Bijlage - Nota Armoede en schulden 'Samen voor Perspectief' 2024 -2027
Tekst van het document
Samen voor Perspectief 2024- 2027 Nota armoede- en schulden Gemeente Vught
1
Inhoud Inleiding ......................................................................................................................................................... 4 Totstandkoming .................................................................................................................................. 4 Leeswijzer ............................................................................................................................................. 4 1.
Armoede en schulden – trends en ontwikkelingen algemeen ..................................................... 5 Wat is armoede? ....................................................................................................................................... 5 Wat zijn problematische schulden? ....................................................................................................... 5 Schuldenproblematiek ............................................................................................................................. 5 Wat is de armoedeval? ............................................................................................................................. 5 Laaggeletterdheid................................................................................................................................. 6 Financiële problemen door live-events ............................................................................................ 6 Opgroeien in armoede ........................................................................................................................ 6 Jongeren ................................................................................................................................................
6 Wat doet financiële stress met de mens? .............................................................................................. 7 Hoge kosten voor de maatschappij door schulden............................................................................. 7 Wantrouwen overheid ............................................................................................................................. 7 Wat is het wettelijke kader? .................................................................................................................... 7 Landelijke ontwikkelingen - Rijksbeleid ............................................................................................... 7 Overige landelijke ontwikkelingen ........................................................................................................ 8
2.
-
Gewoon geld geven................................................................................................................................. 8
-
Instituut voor publieke waarden: de doorbraakmethode, ‘de bedoeling’ opnieuw uitgevonden ..................... 9 Analyse Vught - Omvang en beeld van de doelgroep ................................................................... 9 Inkomstenbron: ................................................................................................................................... 9 Samenstelling huishoudens: ............................................................................................................. 10
3. Probleemstelling ..................................................................................................................................... 10 Gemeentelijke minimaregelingen zijn niet eenduidig en complex voor inwoners en partners .............................................................................................................................................................. 10 Veel verschillende minimaregelingen, lokale partners en (landelijke) instanties ...................... 10 Vraag en aanbod van regelingen komen niet altijd overeen........................................................ 11 Schuldenproblematiek bij jongeren ................................................................................................ 11 4. Oplossingen – Visie, doelen en aanpak .............................................................................................. 11 Visie ......................................................................................................................................................... 11 Aanpak: de drie V’s................................................................................................................................ 13 I Versterken ........................................................................................................................................
13 II Vereenvoudigen ............................................................................................................................ 17 III Vertrouwen................................................................................................................................... 19 5. Samenwerking........................................................................................................................................ 19 6. Meetbaar en merkbaar ........................................................................................................................... 20 2
Bijlage 1 Cijfers CBS 2021 ........................................................................................................................ 22 Bijlage 2 Kernteam Bestaanszekerheid.................................................................................................... 25 Bijlage 3 Minimaregelingen van de Gemeente Vught ........................................................................... 27 Bijlage 4 Regelingen op basis van een hulpvraag ................................................................................... 28 Bijlage 5 Totstandkoming ........................................................................................................................ 29 Bijlage 6 Uitvoeringskosten Beleid Armoede en schulden (per jaar) 2024 -2027 ............................ 31
3
Inleiding In het Coalitieakkoord Vught 2023-2026 Een nieuwe start is opgenomen, dat het armoede- en schuldenbeleid wordt herijkt. De bestuurlijke ambitie: integrale inzet op gezondheid, preventie, inclusie, vroegtijdige interventie en maatwerk komt terug in het nieuwe armoede- en schuldenbeleid voor de komende jaren zodat iedereen kan meedoen in de samenleving. Hiermee sluiten we aan bij de centrale doelstelling en de uitganspunten van de Lokale Sociale Agenda. Dit is het beleidsplan armoede en schulden 2024-2027. Een plan dat stevig inzet op het voorkomen van armoede en schulden, het bieden van uitzicht op een betere toekomst en het creëren van gelijke kansen om mee te doen. Een plan waarin we versterken wat goed is en de verbinding verstevigen tussen partners en initiatieven die er al zijn. Armoede is breder dan alleen inkomensachterstelling. Het kan ook samengaan met andere ongunstige levensomstandigheden. In dat geval is sprake van sociale uitsluiting, zo stelt ook het Centraal Bureau voor de statistiek (CBS). Armoede is een complex van achterstanden die elkaar onderling versterken en een kloof slaan met de rest van de samenleving. Het gaat om achterstanden in gezondheid, werken, wonen, opleiding, sociale vaardigheden, politieke deelname en vrijetijdsbesteding.
Totstandkoming We hebben met inwoners, lokale partners en professionals gesproken over de thema’s armoede en schulden. Informatie is gedeeld en opgehaald. De gemeenteraad heeft tijdens een opiniërende raadsronde van de startnotitie actief hun bijdrage geleverd aan de inhoud van de nota. Maatschappelijke lokale partners hebben meegedacht over uitgangspunten en doelen. We hebben inwoners en ervaringsdeskundigen uitgenodigd om hun ideeën te delen (Omarmen, een narratief onderzoek en via WijinVught.nl). Ook de Adviesraad Sociaal Domein (ASD) is betrokken bij de nota. Met iedereen is op een interactieve manier gekeken welke zaken zij belangrijk vinden in de aanpak armoede en schulden (bijlage 5). De rode draad hiervan is terug te vinden in het beleidsplan. In de uitvoering van de nota zoeken we de samenwerking op. We betrekken inwoners, lokale partners en professionals bij de (door)ontwikkeling van onze doelen en activiteiten, maar ook bij de evaluatie, bijstelling en uitvoering. In dit beleidsplan nemen we u mee in de keuzes die de gemeente Vught voor de komende vier jaar maakt op het gebied van armoede en schulden. We nemen u mee in onze visie, aanpak en doelen. Daarnaast schetsen we hoe we deze doelen willen bereiken en hoe we het beleidskader meten en monitoren.
Leeswijzer In hoofdstuk 1 geven we een korte analyse van armoede en schulden, het wettelijk kader en landelijke ontwikkelingen op het gebied van armoedebestrijding. Hoofdstuk 2 geeft een analyse van de omvang en een beeld van de doelgroep armoede en schulden in de gemeente Vught. In hoofdstuk 3 wordt de probleemstelling voor de gemeente Vught weergegeven en in hoofdstuk 4 beschrijven we oplossingen maar ook de visie, doelen en aanpak. Hoofdstuk 5 beschrijft de samenwerking met de verschillende partijen en het netwerk armoede en in hoofdstuk 6 omschrijven we meetbare- en merkbare doelen. In de bijlagen vindt u cijfers, overzichten van regelingen (van de gemeente Vught en o.b.v. een hulpvraag en het totale aanbod, de totstandkoming (participatietraject) en het uitvoeringbudget bij het herijkte beleid 2024- 2027.
4
1. Armoede en schulden – trends en ontwikkelingen algemeen De energiecrisis en de inflatie hebben een negatieve impact op de economie en de samenleving. De groeiende armoede leidt tot een grotere tweedeling in de samenleving. We leven in een nieuwe werkelijkheid waarbij veel mensen een groot deel van hun inkomen aan energiekosten en boodschappen kwijt zijn. We zien na de coronaperiode een toename aan (hulp)vragen op het gebied van minimaregelingen en schuldhulpverlening en verwachten dat deze de komende tijd gaat toenemen omdat hulp voor schulden meestal pas jaren later gemeld worden. Wat is armoede? De definitie van armoede die het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) hanteert: mensen zijn arm wanneer ze gedurende langere tijd niet de middelen hebben voor de goederen en voorzieningen die in hun samenleving als minimaal noodzakelijk gelden. Hoewel de betekenis van armoede vaak gebaseerd is op een inkomensgrens, kan armoede ook veroorzaakt worden door schulden en door hoge lasten. Dan zijn inkomsten en uitgaven niet in evenwicht. Naast het financiële onderdeel heeft armoede ook sociale gevolgen (“doe ik mee? Heb ik dezelfde kansen?”) en een gevoelsmatig onderdeel (“voel ik me arm? Hoe beleef ik mijn financiële situatie?”). Definities van armoede zeggen daarmee niets over hoe armoede ervaren wordt.
