de NSVV Richtlijn Lichthinder. Zo doe je dat als eigenaar: 1: Maak een goed lichtplan Een goed lichtplan zorgt ervoor dat een aangelicht object qua sfeer, karakter en intensiteit past in de omgeving. Geef de lichtontwerper als randvoorwaarde mee om lichthinder, lichtvervuiling en onnodig energieverbruik te voorkómen. Bij eventuele hinder van lampen naar omwonenden of verkeersdeelnemers geldt de Richtlijn Lichthinder (zie paragraaf 7.4, Richtlijn Lichthinder 2020). 2: Verlicht zoveel mogelijk van boven naar beneden en van binnenuit Subtiele en bescheiden verlichting van bovenaf en/of van binnenuit kan mooie details van de bezienswaardigheid benadrukken. Dit zorgt tegelijkertijd voor zo min mogelijk lichtvervuiling richting de (sterren)hemel. Vaak wordt voor de goedkope en eenvoudige oplossing gekozen van enkele (felle) stralers die vanaf de grond het gehele object aanlichten. Hierdoor komen de bijzondere delen niet mooi uit én een groot deel van het licht straalt onbedoeld langs het object heen omhoog.

Afbeelding: met stralers vanaf de grond worden vaak bomen en de (sterren)hemel ongewenst meeverlicht. Unieke gebouwdetails krijgen niet de aandacht die zij verdienen (Minnertsga).

3: Houd rekening met de reflectiewaarde van het object Een lichtgekleurd of metalen object heeft veel minder aanlichting nodig dan een donker object. De Richtlijn Lichthinder biedt grenswaarden voor de verlichtingssterkte bij verschillende materialen en kleuren van het object (Tabel 7.5 en bijlage 4, Richtlijn Lichthinder 2020).

Acties gemeente Waadhoeke • Als gesprekspartner: maak partijen die aanlichten bekend met het Donkertebeleid. Maak afspraken over het tijdstip van uitschakeling en vraag om een lichtplan als aanlichting wordt vernieuwd. • Als ruimtelijke ordenaar: bij het maken van een dorpsplan, centrumvisie of beeldkwaliteitsplan wordt de aanlichting beschreven conform dit donkertebeleid. • Als vergunningverlener: neem bovengenoemde eisen mee bij de beoordeling van een lichtplan. Openbare Verlichting kan adviseren.

4: Kleur en lichtsterkte Het is prettig voor mens en dier dat de kleur van het licht en de lichtsterkte passen bij de bezienswaardigheid en de omgeving. In vrijwel alle gevallen zijn felle kleuren en knipperend licht niet passend en daarom niet toegestaan. Dit is overeenkomstig het reclamebeleid binnen de Welstandsnota (2019). 23

E. RECLAMEVERLICHTING Verlichte reclames en andere vormen van verlichting voor het promoten van diensten of producten geven ondernemers zichtbaarheid. Dit kan gaan om kleine individuele borden, bijvoorbeeld aan de gevel van een winkel. Maar ook led-schermen op zichtlocaties. Verlichte reclame kan sfeerbepalend zijn in winkelgebieden en op bedrijventerreinen. Reclameverlichting kan leiden tot ongewenst energieverbruik, lichtvervuiling en directe hinder. Zeker bij felle kleuren, wisselende of knipperende beelden, kan reclame hinderlijk zijn voor omwonenden en verkeer.

ACTUELE SITUATIE IN WAADHOEKE In Waadhoeke zijn enkele verlichte reclameborden en aangelichte gevels met

bedrijfsnamen. Het is niet toegestaan om lichtreclames aan de gemeentelijke lichtmasten te bevestigen De gemeentelijke Welstandsnota (2019) geeft het belang aan van behoud van de kwaliteit van de openbare ruimte in algemene zin, en specifiek van beschermde stads- en dorpsgezichten en monumenten. De reclamecriteria in Hoofdstuk 5 geven aan dat reclame ‘ingetogen’ moet zijn overeenkomstig de architectuur en de omgeving. Specifiek over verlichting is in de Welstandsnota bepaald: • • •

geen knipperende, bewegende of (daglicht)reflecterende reclame geen lichtcouranten en beeldschermreclame geen lichtbakken haaks op de gevel Afbeeldingen: winkels en andere bedrijven gebruiken licht om reclame te maken en de aandacht op zich te vestigen. Dit licht kan uit als er nog maar weinig mensen buiten zijn.

