Bijlage 2a - Bijlage Bouwbesluittoets
Tekst van het document
-
de dakelementen dienen afgedicht m.b.v. gesloten-cellig voegband en een afdeklat ter plaatse van de bouwmuren;
-
de panlatten dienen per woning ontkoppeld te worden;
-
eventueel plaatwerk dient per woning ontkoppeld te worden.
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
36
Binnenwanden: Voor binnenwanden van zowel de appartementen als eengezinswoningen dient het volgende in acht te worden genomen: -
inwendige scheidingsconstructies tussen verblijfsruimten onderling: 70 mm Gibo GZ (massa minimaal 75 kg/m2) of 100 mm metalstud constructie met de volgende opbouw: -
12.5 mm gipskartonplaat;
-
75 mm profielen;
-
12.5 mm gipskartonplaat;
-
naden wandaansluitingen zorgvuldig afdichten conform attest;
-
eventuele doorvoeren c.v.-buizen zorgvuldig afdichten;
-
deuren in flankerende constructies zodanig afhangen dat de spleet aan de onderzijde kleiner is dan 20 mm (in ingerichte situatie met vloerafwerking) en de overige spleten kleiner zijn dan 5 mm;
-
zij/bovenlichten bij de binnendeuren naaddicht aanbrengen;
-
inbouwdozen van elektrische installaties één wanddikte verspringend ten opzichte van elkaar aanbrengen.
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
37
Afdeling 3.5 Wering van vocht Een te bouwen bouwwerk heeft zodanige scheidingsconstructies dat de vorming van allergenen door vocht in verblijfsgebieden, toiletruimten en badruimten voldoende wordt beperkt. Art.
Eis
3.21
Wering van vocht van buiten
Toets +
Een uitwendige constructie van een verblijfsgebied, een toiletruimte of een badruimte is waterdicht. Een scheidingconstructie tussen een verblijfsgebied, een toiletruimte of een badruimte, en een kruipruimte, inclusief de aansluitingen die van invloed zijn op het kunnen binnendringen van vocht, is waterdicht. Een inwendige scheidingsconstructie van een verblijfsgebied, een toiletruimte of een badruimte, voor zover deze niet grenst aan een ander verblijfsgebied, toiletruimte of badruimte, is waterdicht. Een scheidingconstructie tussen een verblijfsgebied, een toiletruimte of een badruimte, en een kruipruimte, inclusief de aansluitingen die van invloed zijn op de specifieke luchtvolumestroom naar het verblijfsgebied, de toiletruimte of de badruimte, heeft een specifieke luchtvolumestroom van maximaal 20x10-6 m3/m2s.
3.22
Factor van de temperatuur
+
De temperatuurfactor van een scheidingsconstructie waarvoor een eis voor de warmteweerstand geldt, is aan de zijde die grenst aan een verblijfsgebied minimaal gelijk aan 0.65 in een woonfunctie. Deze eis geldt niet voor ramen, deuren, kozijnen en daarmee gelijk te stellen constructie-onderdelen.
3.23
Wateropname
+
Een scheidingsconstructie van een toiletruimte of een badruimte heeft aan de zijde die grenst aan die ruimte tot 1.2 m hoogte boven de vloer van die ruimte een wateropname die gemiddeld niet groter is dan 0.01 kg/(m2s1/2) en op geen enkele plaats groter dan 0.2 kg/(m2s1/2). Voor een badruimte gelden de in lid 1 genoemde waarden ter plaatse van een bad of een douche over een lengte van ten minste 3 m tot een hoogte van 2.1 m boven de vloer van die ruimte.
Voorzieningen Een uitwendige scheidingsconstructie dient voldoende waterdicht te zijn. Op basis van de ter beschikking staande gegevens wordt verwacht dat bij de verdere planuitwerking aan de gestelde eisen zal worden voldaan. Het verdient daarbij aanbeveling om de constructies en hun onderlinge aansluitingen uit te voeren conform de voorbeelden in NPR 2652. Bij goede en correcte uitvoering zijn deze constructies dan waterdicht en regenwerend bij beproeving conform NEN 2778 en kan worden voldaan aan de eisen voor luchtdichtheid volgens NEN 2690. Voorwaarde om te voldoen aan de eisen is dat de uitwendige scheidingsconstructies thermisch worden geïsoleerd ter voorkoming van koudebruggen. Dit staat op de ter beschikking gestelde
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
38
tekeningen aangegeven. Verder dienen de constructies tussen de woningen en besloten gemeenschappelijke verkeersruimte van het appartementengebouw te worden geïsoleerd. Zie hiervoor afdeling 5.1. Aandachtspunten bij de volgende fasen van het ontwerp zijn: -
tegelwerk aanbrengen op vloer en wanden van toilet- en badruimten tot een hoogte van 1.2 m boven de vloer;
-
ter plaatse van een bad of douche dient tegelwerk tot een hoogte van 2.1 m te worden aangebracht over een lengte van minimaal 3 m;
-
dampremmende laag en waterkerende laag op alle details aangeven;
-
geprefabriceerde steenachtige constructies, zoals begane grondvloeren, dienen gedetailleerd en aangebracht te worden volgens het certificaat van de leverancier waarin is aangetoond dat aan de gestelde eisen ter beperking van koudebruggen is voldaan. Indien geen certificaten beschikbaar zijn, dient aannemelijk te worden gemaakt dat aan deze eisen is voldaan;
-
ter plaatse van de hellende daken van blok 1 en 3 gelden de volgende aandachtspunten: -
de hellende daken sluiten aan op verdiepingsvloeren. Boven de verdiepingsvloeren dient een doorlopende dampremmende laag te worden aangebracht;
-
op de verdiepingsvloeren dient tussen de dakelementen isolatiemateriaal te worden aangebracht om koudebruggen te voorkomen. Op de isolatie dient een goot gerealiseerd te worden;
-
op de gootbodem dient een waterdichte laag te worden aangebracht, welke doorloopt tot onder de waterkerende slabbe van de dakelementen.
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
39
Afdeling 3.6 Luchtverversing Een te bouwen bouwwerk heeft zodanige voorziening voor luchtverversing dat het ontstaan van een voor de gezondheid nadelige kwaliteit van de binnenlucht wordt voorkomen. Art.
Eis
Toets
3.29
Luchtverversing verblijfsgebied, verblijfsruimte, toiletruimte en badruimte
+
Een verblijfsgebied van een woonfunctie heeft een capaciteit voor luchtverversing van ten minste 0.9 dm3/s per m2 vloeroppervlakte met een minimum van 7 dm3/s. Een verblijfsruimte van een woonfunctie heeft een capaciteit voor luchtverversing van ten minste 0.7 dm3/s per m2 vloeroppervlakte met een minimum van 7 dm3/s. Een verblijfsruimte of een verblijfsgebied met een opstelplaats voor een kooktoestel heeft een voorziening voor luchtverversing met een capaciteit van ten minste 21 dm3/s. Een voorziening voor luchtverversing voor meer dan een verblijfsgebied heeft een capaciteit die niet kleiner is dan de hoogste waarde die geldt voor elk afzonderlijk verblijfsgebied. Tevens is deze capaciteit niet kleiner dan 70% van de som van de waarden die gelden voor de op die voorziening aangewezen verblijfsgebieden. Een toiletruimte heeft een voorziening voor luchtverversing met een capaciteit van ten minste 7 dm3/s, bepaald volgens NEN 1087. Een badruimte heeft een voorziening voor luchtverversing met een capaciteit van ten minste 14 dm3/s, bepaald volgens NEN 1087.
3.30
Thermisch comfort
+
De toevoer van verse lucht veroorzaakt in de leefzone van een verblijfsgebied een luchtsnelheid die niet groter is dan 0.2 m/s.
3.31
Regelbaarheid
+
Een voorziening voor natuurlijke toevoer van verse lucht is regelbaar. De voorziening heeft de volgende standen: - laagste stand van ten hoogste 10% van de capaciteit; - hoogste stand van 100% van de capaciteit; - twee tussenliggende standen tussen de laagste stand en 30% van de capaciteit. Deze standen verschillen in capaciteit ten opzichte van de nulstand en onderling ten minste 10%. Een voorziening voor mechanische toevoer van verse lucht heeft een dichtstand en is regelbaar. De voorziening heeft de volgende standen: - laagste stand van ten hoogste 10% van de capaciteit; - hoogste stand van 100% van de capaciteit; - een tussenliggende stand tussen de laagste stand en 100% van de capaciteit. Een voorziening voor toevoer van verse lucht mag zelfregelend zijn in het regelgebied.
3.32
Luchtverversing overige ruimten
!
Een gemeenschappelijke verkeersruimte van een woonfunctie heeft een niet afsluitbare voorziening voor luchtverversing met een capaciteit ten minste 0.5 dm3/s per m2.
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
40
Een ruimte met een opstelplaats voor een gasmeter heeft een niet afsluitbare voorziening voor luchtverversing met een capaciteit van ten minste 1 dm3/s per m2 met een minimum van 2 dm3/s. Een liftschacht heeft een niet afsluitbare voorziening voor luchtverversing met een capaciteit van ten minste 3.2 dm3/s per m2 vloeroppervlak van de schacht. Een opslagruimte voor huishoudelijk afval (> 1.5 m2) heeft een niet afsluitbare voorziening voor luchtverversing met een capaciteit van ten minste 10 dm3/s per m2.
