Concept Notulen Raadsvergadering 6 november 2025
Tekst van het document
(Concept) Notulen raadsvergadering
NOTULEN van de vergadering van de raad van de gemeente Voorschoten, gehouden op 6 november 2025 vanaf 17.00 uur. Voorzitter: mevrouw N. Stemerdink, burgemeester. Griffier: de heer E. Krijgsman. Aanwezige leden: de heer mr. drs. C. Bremmer, mevrouw R.E. de Bruin-Van Alphen, de heren A. Deuzeman, W.J. van Duivendijk, G. van den Ende, J.D.A. Haubrich en B. van Horck, mevrouw C.L. Ilić, mevrouw P.T.M. Kortekaas-Warmerdam, mevrouw J.G. van der Krogt, de heren P. 't Lam, B. Lavrijsen en E.M.L.H. Maassen, mevrouw E. Mieremet, de heer M.P.A. van Oostrum, mevrouw M.H.R. Persoon, de heren A.L.R. Posthuma en B.W. Reinke, mevrouw J.C. Schroot, mevrouw P. Wijnen en mevrouw M.J.T. Zoun. Aanwezige wethouders: de heer P. de Bruijn, de heer C.J. van der Elst en de heer H.G. Schokker.
1.
Opening, mededelingen en vaststelling agenda
De voorzitter: Een hele goede middag. Ik open de raadsvergadering van 6 november 2025. Het is weer een mooie vergadering: over de begroting. Er zijn geen afmeldingen ontvangen. Wel zullen mevrouw Zoun en mevrouw Ilić ons iets later vergezellen in deze vergadering. Ik kom bij de vaststelling van de agenda. Ik stel voor om agendapunt 2, de begroting, en agendapunt 3, de nota van wijzigingen, in één keer te behandelen. Ik constateer dat de raad daarmee instemt. Uiteraard doen we na afronding van de beraadslaging de stemmingen per raadsvoorstel. Daarna komt agendapunt 4, de langetermijnagenda, en tot slot agendapunt 5, de voorbereiding van de AB-vergadering van Holland Rijnland. De agenda wordt aldus gewijzigd vastgesteld. De voorzitter: We gaan uit van een vergaderduur van vier uur. De spreektijden zijn daarmee als volgt: alle fracties hebben 24 minuten en het college 44 minuten. Ik verzoek eenieder, ook het college, om zich aan deze spreektijden te houden. Ik ga daar mijn uiterste best voor doen. Als u dat ook allemaal doet, komt het vanavond allemaal goed. We schorsen rond 19.00 uur. Dan kijk ik waar we zijn in de agenda, maar rond 19.00 uur gaan we lekker met elkaar eten. 2. 3.
Programmabegroting 2026 (raadsregistratienummer Z/25/102686/466845); Nota van wijzigingen 2026 (raadsregistratienummer Z/25/104899/467332)
De voorzitter: De begroting ligt nu voor ter vaststelling. De begroting laat zien wat de gemeente komend jaar van plan is, wat dat gaat kosten et cetera. Uw raad heeft dit op 30 oktober jongstleden reeds besproken in de commissie B&B. Naast de begroting liggen ook de voorliggende belastingverordeningen voor. De sprekersvolgorde bij de begrotingsbehandeling is als volgt: eerst de grootste oppositiefractie, dan de grootste coalitiefractie, dan de op één na grootste oppositiefractie et cetera. Het woord is allereerst dus aan de heer Deuzeman. De heer Deuzeman (GroenLinks): Voorzitter. Dit is in deze collegeperiode de laatste keer dat ik hier het bal mag openen in zo'n bijzondere raadsvergadering, ergens op de middag, waarbij de publieke tribune desondanks vol zit. We hebben er aan het begin van de vorige collegeperiode voor gekozen om de Algemene Beschouwingen niet meer hier bij de begroting te doen, maar eerder, bij de Kadernota, voor de zomer. Dat vond en vind ik een goed idee, want dat is het punt waarop je nog fundamentele keuzes kunt maken en waarop je het daarover kunt hebben zonder dat bij een
Raadsvergadering 6 november 2025
1
wethouder Financiën direct het koude zweet uitbreekt in verband met een deadline van de provincie. Dit betekent ook dat wat we hier nog concreet willen voorstellen, technisch moet kloppen. Daarom wil ik allereerst mijn waardering uitspreken voor de griffie, maar ook voor de ambtenaren van de afdeling Financiën met wie we de afgelopen dagen contact hebben gehad en die onze fractie daarbij hebben ondersteund. Meer in het algemeen wil ik namens mijn fractie net als in de commissie onze waardering uitspreken richting de ambtenaren voor het geleverde werk. Zo'n begroting is een hele bevalling en het is gelukt, waarvoor dank. Ik moet eerlijk zeggen dat ik het sinds die verplaatsing van de Algemene Beschouwingen altijd een beetje lastig heb gevonden om aan te geven wat nou precies de insteek is van een eerste betoog over een begroting. Als de vergezichten bij de Kadernota aan de orde zijn geweest, moeten zij hun weerslag linksom of rechtsom natuurlijk al gehad hebben in deze begroting. Dan kun je natuurlijk ingaan op de concrete situatie en de vooruitzichten voor het komende jaar. Ik ga er eigenlijk van uit dat de collegae van de coalitiepartijen dat gaan doen met een opsomming van allerlei positieve elementen uit deze begroting. Laat duidelijk zijn: dat gun ik ze van harte; dat is precies wat ik zelf zou hebben gedaan, zeker met verkiezingen voor de boeg.
Maar dan ligt het voor de hand dat je als oppositiepartij begint met het tegenovergestelde, met een litanie van alle misstanden in deze begroting. Maar ik merkte dat ik daar voor mezelf niet echt de energie voor kon opwekken, niet alleen omdat zoiets al heel snel heel langdradig wordt - daar ben ik over het algemeen niet zo bang voor bij mijzelf, want ik ben graag langdradig - maar ook omdat er echt wel goede dingen in de begroting staan. Ik zal dat direct hardmaken. Ik vind het bijvoorbeeld fijn om te zien dat onze vuurwerkmotie echt is opgepakt, maar ook dat er eindelijk meters worden gemaakt met het riool, dat het sportaccommodatiebeleid structuur gekregen heeft, dat er concrete investeringen zijn gepland naar aanleiding van een centrumvisie en natuurlijk dat het zwembad concreet zicht heeft op een toekomst. Dat laatste is nu zelfs onderdeel van een wellicht enigszins prematuur amendement van de pen van het CDA. Ook onze handtekening staat daaronder; daar zijn wij verder dus positief over. Er is natuurlijk ook de financiële situatie. We moeten concluderen dat de bomen zeker niet tot in de hemel groeien, maar dat er op dit moment voor Voorschoten ook geen code rood is. Dit is wat ons betreft dus geen moment om te zeggen: het is niks en het wordt niks. Dit is eerder een moment om de mouwen op te stropen, want er is wel degelijk werk aan de winkel.
We gebruikten bij de vorige verkiezingen de slogan "Doen wat werkt". Ik moet eerlijk zeggen dat we daarover soms wel wat vragen kregen, want wat zou je anders moeten doen? Mijn flauwe antwoord was dan altijd: ik weet niet of jullie gezien hebben hoe Voorschoten en sommige andere gemeenten in het verleden bestuurd zijn, maar het kan wél. Eigenlijk ging het vooral hierom: accepteer soms dat het in een dorp zoals het onze schipperen is en sta dan niet als een konijn in de koplampen te staren maar ga gewoon iets doen. Daarbij moet je natuurlijk niet je principes loslaten, maar wel plannen op hun merites beoordelen. Dan moet je soms ook het lef hebben om te zeggen: laten we in ieder geval deze stap vooruitzetten, ook al is dit misschien niet precies het plan dat ik voorgesteld zou hebben. Dat hebben we geprobeerd; ik denk dat we dat ook in de praktijk hebben gebracht. We hebben de afgelopen jaren veel ingewikkelde besluiten gesteund, ook als we kanttekeningen hadden. Volgens mij kunnen we zeggen dat de oppositiepartijen zich in de breedte zich de afgelopen tijd loyaal en constructief hebben getoond; daar ben ik ook trots op. Dat hebben we gedaan omdat we belang hechten aan het verder helpen van onze gemeente en omdat we oprecht geloven dat het geen doelstelling van de oppositie moet zijn om een gemeente onbestuurbaar te maken, maar om ervoor te zorgen dat je samen ergens komt.
