Informatiebrief 66 Groen in Voorschoten, uitgangspunten voor beleid en perspectief op handelen (incl cor bijl)
Tekst van het document
66 Informatiebrief Zaaknummer:
Z/25/103535
Documentnummer:
461681
Datum:
9 september 2025/verzonden 10 september 2025
Onderwerp:
‘Groen in Voorschoten, uitgangspunten voor beleid en perspectief op handelen’
Portefeuillehouder: wethouder
wethouder Schokker
Schokker Bijlage(n):
Bijlage 1 Notitie ‘Groen in Voorschoten, uitgangspunten voor beleid en perspectief op handelen’ (incl. 1A t/m E).
Geachte Raad, In november 2024 bent u met de raadsinformatiebrief ‘Groenbeleid bomen en biodiversiteit Voorschoten’ (417023) geïnformeerd over de herijking van ons groenbeleid. In die brief is aangegeven dat wij, voortbouwend op de Groenstructuurvisie 2009 en het Klimaatadaptatiebeleid 2023, zouden starten met een nadere beleidsuitwerking voor bomen, biodiversiteit en groenblauwe dooradering. U heeft destijds ook kennisgenomen van de beleidsanalyse ‘Bomen in Beeld’, waarin aanbevelingen zijn gedaan voor actualisatie van ons bomenbeleid. Met deze nieuwe raadsinformatiebrief brengen wij u op de hoogte van de vervolgstappen. Wij achten dit moment passend omdat de uitwerking van de toezeggingen uit 2023–2024 (zoals ecologische integratie in het groenbeleid, een nadere toelichting op de boomwaardetaxatie en de opvolging van motie 182 over 5% meer bomen in 2050) nu is geconcretiseerd in een bestuurlijke notitie. Deze notitie vormt een referentiekader voor toekomstig beleid en geeft een handelingsperspectief hoe wij met de spanning tussen ambities en beschikbare middelen omgaan.
De bijgevoegde notitie ‘Groen in Voorschoten, uitgangspunten voor beleid en perspectief op handelen’ bevat: - De actuele stand van zaken rond bomenbeleid, biodiversiteit en groenblauwe dooradering; - Beleidsuitgangspunten (zoals groei bomenbestand, vergroting kroonvolume, en verhoging biodiversiteit); - Een systematiek voor boomclassificatie en actualisatie van de lijst beschermwaardige bomen;
Gemeente Voorschoten Leidseweg 25 | Postbus 393, 2250 AJ Voorschoten | T 14071 | E gemeente@voorschoten.nl | www.voorschoten.nl BTW NL 00179762B01 | KvK 27381083 | IBAN NL43 BNGH 0285 0796 70 | BIC BNGHNL2G
- Een handelingsperspectief om beleidsambities gefaseerd en realistisch te koppelen aan beheer en uitvoering. Wij constateren dat de gemeentelijke ambities groeien, zowel door eigen keuzes als door landelijke en Europese verplichtingen, terwijl de financiële ruimte voor beheer en onderhoud krimpt. Deze spanning vraagt om zorgvuldige afwegingen, heldere prioriteiten en adaptieve uitvoering. Met deze notitie wordt een brug geslagen tussen het lange termijn perspectief (2040–2050) en de praktische uitvoeringsrealiteit van beheerplannen en budgetten. Deze brief wordt u nu voorgelegd om de raad tijdig te informeren over de beleidsuitgangspunten en het handelingsperspectief die richting geven aan komende beheerplannen en omgevingsplannen. Daarbij blijft het integraal actualiseren van het groenbeleid en de Groenstructuurvisie nadrukkelijk een taak voor een volgend college. Vooruitlopend hierop kunt u met deze brief inzicht nemen in de koers die wij hanteren en de keuzes die daarbij horen.
Met vriendelijke groet, het college van burgemeester en wethouders,
E.A. van Wattingen,
mw. drs. N. Stemerdink,
gemeentesecretaris
burgemeester
Deze brief is digitaal vastgesteld. Hierdoor staat er geen fysieke handtekening in de brief.
Pagina 2 van 2
Bestuurlijke notitie
Groen in Voorschoten uitgangspunten voor beleid en perspectief op handelen
Versiedatum:
augustus 2025
Portefeuillehouder:
wethouder Schokker
Steller:
David Koppes
1. Aanleiding 1.1 Algemeen Voorschoten heeft zich in de afgelopen jaren nadrukkelijk uitgesproken voor een groene, leefbare en klimaat robuuste toekomst. In lijn met het Klimaatadaptatiebeleid 2023 is het streven dat de gemeente in 2040 een veerkrachtige, natuurinclusieve leefomgeving biedt. De hoofddoelstelling uit het door de Raad vastgestelde Klimaatadaptatiebeleid (2023) is dat Voorschoten in 2040 ‘leefbaar, groen en klimaat robuust’ is. Bomen, biodiversiteit en zorgvuldig ingericht openbaar groen zijn daarin essentiële bouwstenen. Het Voorschotens groen(structuur)beleid is vastgelegd in de Groenstructuurvisie Voorschoten (GSV 2009) en de Evaluatie GSV die in 2013 door de Raad is vastgesteld. Zij vormen nog steeds ons beleidsmatig kader. Echter, het klimaatadaptatiebeleid 2023 en de besluitvorming hieromtrent, hebben de Voorschotense ambities op het gebied van groen nader aangescherpt en met nadrukkelijke aandacht voor onderwerpen voortvloeiend uit klimaatadaptatie en biodiversiteit in een actueel daglicht geplaatst. Het is daarom niet verwonderlijk dat de GSV 2009 op enig moment actualisatie behoeft. Dit is een relatief omvangrijk traject, dat voor deze collegeperiode niet op de bestuurlijke agenda staat. Het college heeft natuurlijk niet stilgezeten en vindt dit een belangrijk onderwerp. Er zijn bij de besluitvorming over het klimaatadaptatiebeleid toezeggingen gedaan.
In dit kader is de afgelopen periode onder meer gewerkt aan een analyse ‘bomen in beeld’ en een voorstel om te komen tot een nieuw systeem van boomclassificatie en compensatie bij herplantplicht. De raad is in november 2024 met raadsinformatiebrief ‘Groenbeleid bomen en biodiversiteit Voorschoten’ (417023, november 2024, bijlage A bij deze notitie) geïnformeerd over de voortgang. Gemeente Voorschoten Pagina 1 van 17
Leidseweg 25 | Postbus 393, 2250 AJ Voorschoten | T 14071 | E gemeente@voorschoten.nl | www.voorschoten.nl BTW NL 00179762B01 | KvK 27381083 | IBAN NL43 BNGH 0285 0796 70 | BIC BNGHNL2G
Met deze notitie wordt de laatste stand van zaken meegegeven en een toelichting gegeven op de inhoudelijke stappen die zijn gezet. Hiermee is een hernieuwd referentiekader ontwikkeld voor toekomstige ontwikkelingen en planvorming, samengesteld uit uitgangspunten voor nieuw te ontwikkelen beleid (GSV). Zij kunnen vooruitlopend ook als richtinggevend streven worden gehanteerd bij: -
de planvorming voor ons groenbeheer; de groeninrichting binnen ruimtelijke projecten; en de te ontwikkelen omgevingsplannen.
Zoals ook in de voornoemde raadsinformatiebrief is aangegeven, ligt het accent binnen groen primair op de uitvoering van de inrichting en het beheer. Hier treedt spanning op. Ambities (en verplichtingen) nemen toe, de beschikbare budgetten worden kleiner vanwege de door de raad opgelegde bezuinigingen. Deze notitie zal hier ook nader op ingaan. Het vraagt nadere uitwerking om visie, beleid en de uitvoeringspraktijk bij elkaar te brengen. De groen-beheerplannen hebben een looptijd tot en met 2026. Actualisatie voor de periode 2027-2030 zal plaatsvinden in 2026. Dat is ook het moment om, desgewenst, de actualisatie van de groenstructuurvisie op te pakken en in lijn te brengen met de uitvoeringsplannen. Het loont in deze, ook gelet op de budgettaire krapte, hierin gelijk op te trekken. 1.2 Leeswijzer Paragraaf 2 geeft een overzicht van de huidige stand van zaken, opgebouwd langs de lijnen van besluitvorming, moties en toezeggingen over dit onderwerp. Paragraaf 3 formuleert de uitgangspunten voor toekomstig beleid. Paragraaf 4 gaat nader in op de spanning tussen de uitgangspunten en de beheerpraktijk. Paragraaf 5 wordt een handelingsperspectief voor het omgaan met de spanning tussen ambitie en uitvoeringspraktijk gepresenteerd en de bestuurlijke beslispunten.