3.33
Plaats van de opening
+
De verdunningsfactor van de uitstoot van een afvoervoorziening voor luchtverversing heeft ter plaatse van de instroomopening voor de toevoer van verse lucht een waarde die niet groter is dan 0.01. De verdunningsfactor van de uitstoot van een afvoervoorziening voor rook bij gasgestookte toestellen heeft ter plaatse van de instroomopening voor de toevoer van verse lucht een waarde die niet groter is dan 0.01. De verdunningsfactor van de uitstoot van een afvoervoorziening voor rook bij nietgasgestookte toestellen heeft ter plaatse van de instroomopening voor de toevoer van verse lucht een waarde die niet groter is dan 0.0015. Een instroomopening en een uitmonding van een voorziening voor luchtverversing liggen op een afstand van minimaal 2 m van de perceelgrens. Dit geldt niet ter plaatse van een dak. Voor zo ver de voorziening aan een openbaar gebied grenst, wordt die afstand aangehouden tot het hart van dat gebied.
3.34
Luchtkwaliteit
+
De toevoer van verse lucht naar een verblijfsgebied vindt rechtstreeks van buiten plaats. In afwijking hiervan mag ten hoogste 50% van de benodigde hoeveelheid van de toevoer van verse lucht naar een niet-gemeenschappelijk verblijfsgebied via een nietgemeenschappelijk verblijfsgebied of niet-gemeenschappelijke verkeersruimte van dezelfde gebruiksfunctie worden aangevoerd. De toevoer van verse lucht naar en de afvoer van binnenlucht uit een gemeenschappelijke verkeersruimte vindt rechtstreeks van en naar buiten plaats. De toevoer van verse lucht naar en de afvoer van binnenlucht uit een liftschacht vindt rechtstreeks via de liftmachineruimte of rechtstreeks van en naar buiten plaats. De toevoer van verse lucht naar en de afvoer van binnenlucht uit een opslagruimte voor huishoudelijk afval vindt rechtstreeks van en naar buiten plaats. Minimaal 21 dm3/s van de afvoercapaciteit van een verblijfsruimte of verblijfsgebied met een opstelplaats voor een kooktoestel vindt rechtstreeks naar buiten plaats. De afvoer van binnenlucht uit een toiletruimte of een badruimte vindt rechtstreeks naar buiten plaats.
Voorzieningen De berekeningen ter bepaling van de minimaal vereiste toe- en afvoercapaciteiten en de benodigde voorzieningen zijn opgenomen in bijlage 4. De toevoer van verse lucht en afvoer van binnenlucht vindt plaats middels gebalanceerde ventilatie.
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
41
Aan de bepaling van de benodigde capaciteiten liggen de volgende uitgangspunten ten grondslag: -
toevoer van ventilatielucht vindt plaats middels mechanische toevoer in de verblijfsruimten;
-
de afvoer van binnenlucht vindt plaats middels mechanische afzuiging in (ten minste) de keuken en de toilet- en badruimten;
-
luchtstroming vindt plaats via verblijfsgebieden of verkeersruimten naar het verblijfsgebied met een kooktoestel en de overige ruimten met mechanische afzuiging;
-
om deze luchtstroming mogelijk te maken, is onder de binnendeuren een spleet aanwezig met een hoogte van minimaal 20 mm (in ingerichte situatie met vloerafwerking).
De verdeling van de afvoercapaciteiten binnen de woningen dient in overleg met de W-adviseur plaats te vinden. Daarbij dient de afzuigcapaciteit in het verblijfsgebied met een opstelplaats voor het kooktoestel minimaal 21.0 dm3/s te bedragen, in de badruimte minimaal 14.0 dm3/s en in de toiletruimte minimaal 7.0 dm3/s. Geadviseerd wordt om in de bergingen minimaal 7.0 dm3/s af te zuigen. Hiermee is in de rekenbladen rekening gehouden. De gemeenschappelijke verkeersruimten, bergingen, liftschachten en technische ruimten van het appartementengebouw worden voorzien van mechanische toe- en afvoer met de volgende ventilatiecapaciteiten: -
in de gemeenschappelijke verkeersruimte dient 0.5 dm3/s per m2 vloeroppervlakte geventileerd te worden;
-
in de liftschacht dient 3.2 dm3/s per m2 vloeroppervlakte geventileerd te worden;
-
geadviseerd wordt om minimaal 7.0 dm3/s af te zuigen in de bergingen en technische ruimten.
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
42
Afdeling 3.7 Spuivoorziening Een te bouwen bouwwerk heeft een voorziening voor het zo nodig snel kunnen afvoeren van verontreinigde binnenlucht. Art.
Eis
3.42
Capaciteit
Toets +
Een verblijfsgebied van een grondgebonden woning, woongebouw heeft in een uitwendige scheidingsconstructie beweegbare constructieonderdelen met een spuicapaciteit van ten minste 6 dm3/s per m2. Een verblijfsruimte van een grondgebonden woning, woongebouw heeft in een uitwendige scheidingsconstructie beweegbare constructieonderdelen met een spuicapaciteit van ten minste 3 dm3/s per m2. Ten minste een van die onderdelen is een raam.
3.43
Plaats van de opening
+
Een opening van een spuivoorziening ligt op een afstand van ten minste 2 m van de perceelgrens of het hart van het openbaar gebied.
Voorzieningen Ten behoeve van de spuiventilatie moet in de gevel van elke verblijfsruimte een te openen deel aanwezig zijn. Met de op tekening aangegeven bewegende delen wordt voldaan aan de vereiste capaciteiten.
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
43
Afdeling 3.11 Daglicht Een te bouwen bouwwerk is zodanig dat daglicht in voldoende mate kan toetreden. Art.
Eis
3.75
Daglichtoppervlakte
Toets !
Een verblijfsgebied heeft een equivalente daglichtoppervlakte van minimaal: -
10% van de vloeroppervlakte van het verblijfsgebied van een woonfunctie;
Een verblijfsruimte van een grondgebonden woning, woongebouw heeft een equivalente daglichtoppervlakte van minimaal 0.5 m2. Bij de berekening blijven belemmeringen op andere percelen buiten beschouwing, blijven daglichtopeningen op minder dan 2 meter van de perceelsgrens buiten beschouwing en is de in rekening te brengen belemmeringshoek ten minste 20°.
Voorzieningen Op de in bijlage 4 opgenomen rekenbladen is per woningtype aangegeven hoeveel equivalent daglichtoppervlak per verblijfsgebied en verblijfsruimte wordt gerealiseerd. Op basis van de uitgevoerde berekeningen kan worden geconcludeerd dat aan de gestelde eisen wordt voldaan. Bij het uitvoeren van de berekeningen is gebruik gemaakt van de krijtstreepmethode. Hierbij worden oppervlaktes van verblijfsgebieden gereduceerd. Deze reductie is niet van toepassing op de luchtverversingseisen. Na toepassing van de krijtstreepmethode wordt nog steeds voldaan aan de eis dat ten minste 55% van de gebruiksoppervlakte moet zijn aangemerkt als verblijfsgebied. In onderstaande tabel is aangegeven welke reducties hebben plaatsgevonden. De uitgevoerde reducties dienen duidelijk te worden aangegeven op de indienings- en eventuele verkooptekeningen. TABEL - SAMENVATTING KRIJTSTREEPMETHODE woning
verblijfsgebied
reductie [m2]
resulterende oppervlakte [m2]
bnr 1-4 & 12-17
2
2.3
28.8
bnr 5-11
2
1.0
30.2
bnr 18
2
0.6
12.1
bnr 19
2
0.6
12.1
bnr 20-24
2
0.6
12.1
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
44
4. BRUIKBAARHEID EN TOEGANKELIJKHEID Afdeling 4.1 Verblijfsgebied en verblijfsruimte Een te bouwen bouwwerk heeft een verblijfsgebied waarin de voor de gebruiksfunctie kenmerkende activiteiten in een of meer verblijfsruimten kunnen plaatsvinden. Art.
Eis
4.2
Aanwezigheid
Toets +
Ten minste 18 m2 vloeroppervlakte is niet-gemeenschappelijk verblijfsgebied. Ten minste 55% van de gebruiksoppervlakte van een gebruiksfunctie is verblijfsgebied.
4.3
Afmetingen
+
De afmetingen van de verblijfsgebieden en verblijfsruimten voldoen aan: - vloeroppervlakte verblijfsgebied ≥ 5 m2; - breedte verblijfsgebied ≥ 1.8 m; - breedte verblijfsruimte ≥ 1.8 m. Ten minste één verblijfsruimte heeft een vloeroppervlakte van ten minste 11 m2 bij een breedte van ten minste 3 m. De vrije hoogte in een verblijfsgebied en verblijfsruimte is ten minste 2.6 m.
Voorzieningen Op de in bijlage 4 opgenomen overzichtsbladen zijn de oppervlakten van de ruimten en opstelplaatsen weergegeven. Uit deze overzichtsbladen kan worden afgeleid dat het bouwplan aan de gestelde eisen voldoet.
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
45
Afdeling 4.2 Toiletruimte Een te bouwen bouwwerk heeft voldoende toiletruimten. Art.
Eis
4.9
Aanwezigheid
Toets +
Een gebruiksfunctie van een grondgebonden woning, woongebouw heeft ten minste 1 toilet. Op een toiletruimte zijn maximaal 5 woonfuncties aangewezen (uitsluitend woonfuncties of een nevenfunctie daarvan).
4.10
Bereikbaarheid
4.11
Afmetingen
n.v.t. +
De afmetingen van de vereiste toiletruimte voldoen aan: -
vloeroppervlakte minimaal 0.9 m x 1.2 m;
-
vrije hoogte minimaal 2.3 m.
