CConstaterende datVoorst
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlagen toelichting

gemeenteraad 4 maart 2024, gemeente VoorstBij agendapunt: Bestemmingsplan Bandijk 25, Terwolde16.144 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Bestemmingsplan Bandijk 25, Terwolde Planfase vastgesteld

Bandijk 25, T erwolde

Bandijk 25, Terwolde

Inhoudsopgave

Bijlagen toelichting

3

Bijlage 1

Landschappelijk inpassingsplan

4

Bijlage 2

Asbest onderzoek

6

Bijlage 3

Quickscan natuur Gemaal Terwolde

44

Bijlage 4

Ecologische voortoets stikstofdepositie gemaal Terwolde

67

Bijlage 5

Nader onderzoek beschermde soorten

100

Bijlage 6

Advies ecologische mitigatie

120

Bijlage 7

Cultuurhistorische waardestelling

133

Bijlage 8

Digitale watertoets gemaal Terwolde

160

Bijlage 9

QRA Gemaal Terwolde

169

Bijlage 10

Oriënterend onderzoek NGE

195

Bijlage 11

Haalbaarheidsonderzoek nieuwe functies

205

Bijlage 12

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling

252

2

Bandijk 25, Terwolde

Bijlagen toelichting

3

Bandijk 25, Terwolde

Bijlage 1 Landschappelijk inpassingsplan

4

Erfinrichting Gemaal Terwolde Visie beplanting: Ruraal karakter met ingetogen sfeer. Bebouwing van het gemaal vormt het grootste accent op het terrein. Beplanting bouwt voort op van oudsher voorkomende soorten en typen. De bomenstructuur van fruitbomen op het terrein ligt als een soort grid over het geheel en zorgt voor samenhang. De soorten in de beplantingslijst zijn een suggestie. Wel ligt de sterke voorkeur bij het toepassen van inheemse/oude fruitrassen, die in het Nederlandse klimaat gedijen. Een deel van de haag bij de waterspeelplek is een smulhaag; ook hier is een suggestie voor soorten gedaan, maar dit kan naar wens worden aangevuld of gewijzigd.

Verlichting op het erf is ingetogen en minimaal; alleen lage verlichting op sensoren. Vleermuisvriendelijk.

Landschapsplan en beplantingsplan Bestrating rijweg bestaat uit gebakken elementenverharding in keperverband. Met verschillende kleurtonen wordt een accent gelegd bij de verschillende entrees van het gebouwenensemble. Toe te passen formaat: keiformaat (KF) Toe te passen vorm: vormbak Kleur: Morvan en Fiore

Kruidenrijke weide toepassen op het gehele terrein. Ook op het talud van de dijk. Zie voor mengsel het beplantingsschema.

ren

ke par

s iet

F

L

Hoogteverschil uitvlakken, ophoging achter bebouwing behouden. Terras ligt horizontaal; hier is aanvulling bestaand mv nodig.

Md G

G

Md

Bestrating parkeerplaats en struinpaadje bestaat uit halfverharding (Achterhoeks padvast).

Md L Md ren e k r

B

aar n e ti f ren uur o e f Re tsch uur i m fru ensch 9 x 5 m ol k: vla max 3 m k w u bo ogte: max 6 nst tho ogte: g e o a sl ew 01 go kho Op ien g hg no

S Md

B

S Md L Md G

Md

23

Hoogstamboomgaard als overkoepelende laag die de parkeerplaats, het fietsparkeren, de eventuele opslag, de weide en het terras omvat. Zie voor soorten het beplantingsschema.

p

en

ts laa

rp

ee ark

ind

G

Md

B

S Md

ras Ter G

Md

01

hg

SB

01

hg

d lijk ge uck M o M dtr foo dL

Md SB

Md

2

0m 0 2 .

(ca

Betonnen banden (ca. 30cm breed) ter accentuering oversteekplaats.

Ls

02

hg

M

Lage hagen ( je kunt er over heen kijken) als scheidingen tussen de verschillende functies op het terrein. Inheemse soorten worden toegepast en de hagen vormen samen met het bestaande struweel een schuilgelegenheid voor vogels en kleine zoogdieren. Zie voor soorten het beplantingsschema.

huiszwaluwtil Ruimte voor waterspeelplaats (of andere activering van waterkant)

02

hg

Oversteekplaats aanduiden/aankondigen met ander type bestrating (zelfde als rijweg), eventueel i.c.m. een plateau als verkeersremmer. L

pa

ts Fie

Referentiebeeld van parkeren in een boomgaard. Het parkeren mag een informeel karakter hebben; de bomen vormen de leidende structuur.

le

spe r e t Wa er t wa

en

itt n, z

Tc

et

h aan

Gemengde haag als perceelsbegrenzing en begrenzing parkeerplaats. Door het toepassen van verschillende inheemse soorten is de haag ecologisch waardevol (vruchtdracht, schuilgelegenheid). Elders op het terrein is kruidenrijk grasland voorzien, dit is ook zichtbaar op bovenstaande foto.

Bijzondere / afwijkende boom op het terras voor beschutting en beschaduwing en als accent op het terrein.

s

fW o p

L

Wanneer water niet wordt doorgetrokken dan haag langs terras voor camoufleren hoogteverschil. Verder inrichten met kruidenrijk mengsel en evt. een boom als accent. Langs de oever natuurlijke oeverbeplanting en wat 'kwettergroen' voor vogels.

Betonnen banden langs paden of (waar nodig) langs kleine hoogteverschillen in maaiveld; aansluitend bij schoonbeton plint uitbreiding ontwerp Open Kaart

Referentiebeeld Achterhoeks padvast, dat is voorzien op de parkeerplaats en het paadje door de weide.

BEPLANTINGSLIJST LANDSCHAPSPLAN GEMAAL TERWOLDE d.d. 06-10-2023

Referentiebeeld bestrating terras en accenten rijweg. Vergelijkbaar kleurtype is gewenst.

Alle te leveren beplantingen dienen te zijn van A-kwaliteit ter goedkeuring van de opdrachtgever BOMEN code soort

maat

bijzonderheden

aantal

Ls

20-25

Met draadkluit

1

Liquidambar styraciflua

MdG

Malus domestica ‘Groninger Kroon’

18-20

Met draadkluit

6

MdL

Malus domestica ‘Lemoen’

18-20

Met draadkluit

5

MdSB

Malus domestica ‘Schone van Boskoop’

18-20

Met draadkluit

5

Tc

Tilia cordata

20-25

Met draadkluit

1

maat

bijzonderheden

aantal

HAGEN code soort hg01

Gemengde haag bestaande uit: Cornus sanguinea 20%

Hg02

Referentiebeeld bestrating rijweg. Vergelijkbaar kleurtype is gewenst.

Referentiebeeld subtiele verlichting.

Referentiebeeld fietsparkeren - meubilair.

5 st./m, ca. 545 meter, in groepjes van dezelfde soort bij elkaar planten. 125/150

109

Corylus avellana 15%

125/150

82

Crataegus monogyna 30%

125/150

164

Eunoymus europaeus 10%

125/150

55

Sambucus nigra 10% Viburnum opulus 15%

125/150

55

125/150

82

Smulhaag bestaande uit:

3 st / m, ca. 35 meter.

Braam (ras n.t.b.)

80/100

21

Framboos (ras n.t.b.)

80/100

21

Ribes nigrum (zwarte bes)

80/100

21

Ribes rubrum (aalbes)

80/100

21

Ribes uva-crispa (kruisbes)

80/100

21

KLIMPLANTEN code soort

maat

bijzonderheden

aantal

Lp

Lonicera periclymenum

C3

Inheems

4

Ws

Wisteria sinensis

C3

Niet inheems

3

Referentiebeeld betonnen band ter markering oversteekplaats Bandijk. In combinatie met gebakken elementenverharding zorgt dit voor een fraai beeld.

0 KRUIDENRIJK GRASLAND code soort Mengsel Cruidthoeck (WV Weidevogelgeluk)

maat

bijzonderheden

aantal

-

1kg per 1000m2 – 1858m2

1858 gram

25m

Romy Zwiers Msc. landschapsarchitect 27-10-2023

Bandijk 25, Terwolde

Bijlage 2 Asbest onderzoek

6

INFORMATIEBLAD Soort onderzoek Asbestinventarisatie o.b.v. het Certificatieschema voor het Procescertificaat Asbestinventarisatie, zoals opgenomen in artikel 1.5a, onderdeel c, van het Arbeidsomstandighedenbesluit

Reikwijdte onderzoek*: Gehele bouwwerk of object Gedeelte van bouwwerk of object Bouwwerk of object en het gebied rondom het bouwwerk of object Uitsluitend het gebied rondom het bouwwerk of object * De omvang van het onderzoek wordt nader gespecificeerd in de samenvatting in dit rapport. Geschiktheid rapportage*, dit rapport is: Niet geschikt voor asbestverwijdering, risicobeoordeling noodzakelijk Geschikt voor de verwijdering van het in dit rapport genoemde asbesthoudende materiaal Voor renovatie zonder de bouwkundige integriteit aan te tasten Voor volledige renovatie of totaalsloop * De geschiktheid van deze rapportage wordt nader gespecificeerd in de samenvatting in dit rapport.

