Bijlage 1 Was-wordt lijst Achtste wijziging Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Voorschoten
Tekst van het document
Hoogte De hoogte van het persoonsgebonden budget moet toereikend zijn om daarmee de maatschappelijke ondersteuning in te kunnen kopen welke voldoet aan de kwaliteit met betrekking tot het doel waarvoor het is verstrekt. Voor hulpmiddelen en woningaanpassingen geldt dat het persoonsgebonden budget in ieder geval niet meer bedraagt dan het bedrag welke het college zelf verschuldigd zou zijn, waaronder inbegrepen de genoemde kosten. Voor de vaststellen van het persoonsgebonden budget voor diensten zijn in dit hoofdstuk de kaders bepaald. Er wordt verder gebruik gemaakt van de mogelijkheid tot het delegeren van nadere regels aan het college. Daarbij zal het college zich wel rekenschap moeten geven van de kaders die in dit hoofdstuk zijn gesteld. Die hebben onder meer betrekking op de verschillende tarieven die van toepassing kunnen zijn op professionals en niet-professionals.
Hoogte De hoogte van het persoonsgebonden budget moet toereikend zijn om daarmee de maatschappelijke ondersteuning in te kunnen kopen welke voldoet aan de kwaliteit met betrekking tot het doel waarvoor het is verstrekt. Voor hulpmiddelen en woningaanpassingen geldt dat het persoonsgebonden budget in ieder geval niet meer bedraagt dan het bedrag welke het college zelf verschuldigd zou zijn, waaronder inbegrepen de genoemde kosten. Voor de vaststellen van het persoonsgebonden budget voor diensten zijn in dit hoofdstuk de kaders bepaald. Er wordt verder gebruik gemaakt van de mogelijkheid tot het delegeren van nadere regels aan het college. Daarbij zal het college zich wel rekenschap moeten geven van de kaders die in dit hoofdstuk zijn gesteld. Die hebben onder meer betrekking op de verschillende tarieven die van toepassing kunnen zijn op professionals en niet-professionals.
6. Maatschappelijke ondersteuning
6. Maatschappelijke ondersteuning
In hoofdstuk 6 van deze verordening wordt bepaald wat in ieder geval onder maatschappelijke ondersteuning wordt verstaan. De opsomming komt voort uit de toelichting van de wet. Verder worden voorbeelden van maatwerkvoorzieningen genoemd die het college kan verlenen.
In hoofdstuk 6 van deze verordening wordt bepaald wat in ieder geval onder maatschappelijke ondersteuning wordt verstaan. De opsomming komt voort uit de toelichting van de wet. Verder worden voorbeelden van maatwerkvoorzieningen genoemd die het college kan verlenen.
47
gemaakt hoe in de praktijk de PGB vaardigheid van een cliënt wordt vastgesteld.
Onder omstandigheden kan een maatwerkvoorziening ook een op maat van de persoon gesneden afgestemd geheel van maatregelen zijn. Daarbij kan het gaan om vormen van hulp die beschikbaar zijn ter ondersteuning van verschillende cliënten, maar ook om op maat voor iemand bedachte oplossingen. Deze kunnen ook betrekking hebben op de afstemming als bedoeld in artikel 2.3.5 lid 5 van de wet.
Onder omstandigheden kan een maatwerkvoorziening ook een op maat van de persoon gesneden afgestemd geheel van maatregelen zijn. Daarbij kan het gaan om vormen van hulp die beschikbaar zijn ter ondersteuning van verschillende cliënten, maar ook om op maat voor iemand bedachte oplossingen. Deze kunnen ook betrekking hebben op de afstemming als bedoeld in artikel 2.3.5 lid 5 van de wet.
De hoofdregel is dat het primaat van de collectieve maatwerkvoorziening geldt, zoals collectief vervoer. Bij de beoordeling of het primaat kan worden toegepast wordt altijd gekeken naar de individuele omstandigheden van het geval. De genoemde primaten zijn al bekend onder de WVG en de Wmo. Verder is het zo dat de maatwerkvoorziening voor een kortdurende periode kan worden verleend. De maatschappelijke ondersteuning wordt dan ontwikkelingsgericht ingezet hetgeen aansluit bij de bedoeling van de wetgever.
De hoofdregel is dat het primaat van de collectieve maatwerkvoorziening geldt, zoals collectief vervoer. Bij de beoordeling of het primaat kan worden toegepast wordt altijd gekeken naar de individuele omstandigheden van het geval. De genoemde primaten zijn al bekend onder de WVG en de Wmo. Verder is het zo dat de maatwerkvoorziening voor een kortdurende periode kan worden verleend. De maatschappelijke ondersteuning wordt dan ontwikkelingsgericht ingezet hetgeen aansluit bij de bedoeling van de wetgever.