24

MINDER LICHTVERVUILING DOOR RECLAMEVERLICHTING

Voor nieuwe én bestaande reclameverlichting geldt:

De gemeente Waadhoeke stelt als eis dat reclameverlichting voldoet aan Gemeentelijke Welstandsnota en de Richtlijn Lichthinder (NSVV, 2020).

5: Niet meer licht dan nodig, dimmen Bij de aanschaf is het noodzakelijk om te letten op de hoeveelheid licht: deze moet voldoen aan de Richtlijn Lichthinder. Vaak kan reclameverlichting worden gedimd. Zeker als later op de avond het omgevingslicht afneemt, is reclame nog prima zichtbaar met minder lichtsterkte.

Hieronder staan acties om lichthinder en -vervuiling te beperken. 1: Goed lichtplan opstellen Wie verlichte reclame plaatst, moet zich bewust zijn van de impact op de omgeving: op woningen, verkeersdeelnemers, de sfeer en donkerte. De gemeente controleert of het lichtplan voldoet aan bovenstaande publicaties.

6: ’s Avonds laat en ’s nachts uitschakelen Reclame heeft alleen een functie als er voldoende mensen op straat zijn. Anders zorgt het voor onnodige lichthinder, -vervuiling en energieverbruik. De gemeente gaat in gesprek met eigenaren van reclameverlichting om dit Donkertebeleid en de Welstandsnota toe te lichten. Er kan een tijdstip van uitschakeling van lichtreclames worden afgesproken. Het streven hierbij is: uitschakelen om 23 uur.

2: Bescheiden reclameverlichting die bij de omgeving past De vorm, kleur en verlichtingssterkte moeten goed zijn afgestemd op de omgeving. Er wordt gericht verlicht met energiezuinige lampen, die worden uitgeschakeld in de late avond. De lichthinder en lichtvervuiling is zo beperkt mogelijk. Ook als er geen vergunningplicht is, kan een ondernemer bij de gemeente advies vragen voor aanschaf.

Acties gemeente Waadhoeke • Als gesprekspartner: maak bedrijven en winkels bewust van dit beleid, vraag om bescheiden verlichting en bespreek tijdstip van uitschakelen. • Als ruimtelijke ordenaar: leg eventuele tijdsafspraken over uitschakeling vast via gemeentelijke regelgeving. Bij voorkeur wordt in een gemeentelijk plan benoemd dat reclameverlichting moet voldoen aan de hieronder opgesomde landelijke regels en richtlijnen én wordt besloten of etalageverlichting in Waadhoeke ook onder reclame valt. • Als vergunningverlener: bij vergunningaanvragen maakt de gemeente gebruik van de ‘Handreiking vergunningverlening & toetsing lichtreclame voor de aanvrager en vergunningverlener (OVLNL, 2020)’ waarvoor een ‘Model Aanvraag Reclameobject’ kan worden opgevraagd bij OVLNL. Ook gelden de regels uit ‘Reclame langs wegen’ (CROW, 2017) en ‘Beoordeling van objecten langs autosnelwegen’ (RWS, 2019). • Als handhaver: voer bij vermoeden van hinder of onnodige vervuiling, lichtmetingen uit op basis van de Richtlijn Lichthinder.

3: Geen bewegende beelden en geen knipperend licht De gemeentelijke Welstandsnota staat geen bewegende, knipperende of (daglicht)reflecterende reclame toe. Er zijn geen lichtcouranten of beeldschermreclames toegestaan en lichtbakken mogen niet haaks op de gevel. Bij bedrijven zijn lichtbakken toegestaan en mogen borden en letters worden aangelicht. Aan gemeentelijke lichtmasten worden geen verlichte reclamebakken toegestaan. 4: Armaturen goed wegwerken en goed gericht Lichtbronnen zijn afgeschermd zodat je er niet rechtstreeks inkijkt. Waar van toepassing: het licht dient zoveel mogelijk van boven naar beneden te stralen om uitstraling naar de hemel (zoals op afbeelding hiernaast) te voorkomen.