Wat zijn problematische schulden? We spreken over problematische schulden wanneer het iemand niet lukt (voor langere periode) aan zijn/haar afbetalingsverplichting te voldoen. Het bedrag dat in drie jaar kan worden afgelost, is lager dan de totale schuldenlast. In die gevallen hebben mensen structureel te weinig geld om aan de betalingsverplichting te voldoen. Schulden lopen dan verder op. Schulden ontstaan bijna nooit als gevolg van één oorzaak. De oorzaak is vaak een combinatie van omgevingsfactoren, bewust en onbewust gedrag, onverwachte gebeurtenissen en/of persoonsgebonden zaken. Armoede- en schuldenproblematiek zijn vaak met elkaar verbonden. Door lange en problematische schulden, kan iemand uiteindelijk in armoede terecht komen. Andersom geldt ook dat wanneer mensen langdurig in armoede leven, zij een grotere kans hebben op problematische schulden. Schuldenproblematiek De schuldenproblematiek groeit, veel mensen wachten te lang om hulp te zoeken, of vinden deze niet. Flexibilisering van de arbeidsmarkt, met toenemende risico’s voor individuen, migratie, de toenemende ingewikkeldheid van de maatschappij en de nasleep van de Covid-19 pandemie spelen daarbij alle een rol. Daarbij draagt de dynamiek van schuldenproblematiek er ook aan bij dat mensen niet meer de veerkracht hebben om zich tot het uiterste in te spannen voor een oplossing.
Het is anno 2023 gemakkelijk om in de problematische schulden te geraken, maar heel moeilijk om er weer uit te komen. Dat is niet los te zien van de manier waarop we onze samenleving en het financiële verkeer daarin hebben ingericht. Veel inwoner blijven vast zitten in problematische schulden. Waar een inwoner dan mee te maken krijgt, bevat vaak paradoxale sancties: omdat je nieuwe schulden maakt, word je uit de minnelijke of wettelijke schuldregeling gezet. Daar lijdt niet alleen de schuldenaar onder, maar ook de partner en de kinderen, en bovendien de samenleving als geheel vanwege de hoge maatschappelijke kosten Wat is de armoedeval? Armoedeval betekent dat mensen met een uitkering die aan het werk gaan, er financieel op achteruit gaan. Het gaat om mensen met een inkomen net boven de hoogte van de uitkering. De kans is groot dat zij toeslagen en andere vormen van inkomensondersteuning kwijtraken. Dit 5
houdt hen als het ware gevangen in de ‘val’ van de voorzieningen. En het verlies aan rechten en inkomsten, kan ‘werkende armen’ weerhouden om meer uren te werken. Ook is er een kans dat de niet-werkende partner van een bijstandsgerechtigde geen werk zoekt, niet omdat ze niet willen werken maar omdat ze niet kunnen overzien welke gevolgen het heeft. Armoedeval is een gevolg van voorzieningen die het leven van mensen met de laagste inkomens juist moet verbeteren. Uit onderzoek blijkt dat het risico op de armoedeval het grootst is bij (alleenstaande) ouders met kinderen die naar school gaan. Laaggeletterdheid Basisvaardigheden zoals lezen, schrijven, rekenen en digitale vaardigheden bieden onze inwoners de mogelijkheid om (succesvol) deel te nemen aan onze maatschappij. Inwoners die deze vaardigheden in mindere mate bezitten, kunnen niet zo actief meedoen en zijn veel vaker langdurig arm. Ook in de gemeente Vught zijn er inwoners die veel moeite hebben met lezen, schrijven en/of rekenen en met de computer om te gaan. Armoede en laaggeletterdheid gaan samen: laaggeletterdheid is vaak een hindernis om (zelf)redzaam te zijn. En armoede vergroot de kans op laag-geletterdheid. Schulden ontstaan vaak doordat er een te hoge verwachting is van de financiële redzaamheid, maar deze inwoners weten vaak niet de weg te vinden naar (schuld)hulpverlening en regelingen.
Financiële problemen door live-events Er zijn gebeurtenissen in het leven waardoor er verlies van inkomen is en armoede op de loer ligt. Denk aan een scheiding, overlijden van een naaste, een faillissement of langdurige ziekte, maar ook bij verandering van inkomen: het financieel zelfstandig worden op je 18de levensjaar of het met pensioen gaan. Mensen zijn hier niet altijd op voorbereid en kunnen dan in de financiële problemen komen. Opgroeien in armoede Opgroeien op in armoede betekent veel meer dan dat ouders weinig geld hebben. Het zorgt ervoor dat zij zich op allerlei gebieden onvoldoende kunnen ontwikkelen, zij: - lopen meer risico te worden benadeeld bij de toegang tot onderwijs (lager schooladvies, minder ondersteuningsmogelijkheden, minder stimulans/ondersteuning door ouders); - hebben een hoger risico om vroegtijdig school te verlaten zonder startkwalificatie 1; - hebben meer moeite met het vinden van een betaalde baan boven de armoedegrens; - missen vaak de competenties en vaardigheden hoe om te gaan met de uitdagingen in hun leven en om te ontsnappen aan de armoedecirkel. Het gevolg kan zijn dat kinderen die in armoede opgroeien, arm blijven. Zij krijgen vervolgens zelf kinderen en de armoedecirkel herhaalt zich. Jongeren De maatschappij verwacht dat jongeren financieel redzaam zijn als ze 18 worden.
Ze hebben vanaf dan allerlei plichten, zoals het regelen van een eigen zorgverzekering, maar ook rechten, zoals lenen, zelf abonnementen afsluiten etc. Maar het redzaam worden gaat niet altijd vanzelf. Zo hebben zij vaak te maken met impulsiviteit, materialisme, kortetermijndenken en druk uit de sociale omgeving. Doordat het verschil tussen de laagste en hoogste inkomens groot is in Vught, voelen jongeren van gezinnen met een laag inkomen wellicht eerder als iedereen de nieuwste telefoon, schoenen o.i.d. heeft en jij of je ouders dit niet kunnen betalen. Deze kloof zien we de laatste jaren steeds groter worden. In de gemeente Vught zien we steeds meer jongeren met schulden, wat jongeren ernstig kan belemmeren in hun toekomstperspectief.
6
Wat doet financiële stress met de mens? Armoede heeft in vele opzichten invloed op onze inwoner, het is meer dan alleen het hebben van een laag inkomen. Uit onderzoek blijkt dat leven in armoede samen met de stress daarvan, gevolgen kan hebben op het denkvermogen, het IQ daalt. Sommigen zijn niet meer in staat om naar de lange termijn te kijken. Ze richten zich op het oplossen van problemen op korte termijn en dit kan leiden tot beslissingen die grote gevolgen kunnen hebben op meerdere leefgebieden en voor de langere termijn. Opgroeien met stress kan grote en langdurige gevolgen hebben voor kinderen, soms voor de rest van hun leven. Financiële stress verlamt en is allesbepalend voor welzijn en welbevinden. Hoge kosten voor de maatschappij door schulden Mensen met schulden kosten de samenleving veel geld. Zo melden mensen met schulden zich vaker ziek of maken gemiddeld langer gebruik van een uitkering. Ook ontstaan of verergeren bij mensen met schulden relatief vaak gezondheidsproblemen. Het leidt tot ongezond gedrag, wat leidt tot een slechtere gezondheid, wat leidt tot nog meer maatschappelijke kosten. Het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud) berekende dat een problematische schuldsituatie de maatschappij al snel €100.000 kost. En loonbeslag kost een werkgever ongeveer €13.000 per jaar (verzuim, minder productief en kosten loonbeslag).
