CConstaterende datVoorst
Koppel je AI →
Document · PDF

Het speelveld in kaart PLG

gemeenteraad 3 juli 2023, gemeente VoorstBij agendapunt: Participatieplan Programma Landelijk Gebied en notitie ‘Het speelveld in kaart’11.655 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Het Speelveld in Kaart Programma Landelijk Gebied Fase 1, verkenning

Juni 2023

Colofon Opdrachtgever Programma Landelijk Gebied Gemeente Voorst Contactpersoon Paulien Dekker p.dekker@voorst.nl

Verkenning van het speelveld Open Kaart i.s.m. Peter Veldt (GIS-kaarten) Contactpersoon Hanneke Stenfert hanneke@deopenkaart.nl

Juni 2023

Inhoud Inleiding Het speelveld in kaart

5

Opgave 1 De toekomst van de landbouw

9

Opgave 2 Water en bodem sturend

17

Opgave 3 Ruimtelijke positionering van het Voorster middengebied

25

Opgave 4 Ruimte voor duurzame energie

33

Opgave 5 Landschappelijke, ecologische structuren

39

Opgave 6 De recreatieve positionering van Voorst

49

Opgave 7 De ontwikkeling van dorpen en erven

55

Vervolgstappen Op zoek naar toekomstperspectief

61

Bijlagen Aanvullende kaarten

63

4

Het Speelveld in Kaart Het landelijk gebied, met van oorsprong diverse agrarische activiteit, landgoederen en kleinschalige dorpskernen, is een zeer belangrijke drager van de identiteit van gemeente Voorst. Er komt veel af op dit landelijk gebied. Het platteland is dé plek waar grote maatschappelijke opgaven als klimaatadaptatie en de landbouwtransitie vorm moeten krijgen. Tegelijkertijd wordt naar het buitengebied gekeken in de zoektocht naar ruimte voor energieopwekking, woningbouw, toenemende recreatie en mobiliteit. In gemeente Voorst, landelijk gebied tussen de steden Deventer, Apeldoorn en Zutphen, zijn deze opgaven heel concreet voelbaar. Met de ontwikkeling van een Programma Landelijk Gebied neemt gemeente Voorst het heft in handen om bewuste keuzes te maken over hoe de ruimtelijke toekomst van het landelijk gebied in Voorst eruit zou moeten zien. Uitdagingen voor gemeente Voorst Gemeente Voorst streeft naar een balans in agrarische bedrijvigheid, ecologische kwaliteiten, leefbaarheid, goede verbindingen naar de steden en de identiteit van de afzonderlijke dorpen en buurtschappen. Maar deze balans staat onder druk. Zo bestaat het risico dat de kwaliteit van ons diverse landschap verloren gaat aan woningbouw, bedrijventerreinen of mobiliteit. Of dat een toekomstperspectief voor agrariërs concurreert met de productie van duurzame energie.

In het Programma Landelijk Gebied worden de uitdagingen voor het buitengebied bij elkaar gebracht. Noodzaak voor een integrale blik Een toekomstbestendig landelijk gebied ontstaat namelijk niet door enkel afzonderlijk naar de opgaven te kijken. Dit wordt onderstreept in de kamerbrief (17 mei 2022) waarin Hoe ziet de toekomst van ons landelijk gebied eruit? Ter voorbereiding op het beantwoorden van deze vraag, is het speelveld van het Voorster buitengebied in kaart gebracht. Wat is er, wat speelt er en wat is nodig voor de toekomst? Dit document vat de verkenning van het speelveld samen in 7 hoofdopgaven voor het landelijk gebied van Voorst. Deze verkenning vormt het startpunt voor het organiseren van een breed gesprek met inwoners van Voorst over de toekomst van het buitengebied. Foto: Open Kaart

minister De Jonge het fundament voor (herintroductie van) nationaal ruimtelijk beleid uit de doeken doet. De brief duidt het belang van een integrale aanpak, met aandacht voor de samenhang tussen o.a. bodem, water(systeem), landschap en landgebruik. Het rijk neemt de komende jaren een sterkere rol in deze integrale aanpak in de vorm van ruim 20 nationale programma’s. Eén van deze programma’s is het Nationaal Programma Landelijk Gebied. Sturende principes zijn meervoudig ruimtegebruik, het centraal stellen van gebiedskenmerken, en het voorkomen van afwenteling van problemen op andere gebieden of toekomstige generaties. De provincies krijgen een sleutelrol in het vertalen van het beleid in ruimtelijke keuzes, ook voor het landelijke gebied. Vervolgens zijn regio’s en gemeentes weer aan zet om deze ruimtelijke keuzes te vertalen naar lokaal maatwerk.

5

Uitwerking van Ruimtelijke Toekomstvisie Gemeente Voorst neemt hierin met de ontwikkeling van een lokaal Programma Landelijk Gebied een proactieve rol. Met het Programma geven we de ambities uit de Ruimtelijke Toekomstvisie Voorst, die is vastgesteld door de raad, concreet vorm. De ruimtelijke waarden die in deze visie zijn benoemd, vormen het uitgangspunt daarbij. Deze waarden betreffen het groene karakter, de rust, de ruimte, bijzondere cultuurhistorie en afwisselende landschappen, grotendeels beheerd door agrariërs. Ook zijn de dorpse schaal van de kernen en de krachtige sociale samenhang kenmerkend en van waarde voor gemeente Voorst. In gesprek met boeren, bewoners en andere betrokkenen De ontwikkeling van het Programma Landelijk Gebied kan niet zonder de inbreng van belanghebbenden. Grondeigenaren zoals boeren, landgoedeigenaren en bewoners zijn immers de dragers van ons buitengebied, nu én in de toekomst. De gemeente maakt dit Programma dan ook in gesprek met betrokkenen in het Voorster buitengebied. Ook de raad is onderdeel van deze betrokkenen; gedurende het proces wordt de raad regelmatig geïnformeerd, maar ook gevraagd om feedback, omdat de raad het Programma uiteindelijk zal vaststellen.

De betrokkenheid van belanghebbenden is belangrijk, omdat we streven naar een Programma Landelijk Gebied dat uitnodigt en activeert om de komende jaren mee te werken aan een toekomstbestendig buitengebied. Ons richtpunt is daarmee niet het opleveren van een mooi document, maar handelingsperspectief voor daarna. Leidraad bij het afwegen van (soms strijdige) belangen De inzet van het Programma Landelijk Gebied is om belangen te combineren waar dat kan en heldere keuzes te maken waar dat moet. We doen dit door het Programma te vatten in een visie op het buitengebied, met daarin navolgbare keuzes. Daarnaast werken we nadrukkelijk ook aan instrumenten die helpen bij belangenafwegingen bij toekomstige initiatieven. Tot slot maken we een uitvoeringsagenda die richting geeft aan de manier waarop we met deze visie aan de slag gaan. We richten ons met het Programma op de langere termijn (2050).

Ter verkenning van de opgaven en ter voorbereiding op de gezamenlijke ontwikkeling van een Programma Landelijk Gebied, is als eerste stap het speelveld van het Voorster buitengebied in kaart gebracht.

Stap 1: Het speelveld in kaart Ter verkenning van de opgaven voor het Voorster platteland en ter voorbereiding op de gezamenlijke ontwikkeling van een Programma Landelijk Gebied, is als eerste stap het speelveld in kaart gebracht. We starten immers niet bij nul. Er wordt al gewerkt aan

6

diverse thema’s en er zijn al allerlei initiatieven in het buitengebied, zowel vanuit de gemeente als vanuit andere organisaties en inwoners. Met het in kaart brengen van het speelveld, hebben we in beeld wat er al is en wat er speelt. Input uit 50 interviews Het speelveld is verbeeld in diverse kaarten. Deze kaarten zijn gemaakt op basis van beschikbare data en (beleids)documenten. Deze kaarten zijn óók gemaakt op basis van zo’n 50 verkennende gesprekken met verschillende doelgroepen relevant voor het Voorster landelijk gebied. We spraken met bewoners en (agrarisch) ondernemers; de dorpsbelangenverenigingen; publieke partners zoals buurgemeentes, provincie en waterschap; experts op het gebied van o.a. ecologie, landschap en landbouw; en diverse medewerkers van gemeente Voorst zelf. Resultaat: 7 hoofdopgaven voor gemeente Voorst De verkenning van het speelveld is gestart vanuit diverse thema’s, waaronder landbouw, water en bodem, landschap en natuur, cultuurhistorie, recreatie, wonen, werken, infrastructuur, duurzame energie en lokaal initiatief. Wanneer we de verschillende thematische kaarten stapelen en door de oogharen naar de uitdagingen voor het Voorster grondgebied kijken, zien we 7 hoofdopgaven voor het Voorster buitengebied. We delen de resultaten van de verkenning van het speelveld dan ook aan de hand van deze 7 opgaven.