25

F. VERLICHTING VAN WINKELS Verlichting van etalages en gevels helpt bij het vergroten van de zichtbaarheid van de winkel en de aangeboden producten. Ook draagt het bij aan het neerzetten van de gewenste sfeer. Binnenverlichting is van belang om te kunnen werken. Sommige lampen zijn bedoeld voor inbraakpreventie. Vanzelfsprekend heeft ook winkelverlichting nadelen. Naast energieverbruik is er ook vaak sprake van onnodige lichtuitstoot en soms zelfs directe lichthinder.

ACTUELE SITUATIE IN WAADHOEKE In Waadhoeke zijn de meeste winkels bescheiden verlicht. In de avond en nacht zijn enkele felverlichte etalages zichtbaar en binnenverlichting van winkels. Dit speelt vanzelfsprekend vooral in Franeker en Sint-Annaparochie. Opvallend zijn de supermarkten en bouwmarkten. Vaak zijn ze volgens een landelijk vastgelegde huisstijl verlicht, wat in het donkere Waadhoeke overdadig kan zijn. In de gemeentelijke Welstandsnota van Waadhoeke staan regels voor reclameverlichting. In deze nota is onder andere vastgelegd: • • •

geen knipperende, bewegende of (daglicht)reflecterende reclame geen lichtcouranten en beeldschermreclame geen lichtbakken haaks op de gevel

Afbeeldingen: etalageverlichting kan onnodig lichtvervuiling geven (de onderste foto is gemaakt door het Nederlands Licht Instituut t.b.v. Lichtvisie Franeker)

26

MINDER LICHTUITSTRALING VANUIT WINKELS De eisen inzake reclameverlichting zijn te vinden in hoofdstuk E van dit document. Daarnaast gelden de onderstaande voorwaarden. 1: Bescheiden verlichting De gemeente verwacht van winkeliers dat zij kiezen voor passende en bescheiden verlichting in etalages en binnen in de winkel. De gemeente vraagt om zeer terughoudend om te gaan met aanlichting van de volledige gevel, zeker als er geen sprake is van aanlichting van de naam van het bedrijf. 2: Tijdig uitschakelen De gemeente verzoekt winkeliers om alle verlichting uit te schakelen op tijden dat er weinig publiek meer is. Verlichting bedoeld voor veiligheid, functioneert het beste op een aanwezigheidsmelder én in combinatie met een camera. De gemeente gaat in gesprek met de winkeliers(verenigingen), spreekt over veiligheid, over verlichting die naar buiten straalt en bespreekt het tijdstip van uitschakelen. Het streven hierbij is: uitschakelen om 23 uur.

foto Nederlands Licht Instituut t.b.v. Lichtvisie Franeker

Acties gemeente Waadhoeke • Als gesprekspartner: maak winkels(verenigingen) bekend met/bewust van het donkertebeleid, ga in gesprek over een tijdstip om etalage- en overige winkelverlichting uit te schakelen. Adviseer hen om verlichting bedoeld voor veiligheid, op aanwezigheidsdetectie te plaatsen. • Als ruimtelijke ordenaar: in beeldkwaliteitsplannen of dorpsvisies beschrijven hoe de ruimtelijke kwaliteit ook in de avond en nacht wordt geborgd, vraag waar nodig om een lichtplan. Eventuele afspraken over uitschakeling kunnen in het omgevingsplan worden vastgelegd. • Als vergunningverlener: bij nieuwe of uitbreiding van winkels is vaak sprake van extra verlichting. Vraag om een verlichtingsplan en maak gebruik van het hoofdstuk ‘reclameverlichting’ in dit Donkertebeleid, de gemeentelijke Welstandsnota en de landelijke Richtlijn Lichthinder. • Als handhaver: bij vermoeden van hinder voor omwonenden/ weggebruiker, of van onnodige vervuiling: voer lichtmetingen uit op basis van de Richtlijn Lichthinder.