2. Overzicht huidige stand van zaken 2.1 Besluitvorming klimaatadaptatiebeleid Feitelijke aanleiding voor deze notitie is de besluitvorming over ons klimaatadaptatiebeleid in juni 2023. De hoofddoelstelling uit het Klimaatadaptatiebeleid (2023) is dat Voorschoten in 2040 ‘leefbaar, groen en klimaat robuust’ is. Bij de beantwoording van de zienswijzen betreffende het klimaatadaptatiebeleid heeft het college aangegeven te gaan starten met het opstellen van aanvullend beleid waarin bomenbeleid, biodiversiteit en natuurinclusiviteit verder wordt uitgewerkt.
Pagina 2 van 17
Verder is bij de besluitvorming van het Klimaatadaptatiebeleid toegezegd aan de raad (335) dat ecologische aspecten bij het groenbeleid worden betrokken. Ook is de raad toegezegd (334) dat de toelichting op de methodiek van de boomwaardetaxatie wordt meegenomen in het groenbeleid, zodat de discussie over deze methodiek bij dit beleid kan worden vervolgd. 2.2 Raadsinformatiebrief ‘Groenbeleid bomen en biodiversiteit Voorschoten’ (417023, november 2024) In de voornoemde raadsinformatiebrief 417023 is een eerste terugkoppeling gegeven op de stand van zaken, waaronder op de twee toezeggingen.
-
Toezegging 335, betrekken ecologische aspecten bij groenbeleid
Toezegging 335 is gedaan in het kader van de behandeling van het Klimaatadaptatiebeleid 2023. Naar aanleiding van vragen uit de gemeenteraad is toegezegd om de ecologische aspecten structureel te verankeren in het gemeentelijk groenbeleid. Deze toezegging sluit aan bij maatschappelijke opgaven rond biodiversiteitsherstel, natuurinclusief bouwen en klimaatadaptatie. Het doel van de toezegging is om het bestaande groenbeleid te versterken door de ecologische waarde van het openbaar groen, en in het bijzonder het bomenbestand, explicieter mee te nemen in beleidskeuzes, beheerstrategieën en ontwerpprincipes. De gemeente Voorschoten streeft hiermee naar een vergroening die niet alleen esthetisch, maar ook ecologisch duurzaam is. In een LTA-wijziging van juli 2024 is voorgesteld dat er nu geen apart biodiversiteitsbeleid wordt opgesteld. Dit is mede ingegeven door de afweging van het rijk het landelijke natuurbeleid anders vorm te gaan geven, namelijk door biodiversiteit toe te passen binnen bredere integrale gebiedsprogramma’s en te betrekken bij lokale uitvoeringsplannen. Met het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG) werkt het Rijk sinds eind 2023 samen met provincies, sectorpartijen, inwoners en ondernemers aan gebiedsgerichte aanpakken voor natuur, stikstof, klimaat en water.
Doel is het samenhangend oplossen van opgaven in een regio, zodat niet elke problematiek (zoals biodiversiteit) afzonderlijk wordt opgepakt, maar integraal met lokale context en dynamiek wordt aangestuurd. Ecologische aspecten worden, waar relevant, vanzelfsprekend wel meegewogen binnen afzonderlijke ruimtelijke projecten en beheer- en omgevingsplannen. De ecologische integratie kan vorm krijgen op de volgende wijzen:
Pagina 3 van 17
1.
Ontwerp en inrichting van groengebieden •
• •
Toepassen van het principe van 'groenblauwe dooradering', waarbij verbindingen worden gelegd tussen groenzones en waterstructuren (ecologische verbindingszones). Inrichting van bermen, oevers en plantsoenen met kruidenrijk grasland, stinzenplanten of bloembollenmengsels die insecten en vogels aantrekken. Bevorderen van structuurrijk groen (diversiteit in boom- en struiklagen).
2. Sortimentskeuze en aanplantbeleid • • •
Bij de aanplant van bomen wordt gestuurd op soortenrijkdom met als doel verhoging van de biodiversiteit. Voorkeur voor inheemse boomsoorten met hoge ecologische waarde voor flora en fauna. Afbouw van de dominantie van enkele boomgeslachten (zoals esdoorn, linde, iep), zodat in 2040 de top-10 boomgeslachten nog slechts 70% van het bestand beslaat (kerndoelstelling 5.2 Klimaatadaptatiebeleid).
3. Beheer en monitoring •
•
Invoering van ecologisch beheer in parken, plantsoenen en bermen, zoals gefaseerd maaien, ecologisch slootbeheer en behoud van dode bomen als habitat. Monitoring van flora en fauna op relevante indicatoren, zoals bijenrijkdom, nestelplekken voor vogels en vitaliteit van bomen.
Hiermee is toezegging 335 afgedaan.
-
Toezegging 334, boomwaardetaxatie
De regelgeving met betrekking tot bomen is ondergebracht in hoofdstuk 4 van de APV. In Voorschoten zijn alleen bomen die door het college van burgemeester en wethouders als beschermwaardige houtopstand zijn aangewezen kapvergunning plichtig. Huidig uitgangspunt van de APV voor de herplantplicht bij beschermwaardige bomen is de boomwaardetaxatie (monetaire waarde) van de te kappen boom. Deze monetaire boomwaarde wordt gebruikt om de omvang van de herplantverplichting te bepalen. Uitgangspunt hierbij is, dat de kwaliteit en waarde van het groen die verloren gaat, wordt gecompenseerd. Bij een kapvergunning is compensatie zinvol, als er bijvoorbeeld sprake is van beeldbepalend groen, groen dat onderdeel uitmaakt van de hoofdgroenstructuur of op de lijst met beschermwaardige bomen staat.
Pagina 4 van 17
Herplantverplichting kan als sanctie worden opgelegd bij illegale kap, maar kan ook als bijzondere voorwaarde aan een kapvergunning worden verbonden. Verkend kan worden of compensatie bij kap niet alleen gebaseerd kan worden op monetaire boomwaarde, maar ook, of uitsluitend, op het kroonvolume van gekapte en nieuw te planten bomen. Zo wordt gewaarborgd dat het volume weer terugkomt op of in de directe nabijheid van de gevelde boom. Deze volumeberekening heeft voordelen: • • •
Het is eenvoudiger dan de monetaire boomwaardeberekening, wat een taxatie vereist. Compensatie op grond van boomkroonvolume sluit ook beter aan bij klimaatadaptieve doelen zoals schaduw, verkoeling en wateropvang. De methode is potentieel objectiever.
Deze voorgenomen wijziging en een aanpassing van de compensatieberekening is een beleidswijziging, waarvoor de regels aangepast moeten worden en vastgesteld door de raad. We kunnen de wijziging (laten) meenemen bij de eerstvolgende, jaarlijkse actualisatie van de APV, die eveneens naar de raad gaat. Terug naar toezegging 334. Deze toezegging betreft uitsluitend een toelichting op de gehanteerde methodiek van boomwaardetaxatie, zoals gebruikt bij kapaanvragen en APV-art. 4:11. Er is geen sprake van een beleidswijziging of introductie van een nieuw instrument. De methodiek wordt ambtelijk verduidelijkt in een toelichtend document en niet beleidsmatig aangepast. Hiermee is toezegging 334 afgedaan.