De opgaven worden hierna stuk voor stuk toegelicht (de volgorde is willekeurig en geeft geen prioriteit in opgaven aan).

De resultaten van de verkenning van het speelveld zijn gevat in 7 hoofdopgaven. Deze hoofdopgaven vormen het startpunt van de gezamenlijke zoektocht naar toekomstperspectief voor het landelijk gebied van Voorst.

Startpunt voor gesprek De 7 opgaven vormen het startpunt voor gesprekken over de toekomst, met belanghebbenden uit het landelijk gebied. De opgaven zijn nadrukkelijk een startpunt; ze zijn niet in beton gegoten. In de gesprekken die volgen, zullen de opgaven aangevuld en aangescherpt worden. Participatieplan Hoe de gesprekken met belanghebbenden in de volgende fases worden vormgegeven, is uitgewerkt in een participatieplan dat ter vaststelling wordt voorgelegd aan de raad. Ook dit participatieplan is tot stand gekomen met de inbreng van geïnterviewden, met name de dorpsbelangenverenigingen. ‘Het Speelveld in Kaart’ (1) vormt samen met het participatieplan (2) het resultaat van de verkennende, voorbereidende eerste fase in de ontwikkeling van een Programma Landelijk Gebied voor Voorst.

7

8

Opgave 1 Hoe ziet de toekomst van de landbouw in Voorst eruit? Dé vraag die velen in het buitengebied bezig houdt. De toekomst van de landbouw gaat over meer dan stikstof. Het gaat over een integraal, volhoudbaar toekomstperspectief, waar ook biodiversiteit en waterkwaliteit bijvoorbeeld onderdeel van zijn. Hoe ziet dit perspectief eruit? Antwoorden zijn (deels) afhankelijk van keuzes die worden gemaakt door rijk en provincie. Tegelijkertijd is het voor Voorst, een gemeente die grotendeels uit agrarisch gebied bestaat, noodzakelijk de ruimte van invloed díe er is, te kennen en te benutten. Wat is die ruimte? Startpakket met nationale ruimtelijk opgaven naar provincies Het rijk werkt toe naar een nieuwe nota ruimte in 2024. In deze nota worden opgaven op het gebied van wonen, bereikbaarheid, energie, economie, landbouw en natuur samengebracht. Hiermee neemt het rijk regie in de ruimtelijk inpassing van de verschillende opgaven, die allemaal om (schaarse) ruimte vragen. Het rijk heeft de verschillende opgaven in meer dan 20 nationale programma’s ondergebracht. Eén van deze programma’s is het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG). In december 2022 heeft het rijk de provincies de opdracht gegeven om de opgaven uit het NPLG voor de periode tot 2030 en met een doorkijk naar 2050 ruimtelijk te vertalen, in te passen en te combineren met de provinciale opgaven.

Input vanuit provincie Gelderland en regio Stedendriehoek De provincie Gelderland pakt deze opdracht op door 7 regioarrangementen te maken. Een regioarrangement is een afsprakendocument over beleid, uitvoering en rollen per

Boerenerf in Voorst. Hoe ziet de toekomst van de landbouw in Voorst eruit? Foto: Open Kaart

9

10

regio. Het regioarrangement wordt gevoed vanuit zowel het Ruimtelijk Perspectief Gelderland (RPG) als het Gelders Programma Landelijk Gebied (GPLG), dat de komende tijd gemaakt wordt. Het GPLG wordt weer gevoed vanuit het NPLG, de Regionale Energiestrategie (RES) en de Gelderse Verstedelijkings- en woonopgave. Ook bouwt het GPLG voort op de Uitvoeringsagenda Gelderse Maatregelen Stikstof 2021-2025. In juni moet de provincie Gelderland de eerste versie van het GPLG delen. Het GPLG zal leiden tot randvoorwaarden voor het Voorster Programma Landelijk Gebied, bijvoorbeeld op het gebied van stikstof. De agrarische sector in gemeente Voorst Gemeente Voorst kent zo’n 250 veehouders en daarnaast zo’n 75 akkerbouwers, kwekers en telers, zie kaarten op de volgende pagina’s. In het noorden van Nijbroek en ten oosten van De Vecht zitten kleine clusters van meer intensieve veeteelt. Op de kaart die de locatie van veehouders in Voorst toont, is daarnaast te zien dat er rondom Wilp Achterhoek relatief veel veehouders bij elkaar zitten. Op de kaart waarop akkerbouw is Voorst te zien is, valt op dat de aanwezige plantentelers zich vooral in het middengebied van Voorst bevinden, tussen Deventer en Twello en nabij Teuge, bij de grens met gemeente Apeldoorn. Geschikte landbouwgronden? De plekken waar de IJssel met regelmaat overstroomde, zijn van oorsprong vruchtbare landbouwgronden.

Voorst bestaat dan ook -in vergelijking met de zandgronden op de Veluwe en verder naar het oosten- uit relatief goede landbouwgrond. Tegelijkertijd is het reguliere landbouwkundige gebruik van deze gronden op sommige plekken potentieel problematisch door uitspoeling van nitraat naar grond- en oppervlaktewater, door de snelle afvoer van water in droogtegevoelige gebieden of door andere effecten op onze waterhuishouding en waterkwaliteit. Nader onderzoek naar de landbouwkundige waarde van de Voorster grondgebieden is noodzakelijk voor de volgende fases. De methode van Martha Bakker (Wageningen Universiteit) kan hierbij helpend zijn. In 8 stappen brengt deze methode in kaart welke gronden geschikt zijn voor meer traditionele landbouw en waar meer extensieve vormen van landbouw wenselijk zijn.

“We moeten keuzes maken: waar blijft ruimte voor en wat gaan we niet meer doen? Dit zijn soms pijnlijke keuzes, maar duidelijkheid is beter dan onzekerheid.” (uit: interview)

Stikstof in gemeente Voorst Omdat gemeente Voorst relatief ver van natuurgebied De Veluwe af ligt en de uiterwaarden langs de IJssel als minder stikstofgevoelig worden geduid, zullen er

11

Dierhouders Voorst

Agrarisch areaal Bouwland Grasland Dierhoudersmet belangrijkste functie Houden van geiten Houden van kangoeroes Houden van Melkvee Houden van paarden Houden van pluimvee Houden van rundvee Houden van schapen Houden van varkens

naar verwachting geen boeren in gemeente Voorst zijn die als ‘piekbelasters’ geduid zullen worden op het gebied van stikstof. Dit betekent dat er naar verwachting geen gedwongen uitkoop van bedrijven zal plaatsvinden. Mogelijk komt een deel van de boeren wel in aanmerking voor de vrijwillige uitkoopregeling die provincie en rijk daarnaast uitwerken. Of deze verwachting klopt, moet de komende maanden duidelijk worden. Hoe kan gemeente Voorst bijdragen aan perspectief voor de landbouw? De toekomst van de landbouw in Voorst is deels afhankelijk van wat op nationaal en provinciaal niveau besloten wordt, maar de gemeente wil nadrukkelijk ook zélf regie nemen om bij te dragen aan perspectief voor de agrarische sector. Onderdeel van het Programma Landelijk Gebied is het ontdekken hoe de gemeente hieraan kan bijdragen. We zoeken hier een antwoord op o.a. in gesprek met boeren.

“Gemeente Voorst wil er graag voor haar boeren zijn. Maar wat betekent dat? Hoe kan de gemeente van betekenis zijn?” (uit: interview)

Voortbouwen op keukentafelgesprekken We bouwen met dit gesprek voort op de keukentafelgesprekken die gemeente Voorst met een groot aantal boeren uit de gemeente voerde. Inzichten en adviezen uit deze gesprekken nemen we mee in de uitwerking van het Programma Landelijk Gebied.

“Schrijf geen oplossingen voor, maar stel heldere doelstellingen vast. Laat elke boer hier op eigen wijze aan bijdragen.” (uit: interview)

Heldere doelstellingen (geen oplossingen) In de verkenning van het speelveld komt onzekerheid over toekomstige maatregelen als belangrijkste knelpunt in de agrarische sector naar voren. Enkele geïnterviewden pleiten daarom voor het stellen van heldere doelen. Doelen, geen oplossingen. Door doelen te formuleren in plaats van oplossingen, krijgen boeren de ruimte op eigen wijze aan deze doelstellingen bij te dragen. Elke boer is immers anders, heeft eigen mogelijkheden en eigen ambities. Doelen geven duidelijkheid én prikkelen het ondernemerschap van de agrarische sector.

