CConstaterende datVoorst
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarstukken 2021 (2022-20865)

gemeenteraad 13 juni 2022, gemeente VoorstBij agendapunt: Omgevingsdienst Veluwe IJssel: Begroting 2023 en jaarstukken 2021 (2022-21984) [Voorhangprocedure]18.685 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Verder vallen algemene, niet productgerelateerde adviesactiviteiten voor de diverse milieubeleidsterreinen onder dit programma, die overigens kunnen verschillen per partner, deelname aan platforms en expertgroepen binnen het Gelders stelsel en accountmanagement onder dit programma. Als ontwikkeling kan worden gemeld dat het aantal adviesproducten een stijgende lijn vertoont, mede als gevolg van de oplevende economie en dat de partners OVIJ steeds beter weten te vinden met vraagstukken die binnen dit programma vallen, waardoor het aantal adviesproducten behoorlijk toeneemt. Doelstelling Wat wilden we bereiken? Het voor de partners uitvoeren van wettelijke (advies)taken, dan wel adviseren over thematisch milieubeleid met het oog op een beter leefmilieu (gezondheid, veiligheid en leefbaarheid). Specialisten versterken elkaar in integrale adviesproducten. Innovaties spelen een voorname rol, er is veel aandacht voor duurzaamheid en in het bijzonder voor energievraagstukken en circulariteit. Gestreefd wordt naar een systematische aanpak met een hoog rendement. Effectkengetal Onderstaand zijn de kritische prestatie-indicatoren (KPI’s) weergegeven zoals die zijn opgenomen in de binnen het Gelders stelsel ontwikkelde kernset KPI’s. 2021 Begroting Percentage externe adviezen dat binnen de afgesproken termijn is behandeld t.o.v. alle externe adviezen

Realisatie

80%

99%

Het gerealiseerde percentage externe adviezen dat binnen de afgesproken termijn is behandeld, is hoger dan het geraamde percentage. Evenals voorgaande jaren is hierop het afgelopen jaar actief gestuurd nadat de begrote KPI in 2018 niet was gehaald.

42

Wat hebben we bereikt? De trend van de afgelopen jaren van meer (sloop)meldingen / maatwerkvoorschriften en minder (uitgebreide) vergunningen, heeft zich ook in 2021 voortgezet. Dit heeft ook gevolgen voor het aantal uitgebrachte adviezen binnen de vergunningenprocedures. Deze zijn hierdoor lager geworden. In 2021 zijn binnen het programma Advies voor de opdrachtgevers 2.141 producten gerealiseerd. De realisatie is daarmee in de lijn met de planning. Alle gevraagde adviezen zijn uitgebracht. Er zijn tussen de opdrachtgevers wel verschillen zichtbaar. Voor Apeldoorn geldt dat 93% van de geplande adviezen is gerealiseerd. Opvallend is de afname van het aantal bodemadviezen, vragen bodemloket en grondverzet meldingen BBK. Het aandeel adviesaanvragen milieu A1 en A2 is sterk toegenomen. Dit zijn producten die een hoge capaciteitsinzet (uren per product) vragen. Dit verklaart ook de (absolute) toename van het aantal gerealiseerde uren. Voor Brummen en Voorst zijn meer bodemproducten gemaakt, omdat voor bodem- en grondverzetmeldingen meer adviezen zijn opgesteld en meldingen zijn gedaan. Bij Epe komt de totale productie vrijwel overeen met de planning. Output Wat hebben we er voor gedaan? In onderstaande tabel is in de kolom Begroting de productie vermeld zoals deze met de partners is overeengekomen in de Samenwerkingsovereenkomsten 2021.

Op basis van trendanalyse, wensen van opdrachtgever en nieuwe inzichten zijn in de SWO’s met de partners passende afspraken gemaakt over de productie in 2021. In de kolom Realisatie staat de productie zoals die is opgenomen in het bedrijvenbestand Open Wave dat met ingang van 2021 werd gebruikt door OVIJ. Met ingang van 2021 is inzichtelijk wat de gerealiseerde producten en het onderhanden werk zijn. In onderstaande tabel is per partner de realisatie in 2021 vermeld.

43

Apeldoorn

Brummen

Epe

Voorst

Gelderland

Totaal

Product B

R

Adviesvraag mileu enkelvoudig - bodem

270

221

49

5

77

-72

65

42

23

0

0

0

0

0

Eindbrief melding bodem (grondverzetmelding BBK)

200

134

66

25

33

-8

30

37

-7

8

31

-23

0

Adviesvraag milieu enkelvoudig - geluid en lucht

60

87

-27

0

0

0

5

5

0

0

0

0

Adviesvraag milieu enkelvoudig - ecologie

160

253

-93

0

0

0

50

33

17

0

0

Adviesvraag milieu enkelvoudig

60

195

-135

0

0

0

45

47

-2

0

Adviesvraag milieu meervoudig

160

212

-52

0

0

0

20

32

-12

Adviesvraag milieu enkelvoudig - juridisch

40

1

39

0

0

0

2

2

Vraag Bodemloket klein

760

385

375

30

43

-13

80

Vraag Bodemloket groot

50

151

-101

10

22

-12

1.760

1.639

121

70

175

-105

Totaal

V

B

R

V

B

R

V

B

R

V

B

R

V

B

R

V

0

340

340

0

0

0

263

235

28

0

0

0

65

92

-27

0

0

0

0

210

286

-76

0

0

0

0

0

105

242

-137

0

0

0

0

0

0

180

244

-64

0

0

0

0

0

0

0

42

3

39

60

20

0

0

0

0

0

0

870

488

382

20

38

-18

0

0

0

0

0

0

80

211

-131

317

296

21

8

31

-23

0

0

0

2.155

2.141

14

Kosten Wat heeft het gekost? Bedragen x € 1,Begroting

Realisatie

Afwijking

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Programma Advies

1.348.580

1.029.000

319.580

1.348.580

1.220.159

128.421

Saldo van baten en lasten

1.348.580

1.029.000

319.580

1.348.580

1.220.159

0

0

0

0

1.348.580

1.029.000

319.580

1.348.580

Mutaties reserves

Gerealiseerde resultaat

Baten

Lasten

Saldo

0

-191.158

191.158

128.421

0

-191.158

191.158

0

0

0

0

0

1.220.159

128.421

0

-191.158

191.158

Verschillenanalyse Aan de batenkant is geen verschil zichtbaar tussen de begrote en gerealiseerde baten. De overschrijding aan de lastenkant wordt veroorzaakt doordat aan dit programma meer uren zijn besteed dan begroot. Deze extra uren waren het gevolg van de vraag naar extra producten (b.v. Advies milieu A1 en A2) die veel capaciteit vergen, terwijl er minder vraag was naar producten (b.v. bodemadviezen) die minder capaciteit vergen. 44

5.6

Programma 006: Stelseltaken

Beschrijving OVIJ heeft, mede op basis van de “Notitie Stelsel Werkzaamheden”, in het Bedrijfsplan de stelseltaak Portaal Gelderse Omgevingsdiensten ingericht. Deze stelseltaak geeft invulling aan de onderdelen Portaal, Kennis en Communicatie. Deze invulling vindt plaats vanuit een integrale benadering (opgavegericht), waarbij kwaliteit van het milieu en een duurzaam en verantwoord gebruik door burgers en bedrijven van de leefomgeving de uitgangspunten zijn. Naast de stelseltaak Portaal waar OVIJ zelf verantwoordelijk voor is, betaalt OVIJ ook een bijdrage voor de stelseltaken die bij de andere Gelderse omgevingsdiensten zijn belegd en de activiteiten die door de 7 Gelderse omgevingsdiensten samen worden georganiseerd. Het gaat dan bijvoorbeeld om Ketentoezicht, Coördinatie & Kwaliteit, P&O en de coördinatie bestuurlijke strafbeschikking (BSBm). Doelstelling Wat wilden we bereiken? Het Portaal Gelderse Omgevingsdiensten draagt bij aan het vergroten van de professionaliteit en samenwerking van de omgevingsdiensten in Gelderland en het verbeteren van de kwaliteit van de uitvoering van taken binnen het omgevingsrecht. De focus van de stelseltaak Portaal ligt hierdoor op het faciliteren en ondersteunen van het opgavegericht werken en de samenwerking binnen de Gelderse omgevingsdiensten.