Voorzieningen Op basis van de tekeningen van de architect kan worden geconcludeerd kan worden dat aan de gestelde eisen wordt voldaan.
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
46
Afdeling 4.3 Badruimte Een te bouwen bouwwerk heeft voldoende badruimten. Art.
Eis
4.18
Aanwezigheid
Toets +
Een grondgebonden woning, woongebouw heeft ten minste 1 badruimte.
4.19
Afmetingen
+
De afmetingen van deze badruimte voldoen aan: -
vloeroppervlakte minimaal 1.6 m2 en breedte minimaal 0.8 m;
-
vloeroppervlakte minimaal 2.2 m2 en breedte minimaal 0.9 m, voor een badruimte die is samengevoegd met een toiletruimte;
-
vrije hoogte minimaal 2.3 m.
Voorzieningen Geconcludeerd kan worden dat aan de gestelde eisen wordt voldaan.
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
47
Afdeling 4.4 Bereikbaarheid en toegankelijkheid Een te bouwen bouwwerk heeft voldoende bereikbare en toegankelijke ruimten. Art.
Eis
4.22
Vrije doorgang
Toets +
Een doorgang naar een verblijfsgebied, een verblijfsruimte, een toiletruimte, een badruimte, een bergruimte, een buitenruimte en een ruimte voor het bereiken van een lift heeft de volgende afmetingen: -
vrije breedte ≥ 0.85 m;
-
vrije hoogte ≥ 2.3 m.
Dit geldt ook voor een doorgang op een route vanaf het aansluitende terrein naar een van bovengenoemde ruimten.
4.23
Vrije doorgang verkeersroute
+
De afmetingen van een ruimte waardoor een verkeersroute loopt die begint bij een doorgang (als bedoeld in art 4.22) voldoen, zover de verkeersroute niet over een trap loopt, aan: -
vrije breedte ≥ 0.85 m;
-
vrije hoogte ≥ 2.3 m.
Een gemeenschappelijke verkeersruimte (gelegen in bovengenoemde verkeersroute) heeft, behoudens ter plaatse van een trap, een breedte van minimaal 1.2 m. Vloeroppervlakte minimaal 1.5 m x 1.5 m, grenzend aan de toegang van een woongebouw. Vloeroppervlakte minimaal 1.5 m x 1.5 m, grenzend aan een doorgang van een liftschacht. Een gemeenschappelijk verkeersruimte (die deel uitmaakt van bovengenoemde verkeersroute) heeft een vloeroppervlakte van minimaal 1.5 m x 1.5 m, indien een rolstoelgebruiker vanuit die verkeersruimte zonder te keren het aansluitend terrein niet kan bereiken. Een ruimte die deel uitmaakt van bovengenoemde verkeersroute heeft een vrije breedte van minimaal 1.2 m, indien de ruimte in een toegankelijkheidssector ligt.
4.24
Aanwezigheid toegankelijkheidssector
n.v.t.
Een woongebouw heeft een gemeenschappelijke toegankelijkheidssector, indien: -
de vloer van een verblijfsgebied in het woongebouw hoger dan 12.5 m boven het meetniveau ligt, of;
-
het woongebouw een gebruiksoppervlakte heeft van ten minste 3500 m2 die hoger dan 1.5 m boven het meetniveau ligt.
Deze eisen zijn niet van toepassing op eengezinswoningen.
4.25
Integraal toegankelijke toilet- en badruimte
n.v.t.
Deze eisen zijn niet van toepassing.
4.26
Bereikbaarheid toegankelijkheidssector
n.v.t.
Een ruimte die in een toegankelijkheidssector ligt, is rechtstreeks bereikbaar vanaf het aansluitende terrein of langs een verkeersroute die uitsluitend door een toegankelijkheidssector voert.
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
48
Deze verkeersroute voert niet door een niet-gemeenschappelijke ruimte van een andere gebruiksfunctie. De toegang van een woonfunctie gelegen in een woongebouw met een gemeenschappelijke toegankelijkheidssector (als bedoeld in art. 4.24 lid 1) grenst aan een gemeenschappelijke toegankelijkheidssector. Deze eisen zijn niet van toepassing op eengezinswoningen.
4.27
Hoogteverschillen
!
Op ten minste een route tussen een punt in een toegankelijkheidssector en het aansluitende terrein is een hoogteverschil groter dan 0.02 m, gemeten vanaf de afgewerkte vloer, overbrugd door een lift of een hellingbaan. Het hoogteverschil tussen de op die route gelegen toegang van de toegankelijkheidssector en het aansluitende terrein is maximaal 1 m. Op ten minste een route tussen de vloer ter plaatse van de toegang van een woongebouw zonder een toegankelijkheidssector en het aansluitende terrein is een hoogteverschil groter dan 0.02 m, gemeten vanaf de afgewerkte vloer, overbrugd door een lift of een hellingbaan. Het hoogteverschil tussen de op die route gelegen toegang van de toegankelijkheidssector en het aansluitende terrein is maximaal 1 m. Bij ten minste een toegang van een woonfunctie is een hoogteverschil op de route tussen een niet-gemeenschappelijke vloer en de aangrenzende vloer van een gemeenschappelijke verkeersruimte of het aansluitende terrein groter dan 0.02 m, gemeten vanaf de afgewerkte vloer, overbrugd door een hellingbaan. Het hoogteverschil tussen die toegang en het aansluitende terrein of de gemeenschappelijke verkeersruimte is maximaal 1 m.
Op ten minste een route tussen ten minste een uitgang van een woonfunctie en een gemeenschappelijke buitenruimte is het hoogteverschil groter dan 0.02 m, gemeten vanaf de afgewerkte vloer, overbrugd door een lift of een hellingbaan. Een woongebouw waarin de vloer ter plaatse van de toegang van een woonfunctie hoger ligt dan 3 m boven het meetniveau heeft op elke bouwlaag een opstelplaats voor een lift, met een liftkooi van ten minste 1.05 m x 2.05 m. Voorzieningen Op basis van de tekeningen van de architect kan worden geconcludeerd dat het bouwplan aan de gestelde eisen voldoet, mits de hoogte van drempels maximaal 0.02 m is, inclusief het hoogteverschil tot het aanliggende terrein. Vanwege de beperkte gebruiksoppervlakte is een toegankelijkheidssector in het plan niet vereist.
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
49
Afdeling 4.5 Buitenberging Een te bouwen bouwwerk heeft een bergruimte om fietsen beschermd tegen weer en wind te kunnen opbergen. Art.
Eis
Toets
4.31
Aanwezigheid, bereikbaarheid en afmetingen
+
Een woonfunctie heeft als nevenfunctie een niet-gemeenschappelijke afsluitbare bergruimte met de volgende afmetingen: -
vloeroppervlakte minimaal 5 m2, breedte minimaal 1.8 m en vrije hoogte minimaal 2.3 m.
Voor een woonfunctie met een GO van maximaal 50 m2 kan een bergruimte gemeenschappelijk zijn, indien de vloeroppervlakte van de bergruimte ten minste 1.5 m2 per woonfunctie bedraagt. Een bergruimte is vanaf de openbare weg rechtstreeks bereikbaar via het aansluitende terrein of een gemeenschappelijke verkeersruimte. Bovenstaande eisen zijn niet van toepassing op een woonfunctie waarin door het Centraal Orgaan opvang asielzoekers opvang aan asielzoekers wordt geboden.
4.32
Regenwerendheid
+
De uitwendige scheidingsconstructie van een bergruimte is, bepaald volgens NEN 2778, regenwerend.
9.2
Stallingsruimte voor fietsen
n.v.t.
Deze eisen zijn niet van toepassing.
Voorzieningen Het gebruiksoppervlakte van de appartementen in het woongebouw is maximaal 50 m2, derhalve mag de bergruimte gemeenschappelijk zijn met een oppervlakte van ten minste 1.5 m2 per appartement. De gemeenschappelijke berging voldoet aan de eisen. Tevens voldoen de afmetingen van de bergingen van de eengezinswoningen aan de gestelde eisen.
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
50
Afdeling 4.6 Buitenruimte Een te bouwen bouwwerk heeft een rechtstreeks bereikbare buitenruimte. Art.
Eis
4.35
Aanwezigheid, bereikbaarheid en afmetingen
Toets !
Een woonfunctie heeft een niet-gemeenschappelijke buitenruimte, die rechtstreeks bereikbaar is vanuit een niet-gemeenschappelijk verblijfsgebied van die woonfunctie, met de volgende afmetingen: vloeroppervlakte minimaal 4 m2 en breedte minimaal 1.5 m. In afwijking hiervan kan bij een woonfunctie met een GO van maximaal 50 m2 de buitenruimte gemeenschappelijk zijn, indien de vloeroppervlakte aan buitenruimte ten minste 1 m2 per op die buitenruimte aangewezen woonfunctie bedraagt, met een minimum van 4 m2 en een breedte van minimaal 1.3 m. De buitenruimte is rechtstreeks vanuit de woning bereikbaar of via gemeenschappelijke ruimten. Het bovenstaande is niet van toepassing op een woonfunctie waarin door het Centraal Orgaan opvang asielzoekers opvang aan asielzoekers wordt geboden.
Voorzieningen Voor de appartementen op de verdiepingen met een gebruiksoppervlakte kleiner dan 50 m2 mag een gemeenschappelijke buitenruimte worden gerealiseerd. Indien de buitenruimte op tekening wordt aangegeven wordt er aan de gestelde eisen voldaan. De individuele buitenruimten van de grondgebonden woningen en het appartement op de begane grond voldoen alle aan de minimaal vereiste afmetingen, er wordt derhalve aan de gestelde eisen voldaan.