-
Motie 182 en coalitieprogramma, boomcompensatiefonds en herplantplicht
In raadsinformatiebrief 417023 is ook terugkoppeling gegeven over het compensatiefonds. Eerder is naar aanleiding van het milieubeleidsplan in 2021 met motie 182 besloten een beheerplan groen te ontwikkelen dat naast de aanplant van bomen op goede standplaatsen in of nabij nieuwbouw gericht is op de groei van het bomenbestand in Voorschoten in 2050 met minimaal 5%, inclusief hierbij een hoge mate van variatie in boomsoorten. Dit plan is afhankelijk van financiële dekking, zoals in de motie is verwoord, en vraagt nog nadere uitwerking via de beheerplannen. De raad vroeg het college ook te onderzoeken of een bomencompensatiefonds bijdraagt aan het structureel compenseren van gekapte bomen. Uit het daaropvolgende onderzoek is geconcludeerd dat het fonds geen beleidsmatige of juridische meerwaarde heeft boven de bestaande systematiek. Het huidige kapbeleid
Pagina 5 van 17
biedt voldoende mogelijkheden om gelijke boomwaarden terug te brengen. Daarmee beschouwt het college de motie als afgedaan. Nu dit duidelijk is en nadere inzichten zijn ontstaan over de grondslag voor de plicht tot herplant (monetaire waarde en/of boomkroonvolume) kan nader beleid worden ontwikkeld. 2.3 Analyse bomen In 2024 heeft een analyse ‘bomen in beeld’ plaatsgevonden (bijlage B). De analyse bundelt bestaand beleid en sluit aan bij actuele inzichten. Naast een aantal aanbevelingen van administratief-registratieve aard (bomenwijzer, datapaspoort bomen, protocollen boomziekten en actualisatie lijst beschermwaardige bomen) wordt aanbevolen de Groen Structuurvisie op in ieder geval de volgende onderwerpen te actualiseren: • • •
Indeling van boomstructuren in klassen (o.a. beschermwaardig, hoofdgroen, wijkgroen). Richtlijnen voor vervanging en behoud van lijnstructuren en cultuurhistorische elementen. Waarborgen van soorten- en leeftijdsdiversiteit.
In de volgende paragraaf wordt de vertaalslag gemaakt naar concrete uitgangspunten voor toekomstig beleid.
3. Uitgangspunten voor toekomstig groenbeleid Nieuwe beleidsuitgangspunten vereisen, ter voorkoming van versnippering en fragmentatie, het geheel herzien van de GSV 2009. Hiertoe zal het college in de nog resterende periode zoals gezegd niet overgaan. Dat laat onverlet dat het recente inzichten wil omzetten naar concrete uitgangspunten die vervolgens kunnen worden betrokken bij een eventueel integraal te actualiseren Groen Structuurvisie. Voorwerk is met de analyse bomen verricht en kunnen nu worden uitgewerkt tot concrete uitgangspunten voor toekomstig te ontwikkelen beleid, aangevuld met reeds vastgestelde doelen uit bijvoorbeeld het Klimaatadaptatiebeleid en landelijke richtlijnen. Deze notitie brengt het samen waarmee een geconsolideerd overzicht tot stand komt. Het streven is in 2040 een veerkrachtige, natuurinclusieve leefomgeving te bieden aan onze inwoners. Dit doen we door de bescherming en versterking van waardevolle bomen, bomenlanen en hoofdgroenstructuren zoals beschreven in de Groen Structuurvisie. Deze netwerken vormen het groene raamwerk van de gemeente en
Pagina 6 van 17
zijn van essentieel belang voor ecologische samenhang, landschappelijke identiteit en klimaatadaptatie. Realiteitszin is een kernwoord. Het accent moet komen te liggen op een realistische inrichting en beheer van al ons openbaar groen. De gestelde doelen moeten fungeren als wenkend perspectief dat de inzet van onze middelen richt en zo optimaal bijdraagt aan het maken van de juiste keuzes. Door deze bril moeten onderstaande ambities worden gezien. In paragraaf 5 wordt nader ingegaan op wat dit betekent voor het bestuurlijk handelen op groen. 3.1 Groenblauwe dooradering en Europese basiskwaliteit natuur Voorschoten wil aansluiten bij de Europese en regionale doelstellingen op het gebied van natuurherstel, zoals opgenomen in de Europese Natuurherstelwet, het ZuidHollandse Programma Landelijk Gebied (ZH-PLG) en het beleid van Holland Rijnland. In het ZH-PLG brengen we sinds voorjaar 2023 de belangen van natuur, water, stikstof en klimaat als randvoorwaarde voor een vitaal platteland in onze provincie samen. Het landelijk gebied kan binnen die randvoorwaarden verder ontwikkelen tot een aantrekkelijk gebied om te wonen en werken, landbouw te bedrijven en te recreëren. Ook is er de Europese norm ‘basiskwaliteit natuur’ (BKN). BKN richt zich met name op het landelijk en stedelijk gebied, waar natuur niet de primaire functie is.
Conform de natuurherstelverordening (EU) streeft Nederland ernaar dat de BKN in 2030 op orde is. Met BKN sturen we op de omgevingscondities die ervoor zorgen dat algemene soorten algemeen kunnen blijven of worden. Als deze condities op orde zijn, is de kans op het voorkomen van algemene soorten groot. BKN biedt een handvat om buiten natuurgebieden (Natura2000 en NNN) aan de slag te gaan. Dit houdt concreet in dat de groenblauwe dooradering dan de basis is voor de stedelijke infrastructuur. In het stedelijk gebied zouden we verbindingen tussen parken, waterlopen en groenzones kunnen verbeteren. In het landelijk gebied willen we het aandeel natuurlijk ingericht landschap verhogen van 4,4% in 2024 naar 10% in 2050. Het verhogen van het aandeel natuurlijk ingericht landschap van 4,4% naar 10% is één van de manieren manier om die basiskwaliteit te waarborgen. Het percentage verwijst naar het aandeel van het landelijke gebied dat in 2024 al een natuurlijke inrichting heeft. Denk daarbij aan landschapselementen zoals kruidenrijke bermen, bloemrijke slootkanten, kleine bosjes, houtwallen en ecologische verbindingszones. Met ‘natuurlijk ingericht’ wordt bedoeld dat het beheer en gebruik niet puur agrarisch of stedelijk is, maar zodanig dat flora en fauna er structureel van profiteren. De ambitie is dat dit aandeel groeit naar 10% in 2050.
Dat betekent dus meer dan een verdubbeling van het areaal natuurlijk ingericht landschap in het landelijke gebied. Zie bijlage C voor de natuurwaardenkaart Voorschoten.
Pagina 7 van 17
Het jaar 2030 als jaar waarop aan de Europese norm wordt voldaan is weinig realistisch. Wij streven ernaar dat de groenblauwe dooradering van het dorp op termijn, en dan denken wij in de jaren kort na 2023, voldoet aan de Europese norm ‘basiskwaliteit natuur’ (BKN) en zullen via onze beheerplannen nader uitwerken welk groeipad hierbij mogelijk is. 3.2 Meer biodiversiteit in het bomenbestand Onze bomen dragen bij aan de biodiversiteit in het dorp. Daarom streven we ernaar de variatie in boomsoorten te vergroten. Meer biodiversiteit in het bomenbestand realiseren we door de bescherming en versterking van waardevolle bomen, bomenlanen en hoofdgroenstructuren zoals beschreven in de Groen Structuurvisie. Boomstructuren vormen hierbij het groene raamwerk van onze gemeente en zijn van essentieel belang voor ecologische samenhang, landschappelijke identiteit en klimaatadaptatie. Een bomenstructuurplan geeft in een kaartbeeld aan welke bomenstructuren belangrijk zijn voor de gezonde leefomgeving van Voorschoten. We geven de belangrijkste bomenstructuren streefbeelden mee. Bij laanstructuren en andere lijnvormige elementen is het bijvoorbeeld veel belangrijker dat die lijnervaring als geheel in stand gehouden blijft en is dit niet afhankelijk van een enkel individu. En bij cultuurhistorische elementen moet de boomsoort passend gekozen worden bij die elementen.
Ook zullen we bij de vervanging rekening moeten houden met de diversiteit van ons bomenbestand. We hebben gekeken welke groene lijnen en grote groengebieden we kunnen herkennen. Waar de oude bomenlanen en karakteristieke groene lijnen liggen. De historische groenstructuur uit het gemeentelijk erfgoedbeleid en de kaart met de essentie van onze historische groene structuur uit de groenstructuurvisie vormen hier de basis voor. Hier hebben we de kaart met alle hoofdverkeerswegen en wijkontsluitingswegen overheen gelegd. Tot slot hebben we de hoofdgroenstructuur van Voorschoten hieraan toegevoegd. De combinatie van al deze kaarten heeft geleid tot de bomenstructuurkaart. Op deze kaart hebben we de belangrijkste boomstructuren opgenomen en gevisualiseerd in streefbeelden. Het streefbeeld is bepaald op basis van het huidige beeld van de boomstructuur, de beschikbare groeiplaats, de waarden en ecosysteemdiensten van de bomen, zoals benoemd in de beleidsanalyse ‘Bomen in Beeld’, en kansen die ontstaan door bijvoorbeeld herinrichtingsprojecten. In bijlage D is de bomenstructuurkaart opgenomen en in bijlage E de streefbeelden. Wij stellen voor deze kaarten te betrekken bij nieuw te ontwikkelen groenbeleid.
