CConstaterende datVught
Koppel je AI →
Document · PDF

5. Raadsinformatiebrief Regionaal Handelingsperspectief Van internationale medewerkers naar nieuwe Nederlanders

Raadsvergadering 4 november 2021, gemeente VughtBij agendapunt: Categorie I-B Schriftelijke mededelingen van college of griffie24.678 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

ven Eg Datum

5 oktober 2021

Onderwerp

Regionaal Handelingsperspectief 'Van internationale medewerkers naar nieuwe Nederlanders' Z21 - 240798

Zaakn ummer Documentnr.

UIT /21 - 448693

Geachte leden van de gemeenteraad, Met deze brief informeren wij u over het Regionaal Handelingsperspectief voor internationale medewerkers. Inleiding In de Regio Deal Noordoost Brabant investeren rijk, provincie en regio samen meer dan 40 miljoen euro extra in de leefbaarheid en welvaart in onze regio. In de Regio Deal NoordoostBrabant is de actielijn "Van internationale medewerkers naar nieuwe Nederlanders" opgenomen. De Regio Noord Oost Brabant (RNOB) heeft via een bestuursopdracht gevraagd om een integraal beleid op te stellen voor arbeidsmigranten op het vlak van huisvesting, integratie en participatie. In de bestuursopdracht is aangegeven om het vraagstuk vanuit meerdere disciplines te benaderen. Dit heeft geresulteerd in het Regionaal Handelingsperspectief met 4 7 uitgangspunten. De regio heeft verzocht aan de gemeenten om deze uitgangspunten als uitgangspunt te hanteren voor het op te stellen lokale beleid. Wanneer zoveel mogelijk gelijkluidend beleid opgesteld wordt kan dit een waterbedeffect voorkomen. Wat is het Regionaal Handelingsperspectief Het Regionaal Handelingsperspectief bevat 47 uitgangspunten en is gerangschikt onder vier thema's: Wonen en Leefomgeving, Economie en Arbeidsmarkt, Welzijn, Samenleving. In de uitgangspunten is getracht te verwoorden dat deze medewerkers, die economisch hard nodig zijn, in de regio welkom zijn.

En niet alleen welkom zijn, maar dat ook gezorgd wordt dat zij goed, veilig en fatsoenlijk gehuisvest worden. En dat ze de kans wordt geboden om te integreren en te participeren in onze samenleving voor hen die dat willen. Het Regionaal Handelingsperspectief is bedoeld als een handreiking naar alle gemeenten om regiobreed een, waar mogelijk, geharmoniseerd beleid op te stellen. Een beleid dat recht doet aan de autonome besluitvormingsprocessen van de gemeentebesturen in Noordoost-Brabant, dat een integrale aanpak beoogt, dat waterbed-effecten probeert te vermijden én dat toekomstbestendig is.

1/3

wc Het is dus geen dwingend document maar veeleer een vaststelling en een overzicht van instrumenten van hoe deze internationale werknemers ontvangen en gehuisvest kunnen worden in de regio. Het doel van het opstellen van een Regionaal Handelingsperspectief Doel van het integrale beleid voor de regio is dat: •

Internationale werknemers goed en fatsoenlijk worden gehuisvest;

•

Zij in staat worden gesteld en gestimuleerd worden om deel te nemen aan en deel uit te maken van onze samenleving met als onderliggend doel dat de economische ontwikkelingen worden gestimuleerd;

•

De integrale veiligheid voor alle inwoners wordt gewaarborgd;

•

Overlast en/ of ondermijning - mede als gevolg van 'verkamering' - wordt tegengegaan;

•

Opkoop van huizen in het goedkope(re) woonsegment door huisvesters en uitzendbureaus wordt tegengegaan met instrumenten als zelfbewoningsplicht/ opkoopbescherming en verhuurdersvergunning (pilots gestimuleerd vanuit het ministerie van BZK zijn gaande):

•

Met als tegenwicht het bieden van grootschalige(re) huisvesting voor short- en midstay internationale werknemers in de regio, onder andere door benutting van leegstand en het toestaan van nieuwbouw (logies en/of pensionfuncties) in de overgangsgebieden; én dat wordt aangesloten bij de adviezen van het Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten die ook door het demissionair kabinet zijn omarmd.

•

Wat betekent het Regionale Handelingsperspectief voor Vught In 2022 staat het opstellen van het Beleidskader Arbeidsmigranten voor Vught op de planning. Hiervoor wordt een startnotitie opgesteld. Het Regionaal Handelingsperspectief is het uitgangspunt voor dit beleidskader. Internationale werknemers (arbeidsmigranten) in NoordoostBrabant zijn in verschillende sectoren werkzaam. Dit verschilt per gemeente en dit vereist lokaal maatwerk. Voor Vught wordt kritisch gekeken wat bruikbaar en niet bruikbaar is en vooral wat relevant en niet relevant is voor deze gemeente. In het Bestemmingsplan Buitengebied zijn regels opgenomen over onder andere de huisvesting van arbeidsmigranten. Deze zijn in lijn met het Regionaal Handelingsperspectief. Aansluiting op het Regionaal Handelingsperspectief voorkomt dat er ongewenste 'waterbedeffecten' ontstaan.

De urgentie ligt bij het oplossen van de huisvestingsopgave, maar zeker ook bij integratie, participatie, sociaal welzijn, veilig en het creëren van draagvlak Regionaal wordt verder gewerkt aan bijvoorbeeld verbeteren van de registratie van internationale werknemers (in- en uitschrijving, woon- en contactadressen in Nederland etc.); aan een structuur waarin gemeenten regionaal samenwerken op het gebied van handhaving en toezicht om mensen en middelen zo efficiënt mogelijk te kunnen inzetten, wellicht in samenwerking met de Landelijke Stuurgroep Interventieteams van de VNG. Tevens wordt onderzoek gedaan naar een zeer laagdrempelig Migratie Informatie Punt, geïnitieerd vanuit de Regio Deal waar internationale

2/3

ven l werknemers, maar ook alle betrokkenen zoals inwoners, huisvesters, uitzenders terecht kunnen met hun vragen. Daarnaast wordt gewerkt aan het creëren van draagvlak en aan transparante communicatie over het huisvesten, de integratie en participatie van deze groep werknemers.

Standpunt / Besluit college van B en W Het Handelingsperspectief bevat 47 uitgangspunten. Het is geen dwingend document maar veeleer een vaststelling van wat geregeld mag c.q. moet worden. Het is dus eerder een advies waarmee wij onze eigen afwegingen kunnen maken. Wij denken dat het Handelingsperspectief en de onderliggende documenten een goed instrumentarium bevatten om ons eigen beleidskader op te stellen.

Burgemeester en wethouders van Vught, de secretaris de bur emeester,

drs. H.C. de Visch Eybergen R.J. van de Mortel

Bijlage(n): 1. 2. 3.

Handelingskader (kerndocument). Positiedocument (achtergrondinformatie) Bijlagen bij het Positiedocument (met een wettelijk instrumentarium)

3/3

Regionaal Handelingsperspectief

Regionaal Handelingsperspectief Huisvesting, Integratie en Participatie van internationale werknemers in de regio Noordoost-Brabant

Status: Ter besluitvorming aan het College van Burgemeester en Wethouders Versie 1.0 1.1

1.2

Auteur Datum Status

Datum 24 juni 2021 REGIODAG Periode: 1 juli tot 1 november 2021

Periode: Eind 2021

Bespreking Besproken op de Regiodag Handelingsperspectief en onderliggende documenten worden voorgelegd aan het College van B&W ter besluitvorming; het besluit betreft in te stemmen met het Handelingsperspectief zoals besproken en toegelicht op de Regiodag van 24 juni 2021, inclusief de dáár genoemde aanbevelingen en opmerkingen zoals verwerkt in versie 1.1. Regionale instemming met het Handelingsperspectief waarnodig aangevuld met annotaties vanuit de 17 Colleges in de periode 1 juli tot 1 november (week 43 van 2021).

