18. Raadsinformatiebrief Regionale detailhandelsvisie Noordoost-Brabant
Tekst van het document
dienstverlening zal terugkomen. Het betreft dus leegstand van verkooppunten en niet leegstand van uitsluitend winkels. Plancapaciteit (hard) In principe wordt met plancapaciteit de harde plancapaciteit bedoeld, tenzij expliciet anders vermeld. Harde plancapaciteit zijn de directe vestigingsmogelijkheden voor detailhandel die zijn vastgelegd in een juridisch bindend planologisch kader, zoals vastgestelde bestemmingsplannen, uitwerkingsplannen, gebieden zonder bestemmingsplan (witte vlekken) en verleende (kruimel) omgevingsvergunningen. Vloerproductiviteit Gemiddelde omzet in gevestigde winkels per m² winkelvloeroppervlak (wvo). (Winkel)centra: centra, winkelcentra, winkelgebieden, worden als synoniemen gebruikt in deze visie. Dit betreft gebieden waar minimaal 5 winkels bij elkaar gevestigd zijn (Locatus). Dit zijn dus binnensteden, dorpscentra, maar ook buurten wijkcentra in grotere steden en woonboulevards. Met reguliere centra worden doorgaans de hoofdcentra van kernen en buurt- en wijkcentra bedoeld. Woonboulevards en retailparken zijn geen reguliere centra, maar perifere concentraties of PDV-locaties.
Leegstand (op basis van Locatus) Locatus registreert een pand als leegstand indien het redelijkerwijs de verwachting is dat in het (leegstaande) pand een verkooppunt in de detailhandel, horeca of consumentgerichte
40
Bijlage 3 Noordoost Brabant, Detailhandelsvisie
Bijlage 3 Kwantitatieve behoefte dagelijkse, recreatieve en doelgerichte sector
maandag 5 december 2022
41
Bijlage 3 Noordoost Brabant, Detailhandelsvisie
3
Kwantitatieve behoefte
Tabel 3.1: Economisch functioneren dagelijks aanbod regio 2021
2030
659.524
696.800
2.794
2.794
1.842,7
1.946,9
93%
93%
1.706,3
1.810,6
Koopkrachttoevloeiing als aandeel van de omzet (%)
2%
2%
Koopkrachttoevloeiing absoluut (in mln. €)
36,6
37,0
Totale bestedingen / omzet (in mln. €)
1.743
1.847
Huidig winkelvloeroppervlak (m² wvo)
237.848
237.848
Haalbaar winkelvloeroppervlak (m² wvo)
230.032
243.834
Landelijk gemiddelde vloerproductiviteit (€ per m² wvo)
7.577
7.577
Distributieve uitbreidingsruimte (m² wvo) afgerond
-
+
Aantal inwoners
3.1
Behoefte dagelijkse artikelen
Toelichting berekening Er is een distributieve berekeningen voor NoordoostBrabant opgesteld (zie tabel 3.1). Dit is een modelmatige verrekening van vraag en aanbod. In tabel PM zijn de uitgangspunten van de berekeningen opgenomen met bronvermelding. De berekening is opgesteld voor de sector dagelijkse artikelen en voor de huidige situatie (2021) en de toekomstige verwachte situatie (2030). Deze circa 10 jaarstermijn is gebruikelijk en conform de Handreiking voor de Ladder voor duurzame verstedelijking. De berekening geeft enerzijds inzicht in het economisch functioneren van het bestaande aanbod in de huidige en toekomstige situatie. Dit uit zich in de totale omzet en de gemiddelde vloerproductiviteit. Anderzijds geeft de berekening inzicht in de distributieve uitbreidingsruimte door het economisch functioneren af te zetten tegen een ‘norm voor goed functioneren’. De ‘norm voor goed functioneren’ wisselt sterk per verzorgingsgebied. In perifere delen van Nederland blijkt uit onderzoek dat aanbod op een lager niveau nog steeds goed kan functioneren, met name als gevolg van lagere huurlasten. Ook bestaan er grote verschillen binnen de detailhandel en tussen formules.