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
51
Afdeling 4.7 Opstelplaatsen Een te bouwen bouwwerk heeft opstelplaatsen voor een aanrecht, een kooktoestel, een verwarmingstoestel en een warmwatertoestel. Art.
Eis
4.38
Aanwezigheid
Toets +
Een woonfunctie heeft in ten minste een verblijfsgebied een opstelplaats voor een aanrecht en een opstelplaats voor een kooktoestel. Een gebruiksfunctie heeft een opstelplaats voor een verwarmingstoestel, waarvan de afmetingen zijn afgestemd op het te plaatsen toestel. Dit geldt niet indien de gebruiksfunctie wordt aangesloten op een publieke voorziening voor verwarming. Een gebruiksfunctie heeft een opstelplaats voor een warmwatertoestel, waarvan de afmetingen zijn afgestemd op het te plaatsen toestel. Dit geldt niet indien de gebruiksfunctie wordt aangesloten op een publieke voorziening voor warm water.
4.39
Afmetingen
+
De afmetingen van een opstelplaats voldoen aan: - vloeroppervlakte minimaal 1.5 m x 0.6 m, voor een aanrecht; - vloeroppervlakte minimaal 0.6 m x 0.6 m, voor een kooktoestel.
Voorzieningen Voor zover van tekening is te controleren wordt aan de gestelde eisen voldaan.
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
52
5. ENERGIEZUINIGHEID EN MILIEU Afdeling 5.1 Energiezuinigheid Een te bouwen bouwwerk is energiezuinig. Art.
Eis
5.2
Bijna energieneutraal
Toets !
Een gebruiksfunctie heeft, bepaald volgens NTA 8800, de volgende maximum waarden voor BENG 1 (energiebehoefte in kWh/m2/jaar) en BENG 2 (primair fossiel energiegebruik in kWh/m2/jaar) en minimum waarde voor BENG 3 (het aandeel hernieuwbare energie in %):
gebruiksfunctie
Als/Ag
BENG 1
BENG 2
BENG 3
woongebouw
≤ 1.83
65
50
40
woongebouw
> 1.83
55 + 30 x
50
40
≤ 3.0
(Als/Ag - 1.5) 50
40
woongebouw
≥ 3.0
100 + 50 x (Als/Ag - 3.0)
andere woonfunctie
≤ 1.5
55
30
50
andere woonfunctie
> 1.5
55 + 30 x
30
50
≤ 3.0
(Als/Ag - 1.5)
≥ 3.0
100 + 50 x
30
50
andere woonfunctie
(Als/Ag - 3.0) In afwijking hiervan hoeft een woongebouw niet te voldoen aan de minimumwaarde voor het aandeel hernieuwbare energie, voor zover het als gevolg van locatiegebonden omstandigheden niet mogelijk is daaraan te voldoen. Voor de nevenfunctie van een woonfunctie gelden de eisen aan de woonfunctie. Indien een gebruiksfunctie in een gebouw of een gedeelte daarvan, een volgens NTA 8800 naar gebruiksoppervlakte gewogen gemiddelde specifieke warmtecapaciteit van maximaal 180 kJ/m2K heeft, wordt bovengenoemde maximumwaarde voor de energiebehoefte met 5 kWh/m2/jaar verhoogd. Voor een woonfunctie, niet zijnde een woonwagen of een drijvend bouwwerk, geldt TOjuli ≤ 1.20. Indien in een woongebouw voor een of meer woningen TOjuli > 1.20 geldt, wordt bij de woning met de hoogst berekende waarde met een berekening aangetoond dat het totaal aantal gewogen overschrijdingsuren in die woonfunctie op jaarbasis niet meer dan 450 is. Voor een woonfunctie, niet zijnde een woonwagen of een drijvend bouwwerk, geldt TOjuli ≤ 1.20. Indien voor een niet in een woongebouw gelegen woonfunctie TOjuli > 1.20 geldt, wordt met een berekening aangetoond dat het totaal aantal gewogen overschrijdingsuren in die woonfunctie op jaarbasis niet meer dan 450 is.
5.3
Thermische isolatie
!
Een verticale uitwendige scheidingconstructie van een verblijfsgebied, toiletruimte of badruimte voldoet aan Rc ≥ 4.7 m2K/W.
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
53
Een horizontale of schuine uitwendige scheidingconstructie van een verblijfsgebied, toiletruimte of badruimte voldoet aan Rc ≥ 6.3 m2K/W. Een constructie die de scheiding vormt tussen een verblijfsgebied, toiletruimte of badruimte en een kruipruimte, grond of water voldoet aan Rc ≥ 3.7 m2K/W. Een inwendige scheidingconstructie tussen een ruimte die niet wordt verwarmd of die wordt verwarmd voor uitsluitend een ander doel dan het verblijven van personen en een verblijfsgebied, toiletruimte of badruimte voldoet aan Rc ≥ 4.7 m2K/W. Ramen, deuren en kozijnen voldoen gemiddeld aan U ≤ 1.65 W/m2K en per onderdeel U ≤ 2.2 W/m2K. Met ramen, deuren, kozijnen gelijk te stellen onderdelen voldoen gemiddeld aan U ≤ 1.65 W/m2K. Een oppervlakte ter grootte van maximaal 2% van het GO vrijgesteld van bovengenoemde eisen.
5.4
Luchtvolumestroom
+
De luchtvolumestroom voor een gebruiksfunctie bedraagt niet meer dan 0.2 m3/s.
5.5
Gebruiksfunctie met een lage energievraag
n.v.t.
Deze is eis niet van toepassing.
Voorzieningen Onderstaand is aangegeven welke maatregelen noodzakelijk zijn om aan de gestelde eisen te voldoen. Als uitgangspunt is gehanteerd dat de besloten gemeenschappelijke verkeersruimte en de bergingen binnen de thermische schil liggen. De bergingen liggen wel buiten de thermische zone. De thermische isolatie (Rc-waarden en U-waarden) van de genoemde constructies is bepaald conform NTA 8800. Bij de verdere ontwikkeling en realisatie dient rekening gehouden te worden met toepassing van bouwkundige voorzieningen en installaties welke zijn voorzien van een kwaliteitsverklaring conform NTA 8800 welke is opgenomen in het register van Bureau CRG. In het rapport “Voorlopige Energielabels eengezinswoningen” (R821047aaA1 d.d. 24-03-2022) zijn de berekeningsbladen en bijbehorende kwaliteitsverklaringen opgenomen ter bepaling van de energieprestatie. Inwendige scheidingsconstructies Tussen de woningen enerzijds en de niet-verwarmde ruimten anderzijds (de verkeersruimte en bergingen) van het appartementengebouw dienen constructies met Rc ≥ 4.7 m2K/W gerealiseerd te worden. Op basis van NTA 8800 is het mogelijk een equivalente Rc-waarde voor deze scheidingsconstructies te berekenen.
Uit dergelijke berekeningen (opgenomen in bijlage 6) blijkt dat de scheidingsconstructies tussen de woningen en de onverwarmde ruimten dienen te worden voorzien van een thermische isolatie met Rc ≥ 1.2 m2K/W. Met de volgende maatregelen ter plaatse van de inwendige scheidingsconstructies kan aan de gestelde eisen worden voldaan bij het trappenhuis: -
vloeren boven niet-verwarmde ruimten Rc ≥ 1.2 m2K/W, bijvoorbeeld beton aan de onderzijde voorzien van:
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
54
-
-
50 mm Heraklith Tektalan A2 o.g., of;
-
40 mm Kingspan Kooltherm K10 Plafondplaat o.g.;
wanden tussen woningen enerzijds en onverwarmde ruimten anderzijds Rc ≥ 1.2 m2K/W, bijvoorbeeld voorzien van: -
50+12.5 mm Kingspan Kooltherm K17 binnenisolatie element, verlijmd tegen achterconstructie en voorzien van gipskartonplaat o.g.;
-
ter plaatse van de liftschacht dient een buigslappe voorzetwand in de woning gerealiseerd te worden (bijvoorbeeld vrijstaande metalstud wand met 75 mm minerale wol voorzien van een gipskartonplaat of Isover Calibel SK 80+10).
