CConstaterende datVught
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage - Toelichting

Raadsvergadering 13 maart 2025, gemeente VughtBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan 'Parkeren Buitenmuseum Landgoed Haanwijk/Oud Herlaer’18.707 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Volgens art. 3.1 lid 4 en lid 5 Wnb is het verboden vogels opzettelijk te storen, tenzij de storing niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort.

Vastgesteld Crijns Rentmeesters bv

54

Bestemmingsplan ‘Parkeren Buitenmuseum ‘Landgoed Haanwijk/Oud Herlaer’

Vogels die zich al in een ongunstige staat van instandhouding bevinden en gevoelig zijn voor verstoring worden echter niet verwacht. Jaarrond beschermde nesten •

Nestlocaties van soorten waarvan het nest jaarrond wordt beschermd kunnen niet op voorhand worden uitgesloten binnen de invloedsfeer van de werkzaamheden. Het betreft de ijsvogel (Alcedo atthis) die mogelijk in de oevers van de Dommel en Essche Stroom kan broeden en de boomkruiper (Certhia brachydactyla) die in de houtsingel kan broeden. Om een overtreding te voorkomen is het noodzakelijk de werkzaamheden uit te voeren buiten het broedseizoen van deze soorten. Omdat er zowel niet op de oevers als in de houtsingel wordt gewerkt zullen nesten fysiek niet worden aangetast.

Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn •

De aanwezigheid van verblijfplaatsen van vleermuizen kan op voorhand worden uitgesloten. Wel vormt de Dommel een belangrijk foerageergebied voor veel vleermuizen en kunnen de waterlopen mogelijk functioneren als essentiële vliegroute. Om te zorgen dat deze vliegroute en het foerageergebied goed blijft functioneren zal de verstoring door licht moeten worden voorkomen.

•

De aanwezigheid van teunisbloempijlstaart Proserpinus proserpina niet op voorhand worden uitgesloten. Er zijn namelijk voldoende geschikte waardplanten aanwezig voor deze soort. Aanvullend onderzoek moet uitsluiten of deze soort aanwezig is of niet.

Beschermingsregime ‘andere soorten’ •

Verblijfplaatsen

van

een

groot

aantal

soorten

die

zijn

beschermd

onder

het

beschermingsregime ‘andere soorten’ kunnen niet op voorhand worden uitgesloten. De meeste aanwezige soorten zijn echter vrijgesteld volgens de Interim omgevingsverordening NoordBrabant. Een overtreding van de verbodsbepalingen onder dit beschermingsregime is daarom niet aan de orde. •

Dit geldt echter niet voor verschillende marterachtigen als wezel (Mustela nivalis), bunzing (Mustela putorius), hermelijn (Mustela erminea), das (Meles meles), en steenmarter (Martes foina). Aanvullend onderzoek met wildcamera’s moet uitsluiten of verschillende marterachtigen aanwezig zijn of niet. Vanwege de verbindingsfunctie die het plangebied kan hebben voor marterachtigen wordt aangeraden om een langere periode onderzoek uit te voeren dan de gebruikelijke 12 weken.

Zorgplicht •

Voor soorten die zijn vrijgesteld, geldt wel de zorgplicht. Dit betekent dat er maatregelen moeten worden genomen om negatieve effecten zoveel mogelijk te voorkomen, te beperken of ongedaan te maken. Maatregelen die genomen kunnen worden zijn: - Let continue op aanwezige individuen binnen het werkterrein (denk aan algemeen voorkomende amfibieën en zoogdieren) en verplaats deze naar een vergelijkbare, veilige plek buiten de invloedssfeer van de werkzaamheden. - Bij grondwerkzaamheden moet er één kant op moet worden gewerkt, zodat soorten de kans krijgen om te vluchten. Werk bij voorkeur richting de voorzijde van het perceel om verkeersslachtoffers te voorkomen.