Wantrouwen overheid Het vertrouwen in de overheid is de afgelopen periode gedaald door o.a. de toeslagenaffaire bij de kinderopvang, de problemen in Groningen, maar ook de woning- en stikstofcrisis dragen daaraan bij. Daarnaast zijn er inwoners die door slechte ervaringen met de (lokale) overheid in hun vertrouwen zijn geschaad, en zijn er inwoners die niet bij de (lokale) overheid willen aankloppen omdat zij hun problemen of financiële situatie niet willen delen. Wat is het wettelijke kader? In de Participatiewet, de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) en het Besluit bijstandverlening zelfstandigen (Bbz) zijn de wettelijke gemeentelijke taken en het kader vastgelegd. Bij de aanpak van armoede hebben een groot aantal andere wetten ook invloed, zowel binnen als buiten het sociale domein. Gemeenten hebben een wettelijke taak met betrekking tot (bijzondere) bijstand (inkomensondersteuning) en met betrekking tot schuldhulpverlening (ook voor ondernemers). Bijzondere bijstand is bedoeld om in bepaalde persoonlijke gevallen de gevolgen van armoede te verzachten. Schuldhulpverlening heeft tot doel mensen met (dreigende) problematische schulden te ondersteunen, liefst naar een toekomst zonder schulden. We moeten hier ook duidelijk het verschil maken tussen inkomensbeleid en armoedebeleid.
Inkomensbeleid ligt bij het Rijk, dat gaat over hoe hoog de lonen, het minimuminkomen en de uitkeringen zijn. Zolang het Rijk een inkomensbeleid heeft dat maakt dat mensen naast hun inkomen afhankelijk zijn van toeslagen, aanvullende regelingen en charitas, hebben wij als gemeente een armoedebeleid nodig. Landelijke ontwikkelingen - Rijksbeleid Sinds 2018 werkt het kabinet aan het actieplan Brede Schuldenaanpak. Door de inflatie en de hoge gasprijzen komen naar verwachting meer mensen in de financiële problemen. Met de Aanpak Geldzorgen, Armoede en Schulden (2022-2025) wil het kabinet het aantal mensen in armoede en schulden terugdringen. Met als concrete doelen een halvering, ten opzichte van 2015, van het aantal kinderen dat in armoede opgroeit in 2025, en een halvering van het aantal mensen in armoede en het aantal huishoudens met problematische schulden in 2030. Door de aanpak via vier lijnen: 7
1) Een betere borging van bestaans- en inkomenszekerheid: een voldoende en stabiel inkomen is de basis van bestaanszekerheid en het voorkomen van armoede en schulden; 2) Preventie van geldzorgen en zorgen dat iedereen kan meedoen: in alle levensfases goede voorlichting en ondersteuning van dichtbij om de juiste financiële keuzes te kunnen maken en maatregelen om participatie en inclusie te bevorderen; 3) Een overheid die werkt voor mensen en voorziet in laagdrempelige, eenvoudige, mensgerichte financiële hulp en sociale incasso; 4) Realiseren dat meer mensen, die dat nodig hebben, eerder en betere schuldhulpverlening ontvangen en sneller perspectief hebben op een financieel zorgeloze toekomst. Daarom wil/gaat het kabinet onder andere deze maatregelen tegen armoede nemen: • • • • • • • • • • •
Minimumloon en uitkeringen omhoog in 2023 Kostendelersnorm omhoog van 21 naar 27 jaar in 2023 1 afspraak met 1 organisatie over achterstanden en mogelijk om betaling uit te stellen Betere toegang tot mondzorg voor mensen een met laag inkomen Lessen voor kinderen en jongeren over uitgeven geld Structurele middelen voor betere vroegsignalering door gemeenten Meer saneringskredieten, de gemeente neemt de schulden van schuldeisers over De mogelijkheid om schulden te pauzeren Betere schuldhulp voor zelfstandig ondernemers Duur traject schuldhulpverlening bij gemeenten te verkorten van drie naar anderhalf jaar Kortere periode (gehalveerd) van schuldsanering bij de rechter naar anderhalf jaar (halvering betekent geen versobering van de schuldhulpverlening, alleen het verkorten daarvan. Daarnaast kan na het traject nog ondersteuning/budgetcoaching aangeboden worden)
Overige landelijke ontwikkelingen -
Gewoon geld geven
De afgelopen jaren hebben organisaties ingezet op allerlei oplossingen om mensen in armoede te helpen, maar het blijkt niet genoeg, het pakt het werkelijke probleem onvoldoende aan. Verschillende buitenlandse onderzoeken, waaronder een in Stockton in de VS, laten zien dat arme mensen die onvoorwaardelijk geld krijgen en zélf mogen bepalen hoe ze dat besteden, hun leven vaak zelf op de rit krijgen. Een aantal gemeenten wil de kansen van gezinnen in armoede vergroten en zich inzetten voor een doorbraak. Twee jaar geleden lanceerden het Kansfonds een breekijzer om armoede te helpen doorbreken: Gewoon geld geven. Gezinnen in armoede krijgen twee jaar lang waar het ze aan ontbreekt: geld. Zonder tegenprestatie, zij bepalen zelf waar ze dit geld aan besteden, omdat zij het beste weten waar het gezin behoefte aan heeft. Een oplossing die simpel en vernieuwend is en uitgaat van een positief mensbeeld. Gewoon geld geven: bied extra financiële ruimte, omdat gebrek aan geld continue stress geeft. Als je die factor wegneemt, ontstaat er ruimte om aan lange termijnoplossingen te werken en geeft vertrouwen, in plaats van wantrouwen en controledrang. De gemeente Zaanstad gaan de tegendraadse aanpak uitproberen. Eind 2024 komen de resultaten van het onderzoek (i.s.m. Hogeschool van Amsterdam) Wij volgen het onderzoek nauwlettend.
8
-
Instituut voor publieke waarden: de doorbraakmethode, ‘de bedoeling’ opnieuw uitgevonden
Er is een grote behoefte aan een standaard in situaties die van de standaard afwijken. Om maatwerk te kunnen leveren binnen de ruimte die wetten en regels geven, op een manier die niet alleen goed is achter individuele voordeuren, maar ook helder uit te leggen is aan andere mensen. Een gemeente wil zich voorspelbaar, betrouwbaar en navolgbaar gedragen voor alle inwoners. De doorbraakmethode helpt het proces om tot maatwerk te komen te formaliseren zonder de uitkomst te standaardiseren. Zodat maatwerk maatwerk is, en geen willekeur. Door te werken met een doorbraaktool krijgen gemeenten inzicht in patronen over samenloop van problemen, samenhang van voorzieningen en uitruil tussen wettelijke domeinen die leidt tot optimale inzet achter de voordeur. Waarbij ook grip verkregen wordt op kosten en baten in huishoudens die de meeste hulp krijgen. De komende maanden bestuderen we de doorbraakmethode of en hoe deze ook binnen de gemeente Vught ingezet kan worden.
