Bijlage - Toelichting Helvoirtsestrtaat
Tekst van het document
Bestemmingsplan ‘Helvoirtsestraat ong. (tussen 13 en 13a), Helvoirt’
Toelichting
LS Plan & Advies Adres
:
Berktweg 3 5076 PA Haaren
KvK-nr. Tel. E-mail Website
: : : :
67701051 06 31 58 00 26 linda@lsplanadvies.nl www.lsplanadvies.nl
Bestemmingsplan ‘Helvoirtsestraat ong. (tussen 13 en 13a), Helvoirt’
Plangegevens Plannaam
:
Helvoirtsestraat ong. (tussen 13 en 13a), Helvoirt
Gemeente IMRO-code Status
: : :
Vught NL.IMRO.0865.bgBPHvtstrong1313a-VG01 Vastgesteld
Opgesteld door Projectnr.
: :
LS Plan & Advies 1817-6
Datum
:
Maart 2024
Toelichting Bestemmingsplan ‘Helvoirtsestraat ong. (tussen 13 en 13a), Helvoirt’
2
INHOUDSOPGAVE 1.
INLEIDING..................................................................................................................................... 4 1.1 Aanleiding en doel .................................................................................................................... 4 1.2 Ligging en begrenzing plangebied ............................................................................................ 5 1.3 Leeswijzer ................................................................................................................................. 5 2. PLANBESCHRIJVING .................................................................................................................. 6 2.1 Beschrijving huidige situatie plangebied en omgeving ............................................................. 6 2.2 Nadere beschrijving planvoornemen ........................................................................................ 8 2.3 Geldend bestemmingsplan ....................................................................................................... 9 2.4 Verkeer en parkeren ............................................................................................................... 11 2.5 Landschappelijke en stedenbouwkundige inpassing en kwaliteitsverbetering landschap ..... 12 3.
BELEIDSKADER ........................................................................................................................ 16 3.1 Rijksbeleid............................................................................................................................... 16 3.1.2 Besluit en ministeriële regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Barro, Rarro) .... 18 3.1.3 Ladder voor duurzame verstedelijking ............................................................................ 18 3.2 Provinciaal beleid .................................................................................................................... 18 3.2.1 Structuurvisie 2010 – partiële herziening 2014 ............................................................... 18 3.2.2 Omgevingsvisie ‘De kwaliteit van Brabant’ ..................................................................... 20 3.2.3 Interim omgevingsverordening Noord-Brabant ............................................................... 21 3.3 Gemeentelijk beleid ................................................................................................................ 27 3.3.1 Structuurvisie Haaren (voormalige gemeente Haaren) .................................................. 28 3.3.2 Visie ‘Helvoirt tussen de beken’ (voormalige gemeente Haaren) ...................................
30 3.3.3 Visie ‘Wonen in het buitengebied’ (gemeente Vught) ..................................................... 31 4. OMGEVINGSASPECTEN ........................................................................................................... 33 4.1 Bodem..................................................................................................................................... 33 4.2 Bedrijven en milieuzonering.................................................................................................... 34 4.3 Veehouderijen, volksgezondheid en geur .............................................................................. 37 4.4 Spuitzones en gewasbeschermingsmiddelen ........................................................................ 44 4.5 Geluid: wegverkeerslawaai en spoorweglawaai ..................................................................... 46 4.6 Waterhuishouding ................................................................................................................... 49 4.7 Luchtkwaliteit .......................................................................................................................... 57 4.8 Natuurgebieden ......................................................................................................................
57 4.9 Flora en fauna ......................................................................................................................... 59 4.10 Externe veiligheid ................................................................................................................... 61 4.11 Kabels, leidingen en hoogspanningsverbindingen ................................................................. 65 4.12 Cultuurhistorie ......................................................................................................................... 66 4.13 Archeologie ............................................................................................................................. 68 4.14 Milieueffectrapportage en vormvrije m.e.r.-beoordeling ......................................................... 70 5. JURIDISCHE PLANTOELICHTING............................................................................................ 73 5.1 Opbouw bestemmingsplan ..................................................................................................... 73 5.2 Toelichting verbeelding ........................................................................................................... 73 5.3 Toelichting regels .................................................................................................................... 74 6.
UITVOERBAARHEID EN PROCEDURE ................................................................................... 77 6.1 Financiële uitvoerbaarheid en grondexploitatie ...................................................................... 77 6.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid en procedure .................................................................... 77 6.2.1 Procedure algemeen ....................................................................................................... 77 6.2.2 Omgevingsdialoog .......................................................................................................... 77 6.2.3 Vooroverleg ..................................................................................................................... 78 6.2.4 Zienswijzen ..................................................................................................................... 79 BIJLAGEN........................................................................................................................................... 80
Toelichting Bestemmingsplan ‘Helvoirtsestraat ong. (tussen 13 en 13a), Helvoirt’
3
1.
INLEIDING
1.1
Aanleiding en doel
Het voorliggende bestemmingsplan heeft betrekking op de realisatie van twee ruimte-voor-ruimte woningen aan de Helvoirtsestraat ongenummerd (tussen huisnummers 13 en 13a) te Helvoirt. Het plangebied betreft een landbouwperceel in de noordelijke kernrand van Helvoirt in het bebouwingslint van de Helvoirtsestraat. Met de voorgenomen nieuwbouw wordt een kwalitatieve en logische afronding van de kern Helvoirt in noordelijke richting gerealiseerd. Op navolgende afbeelding (tevens in volledigheid bijgevoegd in Bijlage 1) is de beoogde situatie globaal weergegeven. Beoogd is om twee vrijstaande woningen te realiseren, met bijbehorende bijgebouwen. Op eigen terrein wordt voorzien in de parkeerbehoefte. Richting de noordwestelijke rand wordt voorzien in een groene inpassing. De achterzijden van de kavels worden tevens landschappelijk ingericht, waarbij ruimte blijft voor zichtlijnen richting het achterliggende landschap. Het vigerende bestemmingsplan voorziet niet in passende bepalingen om het planvoornemen te faciliteren. Derhalve is een herziening van het bestemmingsplan noodzakelijk. Door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haaren is in augustus 2019 een positieve grondhouding aangenomen ten aanzien van onderhavige ontwikkeling.
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Vught heeft vervolgens, na de gemeentelijke herindeling en de toevoeging van Helvoirt aan de gemeente Vught, op 15 juni 2021 eveneens een positieve grondhouding aangenomen ten aanzien van de ontwikkeling. Onderhavig plan heeft als doelstelling om de voorgenomen woningbouwontwikkeling aan de Helvoirtsestraat ongenummerd te Helvoirt juridisch-planologisch mogelijk te maken. In voorliggende toelichting wordt de ruimtelijke aanvaardbaarheid van het plan beoordeeld.
Nr. 13
Nr. 13a
Afbeelding 1: Voorgenomen invulling plangebied met twee nieuw te bouwen woningen aan de Helvoirtsestraat ongenummerd te Helvoirt.
Toelichting Bestemmingsplan ‘Helvoirtsestraat ong. (tussen 13 en 13a), Helvoirt’
4
1.2
Ligging en begrenzing plangebied
Het plangebied bevindt zich direct ten noorden van de kern Helvoirt. Op Afbeelding 2 is het plangebied globaal blauw omkaderd weergegeven. De gronden van het plangebied zijn kadastraal bekend als gemeente Helvoirt, sectie E, perceelnummer 1307. In de huidige situatie worden deze gronden als landbouwgrond gebruikt. Het plangebied heeft een totale oppervlakte van circa 1 hectare. In dit plangebied worden twee woonkavels gerealiseerd en een groene inpassing. Tevens is er een deel van de (te behouden) agrarische gronden binnen het plangebied opgenomen, aangezien hier wordt voorzien in een planregeling met beperkingen voor de toepassing van gewasbeschermingsmiddelen (zie hiertoe paragraaf 4.4). Het deel waar de woonkavels en de groenzone gerealiseerd worden heeft een omvang van circa 5.300 m2.