Conform kerndoelen 5.1 en 5.2 van het Klimaatadaptatiebeleid hanteren we de volgende doelstelling: in 2040 bestaat de top-10 van meest voorkomende boomgeslachten (zoals eiken, essen, elzen) uit maximaal 70% van het gemeentelijke
Pagina 8 van 17
bomenbestand. Door te sturen op een gevarieerd boomsortiment versterken we de weerbaarheid van het bomenbestand tegen ziekten en klimaatstress, en vergroten we het leefgebied voor insecten, vogels en andere fauna. 3.3 Verhoging van ecosysteemdiensten: méér bomen én boomkroonvolume Bomen leveren cruciale ecosysteemdiensten zoals verkoeling, waterberging, luchtzuivering en leefbaarheid. In aansluiting op de kerndoelen 1.1 en 1.2 van het Klimaatadaptatiebeleid zetten we in op het vergroten van het boomkroonvolume in de gemeente. De ambitie is om toe te werken naar een boomkroonvolumebedekking van ten minste 2,2 m³ per m², conform de landelijke norm uit de Klimaateffectatlas. Ter vergelijking: in 2024 varieerde dit volume in Voorschoten tussen 1,3 en 2,1 m³ per m². We prioriteren buurten met relatief weinig bomen per hectare en koppelen deze ambitie aan de wijkgerichte klimaatadaptatieplannen, die in ontwikkeling of uitvoering zijn. Ook willen we het aantal bomen verhogen. In 2024 waren dat er 12.000. We willen het bomenbestand uitbreiden 5% in 20250, naast reguliere opgaven als herplant en areaaluitbreiding door gebiedsontwikkeling. 3.4 Actualisatie beschermwaardige bomenlijst en boomklassenindeling Wij werken met de Lijst beschermwaardige bomen, die is gebaseerd op de Groen Structuurvisie (2009) en vastgesteld door het college in 2011.
De lijst bevat ‘monumentale bomen’ en ‘toekomstbomen’. Er zijn circa 6300 bomen, inclusief particuliere bomen. Hiervan voldoen 167 bomen aan de basiscriteria voor ‘monumentale boom’ van gemeente Voorschoten, ofwel ca. 2,5% van het totaal aantal bomen op de lijst. Van dit percentage monumentale bomen is 1,7% gemeentelijk en 0,8% particulier. De toepassing van het kapbeleid is op deze lijst gebaseerd. De lijst behoeft actualisatie. Ook werken wij in de toekomst bij voorkeur met een systeem dat ook criteria als waarde en functie betrekt bij de beschermingsstatus. Niet iedere boom is even belangrijk voor het groene karakter van Voorschoten en niet iedere boom levert evenveel ecosysteemdiensten. Daarom is het gewenst om een onderverdeling in het (gemeentelijk) bomenbestand aan te brengen. Met de beleidsanalyse ‘bomen in beeld’ is een start gemaakt met een inventarisatie van ons bomenbestand en is gewerkt aan een herzien systeem van classificatie op basis van boomklassen. Met een indeling in klassen introduceren wij een indeling waarbij bomen bescherming krijgen die bij hun waarde of functie past. Deze boomklassering draagt bij het verankeren van de waarde en functie van bomen in omgevingsplannen. Tot die tijd zal de huidige bescherming van houtopstanden zoals opgenomen in de Algemene Plaatselijke Verordening van kracht blijven.
Bij invoering van een classificatiesysteem zullen de gemeentelijke bomen worden onderverdeeld in drie boomklassen, die ieder een eigen functie, beschermstatus en ontwikkelperspectief kennen:
Pagina 9 van 17
Boomklasse I – Waardevolle bomen Deze klasse bevat bomen met een bijzondere ecologische, cultuurhistorische of monumentale waarde. Het betreft bomen die: • • • •
ouder zijn dan 50 jaar, met een levensverwachting van minimaal 10 jaar; beeldbepalend en onvervangbaar zijn; cultuurhistorisch of natuurwetenschappelijk zeldzaam zijn; ecologische kernfuncties vervullen.
Tot deze klasse behoren ook: •
• •
bomen met een beschermde status op grond van de toenmalige Wet natuurbescherming, nu Omgevingswet, zoals verblijfplaatsen van beschermde diersoorten; bomen die vallen onder Rijksbescherming of het Natuurnetwerk Nederland (NNN); gedenkbomen en waardevolle particuliere bomen.
Deze bomen krijgen een maximale beschermstatus en zijn in beginsel niet verplaatsbaar. Hun functies voor klimaatadaptatie, biodiversiteit en leefkwaliteit zijn onmisbaar. Boomklasse II – Structuurbomen Deze bomen vormen de ruggengraat van de hoofd- en wijkgroenstructuren. Het betreft onder meer: • • •
straat-, laan- en parkbomen langs hoofdwegen, singels en watergangen; bomen in parken, plantsoenen en op landgoederen; bomen met potentie voor schaduw, koeling en ontmoetingswaarde, met name in versteende wijken.
Ook knotbomen en speelbomen met aanvullende functies voor natuur en klimaat vallen hieronder. Bomen in deze klasse krijgen een verhoogde beschermstatus en maken deel uit van het duurzame bomennetwerk. De meeste ‘toekomstbomen’ op de bestaande lijst beschermwaardige bomen vallen in deze klasse. Boomklasse III – Omgevingsbomen
Pagina 10 van 17
Deze klasse omvat bomen zonder beschermstatus die wél bijdragen aan de leefkwaliteit en de algehele vergroening van de woon- en werkomgeving. Dit betreft met name: • •
straat- en plantsoenbomen met een relatief korte levensduur; kleine laanbomen, knot- en vormboompjes in particuliere of collectieve setting.
Deze bomen zijn vervangbaar en worden planmatig onderhouden en, indien nodig, herplant in het kader van reguliere vervangingscycli. De boomklassen zijn nader uitgewerkt op basis van een aantal uniforme beleidscriteria: Boomklasse
Leeftijd (omloop)
Boomvolume (m³)
Optimale verhouding
Klasse I – Waardevol
60–120 jaar optimaal
≥40 m³
ca. 5%
Klasse II – Structuur
tot 60 jaar
goed/redelijk
≥30 m³
ca. 40%
Klasse III – Omgeving
tot 40 jaar
redelijk
5–20 m³
ca. 55%
Groeiplaatskwaliteit
De bijdrage van elke klasse aan klimaatadaptatie, biodiversiteit en leefomgeving verschilt: Boomklasse
Klimaat & biodiversiteit
Leefbaarheid
Ruimtelijke ontwikkeling
Status
Klasse I
zeer hoog
zeer hoog
inpassen
beschermplicht (APV)
Klasse II
hoog
hoog
aansluiten/inpassen
beschermplicht (APV)
Klasse III
beperkt
variabel
vervangen mogelijk
vervangbaar
Pagina 11 van 17
De bestaande Lijst beschermwaardige bomen kan worden vervangen door een nieuw stelsel op basis van boomklassen, waarbij bomen in klasse I en II worden opgenomen in het beschermingsregime op grond van de APV. Deze wijziging vereist aanpassing van de vergunningsplicht voor kap en vormt een beleidswijziging die aan de gemeenteraad moet worden voorgelegd.
3.5 Samenvattend overzicht Voorschoten streeft naar: 1. Méér bomen: •
•
Doel: 5% groei van het gemeentelijke bomenbestand in 2050 ten opzichte van 2024 (12.000), naast reguliere opgaven als herplant en areaaluitbreiding door gebiedsontwikkeling. Herkomst: Motie 182; kerndoelen 1.1 en 5.2 Klimaatadaptatiebeleid.
2. Méér boomkroonvolume: •
Doel: Gemiddeld >2,2 m³ boomkroonvolume per m² in 2040 (was 1,3–2,1 m³ in 2024).
3. Méér biodiversiteit: • •
Doel: In 2040 is de top-10 boomgeslachten beperkt tot 70% van het bomenbestand. Realisatie door sortimentskeuze bij aanplant.
4. Hogere basiskwaliteit natuur: • •
Groenblauwe dooradering voldoet op enig moment aan Europese norm. Doel 2050: 10% van het landelijk gebied bestaat uit natuurlijk ingericht landschap (was 4,4%).
