Notulen raadsvergadering 30 januari 2025 (get.)
Tekst van het document
Notulen raadsvergadering
NOTULEN van de vergadering van de raad van de gemeente Voorschoten, gehouden op 30 januari 2025 vanaf 20.00 uur. Voorzitter: mevrouw N. Stemerdink, burgemeester. Griffier: de heer B.J. Urban. Aanwezige leden: de heer mr. drs. C. Bremmer, mevrouw R.E. de Bruin-Van Alphen, de heren A. Deuzeman, W.J. van Duivendijk en G. van den Ende, mevrouw C.L. Ilić, mevrouw P.T.M. Kortekaas-Warmerdam, mevrouw J.G. van der Krogt, de heren P. 't Lam, B. Lavrijsen en E.M.L.H. Maassen, mevrouw K.S. van Meenen, mevrouw E. Mieremet, de heer M.P.A. van Oostrum, mevrouw M.H.R. Persoon, de heren A.L.R. Posthuma en B.W. Reinke, mevrouw J.C. Schroot, mevrouw H.M. van der Wende, mevrouw P. Wijnen en mevrouw M.J.T. Zoun. Aanwezige wethouders: de heer P. de Bruijn, de heer C.J. van der Elst en de heer H.G. Schokker.
1.
Opening, mededelingen en vaststelling agenda
De voorzitter: Ik open hierbij de raadsvergadering van 12 december 2024. Ik heet u van harte welkom. Zoals u hoort, is mijn stem niet optimaal. Ik dank degene die hoestpastilles bij me heeft neergelegd. Mocht mijn stem het laten afweten, dan weet ik dat we een heel goede plaatsvervanger in ons midden hebben, maar ik ga proberen om de vergadering te voltooien. Ik heb geen berichten van verhindering ontvangen. De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. De spreektijden zijn negen minuten per fractie en zestien minuten voor het college. 2.
Vaststellen raadsnotulen van 12 december 2024
De notulen worden ongewijzigd vastgesteld. 3. 3.1. 3.2. 3.3.
Lijst van ingekomen stukken voor de gemeenteraad Brieven van instellingen of burgers; Informatiebrieven van het college van B en W Schriftelijke beantwoording van vragen uit de raad
Er wordt besloten overeenkomstig de voorstellen tot afdoening. 4.
Vragenuurtje en actuele bestuurlijke aangelegenheden
De voorzitter: De heer Maassen van de SP heeft vragen aangekondigd over de uitvoering van motie 339. Hierin heeft de raad verzocht ervoor te zorgen dat huishoudens met kinderen in Voorschoten geen financiële nadelen ondervinden van de invoering van het nieuwe dynamische minimabeleid. Na het vragenuurtje zal wethouder Van der Elst twee bestuurlijke mededelingen doen. De procedure voor het vragenuurtje is als volgt: na de vragen van de heer Maassen komt de beantwoording door de portefeuillehouder. In de tweede termijn krijgt de heer Maassen de gelegenheid om vervolgvragen te stellen, evenals uiteraard de rest van de raad. Dus geen debat of lange betogen. Die zal ik ook afkappen. Het is een vragenuur; het gaat dus om vraag en antwoord. Uitvoering van motie 339
Raadsvergadering 30 januari 2025
1
De heer Maassen (SP): Voorzitter. Ik hoop dat u me een korte inleiding toestaat, want anders is het zo droog. Het klinkt immers heel droog, "mondelinge vragen over raadsinformatiebrief 7 over het vervolg van motie 339", maar daar zit een hele wereld achter. Vorig jaar in september heeft deze raad gedebatteerd over het minimabeleid. Daarbij kreeg het college eigenlijk de opdracht om voor hetzelfde geld meer mensen te benaderen en meer mensen te betrekken bij het minimabeleid. Dat kan eigenlijk maar op één manier, namelijk door de mensen die al iets krijgen, minder te geven of minder toe te staan. Dat zat ons niet goed. De fractie van de SP heeft toen dus met een aantal andere fracties motie 339 opgesteld. Daarin vroegen we het college om ervoor te zorgen dat gezinnen met kinderen die gebruikmaken van het minimabeleid, er niet op achteruit zouden gaan. Die motie is aangenomen omdat behalve de indienende partijen ook Voorschoten Lokaal ervoor stemde. Nu zegt het college wat toen eigenlijk ook al bleek: u geeft ons twee tegengestelde opdrachten; wij kunnen niet én meer mensen bereiken én zorgen dat de gezinnen met kinderen die nu al in het minimabeleid zitten, er niet op achteruitgaan én niet meer uitgeven dan we nu doen.
Het is een beetje alsof je een zak met snoepjes hebt die je onder twee kinderen verdeelt, waarna er twee bij komen en je dan zegt dat iedereen evenveel snoepjes moet krijgen. Dat kan niet als je niet meer snoepjes koopt. Daarom heb ik een vraag aan het college. Het college geeft in de informatiebrief aan dat er 1 ton extra nodig is om ervoor te zorgen dat het nieuwe minimabeleid met nieuwe groepen erbij kan worden uitgevoerd en dat tegelijkertijd die gezinnen met kinderen er niet op achteruitgaan. Mijn vraag aan het college is of het bereid is om in de Voorjaarsnota van dit jaar alsnog een plan te presenteren om dat extra geld te zoeken, zodat zowel het aangenomen beleid als de aangenomen motie kunnen worden uitgevoerd. Wethouder De Bruijn: Voorzitter. Over dit onderwerp hebben we inderdaad al een aardig debat gehad, ook in de raad. Ongeveer dezelfde vragen zijn ook destijds behandeld. Als we de motie op dit moment zouden uitvoeren, hebben we inderdaad € 102.000 extra nodig. Op dit moment hebben we dat niet zo op de plank liggen. Er werd eerder gevraagd of dat echt ligt aan die budgetneutraliteit. Het gaat natuurlijk wat verder. We weten allemaal dat we richting 2026, de ravijnjaren die eraan komen, ook nog andere vervelende keuzes zullen moeten maken. Met de Kadernota die eraan komt, zullen er dus ook andere ombuigingen voorliggen.
De SP vraagt of ik van plan ben om met een plan daarvoor te komen. Het eerlijke antwoord is wat dat betreft dat ik denk dat we met die Kadernota met elkaar in samenhang moeten kijken welke ombuigingen er allemaal zijn en dat de raad dan moet aangeven waaraan hij voorrang wil verlenen, want op dit moment, zoals het nu voor ons ligt, zie ik daar geen ruimte voor. Maar het is natuurlijk altijd aan de raad om eventueel te kijken hoe we dat zouden kunnen oplossen. Dat zal echter niet makkelijk zijn. Als de raad hiervoor kiest, betekent dat dat we andere vervelende keuzes zullen moeten maken. De heer Maassen (SP): Voorzitter. In het Engels bestaat het gezegde "put your money where your mouth is" ofwel "zet je geld naar waar je de hele tijd over praat". Ik wil bij dezen alle partijen die indertijd voor deze motie hebben gestemd - dat zijn dus GroenLinks, de PvdA, D66 en Voorschoten Lokaal - oproepen om bij de Kadernota met een voorstel te komen om structureel geld vrij te maken voor gezinnen met kinderen in het minimabeleid, zodat die er niet op achteruitgaan, want onze eerste motie is niet aangenomen. De voorzitter: Meneer Maassen, wat is uw vraag aan de wethouder? Want dit is het vragenuur en geen politiek debat. De heer Maassen (SP): Dat weet ik. Dit is ook geen debat, maar een oproep.
Mijn vraag aan de wethouder is: mocht de raad daar dan voor kiezen, kan het dan wel uitgevoerd worden? De voorzitter: Er zijn verder geen vragen vanuit de raad aan de wethouder. Wethouder De Bruijn, er is één vraag. Graag een kort antwoord daarop. Wethouder De Bruijn: Voorzitter. Wij voeren als college uit wat de raad van ons vraagt. De voorzitter: Ik sluit hiermee het vragenuur af. We gaan naar de bestuurlijke aangelegenheden. Zoals aangegeven heeft wethouder Van der Elst twee bestuurlijke mededelingen. Die doen we één voor één, zodat u in de gelegenheid bent om daar op dit moment eventueel een korte verduidelijkende vraag over te stellen.
