Meerjarenprogrammabegroting 2025-2028
Tekst van het document
Waar ligt dat vast Het beleid dat betrekking heeft op dit programma is vastgelegd in diverse verordeningen, beleidsnota's en beleidsregels.De volledige documenten zijn te raadplegen via de volgende link: www.voorst.nl/beleid-en-regelgeving
56 |
Wat gaan we daarvoor doen Activiteiten
Openbare orde en veiligheid Veiligheidsregio Noord- en Oost Gelderland Inhoud In 2025 werkt de VNOG verder aan de Toekomstvisie en de bijbehorende opdrachten die in 2020 zijn vastgesteld en in 2026 moeten zijn uitgevoerd en geborgd. Eind 2024 wordt er een nieuw risicoprofiel en een nieuw Beleidsplan vastgesteld voor de beleidsperiode 2025-2028. De plannen voor de nieuwe beleidsperiode blijven één op één aansluiten op de Toekomstvisie en opdrachten. Voor het nieuwe Beleidsplan 2025-2028 is gekeken naar (maatschappelijke) ontwikkelingen en trends. Daarbij is verkend met welke (nieuwe) uitdagingen de VNOG te maken krijgt, wat de samenleving gaat verwachten en hoe de VNOG zich hierbij kan positioneren. In het Beleidsplan zijn hiervoor vervolgens (nieuwe) speerpunten geformuleerd voor de komende beleidsperiode. De opvallendste wijzigingen in het risicobeeld zijn gerelateerd aan de klimaatveranderingen en onrust in de samenleving. Gelet op het veranderende klimaat en de Veluwe die zich grotendeels in VNOG bevindt, is natuurbrandbeheersing een belangrijk speerpunt voor 2025. Beoogd effect Door middel van een goed risicoprofiel, samen met een beleids- en dekkingsplan dat aansluit op de Toekomstvisie en opdrachten, wordt de VNOG een flexibele en slagvaardige organisatie.
Dit zorgt er voor dat er in onze regio veilig en gezond gewoond, gewerkt en gerecreëerd kan worden en we goed voorbereid zijn op incidenten met een grote waarschijnlijkheid en/of een grote impact. Ondermijning Inhoud
Beoogd effect
Op het gebied van ondermijning werken we intensief samen met de IJsselstreek-gemeenten. In 2024 hebben we gezamenlijk een aantal bewustwordingsacties georganiseerd. Dit gaan we in 2025 voortzetten. Onze focuspunten op het gebied van ondermijning zijn drugscriminaliteit, zorgfraude en mensenhandel. Deze onderwerpen willen we samen met de andere IJsselstreek-gemeenten aanpakken. Regionaal wordt in NOG gewerkt aan een ketenaanpak mensenhandel. We blijven ook in 2025 integrale controles en preventieve acties uitvoeren. Aanpakken, terugdringen en voorkomen van ondermijning / ondermijnende criminaliteit in de gemeente Voorst.
Zorg en Veiligheid Inhoud We constateren de afgelopen jaren een toenemende verbinding tussen de beleidsvelden Zorg en Veiligheid, dit zetten we ook in 2025 voort. Ook regionaal zijn de beleidsterreinen steeds meer met elkaar verbonden. De regionale bestuurlijke stamtafel zorg-veiligheid blijft ook in 2025 bestaan. Met deze stamtafel werken we stapsgewijs toe naar een integrale sturingsvisie, een ‘ronde’ stamtafel en herijking van de regionale governance structuur (de ontwikkelagenda). Vaste elementen van de agenda zijn ‘leren van elkaars perspectief’, ‘vormgeven integrale sturing’ en ‘anders werken op de strategische agenda’. In najaar 2025 wordt de Aanpak Voorkomen Escalatie (AVE) regionaal uitgerold.
Beoogd effect
Op het terrein van zorg en veiligheid wordt goed samengewerkt met zowel het Veiligheidshuis als Veilig Thuis. Veel pakken we in regionaal verband op, omdat de betrokken zorgpartners ook vaak in regioverband opereren. In het uitvoeringsplan, dat we samen met gemeente Zutphen, Lochem en Brummen opstellen, wordt een aantal concrete acties op het vlak van zorg en veiligheid genoemd die we in 2025 gaan uitvoeren Door bevordering van de samenwerking tussen zorg en veiligheid, komen we tot een betere integrale aanpak van vraagstukken die zich op het snijvlak van zorg en veiligheid bevinden.
| 57
Verbonden partijen
Bij de realisatie van de doelstellingen binnen dit programma zijn de volgende verbonden partijen betrokken: Verbonden partij Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland (VNOG)
Doel De VNOG voert de dagelijkse brandweerzorg uit. De brandweer op regioniveau zorgt onder andere voor de voorbereiding op rampen en calamiteiten, samen met de GHOR (geneeskundige hulpverlening in de regio). Hiervoor wordt samengewerkt met politie en de deelnemende gemeenten.
Beleidsindicatoren
In dit overzicht staan de bij ministeriële regeling vastgestelde beleidsindicatoren die betrekking hebben op dit begrotingsprogramma. Via de link: www.waarstaatjegemeente.nl kunnen vergelijkingen worden gemaakt met andere gemeenten en landelijke gemiddelden. Taakveld Openbare orde en veiligheid Openbare orde en veiligheid
Openbare orde en veiligheid Openbare orde en veiligheid Openbare orde en veiligheid
58 |
Naam indicator Winkeldiefstal per 1.000 inwoners
Eenheid Het aantal winkeldiefstallen per 1.000 inwoners. Geweldsmisdrijven per 1.000 Het aantal geweldsmisdrijven, per inwoners 1.000 inwoners. Voorbeelden van geweldsmisdrijven zijn seksuele misdrijven, levensdelicten zoals moord en doodslag en dood en lichamelijk letsel door schuld (bedreiging, mishandeling, etcetera). Diefstal uit woning per 1.000 Het aantal diefstallen uit woningen, inwoners per 1.000 inwoners. Vernieling en misdrijven tegen de Het aantal vernielingen en openbare orde per 1.000 inwoners misdrijven tegen de openbare orde, per 1.000 inwoners. Verwijzingen Halt per 1.000 Het aantal verwijzingen naar Halt, inwoners van 12-17 jaar per 1.000 inwoners in de leeftijd van 12-17 jaar.
Indicator Voorst Bron 1 CBS 2,2 CBS
1,6 CBS 3,4 CBS
6,2 Bureau Halt
Wat mag het kosten Exploitatie Taakveld
1-1 Crisisbeheersing en brandweer 1-2 Openbare orde en veiligheid Totaal lasten 1-2 Openbare orde en veiligheid Totaal baten Totaal saldo baten en lasten Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Geraamde resultaat
Werkelijk 2023
Begroting 2024 Incl. wijzigingen 1.737.629 1.850.016
2025
2026
2027
2028
1.931.308
2.220.874
2.215.541
2.210.207
485.465 2.223.094 137.638 137.638 -2.085.456
505.047 2.355.063 20.862 20.862 -2.334.201
566.260 2.497.568 20.185 20.185 -2.477.383
566.260 2.787.134 20.185 20.185 -2.766.949
566.260 2.781.801 20.185 20.185 -2.761.616
566.260 2.776.467 20.185 20.185 -2.756.282
89.000
89.000
-
-
-
-
-1.996.456
-2.245.201
-2.477.383
-2.766.949
-2.761.616
-2.756.282
Raming begroting
Toelichting ontwikkelingen begroting 2025 t.o.v. 2024: 1-1 Crisisbeheersing , Brandweer Opname kapitaallasten voor nieuw te bouwen brandweerkazernes Terwolde en Voorst, verlaagde bijdrage aan het VNOG, hogere dotatie aan de voorzienging gebouwen en opname exploitatielasten brandweerkazerne Zuiderlaan Twello brengen per saldo hogere lasten met zich mee. 1-2 Openbare orde en veiligheid Het verschil in lasten wordt veroorzaakt door meer toegerekende salariskosten. Investeringen Jaar Meerjaren Investerings Programma Brandweerkazerne Terwolde en Voorst (nieuwbouw) (prioriteitennota 2025-2028) Meerjaren Onderhouds Programma Geen investeringen Totaal Veilig Voorst
Bedrag Begroting Begroting Begroting Begroting investering 2025 2026 2027 2028
2025
5.000.000
37.500
327.100
321.800
316.500
2025-2028
0 5.000.000
0 37.500
0 327.100
0 321.800
0 316.500
Saldo 2024 0 0 0 0
Saldo 2025 0 0 0 0
Saldo 2026 0 0 0 0
Saldo 2027 0 0 0 0
Saldo 2028 0 0 0 0
Reserves en voorzieningen
Geen reserves Totaal reserves Geen voorzieningen Totaal voorzieningen Standen per 31 december
| 59
3.7 Dienstverlenend Voorst Wat willen we bereiken (Coalitieakkoord 2022-2026) De dorpen en buurtschappen vormen samen de gemeente Voorst. Wij hechten waarde aan een goede relatie met de dorpen. Dit betekent dat het bestuur zichtbaar en met regelmaat aanwezig wil zijn in iedere dorp. De gemeentelijke coördinator maatschappelijke initiatieven is een belangrijke schakel tussen inwoners en de gemeente. Iedere wethouder is ook dorpswethouder om de lijn tussen het college en de dorpen ook op bestuurlijk niveau zo kort mogelijk te houden. De kracht van de samenleving is ons uitgangspunt. De gemeente is een wendbare organisatie die verankerd is in de lokale gemeenschap en die maatwerk kan leveren in dorpen en naar doelgroepen. De gemeente stelt zich meedenkend op. Als initiatieven vanuit de samenleving niet gerealiseerd kunnen worden, onderbouwen we waarom dit zo is, en geven we aan wat wél kan. Samenkracht en burgerparticipatie In tien van de twaalf dorpen zijn plaatselijke belangenverenigingen, die de belangen van hun inwoners behartigen. In Steenenkamer doet de actieve buurtvereniging dit. In Twello is geen belangenvereniging. Aan de hand van een Leefbaarheidsonderzoek maken wij aansluitend graag afspraken over de gewenste samenwerking. De rol van de dorpscontactpersonen is van groot belang.