3: Winkelketens: is de huisstijl passend? Er zijn bedrijven die deel uitmaken van een keten. De gevel- en binnenverlichting is vaak volgens de landelijk of zelfs internationaal voorgeschreven huisstijl. De hoeveelheid licht past prima in een grote stad of op een druk bedrijventerrein, maar kan overdadig zijn in verhouding tot de natuurlijke donkerte van Waadhoeke. De gemeente vraagt bedrijven die deel uitmaken van een keten om met het moederbedrijf in gesprek te gaan over dimmen en uitschakelen. 4: Parkeerverlichting bij winkelgebieden De meeste verlichting op parkeerplaatsen bij winkelgebieden is in eigendom van de gemeente. Soms kan het ook van individuele bedrijven zijn. De gemeente gaat na of de parkeerplaatsverlichting enkele uren na openingstijden kan worden uitgeschakeld of vergaand teruggedimd. 27

G. VERLICHTING VAN BEDRIJVEN(TERREINEN) Verlichting van binnenruimten en soms ook het buitenterrein is nodig voor bedrijven om goed en veilig te kunnen werken. Sommige verlichting is bedoeld tegen inbraak. Daarnaast verlichten veel bedrijven hun bedrijfsnaam of de gehele gevel voor zichtbaarheid. Verlichting heeft dan ook een relatie met marketing, economie en sociale veiligheid. Vanzelfsprekend heeft ook bedrijfsverlichting nadelen. Naast energieverbruik is er ook vaak sprake van onnodige lichtuitstoot richting (sterren)hemel en open landschap, en soms zelfs directe lichthinder voor omwonenden of verkeersdeelnemers.

ACTUELE SITUATIE IN WAADHOEKE Zichtbaar in de avond en nacht zijn enkele bedrijven die hun eigen terrein hebben verlicht, ook in de uren dat er niet meer wordt gewerkt. Veel bedrijven hebben verlichting op de gevel om de naam of de gehele gevel in het zicht te zetten. Hiervoor gelden de reclameregels uit de gemeentelijke Welstandsnota. Bij bedrijven(terreinen) waar problemen zijn met inbraak, wordt vaak voor een mix aan maatregelen gekozen, zoals camera′s die ook bij weinig licht goed beeld geven, hekwerk, alarminstallatie, beveiligingspersoneel, en verlichting. Verlichting ondersteunt maar biedt op zichzelf geen veiligheid zonder de andere vormen van toezicht. Licht kan inbrekers ook juist helpen om gemakkelijker hun slag te slaan, te zien waar interessante spullen liggen en waar ze naar binnen kunnen. Een lamp die met aanwezigheidsdetectie aanspringt, valt vaak meer op. De camera kan hieraan gekoppeld worden.

Afbeelding: bedrijfsverlichting in Waadhoeke

28

MINDER LICHTUITSTRALING VANUIT BEDRIJVEN(TERREINEN)

Acties gemeente Waadhoeke • Als gesprekspartner: maak bedrijven(verenigingen) bekend met/bewust van het donkertebeleid, spreek af om buitenverlichting uit te schakelen zodra dit geen functie meer heeft. Ga in gesprek over veiligheid en de mogelijkheid om te werken met aanwezigheidsdetectie en camera’s. • Als ruimtelijke ordenaar: in beeldkwaliteits- en herinrichtingsplannen beschrijven hoe ruimtelijke kwaliteit ook in de avond en nacht wordt geborgd. Bij voorkeur wordt in gemeentelijke plannen vastgelegd dat bedrijfsverlichting wordt uitgeschakeld na sluitingstijd of zodra het licht geen functie meer heeft, en dat bij nieuwe bedrijventerreinen/ herstructurering de lichtuitstraling moet voldoen aan de richtlijnen van de omliggende gebieden (zie bijlage over Richtlijn Lichthinder). • Als vergunningverlener: bij nieuwe of uitbreiding van bedrijven is vaak sprake van extra verlichting. Vraag om een verlichtingsplan en maak gebruik van het hoofdstuk ‘reclameverlichting’ in dit Donkertebeleid, de gemeentelijke Welstandsnota en de landelijke Richtlijn Lichthinder. • Als handhaver: bij vermoeden van hinder voor omwonenden/ weggebruikers, of van onnodige vervuiling: voer lichtmetingen uit op basis van de NSVV Richtlijn Lichthinder.