Raadsvergadering 30 januari 2025
2
Wethouder Van der Elst: Voorzitter. De eerste mededeling gaat over de opvang van asielzoekers. Op 20 december jongstleden is het verdeelbesluit door de minister van Asiel en Immigratie bekendgemaakt. Dat betekent dat alle gemeenten van Nederland een aantal op te vangen asielzoekers toegewezen hebben gekregen. Voor een aantal gemeenten is dat hoger dan de initiële taakstelling die we in februari 2024 hebben ontvangen. Voor Voorschoten was dat 167. Dat worden nu 200 plekken. We hebben pro forma bezwaar bij de minister aangetekend. We gaan dat nader uitwerken en onderbouwen. Bij de nadere onderbouwing zullen we zo veel mogelijk optrekken met de gemeenten binnen Holland Rijnland. Als er meer nieuws is, laten we u dat als raad uiteraard zo snel mogelijk weten. Tot zover mijn eerste mededeling. De voorzitter: Zijn er op dit moment verduidelijkende vragen aan de wethouder over deze mededeling? Dat is niet het geval. Dan kunt u verdergaan met uw tweede bestuurlijke mededeling. Wethouder Van der Elst: Voorzitter. We hebben een aankondiging ontvangen dat er een brief van de provincie gaat komen. Die brief is er nog niet. Die zal gaan over de realisatie van huisvesting van statushouders in Voorschoten. Deze brief zal na ontvangst in het college besproken worden, waarna de raad geïnformeerd wordt. De voorzitter: Zijn hier vragen over aan de wethouder? Dat is niet het geval. 5.
Woonwagenlocatie Hofweg/Langs de Korte Vliet (raadsregistratienummer Z/24/092376/418573) De voorzitter: De raad heeft in september 2023 de locatie Langs de Korte Vliet aangewezen als woonwagenlocatie voor twee huurwoonwagens. Het voorstel is nu om die locatie uit te breiden naar vier standplaatsen en ook het bijbehorende aantal huurwoonwagens te verhogen naar vier. Mevrouw Schroot (D66): Voorzitter. Geïnspireerd door ons eerdere hoofdpijndossier, het AB-huis, dat onder leiding van dit college onze inwoners onnodig veel geld heeft gekost, heb ik het woonwagendossier afgepeld. Ik kan niet anders constateren dan dat het hier bestuurlijk nogal mis is gegaan. Ik neem u mee in de tijdslijn. Rond 2016 werd onze gemeente geconfronteerd met het door een nieuwe eigenaar opzeggen van het huurcontract van het perceel grond waar de woonwagen op staat. Die nieuwe eigenaar is ontwikkelaar en wilde woningen bouwen. Hij wilde ook het aangrenzende perceel, Park Arsenaal, van de gemeente kopen. Daar ging de gemeenteraad mee akkoord. 2018 is een belangrijk jaar, want het uitsterfbeleid voor woonwagens werd verboden door de uitspraak van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens. Het college inventariseerde dus de woonbehoeften van onze woonwagenbewoners en er werd bekend dat in de toekomst meer standplaatsen en woonwagens nodig waren, maar nog niet op dat moment.
De raad ontving via een inspreker tevens de rijksbeleidskaders, waarin staat dat de corporaties verantwoordelijk zijn voor de fysieke woonwagens en dat de gemeente dat moet regelen in de prestatieafspraken. In 2019 kwam informatiebrief 92 over de uitvoeringsagenda van de Woonvisie 2019-2022 en beloofde het college de raad in paragraaf 4.3 een nieuw Beleidskader woonwagens in Q3 2020. Het college leverde dit uiteindelijk nooit. Diverse raadsleden, waaronder ik, hebben naar aanleiding van de mailtjes van de bewoner het college meermaals opgeroepen tot actie op dit dossier. In maart 2021 volgde informatiebrief 17 op verzoek van het presidium. Daarin werd gemeld dat de gesprekken over het aantal standplaatsen in de Holland Rijnland-subregio binnenkort starten. "Over het verdere verloop van het proces zullen we u blijven informeren." We zijn nu vier jaar verder. Er is niets. Het is verbazingwekkend dat intussen over de huisvesting van Oekraïense vluchtelingen en statushouders wél vlot afspraken zijn gemaakt in de regio. Onze gemeente had daarnaast nog steeds de verantwoordelijkheid om het woonwagengezin een nieuwe standplaats inclusief een woonwagen te beiden.
In februari 2022 kwam informatiebrief 18, met daarin de aanwijzing van Hofweg / Korte Vliet als nieuwe locatie en de melding dat de woonwagenbewoners excuses werden aangeboden omdat we hen lang in onzekerheid hebben gelaten; dat is dus al vier jaar geleden. Ook werd de raad een startnotitie beloofd, maar ook die is nooit gekomen. In september 2023 volgde een raadsvoorstel met twee woonwagenstandplaatsen en twee woonwagens aan de Hofweg. Het door de oppositie ingediende amendement 227 riep op om vier in plaats van twee woonwagenstandplaatsen te realiseren, maar de wethouder ontraadde dat amendement, omdat hij zijn handen vrij wilde hebben in de onderhandeling met Holland Rijnland. Het raadsvoorstel werd zonder amendering aangenomen en mijn partij veronderstelde dat dit uitgevoerd zou worden. In december 2023 stelde de raad de Woonvisie vast, met op pagina 25 in tabel 6.1 de woorden dat de gemeente in de meerjarenprestatieafspraken afspraken maakt ``over de huisvesting van de
Raadsvergadering 30 januari 2025
3
woonwagens. Dat leest mijn fractie als volgt: ons college spreekt met onze inwoners af dat er een concrete overeenkomst komt over de vier fysieke woonwagens - dat is immers de maatschappelijke taak van de corporatie - én dat de gemeente de twee plus twee standplaatsen zal leveren. In april 2024 werd de raad in informatiebrief 19 geïnformeerd over de in maart 2024 getekende anterieure overeenkomst, waarin de gemeente Arsenaal verkoopt aan de ontwikkelaar en belooft dat de woonwagen uiterlijk 1 januari 2025 weg is. De raad werd als gevolg hiervan later, nu dus, in een onmogelijke positie gebracht, want dekt de opbrengst van de verkoop van Park Arsenaal plus de ton van de ontwikkelaar de 8 ton die we sowieso moeten uitgeven in verband met de verplaatsing van de woonwagen? Of hebben we met de extra ambtelijke kosten erbij opgeteld, Park Arsenaal eigenlijk gratis weggegeven aan de ontwikkelaar? De anterieure overeenkomst is, weliswaar deels zwart gelakt, te vinden in de openbare stukken, terwijl het college moeilijk doet over de openbaarheid van andere overeenkomsten. Dat is toch niet uit te leggen? In november 2024 zwakt het college in informatiebrief 73 (Toelichting prestatieafspraken) de afspraken uit de Woonvisie ineens af: "De gemeente en de woningcorporaties gaan in gesprek over de realisatie van de benodigde woonwagens en standplaatsen.
Een gesprek is in onze optiek geen afspraak maar een date. We wilden geen date, maar een overeenkomst. In informatiebrief 73 wordt dus plotseling minder gedaan dan wat in 2019 aan de raad is beloofd. De mondelinge reactie op mijn vraag hierover aan de wethouder was dat het abstractieniveau van prestatieafspraken nu eenmaal hoog ligt. Flauwekul, want het rijkskader uit 2018 zegt dat de gemeente de woonwagenopgaven moet regelen in de prestatieafspraken. Gelijktijdig ontving de raad het nu voorliggende raadsvoorstel zonder afspraken met een corporatie over de fysieke woonwagens. Misschien kan dat in de zakelijke logica of wellicht in de paniek van de wethouder over de naderende deadline en een mogelijke rechtszaak, maar niet in onze logica. Over de uitkomst van de standplaatsenverdeling in de subregio is ondertussen ook nog niets bekend. Het uitstel van de twee extra standplaatsen heeft dus alleen maar meer ellende opgeleverd en dan ook nog de vergeten 3 ton extra voor de uitrit. In 2025, een week geleden las de raad in de krant - in de krant! - plotsklaps dat er een getekende intentieovereenkomst lag met de corporatie. De raad werd pas de volgende dag hierover geïnformeerd. Niet netjes. En waarom kon dat nu ineens wél, na zes jaar, en tegen welke voorwaarden? Ik kan nog langer uitweiden over dit dossier: gebrek aan participatie en groencompensatie, et cetera.