Afbeelding 2: Ligging plangebied (globaal blauw omkaderd) op kadastrale kaart i.c.m. luchtfoto. (Bron: PDOK Viewer.)
1.3
Leeswijzer
In dit eerste hoofdstuk is het planvoornemen ingeleid, waarbij de aanleiding, het doel en de ligging en begrenzing van het plangebied kort zijn behandeld. Het tweede hoofdstuk bevat een meer uitgebreide toelichting op het planvoornemen en de omgeving. Hoofdstuk 3 behelst een toetsing van het planvoornemen aan respectievelijk het Rijksbeleid, provinciaal beleid en gemeentelijk beleid. Het daarop volgende hoofdstuk bevat een weergave van en een toetsing aan de relevante omgevingsaspecten. In hoofdstuk 5 is de juridische plantoelichting opgenomen en in het laatste hoofdstuk worden de uitvoerbaarheid en procedure besproken.
Toelichting Bestemmingsplan ‘Helvoirtsestraat ong. (tussen 13 en 13a), Helvoirt’
5
2.
PLANBESCHRIJVING
2.1
Beschrijving huidige situatie plangebied en omgeving
Het plangebied bevindt zich aan de Helvoirtsestraat. Dit betreft een van de doorgaande wegen van Helvoirt, vanuit het dorp in noordelijke richting. Het plangebied ligt net buiten de stedenbouwkundige bebouwde kom, op de grens met het buitengebied, en maakt onderdeel uit van het bebouwingslint aan de Helvoirtsestraat. De bestaande woningen zijn geconcentreerd aan de Helvoirtsestraat in een halfopen bebouwingsstructuur. Tussen de woningen is sprake van diverse doorzichten richting het achterliggende landschap. De omliggende locaties zijn hoofdzakelijk in gebruik voor burgerwoningen. Het plangebied is in gebruik als landbouwgrond. Tussen de openbare weg met vrijliggend fietspad en het plangebied is een sloot met een aantal opritten met duikers aanwezig. Direct ten zuiden is aangrenzend een woonperceel gesitueerd met een vrijstaande woning (Helvoirtsestraat 13a), zie hiertoe tevens Afbeelding 4.
Afbeelding 3: Weergave plangebied (blauw omkaderd) met huidige situatie Helvoirtsestraat ong. op een satellietfoto en met kadastrale ondergrond. (Bron: PDOK Viewer)
Toelichting Bestemmingsplan ‘Helvoirtsestraat ong. (tussen 13 en 13a), Helvoirt’
6
Afbeelding 4: Streetview-weergave huidige situatie Helvoirtsestraat ong. (Bron: Google Streetview)
Op Afbeelding 5 is de ligging van het plangebied ten opzichte van een ruimere omgeving weergegeven. Het centrum van Helvoirt bevindt zich ten zuiden van de spoorlijn (Tilburg – Nijmegen), op circa 380 meter ten zuiden van het plangebied. In zuidwestelijke richting is op circa 90 meter het woningbouwplan ‘Den Hoek’ gelegen. Ten zuidoosten van het plangebied bevindt zich op circa 145 meter het bedrijventerrein Industrieweg. Hier is sprake van bedrijvigheid in de milieucategorieën 1 en 2. Ten noordwesten is op circa 400 meter het Kasteel Zwijnsbergen met bijbehorend landgoed aanwezig. Direct ten noorden van dit kasteel bevindt zich ook de waterloop Zandleij. In oostelijke richting bevindt zich de waterloop Broekleij en het Helvoirtsche Broek. Het Natura 2000-gebied ‘Loonse en Drunense Duinen & Leemkuilen’ bevindt zich op ruim een kilometer in noordwestelijke richting en het recreatiegebied rondom De Ijzeren Man is gelegen in noordoostelijke richting.
Afbeelding 5: Ligging plangebied (globaal rood omkaderd) ten opzichte van een ruimere omgeving. (Bron: Topo Tijdreis)
Toelichting Bestemmingsplan ‘Helvoirtsestraat ong. (tussen 13 en 13a), Helvoirt’
7
2.2
Nadere beschrijving planvoornemen
De beoogde invulling van het plangebied is inzichtelijk gemaakt op Afbeelding 1. Het stedenbouwkundige plan is bovendien in volledigheid bijgevoegd in Bijlage 1. In respectievelijk Bijlage 2 en Bijlage 3 zijn het landschappelijk inpassingsplan en het beeldkwaliteitplan opgenomen voor de voorgenomen ontwikkeling. Doelstelling is om op de gronden aan de Helvoirtsestraat ongenummerd te voorzien in een woningbouwontwikkeling voor twee toe te voegen vrijstaande woningen, met bijbehorende bijgebouwen. Om te voorzien in een kwaliteitsverbetering worden deze woningen gerealiseerd met behulp van de ruimte-voor-ruimteregeling, hiervoor worden ruimte-voor-ruimtetitels aangekocht. Helvoirt karakteriseert zich van oudsher als een typische beekdalnederzetting. Op de hoger en droog gelegen gronden tussen de beekdalen ontstonden de eerste nederzettingen, die in de loop der eeuwen uitgroeiden tot een noord-zuidelijk gericht lintdorp. In oost-westelijke richting vond een soortgelijke ontwikkeling plaats. Met de bouw van de kerken en de verdichtingen langs de historische linten, werd het centrum van het huidige Helvoirt vastgelegd. De grootste uitbreiding van het dorp heeft rondom dit centrum plaatsgevonden, waarbij de spoorlijn en de N65 in belangrijke mate bepalend zijn geweest voor de begrenzing aan de noord- en zuidzijde.
Uitzondering hierop vormen de vanuit de dorpskern uitwaaierende, organisch gegroeide bebouwingslinten, waaronder de Helvoirtsestraat. De Helvoirtsestraat is nog steeds herkenbaar als een historisch bebouwingslint met een variëteit aan woningen en boerderijen. In de loop der jaren is de lintbebouwing verder toegenomen en is in het deel direct ten noorden van de spoorlijn sprake van een redelijk dichte bebouwingsstructuur (dit deel is onderdeel van de bebouwde kom Helvoirt). Ten noorden van het plangebied wordt dit bebouwingslint opener, waarbij meer doorzichten ontstaan tussen de gebouwen door naar het open landelijke gebied. Het plangebied is exact op deze overgang gelegen en vormt daardoor een schakelfunctie. Het plangebied bevindt zich dus aan de Helvoirtsestraat, direct op de overgang van de bebouwde kom naar het buitengebied. Het plangebied is gelegen tussen de vrijstaande woningen Helvoirtsestraat 13 en 13a te Helvoirt. Tussen deze twee woningen is in de huidige situatie een open landbouwperceel aanwezig, met een breedte aan wegzijde van circa 150 meter. De afronding van de kern Helvoirt is in de huidige situatie vrij abrupt vanaf een relatief gesloten bebouwingsdichtheid richting het ineens volledige open landbouwperceel van onderhavig plangebied. Vanaf Helvoirtsestraat 13 in noordelijke richting is bovendien ook weer sprake van een meer verdicht bebouwingslint.
Tussen de spoorweg, de begrenzing van het centrum van Helvoirt, en de waterloop Zandleij is onderhavig landbouwperceel momenteel de grootste open ruimte aan de Helvoirtsestraat (aan oostelijke zijde). Aan westelijke zijde, de overzijde van de weg, zijn echter reeds diverse woningen aanwezig (Helvoirtsestraat 18, 20 en 20a) en is tevens sprake van een gepland ruimte-voor-ruimte kavel (middels een onherroepelijk bestemmingsplan ‘Partiële herziening buitengebied, Helvoirtsestraat ong. (tussen 16 en 18) Helvoirt’). Dit ruime open perceel aan de oostelijke zijde is bovendien te verklaren, doordat in het verleden hier een boerderij met bijgebouwen aanwezig is geweest (zie hiertoe o.a. het archeologisch onderzoek in Bijlage 9 en het beeldkwaliteitplan in Bijlage 3). Deze boerderij is aanwezig geweest van omstreeks 1811-1832 tot halverwege de twintigste eeuw. Na de sloop van de bebouwing en landbouwkundige schaalvergroting in de twintigste eeuw, zijn deze elementen verloren gegaan en maakt het plangebied deel uit van een grote akker. Mede vanuit cultuurhistorisch oogpunt is het terug oprichten van bebouwing in dit historische bebouwingslint dan ook passend te achten. In de beoogde situatie wordt voorzien in een logische en kwalitatieve stedenbouwkundige afronding van de kern Helvoirt, met daarbij een meer geleidelijke overgang richting het buitengebied.