Portaal Het Portaal is de spil in de (algemene) contacten op strategisch/tactisch niveau tussen de Gelderse OD’s en externe partners, waarbij de onderlinge afstemming tussen strafrechtelijke en bestuurlijke handhaving centraal staat. We zorgen voor verbinding met partijen als politie, OM, veiligheidsregio’s, waterschappen en GGD. We stemmen af en brengen partijen bij elkaar en faciliteren het gesprek en de samenwerking. Kennis Portaal Kennis faciliteert de ontmoeting en samenwerking binnen het stelsel. Enerzijds middels het faciliteren en organiseren van bijeenkomsten en anderzijds door het - in samenwerking met de stelseltaak HRM - organiseren van opleidingen. De omgevingsdiensten zijn verantwoordelijk voor het opleiden van hun medewerkers. Daar waar er meerwaarde (qua kosten, kennisdeling, level playing field, samenwerking en kwaliteit) voor de individuele omgevingsdiensten te behalen is, bestaat de mogelijkheid om Portaal Kennis de opleidingen voor de Gelderse omgevingsdiensten te laten organiseren. Portaal Kennis ondersteunt HRM en de omgevingsdiensten bij het samenstellen van de opleidingsvraag en –behoefte. Hiermee wordt invulling gegeven aan kennisontwikkeling en samenwerking binnen het stelsel. Communicatie Portaal Communicatie onderhoudt en optimaliseert communicatiekanalen en -middelen binnen de Gelderse omgevingsdiensten.

In het land hebben de Gelderse omgevingsdiensten inmiddels een herkenbare positie ingenomen. Deze positie danken we mede aan de herkenbare uitstraling dankzij de uniforme huisstijl, website en andere Gelderlandbrede uitingen zoals persberichten en flyers. Portaal Communicatie zal deze uitingen blijven beheren en samen met de collega communicatieadviseurs binnen de Gelderse omgevingsdiensten doorontwikkelen. Wat hebben we bereikt? In 2021 waren de activiteiten van Portaal GO gericht op het ondersteunen en faciliteren van de 7 Gelderse omgevingsdiensten. Daarnaast worden adviesplatforms en expertgroepen 45

ondersteund (waar vertegenwoordigers van de Gelderse omgevingsdiensten op VTH-gebied zitting in hebben), om kennis te delen en projecten uit te voeren. Het Portaal heeft hier een coördinerende en faciliterende rol gespeeld. Vanwege de beperkingen door coronamaatregelen zijn er in 2021 geen fysieke bijeenkomsten georganiseerd. In het voorjaar van 2021 heeft het communicatieteam een nieuwe website en huisstijl voor de Gelderse omgevingsdiensten opgeleverd. De nieuwe website voor de Gelderse omgevingsdiensten is door de omgevingsdiensten met enthousiasme ontvangen en voldoet aan de laatste eisen en wensen voor digitale communicatie. Het Operationeel Overleg Overijssel Gelderland (OOOG), een overleg tussen de omgevingsdiensten uit Overijssel en Gelderland met het Openbaar Ministerie en de politie over handhaving casussen, heeft vanwege de coronamaatregelen niet fysiek plaats gevonden. Dit type van overleg kan, met het oog op data en gegevensveiligheid, niet via digitale systemen als bijvoorbeeld Microsoft Teams plaatsvinden. Het Portaal heeft als verbindingsofficier in bilaterale overleggen opgetreden. Bij de volgende projecten was Portaal GO betrokken: • Het project Mest van de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit. • Het provinciale project BIBOB/ondermijning. • Het Gelders Ondergrond Overleg (GOO) waar Portaal GO de rol van penningmeester vervult.

• De taskforce nieuwe Omgevingswet van de Gelderse omgevingsdiensten. Het Portaal heeft hiervoor de aanbesteding en de coördinatie van de opleidingen verzorgd. Output Wat hebben we ervoor gedaan? Het Programma 2021 van Portaal GO is, met uitzondering van het organiseren van fysieke bijeenkomsten en de hierbij behorende werkzaamheden, uitgevoerd. Als bijzondere zaken en werkzaamheden kunnen worden vermeld: • In 2021 zijn (op basis van raamcontracten met diverse opleidingsinstituten) cursussen gecoördineerd op verschillende niveaus en op diverse VTH-gebieden. De cursussen zijn onder auspiciën van de HRM-expertgroep en de platforms opgezet en zijn in de meeste gevallen digitaal vorm gegeven. • Door Portaal GO werd ook in 2021 uitvoering gegeven aan het Operationeel Overleg Overijssel Gelderland (OOOG). In deze overleggen werken Politie Oost-Nederland, het OM Oost en de 9 omgevingsdiensten in Overijssel en Gelderland nauw samen op het gebied van toezicht, handhaving en opsporing en de prioritering en programmering ervan. De samenwerkingsvorm is zeer succesvol. Inmiddels zijn een aantal (landelijke) instanties waaronder het RIEC-Oost en de NVWA op ad-hoc basis OOOG-deelnemer bij bijzondere casussen en informatiedeling. • Het uitgeven van een digitaal magazine (GO magazine) voor de Gelderse Omgevingsdiensten.

• Het leveren van communicatiediensten aan Omgevingsdienst Nederland (ODNL) • Voor de Gelderse omgevingsdiensten is er een nieuwe website gerealiseerd. • De huisstijl van de Gelderse omgevingsdiensten heeft een update ondergaan. • De informatieverzoeken in het kader van de Wet Openbaarheid Bestuur (WOB) zijn voor de Gelderse omgevingsdiensten in 2021 door het Portaal gecoördineerd.

46

Kosten Wat heeft het gekost? Bedragen x € 1,Begroting

Realisatie

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Programma Stelseltaken

869.193

709.422

159.771

644.560

570.621

Saldo van baten en lasten

869.193

709.422

159.771

644.560

0

0

0

869.193

709.422

159.771

Mutaties reserves

Gerealiseerde resultaat

Afwijking

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

73.939

224.633

138.801

85.832

570.621

73.939

224.633

138.801

85.832

0

0

0

0

0

0

644.560

570.621

73.939

224.633

138.801

85.832

Verschillenanalyse De onderschrijding aan de batenkant wordt vooral veroorzaakt doordat in 2021 de kosten voor de stelseltaak K&P, die OVIJ voor de Gelderse omgevingsdiensten uitvoert, lager zijn uitgevallen dan begroot. Het saldo van deze stelseltaak is gecrediteerd op de bijdrages die de Gelderse omgevingsdiensten aan OVIJ hebben betaald voor de uitvoering van deze stelseltaak. Verder is de bijdrage die OVIJ van ODRA heeft ontvangen voor de inzet bij de handhaving van provinciale bedrijven, onder programma 003 P&P verantwoord. De onderschrijding aan de lastenkant houdt verband met het feit dat minder uren aan dit programma zijn besteed en de kosten voor de stelseltaken die de andere Gelderse omgevingsdiensten voor OVIJ uitvoeren, lager zijn uitgevallen dan begroot. Er zijn minder uren aan dit programma besteed, omdat door COVID-19 geen fysieke bijeenkomsten konden worden georganiseerd en de hierbij behorende werkzaamheden, kwamen te vervallen.

