Bijlage - Toelichting Bestemmingsplan
Tekst van het document
De maximuminhoud van een woning bedraagt maximaal 750 m³, tenzij op de verbeelding anders is aangegeven. Dat is het geval bij het landhuis (maximaal 1.500 m³). De maximale bouw- en goothoogten zijn eveneens op de verbeelding aangegeven. Ook zijn in de bouwregels bepalingen opgenomen over de kap van een hoofdgebouw, ondergrondse bouwwerken, bijbehorende bouwwerken en bouwwerken, geen gebouw zijnde. Een deel van deze bestemming heeft de aanduiding 'middelhoge en hoge archeologische verwachtingswaarde'. Bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor slopen en/of bouwen wordt als voorwaarde gesteld dat de sloop en/of bouw wordt begeleid door een door het bevoegd gezag aan te wijzen archeoloog. Artikel 9. Waarde - Archeologie 3 (gebied van archeologische waarde) In dit bestemmingsplan zijn twee dubbelbestemmingen opgenomen om de eventuele archeologische waarden te beschermenDeze zijn gebaseerd op het beleidskader archeologie 2022. Het beleidskader omvat archeologische verwachtings- en beleidskaarten en per verwachtingswaarde normen wanneer archeologisch onderzoek wordt vereist bij een bepaalde mate van bodemverstoring. De opbouw van deze dubbelbestemmingen ziet er als volgt uit: Bestemmingsomschrijving De omschrijving van de doeleinden. Hierbij gaat het in beginsel om een beschrijving van de aan de grond toegekende functies.
De gronden gelegen binnen de dubbelbestemmingen zijn bestemd voor de bescherming en veiligstelling van de ter plaatse in de grond aanwezige of te verwachten waarden, waarbij geldt dat de dubbelbestemmingen prevaleren boven de andere aldaar geldende bestemmingen.
57
Bouwregels In de bouwregels wordt, per dubbelbestemming, voor het oprichten van een bouwwerk groter dan X m² en met een bodemverstoring dieper dan X m onder maaiveld vastgelegd dat de aanvrager een rapport moet overleggen, waarin de archeologische waarde van de gronden waarop de aanvraag betrekking heeft, in voldoende mate is vastgesteld. Indien uit het rapport blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door het verlenen van de omgevingsvergunning zullen of kunnen worden verstoord, kan het bevoegd gezag één of meerdere van de volgende voorwaarden verbinden aan de omgevingsvergunning. Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden In de dubbelbestemmingen ten behoeve van eventuele archeologische waarden is een vergunningenstelsel opgenomen voor de gronden gelegen binnen deze dubbelbestemmingen. Hierin worden bepaalde werken en/of werkzaamheden vergunningplichtig gesteld. Bij de beoordeling van de vraag of en in welke mate bepaalde werken en/of werkzaamheden toelaatbaar worden geacht gelden enkele maatstaven. Zo geldt dat de archeologische waarden van de betreffende gronden niet onevenredig aangetast mogen worden.
Omgevingsvergunning voor het slopen van een bouwwerk In de dubbelbestemmingen ten behoeve van eventuele archeologische waarden is een vergunningenstelsel opgenomen voor de gronden gelegen binnen deze dubbelbestemmingen. Hierin wordt het slopen van bepaalde bouwwerken vergunningplichtig gesteld. Bij de beoordeling van de vraag of en in welke mate bepaalde werken en/of werkzaamheden toelaatbaar worden geacht gelden enkele maatstaven. Zo geldt dat de archeologische waarden van de betreffende gronden niet onevenredig aangetast mogen worden. Toelaatbaarheid Daarnaast moet uit een archeologisch onderzoek, naar het oordeel van het bevoegd gezag, in voldoende mate blijken dat de archeologische waarden in voldoende mate zijn zeker gesteld, of dat er geen archeologische waarden aanwezig zijn, of dat de archeologische waarden niet of niet onevenredig worden geschaad. Het archeologisch onderzoek dient te voldoen aan de binnen de beroepsgroep algemeen gangbare kwaliteitsafspraken en – criteria, zoals verwoord in de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie (KNA). Uitzondering Voor sommige bodemingrepen is een vergunning niet noodzakelijk. Deze uitzonderingen zijn de planregels bij de verschillende archeologische waarden bestemmingen terug te vinden. Advies Bij de beoordeling van een archeologisch onderzoek en van een PvE kan het bevoegd gezag advies vragen aan een deskundige.