Risicobeoordeling Risicobeoordeling ten behoeve van sloop en verbouw (SMART) Risicobeoordeling in gebruiksfase (NEN 2991:2015) Aantal asbesthoudende bronnen Aantal monsters Aantal bladzijden Uitgevoerd door : SCA code : Email :

: : :

5 11 37

De heer Bertjan Heerze 51E-280121-511230 info@bestvision.nl

Best Vision Inventarisaties BV besteedt veel aandacht aan de uitvoering van de werkzaamheden. Alle werkzaamheden zijn uitgevoerd volgens de eisen, welke zijn vastgelegd in het Wettelijk Certificatieschema voor het Procescertificaat Asbestinventarisatie, zoals opgenomen in artikel 1.5a, onderdeel c, van het Arbeidsomstandighedenbesluit. Indien bij de voorbereiding van het daadwerkelijke verwijderen het inspectierapport ouder is dan 3 jaar, dan dient het inventarisatierapport getoetst te worden op de actualiteit. Alle door derden aangebrachte veranderingen en/of toevoegingen vallen niet onder de verantwoording van Best Vision Inventarisaties BV tenzij deze gegevens door het inventarisatiebureau zijn gevalideerd. De ondergetekende verklaart hierbij dat de technische inhoud van dit rapport is gecontroleerd en in overeenstemming is met de gemaakt afspraken.

de heer B.R. Heerze 51E-280121- 511230 Projectleider/Auteur

de heer T.H. Bakker 51E-280121- 511229 Interne Autorisatie/Technisch verantwoordelijke Locatie

:

Bandijk 25 7396 NB Terwolde voormalige dienstwoning en schuur

Omschrijving

:

Opdrachtgever

:

Aannemingsbedrijf Dubbink Vriezenveen bv Nieuwe Daarlerveenseweg 1-L 7671 SK Vriezenveen

Datum rapportage Datum uitvoering Datum autorisatie Vervaldatum

: : : :

14 maart 2023 3 maart 2023 14 maart 2023 14 maart 2026

LAVS Activeringscode

:

a1a539bf-3d71-41ce-9e62-ab4a50c30708

Projectnummer : 23BV24179

Versie: 0

Bedrijfsgegevens: Best Vision Inventarisaties BV Topaasstraat 19, 7554 TJ Hengelo

Tel: 074 2592703

Revisie master Verspreiding

08-21/rev.16 1x email (beveiligde pdf), 1x archief (digitaal)

: :

Website: www.bestvision.nl Email: info@bestvision.nl

Certificaat nr: 07-D070137 SCA code: 07-D070137.01

Revisieblad Revisie nummer Revisie nr. 1 Revisie nr. 2 Revisie nr. 3 Revisie nr. 4 Revisie nr. 5

Project nr. 23BV24179

Omschrijving

Bandijk 25

2

Inhoudsopgave 1

Samenvatting ............................................................................................................................................... 4 1.1

Samenvatting aangetroffen materialen ...................................................................................................... 4

2

Omschrijving opdracht ................................................................................................................................ 6

3

Inleiding ....................................................................................................................................................... 7 3.1

Aanleiding.................................................................................................................................................... 7

3.2

Doel ............................................................................................................................................................. 7

3.3

Opbouw rapport .......................................................................................................................................... 7

4

Plaatsen die buiten het doel van het onderzoek vallen ............................................................................. 8

5

Conclusie ..................................................................................................................................................... 9 5.1

SLOTOPMERKING ......................................................................................................................................... 9

Bijlage A:

Tekeningen en schetsen ......................................................................................................................... 10

Bijlage B:

Vooronderzoek........................................................................................................................................ 11

Bijlage C:

Bronbladen met foto's ............................................................................................................................. 15

Bijlage D:

Analyserapporten Laboratorium ............................................................................................................. 25

Bijlage E:

SMA-rt uitdraaien .................................................................................................................................... 26

Bijlage F:

Projectfoto's ............................................................................................................................................ 33

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

3

1

SAMENVATTING

In opdracht van Aannemingsbedrijf Dubbink Vriezenveen bv is er door De heer Bertjan Heerze (51E280121-511230) van Best Vision Inventarisaties BV op 3 maart 2023 een asbestinventarisatie uitgevoerd op de locatie Bandijk 25 te Terwolde (gemeente Voorst). 1.1

Samenvatting aangetroffen materialen

Tijdens het onderzoek zijn de volgende asbesthoudende bronnen aangetroffen: Bron

Ruimte

Bron

RisicoKlasse

4

Dienstwoning

Dakbeschot entree

5

Oude ketelhuis

Dakbeschot

6

Dienstwoning

Pakking lamellen radiator

1

8

Dienstwoning

Tegellijm wanden badkamer

2

9

Stoommachine ruimte kelder

Beglazingskit stalen kozijnen

1 of 1

2 2 of 1

Opm. : Voor overige informatie betreffende de bron(nen), wordt verwezen naar het betreffende bronblad

Tijdens het onderzoek zijn de volgende niet-asbesthoudende bronnen aangetroffen: Bron

Ruimte

Bron

1

Oude ketelhuis

Bitumen pasta langs kozijn

3

Oude ketelhuis

Beglazingskit houten kozijnen

7

Dienstwoning

Beglazingskit houten kozijnen

Tijdens het onderzoek zijn de volgende technische installaties aangetroffen: Bron

Ruimte

Bron

2

Oude ketelhuis

Vaillant vc 242 e

Asbest Nee

Het betreft een inventarisatie van de voormalige dienstwoning en schuur behorende bij het gemaal. Naar aanleiding van de voorgenomen verbouwing is een onderzoek naar de aanwezigheid van asbesthoudende materialen gedaan, die voorafgaande aan sloop of renovatie verwijderd dienen te worden. Aanvullende informatie en foto's omtrent het gebouw vindt u onder bijlage B (vooronderzoek) en Bijlage F (Projectfoto's). Specificatie van de omvang van het onderzoek De reikwijdte van de inventarisatie betreft: 'Gehele bouwwerk of object'. voormalige dienstwoning en schuur Toelichting: Het onderzoeksgebied omvat ten minste het gebied dat na de verwijdering van de asbesthoudende materialen visueel geïnspecteerd wordt als onderdeel van de eindbeoordeling met uitzondering van een eventuele transitroute, zijnde de route tussen de transitsluis en de decontaminatie-unit. In bijlage A is in de plattegrond van de projectlocatie duidelijk aangegeven welk (deel/delen van het) bouwwerk is/zijn onderzocht en indien van toepassing, duidelijk aangegeven wat door de inventariseerder wordt beschouwd als toekomstige saneringszone(s), c.q. onderzoeksgebied(en).

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

4

Geschiktheid rapportage Het rapport is geschikt voor: 'Geschikt voor de verwijdering van het in dit rapport genoemde asbesthoudende materiaal. Voor renovatie zonder de bouwkundige integriteit aan te tasten'.

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

5

2

OMSCHRIJVING OPDRACHT

In opdracht van Aannemingsbedrijf Dubbink Vriezenveen bv is door De heer Bertjan Heerze (51E280121-511230) van Best Vision Inventarisaties BV op 3 maart 2023 een asbestinventarisatie uitgevoerd op de locatie Bandijk 25 te Terwolde (gemeente Voorst). Het betreft een inventarisatie van de voormalige dienstwoning en schuur behorende bij het gemaal. Naar aanleiding van de voorgenomen verbouwing is een onderzoek naar de aanwezigheid van asbesthoudende materialen gedaan, die voorafgaande aan sloop of renovatie verwijderd dienen te worden. Ruimtes/ gebouwen en/of objecten die niet toegankelijk waren voor onderzoek worden vermeld in de samenvatting. Dit inventarisatierapport geeft de situatie weer zoals deze is aangetroffen tijdens de inventarisatiewerkzaamheden op de betreffende locatie. Best Vision Inventarisaties B.V. kan niet aansprakelijk worden gehouden voor wijzigingen die na de uitgevoerde inventarisatie op locatie worden aangebracht in of aan het bouwwerk, het object of het geïnspecteerde onderzoeksgebied. Bij wijzigingen in, op of aan het bouwwerk of asbesthoudende toepassingen dient deze rapportage te worden geactualiseerd naar de huidige situatie. Het onderzoek is uitgevoerd conform de eisen zoals gesteld in het Certificatieschema voor het Procescertificaat Asbestinventarisatie, zoals opgenomen in artikel 1.5a, onderdeel c, van het Arbeidsomstandighedenbesluit.