47

5.7

Algemene dekkingsmiddelen

Hieronder wordt een toelichting gegeven op de realisatie van het overzicht van algemene dekkingsmiddelen. Bedragen x € 1,Begroting

Baten

Realisatie

Lasten

Saldo

Afwijking

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Algemene dekkingsmiddelen

0

1.988.072

-1.988.072

129.674

2.349.086

-2.219.412

-129.674

-361.014

231.340

Onvoorzien

0

64.011

-64.011

0

18.337

-18.337

0

45.674

-45.674

Saldo van baten en lasten

0

2.052.083

-2.052.083

129.674

2.367.423

-2.237.749

-129.674

-315.340

185.666

Mutaties reserves

0

0

0

39.756

0

39.756

-39.756

0

-39.756

Gerealiseerde resultaat

0

2.052.083

-2.052.083

169.430

2.367.423

-2.197.993

-169.430

-315.340

145.910

Verschillenanalyse De overschrijding aan de batenkant wordt vooral veroorzaakt doordat de van Apeldoorn ontvangen bijdrage voor de frictiekosten niet was begroot en verschillende uitkeringen van het UWV zijn ontvangen in het kader van de Wet arbeid en zorg (WAZO). De mutaties reserves betreffen niet begrote, maar wel door het algemeen bestuur besloten onttrekkingen aan bestemmingsreserves. Zie ook hoofdstuk 3.3 Toelichting op de balans en dan in het bijzonder de toelichting onder het verloopoverzicht van de reserves. De overschrijding aan de lastenkant is het gevolg van diverse afwijkingen ten opzichte van de begroting 2021, zoals de financiële gevolgen van de nieuwe CAO Gemeenten 2021-2022 en de extra kosten die verband houden met het onderzoek dat in 2021 door Seinstra & Partners is uitgevoerd naar de toekomstige samenwerking tussen OVIJ en ODNV.

48

6. Verplichte paragrafen

49

In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) zijn 7 verplichte paragrafen opgenomen voor de provincies, gemeenten en hun gemeenschappelijke regelingen. Voor OVIJ zijn de paragrafen ‘lokale heffingen’ en ‘grondbeleid’ niet relevant. Deze paragrafen zijn daarom niet opgenomen. De overige paragrafen worden hierna toegelicht.

6.1

Paragraaf Weerstandsvermogen

Deze paragraaf bevat een omschrijving van het risicoprofiel, de risico’s en het gewenste weerstandsvermogen. Risicoprofiel De hoogte van het weerstandsvermogen is gebaseerd op de relatie tussen de risico’s waar geen specifieke maatregelen voor zijn getroffenen, de capaciteit van middelen en mogelijkheden die OVIJ heeft om niet geraamde kosten op te vangen. OVIJ loopt risico’s. Een deel hiervan wordt afgedekt door het treffen van maatregelen, zoals het afsluiten van verzekeringen. Het weerstandsvermogen om niet geraamde kosten op te vangen, bestaat uit de Algemene Reserve van € 150.000 en de post Onvoorzien van € 64.000 (afgerond) die jaarlijks in de begroting wordt opgenomen. Benodigde weerstandscapaciteit Er heeft een inventarisatie plaatsgevonden van de belangrijkste bedrijfsvoeringrisico’s. De geïnventariseerde risico’s worden jaarlijks geactualiseerd. Bij de berekening van het benodigde weerstandsvermogen zijn de strategische risico’s niet meegenomen, omdat de eigenaren van OVIJ verantwoordelijk zijn voor de strategische keuzes en de financiering hiervan. Hieronder zijn de belangrijkste risico’s met een tijdscope van 3 jaar (2022 t/m 2024) op het gebied van de bedrijfsvoering van OVIJ weergegeven:  Financiële gevolgen van een reorganisatie of andere organisatorische veranderingen, zoals een eventuele fusie met ODNV.

Ook de financiële gevolgen van het verminderen van (incidentele) betaalde opdrachten door onze partners, waarvoor OVIJ vaste medewerkers in dienst heeft genomen, vallen hieronder. De hiervoor benodigde weerstandscapaciteit wordt geraamd op € 100.000 (€ 200.000 (impact) * 50% (kans).  OVIJ is volgens de Werkloosheidswet (WW) verplicht eigenrisicodrager. Dit betekent dat OVIJ de kosten van de WW-uitkering betaalt als een medewerker van OVIJ werkloos wordt b.v. een medewerker waarvan het tijdelijke contract niet wordt verlengd. De hiervoor benodigde weerstandscapaciteit wordt geraamd op € 35.000 (€ 70.000 (impact) * 50% (kans).  Claims van partners die niet gedekt worden door een verzekering. De claimcultuur die steeds vaker in de samenleving voorkomt, heeft ook effect op de samenwerking met onze partners. Niet alle claims worden gedekt door onze verzekering. De hiervoor benodigde weerstandscapaciteit wordt geraamd op € 15.000 (€ 30.000 (impact) * 50% (kans). De gekwantificeerde bedrijfsvoeringsrisico’s onder de benodigde weerstandscapaciteit bedragen in totaal € 150.000 (afgerond). Beschikbare weerstandscapaciteit Tot het weerstandsvermogen van OVIJ kunnen slechts twee posten worden gerekend:  Reserves  Post Onvoorzien. De omvang van de beschikbare weerstandscapaciteit bedraagt € 150.000 incidenteel en € 64.000 structureel.

Er van uitgaande dat de post onvoorzien de komende jaren hetzelfde is, kan gesteld worden dat voor een periode van drie jaar deze € 192.000 bedraagt. De totale weerstandscapaciteit komt daarmee op € 342.000. Ofschoon bestemmingsreserves in principe 50

ook tot de beschikbare weerstandscapaciteit kunnen worden gerekend, is er voor gekozen om deze reserves niet in de berekening mee te nemen, omdat deze reserves in principe niet vrij besteedbaar is. Aan deze reserves zijn door het algemeen bestuur concrete bestemmingen toegekend, waardoor hierover in principe niet vrijelijk kan worden beschikt. Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen geeft de verhouding weer tussen de benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit. Voor de kwalificatie van het weerstandsvermogen is gebruik gemaakt van onderstaande ratio: Ratio weerstandsvermogen = Beschikbare weerstandscapaciteit / Benodigde weerstandscapaciteit. Als de beschikbare weerstandscapaciteit wordt afgezet tegen de benodigde weerstandscapaciteit, komt de ratio van het weerstandsvermogen uit op 2,28 (€ 342.000 / € 150.000). De kwalificatie van het weerstandsvermogen is daarmee volgens het op 29 juni 2015 door het Dagelijks Bestuur vastgestelde rapport van Deloitte “Quick scan majeure risico’s” uitstekend. Financiële kengetallen Op basis van het Besluit Begroting en Verantwoording moet een aantal (financiële) kengetallen in de paragraaf Weerstandsvermogen worden opgenomen. In de onderstaande tabel worden deze kengetallen gepresenteerd. Financiële kengetallen

Realisatie 2020

Realisatie 2021

Algemene reserve

€ 150.000

€ 150.000

Netto schuldquote

-4%

-4%

Netto schuldquote excl. verstrekte leningen

-4%

-4%

Solvabiliteitsratio

18%

11%

Structurele exploitatieruimte

n.v.t.

n.v.t.

Grondexploitatie

n.v.t.

n.v.t.

Belastingcapaciteit

n.v.t.

n.v.t.

Netto schuldquote en netto schuldquote excl. verstrekte leningen Hoe hoger de schuld, hoe hoger de netto schuldquote. De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Een hoge netto schuldquote hoeft geen probleem te zijn. Of dat het geval is, valt niet direct af te leiden uit de netto schuldquote zelf, maar hangt af van meerdere factoren. Zo kan een hoge schuld worden veroorzaakt doordat er leningen zijn afgesloten en die gelden vervolgens worden doorgeleend aan andere partijen die op hun beurt weer jaarlijks aflossen. In dat geval hoeft een hoge schuld geen probleem te zijn. Om inzicht te verkrijgen in hoeverre er sprake is van doorlenen wordt de netto schuldquote zowel in- als exclusief doorgeleende gelden weergegeven. Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin OVIJ in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Indien er sprake is van een forse schuld én veel eigen vermogen (het totaal van de algemene en de bestemmingsreserves), hoeft een hoge schuld geen probleem te zijn voor de financiële positie. Daar is bijvoorbeeld sprake van indien een lening is aangegaan omdat het eigen vermogen niet liquide is (omdat het vast zit in het kantoorgebouw of dat er andere investeringen mee zijn gefinancierd).

Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de 51

weerbaarheid van OVIJ. De mate van weerbaarheid geeft in combinatie met de andere kengetallen een indicatie over de financiële positie van OVIJ. Op basis van de gerealiseerde kengetallen in 2021 is de conclusie gerechtvaardigd dat geen maatregelen nodig zijn om de financiële positie van OVIJ te verbeteren.

