Notulen raadsvergadering 28 januari 2021 (get.).pdf
Tekst van het document
Notulen raadsvergadering
NOTULEN van de digitale vergadering van de raad der gemeente Voorschoten, gehouden op 28 januari 2021 vanaf 20.00 uur. Voorzitter: de heer Ch.B. Aptroot, waarnemend burgemeester. Griffier: de heer B.J. Urban. Aanwezige leden: de heer A.E.T. Andringa, mevrouw S.J. Boom, de heren J.Ph. Bos, mr. drs. C. Bremmer, A. Deuzeman, drs. S.W.C. van den Dool, C.J. van der Elst en A.B. de Graaf, mevrouw drs. E.C. van Herk (later), de heren drs. P. 't Lam, B. Lavrijsen en E.M.L.H. Maassen, mevrouw K.S. van Meenen, de heer M.P.A. van Oostrum, mevrouw M.H.R. Persoon, de heren B.W. Reinke en J.A.E.L.M. van Rixtel, mevrouw J.C. Schroot en de heren A. in 't Veen, G. Zeelt en R.J.M. Zoetemelk. Aanwezige wethouders: de heer P. de Bruijn, de heer mr. M.N. Cramwinckel en mevrouw Spil.
1.
Opening, mededelingen en vaststelling agenda
De voorzitter: Ik open de vergadering van de gemeenteraad van Voorschoten. Goedenavond. Er is bericht van verhindering ontvangen van mevrouw Van Herk. Er was al eerder een motie ingediend die vreemd is aan de orde van de dag en ik zie dat er nog geen tien minuten geleden ook door de VVD een motie is ingediend die vreemd is aan de orde van de dag. Bij dat agendapunt wil ik het daarover hebben, omdat dat wel erg kort dag is, maar de moties die vreemd zijn aan de orde van de dag, worden behandeld bij agendapunt 13. Ik wil de aanwezigheid van iedereen goed kunnen vaststellen. Ik ga uw namen in alfabetische volgorde opnoemen. Ik vraag u om dan de camera en het geluid aan te doen en te zeggen dat u aanwezig of present bent, zodat we zeker weten dat we u echt in de vergadering hebben, zeker als we straks besluiten gaan nemen. (De voorzitter noemt de namen van de raadsleden, waarna zij achtereenvolgens te zien en te horen zijn.) De voorzitter: Bij het vragenuurtje zijn er vragen van de heer Bremmer over de verdere toekomst van de Moeder Godskerk. Ik heb al genoemd dat er bij agendapunt 13 een motie van de heer Van Oostrum en nog een andere motie aan de orde komen die vreemd zijn aan de orde van de dag. Met deze wijziging wordt de agenda vastgesteld. 2.
Beëdiging burgercommissielid
De voorzitter: De heer Peter Paul Lippinkhof, die burgercommissielid gaat worden voor de D66fractie, is niet geheel nieuw in ons gezelschap. Hij is aangemeld. We zouden kunnen zeggen dat hij een soort Heintje Davids is, maar daar heeft hij de leeftijd niet voor. We hebben recentelijk afscheid genomen nadat hij een raadslid had vervangen. Nu komt hij als burgercommissielid. Ik zou haast zeggen "hartelijk welkom", maar we gaan hem toch eerst beëdigen. De heer Lippinkhof legt de belofte af die behoort bij de benoeming tot raadslid. De voorzitter: Ik ben de eerste die de heer Lippinkhof kan feliciteren met zijn benoeming tot burgercommissielid. Ik zou zeggen: welkom terug, veel succes in het werk en hopelijk ook - dat straalt u nu eigenlijk al uit - veel plezier in uw werk, want het is mooi werk in het belang van onze inwoners en ons dorp. Dank u wel. We kunnen u helaas niet feliciteren, maar er gaat een moment komen waarop we elkaar wel weer echt gaan ontmoeten.
Raadsvergadering 28 januari 2021
1
3.
Vaststellen raadsnotulen van 10 december 2020
De notulen worden ongewijzigd vastgesteld. 4. 4.1.
Lijst van ingekomen stukken voor de gemeenteraad Brieven van instellingen of burgers
Mevrouw Schroot (D66): Voorzitter. Ik heb opmerkingen over de brieven 1390 en 1398. We willen graag de stand van zaken vernemen inzake het woonwagenbeleid. Dat mag mondeling maar ook schriftelijk. Brief 1391 over de stand van zaken inzake naamgeving van het Berkhoutpark is besproken in de commissie B&B. Daar horen we ook graag meer over. Wat brief 1396 betreft weten wij niet zeker of de gevels in Voorschoten brandveilig zijn. Daar horen we dus ook graag een korte reactie op. Wat brief 1399 en brief 1416 betreft: zetten wij ons beleid voort om geen chemische gewasbescherming in te zetten nu de wetgeving gewijzigd is? De voorzitter: Het gaat om de brieven 1390, 1391, 1396, 1398, 1399 en 1416. Bij een aantal brieven stond al dat u een afschrift zou krijgen. Van de paar brieven waarbij dat niet het geval is, zullen wij u een afschrift sturen. Dan kunt u het altijd aan de orde stellen als u vindt dat er nog een vraag openstaat of als u het niet eens bent met iets. Zullen we dat zo doen? Mevrouw Schroot (D66): Prima. Dank u wel. De heer Deuzeman (GroenLinks): Voorzitter. We hebben gisteren in het Presidium verzocht om brief 1415, het rapport van het onderzoek van de FNV naar verdringing, mee te nemen in een bespreking in de commissie Mens en Samenleving. Ik heb begrepen dat het Presidium daarmee akkoord is gegaan. Hartelijk dank daarvoor.
De voorzitter: Brief 1415 over het onderzoek naar verdringing is inderdaad besproken. Dit zal tijdens de commissievergadering worden geagendeerd aan de hand van een notitie, een raadpleegbrief van het college. De heer Maassen (SP): Voorzitter. Mevrouw Schroot noemde net al de brieven 1390 en 1398 over het woonwagenbeleid. Gisteren heb ik in het Presidium al verzocht om een reactie daarop van het college met het standpunt inzake het woonwagenbeleid en heb ik ook verzocht om dat standpunt voor de zomer te bespreken in de commissie Wonen, Ruimte en Groen. Daar is het Presidium mee akkoord gegaan. De heer Van der Elst (ONS Voorschoten): Voorzitter. Het gaat over 1418, de e-mail van de Alliantie Burgers Voorschoten, met als onderwerp de samenwerking tussen de gemeente en de vele vrijwilligersorganisaties. Wij verzoeken het college gehoor te geven aan het verzoek van de Alliantie om met haar in gesprek te gaan. De Alliantie doet daar een duidelijke handreiking toe. Die wordt kennelijk nog niet opgepakt. Ons verzoek is nadrukkelijk om met de Alliantie inhoudelijk het gesprek aan te gaan over dit onderwerp. De voorzitter: Dat hebben we in ieder geval gehoord. Wacht u even af hoe het college daarop reageert. Met inachtneming hiervan wordt besloten overeenkomstig de voorstellen tot afdoening. 4.2.
Informatiebrieven van het college van B en W
De heer Maassen (SP): Voorzitter. Ik wil graag informatiebrief 101 over een mogelijke integriteitskwestie nog even benoemen. De SP vindt het heel erg belangrijk dat echt boven water komt of hier iets aan de hand is. We willen daarom de reactie die de burgemeester gaat sturen en die hij in deze informatiebrief aankondigt, ook graag aan de raad toegestuurd zien en mogelijk in een volgende raadsvergadering ook even aan de orde kunnen stellen. De voorzitter: Ik zeg in ieder geval toe - dat was ook mijn bedoeling - dat ik de afdoening naar aanleiding van deze informatiebrief over de column van de heer Carabain naar de raad zal sturen.
Raadsvergadering 28 januari 2021
2
Die krijgt u dus. Dan merken we wel of u dit geagendeerd wilt zien of niet. Ik begrijp dat u daarmee kunt instemmen. De heer De Graaf (PvdA): Voorzitter. In de allerlaatste zin van brief 097 over de actualisatie van de wooncijfers staat dat in december de actualisatie van de cijfers aan de provincie wordt aangeleverd. Kunnen wij een afschrift krijgen van die actualisatie van de cijfers? De voorzitter: Dat is zo'n concrete vraag dat ik even kijk of wethouder Cramwinckel daar nu een antwoord op kan geven of dat we dit later laten weten. Wethouder Cramwinckel: Het antwoord is ja, voorzitter. De voorzitter: Oké, u krijgt dat afschrift dus. Met inachtneming hiervan wordt besloten overeenkomstig de voorstellen tot afdoening. 4.3.