Er wordt enkel gebouwd op het deel van het perceel waar aan de overzijde van de Helvoirtsestraat ook reeds bestaande woningen aanwezig zijn. Hierdoor blijft het deel van het perceel waarbij aan beide zijdes van de Helvoirtsestraat geen bebouwing aanwezig is als open doorzicht behouden. Het plan voorziet in twee woonkavels, van respectievelijk circa 1.500 en 1.750 m2. Hierdoor kan een gunstige bruto-netto verhouding worden bewerkstelligd tussen bebouwing, groen en openheid. Ten
Toelichting Bestemmingsplan ‘Helvoirtsestraat ong. (tussen 13 en 13a), Helvoirt’
8
noorden blijft ruim 70 meter behouden als landbouwgrond. Hierdoor wordt de overgang verzacht, vanuit de meer bebouwde kern, richting een meer open buitengebied. De stedenbouwkundige opzet is er op gericht om de nieuwe woonpercelen te integreren in het bebouwingslint en om daarbij gelijktijdig te zorgen voor een kwalitatieve afronding van de kern van Helvoirt. Enerzijds wordt daarbij in de gekozen situering aangesloten bij de bestaande bebouwingsstructuur en anderzijds wordt het halfopen karakter van het lint gewaarborgd. Er worden twee royale woonkavels gerealiseerd (woonvlakken circa 1.500 / 1.750 m 2 per kavel). Tevens worden twee open doorzichten geborgd, om een doorzicht op het achterliggend gebied te behouden. De twee nieuwe woonpercelen worden opgericht direct ten noorden van de aangrenzende woning op nummer 13a. Tussen het kavel van woning 2 en Helvoirtsestraat 13a wordt hierbij wel voorzien in een grasstrook met een open doorzicht vanaf de Helvoirtsestraat richting het achterliggend landschap. Deze grasstrook kan eventueel worden voorzien van een ‘karrenspoor’ in halfverharding t.b.v. een achterom op het kavel. Deze grasstrook zorgt bovendien voor een vergroting van de privacy tussen woning 2 en Helvoirtsestraat 13a. Ten noorden van woning 1 wordt eveneens voorzien in een open grasstrook.
Door middel van aanduidingen wordt bij beide stroken geborgd dat hier geen doorzichtbeperkende handelingen plaatsvinden, zoals bouwen of beplanten. Met de voorgenomen landschappelijke inpassing van het plangebied zal de structuur van de groene kamers versterkt worden. Uitgangspunt hierbij is om vanaf de Helvoirtsestraat zichtlijnen te behouden richting het achterliggende landschap en daarnaast de overgang van het buitengebied naar de bebouwde kom van Helvoirt te verzachten. Aan de noordelijke rand wordt voorzien in een groene inpassing middels een bomenrij en haag. Aan de voorzijde van het perceel worden enkel lage hagen toegepast om ook hier zoveel mogelijk uitzicht te behouden. Aan de achterzijde van de kavels komt een meer open inpassing (diepte 20 meter) in de vorm van kruidenrijk grasland met fruitbomen. Dit draagt bij aan een meer open landschap. Door de stedenbouwkundige keuze in de inrichting van de woonkavels wordt een overgang gecreëerd vanuit de kern richting het buitengebied, waarbij bebouwing, openheid en groen elkaar afwisselen. Ten noorden van de nieuwe woningen en groenstrook wordt nog een plandeel van circa 70 meter aan het plan toegevoegd. Deze gronden blijven ongewijzigd bestemd als landbouwgrond. De geldende bestemmingen en aanduidingen blijven dan ook behouden.
Wel wordt hier aanvullend een functieaanduiding toegevoegd om een planregeling te kunnen opnemen ten aanzien van beperkingen in de toepassing van gewasbeschermingsmiddelen. Hierdoor wordt eventuele blootstelling ten gevolge van drift voorkomen.
2.3
Geldend bestemmingsplan
Het geldende bestemmingsplan voor de planlocatie betreft het bestemmingsplan ‘Buitengebied Vught 2022’, als vastgesteld d.d. 21 juli 2022. Blijkens de verbeelding van dit bestemmingsplan zijn aan het perceel de volgende bestemmingen en aanduidingen toegekend: • Enkelbestemming ‘Agrarisch met waarden – Landschaps- en Natuurwaarden 1’; • Functieaanduiding ‘specifieke vorm van agrarisch met waarden – dassenleefgebied’; • Functieaanduiding ‘specifieke vorm van agrarisch met waarden – natuurontwikkelingsgebied’; • Gebiedsaanduiding ‘overige zone – attentiezone waterhuishouding’; • Gebiedsaanduiding ‘overige zone – beperkingen veehouderij’; • Gebiedsaanduiding ‘overige zone – groenblauwe mantel’; • Gebiedsaanduiding ‘overige zone – stalderingsgebied’. De gemeente Vught is bovendien in voorbereiding op het bestemmingsplan ‘Paraplubestemmingsplan Archeologie’, welke als ontwerp ter inzage heeft gelegen van 13 oktober 2022 tot en met 23 november 2022, en welke een doorvertaling betreft van het d.d. 19 mei 2022 vastgestelde ‘Beleidskader archeologie 2022’. De vaststelling van dit paraplubestemmingsplan staat gepland op 6 april 2023.
Toelichting Bestemmingsplan ‘Helvoirtsestraat ong. (tussen 13 en 13a), Helvoirt’
9
Blijkens de verbeelding van het (ontwerp)bestemmingsplan ‘Paraplubestemmingsplan Archeologie’, worden aanvullend aan het perceel de volgende bestemmingen en aanduidingen toegekend: • Dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 3’ (deels); • Dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 4’ (deels); • Gebiedsaanduiding ‘overige zone – enkeerdgronden’. In de regels van het geldend bestemmingsplan mogen burgerwoningen enkel worden opgericht ter plaatse van een bestemmingsvlak ‘Wonen - ….’. De agrarisch bestemde gronden zijn, zonder aanwezig bouwvlak, in hoofdzaak bedoeld voor agrarisch grondgebruik, zoals akkerbouw of beweiding. De regels van het bestemmingsplan bieden geen binnenplanse mogelijkheden voor de voorgenomen woningbouwontwikkeling. De woningbouwontwikkeling is dus niet rechtstreeks toegestaan op grond van het geldende bestemmingsplan. Doelstelling is derhalve om de plannen te formaliseren met een herziening van het geldende bestemmingsplan, ex artikel 3.1 Wet ruimtelijke ordening. Op 6 augustus 2019 is door het college van burgemeester en wethouders van de voormalige gemeente Haaren, onder zaaknummer Z47265, besloten om in principe medewerking te verlenen aan de beoogde bestemmingsplanherziening voor de oprichting van twee woningen aan de Helvoirtsestraat.
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Vught heeft vervolgens, na de gemeentelijke herindeling en de toevoeging van Helvoirt aan de gemeente Vught, op 15 juni 2021 eveneens een positieve grondhouding aangenomen ten aanzien van de ontwikkeling.