2. Analyse Vught - Omvang en beeld van de doelgroep Om inzicht te krijgen in de armoedeproblematiek in Vught, beperken we ons tot financiële armoede. We gebruiken het inkomen tot 120% van het sociaal minimum als indicator. Als we in de volgende hoofdstukken van dit beleidsplan schrijven over een laag inkomen hebben we het over een inkomen tot het minimaniveau van 120%. Omdat inwoners met een laag inkomen niet persé in armoede hoeven te leven, wordt deze groep aangeduid als de groep inwoners met een kans op armoede. De gemeente Vught heeft ongeveer 1000 huishoudens die een sterke kans hebben om in armoede te leven, en 1 op de 14 kinderen leeft in armoede. Inwoners die de kans lopen om in armoede te leven beschrijven we op basis van de voornaamste inkomstenbron en samenstelling van het huishouden (zie bijlage 1). Inkomstenbron: Inkomen uit arbeid / onderneming ‘werkende armen en zelfstandigen’ Ook zijn er inwoners die in loondienst werken of een eigen onderneming hebben maar een laag inkomen hebben, dit is de groep werkende armen. Ook hier is er een kans op armoede. Voor hen is meer uren werken of een andere baan met een hoger loon niet altijd haalbaar. De eerste groep is vaak laaggeschoold, heeft vaak tijdelijke contracten en blijft meestal steken op het minimumloon.
Denk aan horeca- en schoonmaakpersoneel of werkenden met een afstand tot de arbeidsmarkt, zij verdienen vaak het minimumloon omdat het rijk met loonkostensubsidie het verschil vergoedt tussen loonwaarde en minimumloon. Zzp’ers hebben soms een laag uurtarief en/of vinden het lastig om over te stappen naar ander werk. In Vught is dit bijna 20% en gaat het om ongeveer 190 huishoudens. Uitkering De voornaamste inkomstenbron van inwoners met een minima inkomen tot 120% is een inkomen uit uitkering namelijk 79% (sociale verzekering of voorziening: AOW, WW, ZW, WAO, WIA, WLZ, Wajong etc). Van deze groep heeft 65% (500 huishoudens) een pensioen, zijn arbeidsongeschikt of anders wat betekent dat voor deze inwoners, werk niet de oplossing is om uit armoede te komen. Slechts 13% ongeveer 103 huishoudens heeft een uitkering via de bijstand en dus gemeente.
9
Dit betekent dat van de inwoners die (kans hebben om) in armoede leven, ongeveer 65% een laag inkomen als gevolg van een ziekte of ouderdom heeft en niet kunnen werken en 20% heeft inkomen uit werk of onderneming. Samenstelling huishoudens: Alleenstaanden en gehuwden zonder kinderen In Vught zijn er veel eenpersoonshuishoudens 70% (ongeveer 700 huishoudens) en met een minima inkomen of laag inkomen, en dus met kans op armoede, hier vallen ook ouderen met een AOW uitkering (en klein pensioen). En dit aantal zal door de vergrijzing groeien. Daarna zijn gehuwden zonder kinderen 14% (140 huishoudens) die het, vergeleken met andere huishoudtypes, financieel zwaar lijken te hebben. Ouderen Er is een grote groep oudere inwoners (65 jaar en ouder) die kans heeft op armoede namelijk 45%, (ruim 400 huishoudens). Armoede onder ouderen lijkt in Vught een groeiend probleem, denk aan ouderen met alleen een AOW-uitkering (en een klein pensioen). De vergrijzing in de gemeente Vught neemt toe. We weten dat ouderen zich minder snel voor hulp melden en liever de broekriem aantrekken wanneer er schulden zijn. Ook zijn er veel ouderen die niet weten dat zij gebruik kunnen maken van regelingen of hoe hulp te vragen. Maatregelen (maatwerk) gericht op deze groepen inkomstenbron / samenstelling huishoudens kunnen de meeste impact hebben.
3. Probleemstelling Gemeentelijke minimaregelingen zijn niet eenduidig en complex voor inwoners en partners De gemeente Vught gebruikt voor de minimaregelingen verschillende normen. Deze liggen tussen de 110% en 130% van het wettelijk sociaal minimum en/of de bijstandsnorm. Bijvoorbeeld: de Regeling Meedoen geldt voor een inkomen van maximaal 110% van de bijstandsnorm, de Regeling Bijzondere bijstand voor een inkomen van 120% van de bijstandsnorm en de collectieve zorgverzekering is tot 130% van het sociaal minimum. Voor inwoners is niet altijd duidelijk wanneer zij voor een regeling in aanmerking komen. En voor de uitvoering van de regelingen door Wegwijs+ en lokale partners is het veel werk om een inkomenstoets te doen voor al deze verschillende regelingen. Wanneer alle minimaregelingen generiek worden weten inwoners wanneer ze in aanmerking komen, wordt het bereik groter en de administratieve lasten voor inwoners, Wegwijs+ en lokale partners een stuk minder. Veel verschillende minimaregelingen, lokale partners en (landelijke) instanties Er zijn veel verschillende regelingen bij de verschillende lokale en landelijke organisaties en overheden. Inwoners en stakeholders geven aan dat het niet altijd duidelijk is welke regelingen er zijn en bij welke partners/instanties zij hulp kunnen vragen.
Jaarlijks is er een bijeenkomst ‘Warme overdracht’ waar alle lokale partijen aanwezig zijn om van elkaars regelingen op de hoogte te worden gehouden, kennis te maken met contactpersonen zodat er altijd een warme overdracht bij een doorverwijzing tussen partijen, waar de inwoner zich ook meld voor een regeling. Een actueel overzicht regelingen op basis van een hulpvraag met bijbehorende regeling wordt dan aangeboden (zie bijlage 4). 10
Daarnaast dienen inwoners nu per regeling een aanvraag te doen voor de verschillende minimaregelingen van de gemeente en dient b iedere aanvraag de inwoner gegevens aan te leveren. Vraag en aanbod van regelingen komen niet altijd overeen Een aantal regelingen in de Regeling Bijzondere bijstand zijn van 2015 en is actualisatie nodig omdat het aanbod en de vraag niet meer overeenkomen. Dit geldt ook voor een aantal vergoedingen die nog van 2015 zijn, en nu niet meer toereikend zijn. Bijvoorbeeld de maaltijdvergoeding of voorwaarden in de Regeling Kindpakket bij jongeren die naar de middelbare school gaan. Daarnaast zijn behoeften van inwoners verandert en zijn veel regelingen gericht op kinderen. Denk aan het kunnen meedoen voor volwassenen op het gebied van sport en cultuur maar ook digitaal (digitalisering maatschappij). Schuldenproblematiek bij jongeren Jongeren tussen de 18 en de 27 jaar met schulden worden ernstig belemmerd in hun ontwikkeling. Deze vaak kleine schulden kunnen leiden tot grote problemen. Persoonlijk zoals voortijdig schoolverlaten, dakloosheid, afsluitingen gas/water/licht en maatschappelijk zoals kosten voor schuldhulpverlening, uitkeringen voor werkloosheid.
Om jongeren een toekomstperspectief te geven is het belangrijk dat ze schuldenvrij zijn, wat ook positieve ontwikkelingen op het gebied van gezondheid, psychische gesteldheid en verslavingsproblematiek die dit met zich mee brengt, oplevert. Bij jongeren zijn het vaak schulden die zij door ongelukkige omstandigheden hebben gemaakt, zoals een verkeersboete die niet is betaald, of het op krediet kopen waardoor schulden te hoog zijn geworden om nog te betalen. Voor het maken van een fout is het niet nodig om hiervoor belemmerd te worden in je toekomstperspectief. Problematische schulden zijn ziekmakers en kunnen vernietigend zijn voor een toekomstperspectief. Daarom is het voorkómen ervan van groot belang. Wanneer inwoners in de schulden zijn geraakt kan kwijtschelding of sanering voor sommige inwoners het beste zijn, omdat een schone lei heel vaak een belangrijke voorwaarde is voor herstel van toekomstperspectief.