Dit dossier raakt mij persoonlijk in mijn rechtvaardigheidsgevoel en hoe wij in positie zijn gebracht als raadslid. De onderhandelingen in Holland Rijnland én de verhuisopgave van de huidige woonwagen betreffen eigenlijk een andere opgave, maar om de raad en ook de portefeuille in positie te brengen en niet nog meer miskleunen te krijgen, dienen wij motie 342 in. De motie luidt: "Motie 342. De raad van de gemeente Voorschoten, in vergadering bijeen d.d. 30 januari 2025, constaterende dat: a. b.
ieder overheidsorgaan geacht wordt zich te houden aan uitspraken van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens in 2018; de onderhandelingen over de verdeling van de 12 extra woonwagenstandplaatsen in subregio Holland Rijnland al sinds 2021 gaande zijn en daar spanning op staat omdat het aantal standplaatsen niet overeenkomt met de vraag;
overwegende dat: c. d. e.
de uitspraak van de rechtbank van Den Haag van 29 mei 2024 nogmaals de verplichting om vier standplaatsen te realiseren in Voorschoten bevestigt; Voorschoten daarmee meer levert dan 1,2 extra standplaatsen per 1.000 nieuw te bouwen woningen, zoals in de vigerende regionale woonvisie is afgesproken; de gemeenteraad bijtijds geïnformeerd wil worden om, indien een ander aantal standplaatsen dan wel een andere tegenprestatie tijdens de onderhandelingen in de subregio ter tafel komt, de mogelijkheid te hebben om hier een uitspraak over te doen;
roept het college op om:
Raadsvergadering 30 januari 2025
4
1. 2.
het belang van wonen in familieverband mee te nemen in de gesprekken binnen Holland Rijnland in het kader van het verdelingsvraagstuk over de woonwagens; terug te komen bij de raad wanneer het standplaatsen of woonwagens wil realiseren voor een bovenlokale woonbehoefte."
Wat het voorliggende raadsvoorstel betreft: de wethouder heeft niet geleverd wat we als gemeentebestuur meermaals met elkaar hebben afgesproken. Dat is een heel kwalijke zaak. Bovendien zijn er in de prestatieovereenkomst geen concrete afspraken gemaakt over de woonwagens, terwijl daar zes jaar de tijd voor is geweest. Ten tweede liggen er drie rammelende overeenkomsten: de anterieure met de ontwikkelaar, de vaststelling met de woonwagenbewoners en de intentie met de corporatie, die de raad in een onmogelijke positie heeft gebracht. Ten derde ligt er na vier jaar nog geen regionale afspraak over de verdeling van de woonwagenstandplaatsen, al is dat natuurlijk de schuld van álle portefeuillehouders van Holland Rijnland, maar de wethouder heeft vastgehouden aan die koppeling, zonder dat we daarmee ook maar iets zijn opgeschoten met het verhuisdossier. We willen het volgende van het college weten. Ten eerste: welke lessen zijn er geleerd? Ten tweede: welke maatregelen zijn getroffen, zodat vergelijkbare situaties in de toekomst worden voorkomen? Ten derde: hoe wordt geborgd dat de raad op tijd en afdoende is geïnformeerd en in staat wordt gesteld om keuzes te maken? Ten vierde: hoe wordt extra werkbelasting voor ambtenaren voorkomen? Want dank voor het beantwoorden van al onze mondelinge en schriftelijke vragen.
Alleen al die uren waren ons inziens niet nodig bij een juiste bestuurlijke aansturing en het leveren van de beloofde startnotitie en het beleidskader. Om enigszins bij te sturen op dit raadsvoorstel dienen we amendement 315 in over participatie en groen. Het amendement luidt: "Amendement 315. De raad van de gemeente Voorschoten, in zijn vergadering bijeen d.d. 12 december 2024, gezien het raadsvoorstel nr. Z/24/092376/418573, constaterende dat: a. b. c. d. e.
op de gemeentegrond van het schiereiland Hofweg 4 functies samenkomen: park, gemeentewerf en de toekomstige woonwagenstandplaatsen plus het warmteoverdrachtstation; ruimte een schaars goed is; het coalitieakkoord zegt: 'In samenwerking met corporaties … gaan we op gemeentelijk versteende grond bouwen.'; de positionering van de woonwagenstandplaatsen volgens de tekening ten koste gaat van een fors oppervlak openbaar groen; het participatieproces onvoldoende volgens eerder gemaakte afspraken verlopen is;
overwegende dat: f. g. h.
een zorgvuldige positionering van de standplaatsen en bijkomende voorzieningen de kwaliteit van dit gebied borgt; serieuze vertraging als gevolg van juridische stappen door de omgeving kan worden voorkomen bij een zorgvuldig participatieproces; het draagvlak onder alle inwoners verbetert wanneer er oog en oor is voor alle typen gebruikers, inclusief flora en fauna, en hiernaar gehandeld wordt;
Besluit: het voorgestelde besluit als volgt aan te vullen: 3. Het college op te dragen het definitieve inrichtingsplan op deze locatie in samenspraak met omwonenden én met de toekomstige bewoners op te stellen, waarbij het aantal vierkante meters openbaar groen zo min mogelijk wordt verminderd, en de raad hierover te informeren."
Raadsvergadering 30 januari 2025
5
We zijn nog in beraad met andere fracties over wat nodig is, want zoals het raadsvoorstel er nu ligt, zien wij te hoge financiële risico's om in te kunnen stemmen. De voorzitter: Ik wijs even op uw spreektijd: u heeft nog 41 seconden. En ik verzoek de raadsleden geen blijken van goed- of afkeuring te geven. De heer Posthuma (PvdA): Voorzitter. Wat een dossier! Wat een soap! Alles wat hier mis kon gaan, is misgegaan. Dit dossier laat in het klein zien waar we in Voorschoten vaker tegenaan lopen: reactief beleid, problemen vooruitschuiven, geen doortastend optreden, gebrek aan regie, slecht onderhandelen en opnieuw overgeleverd zijn aan private belangen. Het dossier loopt ook veel te lang; mevrouw Schroot refereerde daar al aan. Als PvdA willen we dat hier nu een oplossing voor komt. Ook al zijn we een oppositiepartij, we willen graag bestuurlijke verantwoordelijkheid dragen. Wij willen vier belangrijke punten in deze kwestie benoemen die van invloed zijn geweest op onze uiteindelijke keuze. Ten eerste de woonwagencultuur, ten tweede de deal met de projectontwikkelaar, ten derde de tijdsdruk van de gemeente Voorschoten en ten vierde de locatiekeuze. Woonwagenbewoners hebben een bijzondere status in Nederland. Dit is niet zomaar ontstaan. Jarenlang werden zij genegeerd door onze overheid, door ons.
In 1999 werd de speciale status opgeheven en werd een uitsterfbeleid gevoerd: als een woonwagenbewoner overleed, werd de standplaats opgeheven. Dit beleid is tot aan de hoogste rechter aangevochten en is in 2014 ongrondwettelijk verklaard. In 2019 is dat nogmaals bevestigd. Inmiddels is de woonwagencultuur erkend als immaterieel erfgoed. Dat betekent dat de overheid de plicht heeft om deze cultuur te beschermen en actief te ondersteunen. Ik herhaal: actief te ondersteunen. Net zoals er huizen moeten worden gebouwd volgens artikel 22 van onze Grondwet, moeten er ook woonwagenlocaties worden gebouwd. Dit kwartje is nog niet bij alle gemeenten in Nederland gevallen. Zo is Den Haag vorig jaar nog door de rechter terecht op de vingers getikt. Voorschoten moet niet dezelfde fout maken. Dan het tweede punt, de deal met de projectontwikkelaar. De gemeente is in gebreke gesteld door de projectontwikkelaar. Dat is terecht, want volgens de anterieure overeenkomst die deze wethouder op 20 maart 2024 heeft afgesloten, hadden de woonwagens per 1 januari weg moeten zijn. De projectontwikkelaar heeft slim onderhandeld en heeft de zaak voor slechts € 100.000 afgekocht. Dat is wat ons betreft het dramatische dieptepunt in deze soap. Doordat de gemeente haar eigen belangen niet goed heeft verdedigd, discussiëren we nu over de rug van de woonwagenbewoners.