Ik zal daarbij verder geen oude koeien uit de sloot halen, maar laat ik het zo zeggen: ik hoop dat een volgende raad zich hieraan zal spiegelen. Wat dat betreft is deze begrotingsraad misschien een moment om terug te kijken, want we kunnen ons niet aan de indruk onttrekken dat het college de afgelopen jaren ook een aantal kansen heeft laten liggen, om te beginnen natuurlijk met de eerste begrotingsraad, waarin onder andere GroenLinks zich onthouden heeft van stemming over de begroting; ik weet dat onze voorzitter daar ontzettend goede herinneringen aan heeft overgehouden. Ik kan haar geruststellen: we zijn dat, in ieder geval voorlopig, niet van plan, ook al is de avond jong. Het ging toen om een aanpassing op het allerlaatste moment, waarmee de stekker uit de plannen voor een MFA werd getrokken, omdat de beheerconstructie te kostbaar werd gevonden. Er moest eigenlijk een treintje gaan rijden dat ons ongekend goedkoop en snel naar een nieuw cultureel centrum, een nieuwe Fortgensschool en woningbouw zou brengen. Het stemt mij eerlijk gezegd een klein beetje treurig dat deze laatste begroting, die grotendeels voor het volgende college is, deels weer moet gaan over het geld voor een nieuw cultureel centrum en de Fortgens en dat we voor de nieuwe bibliotheek nog niet op het
Raadsvergadering 1 oktober 2025
2
punt staan dat we in deze begroting een concreet saldo hebben staan of een concreet budget hebben gereserveerd. En ja, die budgetten zullen per saldo allemaal een klap hoger zijn dan ze waren, al was het maar vanwege de oplopende bouwkosten. Ook enigszins pijnlijk - daarover zal mijn collega van de Partij van de Arbeid straks mede namens ons een amendement indienen - is dat er nu, een jaar nadat we over de Kruispuntkerk besloten hebben, nog steeds geen duidelijkheid is over diezelfde kosten van de beheerconstructie, waarover het vorige plan gesneuveld is. Maar we zijn op een gegeven moment waar we zijn. Op dergelijke dossiers voelt het toch een beetje alsof we jaren verloren hebben. Dit is overigens geen verwijt jegens de instelling van het college of de coalitiepartijen. Het is vaker gezegd en ik wil het nu herhalen: het college en de coalitiefracties zijn veelal open en constructief geweest. Dat waarderen wij, in ieder geval wij als fractie, oprecht. Maar soms was er het idee - dat was ongetwijfeld goed bedoeld - dat het allemaal slimmer, sneller en goedkoper opgelost kon worden en dat viel dan toch vaak tegen. Natuurlijk gebeuren er soms ongelukken, maar ons bekroop soms het gevoel: had ons als raad nou eerder gebeld, had misschien net iets beter geluisterd en had ons eerder onze politieke verantwoordelijkheid laten nemen.
Wellicht hadden we dan een aantal dossiers, zoals het Ambachts- en Baljuwhuis, de woningbouw bij de Jan Evertsenlaan of de woonwagens, met minder wrijving op kunnen lossen en wellicht hadden we dan effectiever kunnen handelen, bijvoorbeeld op het punt van tijdelijke woningbouw, waar we het heel lang over gehad hebben, de energietoeslagen of de scholenbouw. Ondanks de vooruitgang, die wij, nogmaals, ook echt zien, ligt er immers een stevige opgave voor het volgende college. Wij gaan deze verkiezingen in met onze zusterpartij, de Partij van de Arbeid. Ik kan nu alvast zeggen dat dat met een andere slogan gaat gebeuren, maar wel met de intentie om met diezelfde insteek ook de komende periode in te gaan. Dat brengt mij terug bij deze begroting, waar ook het nieuwe college dus deels mee aan de slag zal moeten. Onze fractie zag daarbij, zoals we ook in de commissie hebben gezegd, een belangrijk pijnpunt in het beheer van het groen. Daar heeft onze gemeente de afgelopen jaren echt fors in geïnvesteerd, omdat openbaar groen de cruciale schakel is tussen de kwaliteit van het dorpse wonen, de gezondheid, de klimaatadaptatie, natuur en biodiversiteit. Daarvan zien we ook de vruchten: als je door het dorp loopt, zie je dat het op punten gewoon echt mooier is geworden. Dan vinden we het pijnlijk dat juist die doelstellingen onder druk staan vanwege een taakstelling.
Er is de komende jaren wat ons betreft ook best wel een beetje sprake van kapitaalvernietiging als delen van het openbaar groen weer terug moeten naar onderhoudsarm groen. Dat is precies het verschil tussen een letterlijk en figuurlijk levend dorp en een stadsomgeving met obligate bodembedekkers op een stukje. Eerlijk gezegd zijn taakstellingen ook gewoon bezuinigingen waar niemand de verantwoordelijkheid voor wil nemen. Ons Beheerplan Groen loopt tot en met komend jaar. Als er dan gesneden moet worden - áls - vinden wij dat de politiek ook het lef moet hebben om te zeggen hoe dat moet gebeuren en niet moet zeggen: kijk maar even hoe je het doet; we gaan verder niets afdoen aan onze ambities. Wij dienen hierbij daarom amendement 370 in, mede namens de Partij van de Arbeid, D66 en de SP, om deze taakstelling terug te draaien. Daarvoor moeten we structureel dekking zoeken. Die willen wij vinden in de extra middelen die zijn gevraagd voor een flexibele schil, niet alleen omdat wij ons als gemeente als doel gesteld hebben om de externe inhuur te verminderen, maar ook omdat we in het verleden steeds gehoord hebben dat extra geld voor ambtelijke capaciteit toch niet uitgegeven kon worden. Wellicht verandert dit. Het staat dit college of een volgend college ook vrij om de raad te vragen om een extra budget, als dat nodig is. Die ruimte is er gewoon, zoals we in de begroting zien.
Wij vinden het zonde om nu, zonder beleidswijziging, te snijden in precies dat soort succesvol en zichtbaar uitvoerend werk dat we eigenlijk graag zouden zien voor alle activiteiten van de gemeente. Ik wil de andere fracties uitnodigen om zich hierbij aan te sluiten. Ik zal in de tweede termijn ingaan op de andere amendementen en de moties die nog niet genoemd zijn. Het amendement luidt: "Amendement 370. De raad van de gemeente Voorschoten, in zijn vergadering bijeen d.d. 6 november 2025, gezien het raadsvoorstel nr. Z/25/102686/466845, d.d. 7 oktober 2025, constaterende dat: a.
beleid gericht op verhoging van de basiskwaliteit en biodiversiteit en het versterken van de klimaatadaptiviteit de afgelopen jaren al concreet heeft geleid tot aantrekkelijker en hoogwaardiger groen in onze gemeente;
Raadsvergadering 1 oktober 2025
3
b. c.
in de Programmabegroting 2026-2029 ook voor de komende periode ruim een half miljoen euro beschikbaar wordt gesteld voor klimaatadaptieve maatregelen; de Programmabegroting 2026-2029 op pagina 74 meldt dat de taakstelling op groenbeheer 'zal resulteren in geringere kansen voor biodiversiteit' en 'zal [...] leiden tot minder klimaatadaptieve groenvoorzieningen';
overwegende dat: d. e. f.
