CConstaterende datVught
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage - Welstandsnota Helvoirt gemeente Vught

Raadsvergadering 2 maart 2023, gemeente VughtBij agendapunt: Vaststellen Welstandsnota Helvoirt, gemeente Vught, beeldkwaliteitsplannen, typologiekaart en overige bijlagen19.568 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

H3.1 Historische bebouwingslinten De Dijk Ten oosten van de kern Helvoirt, aan een gedeelte van het voormalige tracé van de rijksweg Tilburg-Den Bosch, is de voormalige tolpostnederzetting ‘’De Dijk’’ gelegen. De herberg uit 1800 resteert nog evenals aan de zuidzijde van de weg opgetrokken langgevelboerderijen. Deze boerderijen zijn opgebouwd uit één laag met zadeldak. De boerderijen zijn met de lange zijde aan de weg gelegen. De weg is hoger gelegen en voorzien van een laanbeplanting van eiken. Wellicht dankzij de verlegging van het tracé van de rijksweg zijn de structuur en het bebouwingsbeeld van De Dijk gaaf bewaard gebleven.

86

Aandachtsgebieden Deze gebieden zijn aangewezen als aandachtsgebied cultuurhistorie, omdat aan deze historische linten meerdere rijks- of gemeentelijke monumenten of panden van cultuurhistorisch belang zijn gelegen. Criteria Voor de bebouwing aan de Historische bebouwingslinten (H3.1) gelden aparte criteria. In onderstaand schema zijn deze gebiedsgerichte criteria aangegeven. Voor de uitgangspunten bij historische boerderijen wordt verwezen naar bijlage 4 van deze nota.

87

Gebiedsgerichte criteria voor Historische bebouwingslinten in Helvoirt, gemeente Vught – H3.1

Hoofdaspecten

Er zijn twee typen hoofdbouwmassa’s in het gebied te onderscheiden: Type A: langwerpige boerderijachtige bouwmassa’s met een van oorsprong agrarische functie. Type B: kleinere staaf- en blokvormige bouwmassa’s met een niet agrarische functie. Plaatsing en situering: • De bestaande rooilijn dient gerespecteerd te worden. • Aansluiten bij de gebogen, op de weg gerichte rooilijn. • Oriëntatie evenwijdig aan de straat (langsrichting). • De panden staan met het “gezicht” (voorgevel en/of in het zicht staande zijgevels) gericht naar de straat. • Hoofdbebouwing is gesitueerd op de kop van de kavel. • Het bouwplan moet passen in de omgeving waarbij bestaande ‘’groene’’ kwaliteiten (zoals bosen houtopstanden, laanbeplantingen e.d.) worden gerespecteerd. Massavorm: • Per erf of kavel is er één hoofdbouwmassa. • Toepassen van eenvoudige bouwmassa’s: • Type A: staafvormig, liggend • Type B: staafvormig liggend en blokvormig. • Hoogtevariatie van 1 tot 1,5 bouwlagen handhaven, afstemmen op bebouwingshoogte van de omgeving. • Toepassen van een passende kapvorm en –richting bij bouwvorm en omgeving: • Type A: forse kappen: zadeldak (met wolfseind) of schilddak. • Type B: zadeldak, schilddak of een afgeleide van dit daktype. • Kaprichting afhankelijk van de oriëntatie en de bouwvorm.

Gevelopbouw: • Handhaven bestaande gevelopbouw: voorgevel van het hoofdgebouw bestaat uit één geheel, maar is te onderscheiden in een dakgedeelte en onderstuk, eventueel uitgevoerd met plint. Materiaalkeuze (hoofdvlakken): • Aansluiten bij de materialen die in de omgeving worden gebruikt. Kleurgebruik (hoofdvlakken): • Aansluiten bij de kleuren die in de omgeving worden gebruikt.

88

Deelaspecten

Compositie massa-onderdelen en gevelindeling: • Handhaven bestaande geleding van de voorgevel: voorgevel van het hoofdgebouw heeft veelal een verticale geleding. • Gebruik van staande ramen. • Handhaven bestaande gevelindeling: de voorgevel van het hoofdgebouw bestaat uit één geheel, maar is te onderscheiden in dak(opbouw) en onderstuk. Vormgeving gevelelementen: • Plasticiteit in de voorgevel dient beperkt te worden. Materialen (onderdelen): • Kozijnen; hout of goedgelijkende andere materialen. • Dakbedekking: gebakken pannen of riet. • Gevel: bakstenen, al dan niet voorzien van stucwerk of pleisterwerk. Kleuren (onderdelen): • Ramen en kozijnen: lichtgeel/roomwit. • Deuren: donkergroen. • Gevel: aardkleuren. • Dakbedekking: aansluiten bij dakopbouwkleur in omgeving. Detaillering onderdelen: • Bij renovatie of nieuwbouw wordt zorgvuldig omgegaan met de detaillering van de kap, de gevelopeningen en het metselwerk. • Authentieke detailleringen zoals overstekken, geaccentueerde lijsten en siermetselwerk dienen bij verbouw te worden behouden.