De eisen inzake reclameverlichting zijn te vinden in hoofdstuk E van dit document. Daarnaast gelden de onderstaande voorwaarden. 1: Bescheiden verlichting, ook op de gevel De gemeente verwacht van bedrijven dat zij kiezen voor het passend en bescheiden verlichten van hun terrein, gevels en entree. Onderdeel hiervan is dat niet de hele gevel wordt verlicht, maar dat hooguit de naam van het bedrijf zichtbaar is in de avonduren. Ook is het niet de bedoeling dat er felle binnenverlichting van binnen naar buiten straalt. 2: Tijdig uitschakelen De verlichting dient na sluitingstijd uit te worden geschakeld of al eerder zodra de verlichting geen functie heeft. Verlichting bedoeld voor veiligheid, functioneert op een aanwezigheidsmelder én in combinatie met een camera. De attentie- en afschrikkende waarde is hoger als de verlichting voor veiligheid, aanspringt als er iets aan de hand is. 3: Terreinverlichting, niet meer dan nodig Bedrijven waar buiten gewerkt wordt, hebben op hun terrein vaak veel en felle verlichting. De armaturen moeten horizontaal staan afgesteld en het licht goed naar beneden richten. Als lagere lichtpunthoogten worden gebruikt, dan zijn er meer masten nodig om het terrein volledig te verlichten. Zodra het licht geen functie heeft (dus: als er niet buiten wordt gewerkt), dient de verlichting te worden uitgeschakeld.

Andere acties zijn: alleen het deel van het terrein verlichten waar gewerkt wordt en verlichting dimmen indien mogelijk. De gemeente gaat in gesprek over een tijdstip van uitschakelen van bv. reclames. 4: Bedrijfsketens, is de huisstijl passend? Er zijn bedrijven die deel uitmaken van een keten. De gemeente vraagt deze om met het moederbedrijf in gesprek te gaan over dimmen en uitschakelen. Voor meer informatie hierover zie hoofdstuk H, ‘verlichting van winkels’.

Afbeeldingen: het autobedrijf (links) is vanaf de grond maar ook vanaf de lucht gezien zeer zichtbaar. De wazige streep onder het oplichtende gebouw is de straatverlichting (rechts, nachtfoto vanuit de lucht, Miramap)

29

H. VERLICHTING VAN OPEN (MELKVEE)STALLEN Om de leefomstandigheden van de dieren te verbeteren, zijn stallen de afgelopen decennia meer open geworden. Stalverlichting is nodig ter ondersteuning van de werkzaamheden. Met name bij melkveehouderijen dient kunstlicht ter vergroting van de melkproductie. Nadeel is dat door de grote openingen niet alleen frisse lucht naar binnen komt, maar ook licht naar buiten schijnt. In sommige agrarische gebieden zijn melkveestallen de meest opvallende lichtbron in het nachtelijk landschap.

ACTUELE SITUATIE IN WAADHOEKE In Waadhoeke zijn diverse verlichte open stallen. Deze zijn voorzien van grote openingen waaruit vaak wit licht straalt naar de omgeving. Gedurende minimaal 6 uur per nacht wordt het licht uitgeschakeld, van 23 tot 5 uur. Soms blijft een waaklicht branden, deze valt soms toch nog op in het verder donkere buitengebied.

Open stal in de gemeente Waadhoeke in de nacht. Het grootste deel van de verlichting is op dit moment al uitgeschakeld.