We continueren deze rol en gaan in gesprek over de invulling van deze functie en eventuele doorontwikkeling. In een dorpsvisie staat hoe het dorp zich wil ontwikkelen. Een dorpsvisie gaat over voorzieningen, projecten en kansen en is van belang voor alle inwoners, ondernemers en andere belanghebbenden uit het dorp. Het initiatief om te starten met een dorpsvisie kan zowel vanuit de gemeente als vanuit de dorpen zelf komen. We willen zoveel mogelijk een gezamenlijk proces doorlopen en ondersteunen waar mogelijk. Bestuur Aan de balies van het nieuwe gemeentehuis worden inwoners snel en goed geholpen als zij een nieuw rijbewijs of een reisdocument nodig hebben. De gemeente maakt interactief beleid samen met inwoners, maatschappelijke organisaties, bedrijven en andere gemeenten en organisaties. De vorm en invulling van participatie verschilt per project. Wij vinden verwachtingenmanagement daarbij belangrijk, zodat inwoners vooraf weten wat de kaders zijn. Wij handelen met verantwoordelijkheid voor de volgende generaties. De jeugd heeft de toekomst en kan de gemeente ook nu al veel bieden. We zetten daarom specifiek in op het betrekken en enthousiasmeren van de jeugd bij de lokale politiek en democratie, onder meer door het instellen van een jongerenraad.
60 |
Regionale samenwerking Wij hechten een groot belang aan samenwerking. In de regio, maar ook met netwerkpartners als buurgemeenten, andere overheden, waterschappen en veertien verbonden partijen. We zetten graag op een rij wat de mogelijkheden zijn om elkaar verder te helpen en samen het beste te doen voor onze inwoners. Voor alle samenwerkingsverbanden geldt dat we actief samenwerken voor het beste resultaat. Voorst werkt met 7 andere gemeenten aan een regionale agenda. De thema’s hierbij zijn duurzaam wonen en werken in een goed bereikbare regio, met versterking van ons gevarieerde landschap. Voorst is een relatief kleine gemeente tussen grotere steden. Waar mogelijk trekken we samen op om meer te bereiken. Dat doen we bijvoorbeeld op het gebied van veiligheid, waar we samenwerken met de politie en andere partners, zoals het Regionale Informatie- en Expertise Centrum. De Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland is een belangrijke partner als het gaat om risico- en crisisbeheersing, GGD Noord- en Oost-Gelderland als het gaat om gezondheid. Kansen voor bedrijven Voorst is onderdeel van de kennis- en netwerkorganisatie die werkt aan het versterken van de duurzame, economische ontwikkeling van de regio; de Regio Stedendriehoek. De organisatie verbindt initiatieven uit onderwijs, ondernemers en overheid. Voorst levert hieraan een actieve bijdrage.
De samenwerking biedt kansen voor bedrijven in onze gemeente, maar ook om de doelstellingen op het gebied van energie en duurzaamheid dichterbij te halen. Klarenbeek is deels onderdeel van de gemeente Voorst, maar ook deels onderdeel van de gemeente Apeldoorn. Dit vraagt vanuit de gemeente Voorst om een goede afstemming met Apeldoorn over onderwerpen die spelen in het dorp, zoals ouderenzorg, woningbouw, de energietransitie, kinderopvang en een vitaal multifunctioneel centrum. Bestuurlijk kompas Een bestuurlijk kompas is opgesteld met daarin afspraken over de samenwerking met de inwoners van Voorst, de gemeenteraad en de ambtelijke organisatie. Dit bestuurlijk kompas laat zien hoe gehandeld wordt om Voorst betrouwbaar en betrokken te besturen. In het bestuurlijk kompas komen de volgende thema’s aan bod: ▪ In gesprek met de samenleving ▪ De gemeenteraad in positie ▪ Samenwerking ambtenaren en bestuur
Waar ligt dat vast Het beleid dat betrekking heeft op dit programma is vastgelegd in diverse verordeningen, beleidsnota's en beleidsregels.De volledige documenten zijn te raadplegen via de volgende link: www.voorst.nl/beleid-en-regelgeving
| 61
Wat gaan we daarvoor doen Activiteiten
Bestuur 2025 Verkiezingen Inhoud In 2025 zijn geen verkiezingen gepland. Als er onvoorziene ontwikkelingen zijn, dan is de organisatie in staat om verkiezingen goed te organiseren. Beoogd effect Een voorspoedig verloop van de verkiezingen waarbij juistheid en tevredenheid de belangrijkste speerpunten zijn. 2025 Piek aanvraag reisdocumenten Inhoud Vanaf 2024 verwachten we een piek in de aanvraag van de reisdocumenten. Veel reisdocumenten vervallen in de jaren tot en met 2028. Wij roepen inwoners op tijdig een reisdocument aan te vragen. Deze piek zal zorgen voor extra inzet. Deze inzet vangen we op binnen onze huidige bedrijfsvoering en worden gedekt door de extra inkomsten van de leges. Beoogd effect Tijdig en foutloos verwerken van alle aanvragen voor de reisdocumenten en deze binnende gestelde termijn te realiseren. 2025 Digitaal inwonerspanel Inhoud Eén van de acties uit de Communicatievisie 2022-2026 is de invoering van een digitaal inwonerpanel om de betrokkenheid van inwoners bij gemeentelijke activiteiten te vergroten. Via dit digitale inwonerpanel kan de gemeente op proactieve en eenvoudige wijze aan een brede en grote groep inwoners om hun mening vragen. In maart 2024 is het eerste onderzoek gehouden rond het thema opvang asielzoekers. Ruim 1.100 inwoners hebben zich met het eerste onderzoek aangemeld voor het digitale inwonerspanel.
Begin juli is het tweede onderzoek gehouden met het thema Programma Landelijk Gebied en in het najaar staan Sport (september) en Toegankelijkheid gemeente (november) op de agenda. We verwachten in 2025 u onze dan opgedane ervaringen te delen. Beoogd effect Op gang brengen van de dialoog, vergroten van betrokkenheid en het creëren van bewustwording over voor de gemeente Voorst relevante issues. We halen inzichten op over wat er speelt in de samenleving. We geven hiermee ook een stem aan de stille meerderheid. Het inwonerspanel levert belangrijke en nieuwe inzichten op. Deze inzichten verbreden ons perspectief en zijn daardoor van grote meerwaarde.
Samenkracht en burgerparticipatie Participatie Inhoud
Beoogd effect
62 |
Op basis van het in 2023 vastgestelde participatiebeleid voor de fysieke leefomgeving gaan we in 2025 verder om samen met de dorpsbelangenorganisaties na te denken over hun eigen rol en taak, de samenwerking die onderling mogelijk is en de gewenste ondersteuning van de gemeente. Met het oog op de monitoring en evaluatie van het participatiebeleid zetten we deze gesprekken voort. De planning is om medio 2025 het participatiebeleid te evalueren. Het onderhouden van contacten met maatschappelijke organisaties op het gebied van leefbaarheid en participatie. We stimuleren ontmoetingen om van elkaar te leren en elkaar goed te betrekken, binnen ieders rol.