Nog zorgwekkender in het hele verhaal is dat het college niet precies weet wanneer deze overeenkomst met de projectontwikkelaar voor het eerst ambtelijk is afgesloten. Dat lijkt zonder afstemming met het college te zijn gebeurd. Dat is niet alleen aan het stuur zitten; dat is niet eens weten waar het stuur zit. Het college is hierdoor voor een voldongen feit geplaatst en moet nu de schade beperken. Wij als raad moeten daaraan meedoen. Dan de tijdsdruk en de urgentie. We hebben in september 2023 ons akkoord gegeven op deze locatie. Dit college had anderhalf jaar de tijd om een woningcorporatie te vinden die de verhuur op zich zou nemen. Dat had bovendien een onderdeel kunnen zijn van de prestatieafspraken met de corporatie; mevrouw Schroot refereerde daar in haar betoog al aan. Toch lag er niets in de raadsvergadering van december 2024, toen we over dit plan spraken: geen plan, geen idee, geen corporatie; helemaal niets. De wethouder is daarna op stel en sprong aan de slag gegaan en heeft onder grote druk vorige week een intentieovereenkomst getekend, maar pas over vijftien weken weten we echt of we duidelijkheid hebben. We hopen dan ook echt dat de inspanning van deze wethouder het gewenste resultaat gaat opleveren. Dan het vierde punt, de locatiekeuze. Laten we helder zijn over de keuze voor deze locatie: dit besluit is al genomen door het vorige college, in februari 2022.
In de Woonvisie van 2023-2027, opgesteld onder het huidige college, wordt deze locatie opnieuw genoemd. In september 2023 heeft de raad dit bevestigd. Misschien hebben we als raad niet genoeg kritische vragen gesteld over de ruimtelijke inpassing. Daarom steunen we van harte het amendement van GroenLinks om het groen op deze plek grootschalig te compenseren. Tot slot wil ik nog een opmerking maken. Sommige bewoners en raadsleden vinden dat we te veel geld uittrekken voor een kleine groep mensen. Ze zien dit als een voorkeursbehandeling. Ja, dat klopt, maar in de ogen van de Partij van de Arbeid is dat terecht. Aristoteles zei het al: "Gelijken
Raadsvergadering 30 januari 2025
6
moet je gelijk behandelen. Ongelijken moet je ongelijk behandelen." We moeten in dit geval gemotiveerd afwijken. Het reguliere woonbeleid heeft de afgelopen jaren niet geleid tot een schending van rechten. Er zijn immers nieuwe huizen bij gekomen, zij het een beetje weinig in de afgelopen tien jaar. Maar bij de woonwagenbewoners is een heel ander verhaal aan de hand. Sinds 1999 zijn er geen standplaatsen in Nederland bij gekomen. Sterker nog: er zijn alleen maar standplaatsen verdwenen. Daarom moet er een inhaalslag worden gemaakt, landelijk én in Voorschoten. Dat is de reden waarom we als PvdA dit raadsvoorstel rechtvaardig vinden en dat is ook waarom we dit voorstel zullen steunen. Mevrouw Ilić (GroenLinks): Voorzitter. Vandaag ligt er een voorstel waarover al veel gesproken is in de raad; daar hoorden we al over. Wat is het pijnlijkst hieraan? Iedereen staat steeds voor het blok. We worden voor het blok gezet doordat we steeds nú moeten besluiten. Er is geen andere keus; we moeten door. Er zijn belangrijke belangen in het spel, maar dit gaat wel ten koste van groen, terwijl het heel anders had kunnen zijn. Die tegenstelling was niet nodig geweest. Het eindelijk toekennen van de woonwagenplaatsen waar men recht op heeft, is van groot belang.
In Nederland is veel te lang onrecht aangedaan en is voorbijgegaan aan deze rechten; daar hoorden we zojuist al over: het recht om in familieverband te wonen en om binnen een redelijke termijn, dus net zolang als je op een andere wachtlijst zou staan, een woonplaats te krijgen. Dat is klip-enklaar; daar hoeven we het eigenlijk niet meer over te hebben. Het doet ons pijn dat die tegenstelling dan toch zo gecreëerd wordt, waardoor iets waar we als gemeente aan moeten voldoen ten koste gaat van groen. Want is het daarmee automatisch een goed voorstel? Nee, er is te veel gebeurd wat je niet uit kunt leggen aan inwoners. We hoorden het al: de ontwikkelaar draagt slechts € 100.000 bij aan iets wat tonnen kost en een wethouder die het groot onderhoud van een weg meerekent, waardoor het verhaal in de krant nog ongelukkiger wordt. Laten we wel wezen: hoe vaak nemen wij het onderhoud van een weg mee in onze projecten? Waarom dan hier nu wel? De ironie is dat de gemeente dit nu snel voor elkaar wil boksen, maar dat dat niet is ingegeven door die mensenrechten maar doordat die projectontwikkelaar in de nek hijgt en de gemeente al aansprakelijk heeft gesteld, want er zou schade kunnen ontstaan wanneer de woonwagen niet tijdig verplaatst wordt vanaf de huidige locatie. Die ontwikkelaar wil door, want die moet geld verdienen. En de gemeente mag volgen.
Om toch snel tot een oplossing te komen, heeft de wethouder toch wel snel een overeenkomst gesloten. In 2023 vroegen we hem: met wie gaat u bellen om het op te lossen? Toen was het nog niet het pakkie-an van de wethouder. Nu blijkt er onder druk heel veel vloeibaar. Laten we wel wezen: de wooncorporatie heeft behoorlijk snel al een intentieovereenkomst getekend, maar dat verliep ook weer heel erg rommelig. Dit is een lange inleiding om te zeggen dat we deze situatie ongemakkelijk vinden en niet automatisch meegaan, omdat de gemeente Voorschoten hierin niet adequaat gehandeld heeft. Ik heb een paar vragen aan de wethouder. We hoorden de wethouder in een radio-interview van de Voorschotense Krant en Sleutelstad zeggen dat de relatie met de wooncorporatie goed is en dat een deal zoals de deal die gesloten is in de intentieovereenkomst, eigenlijk vrij normaal is. Maar door hoe het liep, is bij GroenLinks het beeld ontstaan dat er iets afgedekt werd. Onze mond viel open.
Kan de wethouder nog iets meer toelichten waarom het vrij normaal is om in zo'n intentieovereenkomst andere afspraken te maken over andere projecten ter ontwikkeling? Is de wethouder het met mij eens dat die communicatie op z'n minst onhandig was? En kan de wethouder mij vertellen hoe de raad in de toekomst alsnog regie houdt op de sociale woningbouw bij de Prinses Marijkelaan? Kan ik daar alsnog gerust over worden gesteld? De wethouder zei ook dat de relatie met de projectontwikkelaar goed is, "want we weten wat we aan elkaar hebben", maar die ontwikkelaar heeft de gemeente wel alvast aansprakelijk gesteld. De wethouder heeft er dus misschien wel vertrouwen in, maar wij hebben daar niet zo'n vertrouwen in. Wij blijven achter met drie hoofdzorgen. Ten eerste de indruk dat er zomaar een deal overeengekomen is met die ontwikkelaar, terwijl we daar toch wel een gevoel van controle over willen houden. Ten tweede de indruk dat de locatie niet goed afgewogen is geweest en snel gekozen is en dat groen daar nu het onderspit door delft. Ten derde hebben we de zorg dat het verhaal niet eindigt, dat we de grip ook in de toekomst kwijt zijn en dat we als raad niets meer horen over het overleg met De Sleutels. Kortom, wij overwegen daarover een amendement in te dienen, maar we willen graag eerst de wethouder hierover horen. De heer Lavrijsen (VVD): Voorzitter.
Mevrouw Schroot heeft een buitengewoon uitgebreide tijdlijn opgesteld. Mijn tijdlijn is iets korter; ik vat die ook heel beknopt samen. Het begon met de uitplaatsing van een woonwagen en het eindigt met een opmerkelijke afspraak over toekomstige
Raadsvergadering 30 januari 2025
7
woningbouw aan de Prinses Marijkelaan. Dat is eigenlijk in een notendop hoe dit dossier zich de afgelopen weken en maanden heeft ontwikkeld. De afgelopen weken werden we als raad zo vaak geconfronteerd met veranderende feiten, nieuwe informatie en konijnen uit hoge hoeden dat er op een gegeven moment nauwelijks nog een touw aan vast te knopen was. Dat komt de voorbereiding van dit belangrijke dossier niet ten goede. Ik ben daar echt een beetje pissig over, maar naast het proces zijn er meer punten waarbij wij in dit dossier vraagtekens hebben. Ik zal die punten langslopen. Allereerst stelt het college dat met het voorliggende raadsvoorstel Segaar-Arsenaal wordt vrijgespeeld. Dit is noodzakelijk om woningbouw te realiseren. Die redenatie blijft ons verbazen. Het is al eerder gezegd: in 2023 is gewoon een raadsvoorstel aangenomen waar door deze raad € 900.000 aan gekoppeld is - dat is heel veel geld - om Segaar-Arsenaal vrij te spelen door de woonwagen die daar staat, te verplaatsen. Dat wordt letterlijk zo benoemd als beoogd effect van dat raadsvoorstel. Met die € 900.000 heeft de VVD ingestemd. Daar staan wij achter, want wij vonden dit een goed voorstel, waarmee Segaar-Arsenaal vrijgespeeld kon worden. De woningbouw zou daar door kunnen gaan en de bewoners kregen een gepaste nieuwe plek.