4. Realiteit van het groenbeleid 4.1 Taakstellingen op groen De bestuurlijke ambities en na te streven landelijke of Europese richtlijnen staan op gespannen voet met de uitvoeringspraktijk. Er is een duidelijke discrepantie tussen de ambitieuze beleidsplannen van de gemeente, zoals het Klimaatadaptatiebeleid 2023 en het Actieplan Meer doen met bijen, en de feitelijke ontwikkelingen in de praktijk. Deze plannen richten zich expliciet op vergroening, biodiversiteitsherstel en
Pagina 12 van 17
het klimaatbestendig maken van de leefomgeving, maar de mogelijkheden hiernaar te handelen blijven achter. De analyse van het openbaar groen in de periode 20082025 toont in kwalitatief opzicht een neergaande trend, uitgedrukt in een aanzienlijke verschraling van het groenareaal. De samenstelling van het openbaar groen is tussen 2008 en 2025 significant veranderd: •
Toename gras:
Het aandeel gras is gestegen van 48% naar 62%, wat betekent dat bijna tweederde van het openbare groenareaal nu uit gras bestaat. •
Afname opgaande beplanting:
Tegelijkertijd is het aandeel opgaande beplanting (bosplantsoen, hakhout, sierheesters, vaste planten) gedaald van 52% naar 38%, een afname van 14 procentpunten. •
Bosplantsoen en hakhout daalden van 20% naar 15%.
•
Sierheesters en vaste planten namen af van 32% naar 23%.
Deze verschuiving naar eenzijdige grasperken duidt op een afname van zowel de ecologische waarde als de ruimtelijke kwaliteit van het openbaar groen. Dit staat haaks op de ambities voor meer biodiversiteit, een natuurlijke inrichting en een klimaatbestendige leefomgeving. De verschraling is het directe gevolg van eerdere raadsbesluiten: Taakdoelstelling 2013: Er werd besloten om 10% van het openbaar groen om te vormen naar gazon, primair gericht op kostenbesparing. Dit heeft onmiskenbaar bijgedragen aan de afname van diversiteit en opgaande beplanting, hoewel dit niet in beleid was vastgelegd. Verlaging onderhoudsniveau 2017: Het onderhoudsniveau werd verlaagd van kwaliteitsniveau B naar C (volgens CROW-systematiek). Deze maatregel leidde tot minder intensief onderhoud en investeringen in hoogwaardige beplanting, met als gevolg verdere verschraling. Door selectieve toepassing konden bomen en groen op beeldbepalende locaties wel voldoende onderhouden blijven. Voor 2025 en verder heeft de raad besloten een bezuiniging van €247.000 op de structurele onderhoudskosten van het openbaar groen te realiseren door middel van omvorming van beheercategorieën naar varianten met lagere onderhoudskosten. Deze bezuiniging wordt gefaseerd doorgevoerd:
Pagina 13 van 17
2025: € 61.750 2026: € 123.500 2027: € 185.250 2028: € 247.000
In tegenstelling tot de groenambities werkt Voorschoten de facto toe naar een minder divers en ecologisch minder waardevol groenareaal. Dit wordt versterkt door: -
Groei van het areaal: Er is extra budget nodig om areale groei op te vangen. Luxer nieuw areaal: Nieuw groen (o.a. Centrumvisie, het Fortuyn en Adegeest) is luxer ontworpen, wat leidt tot duurder beheer. Marktwerking: Stijgende kostprijzen en aanbestedingskosten in het beheer van de openbare ruimte.
Het huidige budget is onvoldoende om de huidige staat van het groen in stand te houden, laat staan de diverse voorgenomen ambities te realiseren. Het huidige Beheerplan Groen 2023–2026 gaat uit van onderhoudskwaliteit C en zet in op natuurvriendelijk beheer. De focus ligt op een beheersbare en geleidelijke aanpassing van het beheer, waarbij een balans wordt gezocht tussen kostenreductie en behoud van kwaliteit. Dit onderstreept de noodzaak van integraal financieel consistent groenbeleid en structurele inzet op uitvoering, budgetborging, heldere verantwoordelijkheden en continue monitoring.
5. Bestuurlijk handelingsperspectief 5.1 Bestuurlijk handelingsperspectief: omgaan met spanning tussen ambitie en realiteit De constatering dat het huidige groenareaal zowel kwalitatief als kwantitatief is verschraald, vormt een belangrijk ijkpunt. In combinatie met de financiële taakstelling en de beperkte beheerbudgetten leidt dit tot de vraag hoe we (toekomstige) ambities realiseren in een context van bezuinigingen en uitvoeringsdruk. Om hierin comfort te bieden en toch gericht voortgang te boeken, hanteren we het volgende handelingsperspectief: 1. Ambities blijven richtinggevend, maar worden gefaseerd en adaptief benaderd
Pagina 14 van 17
De beleidsdoelen (zoals 5% groei bomenbestand, 2,2 m³ kroonvolume/m², 70% diversificatie boomgeslachten) blijven leidend als stip op de horizon. Maar realisatie wordt gekoppeld aan natuurlijke momenten van herplant, wijkontwikkelingen en beheeractualisaties. De zogenoemde ‘meekoppelkansen’. Dit voorkomt overspanning en stelt ons in staat om in de pas te blijven met uitvoeringscapaciteit en beheermogelijkheden. 2. Beheer en ambities worden opnieuw met elkaar in balans gebracht In het nieuwe Beheerplan Groen 2027–2029 wordt stapsgewijs toegewerkt naar een ambitieniveau dat uitvoerbaar is binnen de financiële realiteit. Dat betekent: investeren in plekken met hoge ecologische, sociale of landschappelijke waarde en temporiseren in gebieden waar vergrassing beperkt nadelige impact heeft. 3. Voorkeurslocaties voor ambitie: sturen op gebiedsgerichte uitvoering Groenambities worden in de uitvoering gekoppeld aan kansrijke locaties: herinrichtingsprojecten, centrumontwikkeling, woningbouwprojecten en klimaatadaptieve wijkplannen. Hier kunnen ambities ‘meeliften’ met andere investeringsstromen. Buiten deze projecten wordt ingezet op behoud, niet op groei. 4. Monitoring en bijsturing op basis van realiteit en leervermogen Een jaarlijkse voortgangsrapportage en vierjaarlijkse actualisatie van de stand van het groen maken zichtbaar of ambities realistisch blijven.
Op basis hiervan kunnen ambities, budgetten of prioriteiten worden aangepast. Dit voorkomt schijnzekerheid of symbolisch beleid. 5. Vervolgstappen en bestuurlijke besluitvorming Ter voorkoming van versnippering is herijking van de huidige Groen Structuurvisie (2009, 2013) wenselijk. Daarmee ontstaat één integraal sturingsinstrument waarin groenambities, beheerafspraken, boombeleid en biodiversiteit worden verbonden aan concrete uitvoering. Deze herijking is met deze notitie in grote mate voorbereid, maar wordt nadrukkelijk overgelaten aan een volgend college. 5.2 Bestuurlijke besluitvorming Het is goed de inhoud van deze notitie bestuurlijk te verankeren in besluitvorming en vanzelfsprekend, zoals toegezegd, de raad met een raadsinformatiebrief te informeren. Op grond van het voorgaande wordt het college voorgesteld als volgt te besluiten. 1. De notitie ‘Groen in Voorschoten, uitgangspunten voor beleid en perspectief op handelen’, vast te stellen
Pagina 15 van 17
2. De uitgangspunten uit de notitie voor een groene, leefbare en klimaat robuuste toekomst als richtinggevend streven te (her)bevestigen: 2.1 Een 5% groei van het gemeentelijke bomenbestand in 2050 ten opzichte van 2024 2.2 Gemiddeld meer dan 2,2 m³ boomkroonvolume per m² in 2040 2.3 De top-10 boomgeslachten zijn beperkt tot 70% van het bomenbestand in 2040 2.4 Op termijn voldoet de groenblauwe dooradering aan Europese norm 2.5 In 2050 voldoet 10% van het landelijk gebied uit natuurlijk ingericht landschap (was 4,4%) 3. In de notitie opgenomen handelingsperspectief toe te passen voor effectieve uitvoering van het groenbeleid: 3.1 Ambities blijven richtinggevend, maar worden gefaseerd en adaptief benaderd 3.2 Beheer en ambities worden opnieuw met elkaar in balans gebracht 3.3 Voorkeurslocaties voor ambitie: sturen op gebiedsgerichte uitvoering 3.4 Monitoring en bijsturing op basis van realiteit en leervermogen 3.5 Behoefte aan herijking Groenstructuurvisie als ordenend kader 4. Deze uitgangspunten voor beleid en het handelingsperspectief te betrekken bij planvorming voor ons groenbeheer, de groeninrichting binnen ruimtelijke projecten, de APV en de te ontwikkelen omgevingsplannen. 5.