Afbeelding 6: Uitsnede verbeelding geldende bestemmingsplannen, plangebied globaal rood omkaderd weergegeven. (Bron: www.ruimtelijkeplannen.nl)
Toelichting Bestemmingsplan ‘Helvoirtsestraat ong. (tussen 13 en 13a), Helvoirt’
10
2.4
Verkeer en parkeren
Het toevoegen of veranderen van een functie heeft in veel gevallen een effect op het aantal verkeersbewegingen of de parkeerbehoefte. Het is daarom van belang om te beschouwen welke veranderingen optreden en welk effect dit heeft op verkeer en parkeren. Verkeer Het plangebied ligt aan de Helvoirtsestraat, één van de doorgaande wegen door Helvoirt in noordelijke en zuidelijke richting. In noordelijke richting verbindt deze weg Helvoirt met o.a. Cromvoirt en Nieuwkuijk en richting de A59. In zuidelijke richting worden via het centrum van Helvoirt belangrijke uitvalsroutes bereikt vanaf de Rijksweg N65, richting o.a. A65, A2 en A58. De entree van de bebouwde kom (in de zin van de Wegenverkeerswet) ligt direct ten noorden van het plangebied. De snelheid wijzigt in noordelijke richting van 30 km/u naar 60 km/u. De straat is aan beide zijdes voorzien van een vrijliggend fietspad. Deze wordt met een berm gescheiden van de rijbaan. De beoogde situatie voorziet in de oprichting van twee vrijstaande woningen. Het Kennisplatform CROW heeft kengetallen opgesteld aangaande de verkeersgeneratie ten gevolge van diverse functies. Deze kencijfers zijn opgenomen in publicatie 381, december 2018 ‘Toekomstbestendig parkeren – Van parkeerkencijfers naar parkeernormen’.
Voor woningen (koop, vrijstaand), wordt zowel in de bebouwde kom, als in het buitengebied gerekend met een verkeersgeneratie van 7,8 – 8,6 bewegingen per woning. De verkeersgeneratie betreft daarbij aankomende of vertrekkende bewegingen met motorvoertuigen. Gemakshalve kan dus worden gesteld dat het 9 bewegingen per woning, per etmaal betreft. Dus totaal 18 bewegingen per dag. De Helvoirtsestraat kent in de huidige situatie circa 5.000 motorvoertuigbewegingen per etmaal. Deze weg beschikt over voldoende capaciteit om de (geringe toevoeging aan) verkeersbewegingen ten gevolge van twee extra burgerwoningen af te wikkelen. Deze ontsluitingsweg is geschikt voor deze toevoeging aan verkeersbewegingen en de toename van het aantal verkeersbewegingen zal niet leiden tot een verslechtering van de verkeersveiligheid. De ontsluiting van de nieuwe woonkavels zal plaatsvinden via de bestaande in/-uitritten van het landbouwperceel. Parkeren Ten aanzien van parkeren heeft de gemeente Vught d.d. 6 juni 2018 het Parapluplan Parkeren vastgesteld. Dit paraplubestemmingsplan heeft als doel een eenduidige regeling te bieden ten aanzien van parkeren. Het geldende parkeerbeleid ‘Parkeerbeleid en Parkeernota 2013-2022’ wordt hierin van toepassing verklaard. De regeling houdt kort gezegd in dat op eigen terrein voorzien moet worden in voldoende parkeergelegenheid.
Wat daarbij ‘voldoende’ is volgt uit de parkeernormen, als opgenomen in de gemeentelijke parkeernota. Als basis voor deze parkeernormen zijn de parkeerkengetallen van het CROW gehanteerd. Dit gemeentelijk parkeerbeleid is echter formeel nog niet van toepassing voor de kern Helvoirt. Voor ontwikkelingen in Helvoirt worden derhalve de parkeerkengetallen uit het CROW (‘Toekomstbestendig parkeren – Van parkeerkencijfers naar parkeernormen’, publicatie 381, december 2018) gehanteerd. Voor vrijstaande (koop)woningen in het buitengebied geldt op grond van de CROW-kengetallen (matig stedelijk) een parkeernorm van 2,0 – 2,8 parkeerplaatsen per woning (inclusief bezoekersparkeren). In onderhavige situatie zijn royale woonkavels voorzien. Op eigen terrein zal per woning tenminste worden voorzien in 3 parkeerplaatsen. Hierdoor wordt op eigen terrein voorzien in de parkeerbehoefte. Het voldoen aan de parkeernormen en voldoende parkeergelegenheid op eigen terrein wordt bovendien geborgd door opname van een parkeerregeling in de regels van onderhavig plan. Zoals volgt uit het stedenbouwkundige plan van de beoogde situatie (Bijlage 1) wordt op eigen terrein voorzien in tenminste 3 parkeerplaatsen. Op eigen terrein wordt derhalve voorzien in voldoende parkeergelegenheid. Er zal dus geen aanspraak worden gemaakt op de openbare ruimte voor parkeren.
Toelichting Bestemmingsplan ‘Helvoirtsestraat ong. (tussen 13 en 13a), Helvoirt’
11
2.5 Landschappelijke en stedenbouwkundige inpassing en kwaliteitsverbetering landschap Helvoirt karakteriseert zich van oudsher als een typische beekdalnederzetting. Op de hoger en droog gelegen gronden tussen de beekdalen ontstonden de eerste nederzettingen, die in de loop der eeuwen uitgroeiden tot een noord-zuidelijk gericht lintdorp. In oost-westelijke richting vond een soortgelijke ontwikkeling plaats. Met de bouw van de kerken en de verdichtingen langs de historische linten, werd het centrum van het huidige Helvoirt vastgelegd. De grootste uitbreiding van het dorp heeft rondom dit centrum plaatsgevonden, waarbij de spoorlijn en de N65 in belangrijke mate bepalend zijn geweest voor de begrenzing aan de noord- en zuidzijde. Uitzondering hierop vormen de vanuit de dorpskern uitwaaierende, organisch gegroeide bebouwingslinten, waaronder de Helvoirtsestraat. De Helvoirtsestraat is nog steeds herkenbaar als een historisch bebouwingslint met een variëteit aan woningen en boerderijen. In de loop der jaren is de lintbebouwing verder toegenomen en is in het deel direct ten noorden van de spoorlijn sprake van een redelijk dichte bebouwingsstructuur (dit deel is onderdeel van de bebouwde kom Helvoirt). Ten noorden van het plangebied wordt dit bebouwingslint opener, waarbij meer doorzichten ontstaan tussen de gebouwen door naar het open landelijke gebied.
Het plangebied is exact op deze overgang gelegen en vormt daardoor een schakelfunctie. Het plangebied bevindt zich dus aan de Helvoirtsestraat, direct op de overgang van de bebouwde kom naar het buitengebied. Het plangebied is gelegen tussen de vrijstaande woningen Helvoirtsestraat 13 en 13a te Helvoirt. Tussen deze twee woningen is in de huidige situatie een open landbouwperceel aanwezig, met een breedte aan wegzijde van circa 150 meter. De afronding van de kern Helvoirt is in de huidige situatie vrij abrupt vanaf een relatief gesloten bebouwingsdichtheid richting het ineens volledige open landbouwperceel van onderhavig plangebied. Vanaf Helvoirtsestraat 13 in noordelijke richting is bovendien ook weer sprake van een meer verdicht bebouwingslint. Tussen de spoorweg, de begrenzing van het centrum van Helvoirt, en de waterloop Zandleij is onderhavig landbouwperceel momenteel de grootste open ruimte aan de Helvoirtsestraat (aan oostelijke zijde). Aan westelijke zijde, de overzijde van de weg, zijn echter reeds diverse woningen aanwezig (Helvoirtsestraat 18, 20 en 20a) en is tevens sprake van een gepland ruimte-voor-ruimte kavel (middels een onherroepelijk bestemmingsplan ‘Partiële herziening buitengebied, Helvoirtsestraat ong. (tussen 16 en 18) Helvoirt’).
