CConstaterende datvoorschoten
Koppel je AI →
Document · PDF

Notulen raadsvergadering 11 april 2024 (get.)

Gemeenteraad Voorschoten 23 mei 2024, gemeente voorschotenBij agendapunt: Vaststellen raadsnotulen23.836 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Ik snap echt dat daar misschien een extra stukje participatie of wat dan ook voor nodig is, maar om die oproep kracht bij te zetten - want dat is in de praktijk helemaal niet altijd vanzelfsprekend - dien ik motie 321 in. De motie luidt: "Motie 321. De raad van de gemeente Voorschoten, in vergadering bijeen d.d. 11 april 2024, constaterende dat: a. b.

het met de inwerkingtreding van de Omgevingswet voor de gemeente verplicht is om een Omgevingsvisie te hebben; de Omgevingsvisie 2040 een strategische visie is voor de gehele fysieke leefomgeving;

Raadsvergadering 11 april 2024

29

overwegende dat: c. d. e. f.

voor veel beleidsdomeinen die in de Omgevingsvisie (moeten) worden opgenomen, al sectoraal beleid bestaat; veel van dit beleid, zoals het IWKp, de beheerplannen en de Woonvisie, recent door de Voorschotense raad voor meerdere jaren zijn vastgesteld; aan het vormgeven van dit beleid doorgaans burgerparticipatie ten grondslag ligt; de Omgevingsvisie 'vormvrij' is, hetgeen betekent dat de Omgevingswet niet voorschrijft in welke vorm of format de gemeente de Omgevingsvisie maakt;

verzoekt het college de realisatie van de Omgevingsvisie 2040 op een dusdanige manier vorm te geven dat in beginsel niet alle beleidsdomeinen opnieuw worden vormgegeven, maar dat in eerste instantie het al geldende beleid wordt samengevoegd, waarna wordt bekeken op welke beleidsdomeinen aanvulling of toevoeging nodig is, en gaat over tot de orde van de dag." De heer Maassen (SP): Voorzitter. Dit is met name geen hamerstuk omdat ik in de commissie geen spreektijd meer had toen we dit behandelden en ik er toch nog het een en ander over wilde zeggen. Het punt is namelijk dat je je zou kunnen afvragen wat dit toevoegt, behalve dan dat het een verplichting is. Als ik goed geïnformeerd ben, is het laatste grote bestemmingsplan van Voorschoten inmiddels uit 2012, dus twaalf jaar oud, en is er gewacht met een nieuw bestemmingsplan omdat de Omgevingswet eraan kwam. Maar dat duurde, duurde en duurde. Nu is de wet er eindelijk. We moeten dus iets gaan maken wat het bestemmingsplan uit 2012 gaat vervangen. Dat gaat over de inrichting van het hele dorp en wat we ermee willen. Inspraak is dus essentieel. Aan de ene kant begrijp ik heel goed dat het college zegt: we willen de inspraak per fase inrichten en we gaan dat niet van tevoren vastleggen, want dan kunnen we er niet meer op sturen.

Maar aan de andere kant geeft dat ons als raad te weinig handvatten om te zeggen: college, hier kun je mee aan de slag. Ik zou daar graag wat meer zekerheid over willen, maar misschien is het gewoon voldoende als het college de raad aangeeft dat het in de verschillende fases aan de raad rapporteert over hoe die inspraak is gelopen en dat het de raad daarbij betrekt. Mevrouw Van der Wende (CDA): Voorzitter. We hebben in de commissie al aangegeven dat dit een mooi leesbaar stuk is en we hebben daar complimenten voor uitgesproken. Wat ons betreft had dit dan ook een hamerstuk mogen zijn. Inmiddels ligt er van de VVD een motie. Daar heb ik wel een vraag over. Bij de beantwoording van de vragen die wij hebben gesteld, heeft het college ook daarop gereageerd, onder andere met: "Vanzelfsprekend zullen wij het gesprek met de raad en de samenleving niet blanco aangaan. We nemen de opgaven en ambities die in de verschillende beleidsdocumenten al zijn vastgelegd, als vertrekpunt." Dat is volgens mij precies waar de VVD nu de motie over heeft opgesteld. We hebben dus vooral een vraag aan de wethouder. Wat ons betreft is de motie dus niet nodig, want het college zal het raadsvoorstel toch al overeenkomstig uitvoeren. Klopt dat? Kan de wethouder daar wat meer over vertellen? De voorzitter: Ik vraag de wethouder om kort en bondig te antwoorden, gezien de tijd die daarvoor nog beschikbaar is.