Regionale projectgroep Arbeidsmigratie, steller: Gerard Olthof 29 juni 2021 Vertrouwelijk / Besloten

Regionaal Handelingsperspectief

2/11

INHOUDSOPGAVE HANDELINGSPERSPECTIEF Pagina: 4

INLEIDING

4

DOEL HANDELINGSPERSPECTIEF

4

UITGANGSPUNTEN

5

1. REGISTRATIE

5

2. WONEN EN LEEFOMGEVING

Opgave Kwaliteit Locatie Beheer Omgeving

8

3. ECONOMIE EN ARBEIDSMARKT

Vestiging van bedrijven Werkplek Scholing Publiekscampagne

9

4. WELZIJN EN SAMENLEVING

Positie internationale werknemer Verantwoordelijkheid bedrijven, uitzenders en huisvesters Keurmerken Verzekering Integratie en informatie Uitbuiting en/of ernstige benadeling

Regionaal Handelingsperspectief

3/11

INLEIDING In de regio Noordoost-Brabant werken ruim 20.000 internationale werknemers1, veelal in de regionale topsectoren. Zij houden onze economie draaiend. Nu, maar ook in de toekomst, hebben we deze werknemers hard nodig. Niet alleen in de primaire sectoren zoals agrifood/landbouw, ook knelt het in de secundaire (voedingsindustrie) en de tertiaire sectoren (logistiek, dienstverlening en zorg). Niet alleen nu, maar ook op de langere termijn. We willen de internationale werknemers en hun inzet en talenten daarom binden aan onze regio. Daarvoor willen wij als Noordoost-Brabantse overheden optimale randvoorwaarden creëren, bijvoorbeeld voor voldoende en kwalitatieve goede huisvesting, scholing, gezondheid en integratie. Talent binden Regio Noordoost Brabant gelooft in talent. In veel opzichten vormt dit talent, zoals studenten, kenniswerkers en internationale werknemers, de basis van ons succes in de regio. Dat talent verdient de juiste aandacht, optimale faciliteiten en alles wat nodig is om te schitteren. Daarom creëren wij de passende randvoorwaarden, bijvoorbeeld goede en veilige huisvesting. Dat doen we niet alleen. Dat doen we samen met onze partners, zoals de uitzendbureaus, werkgevers, woningcorporaties, ontwikkelaars en welzijnsorganisaties. Want alleen samen en door rechtstreeks in contact te zijn met de internationale werknemers zelf komen we verder.

DOEL HANDELINGSPERSPECTIEF Met dit handelingsperspectief willen we als Regio Noordoost-Brabant gezamenlijk uitspreken welke verantwoordelijkheid wij nemen ten aanzien van arbeidsmigratie in onze regio, welke randvoorwaarden wij stellen en op welke wijze wij gezamenlijk optrekken met onze partners. Kracht van onze regio Dit handelingsperspectief vormt een stevige basis voor de afgestemde Noordoost-Brabantse aanpak. Internationale werknemers in Noordoost-Brabant zijn in verschillende sectoren werkzaam. Dit verschilt per gemeente en dit vereist lokaal maatwerk. Graag willen we dat deze medewerkers zich thuis voelen in onze regio, passend bij de opgaven uit de Regio Deal Noordoost-Brabant: goed leven, fijn wonen en anders werken. De urgentie ligt bij het oplossen van de huisvestingsopgave, maar zeker ook bij integratie, participatie, sociaal welzijn, veilig en het creëren van draagvlak. Met oog voor de verschillende posities van internationale werknemers per gemeente (‘couleur lokale’) delen we een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid voor het verbeteren van de positie van internationale werknemers, kunnen we leren van elkaar en maken we hiervoor afspraken. Diversiteit is immers de kracht van onze regio.

1 Het PON, ‘Arbeidsmigratiecijfers in Brabant’ (januari 2020)

Regionaal Handelingsperspectief

4/11

UITGANGSPUNTEN HANDELINGSPERSPECTIEF REGISTRATIE 1. Gemeenten vinden een betere registratie van internationale werknemers erg belangrijk.

Afhankelijk van de wijze en de termijn waarop via nieuwe wetgeving de registratie beter geborgd wordt, onderzoeken de gemeenten de mogelijkheid om, beter dan nu, zicht te krijgen op de NAW- en contactgegevens van de internationale werknemers in de regio. In samenwerking met bedrijven/marktpartijen zorgen we dat hun medewerkers zich correct laten in- én uitschrijven in de Basisregistratie Personen (BRP). Samenwerking kan bovendien efficiency voordelen opleveren. 2. De werkgever of huisvester dient internationale werknemers te faciliteren bij het inschrijven in het BRP of bij het RNI-loket.

In het RNI moet niet alleen het woonadres in het thuisland worden opgenomen, zoals nu het geval is, maar ook het actuele verblijfsadres in Nederland, de contactgegevens van de internationale werknemer, een melding van de aanvang van werkzaamheden in Nederland en een melding van afronding van de werkzaamheden en vertrek uit Nederland. Gemeenten kunnen voorwaarden opnemen bij de vergunningverlening voor het faciliteren door de huisvester van de inschrijving en/of registratie.

WONEN en LEEFOMGEVING Opgave 3. De gemeenten in Noordoost-Brabant voelen zich tenminste verantwoordelijk voor voldoende en kwalitatief goede huisvesting voor het aantal internationale werknemers die in hun eigen gemeente binnen de regio werkzaam is.

4. Gemeenten zijn bij de huisvesting van internationale werknemers faciliterend en voorwaarden stellend; zij zorgen voor actuele beleidskaders en -regels. Voor 2023 heeft iedere gemeente beleidskaders en -regels (vastgesteld) die niet ouder zijn dan 1 januari 2019.

5. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor toezicht en handhaving en een goede communicatie over de geldende regelgeving naar alle partijen.

Regionaal Handelingsperspectief

5/11

6. Marktpartijen zijn verantwoordelijk voor de realisatie van kwalitatief goede huisvesting voor shorten midstay internationale werknemers.

7. Voor internationale werknemers die zich permanent willen vestigen in Noord-Brabant geldt dat zij eenzelfde positie hebben op de woningmarkt (zowel huur als koop) als andere inwoners. Zij zijn zelf verantwoordelijk voor wonen, leven en integreren. De werkgevers hebben een rol hen daarin van informatie te voorzien.

Kwaliteit 8. Alle nieuwe huisvesting voor internationale werknemers dient minimaal te voldoen aan de kwaliteitsnorm Stichting Normering Flexwonen (SNF)2 of Agrarisch Keurmerk Flexwonen (AKF)3 dan weleen nieuw landelijk vastgesteld keurmerk.

9. Gemeenten in de regio Noordoost-Brabant stimuleren dat alle bestaande huisvesting voor internationale werknemers minimaal aan één van bovengenoemde keurmerken voldoet.

10. Slaapplaatsen mogen niet per etmaal aan twee verschillende huurders (dag- en nachtploeg) worden verhuurd.

11. Bij voorkeur heeft iedere internationale werknemer de beschikking over een eigen slaapkamer (privacy).

12. Minderjarigen mogen niet worden gehuisvest in huisvestingslocaties voor internationale werknemers. 13. Aan eigenaren/verhuurders van geclusterde huisvesting in complexen/pensions leggen gemeenten eisen op ten aanzien van het beheer, communicatie, kwaliteitsnormen, registratie en onderhoud. Hiervoor worden beschikbare instrumenten benut als (anterieure)overeenkomst en/of exploitatievergunning, paraplu-bestemming ‘omzetting woningen’ via een ‘voorbereidingsbesluit’ en ‘leefbaarheidstoets’, dan wel nieuw juridisch instrumentarium zoals de ‘verhuurdersvergunning’ wanneer deze beschikbaar is.

Locatie 14. Het is aan marktpartijen om geschikte locaties voor huisvesting van internationale werknemers te vinden. Gemeenten hebben hierin een voorwaardenscheppende rol en spannen zich met de provincie in om op geschikte locaties passende huisvesting van internationale werknemers te

2 https://www.normeringflexwonen.nl/de-norm 3 Agrarisch Keurmerk Flexwonen | keurmerk huisvesting - Werkgeverslijn

Regionaal Handelingsperspectief

6/11

faciliteren.

15. Bij het zoeken van passende huisvestingslocaties voor internationale werknemers wordt nadrukkelijk gekeken naar de mogelijkheden voor het benutten van leegstand of leegkomend vastgoed, zoals kantoren, hotels, maatschappelijk vastgoed en VAB’s (Vrijkomende Agrarische Bebouwing).

16. In bestaand stedelijk gebied vindt geclusterde huisvesting bij voorkeur niet plaats in de bestaande woningvoorraad in woonwijken. Wanneer kamerverhuur wordt toegestaan, wordt in het kader van de leefbaarheid clustervorming in woonwijken voorkomen door spreiding met inzet van de beschikbare beleids- en verordeningsinstrumenten.