de investeringen in hoogwaardig groen de afgelopen jaren al een belangrijke bijdrage hebben geleverd aan het aantrekkelijke dorpse karakter van onze gemeente en het structureel snijden in het onderhoud een vorm van kapitaalvernietiging is; het groenbeheer een van de terreinen is waar de gemeente abstract beleid heeft omgezet in praktische resultaten, terwijl juist die stap vaak moeilijk blijkt; de gemeente ernaar streeft de externe inhuur structureel te beperken, en het daarom logisch is deze middelen niet te laten groeien ten koste van waardevolle uitvoerende capaciteit;
Besluit beslispunt 1 van het raadsvoorstel als volgt te wijzigen: De Programmabegroting 2026-2029 vast te stellen, met de volgende wijziging: De lasten van programma 5 in de begrotingsjaren 2026, 2027, 2028 en verder te verhogen met respectievelijk € 124.000, € 186.000 en € 248.000, met gelijke verlaging van de lasten van programma 0 in dezelfde jaren, om zo de bezuiniging op de structuur van de plantvakken uit de Programmabegroting 2025 terug te draaien, gedekt door verlaging van het budget voor de flexibele schil, afkomstig uit de Kadernota 2026." Mevrouw Kortekaas (CDA): Regeert de heer Deuzeman met zijn voorstel niet over zijn graf heen? Hij geeft immers aan dat hij voor drie jaar geld wil reserveren, maar hij praat over een herziening van het beleid volgend jaar. Kunt u dus uitleggen waarom u die drie jaar nodig heeft? De heer Deuzeman (GroenLinks): Ik haal hier een structurele bezuiniging weg, die wordt geschrapt voor één jaar. Dit is sowieso een ingroeibezuiniging. Wat er nu gebeurt, zal de komende jaren dus effect hebben. Als we niet over ons graf heen willen reageren, moeten we een volgend college nu niet voor het blok zetten en niet mogelijk tot extra uitgaven dwingen om de zaak weer te corrigeren. Tegelijkertijd: we regeren natuurlijk altijd over ons graf heen. Deze begroting is niks anders dan een poging om over het graf heen te reageren.
Het gaat ook niet om het graf van ons persoonlijk, want deze gemeenteraad gaat als orgaan door. Net zoals besluiten blijven gelden na vier jaar, geldt dat ook voor een begroting. Ik zie daar wat dat betreft weinig problemen in. Ik was eigenlijk aangekomen bij "ik heb gezegd". Dat doe ik dus bij dezen. De voorzitter: Die houden we erin. Meneer Haubrich, uw eerste speech bij de begroting als fractievoorzitter en ook als raadslid; soms vallen dingen samen. De heer Haubrich (VVD): Voorzitter. Deze programmabegroting is wat ons betreft een zeer uitgebreid en goed leesbaar document. Daarvoor sluiten wij ons geheel aan bij de vorige spreker; dus ook complimenten voor de wethouder en de betrokken ambtenaren. De heer Deuzeman sprak net de verwachting uit dat de coalitiepartijen vast allerlei positieve punten zouden noemen. Ik zal een poging wagen om hem niet teleur te stellen. Meerjarig ziet het beeld er financieel inderdaad weer positief uit. Dat is in het verleden natuurlijk weleens anders geweest in deze gemeente. Dat is een gegeven waar we met z'n allen best trots op kunnen zijn.
De Septembercirculaire gooit een klein beetje roet in het eten, want in de nota van wijzigingen zien we het beeld iets minder positief worden, in ieder geval voor volgend jaar, waarbij we een heel klein minnetje noteren, maar dat zijn natuurlijk allemaal landelijke ontwikkelingen, ook binnen het Gemeentefonds. Dat zijn natuurlijk zaken waar we maar een zeer beperkte mate van invloed op hebben. Maar we kunnen wel invloed uitoefenen op een punt dat ik specifiek wil benoemen. Zoals jullie weten bevindt Voorschoten zich al jaren in de top qua lokale woonlasten voor inwoners. Wij vinden het dan ook een goede zaak om te constateren dat amendement 349 hierop enig effect heeft gehad, want we gaven het college daarmee als raad de opdracht om de ozb-lasten te handhaven op het prijspeil van 2025. Daarmee moet dus rekening gehouden worden voor de ozb van 2026. Dit betekent
Raadsvergadering 1 oktober 2025
4
kortweg: niet indexeren op dat punt. Dat is natuurlijk iets wat andere gemeenten wél doen. Tijdens de informatiesessie van 13 oktober hebben we gezien dat Voorschoten weliswaar nog steeds zeer duur is ten opzichte van omliggende gemeenten, maar we gaan de komende jaren omlaag van 154% woonlasten ten opzichte van het landelijke gemiddelde naar 147%. Dat is nog steeds duur en hoog, maar we zien dus wel dat dit effect sorteert. Je kan dat natuurlijk ook niet radicaal, in een paar jaar tijd, zomaar ombuigen. Toch is het goed om te zien dat we hier een concrete stap hebben gezet in de juiste richting om lokale woonlasten voor de inwoners enigszins te beteugelen. Ook op het gebied van woningbouw worden stappen gezet. We hebben begin deze maand de eerste bewoners zien intrekken in de appartementen van Beresteyn. Op het terrein van de oude VOS-school in de Vlietwijk, die jarenlang heeft stilgestaan, vordert de bouw erg snel. We zien op Bijdorp dat er volop gebouwd wordt. Op de Raadhuislaan en de Jan Evertsenlaan kan binnenkort voortgang gemaakt worden. Ook op het Segaar/Arsenaalterrein kan binnenkort voortgang gemaakt worden; zoals we allemaal weten, heeft dat best wel wat voeten in de aarde gehad. Er zijn zelfs tekenen van leven te bespeuren op Starrenburg III; geduld wordt beloond, zullen we dan maar denken.
Volgende week zitten we hier weer en debatteren we over een woningbouwproject aan de Jan Wagtendonkstraat. Er zit dus ook nog het een en ander in de pijplijn. Ik denk dat het goed is om dat te constateren. Zoals gezegd zijn we in de basis dus positief, maar we willen als VVD-fractie toch twee punten toevoegen die wij waardevol vinden. Dat betreft ten eerste het thema handhaving c.q. veiligheid. In de commissiebehandeling van 30 oktober is dit aspect ook aan de orde geweest. We hebben gezien dat een aantal indicatoren op het gebied van veiligheid positief zijn. Het aantal winkeldiefstallen en woninginbraken daalt. Dat is goed, maar vernielingen en beschadigingen in de openbare ruimte zitten in de lift. In dat kader zal onze fractie zeker aandacht blijven vragen voor het bevorderen van de veiligheid, bijvoorbeeld op onze twee stations, want dat zijn de belangrijkste plekken waar het op dat gebied mis lijkt te gaan. Maar in het kader van deze begroting is het volgende aspect wat ons betreft nog belangrijker. Wij - en volgens mij ook andere fracties - hebben meerdere gesprekken gehad met de ondernemers, onder andere uit de Dobbewijk. In die gesprekken gaven zij ons onder andere aan dat er niet of nauwelijks gehandhaafd wordt op de bestemmingsplannen op de bedrijventerreinen.
Er wordt gewoond waar niet gewoond zou moeten worden, er is detailhandel waar dat helemaal niet is toegestaan en er zijn allerlei andere zaken die ongewenst zijn. Deze ondernemers geven aan dat zij daar wel degelijk melding van maken bij de gemeente, maar dat hun beeld is dat daar niet of nauwelijks iets mee gedaan wordt. Navraag van onze fractie bij het college leverde eigenlijk op dat dit niet zomaar een gevoel van die ondernemers is, maar dat dit triest genoeg een beetje de realiteit is waarin wij ons bevinden. Van deze vorm van handhaving kun je immers niet zomaar zeggen: laat de BOA's dat er maar bij doen. Dit is echt een aparte tak van sport. Het gaat hier om het opbouwen van dossiers en het kunnen voeren van rechtszaken op dat gebied. Dit lijkt ons echt een ongewenste situatie, niet alleen voor de ondernemers in kwestie, die recht hebben op een gelijk speelveld, maar natuurlijk ook in algemene zin qua handhaving. Als je niet de tijd hebt om te handhaven of als je, zoals in dit geval, de expertise überhaupt niet in huis hebt om de door jezelf opgestelde regels te handhaven, in hoeverre neem je je eigen regels dan serieus? De heer Maassen (SP): Is het zo dat de gemeente Voorschoten de handhaving van het bestemmingsplan heeft uitbesteed aan de ODWH? De heer Haubrich (VVD): Deze tak van sport is echt heel specifiek. We hebben het daar met het college over gehad.