Aangezien de berekeningen slechts een indicatie geven van de situatie in hoeverre het aanbod goed, gemiddeld of slecht functioneert en in hoeverre sprake is van kwantitatieve behoefte, dienen de uitkomsten ook genuanceerd geïnterpreteerd te worden.
maandag 5 december 2022
Bestedingen per hoofd (€) Totale bestedingspotentieel (in mln. €) Koopkrachtbinding (%) Gebonden bestedingen (in mln. €)
Toelichting gehanteerde koopstromen Uit het KSO 2021 blijkt dat het dagelijks aanbod in de regio 92,6% (incl. online) aan zich weet te binden. De toevloeiing op regionaal niveau bedraagt 2,1%. In de toekomst zal de binding wat gaan dalen als gevolg van meer online bestedingen. Tegelijkertijd zullen de bestedingen (incl. online) toenemen. Per saldo laten we de cijfers gelijk aan de huidige situatie.
3.2
Economisch functioneren dagelijks
Huidig en toekomstig functioneren Het dagelijks aanbod in Noordoost-Brabant functioneert momenteel net iets beneden het landelijk gemiddelde. Dit is te verklaren vanuit het feit dat relatief veel sprake is van landelijk gebied en beperkt stedelijke gebieden. Kleine supermarkten in met name het landelijk gebied en
dorpen functioneren over het algemeen op een lager niveau, maar dit is niet erg omdat ook de huurprijs vaak lager ligt. Per saldo kan goed gefunctioneerd worden. Als gevolg van bevolkingsgroei zal er enige marktruimte ontstaan, tot 6.000 m² wvo. Deze uitbreidingsruimte zal zich vooral manifesteren in gebieden waar sprake is van bevolkingsgroei. Op basis van de berekeningen bestaat voor de dagelijkse sector geen kwantitatieve saneringsopgave. Uiteraard bestaat wel een kwalitatieve saneringsopgave, met name van aanbod dat buiten de gewenste structuur ligt en de potentie heeft om structuurverstorende effecten te veroorzaken. Dit betekent voor die plekken dus concreet het saneren van winkelruimte, met name supermarktmeters uit bestemmingsplannen.
42
Bijlage 3 Noordoost Brabant, Detailhandelsvisie
3.3
Behoefte recreatieve sector
Toelichting berekening Er is een distributieve berekeningen voor het verzorgingsgebied opgesteld (zie tabel 3.2). Dit is een modelmatige verrekening van vraag en aanbod. In tabel PM zijn de uitgangspunten van de berekeningen opgenomen met bronvermelding. De berekening is opgesteld voor de sector recreatieve artikelen en voor de huidige situatie (2021) en de toekomstige verwachte situatie (2030). Deze circa 10 jaarstermijn is gebruikelijk en conform de Handreiking voor de Ladder voor duurzame verstedelijking. De berekening geeft enerzijds inzicht in het economisch functioneren van het bestaande aanbod in de huidige en toekomstige situatie. Dit uit zich in de totale omzet en de gemiddelde vloerproductiviteit. Anderzijds geeft de berekening inzicht in de distributieve uitbreidingsruimte door het economisch functioneren af te zetten tegen een ‘norm voor goed functioneren’. De ‘norm voor goed functioneren’ wisselt sterk per verzorgingsgebied. In perifere delen van Nederland blijkt uit onderzoek dat aanbod op een lager niveau nog steeds goed kan functioneren, met name als gevolg van lagere huurlasten. Ook bestaan er grote verschillen binnen de detailhandel en tussen formules.
Aangezien de berekeningen slechts een indicatie geven van de situatie in hoeverre het aanbod goed, gemiddeld of slecht functioneert en in hoeverre sprake is van kwantitatieve behoefte, dienen de uitkomsten ook genuanceerd geïnterpreteerd te worden.