52

6.2

Paragraaf Financiering

De financieringsparagraaf is, in samenhang met de financiële verordening, een belangrijk instrument voor het transparant maken en daarmee voor het sturen, beheersen en controleren van de financieringsfunctie. In het treasurystatuut zijn de doelstellingen van de treasuryfunctie geformuleerd en geconcretiseerd naar de verschillende deelgebieden van treasury, namelijk risicobeheer, financiën en kasbeheer. Ook zijn de organisatorische randvoorwaarden weergegeven. De financiële verordening, de controleverordening en het treasurystatuut zijn in 2012 door het algemeen bestuur van OVIJ vastgesteld. In overeenstemming met de GR-OVIJ zijn in 2016 de financiële verordening en het treasurystatuut geactualiseerd en zijn deze nieuwe regelingen door het algemeen bestuur vastgesteld. Als gevolg van een wijziging van het Beluit Begroting en Verantwoording (BBV) is in 2019 door het algemeen bestuur een wijziging van de financiële verordening 2016 vastgesteld. Deze wijziging betreft het opnemen van een overzicht van incidentele baten en lasten in de begroting en jaarrekening. Het financieringsvraagstuk van OVIJ is van een beperkte omvang. Dit heeft te maken met het feit dat de lasten vooral bestaan uit personeelslasten of daaraan gerelateerde kosten. De financieringsrisico's zijn om die reden beperkt. Algemene ontwikkelingen De treasuryfunctie is gebaseerd op de Wet Fido.

Een belangrijk element daarbij is het meer zicht krijgen op de ontwikkeling van de financieringspositie, zowel op korte als lange termijn. Dit betreft dan vooral het in beeld brengen van de behoefte aan financieringsmiddelen, gerelateerd aan de investeringsplanning en de inzet van vrijvallende dan wel beschikbaar komende financieringsmiddelen. OVIJ heeft geen leningen uitstaan. OVIJ neemt sinds 2014 deel aan het zogenaamde schatkistbankieren. Dit houdt in dat eventuele positieve banksaldi bij het Rijk worden uitgezet. Tot 1 juli 2021 bedroeg het drempelbedrag voor schatkistbankieren voor OVIJ € 250.000. Vanaf 1 juli 2021 is het drempelbedrag voor schatkistbankieren voor OVIJ € 1.000.000.

53

Tabel berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar 2021

(1)

Drempelbedrag

250

Kwartaal 1

1000

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

(2)

Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen

223

132

116

240

(3a) = (1) > (2)

Ruimte onder het drempelbedrag

27

118

884

760

(3b) = (2) > (1)

Overschrijding van het drempelbedrag

-

-

-

-

(1) Berekening drempelbedrag Verslagjaar 2021

(4a)

Begrotingstotaal verslagjaar

6.465

(4b)

Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen

6.465

(4c)

Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat

-

Tot 1 juli 2021 (1) = (4b)*0,0075 + (4c)*0,002 met een minimum van €250.000 Vanaf 1 juli 2021 (1) = (4b)*0,02 + (4c)*0,002 met een minimum van €1.000.000 als het begrotingstotaal kleiner of gelijk is aan 500 mln. En als begrotingstotaal groter dan € 500 miljoen is is het drempelbedrag gelijk aan € 10 miljoen, vermeerderd met 0,2% van het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat.

Drempelbedrag

250

1000

(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Kwartaal 1

(5a)

Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil)

(5b)

(2) - (5a) / (5b)

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

20.083

12.017

10.651

22.073

Dagen in het kwartaal

90

91

92

92

Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen

223

132

116

240

54

Risicobeheer Uit hoofde van de treasuryfunctie kunnen middelen worden uitgezet. Het Treasurystatuut is hierbij leidend. Renterisicobeheer Algemene uitgangspunten met betrekking tot het renterisicobeheer zijn:  Geen overschrijding van de renterisiconorm conform de Wet Fido.  Nieuwe leningen/uitzettingen worden afgestemd op de bestaande financiële positie en de liquiditeitsplanning.  De rentetypische looptijd en het renteniveau van de betreffende lening/uitzetting worden zo veel mogelijk afgestemd op de actuele rentestand en de rentevisie. Kasgeldlimiet Met de kasgeldlimiet is in de Wet Fido een norm gesteld voor het maximumbedrag waarop de organisatie haar financiële bedrijfsvoering met kortlopende middelen (looptijd < 1 jaar) mag financieren. Deze norm bedraagt 8,2% van het begrotingstotaal aan lasten voor bestemming, dus met uitzondering van de stortingen in de reserves. Voor 2021 bedraagt de kasgeldlimiet € 530.138.

1e kwartaal

Kasgeldlimiet

Netto vlottende schuld / vlottende middelen Kasgeldlimiet

Ruimte onder limiet

2e kwartaal

3e kwartaal

4e kwartaal

-1.153.706

-2.152.408

-2.215.346

-1.367.762

530.138

530.138

530.138

530.138

-1.683.844

-2.682.546

-2.745.484

-1.897.900

Uit bovenstaand overzicht blijkt, dat de kasgeldlimiet in 2021 niet is overschreden. Renterisiconorm Het renterisico op de lange financiering wordt wettelijk begrensd door de renterisiconorm. Als lange financiering wordt volgens de Wet Fido aangemerkt: alle financieringsvormen met een rentetypische looptijd langer dan één jaar. Het renterisico wordt gedefinieerd als het minimum van de netto nieuw aangetrokken schuld en de betaalde aflossingen, vermeerderd met het saldo van de contractuele renteherzieningen op de opgenomen en uitgezette geldleningen. Conform de wet Fido geldt dat in enig jaar niet meer dan 20% van het totaal van de begroting mag worden geherfinancierd.

Renterisiconorm

Maximaal renterisico op vaste schuld

Begroot 2021

Realisatie 2021

Begroot 2022

Begroot 2023

Begroot 2024

Begroot 2025

0

0

0

0

0

0

Renterisiconorm

1.293.020

1.293.020

1.293.020

1.293.020

1.293.020

1.293.020

Ruimte onder limiet

-1.293.020

-1.293.020

-1.293.020

-1.293.020

-1.293.020

-1.293.020

Uit bovenstaand overzicht blijkt, dat de renterisiconorm in 2021 niet is overschreden.

55

6.3

Paragraaf Bedrijfsvoering

Deze paragraaf gaat over de sturing en beheersing van de primaire en ondersteunende processen van OVIJ. OVIJ werkte, qua structuur, in 2021 volgens onderstaand organigram:

Personeel De medewerkers van OVIJ vormen de stuwende kracht van de organisatie. In hun dagelijkse werk worden ze in meer of mindere mate geconfronteerd met de complexiteit van de leefomgeving, waarbij het werk binnen een politiek-bestuurlijke omgeving voor een extra dimensie zorgt. Medewerkers zijn productverantwoordelijk. Samenwerken, omgevingsbewustheid, zelf reflecterend vermogen, verantwoordelijkheid, transparantie en veranderingsbereidheid vormen de basis voor de werkhouding van de medewerkers. Het is dan ook van belang dat de taken in een veilige en professionele omgeving uitgevoerd kunnen worden. Voor de uitvoering van het werk wordt van de medewerkers verwacht dat zij dit doen vanuit een hoge mate van betrokkenheid. Hiermee wordt de basis gelegd voor een excellente organisatie. Daarnaast is het van belang te voldoen aan de kwalitatieve eisen die worden gesteld aan zowel organisatie als medewerkers. In 2021 vielen de managers van de teams Beheer en Ontwikkeling uit. Dit had natuurlijk gevolgen voor de aansturing van medewerkers. Medewerkers misten een aanspreekpunt en de ondersteuning van hun manager. OVIJ heeft hierop maatregelen genomen door een nieuwe manager Ontwikkeling in dienst te nemen en een coördinator Toezicht en Handhaving voor team Beheer in te huren. in vergelijk met voorgaande jaren kende OVIJ in 2021 minder mutaties in het medewerkersbestand.