7. Hulp bij een schoon huis
7. Hulp bij een schoon huis
In hoofdstuk 7 van deze verordening zijn de mogelijkheden opgenomen over de aanspraak op ondersteuning aan cliënten die niet (zelf) in staat zijn (zoals bedoeld in hoofdstuk 4 van deze verordening) beperkingen op het gebied van het zelf uitvoeren van huishoudelijke taken.
In hoofdstuk 7 van deze verordening zijn de mogelijkheden opgenomen over de aanspraak op ondersteuning aan cliënten die niet (zelf) in staat zijn (zoals bedoeld in hoofdstuk 4 van deze verordening) beperkingen op het gebied van het zelf uitvoeren van huishoudelijke taken. Bij het toepassen van deze criteria wordt gebruik gemaakt van het normenkader dat periodiek wordt opgesteld door Bureau HHM.
Net als onder Wmo 2007 het geval is wordt geen hulp bij het huishouden verleend indien sprake is van gebruikelijke hulp. Het college houdt daarbij rekening met de omstandigheden zoals genoemd. Zie in dat kader de definities van leefeenheid en huisgenoot. Verder kadert dit hoofdstuk de resultaten waar de hulp bij het huishouden op zijn gericht.
Net als onder Wmo 2007 het geval is wordt geen hulp bij het huishouden verleend indien sprake is van gebruikelijke hulp. Het college houdt daarbij rekening met de omstandigheden zoals genoemd. Zie in dat kader de definities van leefeenheid en huisgenoot. Verder kadert dit hoofdstuk de resultaten waar de hulp bij het huishouden op zijn gericht.
8. Begeleiding, dagbesteding en kortdurend verblijf in een instelling
8. Begeleiding, dagbesteding en kortdurend verblijf in een instelling
In hoofdstuk 8 van deze verordening zijn de mogelijkheden opgenomen over de aanspraak op ondersteuning aan cliënten die niet (zelf) in staat zijn (zoals bedoeld in hoofdstuk 4 van deze verordening) beperkingen op het gebied van het in staat zijn tot algemeen dagelijkse levensverrichtingen of dagbesteding.
In hoofdstuk 8 van deze verordening zijn de mogelijkheden opgenomen over de aanspraak op ondersteuning aan cliënten die niet (zelf) in staat zijn (zoals bedoeld in hoofdstuk 4 van deze verordening) beperkingen op het gebied van het in staat zijn tot algemeen dagelijkse levensverrichtingen of dagbesteding.
De algemene criteria hebben betrekking op de mogelijkheid van het combineren van de maatwerkvoorziening met de mogelijkheden van de cliënt zelf, zijn sociale netwerk of informele hulp. Onder het combineren van kan ook afstemmen op worden verstaan. Verder geldt, zoals eerder in
De algemene criteria hebben betrekking op de mogelijkheid van het combineren van de maatwerkvoorziening met de mogelijkheden van de cliënt zelf, zijn sociale netwerk of informele hulp. Onder het combineren van kan ook afstemmen op worden verstaan. Verder geldt, zoals eerder 48
Duidelijkheid wordt gegeven over de normen die worden gehanteerd bij de beoordeling van aanvragen om huishoudelijke hulp.
deze verordening is bepaald, het primaat van de collectieve maatwerkvoorziening, indien aanwezig en geschikt.
in deze verordening is bepaald, het primaat van de collectieve maatwerkvoorziening, indien aanwezig en geschikt.
De specifieke criteria voor begeleiding hebben betrekking op gebruikelijke hulp en de wijze waarop het college rekening houdt met de omstandigheden zoals genoemd. Zie in dat kader de definities van leefeenheid en huisgenoot. De cliënt komt voor begeleiding in aanmerking indien deze maatwerkvoorziening bijdraagt aan het behouden of mogelijk verbeteren van diens zelfredzaamheid en participatie. Niet is beoogd een limitatieve opsomming te geven van voorbeelden wat daar onder wordt verstaan, de belangrijkste worden genoemd.