maandag 5 december 2022
Tabel 3.2: Economisch functioneren recreatief aanbod regio 2021
2030
659.524
696.800
1.632
1.632
1.076,3
1.137,2
Koopkrachtbinding (%)
55%
45%
Gebonden bestedingen (in mln. €)
590,9
511,7
Koopkrachttoevloeiing als aandeel van de omzet (%)
19%
19%
Koopkrachttoevloeiing absoluut (in mln. €)
135,9
117,7
Totale bestedingen / omzet (in mln. €)
726,8
629,4
Huidig winkelvloeroppervlak (m² wvo)
270.616
270.616
Haalbaar winkelvloeroppervlak (m² wvo)
290.732
251.774
Landelijk gemiddelde vloerproductiviteit (€ per m² wvo)
2.500
2.500
Distributieve uitbreidingsruimte (m² wvo) afgerond
+
-
Aantal inwoners Bestedingen per hoofd (€) Totale bestedingspotentieel (in mln. €)
Toelichting gehanteerde koopstromen Uit het KSO 2021 blijkt dat het recreatieve aanbod in de regio 54,9% (incl. online) aan zich weet te binden. De toevloeiing op regionaal niveau bedraagt 18,7%. De invloed van online op de recreatieve sector is relatief groot. In deze sector neemt de online afvloeiing sterker toe dan de bestedingen in winkels. Dit betekent dat rekening moet worden gehouden met een daling van de binding. Wij gaan uit van een daling van de binding met circa 10% tot 2030, conform de historische trend. Waarschijnlijk daalt het nog iets verder, maar ook de online bestedingen zullen nog stijgen. Per saldo is daardoor een daling van 10% realistisch.
3.4
Economisch functioneren recreatief
Huidig en toekomstig functioneren Het recreatief winkelaanbod functioneert momenteel bovengemiddeld en goed. In de regio Noordoost-Brabant moet tot 2030 rekening gehouden worden met een daling van het recreatieve winkelaanbod met circa 7%. In deze sector is sprake van een saneringsopgave. Het aanbod gaat nog verder krimpen, wat met name een effect heeft op het functioneren van de regionale hoofdcentra. Een deel van dit aanbod kan mogelijk worden ingevuld met andere voorzieningen, maar een groot ander deel zal getransformeerd moeten worden naar andere functies.
43
Bijlage 3 Noordoost Brabant, Detailhandelsvisie
3.5
Behoefte doelgerichte artikelen
Toelichting berekening Er is een distributieve berekeningen voor het verzorgingsgebied opgesteld (zie tabel 3.3). Dit is een modelmatige verrekening van vraag en aanbod. In tabel PM zijn de uitgangspunten van de berekeningen opgenomen met bronvermelding. De berekening is opgesteld voor de sector doelgerichte artikelen en voor de huidige situatie (2021) en de toekomstige verwachte situatie (2030). Deze circa 10 jaarstermijn is gebruikelijk en conform de Handreiking voor de Ladder voor duurzame verstedelijking. De berekening geeft enerzijds inzicht in het economisch functioneren van het bestaande aanbod in de huidige en toekomstige situatie. Dit uit zich in de totale omzet en de gemiddelde vloerproductiviteit. Anderzijds geeft de berekening inzicht in de distributieve uitbreidingsruimte door het economisch functioneren af te zetten tegen een ‘norm voor goed functioneren’. De ‘norm voor goed functioneren’ wisselt sterk per verzorgingsgebied. In perifere delen van Nederland blijkt uit onderzoek dat aanbod op een lager niveau nog steeds goed kan functioneren, met name als gevolg van lagere huurlasten. Ook bestaan er grote verschillen binnen de detailhandel en tussen formules.
Aangezien de berekeningen slechts een indicatie geven van de situatie in hoeverre het aanbod goed, gemiddeld of slecht functioneert en in hoeverre sprake is van kwantitatieve behoefte, dienen de uitkomsten ook genuanceerd geïnterpreteerd te worden. Toelichting gehanteerde koopstromen Uit het KSO 2021 blijkt dat het doelgericht aanbod in de regio 63,1% (incl. online) aan zich weet te binden. De toevloeiing op regionaal niveau bedraagt 10,9%.