Er vertrokken 6 medewerkers en er werden 7 nieuwe medewerkers aangenomen. Wij zijn blij met de nieuwe medewerkers, zij brengen nieuw elan en voeden de organisatie met nieuwe energie. De kwaliteit van de medewerkers vormt de basis voor het functioneren van de organisatie. Medewerkers moeten voldoen aan de Kwaliteitscriteria 2.2. In 2021 is hierin geïnvesteerd door medewerkers passende opleidingen te laten volgen. Dit heeft vanwege 56

coronamaatregelen veel energie gekost en heeft vooral de introductieprogramma’s onder druk gezet. Het samen met een collega achter een pc zitten of samen naar een bedrijf gaan, was lastig. Medezeggenschap Voor de medezeggenschap is een Ondernemingsraad (OR) ingesteld met daarbij een gemandateerde WOR-bestuurder. Tussen de gemandateerde bestuurder en de OR vond regelmatig en constructief overleg plaats. De huidige OR bestaat sinds de laatste verkiezingen uit 5 personen en een ambtelijk secretaris. In 2021 zijn er wettelijke adviesaanvragen behandeld voor het werken met coördinatoren binnen de teams Beheer en Ontwikkeling. Daarnaast is regelmatig gesproken en afgestemd over thuiswerken, het welzijn van de medewerkers en het onderzoek naar de samenwerking met ODNV. Op 1 januari 2020 is de WNRA in werking getreden. Dit heeft gevolgen voor de medezeggenschap. Hierover is regelmatig overleg geweest met de voorzitters van de Gelderse omgevingsdiensten en het Centraal Georganiseerd Overleg (CGO). In 2021 zijn afspraken gemaakt over de overlegstructuur binnen het Gelders stelsel en binnen OVIJ. Ook is binnen OVIJ een Georganiseerd Overleg (GO) aanwezig. Huisvesting en Het Nieuwe Werken OVIJ is gehuisvest in het stadhuis van Apeldoorn. Een centrale locatie is belangrijk voor de herkenbaarheid en identiteit van OVIJ, voor zowel het personeel als de opdrachtgevers en externe partijen.

Huisvesting moet een bijdrage leveren aan het werkproces en meer zijn dan een kostenpost. Het uitvoeren en faciliteren van bepaalde diensten op het gebied van bedrijfsvoering door de gemeente Apeldoorn, is vastgelegd in de DVO Bedrijfsvoering 20162020. Deze overeenkomst is in 2020 verlengd tot en met 30 juni 2021. In juni 2021 is de overeenkomst in verlengd tot en met 31 december 2021. In december 2021 is de overeenkomst wederom verlengd tot en met 30 juni 2022. Momenteel voert OVIJ met de gemeente Apeldoorn constructieve gesprekken over de inhoud van een nieuwe DVO voor de periode tot en met 2024. De verwachting is dat de nieuwe DVO in juni 2022 ter vaststelling kan worden aangeboden aan het Algemeen Bestuur. De ambitie van OVIJ is om, in lijn met Het Nieuwe Werken, plaats- en tijdonafhankelijk werken zo veel mogelijk te stimuleren en mogelijk te maken. Deze ambitie stelt eisen aan onder andere de aansturingsfilosofie (sturen op prestaties en resultaten), de informatie-infrastructuur (toegang tot informatie, digitalisering, technische hulpmiddelen, virtueel kantoor), de cultuur en heeft effect op de huisvesting (minder vaste werkplekken) en het beschikbaar stellen van mobile devices. Aan alle medewerkers die in dienst zijn van OVIJ, is in 2021 een mobiele telefoon, een laptop en een groot beeldscherm voor thuiswerken in bruikleen gegeven.

Deze mobile devices huurt OVIJ van de gemeente Apeldoorn. ICT Volgens de laatste planning van het Rijk wordt op 1 oktober 2022 of 1 januari 2023 de nieuwe Omgevingswet van kracht. Dit vraagt veel van het digitale werken door de overheid. OVIJ bereidt zich hier op voor door het zaaksysteem voor Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (OpenWave) verder te ontwikkelen. Hierdoor wordt het zaaksysteem van OVIJ voor wat betreft workflow management (WFM) ingericht conform de eisen van de nieuwe Omgevingswet en kunnen we aansluiten op het Digitaal Systeem Omgevingswet (DSO).

57

Bestuurlijk In 2021 zijn er enkele mutaties geweest in het bestuur van OVIJ. Eind 2021 hadden het DB en AB de volgende samenstelling:

Naam

Functie

Dhr. P. Inberg

Lid AB

Mw. G.I. Timmer

Lid AB

Dhr. H.J. Pinkster

lid AB

lid DB

Dhr. J. van der Meer

lid AB

Dhr. W. Willems

Lid AB

Lid DB

Dhr. B.J. Aalbers

Lid AB

Lid DB

58

6.4

Paragraaf Onderhoud Kapitaalgoederen

Deze paragraaf geeft een overzicht van de onderhoudskosten van kapitaalgoederen. Doordat OVIJ er voor gekozen heeft om huisvesting en ondersteunende diensten in te huren van de gemeente Apeldoorn zijn de investeringen in kapitaalgoederen bij OVIJ beperkt. In 2013 zijn vier dienstauto’s van de gemeente Apeldoorn overgenomen. Deze dienstauto’s waren toen al afgeschreven en hebben geen boekwaarde en zijn daarom niet als materiële vaste activa op de balans gezet. De onderhoudskosten van de dienstauto’s worden jaarlijks in de begroting opgenomen.

6.5

Verbonden Partijen

OVIJ heeft geen bestuurlijke en financiële belangen in privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisaties.

59

7. Overzichten

60

7.1

Baten en lasten per taakveld

Bedragen x € 1,-

Raming begrotingsjaar

Realisatie begrotingsjaar

Taakveld

Baten

Lasten

Baten

Lasten

7.4 Milieubeheer

6.465.098

4.413.015

7.506.424

6.482.746

0.5 Treasury

0

0

0

0

0.4 Overhead ondersteuning organisatie

0

1.966.846

119.751

1.141.499

0.1 Bestuur

0

21.226

9.923

19.489

0.9 Vennootschapsbelasting

0

0

0

0

0.8 Algemene baten en lasten

0

64.011

0

18.337

Saldo van baten en lasten

6.465.098

6.465.098

7.636.098

7.662.071

0

0

39.756

0

6.465.098

6.465.098

7.675.854

7.662.071

0.10 Mutaties reserves Resultaat

In de programmaverantwoording van de Jaarstukken 2021 worden de verschillen tussen de begroting en realisatie nader toegelicht.

61

7.2

Overhead

Bedragen x € 1,-

Raming begrotingsjaar

Realisatie begrotingsjaar

Salariskosten management en staf

969.956

1.028.204

Opleidingskosten

69.499

57.481

Personeelskosten

87.815

48.491

Diverse materiële kosten

41.201

20.131

Huisvesting, ICT en ondersteuning

735.522

874.067

Verzekeringen

30.151

21.489

Ondernemingsraad (OR)

5.474

1.888

Squit-iBis (Epe/Apeldoorn)

15.828

15.137

Lidmaatschap OD.NL

11.400

20.026

1.966.846

2.086.913

Totaal

De onderschrijding op Personeelskosten is het gevolg van COVID-19, omdat door het thuiswerken minder vergoedingen voor reiskosten woon- werkverkeer zijn betaald aan de medewerkers van OVIJ. Ook de onderschrijding op Opleidingskosten is het gevolg van COVID-19, omdat hierdoor minder opleidingen konden worden gevolgd. De overschrijding op Huisvesting, ICT en ondersteuning is onder andere het gevolg van het besluit om aan alle medewerkers, die in dienst zijn van OVIJ, een mobiele telefoon, een laptop en een groot beeldscherm voor thuiswerken in bruikleen te geven. Deze mobile devices huurt OVIJ van de gemeente Apeldoorn. Ook de kosten voor het in oktober 2020 in gebruik genomen zaaksysteem OpenWave hebben geleid tot een overschrijding op dit onderdeel. De kosten voor het lidmaatschap van OD.NL zijn hoger uitgevallen dan begroot. In de begroting 2023 zal dit worden aangepast. In 2021 is het percentage Overhead 27%. Dit is iets lager dan het percentage in 2020. Toen bedroeg dit percentage 28%.