De op tekening aangegeven thermische lagen zijn voldoende dik om aan bovengenoemde eisen te voldoen. De thermische lijn tussen de gemeenschappelijke verkeersruimte en de woningen in het appartementengebouw dient door te lopen, ook ter plaatse van de gang/verkeersruimte van de woning. Bouwkundige voorzieningen -
begane grondvloer Rc ≥ 3.7 m2K/W, bijvoorbeeld Dycore ribbenvloer 350L-3.5 o.g.;
-
vloeren boven niet verwarmde ruimten (de gemeenschappelijke verkeersruimten en bergingen) Rc ≥ 1.2 m2K/W, bijvoorbeeld beton aan de onderzijde voorzien van 40 mm Kingspan Kooltherm K10 Plafondplaat o.g.;
-
vloeren boven buiten Rc ≥ 6.3 m2K/W, bijvoorbeeld toepassing van: -
beton aan de onderzijde voorzien van 170 mm Heraklith Herafoam o.g.;
-
beton aan de onderzijde voorzien van 270 mm houten regels, waartussen 270 mm Isover Systemroll 1000 o.g. (max. 12% hout);
-
beton aan de onderzijde voorzien van 210 mm EPS 250-SE (λ ≤ 0.034 W/mK);
hellend dak Rc ≥ 6.3 m2K/W, bijvoorbeeld toepassing van 240 mm Isover systemroll 1000 tussen 245 mm sporen (houtpercentage max. 8%) o.g. of Kingspan Unidek Aero 6.0 o.g.;
-
plat dak en balkons boven woningen Rc ≥ 6.3 m2K/W, bijvoorbeeld beton aan de bovenzijde voorzien van:
-
-
210 mm EPS 250-SE (λ ≤ 0.034 W/mK) o.g.;
-
140 mm Kingspan Therma TR26 FM Platdak Plaat met 4 st/m2 RVS bevestigers o.g.;
wanden tussen de bergingencluster en de gemeenschappelijke verkeersruimte enerzijds en woningen anderzijds Rc ≥ 4.7 m2K/W, bijvoorbeeld beton- of kalkzandsteenwand voorzien van: -
240 mm Isover Comfortpanel tussen 240 mm houten stijlen (max. 15% hout), voorzien van gipskartonplaat o.g.;
-
100+12.5 mm Kingspan Kooltherm K17 binnenisolatie element, verlijmd tegen achterconstructie en voorzien van gipskartonplaat o.g.;
-
gevels Rc ≥ 4.7 m2K/W, bijvoorbeeld: -
steenachtige spouwconstructie voorzien van 150 mm Isover Mupan Plus met 4 st/m2 RVS spouwankers o.g.;
-
steenachtige spouwconstructie voorzien van 121 mm Isover Multimax 30 Ultra met 4 st/m2 RVS spouwankers o.g.;
-
ramen met Uwindow ≤ 1.2 W/m2K, bijvoorbeeld toepassing van:
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
55
-
kunststof kozijnen met Uframe ≤ 1.0 W/m2K, bijvoorbeeld Gealan S9000 IKD_STV;
-
HR++-glas met Uglas ≤ 1.2 W/m2K, g-waarde = 0.6 en voorzien van een standaard aluminium afstandhouder met ψ ≤ 0.080 W/mK;
-
toepassing van geïsoleerde woningentreedeuren;
-
alle uitwendige scheidingsconstructies kier- en naaddicht detailleren conform SBR 360 klasse 2 (verbeterde kier- en naaddichting). Er is gerekend met qv10 ≤ 0.4 dm3/sm2, bij de detaillering dient extra aandacht te worden besteed aan de luchtdichting;
-
bewegende delen voorzien van knevelsluitingen en een goed functionerende kierdichting middels rondgaande, ingefreesde rubberprofielen;
-
lineaire koudebruggen forfaitair volgens NTA 8800, bijlage I.
Installatietechnische maatregelen woningen -
verwarming, warm tapwater en koeling middels individuele (bodem)combiwarmtepomp voor het appartementengebouw met COP = 5.45 voor verwarming, COP = 3.15 voor warm tapwater (bijvoorbeeld Itho 5e generatie WPU W/W warmtepomp1 in combinatie met boilertype WPV200 o.g.), met vloerverwarming en –koeling met aanvoertemperatuur van maximaal 40 °C voor verwarming en temperatuurtraject 17 °C / 21 °C voor koeling;
-
verwarming, warm tapwater en koeling middels individuele (bodem)combiwarmtepomp voor de eengezinswoningen met COP = 5.45 voor verwarming, COP = 3.30 voor warm tapwater (bijvoorbeeld Itho 5e generatie WPU W/W warmtepomp1 in combinatie met boilertype WPV200 o.g.), met vloerverwarming en –koeling met aanvoertemperatuur van maximaal 40 °C voor verwarming en temperatuurtraject 17 °C / 21 °C voor koeling;
-
beperkte leidinglengtes naar keuken en badkamer;
-
leidingdiameter warmtapwater aanrecht ≤ 10 mm;
-
ventilatie middels gebalanceerde ventilatie in het appartementengebouw, voorzien van warmteterugwinning met een systeemrendement van = 87%, 100% bypass mogelijk, uitschakeling niet mogelijk, bijvoorbeeld toepassing van Itho Daalderop HRU ECO 200 o.g.;
-
ventilatie middels gebalanceerde ventilatie in de eengezinswoningen, voorzien van warmteterugwinning met een systeemrendement van = 89%, 100% bypass mogelijk, uitschakeling niet mogelijk, bijvoorbeeld toepassing van Itho Daalderop HRU ECO 350 o.g.;
-
luchtdichtheidsklasse ventilatiekanalen LUKA C;
-
geen PV-panelen benodigd.
Berekeningsresultaat In de onderstaande tabel is het resultaat van de berekeningen samengevat. Hieruit blijkt dat aan de gestelde eisen is voldaan, mits de bovengenoemde maatregelen worden getroffen.
1
definitieve keuze warmtepomp dient plaats te vinden op basis van een transmissieberekening o.g.
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
56
TABEL – SAMENVATTING RESULAAT BENG-BEREKENINGEN
Bouwnummer
BENG 1
BENG 2
BENG 3
[kWh/m2/jaar]
[kWh/m2/jaar]
[%]
Eis*
Berekend
Eis*
Berekend
Eis*
Berekend
01
67.61
64.84
30.00
29.72
50.0
66.3
02
55.00
53.96
30.00
22.78
50.0
68.0
03
55.00
53.97
30.00
22.79
50.0
68.0
04
67.61
64.61
30.00
29.11
50.0
66.9
05
69.41
66.38
30.00
26.96
50.0
68.2
06-10
55.00
54.68
30.00
23.00
50.0
67.0
11
55.00
54.55
30.00
22.97
50.0
66.9
12
67.62
62.76
30.00
29.47
50.0
65.2
13 & 15
55.00
54.23
30.00
25.38
50.0
65.3
14 & 16
55.00
54.22
30.00
25.37
50.0
65.3
17
67.71
63.06
30.00
29.67
50.0
65.2
18-24
65.00
62.15
50.00
33.78
40.0
65.0
*) de eisen zijn afhankelijk van de verhouding tussen de verliesoppervlakte en de gebruiksoppervlakte (Als / Ag) en de gebruiksoppervlakte van de verschillende gebruiksfuncties
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
57
Afdeling 5.2 Milieu Een te bouwen bouwwerk is zodanig dat de belasting van het milieu door de in het bouwwerk toe te passen materialen wordt beperkt. Art.
Eis
5.9
Duurzaam bouwen
Toets +
Een grondgebonden woning, woongebouw heeft een milieuprestatie van ten hoogste 0.8 bepaald volgens de Bepalingsmethode Milieuprestatie Gebouwen en GWWwerken.
Voorzieningen In bijlage 5 zijn berekeningen volgens de bepalingsmethode Milieuprestatie Gebouwen en GWW werken opgenomen2. Hieruit blijkt dat de schaduwkosten € 0.58 / m2 BVO per jaar bedragen voor de eengezinswoningen en € 0.65 / m2 BVO per jaar voor het appartementengebouw.
2
De rekensoftware geeft aan dat diverse elementen niet in de berekening zijn ingevoerd (bijvoorbeeld
verzwaringen, bevestigingsmiddelen e.d.). Deze elementen zijn echter nog niet in de database opgenomen en kunnen derhalve niet ingevoerd worden.
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
58
6. INSTALLATIES Afdeling 6.5 Tijdig vaststellen van brand Een bouwwerk heeft zodanige voorzieningen dat brand tijdig kan worden ontdekt zodat veilig kan worden gevlucht. Art.
Eis
Toets
6.20
Brandmeldinstallatie
n.v.t.
TABEL - BRANDMELDINSTALLATIES GO
hoogste
omvang
door-
inspectie-
vloer
bewaking
melding
certificaat vereist
Andere woonfunctie
6.21
-
-
-
-
-
Rookmelders
!
Een te bouwen woonfunctie en bij functiewijziging naar een woonfunctie heeft in een besloten ruimte, waardoor een vluchtroute voert tussen de uitgang van een verblijfsruimte en de uitgang van de woonfunctie, rookmelders volgens primaire inrichtingseisen van NEN 2555, tenzij de woonfunctie is voorzien van een brandmeldinstallatie.
Voorzieningen Alle woonfuncties dienen te worden voorzien van rookmelders conform NEN 2555. Indien de rookmelders worden aangesloten conform NEN 2555 wordt aan de gestelde eisen voldaan. In elke ruimte waar doorheen gevlucht wordt vanuit een verblijfsruimte dient een rookmelder geplaatst te worden (zie plattegronden in bijlage 1);
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
59
Afdeling 6.6 Vluchten bij brand Een bouwwerk heeft zodanige voorzieningen dat het ontvluchten goed kan verlopen. Art.
Eis
Toets
6.23
Ontruimingsinstallatie
n.v.t.
Deze eisen zijn niet van toepassing.
6.24
Vluchtrouteaanduidingen
n.v.t.
Deze eisen zijn niet van toepassing.
6.25
Deuren in vluchtroutes
+
Deze eisen zijn niet van toepassing voor eengezinswoningen. Een deur op een gemeenschappelijke vluchtroute die toegang geeft tot een trappenhuis van een te bouwen woongebouw draait bij het openen niet tegen de vluchtrichting in. Een automatische deur en een voorziening voor toegangs- of uitgangscontrole in een vluchtroute mogen het vluchten niet belemmeren. Een toegangsdeur van een overdruktrappenhuis heeft een aanduiding waaruit blijkt dat hard duwen noodzakelijk kan zijn.
6.26
Zelfsluitende deuren
!