Aanjagen van bewonersinitiatieven in Twello Inhoud Sinds het najaar van 2023 is op initiatief van Mens en Welzijn het project Sterke Buurtverbinders van start gegaan. De gemeente is samenwerkingspartner binnen dit 2-jarig programma dat wordt ondersteund door het Oranje Fonds. Verder ondersteunen de coördinatoren maatschappelijke initiatieven inwoners van Twello die een goed idee voor hun buurt hebben. In 2025 gaan we: ▪ ▪ ▪ ▪
Beoogd effect
het netwerk van (vrijwillige) buurtverbinders in het dorp Twello uitbreiden. Het streven is om in elke buurt één of meerdere buurtverbinders te hebben. de buurtverbinders verder verbinden met elkaar en ondersteunen bij hun werkzaamheden. samen met Mens en Welzijn, IJsseldal Wonen en andere partners in de wijk een plan maken om de samenwerking met buurtverbinders te bestendigen. nieuwe buurtinitiatieven ondersteunen en stimuleren. Dit doen we door: - de eenmalige aanjaagsubsidie vanuit de gemeente. Deze subsidiemogelijkheid gaan we samen met de buurtverbinders nog beter onder de aandacht brengen. - te helpen om de weg te vinden binnen het gemeentehuis, richting fondsen en subsidies en met andere initiatiefnemers. - goede voorbeelden van buurtinitiatieven in het zonnetje te zetten.
Mogelijk zijn in de toekomst extra middelen nodig om dit verder vorm te geven. Indien nodig komen wij hiervoor met een voorstel Het verbeteren van de leefbaarheid en de saamhorigheid in de wijken van Twello.
Regionale samenwerking Inhoud De regionale samenwerking met o.a. de verschillende verbonden partijen, buurgemeenten en gemeenschappelijke regelingen is van groot belang. Steeds vaker kijken het Rijk en de provincie Gelderland naar de regionale schaal om afspraken te maken over ruimtelijke opgaven. Dit geldt ook voor het regioarrangement Regio Stedendriehoek 2023. Hierin zijn de ruimtelijke opgaven voor wonen, natuur, energie, landbouw en economie in samenhang in kaart gebracht. Met leidende principes als identiteit als basis, meervoudig en zorgvuldig ruimtegebruik en het natuurlijk systeem als basis. In dit regioarrangement zijn een vijftal agenderende opgaven geformuleerd. In 2025 wordt verder gewerkt aan deze opgaven.
Beoogd effect
In 2025 gaan wij verder aan de slag met de regionale uitvoeringsagenda (in 2023 vastgesteld). Onder andere door uitvoering te geven aan de Regio Deal (afgesloten medio 2024). Tot slot blijft binnen de samenwerking in de regio oog voor de afstemming van de opgaven op het gebied van wonen, werken, landelijk gebied en bereikbaarheid in het afstemmingsberaad. Actief samenwerken voor een goed woon- en leefklimaat voor onze inwoners.
| 63
Verbonden partijen
Bij de realisatie van de doelstellingen binnen dit programma zijn de volgende verbonden partijen betrokken: Verbonden partij Regio Stedendriehoek
Doel De regio Stedendriehoek is een samenwerkingsvorm én een gebied. De Wgr-regeling wordt aangepast waardoor met één organisatie (nu nog twee) wordt gewerkt. De Strategische Board vormt vanuit de samenwerking van de 3 o’s (onderwijs, ondernemers en overheid) een onafhankelijk adviesorgaan. De komende jaren wordt gezamenlijk gewerkt aan de regionale uitvoeringsagenda. Hierin staan de ambities en gewenste resultaten tot 2030. De agenda geeft aan waar wij gezamenlijk voor staan en is gericht op de toekomst met slimme groene verstedelijking, een vitaal landelijk gebied en een gezonde regionale economie.
Beleidsindicatoren
In dit overzicht staan de bij ministeriële regeling vastgestelde beleidsindicatoren die betrekking hebben op dit begrotingsprogramma. Via de link: www.waarstaatjegemeente.nl kunnen vergelijkingen worden gemaakt met andere gemeenten en landelijke gemiddelden. Taakveld Bestuur en ondersteuning Bestuur en ondersteuning
64 |
Naam indicator Formatie
Eenheid Fte per 1.000 inwoners
Indicator Voorst Bron 7,65 Eigen gegevens
Bezetting (personen)
Fte per 1.000 inwoners
8,72 Eigen gegevens
Wat mag het kosten Exploitatie Taakveld
0-1 Bestuur 0-2 Burgerzaken 0-3 Beheer overige gebouwen 6-1 Samenkracht + burgerparticipatie Totaal lasten 0-1 Bestuur 0-2 Burgerzaken 0-3 Beheer overige gebouwen Totaal baten Totaal saldo baten en lasten Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Geraamde resultaat
Werkelijk 2023
Begroting 2024 Incl. wijzigingen 1.949.786 2.252.332 997.507 1.048.498 1.484.171 1.196.468 120.584 136.615
2025
2026
2027
2028
2.319.690 1.066.726 1.102.861 139.757
2.319.547 1.066.094 1.134.873 139.757
2.312.181 1.065.904 1.109.583 139.757
2.312.039 1.065.880 1.096.618 139.757
4.552.048 142.292 322.261 257.465 722.018 -3.830.030
4.633.913 129.237 359.992 162.828 652.057 -3.981.856
4.629.034 111.108 393.578 175.924 680.610 -3.948.424
4.660.271 77.982 393.578 210.924 682.484 -3.977.787
4.627.425 77.982 393.578 210.924 682.484 -3.944.941
4.614.294 77.982 393.578 210.924 682.484 -3.931.810
141.760
350.820
52.760
31.172
31.172
31.172
-3.688.270
-3.631.036
-3.895.664
-3.946.615
-3.913.769
-3.900.638
Raming begroting
Toelichting ontwikkelingen begroting 2025 t.o.v. 2024: 0-1 Bestuur Binnen het taakveld bestuur hebben we de mutatie voor de APPA kapitaaluitkering verwerkt. Daarnaast zijn de bezoldigingen aan het college en uitkeringen aan voormalig wethouders gestegen als gevolg van diverse mutaties die hebben plaatsgevonden en meegenomen zijn in de raming. 0-2 Burgerzaken Geen bijzonderheden (het verschil betreft indexering). 0-3 Beheer overige gebouwen De daling in de lasten van het taakveld "Beheer overige gebouwen" wordt veroorzaakt doordat Maarten Tromplaan (voormalig Klein Twello) uit onze exploitatie is gegaan. Voor 2024 zaten deze lasten er nog in maar voor 2025 zijn deze, als gevolg van de sloop, er volledig uitgegaan. 6-1 Samenkracht en participatie PR7 Geen bijzonderheden (het verschil betreft indexering).
| 65
Investeringen Jaar Meerjaren Investerings Programma Geen investeringen Meerjaren Onderhouds Programma Geen investeringen Totaal Dienstverlenend Voorst*)
2025-2028
Bedrag Begroting Begroting Begroting Begroting investering 2025 2026 2027 2028 0
0
0
0
0
0 0
0 0
0 0
0 0
0 0
Reserves en voorzieningen
Geen reserves. Totaal reserves Wethouderspensioenen Wachtgeldverplichtingen Totaal voorzieningen
Saldo Saldo Saldo Saldo Saldo 2024 2025 2026 2027 2028 0 0 0 0 0 0 0 0 1.472.289 1.535.527 1.598.765 1.662.003 1.725.241 33.126 0 0 0 0 1.505.415 1.535.527 1.598.765 1.662.003 1.725.241
Standen per 31 december
Toelichting: Voorzieningen: Wethouderspensioenen We verzorgen zelf alle toekomstige pensioenverplichtingen voor (oud-)wethouders. Deze worden in de voorziening pensioenen wethouders financieel afgedekt en volledig in eigen beheer opgebouwd. Aan de hand van jaarlijkse actuariële berekeningen (volgens de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers) worden de benodigde pensioenrechten bepaald. Wachtgeldverplichtingen Dit is een voorziening voor het afdekken van (toekomstige) wachtgeldverplichtingen.