13

Akkerbouwers Voorst

dierlijke consumptie bouwland grasland menselijke consumptie bouwland akkerbouw etc akkerbouw boomkweker fruitteler hoveniersbedrijf plantenteelt glas plantenteelt volle grond vollegrondsgroente Bedrijven met nevenactiviteiten in de landbouw

Vervolgvragen voor fase 2 en 3 •

Wat zijn de consequenties van nationaal en provinciaal beleid voor de agrarische sector in Voorst?

•

Wat is de kwaliteit van de landbouwgronden in gemeente Voorst en wat is de verwachte toekomstige waarde, rekening houdend met bijvoorbeeld klimaatverandering? Welke gronden blijven bijzonder geschikt voor landbouw, op welke gronden wordt het wellicht lastiger?

•

Is het wenselijk om gebieden expliciet aan te wijzen voor (bepaalde typen) landbouw of juist een mix van functies?

•

Welke toekomst zien we voor de intensieve veehouderij in Voorst?

•

Welke ruimte is er voor alternatieve bedrijfsmodellen en teelten, zoals eiwitteelt of de teelt van biobased bouwmaterialen?

•

Zien we ruimte voor high tech innovatieve landbouw?

•

Kan de gemeente heldere doelstellingen formuleren voor landbouw in combinatie met water, bodem, landschap en natuur? Welke doelstellingen zijn dat? En hoe verschillen die (indien nodig) voor de verschillende deelgebieden in Voorst?

•

Op welke manieren kunnen boeren bijdragen aan (andere) maatschappelijke opgaven, waarmee ze hun bedrijfsmodel kunnen verrijken? Wat is passend en haalbaar op verschillende plekken in gemeente Voorst? Zien we bijvoorbeeld een rol voor de landbouw in de energietransitie?

•

Willen we inzetten op gebiedsprocessen, ruilverkaveling 2.0?

•

We hebben het nu vaak over de bestemming natuur óf landbouw. Wat kan de gemeente betekenen in het stimuleren van tussenvormen, waar aan natuurdoelen wordt gewerkt én landbouw mogelijk is?

•

Welke ideeën en initiatieven zijn er al op het gebied van de landbouwtransitie? In welke gebieden zijn al diverse plannen, waar juist nog niet?

•

Kunnen we daarnaast een beter beeld krijgen van boeren die van plan zijn hun bedrijf te stoppen? Hoeveel zijn dit er en waar zitten deze bedrijven? Hoe gaan we om met vrijkomende gronden en erven?

•

Op

welke

manier

kan

gemeente

Voorst

bijdragen

aan

volhoudbaar

toekomstperspectief voor de landbouw? Wat ervaren boeren als hulp, wat hebben ze nodig en wat kan de gemeente daar wel/niet in betekenen? Meer kaarten In de bijlage zijn meer kaarten te vinden m.b.t. bodem, watersysteem en grondgebruik.

15

Opgave 2 Wat vraagt het bodemen watersysteem van de toekomst van Voorst? De kenmerken van watersysteem en bodem dienen leidend te zijn bij toekomstige ( ruimtelijke) ontwikkelingen: dit is het nieuwe adagium, meegegeven vanuit het kabinet. Wat betekent het voor Voorst om water en bodem sturend te maken? Wat betekent het bijvoorbeeld voor toekomstige drinkwaterwinning en klimaatadaptatie? Water en bodem sturend Het kabinet wil bij de inrichting van Nederland meer rekening houden met water en bodem, zodat we ook de komende decennia voldoende, schoon water en een gezonde bodem behouden. Waar voorheen vrijwel alles maakbaar leek in ons land, is nu noodzakelijk om meer rekening te houden met de grenzen van het bodem- en watersysteem. Wat dit betekent, vat het rijk samen in enkele uitgangspunten: •

Niet afwentelen op toekomstige generaties, andere gebieden of functies, of van privaat naar publiek

•

Meer rekening houden met extremen (in regenval en droogte bijvoorbeeld)

•

In samenhang omgaan met wateroverlast, droogte en de bodem ( niet alleen maar afvoeren, maar de sponswerking van de bodem versterken om water ook vast te houden bij droogte)

•

Meerlaagsveiligheid ( niet alleen focussen op hogere dijken, breder kijken)

•

Minder afdekken en vergraven, niet meer verontreinigen van de bodem

•

Integrale aanpak in de leefomgeving; opgaven oppakken in samenhang met andere opgaven zoals woningbouw en landbouwtransitie

Gemaal Terwolde aan de Bandijk, hier wordt water afgevoerd, maar kan ook water vanuit de IJssel ingelaten worden. Foto: Rufus de Vries

17

De noodzaak om meer naar de grenzen van water- en bodemsysteem te kijken, komt voort uit verschillende uitdagingen waar we de komende jaren voor staan op het gebied van water en bodem. Zo zorgt klimaatverandering voor meer risico op wateroverlast en droogte. Daarnaast slinken de zoetwatervoorraden, waarmee het voorzien in voldoende drinkwater onder druk staat. Het bodem- en watersysteem in Voorst Deze opgaven spelen ook in Voorst. Voorst kenmerkt zich als overgangsgebied van Veluwe naar IJssel. Dit is te zien op de hoogtekaart en ook in de verschillende bodemen landschapstypen, zie kaarten op volgende pagina’s. Het zuidwestelijke deel van Voorst bestaat uit hoger gelegen zandgronden. Zowel richting het noorden als het oosten wordt het gebied lager. Polder Nijbroek -dat ‘nieuw drassig land’ betekent- is het laagste en daarmee van oorsprong natste deel van de gemeente. Zowel in grote delen van de uiterwaarden als in polder Nijbroek bestaat de bodem uit klei. Het watersysteem kent een duidelijk scheiding. In het zuidelijke deel lopen watergangen zoals de Voorster Beek van Veluwe naar IJssel; van west naar oost. In het noordelijke deel van de gemeente lopen watergangen juist van zuid naar noord. De weteringen stromen parallel aan de IJssel; het afgevoerde water gaat ( pas) bij Wapenveld de IJssel in.

Een belangrijk verschil tussen deze twee watersystemen, is dat het in het noordelijke deel mogelijk is water vanuit de IJssel in te laten bij droogte en in het zuidelijke deel niet. In het zuidelijke deel geldt: weg is weg. In het noordelijke deel is er juist de optie om via gemaal Terwolde en het Toevoerkanaal water in de weteringen te laten bij droogte. Deze inlaatcapaciteit wordt -net als de capaciteit om water de polder uit te pompen- de komende tijd vergroot; gemaal Terwolde wordt opgeknapt en uitgebreid.

“In het zuidelijke deel van de gemeente kan geen water ingelaten worden bij droogte. Weg is weg. Wat betekent dat voor de toekomst?” (uit: interview)

Ruimte voor de Rivier Langs de IJssel zijn de afgelopen jaren diverse projecten uitgevoerd t.b.v. Ruimte voor de Rivier maar ook de Kaderrichtlijn Water (KRW). Zo zijn nieuwe nevengeulen gegraven op de Voorster- en Wilpse Klei en is de dijk op deze plekken verlegd om meer ruimte te maken voor hoogwater. Bij Terwolde staat ook een nieuwe nevengeul gepland, een project dat nog uitgevoerd zal worden. Daarnaast is een ruime oppervlakte ten westen van De Worp en Steenenkamer gereserveerd voor mogelijke toekomstige uitbreiding van de ruimte voor de IJssel op

19

Watersysteem met hoogtekaart

water

beheercomponent A- en B- water Peilvakken stuw gemaal drinkwaterreservering ASV waterwingebieden boringsvrije zone primaire waterkeringen

natuurlijk component natte landnatuur waterloop met ecologische functies water als verbinder ondergrond hoogtekaart NL

10 0

de langere termijn. Een bypass hier zou De Worp en Steenenkamer landschappelijk scheiden van Twello, zie speelveldkaart water op pagina 18. Beleving van opgaven Uit de eerste rondgang onder belanghebbenden blijkt dat er momenteel nog weinig problemen worden ervaren op het gebied van bodem en water. Boeren op zandgronden sproeien het land bij droogte; in de lage delen is er vooralsnog voldoende pompcapaciteit om het teveel aan water weg te pompen. In vergelijking met de droogteproblematiek in bijvoorbeeld de Achterhoek valt het in Voorst wel mee, zo wordt gezegd.