Een beweegbaar constructieonderdeel in een inwendige scheidingsconstructie waarvoor een eis aan branddoorslag, weerstand tegen branddoorslag of weerstand tegen rookdoorgang geldt, is zelfsluitend. Deze eisen zijn niet van toepassing voor eengezinswoningen. Dit geldt niet voor een niet-gemeenschappelijke doorgang in een bestaand gebouw. Een toegangsdeur van een woonfunctie is alleen zelfsluitend bij brand in de woonfunctie of het woongebouw waarin de woonfunctie is gelegen.
Voorzieningen Geconcludeerd kan worden dat aan de gestelde eisen is voldaan, mits de volgende voorzieningen worden getroffen: -
deuren op vluchtroutes dienen bij calamiteiten zonder sleutel direct te openen te zijn;
-
de woningentreedeuren van het appartementengebouw dienen zelfsluitend uitgevoerd te worden;
-
als uitgangspunt wordt gehanteerd dat de meterkasten en bergingen in de gemeenschappelijke verkeersruimte altijd op slot zitten. De deuren van deze kasten dienen 60 minuten brandwerend uitgevoerd te worden, maar hoeven om deze reden niet zelfsluitend uitgevoerd te worden (zie ook hoofdstuk 2.10).
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
60
Afdeling 6.7 Bestrijden van brand Een bouwwerk heeft zodanige voorzieningen voor het bestrijden van brand, dat brand binnen redelijke tijd kan worden bestreden. Art.
Eis
Toets
6.28
Brandslanghaspels
n.v.t.
Deze eis is niet van toepassing.
6.29
Droge blusleiding
n.v.t.
Een gebruiksfunctie met een vloer van een verblijfsgebied hoger gelegen dan 20 m boven het meetniveau, heeft een droge blusleiding. Aanvullende voorschriften over de droge blusleiding kunnen bij ministeriële regeling worden gegeven. De loopafstand tussen een brandslangaansluiting van bovenbedoelde droge blusleiding en een punt in een op die aansluiting aangewezen gebruiksgebied is niet groter dan 60 m voor nieuwbouw en 110 m voor bestaande bouw. Een te installeren droge blusleiding voldoet aan NEN 1594. Een bestaande droge blusleiding voldoet aan de NEN 1594 voor drukbestendigheid, onbrandbaarheid van de leiding, de soorten koppelingen en de aanduidingen voor brandslangaansluitingen en voedingsaansluitingen. Onverminderd het bepaalde in lid 1 van artikel 1.16 worden een bij of krachtens de wet voorgeschreven droge blusleiding en een pompinstallatie bij oplevering en daarna eenmaal in de vijf jaar getest volgens NEN 1594.
6.30
Bluswatervoorziening
!
Een bouwwerk heeft een toereikende bluswatervoorziening. Dit geldt niet indien de aard, ligging of het gebruik van het bouwwerk dat naar het oordeel van het bevoegd gezag niet vereist. De afstand tussen een bluswatervoorziening en een brandweeringang is ten hoogste 40 m. Een bluswatervoorziening is onbeperkt toegankelijk voor bluswerkzaamheden.
6.31
Blustoestellen
n.v.t.
Deze eis is niet van toepassing.
6.32
Automatische brandblusinstallatie en rookbeheersingssysteem
n.v.t.
Deze eis is niet van toepassing op eengezinswoningen. Een automatische brandblusinstallatie is voorzien van een geldig inspectiecertificaat op grond van het CCV-certificatieschema Vastopgestelde Brandbeheersings- en Brandblussystemen. Een rookbeheersingsinstallatie is voorzien van een geldig inspectiecertificaat op grond van het CCV-inspectieschema Rookbeheersingsinstallaties.
6.33
Aanduiding blusmiddelen
n.v.t.
Deze eis is niet van toepassing.
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
61
Voorzieningen Geconcludeerd kan worden dat aan de gestelde eisen is voldaan, mits op de situatietekening de bluswatervoorzieningen worden opgenomen. Voor de eengezinswoningen ligt de bluswatervoorziening ten hoogste 40 m van de woningentree en voor het appartementengebouw ligt de bluswatervoorziening ten hoogste 20 m van de opstelplaats voor het brandweervoertuig.
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
62
Afdeling 6.8 Bereikbaarheid voor hulpverleningsdiensten Een bouwwerk is zodanig bereikbaar voor hulpverleningsdiensten dat tijdig bluswerkzaamheden kunnen worden uitgevoerd en hulpverlening kan worden geboden. Art.
Eis
6.36
Brandweeringang
Toets +
Een bouwwerk voor het verblijven van personen heeft een brandweeringang. Dit geldt niet indien de aard, de ligging of het gebruik van het bouwwerk dat naar het oordeel van het bevoegd gezag niet vereist. Indien een bouwwerk meerdere toegangen heeft, worden in overleg met de brandweer een of meer van die toegangen als brandweeringang aangewezen. Een brandweeringang van een gebouw met een brandmeldinstallatie met doormelding wordt automatisch ontsloten of ontsloten met een systeem bepaald in overleg met de brandweer.
6.37
Bereikbaarheid bouwwerk voor hulpverleningsdiensten
!
Tussen de openbare weg en de toegang van een bouwwerk ligt een verbindingsweg die geschikt is voor voertuigen van hulpverleningsdiensten. Lid 1 geldt niet voor een gebruiksfunctie met een gebruiksoppervlakte van maximaal 1000 m2 en een vuurbelasting van ten hoogste 500 MJ/m2. Lid 1 geldt niet voor een gebruiksfunctie met een gebruiksoppervlakte van maximaal 50 m2. Lid 1 geldt niet indien de toegang tot het bouwwerk ten hoogste 10 m van de openbare weg ligt. Lid 1 geldt niet indien bevoegd gezag dit op grond van de ligging, de aard of het gebruik niet nodig acht. Een bovenbedoelde verbindingsweg heeft een breedte van minimaal 4.5 m, is verhard over een breedte van ten minste 3.25 m en geschikt voor voertuigen van ten minste 14600 kg, heeft een vrijgehouden hoogte van ten minste 4.2 m en heeft een doeltreffende afwatering. Dit geldt niet als het bestemmingsplan of een gemeentelijke verordening anderszins bepaalt. Een bovenbedoelde verbindingsweg wordt vrijgehouden over een breedte van minimaal 4.5 m en een hoogte van minimaal 4.2 m. Hekwerken die een verbindingsweg als bedoeld in het eerste lid afsluiten, kunnen door hulpdiensten snel en gemakkelijk worden geopend of worden ontsloten met een systeem dat in overleg met de brandweer is bepaald.
6.38
Opstelplaatsen voor brandweervoertuigen
!
Bij een bouwwerk voor het verblijven van personen zijn zodanige opstelplaatsen voor brandweervoertuigen dat een doeltreffende verbinding tussen die voertuigen en de bluswatervoorziening kan worden gelegd. Lid 1 geldt niet voor een gebruiksfunctie met een gebruiksoppervlakte van maximaal 1000 m2 en een vuurbelasting van ten hoogste 500 MJ/m2. Lid 1 geldt niet voor een gebruiksfunctie met een gebruiksoppervlakte van maximaal 50 m2.
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
63
Lid 1 geldt niet indien bevoegd gezag dit op grond van de ligging, de aard of het gebruik niet nodig acht. De afstand tussen een opstelplaats en een brandweeringang is ten hoogste 40 m. Een opstelplaats voor brandweervoertuigen is vrijgehouden over een breedte van 4.5 m en een hoogte van 4.2 m. Hekwerken die een opstelplaats afsluiten kunnen snel en gemakkelijk worden geopend door hulpdiensten.
6.39
Brandweerlift
n.v.t.
Deze eis is niet van toepassing op eengezinswoningen. Een te bouwen gebouw waarvan een vloer van een verblijfsgebied hoger ligt dan 20 m boven het meetniveau heeft een brandweerlift.
6.40
Mobiele radiocommunicatie hulpverleningsdiensten
n.v.t.
Deze eis is niet van toepassing.
Voorzieningen Geconcludeerd kan worden dat aan de eisen wordt voldaan indien het gebouw een brandweeringang heeft. In overleg met de brandweer dient deze aangewezen te worden en op tekening aangegeven te worden. De voorzieningen voor de hulpverleningsdiensten dienen in overleg met de brandweer te worden bepaald en op tekening te worden aangegeven. Hierbij dient met het volgende rekening gehouden te worden: -
op de situatietekening dient een opstelplaats voor brandweervoertuigen te worden opgenomen: -
voor de eengezinswoningen ligt de opstelplaats ten hoogste 40 m van de woningentree;
-
voor het appartementengebouw ligt de opstelplaats ten hoogste 10 m van de hoofdentree;
-
een opstelplaats heeft een breedte van ten minste 4.5 m voor de eengezinswoningen en 5 m voor het appartementengebouw (portiekwoningen), een lengte van ten minste 10 m en een vrije hoogte van ten minste 4.2 m;
-
de opstelplaats voor brandweervoertuigen bevindt zich op een afstand van maximaal 15 m van de brandweeringang en op een afstand van maximaal 20 m van de bluswatervoorziening.
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
64
Afdeling 6.10 Bereikbaarheid van gebouwen voor gehandicapten Een bouwwerk met een toegankelijkheidssector, een woongebouw zonder een toegankelijkheidssector (art. 4.27, lid 3) en een gebouw zonder een toegankelijkheidssector (art. 4.27, lid 6), zijn vanaf de openbare weg toegankelijk voor personen met een functiebeperking. Art.