•

•

• •

89

Voor percelen gelegen binnen meerdere gebiedstypen geldt het gebiedstype waarbinnen de huisnummering van die percelen, zoals vastgelegd op de gemeentelijk huisnummerkaart, is gelegen. Ondergeschikte onderdelen van een totaal bouwplan, zoals bijbehorende bouwwerken en dakkapellen, worden in één welstandstoets getoetst aan zowel de relevante gebiedsgerichte criteria als aan de objectcriteria. Zodra bijbehorende bouwwerken vergunningsplichtig zijn in het kader van de omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen, zijn de objectcriteria van toepassing Zodra dakkapellen vergunningsplichtig zijn in het kader van de ongevingsvergunning voor de activiteit bouwen, zijn de objectcriteria van toepassing.

H3.2 Jonge bebouwingslinten Helvoirtseweg De bebouwing aan de Helvoirtseweg bestaat uit boerderijbebouwing en woonhuizen. De bebouwing ligt verspreid aan deze wegen. De (langgevel)boerderijen bestaan uit één laag en hebben uiteenlopende dakvormen. Er komen zowel boerderijen met zadeldaken als schilddaken voor. Naast de boerderij staat op het erf vaak een aantal bijgebouwen in de vorm van stallen, schuren en bedrijfsgebouwen. De woonhuizen zijn vaak eveneens uit één laag opgebouwd. De woonhuizen zijn veelal voorzien van een zadeldak.

De Gijzel De lintbebouwing aan De Gijzel bestaat uit verspreid liggende boerderijen, waaronder de langgevelboerderij. De boerderijen bestaan uit één laag en hebben veelal een mansardekap. Ook het wolfsdak en het zadeldak zijn veel voorkomende kapvormen. De boerderijen zijn veelal aan de weg gelegen. De bijgebouwen, zoals de stallen schuren en de bedrijfsgebouwen, zijn doorgaans op het achtererf gelegen. Heikant De lintbebouwing aan deze weg bestaat voornamelijk uit kort- en langgevelboerderijen. Daarnaast staat er een aantal woonhuizen. De boerderijen zijn veelal uit bakstenen opgebouwd en bestaan uit één laag met uiteenlopende kapvormen. Het zadeldak domineert echter. Op het erf van de boerderijen is vaak een aantal bijgebouwen (schuren, stallen, bedrijfsgebouwen, etc) aanwezig. De woonhuizen zijn eveneens vaak uit één bakstenen laag opgebouwd. De woonhuizen zijn afgedekt met schilddaken, mansardekappen en zadeldaken. Aan de Heikant ligt het Mariakapelletje. Deze bestaat uit één laag met een pannen zadeldak. Udenhoutseweg en Gijzelsestraat De bebouwing aan de Udenhoutseweg bestaat voornamelijk uit agrarische lintbebouwing. De bebouwing bestaat veelal uit langgevelboerderijen. De agrarische functie in deze boerderijen is bij een aantal boerderijen verdwenen. Op het erf van de boerderijen staan hier en daar een of meer bijgebouwen, zoals stallen, schuren en bedrijfsgebouwen.

De boerderijen zijn opgebouwd uit één laag met veelal een rieten zadeldak. De zadeldaken zijn vaak uitgerust met schild- of wolfseind. Naast boerderijen komen er ook enkele woonhuizen voor. Deze woningen zijn veelal opgebouwd uit één laag van baksteen en hebben vaak mansardekappen.