De inventarisatie van asbesthoudende materialen wordt uitgevoerd aan de hand van visuele waarnemingen van verdachte materialen door 1 of meerdere personen. De herkenning van verdachte materialen is gebaseerd op de ruime kennis en ervaring van de medewerkers van Best Vision Inventarisaties BV.

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

6

3

INLEIDING

3.1

Aanleiding

De aanleiding tot de asbestinventarisatie is dat ten behoeve van sloop/renovatie van de bouwkundige eenheid een sloopmelding vereist is. Ten behoeve van deze melding dient een asbestinventarisatie rapport overlegd te worden. 3.2

Doel

Het doel is na te gaan of het bouwwerk asbesthoudende materialen bevat, die met specifieke beschermende maatregelen verwijderd dienen te worden. 3.3

Opbouw rapport

In dit rapport wordt allereerst een samenvatting van de resultaten gegeven en een omschrijving van de opdracht. Vervolgens wordt de in het kader van dit onderzoek van belang zijnde wet- en regelgeving omtrent asbest besproken (hoofdstuk 4). In hoofdstuk 5 worden de gehanteerde methoden voor de veldwerkzaamheden en laboratoriumwerkzaamheden besproken. In hoofdstuk 6 worden de bevindingen van de monsteranalyse weergegeven. In hoofdstuk 7 wordt de tabel vermeld met de aangetroffen asbesthoudende bronnen. In hoofdstuk 8 wordt de conclusie van de inventarisatie vermeld. In de bijlagen worden respectievelijk vermeld de: tekeningen en schetsen, vooronderzoek, bronbladen met foto's, analysecertificaten en SMA-rt bladen.

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

7

4

PLAATSEN DIE BUITEN HET DOEL VAN HET ONDERZOEK VALLEN

In onderstaande tabel worden de onderdelen genoemd die buiten het doel van het onderzoek vallen. Type

Locatie

Materiaal

Waar te verwachten

Aanvullend onderzoek noodzakelijk

Uitsluiting

schoorsteen

buis

in kanaal

Aanvullend onderzoek naar uitsluitingen

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

8

5

CONCLUSIE

Er zijn in totaal 11 asbestanalyses uitgevoerd (de analyse certificaten staan onder bijlage D). Wij wijzen u op de verplichting de sanering te laten uitvoeren door een erkend asbestsaneringsbedrijf. Een erkend asbestsaneringsbedrijf beschikt over een procescertificaat asbestverwijdering. Geadviseerd wordt om de beheerders van het complex evenals te werk gestelde aannemers en installateurs op de hoogte te stellen van de bevindingen van dit onderzoek. De asbestinventarisatie wordt met de grootst mogelijke zorgvuldigheid uitgevoerd. Desondanks kan niet worden uitgesloten dat bij de sloop van het geïnspecteerde gebouw of object, aanvullende asbesthoudende materialen worden aangetroffen. Dit is een risico dat door middel van geen enkel onderzoek kan worden weggenomen. De uitgevoerde inventarisatie is een moment opname en het resultaat ervan is niet alleen afhankelijk van de inspanning van de inspecteur maar ook van diverse externe niet te beïnvloeden factoren. De uit te voeren inventarisatie is derhalve een inspanningsverplichting en geen resultaatsverplichting.

Best Vision Inventarisaties BV heeft, conform het Certificatieschema voor het Procescertificaat Asbestinventarisatie, zoals opgenomen in artikel 1.5a, onderdeel c, van het Arbeidsomstandighedenbesluit, tijdens het asbestinventarisatieproject gestreefd naar een zo volledig mogelijk detectie en registratie van aanwezige asbesthoudende materialen. Desondanks adviseren wij de te benaderen asbestsaneringsbedrijven een opname van de saneringslocatie te laten doen teneinde een indruk te krijgen van de situatie ter plaatse. Na sanering kan het wettelijk verplicht zijn een onafhankelijk geaccrediteerd laboratorium een vrijgave te laten doen, teneinde de saneerder te controleren op zijn werkzaamheden en te bepalen of de ruimtes veilig kunnen worden betreden. Het is in ieder geval raadzaam om een onafhankelijk laboratorium in te schakelen. Maar ook tijdens de sanering kan het verstandig zijn een onafhankelijk laboratorium of adviesbureau toezicht te laten houden op het project en controle uit te laten oefenen op de werkzaamheden. Ook een gehele project begeleiding vanaf het moment van het inschakelen van de saneerders tot en met de vrijgave is een te overwegen optie. Best Vision biedt haar diensten ook in opvolgende fases van het project graag aan. 5.1

SLOTOPMERKING

Bij elke inventarisatie die Best Vision Inventarisaties BV uitvoert wordt zeer systematisch te werk gegaan. Ondanks alle kwaliteitszorg, waaronder een continue aandacht op het proces en de inzet van ervaren en gekwalificeerde onderzoekers, is het in de praktijk mogelijk dat om verschillende redenen asbesthoudende of verdachte materialen niet worden waargenomen. Best Vision Inventarisaties BV aanvaardt geen aansprakelijkheid voor niet waargenomen asbesthoudende materialen tenzij sprake is van grove schuld bijvoorbeeld door opzet, e.e.a. conform de leveringsvoorwaarden van Best Vision Inventarisaties BV. Indien er tijdens werkzaamheden niet-gerapporteerde asbestverdachte toepassingen worden aangetroffen, dan zal Best Vision Inventarisaties BV een aanvullend onderzoek op locatie moeten uitvoeren. Hiervoor zal een separate overeenkomst worden aangegaan. Op al onze werkzaamheden zijn de algemene voorwaarden van Best Vision Inventarisaties BV van toepassing. Indien men voornemens is om werkzaamheden te gaan uitvoeren in het gebouw of aan een object, dan dienen de betrokken werknemers eerst op de hoogte te worden gesteld van het onderhavige inventarisatie rapport.

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

9

BIJLAGE A: TEKENINGEN EN SCHETSEN

Met een pijl zijn de bron en de plaats van monsterneming bij benadering aangeduid. Projectnr. Adres Plaats

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

23BV24179 Bandijk 25 Terwolde

10

Omvang onderzoeksgebied/ reikwijdte

3 2 1 7

5

4

Met een pijl zijn de bron en de plaats van monsterneming bij benadering aangeduid. Projectnr. Adres Plaats

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

23BV24179 Bandijk 25 Terwolde

11

8

verdieping

Ca 3 m 6

Met een pijl zijn de bron en de plaats van monsterneming bij benadering aangeduid. Projectnr. Adres Plaats

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

23BV24179 Bandijk 25 Terwolde

12

9

Met een pijl zijn de bron en de plaats van monsterneming bij benadering aangeduid. Projectnr. Adres Plaats

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

23BV24179 Bandijk 25 Terwolde

13

BIJLAGE B: VOORONDERZOEK De tijdens de inventarisatie aangetroffen situatie komt overeen met de situatie zoals opgenomen in het werkplan. Het vooronderzoek heeft de volgende aanvullende informatie opgeleverd; Voor zover bekend is niet eerder een asbestinventarisatie op de locatie uitgevoerd. Zover bekend zijn in het recente verleden geen asbestsaneringen uitgevoerd.

Gebruikte Literatuur en of website: -

Arbeidsomstandighedenwet Handboek Asbest; Verantwoord omgaan met en veilig werken aan asbesthoudende installaties, Intechnium Woerden, 2000 Productenbesluit Asbest Certificatieschema voor het Procescertificaat Asbestinventarisatie, zoals opgenomen in artikel 1.5a, onderdeel c, van het Arbeidsomstandighedenbesluit www. ascert.nl

De bouw van het pand is in hoofdlijn als volgt te beschrijven: Onderwerp Algemene informatie Type Bouw Dakconstructie Schoorsteen Kozijnen Hemelwaterafvoer Boeidelen Type vloer Vloerbedekking

Kruipruimte riolering Standleidingen Binnenwanden Plafonds Ventilatie algemeen Drempels Vensterbanken Verwarmingsinstallatie Type leidingisolatie

Beschrijving Overig tegelwerk is niet verdacht en of zetwerk in specie Traditioneel Dakpannen en Houten dakbeschot Metselwerk Beton kozijnen met siliconen beglazingskit en niet verdachte stopverf, witte kit langs kozijnen is siliconen kit. Dakramen met rubberafdichting PVC en Zink hout Beton Granietvloeren, asbestvrij vloerzeil, vloertegels is zetwerk in specie en of niet verdachte lijm, laminaat, tapijt (-tegels) en asbestvrij zeil met roodbruine/zwarte onderlaag Gietijzer PVC Gemetseld gipsplaten en Zachtboard Mechanische ventilatie met metalen (flexibele) buizen natuursteen en hout Vensterbanktegels en Travertin asbestvrije HR ketel en overige in het pand aanwezige lamellen radiatoren en/ paneelradiatoren zijn niet verdacht Synthetisch

Conclusie: De gegevens uit het deskresearch/ vooronderzoek en eventuele interviews zijn voldoende gebleken voor het onderzoek op de desbetreffende locatie. Het vooronderzoek voldoet aan de gestelde voorwaarden.