Eis
6.49
Bereikbaarheid van gebouwen voor personen met een functiebeperking
Toets +
Ten minste een route tussen de openbare weg en ten minste een toegang van een toegankelijkheidssector van een gebouw, een woongebouw zonder een toegankelijkheidssector (art. 4.27, lid 3), of een gebouw zonder een toegankelijkheidssector (art. 4.27, lid 6), loopt over een weg, pad of steiger met een breedte van ten minste 1.1 m waarbij een te overbruggen hoogteverschil van meer dan 0.02 m met een hellingbaan wordt overbrugd. Een doorgang in deze route heeft een vrije breedte van ten minste 0.85 m en een vrije hoogte van ten minste 2 m.
Voorzieningen Geconcludeerd kan worden dat aan de gestelde eisen wordt voldaan, indien de in afdeling 4.4 genoemde voorzieningen worden getroffen.
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
65
Afdeling 6.11 Tegengaan van veel voorkomende criminaliteit Een woongebouw heeft zodanige voorzieningen dat veel voorkomende criminaliteit wordt voorkomen. Art.
Eis
6.51
Voorkomen van veel voorkomende criminaliteit in een woongebouw
Toets !
Een toegang van een te bouwen woongebouw heeft een zelfsluitende deur die van buitenaf niet zonder sleutel geopend kan worden. Ten minste een toegang van een te bouwen woongebouw heeft een voorziening aan de buitenkant waarmee een signaal kan worden afgegeven dat in een nietgemeenschappelijk verblijfsgebied van een op die toegang aangewezen woonfunctie waarneembaar is. Ten minste een toegang van een te bouwen woongebouw heeft een spreekinstallatie die vanuit een niet-gemeenschappelijke ruimte van een op die toegang aangewezen woonfunctie kan worden bediend. Ten minste een toegang van een te bouwen woongebouw kan vanuit een nietgemeenschappelijke ruimte van een op die toegang aangewezen woonfunctie worden geopend. Een afsluitbare toegang van een bestaand woongebouw heeft een zelfsluitende deur die van buitenaf niet zonder sleutel geopend kan worden. Indien een woonfunctie in een bestaand woongebouw uitsluitend bereikbaar is via een afsluitbare gemeenschappelijke verkeersruimte, heeft ten minste een toegang van het woongebouw aan de buitenkant een voorziening waarmee een signaal kan worden gegeven dat in een niet-gemeenschappelijke ruimte van die woonfunctie waarneembaar is.
Voorzieningen Geconcludeerd kan worden dat aan de gestelde eisen wordt voldaan, mits de onderstaande aandachtspunten in acht worden gehouden voor het appartementengebouw: -
ter plaatse van de hoofdentree dient een beltableau te worden gerealiseerd;
-
de hoofdentree dient te worden voorzien van een intercominstallatie;
-
de hoofdentree dient te kunnen worden geopend vanuit de appartementen;
-
de entreedeur van het woongebouw dient zelfsluitend te zijn.
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
66
BIJLAGE 1 – GEVELS EN PLATTEGRONDEN
R821047aaA0 - Prof. Einsteinlaan, Voorschoten
B
C
A
D
A
A
A
E
A
A
02
02 270
3170
Woonkamer/Keuken
Woonkamer/Keuken
verblijfsruimte Opp.: 33,74 m2
verblijfsruimte Opp.: 33,74 m2
Trapkast
4800
4800
4800
4800
3170
3170
Trapkast
3170
Woonkamer/Keuken
Woonkamer/Keuken
verblijfsruimte Opp.: 33,74 m2
verblijfsruimte Opp.: 33,74 m2
Trapkast
Trapkast
VG1 9400
9400
10140 9600
9400
9400
R mk.
mk.
mk.
Toilet
Toilet
Toilet
toiletruimte Opp.: 1,14 m2
toiletruimte Opp.: 1,14 m2
toiletruimte Opp.: 1,14 m2
Gang
Gang
verkeersruimte Opp.: 4,18 m2
verkeersruimte Opp.: 4,18 m2
Installaties
Installaties
02
GBO
WP
Installaties
kruipluik
03
GBO gebruiksoppervlakte oppervl: 45,12 m2
04
GBO gebruiksoppervlakte oppervl: 45,12 m2
kruipluik
A
WP
01 270 GBO gebruiksoppervlakte oppervl: 45,12 m2
D
240
5100
C
A
5100
5100
5100
240
B
WP
20880
gebruiksoppervlakte oppervl: 45,12 m2
kruipluik
A
toiletruimte Opp.: 1,14 m2
technische ruimte Opp.: 1,48 m2
2650
01
begane grond blok 1
Installaties
2650
A
2650
kruipluik
01
A
Gang verkeersruimte Opp.: 4,18 m2
technische ruimte technische ruimte Opp.: 1,48 m2 Opp.: 1,48 m2
2650
WP
Toilet Gang verkeersruimte Opp.: 4,18 m2
A
technische ruimte Opp.: 1,48 m2
mk.
E
LEGENDA reductie t.b.v. daglichttoetreding rookmelder R
*
B
C
D
A
A
E
02
02 2080
4665
Slaapkamer 3
Slaapkamer 2
Slaapkamer 2
Slaapkamer 3
verblijfsruimte Opp.: 6,59 m2
verblijfsruimte Opp.: 12,36 m2
verblijfsruimte Opp.: 12,36 m2
verblijfsruimte Opp.: 6,59 m2
70
3170
2650
verblijfsruimte Opp.: 6,59 m2
2650
Slaapkamer 3
verblijfsruimte Opp.: 12,36 m2
70
2080
2080
2650 Slaapkamer 2
verblijfsruimte Opp.: 12,36 m2
70
2650
Slaapkamer 2
verblijfsruimte Opp.: 6,59 m2
70
2080 Slaapkamer 3
3170
3170
3170
4665
4665
4665
70
70
verblijfsruimte Opp.: 12,20 m2 4665
4665
R Overloop
*
verkeersruimte Opp.: 3,62 m2
70
70
Overloop
Overloop
verkeersruimte Opp.: 3,62 m2
verkeersruimte Opp.: 3,62 m2
Overloop verkeersruimte Opp.: 3,62 m2
9600
VG2
Slaapkamer 1
Slaapkamer 1
verblijfsruimte Opp.: 12,20 m2 4665
2890
4665
Slaapkamer 1
verblijfsruimte Opp.: 12,20 m2
Badkamer
Badkamer badruimte 2890
badruimte Opp.: 5,77 m2
2890
Opp.: 5,77 m2
Slaapkamer 1 verblijfsruimte Opp.: 12,20 m2
Badkamer
Badkamer badruimte 2890
badruimte Opp.: 5,77 m2
Opp.: 5,77 m2
2080
70
2650
2650
70
2080
2080
70
2650
2650
70
2080
01
01 GBO
GBO
GBO
GBO
gebruiksoppervlakte oppervl: 45,12 m2
gebruiksoppervlakte oppervl: 45,12 m2
gebruiksoppervlakte oppervl: 45,12 m2
gebruiksoppervlakte oppervl: 45,12 m2
A
C
5100
B
5100
1e verdieping blok 1
5100
5100
A
D
E
LEGENDA reductie t.b.v. daglichttoetreding rookmelder R
*
B
C
optie indeling zolder geschakelde dakkapel
D
A
A
optie indeling zolder geschakelde dakkapel
E
optie indeling zolder geschakelde dakkapel
optie indeling zolder geschakelde dakkapel
02
02
1500+
1500+
2300+
2300+
2600+
2600+
2620
2620
2620
2620
1500+
1500+
VG3 4000
4000
verblijfsruimte Opp.: 10,48 m2
Slaapkamer 4
Slaapkamer 4
verblijfsruimte Opp.: 10,48 m2
R
2600+
4000
4000
verblijfsruimte Opp.: 10,48 m2
Slaapkamer 4 verblijfsruimte Opp.: 10,48 m2
2300+ 2600+
Overloop verkeersruimte Opp.: 4,42 m2
2600+ 2300+
2600+
2600+
2300+
2300+
verkeersruimte Opp.: 4,42 m2
Overloop verkeersruimte Opp.: 4,42 m2
2600+
2600+
2300+
2300+
2600+
2600+
2300+
2300+
2300+
Techniek
Techniek
Techniek
technische ruimte Opp.: 8,86 m2
technische ruimte Opp.: 8,86 m2
technische ruimte Opp.: 8,86 m2
WM
WD 1500+
WD
WM
1500+
dakpannen met geïntegreerde zonnepanelen, Monier VI90, G-10 PV modules o.g.
WTW
Techniek
1500+
1500+
WM
1500+
dakpannen met geïntegreerde zonnepanelen, Monier VI90, G-10 PV modules o.g.
WD 1500+
WD
WM
1500+
dakpannen met geïntegreerde zonnepanelen, Monier VI90, G-10 PV modules o.g.
9600
2600+
technische ruimte Opp.: 8,86 m2
WTW
WTW
Overloop
verkeersruimte Opp.: 4,42 m2
Overloop
WTW
Slaapkamer 4 2300+
1500+
dakpannen met geïntegreerde zonnepanelen, Monier VI90, G-10 PV modules o.g.