Dit ruime open perceel aan de oostelijke zijde is bovendien te verklaren, doordat in het verleden hier een boerderij met bijgebouwen aanwezig is geweest (zie hiertoe o.a. het archeologisch onderzoek in Bijlage 9 en het beeldkwaliteitplan in Bijlage 3). Deze boerderij is aanwezig geweest van omstreeks 1811-1832 tot halverwege de twintigste eeuw. Na de sloop van de bebouwing en landbouwkundige schaalvergroting in de twintigste eeuw, zijn deze elementen verloren gegaan en maakt het plangebied deel uit van een grote akker. Mede vanuit cultuurhistorisch oogpunt is het terug oprichten van bebouwing in dit historische bebouwingslint dan ook passend te achten. In de beoogde situatie wordt voorzien in een logische en kwalitatieve stedenbouwkundige afronding van de kern Helvoirt, met daarbij een meer geleidelijke overgang richting het buitengebied. Er wordt enkel gebouwd op het deel van het perceel waar aan de overzijde van de Helvoirtsestraat ook reeds bestaande woningen aanwezig zijn. Hierdoor blijft het deel van het perceel waarbij aan beide zijdes van de Helvoirtsestraat geen bebouwing aanwezig is als (groot) open doorzicht behouden. Het plan voorziet in twee woonkavels, van respectievelijk circa 1.500 en 1.750 m 2. Hierdoor kan een gunstige bruto-netto verhouding worden bewerkstelligd tussen bebouwing, groen en openheid. Ten noorden blijft ruim 70 meter behouden als landbouwgrond.
Hierdoor wordt de overgang verzacht, vanuit de meer bebouwde kern, richting een meer open buitengebied. Door de provincie Noord-Brabant (zie hiertoe de vooroverlegreactie in Bijlage 11) wordt bovendien onderschreven dat de ontwikkeling zorgt voor een logische en kwalitatieve stedenbouwkundige afronding van de kern Helvoirt in noordelijke richting. De nieuwbouw in het plangebied zal moeten voldoen aan het beeldkwaliteitplan (Bijlage 3). Dit beeldkwaliteitplan is in de regels geborgd. Hierdoor is mede geborgd dat de bouwplannen passen in de omgeving en dat openheid behouden blijft (door o.a. het stellen van regels over de wijze van uitvoering van erf- en terreinafscheidingen).
Toelichting Bestemmingsplan ‘Helvoirtsestraat ong. (tussen 13 en 13a), Helvoirt’
12
De stedenbouwkundige opzet is er op gericht om de nieuwe woonpercelen te integreren in het bebouwingslint en om daarbij gelijktijdig te zorgen voor een kwalitatieve afronding van de kern van Helvoirt. Enerzijds wordt daarbij in de gekozen situering aangesloten bij de bestaande bebouwingsstructuur en anderzijds wordt het halfopen karakter van het lint gewaarborgd. Er worden twee royale woonkavels gerealiseerd (woonvlakken circa 1.500 / 1.750 m 2 per kavel). Tevens worden twee open doorzichten geborgd, om een doorzicht op het achterliggend gebied te behouden. De twee nieuwe woonpercelen worden opgericht direct ten noorden van de aangrenzende woning op nummer 13a. Tussen het kavel van woning 2 en Helvoirtsestraat 13a wordt hierbij wel voorzien in een grasstrook met een open doorzicht vanaf de Helvoirtsestraat richting het achterliggend landschap. Deze grasstrook kan eventueel worden voorzien van een ‘karrenspoor’ in halfverharding t.b.v. een achterom op het kavel van woning 2. Deze grasstrook zorgt bovendien voor een vergroting van de privacy tussen woning 2 en Helvoirtsestraat 13a. Ten noorden van woning 1 wordt eveneens voorzien in een open grasstrook. Door middel van aanduidingen wordt bij beide stroken geborgd dat hier geen doorzicht-beperkende handelingen plaatsvinden, zoals bouwen of beplanten.
De ontwikkeling van de nieuw te bouwen woningen zal landschappelijk worden ingepast. De voorgenomen landschappelijke inpassing is inzichtelijk gemaakt op Afbeelding 7 (en Bijlage 2). De beoogde landschappelijke investeringsmaatregelen worden financieel, juridisch en feitelijk verzekerd middels opname in een voorwaardelijke verplichting in de planregels (in combinatie met de verbeelding). Hierbij wordt het landschappelijk inpassingsplan bijgevoegd als bijlage bij de regels. De landschappelijke inpassing (aanleg en instandhouding) wordt hierdoor juridisch verankerd. Met de voorgenomen landschappelijke inpassing van het plangebied zal de structuur van de groene kamers versterkt worden. Uitgangspunt hierbij is om vanaf de Helvoirtsestraat zichtlijnen te behouden richting het achterliggende landschap en daarnaast de overgang van het buitengebied naar de bebouwde kom van Helvoirt te verzachten. Aan de noordelijke rand van de meest noordelijke woonkavel (woning 1) wordt een bomenrij gerealiseerd, met een onderbegroeiing van een haag. Een bomenrij van landschapsbomen is een in de omgeving veelvuldig voorkomend landschapselement. Hierdoor wordt aangesloten bij de structuur van de groene kamers en wordt belijning meegegeven aan de ontwikkeling. Door de combinatie van een haag, met opgaande landschapsbomen, wordt het zicht op de nieuwe bebouwing verzacht.
Aan de voorzijde van de beide percelen worden enkel lage hagen toegepast om ook hier zoveel mogelijk uitzicht te behouden. Aan de achterzijde van de kavels komt een meer open inpassing (diepte 20 meter) in de vorm van kruidenrijk grasland met fruitbomen. Door de stedenbouwkundige keuze in de inrichting van de woonkavels wordt een overgang gecreëerd vanuit de kern richting het buitengebied, waarbij bebouwing, openheid en groen elkaar afwisselen. Aan de achterzijde van de woonkavels is het wenselijk om een open landschapspatroon te behouden. Derhalve wordt hier gekozen voor kruidenrijk grasland, wat een belangrijke bijdrage levert aan de biodiversiteit (interessant voor diverse soorten insecten). In dit deel wordt per woonkavel een kleinschalige hoogstamfruitboomgaard gerealiseerd. Hierdoor blijft de verbinding met het achterliggende landschap behouden. Tussen de woonkavels en de achtergelegen landbouwgronden wordt een sloot gerealiseerd. Hier kan het hemelwater afkomstig van het plangebied worden geborgd en vervolgens kan dit hier infiltreren. Dit zorgt tevens voor een natuurlijke barrière tussen de woningbouw en het achtergelegen landschap. Tussen de woonkavels onderling zal gekozen worden voor een natuurlijke afscheiding in de vorm van een haag.
Door de stedenbouwkundige keuze in de inrichting van de woonkavels wordt een overgang gecreëerd vanuit de kern richting het buitengebied, waarbij bebouwing, openheid en groen elkaar afwisselen. Dit betreft een inrichting passend binnen de gemeentelijke visie ‘Helvoirt tussen de beken’ (paragraaf 3.3.2).
Toelichting Bestemmingsplan ‘Helvoirtsestraat ong. (tussen 13 en 13a), Helvoirt’
13
Afbeelding 7: Landschappelijk inpassingsplan (zie tevens Bijlage 2).
Ten aanzien van het aspect kwaliteitsverbetering wordt toepassing gegeven aan de ruimte-voor-ruimte regeling. In de provinciale Interim omgevingsverordening Noord-Brabant (IOV) zijn de spelregels opgenomen voor ruimtelijke ontwikkelingen, waaronder ruimte-voor-ruimtewoningen. In de basisprincipes voor een evenwichtige toedeling van functies aan locaties en de zorgplicht voor een goede omgevingskwaliteit is o.a. het principe van kwaliteitsverbetering van het landschap opgenomen. Hierbij is bepaald dat ruimtelijke ontwikkelingen in het landelijk gebied gepaard gaan met een fysieke verbetering van de landschappelijke kwaliteit van het gebied of de omgeving. Gemeentes kunnen dit provinciale vereiste nader uitwerken in gemeentelijke beleidsregels.