Ik heb volgens mij één vraag gehoord en er is de ingediende motie. Wethouder Van der Elst: Voorzitter. In reactie op de inbreng van mevrouw Schroot van D66: dank voor uw suggestie. De betrokkenheid van onze samenleving is inderdaad essentieel, want we moeten dit samen gaan doen. Overigens bent u, zoals alle raadsleden, natuurlijk van harte uitgenodigd om uw betrokkenheid te tonen, mee te denken en mee te doen. Wat motie 321 betreft: ja, dat is exact wat we voornemens zijn te gaan doen. Mocht dat overigens anders blijken te zijn, dan bent uzelf betrokken genoeg om daar dan het nodige van te vinden. U ziet dit in de uitwerking van de vijf fases staan. Er zijn dus al tal van bijstuurmogelijkheden ingebakken in het voorstel. We gaan dus toch al doen wat in de motie staat. Het is vervolgens aan u om de motie wel of niet in stemming te brengen, maar zij zal niet veel impact hebben op wat we met elkaar zullen gaan doen. Ik moet de heer Maassen een bijzonder woord van dank geven voor het feit dat hij in de commissie geen spreektijd meer had, want anders had ik hier vanavond nog minder te doen gehad. Daarvoor

Raadsvergadering 11 april 2024

30

dus in ieder geval hartelijk dank. En wat "te weinig handvatten" betreft: ook daarvoor geldt dat u, kijkend naar de fases, er ten volle bij bent. U komt dus aan bod. De voorzitter: Ik constateer dat alle vragen vanuit de raad in de eerste termijn zijn beantwoord. We gaan naar de tweede termijn. Mevrouw Schroot (D66): Voorzitter. Ik kan het ook met een stemverklaring doen, maar wij kunnen natuurlijk niet tegen de motie stemmen, want dat zou heel vreemd zijn. Maar zij heeft wat ons betreft geen toegevoegde waarde. De heer Lavrijsen (VVD): Voorzitter. Het is in elk geval goed om te merken dat het college eigenlijk op dezelfde lijn zit. Ons gevoel was in de commissievergadering oprecht toch wat anders. Ik wil de motie in stemming laten brengen om het belang hiervan te benadrukken. Ik denk dat het gewoon belangrijk is dat we vooral niet te veel gaan doen, maar wel gaan doen wat nodig is. Nog één punt; ik heb nog even spreektijd. Ik ga niet amenderen, maar een passage op pagina 10 heeft ons buitengewoon verbaasd, namelijk dat als we de Omgevingsvisie op tijd af hebben, voor 2026, dit Voorschotense politieke partijen de gelegenheid biedt om de inzichten uit de Omgevingsvisie te benutten voor hun partijprogramma's. Dat was de argumentatie om de Omgevingsvisie eigenlijk eerder dan nodig is vast te stellen.

Het is hartstikke sympathiek dat het college met ons meedenkt, maar een Omgevingsvisie is niet bedoeld om de politieke partijen van dienst te zijn om vervolgens in campagnetijd elkaar vliegen af te vangen of wat dan ook. Ik zou dit soort overwegingen om een termijn naar voren of naar achter te trekken, in het vervolg dus echt liever niet willen zien. Mevrouw Van der Wende (CDA): Voorzitter. Ik ga maar gelijk in op de motie. Wij hebben eerder al eens aangegeven dat moties die de uitvoering van het college niet daadwerkelijk wijzigen ten opzichte van het raadsvoorstel, natuurlijk overbodig zijn. Daarom zullen wij niet voorstemmen. De voorzitter: Ik heb geen vragen gehoord. Is dat juist, wethouder? Wethouder Van der Elst: Ja, voorzitter. De voorzitter: Dat sluit ik met uw goedvinden de beraadslaging. We gaan over tot de stemming. In stemming komt het voorstel. Het voorstel wordt met een digitale stemming aangenomen met algemene stemmen. In stemming komt motie 321 van de VVD. De voorzitter: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. Mevrouw Van der Wende (CDA): Voorzitter. Ik herhaal het toch nog even, want dan wordt het ook als zodanig genotuleerd. Wij stemmen in dezen tegen moties die niet daadwerkelijk de uitvoering van het college wijzigen.