Vastgesteld Crijns Rentmeesters bv

55

Bestemmingsplan ‘Parkeren Buitenmuseum ‘Landgoed Haanwijk/Oud Herlaer’

5.7

Archeologie en cultuurhistorie

Archeologische vondsten in het plangebied zijn niet bekend. Het plangebied kent op grond van het ‘Paraplubestemmingsplan Archeologie’ de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 5’. Een verstoring van de bodem groter dan 250 m² en dieper dan 0,30 meter is op grond van dit bestemminsplan niet zondermeer mogelijk. Een archeologisch onderzoek is alsdan vereist. De grond waarop de parkeerplaats wordt aangelegd is in het verleden opgehoogd met 50-75 cm. bouwpuin en afgedekt met grond. Aangezien de werkzaamheden niet dieper plaats zullen vinden dan 50 cm. zal er geen verstoring plaats vinden van het onder de ophoging gelegen oorspronkelijke bodemprofiel. Dit geldt ook voor de aanplant van bomen. Een plantgat zal niet dieper zijn dan 30 cm. tot maximaal 50 cm.. Een verkennend archeologisch onderzoek ten behoeve van de ingreep in de bodem is dan is dan ook niet vereist. Op de Cultuurhistorische waardenkaart van Provincie Noord-Brabant staat het ‘Landgoed Haanwijk/Oud Herlaer’ als een complex van cultuurhistorisch belang met historische geografische lijnelementen van zeer hoge waarde (de lanen met opgaande bomen en de dijken). De bossen rondom het landgoed zijn aangemerkt als historisch groen. De gebouwen zijn veelal aangemerkt als een rijksmonument. Het plangebied maakt geen onderdeel uit van het complex van cultuurhistorisch belang. Het plangebied ligt immers net buiten dit complex.

Het plangebied is wel aangeduid als cultuurhistorisch waardevol gebied en als Cultuurhistorisch landschap. Op onderstaande kaart is dit zichtbaar.

Figuur 21: Kaart archeologische en cultuurhistorische waarden (Kaartbank Noord-Brabant). Het plangebied is globaal aangegeven met een rode cirkel.

Het gevarieerde landschap tussen 's-Hertogenbosch en Sint-Michielsgestel, bestaat uit een aaneengesloten complex van landgoederen. We vinden er enkele kastelen, akkers, graslanden en bosopstanden van loof- of naaldhout met verspreid op terpen of tegen dijklichamen gelegen hoeven. De verdeling in hogere en lagere gronden is in het bodemgebruik en de percelering nog goed te herkennen. In de laaggelegen gebieden is de percelering strookvormig en bestaan de percelen grotendeels uit grasland. De hogere gronden zijn in gebruik als bouwland of bos. Het gebied wordt Vastgesteld Crijns Rentmeesters bv

56

Bestemmingsplan ‘Parkeren Buitenmuseum ‘Landgoed Haanwijk/Oud Herlaer’

doorsneden door diverse oude, deels middeleeuwse dijklichamen, al dan niet voorzien van groenopstanden en oude lanen. De dijken zijn aangelegd om het water van de Beerse Maas te keren; sommige hadden ook een militaire functie in verband met de inundatieterreinen rond 's-Hertogenbosch. Ten zuiden van Sterrenbosch, vlak bij een afgesneden meander van de Dommel, ligt de hoeve Out Herlaer, een langgevelboerderij die op de fundamenten van het in 1737 afgebroken kasteel Oud Herlaer is gebouwd. Oud Herlaer wordt voor het eerst genoemd in 1076. Centraal in het gebied ligt landgoed Haanwijk aan een oude meander van de Dommel en omringd door diverse met opgaand groen beplante dijklichamen. Haanwijk is een voormalig jachtslot, waarvan de kern uit 1649 dateert. Het werd verbouwd in 1834. Het huis wordt omgeven door diverse woningen, verspreid gelegen boerderijen en het voormalig veerhuis 't Vaantje. Een lange rechte laan loopt van het landhuis naar het veerhuis. De verschillende gebouwen stammen uit de periode 1600-1900. De verhoogd gelegen oprijlaan is voorzien van laanbeplanting van esdoorns. In het zuiden van het gebied bevindt zich op de rechteroever van de Dommel, nabij een oude dijk tegenover het gehucht Halder, het klooster Nieuw-Herlaer. In de periode rond 1900 is zowel de Essche Stroom als de Dommel stroomopwaarts van het plangebied rechtgetrokken.