Je kan bepaalde zaken natuurlijk in regionaal verband doen, maar we hebben zelf als Voorschoten op dit moment, in tegenstelling tot veel andere gemeenten, die expertise niet in huis. Dat is waarom wij hier vanavond een punt van proberen te maken. De heer Maassen (SP): Dat erken ik. Ik herken en snap het punt. Ik weet dat dit op meer plekken gebeurt, maar voor zover ik weet, hebben we dit regionaal ondergebracht bij de ODWH. Het klopt dus dat we het daarom niet in huis hebben, omdat we daar een regionale partij voor hebben. Misschien is dit via deze interruptie ook een vraag aan het college hoe dit precies zit, want ik weet het eigenlijk ook niet precies. Dit zou echter wel een antwoord kunnen zijn op dit amendement. De voorzitter: Zullen we deze vraag doorgeleiden naar het college?
Raadsvergadering 1 oktober 2025
5
De heer Haubrich (VVD): Laten we inderdaad afwachten hoe het college daarop reageert. Mocht het inderdaad een taak van de ODWH zijn, dan kun je je afvragen waarom andere gemeenten daar wel zelf capaciteit voor hebben, maar dat horen we dan inderdaad straks van de wethouder. Bovendien verhoogt deze situatie natuurlijk het risico op ongewenste toestanden binnen ons dorp, op zaken die hier niet thuishoren. In het verlengde van de Ontwikkelvisie Bedrijventerreinen hebben we ook vastgesteld dat het aantal vierkante meters daarvoor schaars is. Deze raad heeft ook aangegeven terughoudend te willen zijn met uitbreiding van die aantallen vierkante meters, bijvoorbeeld ten koste van groen, zoals in het geval van de Dobbewijk. Dat is een reden te meer om de schaarse vierkante meters bedrijventerreinen die we wél hebben, maximaal en effectief te benutten. Dat kan alleen als je die handhaving serieus neemt. Om deze ongewenste situatie aan te pakken dienen wij amendement 371 in. Samenvattend is de bedoeling om eenmalig € 50.000 vrij te maken om een plan van aanpak te maken om deze handhavingscapaciteit wél mogelijk te maken binnen onze gemeente.
Het amendement roept ook op om de resultaten, inclusief de financiële consequenties en de mogelijkheden tot samenwerking in de regio, al in Q2 van volgend jaar aan de raad voor te leggen, zodat wij daarover een politieke en financiële afweging kunnen maken, want dit gaat natuurlijk meerjarig geld kosten. Handhaving doe je niet incidenteel, maar moet structureel van aard zijn. Dit amendement is medeondertekend door Voorschoten Lokaal, het CDA en GroenLinks. Uiteraard hopen wij op raadsbrede steun voor dit amendement, zodat we hier een duidelijk signaal over kunnen afgeven aan onze lokale ondernemers. Het amendement luidt: "Amendement 371. De raad van de gemeente Voorschoten, in zijn vergadering bijeen d.d. 6 november 2025, gezien het raadsvoorstel Z/25/102686/466845 d.d. 6 november 2025, overwegende dat: a. b. c. d. e. f.
er meerdere signalen vanaf bedrijventerreinen komen dat er bedrijfsactiviteiten plaatsvinden die niet passen binnen de bestaande bestemmings- of omgevingsplannen; er zelfs signalen zijn dat bedrijfsruimte gebruikt wordt voor illegale bewoning; er op dit moment geen capaciteit beschikbaar is om op een eerlijke manier te handhaven op bestemmingsplan versus actuele invulling van bedrijfsfunctie; dit tot een oneerlijke behandeling leidt en geen gelijk speelveld voor ondernemers biedt; in het verlengde van de Ontwikkelvisie Bedrijventerreinen, m2's t.b.v. bedrijvigheid al schaars zijn en de raad heeft besloten terughoudend te zijn met uitbreiden; illegale invulling van m2 bedrijfsruimte ten koste gaat van ruimte voor bedrijven die volgens de ontwikkelvisie en bestemmingsplan wenselijk zijn;
van mening dat: g. h. i.
handhaving op bestemmingsplan op bedrijventerreinen essentieel is en meer aandacht nodig heeft vanuit de gemeente Voorschoten, ook om de Ontwikkelvisie Bedrijventerreinen succesvol te laten zijn; het van groot belang is om de economie van Voorschoten te stimuleren en zo veel mogelijk m2's beschikbaar te stellen aan bedrijvigheid die wenselijk is op basis van de ontwikkelvisie Bedrijventerreinen en de omgevingsplannen; de gemeenteraad inzichtelijk wil krijgen wat er nodig is om deze handhaving effectief en efficiënt uit te kunnen voeren;
Besluit beslispunt 1 van het raadsvoorstel als volgt wijzigen: De Programmabegroting 2026-2029 vast te stellen, met de volgende wijzigingen: 1. 2.
de lasten van programma 1 in het jaar 2026 te verhogen met € 50.000, te dekken middels een onttrekking uit de concernreserve van € 50.000, ten behoeve van een verkenning naar de mogelijkheden voor handhaving op bedrijventerreinen; de resultaten, inclusief de financiële consequenties en mogelijkheden tot samenwerking in de regio, door het college aan de raad terug te koppelen in het tweede kwartaal van 2026."
Raadsvergadering 1 oktober 2025
6
Het tweede thema dat wij onderbelicht vinden, is de economie. We hebben eerder een subsidiemogelijkheid van € 30.000 per jaar ingebed in de subsidieregeling van Voorschoten, met de mooie titel "De subsidieregeling ter stimulering van de lokale economie van Voorschoten'. Die is kortweg bedoeld om ondernemers, verenigingen en stichtingen te helpen om activiteiten en initiatieven te ontplooien om de totale economie een steun in de rug te geven. Deze regeling is vorig jaar echter geschrapt met ingang van volgend jaar, met als argument bezuinigingen. Deze begroting laat volgens mij echter zien dat er weer ruimte is, want we zien dat er bijvoorbeeld voor andere thema's wel degelijk subsidiemogelijkheden bestaan. Het is wat ons betreft onnodig en onverstandig om deze subsidiemogelijkheid voor de lokale economie te schrappen. Het is een waardevol doel. Ons centrum kan alle hulp goed gebruiken en dit kan bovendien een positief effect hebben op de gemeentefinanciën. Om dit te repareren dienen wij dan ook amendement 373 in, dat er kort gezegd op neerkomt dat we die € 30.000 voor de lokale economie behouden. Dit amendement is medeondertekend door Voorschoten Lokaal en het CDA. Het amendement luidt: "Amendement 373. De raad van de gemeente Voorschoten, in zijn vergadering bijeen d.d. 6 november 2025, gezien het raadsvoorstel Z/25/102686/466845 d.d. 6 november 2025, overwegende dat: a. b.
c. d. e. f.
de raad op 25 mei 2023 heeft ingestemd met het kader subsidiebeleid 2024-2027; hiertoe in 2024 en 2025 een regeling is vormgegeven: de regeling Promotie en kernwaarden van Voorschoten 2024 en 2025; in de begroting 2025 vanwege de bezuinigingsronde de structurele regeling is afgekapt en geen middelen meer voor 2026 en verder zijn opgenomen; er inmiddels een langjarig positiever beeld is van de beschikbare financiële middelen; er in verhouding tot andere thema's voor economie weinig geld beschikbaar wordt gesteld; nog steeds de wens bestaat om subsidiemogelijkheid te bieden ter stimulering van de lokale economie aan lokale ondernemers, ondernemers collectieven, verenigingen en stichtingen;
Besluit beslispunt 1 van het raadsvoorstel als volgt wijzigen: De Programmabegroting 2026-2029 vast te stellen, met de volgende wijziging: De lasten op programma 3 vanaf 2026 met € 30.000 te verhogen ten behoeve van een subsidie aan lokale ondernemers, ondernemerscollectieven, verenigingen en stichtingen ter stimulering van de lokale economie." De heer Deuzeman (GroenLinks): Wij vragen ons allereerst af of in het verleden gebruik is gemaakt van deze regeling. Ten tweede: zoals ik het amendement lees, gaat het om een eenmalige toevoeging, nog zonder dekking - dat kan voor een incidenteel geval wel - maar is een toevoeging voor één jaar voldoende om structureel subsidie te geven? Dat geeft aanvragers immers erg weinig zekerheid. De heer Haubrich (VVD): De eerste vraag is of hier in het verleden überhaupt gebruik van is gemaakt. Jazeker. Ik noem het Museum van Voorschoten, dat met deze gelden een toeristische route heeft kunnen ontwikkelen. Ik noem de ondernemersvereniging, met het organiseren van evenementen met bandjes en dat soort zaken. Dus ja, daar wordt gebruik van gemaakt. Wij pleiten niet voor een potje waar geen interesse voor is. Wat het meerjarige karakter betreft ben ik het geheel met de heer Deuzeman eens. Het is dus niet incidenteel bedoeld. Het is echt structureel bedoeld.