66 |
3.8 Algemene dekkingsmiddelen en financieringen Algemeen De algemene dekkingsmiddelen zijn die inkomsten van de gemeente waar geen directe dienstverlening en/of bestedingsverplichtingen tegenover staan. Het zijn dan ook vrij besteedbare middelen die we jaarlijks inzetten ter dekking van de uitgaven in de diverse programma’s. Daarnaast betreft het ook de raming onvoorzien en uitgaaf- en inkomstenposten die nog niet aan de diverse programma’s zijn toegerekend. Het grootste gedeelte van de algemene dekkingsmiddelen bestaat uit de algemene uitkering uit het gemeentefonds en de lokale heffingen die niet bestedingsgebonden zijn, zoals de onroerende-zaakbelasting. De onderstaande tabel geeft een weergave van alle geraamde algemene dekkingsmiddelen. Taakveld
0-5 Treasury 0-61 OZB Woningen 0-62 OZB niet-woningen 0-64 Belastingen overig 0-7 Algemene en ov. uitkeringen Gemeentefonds 0-8 Overige baten en lasten 0-9 Vennootschapsbelasting (VBP) Totaal lasten 0-5 Treasury 0-61 OZB Woningen 0-62 OZB- niet woningen 0-64 Belastingen overig 0-7 Algemene en ov. uitkeringen Gemeentefonds 0-8 Overige baten en lasten 0-9 Vennootschapsbelasting (VBP) Totaal baten Totaal saldo baten en lasten Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Geraamde resultaat
Werkelijk 2023
Begroting 2024 Incl. wijzigingen 194.976 177.539 416.993 360.963 56.930 164.713 -
Raming begroting 2025
2026
2027
2028
253.669 427.658 78.885
285.684 427.658 78.885
290.147 427.658 78.885
286.349 427.658 78.885
186.256 144.036
-
2.887 -
52.926 -
101.811 -
149.541 -
999.191 362.959 4.664.306 2.706.005 118.573 45.347.454
703.215 288.000 5.112.025 2.968.906 110.000 47.659.399
763.099 203.400 5.263.815 3.037.191 110.000 49.586.427
845.153 203.400 5.297.955 3.037.191 110.000 46.608.047
898.501 203.400 5.297.955 3.037.191 110.000 46.742.190
942.433 203.400 5.297.955 3.037.191 110.000 46.988.610
467.876 -
400.000 -
-
-
-
-
53.667.173 52.667.982
56.538.330 55.835.115
58.200.833 57.437.734
55.256.593 54.411.440
55.390.736 54.492.235
55.637.156 54.694.723
91.298
214.192
118.535
110.744
110.744
110.744
52.759.280
56.049.307
57.556.269
54.522.184
54.602.979
54.805.467
Verbonden partijen Verbonden partij Tribuut belastingsamenwerking
NV Bank Nederlandse Gemeenten
Waterbedrijf Vitens (dividend)
Doel Tribuut voert voor de gemeenten Apeldoorn, Epe, Lochem, Zutphen en Voorst alle gemeentelijke heffingen en belastingen uit. Een uitzondering geldt voor de heffing en invordering van de leges publiekszaken. Het aanwezig zijn van een bankiersbedrijf specifiek ten behoeve van overheden met het oog op het bijdragen aan zo laag mogelijke kosten van maatschappelijke voorzieningen voor de burger. Als aandeelhouder ontvangt de gemeente Voorst jaarlijks een dividend. Vitens houdt zich bezig met het winnen, zuiveren en leveren van drinkwater. Als aandeelhouder heeft de gemeente Voorst jaarlijks een dividend ontvangen. De komende jaren wordt vanwege wijzigingen in het financiële beleid bij Vitens geen dividend uitgekeerd. | 67
Algemene uitkering gemeentefonds Algemeen De algemene uitkering uit het gemeentefonds is vrij besteedbaar en wordt aangewend voor de dekking van de lasten van de gemeente. De algemene uitkering is dus primair een algemeen dekkingsmiddel. Dit betekent dat de gemeente autonoom is in het aanwenden van de algemene uitkering. Het rijk informeert de gemeenten over de algemene uitkering uit het gemeentefonds via circulaires.Voor deze begroting is de informatie uit de meicirculaire 2024 als uitgangspunt genomen. Ontwikkelingen Gemeenten ontvangen ruim de helft van hun inkomsten via de algemene uitkering uit het gemeentefonds. De meeste gemeenten voorzien vanaf 2026 grote tekorten. Dit komt vooral doordat de algemene uitkering met ingang van 2026 terugloopt. De totale korting is berekend op ongeveer € 3 miljard. In de Voorjaarsnota 2024 heeft het Rijk aangekondigd dat de oploop van de ‘opschalingskorting’ van € 675 miljoen met ingang van 2026 wordt geschrapt. Daar staat in 2025 wel een eenmalige korting van hetzelfde bedrag tegenover. Dit effect is verwerkt in de meicirculaire 2024. In 2023 zijn het kabinet en de gemeenten overeengekomen dat het gemeentefonds vanaf 2027 wordt geïndexeerd op basis van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (bbp). In het voorjaar 2024 is afgesproken dat deze systematiek al vanaf 2024 ingaat.
Omdat dit nadeliger uitpakt voor gemeenten, worden ze hiervoor gecompenseerd, afgezien van een eenmalige korting van € 675 miljoen in 2025.
OZB woningen en niet-woningen en overige belastingen OZB en overige belastingen OZB woningen OZB niet woningen Reclamebelasting Totaal
Raming 2024 5.070.743 2.968.906 110.000 8.149.649
Raming 2025 5.221.584 3.037.191 110.000 8.371.305
Onder deze taakvelden verantwoorden wij de onroerende zaakbelastingen voor woningen en niet-woningen en de reclamebelasting. Deze belastingen lichten we verder toe in de paragraaf Lokale heffingen.
Treasury Tot dit taakveld behoren de activiteiten van de gemeente met betrekking tot de treasury-functie zoals financiering, beleggingen, dividenden etcetera waaronder dividend nutsbedrijven. Dividend De gemeente Voorst heeft 21.634 gewone en 14.322 preferente aandelen in het waterbedrijf Vitens. Vitens wil de solvabiliteit de aankomende jaren laten stijgen naar een minimumniveau van 35% en blijven voldoen aan de financiële ratio’s zoals gesteld door de kredietverstrekkers. Hiervoor zal de aankomende jaren het nettoresultaat moeten worden toegevoegd aan het eigen vermogen en wordt er voorlopig geen dividend uitgekeerd. De gemeente Voorst heeft 112.983 aandelen in het maatschappelijk kapitaal van de N.V. Bank Nederlandse Gemeenten (BNG). In 2024 is eenmalig een hoger dividend over 2023 uitgekeerd in verband met een hoger gerealiseerd resultaat. De ontvangsten aan dividend ramen we als volgt:
68 |
Dividend Bank Nederlandse Gemeenten Vitens (inclusief rentevergoeding preferente aandelen) Totaal
Raming 2024 244.000 0 244.000
Raming 2025 159.400 0 159.400
Voor een nadere toelichting op de ontwikkelingen binnen het taakveld Treasury en het treasurybeleid verwijzen we u naar de paragraaf Financiering.
Overige baten en lasten De raming in het taakveld Overige baten en lasten bestaan uit de stelposten met betrekking tot lasten van de investeringen uit het Meerjareninvesteringsprogramma (MIP) en Meerjarenonderhoudsprogramma (MJOP) 2025-2028, voor zover deze niet zijn geraamd op de desbetreffende taakvelden.
Vennootschapsbelasting Op dit taakveld verantwoorden we het te betalen bedrag aan vennootschapsbelasting. Met ingang van 1 januari 2016 is de vennootschapsbelasting voor overheidsondernemingen ingevoerd. Vennootschapsbelasting is verschuldigd vanwege fiscale winst die per saldo is gerealiseerd op ondernemingsactiviteiten in het begrotingsjaar na eventuele verrekening van fiscale verliezen uit eerdere begrotingsjaren. De eventueel verschuldigde vennootschapsbelasting voor 2025 is bij het opmaken van deze begroting nog niet bekend. In de loop van 2025 rapporten wij hierover via de Voorjaarsrapportage of de Najaarsrapportage.
Reserves en voorzieningen Reserves en voorzieningen
Algemene reserve vrij aanwendbaar Reclamebelasting Dekking kapitaallasten Eenmalige investeringen en incidentele raadsbesluiten Totaal reserves Onderhoud gemeentelijke gebouwen Verlofsparen Totaal voorzieningen
Saldo Saldo Saldo Saldo Saldo 2024 2025 2026 2027 2028 15.977.341 15.877.341 15.852.341 15.827.341 15.802.341 10.901 10.901 10.901 10.901 10.901 6.138.497 5.663.103 5.217.035 4.819.966 4.422.898 118.746 118.746 118.746 118.746 118.746 22.245.485 21.670.091 21.199.023 20.776.954 20.354.887 918.713 728.067 645.239 627.338 588.995 435.574 435.574 435.574 435.574 435.574 1.354.287 1.104.626 950.282 860.865 751.006
Standen per 31 december
Toelichting reserves en voorzieningen, die niet bij de programma´s zijn opgenomen. Reserves: Algemene reserve vrij aanwendbaar Deze reserve is bestemd voor het dekken van lasten waar op geen andere wijze rekening mee gehouden is. Financiële mee- en tegenvallers worden ten gunste c.q. ten laste van deze reserve gebracht. Reclamebelasting Deze bestemmingsreserve heeft de egalisatie van financiële overschotten en tekorten van reclamebelasting tot doel. Dekking kapitaallasten Deze reserve zetten we in ter dekking van kapitaallasten van in het verleden gedane investeringen met als dekking een reserve. | 69
Eenmalige investeringen en incidentele raadsbesluiten Deze reserve biedt dekking voor de financiële gevolgen van alle bestaande en nieuwe raadsbesluiten met een eenmalig karakter, die niet op de exploitatie verantwoord kunnen worden of specifiek aan andere reserves toe te schrijven zijn. Voorzieningen: Onderhoud gemeentelijke gebouwen Het nieuwe beheerplan onderhoud gemeentelijke gebouwen 2024-2033 is opgesteld op basis van dezelfde uitgangspunten en ambitieniveau als het bestaande beheerplan. Tijdens de opmaak van deze begroting was het nieuwe plan nog niet definitief gereed. Daarom is voorlopig het bestaande beheerplan, met een index volgens de bouwkostencalculator, voor de begroting 2025-2028 toegepast. De financiële gevolgen en de gewijzigde opzet (onderscheid in onderhoud en vervangingsinvesteringen) nemen wij mee bij de Voorjaarsrapportage 2025. Verlofsparen Dit is een voorziening voor arbeidskostengerelateerde verplichtingen die een niet voorspelbare opbouw en daarmee ook een onvoorspelbare afbouw kennen.