De voormalige meanders zijn in de loop van de tijd afgesneden en gedeeltelijk gedicht. Omstreeks 1975 is de Haldersebaan, toen nog Gestelseweg geheten, eveneens rechtgetrokken en is ter hoogte van het plangebied een nieuwe brug aangelegd. Door de aanleg van de Haldersebaan is de oorspronkelijke beemdenstructuur doorsneden. In die zelfde periode is de Dommel nogmaals verlegd en rechter getrokken, waardoor Nieuw Herlaer door de Dommel is afgescheiden van het gehucht Halder. De beplanting aan de rand van het plangebied (wegbeplanting Haldersebaan en populieren langs de Dommel en langs de Essche stroom) stamt uit ca. 1985. De ophoging van het plangebied is eveneens uit deze periode. Onderstaand is een topografische kaart uit 1930 en een topografische kaart uit 1980 opgenomen. Duidelijk is het rechttrekken van de Dommel en het rechttrekken van de Haldersebaan te zien.

Figuur 22: Foto van het plangebied en de omgeving 1930 en 1980. Het plangebied is globaal met een rode cirkel aangegeven.

Vastgesteld Crijns Rentmeesters bv

57

Bestemmingsplan ‘Parkeren Buitenmuseum ‘Landgoed Haanwijk/Oud Herlaer’

6. JURIDISCHE VORMGEVING 6.1

Inleiding

Een bestemmingsplan is een planologische regeling die zowel de burger als de overheid rechtstreeks bindt. De regels en verbeelding dienen als één geheel te worden beschouwd en kunnen niet los van elkaar worden gezien. De toelichting op de regels en verbeelding is niet juridisch bindend, maar biedt wel inzicht in de belangenafweging die tot de aanwijzing van bestemmingen heeft geleid. Bovendien draagt de toelichting bij aan de planinterpretatie.

6.2

Toelichting op de verbeelding

De verbeelding heeft een belangrijke rol bij het bepalen van de gebruiks- en bebouwingsmogelijkheden in het plangebied. Daartoe zijn op de verbeelding onder meer bestemmingsvlakken en functieaanduidingen opgenomen. De verbeelding bestaat uit een planverbeelding, getekend op een digitale kadastrale ondergrond. De bestemming ‘Natuur’ met aanduiding ‘parkeerterrein’ is aangegeven voor de locatie waar daadwerkelijk een parkeerplaats wordt gerealiseerd die gedurende het gehele jaar opengesteld is voor bezoekers van het buitenmuseum. De aanduiding ‘pad’ verwijst naar het aangrenzende wandelpad. De verbeelding verwijst naar de regels, waarin de parkeerplaats voor het plangebied is opgenomen. De analoge verbeelding bestaat uit één kaartblad, getekend op een kadastraal ondergrond, schaal 1:1.000.

6.3

Algemene toelichting op de regels

De opbouw van de regels is gelijk aan Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012. De opbouw is als volgt: -

Betekenisafspraken (Hoofdstuk 1 Inleidende bepalingen);

-

De gebruiks- en bouwregels per bestemming (Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels);

-

Algemene regels (Hoofdstuk 3 Aanvullende regels);

-

Overige regels (Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels).

Een bestemmingsartikel (Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels) wordt uit de volgende leden in deze volgorde opgebouwd: -

Bestemmingsomschrijving;

-

Bouwregels;

-

Nadere eisen;

-

Specifieke gebruiksregels;

-

Afwijking van de gebruiksregels;

-

Omgevingsvergunning voor het aanleggen.

De specifieke afwijkingsbevoegdheden en wijzigingsbevoegdheden zijn zoveel mogelijk per bestemming opgenomen. Hierdoor wordt direct per bestemming inzicht geboden in de eventuele afwijkingsmogelijkheden en de toegankelijkheid van het bestemmingsplan bevorderd. Met betrekking tot de regels is aangesloten bij het vigerende bestemmingsplan voor het plangebied. Vastgesteld Crijns Rentmeesters bv

58

Bestemmingsplan ‘Parkeren Buitenmuseum ‘Landgoed Haanwijk/Oud Herlaer’

7. UITVOERBAARHEID 7.1

Economische uitvoerbaarheid

Op 1 juli 2008 is samen met de Wet ruimtelijke ordening, de Grondexploitatiewet (Grexwet) in werking getreden. In deze Grexwet is bepaald dat een gemeente bij het vaststellen van een planologische maatregel dat mogelijkheden biedt voor de bouw van één of meer hoofdgebouwen, verplicht is maatregelen te hebben genomen die verzekeren dat de kosten die gepaard gaan met de ontwikkeling van de locatie worden verhaald op de initiatiefnemer van het plan. Voor de ontwikkeling van dit plan is er sprake van een particulier initiatief. De initiatiefnemer zal derhalve met de gemeente Vught een (anterieure) overeenkomst sluiten. Op deze wijze is de financiële haalbaarheid van het plan gegarandeerd.