“Wat is vanuit het bodem- en watersysteem handig om te telen? Zo zouden we meer moeten gaan denken; niet alleen vanuit wat gewassen nodig hebben.” (uit: interview)

Opgaven voor Voorst: droogte Toch kunnen de opgaven ook urgent(er) worden voor Voorst. Wanneer er niet meer onbeperkt beregend mag worden bijvoorbeeld, hebben boeren op de drogere gronden een probleem. Enkele landgoedeigenaren ervaren de gevolgen van toenemende droogte al, o.a. doordat (beeldbepalende) bomen en bossen het moeilijk hebben. Opgaven voor Voorst: drinkwater Ook is voldoende drinkwater een opgave. Nu wordt o.a. aan de oostkant van Apeldoorn drinkwater gewonnen en ook in Voorst zelf ligt een ( relatief klein) waterwingebied. Voor dit bestaande winningsgebied nabij De Spekhoek wordt onderzocht of een verdubbeling van winning mogelijk is. Er wordt daarbij ook naar ruimte buiten de huidige beschermingscontouren gekeken. Het is daarnaast de vraag of het logisch blijft op hogere gronden -zoals bij Apeldoornwater te winnen; dit water is dan namelijk niet meer beschikbaar om de hogere -en vaak- drogere gronden van water te voorzien. Er wordt daarom naar nieuwe, meer laaggelegen plekken gekeken, o.a. aan de oevers van de IJssel. De Wilpse Klei en Voorster Klei zijn aangewezen als reserveringsgebied voor oeverwaterwinning voor de langere termijn (2040). Opgaven voor Voorst: waterkwaliteit Ook waterkwaliteit is een belangrijk thema. Waar nu veel focus op stikstofmaatregelen ligt, wordt verwacht dat daarna waterkwaliteit hét thema wordt.

Ook hier zijn namelijk Europese afspraken over gemaakt waar Nederland zich aan dient te houden. Ter verbetering van de waterkwaliteit is de Kaderrichtlijn Water (KRW) opgesteld, die

21

Bodem

Bodemkaart eenvoudig leem lichte klei lichte zavel moerig op zand veen zand zware klei zware zavel Water Dijk

wordt uitgevoerd door het waterschap. Onderdeel hiervan zijn zones langs (hoofd-) watergangen waar niet meer met bestrijdingsmiddelen gespoten mag worden en waar ook niet bemest mag worden. De maatregelen voor de Kaderrichtlijn Water moeten uiterlijk in 2027 uitgevoerd zijn. Programma Water Gemeente Voorst heeft haar beleid op het gebied van water gevat in het Programma Water. Dit Programma geeft de speerpunten op het gebied van water een concrete invulling voor 2020-2025. In dit Programma Water worden hierboven genoemde opgaven ook geadresseerd. Het Programma put uit de Blauwe Omgevingsvisie (BOVI) van het waterschap. We nemen het Programma Water en de BOVI mee in de ontwikkeling van het Programma Landelijk Gebied. Onderzoek naar kwetsbaarheden bodem- en watersysteem Voorst De gemeente heeft recent een onderzoek uitgezet naar de kwetsbaarheden van bodem- en watersysteem in relatie tot maatschappelijke opgaven. Er wordt bijvoorbeeld onderzocht of het ‘doorprikken’ van ondergrondse lagen om warmte uit de grond te halen (geothermie) tot problemen leidt. Waar relevant nemen we ook deze resultaten mee. Vervolgvragen voor fase 2 en 3 •

Wat betekenen de verschillende opgaven rondom water en bodem concreet voor gemeente Voorst?

•

Welke oplossingen zijn mogelijk en welke keuzes moeten gemaakt worden op het gebied van water en bodem?

•

Wat zijn bijvoorbeeld de mogelijke ruimtelijke consequenties van een nieuwe bypass voor de IJssel, tussen Twello en de Steenenkamer?

•

En wat zijn denkbare scenario’s voor drinkwaterwinning? Welke gevolgen heeft dat voor het Voorster grondgebied?

•

Wat betekent de noodzakelijk verbetering van de waterkwaliteit voor Voorst? Wil de gemeente zelf doelstellingen meegeven die bijdragen aan de waterkwaliteit, bijvoorbeeld maatregelen rondom kernen of andere veelgebruikte recreatieve buitengebieden?

•

Welke zeggenschap heeft gemeente Voorst zelf in keuzes op het gebied van water en bodem? Welke keuzes worden wellicht meer op regionaal, provinciaal of nationaal niveau gemaakt?

•

Water betekenen (de grenzen van) bodem- en watersysteem voor andere opgaven, zoals duurzame energie, landbouw en woningbouw in Voorst?

•

Welke combinaties van opgaven en oplossingen zijn mogelijk?

Meer kaarten In de bijlage zijn meer kaarten te vinden m.b.t. bodemhoogte, historische ontwikkeling van de bodem, watersysteem en grondgebruik.

23

Opgave 3 Wat wordt de ruimtelijke positionering van het Voorster middengebied? Apeldoorn zoekt ruimte voor wonen, energie en bedrijvigheid nabij en op de grenzen van Voorst. Deventer overweegt aan de overzijde van de IJssel te bouwen, in combinatie met een nieuwe IJsselbrug. Dit voert de druk op het Voorster middengebied op, een gebied waar ook in Voorst verschillende functies strijden om ruimte. Voor de ruimtelijke kwaliteit en functionaliteit van het gebied, is het van belang keuzes te maken. Hoe ziet het gebied tussen Apeldoorn en Deventer er in de toekomst uit? Wat is de betekenis van dit gebied voor de gemeente en binnen de stedendriehoek? Het Voorster Middengebied Het middengebied van Voorst verbindt van oudsher de steden Deventer en Apeldoorn. De ligging tussen twee steden, nabij goede infrastructuur, maakte en maakt het gebied aantrekkelijk voor verschillende functies. Functies die allen meer ruimte verwachten nodig te hebben in de toekomst. Historische ontwikkeling van het middengebied van Voorst Op kaarten uit de vroege 19e eeuw (zie bijlage) springt de weg tussen Deventer en Apeldoorn in het oog. De hoofdroute tussen Hanzestad Deventer en het dorp Apeldoorn, dat aan het einde van de 18e eeuw nog maar zo’n 4.400 inwoners kent, loopt via De Worp naar Twello en vervolgens ten noorden van landgoed Wolthuis of Woudhuizen naar Apeldoorn.

Rondom Twello liggen diverse landgoederen en buitenplaatsen, met name van welgestelde families uit Deventer die hier hun vrije tijd doorbrachten. Het vroegere tuindersdorp Steenenkamer, nabij Deventer, is onderdeel van het Voorster middengebied. Foto: Open Kaart

25

De opening van het Apeldoorns Kanaal, in 1829, markeert de start van een behoorlijke groei van het dorp. Aan het einde van de 19e eeuw is het aantal bewoners verachtvoudigd. Het dorp groeit en de voorzieningen breiden uit. Op de kaart van 1900 valt bijvoorbeeld niet de weg, maar de spoorlijn tussen Deventer en Apeldoorn op. Deze wordt in 1888 in gebruik genomen. Een derde dominante infrastructurele ingreep verschijnt in de jaren ‘60 in stippellijn op de kaarten: er zijn plannen gemaakt voor de aanleg van de A1, ten zuiden van Deventer, Twello en Apeldoorn. Ook de A50 wordt aangelegd. Om in de enorme behoefte aan zand te voorzien voor dit project, worden de gronden tussen de dorpen Posterenk en Bussloo afgegraven. Na oplevering van de snelweg wordt de zandafgraving een recreatieplas. In de decennia daarna breidt Apeldoorn flink uit. De bebouwing loopt inmiddels tot aan de A50 en de A1. Ook Deventer groeit, maar Deventer breidt haar woonwijken vooral uit aan de oostzijde van de IJssel. De Worp groeit slechts in kleine mate. Uitbreidingsplannen Apeldoorn: Apeldoorn Zuid Apeldoorn staat opnieuw voor een forse uitbreidingsopgave. Er wordt nieuwe ruimte voor zowel bedrijven als woningen gezocht. Uitbreidingen aan de kant van Veluwe zijn nauwelijks mogelijk en ook niet gewenst; Apeldoorn kijkt dus met name naar de oostkant van de stad.