17. Om de ongebreidelde opkoop van huizen door uitzenders en huisvesters tegen te gaan wordt via een huisvestingsverordening de zelfbewoningsplicht ingevoerd voor de maximaal wettelijke termijn van 4 jaar.

18. Situering van (grotere) geclusterde huisvestingsvoorzieningen voor kort verblijf (short en mid stay) in gemengde (overgangs)zones is mogelijk waar wonen niet de dominante functie is.

19. Situering van grotere huisvesting op (randen van) bedrijventerreinen is een optie op basis van maatwerk waarbij geldt: -

Dat er voor internationale werknemers een aantoonbaar gezond leefklimaat kan worden gegarandeerd;

-

Dat de huisvesting geen belemmering mag zijn voor het functioneren van het bedrijventerrein;

-

Dat de locatie goed ontsloten is.

20. Huisvesting van seizoenswerkers in het buitengebied is, onder voorwaarden, mogelijk op het terrein van agrariërs waar de betreffende internationale werknemers werkzaam zijn. Met betreffende agrariërs worden afspraken gemaakt dat de onderkomens alleen voor hun werknemers is bedoeld en niet voor verhuur bij leegstand buiten het seizoen.

21. Permanente huisvesting van short stay internationale werknemers in het buitengebied kan mogelijk plaatsvinden op basis van maatwerk, onder voorwaarden en afhankelijk van de ligging en ontsluiting.

Beheer 22. Voorafgaand aan de realisatie van een (grootschalige) geclusterde huisvesting is een omgevingsdialoog noodzakelijk met afspraken over o.a. beheer, gevoerd door de initiatiefnemer

Regionaal Handelingsperspectief

7/11

23. Voor grootschalige geclusterde huisvestingslocaties dient een permanent aanwezige beheerder te worden aangewezen. Deze zorgt voor 24/7 toezicht, beheer en onderhoud van de huisvesting en is de contactpersoon voor bewoners, omgeving en instanties (waaronder gemeente). Voor locaties kleiner dan 100 bewoners is een vast aanspreekpunt een vereiste.

24. Binnen het beheer valt onder andere het toezien op de veiligheid van de bewoners, het bijhouden van een adequate financiële en huuradministratie, nachtregister, hospitality (het wegwijs maken van internationale werknemers in de gemeente, voorlichting), het voorkomen van overlast voor de omgeving en binnen de voorziening en het zijn van een aanspreekpunt voor de omwonenden, politie of gemeente.

Omgevingsdialoog 25. De eerste verantwoordelijkheid voor draagvlak en communicatie over een initiatief en de ontwikkeling van een locatie ligt bij de initiatiefnemer.

26. De gemeente heeft een verbindende rol en ondersteunt de initiatiefnemer bij de omgevingsdialoog voorafgaand aan de vergunningverlening en de ontwikkelfase van de locatie.

ECONOMIE / ARBEIDSMARKT Vestiging bedrijven 27. In de regionale afspraken bedrijventerreinen Noordoost-Brabant zijn afspraken vastgelegd over de omgang met arbeidsmigratie bij vestiging of uitbreiding van bedrijven op bedrijventerreinen in Noordoost-Brabant.

28. Als regio spreken we uit dat we niet alleen de economische bedrijvigheid omarmen, maar ook de (internationale) werknemers die daarbij horen.

29. Met bedrijven die zich nieuw willen vestigen in onze gemeente en met bestaande bedrijven die willen uitbreiden, maken gemeenten afspraken over de realisatie van huisvesting voor internationale werknemers die daar komen werken. Het is aan de gemeenten om na te denken over welk type bedrijven ze willen binnenhalen binnen hun gemeentegrenzen. Daarmee kan ook gestuurd worden op het aantal internationale werknemers dat een regio kan huisvesten. Ook dient te worden nagedacht over toekomstige ontwikkelingen als automatisering en robotisering en wat dat betekent voor een mogelijk afnemende behoefte wat betreft het huisvesting van internationale werknemers in de regio. Regionaal Handelingsperspectief

8/11

30. In de gesprekken die de samenwerkende gemeenten in het kader van het regionaal beleid bedrij venterreinen voeren met particuliere eigenaren van werklocaties, wordt ingezet op aansluiting van deze eigenaren op de regionaal gewenste ontwikkelingen, onder andere wat betreft de registratie, informatie en omgang met internationale werknemers. Werkgevers moeten hierin hun verantwoordelijkheid pakken en dit niet alleen overlaten aan uitzendbureaus.

Werkplek 31. De werkplek en andere plaatsen binnen het bedrijf moeten veilig en gezond zijn. Wanneer dit niet het geval is, moet de omstandigheden daarop worden aangepast. De coronamaatregelen worden gekoppeld aan de ARBO-catalogus, zodat ze worden getoetst door de Inspectie SZW. Het uitvoeren van risico-inspecties wordt gedaan door de Inspectie SZW en GGD.

Scholing 32. Werkgevers informeren uitzenders en huisvesters over scholingsmogelijkheden voor internationale werknemers. Hieronder verstaan we in ieder geval een taalcursus Nederlands. Het aanbod is daarnaast gericht op de toekomstige vraag van de topsectoren agrifood, hightech en logistiek. De gemeente is waar mogelijk faciliterend.

Publiekscampagne 33. Wij starten een publiekscampagne om het belang van internationale werknemers voor onze regionale economie goed over het voetlicht te brengen. De regio kan gemeente daarin adviseren indien nodig.

WELZIJN en SAMENLEVING Positie internationale werknemer 34. Binnen onze mogelijkheden verbeteren we de positie van internationale werknemers door het loskoppelen van werk, huisvesting en, indien mogelijk de zorgverzekering. Bijvoorbeeld door het eisen van een separaat arbeids- en huurcontract.

35. Het is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van werkgevers, uitzendbureaus en huisvesters dat wordt toegezien op het welzijn van internationale werknemers en dat zij voldoende bescherming krijgen. De diverse ketenpartners worden hierop individueel aangesproken.

Regionaal Handelingsperspectief

9/11

Verantwoordelijkheid bedrijven, huisvesters en uitzendbureaus 36. Regionaal maken we afspraken met (grote) bedrijven, huisvesters en uitzendbureaus waarin we zaken vastleggen als: samenwerken met gecertificeerde huisvesters en uitzendbureaus, de in- en uitschrijving in het BRP, de rol van werkgevers op het gebied van taal, participatie en de informatievoorziening aan internationale werknemers.

Keurmerk 37. Gemeenten werken alleen samen met uitzendbureaus die aangesloten zijn bij de branchevereni ging ABU of NBBU én beschikken over het keurmerk SNF of AKF. Dit laatste geldt ook voor huisvesters.Dit keurmerk vertegenwoordigt de minimale kwaliteitseisen, onder andere op het gebied van arbeidsvoorwaarden, afdracht van sociale premies, veiligheid op de werkvloer en gedragsregels. Ook wordt hiermee geborgd dat bij de beëindiging van het arbeidscontract (zowel opzegging door werk- gever als werknemer) een bewoner nog tot minimaal 2 weken tot 1 maand gebruik kan maken van de huisvesting om in die periode andere huisvesting te zoeken of terug te keren. Gemeenten staat het vrij om de lat hier hoger te leggen.

38. We spreken ons uit tegen malafide bedrijven en gemeenten zetten alle beschikbare middelen in om malafide bedrijven te weren in de regio Noordoost-Brabant.

Zorgverzekering / gezondheidszorg 39. Gemeenten dringen er bij werkgevers op aan om internationale werknemers te informeren over de mogelijkheden die er na uitdiensttreding (na afloop van de zorgverzekering) zijn voor de vergoeding van medisch noodzakelijke zorgkosten. Hiervoor bestaat al de ‘Subsidieregeling medisch noodzakelijke zorg aan onverzekerden’. Onder deze regeling kunnen nu ook al de kosten van medisch noodzakelijke zorg vergoed worden voor zorg aan onverzekerde personen, waaronder internationale werknemers.

40. Initiatiefnemer en gemeente treden in overleg met huisartsen als kan worden verwacht dat vanuit een (grootschalige) huisvestingslocatie een beroep op huisartszorg zal worden gedaan.