Schriftelijke beantwoording van vragen uit de raad
Besloten wordt overeenkomstig de voorstellen tot afdoening. 5.
Vragenuurtje en actuele bestuurlijke aangelegenheden
De voorzitter: De heer Bremmer zal enkele vragen stellen over de Moeder Godskerk. De heer Bremmer (CDA): Voorzitter. Gelet op de overvolle agenda zal ik dat wellicht in steekwoordachtige bewoordingen doen. Recent hebben we gelezen dat de Moeder Godskerk vlak voor de kerst definitief verkocht is aan de firma Niersman Ontwikkeling. Aannemend dat het college hiervan kennis heeft genomen, is mijn vraag of dit bericht klopt en of alle juridische formaliteiten, inclusief het tekenen van de transportakte voor de overdracht, zijn afgerond. Met andere woorden, is sinds kort inderdaad juridisch sprake van een gewijzigde situatie ten opzichte van vóór de verkoop aan Niersman? Was dit bericht voor het college een verrassing? En is voorts het bericht in de Voorschotense Krant juist dat met de koper overeen is gekomen dat de nieuwe bestemming woonbestemming zal worden? En wat betekent deze verkoop voor de beleidsopstelling van het college? Betekent deze verkoop dat in dit dossier een zekere versnelling verwacht mag worden? Wat is de stand van zaken in de contacten met het Cuypersgenootschap over een monumentenstatus voor het gebouw? En wat is de verwachte afronding van het besluitvormingsproces rond de status van dit kerkgebouw, gegeven de procedure die door het Cuypersgenootschap is aangespannen? Als het kan, zijn wij ook graag benieuwd naar de stand van zaken inzake het
herbestemmingsonderzoek. We hebben daar al een aantal keren naar gevraagd. Welke rol ziet het college in dit verband voor de raad? Kan het college ten slotte nog iets zeggen over de verstandhouding, de relatie, tussen de huidige huurder, het GODcentre, en de firma Niersman en over de implicaties op korte termijn van de verkoop van de Moeder Godskerk voor het huurcontract met de huidige huurder? Zijn er, voor zover het college bekend, eventuele andere opties in Voorschoten voor het GODcentre, gegeven de recente verkoop? Hartelijk dank dat ik deze vragen kon stellen. Wethouder Cramwinckel: Voorzitter. Ik zal mijn antwoorden ook in steekwoorden geven. De kerk is inderdaad verkocht, ook in definitieve zin, zoals de heer Bremmer aanduidt. Het was geen verrassing, want het hing al een tijd in de lucht. Het was afhankelijk van een bisschoppelijke machtiging. Het brengt op zichzelf geen wijziging in de huursituatie van dit moment, want zoals u wellicht nog weet uit uw college Burgerlijk Recht breekt koop geen huur. Dat geldt hier uiteraard ook. Er is een huurcontract met een looptijd van twee jaar. Daar wordt door die koop op zichzelf geen verandering in gebracht. Volgens mij is al in 2016 door het Cuypersgenootschap een verzoek ingediend om de kerk aan te wijzen als gemeentelijk monument.
Wij hebben dat verzoek aangehouden, omdat we dat willen coördineren met een eventueel ander verzoek rondom de nieuwe toekomst van de kerk. Dat hebben we in 2019 ook al met u gedeeld. Maar voordat dat kan gebeuren, moet er eerst een zogenaamd herbestemmingsonderzoek plaatsvinden. Ik heb vanmiddag nog even contact gehad met de firma Niersman, die dat herbestemmingsonderzoek nu laat uitvoeren. De verwachting is dat dat in het tweede kwartaal ter beschikking komt. Dan kunnen alle partijen opnieuw nadenken over de vraag of een economische toekomst voor die kerk haalbaar is en wat voor scenario's dat precies oplevert. Dan kan dus nadere besluitvorming plaatsvinden. Maar wij zijn in eerste instantie dus afhankelijk van de conclusies die Niersman maar ook het GODcentre met elkaar trek-
Raadsvergadering 28 januari 2021
3
ken over de toekomst van de kerk. Dat kan nog allerlei kanten uit. Het is te vroeg om daar nu een oordeel over te vellen. Ik denk dat we uw vraag hoelang dit helemaal gaat duren, pas kunnen beantwoorden in de zomer, als helderder wordt wat zowel het GODCentre als Niersman precies willen, want dat is gewoon onhelder. Daarna is de gemeente aan zet, zoals ik aangaf, want uiteindelijk is het, zoals u weet, de gemeente die bepaalt welke bestemming daar op haar plaats is, of dat handhaving van de huidige bestemming "kerk" is of dat daarin verandering gebracht moet worden. In die zin is het ook niet relevant wat in het koopcontract staat. Daar zijn wij als gemeente ook geen partij in. We weten ook niet precies wat daarin staat. Voor ons is relevant welk verzoek er nu komt. Vervolgens is relevant wat het college vindt en wat u als raad daarvan vindt. Wat de planning betreft kan ik u op dit moment dus niet heel veel duidelijkheid bieden, behalve die herbestemming die waarschijnlijk in het tweede kwartaal boven water komt. Daarna zullen we moeten zien hoe het proces verder loopt. Ik vind het moeilijk om een uitspraak te doen over hoe de verhoudingen tussen de partijen zijn. Ik heb geen aanwijzingen dat die verhoudingen slecht zijn of zo, maar dat weet ik ook niet precies. De voorzitter: Meneer Bremmer, heeft u nog een korte, aanvullende vraag? De heer Bremmer (CDA): Voorzitter.
Allereerst dank ik de wethouder voor zijn uitvoerige antwoorden. Omwille van de tijd zal ik dat nu niet doen. Ik stel het wel op prijs als wij, bijvoorbeeld in de commissie WRG, de discussie de komende maanden een keer kunnen voortzetten. Ik zou eventueel nog schriftelijke vragen kunnen stellen naar aanleiding van dit antwoord, maar op dit moment maak ik even een pas op de plaats en dank ik de wethouder. De heer Lavrijsen (VVD): Voorzitter, ik heb nog een aanvulling, als dat zou kunnen. De voorzitter: Volgens ons reglement van orde wordt alleen de vragensteller in de gelegenheid gesteld om aanvullende vragen te stellen. De heer Lavrijsen (VVD): Ik wilde ook één vraag stellen, maar … De voorzitter: Nee, dat wil ik echt niet. De heer Lavrijsen (VVD): Dan laat ik het hierbij. De voorzitter: U kunt altijd laten weten dat u dit tijdens de commissievergadering nog even wilt bespreken, maar ik wil me wel strak aan ons reglement van orde houden. 6. Hamerstukken: 6.1. Ambtelijk horen bij de behandeling van bezwaarschriften (raadsregistratienummer Z/20/048475/211781); 6.2. Evenementenbeleid Voorschoten 2021: wijziging APV (raadsregistratienummer Z/20/040007/219810) Deze voorstellen worden zonder beraadslaging en zonder stemming aangenomen. 7.