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

14

BIJLAGE C: BRONBLADEN MET FOTO'S

Bronnummer Bron Monsternummer

4 Dakbeschot entree M4

Locatie Materiaal Certificaatnummer Percentages (%) Hoeveelheid Bevestigingsmethode Binding Mate verweerdheid Mate beschadiging Risicoklasse Saneringstype Bereikbaarheid Saneringsurgentie

Dienstwoning Asbestcement vlakke plaat 2303-0512 Chrysotiel 2 - 5 % 1 x 7,5 m² Gespijkerd Hechtgebonden Niet verweerd Niet beschadigd 2 Open lucht met de best bestaande technieken Goed Saneren op korte termijn is niet noodzakelijk. Geadviseerd wordt het materiaal vóór sloopen/of renovatiewerkzaamheden te saneren

Opmerkingen

Foto 12 | Dakbeschot entree

Project nr. 23BV24179

Foto 13 | Dakbeschot entree

Bandijk 25

15

Bronnummer Bron Monsternummer

5 Dakbeschot M9

Locatie Materiaal Certificaatnummer Percentages (%) Hoeveelheid Bevestigingsmethode Binding Mate verweerdheid Mate beschadiging Risicoklasse Saneringstype Bereikbaarheid Saneringsurgentie

Oude ketelhuis Asbestcement vlakke plaat 2303-0512 Chrysotiel 5 - 10 % 1 x 145 m² Gespijkerd Hechtgebonden Niet verweerd Niet beschadigd 2 of 1 Open lucht met de best bestaande technieken Goed Saneren op korte termijn is niet noodzakelijk. Geadviseerd wordt het materiaal vóór sloopen/of renovatiewerkzaamheden te saneren Let op: Ligt op houten dakbeschot

Opmerkingen

Foto 14 | Plaatje op doorvoer in kap

Foto 15 | Dakbeschot

Foto 16 | Dakbeschot

Foto 17 | Dakbeschot

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

16

Bronnummer Bron Monsternummer

6 Pakking lamellen radiator M5

Locatie Materiaal Certificaatnummer Percentages (%) Hoeveelheid Bevestigingsmethode Binding Mate verweerdheid Mate beschadiging Risicoklasse Saneringstype

Dienstwoning Pakking 2303-0512 Chrysotiel 30 - 60 % 1 x 4 stuk(s) Asbesthoudend materiaal geheel omsloten Niet-hechtgebonden Niet verweerd Niet beschadigd 1 Geheel omsloten asbesthoudend materiaal direct verpakken Goed Saneren op korte termijn is niet noodzakelijk. Geadviseerd wordt het materiaal vóór sloopen/of renovatiewerkzaamheden te saneren tpv de wartels 4 pakkingen per radiator

Bereikbaarheid Saneringsurgentie

Opmerkingen

Foto 18 | Pakking lamellen radiator

Project nr. 23BV24179

Foto 19 | Pakking lamellen radiator

Bandijk 25

17

Bronnummer Bron Monsternummer

8 Tegellijm wanden badkamer M7 en M8

Locatie Materiaal Certificaatnummer Percentages (%)

Dienstwoning Lijm 2303-0512 M7: Chrysotiel 0,1 - 2 % M8: Chrysotiel 0,1 - 2 % 1 x 29 m² Gelijmd Hechtgebonden Niet verweerd Niet beschadigd 2 Containment met de best bestaande technieken Goed Saneren op korte termijn is niet noodzakelijk. Geadviseerd wordt het materiaal vóór sloopen/of renovatiewerkzaamheden te saneren Vloer is zetwerk in specie

Hoeveelheid Bevestigingsmethode Binding Mate verweerdheid Mate beschadiging Risicoklasse Saneringstype Bereikbaarheid Saneringsurgentie

Opmerkingen

Foto 22 | Tegelijk wanden badkamer

Foto 23 | Tegelijk wanden badkamer

Foto 24 | Tegelijk wanden badkamer

Foto 25 | Tegelijk wanden badkamer

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

18

Foto 26 | Tegelijk wanden badkamer

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

19

Bronnummer Bron Monsternummer

9 Beglazingskit stalen kozijnen M10 en M11

Locatie Materiaal Certificaatnummer Percentages (%)

Stoommachine ruimte kelder Beglazingskit 2303-0512 M10: Chrysotiel 0,1 - 2 % M11: Chrysotiel 0,1 - 2 % 3 x 5,2 m¹ Gekit Hechtgebonden Niet verweerd Niet beschadigd 1 of 1 Verwijderen obv werkmethodiek uit rapport landelijke afschaling chrysotielhoudende beglazingskit of Asbesthoudend materiaal op of aan een ander object in z'n geheel verwijderen Goed Saneren op korte termijn is niet noodzakelijk. Geadviseerd wordt het materiaal vóór sloopen/of renovatiewerkzaamheden te saneren

Hoeveelheid Bevestigingsmethode Binding Mate verweerdheid Mate beschadiging Risicoklasse Saneringstype

Bereikbaarheid Saneringsurgentie

Opmerkingen

Foto 27 | Beglazingskit stalen kozijnen

Foto 28 | Beglazingskit stalen kozijnen

Foto 29 | Beglazingskit stalen kozijnen

Foto 30 | Beglazingskit stalen kozijnen

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

20

Technische installaties Bronnummer Bron Betreft:

2 Vaillant vc 242 e Niet asbesthoudend

Opmerkingen

1988

Foto 6 | Vaillant vc 242 e

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

21

Niet asbesthoudende bronnen Bronnummer Bron Monsternummer

1 Bitumen pasta langs kozijn M1

Opmerkingen

Foto 1 | Bitumen pasta langs kozijn

Foto 2 | Bitumen pasta langs kozijn

Foto 3 | Bitumen pasta langs kozijn

Foto 4 | Bitumen pasta langs kozijn

Foto 5 | Bitumen pasta langs kozijn

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

22

Bronnummer Bron Monsternummer

3 Beglazingskit houten kozijnen M2 en M3

Opmerkingen

Foto 7 | Beglazingskit houten kozijnen

Foto 8 | Beglazingskit houten kozijnen

Foto 9 | Beglazingskit houten kozijnen

Foto 10 | Beglazingskit houten kozijnen

Foto 11 | Beglazingskit houten kozijnen

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

23

Bronnummer Bron Monsternummer

7 Beglazingskit houten kozijnen M6

Opmerkingen

Foto 20 | Beglazingskit houten kozijnen

Project nr. 23BV24179

Foto 21 | Beglazingskit houten kozijnen

Bandijk 25

24

BIJLAGE D: ANALYSERAPPORTEN LABORATORIUM

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

25

BIJLAGE E: SMA-RT UITDRAAIEN

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

26

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

27

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

28

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

29

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

30

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

31

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

32

BIJLAGE F: PROJECTFOTO'S Onderstaand worden de projectfoto's weergegeven.

Foto project

Foto project

Foto project

Foto project

Foto project

Foto project

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

33

Foto project

Foto project

Foto project

Foto project

Foto project

Foto project

Foto project

Foto project

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

34

Foto project

Foto project

Foto project

Foto project

Foto project

Foto project

Foto project

Foto project

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

35

Foto project

Foto project

Foto project

Foto project

Foto project

Foto project

Foto project

Foto project

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

36

Foto project

Foto project

Foto project

Foto project

Project nr. 23BV24179

Bandijk 25

37

Bandijk 25, Terwolde

Bijlage 3 Quickscan natuur Gemaal T erwolde

44

Quickscan natuur Gemaal Mr. A.C. Baron van der Feltz Terwolde Jeffrey Willems, 06-05-2021

COLOFON Quickscan natuur gemaal Mr. A.C. Baron van der Feltz, Terwolde Jeffrey Willems, 06-05-2021 OPDRACHTNEMER

idverde Advies Oude Apeldoornseweg 41 7333 NR Apeldoorn T 0553124070 E advies@idverde.nl

OPGESTELD DOOR GETOETST DOOR Opdrachtgever

Jeffrey Willems Stefan de Klepper Clafis Engineering Midden-Zuid B.V. Kerkstraat 19 6811 DL Arnhem

Projectnummer KENMERK

725210058 20210159

Status VERSIE DATUM

Definitief 2.0 10-05-2021

Copyright 2021 idverde. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of enige andere manier zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van idverde is niet aansprakelijk voor eventuele schade ontstaan bij gebruik van gegevens uit dit rapport.