Integratie en informatie 41. We vinden het belangrijk dat internationale werknemers zich welkom voelen in onze regio en dat zij hun weg weten te vinden in onze samenleving en zelfredzaam zijn. Dat geldt zowel voor de internationale werknemers die hier korte of langere tijd verblijven als voor degenen die zich permanent vestigen.

Regionaal Handelingsperspectief

10/11

42. We zetten in op een goede informatievoorziening voor internationale werknemers. Wij participeren en investeren gezamenlijk in een op Noordoost-Brabant georiënteerd informatiepunt voor internationale werknemers.

43. Werkgevers zorgen voor aansluiting van internationale werknemers op gemeentelijke basisvoorzieningen op het gebied van taal, onderwijs, gezondheid, vrije tijd en werk & inkomen, passend bij de status en wensen van de internationale werknemer. De gemeente faciliteert waar mogelijk.

Uitbuiting en/of Ernstige benadeling 44. We spannen ons in om misstanden rondom internationale werknemers regionaal aan te pakken. Dat doen we mede in afstemming met o.a. het RIEC (Regionaal Informatie- en Expertise Centrum), de Arbeidsinspectie van SZW, belastingdienst, de Landelijke Stuurgroep Interventieteams4(LSI) van het VNG en andere betrokken partijen.

45. We willen alleen zakendoen met bonafide uitzendbureaus en huisvesters en onderzoeken hoe we malafide bedrijven kunnen weren, bijvoorbeeld door het aanleggen van een regionaal register voor malafide uitzendbureaus. Mocht hier op korte termijn wetgeving over komen, dan sluiten wij onze werkwijze hierop aan.

46. Geadviseerd wordt dat gemeenten vóór 2023 een plan van aanpak opstellen, gericht op het voorkomen van mensenhandel en arbeidsuitbuiting. Dit is in het interbestuurlijk programma (IBP) afgesproken. De rol van de individuele gemeente richt zich op preventie, signaleren/melden, handhavenen hulpverlenen. De werkgevers en uitzendorganisaties hebben in dit kader van preventie en het signaleren/melden een belangrijke rol. We maken hiervoor gebruik van de handvatten die o.a. het RIEC aanbiedt.

47. Als decentrale overheid hebben we de taak actief uitbuiting van internationale werknemers tegen te gaan. Bij de regionaal af te stemmen actualisatie van het inkoop- en aanbestedingsbeleid zullen we onderzoeken of goed werkgeverschap als voorwaarde gesteld kan worden.

4 4 https://vng.nl/artikelen/landelijke-stuurgroep-interventieteams-lsi

Regionaal Handelingsperspectief

11/11

POSITIEDOCUMENT bij het Regionaal Handelingsperspectief

1/25

Positiedocument bij het regionaal Handelingsperspectief Huisvesting, Integratie en Participatie van internationale werknemers in de regio Noordoost-Brabant

Status: Ter besluitvorming aan het College van Burgemeester en Wethouders Versie 1.0 1.1

1.2

Auteur Datum Status

Datum 24 juni 2021 REGIODAG Periode: 1 juli tot 1 november 2021

Periode: Eind 2021

Bespreking Besproken op de Regiodag Handelingsperspectief en onderliggende documenten worden voorgelegd aan het College van B&W ter besluitvorming; het besluit betreft in te stemmen met het Handelingsperspectief zoals besproken en toegelicht op de Regiodag van 24 juni 2021, inclusief de dáár genoemde aanbevelingen en opmerkingen zoals verwerkt in versie 1.1. Regionale instemming met het Handelingsperspectief waarnodig aangevuld met annotaties vanuit de 17 Colleges in de periode 1 juli tot 1 november (week 35 van 2021).

Regionale projectgroep Arbeidsmigratie, steller: Gerard Olthof 29 juni 2021 Vertrouwelijk / Besloten

POSITIEDOCUMENT bij het Regionaal Handelingsperspectief

2/25

4

INLEIDING

5

BEGRIPPEN Internationale werknemers Verblijfsduur Omvang huisvesting

6

SOCIAAL BELEID

7

AMBITIE

7

ONTWIKKELINGEN OP DE ARBEIDSMARKT

7

LANDELIJK NIVEAU Afhankelijkheid Structurele behoefte aan internationale werknemers Bijdrage BNP Registratie

11

PROVINCIAAL NIVEAU PON-rapport Situatie Positie actoren / stakeholders Uitvoeringsgerichte aanbevelingen

13

REGIONAAL NIVEAU Talent binden Buitenlandse migratie en permanente vestiging Huisvesting Verschillende (woon)behoeftes Verantwoorde huisvestingslocaties Huisvesting in woonwijken voor short-stayers Verkamering Verkamering tegengaan Huisvesting op agrarische bedrijven Realisatie van nieuwe pensions / logiesgebouwen Balans tussen woningen en verkamerde woningen

17

GEMEENTELIJKE VOORZIENINGEN

18

WETTELIJKE BEPALINGEN

18

VERANTWOORDELIJKHEID

19

OPLOSSINGSRICHTINGEN Flexwonen Geclusterde huisvesting

3

20

AFGESTEMDE AANPAK OVERHEDEN

20

INTEGRALE AANPAK

21

REGIONAAL HANDELINGSPERSPECTIEF

21

MIGRATIE INFORMATIE PUNT

21

LOKAAL MAATWERK

22

SAMENWERKING MET PARTNERS

22

DOEL HANDELINGSPERSPECTIEF

23

INTEGRAAL BELEID

24

LIJST VAN AFKORTINGEN

4

Inleiding In de regio Noordoost-Brabant werken ruim 20.000 internationale werknemers.1 Vaak in onze topsectoren agrofood, voedingsindustrie, logistiek, landbouw. Zij houden onze economie draaiend. Nu, maar ook in de toekomst hebben we deze werknemers hard nodig. Niet alleen in de primaire sectoren zoals landbouw, ook in de secundaire (industrie) en de tertiaire sectoren (dienstverlening) knelt het. Niet alleen nu, maar ook op de langere termijn. We willen de internationale werknemers en hun inzet en talenten daarom binden aan onze regio. Daarvoor willen wij als Noordoost-Brabantse overheden optimale randvoorwaarden creëren, bijvoorbeeld voor goede en humane huisvesting, scholing, gezondheid en integratie.

Begrippen Internationale werknemers Arbeidsmigranten, hier verder aangeduid als ‘internationale werknemers’, zijn personen die voor kortere of langere tijd naar Nederland komen om hier te werken en te verblijven. Het begrip arbeidsmigrant heeft veelal een negatieve connotatie. Ook dekt de term de lading niet. In dit handelingsperspectief wordt daarom de voorkeur gegeven aan de aanduiding ‘internationale werknemer’. Daarmee wordt bedoeld een persoon, woonachting binnen de EU die in een arbeidsovereenkomst met een werkgever afspraken maakt om arbeid in Nederland te verrichten waartegenover een financiële beloning staat (bron; CBS). In de regio Noordoost-Brabant gaat het vooral om internationale werknemers uit EU-landen, met name uit Midden- en Oost-Europa. Zij verrichten hier doorgaans ongeschoold of laaggeschoold werk. De top 5 wat betreft nationaliteit van Midden- en Oost-Europese landen bestaat achtereenvolgens uit Polen, Roemenië, Hongarije, Bulgarije en Litouwen. Daarvan is 61,6% man en 38,4% vrouw. Ruim 57% is jonger dan 35 jaar 2. Als EU-burgers hebben zij vrije toegang tot de Nederlandse arbeidsmarkt. Zij bouwen verder dezelfde arbeidsrechten op als Nederlandse werknemers en hebben bijvoorbeeld recht op het minimumloon en de opbouw van WW-rechten. Er wordt onderscheid gemaakt tussen internationale werknemers en kennismigranten, ook expats genoemd.

Deze laatste groep zijn niet-Nederlanders, vaak van buiten de EU, die hier hooggeschoold werk doen. Dit beleidsdocument gaat niet over kennismigranten. De groep internationale werknemers is divers qua herkomst en qua inzet. Daarnaast levert het vraagstukken op met betrekking tot de regionale en Nederlandse arbeidsmarkt, de financiële en rechtspositie van de internationale werknemers zelf en last but not least hun huisvesting en inburgering. Met name een verantwoorde en humane huisvesting die aansluit op de behoefte en verblijfsduur van de te onderscheiden groepen internationale werknemers en die een goede integratie niet in de weg staat, is een belangrijk vraagstuk.