Er worden momenteel plannen uitgewerkt om een flink aantal woningen te bouwen aan de zuidoostelijke zijde van de stad, ten zuiden van de A1. De gemeente ziet hier weinig toekomst voor agrarische functies; het zal meer als uitloopgebied van de nieuwe woonwijken functioneren en ingericht zijn. De ruimte nabij Klarenbeek is daarnaast aangewezen als zoekgebied voor grootschalige zonnevelden. Voor bedrijventerrein wordt naar de oostkant van de A50 gekeken, het gebied bij De Kar, tegen de gemeentegrens aan.

“Het middengebied van Voorst is verrommeld. Er mist een duidelijk visie op de toekomst van dit gebied.” (uit: interview)

Wat is de toekomst van het gebied rond De Kar? Voor de toekomst van het gebied rondom De Kar is nog geen duidelijke visie. Het is een gebied waar veel functies samenkomen: bedrijvigheid, landbouw, recreatie. Om hier bewuste keuzes in te maken, wordt binnen de gemeente een project gestart om een ontwikkelplan voor De Kar te maken. Deze visie wordt gemaakt in afstemming met gemeente Apeldoorn. Het Programma Landelijk Gebied loopt hier parallel aan; we stemmen inhoud dan ook goed op elkaar af gedurende het proces.

27

Uitbreidingsplannen Deventer Ook aan de kant van Deventer is er sprake van druk op de ruimte. Deventer heeft tot nu toe niet uitgebreid aan de westkant van de IJssel, maar het bebouwen van het Stadsland, het gebied ten noorden van het spoor, is één van de drie scenario’s die gemeente Deventer momenteel onderzoekt in het kader van haar woningbouwopgave. Het scenario van het bebouwen van het Stadsland gaat gepaard met het idee om een derde IJsselbrug aan te leggen die het noordelijke deel van Deventer verbindt met gemeente Voorst. De infrastructuur aan de Voorster kant is in de huidige situatie nog niet geschikt voor de aansluiting op een nieuwe brug; indien er een brug komt, heeft dit dus consequenties voor de ruimtelijke inrichting en verkeersafwikkeling aan de Voorster kant. Reserveringsgebied bypass IJssel Het Stadsland is onderdeel van een reserveringsgebied voor een extra bypass van de IJssel. Dit gebied is gereserveerd om op de lange termijn meer ruimte aan de IJssel te kunnen geven, indien dat nodig blijkt. De bypass zou tussen Twello en De Worp doorlopen en daarmee het gebied van De Worp en Steenenkamer een ‘eiland’ maken. Indien er inderdaad een bypass komt, heeft dit grote impact op het landschap hier. Gemeente Deventer ziet de mogelijke bypass overigens niet als showstopper van het scenario om het Stadsland te bebouwen.

Uitbreidingsplannen Zutphen In Zutphen is er geen sprake meer van een scenario; Zutphen heeft al besloten (verder) uit te breiden aan de overkant van de IJssel. De gronden ten noorden van De Hoven worden opnieuw ontwikkeld. Er komt ruimte voor woningbouw en natuurontwikkeling. De huidige kassencomplexen worden daarvoor verplaatst, iets westelijker het gebied in. Het grondgebied van Zutphen aan de westelijke kant van de IJssel ligt dichtbij de grens van Voorst, maar raakt Voorst niet. Er zit een klein stukje grond van gemeente Brummen tussen. Naast herontwikkeling van het gebied ten noorden van de Hoven, wordt in Zutphen -net als in Deventer- ook de haalbaarheid van een extra IJsselbrug onderzocht. Deze brug zou dan aan de noordelijke kant van Zutphen komen en daarmee uitkomen op het grondgebied van gemeente Voorst. Een dergelijke brug heeft dan ook impact op de ruimtelijke inrichting van Voorst. Opgaven in het middengebied vanuit Voorst zelf Naast de druk vanuit Apeldoorn en Deventer, is er ook sprake van ruimtelijke druk vanuit Voorst zelf. Het middengebied is namelijk een plek waar een grote diversiteit aan functies te vinden is. Rondom De Kar is een aantal grote bedrijven gevestigd; er is landbouw; de A1 loopt door het gebied, het middengebied heeft met Bussloo een belangrijke regionale recreatieve functie; en daarnaast liggen er ook nog verschillende

29

dorpen en buurtschappen in het gebied. Al deze functies willen kunnen ontwikkelen; het is de vraag of hier genoeg ruimte voor is en of alle functies wel goed samen (blijven) gaan. Want het gebied wordt nu ervaren als verrommeld. Het risico is dat deze verrommeling toeneemt en ruimtelijke kwaliteit verslechterd. Er is behoefte aan een duidelijke positionering van dit gebied, om ruimte goed te verdelen en om te bouwen aan kwaliteiten voor de toekomst.

“Het is mijn zorg dat de A1 helemaal dichtgebouwd wordt.” (uit: interview)

Programma’s mobiliteit, werken, wonen Verschillende beleidsdocumenten van de gemeente Voorst raken het middengebied, waaronder het Programma Mobiliteit. In de ontwikkeling van het Programma Landelijk Gebied nemen we dit beleid mee. Programma Ruimtelijke Kwaliteit Daarnaast wordt momenteel gewerkt aan een Programma Ruimtelijke Kwaliteit. Dit Programma is relevant voor deze opgaven, over het middengebied, maar ook voor andere opgaven. In het Programma Ruimtelijke Kwaliteit wordt onder andere geput uit de Streekgids IJsselvallei die provincie Gelderland maakt en waarin landschappelijke en cultuurhistorische kwaliteiten geduid zijn. We zorgen voor goede afstemming, zodat we de ontwikkeling van dit programma mee nemen in de afwegingen voor het Programma Landelijk Gebied. Vervolgvragen voor fase 2 en 3 •

Wat is de ruimtevraag van de verschillende functies in het Voorster middengebied?

•

Wat (en wie) is nodig om een positionering te kiezen? De opgaven voor het middengebied raken immers aan meer dan het landelijk gebied.

•

Welke scenario’s zijn er voor de positionering van het middengebied?

•

Welke overgang van Apeldoorn naar Voorst is wenselijk?

•

Wat is de gewenste overgang van Deventer naar Voorst?

•

Welke combinaties van functies zijn er te maken; waar moeten juist keuzes gemaakt worden? Welke ruimte is er voor landbouw of energie bijvoorbeeld?

•

Welke landschappelijke structuren of elementen zijn essentieel voor de ruimtelijke kwaliteit in het middengebied?

Meer kaarten In de bijlage zijn meer kaarten te vinden o.a. m.b.t. historische ontwikkeling van het middengebied.

31

Opgave 4 Hoe en waar maken we ruimte voor duurzame energie in Voorst? Er zijn drie grote zonnevelden gerealiseerd in de gemeente Voorst. Er worden momenteel echter geen nieuwe initiatieven ondersteund vanuit de gemeente. Netcongestie vraagt om herijking van de bestaande visie. Een belangrijke vraag is: waar en hoe kunnen we ruimte maken voor ( meer) duurzame energie in Voorst? Ruimte nodig voor duurzame energie In het Klimaatakkoord staan afspraken om klimaatverandering tegen te gaan. Nederland wil onder andere meer duurzame energie opwekken. Dit gebeurt voor een groot deel op zee, maar dat is niet genoeg. Ook op land moeten we ( meer) ruimte maken voor duurzame energie. Regionale Energiestrategie (RES) Waar dit zou kunnen, wordt verkend in 30 energieregio’s. Elke regio maakt een eigen Regionale Energiestrategie (RES), waarin afspraken over duurzame energie worden vastgelegd. Gemeente Voorst is onderdeel van de Cleantech Regio, de regio die ook wel de Stedendriehoek wordt genoemd. Eind 2020 heeft de regio een concept-RES ingediend bij het rijk. Dit concept is vervolgens uitgewerkt tot de RES 1.0. De RES 1.0 is eind 2021 vastgesteld door de gemeenteraden van de betrokken gemeentes. Hiermee is vastgesteld dat de regio in 2030 1,07 Terawattuur (TWh) duurzame energie wil opwekken.

Hiervan wordt 0,11 TWh door wind, 0,51 TWh door grootschalig zon op dak en 0,45 TWh door zon op land opgewekt. Iets meer dan de helft van de energieopgave zal dus een plek moeten krijgen in het buitengebied van de Cleantech Regio. Momenteel wordt gewerkt aan de RES 2.0, die in juli 2023 klaar moet zijn. In de RES 2.0 wordt verder uitgezocht hoe de ambities uit de RES 1.0 te realiseren zijn.