BESPREEKPUNTEN
8. Centrumvisie Voorschoten (met horeca en retail) (raadsregistratienummer Z/20/049507/0218705) De voorzitter: We bespreken nu de Gebiedsvisie Centrum Voorschoten. Deze visie is bedoeld als ontwikkelkader voor de actualisatie - die dus nog gaat volgen - van de Economische Visie op het gebied van horeca en detailhandel, de Economische Agenda en de sectorale inbreng voor ruimtelijke kaders in de toekomst. De heer De Graaf (PvdA): Voorzitter. Het document dat door de heer Van Bochove van Blaauwberg met een voorwoord en leeswijzer wordt gepresenteerd, is een brede beschouwing van uitdagingen en dilemma's voor ons dorp. Het is een appel om de luiken open te zetten en onze blik te verruimen. Het is inspirerend, soms trendy, dan weer vaag en het roept veel vragen op over de rol
Raadsvergadering 28 januari 2021
4
van de gemeente. Maar het is goed dat het ons opschudt; dat vinden we belangrijk. Tegelijkertijd hebben wij twee bedenkingen. Allereerst stelt het college voor dat de raad het document als ontwikkelkader vaststelt. Je kunt voor het woordje "kader" wel het woordje "ontwikkel" plakken, maar het blijft een feit dat de raad in dat geval ten behoeve van het college een kaderstellende notitie vaststelt waarin de 33 beleidsuitspraken in het document als piketpalen voor verder beleid fungeren. En wat is dan die ontwikkeling van het document? Enigszins karikaturaal zou je die ontwikkeling als volgt kunnen duiden: van frozen town naar urban living and daily urban system. Het gekke is dat als je die woorden ontdoet van hun nogal bombastische lading, ik me best iets kan voorstellen bij onderdelen ervan. Maar dit betekent niet dat we het op voorhand eens zijn met alle beleidsuitspraken en opvattingen in het document. Op het moment dat we deze notitie bestempelen tot kaderstelling voor vervolgbeleid - want dat impliceert het woord "ontwikkelkader" - besluit je dat de beleidsuitspraken als piketpalen fungeren voor verder handelen. Dat vinden wij prematuur. We vinden het document een betekenisvolle inspiratiebron voor verder beleid, dus een belangrijk document, waar we verder met elkaar en met betrokkenen over moeten praten in relatie met de Economische Visie en de Economische Agenda.
Daarom dienen wij een amendement in. In de commissie B&B heeft de wethouder vorige week gezegd dat hij daarmee zou kunnen leven. Mijn vraag aan de wethouder is of hij dat nog steeds vindt. Het amendement, dat mede wordt ingediend door de SP, ONS Voorschoten, het CDA en Voorschoten Lokaal Sterk, luidt: "Amendement 115. De raad van de gemeente Voorschoten, in zijn vergadering bijeen d.d. 28 januari 2021, gezien het raadsvoorstel nr. Z/20/049507/0218705, constaterende dat: a. de gebiedsvisie Stadsdorp in beweging een inspirerende en brede beschouwing bevat van uitdagingen en dilemma's; b. Voorschoten behoefte heeft aan een dergelijke beschouwing om de luiken open te zetten en om de blik op de ontwikkelingsrichting van het centrum te verruimen; overwegende dat: a. het college voorstelt de gebiedsvisie als kaderstellend document vast te stellen; b. de gebiedsvisie 33 (richtinggevende) beleidsuitspraken bevat die, afzonderlijk en in samenhang, nog geen onderdeel van beraad zijn geweest in de raad; c.
het daarom de voorkeur verdient om als raad uit te spreken dat de gebiedsvisie inclusief de 33 beleidsuitspraken wordt beschouwd als betekenisvolle inspiratiebron voor de actualisatie van de Economische Visie, de Economische Agenda en voor de sectorale inbreng voor ruimtelijke kaders in de toekomst; Besluit in het beslispunt behorende bij dit agendapunt het woord 'ontwikkelkader' te vervangen door 'betekenisvolle inspiratiebron', waardoor het beslispunt als volgt luidt: De Gebiedsvisie Centrum Voorschoten vast te stellen als betekenisvolle inspiratiebron voor de actualisatie van de Economische Visie, de Economische Agenda en voor de sectorale inbreng voor ruimtelijke kaders in de toekomst." Onze tweede bedenking heeft te maken met de toekomstige rol van de gemeente. In het document lees je aan de ene kant dat we moeten afstappen van het idee van een restrictieve planologie daar ben ik het mee eens - maar dat het geen zin heeft om vanuit de overheid een echte planning na te streven of zelfs maar om sturing te geven en dat we naar een argumentatieve besluitvorming moeten met zachte beleidsinstrumenten. Dat is de ene kant, maar aan de andere kant wil de nota geen uitgaansboulevard op de Voorstraat en geen Airbnb in het centrum, maar wel betaalbare bedrijfs- en ontmoetingsruimtes met een huurprijs vanaf € 50 per vierkante meter et cetera.
Kortom, aan de ene kant lezen we passages die lijken te wijzen op een keuze voor een overheid die wel wil meepraten en meedenken maar niet stimuleert of stuurt. Aan de andere kant staan er allerlei ontwikkelingen beschreven die je niet wilt - en daar zul je dan toch instrumenten voor moeten hebben - of die je wel wilt, zodat je soms zult moeten stimuleren en kaders zult moeten meegeven. Dat hebben we toch wel geleerd bij Arsenaal-Segaar. Kortom, waar het document spreekt van een
Raadsvergadering 28 januari 2021
5
zover mogelijk terugtredende overheid die al haar kaarten zet op het succes van een argumentatief proces, vinden wij het document naïef en gedateerd. Waar het spreekt van gewenste en ongewenste ontwikkelingen, missen we het beleidsinstrumentarium. Daarom leggen we naast het amendement een motie ter bespreking en besluitvorming aan de raad voor. De motie, die mede wordt ingediend door de SP, ONS Voorschoten, het CDA en Voorschoten Lokaal Sterk, luidt: "Motie 177. De raad van de gemeente Voorschoten, in vergadering bijeen d.d. 28 januari 2021, gehoord de beraadslaging, constaterende dat: a. de centrumvisie Stadsdorp in beweging er begrijpelijk van uitgaat dat 'restrictieve planologie' niet meer van deze tijd is; b. de opstellers van de centrumvisie uit lijken te gaan van een gemeentelijke overheid als toeschouwer van een op argumenten gebaseerd debat en overleg tussen belanghebbenden, c. waarbij het geen zin heeft om 'vanuit de overheid een echte planning na te streven of zelfs maar om sturing te geven’ (blz. 33.
Onderstreping door opstellers motie); overwegende dat uit ervaringen van de afgelopen jaren is gebleken dat een volledig terugtredende overheid niet per definitie leidt tot resultaten die aansluiten bij een publiek belang en recht doen aan uiteenlopende belangen van betrokkenen; verzoekt het college, in de Economische Visie en de Economische Agenda een beschrijving op te nemen van de beleidsinstrumenten die de gemeente gebruikt om geformuleerde ambities dichterbij te brengen, en gaat over tot de orde van de dag." De heer Van den Dool (VVD): Voorzitter. De VVD heeft met genoegen de Centrumvisie gelezen en is blij dat dit document er ligt. Het biedt heel veel mogelijkheden. Het omschrijft veel en het prikkelt veel. Als je het leest, sta je soms verbaasd en denk je soms: goh, dat is een nieuw inzicht. Voor ons is het belangrijk dat het mogelijkheden geeft aan mensen die breed denken en die een onderneming, klein of groot, zouden willen starten. Het biedt ook mogelijkheden om verschillende functies te combineren; daar wordt ook iets over gezegd. Het geeft ook aan welke dingen nodig zijn in verband met elkaar, vooral gericht op het centrum. Ik doel daarmee vooral op het feit dat we ook in het centrum plekken hebben waar we heel goed woningbouw neer zouden kunnen zetten. Dat biedt ook een perspectief voor de opgave die we daar hebben liggen.
We willen net als in de commissie graag benadrukken dat we op een gegeven moment wel de stap moeten zetten dat we met iets moeten beginnen. In dit soort zaken zien we vaak dat iedereen een klein beetje op elkaar wacht. Iedereen ziet zelf wel wat hij moet doen, maar we willen ook graag dat er op een gegeven moment een stap wordt gezet. Een belangrijke stap die de gemeente wel kan regelen en sturen, is het opvullen van plekken met woningbouw, omdat dat meerdere doelen zal steunen. Nogmaals, wij vinden het belangrijk dat dit document, gericht op het centrum, gebruikt wordt om richting te geven aan hoe we de Economische Agenda gaan opstellen. Zo zouden we het ook het liefst geformuleerd zien en zo beschouwen we dit document ook. Dit document geeft niet aan wat we gaan doen, maar geeft ons richting om de Economische Agenda te vullen, zodat daar meer mogelijkheden in komen om panden te benutten, zodat zij mensen kansen geeft en misschien ook eens anders denkt dan de dingen die er nu in zitten, waardoor je niet de geijkte weg volgt maar dit document er nog eens bij pakt en ziet "goh, hier staan nog wel dingen in die ons prikkelen in het denken over welke groep mensen en wat voor ondernemers je hier zou willen hebben". Aan sommige mensen kun je het prima overlaten om hun eigen initiatief de kans te geven en samen met elkaar aan iets te bouwen.