De motie wordt met een digitale stemming aangenomen met 17 tegen 4 stemmen, waarbij de fractie van het CDA ertegen heeft gestemd. 10.

Financiële indexatie gemeenschappelijke regelingen

De voorzitter: Vorige week is in de commissie Burger en Bestuur al gesproken over de kostenontwikkeling van de gemeenschappelijke regelingen. Dit zijn de samenwerkingsverbanden waarin de gemeenten samenwerken. De commissie heeft gevraagd om dit onderwerp ook in de raad te behandelen. Er zal een motie worden ingediend door de Partij van de Arbeid. Ik wijs de heer Posthuma erop dat hij nog 1 minuut en 31 seconden heeft voor de toelichting van de motie. Ik stel voor dat we de politieke lijn aanhouden, want de technische discussie is wellicht al uitgebreid aan de orde geweest in de commissie Burger en Bestuur.

Raadsvergadering 11 april 2024

31

De heer Posthuma (PvdA): Voorzitter. Ik ga mijn best doen om het snel te doen. Zoals u al zei, is er al een redelijke discussie geweest in de raad, waarin we het issue hebben uitgelegd. Nogmaals wil ik de heer De Graaf, ons burgercommissielid, en de ambtenaren hartelijk danken voor al het werk dat hierin is gegaan. Het is mooi dat de heer De Graaf de afgelopen week met diverse partijen contact heeft gehad en uiteindelijk tot een tekst is gekomen die unaniem onderschreven wordt door alle partijen. Daar zijn we heel blij mee. Even voor de bewoners thuis die het nog niet helemaal mee hebben gekregen: het gaat om de gemeenschappelijke regelingen, de samenwerkingsverbanden tussen verschillende gemeenten, zoals de belastingheffing en bijvoorbeeld ook de veiligheidsregio. Daarvoor krijgen we compensatie vanuit het Rijk en het Gemeentefonds, maar een deel van die compensatie hebben we niet gekregen en moeten we uit eigen zak betalen. Dat is structureel € 106.000. We vinden dat we daar als gemeente en als gemeenteraad zelf over gaan en we vinden dat we daarvan een principieel punt moeten maken naar de commissie die dat samen heeft gedaan, niet voor 2025 maar wel voor volgend jaar, voor 2026.

Ik roep, zoals ook in de motie staat, alle partijen op om dit te delen met de verschillende gemeenteraden, maar wat ik in ieder geval ga doen, is dat ik dit heel actief onder de aandacht ga brengen bij de partijen bij mij in de regio, zodat dit in meer raden aandacht gaat krijgen. Ik heb nog zeven seconden. De motie, die mede wordt ingediend door GroenLinks, de VVD, het CDA, D66 en Voorschoten Lokaal, luidt: "Motie 323. De raad van de gemeente Voorschoten, in vergadering bijeen d.d. 11 april 2024, gehoord de beraadslaging, constaterende dat: a.

b.

de bestuurlijke werkgroep FGKR van de gemeenten in Hollands Midden op 1 november 2023 de gemeenschappelijke regelingen adviseert in hun begrotingen 2025 ter compensatie van loon- en prijsstijgingen uit te gaan van een indexatie van 11,1% voor beloning werknemers en 3,7% voor netto materieel (prijzen). Het gewogen gemiddelde bedraagt 9,25%; de ervaring leert dat de gemeenschappelijke regelingen dit advies overnemen en verwerken in hun ontwerpbegroting die jaarlijks in het voorjaar ter zienswijze aan de gemeenteraden wordt voorgelegd;

voorts constaterende dat: c. d. e.