2

Quickscan natuur – Gemaal Terwolde Clafis Engineering Midden-Zuid

INHOUD COLOFON

2

1

4

INLEIDING 1.1 Aanleiding 1.2 Doel 1.3 Leeswijzer

2

PLANGEBIED EN VOORGENOMEN INGREEP 2.1 Plangebied 2.2 Voorgenomen ontwikkeling

3

10 14 14 15 16 17 18 18 18

19 19 19 20 20 20

CONCLUSIE EN ADVIES 7.1 Gebiedsbescherming 7.2 Soortbescherming

3

10

TOETSING AAN DE WET NATUURBESCHERMING 6.1 Vleermuizen 6.2 Vogels 6.3 Grondgebonden zoogdieren 6.4 Algemene amfibieën 6.5 Algemene zorgplicht

7

8 8 9 9

ONDERZOEKSRESULTATEN SOORTEN 5.1 Algemene beschrijving plangebied 5.2 Vaatplanten 5.3 Grondgebonden zoogdieren 5.4 Vleermuizen 5.5 Vogels met jaarrond beschermde nestplaatsen 5.6 Algemene broedvogels 5.7 Vissen 5.8 Amfibieën en reptielen 5.9 Ongewervelde diersoorten

6

7 7 7 7

VERKENNING GEBIEDSBESCHERMING 4.1 Natura 2000 4.2 Geldersch Natuurnetwerk (GNN) 4.3 Conclusie

5

5 5 6

WERKWIJZE 3.1 Bronnenonderzoek 3.2 Biotooptoets 3.3 Effectenbeoordeling

4

4 4 4

Quickscan natuur – Gemaal Terwolde Clafis Engineering Midden-Zuid

21 21 21

1 Inleiding 1.1

Aanleiding

Gemaal Mr. A.C. Baron van der Feltz in Terwolde is verouderd en voldoet niet meer aan de eisen om ‘goed peilbeheer’ uit te kunnen voeren en dient gerenoveerd en uitgebreid te worden. Clafis Engineering heeft van Waterschap Vallei en Veluwe opdracht gekregen om de technische adviesdiensten in het voortraject voor werkzaamheden aan het gemaal te verzorgen. Onderzoek naar aanwezigheid van beschermde natuurwaarden vormt een onderdeel van dit voortraject. idverde Advies is door Clafis Engineering gevraagd om een ‘Quickscan natuur’ uit te voeren om te onderzoeken of mogelijk verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming worden overtreden door het uitvoeren van de werkzaamheden. Ook wordt bepaald of voorgenomen ontwikkeling conflicteert met provinciaal natuurbeleid.

Figuur 1. Bebouwing behorende tot het gemaal vanuit de Bandijk gezien.

1.2

Doel

Binnen het kader van de Wet natuurbescherming (Wnb) is het doel van het onderzoek te bepalen of de kans bestaat dat verbodsbepalingen ten aanzien van beschermde plant- en diersoorten worden overtreden door de voorgenomen ontwikkeling. Ook wordt bekeken of er Europees beschermde Natura 2000-gebieden (N2000) in de buurt van het plangebied liggen en of de instandhoudingsdoelstellingen van deze gebieden mogelijk negatieve effecten kunnen ondervinden door de voorgenomen plannen. Mogelijke effecten op Natuurnetwerk Nederland (NNN)-gebieden worden eveneens meegenomen in het onderzoek. Deze vallen onder provinciaal beleid en staan daarom los van het beschermingskader van de Wet natuurbescherming.

1.3

Leeswijzer

De ligging en begrenzing van het plangebied en de voorgenomen ingreep zijn beschreven in hoofdstuk 2. In hoofdstuk 3 is de onderzoeksmethode beschreven. In hoofdstuk 4 is een verkenning uitgevoerd naar de gebiedsbescherming (Wnb en beleid). In hoofdstuk 5 zijn de mogelijk aanwezige (beschermde) soorten beschreven en in hoofdstuk 6 is voor de mogelijk aanwezige beschermde soorten een effectenbeoordeling uitgevoerd. Hoofdstuk 7 geeft een overzicht van de conclusies en het advies van dit rapport.

4

Quickscan natuur – Gemaal Terwolde Clafis Engineering Midden-Zuid

2 Plangebied en voorgenomen ingreep 2.1

Plangebied

Gemaal Mr. A.C. Baron van der Feltz ligt in het Toevoerkanaal dat in verbinding staat met de IJssel en is gelegen aan de Banddijk in Terwolde. Het gemalencomplex bestaat uit bebouwing, omliggend terrein, de waterbodem en de aangrenzende oevers. In onderstaande figuren zijn de ligging en de omvang plangebied weergegeven.

Figuur 2. Overzicht van de ligging van het plangebied (rode stip; bron: Pdok.nl).

Figuur 3. Overzicht van het plangebied (rode omkadering; bron: Google Maps).

5

Quickscan natuur – Gemaal Terwolde Clafis Engineering Midden-Zuid

2.2

Voorgenomen ontwikkeling

Om het gemaal toekomstbestendig te maken zijn onderstaande werkzaamheden voorzien: • Uitbreiden bemalingscapaciteit • Aanpassen inlaatvoorziening zodat die ook in extreem lage waterstand van de IJssel functioneert • Complete interne revisie van het bestaande gemaal (incl. vervangen vacuüminstallatie en persleidingen) • Aanpassen/vervangen reiniger • Complete externe bouwkundige renovatie van het bestaande gemaal • Complete herinrichting van het gehele buitenterrein van het gemalencomplex • Uitbreken van de dienstwoning uit het voormalige stoomgemaal Het project bevindt zich in de voorbereidende fase en op dit moment staat de exacte omvang en intensiteit van de werkzaamheden nog niet vast. Om de effecten van de werkzaamheden op beschermde natuurwaarden te kunnen toetsen aan de Wet natuurbescherming zijn wij daarom uitgegaan van de volgende werkzaamheden: Werkzaamheden buitenterrein van complex en Toevoerkanaal: • Graafwerkzaamheden aan waterbodem en oevers binnen het plangebied • Complete herinrichting van het buitenterrein waarbij huidig maaiveld wordt vergraven. De houtwal ten noorden van het plangebied blijft behouden, evenals de opslagplaats.

Werkzaamheden aan bebouwing: • Renovatiewerkzaamheden aan bebouwing (dak, dakgoot, betimmering, buitenmuur) • Interne verbouwingen van het voormalige stoomgemaal De verwachte looptijd van de uitvoeringsfase is van 2023 t/m eind 2025, verdere details zijn vooralsnog niet bekend.

6

Quickscan natuur – Gemaal Terwolde Clafis Engineering Midden-Zuid

3 Werkwijze 3.1

Bronnenonderzoek

Voor het bronnen- en literatuuronderzoek zijn op 29 april 2021 de gegevens opgevraagd uit de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF). In de NDFF is rondom het plangebied een polygoon ingetekend. De polygoon is ruimer ingetekend dan het plangebied, namelijk in een straal van ca. 2 km rondom het plangebied, zodat voldoende informatie over soorten in de omgeving van het plangebied kon worden ingewonnen. Binnen dit polygoon zijn alle verspreidingsgegevens van beschermde soorten opgevraagd van de afgelopen vijf jaar. Door de polygoon ruimer in te tekenen dan het plangebied, is de verkregen dataset voldoende groot om te kunnen benutten voor dit onderzoek. Een uitzondering op bovenstaande is gemaakt voor beschermde vissen. Deze soortgroep is lastig waar te nemen waardoor het aantal meldingen beperkt is. Daarom is voor deze groep een specifiek polygoon ingetekend waarbij grotere delen van de IJssel (tussen Deventer en Veessen) en het Toevoerkanaal (tot aan de Lochemsestraat) zijn meegenomen. De uit de NDFF opgevraagde dataset bestond in totaal uit 4118 ‘records’ van beschermde soorten, waarvan het grootste deel waarnemingen betreft van vogels in naastgelegen uiterwaarden. Op basis van de beschikbare gegevens is een inschatting gemaakt van het voorkomen van beschermde soorten binnen het plangebied.

Eveneens is aan de hand van literatuuronderzoek gekeken naar de ligging van het plangebied ten opzichte van wettelijke beschermde N2000-gebieden en het planologisch beschermde Geldersch Natuurnetwerk (GNN). Hierbij is ook een verkenning uitgevoerd naar doelstellingen binnen betreffende gebieden.