Ik denk dat we de visie meer zo zien en dat zij meer die kant opgaat dan dat we het nu, zoals gesteld wordt, volledig loslaten en wel zien wat er gaat gebeuren. Wat dat betreft zijn dit richtinggevende gedachten om de volgende stappen te gaan zetten. Wij zien er als VVD zeer naar uit dat dat ook gaat gebeuren. Wij vragen de wethouder nog om dit soort dingen te beamen, vooral het idee dat dit document als een richtinggevend document kan worden beschouwd en wellicht ook als zodanig kan worden geformuleerd.
Raadsvergadering 28 januari 2021
6
De heer Zoetemelk (CDA): Voorzitter. Ik heb in de commissievergadering al gezegd dat ik eigenlijk vier punten had, maar toen had ik er drie. Ik heb er nog eentje bij. Het gaat vooral over de status van het stuk, de inspraak van de raad en de inwoners, de gevolgen voor besluitvorming en de rol van de gemeente in het hele proces. Ik heb al een aantal mensen hierover horen praten. Ik ga eerst in op de status van het stuk. Er wordt gesproken over "kader". Wij zijn een kaderstellende raad. Dat betekent dat wij, als we dit besluit nemen volgens de besluitvorming die voorligt, eigenlijk de kaders hebben gesteld en het college de vrijheid geven om alles uit te voeren wat erin staat. Wij zijn daarom medeondertekenaar van het amendement van de Partij van de Arbeid om dit stuk een andere naam te geven. De VVD zei het ook al even: het moet in ieder geval een inspirerend, richtinggevend stuk zijn. Dus wij ondersteunen het amendement. Punt twee is de inspraak van de raad en de inwoners. Als je het nu al min of meer als kader gaat zien en als er bij dit stuk al niet heel veel inspraak is geweest, dan komen we straks in problemen bij de verdere invulling van hoe we het in het dorp willen hebben. Punt drie betreft de gevolgen voor de besluitvorming.
Ik zei het in feite al: wat is straks nog de rol van de raad en wat is de rol van de inwoners? We hebben ooit een mooie toekomstvisie gehad richting 2025. Daar hebben we iedereen bij betrokken. Daar is het rapport van Blaauwberg ook enigszins van uitgegaan door de Economische Visie die daar toen aan gekoppeld is. Maar nogmaals, dit geeft mij het gevoel dat we als raad, door het op deze manier vast te stellen, onszelf min of meer buitenspel zetten in de toekomst. Vandaar dat we er, om die twijfel weg te nemen, liever een andere benaming aan geven binnen de besluitvorming. Dan is er nog een vierde puntje, waarover de Partij van de Arbeid al een motie heeft ingediend. Ook die hebben we onderschreven. Daarbij gaat het om de rol van het college, van het bestuur. Ik voelde even de neiging om te zeggen dat we straks twee ploegen het veld opsturen zonder scheidsrechter. Dat gaat niet altijd goed. Het kan goed gaan. Het gaat niet altijd goed, maar op vele gebieden binnen het stuk zal er toch een regierol van de gemeente blijven. Daar wijst deze motie ook op. Ook die motie steunen wij dus graag. Mevrouw Boom (D66): Voorzitter. Wij hebben het stuk reeds uitgebreid besproken in de commissie B&B. Zoals toen ook aangegeven, vindt D66 de voorliggende Centrumvisie een goed stuk. Het leert ons wat het DNA van Voorschoten is.
Dat is erg interessant om te lezen: waar komen we eigenlijk vandaan en hoe staan we er vandaag de dag voor? Maar vooral: waar liggen onze uitdagingen en kansen? D66 kan zich goed vinden in de richtingen die worden geschetst. Wel hebben wij sympathie voor de opmerkingen van de SP in de eerdere vergadering van de commissie B&B: Voorschoten is een dorp voor iedereen en moet dat ook blijven. Tijdens de commissievergadering is ook uitvoerig gesproken over details in deze adviesnota. Er ligt een voorstel om het woord "ontwikkelkader" te vervangen door "betekenisvolle inspiratiebron". Ook is er gevraagd om beleidsinstrumenten toe te voegen. Wij denken dat deze details afleiden van de inhoud. Door te spreken van "inspiratiebron" wordt het stuk toch ook irrelevant en betekenisloos gemaakt. Dat willen wij liever niet. De vraag die naar onze mening voorligt, is vrij simpel: bent u het eens met de inhoud van het stuk, dus met de voorliggende visie, ja of nee? Wij vernemen ook heel graag van de wethouder hoe hij hiertegen aankijkt. Tot slot. Naar ons idee is de status van het stuk helder. Het geeft college en ambtenaren een stip op de horizon, een richtlijn om met concrete voorstellen te komen. Zoals in het voorstel staat, zijn dat in eerste instantie de Economische Visie en de Economische Agenda.
Wij kijken alvast uit naar de bespreking van die stukken, waarbij we daadwerkelijk over de concrete plannen gaan praten. De heer Van der Elst (ONS Voorschoten): Voorzitter. Wij vinden het rapport over het geheel inhoudelijk toch te vaag, te weinig richtinggevend. Wat beoogt dit rapport nu precies? We hebben het door de PvdA opgestelde amendement, waarin afstand genomen wordt van het kaderstellende gehalte van dit rapport, daarom graag mede-ingediend. In dit rapport worden ten aanzien van ten minste 33 onderwerpen beleidsuitspraken gedaan en die worden vervolgens weer net zo hard ontkracht. Wat dat betreft gaan we toch niet helemaal mee met voorgaande sprekers, die vrezen dat je, als je dit rapport zou aannemen, jezelf vastzet omdat je je dan moet houden aan kaders. Ik wil verwijzen naar de vraag die wij in de commissie aan het
Raadsvergadering 28 januari 2021
7
college hebben gesteld. We hebben de wethouder gevraagd om met een oplegnotitie of inlegvel van één A4 te komen met een concretisering: wat staat er nou echt? Daar had de wethouder geen zin in. Die concretisering is er dus niet. Dat is jammer, maar tegelijkertijd begrijpen we het wel een beetje, want we zouden die concretiserende samenvatting ook zelf niet kunnen maken, althans niet zonder aanvullend alsnog besluiten te gaan nemen. Dat zal dus later gaan gebeuren. In het rapport staat dat de overheid best-casesituaties, gewenste situaties, kan uitlokken of complimenteren als die situaties ontstaan. Sturen kunnen we niet. Wij denken dat dat een vrij reële zienswijze is. We hebben dat punt vorige week in de commissie inhoudelijk genoemd en het is nu opgepakt, onder andere in de door de PvdA ingediende motie, die we dus graag mede hebben ingediend. We willen het stuk zeker niet ridiculiseren. Het is inderdaad ook prikkelend en er worden fraaie vergezichten geschetst. Het is niet fout wat er staat, maar de toepasbaarheid is het probleem: we kunnen ons dat niet zo goed voorstellen. Daarnaast staat het toch vrij vol met zeer algemene macro-economische verkenningen die je op wel 180 gemeenten in Nederland van toepassing kan verklaren.
Met twee benen op de grond staan en op een realistische manier de toekomst inkijken, zoals bekend is dat een benaderingswijze die ONS Voorschoten graag koestert. Aan dit rapport blijft de vraag kleven wat we er nu mee moeten. De raadsfracties is overigens ongeveer een halfjaar geleden verzocht om input te geven voor de nog op te stellen Economische Agenda en Economische Visie. Die bijdragen van de fracties zijn opgenomen in het nu voorliggende rapport van Blaauwberg, tot onze verbazing overigens, want we hadden verwacht die inbreng aansluitend met elkaar te bediscussiëren bij de agendapunten Economische Visie en Economische Agenda, zonder dat er zo'n tijdrovende tussenstap middels het Blaauwbergrapport zou komen. Maar goed, in het rapport van Blaauwberg worden twee fracties met name genoemd vanwege de substantiële bijdragen die zij hebben geleverd, hoewel die gericht waren op de Economische Visie en de Economische Agenda. Die fracties zijn de fractie van de PvdA en de fractie van ONS Voorschoten. Omdat die inbreng nu is opgegaan in een breder, veel meer omvattend en wat wollig geformuleerd stuk, herkennen wij onze inbreng echter niet. Bij de behandeling van de Economische Agenda en de Economische Visie zal u derhalve van ons horen. De heer 't Lam (GroenLinks): Voorzitter.