Dat is ook de reden waarom dit niet uit de concernreserve gedekt kan worden en waarom daar een andere dekking voor gevonden is. De heer Deuzeman (GroenLinks): In de laatste versie die ik heb gezien, zag ik geen dekking staan, maar het kan zijn dat ik achterloop. Ik zal de tekst nog eens nalezen en in de tweede termijn eventueel terugkomen. De voorzitter: Ik sluit niet uit dat u daar gelijk in heeft.
Raadsvergadering 1 oktober 2025
7
De heer Haubrich (VVD): De naam van de VVD staat ook onder een amendement aangaande de reservering van gelden voor het zwembad. De toelichting daarvan laat ik vanzelfsprekend over aan de collega van het CDA als initiatiefnemer daarvan. Op de overige amendementen en moties kom ik in de tweede termijn terug, nadat we de appreciatie van het college gehoord hebben. Mevrouw Mieremet (D66): Voorzitter. Nog nagenietend van vorige week sta ik voor uw raad. Dit is de laatste begroting van deze periode. Terugkijkend zien wij dat de samenwerking binnen de oppositie, maar ook tussen de oppositie en de coalitie heel vaak heel goed is geweest. Dank daarvoor namens D66. We hebben volgens mij goed met elkaar samengewerkt om plannen van de coalitie die goed waren te ondersteunen en we hebben geprobeerd om plannen die beter moesten, beter te maken. In aanvulling op de vorige sprekers: ook na deze periode is er nog heel veel te doen. De realisatiekracht, waar we het eerder over hadden, moet nog beter. Terugkijken is van belang om te leren, maar een begroting is ook vooruitzien en kijken naar de toekomst. Ik wil de toekomst graag bezien. Afgelopen week was ik in gesprek met Tessa, die woont in Amsterdam-Oost en zich heeft aangemeld bij de organisatie Stem op een vrouw, die zich in Nederland inzet voor de positie van vrouwen in de politiek. Daarmee zit het hier goed.
De organisatie heeft een mentornetwerk. Ik ben een van die mentoren. Tessa wil graag politiek actief zijn. Ik kan dan vertellen hoe ik dat doe. Daar kan zij van leren, of niet, en zij kan mij inspireren. Toen ik haar vroeg waarom zij dat wil doen, zei ze dat ze graag het systeem wil verbeteren. Ze probeert dat nu klein in het werk te doen, maar ze wil graag de politiek in om de grotere dingen aan te pakken. Toen stond ik weer even met beide benen op de grond, want wat doe ik eigenlijk als raadslid of wat doen wij? Hoe vaak gaat het eigenlijk over de toekomst, over het aanpassen van systemen en over wat we willen bereiken? Heel vaak gaat het over de dingen van nu of de dingen van gisteren die niet goed zijn gegaan, maar waar willen we heen? Wij kijken soms niet verder, omdat we dat niet kunnen; er zijn onzekerheden. Dat is helemaal valide, maar het is ook een valkuil, omdat we dan nooit echt ambitieus kunnen zijn of durven dromen. Onze beschouwing op deze begroting is ook een voorbeeld van weinig vooruitkijken: hoe zit het eigenlijk met de toekomst, de toekomst van onze leefomgeving, van leefbaar wonen in Voorschoten en van onze kinderen en kleinkinderen? Ik wil ook een oproep doen. Het is inderdaad over je graf heen regeren, maar als je naar de toekomst wil, is dat expres.
Ik roep ertoe op om bij elk raadsvoorstel niet alleen de financiën en de participatie maar ook de stem van de toekomst mee te nemen. Er zitten nu een aantal vaste paragrafen in raadsvoorstellen. We zouden kunnen kijken of we die kunnen verbeteren. Maar even terug naar waar we nu zijn: we zijn bezig met de begroting. Wanneer je aan de toekomst denkt, denk je ook aan het onderwijs van onze kinderen en kleinkinderen, aan de rol die onderwijs heeft en de plek waar welzijn, onderwijs, opvoeden en opvang samenkomen. Er is meer ruimte nodig om de steeds inclusievere groep leerlingen te ondersteunen. Ja, er zijn minimale eisen en richtlijnen, maar we kunnen als Voorschoten misschien iets ambitieuzer zijn. Hoe fijn zou het zijn als schoolmaatschappelijk werk niet in de lerarenkamer een leerling ziet, maar daar een aparte ruimte voor heeft? We weten dat ruimte een schaars goed is, maar we kunnen met slimme oplossingen misschien meer ruimte geven aan de huisvesting van onze leerlingen en docenten. Wij roepen het college dan ook op om bij de inventarisatie van de wensen en eisen voor de nieuw te bouwen scholen ook deze blik op de toekomst en de blik op de rol van de school in ons Voorschoten te gebruiken. Geen gouden kranen - dat weten we en ik denk dat echt niemand hier dat wil - maar wel slim gebruikmaken van ruimte en prioriteit geven aan dat wat we als gemeente belangrijk vinden.
Wij horen graag hoe het college deze oproep ziet. In de begroting hebben we gezocht op het woord "wijk". In eerdere inbrengen, juist in het sociale domein, hebben wij als D66 de wijkgerichtheid meerdere keren ter sprake gebracht. We lezen in de begroting over het wijkgericht up-to-date brengen van de riolering, over leefbare wijken, over wijkagenten en een wijkaanpak op het gebied van veiligheid, over "afwijking" - maar dat betreft niet de wijken waar ik het over had - en over wijken onderweg naar klimaatadaptie. Nee, "ontwijken" staat er niet. De Dobbewijk staat er wel in. Wat we hier missen, is de integrale aanpak op het punt van wijkgerichtheid. We kijken vanuit een bepaald thema naar wijken, namelijk vanuit woningbouw, vanuit veiligheid of vanuit klimaatadaptatie, maar laten we die verschillende blokken nou samen nemen. Problemen van overlast bij woningen kunnen bijvoorbeeld ook opgelost worden vanuit de blik van de fysieke ruimte, want er moet meer groen of meer ruimte komen. Het probleem van een flatgebouw kan ook opgelost worden door het inpassen van een conciërge die problemen van bewoners oplost, de veiligheid vergroot en aanspreekpunt is voor omwonenden. Dit is een voorbeeld, college. De overlast kan dan verminderd worden. Dit voorbeeld van integraler
Raadsvergadering 1 oktober 2025
8
benaderen, waarbij leefbaarheid zowel sociaal domein, veiligheid en wonen, ruimte en groen betreft, vinden wij van belang. Dat missen wij in deze begroting. We zijn benieuwd hoe het college deze integrale benadering ziet. We zijn blij met een aantal voorgestelde moties en amendementen. Het is fijn om daarmee met elkaar de begroting beter te maken. In mijn volgende termijn zullen we ingaan op de inbreng van een aantal andere partijen. We wachten de reactie van het college af om hier verder invulling aan te geven. Bij het interpreteren van deze begroting hebben we de Kadernota erbij gepakt, net als de vorige begroting en de begroting van nu. We hebben gekeken naar de consistentie. Net als de voorgaande sprekers willen we de ambtelijke organisatie bedanken voor de hulp, reacties en input bij het bekijken van deze begroting. Dit is de laatste begroting van deze raad. Wij hopen op en gaan eigenlijk uit van een constructief overleg. De vragen die wij als raad hebben, zien we graag duidelijk beantwoord. We maken ons zorgen over een aantal dingen in de nabije toekomst en een aantal dingen in de verdere toekomst. Wij maken ons zorgen over de accommodatie voor cultuur, over het groen in ons dorp, waarover de eerste spreker een amendement heeft ingediend, over de accommodatie van onze gemeentelijke organisatie en de bibliotheek en over het doorpakken met nieuwe woningen voor ons dorp.