Zonneveld bij Wilp, gezien vanaf de dijk. Foto: Open Kaart

33

Geen windmolens rondom Veluwe? Eén van de vragen die verder wordt uitgezocht, is de vraag of het mogelijk is om windmolens te plaatsen nabij de Veluwe. Op de Veluwe leeft o.a. de Wespendief; windmolens kunnen negatieve gevolgen hebben voor deze beschermde vogel. Daarom heeft de provincie besloten dat er de komende jaren geen windmolens gebouwd mogen worden op de Veluwe en in een zone van 1 km rond de Veluwe. Ook in de zone van 1 tot 8 km rondom de Veluwe mag minder gebouwd worden. De westelijke helft van Voorst valt binnen deze zone. De provincie doet de komende maanden nader onderzoek naar de milieueffecten van o.a. het opwekken van windenergie, om daarna betere keuzes te kunnen maken over mogelijke locaties voor duurzame energie. Beleid gemeente Voorst: voorkeur voor zon Om alle energie die in gemeente Voorst verbruikt wordt (verbruik uit 2015) duurzaam op te wekken, heeft Voorst 126 windmolens (van 3 MW) of 987 ha zonnepanelen nodig. Deze hoeveelheden kunnen flink naar beneden gebracht worden met besparing. Het streven is om 60% energie te besparen, bijvoorbeeld door het beter isoleren van woningen. De energiebehoefte die dan nog overblijft, kun je -in combinatie met andere maatregelen zoals zon op daken- vertalen naar 9 windmolens en 100 ha zonnevelden (zie Voorster Energiemix).

Gedurende het ontwikkelen van de Voorster Energie Strategie (VES) is bij inwoners opgehaald dat men grote windmolens niet wenselijk vindt en dat men eveneens niet enthousiast is over grote zonnevelden, met name als deze worden ontwikkeld door commerciële partijen. Inwoners zien het liefst lokale initiatieven op kleinere schaal. De vorige gemeenteraad heeft daarom besloten niet op wind-, maar geheel op zonne-energie in te zetten. Dit betekent dat we geen 100, maar 190 ha zonneveld nodig hebben. Deze hoeveelheid neemt mogelijk toe, omdat we in toenemende mate elektriciteit verbruiken voor zaken als autorijden en het verwarmen van onze woningen; er is dan ook een update van cijfers nodig in de volgende fase. Er is overigens wel ruimte voor kleine windmolens in Voorst. Er wordt momenteel een pilot met deze kleine windturbines gedaan. Zoekgebieden rondom Voorst Ook buurgemeentes zoeken naar ruimte voor de opwek van duurzame energie. Zo heeft Apeldoorn in haar omgevingsvisie twee zoekgebieden voor grootschalige zonnevelden aangewezen grenzend aan Voorst. Het gaat om een gebied bij Beemte Broekland, nabij De Vecht en Nijbroek, en een gebied aan de zuidkant van de stad, richting Klarenbeek. Ook Epe heeft zoekgebieden nabij gemeente Voorst in haar omgevingsvisie opgenomen.

35

Warmtetransitie: geen (hoofd)opgave voor PLG Naast de energietransitie speelt ook de warmtetransitie, waarbij we van het gas afgaan, een belangrijkere rol in de duurzame ambities. Voor de warmtetransitie wordt echter een minder grote ruimtelijke impact op het buitengebied verwacht. We nemen de warmtetransitie dus niet mee als hoofdopgave in het Programma Landelijk Gebied. 3 zonnevelden gerealiseerd in Voorst Inmiddels zijn er in Voorst 3 grootschalige zonnevelden gerealiseerd, zie speelveldkaart energie op p.34. In Nijbroek staat een kleinschalig veld op de planning, van 2,5 ha. Lokale energiecoöperaties Het streven van de gemeente is minimaal 50% van de opwek in lokaal eigendom te realiseren. Energiecoöperaties kunnen hierbij een belangrijke rol spelen. Een voorbeeld hiervan is het zonneveld Broekstraat. Hier is 50% eigendom van de coöperatie Energierijk Voorst. Naast Energierijk Voorst zijn er nog twee energiecoöperaties: Burgers met Energie en EnergieMarke Voorst. In verschillende dorpen zijn daarnaast initiatieven gestart om inwoners te helpen te verduurzamen, bijvoorbeeld Energiek De Vecht. Beleid zonnevelden: pas op de plaats Voor nieuwe initiatieven wordt momenteel echter geen vergunning verleend. Begin 2023 heeft de gemeenteraad namelijk op advies van het College besloten het beleid voor zonnevelden buiten werking te stellen.

In 2019 werden beleidsuitgangspunten voor zonnevelden vastgesteld; dit document stelt waar zonnevelden in Voorst wel en niet toegestaan zijn, onder welke voorwaarden. Er is echter behoefte aan een update van dit beleid, om ( nog) betere ruimtelijke afwegingen te kunnen maken.

“Krijgt elk dorp zijn eigen zonneveld? Of gaan we zonnevelden clusteren op één plek in de gemeente?” (uit: interview)

Netcongestie tot 2029 Bovendien is er sprake van netcongestie. Het elektriciteitsnet is o.a. in Gelderland flink overbelast. Dit betekent dat er tot 2029 geen nieuwe grootschalige zonnevelden aangesloten kunnen worden, zo geeft netbeheerder TenneT aan. Tijd benutten om tot nieuw beleid te komen De pas op de plaats geeft tijd om zorgvuldig na te denken over de vraag waar en hoe we ( meer) ruimte kunnen maken voor duurzame energie. Binnen gemeente Voorst is een brede beleidsevaluatie in voorbereiding. De vragen en lessen hieruit nemen we

36

mee in de ontwikkeling van het Programma Landelijk Gebied. Andersom kunnen de gesprekken over de toekomst van het landelijk gebied waardevolle input bieden voor het herzien van het energiebeleid. Opgave voor Programma Landelijk Gebied Waar maken we ruimte voor ( meer) duurzame energie? En hoe -onder welke voorwaarden- mag die ruimte dan gebruikt worden? Wat is passend bij welke plek? Krijgt elk dorp een zonneveld of clusteren we de zonnevelden juist op één plek in de gemeente? Hoe kunnen we lokaal eigendom stimuleren, zodat lusten en lasten eerlijk verdeeld worden? Tijd benutten om nieuwe initiatieven zorgvuldig voor te bereiden Het feit dat er tot 2029 geen nieuwe velden aangesloten kunnen worden op het net, geeft naast tijd voor hernieuwd beleid ook de tijd om nieuwe initiatieven zorgvuldig voor te bereiden. Wanneer nieuw beleid helder is, kunnen nieuwe plannen in samenwerking met initiatiefnemers, energiecoöperaties en in afstemming met de omgeving worden uitgewerkt. De uitwerking van nieuwe plannen is geen onderdeel van het Programma Landelijk Gebied, maar kan wel een zinvolle vervolgstap zijn. Vervolgvragen voor fase 2 en 3 •

Hoe zit de huidige energie-infrastructuur in elkaar?

•

Op welke manier wordt de netcongestie opgelost? Welke scenario’s zijn hiervoor denkbaar en wat betekent dit voor Voorst?

•

Streven we een combinatie van vraag en aanbod na?

•

Indien Voorst in 2030 energieneutraal wil zijn, wat is er dan nog te doen?

•

Waar is meer ruimte voor duurzame energie passend? Willen we bijvoorbeeld goede landbouwgrond inzetten voor duurzame energie?

•

Welke randvoorwaarden zijn passend en wenselijk? Denk aan landschappelijke inpassing of financiële participatie van inwoners.

•

Hoe kunnen we lokaal eigenaarschap stimuleren, garanderen?

•

Hoe kunnen we de beschikbare tijd (i.v.m. netcongestie) benutten voor het goed voorbereiden van nieuwe plannen, met inwoners?

Meer kaarten In de bijlage zijn meer kaarten te vinden o.a. m.b.t. huidig grondgebruik.