7.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

Dit bestemmingsplan zal conform de wettelijke vereisten kenbaar worden gemaakt. Naar aanleiding van zienswijzen op het bestemmingsplan zal een heroverweging op deze onderdelen plaatsvinden en kan besloten worden dit bestemmingsplan op een aantal punten gewijzigd vast te stellen.

Vastgesteld Crijns Rentmeesters bv

59

Bestemmingsplan ‘Parkeren Buitenmuseum ‘Landgoed Haanwijk/Oud Herlaer’

8. Overleg, inspraak en procedure 8.1

Procedure

De bestemmingsplanprocedure conform de Wet ruimtelijke ordening wordt beschreven in afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht. In de Wet ruimtelijke ordening zijn hierop nog enkele wijzigingen beschreven. Samengevat is de bestemmingsplanprocedure als volgt: -

het ontwerpbestemmingsplan ligt gedurende 6 weken ter inzage;

-

gedurende deze periode kan een ieder schriftelijke of mondelinge zienswijzen naar voren brengen aan de gemeenteraad;

-

binnen twaalf weken na de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan stelt de gemeenteraad het bestemmingsplan vast;

-

de vaststelling van het bestemmingsplan dient binnen twee weken na de vaststelling bekend gemaakt te worden behoudens de hieronder genoemde uitzonderingen; -

Gedeputeerde Staten hebben een zienswijze ingediend en deze zienswijze is niet of niet volledige door de gemeenteraad meegenomen in het vastgestelde bestemmingsplan.

-

De gemeenteraad heeft bij de vaststelling van het bestemmingsplan ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan - met uitzondering van het overnemen van de zienswijzen van Gedeputeerde Staten wijzigingen aangebracht.

Is één van bovenstaande twee gevallen aan de orde, dan mag het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan pas bekend worden gemaakt nadat zes weken zijn verstreken. Het bestemmingsplan wordt dan voor zes weken ter inzage gelegd waartegen beroep kan worden ingesteld. Wanneer er geen beroep wordt ingesteld, dan treedt het bestemmingsplan in werking en wordt het bestemmingsplan onherroepelijk. Wanneer

een

beroep aanhangig is

gemaakt treedt het

bestemmingsplan in werking maar wordt (vooralsnog) niet onherroepelijk. Bij het instellen van een voorlopige voorziening kan het bestemmingsplan worden geschorst en treedt dan niet in werking.

8.2

Overleg

Artikel 3.1.1 van het Besluit op de ruimtelijke ordening geeft aan dat bij de voorbereiding van een bestemmingsplan burgemeester en wethouders overleggen met het bestuur van de bij het plan betrokken waterschap. Waar nodig plegen zij tevens overleg met besturen van andere gemeenten, met de provincie en met eventuele andere diensten van Rijk en provincie die belast zijn met de behartiging van belangen die in het plan in het geding zijn. Dit bestemmingsplan is in het kader van het wettelijk vooroverleg aangeboden aan de Provincie NoordBrabant en Waterschap De Dommel. De opmerkingen van beide vooroverlegpartners zijn verwerkt.

8.3

Zienswijzen

Het ontwerpbestemmingsplan heeft gedurende een termijn van 6 weken ter inzage gelegen voor de zienswijzentermijn. Gedurende deze inzagetermijn zijn zienswijzen op het ontwerpbestemmingsplan Vastgesteld Crijns Rentmeesters bv

60

Bestemmingsplan ‘Parkeren Buitenmuseum ‘Landgoed Haanwijk/Oud Herlaer’

ontvangen van de Provincie Noord-Brabant en van het IVN/ Natuur- en milieugroep Vught. De beantwoording van de zienswijzen is in de bijlage van het plan opgenomen.

Vastgesteld Crijns Rentmeesters bv

61

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Vught&id=546ff72e-8264-4a9d-a5b1-f9e2a92d9c04