In de commissie B&B heb ik een verhaal geschetst over hoe het centrum er met deze Centrumvisie uit kan zien. Dat heb ik toen gedaan vanuit het perspectief van een jong gezin, maar een dergelijk verhaal bestaat natuurlijk ook voor senioren die vanuit een intussen te groot huis de stap naar een appartement willen zetten of voor lokale starters die zowaar huurwoningen kunnen krijgen in het eigen dorp. Ook voor hen is deze visie interessant, want bouwen in en rond het centrum is een belangrijk onderdeel van deze visie. Dat betekent wat ons betreft compact bouwen, met veel kansen voor alleenstaanden, ouderen en starters, in alle prijsklassen. Compacter bouwen zorgt ervoor dat koopappartementen betaalbaarder worden, juist in het middensegment, maar zorgt er ook voor dat er veel meer kansen zijn voor sociale huurappartementen. De Centrumvisie ziet het centrum van Voorschoten voor zich als een woonkamer. Dat betekent dat er behalve voor diverse winkels en horeca ook ruimte moet zijn voor meer voorzieningen die eraan bijdragen dat weer meer mensen het centrum regelmatig bezoeken, dus publieke functies en panden met een maatschappelijke inslag. Maar het gaat niet alleen om meer voorzieningen. De strikte scheiding tussen ondernemen en wonen is er eentje die gaat veranderen. Daar moet ruimte voor zijn. Ruimte voor innovaties is een van de belangrijke punten uit de nieuwe Centrumvisie.
De gemeente moet dan ook zorgen dat ondernemers en bewoners van het centrum die ruimte krijgen, niet door zich als gemeente terug te trekken maar juist door de regie te pakken, zoals door een aantal andere fracties is aangegeven. Daarmee dient de gemeente ook te zorgen voor heldere kaders, want als we iets geleerd hebben uit het verleden, is het dat duidelijke randvoorwaarden heel belangrijk zijn om iets voor elkaar te krijgen. Als we dat niet doen, dreigen situaties zoals rond Segaar en Arsenaal. Laat dat dan ook een les zijn met het oog op de toekomstige Omgevingswet. Nu moeten de volgende stappen gezet worden. GroenLinks rekent erop dat de gemeente daarbij duurzaamheid en circulaire economie als belangrijke waarden hanteert. De heer Maassen (SP): Ik hoor de heer 't Lam zeggen dat hij een regierol van de gemeente erg belangrijk vindt en dat duidelijke kaders essentieel zijn. Dat ben ik heel erg met hem eens. Mijn vraag aan de fractie van GroenLinks is daarom of GroenLinks vindt dat dit stuk die kaders en die regierol duidelijk faciliteert. Of is dit stuk daar niet genoeg voor?
Raadsvergadering 28 januari 2021
8
De heer 't Lam (GroenLinks): Dit is niet het stuk waarin heel duidelijk bepaald wordt wat de gemeente wel of niet gaat doen. Het geeft aan dat er ruimte moet zijn voor innovatie, bijvoorbeeld voor ondernemers en bewoners, maar er wordt ook aangegeven dat de gemeente niet buiten schot moet blijven. In dat opzicht ben ik het dus met de SP eens dat die rol gepakt moet worden. Ik kan ook aangeven dat wij in dat kader sympathie hebben voor de door de PvdA en de andere oppositiepartijen ingediende motie. De voorzitter: Ik zag de heer De Graaf, maar ik geloof dat hij inmiddels zijn interruptie heeft ingetrokken. De heer 't Lam (GroenLinks): Ik vermoed al waarom. De voorzitter: Dan kunt u doorgaan. De heer 't Lam (GroenLinks): Ik was bezig met voor ons belangrijke onderwerpen, zoals circulaire economie en duurzaamheid. Dat vinden wij belangrijke waarden voor het ontwikkelen van het centrum. Daarmee kunnen we, om het praktisch te maken, bijvoorbeeld denken aan een kringloopwinkel en het gebruik van circulaire materialen, maar ook aan het stimuleren van de verkoop van allerlei herbruikbare producten en zorgen dat de afvalstroom gerecycled wordt. Deze waarden zijn niet alleen belangrijk voor de leefbaarheid, maar bieden ook economische kansen, juist met deze Centrumvisie. College, pak die kansen. De heer Maassen (SP): Voorzitter.
Zoals mevrouw Boom van D66 al aangaf, heb ik namens de SP in de commissie aangegeven dat deze Centrumvisie wat mijn partij betreft een beetje te eenzijdig is. Zij is heel erg gericht op een toekomstbeeld van jonge, hippe, alternatieve ondernemers. Er is helemaal niks mis mee om dat soort mensen in je dorp te hebben, maar je moet je daar niet eenzijdig op richten, omdat dan de kans bestaat dat andere mensen minder aan bod komen. Wij vinden het heel belangrijk dat de visie van de gemeente duidelijk uitstraalt dat Voorschoten voor iedereen toegankelijk moet zijn en blijven. Nou, "blijven"; op dit moment is Voorschoten niet voor iedereen toegankelijk. Dat is juist een probleem dat benoemd moet worden. Dit stuk leest meer als een gedachte-experiment dan als een beleidsstuk. Dat komt vooral tot uiting doordat het strijdig is met diverse door de gemeenteraad aangenomen beleidsstukken. De heer Van den Dool (VVD): Ik vind het toch wel jammer dat de SP weer zegt dat het allemaal eenzijdig is, terwijl wij toch heel duidelijk lezen dat het stuk uitnodigt. Vooral in het stuk waarin de fracties worden genoemd die een bijdrage hebben geleverd aan dit stuk, wordt aangegeven dat die fracties hebben benoemd dat we, wat ondernemers betreft, graag ook jonge mensen aantrekken; dat hebben de rapportschrijvers daaruit gehaald. Niemand wordt dus uitgesloten. De politiek heeft het al benoemd.
De heer Maassen (SP): Dat is dus precies waarom ik vind dat dit meer een gedachte-experiment dan een beleidsstuk is. Er worden een aantal vergezichten geschetst waardoor het niet heel duidelijk is. Het is geen stuk waarin de kaders worden omschreven. Er worden een aantal gedachten geschetst. Dat is precies waarom je het niet "een beleidsstuk" moet noemen, want voordat je het weet, zit je dan vast aan die gedachten. Ik was net aan het uitleggen waarom ik vind dat het niet echt een beleidsstuk is. Dat is vooral zo omdat het strijdig is met een aantal andere aangenomen beleidsstukken. Daarbij noem ik met name de Economische Visie. Ik kan me nog levendig onze discussie herinneren over de Economische Visie, vooral de Economische Visie van de Leidse regio. Daarin werd benoemd dat detailhandel alleen mogelijk kon zijn in de Schoolstraat en rond winkelcentrum Noord-Hofland en dat op andere plekken eigenlijk geen detailhandel wenselijk was. Daar is een hele discussie over geweest, vooral met de winkels van de Van Beethovenlaan. Mensen zagen het als een bedreiging. En wat staat er in dit stuk? Hier staat ineens in dat winkels in woonwijken wenselijk zijn. Ik vind het prima, hoor, maar dit is wel volledig strijdig met het door deze raad vastgestelde beleid. Er komen meer van dit soort dingen in voor.
Daarom hebben wij met volle instemming het amendement van de PvdA ondertekend, want daarin wordt juist duidelijk gemaakt dat dit meer een gedachte-experiment is dan een beleidsstuk. Het heeft ook niet de weging en de zwaarte van een beleidsstuk in het maken van het nieuwe beleid, juist omdat het strijdig is met eerder aangenomen zaken.
Raadsvergadering 28 januari 2021
9
Ook het andere punt dat de heer De Graaf van de PvdA maakte, wil ik graag onderschrijven: we hebben heel slechte ervaringen met dingen aan ondernemers overlaten en met het standpunt dat de overheid zich terug moet trekken uit haar regierol. We hebben daar een pilot mee gedaan in het Arsenaal-Segaardossier. Het resultaat daarvan is dat we daar nog steeds de brokstukken van aan het opruimen zijn. Juist als er een gebied is waar conflicterende belangen zijn, bijvoorbeeld ondernemers en bewoners, die geen gelijke kracht hebben om dingen te regelen - over het algemeen kunnen de kapitaalkrachtige mensen die iets willen organiseren dat makkelijker voor elkaar krijgen - moet je als overheid de kaders en de grenzen heel duidelijk stellen en moet je heel duidelijk aangeven wat wel of niet wenselijk is voordat er wordt begonnen met een ontwikkeling. Ik ben daarom erg blij dat GroenLinks net heeft aangegeven sympathie te hebben voor het amendement dat door verschillende oppositiepartijen onder aanvoering van de PvdA is ingediend. Ik hoop dat die sympathie ook betekent dat GroenLinks ervoor gaat stemmen. Wij gaan echt alleen met dit voorstel akkoord als heel duidelijk is geformuleerd dat dit een inspiratiebron is, want als beleidsstuk vinden wij het ondermaats. De heer 't Lam (GroenLinks): Ik wil de heer Maassen niet overdreven blij maken met wat hij nu kort samenvat.