1 Het PON, ‘Arbeidsmigratiecijfers in Brabant’ (januari 2020) 2 Het PON, ‘Arbeidsmigratiecijfers in Brabant’ (januari 2020)

5

Verblijfsduur De verblijfsduur en de woonwensen van internationale werknemers zijn met elkaar verbonden en kunnen worden onderverdeeld in de categorieën shortstay, midstay en longstay. Qua verblijfsduur wordt er onderscheid gemaakt tussen: − short stay: officieel tot 4 maanden, maar kan uitlopen tot 1 jaar. Shortstayers zijn internationale werknemers die maximaal tot één jaar in Nederland gaan verblijven, hierdoor is een sobere, doelmatige logiesvorm met minimale kosten het meest ideale voor deze groep. − midstay:

1 - 3 jaar. Midstayers zijn internationale werknemers die minimaal een jaar en maximaal drie jaar in Nederland gaan verblijven. Deze groep stelt hogere eisen wat betreft privacy en eigen voorzieningen. Qua woonvorm zijn studentenkamers of andere vormen van flexwonen het meest passend bij deze groep.

− long stay: langer dan 3 jaar. Longstayers zijn internationale werknemers die langer dan drie jaar in Nederland gaan verblijven. Het gaat vaak om mensen die zich hier definitief willen vestigen en dezelfde woonbehoeftes hebben als andere inwoners in onze regio. Bij ‘long stay‘ kunnen we spreken over ‘inwoner‘. Onze woningmarkt kent grote tekorten: de vraagprijs van koopwoningen is hoog en de wachttijd voor huurhuizen lang. De vestiging van short stay en mid stay internationale werknemers in reguliere woningen verhoogt de krapte op de woningmarkt. De krapte wat betreft huisvesting en de problematiek liggen vooral bij de short- en midstay. Diverse onderzoeken wijzen uit dat 30% van de internationale werknemers behoort tot de short stayers, 40% tot de midstayers en tenslotte behoort de overige 30% van de internationale werknemers tot de long stayers3. Omvang huisvesting Qua omvang van huisvesting wordt er onderscheid gemaakt tussen: − kleinschalige huisvesting: − middelgrote huisvesting: − grootschalige huisvesting:

tot 20 internationale werknemers; van 20 t/m 80 internationale werknemers; vanaf 80 internationale werknemers.

3 Routekaart naar goede huisvesting voor EU-arbeidsmigranten, Expertisecentrum Flexwonen,2019

6

Sociaal beleid In het handelingsperspectief is een minimumpakket voor sociaal beleid opgenomen, o.a. Geen minderjarigen in huisvesting arbeidsmigranten. Aansluiting van gemeentelijke informatie over wonen, inkomen, onderwijs, gezondheid etc. op regionale informatie (MIP). Aandacht voor de toegang tot de gezondheidszorg (huisartszorg, zorgverzekering). Het gemeentelijk sociaal domein is veelomvattend. Voor een belangrijk deel worden hierover al regionaal of subregionaal afspraken gemaakt. Denk aan Jeugdhulp, Wmo, arbeidsmarktbeleid of onderwijsbeleid (o.a. inkoop NT1/WEB, passend onderwijs). Daarnaast kan binnen het lokale welzijns- of cultuur- en onderwijsbeleid aandacht zijn voor internationale werknemers, zoals via het wijkwelzijnswerk, volwasseneneducatie (taalcafé e.d.) of sociaal raadsliedenwerk. Gemeenten kunnen ook een lokaal informatiepunt hebben voor arbeidsmigranten, werkgevers, huisvesters en omwonenden. Vanuit gezondheidsperspectief zijn GGD betrokken bij inspecties van woonlocaties voor internationale werknemers. Zodra internationale werknemers zich inschrijven in het BRP zijn het inwoners die een beroep kunnen doen op voorzieningen van de gemeenten. Bijvoorbeeld op voorzieningen in het kader van de Participatiewet of de jeugdhulp en leggen zij mogelijk extra druk op de krappe budgetten in het sociaal domein.

Gewenste uitgaven in het sociaal domein zijn de uitgaven voor kinderen van internationale werknemers gericht op integratie en het voorkomen van achterstanden, zoals Voor- en Vroegschoolse Educatie of bijzondere bijstand (participatie). Ook taalonderwijs (o.a. NT1) voor volwassenen en omscholing gericht op de tekorten op onze arbeidsmarkt kunnengewenste investeringen zijn vanuit het sociaal domein gericht op participatie en integratie. Om de actielijn ‘Van internationale medewerkers naar nieuwe Nederlanders’ uit de Regio Deal Noordoost-Brabant te concretiseren verdient het aanbeveling dat gemeenten arbeidsmigranten die zijn ingeschreven in het BRP proactief de mogelijkheid bieden om gebruik te maken van de gemeentelijke voorzieningen die gericht zijn op de integratie en participatie van deze, in potentie nieuwe Nederlanders. Arbeidsmigranten zijn onmisbaar voor de economie in Noordoost-Brabant. Hen actief welkom heten en welkom laten voelen voorkomt veel problemen achteraf. Voorkomen moet worden dat zijn niet of onvoldoende integreren in de gemeente waar zij wonen in Noordoost-Brabant.

7

Ambitie De tijdelijke huisvestingsvraag vraagt om specifieke oplossingen gericht op tijdelijk verblijf van internationale werknemers. Regio Noordoost-Brabant heeft op basis van de cijfers een ambitie om in de periode 2021 t/m 2024 in de regio kwalitatief goede huisvestingsplaatsen voor in totaal 4.000 tot 6.000 internationale werknemers te realiseren. Iedere gemeente neemt daarin zijn verantwoordelijkheid. Periodiek zullen de gemeenten de voortgang monitoren en elkaar indien nodig aanspreken op de bijdrage aan de regionale ambitie.

Ontwikkelingen op de arbeidsmarkt De werkloosheid in Oost-Europa daalt hard. De krapte op de arbeidsmarkt stuwt de lonen flink op. In 2018 gingen de lonen in Polen en Roemenië met respectievelijk 6% en 30% omhoog. Daarnaast moet Nederland concurreren met landen als Duitsland en Denemarken. De verwachting is daarom dat het in de toekomst steeds moeilijker zal worden om voldoende internationale werknemers uit (Midden- en Oost-) Europa te halen. Momenteel zien we dat echter nog niet terug in de statistieken. Volgens het CBS groeide de Nederlandse bevolking sneller in de eerste helft van 2019 dan in dezelfde periode in 2018, vooral door de komst van werknemers uit onder andere Polen4. Door COVID-19 is in 2020 hier een, naar verwachting tijdelijke, rem op gekomen. In de media wordt het beeld neergezet dat er in de toekomst steeds meer internationale werknemers van buiten de EU zullen worden aangetrokken. Dit is echter nog niet zo gemakkelijk. Er moet namelijk een tewerkstellingsvergunning aan worden gevraagd om personeel uit niet EU-landen werk te kunnen bieden in Nederland. Een dergelijke vergunning is vrijwel niet te verkrijgen voor ongeschoold werk omdat er sprake moet zijn van een 'wezenlijk Nederlands belang'. Dat wil zeggen dat de werkgever in Nederland en elders in Europa geen geschikt personeel heeft kunnen vinden.

De werkloosheidscijfers in Europa zijn (voorlopig) dermate hoog dat dit belang niet bewezen kan worden voor het veelal ongeschoolde werk dat in onze regio wordt aangeboden. In de toekomst moet rekening gehouden worden met een toename van internationale werknemers van buiten de EU voor specifieke beroepen in bijvoorbeeld de zorg. Precieze cijfers zijn onbekend, maar naar schatting gaat het momenteel nog maar om kleine aantallen. Automatisering en robotisering zijn belangrijke ontwikkelingen waarmee rekening moet worden gehouden in het (toekomstig) beleid. Ook is de inzet van arbeidskrachten voorlopig goedkoper dan het investeren in robots. Het is niet duidelijk wanneer het omslagpunt zal plaatsvinden. Toch is het niet ondenkbaar dat over 10 jaar minder arbeidskrachten nodig zijn omdat een deel van het werk door robots wordt overgenomen. Tegelijkertijd zal door automatisering en robotisering de vraag naar middelbaar en hoger opgeleide arbeidskrachten toenemen. Uit enquêtes uitgezet onder internationale werknemers blijkt dat 44% momenteel werk verricht dat op een lager niveau is dan de opleiding die ze hebben genoten! En dáár liggen kansen voor de regio Noordoost-Brabant.