70 |
3.9 Overhead Algemeen In dit onderdeel zijn de kosten van de overhead opgenomen. Onder overheadkosten vallen alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces (zgn. PIOFACH-kosten: Personeel, Informatievoorziening, Organisatie, Financiën, Automatisering, Communicatie en Huisvesting). Ook de rente en afschrijvingskosten op investeringen op het terrein van de overhead vallen onder dit onderdeel. Conform de vernieuwing van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV), worden de kosten niet meer toegerekend aan de programma's. In de programma's nemen we alleen de kosten op die betrekking hebben op het primaire proces. Taakveld
0-4 Overhead Totaal lasten 0-4 Overhead Totaal baten Totaal saldo baten en lasten Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Geraamde resultaat
Begroting 2024 Incl. wijzigingen 9.975.641 10.589.023 9.975.641 10.589.023 909.970 940.146 909.970 940.146 -9.065.671 -9.648.877 Werkelijk 2023
Raming begroting 2025
2026
2027
2028
10.374.975 10.374.975 924.271 924.271 -9.450.704
10.477.852 10.477.852 931.514 931.514 -9.546.338
10.500.989 10.500.989 933.142 933.142 -9.567.847
10.610.149 10.610.149 940.826 940.826 -9.669.323
152.019
237.312
-
-
-
-
-8.913.652
-9.411.565
-9.450.704
-9.546.338
-9.567.847
-9.669.323
Toelichting ontwikkelingen begroting 2025 t.o.v. 2024: Algemeen De overhead bestaat uit diverse verschillende indirecte kosten die niet toe te rekenen zijn aan één product. Dit betreffen diverse personeelskosten, automatiseringskosten, facilitaire kosten en huisvestingskosten. Deze betreffen horizonbreed de gehele organisatie. Onderstaand lichten we de afwijkingen in 2025 toe ten opzichte van 2024 op verschillende onderdelen. 0-4 Overhead Huisvesting laat een daling in de lasten zien. Deze afname ontstaat door het slopen van de gemeentewerf. Daarnaast was er in 2024 budget gerealiseerd voor de invoering van de Woo, welke in 2025 niet meer voor komt. Behalve deze twee bijzonderheden zijn er geen bijzondere afwijkingen binnen de overhead in 2025 in vergelijking met 2024. Investeringen Jaar Meerjaren Investerings Programma Geen investeringen Meerjaren Onderhouds Programma ICT investeringen in hardware, software en 2025 t/m diensten*) 2028 Tractie (onderhoudsmaterieel, dienst- en 2026 t/m bestelauto´s, ebike) 2028 Gemeentelijke gebouwen 2025-2028 Totaal Overhead 2025-2028
Bedrag Begroting Begroting Begroting Begroting investering 2025 2026 2027 2028 0
0
0
0
0
1.200.000
2.250
71.250
138.450
203.850
156.000
0
5.795
16.730
30.233
6.288.282 7.644.282
0 2.250
0 77.045
0 155.180
0 234.083
| 71
Beleidsindicatoren In dit overzicht staan de bij ministeriële regeling vastgestelde beleidsindicatoren die betrekking hebben op dit begrotingsprogramma. Via de link: www.waarstaatjegemeente.nl kunnen vergelijkingen worden gemaakt met andere gemeenten en landelijke gemiddelden. Taakveld Overhead Overhead
Naam indicator Apparaatskosten Externe inhuur
Overhead
Overhead
72 |
Eenheid Kosten per inwoner Kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen % van totale lasten
Indicator Voorst Bron 710 Eigen begroting 6,05% Eigen begroting 11,23% Eigen begroting
Hoofdstuk 4 Paragrafen
| 73
4.1 Paragraaf Lokale heffingen Inleiding De lokale heffingen zijn naast de algemene uitkering van het gemeentefonds de belangrijkste inkomstenbron van de gemeente. Dit zijn ook inkomstenbronnen waarop de gemeenteraad invloed kan uitoefenen. Binnen de paragraaf lokale heffingen zijn drie soorten opbrengsten te onderscheiden, namelijk belastingen, heffingen en rechten (gebruiks- of genotsrechten). De belastingen worden gebruikt als algemeen dekkingsmiddel, de heffingen en rechten worden ingezet ter bestrijding van gemaakte kosten. Voor de heffingen en rechten geldt als uitgangspunt een kostendekking op begrotingsbasis van maximaal 100%. Het streven is een volledige dekking van de gemaakte kosten door middel van heffingen en rechten. Thema
Belastingen Algemene middelen
Rechten/retributies Specifieke lasten, verband houdend met individuele diensten Maximaal kostendekkend Marktgelden
Heffingen Specifieke lasten, verband houdend met collectieve voorzieningen Maximaal kostendekkend Rioolheffing
Toeristenbelasting
Begraafplaatsrechten
Afvalstoffenheffing
Reclamebelasting
Leges
Besteding Opbrengst Vrij Onroerende-zaakbelasting (OZB)
Soort
De opbrengsten van de lokale heffingen verantwoorden we in verschillende programma’s. Uitgangspunt van het beleid bij alle soorten is het beperken van de lastendruk. De lasten die gemoeid zijn bij de uitvoering van diverse taken worden alleen verhaald op de inwoners indien dit noodzakelijk is. Geraamde inkomsten Soort (bedragen in €) OZB Afvalstoffen- en reinigingsheffing Rioolheffing Toeristenbelasting Reclamebelasting Marktgelden Begraafplaatsrechten Leges Totaal
2023 (jaarrekening) 7.327.487 2.158.248
2024 (begroting) 8.039.649 2.201.368
2025 8.258.775 2.251.999
2.578.257 236.651 118.573 42.326 168.230 2.008.761 14.638.533
2.552.238 202.252 110.000 44.485 170.255 1.732.802 15.053.049
2.631.569 206.904 112.530 45.508 174.171 1.713.841 15.149.827
Beleidsuitgangspunt Het algemene uitgangspunt in de begroting is het indexeren van de lasten met bruto binnenlands product (bbp) percentage uit de meicirculaire welke is vastgesteld op 2,3% voor 2025. Om de stijging van de lasten te kunnen dekken worden de inkomsten met hetzelfde percentage geïndexeerd. De indexatie is het algemene uitgangspunt. In de paragraaf wordt per belastingsoort onder het thema beleid verder beschreven hoe de geraamde inkomsten tot stand komen. Ontwikkelingen belastingen Onroerende-zaakbelastingen (OZB) Met de onroerende-zaakbelasting zorgt de gemeente voor haar eigen inkomstenbron, gemiddeld 9-10% van de totale inkomsten. De gegenereerde inkomsten zijn algemene middelen en worden aangewend om een gedeelte van de gemeentelijke verantwoordelijkheden of voorzieningen te financieren. 74 |
Beleid De geraamde inkomsten vanuit de onroerende-zaakbelasting (OZB) worden in 2025 enkel geindexeerd volgens het beleidsuitgangspunt (2,3%). De geraamde inkomsten voor 2025 komen uit op € 8.258.775 en de opbrengsten vanuit de onroerendezaakbelasting zijn algemene dekkingsmiddelen. Heffingsmaatstaf De onroerendezaakbelasting wordt opgelegd aan eigenaren van woningen en bedrijven. Voor bedrijven geldt bovendien naast het eigendomsdeel ook een gebruikersbelasting. In alle drie de categorieën wordt de totale som van de WOZwaarden gedeeld door de geschatte inkomsten. Deze berekening resulteert in het tarief dat wordt toegepast op individuele onroerende zaken. Indien de gemeenteraad besluit om geen indexering of verhoging door te voeren en de WOZ-waarden desondanks stijgen, zal het tarief dalen. Aan de andere kant zal het tarief stijgen bij een afname van de WOZ-waarden. Dit betekent dat de totale WOZwaarden fungeren als verdeelsleutel om de geschatte inkomsten te realiseren. In onderstaande tabel is de systematiek uiteengezet. In 2021 was nog geen sprake van de verhogingen vastgesteld door de gemeenteraad. Het belastingbedrag steeg dat jaar met 1,6% terwijl de gemiddelde WOZ-waarde steeg met 5,33%. In 2022, 2023 en 2024 zijn naast de indexatie ook de vastgestelde verhogingen verwerkt in het tarief, wat resulteert in een hoger belastingbedrag. Jaar 2021 2022 2023 2024
Gemiddelde WOZwaarde € 336.000 € 361.000 € 431.000 € 455.000
Stijging t.o.v. jaar ervoor 5,33% 7,44% 19,39% 5,56%