3.2

Biotooptoets

De biotooptoets bestaat uit het uitvoeren van een veldbezoek met als doel een inschatting te maken van de ecologische kwaliteiten van het plangebied. De bevindingen van het bronnenonderzoek zijn hierbij in het veld getoetst en waar nodig aangevuld. In het bijzonder is gelet op gebouw-bewonende soorten (broedvogels en vleermuizen), (habitat voor) beschermde planten en aanwezigheid van sporen van bever en marterachtigen. Ook is het water op verschillende locaties bemonsterd met een schepnet. Op het moment dat het veldbezoek wordt uitgevoerd, zijn niet alle soorten zichtbaar aanwezig. Diersoorten zijn bijvoorbeeld alleen nachtactief of in een bepaalde periode van het jaar afwezig. Daarom zijn de eisen die soorten/soortgroepen met betrekking tot vaste rust- en verblijfplaatsen, foerageergebieden en migratierouten aan hun leefomgeving stellen, vergeleken met en getoetst aan de situatie in het veld. Het veldbezoek is op donderdag 15 april 2021 uitgevoerd door een ecoloog van idverde Advies (Jeffrey Willems). Het veldbezoek duurde van 7.30 tot 9.20 uur, de weersomstandigheden waren op dat moment helder, droog, 8 ⁰C en zwakke wind (2Bft).

3.3

Effectenbeoordeling

Op basis van de uitkomsten van het bronnen- en veldonderzoek is beoordeeld of het plan (negatieve) effecten kan hebben. Hierbij is waar mogelijk onderscheid gemaakt in effecten op korte en lange termijn. Indien sprake is van een conflictsituatie tussen de aanwezigheid van beschermde soorten en de geplande ruimtelijke ingreep, is in onderhavige rapportage aangegeven welke voorzorgsmaatregelen genomen moeten worden om negatieve effecten op beschermde soorten te voorkomen. Als negatieve effecten door het nemen van voorzorgsmaatregelen niet te voorkomen zijn, is aangegeven welke mitigerende maatregelen noodzakelijk zijn en/of een ontheffing aangevraagd dient te worden.

7

Quickscan natuur – Gemaal Terwolde Clafis Engineering Midden-Zuid

4 Verkenning gebiedsbescherming 4.1

Natura 2000

Bescherming van N2000 gebieden is binnen de Wnb onderverdeeld in de Vogelrichtlijn en de Habitatrichtlijn. Binnen een N2000 gebied kunnen deelgebieden aangewezen zijn als Vogelrichtlijngebied, Habitatrichtlijngebied of beide. Het plangebied grenst direct aan het N2000 gebied ‘Rijntakken’. Het deel van het Toevoerkanaal tussen het gemaal en de IJssel valt binnen de begrenzing van het N2000 gebied. Het grootste deel van het N2000 gebied is aangewezen als Vogelrichtlijngebied (Fig. 4). Daarnaast zijn op 1,75 en op 2,75 kilometer afstand ten noorden van het plangebied enkele delen aangewezen als Vogel- en Habitatrichtlijngebied, bestaande uit het habitattype H91E0A Vochtige alluviale bossen (zachthoutooibossen). Binnen het Vogelrichtlijngebied zijn verschillende doelsoorten aanwezen als broedvogel en niet-broedvogel, waarvan de meeste soorten ook daadwerkelijk zijn waargenomen in de directe omgeving van het plangebied (NDFF). De werkzaamheden ter plaatse zijn relatief omvangrijk en de afstand tot het N2000 gebied is gering. De werkzaamheden zouden daarmee kunnen zorgen voor wezenlijke verstoring van Vogelrichtlijnsoorten binnen het N2000 gebied. In een Voortoets moet bepaald worden in hoeverre de werkzaamheden verstorend werken en welke maatregelen genomen kunnen worden om deze verstoring te voorkomen.

Gezien de relatief grote afstand tussen het plangebied en de Habitatrichtlijngebieden is uitgesloten dat de voorgenomen werkzaamheden op een directe wijze negatieve effecten hebben op de instandhoudingsdoelstellingen van deze gebieden. Wel is mogelijk sprake van indirecte negatieve effecten in de vorm van stikstofdepositie. De werkzaamheden zullen (deels) uitgevoerd worden met zware machines, deze machines kunnen zorgen voor stikstofdepositie op het Habitatrichtlijngebied. Om te bepalen of er sprake is van significante stikstofdepositie moet worden bepaald met een Aeriuscalculatie. Vervolgens wordt in de Voortoets getoetst in hoeverre sprake is van negatieve effecten van stikstofdepositie op de beschermde gebieden.

Figuur 4. Ligging van het plangebied (rood) t.o.v. de dichtstbijzijnde N2000 Vogelrichtlijngebieden (blauw) en de N2000 Vogelen Habitatrichtlijngebieden (groen gearceerde gebieden) (bron: provincie Gelderland).

8

Quickscan natuur – Gemaal Terwolde Clafis Engineering Midden-Zuid

4.2

Geldersch Natuurnetwerk (GNN)

Het plangebied grenst aan het Gelders Natuurnetwerk (Fig. 5). Direct ten zuiden van het plangebied, en deels overlappend, is de oostelijke zijde van de dijk aangemerkt als glanshaverhooiand. Ten noordwesten van het plangebied is een boomgaard aangemerkt als Groen-Blauw Landschapselement. De boomgaard die is aangemerkt als GNN valt buiten het plangebied, voorgenomen werkzaamheden hebben geen effect op deze locatie. Het plangebied overlapt deels met een deel van het GNN dat is aangemerkt als glanshaverhooiland. Dit overlappende deel bestaat op dit moment echter overwegend uit kale/schrale grond doordat het onderdeel vormt van een oprit/inrit. Deze situatie blijft ook na uitvoering van de maatregelen hetzelfde, van negatieve effecten door voorgenomen ontwikkeling is dus geen sprake.

Figuur 5. De ligging van Gelders Natuurnetwerk met beheertypen Groen-Blauw landschapselement (licht groen gestreept) en Glanshaverhooiland (olijfgroen) ten opzichte van het plangebied (rood omkaderd) (bron: provincie Gelderland).

4.3

Conclusie

Door de voorgenomen ontwikkeling binnen het plangebied treden mogelijk negatieve effecten op met betrekking tot de gebiedsbescherming in het kader van de Wet natuurbescherming. In hoeverre sprake is van negatieve effecten dient te worden bepaald door uitvoering van een Voortoets en Aeriuscalculatie. Voorgenomen werkzaamheden hebben geen negatieve effecten met betrekking tot provinciale gebiedsbescherming (GNN).

9

Quickscan natuur – Gemaal Terwolde Clafis Engineering Midden-Zuid

5 Onderzoeksresultaten soorten 5.1

Algemene beschrijving plangebied

Het plangebied bestaat uit een gemaalcomplex aan de Bandijk ten zuiden van Terwolde. Het complex bestaat uit een deel van het Toevoerkanaal, de bebouwing en het buitenterrein van het complex. Het Toevoerkanaal vormt een verbinding tussen de IJssel en de Groote Wetering. Het kanaal is ongeveer 6,2 kilometer lang en gemiddeld ongeveer 20 meter breed. Ter hoogte van het gemaal bedraagt de breedte ongeveer 40 meter. Ten westen van het gemaal zijn de oevers beschoeid (Fig. 6). De vegetatie op de oevers bestaat voornamelijk uit ruige grassen en riet, lokaal groeien verder op de oevers wilgen en bramen. Ten oosten van het gemaal zijn de oevers gedeeltelijk bekleed met stenen. Hoger op de oevers bestaat de vegetatie uit ruig gras, riet, bramen en wilgen (Fig. 7).

Figuur 6. Impressie Toevoerkanaal ten westen van het gemaal.

10

Quickscan natuur – Gemaal Terwolde Clafis Engineering Midden-Zuid

Figuur 7. Impressie Toevoerkanaal ten oosten van het gemaal. De bebouwing van het gemaalcomplex bestaat uit twee gebouwen (Fig. 8). Het meest noordelijke gebouw stamt uit het begin van de 20e eeuw en herbergt het oorspronkelijke stoomgemaal. Later is het gebouw ingericht als woning voor de machinist van het gemaal en tot voor kort werd het gebouw antikraak bewoond. Het gebouw verkeert ondanks de leeftijd in relatief solide toestand. Enkele muren vertonen scheuren en het dak, inclusief dakbeschot en dakgoot, zijn aan renovatie toe. Tijdens de quickscan is het gebouw niet van binnen onderzocht.