4. Oplossingen – Visie, doelen en aanpak Visie Alle inwoners (moeten) kunnen meedoen, ook de inwoner met een laag inkomen. En staan we voor gelijke kansen waarbij we het concept positieve gezondheid gebruiken omdat armoede op alle leefgebieden invloed heeft, en daarmee ook op alle dimensies van positieve gezondheid. We gaan uit van een positief mensbeeld en leveren maatwerk. We sluiten aan bij het gezondheidsbeleid, het participatiebeleid, speel-, beweeg- en sportbeleid, het (preventief) jeugdbeleid en onderwijs, en het heeft samenhang met de omgevingswet: fysieke en sociale leefomgeving. Met het nieuwe beleid versterken we ons bestaande aanbod en zetten we in op (nieuwe vormen van) preventie, ondersteuning en versterken. We willen zoveel als mogelijk armoede en schulden voorkomen en inwoners een perspectief bieden wanneer er wel financiële problemen zijn. En we kijken breder dan alleen naar financiën, we kijken naar de gehele situatie. Wat er is er nodig om het structureel te voorkomen of op te lossen en onze inwoners verder te helpen, wat heeft iemand nu echt nodig? Werken volgens de ‘bedoeling’, en indien nodig kijken we buiten de 11
kaders. Ook kijken we naar andere (buur)gemeenten en landelijke voorbeelden die werken en naar nieuwe inzichten door onderzoek.
Doelen Met dit nieuwe beleid kijken we breder, want er speelt vaak veel meer problematiek en niet alleen op het gebied van financiën. We leggen daarbij de focus op de genoemde doelgroepen en gebruiken hiervoor bovengenoemde aanpak. Bestaande activiteiten gaan we samen met inwoners en lokale maatschappelijke partners versterken, verbinden en vergroten. Om wat we al doen nog beter te maken. En ontwikkelen we vooral nieuwe activiteiten op het gebied van preventie: het voorkomen van armoede en schulden, en het bieden van perspectief. Een respectvolle benadering vanuit nabijheid en vertrouwen (positief mensbeeld), erkenning, positieve ondersteuning zonder oordelen, met daarbij focus op eigen veerkracht en regie, is de manier waarop we het binnen de gemeente Vught gaan doen. Doel 1: Voorkomen van armoede en schulden /preventief Preventie kent veel vormen en begint al bij onze jongste inwoners. Om tot een trendbreuk te komen investeren we hierin. Dat vraagt ook een proactieve houding van andere beleidsterreinen binnen de gemeente. Wat willen we bereiken: - Kinderen hebben een kansrijke start - GGD - Doorbreken van intergenerationele (overerfbare) armoede – Gemeente - Jongeren hebben de meest optimale kansen en zijn hierin ondersteund – Gemeente, onderwijs en jongerenwerk Vught - Stigmatisering en het imago over armoede en schulden is doorbroken. - Gemeente i.s.m.
ervaringsdeskundigen - Er zijn geen drempels meer bij het vragen van hulp binnen en buiten het gemeentekantoor en een overdacht tussen gemeente en partners of onderling tussen partners is altijd warm -Gemeente en partners - Financiële redzaamheid is vergroot en gezond financieel gedrag wordt aangemoedigd – Gemeente - Betalingsachterstanden zijn vroeg gesignaleerd en beginnende financiële problemen en/of schulden voorkomen – Gemeente - Vertrouwen in de (lokale) overheid is hersteld – Gemeente, regionale- en landelijke overheid Doel 2: Ondersteunen: kunnen meedoen in de samenleving De hele leefsituatie zegt iets over hoe goed het gaat met onze inwoners, over hun welbevinden. Wij vinden het belangrijk dat iedereen, los van de financiële situatie, mee kan doen aan sport, cultuur of andere (sociale) activiteiten. Wat willen we bereiken: - Een Stress-sensitieve dienstverlening: deze dienstverlening sluit aan op de ontregelende werking van aanhoudende stress en die inwoners in staat stelt om hun doelen vaker en sneller te realiseren. – Gemeente - Werken vanuit nabijheid, vertrouwen en positief mensbeeld – Gemeente - Werken volgens de ‘Bedoeling’: zoeken soms de randen op om maximaal aan te sluiten bij wat nodig is, in plaats van te redeneren vanuit formele eisen en (lokale en landelijke) wetgeving – Gemeente
12
-
De minimaregelingen zijn generiek, eenduidig, eenvoudig en makkelijk te vinden om het bereik en gebruik te vergroten -Gemeente Geen (financiële) belemmeringen om mee te kunnen doen in de samenleving voor kinderen en volwassenen -Gemeente
Doel 3: Versterken: vergroten van eigenwaarde en zelfredzaamheid, perspectief bieden Wij willen kansengelijkheid vergroten en inwoners met een laag inkomen uitzicht geven op een beter bestaan. Iedereen verdient de kans om zich te ontwikkelen tot wie hij of zij kan of wil zijn. Wat willen we bereiken: - Kansen en kans gelijkheid zijn vergroot – Gemeente – GGD- Onderwijs- Financiële beperkingen in combinatie met minder gunstige leefomstandigheden zijn verminderd of opgeheven. - Er is uitzicht op een beter bestaan. - Eigen regie, eigenwaarde en zelfvertrouwen bij inwoners is vergroot.
Aanpak: de drie V’s I Versterken Bestaanszekerheid als basis en armoede/schulden beleid (waaronder minimaregelingen) als vangnet. We gaan altijd voor een doelmatige aanpak en oplossing. Versterken: 1. Bestaanszekerheid 2. Generatie doorbrekend Uit onderzoek blijkt dat armoede en schulden, uitzicht op een beter bestaan in de weg staan. Ze werken verlammend en remmen de persoonlijke groei. Voor onze inwoner met schulden, is een stabiele en gezonde (financiële) situatie het belangrijkste, pas daarna kan een (taal)cursus of hulp bij opvoeding aangeboden worden. Met andere woorden: bestaanszekerheid staat aan de basis van een aanpak die werkt binnen het hele sociaal domein, het armoede en schuldenbeleid. Vanuit dit startpunt ondersteunen we inwoners met armoede en schulden om stappen te zetten naar een betere toekomst. Het bieden van gelijke kansen en perspectief staan voorop.
13
We gaan bestaande activiteiten versterken/of meer op inzetten en nieuw activiteiten ontwikkelen: Bestaande activiteiten versterken /meer inzetten: - Intensiever inzetten op participatie naar vermogen en het sociaal werkbedrijf (WSD). - Informatievoorziening en hulp voor inwoners die niet kunnen voldoen aan complexiteit en digitaal worden van onze maatschappij (laaggeletterden, inwoners met een taalachterstand, een psychische of (licht)verstandelijke beperking) wordt aangepast. O.a. in samenwerking met ervaringsdeskundigen en Het Taalhuis. - Financiële educatie jongeren door workshops op scholen (door o.a. Humanitas) en het Boekje 18 en dan? tweemaal per jaar uitgeven. Nieuwe activiteiten ontwikkelen: - Het aanspreken van kwaliteiten, talenten en krachten van onze inwoner, en stimuleren om zijn of haar talenten en krachten te vergroten. - Het ontwikkelen van vaardigheden en het vergroten van eigenwaarde en zelfvertrouwen (samenwerking Taalhuis, bibliotheek etc.). - Stimuleren van inwoners om deel te nemen aan maatschappelijke activiteiten en hun sociale contacten te onderhouden, en hierin te faciliteren. En hiervoor o.a. Volwassenenfonds Sport en Cultuur opnemen binnen de reguliere minimaregelingen - Ervaringsdeskundigheid bij vergroten eigenwaarde en zelfvertrouwen.