Er liggen een aantal moties en amendementen die deze zorgen voor een deel wegnemen. Wij dienen heel graag motie 366 in - dat cijfer vind ik grappig; dank voor dit nummer - waarmee we aandacht vragen voor het doorpakken en het creëren van woningen. De motie luidt: "Motie 366. De raad van de gemeente Voorschoten, in vergadering bijeen d.d. 6 november 2026, constaterende dat: a. b. c. d.
het (her)ontwikkelplan Sir Winston Churchillplein is gestagneerd; een deel van de appartementen in de flat aan de Raadhuislaan tussen Sir Winston Churchillweg en Oranjeboomstraat leegstaat; (ver)nieuwbouw van deze flat, naar het zich laat aanzien, op zich laat wachten; er een groot tekort is aan tijdelijke woonruimte, bijvoorbeeld voor mensen na een scheiding of relatiebreuk;
verzoekt het college: 1. 2.
in gesprek te gaan met de eigenaar van de flat aan de Raadhuislaan om dringend te verzoeken de leegstand van deze appartementen tot een minimum te beperken; de uitkomst van dit gesprek terug te koppelen aan de raad,
en gaat over tot de orde van de dag." "Ik heb gezegd" vind ik een mooie afsluiting, maar ik krijg een interruptie. De heer Maassen (SP): Mevrouw Mieremet dient een motie in om te voorkomen dat er leegstand komt in de flat op de Raadhuislaan. Ik heb wat vragen over de techniek van die motie. Ik neem aan dat mevrouw Mieremet het met mij eens is dat dat gebouw leeg komt te staan omdat er gesloopt gaat worden. Dat betekent dus ook dat de mensen die er nu tijdelijk in gaan wonen, geen vaste huurcontracten hebben. Vindt mevrouw Mieremet het een wenselijke situatie dat mensen daar tijdelijk komen te wonen? Mevrouw Mieremet (SP): Sorry, ik begrijp de vraag niet. Ten opzichte van niet-tijdelijk wonen? De heer Maassen (SP): De mensen die daar komen te wonen in een gebouw dat op de nominatie staat voor sloop, krijgen over het algemeen geen vast huurcontract, geen huurcontract voor een vaste of onbepaalde tijd. Zij krijgen een tijdelijk huurcontract op basis van de Leegstandswet. Dat betekent dat ze misschien een plek hebben om te wonen, maar dat ze tegelijkertijd geen zekerheid hebben voor de toekomst. Hoe ziet D66 dat in het kader van dit voorstel?
Raadsvergadering 1 oktober 2025
9
Mevrouw Mieremet (SP): Dank voor de vraag. Natuurlijk is dat niet het meest wenselijke, maar soms moet je roeien met de riemen die je hebt. Het is zonde als er mensen willen wonen en er leegstand is, maar ik begrijp uw punt. Misschien is dit niet de beste oplossing, maar we zien graag actie op dit punt. Vandaar de motie. De voorzitter: U was klaar; u hebt ook gesproken, net als de heer Deuzeman. Mevrouw Mieremet (SP): Ja. De voorzitter: We houden 'm erin. De heer Van Duivendijk (Voorschoten Lokaal): Voorzitter. Voor ons ligt een sluitende begroting met mooie investeringen voor onze inwoners en het dorp. Ik verwijs hierbij naar het bouwrijp maken voor bijna 300 woningen op Huize Bijdorp, de Raadhuislaan en Segaar/Arsenaal. Starrenburg III, met 356 woningen, is aanstaande. Er worden flinke stappen gezet op grote en kleine zaken. We zien investeringen in de ontwikkeling van een nieuw cultureel centrum en scholen en mooie ontwikkelingen in de winkelstraat middels een vernieuwd Treubplein. Er komt een actueel evenementenbeleid, waardoor ons dorp nog sprankelender wordt. De ozb-lasten worden niet geïndexeerd. Ook zal Adegeest worden heringericht tot een prachtige klimaatadaptieve wijk. We pakken de verkeersveiligheid aan voor fietsers en er wordt op veel plekken gewerkt aan het verbeteren van de riolering.
We zetten in op betere ventilatie op scholen en we zullen met de jaarwisseling van 2026/2027 een vuurwerkshow organiseren. Ook kunnen inwoners kabelgoten blijven aanvragen voor een elektrische auto, zodat elektrificeren en struikelen niet meer hand in hand gaan. Wij als Voorschoten Lokaal zijn ook erg blij met de extra aandacht die gegeven wordt aan het verder ontwikkelen van Voorschoten tot een dementievriendelijk dorp. Hiermee ondersteunen wij onze ouderen en de mantelzorgers, zodat alle inwoners zo lang mogelijk volwaardig en plezierig kunnen meedraaien in onze samenleving. Zo kan ik wel even doorgaan met al deze grote en kleine ambities voor 2026 en verder. Het mooie van dit alles is dus ook nog dat dit plaatsvindt binnen een sluitende begroting. Veel waardering daarom voor onze wethouder Van der Elst, die terecht stelt dat het huishoudboekje op orde is. Als we onder de motorkap kijken, ziet het er echter minder ordentelijk uit. We zien namelijk een dalende solvabiliteit, die door de VNG als zorgwekkend wordt bestempeld, en een fors stijgende schuldenlast: van 26% naar 72%. Deze stijgende schuldenlast betekent dat Voorschoten nog meer afhankelijk wordt van geleend geld. Dat is geen goede ontwikkeling. De huidige begroting is sluitend en de huidige kengetallen zijn goed, maar dalende.
We zullen als Voorschoten Lokaal nu en in de toekomst dus zeer kritisch blijven kijken welke projecten waarschijnlijk niet goed zijn voor de financiële huishouding en zelfstandigheid van ons dorp. Denk hierbij aan de bouw van een splinternieuw gemeentehuis en financiële deelname aan een warmtenet. Zoals gezegd is dit een mooie begroting, maar toch hebben we een paar verbeterpunten kunnen voorstellen middels drie amendementen die wisselend met de VVD en het CDA zijn of worden ingediend. De heer Haubrich heeft amendement 371 al toegelicht. Ook wij vinden het belangrijk om handhaving te kunnen hebben als je een bedrijventerreinenstrategie hebt. Amendement 373 over het ondersteunen van de economie van ons dorp steunen wij vanzelfsprekend ook, want we staan daar al onder. Er vinden belangrijke activiteiten plaats; dat geeft wat reuring in de tent. Amendement 374 gaat over het zwembad en de sporthal. De toelichting daarvan laat ik over aan mevrouw Kortekaas als opsteller van het amendement, maar het is mooi dat het er waarschijnlijk naar gaat uitzien dat we vanwege een technische meevaller op het gebied van verwarming veel eerder een zwembad en een sporthal kunnen bouwen. Amendement 370 over het terugdraaien van de bezuiniging op biodiversiteit en vergroening van ons dorp, waar de heer Deuzeman al over sprak en dat hij heeft ingediend, vinden wij interessant.
We wachten echter het advies van het college af ten aanzien van de dekking of misschien zien we iets over het hoofd. Motie 365 over het realiseren van sociale woningbouw is ook heel charmant en zeer belangrijk. Onze wethouder Van der Elst doet echter al zijn uiterste best om sociale woningbouw te realiseren. In dat opzicht is dit verzoek dus niet echt nodig, maar omdat we niet weten hoe het college er na de verkiezingen in maart uitziet en er per 1 april een nieuwe raad komt, hebben we dat jaar eigenlijk nog negen maanden te gaan. Wij steunen dus deze motie om de inzet op sociale woningbouw na de verkiezingen een soort van te borgen en er in ieder geval een lichtje op te laten schijnen. Op amendement 372 wachten we het commentaar van het college af.