Tarief 0,1090% 0,1126% 0,1018% 0,1069%
Stijging bedrag t.o.v. jaar ervoor 1,6% 10,98% 7,94% 10,86%
Belastingbedrag € 366,24 € 406,49 € 438,76 € 486,40
Toeristenbelasting Voor overnachtingen in de toeristische sector betalen mensen die niet zijn ingeschreven in de gemeente Voorst toeristenbelasting. De exploitant die de overnachtingen aanbiedt doet jaarlijks een aangifte van het aantal overnachtingen aan Tribuut. Beleid De geraamde inkomsten voor de toeristenbelasting zijn met 2,3% geïndexeerd, waardoor het bedrag voor het jaar 2025 uitkomt op € 206.904. In Voorst wordt de toeristenbelasting geïnd met als doel de eigen inkomsten te versterken. Deze opbrengsten worden vervolgens aangewend voor het handhaven en verbeteren van voorzieningen binnen de gemeente. De opbrengst van de toeristenbelasting wordt in Voorst beschouwd als een algemeen dekkingsmiddel. Heffingsmaatstaf De belasting wordt vervolgens vastgesteld aan de hand van het vastgestelde tarief en het aantal overnachtingen. De tariefstructuur van onze toeristenbelasting kent 3 soorten verblijfsaccommodaties met ieder een afzonderlijk nachttarief. Tarief Overnachten in kampeermiddel Overnachten in hotel, ontbijthotel , vliegtuighotel , etctera Overige overnachtingen
2021 0,92 1,92 1,31
2022 0,94 1,95 1,33
2023 0,97 2,01 1,37
2024 1,00 2,07 1,41
| 75
Reclamebelasting In de gemeente Voorst wordt een reclamebelasting geheven in het centrum van Twello. De belasting wordt geheven van openbare aankondigingen (reclame-uitingen)die zichtbaar zijn vanaf de openbare weg. Bijvoorbeeld: gevelreclame, stickers, posters en.of vlaggen. Beleid Binnen Voorst wordt reclamebelasting geheven in het centrum van Twello. Deze vorm van belasting is tot stand gekomen door een overeenkomst met de Ondernemersvereniging Twello Centrum, waarbij een publiek-private samenwerking is aangegaan. Als tegemoetkoming voor de introductie van deze belasting is afgesproken dat de gemeente Voorst geen parkeerbelasting zal invoeren in het centrum van Twello voor een bepaalde periode. In een besluit van de gemeenteraad is besloten tot 2029 geen parkeerbelasting in te voeren. Naast eerder genoemde afspraak is overeengekomen dat de jaarlijkse opbrengst van de reclamebelasting een vastgestelde bestemming heeft. De Ondernemingsvereniging ontvangt een vast percentage van de opbrengst. Vervolgens wordt een vast deel gereserveerd voor de exploitatie van de parkeergarage en vast klein deel als tegemoetkoming in de perceptiekosten. De geraamde inkomsten worden niet jaarlijks geïndexeerd en eventuele overschotten worden na dotatie aan de voorziening (max € 4.000) uitgekeerd aan de Ondernemingsvereniging. Deze werkwijze is door de gemeenteraad vastgesteld.
Heffingsmaatstaf De belasting wordt geheven van de gebruikers van WOZ-objecten (bedrijfspanden) in het centrum van Twello waarbij reclame-uitingen zijn geplaatst of aangebracht. Om het belastingbedrag vast te stellen geldt een vast tarief van € 850, verhoogd met € 0,65 per € 1.000 van de WOZ-waarde van het betreffende object. Deze tarieven worden slechts aangepast in het geval dat de geraamde opbrengst niet wordt gerealiseerd. Ontwikkelingenheffingen Afvalstoffenheffing en reinigingsheffingen Elke gemeente is verantwoordelijk voor de inzameling van het afval van huishoudens. Middels de afvalstoffenheffing kunnen gemeenten de kosten van het ophalen van huishoudelijk afval dekken. Het is echter niet toegestaan om de opbrengst van deze heffing te gebruiken voor andere doeleinden. Tegelijkertijd met het verzamelen van huishoudelijk afval wordt bij enkele bedrijfspanden (zoals scholen, kerken, etc.) ook bedrijfsafval opgehaald. Voor deze inzameling wordt een reinigingsheffing geheven. Beleid De verwachte opbrengsten voor de afvalstoffenheffing hangen af van de geplande uitgaven voor het komende begrotingsjaar. Deze geplande uitgaven bestaan uit verschillende componenten: de bijdrage aan Circulus, de bijdrage aan Tribuut (inclusief kwijtschelding) en de interne personeelskosten.
De jaarlijkse bijdrage aan Circulus wordt bepaald door twee componenten: een bedrag voor de geleverde diensten en een bedrag voor de afvalverwerking. Circulus maakt elk jaar de bedragen voor deze componenten bekend aan de deelnemende gemeenten. De geschatte kosten voor afvalverwerking zijn gebaseerd op de dan geldende marktprijzen en kunnen daarom bij de jaarafrekening zowel positief als negatief uitvallen. In de begroting van 2023 is reeds aangegeven dat zowel de inverdienkorting als het contract met Ter Horst zullen eindigen, wat betekent dat de bijdrage aan Circulus vanaf 2024 blijft stijgen.
76 |
De verwachte opbrengsten zijn gebaseerd op de eerder genoemde geplande uitgaven. Om de gevolgen van het wegvallen van de inverdienkorting en het contract met Ter Horst de komende jaren te verzachten, wordt een deel van de voorziening benut. In december ontvangt de gemeenteraad een voorstel voor de verordening reinigingsheffingen waarin wordt voorgesteld om de tarieven geleidelijk te verhogen. Afhankelijk van het besluit van de raad worden de financiële gevolgen verwerkt in de voorjaarsrapportage van 2025. Heffingsmaatstaf Het belastingbedrag wordt in de gemeente Voorst bepaald door een vast en variabel (Diftar) bedrag. Elk huishouden heeft hierdoor zelf invloed op de hoogte van het belastingbedrag door de afvalstromen zoveel mogelijk te scheiden. Hiermee sluit de heffing volledig aan bij het grondstoffenplan. Tarief per huishouden 1- of meerpersoonshuishouden vastrecht, verhoogt met: tarief per lediging grijze container 140l tarief per lediding grijze container 240l Reinigingsrecht: basis vastrecht, verhoogt met: tarief per lediging grijze container 140l tarief per lediging grijze container 240l
Omschrijving Afval
Directe lasten Overhead 2.548.805 23.887
2021 162,05 5,30 N.v.t. 196,05 6,40 N.v.t.
2022 164,65 5,40 N.v.t. 199,25 6,55 N.v.t.
2023 169,60 5,55 N.v.t. 205,20 6,75 N.v.t.
2024 174,70 4,45 7,60 211,36 5,40 9,25
Inkomst KostenTotale Andere Totale dekkenduit BTW lasten heffingen inkomsten baten heid 273.874 2.846.566 2.251.999 299.662 2..551.661 89,6%
Rioolheffing Elke gemeente heeft een zorgplicht voor de inzameling van stedelijk afvalwater, een zorgplicht voor het afvoeren van hemelwater en een zorgplicht voor het beperken van nadelige gevolgen van de grondwaterstand. Samengevat zijn dit de drie gemeentelijke watertaken waarbij de gemaakte kosten gedekt kunnen worden vanuit de rioolheffing. Beleid De financiële weergave van het beleid met betrekking tot de eerder genoemde zorgplichten is opgenomen in het programma Water 2020 t/m 2025. Binnen dit programma is een meerjarig overzicht opgenomen van diverse investeringen die zich over een periode van 40 jaar uitstrekken. Om de toekomstige investeringen te kunnen realiseren is een voorziening ingesteld. Door de extreme inflatie is vorig jaar al toegezegd dat de financiële bijlage van het programma Water 2020 t/m 2025 werd herijkt. De notitie herijking rioolheffing wordt gelijktijdig met de verordening Riool- en waterzorgheffing 2025 aan de raad worden voorgesteld. De financiële gevolgen van deze keuze worden in de voorjaarsrapportage 2025 verwerkt. Heffingsmaatstaf De kosten voor het uitvoeren van de watertaken wordt in Voorst verhaald op de gebruikers van woningen en niet-woningen. Vervolgens is het belastingbedrag 3 afhankelijk van het aantal afgevoerde m afvalwater.