Daar willen we ook niet op terugkomen, maar het aanvullende krediet dat nu gevraagd wordt, € 850.000, komt uiteindelijk in eerste instantie voort uit afspraken die vervolgens zijn gemaakt met de huidige bewoners. Dat is dus in de verkeerde volgorde gegaan. Als die afspraken anders vorm waren gegeven, was er nu geen noodzaak geweest om onder stoom en kokend water Segaar-Arsenaal vrij te spelen. Verder vindt de VVD het onverstandig en onjuist dat het college de realisatie van de woonwagens nu zelf ter hand gaat nemen. De realisatie van dergelijke huurwoningen, waartoe deze woonwagens behoren, is een wettelijke taak van woningcorporaties. Zij kunnen dat ook veel beter. De VVD-fractie vraagt zich op dit moment dus eigenlijk af of het überhaupt nodig is dat de gemeente zelf die woonwagens gaat bouwen, want op pagina 6 van het raadsvoorstel staat: " Als we, hypothetisch gezien, heel snel met een corporatie tot een samenwerkingsovereenkomst zouden kunnen komen, dan zou die corporatie de twee extra huurwoonwagens zelf kunnen aanschaffen." Er ligt al een intentieovereenkomst. We hebben nog een aantal weken nodig om daar een echte samenwerkingsovereenkomst van te maken. Waarom wordt de insteek dan nu niet om de woonwagens 3 en 4 meteen door de woningcorporatie aan te laten schaffen? Dan is de woningcorporatie er zeker van dat wat er geplaatst wordt, aan haar eisen voldoet.
De gemeente loopt dan geen financieel risico en er kan efficiënter gehandeld worden. Ik hoor graag van de wethouder hoe hij hiertegen aankijkt. Dan de financiering van de woonwagens. In het raadsvoorstel wordt, ook op pagina 9, met vrij grote stelligheid gezegd dat het college verwacht na overdracht aan de woningcorporatie de koopsom van alle vier de woonwagens terug te krijgen. Het college gebruikt hierbij de prachtige managementterm "budgettair neutraal", maar als wij de intentieovereenkomst lezen, wordt duidelijk dat dit project helemaal niet budgettair neutraal gaat plaatsvinden. Sterker nog: in de intentieovereenkomst staat - ik mag daaruit citeren; voor de zekerheid kijk ik toch heel even naar de griffier en die bevestigt dit - dat "de totale koopsom voor de woonwagens en de ingerichte standplaatsen inclusief bergingen nader te bepalen is in de haalbaarheidsfase." "Nader te bepalen" is helemaal niet budgettair neutraal. Dat is: we moeten er nog maar uit zien te komen. Het is ons dan ook volslagen onduidelijk waarop de claim van het college dat de investering budgettair neutraal zou plaatsvinden, gebaseerd is. Wij willen als VVD-fractie dat hier een goede oplossing voor komt, want een financieel risico van potentieel 8,5 ton is gigantisch. Daar kan je het zwembad bijna drie jaar voor openhouden. Daar mag best over nagedacht worden.
Dan de intentieovereenkomst met De Sleutels. Dat de financiële afspraken nog niet zijn geconcretiseerd, begrijp ik in deze fase, maar wel wordt duidelijk dat een heel groot deel van de financiële risico's bij de gemeente komt te liggen. Wat ons verder verbaast - dit is zojuist ook door de heer Posthuma of mevrouw Ilić aangegeven - dat De Sleutels het eerste recht op koop hebben bij het planinitiatief voor het project aan de Prinses Marijkelaan. Dat betekent dat we twee projecten die niets met elkaar te maken hebben, met elkaar gaan verbinden. Daarmee leg je in onze ogen onnodig een erfenis op de schouders van toekomstige raden en colleges, want in hoeverre beperken we hiermee hun toekomstige handelingsvrijheid rondom dit planinitiatief? Ook hier krijg ik graag antwoord op van het college. Wij willen dus aan de slag met de realisatie van de eerste en tweede woonwagen, maar alles is nu zo aan elkaar geklonken en in elkaar gedraaid dat wij de draad eigenlijk nog steeds kwijt zijn: wat is nou de goede oplossing? Daarom wachten wij in eerste instantie het antwoord van het college af.
Raadsvergadering 30 januari 2025
8
Mevrouw Persoon (Voorschoten Lokaal): Voorzitter. Luisterend naar de vorige sprekers moet ik ze best wel voor een deel groot gelijk geven. Het is een heel lastig dossier geweest. Er zijn veel fouten gemaakt en er zijn veel onduidelijkheden. Het vervelendste is dat er nog een grote hobbel genomen moet worden, want de woonwagen moet weg, zodat de projectontwikkelaar kan beginnen. Er lag op 28 september 2023 in eerste instantie een raadsbreed besluit en de standplaats van de woonwagen moet gewoon wijken voor het grotere belang van het realiseren van een nieuwe woonwijk. Op afgelopen 12 december werd dit punt van de agenda gehaald. Dat hebben we ook met z'n allen besloten. Inmiddels is nu wel een intentieverklaring door de corporatie … De voorzitter: Voordat u verdergaat, is er een interruptie van de heer Lavrijsen. De heer Lavrijsen (VVD): Hoor ik mevrouw Persoon nou zeggen dat het feit dat deze raad vorige maand dit agendapunt heeft doorgeschoven omdat er pas op het laatste moment informatie binnenkwam, een van de redenen is voor de vertraging op dit dossier, dat al zes jaar loopt? Mevrouw Persoon (Voorschoten Lokaal): Dat heb ik niet gezegd; nee, dat heb ik echt niet gezegd, maar dat weet u zelf ook. De voorzitter: Graag via de voorzitter, mevrouw Persoon. Mevrouw Persoon (Voorschoten Lokaal): Sorry.
Ik heb dat dus niet zo gezegd, maar we waren het er met z'n allen over eens dat we het uit moesten stellen omdat er zoveel onduidelijkheden waren. Dat heb ik gezegd. De heer Lavrijsen (VVD): Dan ben ik blij dat ik mevrouw Persoon verkeerd heb begrepen. Volgens mij zijn we het dan wél met elkaar eens. Mevrouw Persoon (Voorschoten Lokaal): Desalniettemin moet de woonwagen op het Segaarterrein nu echt weg, want de projectontwikkelaar wil beginnen. We zijn dus bijzonder benieuwd naar de antwoorden die de wethouder gaat geven. Ik hoop dat we er met z'n allen toch goed uitkomen. De heer Maassen (SP): Voorzitter. Laat ik met het belangrijkste beginnen: de familie van de woonwagenbewoners is al acht jaar in onzekerheid over wat er gaat gebeuren. De heer Posthuma van de PvdA is in zijn betoog uitgebreid ingaan op hoe in het verleden met mensen uit deze groep is gesold, hoe het beleid altijd in hun nadeel is geweest en hoe dit na een gerechtelijke uitspraak bijgedraaid is. Het moet ook zo zijn dat je dat als betrouwbare overheid dan nakomt. Deze mensen zitten al veel te lang te wachten en hebben recht op leven in gezins- en familieverband. We zullen dus vier woonwagenplekken gaan realiseren. Dat is punt één. Punt twee: Voorschoten heeft al jarenlang veel te weinig woningen, vooral van de betaalbare soort.
Het is dus ook van groot belang voor het hele dorp dat er heel snel een woonwijk wordt gerealiseerd op het terrein SegaarArsenaal. Ook daarvoor geldt dat we haast hebben. En dan de manier waarop dit gegaan is. Ik kan daar heel lang over praten. Mevrouw Schroot en meneer Posthuma hebben dat heel duidelijk aangegeven. Ik kan daar eigenlijk maar één zin over zeggen: wat een puinbak! Echt zo ongeveer alles wat er mis kon gaan, is misgegaan. Daardoor zitten we nu in een situatie waarin het eigenlijk te veel kost en waarin we slecht onderhandeld hebben met de projectontwikkelaar en daardoor veel te veel haast moeten maken. Mensen zijn te laat betrokken met betrekking tot de omgeving. Eigenlijk is iedereen boos op iedereen en er ontstaat ook nog een beeld dat een heel klein groepje inwoners van Voorschoten ontzettend veel geld krijgt. Dat beeld is volledig onterecht. Ik sluit me volledig aan bij wat de heer Posthuma daarover heeft gezegd: deze mensen hebben extra aandacht nodig. Daarom zullen wij, ondanks alle problemen en alle mitsen en maren die je daarbij naar voren kan brengen en die ook zeker terecht zijn, toch voor dit voorstel stemmen, want deze mensen verdienen dat we nu duidelijkheid geven.