Figuur 8. Impressie van het plangebied, de bebouwing bestaat uit twee losse gebouwen. 11

Quickscan natuur – Gemaal Terwolde Clafis Engineering Midden-Zuid

Het zuidelijke gebouw stamt uit 1951 en herbergt het huidige gemaal. Het gebouw lijkt in relatief goede staat. Wel zijn het dak, de betimmering en de dakgoten aan renovatie toe. De binnenzijde van het gebouw is netjes afgewerkt en goed onderhouden, het gemaal is nog in bedrijf (Fig. 9).

Figuur 9. Impressie van de zuidelijke gevel van het zuidelijke gebouw. Aan deze zijde zijn verschillende roosters aanwezig waar vleermuizen gebruik van kunnen maken. Het buitenterrein van het complex is relatief rommelig/natuurlijk en begroeid met verschillende struiken en ruigtekruiden als braam en riet, vooral aan de rand van het water (Fig. 10). De gazons aan de achterzijde van het gemaal herbergen verschillende kruiden als dovenetel, biggenkruid en madeliefjes. Direct ten zuidwesten van de bebouwing, binnen het plangebied, is één boom aanwezig (Fig. 9). Het meest noordwestelijke deel van buitenterrein van het complex wordt gebruikt als opslagplaats van bouwmaterialen en als tijdelijk depot voor groenafval (Fig. 11). Aan de noordzijde van de opslagplaats is een houtwal aanwezig.

12

Quickscan natuur – Gemaal Terwolde Clafis Engineering Midden-Zuid

Figuur 10. Impressie van de achterzijde van het gemaal.

Figuur 11. Impressie van het noordwestelijke deel van het buitenterrein van het gemaal dat wordt gebruikt als opslagplaats.

13

Quickscan natuur – Gemaal Terwolde Clafis Engineering Midden-Zuid

5.2

Vaatplanten

Bronnenstudie In de omgeving van het plangebied zijn geen waarnemingen van beschermde vaatplanten bekend. Veldbezoek Tijdens het veldbezoek zijn geen wettelijk beschermde vaatplanten aangetroffen. De groeicondities op de oevers van het Toevoerkanaal vormen geen geschikt habitat voor beschermde planten door de voedselrijkdom, de sterke dominantie van ruigtekruiden en het relatief intensieve beheer op de hogere delen van de oevers. Hier zijn, naast grassen, soorten waargenomen als braam, wilg, boterbloem, riet en verschillende andere algemene soorten van ruigere voedselrijke vegetaties. Ook het buitenterrein van het gemaal vormt geen geschikt habitat voor beschermde planten wegens de hoge voedselrijkdom van de bodem en de beperkte beschikbaarheid van groeiplaatsen door dominantie van ruigtekruiden. De muren van het gemaal bestaan uit beton en zijn in redelijke conditie waardoor ze onvoldoende geschikt zijn als groeiplaats voor muurplanten. In het gazon zijn soorten als dovenetel, braam, madelief, boterbloem en andere algemene soorten waargenomen (Fig. 12). In de rest van het buitenterrein zijn verschillende algemene ruigere soorten als distels, brandnetel en braam waargenomen. Daarnaast bevat het buitenterrein struikvormers als laurierkers, prunus en wilg. Aanwezigheid van beschermde vaatplanten is uitgesloten, verdere stappen in het kader van de Wnb zijn niet nodig.

Figuur 12. Impressie van het gazon aan de achterzijde van het gemaal.

5.3

Grondgebonden zoogdieren

Bronnenstudie In de omgeving van het plangebied zijn verschillende waarnemingen van bever bekend. Het gros van de waarnemingen is afkomstig uit een plas op ongeveer 500 meter ten zuidoosten van het plangebied waar ook indicaties voor een burcht zijn waargenomen. Binnen het plangebied zijn echter ook waarnemingen van bever gedaan, het betreft 4 waarnemingen van knaagsporen uit de periode 2016 – 2019.

14

Quickscan natuur – Gemaal Terwolde Clafis Engineering Midden-Zuid

In de omgeving van het plangebied zijn daarnaast enkele waarnemingen bekend van boommarter, eekhoorn, steenmarter, bunzing en wezel. Dit betreft waarnemingen van enkele individuen op minimaal 500 meter afstand van het plangebied. Ook zijn enkele dassen waargenomen in een hoger gelegen bosgebied aan de overzijde van de IJssel. Daarnaast zijn een aantal algemenere zoogdieren aangetroffen zoals haas, konijn, vos, egel en bosmuis. Haas en egel zijn op enkele tientallen meters tot het plangebied waargenomen. Veldbezoek Tijdens het veldbezoek zijn geen (sporen van) grondgebonden zoogdieren waargenomen. Het plangebied vormt geen geschikte locatie voor vaste verblijfplaatsen van de bever. Het gebied is grotendeels open en het plangebied wordt relatief intensief gebruikt waardoor sprake is van een hoge mate van verstoring. Wel kan het plangebied onderdeel vormen van het foerageergebied van de bever. Binnen het plangebied zijn echter beperkt wilgen of waterplanten aanwezig die als voedsel kunnen dienen, het plangebied vormt daardoor geen optimaal geschikt foerageergebied. Verder ten westen van het plangebied, of in de uiterwaarden van de IJssel, is dergelijk optimaal habitat wel aanwezig.

Aangezien de werkzaamheden slechts beperkt blijven tot het plangebied kan worden geconcludeerd dat geen sprake is van negatieve effecten op het foerageergebied van de bever bij uitvoering van voorgenomen werkzaamheden. Aanwezigheid van vaste verblijfplaatsen van boommarter en eekhoorn binnen het plangebied is uitgesloten. De aanwezige bomen in de houtwal ten noorden van de opslagplek zijn niet van voldoende omvang om nestgelegenheid voor boommarter te kunnen bieden. Nesten van eekhoorn zijn niet waargenomen. Aangezien de bomenrij geen verbinding vormt tussen andere houtwallen of bossen, maar bestaat uit een geïsoleerde rij bomen, is het hoogst onwaarschijnlijk dat het een onderdeel vormt van het foerageergebied van bovengenoemde soorten. Aanwezigheid van optimaal foerageergebied binnen het plangebied voor boommarter of eekhoorn is daarmee uitgesloten. Vaste verblijfplaatsen van steenmarter in de bebouwing zijn uitgesloten. De bebouwing herbergt geen openingen waardoor een steenmarter het gebouw kan betreden. Het zuidelijke gebouw is bovendien in gebruik als werkzaam gemaal. Het noordelijke gebouw was tot voor kort bewoond door mensen. In de directe omgeving van het plangebied liggen verschillende (voorheen) boerenerven met deels vervallen bebouwing die hoogstwaarschijnlijk wel geschikte verblijfplaatsen bevatten voor steenmarter.

Dergelijke erven vormen bovendien optimaal geschikt foerageergebied voor de steenmarter. Steenmarters zijn echter erg mobiel, het is dus mogelijk dat het plangebied incidenteel wordt bezocht door een steenmarter. Het plangebied vormt door de geringe omvang echter geen essentieel deel van het foerageergebied. Voorgenomen werkzaamheden hebben daarmee geen wezenlijke invloed op het foerageergebied van de steenmarter. Het buitenterrein van het complex vormt geen geschikte locatie voor vaste verblijfplaatsen van das door de geringe omvang en de grotendeels vochtige omstandigheden. Ook in de directe omgeving van het plangebied is geen geschikt habitat aanwezig voor vaste verblijfplaatsen, de laaggelegen gronden zijn te vochtig voor dassenburchten en het open landschap biedt weinig beschutting. De dichtstbijzijnde waarnemingen van das zijn afkomstig uit een hoger gelegen bosgebied aan de overzijde van de IJssel, op ongeveer 1,5 kilometer afstand ten oosten van het plangebied. Het is dan ook niet aannemelijk dat het plangebied onderdeel vormt van het foerageergebied van das. Voor kleine marterachtigen als bunzing, wezel of hermelijn kan een deel van het buitenterrein, naast een functie als onderdeel van het foerageergebied, echter wel een verblijfsfunctie vervullen. In de directe omgeving van het gemaal zijn geen holen van konijn, ratten of muizen waargenomen.

In de houtwal ten noorden van de opslagplaats kunnen dergelijke holen echter wel aanwezig zijn. Ook kunnen hopen met snoeiafval of stapels met bouwmateriaal worden gebruikt als (tijdelijke) verblijfplaats. De houtwal, evenals de aangrenzende opslagplaats, blijven bij voorgenomen werkzaamheden gehandhaafd. Ook kan het plangebied worden gebruikt door soorten als egel, konijn, haas en vos. Gezien de beperkte omvang van het plangebied zou het hierbij kunnen gaan om een gebruiksfunctie als foerageergebied of (tijdelijke) schuilplaats.