Het tarief van de rioolheffing 2025 wordt voorgesteld aan de raad in december gelijktijdig met de andere belastingverordeningen. Tarief Rioolrecht: basistarief
Omschrijving Riolering
2021 214,10
Directe lasten Overhead 2.269.399 232.346
2022 217,55
2023 224,10
2024 224,10
Inkomst KostenTotale Andere Totale dekkenduit BTW lasten heffingen inkomsten baten heid 142.169 2.463.914 2.631.569 12.344 2.643.913 100,0%
| 77
Marktgeld In de gemeente Voorst wordt marktgeld geheven bij de markt in Twello en andere dorpskernen. Met het marktgeld worden de kosten gedekt die voor het organiseren en onderhouden van de markt worden gemaakt. Beleid Door stijgende loonkosten vanuit de CAO, gecombineerd met een stijging in de overhead en stijgende materiaalkosten wordt de 100% kostendekking niet meer behaald. Om de kostendekking wel te halen is een extra stijging van de tarieven noodzakelijk naast de normale indexering. Voor deze begroting is vooralsnog geen rekening gehouden met een extra tariefverhoging en alleen de indexering van 2,3% toegepast. Heffingsmaatstaf Het marktgeld wordt geheven over de gebruikers van de standplaatsen en kent een tarief van € 2,43 per strekkende meter (minimumbedrag € 9,74) per dag.
Omschrijving Markt
Directe lasten Overhead 66.700 14.024
BTW 0
Inkomst Totale Andere uit lasten heffingen inkomsten 80.724 45.508 23.913
KostenTotale dekkendbaten heid 69.421 86,0%
Lijkbezorgingsrechten / begraafrechten Met de lijkbezorigingsrechten worden kosten verhaald die verbonden zijn aan het gebruik van de begraafplaatsen en voor de door de gemeente verleende diensten. De afname van het aantal begrafenissen en minder langdurige verlengingen van grafrechten zorgen voor minder inkomsten. Daardoor is het uitgangspunt 100% kostendekkendheid losgelaten.
Omschrijving Lijkbezorging
Directe lasten Overhead 222.601 14.008
BTW 0
Inkomst Totale Andere uit lasten heffingen inkomsten 236.609 174.171 355
KostenTotale dekkendbaten heid 174.526 73,8%
Leges Elke gemeente is belast met het aanbieden van een gevarieerd aantal diensten. Deze diensten worden vervolgens op verzoek van de inwoners aangevraagd. Middels het innen van leges worden de kosten gedekt die voor de uitvoering van deze diensten worden gemaakt. Voorbeelden van deze diensten zijn het verstrekken van paspoorten of het verlenen van vergunningen. De aanvrager van deze dienst betaalt leges, met als gevolg dat het verzoek in behandeling wordt genomen. De leges zijn in de tarieventabel van de legesverordening ingedeeld in drie titels: Hoofdstuk 1, algemene dienstverlening; Hoofdstuk 2, dienstverlening en besluiten in het kader van de Omgevingswet; Hoofdstuk 3, dienstverlening vallend onder Europese dienstrichtlijn. Evaluatie leges Halverwege het jaar is hoofdstuk twee van de leges geëvalueerd, waarbij werd vastgesteld dat 2024 nog onvoldoende praktijkgegevens biedt om een nauwkeurige raming van de opbrengsten mogelijk te maken. Voor 2025 zijn de ontwikkelingen onzeker. Steeds meer rijbewijzen worden digitaal aangevraagd, wat leidt tot een teruggang in opbrengsten. De omvang van de paspoortpiek (10-jaren termijn) is onduidelijk. Dit geldt ook voor de leges voor omgevingsvergunningen. Voor de begroting van 2025 is daarom besloten de tarieven uit hoofdstuk twee te indexeren volgens de standaardindexering (2,3%).
De jaarrekening van 2024 en het monitoren van de opbrengsten in 2025 bieden hopelijk voldoende inzicht om een trend vast te stellen. Op basis van deze trend en het ravijnjaar is het ook mogelijk dat in 2026 78 |
andere keuzes worden voorgesteld. De opbrengsten voor 2025 zijn geraamd op basis van ervaringsgegevens uit voorgaande jaren. Kostendekkendheid Dit jaar is eveneens onderzoek gedaan naar de kostendekkendheid van alle hoofdstukken. Hierbij zijn alle lasten en opbrengsten opnieuw geïnventariseerd aan de hand van interviews en ervaringscijfers (2020 t/m 2023). In de gemeente Voorst wordt over alle hoofdstukken heen een kostendekkingspercentage van 33,8% behaald. Toelichting/verklaring In de laatste kolom van de onderstaande tabellen is gecodeerd aangegeven waar het tarief voor 2025 (en dus ook de opbrengst) op is gebaseerd. Voor de tarieven kennen we de volgende indeling: 1. 2. 3. 4.
Wettelijk tarief Vergelijkbaar tarief buurgemeenten Historisch gegroeid en indexeren met 2,3% (t.o.v. 2024) Herijking n.a.v. evaluatie
Hoofdstuk 1 Algemene dienstverlening
1.1 Burgerlijke stand 1.2 Reisdocumenten 1.3 Rijbewijzen 1.4 Verstrekkingen uit BRP 1.5 Wet open overheid 1.6 Vastgoedinformatie 1.7 Overige publiekszaken 1.8 Archiefbescheiden gemeente Voorst 1.9 Bijzondere wetten 1.10 Telecommunicatie 1.11 Verkeer en vervoer 1.12 Diversen totaal Hoofdstuk 2 Dienstverlening vallende onder de fysieke leefomgevings/ omgevingsvergunning 2.2 Voorfase algemene bepalingen 2.3 Activiteiten met betrekking tot bouwwerken 2.4 Activiteiten met betrekking tot cultureel erfgoed en werelderfgoed 2.5 Milieubelastende activiteiten 2.6 Lozingsactiviteiten 2.7 Aanlegactiviteiten 2.8 Overige activiteiten 2.9 Maatwerkvoorschriften 2.10 Gelijkwaardigheid 2.11 Overige tarieven 2.12 Modaliteiten totaal Hoofdstuk 3 Dienstverlening vallend onder Europees Dienstenrichtlijn 3.1 Horeca 3.2 Organiseren evenementen of markten 3.3 Prostitutiebedrijven 3.4 Kinderopvang 3.5 Marktstandplaatsen 3.6 Winkeltijdenwet
Loon- en Overhead BTW Totale OpbrengstKosten- Toelichting/ directe lasten leges dekkend- verklaring kosten heid 83.635 46.670 3.016 133.321 78.480 58,9% 2 en 3 155.123 71.144 - 226.268 225.281 99,6% 1 163.218 61.334 - 224.552 79.172 35,26% 1 41.059 11.516 2.940 55.515 4.546 8,2% 1 en 3 nvt 1 7.413 4.994 12.407 0% 3 13.807 3.238 17.405 3.814 22,4% 1 en 3 6.306 4.248 10.554 1.920 18,2% 3 11.055 7.448 18.503 3.887 21% 1 en 3 25.979 17.502 43.481 40.547 93,3% 3 39.751 11.985 4.612 56.347 13.789 24,5% 3 nvt 3 547.346 240.080 10.567 797.994 451.436 56,6% Loon- en Overhead BTW Totale OpbrengstKosten- Toelichting/ directe lasten leges dekkend- verklaring kosten heid 385.542 259.740 - 645.282 89.324 13,8% 3 en 4 988.941 517.852 107.141 1.613.934 986.253 61,12% 3 72.988
49.172
106.570 71.796 26.200 17.651 27.453 18.495 154.343 103.981 43.344 29.201 8.933 6.026 155.765 104.939 5.618 3.785 1.975.560 1.182.538
2.066
124.226
-
0%
3
- 178.367 2.024 43.851 971 45.949 51.392 - 258.325 23.221 72.544 16.340 14.970 1.841 - 260.704 47.608 9.403 19.326 109.208 3.267.306 1.238.299
1,2% 2,2% 111,9% 9% 22,5% 12,3% 18,3% 205,5% 37,9%
3 3 3 3 en 4 3 3 3 3 -
Loon- en Overhead BTW Totale OpbrengstKosten- Toelichting/ directe lasten leges dekkend- verklaring kosten heid 19.917 13.418 33.335 2.429 7,3% 3 87.036 58.636 - 145.672 16.166 11,1% 3 22.855 15.398 38.253 984 2,6% 3 39.605 3.694 7.166 50.465 4.021 8% 3 2.656 1.789 4.445 578 13% 2 en 3 4.680 3.153 7.834 28 0,4% 3 | 79
Hoofdstuk 3 Dienstverlening vallend onder Europees Dienstenrichtlijn
Loon- en Overhead BTW Totale OpbrengstKosten- Toelichting/ directe lasten leges dekkend- verklaring kosten heid 3.7 In deze titel niet benoemde vergunning, nvt 3 ontheffing of andere beschikking totaal 176.749 96.088 7.166 280.003 24.206 8,6% Totaal leges 2.699.656 1.518.706 126.940 4.345.303 1.713.941 39,4% -
Aanduiding belastingdruk/woonlasten De hoogte van de gemeentelijke woonlasten, de "lokale lastendruk", krijgt regelmatig aandacht in de media. Onder gemeentelijke woonlasten scharen we de: onroerendezaakbelastingen, afvalstoffenheffing en rioolheffing. Dit zijn de belastingen en heffingen waarmee ieder huishouden in een gemeente jaarlijks te maken krijgt. Het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (COELO) publiceert jaarlijks de Atlas van lokale lasten. Daarin zijn de lokale lasten op basis van "appels met appels" met elkaar vergeleken. Bij die vergelijking hanteert het Coelo voor alle gemeenten dezelfde uitgangspunten. Ten behoeve van de onderlinge vergelijkbaarheid houdt het Coelo rekening met een gemiddelde WOZ -waarde en WOZ-waardestijging en ook met het feit dat gemeenten met dure woningen een naar verhouding lagere algemene uitkering uit het gemeentefonds ontvangen dan andere gemeenten. De Coelovergelijking 2024 laat zien dat Voorst in vergelijking tot die in andere gemeenten een gemiddelde woonlastendruk meerpersoonshuishoudens heeft. Voorst staat in de vergelijking op plaats 197 (plaats 1 heeft de laagste woonlastendruk) van de 345 gemeenten. De gemiddelde woonlastendruk in Nederland komt uit op € 994 per meerpersoonshuishouden. De woonlastendruk voor Voorst is door het Coelo, op basis van de gehanteerde uitgangspunten, berekend op € 1009.