4 Volkskrant, 31 juli 2019. 'Nederlandse bevolking groeide sneller in eerste helft van 2019 dan vorig jaar, vooral

door komst van arbeidsmigranten

8

LANDELIJK NIVEAU Op 4 mei 2020 heeft het kabinet het ‘Aanjaagteam Bescherming Internationale werknemers’ onder aanvoering van Emile Roemer ingesteld om voorstellen te doen om de werk- en leefomstandigheden van internationale werknemers te verbeteren. De commissie heeft inmiddels twee adviesrapporten aan de Tweede Kamer aangeboden5&6 die grotendeels door het - nu demissionaire - Kabinet zijn overgenomen7&8. Doel van het eerste advies was het risico op coronabesmetting voor internationale werknemers op de korte termijn af te laten nemen en van het tweede advies om de positie van deze werknemers in Nederland ook op de langere termijn te versterken. Afhankelijkheid Het aanjaagteam constateert dat de afhankelijkheid van de internationale werknemer van het uitzendbureau en de inlener het grootste knelpunt is, die slecht willende partijen de kans geven daar misbruik van te maken. Internationale werknemers werken vaak tegen minimale arbeidsvoorwaarden (zo’n 70 tot 80% werkt voor een uurloon lager dan 15 euro) en wonen in veel gevallen in door de werkgever, vaak het uitzendbureau, beschikbaar gestelde huisvesting. Het gevolg veelal: veel mensen dicht op elkaar, met een geregeld wisselende samenstelling, weinig privacy en geen mogelijkheden om afstand te houden tot elkaar en zijn daarmee extra kwetsbaar voor besmetting met het coronavirus.

Aanvullend geldt dat huisvesting en vervoer vaak worden geregeld door het uitzendbureau; dit zorgt ervoor dat internationale werknemers voor hun werk, huisvesting, vervoer én zorgverzekering afhankelijk zijn van één en dezelfde instantie. De afhankelijkheid leidt ertoe dat verlies van werk ook verlies van huisvesting en de zorgverzekering kan betekenen, en dat huisvesters internationale werknemers boetes op kunnen leggen voor het naleven van (soms discutabele) huishoudelijke reglementen. Structurele behoefte aan internationale werknemers De werkzaamheden die internationale werknemers in Nederland uitvoeren zijn zeer divers en variëren van seizoensarbeid tot arbeid gedurende het hele jaar en van agrarisch tot industrieel, bouw, logistiek en dienstverlenend. Door het verder opengaan van de grenzen is de toestroom van internationale werknemers in de afgelopen jaren vanuit Midden- en OostEuropa sterk toegenomen. In Nederland heerst in verschillende sectoren een tekort aan arbeidskrachten, waardoor internationale werknemers, aangetrokken door de relatief hogere lonen, tijdelijke werkzaamheden verrichten en van belang zijn voor het functioneren van de nationale en lokale economie. Naar verwachting zal Nederland voor internationale werknemers aantrekkelijk blijven, zeker ook gezien de verbeterde economische vooruitzichten.

En doordat de Nederlandse 5Het eerste rapport van het Aanjaagteam bescherming Arbeidsmigranten op 11-06-2020:

https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2020/06/11/eerste-aanbevelingen-aanjaagteam-beschermingarbeidsmigranten 6 En het 2de rapport van het Aanjaagteam van 30-10-2020: https://www.rijksoverheid.nl/binaries/rijksoverheid/documenten/rapporten/2020/10/30/tweede-advies-aanjaagteambescherming-arbeidsmigranten/Geen+tweederangsburgers-Interactief.pdf 7Kamerbrief eerste aanbevelingen Aanjaagteam bescherming arbeidsmigranten op 11-06-2020: Kabinetsreactie op aanbevelingen aanjaagteam bescherming arbeidsmigranten | Kamerstuk | Rijksoverheid.nl 8 en de Kamerbrief 2de advies Aanjaagteam bescherming arbeidsmigranten op 30-10-2020: Kamerbrief kabinetsreactie Aanjaagteam bescherming arbeidsmigranten | Kamerstuk | Rijksoverheid.nl

9

beroepsbevolking vanaf 2021 zal krimpen zal ook de komende jaren de behoefte aan internationale werknemers blijven bestaan en een structureel karakter hebben.

Bijdrage BNP Volgens de laatste cijfers van het Sociaal Economisch onderzoek (SEO) uit 2018 droegen internationale werknemers ongeveer 11 miljard euro bij aan het nationaal inkomen9. Na aftrek van de daarvan uitgekeerde beloning aan internationale werknemers blijft ruim 5 miljard euro over, ongeveer 300 euro per Nederlander10. Gemiddeld besteedt een internationale werknemer jaarlijks minimaal € 2.600 in zijn of haar woonplaats, wat weer bijdraagt aan de economie en de instandhouding van voorzieningen. De keerzijde is dat internationale werknemers over het algemeen een laag inkomen hebben. Gemiddeld verdienen zij tot een maximum van 130% van minimumloon. Een stijging van het aantal internationale werknemers leidt tot stijging van het aantal laagopgeleiden en weinig kapitaalkrachtige inwoners. Registratie Omdat het bij internationale werknemers in de meeste gevallen gaat om EU-burgers, valt dit onder het principe van vrij verkeer van personen en hoeft men zich de eerste vier maanden zich niet in te schrijven bij een gemeente. Inschrijving in de BRP is mogelijk als de arbeidsmigrant naar verwachting vier maanden binnen een half jaar in Nederland gaat verblijven. Deze termijn hoeft overigens niet aaneengesloten te zijn.

In principe is iemand die voor een periode van vier maanden of langer in Nederland verblijft een ingezetene en élke ingezetene is verplicht zich in te schrijven in de basisregistratie van zijn of haar woonplaats. Wanneer we spreken over niet-ingezetenen, dan hebben we het over personen die niet of korter dan vier maanden in Nederland verblijven. Zij kunnen zich inschrijven als niet-ingezeten bij een van de 19 Registratie-Niet-Ingezetenen-Loketten (RNI). Beter zou het zijn als men zich ook direct inschrijft bij de BRP van de gemeente waar men verblijft, zodat de gemeente van hun aanwezigheid op de hoogte is en hier rekening mee kan houden in bijvoorbeeld haar volkshuisvestelijk beleid. Redenen waarom men zich niet registreert zijn de vier-maanden-termijn, maar ook dat zij - soms - geen toestemming krijgen van de huiseigenaar om zichzelf te registreren, omdat ze wonen in een huis van het uitzendbureau en/of door het ontbreken van kennis hoè men zich moet inschrijven bij een gemeente. De wet- en regelgeving rondom de BRP en RNI (Registratie Niet-Ingezetenen) schiet op dit moment tekort11. Het Aanjaagteam Bescherming Internationale werknemers adviseert dan ook om de wet- en regelgeving rondom de BRP zodanig aan te passen dat contactgegevens

9 SEO-onderzoek, De economische waarde van arbeidsmigranten uit Midden- en Oost- Europa voor Nederland,

2018. 10 SEO Economisch Onderzoek, 2018. 'De economische waarde van arbeidsmigranten uit Midden- en Oost-Europa voor Nederland'. 11 Dit op basis van praktijkervaringen en diverse krantenartikelen hierover.

10

(e-mailadressen en telefoonnummers) en verblijfsadressen van niet-ingezetenen die tijdelijk in Nederland zijn, kunnen worden geregistreerd in de BRP/RNI12. Het inmiddels demissionair kabinet heeft dit advies overgenomen en kenbaar gemaakt in haar brief aan de Tweede Kamerbrief op 14 december 2020.13 “Het kabinet onderschrijft het belang van goed inzicht in arbeidsmigratie, in lijn met de motie-Palland/Tielen11. Er worden stappen gezet om de Basisregistratie Personen (BRP) zo in te richten dat daarin zichtbaar wordt welke internationale werknemers (tijdelijk) in Nederland verblijven en waar zij verblijven (door registratie van het verblijfsadres). Dit gebeurt in de context van de Ontwikkelagenda BRP die het kabinet in september jl. aan uw Kamer heeft aangeboden.12 Hierop zijn de punten ‘Uitbreiding mogelijkheden registratie niet-ingezetenen’ en ‘Registratie tweede adres’ opgenomen’. Vanaf begin volgend jaar worden (vooruitlopend op structurele aanpassingen in de BRP) contactgegevens opgenomen in de RNI-applicatie (Registratie Niet Ingezetenen), te weten telefoonnummers en e-mailadressen. Omdat de contactgegevens op die manier geen onderdeel van de persoonslijst in de BRP gaan uitmaken, kunnen ze worden geregistreerd en verstrekt zonder aanpassingen in BRP wet- en regelgeving.