Inwoners die door ongelukkige omstandigheden in de schulden zijn gekomen, wat leidt tot hoge maatschappelijke kosten, houdt schuldenaren ook langjarig in onzekerheid of diepe armoede. Dit resulteert in meer ziekteverzuim op school en op het werk, in hogere zorgkosten, een lagere arbeidsparticipatie en ronduit ernstige armoede. De schuld afkopen zou een groot verschil maken, voor alle partijen. Het voorkomt ‘levenslang’ in uitzichtloze situaties, het geeft mensen een tweede kans op een schuldenvrij leven. Dit kan in sommige gevallen om te voorkomen dat iemand in een schuldentraject komt of afkopen bij een einde regeling, dit biedt sneller een nieuw perspectief en daardoor zitten ze korter in de problemen en onzekerheid, en het schept ruimte om aan andere problemen te werken en voorkomt schade aan opgroeiende kinderen. Daarnaast geeft kwijtschelden, schuldenaren een reden om sneller hulp te vragen en te accepteren. Kwijtschelden verlaagt het aantal huishoudens in de problematische schulden en het voorkomt veel en hoge maatschappelijke uitvoeringskosten.
Schuldhulpverlening: Bestaande activiteiten versterken /meer inzetten: - Nazorg bij schuldhulptrajecten - Schulden afkopen door saneringskredieten: 1 schuldeiser, minder stress - Budgetbeheer en budget coaching Nieuwe activiteiten ontwikkelen: - Laagdrempelig en minder strenge toelatingscriteria voor schuldhulpverleningstrajecten waardoor sneller ingezet en zo kort als mogelijk waardoor sneller uitzicht op schuldenvrij leven en tweede kans - Schulden afkopen zodat er geen schuldhulptraject doorlopen hoeft te worden. Dit wordt uitgewerkt in een regeling.
14
Integrale aanpak De aanpak van armoede is een gezamenlijke opgave. Alleen een domein overstijgende aanpak, waarbij de verschillende beleidsterreinen, expertises, instrumenten en kansen slim en samenhangend worden gecombineerd, leidt tot succes. De ingewikkelde en veelkoppige armoedeproblematiek raakt bijna alle terreinen waar we als gemeente verantwoordelijk voor zijn: zorg en gezondheid, onderwijs en cultuur, jeugd, werk en inkomen, economie, wonen, veiligheid, en duurzaamheid. Binnen onze gemeente zijn meerdere visiedocumenten die van invloed zijn op het armoede- en schuldenbeleid. In de nota’s van de Lokale Sociale Agenda en het Gezondheidsbeleid wordt een overstijgende aanpak van armoede genoemd. Bestaande activiteiten versterken /meer inzetten: Bv Gezondheidsbeleid, het verkleinen vang gezondheidsachterstanden door: - Voortzetten project Doet Ontmoet: voorlichting over leefstijlthema (lage SES) i.s.m. GGD en Welzijn Vught - Het programma Gezonde school continueren i.s.m. de GGD - Voldoende sport, spel en beweegaanbod zodat iedereen kan meedoen - Uitbreiden rookvrije openbare ruimten Nieuwe activiteiten ontwikkelen: - Om vanuit de verschillende (leef)gebieden kijken wat een huishouden nodig heeft om verder te komen (positieve gezondheid), met maatwerk en volgens ‘de bedoeling’. - Ruimte om een ander gesprek te voeren.
Wanneer een inwoner een aanvraag doet voor een minima regeling of een andere hulpvraag heeft, kijk breder naar wat er nodig is, en niet alleen naar wat wordt aangevraagd. - Concept Welzijn op Recept kan hierbij de juiste hulp bieden
Preventie: vroegtijdig en outreachend Het is belangrijk om zo vroeg mogelijk te signaleren als mensen niet weten hoe ze rekeningen moeten betalen of hoe de administratie werkt. Zo voorkomen we dat ze in de financiële problemen komen en schulden opbouwen, want als ze zijn vastgelopen en (problematische) schulden hebben, is het lastig om hieruit te komen. Vaak ontbreekt het zogenaamde “doen vermogen” bij mensen die (financiële) stress ervaren. Mensen zijn dan niet meer in staat om zelf actie te ondernemen en hulp te vragen, terwijl dit wel nodig is. Daarom is een outreachende benadering nodig om mensen te helpen. Dat wil zeggen dat de gemeente en/of lokale maatschappelijke partners de eerste stap zetten naar de inwoner waaronder ondernemers en indien nodig hen bij de hand nemen, zodat ze het straks weer zelf kunnen. Preventie van geldzorgen kan veel maatschappelijk en financieel leed voorkomen. In 2022 is op verzoek van NVVK (vereniging financiële hulpverleners) door adviesbureau Purpose berekend dat elke euro voor financiële hulpverlening de maatschappij €1,40 - €2,00 oplevert. Het betreft hier alleen de meetbare impact: veel effecten op het welzijn en welbevinden van hulpvrager zijn niet in geld uit te drukken. De grootste baten zitten in de toeleiding naar werk, waardoor mensen uitstromen uit de bijstand en WW. Daarna is de grootste besparing het voorkomen van dakloosheid.
De grootste besparingen komen ten goede aan de lokale overheden. Werkgevers besparen vooral op het voorkomen van ziekte en productiviteitverlies. Zorgverzekeraars besparen vooral op de zorgkosten.
15
Bestaande activiteiten versterken /meer inzetten: - We werken out- reachend: buiten de muren en in de leefwereld van inwoners, het is een actieve manier op contact te leggen. Wegwijs+ in de wijken. - We gaan zo vroeg mogelijk naar inwoners, indien nodig in samenwerking met lokale partners. Met meer vroegsignalering in de vorm van huisbezoeken verlagen we de drempels voor inwoners om hulp te vragen en te krijgen. Nieuwe activiteiten ontwikkelen: - Bewustwording ouderen van de (financiële) veranderingen bij 65 jaar en weten hoe te handelen/hulp te vragen. - Communicatiemiddelen en de boodschap sluiten beter aan bij ouderen
Laagdrempelig en doorbreken stigmatisering en imago Armoede en schuldhulpverlening en alles wat hierbij hoort heeft te maken met beeldvorming, stigmatisering en imago. Veel mensen ervaren een hoge drempel om hulp te vragen. Of schamen zich om geldzorgen te bespreken. Het vraagt veel moed om hierover te praten. Het betekent voor ieder mens om voorbij je eigen schaamte te komen. Het overbruggen van dit schaamtegevoel is de reden waarom een goede behandeling bij het (allereerste) contact heel erg belangrijk is. Hulp vragen bij de gemeente blijkt nog moeilijker omdat er onzekerheid en afhankelijkheid is. Het is belangrijk om hierin samen te werken met maatschappelijke organisaties. De drempel om naar de gemeente te stappen is voor veel mensen groter dan om hulp te vragen bij een maatschappelijke organisatie. Door samen te werken met deze laagdrempelige voorzieningen is een brede hulpvoorziening binnen handbereik.
Bestaande activiteiten versterken /meer inzetten: - Laagdrempelig, toegankelijk en gastvrij maken van toegang gemeente m.b.v. warme doorgeleiding partners. Nieuwe activiteiten ontwikkelingen: - Weghalen van schaamte en taboe en geldzorgen door bespreekbaar maken i.s.m. ervaringsdeskundigen: besef en openheid. - Trainingen voor stress sensitieve dienstverlening Wegwijs+ zoals mobility mentoring en ‘de bedoeling’. (doorontwikkeling WW+)
Bevorderen kansengelijkheid Iedere inwoner verdient de kans zich maximaal te ontwikkelen. Wanneer het ontbreken van geld een hindernis vormt bij deze ontwikkeling, zetten we ons volledig in om deze hindernissen weg te nemen. Inwoners die moeite hebben zichzelf te redden, helpen we met armoedevoorzieningen. En voor inwoners waar dat mogelijk is helpen we ze aan werk of studie. Ieder kind verdient de beste start van zijn of haar leven en een zo goed mogelijke kans op een goede toekomst. We gaan werken aan het verkleinen van gezondheidsverschillen en aan het verbeteren van de sociaaleconomische situatie. En sluiten hiermee ook aan bij de doelen van de Lokale Educatieve Agenda (LEA).