Toelichting Bestemmingsplan ‘Helvoirtsestraat ong. (tussen 13 en 13a), Helvoirt’
14
Voor de ontwikkeling van een ruimte-voor-ruimtewoning is per kavel een bouwtitel benodigd. Een dergelijke bouwtitel kon worden verkregen bij een aantoonbare aanzienlijke winst van de omgevingskwaliteit, welke per kavel (en per titel) moest voldoen aan de volgende voorwaarden: a. een of meer veehouderijen gericht op het houden van varkens of pluimvee zijn in het geheel beëindigd waarbij alle bedrijfsgebouwen ten dienste van deze veehouderij, niet zijnde de bedrijfswoning, zijn gesloopt; b. de onder a. bedoelde veehouderijen zijn direct voorafgaand aan de beëindiging gedurende een periode van drie jaar onafgebroken in bedrijf geweest; c. de onder a. bedoelde veehouderijen zijn gevestigd binnen Beperkingen Veehouderij of op een locatie die vanwege omliggende waarden en functies niet geschikt is voor de uitoefening van een veehouderij; d. er tenminste 1.000 m² bedrijfsgebouwen ten dienste van de onder a. bedoelde veehouderij, niet zijnde de bedrijfswoning, zijn gesloopt met een minimum van 200 m² op iedere beëindigingslocatie veehouderij; e. de ten behoeve van de onder a.
bedoelde veehouderijen geregistreerde rechten betreffende de fosfaatproductie in een gezamenlijke omvang van tenminste 3.500 kg uit de markt zijn genomen door doorhaling van de bij de Dienst Regelingen geregistreerde rechten, waarbij per beëindigingslocatie een minimum van 700 kg aan rechten betreffende de productie van fosfaat aanwezig is; f. de rechten, bedoeld onder e. moeten vanaf het moment van beëindiging van de bedrijfsvoering tot aan het moment van uit de markt nemen geregistreerd staan op naam van de veehouderij die beëindigd; g. de omgevingsvergunning milieu voor de onder a. bedoelde veehouderij op iedere beëindigingslocatie veehouderij is ingetrokken; h. een passende herbestemming is gelegd op de locatie als onder a. bedoeld die in ieder geval het houden van vee en het bouwen van nieuwe bedrijfsgebouwen uitsluit; i. in redelijkheid niet op andere wijze is voorzien in de beëindiging van de onder a. bedoelde veehouderij. Als aan voornoemde voorwaarden werd voldaan, konden bouwtitels worden gegenereerd. In onderhavige situatie worden twee bouwtitels aangekocht, waarbij per bouwtitel aantoonbaar is voldaan aan de bovengenoemde vereisten. Door het voldoen aan bovengenoemde voorwaarden is er sprake van een aanzienlijke winst van de omgevingskwaliteit, waaronder een kwaliteitsverbetering van het landschap.
Om die reden is in artikel 3.79 van de IOV bepaald dat indien toepassing wordt gegeven aan o.a. de ruimte-voor-ruimteregeling, dat reeds is voldaan aan de provinciale verplichting voor kwaliteitsverbetering van het landschap. Ten opzichte van overige ruimtelijke ontwikkelingen is bij ruimte-voor-ruimtewoningen dus afwijkend dat, naast de benodigde bouwtitels, geen verdere ruimtelijke kwaliteitsverbetering wordt gevraagd. De verbetering van de ruimtelijke kwaliteit wordt door de provincie geborgd door de voorwaarden die verbonden zijn aan het verkrijgen van een bouwtitel. Wel wordt gevraagd om een goede landschappelijke inpassing bij de te bouwen woningen in acht te nemen. Deze landschappelijke inpassing is voorgaand reeds toegelicht.
Toelichting Bestemmingsplan ‘Helvoirtsestraat ong. (tussen 13 en 13a), Helvoirt’
15
3.
BELEIDSKADER
De voorgenomen ontwikkeling dient te passen binnen het ruimtelijke beleid van de diverse overheidslagen, te weten het Rijk, de provincie en de gemeente. Navolgend zullen de beleidskaders van deze overheidslagen worden besproken. Daarnaast wordt getoetst of onderhavige ontwikkeling passend is binnen dit beleid.
3.1
Rijksbeleid
3.1.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI) De ruimtelijke structuurvisie op rijksniveau betreft de Nationale Omgevingsvisie (NOVI), als vastgesteld op 11 september 2020. De NOVI is een instrument van de nieuwe Omgevingswet en loopt vooruit op de inwerkingtreding van die wet. In de NOVI wordt door het Rijk een langetermijnvisie, richting 2050, gegeven op de toekomstige ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. Geconcludeerd wordt dat Nederland staat voor een aantal urgente complexe maatschappelijke opgaven, op zowel lokaal, regionaal, nationaal als internationaal niveau. De NOVI beoogt perspectief te bieden om deze opgaven in gezamenlijkheid, samen met andere overheden en maatschappelijke organisaties, aan te pakken, met regie vanuit het Rijk. Het kernbegrip is daarbij ‘omgevingskwaliteit’, betreffende ruimtelijke kwaliteit én milieukwaliteit. Met daarbij inachtneming van maatschappelijke waarden en inhoudelijke normen voor bijvoorbeeld gezondheid, veiligheid en milieu. Met een integrale samenwerking en met steeds een zorgvuldige afweging van belangen wordt gewerkt aan de 4 nationale prioriteiten: • Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; Wegens mondiale problematieken aangaande klimaatverandering en zeespiegelstijging, dienen keuzes voor functies die gebruik maken van de fysieke leefomgeving meer te worden afgestemd op de eigenschappen van het bodem-watersysteem.
Deze keuzes dragen bij aan een klimaatbestendige en waterrobuuste inrichting van Nederland in 2050. Energietransitie is noodzakelijk, maar gaat ook gepaard met conflicterende belangen ten aanzien van ruimtegebruik en effecten op de lange termijn. De NOVI is daarom richtinggevend om bij de inpassing van energieinfrastructuur aandacht te behouden voor de kwaliteit van de leefomgeving. • Een duurzaam en (circulair) economisch groeipotentieel; In het kielzog van de COVID-19-pandemie wordt hard gewerkt om de gevolgen voor de economie zoveel als mogelijk te beperken. Dat vraagt op korte termijn om ongekende overheidsingrepen en investeringen. Gezocht wordt naar mogelijkheden voor een co-creatie om deze interventies en investeringen ook ten goede te laten komen voor de lange termijn-ambities, namelijk het duurzaam en circulair maken van de economie en energievoorziening en het versterken van de kwaliteit van de leefomgeving. Aanvullend wordt bij locaties van kantoren, bedrijventerreinen, grootschalige logistieke functies en datacentra naast de vraag vanuit bedrijven, economische vitaliteit, de aansluiting op het verkeers- en vervoersnetwerk en het elektriciteitsnetwerk rekening gehouden met de aantrekkelijkheid en de kwaliteit van stad en land.
Vanuit nationaal niveau wordt ingezet op actieve clustering van (grootschalige) logistieke functies op logistieke knooppunten langs (inter)nationale corridors. • Sterke en gezonde steden en regio’s; Met de NOVI wordt gebouwd aan sterke, aantrekkelijke en gezonde steden. Er wordt ingezet op de verdere ontwikkeling van het Stedelijk Netwerk Nederland. Doelstelling is om daar naartoe te groeien en een goed bereikbaar netwerk van steden en regio’s te realiseren. De grote actuele woningbehoefte vraagt echter tegelijkertijd om oplossingen op korte termijn. Het kabinet heeft voor de korte termijn daarom een pakket aan maatregelen voorgesteld om de woningbouw een stevige impuls te geven. De locaties bevinden zich daarbij in het Stedelijk Netwerk Nederland. De ontwikkeling vindt plaats in lijn met de ambities van de integrale verstedelijkingsstrategie, zoveel mogelijk in bestaand stedelijk gebied, klimaatbestendig en natuurinclusief. Belangrijke aandacht gaat uit naar het aanbod en de
Toelichting Bestemmingsplan ‘Helvoirtsestraat ong. (tussen 13 en 13a), Helvoirt’
16
kwaliteit van groen in de stad en de aansluiting op het groene gebied buiten de stad. De COVID-19crisis onderstreept de waarde en het belang van een goede inrichting van de openbare ruimte voor het menselijk welbevinden. • Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Doelstelling is te komen tot een landelijk gebied waar het prettig wonen, werken en recreëren is en waar ruimte is en blijft voor economisch vitale landbouw als belangrijke drager van het platteland. De stikstofproblematiek raakt zowel het landelijk gebied, als diverse economische sectoren. De waarde van de natuur, het landschap en de toekomst van de landbouw staan onder druk. Ook de verbetering van de biodiversiteit is daarbij een uitdaging. Houdbare oplossingen vragen echter tijd. Voor de lange termijn wordt daarom gewerkt aan een geleidelijke en zorgvuldige herindeling van het landelijk gebied, onder meer gericht op kringlooplandbouw in goed evenwicht met natuur en landschap. Naast voornoemde prioriteiten zijn in de NOVI tevens 21 nationale belangen benoemd. De geformuleerde nationale ambities vragen veel van de leefomgeving. Een scala van belangen en claims moet een plek vinden binnen de totale oppervlakte van Nederland. Niet alles kan en niet alles kan overal. Dit leidt soms tot conflicterende belangen, waaruit gekozen moet worden. Het Rijk moet en wil in dit proces het voortouw nemen.