Stalverlichting kan op drie manieren impact op donkerte hebben: • • •

sterrenhemel → horizontaal uitstralend licht verlicht de donkere hemel landschapsvervuiling → in open landschap is een lichte streep zichtbaar lichthinder → bij een grotere stalopening met fel wit licht kijk je naar een groot helder vlak én mogelijk ook in de individuele lampen

De Welstandsnota van Waadhoeke geeft aan dat in het buitengebied nieuwe bedrijfsgebouwen een verlichtingsplan moeten opstellen om de uitstraling naar het landelijk gebied te beperken tot een minimum. Daarnaast eist Waadhoeke dat de verlichting van melkstallen voldoet aan het convenant ‘Storende Lichtemissie Melkveestallen’ (2015).

Deze stalverlichting is (blauw)wit en erg fel. De lichtbronnen zijn niet weggewerkt en het witte staldoek verspreidt het witte licht, maar houdt het niet tegen. Deze stal is in open landschap van grote afstand zichtbaar (andere gemeente)

30

MINDER LICHTVERVUILING DOOR STALVERLICHTING

Ook bestaande stallen kunnen maatregelen treffen. Voor nieuwe én bestaande stalverlichting geldt:

De gemeente Waadhoeke eist dat alle nieuwe verlichting voldoet aan het convenant ‘Storende Lichtemissie Melkveestallen’ (2015). LTO Noord en de noordelijke Milieufederaties spraken daarbij af dat ook in bestaande stallen in 2022 de lichtuitstoot zoveel mogelijk moet zijn verminderd.

4: Stalverlichting uitschakelen tussen 23 en 5 uur Het technische document geeft aan dat het tussen 23 en 5 uur donker moet zijn met een verlichtingssterkte van max 5 lux. Wageningen Universiteit geeft aan dat melkvee minimaal 6 uren donkerte per etmaal nodig heeft.

Het bij het convenant horende technische document beschrijft hoe een stal, bij nieuwbouw en renovatie, goed verlicht kan worden voor de bedrijfsvoering, terwijl de lichtvervuiling beperkt blijft.

5: Scherm het licht af met bijvoorbeeld een heg Tot 23 uur en na 5 uur kan het licht branden om de melkproductie te stimuleren. Hoe groter de opening van de stal, hoe groter het verlichte oppervlak dat zichtbaar is vanaf het donkere landschap en voor omwonenden. Een landschappelijke element, zoals een heg, bomenrij of grondopslag, kan het licht aan het zicht onttrekken.

1: Goed bouwplan is nodig voor een goed lichtplan Het bouwplan van een nieuwe stal moet dusdanig zijn dat het mogelijk is om qua lichtuitstoot te voldoen aan het technische document. Het gaat daarbij om de directe zichtbaarheid van de lampen én om het verlichte vlak dat zichtbaar is door de opening.

6: Een donker stalgordijn houdt het licht beter binnen Er mag niet meer dan 5 lux verticale verlichtingssterkte meetbaar zijn bij de openingen. Dit is mogelijk zonder stalgordijn, bij goed geplaatste armaturen. Bij gebruik van een stalgordijn, beveelt het technische document een donkergekleurde aan (vaak zwart, antraciet of groen). Met een wit stalgordijn is deze eis niet haalbaar. Van buitenaf wordt een groot wit vlak zichtbaar met een hogere helderheid dan zonder het doek.

2: Kies een goed armatuur en lagere kleurtemperatuur TL-buizen stralen volop licht zijwaarts naar buiten. Tegenwoordig zijn vlakke armaturen verkrijgbaar die uitstraling naar buiten voorkomen. Het technisch document schrijft voor dat het armatuur zo is afgeschermd dat er geen licht uitstraalt boven de horizontaal (‘niet boven 90 graden met de verticaal’). 3: Armaturen goed uit het zicht plaatsen Het technische document zegt ook dat lichtbronnen zo gepositioneerd moeten zijn dat je van buitenaf er niet inkijkt. De onderkant van ieder armatuur hangt minimaal een meter boven de goothoogte. Anders is het armatuur zo afgeschermd dat geen licht boven 80 graden met de verticaal straalt. Armaturen hangen minimaal 5 meter van elke zijmuur af.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=waadhoeke&id=54e8192b-71da-4cad-8acb-6561247254d5