En Voorschoten heeft die extra woonwijk nodig, het liefst zonder dat we de betreffende projectontwikkelaar alweer voor een dubbeltje op de eerste rang laten zitten en ook nog een keer planschade laten claimen bij de gemeente. Wij gaan hier dus voor stemmen, maar wij zullen wel elk voorstel steunen waarvan wij denken dat het totaal er beter van wordt.
Raadsvergadering 30 januari 2025
9
Mevrouw Kortekaas (CDA): Voorzitter. We hebben in de commissie opgemerkt dat het voorliggende dossier geschaard kan worden onder Murphy's Law. Niettemin hebben wij respect voor de wijze waarop wethouder Van der Elst aan dit dossier trekt. Toch willen wij als fractie samen met onze collega's en met het college dit tot een goed einde brengen, en wel binnen afzienbare tijd. Het risico van een claim van de projectontwikkelaar van Segaar-Arsenaal dwingt daartoe. We moeten met z'n allen ook verder met andere belangrijke zaken, bijvoorbeeld bouwen, ook ter plaatse van Segaar. Ook het zwembad is een zaak die ons aan het hart gaat. We hebben onder andere kennisgenomen van alle aandacht in de media, van de reacties van de om- en nabijwonenden en van meerdere met goede bedoelingen aangedragen opties. Dat is heel sympathiek en we hebben daar respect voor. Het is ook echt Voorschotens, met onze betrokken inwoners. Ruimtelijke beperking door milieucirkels, niet in bezit zijnde grond en nog niet genomen besluiten maken de aangedragen opties op dit moment nog niet opportuun. Wij vragen vanavond nog graag aandacht voor bijlage 4. Daarin ziet men schetsen die weergeven hoe de toegang tot het gebied ontsloten zal worden. Als CDA pleiten wij voor meer aandacht voor fietsveiligheid, bijvoorbeeld door vloeiende lijnen bij de te creëren afslag richting Korte Vliet en terug richting Voorschoterweg.
Tegelijk vragen wij aandacht voor het delen van de weg door gemotoriseerd verkeer, fietsverkeer en wandelaars, het laatste met name langs de Korte Vliet, en voor de snelheden die daarbij met elkaar in conflict komen. Onze suggestie is dat een "fiets en auto te gast"-regime het mooist zou zijn, maar wanneer dit niet mogelijk blijkt, dan graag een snelheidsbeperking tot 15 km/u. Wij horen graag van het college of het extra aandacht voor de veiligheid van fietsers en wandelaars toe kan zeggen. Een vraag naar aanleiding van de ingediende motie 343. Wij horen graag van de wethouder of het compenseren van het boomkroonvolume zowel ruimtelijk als financieel haalbaar is. Wij horen ook graag een reactie op motie 342 van D66. Op 12 juli 2018 heeft het Rijk het Beleidskader gemeentelijk woonwagen- en standplaatsenbeleid gepresenteerd. Hierin staat onder andere dat corporaties voorzien in de huisvesting van woonwagenbewoners voor zover deze tot de doelgroep behoren. Dit staat ook in het vonnis van de rechtbank. Als CDA benadrukken wij daarom het gelijkheidsprincipe, zoals ook verwoord in het besluit van de rechtbank van 24 mei 2024. Daarin staat onder 4.22 dat naast huurders van sociale woningbouw ook woonwagenbewoners op basis van hun huishoudeninkomen kunnen behoren tot de primaire groep van een woningbouwcorporatie. Tot slot hebben we een vraag aan D66 en de VVD.
Wat doet u met amendement 315 en amendement 316, die eerder ingediend zijn? De voorzitter: Even een paar heel praktische aandachtspunten. Amendement 316 is niet formeel ingediend. Hetzelfde geldt voor motie 343. Die twee vragen van de CDA-fractie kunnen dus niet worden beantwoord door de portefeuillehouder, want ze zijn niet ingediend tijdens deze vergadering. Volgens mij zijn tot op heden motie 342 en amendement 315 ingediend. Klopt dat? Ja, uitstekend. Dan hebben we hetzelfde beeld. Dat is van belang. Mevrouw Kortekaas (CDA): Dan zal ik de vraag wijzigen in een vraag aan de wethouder, los van de motie: wanneer er een voorstel komt voor het compenseren van het boomkroonvolume, wat betekent dat dan ruimtelijk en financieel? De voorzitter: Helder. Dan is die vraag toegevoegd aan het lijstje van de wethouder. We zijn gekomen aan het einde van de eerste termijn van de raad. We gaan direct door met de beantwoording in de eerste termijn van de zijde van het college. Wethouder Van der Elst: Voorzitter. We naderen het moment van besluitvorming over de woonwagens en de woonwagenlocaties. In de commissievergadering van vorige week zijn mij een aantal zeer terechte vragen gesteld over het proces, de besluitvorming en de informatieverstrekking. Ik heb daar de afgelopen week goed over nagedacht en ik wil u daar graag de volgende brede samenvatting van geven.
Ik erken dat wij als college en ik als portefeuillehouder de complexiteit van dit dossier hebben onderschat. Sinds het eerste raadsbesluit in september 2023 hebben wij andere projecten en onderwerpen prioriteit gegeven, waardoor het woonwagendossier niet de aandacht heeft gekregen die het verdiende. Sinds afgelopen zomer hebben we alle zeilen bijgezet. We hebben onze beste mensen op dit dossier gezet en extra
Raadsvergadering 30 januari 2025
10
expertise ingehuurd, maar desalniettemin hebben we daarmee niet de deadline van 1 januari 2025 gerealiseerd om de woonwagen vanaf Segaar-Arsenaal te verplaatsen. Terecht merken verschillende raadsleden op dat de informatieverstrekking te wensen overliet en dat de besluitvorming onduidelijk is verlopen en zeer zeker niet goed is vastgelegd. Dat geldt zeker ook voor de bijdrage van € 100.000 die de projectontwikkelaar bijdraagt aan de verplaatsing van de woonwagen. We hadden strakker moeten organiseren en dat doen we nu ook. Ik kan u verzekeren dat we hiervan hebben geleerd; ik kom daar straks inhoudelijk uitgebreid op terug. Voor wat er niet goed is gegaan, lang geleden of kort geleden, draag ik de verantwoordelijkheid. Voor het grillige en stroeve verloop van het proces en voor alle onduidelijkheden rond overleggen en besluiten die zijn genomen, wil ik dan ook mijn oprechte excuses aanbieden. Dat gezegd hebbende ligt er nu wel een goed voorstel, waar ik om de volgende redenen vierkant achter sta. Ten eerste geven we hiermee uitvoering aan de opdracht die u als raad in september 2023 heeft gegeven over de nieuwe locatie aan de Korte Vliet als woonwagenlocatie en het verplaatsen van de woonwagens vanaf het Segaar-Arsenaalterrein.
Ten tweede: op 4 juli 2024 is het bestemmingsplan Segaar-Arsenaal door de raad gewijzigd vastgesteld, waarmee de bestemming woonwagens op de locatie Segaar-Arsenaal is wegbestemd. Ten derde: we voldoen hiermee aan de verplichtingen die voortvloeien uit de rechtelijke afspraak om woonwagenbewoners te huisvesten. Daarmee zijn we een betrouwbare overheid. Tot slot zijn we erin geslaagd, zoals de raad wenste, een wooncorporatie aan te haken die de woonwagens gaat verhuren en beheren. De nadere uitwerking daarvan is onder handen. Ik heb hiervoor meerdere partijen benaderd en op 22 januari jongstleden ben ik met De Sleutels een intentieovereenkomst overeengekomen. In de woningbouwontwikkeling aan de Marijkelaan wordt de rol van de corporatie Rijnhart, die als ontwikkelaar potentieel een rol als counterpartner van de gemeente had, nu overgenomen door De Sleutels. Dat is voor de gemeente, voor het college, feitelijk een verandering van positie zonder dat dat ons heel veel uitmaakt. We hebben hier dus niet iets weggegeven of zo. Daar staat tegenover dat er nu wel een letter of intent overeen is gekomen. In die letter of intent staat een recht op eerste koop van corporatie De Sleutels op de grond bij het project Marijkelaan als aan de genoemde voorwaarden wordt voldaan.