maandag 5 december 2022
Tabel 3.3: Economisch functioneren doelgericht aanbod regio 2021
2030
659.524
696.800
1.730
1.730
1.141,0
1.205,5
Koopkrachtbinding (%)
63%
58%
Gebonden bestedingen (in mln. €)
720,0
693,1
Koopkrachttoevloeiing als aandeel van de omzet (%)
11%
11%
Koopkrachttoevloeiing absoluut (in mln. €)
88,1
84,8
Totale bestedingen / omzet (in mln. €)
808,0
777,9
Huidig winkelvloeroppervlak (m² wvo)
521.783
521.783
Haalbaar winkelvloeroppervlak (m² wvo)
581.736
560.070
Landelijk gemiddelde vloerproductiviteit (€ per m² wvo)
1.389
1.389
Distributieve uitbreidingsruimte (m² wvo) afgerond
+
+/-
Aantal inwoners Bestedingen per hoofd (€) Totale bestedingspotentieel (in mln. €)
De invloed van online op de doelgerichte sector is relatief beperkt, maar neemt wel sterk toe. De winkelbestedingen nemen echter ook nog steeds fors toe, ondanks de stijging van online. Wij gaan uit van een daling van de binding met circa 5% tot 2030. Dit kan worden beschouwd als een maximaal negatief scenario. De bestedingen houden wij gelijk om het effect maximaal door te rekenen. In de praktijk zal sprake zijn van een groei van de bestedingen. Deze sector is echter ook zeer gevoelig voor de conjunctuur. Momenteel is sprake van een daling van het consumentenvertrouwen, toename van de inflatie en andere macro economische onzekerheden. De woningmarkt draait echter nog stevig door.
3.6
Economisch functioneren doelgericht
Huidig en toekomstig functioneren Ondanks de ingecalculeerde toename van online, blijft er in de doelgerichte sector sprake van relatief veel uitbreidingsruimte. Belangrijke nuance hierbij is dat dit sterk samenhangt met de conjunctuur en woningmarkt. Indien deze afkoelen, kan dat ook ten koste gaan van de kwantitatieve behoefte aan woonwinkels, doe-het-zelfzaken en tuincentra. Ook de macro-economische onzekerheid zorgt er voor dat de uitkomst van de berekening hoogst indicatief is. Dit betekent dat het op korte termijn niet verstandig is deze berekende uitbreidingsruimte in te zetten voor nieuw aanbod, tenzij dit een kwalitatieve meerwaarde heeft ten opzichte van het bestaande aanbod.
44
Bijlage 4 Noordoost Brabant, Detailhandelsvisie
Bijlage 4 Regionale impact en toevloeiing centrumgebieden hoofdstructuur
maandag 5 december 2022
45
Bijlage 4 Noordoost Brabant, Detailhandelsvisie
Tabel 4.1: Regionale reguliere detailhandelsstructuur Noordoost-Brabant Centrumgebied
Marktaandeel (regio)
Toevloeiing (€ mln.)
Toevloeiing (%)
Aantal publieksfuncties
Bovenregionaal centrum Centrum ‘s-Hertogenbosch
11%
142.374.725
52%
825
6%
72.487.801
50%
278
Centrum Oss
4%
8.698.850
9%
333
Centrum Boxmeer
4%
26.870.441
27%
150
Centrum Veghel
3%
7.218.351
11%
163
Centrum Heesch
2%
14.717.394
25%
72
Helftheuvelpassage ’s-Hertogenbosch
3%
15.354.558
20%
88
Centrum Rosmalen
3%
7.122.968
11%
120
Centrum Schijndel
2%
7.033.179
11%
123
Centrum Zeeland
1%
6.854.195
28%
31
Centrum Cuijk
2%
6.099.049
13%
135
Centrum Vught
2%
5.261.733
11%
83
Centrum Schaijk
1%
5.104.252
17%
47
Centrum Drunen
2%
4.767.957
10%
69
Centrum Grave
1%
4.012.318
24%
94
Centrum Vlijmen
2%
3.692.108
8%
60
Centrum Sint-Oedenrode
2%
3.628.348
8%
96
Centrum Boxtel
2%
3.375.411
6%
142
Winkelcentrum De Ruwert Oss
2%
2.982.667
5%
28
Centrum Boekel
1%
2.246.230
11%
45
Sint-Michielsgestel
1%
978.250
5%
34
Centrum Nistelrode
2%
36.286.833
70%
43
Regionaal centrum Centrum Uden Beperkt regionaal centrum
Lokaal centrum
maandag 5 december 2022
46
Bijlage 4 Noordoost Brabant, Detailhandelsvisie
Tabel 4.2: Regionale perifere detailhandelsstructuur Noordoost-Brabant Centrumgebied
Marktaandeel (regio)
Toevloeiing (€ mln.)