Vanuit de NOVI geeft het Rijk de kaders en richting mee voor zowel nationale als decentrale keuzes, waarbij de verantwoordelijkheid ligt bij alle partijen (Rijk, provincie, waterschappen, gemeenten, bedrijven, maatschappelijke instellingen en burgers) gezamenlijk. Dit om te komen tot de gezamenlijke beoogde transitie naar een duurzame en circulaire samenleving. De NOVI zal worden uitgevoerd o.a. in de vorm van Omgevingsagenda’s, programma’s en de Regionale Investeringsagenda’s. Centraal bij de afweging van belangen staat een evenwichtig gebruik van de fysieke leefomgeving, zowel van de boven- als de ondergrond. Het betreft ‘omgevingsinclusief’ beleid, en de NOVI onderscheidt daarbij drie afwegingsprincipes die kunnen worden toegepast bij het afwegen en prioriteren van de verschillende belangen en opgaven: 1. Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies (‘dubbele doelstelling’); 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal; 3. Afwentelen wordt voorkomen. Regie wordt bovendien aan andere overheden meegegeven in de vorm van voorkeursvolgorden voor een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Zo wordt vanuit de Rijksoverheid sturing gegeven aan beleidsmatige afwegingen en toekomstbestendige ontwikkelingen, waarbij op lokaal niveau de concrete uitwerking hiervan kan worden gemaakt.
De nationale strategische keuzes worden daarmee uitgewerkt tot gebiedsgericht maatwerk. In de NOVI wordt o.a. als nationaal belang aangemerkt het zorg dragen voor een woningvoorraad die aansluit op de woonbehoeften. Wonen is één van de basisbehoeften van mensen. Iedereen in Nederland, en voor elke levensfase, moet prettig kunnen wonen en voor een redelijke prijs. Het huidige woningtekort en de toename van het aantal inwoners en huishoudens vraagt een groei van de woningvoorraad in een fijne, leefbare omgeving. Tussen 2019 en 2035 moet de woningvoorraad met circa 1,1 miljoen woningen worden vergroot. De primaire verantwoordelijkheid voor de woningvoorraad en de leefbaarheid ligt hierbij bij gemeenten en provincies. Het Rijk is daarbij hoofdzakelijk systeemverantwoordelijk (kaderstellend, stimulerend, sanctionerend, beschikbaar stellen van middelen). Onderhavige ontwikkeling is als kleinschalig aan te merken, in verhouding tot de prioriteiten en ambities uit de NOVI. Wel levert onderhavig woningbouwplan een bijdrage aan een maatschappelijke behoefte, namelijk woningbouw waarbij wordt voorzien in een actuele lokale behoefte. Er wordt voorzien in een logische en kwalitatieve stedenbouwkundige afronding van de kern Helvoirt in noordelijke richting. Hiermee wordt een bijdrage geleverd om te kunnen voorzien in de woningbouwbehoefte in deze kern.
Uit onderhavige toelichting volgt bovendien dat het woningbouwplan in overeenstemming is met een goede leefomgevingskwaliteit en een gezonde en veilige fysieke leefomgeving. Het voornemen is
Toelichting Bestemmingsplan ‘Helvoirtsestraat ong. (tussen 13 en 13a), Helvoirt’
17
daardoor passend binnen de gestelde ambities uit de NOVI. Gelet op het schaalniveau van het voornemen (perceelsniveau) is een nadere toetsing niet aan de orde. 3.1.2 Besluit en ministeriële regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Barro, Rarro) Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) en de bijbehorende ministeriële regeling (Rarro) bieden de juridische kaders die nodig zijn om het ruimtelijk rijksbeleid als benoemd in de NOVI te borgen. De onderwerpen uit deze wettelijke regelingen dienen beperkingen te stellen aan de ruimtelijke besluitvormingsmogelijkheden op decentraal niveau. Volgens de kaarten behorende bij het Barro en het Rarro is het plangebied niet gelegen binnen een gebied met een relevante ruimtereservering op rijksniveau. Uit de kaarten volgt dat de locatie enkel is gelegen binnen het radarverstoringsgebied van het radarstation Herwijnen, waardoor een maximale bouwhoogte van 90 meter geldt t.o.v. NAP (voor windturbines) en binnen het radarverstoringsgebied van het radarstation Woensdrecht met een maximale bouwhoogte van 113 meter t.o.v. NAP. Het plan voorziet in woningbouw met reguliere bouwhoogtes. Dergelijke bouwhoogtes waarvoor het Barro en het Rarro een bescherming kennen zijn bij het voorgenomen plan dus niet aan de orde, waardoor genoemde hoogtes met zekerheid niet in het geding komen.
Met het voornemen zijn geen nationale belangen of nationaal aangewezen gebieden gemoeid, dan wel worden deze met de voorgenomen planregeling adequaat beschermd. Het Barro en Rarro worden dus gerespecteerd bij de planuitvoering. 3.1.3 Ladder voor duurzame verstedelijking In artikel 3.1.6, tweede lid van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is de ‘ladder voor duurzame verstedelijking’ opgenomen. De vernieuwde vorm van dit toetsingsinstrument voor zorgvuldig ruimtegebruik bij stedelijke ontwikkelingen is op 1 juli 2017 in werking getreden. Dit motiveringsvereiste houdt in dat de toelichting bij een plan dat ‘een nieuwe stedelijke ontwikkeling’ mogelijk maakt, een beschrijving bevat van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het plan de ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien. Een stedelijke ontwikkeling is in het Bro gedefinieerd als ‘ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen’. Om te toetsen aan de ladder is ten eerste relevant of er sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling.
Op 28 juni 2017 is door de Afdeling Bestuursrechtspraak Raad van State de ‘overzichtsuitspraak’ (ECLI:NL:RVS:2017:1724) met betrekking tot de ladder voor duurzame verstedelijking uitgebracht. In deze uitspraak wordt o.a. gesteld dat een ontwikkeling voldoende substantieel dient te zijn om aangemerkt te kunnen worden als nieuwe stedelijke ontwikkeling. Als relevant uitgangspunt is hierbij benoemd dat indien een bestemmingsplan voorziet in niet meer dan 11 woningen die gelet op hun onderlinge afstand als één woningbouwlocatie kunnen worden aangemerkt, deze ontwikkeling in beginsel niet als een stedelijke ontwikkeling wordt aangemerkt. In onderhavig plan wordt voorzien in de toevoeging van twee woningen. De voorgenomen invulling van het plan met deze woningaantallen kan derhalve met zekerheid niet worden aangemerkt als een stedelijke ontwikkeling. De ladder voor duurzame verstedelijking is derhalve niet van toepassing.
3.2
Provinciaal beleid
3.2.1 Structuurvisie 2010 – partiële herziening 2014 De Structuurvisie 2010 – partiële herziening 2014 (SVRO 2014) is vastgesteld op 7 februari 2014 en betreft een herziening van de Structuurvisie Ruimtelijke Ordening 2010. De structuurvisie geeft de hoofdlijnen van het provinciaal ruimtelijk beleid tot 2025 (met een doorkijk naar 2040). De visie is bindend voor het ruimtelijk handelen van de provincie. Het is de basis voor de wijze waarop de provincie de instrumenten inzet die de Wet ruimtelijke ordening biedt. De visie is geconcretiseerd tot een kaderstellende set regels in de Verordening ruimte Noord-Brabant en vervolgens overgenomen in de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant.