Bij een eventuele actualisatie van beleid op groen ook de bomenstructuurkaart en het classificatiesysteem voor beschermwaardige bomen, ter vervanging van de huidige Lijst beschermwaardige bomen, te betrekken. 6. Aan de hand van een jaarlijkse monitor de raad te informeren over de voortgang op groenbeheer. 7. De bijgevoegde raadsinformatiebrief ter informatie te zenden aan de raad.
Bijlagen: A. Raadsinformatiebrief ‘Groenbeleid bomen en biodiversiteit Voorschoten’ (417023, november 2024)
Pagina 16 van 17
B. Analyse ‘Bomen in beeld’ C. Natuurwaardenkaart Voorschoten D. Bomenstructuur Voorschoten E. Streefbeeld boomstructuur **************************
Pagina 17 van 17
Informatiebrief Zaaknummer:
Z/24/089235
Documentnummer:
417023
Datum:
5 november 2024
Onderwerp:
Groenbeleid bomen en biodiversiteit Voorschoten
Portefeuillehouder:
Hubert Schokker
Bijlage(n):
1. Beleidsanalyse ‘Bomen in Beeld’ 1a. Notitie onderzoek Bomencompensatiefonds
Geachte Raad, U heeft in september 2024 een LTA wijziging ontvangen inzake het groen- en biodiversiteitbeleid van de gemeente. Hierin wordt voorgesteld om dit beleid te actualiseren, maar tevens aangegeven dat een apart raadsbesluit niet nodig is omdat de raad de kaders voor het beleid heeft meegegeven bij de groenstructuurvisie uit 2009. Bij de omgevingsvisie, waar de groenstructuurvisie in wordt geïntegreerd, is de raad besluitvormend. In deze brief lichten we dit toe. Wij zijn voornemens om het groenbeleid van Voorschoten, zoals vastgelegd in de Groenstructuurvisie Voorschoten (GSV 2009), te herijken en de bomen-, groen- en waterstructuur (groenblauwe dooradering) aan te vullen met actuele beleidsthema’s over de bomen en biodiversiteit. Achtergrond: waarom herijking van het groenbeleid? Het groenbeleid is in 2009 vastgesteld in de Groenstructuurvisie Voorschoten (GSV 2009) en de Evaluatie GSV in 2013. De Groenstructuurvisie wordt als sectoraal beleidsuitgangspunt voor groen geïntegreerd in de Omgevingsvisie van Voorschoten, zoals in onderstaande weergave:
Omgevingsvisie Voorschoten GROEN groen(structuur)visie 2009
Regelgeving, omgevingsplan ed.
Groenstructuur
Groenbeleid
Bomenstructuur
Bomenbeleid
Groenblauwe dooradering
Beleid biodiveristeit
Ander sectoraal beleid
Gemeente Voorschoten Leidseweg 25 | Postbus 393, 2250 AJ Voorschoten | T 14071 | E gemeente@voorschoten.nl | www.voorschoten.nl BTW NL 00179762B01 | KvK 27381083 | IBAN NL43 BNGH 0285 0796 70 | BIC BNGHNL2G
De hoofddoelstelling uit het Klimaatadaptatiebeleid (2023) is dat Voorschoten in 2040 ‘leefbaar, groen en klimaatrobuust’ is. Daarbij spelen bomen een belangrijke rol. Bij de beantwoording van de zienswijzen hebben wij aangegeven dat we in 2023 gaan starten met het opstellen van aanvullend beleid waarin bomenbeleid, biodiversiteit en natuurinclusiviteit verder wordt uitgewerkt. Bij de besluitvorming van het Klimaatadaptatiebeleid is toegezegd aan de raad (335) dat ecologische aspecten bij het groenbeleid betrokken worden. Binnen dit kader is de raad toegezegd (334) dat de toelichting op de methodiek van de boomwaardetaxatie wordt meegenomen in het groenbeleid, zodat de discussie over deze methodiek bij dit beleid kan worden vervolgd. Op basis van motie 182 over 5% meer bomen in 2050, is in het coalitieakkoord opgenomen dat we kijken naar nut en noodzaak van een bomencompensatiefonds. Dit is door ons onderzocht. De conclusie luidt dat een fonds geen waarde toevoegt omdat het huidige kapbeleid voldoende mogelijkheden biedt om gelijke boomwaarden terug te brengen. De notitie is opgenomen in de hierbij gevoegde beleidsanalyse ‘Bomen in beeld’. Eerste actie verricht: Beleidsanalyse ‘Bomen in Beeld’ Naar aanleiding van bovenstaande motie en toezeggingen over de bomen, het groenbeleid en de ecologische aspecten is het bomenbeleid in 2024 geanalyseerd, zoals u vindt in de bijlage.
Diverse aanbevelingen hieruit leiden tot het voorstel om de bomenstructuur te herijken en aan te vullen met actuele thema’s voor bomen en biodiversiteit. Het accent ligt hierbij op de uitvoering van de inrichting en het beheer. Ecologische aspecten worden meegenomen bij de herijking en aanvulling van de bomen-, groen- en waterstructuur (groenblauwe dooradering) en aanvulling van het groenbeleid met actuele thema’s, zoals biodiversiteit, in het belang van een gezonde, groene en toekomstbestendige leefomgeving voor mensen, dieren en planten. Wat is de rol van de Raad? Bij de discussie over de Omgevingsvisie van Voorschoten wordt het herijkte groenbeleid voor bomen en biodiversiteit meegenomen, inclusief de toelichting op de boomwaardetaxatie methodiek. Wat is de planning van de herijking van het groenbeleid? Q3 2024:
Presentatie Groen- en bomenbeleid aan belangenorganisaties Voorschoten.
Q4 2024:
Doorkijk proces en pva voor beleid bomen en biodiversiteit aan raadscie WRG.
Pagina 2 van 3
Start herijking van de bomen, groen- en waterstructuur en aanvullen van het groenbeleid voor bomen en biodiversiteit. De belangenorganisaties van Voorschoten worden bij dit proces betrokken door middel van participatiebijeenkomst(en). Q2 2025
Het college van B&W stelt het Groenbeleid vast en de raad wordt geïnformeerd.
Met vriendelijke groet, het college van burgemeester en wethouders,
E.A. van Wattingen, gemeentesecretaris
drs. N. Stemerdink, burgemeester
Deze brief is digitaal vastgesteld. Hierdoor staat er geen fysieke handtekening in de brief.
Pagina 3 van 3
Beleidsanalyse ‘BOMEN IN BEELD’ Versie 5 november 2024
De foto’s op de voorkant en de hoofdstukpagina’s zijn van de 5 meest voorkomende boomsoorten van Voorschoten: eik, linde, els, es en esdoorn
Inhoudsopgave Inleiding ................................................................................. 3 Aanleiding ......................................................................... 3 Probleemstelling ................................................................. 3 Doelstelling ........................................................................ 3 Afbakening ........................................................................ 3 Totstandkoming/Proces ....................................................... 4 Leeswijzer ......................................................................... 4 Deel A Analyse ......................................................................... 5 Algemeen .......................................................................... 6 Bomen in cijfers .................................................................... 6 Diversiteit .......................................................................... 7 Boomkroonbedekking en volume ......................................... 10 Spreiding over het dorp ...................................................... 10 Conclusie .......................................................................... 11 Ecosysteemdiensten van een boom......................................... 13 Ecologisch ........................................................................ 13
Economisch ...................................................................... 16 Esthetisch ........................................................................ 16 Cultuurhistorisch ............................................................... 17 Wettelijke en beleidskaders ................................................... 19 Deel B Bomen bij projecten...................................................... 26 Algemeen ........................................................................... 27 Initiatieffase ........................................................................ 28 Ontwerpfase ....................................................................... 29 Voorbereidings- en bestekfase ............................................... 30 Realisatiefase ...................................................................... 31 Beheerfase.......................................................................... 32 Handhaving en toezicht ........................................................ 35 Communicatie en participatie ................................................ 37 Deel C Aanbevelingen en vervolgstappen ................................... 38 Aanbevelingen ..................................................................... 39 Geraadpleegde documenten/ bijlagen .......................................