5.4

Vleermuizen

Bronnenstudie In de omgeving van het plangebied zijn verschillende waarnemingen bekend van vleermuizen. Het gros van deze waarnemingen is afkomstig uit een plas op ongeveer 1 km afstand ten zuidoosten van het plangebied. Daarnaast zijn relatief veel waarnemingen bekend uit de meest noordwestelijk gelegen wijk van Deventer. In het buitengebied zijn slechts enkele waarnemingen doorgegeven. De meest algemeen waargenomen soorten zijn gewone dwergvleermuis en laatvlieger. Daarnaast zijn soorten als gewone grootoorvleermuis, rosse vleermuis, ruige dwergvleermuis en watervleermuis waargenomen. 15

Quickscan natuur – Gemaal Terwolde Clafis Engineering Midden-Zuid

Veldbezoek De boom binnen het plangebied en de bomen grenzend aan het plangebied bevatten geen holtes die mogelijk door vleermuizen als vaste rust- en/of verblijfplaats kunnen worden gebruikt. In het noordelijke gelegen gebouw zijn kieren aanwezig tussen de dakpannen die vleermuizen toegang kunnen geven tot het dak. Ook de betimmering aan de westelijke gevel is toegankelijk voor vleermuizen (Fig. 13). Van een spouwmuur is geen sprake. Het noordelijk gelegen pand herbergt hierdoor mogelijk vaste kraam- zomer- en/of paarverblijfplaatsen van vleermuizen.

Figuur 13. Het noordelijk gelegen gebouw gezien vanuit de westzijde, de betimmering van de gevel is voldoende toegankelijk voor vleermuizen. In het dak van het zuidelijk gelegen gebouw zijn geen noemenswaardige kieren aangetroffen die vleermuizen toegang kunnen bieden tot het dak. Wel zijn verschillende ventilatieroosters aanwezig die vleermuizen toegang bieden tot de spouw. Het zuidelijk gelegen pand herbergt hierdoor mogelijk vaste Winter-, kraam- zomer- en/of paarverblijfplaatsen van vleermuizen. Naast vaste rust- en verblijfplaatsen maken vleermuizen gebruik van vaste vliegroutes, veelal in de vorm van lijnvormige elementen. Het Toevoerkanaal vormt een lijnvormig element waarlangs mogelijk een vaste vliegroute voor vleermuizen aanwezig is.

5.5

Vogels met jaarrond beschermde nestplaatsen

Bronnenstudie In de omgeving van het plangebied zijn waarnemingen bekend van vrijwel alle vogelsoorten met jaarrond beschermde nesten zoals buizerd, huismus, gierzwaluw, steenuil en ooievaar. De meest frequent waargenomen soorten zijn ooievaar, buizerd, steenuil, roek, huismus en sperwer. Binnen het plangebied zelf zijn alleen twee waarnemingen van een overvliegende havik bekend. Alle waarnemingen betreffen ‘losse’ waarnemingen, waarnemingen die niet per se duiden op aanwezigheid van nesten. Veldbezoek Tijdens het veldbezoek zijn in totaal 17 huismussen waargenomen, waarvan in ieder geval 6 mannetjes. Bij aanvang van het veldbezoek zijn in de westelijke dakgoten van de gebouwen 3 mannetjes waargenomen. In de oostelijke dakgoten van gebouwen zijn 2 vrouwtjes waargenomen. Deze waarnemingen duiden op aanwezigheid van vaste verblijf-/nestplaatsen van huismus. 16

Quickscan natuur – Gemaal Terwolde Clafis Engineering Midden-Zuid

Gedurende het veldbezoek vlogen de vogels vanuit de dakgoten naar het struikgewas binnen het buitenterrein ten westen van het gemaal. Dit struikgewas is in gebruik als kwetterplek voor in totaal 17 huismussen. Ook het braamstruweel tussen de twee gebouwen werd meermaals bezocht door enkele huismussen. Het groen in het buitenterrein van het complex vormt hiermee essentieel onderdeel van de vaste verblijfplaatsen van huismus. Ook zijn tijdens het veldbezoek 7 nesten van huiszwaluw aangetroffen aan de gevel van het noordelijk gelegen gebouw (Fig. 13). Daarnaast herbergt het dak van het noordelijke gebouw, vooral de zijkanten van het dak, kieren die toegankelijk zijn voor gierzwaluw. Het gebouw herbergt hiermee mogelijk vaste nestplaatsen van gierzwaluw. Voor andere gebouw-bewonende vogels met jaarrond beschermde nesten als steenuil en kerkuil is de bebouwing onvoldoende toegankelijk. In de bomenrij ten noorden van de opslag, of in andere bomen of struiken in het plangebied, zijn geen nesten waargenomen. Voor andere vogels met jaarrond beschermde nesten herbergt het plangebied geen geschikt habitat en is het niet omvangrijk genoeg.

Figuur 13. De gevel van het noordelijke gebouw herbergt enkele nesten van huiszwaluw (rode cirkels).

5.6

Algemene broedvogels

Bronnenstudie In de omgeving van het plangebied zijn relatief veel waarnemingen bekend van algemene broedvogels. Hierbij gaat het om 182 verschillende soorten. Het gros van de waarnemingen betreft ‘losse’ waarnemingen, veelal gedaan in de uiterwaarden van de IJssel. De meest frequent waargenomen soorten zijn scholekster, bergeend, grote Canadese gans, kolgans en grauwe gans Binnen het plangebied zijn waarnemingen bekend van kneu, scholekster, fuut en witte kwikstaart. Dit betreft algemene waarnemingen, geen waarnemingen die nestlocaties indiceren. Veldbezoek Tijdens het veldbezoek zijn twee houtduiven, een merel en enkele meerkoeten waargenomen. Overige algemene broedvogels zijn niet waargenomen. Het plangebied vormt geschikt broedgebied voor verschillende algemene broedvogels die gebruik maken van oevers en struikgewas. Bij uitvoering van de werkzaamheden dient dan ook rekening gehouden te worden met het broedseizoen van deze vogels. 17

Quickscan natuur – Gemaal Terwolde Clafis Engineering Midden-Zuid

5.7

Vissen

Bronnenstudie In de omgeving van het plangebied zijn enkele waarnemingen bekend van beschermde vissen. Uit de IJssel, op enkele kilometers afstand tot het plangebied, zijn twee waarnemingen bekend van de houting. Overige beschermde soorten zijn niet waargenomen. Veldbezoek Bij bemonstering van het water van het Toevoerkanaal zijn geen vissen aangetroffen, ook geen algemene soorten. Door de troebelheid van het water en de diepte, en daarmee de lastige bereikbaarheid van de bodem, was het niet mogelijk om een compleet beeld te schetsen van de potentie van het Toevoerkanaal voor beschermde vissen. De vissen die beschermd zijn onder de Wnb zijn echter zeldzaam en kennen veelal een beperkt verspreidingsgebied. Bovendien stellen ze zeer expliciete eisen aan hun leefomgeving zoals helder stormend water met grindbodems, weelderige beplanting of diepe modderlagen. Dergelijke omstandigheden zijn niet aanwezig binnen het plangebied. Op basis van de verspreiding en zeldzaamheid van de beschermde vissen, en de expliciete eisen die de soorten stellen aan hun leefomgeving, kan worden geconcludeerd dat het plangebied geen essentieel onderdeel vormt van het leefgebied van beschermde vissen. Verdere vervolgstappen in het kader van de Wnb zijn niet nodig.

5.8

Amfibieën en reptielen

Bronnenstudie In de omgeving zijn enkele waarnemingen bekend van amfibieën. Hierbij gaat het hoofdzakelijk om waarnemingen van algemene soorten als gewone pad, bruine kikker en kleine watersalamander. In 2019 is echter ook een poelkikker waargenomen op ongeveer 1 km ten westen van het plangebied. Reptielen komen niet voor in dit gebied, dichtstbijzijnde waarneming van reptielen is afkomstig uit Apeldoorn. Veldbezoek Tijdens het veldbezoek is gelet op het voorkomen van geschikte biotopen voor amfibieën. Naar alle waarschijnlijkheid herbergt het plangebied verschillende algemene soorten vissen die prederen op de eieren of larven van amfibieën. Bovendien beschikt het plangebied niet over schoon, helder water met weelderige beplanting. Hiermee is het plangebied ongeschikt als voorplantingswater voor poelkikker. Andere strikt beschermde soorten komen niet voor in deze omgeving of stellen zeer specifieke eisen aan hun habitat waaraan het plangebied niet voldoet. De ondiepere delen van het Toevoerkanaal, vooral de delen waar veel riet staat, kunnen fungeren als voortplantingswater voor algemeen voorkomende amfibieën als gewone watersalamander, bruine kikker en gewone pad. Ook kan het buitenterrein van het complex fungeren als landhabitat voor dergelijke soorten. Het voorkomen van algemeen voorkomende amfibieën is niet zondermeer uit te sluiten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13795723/2