37

Opgave 5 Hoe zien de landschappelijke en ecologische structuren van Voorst er in de toekomst uit? Natuur, landschap en cultuurhistorie zijn kwetsbare ruimtelijke structuren. Het bouwen van woningen of bedrijventerreinen krijgt al snel meer urgentie en aandacht in gebiedsontwikkelingen. Voor een toekomstbestendig buitengebied zijn ecologische en landschappelijke kwaliteiten juist essentieel. Hoe garanderen we deze kwaliteiten voor de toekomst? Het gaat hierbij enerzijds om een hoofdstructuur, die Voorst verbindt met omliggende gebieden. Het gaat daarnaast juist ook om versterking van (cultuurhistorisch) landschap en natuur op de kleinere schaal. Wat is mogelijk en passend voor de verschillende landschappen in Voorst? (Cultuurhistorische) landschappen en natuur in Voorst De (cultuurhistorische) landschappen van Voorst komen in de Ruimtelijke Toekomstvisie duidelijk naar voren als belangrijke waarde van de gemeente. Deze waarde wordt herkend door de geïnterviewden. Zowel intern als extern wordt de diversiteit aan landschappen vrijwel altijd als belangrijke kwaliteit benoemd. Regelmatig wordt hierbij verwezen naar de Streekgidsen die provincie Gelderland maakte, met een typering van de verschillende landschappen in Gelderland, waaronder de IJsselvallei. Tegelijkertijd valt op dat de vertaling van deze kwaliteit naar beleid en praktijk soms vooral impliciet is.

Veel geïnterviewden hebben bijvoorbeeld een ecologische Groen in het middengebied van Voorst, nabij Twello. Geïnterviewden noemen het groene karakter van Voorst als belangrijke kwaliteit. Foto: Open Kaart

39

hoofdstructuur in hun hoofd; toch is deze nauwelijks expliciet ( meer) in beleid of op kaart terug te vinden. Dit roept de vraag op: wat is nodig om te (blijven) werken aan robuuste, toekomstbestendige, biodiverse landschappen in Voorst?

“Voorst heeft een groen imago. Ga daar ook echt voor staan naar de toekomst toe!” (uit: interview)

Huidige natuurgebieden Een deel van het Voorster landschap is beschermd als natuurgebied, zie kaart op volgende pagina. De natuurgebieden in gemeente Voorst vallen onder het Gelders Natuurnetwerk (GNN) en de Groene Ontwikkelingszones (GO). Natura2000-gebieden zijn onderdeel van het Gelders Natuurnetwerk. De uiterwaarden van de IJssel vallen onder Natura2000-beleid. In GNN-natuur is in principe geen ruimte voor andere initiatieven. In de Groene Ontwikkelingszones is juist wel ruimte voor economische ontwikkelingen, mits deze ook bijdragen aan een substantiële versterking van de samenhang tussen natuurgebieden. De ecologische verbindingszones maken deel uit van de GO, evenals de weidevogelgebieden en de rustgebieden voor winterganzen. Versterking van de hoofdstructuur Het begrip ‘ecologische hoofdstructuur’ wordt door de overheid niet meer gebruikt -er wordt sinds 2013 gesproken van natuurnetwerken-, toch is het zinvol als onderdeel van de verkenning van het Voorster buitengebied om hoofdstructuren (en deelstructuren) te duiden. Wanneer we enigszins uitzoomen, zien we een ring van natuur rondom Apeldoorn liggen, met daarin o.a. Weteringse Broek, Woudhuis, de Groote Leigraaf en het Beekberger Woud. Vanuit deze ring zijn twee groene verbindingen naar de IJssel te zien op de kaart. De zuidelijke verbinding is de meest omvangrijke verbinding van Veluwe naar IJssel.

De Beekberger Beek en de Voorster Beek vormen samen met de bossen onder Bussloo en de natuurgebieden langs de Fliert een west-oost verbinding naar de uiterwaarden bij de Wilpse en Voorster Klei. Via natuurgebied Lampenbroek is deze verbinding ook weer verbonden met de Empese en Tondense heide, in gemeente Brummen. Vroeger werd deze verbinding in visies en beleidsstukken geduid als de Beekbergse Poort. Vanaf het Woudhuis is een tweede west-oost verbinding te ontwaren, zij het wat kleiner in oppervlakte. Hoofdingrediënten hier zijn verschillende landgoederen en het noordelijke deel van de Fliert. De Fliert verbindt overigens de twee west-oost verbindingen met elkaar.

41

Natuur incl. ambities

Natte natuur Specifiek ecologische doelstelling Eologische functies water Overige waterlopen Natte landnatuur Beschermingszone natte landnatuur Primaire waterkeringen

Provinciaal beleid Groene ontwikkelingszone Gelders natuurnetwerk Ganzenrustgebieden Weidevogelgebieden natura2000

Ambitie beheergebied Landschapselementen N00.01 Functieverandering van landbouw naar nieuwe natuur N00.02 Inrichting nieuwe natuur N01.04 Zand- en kalklandschap N02.01 Rivier N03.01 Beek en Bron N04.02 Zoete Plas N05.03 Veen moeras N05.04 Dynamisch moeras N06.01 Veenmosrietland en moerasheide N06.03 Hoogveen N06.04 Vochtige heide N06.05 Zwakgebufferd ven N06.06 Zuur ven en hoogveenven N07.01 Droge heide N10.01 Nat schraalland N10.02 Vochtig hooiland N11.01 Droog schraalgrasland N12.02 Kruiden- en faunarijk grasland N12.03 Glanshaverhooiland N12.04 Zilt- en overstromingsgrasland N12.05 Kruiden- of faunarijke akker N12.06 Ruigteveld N14.01 Rivier- en beekbegeleidend bos N14.02 Hoog- en laagveenbos N14.03 Haagbeuken- en essenbos N15.02 Dennen-, eiken- en beukenbos N16.03 Droog bos met productie N16.04 Vochtig bos met productie N17.02 Droog hakhout N17.03 Park- of stinzenbos N17.06 Vochtig en hellinghakhout

In het noordelijke puntje van de gemeente, door polder Nijbroek, is een derde verbinding te zien. Deze loopt vanaf natuur rondom het Apeldoorns Kanaal naar de uiterwaarden. De meeste geïnterviewden hebben deze hoofdstructuur prima op het netvlies staan. Aan veel van de natuurgebieden is de afgelopen jaren ook actief gewerkt door provincie, waterschap, gemeente of andere partijen. Het is echter de vraag of deze hoofdstructuur ook expliciet en bekend genoeg is. Bovendien is het de vraag of de hoofdstructuur robuust genoeg is. Op welke plekken zou het beter moeten of kunnen? Uitwerken van (opties voor) deelstructuren op kleinere schaal Naast de beschermde natuurgebieden, komt er ook steeds meer aandacht voor versterking van biodiversiteit en landschappelijke kwaliteit in andere gebieden. Met het Aanvalsplan Landschap, gemaakt op verzoek van de overheid ter uitwerking van het Klimaatakkoord, wordt ingezet op 10% meer ‘groenblauwe dooradering’. Met groenblauwe dooradering wordt het netwerk van de natuurlijke elementen in het (agrarische) landschap bedoeld. Dit netwerk bestaat zowel uit droge landschapselementen, zoals houtwallen, bomenrijen, kruidenrijke randen, als uit natte elementen, zoals sloten, beken met natuurlijke oevers en poelen.

“Welke rol kunnen agrarische gronden spelen in het versterken van landschappelijke en ecologische structuren in Voorst?” (uit: interview)

Deze groenblauwe dooradering draagt bij aan meerdere opgaven, waaronder versterking van de biodiversiteit, verbetering van waterkwaliteit en versterking van het landschap. Door beschikbare beheervergoedingen vanuit agrarische natuurverenigingen, kan het beheer van dergelijke landschapselementen ook bijdragen aan het inkomen van boeren. Voor het buitengebied van Voorst is het interessant om uit te werken: welke vormen van gebiedseigen groenblauwe dooradering zijn passend in de verschillende landschappen die Voorst rijk is? Hoe kunnen we met deze deelstructuren de -nu regelmatig ervarenkloof tussen natuur en landbouw overbruggen? Versterken biodiversiteit In het versterken van hoofd- en deelstructuren komen verschillende thema’s en opgaven bij elkaar. Versterking van het landschap is van belang voor ruimtelijke kwaliteit, beleving en recreatieve waarde. Versterking van het landschap is ook essentieel ter versterking van ecologische waarden en biodiversiteit. De versterking van de biodiversiteit is een brede opgave, die geldt voor heel ons land. In de volgende fase is het nuttig om nader

43

uit te werken wat dit voor Voorst betekent; wat is de staat van de biodiversiteit in Voorst, op welke manier dient de biodiversiteit versterkt te worden (welke soorten, waar) en hoe zouden we dat kunnen doen? Cultuurhistorische waarden als basis In het werken aan het landschap, is cultuurhistorie een belangrijke basis. Cultuurhistorische waarden worden namelijk niet alleen vertegenwoordigd door monumenten of andere waardevolle bouwwerken in de gemeente, maar juist ook door landschapstypen, oude padenstructuren, landgoederen en landschappelijke elementen. Een overzicht van de cultuurhistorische waarden in de gemeente Voorst is te vinden op de cultuurhistorische waardekaarten. Deze waardekaarten dienen als basis voor deze opgave, maar spelen ook een rol in de andere geformuleerde opgaven voor het buitengebied, zoals opgaven rondom recreatie, de positionering van het middengebied en de ontwikkeling van dorpen en erven. Vervolgvragen voor fase 2 en 3 •

Wat is de kwaliteit van de huidige landschappen en natuurgebieden in Voorst? Waar gaat het goed, waar is extra aandacht nodig?