41 Bijlage 1 Onderzoek nut en noodzaak bomen(compensatie)fonds .................................................... 42
Klimatologisch ................................................................... 14 Maatschappelijk................................................................. 15 2
Inleiding Aanleiding Directe aanleiding voor het schrijven van deze beleidsanalyse voor bomen, als onderdeel van de herijking van het groenbeleid, is de hoofddoelstelling uit het Klimaatadaptatiebeleid 2023; Voorschoten is in 2040 leefbaar, groen en klimaatrobuust. Daar spelen bomen een belangrijke rol in. Hoogtijd om te kijken of ons huidige bomenbeleid hiervoor voldoende handvatten biedt. Daarnaast is in het coalitieakkoord 2022-2026 ‘Voorschoten in verbinding vooruit’ opgenomen dat we zouden kijken naar nut en noodzaak van een bomencompensatiefonds voor Voorschoten. En heeft het college van Burgemeester en Wethouders tijdens de raadsvergadering van 25 mei 2023 bij de vaststelling van het klimaatadaptatiebeleid toegezegd om de methodiek van de boomwaardetaxatie bij dit bomenbeleid te betrekken. De indirecte aanleiding is het gevoel, dat onder andere bij de groenbelangenorganisaties heerst, dat de gemeente Voorschoten een robuuster bomenbeleid nodig heeft om te voorkomen dat bomen nog meer in het gedrang komen bij ruimtelijke ontwikkelingen en andere werkzaamheden in de openbare ruimte.
Probleemstelling Voorschoten heeft haar groenbeleid vastgelegd in een aantal verschillende beleidsstukken, die gedateerd zijn (GSV 2009, 2013). Het risico bestaat dat dit gaat leiden tot een verkleining en misschien tot het ontbreken van samenhang in het beleid voor bomen, voor biodiversiteit en in relatie tot het overige groen.
Doelstelling Een beleidsplan voor bomen en biodiversiteit heeft tot doel samenhang in het gemeentelijk groenbeleid te bewerkstelligen en duidelijkheid voor alle betrokkenen te scheppen. De bestaande gemeentelijke beleidsstukken integreren we in een integrale visie voor bomen en biodiversiteit, waarin het totaalbeeld gegeven wordt. Het beleidsplan voor bomen en biodiversiteit kan dienst doen als een van de bouwstenen voor de gemeentelijke omgevingsvisie en het omgevingsplan.
Afbakening Het huidige groenbeleid is vastgelegd in de Groenstructuurvisie Voorschoten (GSV 2009), Evaluatie GSV (2013) en Beleid beoordeling kapaanvraag Voorschoten. Op basis van de kaders van GSV 2009 en 2013 wordt het groenbeleid herijkt en aangevuld voor de bomen en biodiversiteit. Dit beleid bestaat uit een kaartbeeld met een structuurplan voor de bomen en de groenblauwe dooradering, het bomenbeleid en het beleid voor biodiversiteit. Voor u ligt de analyse van het huidige bomenbeleid ‘Bomen in Beeld’.
3
Totstandkoming/Proces Deze beleidsanalyse is een bundeling van al het bestaande beleid over bomen dat we in Voorschoten hebben. Daarbij is aansluiting gezocht bij de wijze waarop in deze tijd naar bomen in de leefomgeving wordt gekeken. Zo hebben we het tegenwoordig over de ecosysteemdiensten die bomen ons leveren in plaats van de waarde die het groen heeft. Het groenbeleid bevat geen nieuwe ambities, maar een actualisatie van reeds eerder vastgestelde beleidskaders. Vertegenwoordigers van groenbelangenorganisaties uit Voorschoten zijn tijdens een avondbijeenkomst geïnformeerd over de inhoud van de beleidsanalyse voor bomen. Ze zijn blij met de aandacht voor alle verschillende ecosysteemdiensten en kijken uit naar het vervolg in de vorm van een bomenstructuurplan.
inpassen in een projectmatige manier van werken wordt per projectfase aangegeven hoe bomen hier op een goede wijze in meegenomen kunnen worden. Zo kunnen projectleiders en ontwikkelaars weten wanneer ze wat moeten doen om bomen op een goede manier in hun project mee te nemen. Er wordt in dit deel ook aandacht besteed aan toezicht en handhaving en de communicatie rondom bomen. Waar dat van toepassing is zijn verbeterpunten aangegeven met rode vette tekst en het icoon . Tot slot vindt u in deel C de verbeterpunten verder uitgewerkt in aanbevelingen, wat de vervolgstappen zijn en op welke termijn deze opgepakt kunnen worden. We maken onderscheidt in aanbevelingen die geen nieuwe besluitvorming nodig hebben, die binnen de bevoegdheid van het college vallen en die een raadsbesluit vergen.
Leeswijzer De beleidsanalyse voor bomen bestaat uit deel A Analyse, met informatie over de bomen in cijfers, de verschillende ecosysteemdiensten die bomen ons mensen leveren en de bestaande beleidskaders. Ook wordt hier de conclusie over het bomencompensatiefonds toegelicht. Deel B Bomen bij projecten, beschrijft hoe we met bomen (in de openbare ruimte) in de praktijk omgaan. Omdat we dit willen 4
Deel A Analyse
5
Algemeen In deze analyse zien we bomen in de openbare ruimte als bomen die individueel herkenbaar zijn. Dit zijn de bomen in straten en lanen, gazons en bermen. Ook vrijstaande bomen in plantsoenen en parken vallen hieronder. Deze bomen zijn allemaal apart geregistreerd en worden specifiek beheerd. Ze hebben een eigen bomenpaspoort met daarin hun soort, plantjaar, hoogte en onderhoudsstatus.
Bomen in cijfers Data speelt een steeds belangrijkere rol bij gemeentelijk beleid. Het zorgt voor inzichten en ondersteunt besluitvoering. Het maakt samenhang in factoren inzichtelijk en onderlinge verbanden worden zichtbaar. Zo ook bij het beleid voor de bomen. We streven naar een divers en gezond bomenbestand in Voorschoten. Deze doelstelling staat in GSV 2009 vermeldt als ‘behoud en ontwikkeling van een duurzame groen- en waterstructuur’ en is opgenomen in ons klimaatadaptatiebeleid. Hierin is opgenomen dat we onze openbare ruimte groener en blauwer maken zowel in hoeveelheid als biodiversiteit. Bij bomen gaat het zowel om het vermeerderen van het aantal bomen als om het vergoten van de (ecologische) boomwaarden. De ecologische
1
bron: Centraal Bureau voor de Statistiek
boomwaarde wordt afgemeten aan de boomkroonbedekkingsgraad en aan het boomkroonvolume. Er zijn heel wat cijfers over onze bomen voorhanden. Het merendeel van deze informatie komt uit DigiTree, huidig bomenbeheersysteem. De peildatum voor de gegevens die we voor deze beleidsanalyse hebben gebruikt is 27 mei 2024. Overige data die we in deze paragraaf gebruikt hebben zoals de buurtgrenzen, de oppervlakte van de buurten en het inwonersaantal per buurt is afgeleid van de ‘Wijk- en buurtkaart 2023 versie 11. Daarnaast hebben we gebruikgemaakt van de berekening van het boomkroonvolume per m² landoppervlak van de klimaateffectatlas2. De gemeente Voorschoten heeft 11.655 individuele bomen in beheer. Dit zijn niet alle bomen die op gemeentelijke grond te vinden zijn. Er staan ook bomen die onderdeel uitmaken van een parkbos, bosplantsoen of hakhoutperceel. Deze groenelementen worden als eenheid beheerd. Daarom zijn zij niet als individuele bomen in het beheersysteem opgenomen. Onze woonvisie 2023-2027 vermeldt dat er 11.400 huishoudens in Voorschoten zijn. Dat betekent dat we 1,02 boom per huishouden hebben. En dat is omgerekend naar het aantal inwoners 0,9 boom per inwoner. Vergeleken met het landelijk gemiddelde van 0,5 scoort Voorschoten bovengemiddeld. Dat geldt ook als we naar de
2
Klimaateffectatlas Nederland - Klimaateffectatlas
6
gemeenten om ons heen kijken. De steden Leiden en Den Haag hebben maar 0,4 boom per inwoner. Leidschendam-Voorburg en Oegstgeest komen elk uit op 0,7 boom per inwoner. Een inwoner van Wassenaar heeft daarentegen juist weer veel meer bomen. Daar komt de teller uit op 5,4 stuks per inwoner.
gemeente Voorschoten Alphen aan den Rijn Den Haag Leiden Leiderdorp Leidschendam-Voorburg Nieuwkoop Oegstgeest Utrecht Wassenaar Landelijk gemiddelde
bomen per inwoner 0,9 0,9 0,4 0,4 0,5 0,7 2,0 0,7 0,5 5,4 0,5
soorten. Utrecht heeft 660 soorten en Leidschendam-Voorburg heeft 960 soorten. We hebben ook naar onze top10 aan boomgeslachten gekeken en deze in een cirkeldiagram weergegeven (zie figuur 1). 75% procent wordt door deze top10 bepaald. De eik komt het meeste voor. Gevolgd door de es, els, linde en esdoorn. Dit zijn inheemse boomsoorten die goed passen bij de bodem en het landschap waarin Voorschoten ligt.