Ik heb inderdaad gezegd dat er sympathie is, maar voor de motie. Ik heb nog niks gezegd over het amendement. Dit zeg ik om even aan verwachtingenmanagement te doen. De voorzitter: Meneer Maassen heeft het woord, maar ik heb de indruk dat de verbinding hem en daarmee ook ons in de steek laat, maar ik heb het gevoel dat hij uitgesproken was. Anders zullen we dat straks nog corrigeren. Mevrouw Persoon (Voorschoten Lokaal Sterk): Voorzitter. Eerst wil ik even ingaan op de antwoorden op mijn schriftelijke vragen. Ik vroeg u wat er gedaan is met de vorige Economische Visie uit 2015-2018. Dit vroeg ik omdat ik de indruk heb dat ik niet altijd precies weet wat er met die visies gedaan wordt. Ik kreeg als antwoord dat hier in april op terug wordt gekomen. Dat vind ik erg laat, want hoe kunt u ons vragen om een nieuwe visie vast te stellen wanneer de effecten van de vorige nog niet bekend zijn? Zolang ik niet weet wat er gedaan wordt met een visie, is heel onduidelijk waar ik eigenlijk voor stem. Verder staan wij net als de overige oppositiepartijen achter amendement 115 van de PvdA. De visie van Blaauwberg heeft mooie ideeën, maar wij vinden het geen ontwikkelingskader. Wij zien deze visie ook als een inspiratiebron en wij willen ons nu niet vastpinnen op kaders.
Wij gaan ook mee met motie 117 van de PvdA, waarin gevraagd wordt een beschrijving op te nemen van de beleidsinstrumenten die de gemeente gebruikt om geformuleerde ambities dichtbij te brengen. Als het amendement niet wordt aangenomen, zijn wij tegen dit raadsvoorstel. Wethouder De Bruijn: Voorzitter. Dank aan alle fracties voor de inbreng. De voorzitter: Ik zie dat u "buiten" voor uw scherm zit. U weet toch dat u om 21.00 uur binnen moet zijn? Anders bent u in overtreding met de avondklok en dan krijgt u een bekeuring van € 95. Wethouder De Bruijn: Dan heb ik toch nog veertien minuten? Dan zal ik dus heel snel doorpraten. De voorzitter: Dat was plagen. Gaat uw gang. Wethouder De Bruijn: Ik begin met de vraag van het amendement met betrekking tot "inspiratiebron". Ik heb daar nog even goed over nagedacht. Mijn mening is dat "inspiratiebron" te weinig waarde hecht aan dit document en te weinig richting geeft, maar ik wil ook even uitleggen waarom. Het is namelijk zo dat u als raad ons als college en uitvoerende organisatie de kaders oplegt. Als u niet zegt dat dit een inspiratiekader is maar een inspiratiebron, betekent dat feitelijk dat u ons als uitvoerder veel meer ruimte geeft om de boel uit te werken. U geeft ons hiermee dan dus eigenlijk veel minder kaders, waardoor we theoretisch veel meer kanten op zouden kunnen.
Dat wil ik u in ieder geval als overweging meegeven, want u creëert de kaders voor ons. Daarmee bepaalt u het natuurlijk ook. Als middenweg - want dat is genoemd - zou ik me al een stuk beter kunnen vinden in "richtinggevend document", maar ik wil deze overweging in ieder geval aan u meegeven. De heer De Graaf (PvdA): Ik zou graag willen weten wat "een richtinggevend document" is. D66 zei in de inbreng dat de centrale vraag is: bent u het eens met de inhoud van het stuk? Dat was de
Raadsvergadering 28 januari 2021
10
vraag van mevrouw Boom. Ik denk dat het heel simpel is en ik denk dat ik daarbij namens alle ondertekenaars van ons amendement spreek: de één zal wat meer best goede noties en richtingen in het document zien staan dan de ander, maar dat is iets anders dan dat wij met elkaar van mening zijn dat we het eens kunnen zijn met de inhoud van het stuk. Nu zegt de wethouder: als je "inspiratiebron" zegt, kan het nog alle kanten op. Dat vind ik een mooie gedachte, maar dat lijkt mij toch niet het geval. Maar goed, daarover kun je van mening verschillen. Kan de wethouder ons een omschrijving geven van het begrip "richtinggevend document"? Is het dan naar zijn opvatting niet zo dat de raad het eens is met de inhoud van alle ingrediënten van het document, zoals D66 wel wenselijk acht? Om uiteindelijk tot een afweging te komen, moeten we weten wat "een richtinggevend document" is, zeker nu D66 een bepaalde invulling heeft gegeven aan wat D66 wenselijk acht, namelijk een uitspraak dat we het eens zijn met de inhoud van het stuk en dus met alles wat in het stuk staat. De voorzitter: Ik heb even een vraag over iets anders: heeft u uw camera uitstaan? De heer De Graaf (PvdA): Nee, ik heb mijn camera niet uitstaan. De voorzitter: Het gekke is dat ik u niet zie.
Ik merk dat de kwaliteit van dit debat qua ontvangst en zichtbaarheid in ieder geval voor mij te wensen overlaat, maar het lukt en ik herken uw stem. Het gaat dus allemaal wel, maar het is iets om uit te zoeken of dit bij mij ligt of dat ook anderen hier last van hebben. Maar laten we het na afloop nog maar even met elkaar daarover hebben. Wethouder De Bruijn: Ik zie en hoor de heer De Graaf overigens goed. "Richtinggevend document" zie ik zo dat het voorliggende stuk wel degelijk richting geeft. We willen dus in de richting van het denken van dit stuk gaan werken aan de komende aanpassing van de Economische Visie en aan de vormgeving van de Economische Agenda. Zo zie ik het, dus "in de richting van". Dat betekent dat het wel degelijk wat kaders aangeeft. Het is misschien wat minder strak dan de formulering die er nu staat. Volgens mij past dat dus bij wat u wilt of wenst, maar "inspiratiebron" is volgens mij toch te zwak qua formulering. De heer De Graaf (PvdA): Als er wordt ingestemd met de formulering "richtinggevend document", zegt de raad naar analogie van de inbreng van D66 dan ook dat de raad het eens is met de inhoud van het document? Of preciezer: met de verschillende ingrediënten en beleidsuitspraken die het document omvat? Want dat is de centrale vraag. Wethouder De Bruijn: Ik zou zeggen: in grote lijnen.
Ik wil nog even ingaan op de rol van de gemeenten, want meerdere fracties hebben daarnaar gevraagd. De heer De Graaf noemde "restrictieve planologie". Dat is inderdaad iets waar we vanaf willen. Dat is ook waar de heer Maassen aan refereerde: we zien dat het niet meer van deze tijd is om per se detailhandel in de ene straat te hebben en horeca in de andere straat. Dat werkt niet meer. We willen ons centrum vitaal houden. Daarvoor hebben we meer flexibiliteit nodig, maar betekent dit dat wij onze rol en regie helemaal gaan opgeven? Nee, dat betekent het niet, want aan de ene kant zeggen we dat we op die manier meer ruimte willen geven aan invulling van functies door creatieve ondernemers, maar in dit stuk zeggen we ook dat ondernemers, ondernemingen of - dat moet ik zeggen - organisaties die bij ons in het centrum komen, wel degelijk een bijdrage moeten leveren aan ons centrum. Hoe kunnen we dat controleren? Dat kan bijvoorbeeld door de bestemmingsplannen die we nu hebben en die straks natuurlijk omgevingsplannen worden. In die omgevingsplannen kunnen we nog steeds voor een bepaald gebied omschrijven wat voor soort horeca, wat voor soort bedrijven of ondernemingen of misschien woningen we daar willen hebben. Dat is inderdaad de volgende stap, waar deze uitwerking in komt. Ik noem bijvoorbeeld het ondernemingsplan.