•

Wat zijn de doelen op het gebied van biodiversiteit? Wat is zinvol en wenselijk (op verschillende plekken) in Voorst?

•

Is de landschappelijke, ecologische hoofdstructuur voldoende verankerd in beleving en beleid? Of is versterking wenselijk? Waar en hoe?

•

Welke deelstructuren zijn passend en wenselijk in de verschillende deelgebieden van Voorst?

•

Hoe gaan we landschappelijk om met de overgangen van stad naar buitengebied?

•

Hoe kunnen we ‘rode’ ontwikkelingen ( meer) koppelen aan versterken van ‘groene’ en ‘blauwe’ kwaliteiten?

•

Hoe kunnen agrarische gronden bijdragen aan landschap en natuur?

•

En hoe kunnen we biodiverse gebieden maken waar voldoende ruimte voor landbouw is?

•

Hoe kunnen we als gemeente bijdragen aan deze vormen van agrarische natuur of natuurinclusieve landbouw?

45

(Cultuurhistorische) landschapstypen

landschappenkaart oude kampontginningen op de dekzandvlaktes en -ruggen veenontginning op de overstromingsvlakte met kreekruggen heideontginningen op de dekzandvlaktes en -ruggen oude kampontginningen op de overstromingsvlakte rivierduinen en stroomrugontginningen langs de rivier uiterwaarden met vlaktes en stroomgeulen essen op de kampontginningen

terrein

vroegere heidebebossing met nog bestaande bossen uitgedijkte overstromingsvlakte, historische uiterwaarde bebouwd gebied natte landnatuur bos heide zand water hoofdwatergangen

Meer kaarten In de bijlage zijn meer kaarten te vinden m.b.t. natuur, landschap en cultuurhistorie.

47

Opgave 6 Wat wordt de recreatieve positionering van Voorst? Recreatie neemt toe. Tegelijkertijd staat de kwaliteit van populaire natuurgebieden zoals de Veluwe onder druk. Om de Veluwe te ontlasten, wordt o.a. naar recreatieve versterking van de IJsselvallei gekeken. Wat is de gewenste recreatieve positionering van Voorst? Ontlasting van de Veluwe Recreatie en toerisme zal toenemen de komende jaren. Tegelijkertijd ligt het in de lijn der verwachting dat beschermde natuurgebieden, zoals De Hoge Veluwe, juist ontlast moeten worden van recreatieve druk om natuurwaarden te behouden. Belanghebbenden vanuit verschillende sectoren hebben zich verenigd in de VeluweAlliantie ten behoeve van de toekomst van de Veluwe als natuur- en recreatiegebied. In hun agenda voor 2030 kijken ze bewust ook naar de gebieden rondom de Veluwe, waaronder de IJsselvallei, waar Voorst onderdeel van is. Aantrekkelijker recreëren in de IJsselvallei Door de gebieden rondom de Veluwe aantrekkelijker te maken voor recreatie, kunnen bezoekers beter over het gebied verspreid worden. Deze ambitie geeft aanleiding opnieuw naar de recreatieve positionering van de IJsselvallei en van gemeente Voorst te kijken. Het recreatieve speelveld in Voorst nu Gemeente Voorst is op dit moment vooral aantrekkelijk voor de ‘rustzoeker’.

De rustzoeker is een recreant die niet zo ver van huis hoeft, maar graag in Nederland wandelt en fietst; op pad met een thermosfles en zelfgesmeerde boterhammen in de rugtas. Voorst biedt bijvoorbeeld prachtige klompenpaden om te wandelen; ook zijn er mooie fietsroutes. Op de regionale schaal zijn vooral Bussloo en Teuge interessant voor de recreatieve bezoeker die wat intensievere activiteiten zoekt. In Teuge betreft het luchtvaartgebonden recreatie rondom het vliegveld. Bussloo biedt recreatie aan en rondom het water, met Voorst is een prachtig gebied om te fietsen en te wandelen. Wil Voorst in de toekomst ook andere recreanten dan de ‘rustzoeker’ bedienen? Foto: Open Kaart

o.a. Thermen Bussloo, een golfbaan en diverse horecagelegenheden.

49

Masterplan IJsselvallei In de context van de eerder genoemde VeluweAgenda 2030 heeft de VeluweAlliantie opdracht gegeven een masterplan voor de IJsselvallei te maken. Dit masterplan (2020) beschrijft de landschappelijke kwaliteiten van de IJsselvallei en pleit ervoor de ontwikkeling van recreatie en toerisme te koppelen aan andere maatschappelijke opgaven, met name klimaatverandering en de landbouwtransitie. Er worden suggesties voor concrete projecten gedaan, die in een recent werkboek verder zijn uitgewerkt. Het daadwerkelijk oppakken en uitvoeren van de projecten ligt bij verschillende partijen. Het masterplan heeft een landschappelijke focus. Voor een complete recreatieve positionering is meer nodig. Er is dan een duidelijke keuze voor gewenste recreatieve doelgroepen nodig, op basis waarvan bijvoorbeeld ook naar aanbod gekeken kan worden. Welke doelgroepen? Welke aanbod? De vraag is wat de passende en gewenste recreatieve positionering van Voorst is. Wie wil Voorst recreatieve ruimte bieden? Welke voorzieningen hebben deze doelgroepen nodig? Welk aanbod is er al, welk aanbod mist juist nog? Welke kansen (en mogelijk ook bedreigingen) levert dit op voor het buitengebied? Hoe kunnen recreatieve ontwikkelingen iets betekenen voor andere opgaven in het buitengebied?

“De IJsselvallei is prachtig om te fietsen en te wandelen. De rustzoeker haalt er zijn hart op. Maar er is weinig aanbod voor andere typen recreanten.” (uit: interview)

Bijzondere aandacht voor Bussloo Bijzonder aandachtspunt is daarbij de toekomst van Bussloo. Bussloo is namelijk onderdeel van het middengebied van Voorst, waar meer opgaven spelen en meerdere functies om ruimte strijden. Vanuit het oogpunt van het ontlasten van de Veluwe, wordt Bussloo geduid als ontvangstlocatie voor bezoekers die vanuit hier hun bezoek aan de regio starten. Recreatieve ontwikkelingen worden echter ook met zorg bekeken vanuit omwonenden. Een gebiedsproces over de toekomst van Bussloo is stopgezet, omdat betrokkenen er niet meer met elkaar uit kwamen. Het (verder) nadenken over deze plek dient gedaan te worden met kennis van de zorgen en aandachtspunten uit dit proces. Lopende onderzoeken en herijking beleid Het meest recent vastgestelde beleid m.b.t. recreatie en toerisme dateert uit 2004. Lokale opgaven hebben zich in de loop der tijd ontwikkeld en ook de regionale visie op recreatie en toerisme is veranderd. Er is behoefte aan vernieuwd beleid. In 2024 wordt

51

daarom een programma Vrijetijdseconomie ontwikkeld. Ter voorbereiding hierop worden momenteel diverse onderzoeken uitgevoerd, waaronder een behoefteonderzoek naar mountainbikepaden en ruiterpaden; een onderzoek naar de toekomst van verouderde recreatieparken en een onderzoek naar wandelknooppunten, om met verbetering van het wandelpadennetwerk aan de slag te kunnen gaan.

“Een recreatiestrategie vraagt om meer dan landschappelijke versterking. Het begint bij een duidelijke keuze wie je wil. Vanuit daar volgt het gewenste aanbod. Welke keuzes maakt Voorst hierin?” (uit: interview)

De ontwikkeling van het Programma Landelijk Gebied biedt de kans recreatieve vraagstukken in de brede context van (opgaven in) het buitengebied te bespreken. Binnen het Programma Landelijk Gebied wordt geen nieuw recreatiebeleid gevormd; wel zullen kansen geformuleerd worden waar het programma Vrijetijdseconomie op voort kan bouwen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12850940/3