Toelichting Bestemmingsplan ‘Helvoirtsestraat ong. (tussen 13 en 13a), Helvoirt’
18
De Structurenkaart is ingetekend op globaal niveau en ondersteunt de provinciale structuurvisie. Op meer gedetailleerd niveau is de Structurenkaart uitgewerkt in de kaarten behorende bij de Verordening ruimte Noord-Brabant, thans Interim omgevingsverordening Noord-Brabant. Uit de Structurenkaart (Afbeelding 8) volgt dat het plangebied is gelegen binnen de ‘groenblauwe mantel’, nabij de ‘kern in het landelijk gebied’. De groenblauwe mantel bestaat overwegend uit gemengd landelijk gebied met belangrijke nevenfuncties voor natuur en water. Het zijn gebieden grenzend aan het kerngebied natuur en water, die bijdragen aan de bescherming van de waarden in het kerngebied. Het behoud en vooral de ontwikkeling van natuur, water en landschap is in de groenblauwe mantel een belangrijke opgave. Binnen de groenblauwe mantel is de agrarische sector een grote en belangrijke grondgebruiker. Het is nodig deze positie te behouden en/of een ontwikkeling in grondgebonden agrarisch gebruik te bevorderen. Er zijn ook diverse recreatieve en toeristische functies binnen de groenblauwe mantel aanwezig. Nieuwe ontwikkelingen binnen de groenblauwe mantel zijn mogelijk, als deze de bestaande natuur-, bodem- en waterfuncties respecteren of bijdragen aan een kwaliteitsverbetering van het landschap.
Ontwikkelingen passen qua aard en schaal bij het ontwikkelingsperspectief voor de groenblauwe mantel en houden rekening met de omliggende waarden. Ontwikkelingsmogelijkheden voor de intensievere functies (zoals stedelijke ontwikkelingen, bezoekersintensieve recreatie en concentratiegebieden voor intensieve landbouwfuncties) zijn strijdig met de doelen die in de groenblauwe mantel worden nagestreefd. Het plangebied ligt in directe nabijheid van de aangeduide ‘kern in het landelijk gebied’. De kleinere kernen van provincie Noord-Brabant maken meer deel uit van het omliggende landschap en hebben nog een natuurlijke overgang richting het landschap. In o.a. de kernen in het landelijk gebied wordt de lokale behoefte voor verstedelijking opgevangen (wonen, werken en voorzieningen). Onderhavige ontwikkeling betreft de realisatie van twee woningen, waarvoor ruimte-voor-ruimte titels worden aangekocht, op de overgangszone van de kern van Helvoirt richting het buitengebied. Hierbij worden bestaande functies en waarden gerespecteerd, zoals bovendien nader gemotiveerd in onderhavige toelichting. In de huidige situatie is er aan de noordelijke kernrand van Helvoirt sprake van een abrupte overgang van het bebouwingslint richting het buitengebied. Het aanwezige landbouwperceel ten noorden van Helvoirtseweg 13a is hierbij de grootste open ruimte aan deze zijde van dit lint.
Dit wordt mede verklaard doordat in het verleden ter plaatse een boerderij met bijgebouwen aanwezig is geweest. Vanaf Helvoirtseweg 13 is weer sprake van een bebouwingslint met een hogere bebouwingsdichtheid en met open ruimtes en doorzichten richting het achterliggende landschap. Met het voorgenomen woningbouwplan wordt de overgangszone van de kern richting het buitengebied verzacht, waardoor een logische stedenbouwkundige afronding ontstaat. De bebouwingsdichtheid neemt hierdoor meer geleidelijk af, door de toepassing van royale woonkavels. Hierdoor blijven openheid en zichtlijnen richting het achterliggende landschap behouden. Tevens blijft het aanwezige agrarische grondgebruik gedeeltelijk behouden. Het woningbouwplan zorgt dus voor een kwalitatieve afronding van de kern, met een natuurlijke overgang richting het landschap en buitengebied. De regels uit de SVRO 2014 zijn nader geconcretiseerd in de provinciale verordening, waaraan navolgend zal worden getoetst. Uit het bovenstaande volgt echter dat het voornemen passend te achten is binnen de uitgangspunten van de SVRO 2014.
Toelichting Bestemmingsplan ‘Helvoirtsestraat ong. (tussen 13 en 13a), Helvoirt’
19
Afbeelding 8: Uitsnede Structurenkaart SVRO 2014, plangebied globaal rood omkaderd weergegeven. (Bron: www.ruimtelijkeplannen.nl).
3.2.2 Omgevingsvisie ‘De kwaliteit van Brabant’ Provinciale Staten van Noord-Brabant hebben op 14 december 2018 de Omgevingsvisie ‘De kwaliteit van Brabant’ vastgesteld. Deze omgevingsvisie bevat de hoofdlijnen van het provinciale beleid voor de fysieke leefomgeving. De omgevingsvisie beschrijft daarvoor de strategische hoofdopgaven voor de lange termijn over klimaatverandering, energietransitie, verstedelijking en bereikbaarheid, concurrerende duurzame economie en de basis op orde. De omgevingsvisie heeft een wettelijke basis in het omgevingsrecht (komende Omgevingswet) en vervangt uiteindelijk de strategische elementen van huidige provinciale plannen, zoals de structuurvisie, het verkeers- en vervoersplan, het milieu- en waterplan en de natuurvisie. De omgevingsvisie ziet op een strategische gebiedsopgave voor de provincie als geheel en formuleert daarbij de ambities voor de toekomst, richting 2050 en met een tussenstap in 2030. Niet wordt vastgelegd hoe deze doelen precies bereikt gaan worden. Met een open blik is centraal uitgangspunt om vanuit alle partijen en disciplines de visie voor Brabant verder te gaan uitwerken. Deze verdere uitwerking van de ambities betreft de navolgende opgave voor de komende bestuursperiodes en zal terecht komen in nog op te stellen programma’s.
Om de ambities (het Panorama) te realiseren en Brabant in de toekomst welvarend, verbonden en klimaatproof te laten zijn, worden er vier hoofdopgaven onderscheiden: • Werken aan de Brabantse energietransitie;
Toelichting Bestemmingsplan ‘Helvoirtsestraat ong. (tussen 13 en 13a), Helvoirt’
20
• • •
Werken aan een klimaatproof Brabant; Werken aan de slimme netwerkstad; Werken aan een concurrerende, duurzame economie.
De basisopgave is daarbij een balans tussen beschermen (een veilige leefomgeving, een gezonde leefomgeving, met waarborg voor een goede omgevingskwaliteit inclusief natuur) en benutten (optimaal gebruik en ontwikkelen van de leefomgeving om maatschappelijke behoeften te vervullen). Tevens wordt de opvatting van de wetgever en de doelstelling van de Omgevingswet gedeeld om bevoegdheden en verantwoordelijkheden zo laag mogelijk weg te leggen. De gemeente is de eerstverantwoordelijke waar het gaat om ontwikkelen en beschermen van de fysieke leefomgeving. Anderzijds zijn er zaken die het schaalniveau van een gemeente te boven gaan en hebben provincies vanuit de wet specifieke taken en bevoegdheden. Vanuit deze basisgedachte wordt naar de beste rolverdeling gezocht ter verwezenlijking van de strategische ambities. Tevens is in de omgevingsvisie het principe van ‘diep, rond en breed’ kijken geïntroduceerd. Dit is een hulpmiddel om te zoeken naar oplossingen en het leggen van verbindingen voor maatschappelijke opgaven. • Diep: We kijken naar de eigenschappen van de ondergrond, het landschap, de infrastructuur en de mate van verstedelijking. Hierbij kijken we ook naar de historie van de lagen op een plek en de effecten van ontwikkelingen op de onderste lagen.