62

7.3

Incidentele baten en lasten

Volgens het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) moet in de jaarrekening een overzicht worden opgenomen van de incidentele baten en lasten in de programma’s. Op 16 december 2019 heeft het algemeen bestuur besloten om in de Financiële Verordening OVIJ 2016 vast te leggen dat incidentele baten en lasten vanaf een bedrag van € 25.000 afzonderlijk worden gespecificeerd in de begroting en jaarrekening. In onderstaande tabel worden de posten groter dan € 25.000 vermeld. Bedragen x € 1,Programma

Omschrijving

Raming begrotingsjaar

Baten Programma 003: Projecten & Programma's Programma 003: Projecten & Programma's Programma 003: Projecten & Programma's Programma 003: Projecten & Programma's Programma 003: Projecten & Programma's Programma 003: Projecten & Programma's Programma 003: Projecten & Programma's Programma 003: Projecten & Programma's Programma 003: Projecten & Programma's Programma 003: Projecten & Programma's Programma 003: Projecten & Programma's Programma 003: Projecten & Programma's Programma 003: Projecten & Programma's

Lasten

Realisatie begrotingsjaar Baten

Lasten

Project Kennis & Expertise

0

0

57.631

40.674

Project taskforce zonne-energie Apeldoorn

0

0

121.204

32.317

Project Gelders Ondergrond Overleg (GOO)

0

0

71.264

71.264

Project werkprogramma Ecologie ODNV

0

0

112.266

0

Project werkprogramma Externe Veiligheid ODNV

0

0

51.943

0

Project Beoordeling Asbestsloopmeldingen Apeldoorn

0

0

98.898

0

Project Toezicht en handhaving Asbest Apeldoorn

0

0

45.335

0

Project Milieuadvisering algemeen Brummen

0

0

50.433

0

Project Complexe handhavingstaken ODRA

0

0

68.966

0

Project Theseus

0

0

29.297

0

Project EML-controles Apeldoorn 2021

0

0

177.753

0

Project detachering ODNL 2021

0

0

111.570

0

Project extra advisering Ecologie 2021 Apeldoorn

0

0

44.001

0

Algemene dekkingsmiddelen

Frictiekosten Apeldoorn

0

0

61.530

0

Algemene dekkingsmiddelen

Bijdrage BR Omgevingswet

0

0

118.177

0

63

D. Bijlagen

64

8.1

Sociaal jaarverslag 2021

Indiensttredingen in 2021 Totaal

2018

2017

2019

2020

2021

Instroom

11

15

7

8

7

Uitstroom

10

13

8

8

6

Doorstroom 1)

3

2

2

0

4

Totaal

63

65

64

64

65

1) Doorstroom: het aantal medewerkers dat in een jaar duurzaam van team en/of functie is veranderd. Het gaat hierbij zowel om horizontale als verticale mobiliteit tussen en binnen eenheden/teams (definitie A&O fonds). Bovenstaande aantallen zijn gebaseerd op het aantal vacatures dat door interne kandidaten is ingevuld en exclusief medewerkers die op basis van loopbaanafspraken zijn doorgestroomd.

Team

2017

2018

2019

2020

2021

Bedrijfsbureau

3

3

1

x

x

Advies

2

6

3.

x

x

Vergunningen

-

3

1

x

x

Handhaving

6

3

2

x

x

Control

-

-

-

-

-

Communicatie

x

x

x

-

-

Portaal

x

x

x

-

-

Ontwikkeling

x

x

x

7

4

Beheer

x

x

x

1

3

Directie

-

-

-

-

-

Totaal

11

15

7

8

7

Omgevingsdienst Veluwe IJssel is in 2013 opgericht. Op 1 april 2013 traden 59 personen in dienst.

Arbeidsrelatie In december 2021 hebben 62 medewerkers een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, 3 medewerkers hebben een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd. Formatie en bezetting De formatie per 31 december 2021 bedroeg 57 fte. De bezetting bedroeg 58 fte (afgeronde cijfers). De totale loonsom over 2021 bedroeg € 4.475.077. Inhuur externen Omgevingsdienst Veluwe IJssel (OVIJ) houdt er in haar beleid rekening mee om flexibel in te kunnen springen op fluctuaties in vraag en aanbod van werk. Daartoe heeft OVIJ de mogelijkheid om extern personeel in te huren. Deze flexibele ruimte is in 2021 benut voor onder meer: • inhuur van externen voor uitvoering van de verschillende programma’s; • project- en communicatiewerkzaamheden voor OVIJ en Portaal / Gelderse omgevingsdiensten. Leerbedrijf De beroepsbegeleidende leerweg (BBL) is een combinatie van werken en leren, waarbij de 65

leerling in dienst van een bedrijf is en daarnaast een opleiding volgt. Omgevingsdienst Veluwe IJssel bood in 2021 als erkend leerbedrijf geen BBL plekken en geen stageplekken aan. Managementteam Het managementteam van Omgevingsdienst Veluwe IJssel bestond op 31 december 2021 uit 1 directeur, 2 managers en 1 controller. Aantal mannen en vrouwen per 31 december 2021 2017 Mannen fulltime

2018 22

2019

2020

2021

20

19

19

19

9

9

Vrouwen fulltime

10

11

13.

Mannen parttime

11

8

10

9

11

Vrouwen parttime

20

26

22

27

26

Mannen totaal

33

28

29

28

30

Vrouwen totaal

30

37

35

36

35

Totaal M/V

63

65

64

64

65

Parttime percentages Op 31 december 2021 heeft Omgevingsdienst Veluwe IJssel 65 medewerkers in dienst. Het percentage parttimers bedraagt 56,9%. Het percentage vrouwen bedraagt 53,8%. Van het aantal vrouwelijke medewerkers werkt 74,3% in een parttime functie. Van het aantal mannelijke medewerkers werkt 36,7% in een parttime functie. Aantal mannen en vrouwen per leeftijdsgroep per 31 december 2021 2017 Leeftijd

M

V

Totaal

20-24

2018 M

V

2019

Totaal

M

V

Totaal

2020 M

2021

V

Totaal

M

V

Totaal

1

0

1

2

0

2

1

0

1

2

0

2

25-29

2

3

5

2

2

4

3

3

6

3

0

3

0

0

0

30-34

2

7

9

1

9

10

0

9

9

0

9

9

3

9

12

35-39

1

2

3

1

6

7

2

4

6

2

9

11

3

8

11

40-44

3

4

7

3

5

8

1

4

5

0

3

3

0

1

1

45-49

4

5

9

1

5

6

3

7

10

2

8

10

2

6

8

50-54

9

5

14

10

5

15

10

4

14

9

4

13

9

5

14

55-59

4

1

5

4

3

7

4

3

7

7

2

9

7

5

12

60-64

8

2

10

5

2

7

4

1

5

3

1

4

1

0

1

65+

0

1

1

0

0

0

0

0

0

1

0

1

3

1

4

Totaal

33

30

63

28

37

65

29

35

64

28

36

64

30

35

65

66

Gemiddelde leeftijd m/v per 31 december 2021 2017

2018

2019

2020

2021

Gemiddelde leeftijd mannen

50,33

49,11

47,66

49,96

48,97

Gemiddelde leeftijd vrouwen

42,80

42,46

41,49

42,14

43,34

Gemiddelde leeftijd

46,75

45,32

44,28

45,56

45,94

Verjonging noodzakelijk 40% van het aantal medewerkers van OVIJ valt in de leeftijdscategorie 50 – 59 jaar. Verjonging van het medewerkersbestand blijft noodzakelijk om de toekomstige uitstroom van medewerkers (en dus kennis) op te vangen. Bij een eventuele groei van het medewerkersbestand of het invullen van vacatures binnen de huidige formatie gaat de voorkeur uit naar ‘jonge aanwas’, zodat er een meer evenwichtige verdeling op leeftijd binnen het medewerkersbestand ontstaat. De categorie “jonger dan 35 jaar” is van 20,3% in 2020 gestegen naar 21,5% in 2021. Aantal mannen en vrouwen per salarisgroep per 31 december 2021 Salarisgroep

Aantal mannen

Aantal vrouwen

Totaal

01 t/m 06

0

6

6

07 t/m 09

12

12

24

10 t/m 12

15

13

28

13 t/m 15

2

2

4

Afwijkend*

1

2

3

*Salarisgroep indeling afwijkend betekent dat medewerker een nominaal salaris heeft en niet is ingedeeld op schaal niveau.