De specifieke criteria voor begeleiding hebben betrekking op gebruikelijke hulp en de wijze waarop het college rekening houdt met de omstandigheden zoals genoemd. Zie in dat kader de definities van leefeenheid en huisgenoot. De cliënt komt voor begeleiding in aanmerking indien deze maatwerkvoorziening bijdraagt aan het behouden of mogelijk verbeteren van diens zelfredzaamheid en participatie. Niet is beoogd een limitatieve opsomming te geven van voorbeelden wat daar onder wordt verstaan, de belangrijkste worden genoemd.
Voor zover de cliënt aanspraak maakt op dagbesteding (zie definitie) kan ook aanspraak bestaan op het noodzakelijke vervoer naar de locatie waar deze wordt geboden. Verder kadert dit hoofdstuk de te bereiken resultaten van begeleiding. De definitie van dagbesteding in deze verordening brengt mee dat dagbesteding niet specifiek gericht is op het zelfstandig kunnen wonen maar juist op het zo lang mogelijk in de eigen leefomgeving kunnen blijven wonen. Voor zover de cliënt mantelzorg ontvangt kan ter ontlasting van de mantelzorger kortdurend verblijf in een instelling worden geboden. Dit hoofdstuk kadert de aanspraak.
Voor zover de cliënt aanspraak maakt op dagbesteding (zie definitie) kan ook aanspraak bestaan op het noodzakelijke vervoer naar de locatie waar deze wordt geboden. Verder kadert dit hoofdstuk de te bereiken resultaten van begeleiding. De definitie van dagbesteding in deze verordening brengt mee dat dagbesteding niet specifiek gericht is op het zelfstandig kunnen wonen maar juist op het zo lang mogelijk in de eigen leefomgeving kunnen blijven wonen. Voor zover de cliënt mantelzorg ontvangt kan ter ontlasting van de mantelzorger kortdurend verblijf in een instelling worden geboden. Dit hoofdstuk kadert de aanspraak.
9. Hulp gericht op het wonen 9. Hulp gericht op het wonen In hoofdstuk 9 van deze verordening zijn de mogelijkheden opgenomen over de aanspraak op ondersteuning aan cliënten die niet (zelf) in staat zijn (zoals bedoeld in hoofdstuk 4 van deze verordening) beperkingen op het gebied van wonen te verminderen of weg te nemen. In dit hoofdstuk wordt eveneens bepaald waar het resultaat van de te verlenen woonvoorziening betrekking op moet hebben. Verder bepaalt dit hoofdstuk specifieke criteria voor de te verlenen woonvoorzieningen. Als eerste worden situaties genoemd waar de bepalingen van dit hoofdstuk niet op van toepassing zijn. Verder is het zo dat een woonvoorziening slechts wordt verleend indien de cliënt zijn hoofdverblijf heeft of zal hebben de betreffende woning. Gewezen wordt op de begripsbepalingen hieromtrent. Daarnaast zijn voorwaarden opgenomen wanneer het college een woonvoorziening kan weigeren. Deze voorwaarden hebben (mede) betrekking op de eigen verantwoordelijkheid die van de aanvrager (de cliënt) mag worden verwacht dan wel kan worden gevergd. Ook zijn er uitzonderingen genoemd op de voorwaarde dat geen woonvoorzieningen
In hoofdstuk 9 van deze verordening zijn de mogelijkheden opgenomen over de aanspraak op ondersteuning aan cliënten die niet (zelf) in staat zijn (zoals bedoeld in hoofdstuk 4 van deze verordening) beperkingen op het gebied van wonen te verminderen of weg te nemen. In dit hoofdstuk wordt eveneens bepaald waar het resultaat van de te verlenen woonvoorziening betrekking op moet hebben. Verder bepaalt dit hoofdstuk specifieke criteria voor de te verlenen woonvoorzieningen. Als eerste worden situaties genoemd waar de bepalingen van dit hoofdstuk niet op van toepassing zijn. Verder is het zo dat een woonvoorziening slechts wordt verleend indien de cliënt zijn hoofdverblijf heeft of zal hebben de betreffende woning. Gewezen wordt op de begripsbepalingen hieromtrent. Daarnaast zijn voorwaarden opgenomen wanneer het college een woonvoorziening kan weigeren. Deze voorwaarden hebben (mede) betrekking op de eigen verantwoordelijkheid die van de aanvrager (de cliënt) mag worden verwacht dan wel kan worden gevergd. Ook zijn er 49
worden verleend aan gemeenschappelijke ruimten. De reden hiervan is dat de cliënt met het verlenen van deze voorzieningen gebruik kan maken van zijn woning, waaronder begrepen de toegang. Deze meeste voorwaarden in dit hoofdstuk zijn in overeenstemming met de lijn die onder de Wet voorzieningen gehandicapten (WVG) en Wmo 2007 al werd toegepast. Een aantal daarvan zijn overigens ook opgenomen in de concept modelverordening van de VNG. Bij het verlenen van een woningaanpassing geldt het principe van het primaat van verhuizen indien de kosten van een noodzakelijke aanpassing aan de woning niet de goedkoopst passende bijdrage is. In voorkomende gevallen kan het college de cliënt, zonder aanvraag, in aanmerking brengen voor een tegemoetkoming voor verhuiskosten en/of inrichtingskosten als bedoeld in hoofdstuk 12 van deze verordening. Het college is bij de toepassing van het primaat van verhuizen wel gehouden een belangenafweging te maken.