f.

de werkgroep FGKR in zijn advies afwijkt van de methodiek die al jaar en dag wordt toegepast bij de bepaling van de indexatie (zie het antwoord van het college op vraag 4 van de PvdA van 6 maart 2024); door deze afwijking in het gewogen gemiddelde van 9,25%, een compensatie van 2,2% is opgenomen die gemeentes zelf nooit hebben ontvangen via het Gemeentefonds; dit onderdeel van het advies daarom strijdig is met het uitgangspunt dat de definitieve compensatie voor loon- en prijsontwikkelingen die gemeenschappelijke regelingen ontvangen, dezelfde is als de definitieve compensatie die gemeentes via het Gemeentefonds krijgen; de gemeente Voorschoten hierdoor in de meerjarenbegroting structureel € 106.000 extra moet vrijmaken, hetgeen overeenkomt met een investeringsruimte van € 4,24 miljoen bij een afschrijvingstermijn van 40 jaar;

spreekt uit dat: 1. 2. 3.

de compensatie voor loon- en prijsontwikkelingen die gemeenschappelijke regelingen ontvangen, dezelfde dient te zijn als die de gemeentes via het Gemeentefonds krijgen; zuiverheid gebiedt dat een technische berekening die ten grondslag ligt aan de compensatie voor loon- en prijsstijgingen, onderscheiden moet zijn van eventuele takenmiddelendiscussies in de aanloop op het zg. 'ravijnjaar'; bij zienswijzen over de hoogte van de indexering voor 2025 rekening te houden met het stadium van begrotingsvoorbereiding bij de gemeenschappelijke regelingen (behoorlijk bestuur);

Raadsvergadering 11 april 2024

32

4. 5.

uitsluitend voor het begrotingsjaar 2025 in te stemmen met de extra compensatie van 2,2% als onderdeel van het gewogen gemiddelde van 9,25%; initiatieven moeten worden genomen om structurele doorwerking van genoemde 2,2% naar de begrotingsjaren 2026 en verder te voorkomen;

verzoekt het college: 6. 7. 8.

de voorzitter van de bestuurlijke werkgroep FGKR schriftelijk te informeren over deze uitspraak van de raad en te verzoeken dit mee te nemen in de advisering voor 2026; de wethouders van Financiën van de gemeenten in Hollands Midden schriftelijk te informeren over deze uitspraak van de raad; in bestuursvergaderingen van gemeenschappelijke regelingen over de begroting 2025 melding te maken van deze uitspraak;

verzoekt de griffie: 9.

de gemeenteraden van Hollands Midden schriftelijk te informeren over deze motie en daarbij te vermelden dat de gemeenteraad van Voorschoten een reactie op prijs zou stellen,

en gaat over tot de orde van de dag." De heer Reinke (VVD): Voorzitter. We willen inderdaad ontzettend veel waardering uitspreken voor de noeste arbeid van de PvdA-fractie hierin. Zonder de discussie te herhalen: dit is heel relevant voor het steeds maar krimpende beslissingsbudget dat wij hier in de gemeente hebben. Daarom is het heel goed dat dit signaal wordt gegeven en verspreid. We hopen dat dit zaadje bij de verschillende gemeenteraden en wethouders van Financiën geplant wordt en dat dit dan als een eenduidig verhaal naar de werkgroep kan worden gecommuniceerd. De heer Deuzeman (GroenLinks): Voorzitter. Wij hadden als fractie wat moeite met de motie zoals we die uit Oegstgeest kregen. Die was te veel "van dik hout zaagt men planken" en te veel gewoon een botte taakstelling. Er stonden ook wat storende fouten in de tabel; dat hielp niet. De fractie van de Partij van de Arbeid heeft het goed opgepakt. Er ligt hier een afgewogen motie. Daar willen wij ook onze complimenten voor geven; daarmee sluiten we ons aan bij de VVD. We hoorden de wethouder in de commissie zeggen dat de P&C-cyclus van de gemeenschappelijke regelingen hiervoor eigenlijk het geëigende moment is, maar we denken dat we met de in deze motie gekozen aanpak ruimte geven om daarop aan te sturen en om dat op die manier op te pakken.