16
Bestaande activiteiten versterken /meer inzetten: - Programma Kansrijke Start wordt voortgezet in samenwerking met de GGD. - Ondersteunen en stimuleren van jongeren om onderwijs te volgen. - Digitaal mee kunnen doen door volwassenen in samenwerking met ABZ. Nieuwe activiteiten ontwikkelen: - Verkleinen gezondheidsverschillen doordat iedereen kan meedoen op het gebied sport, cultuur, participatie en een gezonde leefstijl Samen met de gemeenschap Armoede is een probleem dat de hele gemeente en gemeenschap aangaat. Door de hardnekkigheid en de moeilijkheid is iedereen nodig: inwoners, ervaringsdeskundigen, vrijwilligers, bedrijven, scholen en lokale maatschappelijke instellingen. We zijn samen verantwoordelijk. De gemeente heeft een verbindende rol, maar zorgt ook voor de basis. De partners zorgen voor het vangnet (zie bijlage 4). Er zijn nu vele goede en waardevolle initiatieven om armoede aan te pakken en/of in de gevolgen van armoede te ondersteunen. De coronacrisis en de energiecrisis hebben duidelijk gemaakt dat wereldwijde ontwikkelingen ook hun effect kunnen hebben op de inwoners van Vught. Ontwikkelingen die kunnen leiden tot financiële problemen bij huishoudens die nog jaren voor problemen kunnen zorgen. Samen met de partners willen we werken aan een instrumentarium dat als vangnet dient om te voorkomen dat tijdens crises schulden ontstaan of snel oplopen.
Een instrumentarium dat doet wat nodig is, waarbij de hulpvraag van de inwoner centraal staat. De verbinding, samenwerking en afstemming tussen partners is daarbij een belangrijke sleutel tot succes. Bestaande activiteiten versterken /meer inzetten: - Het laagdrempeliger maken van de toegang naar de gemeente door aanwezigheid van Wegwijs+ bij lokale maatschappelijke partners, zoals het inloopspreekuur bij Vincentius. Dit willen we uitbreiden naar de wijkpunten zodat aangesloten wordt bij de behoeften in een wijk of buurt, en bij de mogelijkheden en wensen van het betreffende wijkpunt. De aspecten van positieve gezondheid spelen daarbij een rol. Nieuwe activiteiten ontwikkelingen: - Het concept ‘Welzijn op Recept’ inzetten. I.s.m. huisartsen en Welzijnscoach i.c.m. met Positieve Gezondheid de juiste hulp bieden. - Aansluiten bij landelijke campagnes zoals Geldfit, Nibud etc. - Het inrichten van een noodfonds om bij landelijke crises inwoners snel en rechtmatig te kunnen ondersteunen bij dreigende financiële problemen. II Vereenvoudigen Nu aanvragen online en bijna niet meer met papieren formulieren worden gedaan, is er op het gebied van afhandeling al veel verbeterd. Nu wordt iedere voorziening nog apart aangevraagd en getoetst, wat veel werk, veel zorgen en stress geeft voor inwoners.
We gaan daarom bij een eerste aanvraag meteen naar alle regelingen kijken en indien van toepassing deze tegelijk en direct toekennen. De inwoner hoeft maar één aanvraag te doen, en er is maar één beoordeling nodig met alleen die informatie die echt noodzakelijk is. De toekenning geldt voor een kalenderjaar. Na dit jaar wordt de inwoner gevraagd om een nieuwe aanvraag te doen waarbij deze kan aangeven 17
dat er geen wijzigingen zijn geweest m.b.t. inkomen en/of vermogen, hiervoor dienen wel gegevens aangeleverd te worden om te toetsen, en vindt een nieuwe beoordeling plaats. Inwoners die jarenlang in een uitkering zitten kennen we vooraf automatisch regelingen toe, waar zij behoefte aan hebben. Zij hoeven geen regelingen aan te vragen of gegevens aan te leveren. De beoordeling doen we door middel van één centrale inkomens- en middelentoets uitgevoerd door Wegwijs+. Deze toets is ook door de lokale partners te gebruiken. Bijvoorbeeld Stichting Leergeld welke ook een inkomenstoets doet bij aanvraag van hun regelingen. Ook hier maken we het makkelijker voor de inwoner, deze hoeft niet nog een keer alle papieren met St. Leergeld of andere partners te overleggen, maar ook voor de lokale partij, er is al een toets gedaan. En voor Wegwijs+, één toets voor alle regelingen is gemakkelijker en bespaart tijd en werk. Ook willen we dat inwoners zelf kunnen bepalen wanneer zij de toegekende minimaregelingen zoals het Kindpakket, de Meedoenregeling en sport – en cultuuractiviteiten kunnen inzetten. Zij hebben dan zelf de keuzevrijheid of en wanneer zij de middelen inzetten. We gaan de komende maanden verder uitwerken hoe dit uit te voeren en aan te bieden aan de inwoners.
Wat doen we al: - Automatisch toekennen aan inwoners die langdurig in de bijstand zitten of een laag inkomen hebben. - Eerder aangeleverde gegevens worden gebruikt voor minder administratieve lasten inwoners. - Aanvraagformulieren worden regelmatig getoetst door afdeling communicatie en ervaringsdeskundigen op toegankelijkheid, klantvriendelijkheid en duidelijkheid. Nieuw: - 1 aanvraag en 1 toets voor alle minimaregelingen, deze is een kalenderjaar geldig. - Alle regelingen worden direct getoetst en indien van toepassing toegekend - Bij een nieuw aanvraag, die door de gemeente wordt gevraagd, kan deze aangegeven dat er geen wijzigingen zijn geweest en is een minimale toets voldoende. - Inwoner heeft keuzevrijheid wanneer regelingen in te zetten - Inkomens/vermogenstoets is ook door andere partners te gebruiken Naast het vereenvoudigen van de aanvraag en inkomenstoets doen we dit ook bij de voorwaarden voor de minimaregelingen en hanteren (m.u.v. de collectieve zorgverzekering) 120% van de bijstandsnorm. Inwoners weten dan bij welk inkomen ze voor welke regelingen in aanmerking komen. Nu zijn de percentages 100%, 110%, 120% en 130% en hanteren we de bijstandsnorm of het wettelijk sociaal minimum. Dit is niet te begrijpen voor de inwoner. Daarnaast levert dit veel administratieve lasten op voor de inwoner, Wegwijs+ en lokale partners.
Nieuw: - Generieke minimaregelingen: norm van 120% van de bijstandsnorm hanteren bij alle minimaregelingen, m.u.v. de collectieve zorgverzekering: 130%. - Huidige beleidsregels Bijzondere Bijstand worden geactualiseerd en waar mogelijk simpeler en eenvoudiger -
18
III Vertrouwen We zetten in op minder of geen controles en meer op vertrouwen. Er is alleen een toets bij een aanvraag en deze is een kalenderjaar geldig. Het jaar daarna wordt de inwoner actief geïnformeerd om opnieuw een aanvraag te doen. We vragen niet meer om een bonnetje en terugbetalen is niet van toepassing gedurende dat kalenderjaar. Er is nog minimale toets die het aanvragen zo licht, gebruiksvriendelijk en eenvoudig mogelijk moet maken Daarnaast is de gemeente zichtbaar en nabij voor inwoners en erkennen we de zorgen van inwoners om het vertrouwen in de (lokale) overheid te herstellen. Nieuw: - Minder of geen controles, gaan uit van vertrouwen - Geen bonnen of facturen meer overleggen - Nog maar 1 toets per kalenderjaar, waarbij minimale gegevens nodig zijn - Niet met terugwerkende kracht toetsen en terugbetalen
Bovenstaande maatregelen moeten financiële stress, zorgen en onzekerheid voor inwoners wegnemen bij het aanvragen van regelingen. Inwoners weten direct voor welke regelingen zij in aanmerking komen en deze worden tegelijk toegekend. Zij kunnen zelf kiezen welke regelingen zij gebruiken en wanneer zij deze inzetten. Dit voorkomt dat inwoners bij iedere aanvraag in onzekerheid zitten en stress ervaren of zij wel alles goed aangeleverd hebben, of de regelingen worden toegekend en of er later nog een vordering komt.