90

Aandachtsgebieden Een aantal van deze gebieden is aangewezen als aandachtsgebied cultuurhistorie, omdat aan deze historische linten meerdere rijks- of gemeentelijke monumenten of panden van cultuurhistorisch belang zijn gelegen, of omdat de bebouwingsstructuur kenmerkend is voor een specifieke bouw- of ontginningsperiode. Dit betreft de Gijzel. De overige jonge bebouwingslinten zijn beheergebied. Criteria Voor de bebouwing aan de jonge bebouwingslinten (H3.2) gelden aparte criteria. In onderstaand schema zijn deze gebiedsgerichte criteria aangegeven. Voor de uitgangspunten bij historische boerderijen wordt verwezen naar bijlage 4 van deze nota. Gebiedsgerichte criteria voor Jonge bebouwingslinten in Helvoirt, gemeente Vught – H3.2

Hoofdaspecten

Er zijn twee typen hoofdbouwmassa’s in het gebied te onderscheiden: Type A: langwerpige boerderijachtige bouwmassa’s met een van oorsprong agrarische functie. Type B: kleinere staaf- en blokvormige bouwmassa’s met een niet-agrarische functie.

91

Plaatsing en situering: • De bestaande rooilijn dient gerespecteerd te worden. • Aansluiten bij de gebogen, op de weg gerichte rooilijn. • Oriëntatie evenwijdig aan de straat (langsrichting). • De panden staan met het “gezicht” (voorgevel en/of in het zicht staande zijgevels) gericht naar de straat. • Hoofdbebouwing is gesitueerd op de kop van de kavel. • Het bouwplan moet passen in de omgeving waarbij bestaande ‘’groene’’ kwaliteiten (zoals bosen houtopstanden, laanbeplantingen e.d.) worden gerespecteerd.

Massavorm: • Per erf of kavel is er één hoofdbouwmassa. • Toepassen van eenvoudige bouwmassa’s: • Type A: staafvormig, liggend • Type B: staafvormig liggend en blokvormig. • Hoogtevariatie van 1 tot 1,5 bouwlagen handhaven, afstemmen op bebouwingshoogte van de omgeving. • Toepassen van een passende kapvorm en –richting bij bouwvorm en omgeving: • Type A: forse kappen: zadeldak (met wolfseind) of schilddak. • Type B: zadeldak, schilddak of een afgeleide van dit daktype. • Daken mogen met overstek worden toegepast. • Kaprichting afhankelijk van de oriëntatie en de bouwvorm. Gevelopbouw: • Handhaven bestaande gevelopbouw: voorgevel van het hoofdgebouw bestaat uit één geheel, maar is te onderscheiden in een dakgedeelte en onderstuk, eventueel uitgevoerd met plint. Materiaalkeuze (hoofdvlakken): • Aansluiten bij de materialen die in de omgeving worden gebruikt.

Deelaspecten

Kleurgebruik (hoofdvlakken): • Aansluiten bij de kleuren die in de omgeving worden gebruikt. Compositie massa-onderdelen en gevelindeling: • Handhaven bestaande geleding van de voorgevel: voorgevel van het hoofdgebouw heeft veelal een verticale geleding. • Gebruik van staande ramen. • Aansluiten bij gevelopbouw van bebouwing in het lint. • Bij splitsing van het pand blijft de architectonische eenheid van het oorspronkelijke pand behouden. • Bij verbouw of renovatie dient te worden aangesloten bij de richting en de maatverhoudingen van de bestaande gevels. • Handhaven bestaande gevelindeling: de voorgevel van het hoofdgebouw bestaat uit één geheel maar is te onderscheiden in een dakgedeelte en een onderstuk. • De uitstraling van de bouwstijl prevaleert hierbij de herkenbaarheid van de functie van het bouwwerk. Vormgeving gevelelementen: • Plasticiteit in de voorgevel dient beperkt te worden.

92

Detailaspecten

Materialen (onderdelen): • Kozijnen; hout of goedgelijkende andere materialen. • Dakbedekking: gebakken pannen of riet. • Gevel: bakstenen, al dan niet voorzien van stucwerk of pleisterwerk. Kleuren (onderdelen): • Ramen en kozijnen: lichtgeel/roomwit. • Deuren: donkergroen. • Gevel: aardkleuren. • Dakbedekking: aansluiten bij dakopbouwkleur in omgeving. Detaillering onderdelen: • Zorgvuldige detaillering aansluitend aan de oorspronkelijke en/of in overeenstemming brengen met de detailleringen van belendende panden. • Toepassen van afwerkingen langs gevels en vensteropeningen in de vorm van rollagen en strekken zijn toegestaan. • Bij renovatie of nieuwbouw wordt zorgvuldig omgegaan met de detaillering van de kap, de gevelopeningen en het metselwerk. • Authentieke detailleringen zoals overstekken, geaccentueerde lijsten en siermetselwerk dienen bij verbouw te worden behouden.