Ik kan u verzekeren dat de gemeenteraad de volledige bevoegdheid houdt over het ruimtelijk kader en de gewenste woningbouwprogrammering op die locatie; daar verandert niets aan. U besluit dus onverkort wat er al dan niet voor bouw wordt gerealiseerd op de locatie Marijkelaan. Gezien de urgentie is deze zakelijke overeenkomst, die we nu dus gesloten hebben, de effectiefste en snelste manier om de betrokkenheid van een corporatie te borgen. Het alternatief om de afspraken vast te leggen in de prestatieovereenkomsten zou betekenen dat we naast de gemeente alle corporaties en de huurdersorganisaties aan boord hadden moeten krijgen. Dan hadden we het op de korte termijn niet kunnen realiseren. Mijn oproep aan u als raad is om vanavond dit besluit te nemen, zodat we door kunnen gaan, eindelijk duidelijkheid kunnen bieden aan de woonwagenbewoners en de omwonenden en gezamenlijk met hen aan de slag kunnen gaan om groen zo goed mogelijk in te passen aan de Korte Vliet en zodat wij ook kunnen doorgaan met de dringend gewenste woningbouw op SegaarArsenaal. Door vanavond dit besluit te nemen, voorkomen we bovendien dat wij als gemeente aansprakelijk worden gesteld voor schade die de ontwikkelaar als gevolg van verder uitstel zou kunnen gaan lijden. Wat groencompensatie betreft: we willen hierover in nog meer detail in gesprek gaan met omwonenden en belanghebbenden.
We nodigen, zoals in de commissie al aangekondigd, nadrukkelijk ook de raadsfracties daarbij uit. De stand van zaken is nu dat er per saldo zeven bomen minder zullen terugkomen op de locatie dan er nu staan. Deze kunnen allemaal gecompenseerd worden op het nieuwe parkje dat op Arsenaal gerealiseerd gaat worden. Het groen op de woonwagenlocatie wordt diverser dan het nu is; dat is het plan. Het huidige groen typeert zich overwegend als één boomsoort, populieren. Bij het herplanten van bomen willen we inzetten op meer diversiteit door te kiezen voor meer soorten bomen en het daarmee realiseren van biodiversiteit. Ook willen we met de herplant inzetten op gelaagdheid in het groen: niet alleen bomen, maar ook heesters. Ook deze gelaagdheid is goed voor de dieren en draagt bij aan biodiversiteit. Ten slotte de leerpunten die ik zojuist heb genoemd en waarop ik graag nader wil ingaan, waarmee ik tevens vragen van D66 beantwoord. Er is een reorganisatie van onze organisatie voorbereid. Per
Raadsvergadering 30 januari 2025
11
1 januari jongstleden is die van start gegaan. We houden ons strakker aan agenderingen, termijnen en planningen dan voorheen. Deze zijn dynamischer dan voorheen. Afhankelijk van wat er extern kan gaan gebeuren, kunnen we beter dan voorheen bijsturen of waar nodig opschalen. De kwaliteit van de besluitvorming en het management van informatiestromen zijn verbeterd. Daarbij komt nog dat een agendakamer voor het management van de document flow in voorbereiding is. Last but not least: er is al eerder een nieuwe structuur van stafoverleggen ingevoerd, gericht op betere en vooral ook integralere afstemming binnen de totale organisatie. Voorts ga ik graag in op gedetailleerdere vragen van de individuele fracties. Ik geloof dat ik de vragen van mevrouw Schroot in concreto beantwoord heb. Welke lessen hebben we geleerd, welke maatregelen hebben we genomen, hoe krijgen we tijdiger informatie naar de raad toe en hoe kunnen we voorkomen dat ambtenaren niet te veel belast en gestrest gaan worden? Dat zit allemaal in de leerpunten die ik u heb voorgeschoteld. De opsomming van de heer Posthuma van de vier punten van de situatie zoals die is, van historie naar nu en de belangen die daarin spelen, lijkt mij een hele terechte opsomming. Het gaat inderdaad om een kleine, specifieke groep, met alle consequenties van dien. En ja, er was tijdsdruk en we handelden daar zo goed mogelijk naar.
Dat betekent dus ook dat we nu snel werken, nog steeds goed maar snel. Dan kom ik bij de inbreng van GroenLinks, van mevrouw Ilić. De relatie met de corporatie is goed. Het was alleen niet altijd makkelijk, maar ik wil benadrukken dat dit een corporatie is waarvan de top van de organisatie toch heeft laten merken dat zij, als je elkaar echt nodig hebt - misschien moet je op een gegeven moment dan maar een keer heel duidelijk zeggen dat dat zo is - wel thuis heeft gegeven op het moment dat dat echt even moest. Daar ging het om en dan kunnen dingen ook heel snel gaan. De andere afspraak: ik heb al geduid dat er feitelijk een wisseling van positie is tussen Rijnhart en De Sleutels in de voorgenomen ontwikkeling aan de woonlocatie Marijkelaan. Dat kan weleens vaker voorkomen in onderhandelingen: je geeft wat, je krijgt wat terug, je wisselt wat. Maar per saldo gaan wij er als gemeente niet werkelijk op achteruit. Hoe de regie houden? In ieder geval wat de woningbouwontwikkeling betreft bent u nog steeds onbeperkt in charge. Mocht de raad ooit besluiten dat er überhaupt geen woningbouw komt, dan komt er geen woningbouw. Mocht de raad ooit besluiten dat er zorgwoningen moeten komen, dan komen er zorgwoningen. We hebben nog altijd een Didam-arrest waar we rekening mee zullen blijven houden, zoals ook in de intentieovereenkomst overeengekomen is.
Is de relatie met de projectontwikkelaar goed? Ja, we komen elkaar zo vaak tegen bij verschillende projecten in het dorp dat je dat toch kan stellen, hoewel het weleens ingewikkeld kan zijn. Verder is er nog een verschil tussen een puur zakelijk belang en een persoonlijke relatie. Over de deal met de ontwikkelaar: we weten dat we het over de firma Niersman hebben. Ik heb daarop geantwoord. Er zijn afspraken gemaakt. Dat moet linksom of rechtsom onder mijn aansturing geweest zijn. Derhalve ben ik en niemand anders daar verantwoordelijk voor. De locatie. Delft groen het onderspit? Dat is niet de bedoeling. Wij zijn werkelijk voornemens om dat niet te doen. Ik denk dat ik daar al zeer gedetailleerd op ben ingegaan. We denken echt dat het groen veel mooier wordt dan het nu is. Waar bomen weggaan, worden ze gecompenseerd. Ik heb ook al gezegd waar. Ik roep u op om u, als u dat wil, te betrekken bij de participatie. Die willen we echt ingaan met u, met omwonenden en met belanghebbenden. Die grip, zowel op het inpassen van het groen als op de toekomstige woningbouwontwikkeling is er dus nog steeds. De fractie van de VVD noemt terecht de € 850.000, maar er is wel een toevoeging daaraan. Ten eerste: de € 100.000 - die hebben we nu concreet genoemd; het is dus bekend - is al gedekt aan de kant van de projectontwikkelaar.
Het enige wat we nog moeten doen, is aan u als raad voorstellen dat dit ook gevoteerd moet worden aan de uitgavenkant. De heer Lavrijsen (VVD): Ik hoor de wethouder zeggen dat van die € 850.000 al een ton is gedekt door de projectontwikkelaar. Dat moet ik bestrijden. Die ton kwam bovenop de 9 ton bij het raadsbesluit uit 2023. Dit is een aanvullend krediet op die 9 ton, plus die ton van de projectontwikkelaar.