Raadsvergadering 1 oktober 2025
10
Het is al eerder gezegd: dit is de laatste begrotingsbehandeling van het huidige college, met als basis het coalitieakkoord Voorschoten in verbinding vooruit. Bij de aanvang van dit college hebben wij aangegeven dat wij als Voorschoten Lokaal scherp zouden toezien op een aantal speerpunten. Die betroffen samengevat: betaalbaar wonen, een bestuurskrachtig Voorschoten, impulsen voor cultuur, sport en verenigingsleven en last but not least een transparante en gezonde financiële huishouding, waarmee het huishoudboekje op orde zou zijn. We kunnen gerust stellen dat dit college flink heeft geleverd op deze speerpunten. Ik heb de voortgang van deze speerpunten in de afgelopen jaren vergeleken met de groei van eieren naar kuikens en naar volwaardige kippen. Om te zorgen dat dit college én toekomstige colleges deze speerpunten, deze kippen, niet uit het oog verliezen, bied ik ter visualisatie in de vergaderzaal van het college graag dit kippenhok aan om deze speerpunten daarin op te bergen, te koesteren en verder uit te werken. De voorzitter: Ik ben de titel vergeten van het boekje dat u mij vorig jaar gaf; iets met een kip en iets met een laag IQ. Dat past hierbij. Ja, dat weet ik nog. Ik ga het straks even opzoeken, want het ligt op mijn tafel daarachter. Dit kan daar mooi bij. Voor alle helderheid: dit is een kippenhok. Ik ervaar het maar als een compliment.
De heer Posthuma (PvdA): Voorzitter. Daar staan we dan: voor de laatste keer in deze raadsperiode spreken we over de begroting. De vier jaar zijn bijna voorbijgevlogen, een periode waarin we niet alleen lokaal, maar ook landelijk grote veranderingen hebben gezien. Twee nationale verkiezingen in korte tijd, met telkens verschuivende politieke verhoudingen. Wat ik twee weken geleden al voorspelde, is uitgekomen: ook landelijk bewegen we richting een soort Voorschotenscenario: vijf politieke partijen die qua omvang dicht bij elkaar liggen, met daarnaast een aantal kleinere splinters, zoals de mijne hier lokaal. Juist in zo'n politieke werkelijkheid is samenwerken echt essentieel; niet alleen wíllen samenwerken, maar ook kúnnen samenwerken. Wie terugkijkt op de afgelopen drieënhalf jaar, ziet dat we dat in Voorschoten overwegend goed hebben gedaan. Natuurlijk, in de meeste gevallen konden de coalitiepartijen op die gezamenlijke steun rekenen, maar er zijn ook momenten geweest waarop partijen binnen de coalitie verschillend hebben gestemd. Er waren gewoon wisselende meerderheden op verschillende dossiers. Denk bijvoorbeeld aan het dossier van het gemeentehuis, waarbij de VVD, Voorschoten Lokaal en één lid van D66 tegen het voorstel stemden, of aan de voorstellen over het minimabeleid, waarin het uitgangspunt was dat kinderen niet de dupe mochten worden van nieuw beleid.
Die voorstellen werden op de VVD na door alle partijen gesteund. Juist daarom wil ik vandaag een compliment geven aan alle coalitiepartijen, want ondanks de verschillen die zij hebben, hebben zij ervoor gekozen om verantwoordelijkheid te nemen en de samenwerking niet te laten ontsporen door uit het college te stappen. Deze partijen hebben gekozen voor continuïteit en voor stabiliteit. Dat verdient wat mijn fractie betreft heel veel waardering. Kijk maar eens naar andere gemeenten: daar zien we dat het ook anders kan. In Voorschoten hebben we laten zien dat politiek verschil niet hoeft te betekenen dat het bestuur wankelt. Wellicht kan Den Haag daar ook iets van leren. Dan terug naar de begroting, want dáár zijn we hier vandaag natuurlijk voor. Zoals het college zelf heeft aangegeven, is het een beleidsarme begroting. Dat is op zichzelf begrijpelijk in het laatste jaar van een bestuursperiode, maar bij het doornemen ervan vallen wel een aantal zaken op, gelukkig ook in positieve zin. Ik heb het in de commissie B&B al gezegd: op het gebied van openbare orde, veiligheid en de aanpak van ondermijning zien we een duidelijke vooruitgang. Daarvoor verdient het college lof en waardering. Toch zijn er ook zorgen; die wil ik vandaag graag benoemen. Allereerst de externe inhuur. Die stijgt van 22,3% in 2023 naar 26,3% in 2024. Dat is serieus geld.
Er wordt al jaren beterschap op dit terrein beloofd, maar dat horen we nu eigenlijk al drie jaar op rij. Ook de afstand tussen de toegestane formatie en de daadwerkelijke bezetting groeit. Anders gezegd, in lekentaal: er zit steeds meer ruimte tussen het aantal mensen dat we kúnnen aannemen en het aantal mensen dat daadwerkelijk voor de gemeente Voorschoten werkt. Dat baart zorgen, niet alleen vanwege de kosten, maar ook vanwege de continuïteit van beleid en vooral de uitvoering. Dan het afvalbeleid. De cijfers laten zien dat de hoeveelheid restafval per inwoner opnieuw is gestegen, met twee kilo, terwijl Voorschoten al hoog zat, met 179 kilo restafval per inwoner. Dat is verschrikkelijk hoog in vergelijking met andere gemeenten. Dat laat zien dat de ingezette koers om alles bij het oude te laten een slechte keuze is geweest. Buurgemeente Katwijk heeft een jaar geleden een nieuw beleid van betalen naar gebruik ingevoerd. De kosten voor bewoners gingen binnen een jaar naar beneden en er was sprake van een daling van 40% van het restafval. We
Raadsvergadering 1 oktober 2025
11
moeten ons daarom afvragen of het beleid zoals het nu wordt uitgevoerd, de juiste prikkels geeft om ons afval beter te scheiden. Dit is wat mijn fractie betreft een gemiste kans geweest. Ook over het onderwijs maak ik me grote zorgen. Het schoolverzuim loopt op, als ik de cijfers moet geloven, maar in de begroting lees ik weinig over concrete maatregelen of enig gevoel van urgentie. Op het punt van de huisvesting van onze scholen is de situatie ronduit zorgelijk. De gebouwen van de Fortgensschool uit 1973, de Emmaus uit 1978 en de Nutsschool uit 1953 kampen met een hoog energieverbruik, een matig binnenklimaat en achterstallig onderhoud. De recente informatiebrief 67 uit september van dit jaar bevestigt dat beeld. Toch mis ik in deze begroting de reflectie én de urgentie die nodig zijn om tot actie te komen. Ik herinner me nog heel goed het moment dat het CDA voor de verkiezingen van 2022 vrolijk met een bos bloemen voor de Fortgensschool stond te zwaaien, maar inmiddels zijn we vier jaar verder en is er nog geen zicht op nieuwbouw, nog niet één steen! Dan de woningbouw. Betaalbare woningen blijven achter. Het project op de Jan Wagtendonkstraat loopt vast; we gaan daar volgende week nog over praten, maar ik heb er een hard hoofd in. Het Churchillplein gaat niet door en over de Kruispuntkerk is het nog opvallend stil.
De uitvoering van de centrumvisie stokt, mede doordat het college er niet uitkomt over de invulling van het Treubplein. Om die reden dienen wij amendement 372 in, samen met GroenLinks, D66 en de SP. Met dit amendement vragen wij om twee investeringskredieten - voor de Kruispuntkerk en het Treubplein - voorlopig niet vrij te geven bij de vaststelling van deze begroting. Het gaat ons nadrukkelijk niet om het stopzetten van deze projecten, maar om de zorgvuldigheid in het proces. Ik zal me nader verklaren. Voor de Kruispuntkerk ontbreekt op dit moment een uitgewerkt exploitatieplan. We weten dus nog niet zeker of het beoogde cultureel centrum financieel houdbaar is. Juist die onzekerheid heeft in het verleden geleid tot het afblazen van eerdere plannen, zoals het plan bij de bibliotheek. Als we nu het krediet van 2,5 miljoen euro vrijgeven, heeft de raad daarna geen beslismoment meer. Dat vinden wij niet verantwoord. Daarnaast geldt voor het Treubplein dat de uitwerking van de plannen na het participatieproces aanzienlijk is gewijzigd, zoals bleek uit een besloten informatieavond die we als raad samen met wethouder De Bruijn hebben gehad. Daarmee rijst bij ons de vraag of de aangepaste plannen nog wel passen binnen de vastgestelde ontwikkelvisie voor het centrum.