Als een hamburgerketen van een bekend merk zich wil vestigen in de Voorstraat, hebben wij als referentiekader bijvoorbeeld of dat ook past bij de beeldkwaliteit die wij in de Voorstraat willen. Ik denk dat u het antwoord daarop misschien wel zou weten. Wij geven ook aan dat wij een bepaald soort horeca zoeken. In het stuk staat "sophisticated", maar dat is misschien een beetje te ver doorgeredeneerd. Dat betekent dat we daar wel degelijk kaders in hebben. Aan de ene kant zeggen we dus dat we de restrictieve planologie, zoals de heer De Graaf dat ook noemt, loslaten, maar dat betekent niet dat we helemaal geen kaders of regie hebben. We nemen wel degelijk regie, bijvoorbeeld als we kijken naar bepaalde leegstaande panden waarvan wij denken dat zij misschien beter een woonfunctie zouden kunnen hebben dan een winkelfunctie. Dan neem ik ook als wethouder de regie om de eigenaar van zo'n pand te bellen en te kijken of we die
Raadsvergadering 28 januari 2021
11
ertoe kunnen bewegen om daar woningbouw te organiseren. Dat is dus in lijn met het document dat hier ligt, maar we gaan dat uitwerken in de richting van de Economische Visie en de Economische Agenda, met daaronder dus de gebiedsvisies, de omgevingsplannen. Dan kunnen wij eigenlijk veel meer definiëren wat we daar precies willen. Daar heeft u natuurlijk ook zeggenschap over. Dat is meteen ook het instrumentarium waarnaar u zoekt. Ik denk dat ik daar wat meer duidelijkheid over gegeven heb; dat hoop ik in ieder geval. ONS Voorschoten heeft het gehad over meer concretisering en verduidelijking. Zoals ik net heb omschreven, is dat inderdaad wat we gaan doen in de volgende stappen. U zegt ook dat dit document een tijdrovende tussenstap was. Was het nodig? Ja, wij denken van wel, want juist dit document geeft, bijvoorbeeld voor onze horeca, ook becijfering en een benchmark voor hoe wij ervoor staan: hebben wij relatief gezien, dus in verhouding tot andere gemeenten, ruimte voor horeca maar bijvoorbeeld ook voor detailhandel, ja of nee? Dit is voor ons dus een noodzakelijke tussenstap geweest. Uw inbreng komt ook zeker, waarschijnlijk in een voor u duidelijkere vorm, terug in de richting van die agenda, want wat u heeft opgeschreven, nemen we daarbij explicieter mee. GroenLinks heeft het bijvoorbeeld gehad over de kringloopwinkels en, breder, de circulaire economie.
Dat is ook wel hoe wij dat zien. In het ecosysteem van tegenwoordig, van vandaag de dag, zouden juist ook dat soort winkels zeer welkom zijn in een centrum zoals wij dat hebben. Meteen ook reagerend op de SP: zo zou ik in de visie van wat we nu bespreken, ook zeker naar ons dorp kijken, zodat wij juist veel minder eenzijdig worden dan nu, juist een dorp voor iedereen, ook qua wonen. Want we hebben gezegd: ook kleinere appartementen, ook voor senioren en voor starters. Het is juist ideaal om van Voorschoten meer een dorp voor iedereen te maken, niet alleen qua wonen maar ook qua ondernemen, want in dit stuk wordt besproken dat we juist ook ruimte voor creatieve, jonge en startende ondernemers willen bieden. Concreet hebben we dat nu niet. De panden die we nu hebben, zijn te duur en te groot. We willen dus naar kleinere, goedkopere units toe, zodat we ook meer starters aan kunnen trekken. Ik geloof dat dat mogelijk is. De heer Maassen gaf aan dat dit strijdig is met de Economische Visie. De vorige Economische Visie is geschiedenis. We gaan de Economische Visie juist aanpassen, omdat we mee moeten met onze tijd. We moeten niet blijven hangen in de geschiedenis. Ik weet dat de heer Maassen een fan is van geschiedenis; dat ben ik ook, in grote mate, maar niet op dit punt. We moeten mee in de nieuwe tijd.
Als we blijven hangen in wat we altijd hebben gedaan, is stilstand achteruitgang. De voorzitter: Er is een interruptie. Ik wil u ook vragen om op uw spreektijd te letten, want er zijn vandaag nog meer bespreekpunten. De heer Maassen (SP): Het klopt dat ik regelmatig verwijs naar de geschiedenis, maar iedereen die de geschiedenis van de Economische Visie kent, weet dat ik namens de SP me altijd juist heb verzet tegen dat centreren van de detailhandel in die twee winkelgebieden. Op zich vind ik het dus een goede ontwikkeling, maar het is wel het kader dat op dit moment geldig is. Vandaar dat ik op zoek was naar hoe dit stuk zich verhoudt tot het kader dat we binnen de raad hebben afgesproken. Wethouder De Bruijn: U bent dus een visionair, meneer Maassen. Dat blijkt maar weer. We gaan de Economische Visie updaten op dit vlak. Ik wil afsluiten met de vraag die ONS Voorschoten ook nog stelde: wat moeten we nu met dit stuk? Daar kan ik alleen maar op zeggen: aannemen natuurlijk. De voorzitter: De heer De Graaf gaf het signaal dat hij een schorsing zou willen. De heer De Graaf (PvdA): Ja, naar aanleiding van de eerste termijn van de wethouder zou ik graag een schorsing van maximaal tien minuten willen voorstellen voor overleg tussen de partijen die het amendement en de motie hebben ondertekend.
De voorzitter: Ik was toch al van plan om ergens te gaan schorsen, omdat dat voor sommige mensen een beetje prettig en voor andere mensen heel prettig is. De vergadering wordt enige tijd geschorst. De voorzitter: We gaan beginnen aan de tweede termijn.
Raadsvergadering 28 januari 2021
12
De heer De Graaf (PvdA): Voorzitter. We hebben met elkaar gesproken naar aanleiding van de eerste termijn van de wethouder. Wij vinden het begrip "richtinggevend document" weinig gelukkig. Ik heb even gegoogeld. Het is zelfs zo erg - nou ja, dat is natuurlijk mijn inkleuring van de werkelijkheid - dat ik ineens een document van de gemeente Zaanstad tegenkwam, waarbij "een richtinggevend document" een concretere uitwerking is van een reeds bestaande visie. Wat mij betreft zijn we dus nog verder van huis als dat de interpretatie is. Maar goed, dat is een kwestie voor een taalkundige discussie. Wij stellen voor om ons amendement als volgt te wijzigen; jullie krijgen straks van Bert Jan de tekst: "Het document Stadsdorp in beweging vast te stellen als visie op hoofdlijnen voor de verdere ontwikkeling van de actualisatie van de Economische Visie en de Economische Agenda en voor de sectorale inbreng voor ruimtelijke kaders in de toekomst." Dat is de formulering die jullie nu van Bert Jan zullen ontvangen. De voorzitter: Ik neem aan dat u met "Bert Jan" de griffier ofwel de heer Urban bedoelt. De heer De Graaf (PvdA): Neem me niet kwalijk. Ja, de heer Urban. De voorzitter: Het gebeurde in uw enthousiasme. Ik zie u nu weer goed in beeld. Ik begrijp dat "betekenisvolle inspiratiebron" in het dictum is vervangen door "visie op hoofdlijnen".
Ja? Heeft iedereen dat? Amendement 115 is aldus gewijzigd. De heer Van den Dool (VVD): Voorzitter. Ik wil vooral dank uitspreken voor de goede woorden van de wethouder. Ik heb zelf niet genoeg minuten om dat allemaal te herhalen, maar hij heeft een aantal dingen gezegd die ons zeer uit het hart gegrepen zijn bij het lezen van deze visie. Hij heeft bovendien heel goed uitgelegd dat dit een visie is, hoe je dit moet beschouwen en hoe de overgang gaat zijn naar onder andere de Economische Agenda. Wat dat betreft hoef ik daar geen woorden meer aan vuil te maken. Wij zien uit naar de uitwerking van de dingen die in deze visie staan. Dat kun je "hoofdlijnen" noemen, maar hoofdlijnen heb je nodig, want die geven je richting om te komen tot een Economische Agenda. Ik wil de semantische discussie over woorden niet helemaal gaan voeren, maar wij vinden het belangrijk dat de dingen die hierin staan, gebruikt gaan worden om een opening te bieden en om ondernemers, jonge ondernemers, een kans te geven. Daarvoor heb je ook mensen nodig die investeren. Het investeringsklimaat moet dus goed blijven. Verbetering daarvan is natuurlijk ook belangrijk. Voor investeren heb je ook mensen nodig die geld hebben. Daar is op zich niks mis mee.