•

•

• •

93

Voor percelen gelegen binnen meerdere gebiedstypen geldt het gebiedstype waarbinnen de huisnummering van die percelen, zoals vastgelegd op de gemeentelijk huisnummerkaart, is gelegen. Ondergeschikte onderdelen van een totaal bouwplan, zoals bijbehorende bouwwerken en dakkapellen, worden in één welstandstoets getoetst aan zowel de relevante gebiedsgerichte criteria als aan de objectcriteria. Zodra bijbehorende bouwwerken vergunningsplichtig zijn in het kader van de omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen, zijn de objectcriteria van toepassing Zodra dakkapellen vergunningsplichtig zijn in het kader van de ongevingsvergunning voor de activiteit bouwen, zijn de objectcriteria van toepassing.

H4 Buurtschappen en gehuchten Verspreid over Helvoirt, gemeente Vught, liggen een aantal buurtschappen. Deze buurtschappen zijn ontstaan door een verdichting in het lint. De buurtschappen hebben overwegend een langgerekt patroon en zijn gelegen aan diverse beeklopen. De bebouwing bestaat veelal uit een groep van agrarische bebouwing. De bebouwing bestaat vaak uit een hoofdgebouw en bijgebouwen als een stal en een schuur. De hoofdbebouwing is veelal opgebouwd uit één laag met zadeldak. De bebouwing bestaat hoofdzakelijk uit langgevelboerderijen. In al deze nederzettingen is geen duidelijke kernvorming opgetreden.

94

Achterste en Voorste Distelberg Ten noorden van Helvoirt, nabij de beek de Zandleij, liggen twee hoeve-akkernederzettingen: Achterste Distelberg en Voorste Distelberg. Dit type nederzetting ontwikkelde zich op de kruisingen van wegen in de vorm van een concentratie van vrijstaande boerderijen. De Achterste Distelberg is gelegen aan de kruising Distelberg-Nieuwkuijkseweg. Het buurtschap grenst aan een open akkergebied. De bebouwing van het buurtschap bestaat uit een concentratie van vrijstaande, hoofdzakelijk evenwijdig aan de weg opgetrokken langgevelboerderijen met onverharde erven en erfbeplanting. De boerderijen zijn in de tweede helft van de 18e eeuw ontstaan. Het deels bochtig verlopend wegtracé, waaraan de boerderijen zijn gelegen, is met eiken beplant. Het buurtschap Voorste Distelberg is gelegen aan het kruispunt ’t Hoog-Hoenderstraat in een open akkergebied. Het kruispunt is deels nog onverhard. Het buurtschap bestaat uit een aantal verspreid gelegen langgevelboerderijen met bijgebouwen. De agrarische bebouwing is voor een deel vernieuwd. De agrarische bebouwing ligt op ruime onverharde erven met erfbeplanting. Molenstraat Het buurtschap Molenstraat ligt ten zuiden van de kern Helvoirt. Molenstraat is oorspronkelijk een kampnederzetting. Een kamp is een akker die slechts door één boer werd bewerkt. Deze kampen werden aangelegd op de hoger gelegen gronden.

Vlakbij de akker verrees de boerderij. De lager gelegen en dus nattere gronden, werden als weidegebied gebruikt. Het buurtschap Molenstraat heeft zich ontwikkeld als een lint en is omgeven door oude akkergronden. De bebouwing aan de Molenstraat bestaat uit een concentratie van enkele kort- en langgevelboerderijen en een aantal woonhuizen. De bebouwing is voornamelijk aan de westzijde van de weg opgetrokken. De woonhuizen bestaan uit één laag en zijn opgebouwd uit bakstenen. De langgevelboerderijen hebben rieten zadeldaken (al dan niet met wolfseind). Gijzel, Raam, Heikant, Laar Deze buurtschappen bestaan voornamelijk uit agrarische lintbebouwing langs oude wegen. De bebouwing bestaat veelal uit lang- of kortgevelboerderijen. Bij deze boerderijen staan hier en daar een of meer bijgebouwen, zoals stallen, schuren en bedrijfsgebouwen. De boerderijen zijn opgebouwd uit één laag met een rieten zadeldak. De zadeldaken zijn vaak uitgerust met schild- of wolfseind. De meeste boerderijen liggen aan de weg. Een aantal boerderijen is een stuk van de weg gelegen. De bijgebouwen zijn vaak in dezelfde stijl gebouwd als de hoofdbebouwing: één laag met een rieten zadeldak. Op het erf staan vaak fruitbomen of