Toevloeiing (%)
Aantal publieksfuncties
Regionale perifere concentratie Retailpark ‘s-Hertogenbosch
7%
77.525.458
47%
47
Woonboulevard Uden
3%
46.962.975
63%
48
2%
10.393.031
25%
21
Beperkt regionale perifere detailhandelsconcentratie Woonboulevard Oss
De marktaandelen en toevloeiingscijfers zijn gebaseerd op het KSO2021. Het betreft het marktaandeel detailhandel van de regio Noordoost-Brabant (omzetaandeel centrum van totale omzet). Het gaat dus om de omzet in gehele detailhandelssector. Daarnaast is het aantal publieksfuncties per centrum weergegeven op basis van Locatus (2022). Dit betreft het aantal winkels, horeca, cultuur en diensten.
maandag 5 december 2022
47
Bijlage 5 Noordoost Brabant, Detailhandelsvisie
Bijlage 5 11 richtinggevende principes provincie Noord-Brabant
maandag 5 december 2022
48
Bijlage 5 Noordoost Brabant, Detailhandelsvisie
Met het oog op de herijking van de detailhandelsvisies in de regio’s heeft de provincie 11 richtinggevende principes geformuleerd. Deze principes geven aan waarop de komende jaren de accenten liggen als het gaat om detailhandel en centrumontwikkelingen in Brabant. Ze dienen als leidraad voor de regionale afspraken in de (sub)regio’s. 1.
Nieuwe (perifere) detailhandelsontwikkelingen moeten bijdragen aan de versterking van de (beoogde/gewenste) detailhandelsstructuur.
2.
Voeg per saldo géén winkelmeters toe en streef naar vermindering van het totaal aantal winkelmeters.
3.
Concentreer detailhandel en voorkom verspreide bewinkeling.
4.
Benoem perspectiefrijke en perspectiefarme winkelgebieden.
5.
Investeer in en creëer sociale meerwaarde in perspectiefrijke gebieden en biedt alternatieven voor perspectiefarme gebieden (andere functies dan detailhandel).
6.
Nieuwe detailhandelsontwikkelingen alleen in of aansluitend aan perspectiefrijke winkelgebieden.
7.
Bied ruimte aan innovatieve concepten en nieuwe detailhandelsontwikkelingen die bijdragen aan het versterken van de (beoogde/gewenste) detailhandelsstructuur en/of centrum.
8.
Speel in op ruimtelijke effecten van internetwinkelen: bestem showrooms of afhaal punten van internetwinkels zo veel mogelijk in of aansluitend aan winkelgebieden (geen showroom buiten bestaande winkelgebieden).
maandag 5 december 2022
9.
Verwijder onbenutte en vrijkomende detailhandelsbestemmingen op ongewenste locaties uit bestemmingsplannen.
10. Betrek markpartijen, kennisinstellingen, inwoners bij de opstelling van centrumvisies, (regionale) detailhandelsvisies, -afspraken en de vormgeving van nieuwe detailhandelsontwikkelingen. 11. Beoordeel ontwikkelingen op hun impact op omliggende gemeenten en stem daarmee af.
49
Bijlage 6 Noordoost Brabant, Detailhandelsvisie
Bijlage 6 Toets leegstand op aanvaardbaarheid bij winkelinitiatief
maandag 5 december 2022
50
Bijlage 6 Noordoost Brabant, Detailhandelsvisie
maandag 5 december 2022
51
Bijlage 6 Noordoost Brabant, Detailhandelsvisie
Hoofdvestiging Boxtel Bosscheweg 107 5282 WV Boxtel T +31 (0)411 850 400 Vestiging Amsterdam
Deze detailhandelsvisie is onderdeel van het Regio Deal project ‘Transformatie centra middelgrote steden’. De visie is tot stand gekomen door samenwerking tussen de gemeenten in Noordoost Brabant en de provincie Noord-Brabant.
Rhijnspoorplein 38 1018 TX Amsterdam T +31 (0)20 506 19 99 Vestiging Venlo Industriestraat 94 5931 PK Tegelen
www.bro.nl | info@bro.nl maandag 5 december 2022
T +31 (0)77 373 06 01
52