Als zij hun geld willen steken in het aantrekken van jonge mensen die een kans pakken om iets te doen in en met dit dorp en voor andere mensen en als deze visie daar eigenlijk een nog sterkere bijdrage aan levert, gaan wij ons doel helemaal halen. Wij gaan hier straks dus ten volle mee akkoord. Wat ons betreft hoeft er niks gewijzigd te worden. De heer Zoetemelk (CDA): Voorzitter. Ik hoorde de wethouder zeggen: "Stilstand is achteruitgang". Niets is permanenter dan verandering, maar over verandering kun je van mening verschillen. Als we op koers zijn, moet er bij te sturen zijn. Ik heb goed geluisterd naar de wethouder. Ik had eerst het gevoel dat met "richtinggevend" voor mij op zich duidelijk is dat we daarmee de ruimte houden, maar de uitleg van de wethouder heeft mij eigenlijk op het verkeerde spoor gebracht. Vandaar dat ik op zich voorstander ben van de aanpassing van de tekst. Ik probeer ertussenin uit te komen. Ik denk dat het goed is als we dat proberen. Daarom ondersteun ik het voorstel van de heer De Graaf om het amendement aan te passen. Mevrouw Boom (D66): Voorzitter. Eerst een woord van dank aan de wethouder voor de uitgebreide toelichting van zojuist. Die was heel verhelderend. Ik heb me eerlijk gezegd behoorlijk zitten verbazen tijdens de inbreng van verschillende fracties in de eerste ronde.
De PvdA meent dat de Centrumvisie veel te veel kaders geeft en spreekt zelfs van "piketpalen". ONS Voorschoten vindt daarentegen dat er eigenlijk niets in staat. Ook Voorschoten Lokaal Sterk kan zich nog niet aan de inhoud verbinden. Zo kan ik nog wel even doorgaan. Maar als er één woord gewijzigd zou worden, is iedereen plots wel bereid om met het stuk in te stemmen, want het merendeel van deze raad zegt eigenlijk: ik wil het niet hebben over de inhoud en ik start dus een discussie over de waarde van het stuk. "Een visie op hoofdlijnen": eerlijk gezegd staat in het raadsstuk al dat het een adviesnota betreft. Ik heb om deze reden veel respect voor de heer Maassen, want hij heeft vanuit de inhoud geredeneerd waarom hij het niet met het stuk eens is. Daarover kunnen we van mening verschillen, maar evenals de heer Maassen voeren wij de discussie liever op basis van de inhoud. De heer Van der Elst (ONS Voorschoten): Voorzitter. Om te beginnen: wij steunen de aanpassing in de tekst van het amendement. Het is jammer als we nu afzakken in haarkloverij over definities
Raadsvergadering 28 januari 2021
13
van woorden die, hoe je het ook wendt of keert, niet eenduidig te definiëren zijn. Ik ga toch een ultieme poging wagen door de wethouder een vraag te stellen. Overigens dank voor de uitgebreide antwoorden op de vele vragen die gesteld zijn. Wethouder, ten aanzien van de mate waarin de raad het eens is met de inhoud van de voorliggende Centrumvisie, is uw antwoord: ja, in grote lijnen. Stel nu dat wij in april in commissie of raad spreken over de Economische Visie en de Economische Agenda en dat dan een punt langskomt waarmee onze fractie het niet eens is, bij wat voor onderwerpen zou de wethouder dan kunnen zeggen: ja, maar fractie van ONS Voorschoten, we hebben eind januari de Centrumvisie aangenomen; dit kan nu dus niet meer? De heer 't Lam (GroenLinks): Voorzitter. Ik wil de woorden van mevrouw Boom niet herhalen, maar ik ben het volledig eens met wat zij heeft aangegeven. Ik wil daar nog aan toevoegen dat het mij in de discussie over de beleidsuitspraken heeft verbaasd en nog steeds verbaast dat we nu drie sessies gehad hebben - een informatiebijeenkomst, de vergadering van de commissie B&B en nu deze raadsvergadering - en dat er eigenlijk bijna geen concrete punten van de beleidsuitspraken zijn benoemd die onjuist zijn of aangepast moeten worden. Dat zou ik verwachten als er kritiek is op dit stuk, maar er is helemaal niets.
Nu wordt het een beetje - zo noem ik het dan maar - procedureel muggenziften. Ik kan me daar niet in vinden. Het moge duidelijk zijn dat wij het amendement niet zullen steunen; dat had u waarschijnlijk al begrepen. De heer Maassen (SP): Voorzitter. Ik voer het debat graag op basis van de inhoud, maar in de politiek is het soms ook belangrijk om over de procedure te praten, vooral omdat de procedure soms zo is dat een stuk redelijk los en richtinggevend lijkt. Daar worden altijd heel mooie woorden voor bedacht, zoals "penseelstreken". Dan kom je vier of vijf maanden of soms een jaar later bij het vervolgstuk uit. Dan wil je het gaan hebben over de inhoud en dan zegt een bestuurder ineens: daar kunnen we het niet meer over hebben, want dat heeft u als raad al besloten. Dat is precies de reden waarom het nu heel erg belangrijk is om de status vast te stellen van dit stuk. Dat is waarom wij dit amendement ondersteunen. Ik heb het ook liever over de inhoud dan over de procedure, maar ik wil niet gevangen raken in de procedure. Dat is waarom het toch belangrijk is om een beetje te "haarkloven" op deze woordjes. Mevrouw Persoon (Voorschoten Lokaal Sterk): Voorzitter. Ik ben het eens met meneer Maassen. Hij heeft het duidelijk verwoord. Erik, dank je wel.
Ik heb het net al gezegd: wat is er gedaan met de vorige visie, de visie voor 2015-2018 en wat gaan we met deze visie doen? Ik ben heel benieuwd. Ik wacht het verder eventjes af. Ik sta achter de verandering van het amendement. Wethouder De Bruijn: Voorzitter. Ik zal het inderdaad kort houden. Het antwoord op de vraag van meneer Van der Elst: ik denk dat het belangrijk is dat ik, ook voor het vervolg, heel graag constructief met jullie allemaal wil gaan spreken, enerzijds over de actualisering van de visie en anderzijds gewoon over de maatregelen in de Economische Agenda. U bent de raad en we kunnen wat mij betreft over alles spreken. Ik zou het natuurlijk wel heel moeilijk vinden als u als raad in zo'n sessie ineens aangeeft: nee, wij willen toch per se alleen maar horeca in de Voorstraat en alleen maar detailhandel in de Schoolstraat. Maar ik denk niet dat het daartoe komt, want ik heb heel veel vertrouwen in u als raad. Verder zijn er geen specifieke onderdelen waarvan ik denk dat u daar niks meer over te zeggen heeft omdat wij al in een eerder stadium afspraken hebben gemaakt over bijvoorbeeld de Economische Agenda. Theoretisch zouden wij kunnen zeggen dat wij dat als college doen, maar u mag daar gewoon over meepraten.
De heer De Graaf (PvdA): Als voorbeeld: hoe kijkt u aan tegen de in het document genoemde gedachten over verhoging van de ozb niet-woningen en over het doorsluizen van dat geld naar het Ondernemersfonds? Hoe open is straks de discussie daarover als de tekst van het beslispunt nu wordt overgenomen zoals u dat voorstelt? Wethouder De Bruijn: Heel open, want in discussies over een BIZ of een Ondernemingsfonds moeten ook de ondernemerscollectieven überhaupt mee willen gaan. Wat dat betreft hebben we daar dus nog een verdere uitwerking te gaan. Daar zijn we afhankelijk van het meewerken van de ondernemers voordat wij daar überhaupt iets van vinden. De heer De Graaf (PvdA): Maar mogen wij daar dan nog iets van vinden? Wethouder De Bruijn: Dat denk ik wel, ja.