Met de Inspectie SZW wordt begin 2021 gestart met een proef met het verstrekken van deze contactgegevens. Voor de correcte en actuele registratie van internationale werknemers is het noodzakelijk dat een sluitend proces ontstaat, bestaande uit in ieder geval een melding van de aanvang van werkzaamheden in Nederland, het aanleveren van de gegevens over internationale werknemers, het bijhouden van de gegevens en een melding van afronding van de werkzaamheden en vertrek uit Nederland. Het kabinet neemt het ontwerpen en inrichten van een dergelijk proces ter hand, in samenwerking met andere stakeholders zoals het UWV, de Belastingdienst, gemeenten, werkgevers en internationale werknemers zelf zodat het volgende kabinet dit in kan voeren. Er zal daarbij ook aandacht zijn voor ontwikkeling van een laagdrempelige online tool, zodat de arbeidsmigrant zelf ook contactgegevens kan aanpassen. Het kabinet ondersteunt de gedachte dat de dienstverlening en informatievoorziening richting internationale werknemers verbetering behoeft, en verkent voor het volgende kabinet hoe onder andere de RNI-loketten daarbij een rol kunnen spelen.” Het is belangrijk dat van elke internationale werknemer een actuele registratie wordt bijgehouden om te kunnen weten waar hij/zij woont. De uitschrijving en herinschrijving bij verandering van woonadres, heeft dan ook nadrukkelijk onze aandacht.

Daarnaast geldt de verplichting voor inleners en uitzendbureaus om direct de beschikking te hebben over het BSN-nummer, woonadres en telefoonnummer of e-mailadres van de internationale werknemers die voor de inlener of het uitzendbureau werken.

12 Zie pag. 31 en 32 van het 2de rapport van het Aanjaagteam Bescherming arbeidsmigranten (30-10-2020):

https://www.rijksoverheid.nl/binaries/rijksoverheid/documenten/rapporten/2020/10/30/tweede-adviesaanjaagteam-bescherming-arbeidsmigranten/Geen+tweederangsburgers-Interactief.pdf 13 Zie pagina 11 van de Kamerbrief 2de advies Aanjaagteam bescherming arbeidsmigranten (14-12-2020): Kamerbrief kabinetsreactie Aanjaagteam bescherming arbeidsmigranten | Kamerstuk | Rijksoverheid.nl

11

PROVINCIAAL NIVEAU De provincie Noord-Brabant heeft een kwalitatief onderzoek laten uitvoeren door onderzoeksbureau het PON, waarin wordt ingegaan op de algemene omstandigheden van de internationale werknemers in Noord-Brabant14. De provincie kiest voor het organiseren van Regiotafels waarin verschillende stakeholders met elkaar in gesprek gaan over diverse aspecten binnen het thema. Verder speelt de provincie een coördinerende en verbindende rol. Via een brede en integrale aanpak met urgentie op het huisvestingsvraagstuk wordt per regio gekeken welk beleid passend is. Hiervoor is binnen de provincie een kernteam opgericht dat zich specifiek bezighoudt met het thema internationale werknemers dat op 19 juni 2019 de ‘Brabantse aanpak arbeidsmigratie 2019-2020’ lanceerde. Met regelmaat verschijnen er nieuwe publicaties van hun hand. Voor de provincie staat voldoende, goede en veilige huisvesting voorop, waarbij er (ruimtelijk) veel mogelijk is op basis van maatwerk. Daarnaast hecht zij veel belang aan draagvlak. Zij ondersteunt dan ook graag bij beeldvormingssessies.

Het PON-rapport (januari 2020) Het PON heeft voor de Provincie Noord-Brabant een inventarisatie gemaakt van de stand van zaken en knelpunten ten aanzien van arbeidsmigratie in Noord-Brabant; de cijfers betreffen 2018: Situatie: Diffuse cijfers door gebrekkige registratie; Handhaving arbeid en wonen nog altijd nodig; Precaire arbeidspositie (met name flexwerkers); Tekort aan (kwalitatief goede) huisvestingsplekken; Ervaren weerstand van omwonenden (met name rond huisvesting); Onvoldoende kennis van de Nederlandse taal en gebrek aan informatie bij internationale werknemers; Segregatie: internationale werknemers en andere inwoners leiden vaak parallelle levens; Ontbreken van opvang en ondersteuning bij sociale problemen. Positie van actoren/stakeholders: Onvoldoende regierol en realisatiemacht gemeenten; Afhankelijkheidspositie internationale werknemers (wonen en werken via werkgever); Centrale positie van uitzendbureaus aangaande huisvesting. Voor een integrale benadering waarin werken, wonen en samenleven in samenhang wordt bezien, is overheidsondersteuning noodzakelijk. Overheidsregie is nodig om het publieke belang te borgen in een context waarin veel marktpartijen opereren.

14 Het PON, ‘Arbeidsmigratiecijfers in Brabant’ (januari 2020)

12

Het PON onderscheidt zowel beleidsvormende als uitvoeringsgerichte aanbevelingen voor de provinciale rol bij dit vraagstuk. Op het gebied van beleidsvorming kan de provincie ondersteunend en stimulerend zijn aan gemeenten in het integraal oppakken van dit vraagstuk. Daarbij is het ontwikkelen van een lange termijnperspectief en visie noodzakelijk. Op het gebied van huisvestingsbeleid is harmonisering nodig. De provincie is nodig als regisseur en verbinder tussen de verschillende stakeholders en betrokken partijen. Geef internationale werknemers ook een plek aan de gesprekstafels. Deze samenwerking is nodig ten behoeve van het borgen van publieke waarden, bovenregionale agendering en bovenlokale organisatiekracht.

Uitvoeringsgerichte aanbevelingen 1. Ontwikkel een mobiel expertteam arbeidsmigratie dat lokaal en op maat gemeenten ondersteunt in het toepassen en ontwikkelen van best practices op het gebied van werken, wonen, samenleven en handhaving/controle. 2. Faciliteer regionale informatie- en adviespunten. Het is van belang dat hier niet alleen juridische en administratieve informatie kan worden ingewonnen maar ook vragen rond zorg en welzijn kunnen worden gesteld. 3. Organiseer een Brabant brede bewustwordingscampagne arbeidsmigratie voor Brabanders, opgepakt in de regio’s. Daarmee investeer je in sociale samenhang. 4. Ontwikkel een handreiking communicatiestrategie richting bewoners voor betrokken partijen (stakeholders huisvesting). Vanuit een handreiking van de provincie Noord-Brabant: Uitgangspunten: In het logiesverblijf worden internationale werknemers gehuisvest die hoofdzakelijk werkzaam zijn in de gemeente of in de directe nabijheid; Grootschalige huisvesting van internationale werknemers is qua aard en inrichting niet geschikt voor personen onder de 18 jaar en daarmee is het ook niet toegestaan personen onder deze leeftijdsgrens te huisvesten; De bezetting dient te worden bijgehouden in een nachtregister, waarin minimaal opgenomen: personalia en contactgegevens, datum aanvang huisvesting en datum beëindiging huisvesting.

Voor de huisvesting zijn minimaal de eisen van de Stichting Normering Flexwonen (SNF) of voor huisvesting van eigen personeel bij agrarische bedrijven - Agrarisch Keurmerk Flexwonen (AKF). De norm kent de onderdelen ruimte en privacy, sanitair, veiligheid en hygiëne, voorzieningen, informatievoorziening en overige eisen, en brandveiligheid. Gemeenten zijn uiteraard vrij om de lat voor zichzelf hoger te leggen waar het gaat om huisvesting, integratie en participatie. Voor iedere huisvestingslocatie dient een beheerder te zijn aangewezen. Deze zorgt voor het dagelijkse onderhoud van de huisvesting en is altijd (24 uur per dag en 7 dagen per week) bereikbaar voor de huurders/gebruikers, omwonenden, politie en/of de gemeente.