Verzuimpercentage per 31 december 2021 Verzuim

2017

2018

2019

2020

2021

0-8 dagen

0,73

1,10

0,98

0,57

0,47

8-43 dagen

0,47

0,78

0,71

0,45

1,41

43-366 dagen

4,17

3,12

1,28

3,40

3,95

Langer dan 366 dagen

1,19

1,01

1,44

0,34

0,37

Totaal

6,55

6,01*

4,41*

4,76*

6,20*

Meldingsfrequentie

1,03

1,30

1,37

0,74

0,88

* Verzuimcijfers worden maandelijks gegenereerd op de 1e werkdag volgend op de afgesloten maand. Op basis hiervan wordt het jaargemiddelde berekend zoals hierboven is weergegeven. Indien we het jaarcijfer achteraf berekenen rekening houdend met alle correcties (ziek- en herstel meldingen) die met terugwerkende kracht zijn doorgevoerd, dan komt het gecorrigeerd jaartotaal op 5,63% (in 2020 4,48%).

Ziekteverzuim Het totale verzuimpercentage is gestegen ten opzichte van 2020. Deze stijging bevindt zich in de categorieën midden- en lang verzuim, 8-43 en 43-366 dagen. Tegelijkertijd zie je dat het korte verzuim (0-8 dagen) is gedaald. Ook de meldingsfrequentie die aangeeft hoe vaak medewerkers gemiddeld verzuimen, is gestegen. 67

Arbozorg Om het welzijn van de medewerkers van OVIJ te borgen is er een contract met Arbodienstverlener Arbo Unie gesloten en een overeenkomt gesloten met IZA Bedrijfszorg, waarbij medewerkers gebruik kunnen maken van de faciliteiten om gezond en gemotiveerd aan het werk te zijn en blijven. Arbodienstverlener Arbo Unie In 2021 hebben er 4 telefonische arbeidsomstandighedenconsulten plaatsgevonden door de bedrijfsarts/ inzetbaarheidscoach. Er hebben 31 verzuimconsulten bij de bedrijfsarts/inzetbaarheidscoach plaatsgevonden, waarvan 29 telefonisch. Bedrijfsmaatschappelijk werk en vertrouwenspersoon In 2021 hebben 3 medewerkers gebruik gemaakt van de diensten van bedrijfsmaatschappelijk werk. In 2021 zijn er geen meldingen geweest bij de vertrouwenspersoon. De organisatie vindt het van belang om actief ondersteuning te bieden aan medewerkers die het moeilijk hebben op het werk en/of te maken krijgen met ongewenste omgangsvormen of integriteitszaken. In 2021 is er een nieuwe bedrijfsmaatschappelijk werker en vertrouwenspersoon gestart. Medewerkers worden actief gewezen op deze ondersteuning door o.a. managers, HRM, bedrijfsarts, de inzetbaarheidscoach en via het intranet van OVIJ.

De bedrijfsmaatschappelijk werker en de vertrouwenspersoon hebben – in het geval zij een trend ontdekken – een signaalfunctie richting HRM/directeur, uiteraard zonder daarbij de privacy van de individuele medewerkers te schenden. Overig De BHV-organisatie is geregeld in DVO Bedrijfsvoering die OVIJ met gastheer gemeente Apeldoorn heeft gesloten. In 2021 is de BHV organisatie 1 keer ingezet, door brandalarm, voor ontruiming van het kantoorpand. Daarnaast is er 3x EHBO verricht in 2021. Er zijn door de BHV in 2021 geen meldingen van agressie ontvangen. De cijfers zijn afkomstig uit het personeelsinformatiesysteem van de gemeente Apeldoorn.

68

8.2

Verantwoording kwaliteitscriteria 2.2

Deze paragraaf bevat tesktuele uitleg over de kwaliteitscriteria en de kritieke massa. Kwaliteitscriteria 2.2 De kwaliteitscriteria zijn bedoeld om de uitvoering van vergunningverlening, toezicht en handhaving (de VTH-taken) door gemeenten en provincies in het omgevingsrecht te professionaliseren en de kwaliteit in de organisatie te borgen. De criteria gaan over proces, inhoud en kritieke massa. Het voldoen aan de criteria zorgt ervoor dat het bevoegd gezag in staat is om de gewenste kwaliteit en continuïteit te leveren. De set maakt inzichtelijk welke kwaliteit van de VTH-taken burgers, bedrijven en instellingen, maar ook overheden onderling en als opdrachtgevers, mogen verwachten (uitvoeren met ambitie, 2012). Elke jaar rapporteert OVIJ over de voortgang van de kwaliteitscriteria 2.2. In onderstaande afbeelding worden de resultaten gepresenteerd.

Kritieke massa Het fundament van kwaliteit is het afleveren van een zo goed mogelijk product. Hiervoor is vooral vakmanschap nodig. De criteria voor kritieke massa adresseren dit vakmanschap in termen van voldoende opleiding, ervaring, kennis en het onderhouden en borgen daarvan. Organisaties en medewerkers die aan deze criteria voldoen moeten in de kern in staat zijn om producten af te leveren met de gewenste kwaliteit. Met de kwaliteitscriteria voor kritieke massa kan een antwoord gegeven worden op de vraag of een organisatie en haar medewerkers in principe in staat zijn om de taken en onderliggende operationele activiteiten uit te voeren, gegeven de minimaal benodigde deskundigheid voor de uitvoering van deze taken en de continuïteit daarvan.

69

De volgende afbeelding geeft de resultaten weer over de kritieke massa.

De deskundigheidsgebieden Afvalwater en Luchtkwaliteit zijn geel gekleurd. Op deze deskundigheidsgebieden is een verbeteractie uitgezet. De verbeteractie betreft de samenwerking met ODNV op deze deskundigheidsgebieden, zodat OVIJ en ODNV gezamenlijk voldoen aan de kwaliteitscriteria.

70

8.3

Controleverklaring van de onafhankelijke accountant

Onderstaand is de controleverklaring van de onafhankelijke accountant opgenomen.

71

Accountants Belastingadviseurs

adres

telefoon e-mail internet

Pascalweg 2 6662 NX Elst (Gld.) 0481-463534 elst@jonglaan.nl www.jonglaan.nl

Controleverklaring van de onafhankelijke accountant Aan: het Algemeen Bestuur van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Veluwe IJssel

A. Verklaring over de in de jaarstukken opgenomen jaarrekening 2021 Ons oordeel Wij hebben de in de jaarstukken 2021, op pagina 9 tot en met 30, opgenomen jaarrekening 2021 van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Veluwe IJssel gecontroleerd. Naar ons oordeel:  geeft de in de jaarstukken opgenomen jaarrekening 2021 een getrouw beeld van de grootte en de samenstelling van zowel de baten en lasten over 2021 als van de activa en passiva van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Veluwe IJssel per 31 december 2021 in overeenstemming met het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) en de bepalingen van en krachtens de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT).  zijn de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties over 2021 in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand gekomen, in overeenstemming met de begroting en met de relevante wet- en regelgeving, zoals opgenomen in het normenkader. De jaarrekening bestaat uit: 1 de balans per 31 december 2021; 2 het overzicht van baten en lasten over 2021; en 3 de toelichtingen met een overzicht van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en andere toelichtingen.