5. Samenwerking Samenwerking met (lokale) partijen Om de situatie van de inwoner volledig te bekijken, is samenwerking nodig. Het is belangrijk dat iedereen die onze inwoner helpt, elkaar weet te vinden en de juiste kennis inzet. Het karakter, de grootte en de verschillen van de problemen vraagt om samenwerking en gezamenlijke verantwoordelijkheid. En waar mogelijk laagdrempelig met de inzet van vrijwilligers zoals bijvoorbeeld de hulpcoaches van Vincentius, om inwoners met hun administratie of hun (beginnende) betalingsproblemen en soms schulden te ondersteunen. En als de hulpvraag complexer wordt dan worden inwoners doorgeleid met een warme overdacht naar de gemeente of andere instanties. Coördinator armoede De coördinator armoede is verantwoordelijk voor een samenwerkingsstructuur tussen alle betrokken partijen in het armoedeveld in Vught. De coördinator deelt de kennis over armoede(bestrijding) in de gemeente Vught, met als doel bewustwording van en oproepen tot deelname aan de aanpak van armoede in de gemeente. De coördinator initieert nieuwe projecten die bijdragen aan de bestrijding van armoede en brengt hierin partijen samen of neemt deel aan projecten die door anderen zijn geïnitieerd. Op deze manier is de coördinator op de hoogte van alle (lopende) initiatieven en projecten in de gemeente die te maken hebben of raakvlakken heeft met armoede.
De coördinator coördineert de signalen die vanuit het armoedeveld komen, opdat de juiste partijen deze oppakken. Het bewaken van de opvolging van de signalen hoort ook bij de taken van de coördinator. Daarnaast levert de coördinator input voor het armoedebeleid van de
19
gemeente Vught. Dit alles in samenspraak met het netwerk én de huishoudens die tot de doelgroep behoren. De coördinator is ook voorzitter van het kernteam Bestaanszekerheid. Kernteam Bestaanszekerheid (netwerk armoede) Een aantal partijen is in 2019 een verbintenis met elkaar aangegaan in het kernteam Bestaanszekerheid en heeft hiermee de samenwerking versterkt en verstevigd. Het kernteam wil meer doen aan het voorkomen van problemen en de structurele aanpak uitbreiden. Het is daarbij belangrijk om het collectieve belang te blijven onderkennen. Hiervoor moet bewustwording bij alle inwoners vergroot worden, en vooral bij de inwoners die met de doelgroep werken of anderszins in aanraking komen, denk aan scholen, huisartsen, sportclubs en werkgevers. Met als uitkomst het vergroten van het perspectief van inwoners die het financieel moeilijk hebben. Het kernteam is de spil in het speelveld van armoedebestrijding. Hierin dienen bestaande en nieuwe initiatieven samen te komen. Nieuwe initiatieven worden voorgelegd aan het kernteam en zij kijken of een initiatief gekoppeld kan worden aan een bestaand initiatief of dat er al activiteiten op dit gebied zijn en er geen onnodige dubbelingen of overlap is. Daarnaast geven zij aan welke activiteiten gemist worden en komen met een voorstel hoe dit aan te pakken.
Samenwerkingen worden bestendigd en leiden tot nog meer samenwerkingen op een ander vlak. Wat goed gaat, breidt zich uit. De activiteiten zoals beschreven worden geborgd en verankerd in het kernteam. Zij zijn het orgaan waar signalen en verhalen gebracht moeten worden. Het kernteam is hiermee een belangrijke samenwerking- en gesprekspartner van de gemeente, maar de gemeente is ook onderdeel van dit speelveld (bijlage 2). Inzet van ervaringsdeskundigen Dit zijn inwoners die in een armoede situatie leven of geleefd hebben en hun ervaring inzetten om anderen, in dezelfde situatie, te ondersteunen. Ervaringsdeskundigen weten als geen ander welke gevolgen armoede, schulden of laaggeletterdheid hebben op je leven. In Vught hebben de ervaringsdeskundigen zich verenigd in Omarmen, begeleid door Welzijn Vught. Door het inzetten van hun eigen ervaring in contact met anderen, treed er bij de ander herkenning op. Dit zorgt ervoor dat mogelijke schaamte of schuldgevoelens aan de kant gezet kunnen worden en open staat voor ondersteuning. De hulp van ervaringsdeskundigen bij het leggen van een eerste contact is van grote waarde. Ook zetten de ervaringsdeskundigen hun ervaring in om organisaties, fondsen, verengingen, clubs en de gemeente te adviseren in hun communicatie over hulp bij financiële problemen.
Zo kunnen brieven en teksten op websites aangepast worden, zodat deze begrijpelijker en makkelijke vindbaar zijn. We gaan kijken hoe we de inzet en betrokkenheid van ervaringsdeskundigen kunnen vergroten. Die in armoede verkeren of dreigen te
6. Meetbaar en merkbaar Het effect van onze inzet, in dit armoede- en schuldenbeleid genoemd, is niet makkelijk in harde cijfers uit te drukken en vraagt om kwantitatieve duiding. Armoedebeleid is een optelsom en dat betekent dat het zinvoller en haalbaarder is om juist het effect van de deeltjes (=activiteiten) te meten. Dragen zij bij aan de grotere gestelde doelen: voorkomen, kunnen meedoen en perspectief bieden. Zo bepalen we of activiteiten effect hebben. Eerst de uitvoeringsagenda met specifieke activiteiten We kiezen er, op basis van bovenstaand gegeven, bewust voor om in deze nota (nog) geen indicatoren op te nemen. Het aanleveren van kengetallen, zoals doorlooptijden, aantal inwoners dat gebruik maakt van ondersteuning en het al dan niet succesvol beëindigen van een 20
ondersteuningsvorm is niet zo moeilijk. Maar wat zeggen die kengetallen over hoe succesvol het beleid is of in hoeverre het bijdraagt aan het welbevinden van onze inwoner? Over het algemeen staat in Nederland het bewaken van effecten van armoede- en schuldenbeleid nog in de kinderschoenen. Er zijn een aantal landelijke en lokale monitors zoals de Divosa Benchmark Armoede en Schulden, de Landelijke Monitor Vroegsignalering.. Ook voor effectmeting en klantbelevingsonderzoek zijn enkele methodieken en onderzoeksbureaus beschikbaar. Kortom: er zijn veel meetinstrumenten, landelijk en lokaal. Het is belangrijk de juiste meetinstrumenten te kiezen, op activiteitenniveau, combinaties van activiteiten en over het totaal. Wanneer de uitvoeringsagenda met specifieke activiteiten is opgesteld, benoemen we indicatoren om het effect te meten, en worden in het jaarverslag opgenomen. Merkbare doelen Naast meetbare doelen spreken we ook van merkbare doelen. Merkt de inwoner iets van de doelen die in dit beleid gesteld zijn? Merkt hij een verandering in de houding van medewerkers? Ervaart de hulpvrager een lage drempel doordat (maatschappelijke) instanties meer inzetten op gebruik van ervaringsdeskundigen? Om de antwoorden op dit soort vragen te krijgen is een zgn. klantreis een goed middel. We kijken het komende jaar hoe we dit gaan inzetten.