01
01 GBO
GBO
GBO
GBO
gebruiksoppervlakte oppervl: 27,44 m2
gebruiksoppervlakte oppervl: 27,44 m2
gebruiksoppervlakte oppervl: 27,44 m2
gebruiksoppervlakte oppervl: 27,44 m2
A
C
5100
B
5100
2e verdieping blok 1
5100
5100
A
D
E
LEGENDA reductie t.b.v. daglichttoetreding rookmelder R
*
B
C
A
D
A
A
A
E
A
A
02
02 270
3170
Woonkamer/Keuken
Woonkamer/Keuken
verblijfsruimte Opp.: 33,74 m2
verblijfsruimte Opp.: 33,74 m2
Trapkast
3170
Trapkast
9400
4800
4800
4800
4800
3170
3170
Woonkamer/Keuken
Woonkamer/Keuken
verblijfsruimte Opp.: 33,74 m2
verblijfsruimte Opp.: 33,74 m2
Trapkast
Trapkast
9400
9400
10140 9600
9400
R mk.
mk.
mk.
Toilet
Toilet
Toilet
toiletruimte Opp.: 1,14 m2
toiletruimte Opp.: 1,14 m2
toiletruimte Opp.: 1,14 m2
Gang
Gang
verkeersruimte Opp.: 4,18 m2
verkeersruimte Opp.: 4,18 m2
Installaties
Installaties
kruipluik
A
02
GBO
WP
Installaties
kruipluik
03
GBO
kruipluik
A
04
GBO gebruiksoppervlakte oppervl: 45,12 m2
WP
01 270 GBO gebruiksoppervlakte oppervl: 45,12 m2
D
240
5100
C
A
5100
5100
5100
240
20880
gebruiksoppervlakte oppervl: 45,12 m2
B
WP
toiletruimte Opp.: 1,14 m2
technische ruimte Opp.: 1,48 m2
2650
A
gebruiksoppervlakte oppervl: 45,12 m2
WBDBO begane grond blok 1
Installaties
2650
01
2650
kruipluik
01
A
Gang verkeersruimte Opp.: 4,18 m2
technische ruimte technische ruimte Opp.: 1,48 m2 Opp.: 1,48 m2
2650
WP
Toilet Gang verkeersruimte Opp.: 4,18 m2
A
technische ruimte Opp.: 1,48 m2
mk.
E
LEGENDA 60 minuten brandwerend 30 minuten brandwerend
B
C
D
A
A
E
02
02 2080
4665
Slaapkamer 3
Slaapkamer 2
Slaapkamer 2
Slaapkamer 3
verblijfsruimte Opp.: 6,59 m2
verblijfsruimte Opp.: 12,36 m2
verblijfsruimte Opp.: 12,36 m2
verblijfsruimte Opp.: 6,59 m2
70
3170
2650
verblijfsruimte Opp.: 6,59 m2
2650
Slaapkamer 3
verblijfsruimte Opp.: 12,36 m2
70
2080
2080
2650 Slaapkamer 2
verblijfsruimte Opp.: 12,36 m2
70
2650 Slaapkamer 2
verblijfsruimte Opp.: 6,59 m2
70
2080 Slaapkamer 3
3170
3170
3170
4665
4665
4665
70
70
verblijfsruimte Opp.: 12,20 m2 4665
4665
R Overloop
Overloop
Overloop
verkeersruimte Opp.: 3,62 m2
verkeersruimte Opp.: 3,62 m2
verkeersruimte Opp.: 3,62 m2
70
70
verblijfsruimte Opp.: 12,20 m2 4665
4665
Slaapkamer 1
2890
Overloop verkeersruimte Opp.: 3,62 m2
Slaapkamer 1
Slaapkamer 1
verblijfsruimte Opp.: 12,20 m2
Badkamer
Badkamer badruimte 2890
badruimte Opp.: 5,77 m2
2890
Opp.: 5,77 m2
9600
Slaapkamer 1 verblijfsruimte Opp.: 12,20 m2
Badkamer
Badkamer badruimte 2890
badruimte Opp.: 5,77 m2
Opp.: 5,77 m2
2080
70
2650
2650
70
2080
2080
70
2650
2650
70
2080
01
01 GBO
GBO
GBO
GBO
gebruiksoppervlakte oppervl: 45,12 m2
gebruiksoppervlakte oppervl: 45,12 m2
gebruiksoppervlakte oppervl: 45,12 m2
gebruiksoppervlakte oppervl: 45,12 m2
A
C
5100
B
5100
WBDBO 1e verdieping blok 1
5100
5100
A
D
E
LEGENDA 60 minuten brandwerend 30 minuten brandwerend
B
C
optie indeling zolder geschakelde dakkapel
D
A
A
optie indeling zolder geschakelde dakkapel
E
optie indeling zolder geschakelde dakkapel
optie indeling zolder geschakelde dakkapel
02
02
4000
4000
verblijfsruimte Opp.: 10,48 m2
1500+
2300+
2300+
2600+
2600+
1500+
Slaapkamer 4
Slaapkamer 4
verblijfsruimte Opp.: 10,48 m2
R
2600+
4000
4000
verblijfsruimte Opp.: 10,48 m2
Slaapkamer 4 verblijfsruimte Opp.: 10,48 m2
2300+ 2600+
Overloop verkeersruimte Opp.: 4,42 m2
Overloop verkeersruimte Opp.: 4,42 m2
2600+ 2300+
2600+
2600+
2300+
2300+
verkeersruimte Opp.: 4,42 m2
Overloop verkeersruimte Opp.: 4,42 m2
2600+
2600+
2300+
2300+
2600+
2600+
2300+
2300+
2300+
Techniek
Techniek
Techniek
technische ruimte Opp.: 8,86 m2
technische ruimte Opp.: 8,86 m2
technische ruimte Opp.: 8,86 m2
WM
WD 1500+
WD
WM
1500+
dakpannen met geïntegreerde zonnepanelen, Monier VI90, G-10 PV modules o.g.
WTW
Techniek
1500+
1500+
WM
1500+
dakpannen met geïntegreerde zonnepanelen, Monier VI90, G-10 PV modules o.g.
WD 1500+
WD
WM
1500+
dakpannen met geïntegreerde zonnepanelen, Monier VI90, G-10 PV modules o.g.
9600
2600+
technische ruimte Opp.: 8,86 m2
WTW
WTW
Overloop
WTW
Slaapkamer 4 2300+
1500+
2620
2620
2620
2620
1500+
1500+
dakpannen met geïntegreerde zonnepanelen, Monier VI90, G-10 PV modules o.g.
01
01 GBO
GBO
GBO
GBO
gebruiksoppervlakte oppervl: 27,44 m2
gebruiksoppervlakte oppervl: 27,44 m2
gebruiksoppervlakte oppervl: 27,44 m2
gebruiksoppervlakte oppervl: 27,44 m2
A
C
5100
B
5100
WBDBO 2e verdieping blok 1
5100
5100
A
D
E
LEGENDA 60 minuten brandwerend 30 minuten brandwerend
11.840 +
11.840 +
11.840 +
8.880 +
8.880 +
8.880 +
5.920 +
5.920 +
2.960 +
2.960 +
5
5
5
5
5.920 +
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
2.960 +
3
2
3
2
3
2
3
2
Peil
Peil
5100
A
geveltekeningen blok 1 noord-west
5100
B
5100
C
5100
D
E
LEGENDA 30 minuten brandwerend
11.840 +
11.840 +
8.880 +
8.880 +
6
6
6
6
5.920 +
5.920 +
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
2.960 +
2.960 +
4
4
4
4
Peil
Peil
5100
E
geveltekeningen blok 1 zuid-oost
5100
D
5100
C
5100
B
A
LEGENDA 30 minuten brandwerend
11.840 +
11.840 +
11.840 +
11.840 +
8.880 +
8.880 +
8.880 +
8.880 +
5.920 +
5.920 +
5.920 +
5.920 +
2.960 +
2.960 +
2.960 +
2.960 +
7
7
7
Peil
Peil
Peil
9600
02
geveltekeningen blok 1 noord-oost en zuid-west
7
Peil
9600
01
01
02
LEGENDA 30 minuten brandwerend
5100
5100
GBO gebruiksoppervlakte oppervl: 45,12 m2
Woonkamer/Keuken verblijfsruimte Opp.: 33,74 m2
Gang
4800
verkeersruimte Opp.: 4,18 m2
A
Installaties WP
Toilet
technische ruimte Opp.: 1,48 m2
O 240
Trapkast
toiletruimte Opp.: 1,14 m2
3170
O 01
1800
Berging bergruimte Opp.: 6,44 m2
3575
J
K
L
1,50 m2
C 1,50 m2
1,50 m2
Bergingen
3490
I
bergruimte Opp.: 12,48 m2
2100 3750 A
150
1,50 m2
2860
1800
4800
100
2200
05
100
bergruimte Opp.: 5,15 m2
technische ruimte Opp.: 1,27 m2
1,50 m2
100
Berging Gang verkeersruimte Opp.: 12,00 m2
Keuken
Slaapkamer 2
verblijfsruimte Opp.: 6,86 m2
verblijfsruimte Opp.: 7,26 m2
Meterkast technische ruimte Opp.: 1,50 m2
214
0
3170
3170
4800 3170
4800
3170
4800 3170
4800
3170
3170
4800
1628
Install. 1,50 m2
4800
150
A
4530
A
3266
A
100
A
270
02
A
1500
A
270
H
N
3300
G
B
F
100
M
Trapkast
mk.
mk.
mk.
mk.
Toilet
Toilet
toiletruimte Opp.: 1,14 m2
toiletruimte Opp.: 1,14 m2
Installaties
Gang
Gang
verkeersruimte Opp.: 4,30 m2
verkeersruimte Opp.: 4,30 m2
Installaties
Installaties
2650 WP