We zullen deze motie steunen, omdat het inderdaad onverteerbaar is dat financiële beperkingen de gemeenten dubbel raken door de oplopende kosten bij de gemeenschappelijke regelingen. Dat zijn vaak regelingen die wettelijke taken uitvoeren die we van het Rijk gekregen hebben, maar we willen hier nogmaals benadrukken dat we ons niet tegen elkaar uit moeten laten spelen. Het Rijk weet met die verdeel-en-heerstactiek - geld naar de gemeenten en dan weer doorspelen - de decentrale overheid af te knijpen en vervolgens zelf buiten schot te blijven. We denken dus dat we naast de inzet om ervoor te zorgen dat die lasten eerlijk verdeeld worden, ook moeten blijven inzetten op het beëindigen van het afknijpen en op betere financiering van wat hier in de regio moet gebeuren. De voorzitter: Meneer Maassen, u heeft nog drie seconden. U krijgt maar één zin met tien woorden. Dan is de tijd echt om. De heer Maassen (SP): Voorzitter. Ook hier geldt dat de SP niet mede heeft ondertekend omdat ik in de voorbereiding op vakantie was. Wij willen deze motie graag medeondertekenen en steunen het voorstel. Mevrouw Mieremet (D66): Voorzitter.

In aanvulling op de mooie woorden die reeds gezegd zijn want volgens mij zijn we hier allemaal eensgezind in; dat is mooi - is het wel zo dat kostenbeheersing en kiezen voor een duidelijke methodiek één ding is, maar dat we, als we zeggen dat we iets niet laten doen door een gemeenschappelijke regeling, het zelf moeten doen. Dat heb ik ook in de commissie gezegd. Die politieke keuze willen we zelf als raad kunnen maken. Ik denk dat we dat met deze motie kunnen doen. Daarom steunen wij de motie.

Raadsvergadering 11 april 2024

33

Mevrouw Kortekaas (CDA): Voorzitter. Zoals gememoreerd door een aantal fracties is de motie ontstaan naar aanleiding van een motie in de buurgemeente Oegstgeest, die daar aan de orde is gesteld en naar ons toe is gestuurd. Dat heeft voor de PvdA aanleiding gegeven om veel vragen te stellen. Die vragen zijn beantwoord, maar dat gaf aanleiding tot nog meer vragen. Er is een memo gevolgd en er is vorige week een discussie in de commissie Burger en Bestuur geweest. Dat was een heel prettige discussie met een heel mooie uitkomst, die vanavond besproken wordt. Wij hebben daarbij zelf gepleit voor een raadsbreed draagvlak voor de motie. Dat is gelukt. Daarvoor willen we onszelf prijzen voor onze inzet hiervoor met z'n allen. Zeker meneer De Graaf heeft daar veel tijd en energie in gestoken. Wij willen ook een oproep aan alle fracties doen om naast het voorstel in de motie om de griffie dit te laten rondsturen, ook onze eigen partijen in de regio te benaderen en aandacht te vragen voor onze motie. Dat willen wij vragen als sluitstuk voor het hele verhaal. Hiermee geven wij aan dat wij de motie zeker een warm hart toedragen. De heer Van Duivendijk (Voorschoten Lokaal): Voorzitter. Er is inderdaad al veel gezegd. Aan dit onderwerp hebben we zowaar een hele B&B-vergadering besteed. Dat hoeven we gelukkig niet te herhalen.