95

populieren. Naast agrarische bebouwing komt in een aantal buurtschappen, zoals de Gijzel, ook woonbebouwing voor. Deze woonbebouwing bestaat veelal uit één laag met mansardekap. Helvoirtsestraat Helvoirtsestraat is een gehucht aan de noordzijde van de bebouwde kom van Helvoirt, evenwijdig aan de Broekleij gelegen. Het gehucht bestaat uit lintbebouwing van boerderijen en woonhuizen. De lintbebouwing wordt begeleid door zomereiken die van omstreeks 1890 dateren. De agrarische bebouwing bestaat veelal uit lang- of kortgevelboerderijen. Bij deze boerderijen staan hier en daar een of meer bijgebouwen, zoals stallen, schuren en bedrijfsgebouwen. De boerderijen zijn opgebouwd uit één laag met een rieten zadel- of wolfsdak. Een aantal kortgevelboerderijen is uitgerust met een mansardekap. De woonhuizen aan de Helvoirtsestraat bestaan veelal uit één laag en hebben of een zadeldak of een mansardekap. Hoef ten Halve De buurtschap Hoef ten Halve ligt op de Helvoirtse Heide, ten noordwesten van de kern Helvoirt. Het gehucht bestaat net als het gehucht aan de Helvoirtsestraat uit agrarische lintbebouwing. De lintbebouwing wordt begeleid door een statige beukenlaan. In de buurtschap komen naast boerderijen ook kort- en langgevelboerderijen voor. Bij deze boerderijen staan hier en daar een of meer bijgebouwen, zoals stallen, schuren en bedrijfsgebouwen.

De boerderijen zijn opgebouwd uit één laag met een (rieten) zadel- of wolfsdak. Een aantal boerderijen is niet meer als zodanig in gebruik. In deze voormalige boerderijen wordt nu gewoond.

96

Den Hoek Ten noorden van de spoorlijn ligt het voormalige gehucht ‘’Den Hoek’’. De verspreid liggende bebouwing in dit gebied ligt aan een zandweg. ‘’Den Hoek’’ bestaat uit agrarische bebouwing en eenlaagse woonhuizen. De bebouwing dateert uit begin 20e eeuw. De woonhuizen zijn opgebouwd uit bakstenen en hebben donkere mansardekappen. De agrarische gebouwen hebben zadeldaken met wolfseind en donkerblauwe dakpannen.

97

Aandachtsgebied De buurtschappen in Helvoirt zijn aangewezen als aandachtsgebied cultuurhistorie, met uitzondering van het buurtschap Heikant. De uitgangspunten voor welstand zijn de historische bebouwing en de belangrijke structuurdragers. Criteria Voor de buurtschappen (H4) gelden aparte criteria. In onderstaand schema zijn deze gebiedsgerichte criteria aangegeven. Voor de uitgangspunten bij historische boerderijen wordt verwezen naar bijlage 4 van deze nota. Gebiedsgerichte criteria voor Buurtschappen en gehuchten in de Helvoirt, gemeente Vught – H4

Hoofdaspecten

Er zijn twee typen hoofdbouwmassa’s in het gebied te onderscheiden: Type A: langwerpige boerderijachtige bouwmassa’s met een van oorsprong agrarische functie. Type B: kleinere staaf- en blokvormige bouwmassa’s met een niet agrarische functie. Plaatsing en situering: • De bestaande rooilijn dient gerespecteerd te worden. • Aansluiten bij de gebogen, op de weg gerichte rooilijn. • Oriëntatie evenwijdig aan de straat (langsrichting). • De panden staan met het “gezicht” (voorgevel en/of in het zicht staande zijgevels) gericht naar de straat. • Hoofdbebouwing is gesitueerd op de kop van de kavel. • Het bouwplan moet passen in de omgeving waarbij bestaande ‘’groene’’ kwaliteiten (zoals bosen houtopstanden, laanbeplantingen e.d.) worden gerespecteerd. Massavorm: • Per erf of kavel is er één hoofdbouwmassa. • Toepassen van eenvoudige bouwmassa’s: • Type A: staafvormig, liggend • Type B: staafvormig liggend en blokvormig. • Hoogtevariatie van 1 tot 1,5 bouwlagen handhaven, afstemmen op bebouwingshoogte van de omgeving. • Toepassen van een passende kapvorm en –richting bij bouwvorm en omgeving: • Type A: forse kappen: zadeldak (met wolfseind) of schilddak. • Type B: zadeldak, schilddak of een afgeleide van dit daktype. • Daken mogen met overstek worden toegepast. • Kaprichting afhankelijk van de oriëntatie en de bouwvorm.

98

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Vught&id=73d475a9-965f-4f65-a01d-5351ee3ef189