De basis voor ons oordeel Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens het Nederlands recht, waaronder ook de Nederlandse controlestandaarden, het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado), het door het algemeen bestuur vastgestelde Controleprotocol en het Controleprotocol WNT 2021 vallen. Onze verantwoordelijkheden op grond hiervan zijn beschreven in de sectie 'Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening'. Wij zijn onafhankelijk van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Veluwe IJssel zoals vereist in de Verordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij assurance-opdrachten (ViO) en andere voor de opdracht relevante onafhankelijkheidsregels in Nederland. Verder hebben wij voldaan aan de Verordening gedrags- en beroepsregels accountants (VGBA). Wij vinden dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Naleving anticumulatiebepaling WNT niet gecontroleerd In overeenstemming met het Controleprotocol WNT 2021 hebben wij de anticumulatiebepaling, bedoeld in artikel 1.6a WNT en artikel 5, lid 1, sub n en o Uitvoeringsregeling WNT, niet gecontroleerd.

Dit betekent dat wij niet hebben gecontroleerd of er wel of niet sprake is van een normoverschrijding door een leidinggevende topfunctionaris vanwege eventuele dienstbetrekkingen als leidinggevende topfunctionaris bij andere WNT-plichtige instellingen, alsmede of de in dit kader vereiste toelichting juist en volledig is.

Materialiteit De bij onze controle toegepaste goedkeuringstolerantie bedraagt voor fouten 1% en voor onzekerheden 3% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan reserves. Op basis van artikel 2, lid 7 Bado is deze goedkeuringstolerantie door het algemeen bestuur vastgesteld. Wij houden ook rekening met afwijkingen en/of mogelijke afwijkingen die naar onze mening voor de gebruikers van de jaarrekening om kwalitatieve redenen materieel zijn. Daarbij zijn voor de controle van de in de jaarrekening opgenomen WNT-informatie de toleranties gehanteerd zoals vastgelegd in het Controleprotocol WNT.

De Jong & Laan Accountants B.V., gevestigd te Almelo, KvK 06054458. Op al onze diensten en werkzaamheden zijn onze algemene voorwaarden van toepassing. Deze algemene voorwaarden zijn gedeponeerd bij de KvK Oost Nederland te Enschede onder nr. 08153431, zijn in te zien op www.jonglaan.nl, en worden op verzoek kosteloos toegezonden.

B. Verklaring over de in de jaarstukken opgenomen andere informatie

Naast de jaarrekening en onze controleverklaring daarbij, omvatten de jaarstukken het jaarverslag, bestaande uit de programmaverantwoording de verplichte paragrafen en overzichten, alsmede bijlagen waarin opgenomen het sociaal jaarverslag 2021 en de verantwoording kwaliteitscriteria 2.2. Op grond van onderstaande werkzaamheden zijn wij van mening dat de andere informatie:  met de jaarrekening verenigbaar is en geen materiële afwijkingen bevat;  alle informatie bevat die op grond van het in Nederland geldende Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten is vereist. Wij hebben de andere informatie gelezen en hebben op basis van onze kennis en ons begrip, verkregen vanuit de jaarrekeningcontrole of anderszins, overwogen of de andere informatie materiële afwijkingen bevat. Met onze werkzaamheden hebben wij voldaan aan de vereisten volgens de Nederlandse Standaard 720. Deze werkzaamheden hebben niet dezelfde diepgang als onze controlewerkzaamheden bij de jaarrekening. Het dagelijks bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen van de andere informatie, waaronder het jaarverslag in overeenstemming met het BBV.

C. Beschrijving van verantwoordelijkheden met betrekking tot de jaarrekening Verantwoordelijkheden van het dagelijks bestuur voor de jaarrekening Het dagelijks bestuur is verantwoordelijk voor het opmaken en getrouw weergeven van de jaarrekening in overeenstemming met het BBV en de bepaling van en krachtens de WNT. Deze verantwoordelijkheid houdt onder meer in dat de jaarrekening zowel de baten en lasten als de activa en passiva getrouw dient weer te geven en dat de in de jaarrekening verantwoorde baten, lasten en balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen. Rechtmatige totstandkoming betekent in overeenstemming met de begroting en met de relevante wet- en regelgeving, zoals opgenomen in het normenkader. Het dagelijks bestuur is tevens verantwoordelijk voor een zodanige interne beheersing als het noodzakelijk acht om het opmaken van de jaarrekening en de rechtmatige totstandkoming van baten, lasten en balansmutaties mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang als gevolg van fraude of fouten. Bij het opmaken van de jaarrekening moet het dagelijks bestuur afwegen of de Gemeenschappelijk Regeling in staat is om haar werkzaamheden in continuïteit voort te zetten.

Op grond van genoemd verslaggevingsstelsel moet het dagelijks bestuur de jaarrekening opmaken op basis van de continuïteitsveronderstelling, tenzij het dagelijks bestuur het voornemen heeft om de Gemeenschappelijk Regeling te liquideren of de activiteiten te beëindigen of als beëindiging het enige realistische alternatief is. Het dagelijks bestuur moet gebeurtenissen en omstandigheden waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan of de Gemeenschappelijk Regeling haar activiteiten in continuïteit kan voortzetten, toelichten in de jaarrekening.

Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening Onze verantwoordelijkheid is het zodanig plannen en uitvoeren van een controleopdracht dat wij daarmee voldoende en geschikte controle-informatie verkrijgen voor het door ons af te geven oordeel. Onze controle is uitgevoerd met een hoge mate maar geen absolute mate van zekerheid waardoor het mogelijk is dat wij tijdens onze controle niet alle materiële fouten en fraude ontdekken. Afwijkingen kunnen ontstaan als gevolg van fraude of fouten en zijn materieel indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat deze, afzonderlijk of gezamenlijk, van invloed kunnen zijn op de economische beslissingen die gebruikers op basis van deze jaarrekening nemen. De materialiteit beïnvloedt de aard, timing en omvang van onze controlewerkzaamheden en de evaluatie van het effect van onderkende afwijkingen op ons oordeel. Wij hebben deze accountantscontrole professioneel kritisch uitgevoerd en hebben waar relevant professionele oordeelsvorming toegepast in overeenstemming met de Nederlandse controlestandaarden, het Bado, het controleprotocol vastgesteld door het algemeen bestuur, het controleprotocol WNT 2021, ethische voorschriften en de onafhankelijkheidseisen. Onze controle bestond onder andere uit:

 het identificeren en inschatten van de risico’s dat de jaarrekening afwijkingen van materieel belang bevat als

gevolg van fouten of fraude, het in reactie op deze risico’s bepalen en uitvoeren van controlewerkzaamheden en het verkrijgen van controle-informatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Bij fraude is het risico dat een afwijking van materieel belang niet ontdekt wordt groter dan bij fouten. Bij fraude kan sprake zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het doorbreken van de interne beheersing;  het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle met als doel controlewerkzaamheden te selecteren die passend zijn in de omstandigheden. Deze werkzaamheden hebben niet als doel om een oordeel uit te spreken over de effectiviteit van de interne beheersing van de gemeenschappelijke regeling;  het evalueren van de geschiktheid van de gebruikte grondslagen voor financiële verslaggeving, de gebruikte rechtmatigheidscriteria en van de redelijkheid van de door het dagelijks bestuur gemaakte schattingen;  het evalueren van de presentatie, structuur en inhoud van de jaarrekening en de daarin opgenomen toelichtingen; en  het evalueren of de jaarrekening de onderliggende transacties en gebeurtenissen zonder materiële afwijkingen weergeeft.

 Tijdens onze controle hebben wij vanwege Covid-19 maatregelen noodgedwongen meer werkzaamheden op afstand uitgevoerd. Deze manier van werken heeft het moeilijker voor ons gemaakt om bepaalde waarnemingen te doen wat er toe kan leiden dat bepaalde signalen worden gemist. Bij het plannen van onze werkzaamheden hebben wij aandacht besteed aan de risico’s hiervan en hebben waar nodig aanvullende werkzaamheden gepland en uitgevoerd. Wij zijn dan ook van mening dat de verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel Wij communiceren met het algemeen bestuur onder andere over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante bevindingen die uit onze controle naar voren zijn gekomen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing. Elst, 11 april 2022 De Jong & Laan Accountants B.V.

Origineel getekend door N.C. van der Wolf MSc RA

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11506238/1