13

REGIONAAL NIVEAU Talent binden Regio Noordoost Brabant gelooft in talent. In veel opzichten vormt dit talent, zoals studenten, kenniswerkers en internationale werknemers, de basis van ons succes in de regio. Dat talent verdient de juiste aandacht, optimale faciliteiten en alles wat nodig is om te schitteren. Daarom creëren wij de passende randvoorwaarden, bijvoorbeeld goede en veilige huisvesting. Dat doen we niet alleen. Dat doen we samen met onze partners, zoals de uitzendbureaus, werkgevers, woningcorporaties, ontwikkelaars en welzijnsorganisaties. Want alleen samen en door rechtstreeks in contact te zijn met de internationale werknemers zelf komen we verder. Buitenlandse migratie en permanente vestiging Op basis van onderzoek15 weten we dat in 2018 ruim 20.000 internationale werknemers werkzaam waren voor een werkgever gevestigd in één van de gemeenten van de regio Noordoost Brabant (22,1% t.o.v. heel Brabant). In heel Noord Brabant werkten toen circa 92.000 internationale werknemers.

Op basis van de feitelijke bevolkingsontwikkelingen in de eerste helft van 2020 16, die een sterke afname van de buitenlandse migratiesaldi laten zien, is verondersteld dat het buitenlands saldo in Brabant in 2020 (beduidend) lager zal komen te liggen, vergeleken met de (hoge) niveaus van de laatste jaren, maar de eerstkomende jaren (tot 2025) wel weer zullen oplopen richting de saldi (zo tussen de 11.000 en 12.500), zoals deze af te leiden zijn uit de meest recente prognose van CBS. Onderzoek van het CBS maakt ook duidelijk dat 69% van de internationale werknemers hier op tijdelijke basis is en 31% zich hier definitief vestigt17. Voor de regio Noordoost-Brabant betekent dat geëxtrapoleerd een toename van tussen de 2300 en 2600 internationale werknemers per jaar (21% t.o.v. Brabant als geheel). De (positieve) buitenlandse migratiesaldi lopen daarna terug tot een min of meer structureel verondersteld niveau van gemiddeld ruim 7.000 personen per jaar vanaf 2030. Huisvesting Internationale werknemers hebben in dít handelingsperspectief onze specifieke aandacht omdat we constateren dat de huisvesting van internationale werknemers onvoldoende en niet altijd humaan is. Dat is niet wenselijk omdat we internationale werknemers willen binden aan onze regio. Ze zijn namelijk hard nodig als werknemer in onze bedrijven.

Vanuit het perspectief dat het huisvesten van internationale werknemers primair een economische opgave is, we internationale werknemers humaan willen huisvesten, we aan willen sluiten op de woonbehoefte van internationale werknemers en we woon-werkverkeer willen beperken werken we daarom als regio samen aan het realiseren van voldoende humane huisvesting voor internationale werknemers die in onze gemeenten werkzaam zijn. Een voorstel voor regionale samenwerking is in dit handelingsperspectief uitgewerkt. Gemeenten kunnen dit handelingsperspectief gebruiken als basis of als aanvulling op lokaal beleid. Daarbij realiseren 15 Het PON, ‘Arbeidsmigratiecijfers in Brabant’ (januari 2020) 16 De bevolkings- en woningbehoefteprognose Noord-Brabant, actualisering 2020 (hoofdstuk 3) 17 Centraal Bureau voor de Statistiek (S. Krieg en J. van Rooijen), 2018, Poolse werknemers in Nederland. De nieuwkomers

van 2011 op de voet gevolgd. Den Haag: CBS.

14

en exploiteren wij als regio of gemeenten niet zelf huisvesting. Maar we zorgen wel voor regionaal gelijkluidende kwalitatieve uitgangspunten en een basis voor een constructieve samenwerking zodat partners in goede huisvesting kunnen voorzien. Verschillende (woon)behoeftes Voor internationale werknemers, die hier kortdurend werken, wordt gestreefd naar huisvesting dicht bij de bedrijven waar zij werken. Dat is maatwerk, waarbij grootschalige locaties, voor internationale werknemers die hier werken, de voorkeur heeft vanwege de scherpe kaders die wij willen stellen met betrekking tot 24/7 professioneel beheer, goede woon- en leefvoorzieningen, optimalisering van de verkeersafwikkeling, enzovoort. De verantwoordelijkheid voor het creëren van voldoende en kwalitatief goede huisvesting ligt primair bij de werkgevers (waaronder uitzendbureaus). Gemeenten nemen hun verantwoordelijkheid door het vervullen van een faciliterende en verbindende rol. Projectontwikkelaars en huisvesters kunnen initiatieven ontwikkelen mits er een relatie is met de huisvesting voor internationale werknemers van lokale bedrijven. Het huisvesten van internationale werknemers is financieel zo lucratief dat het een verdienmodel op zich is. Deze praktijk houdt mensen in een afhankelijkheidspositie. Een scheiding tussen werk en wonen is dan ook wenselijk/noodzakelijk.

Internationale werknemers die hier kort verblijven hebben weinig tot geen behoefte aan integratie en hebben naar verwachting vaak ook geen tijd en/ of behoefte om een plek te vinden waar ze kunnen verblijven. De groep internationale werknemers die hier voor middellange termijn verblijft is heel divers. Binnen deze groep bevindt zich ook een groot aantal arbeidskrachten dat het grootste deel van het jaar hier werkt en enkele maanden per jaar terugkeert naar land van herkomst. Zowel hun arbeidssituatie kan variëren (van flexibele 0- urencontracten tot meer stabiliteit) als ook hun behoefte om te participeren. Het is daarom goed dat er verschillende huisvestingsmogelijkheden zijn voor deze groep. Internationale werknemers die zich voor langere tijd of permanent in onze regio vestigen, maken gebruik van het reguliere aanbod aan koop- en huurwoningen. Volgens het Expertisecentrum Flexwonen is circa 30% van de huisvestingsvraag van internationale werknemers gezien hun verwachte verblijfsduur gericht is op de langverblijf/ vestiging in een gemeente18. Als regio Noordoost-Brabant vinden we het belangrijk dat internationale werknemers worden gehuisvest in die gemeente waar zij ook werken. Tegelijkertijd moet als kanttekening worden geplaatst dat internationale werknemers vrij zijn om te werken en wonen waar zij willen. Bovendien wisselt de werkplek nogal eens.

Het is niet wenselijk dan mensen voortdurend moeten verhuizen/verplaatsen. Naar schatting vormt minimaal een kwart van de internationale werknemers een stel. Verantwoorde huisvestingslocaties We vinden het belangrijk dat huisvesting voor internationale werknemers verantwoord gebeurt. Dit betekent dat we willen zorgen voor verschillende vormen van huisvesting verspreid over meerdere locaties, afgestemd op de behoeften van internationale werknemers. Veelal zal dit maatwerk zijn, afhankelijk van diverse ruimtelijke factoren binnen 18 Expertisecentrum Flexwonen, 2019. 'Routekaart naar goede huisvesting voor EU-arbeidsmigranten'

15

gemeenten, de sector waarin internationale werknemers werkzaam zijn en de verblijfsduur van internationale werknemers. Alle huisvestingslocaties zullen minimaal moeten voldoen aan het SNF (Stichting Normering Flexwonen) keurmerk of het AKF (Agrarisch Keurmerk Flexwonen). Daarnaast kunnen gemeenten aanvullende eisen en voorwaarden stellen met betrekking tot beheer, verkeer, communicatie en kwaliteit van de huisvesting (voldoende privacy, voorzieningen, etc.). Dit handelingsperspectief biedt een scala aan uitgangspunten waaruit gemeenten kunnen putten. Willen we kunnen concurreren met omringende landen wat betreft het aantrekken van internationale werknemers dan heeft het de voorkeur toe te werken naar een passende situatie van maximaal één persoon per slaapkamer (2 in geval van stelletje). Internationale werknemers geven steeds nadrukkelijker aan behoefte te hebben aan voldoende privacy hebben. Uit onderzoek19 blijkt dat internationale werknemers hier behoefte aan hebben. Daarnaast zijn kleine behuizing en gebrek aan privacy factoren die ertoe kunnen leiden dat internationale werknemers in hun vrije tijd de straat opgaan.20 21 Hierdoor kan overlast door geluid of alcoholgebruik toenemen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Vught&id=a693a5fb-f338-4ee1-babb-18483ee8765d