Omschrijving van het kwijtscheldingsbeleid De gemeente moet bij het vaststellen van kwijtschelding landelijke regels toepassen. De landelijke regels zijn op basis van de Invorderingswet opgenomen in de Leidraad invordering (en kwijtschelding) gemeentelijke belastingen. Het bestuur van Tribuut heeft een Leidraad invordering ten behoeve van de deelnemende gemeenten in Tribuut vastgesteld. Binnen de leidraad regels heeft Voorst de volgende eigen beleidskeuzes gemaakt: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Voor de ozb, riool- en afvalstoffenheffing (voor de basisset containers) is kwijtschelding mogelijk, waardoor minima geen woonlasten betalen; Bij de normkosten van bestaan wordt uitgegaan van 100% van de bijstandsnorm; Ondernemers zijn voor de privé belastingen gelijkgesteld met particulieren; Als sprake is van (niet vrijgesteld) vermogen is kwijtschelding niet mogelijk. Voor het bezit van een auto wordt een vermogensvrijstellingsnorm in aanmerking genomen. Voor ouderen geldt een aparte vermogensvrijstellingsnorm; Kosten voor kinderopvang worden in aanmerking genomen als uitgaven bij de berekening van de betalingscapaciteit; Bij de normkosten van bestaan voor AOW’ers wordt uitgegaan van 100% van de netto AOW-norm; Belastingplichtigen met een minimum inkomen komen in aanmerking voor: automatische kwijtschelding, op basis van een screening bij het Inlichtingenbureau te Utrecht, of, rekening houdende met specifieke omstandigheden, voor de gemeentelijke meerjarige automatische kwijtschelding.
Voor de kwijtschelding van gemeentelijke belastingen is voor 2025 een totaal bedrag geraamd van € 144.796.
80 |
4.2 Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding We realiseren geen ambities wanneer we geen risico’s nemen. Belangrijk is dat de gemeente zich bewust is van de risico’s die horen bij het beleid en hierop stuurt. Om een reëel inzicht te krijgen van de impact van deze risico's en het vermogen om deze risico's op te vangen gebruikt de gemeente een berekening van het weerstandsvermogen. Het weerstandsvermogen geeft de mate van financiële robuustheid van de gemeente aan. We bepalen het weerstandsvermogen door een relatie te leggen tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit. Op vrijwel alle gemeentelijke beleidsterreinen zijn risico’s aanwezig die niet door maatregelen zijn afgedekt. Dat deze risico’s aanwezig zijn is geen punt, zolang deze in evenwicht zijn met de weerstandscapaciteit. Aanleiding In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) zijn bepalingen opgenomen waaraan de paragraaf weerstandsvermogen moet voldoen: ▪ een inventarisatie van de weerstandscapaciteit; ▪ een inventarisatie van de risico's; ▪ het beleid omtrent de weerstandscapaciteit en het risicomanagement; ▪ de financiële kengetallen; ▪ een beoordeling van de onderlinge verhouding tussen de kengetallen en de financiële positie. Hierna doen we verslag van de resultaten van de risico-inventarisatie.
Op basis van de geïnventariseerde risico's is tevens het weerstandsvermogen berekend. Risicoprofiel Om de risico's in kaart te brengen hebben we een risicoprofiel opgesteld.Vanuit de organisatie zijn de risico's geïnventariseerd en de grootste risico's (kans/impact) worden in onderstaande overzicht gepresenteerd. Dit zijn alleen het aantal risico's met de hoogste bijdrage aan de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit. Tabel 1: belangrijke financiële risico's Risico Programma 1: Bouwend Voorst Grondexploitatie algemeen: minder opbrengsten binnen de complexen.
Gevolgen
Financieel gevolg (x € 1,00)
Incidenteel/ structureel
50%
750.000 max
Incidenteel
10%
6.000.000 max
Incidenteel
Kans
Het lager uitvallen van de geraamde opbrengsten omdat we de grondprijzen moeten bijstellen Grondexploitatie algemeen: nieuwe complexen Boekwaarde komen niet tot ontwikkeling. van grond moet worden afgewaardeerd, wat leidt tot financieel verlies
| 81
Risico
Gevolgen
Bouwmateriaal: hoge inflatie op de kosten en ontstaan schaarste (o.a. door oorlog Oekraïne).
Hogere investeringen leiden tot een structurele toename in de kapitaallasten. Lagere legesopbrengsten.
Als gevolg van externe effecten (rente, inflatie en tariefstelling) in relatie tot de invoering van de Omgevingswet bestaat het risico dat de legesopbrengsten dalen. Programma 2: Mooi Voorst Als gevolg van het niet (of niet tijdig) realiseren Reparaties van de maatregelen uit het programma Water leiden tot bestaat het risico dat schade ontstaat in de een tekort in openbare ruimte. het budget. Als gevolg van stijgende energie- en Hogere materiaalkosten bestaat het risico dat de investeringen investeringen m.b.t. de infrastructurele leiden projecten hoger uitvallen. tot een structurele toename in de kapitaallasten. Als gevolg van het versnellen van de Budget wordt verduurzaming van gebouwen en installaties overschreden wordt het budget overschreden. en kapitaallasten nemen toe. Programma 3: Bedrijvig Voorst Door uitstappen van één of meerdere partijen Hoge in regionale samenwerkingsverbanden blijven onvoorziene de overige partijen met hoge kosten achter kosten voor overige partijen, waaronder de gemeente Programma 4: Gezond Voorst Als gevolg van toenemende vraag naar Hogere jeugdzorg bestaat het risico dat budgetten uitgaven. worden overschreden, waardoor er een tekort ontstaat.
Programma 5: Sociaal Voorst Als gevolg van een toename van aanvragen Nieuwe WMO (vergrijzing en open einde regeling) inkoopafspraken, bestaat het risico dat budgetten worden hogere overschreden, waardoor er een tekort ontstaat. inkoopprijzen maar een maximale eigen bijdrage waardoor het resultaat onzeker is Als gevolg van een toenemende vraag Hogere om maatschappelijke dienstverlening / uitgaven. schuldhulpverlening / bijzondere bijstand bestaat het risico dat budgetten worden overschreven, waardoor er een tekort ontstaat. Programma 7: Dienstverlenend Voorst Aanspraak maken op de garantie van leningen Financieel verlies.