58
Wijzigingsbevoegdheid Het bevoegd gezag kan de dubbelbestemming wijzigen of geheel of gedeeltelijk verwijderen, indien ter plaatse geen archeologische waarden meer aanwezig zijn. Binnen de dubbelbestemmingen zijn daarnaast op enkele locaties aanduidingen opgenomen voor afgegraven/ontgronden en opgehoogde terreinen Artikel 10. Waarde - Archeologie 4 (gebied met een hoge archeologische verwachting) Voor de omschrijving van dit artikel wordt verwezen naar de omschrijving van ‘artikel 9. Waarde – Archeologie 3’. Aanvullend geldt voor artikel 10 dat tevens de aanduiding ‘enkeerdgronden’ geldt, die bepaalt dat bij een aanvraag voor een omgevingsvergunning voor het oprichten van een bouwwerk groter dan respectievelijk 100, 250 en 10.000 m² en met een bodemverstoring dieper dan 0,3 m onder maaiveld of dieper dan 0,5 m onder maaiveld bij de aanduiding ‘enkeerdgronden’, de aanvrager een rapport dient te overleggen, waarin de archeologische waarde van de gronden waarop de aanvraag betrekking heeft, in voldoende mate is vastgesteld. 6.3.3. Algemene regels Hoofdstuk 3 bevat de algemene regels. Dit hoofdstuk bevat een aantal algemene regels die gelden voor het hele plangebied. Het betreft de anti-dubbeltelregel, algemene bouwregels, algemene gebruiksregels, algemene afwijkingsregels, algemene wijzigingsregels, algemene procedureregels en overige regels. Artikel 11.
Anti-dubbeltelregel Om misbruik van de bouwregels te voorkomen, is in dit artikel bepaald dat gronden, die al eens als berekeningsgrondslag voor een omgevingsvergunning hebben gediend, niet nogmaals als zodanig kunnen dienen. Artikel 12. Algemene bouwregels Hierin is nader geregeld tot in welke mate ondergeschikte bouwonderdelen niet meetellen bij overschrijding van bouw- en bestemmingsgrenzen en van toegestane bouwhoogten. Ook is hierin een bepaling opgenomen hoe om te gaan met bestaande maten die afwijken van de maatvoering zoals opgenomen in de bouwregels uit hoofdstuk 2 van de regels. Ten slotte is een bepaling opgenomen voor het stellen van nadere eisen aan de plaats en afmetingen van bebouwing. Artikel 13. Algemene gebruiksregels In dit artikel zijn gebruiksverboden opgenomen. Voor het verbod op gebruik als kamergewijs bewoond pand is een afwijkingsbevoegdheid voor het college opgenomen. Artikel 14. Algemene afwijkingsregels Deze regels geven de mogelijkheid om via een omgevingsvergunning: • af te wijken van de voorgeschreven maatvoering, bestemmingsgrenzen en bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde; • af te wijken van de specifieke gebruiksregels voor het -onder voorwaarden- toestaan van afhankelijke woonruimte.
59
Artikel 15. Algemene wijzigingsregels In dit artikel wordt aan het college van burgemeester en wethouders de bevoegdheid gegeven om de in het plan opgenomen bestemmingen te wijzigen door het toestaan van een overschrijding van bestemmingsgrenzen in nader omschreven gevallen; Artikel 16. Algemene procedureregels In dit artikel wordt verwezen in welke wet de procedures zijn beschreven die gevolgd dienen te worden bij de voorbereiding van een besluit tot toepassen van een afwijking van het bestemmingsplan, een wijzigingsbevoegdheid, de nadere eisen-regeling, en de bevoegdheid tot het verlenen van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, en werkzaamheden, Artikel 17. Overige regels In de overige regels zijn regels opgenomen om te waarborgen dat voldoende parkeervoorzieningen conform het geldende gemeentelijke parkeerbeleid worden aangelegd en nadien in stand worden gehouden. Deze bepalingen zijn overgenomen uit het ‘parapluplan parkeren’ van gemeente Vught. 6.3.4. Overgangs- en slotregels Hoofdstuk 4 bevat de overgangs- en slotregel van het bestemmingsplan. In de overgangsregels (artikel 18) is het overgangsrecht voor bebouwing en gebruik geregeld. In de slotregel (artikel 19) is bepaald onder welke titel het plan wordt aangehaald.
60
Bijlagen Bijlage 1. Bijlage 2. Bijlage 3. Bijlage 4. Bijlage 5. Bijlage 6. Bijlage 7. Bijlage 8. Bijlage 9. Bijlage 10. Bijlage 11. Bijlage 12.
Bomenonderzoek, Cobra; Erratum Interim omgevingsverordening Noord-Brabant; Grondwaterinformatie, Waterschap De Dommel; Quickscan natuur, Cobra; Soortgericht onderzoek Wet natuurbescherming, Cobra; Milieukundig en geotechnisch bodemonderzoek, RSK; Onderzoek Wet geluidhinder, Cauberg Huygen; Quickscan trillingen, Cauberg Huygen; Projectgebonden combinatieonderzoek explosieven, Expload; Omgevingsdialoog, Venterra; AERIUS-berekening, Pittiger in Planologie; Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen, gemeente Vught.
61