Bron: CBS/CobraGroeninzicht
Diversiteit In heel Nederland komen zo’n 5000 verschillende boomsoorten voor. Daarvan zijn er 35 inheems. Op dit moment staat de teller voor ons bomenbestand op 327 verschillende boomsoorten en cultivars van boomsoorten. In de gemeente Alphen aan den Rijn staan 550
Figuur 1 Percentage per boomgeslacht Een meer divers boombestand heeft als voordeel dat het boombestand in totaliteit minder gevoelig is voor ziekten en plagen. Ook zijn er meer kansen voor een positieve bijdrage aan biodiversiteit. Een graadmeter om te toetsen voor diversiteit in het 7
areaal bomen is de Santamour 10-20-30 regel3. De regel stelt dat het stedelijk bomenbestand een maximum kent van: 10% van dezelfde soort bomen 20% van hetzelfde geslacht 30% van dezelfde familie
De keuze bepalen voor boomgeslachten zal verder uitgewerkt moeten worden in een bomenstructuurplan. In dat plan kunnen we bijvoorbeeld aangegeven welke boomstructuren waardevol zijn. En waarmee dus bij het vervangen van de bomen rekening gehouden moet worden bij het bepalen van de boomsoort.
Leeftijd Voorbeeld: ons bomenbestand bevat 12% zomereik, 18% van het bomenbestand behoort tot het geslacht van eiken, 20% van onze bomen behoort tot de familie van de napjesdragers. In dit voorbeeld zitten we met de boomsoort boven de 10%, het bomengeslacht zit bijna op de 20% en de soorten uit de familie zitten nog ruim onder de 30%. We kunnen dus nog wel boomsoorten uit dezelfde familie aanplanten, maar liever niet te veel eiken meer.
Als we op basis van deze regel naar onze top10 kijken dan scoren we nergens nog 20% per bomengeslacht. Maar de eiken komen aardig in de buurt. Ook het aandeel essen en elzen is behoorlijk. Van deze boomsoorten zouden we de komende periode dus minder moeten aanplanten dan dat er weggaan. Daarbij zal wel elke keer bewust de keuze gemaakt moeten worden waar we wel en niet dezelfde boomsoort terug planten. In cultuurhistorisch waardevolle eikenlanen is het bijvoorbeeld logisch om toch weer eikenbomen terug te planten.
Niet alleen de diversiteit in soorten is belangrijk voor een gezond bomenbestand. Ook de leeftijdsopbouw is van belang. Net als de mens heeft de boom een aantal levensfasen. We onderscheiden: jonge bomen, halfwasfase, volwassen bomen, veteranen. Door er voor te zorgen dat deze verschillende fasen allemaal in min of meer gelijke mate aanwezig zijn zorgen we er ook voor dat ons bomenbestand robuust is. Als we kijken naar de plantjaren van de gemeentelijke bomen dan valt op dat het merendeel, 98%, na 1950 is aangeplant. Dat is ook de periode van de wederopbouw waarin grootschalige wijkuitbreidingen (o.a. Nassauwijk, Vlietwijk, Boschgeest en NoordHofland) plaatsvonden. In de jaren ’70 en ’80 volgde Bijdorp. In het begin van de 21e eeuw zijn Starrenburg I en II ontwikkeld. Daarna vlakt het qua wijkuitbreidingen af en worden er vooral met inbreidingen nieuwe woningen toegevoegd. Bij inbreilocaties is de
In 1990 stelde Santamour als reactie op massale uitval van iepen in Amerikaanse steden de 10-20-30 regel op. 3
8
ruimte voor extra bomen zeer beperkt. Dat zien we ook terug in het aantal bomen dat aangeplant wordt. Dat vlakt na 2010 af.
letten op de beschikbare groeiplaats, kunnen we meer gaan sturen op een gelijkmatige vervanging binnen ons bomenbestand.
Na wijkuitbreiding Roosenhorst worden er de komende jaren meer in- en uitbreidingslocaties opgeleverd. Het gaat om Fortuyn van Voorschoten, Segaar Arsenaal, Starrenburg III en Noortveer. Daar ontstaan kansen om het bomenbestand uit te breiden.
In het bomenstructuurplan kunnen we per boomklasse de beoogde omlooptijd aangegeven. (Toekomstige) beschermwaardige bomen moeten ten minste een leeftijd van 60 jaar kunnen halen (GSV 2009). Bomen in gewone woonstraten gaan rond de 40 jaar mee.
Wanneer we bomen onder de meest ideale omstandigheden planten kunnen ze met gemak 80 jaar of ouder worden. We hebben zelfs een aantal bomen die de 100 jaar ruim gepasseerd zijn. Echte veteranen dus. Dit zijn veelal geen bomen langs een drukke verkeersader of een woonwijk. Voor bomen in een stedelijke omgeving is het door de beperkte ruimte onder- maar zeker ook bovengronds lastig om deze leeftijd te behalen. Daarom gaan we ervanuit dat het merendeel van de bomen in de stedelijke omgeving rond de 40 jaar meegaat. Als je dan kijkt naar de leeftijdsopbouw van ons huidige bomenbestand, dan zien we dat 34% al ouder is dan deze 40 jaar. En dat dat de komende jaren nog flink zal toenemen door de enorme hoeveelheden bomen die in de jaren ’80 en ’90 van de vorige eeuw zijn geplant. Op dit moment vervangen we op basis van het beheerplan groen jaarlijks 149 bomen. In het volgende beheerplan zal bekeken moeten worden of dit nog voldoende is om de benodigde vervangingen bij te kunnen houden. Door te zorgen voor een goede verdeling in de leeftijdsopbouw van ons bomenbestand en goed te
Figuur 2 Hoeveelheid bomen per buurt
Figuur 2 Boomkroonvolume Voorschoten 2024 (bron: CobraGroeninzicht) 9
Boomkroonbedekking en volume
Spreiding over het dorp
Bomen spelen een belangrijke rol in het creëren van een gezonde leefomgeving. Wereldwijd is op basis van wetenschappelijk onderzoek4 vastgesteld dat vanaf 30% boomkroonbedekking het positieve effect op de gezondheid flink toeneemt. Dit percentage is doorgerekend naar het boomkroonvolume. Het volume geeft namelijk een beter beeld van de grootte van de boom. Bovendien bepaalt dit ook de mate waarin de boom ecosysteemdiensten levert. Hoe groter de kroon, hoe meer de boom ons levert. 30% boomkroonbedekking komt overeen met een boomkroonvolume van tenminste 2,2 m3 per m2. Dit wordt nu gezien als de officieuze landelijke bomennorm.
We kijken in dit hoofdstuk tot slot naar de spreiding van al deze bomen over het dorp. Welke buurt heeft de meeste bomen en welke de minste. En omdat de buurten flink variëren in grootte hebben we ook per buurt berekend hoeveel bomen er per hectare staan.
Voor alle gemeenten in Nederland is dit in beeld gebracht. Zie figuur 2 voor het boomkroonvolume van Voorschoten in 2024. Wij zitten op 1,3 tot 2,2 m3 per m2. Daarmee scoren we matig. We hebben een beperkte opgave om het boomkroonvolume te vergroten naar de gewenste minimale 2,2 m3 per m2. Eén boom van de 1e grootte zorgt voor meer boomkroonvolume dan 50 bomen van de 3e grootte. Door bij de aanplant van bomen te rekenen met het potentiële boomkroonvolume kunnen we er voor zorgen dat we naar de bomennorm toegroeien.
Figuur 3 Hoeveelheid bomen per buurt
https://kennisbank.norminstituutbomen.nl/storage/nib-artikelen//cecilkonijnendijk-30-kroonbedekking-wat-zegt-de-wetenschap-in-template-april2024-1716289114-tdOc2.pdf 4