We hebben daar onze visies gedeeld over nut en noodzaak van gemeenschappelijke regelingen en natuurlijk de automatische stijging van de kosten, waar eigenlijk helemaal geen logica in zit, behalve dan dat er onderaf - als je dat bij een gemeenschappelijke regeling zo zou kunnen noemen - een voorstel wordt gedaan in de zin van: we hebben dit nodig. Vervolgens komen we erachter dat we daar geen dekking voor krijgen vanuit de rijksoverheid. Er is al gezegd dat Oegstgeest een beetje de firestarter van deze hele discussie was. Wij sluiten gelukkig met de hele raad aan bij deze kritische noot, maar wel op onze eigen Voorschotense manier. Wij als Voorschoten Lokaal hebben deze automatische indexering van de kosten al "zelfrijzend bakmeel" genoemd; dat doe ik nu dus weer. Het is dus goed dat we daar een beetje een rem op zetten door een signaal af te geven door in dit geval de 2,2% die extra werd gevraagd ten opzichte van wat wij van de rijksoverheid krijgen, ter discussie te stellen. We zijn dus erg blij dat motie 323 door de hele raad wordt onderschreven. Dat vinden wij ook zeer nuttig. Dank ook weer aan de heer De Graaf van de PvdA voor alle noeste arbeid, zoals ook zijn fractienaam aangeeft. Het lijkt namelijk wenselijk om dit signaal op meerdere plekken af te geven. We hebben natuurlijk begrotingsbehandelingen waar we dit kunnen doen.

We moeten ook niet vergeten dat ook de wethouders van Financiën van de regio een brief naar de gemeenschappelijke regelingen hebben gestuurd om tot bezuinigingen te komen. Het is dus niet zo dat we vanuit het college of vanuit alle wethouders een afwachtende houding hebben gehad, maar een extra signaal afgeven dat ongedekte verhogingen niet in ons Voorschotense straatje passen, is volgens mij heel erg nuttig. Vandaar dat we erg blij zijn met deze motie, die wij dus ook mede hebben ondertekend. We zullen ervoor stemmen. Wethouder Van der Elst: Voorzitter. We hebben het uitgebreid hierover gehad. Er zijn schriftelijke vragen beantwoord, er was een technische sessie en er was een complete commissievergadering. Toch blijft de afdronk aan de kant van het college dat in de inmiddels beroemde FKGR-brief twee dingen staan: ten eerste een kaderstellende indexatie die geldt voor alle gemeenschappelijke regelingen en ten tweede de opdracht - lees dat maar als een opdracht - om met een nota te komen waarin bezuinigingsvoorstellen aangekondigd worden, te effectueren in 2026 en daarna. Dit betekent dat het college geen aanleiding ziet en dus niet voornemens is om vanavond in een staat van blinde paniek uit te barsten als de motie raadsbreed aangenomen wordt, want we begrijpen natuurlijk het punt dat u wilt maken. We laten de motie dus graag over aan het oordeel van de raad.

De voorzitter: Er is behoefte aan een tweede termijn. Mevrouw Mieremet (D66): Voorzitter. Ik heb best nog veel spreektijd. Nee, ik wil de wethouder danken. Hoewel we zijn sentiment of eigenlijk het sentiment van het college kennen, is het fijn om te horen dat hij op deze manier in de wedstrijd staat. De voorzitter: Er zijn geen vragen meer gesteld. Ik sluit dus de beraadslaging en we gaan over tot de stemming. In stemming komt motie 323 van alle fracties. De motie wordt met een digitale stemming aangenomen met algemene stemmen.

Raadsvergadering 11 april 2024

34

11.

Overig

Van dit agendapunt wordt geen gebruik gemaakt. 12.

Sluiting

De voorzitter: Ik dank u weer voor deze fijne avond in deze raadzaal. Dit was de laatste raadsvergadering in deze raadzaal. Er zijn nog twee commissievergaderingen in deze mooie stoelen aan deze mooie tafels voordat de opknapbeurt gaat beginnen. Ik wilde zeggen: neem uw eigen stoel mee naar huis. Maar we hebben nog twee commissievergaderingen. Dat zal ik dus maar niet doen. De voorzitter sluit om 22.58 uur de vergadering. Vastgesteld in de openbare vergadering van de raad der gemeente Voorschoten, gehouden op 23 mei 2024. De griffier,

ValidSigned door B.J. Urban op 31-05-2024 Drs. B.J. Urban

Raadsvergadering 11 april 2024

De voorzitter, ValidSigned door Nadine Stemerdink op 01-06-2024

Drs. N. Stemerdink

35

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Duivenvoorde&id=56590972-7043-4d97-9f38-385d82bd3d0c