Raadsvergadering 30 januari 2025
12
Wethouder Van der Elst: Dat klopt, maar de dekking is voorzien. Het gaat dus niet ten laste van gemeentelijke belangen. Die 9 ton van toentertijd was exclusief die ton. Feitelijk hadden we het dus over € 1 miljoen. Er is alleen geen votering voorgesteld aan de raad om die ton uit te geven. Het is er dus wel; het moet gevoteerd worden. Het is in die zin niet additioneel. Het is een brutotoevoeging en geen nettotoevoeging. De nettotoevoeging is € 750.000, niet € 850.000. Dan de 3 ton van die afrit. Er was een stukje opgenomen in het oorspronkelijke krediet van die 9 ton, maar dat blijkt bij nader inzien veel meer te moeten zijn. Er moet fors verbouwd worden, het fietspad moet verlegd worden enzovoort. Zo kom je op 3 ton. Als je dat alsnog losknipt, loop je het risico dat je het ene als raad wel besluit en het andere niet. Dan heb je per saldo niks. Daarom is het toch als integraal voorstel intact gebleven, waarbij we alle woonwagens willen verkopen. Ik vraag de raad om de ruimte om te ontwikkelen wat we nu voorhebben en daar ook tempo in te maken. Ik zal alles inzetten wat ik kan om de kosten voor de gemeente, voor gemeenschapsgeld, zo beperkt mogelijk te houden. De verwachting om de koopsom van de woonwagens terug te halen: ja, dat staat erin. Dat is een verwachting en er staat ook in dat we eigenlijk nog meer willen.
Ik ben niet zo onhandig dat ik aangeef dat we het doen met alleen het terugkrijgen van de kostprijs van die woonwagens. Ik wil meer. Als je nu zou zeggen "we willen alleen € 750.000 terug", doe je het niet handig. Dat is niet mijn inzet. Ik wil meer. "Nader te bepalen": dat is precies wat nog moet komen. Die strofe is juist, want we moeten die onderhandelingen nog in. We hebben nu nog veertien weken. Ik denk dat dat reëel is, maar we moeten vol aan de bak en dat zullen stevige gesprekken worden. Ik zal daar zelf bij betrokken zijn en we gaan niet achterover leunen; ook dat kan ik u garanderen. In die zin is het aanvullende krediet dus wel degelijk als budgetneutraal voorzien of zelfs nog beter dan dat. Op het eerste recht op koop ben ik uitgebreid ingegaan. De raad blijft in positie bij de ontwikkeling aan de Marijkelaan. Dan de fractie van Voorschoten Lokaal. Mevrouw Persoon, dank voor uw inbreng. Dat geldt ook voor de heer Maassen. Constructief en u heeft al laten gloren hoe het stemgedrag wellicht zal zijn. Het is fijn om dat te horen. Tot slot het CDA, mevrouw Kortekaas. Wat de 15 km/u-weg betreft: ik heb het hier voor me liggen. Onze verkeersdeskundigen hebben het klip-en-klaar gezegd: je kan op een 50 km/u-weg, de Veurseweg, geen 15 km/u-weg aansluiten. Dat is in de verkeerswetgeving verboden.
Hoe gaan we om met de fietsveiligheid? Door de weg die daar komt te liggen, te beperken tot 30 km/u en niet tot 50 km/u. Dat is het antwoord op uw vraag over veiligheid. Ik denk uitgebreid ingegaan te zijn op de groencompensatie. Ook het CDA roep ik op om zich te betrekken bij de participatie die we voornemens zijn. De voorzitter: Ik kijk rond. Zijn alle vragen uit de eerste termijn van de raad beantwoord? Wethouder Van der Elst: Ik ben nog niet ingegaan op de motie en het amendement. Mag ik dat nog doen? De voorzitter: Zeker, wethouder. Wethouder Van der Elst: Dat vergat ik even in mijn jeugdige enthousiasme. Amendement 315 van D66 lijkt het college een prima plan. We omarmen dat graag. Dat geldt ook voor motie 342 van D66: dat is een prima plan en dat omarmen we graag. De voorzitter: Dank voor deze laatste toevoeging. Zijn er nog openstaande punten uit de eerste termijn van de raad, vragen die nog niet zijn beantwoord? De heer Lavrijsen (VVD): Ik vergat bij mijn eerste vraag mijn waardering uit te spreken voor het excuus dat de wethouder heeft gemaakt. Dat waarderen wij; dat had ik zojuist eigenlijk moeten zeggen. Ik heb nog twee openstaande vragen. Allereerst kom ik toch nog terug op die budgettaire neutraliteit. Ik hoor de wethouder zeggen: we willen meer dan de koopsom terug. Volgens mij kan iedereen zich daarin vinden, maar ik stelde een hele concrete vraag.
Het staat echt heel stellig in
Raadsvergadering 30 januari 2025
13
het raadsvoorstel. Het gaat om veel geld. Op welke manier denkt het college dit te gaan realiseren? Dat is één. Ik had ook gevraagd of het, nu er een overeenkomst ligt, mogelijk is dat de woningcorporatie de woonwagens 3 en 4 gewoon zelf gaat realiseren. Ook daar wordt immers aan gerefereerd in het raadsvoorstel. Ook daar zou ik graag een reactie op horen. Wethouder Van der Elst: Hoe ik dat denk te gaan realiseren: door alles wat ik kan uit de kast te halen en te doen wat ik normaal ben te doen. Dat is ook een stukje ervaring in commercie; dat is toevallig mijn achtergrond. Dat betekent inhoudelijk - dat heeft met het proces te maken - dat wij zwaar zullen inzetten op werken met een zogenoemde open calculatie, zodat we van twee kanten laten zien hoe we tot bepaalde berekeningen komen. Dat is dus iets anders dan wanneer je ergens iets koopt, een auto of zo. Dan sta je met de dealer te onderhandelen. Nee, je trekt je boeken open en je laat simpelweg zien waar je factoren onvoorzien, risico enzovoort zitten, zodat je kan zien hoe iemand tot een bepaalde slotsom komt. Dat is een onderhandelingsconcept dat alleen werkt als je elkaar vertrouwt. Ik denk nadrukkelijk dat daar in dit geval sprake van is.
Ik weet zeker dat ook deze corporatie uiteindelijk als doel het dienen van de samenleving en de belangen op het punt van volkshuisvesting heeft en niet het vergaren van zo veel mogelijk dollars. Dat is toch een andere wereld. De woonwagens 3 en 4: ja, het is in theorie niet uitgesloten dat de corporatie die zelf realiseert, maar ten eerste hebben we daar in de intentieovereenkomst niet op ingezet en ten tweede willen we een zekere procesweg hebben naar het realiseren van snelheid en kwaliteit. In ieder geval vooralsnog zetten we er dus op in dat de gemeente ze turnkey overdraagt, waarna de huurders gaan huren van de corporatie. Dat zou bovendien nog een voordeel kunnen opleveren wat btw betreft. Dat is een voordeel dat uiteindelijk de gemeenschap van Voorschoten weer ten goede komt. De voorzitter: Zijn nu echt alle vragen uit de eerste termijn beantwoord? Mevrouw Kortekaas (CDA): De wethouder is zo aardig geweest om te reageren op het terugplaatsen van bomen die verdwijnen en die dan naar Arsenaal zouden gaan, maar de vraag over het boomkroonvolume is een heel andere vraag. Dat gaat niet om aantallen, maar om een overeenkomst tussen de grootte van de boom en wat je daarvoor terugplaatst. Dat kan betekenen dat je veel meer kleinere bomen terugzet om hetzelfde doel te bereiken of dat je hele dure grote bomen terugplaatst.
Mijn vraag of dat haalbaar is met betrekking tot de ruimtelijke en financiële kaders die daaraan vastzitten, blijft dus nog steeds staan. De voorzitter: U vraagt om het terugplaatsen van grote bomen. Mevrouw Kortekaas (CDA): Nee, ik vraag of het haalbaar is. Wethouder Van der Elst: Daar moet echt nog een stuk uitwerking aan gegeven worden, zeker met betrekking tot het parkje Arsenaal. We zijn echt van plan om daar iets moois te maken. Er zitten toch een paar kanten aan het boomkroonvolume. Is dat nu of in potentie? En als je grote bomen te dicht tegen elkaar aan zet, heb je een groot volume, maar dan groeien ze niet zoals je het wilt hebben. Er zal dus nader uitgewerkt moeten worden hoe groot, hoe dik of hoe zwaar die bomen precies zijn. Ik wil er wel op wijzen dat de bomen op de huidige locatie aan de Korte Vliet grotendeels populieren zijn. Die worden over het algemeen niet gezien als het meest hoogwaardige bomenbestand dat je je kan voorstellen. We willen dat veel mooier gaan maken. De voorzitter: Ik denk ook dat dit in redelijke mate een uitvoeringsvraag is. De wethouder heeft de vraag gehoord, maar ik stel voor dat dit wordt meegenomen in de uitvoering indien het plan wordt aangenomen. Uw punt is in elk geval gehoord. Is daarmee een einde gekomen aan de eerste termijn van het college? Dat is het geval. Ik zie dat er behoefte is aan een schorsing.