Wij willen daarom dat de raad pas middelen vrijgeeft zodra er heldere plannen liggen, inclusief de financiële onderbouwing en de ruimtelijke inpassing. Nogmaals, dit is niet uit vertraging of wantrouwen, maar uit zorg voor een goed besluit en verantwoord gebruik van gemeenschapsgeld. Het amendement luidt: "Amendement 372. De raad van de gemeente Voorschoten, in zijn vergadering bijeen d.d. 6 november 2025, gezien het raadsvoorstel nr. Z/25/102686/466845, d.d. 7 oktober 2025, constaterende dat: a.
met de Programmabegroting 2026-2029 de investeringskredieten voor 2026, zoals opgenomen in de bijlage Investeringen vanaf pagina 136, worden vrijgegeven, tenzij daarbij door de raad een nadrukkelijk voorbehoud wordt gemaakt;
overwegende dat: b. c.
d. e.
voor het cultureel centrum in de Kruispuntkerk, waarvoor een krediet van € 2.500.000 wordt gevraagd, nog geen exploitatieplan voorhanden is; juist voorziene financiële problemen in de exploitatie in het verleden er redenen waren af te zien van investeringen in eerdere plannen voor een cultureel centrum, maar dat de raad na vrijgave van de kredieten in dit geval geen ruimte meer heeft om daarover nog te besluiten; de uitgangspunten voor de herinrichting van het Treubplein, waarvoor op basis van de Ontwikkelvisie Centrum een krediet van € 680.000 wordt gevraagd, naar aanleiding van het participatieproces significant gewijzigd zijn; de vraag zich opdringt in hoeverre de aangepaste herinrichting van het Treubplein nog past binnen de Ontwikkelvisie Centrum;
Besluit beslispunt 2b als volgt aan te vullen:
Raadsvergadering 1 oktober 2025
12
Met uitzondering van - het krediet voor jaarschijf 2026 van de investering Kruispuntkerk van € 2.500.000 - het krediet voor jaarschijf 2026 van de investering Treubplein van € 680.000." Ook in Adegeest zien we dat de uitvoering voortgaat, maar dat bewoners zich regelmatig niet gehoord voelen door de gemeente. De communicatie laat te wensen over en het dossier rond de verkeersknippen is echt nog niet opgelost. We herinneren ons van het afgelopen jaar allemaal ook nog het AB-huis, waar de gemeente ruim 3,5 ton verlies op leed. De gemeente vergat simpelweg ook om de coronasubsidie aan te vragen voor zwembad Het Wedde, die meer dan € 100.000 bedroeg. Het dossier rond Liander en de energievoorziening bij Beresteyn liepen eveneens vertraging op, waarbij de gemeente veel te afwachtend in dat dossier heeft geopereerd. En nog steeds is niet goed helder of het hier om een publieke of een besloten ruimte gaat ten aanzien van Park Beresteyn. Gemeente, kom alsjeblieft op voor dat publieke belang! Laat je stem horen en zet een streep in het zand. Onze steun heeft u. Dan Voorschoten voor Elkaar. Dat ging tot halverwege deze raadsperiode niet goed. Onze door deze raad unaniem aangenomen motie voor een onafhankelijk onderzoek wees terecht op een aantal structurele tekortkomingen. Er zijn sindsdien verbeteringen doorgevoerd.
Dat is heel positief, maar het onderzoek was ook kritisch richting het college zelf. Collega Van Hellemondt heeft daar regelmatig op gewezen: er is te weinig door het college gestuurd en het subsidiebeleid was onvoldoende onderbouwd. Ik vraag me oprecht af of het college in die zin voldoende de hand in eigen boezem heeft gestoken. Ook de samenwerking met Leidschendam-Voorburg op het terrein van Werk en Inkomen blijft problematisch: de te late uitbetaling van energietoeslagen begin 2022, de herhaalde ICT-storingen in de afgelopen jaren, de slechte communicatie en de soms onfatsoenlijke behandeling van onze bewoners, culminerend in een Rekenkamerrapport dat ronduit vernietigend was over de gevoerde werkwijze. Daarbij komt dat het natuurlijk helemaal niet mogelijk is om via het minimabeleid met hetzelfde budget meer mensen te bedienen. Gelukkig hebben we door een amendement van ons ervoor kunnen zorgen dat kinderen uit minimagezinnen worden ontzien. Toch mis ik de urgentie in de tekst van de begroting op dit punt, evenals in de schriftelijke antwoorden op onze vragen. De woorden van wethouder De Bruijn tijdens de commissievergadering van vorige week waren hoopgevend en sneden meer hout; ik zie dan ook uit naar de informatiebrief waarin zijn toezeggingen verder worden uitgewerkt. Onze fractie maakt zich zorgen over de stilstand op een aantal belangrijke dossiers.
Of dat nu komt door politieke keuzes, organisatorische knelpunten of de voortdurende zoektocht naar goed personeel, het is een feit dat er te veel bij de gemeente Voorschoten blijft liggen. We begroten jaar op jaar, maar voeren te weinig uit. Daardoor heeft de gemeente in de afgelopen jaren ruim 14 miljoen euro overgehouden. Dat geld was bedoeld om er iets mee te doen, niet om het op de plank te laten liggen. Maar laat ik positief afsluiten en ook benoemen wat goed gaat, want ook die erkenning is belangrijk. Op aandringen van onze partij en de heer 't Lam van GroenLinks is het sportaccommodatiebeleid herzien, waardoor de bestaande verregaande privatisering van sportverenigingen is teruggedrongen, met als eerste merkbare resultaat de nieuwe atletiekbaan. Ik vind dat we daar als raad trots op mogen zijn. Het zwembad, een belangrijke voorziening voor onze bewoners, blijft open tot ten minste 2040. De riolering wordt eindelijk structureel aangepakt. Bij Huize Bijdorp zien we een prachtig initiatief tot bloei komen en bij het Stationslaantje, een goed initiatief van de SP, wordt althans nog op papier gewerkt aan betaalbare woningen, een keuze waar wij volledig achter staan. Daarnaast verdient het college lof voor de professionele afhandeling van de treinramp, de adequate opvang van Oekraïense vluchtelingen en de centrale toegang tot de jeugdhulp, die weer bij de gemeente ligt.
Dat lijkt een heel goede ontwikkeling. Tot slot de woonwagens. De aanloop van dit dossier was zeer moeizaam en de financiële risico's zijn voor een groot deel bij de gemeente terechtgekomen. Dit is mijn fractie echt een doorn in het oog: private risico's die publiek worden afgewenteld. Maar uiteindelijk is het zeer recent gelukt om de woonwagenbewoners een plek te geven waar ze recht op hebben. Ik wil nadrukkelijk mijn waardering uitspreken voor alle Voorschotense ambtenaren die met veel geduld en doorzettingsvermogen dit dossier tot een goed einde hebben gebracht. Hun werk is niet altijd zichtbaar geweest, maar ik wil namens mijn fractie dank uitspreken voor hun tomeloze inzet.
Raadsvergadering 1 oktober 2025
13
Ik ga afronden. Voorschoten is een gemeente met ambities en betrokken inwoners. We hebben in deze raadsperiode stappen gezet, maar er is nog ontzettend veel werk te doen. De komende jaren vragen om een bestuur dat keuzes durft te maken, uitvoert wat wordt afgesproken en de inwoners centraal blijft stellen, maar ook om een gemeente die niet bang is voor verandering, die de voordelen van die verandering zichtbaar maakt en die haar voorstellen actief uitlegt en verdedigt aan de inwoners en, heel belangrijk, niet bij het eerste briesje tegenwind haar hoofd laat hangen. Laten we daarom niet tevreden zijn met het bijhouden van de stand, maar opnieuw proberen de bal vooruit te spelen, want Voorschoten verdient een gemeente die niet alleen plannen maakt, maar ze ook daadwerkelijk uitvoert, in de geest van wat ons allemaal bindt: voor een Voorschoten dat van ons allemaal is. Mevrouw Kortekaas (CDA): Voorzitter. Onder het motto "Voorschoten in verbinding vooruit" ging het college een kleine drieënhalf jaar geleden van start. Inmiddels ligt nu de laatste begroting van dit college voor ons, een sluitende begroting, opnieuw leesbaarder, in lijn met CDA-amendement 267. Het CDA is blij met deze begroting, met daarbij een goede balans tussen degelijkheid, geboekte resultaten en heldere toekomstambities. Er blijft zelfs geld over.