uitzonderingen genoemd op de voorwaarde dat geen woonvoorzieningen worden verleend aan gemeenschappelijke ruimten. De reden hiervan is dat de cliënt met het verlenen van deze voorzieningen gebruik kan maken van zijn woning, waaronder begrepen de toegang. Deze meeste voorwaarden in dit hoofdstuk zijn in overeenstemming met de lijn die onder de Wet voorzieningen gehandicapten (WVG) en Wmo 2007 al werd toegepast. Een aantal daarvan zijn overigens ook opgenomen in de concept modelverordening van de VNG. Bij het verlenen van een woningaanpassing geldt het principe van het primaat van verhuizen indien de kosten van een noodzakelijke aanpassing aan de woning niet de goedkoopst passende bijdrage is. In voorkomende gevallen kan het college de cliënt, zonder aanvraag, in aanmerking brengen voor een tegemoetkoming voor verhuiskosten en/of inrichtingskosten als bedoeld in hoofdstuk 12 van deze verordening. Het college is bij de toepassing van het primaat van verhuizen wel gehouden een belangenafweging te maken.
10. Hulp bij deelname aan het maatschappelijk verkeer
10. Hulp bij deelname aan het maatschappelijk verkeer
In hoofdstuk 10 van deze verordening zijn de mogelijkheden opgenomen over de aanspraak op ondersteuning aan cliënten die niet (zelf) in staat zijn (zoals bedoeld in hoofdstuk 4 van deze verordening) deel te nemen aan het maatschappelijk verkeer. Wat daaronder wordt verstaan is neergelegd in dit hoofdstuk. Verder zijn, onverminderd andere bepalingen in deze verordening, ook specifieke criteria omschreven die van toepassing zijn op dit hoofdstuk.
In hoofdstuk 10 van deze verordening zijn de mogelijkheden opgenomen over de aanspraak op ondersteuning aan cliënten die niet (zelf) in staat zijn (zoals bedoeld in hoofdstuk 4 van deze verordening) deel te nemen aan het maatschappelijk verkeer. Wat daaronder wordt verstaan is neergelegd in dit hoofdstuk. Verder zijn, onverminderd andere bepalingen in deze verordening, ook specifieke criteria omschreven die van toepassing zijn op dit hoofdstuk.
Met het zich kunnen verplaatsen in de leefomgeving wordt de cliënt (ook) in de gelegenheid gesteld medemensen te ontmoeten. Het uitgangspunt qua omvang is bepaald op 1500 kilometer per jaar. Dit betekent echter niet dat er in het individuele geval niet meer of minder mogelijk zou kunnen zijn. Het college is immers gehouden maatwerk te leveren en is daarom in individuele gevallen bevoegd om af te wijken. Dat zou bijvoorbeeld (ook) het geval kunnen zijn als er meer dan één vervoersvoorziening wordt verleend. Het college stemt de hoogte van de aanspraak op een eventuele tegemoetkoming voor reiskosten als bedoeld in hoofdstuk 12 van deze verordening af op de hier gestelde kaders en vervoersbehoefte van de cliënt.
Met het zich kunnen verplaatsen in de leefomgeving wordt de cliënt (ook) in de gelegenheid gesteld medemensen te ontmoeten. Het uitgangspunt qua omvang is bepaald op 2124 kilometer per jaar. Dit betekent echter niet dat er in het individuele geval niet meer of minder mogelijk zou kunnen zijn. Het college is immers gehouden maatwerk te leveren en is daarom in individuele gevallen bevoegd om af te wijken. Dat zou bijvoorbeeld (ook) het geval kunnen zijn als er meer dan één vervoersvoorziening wordt verleend. Het college stemt de hoogte van de aanspraak op een eventuele tegemoetkoming voor reiskosten als bedoeld in hoofdstuk 12 van deze verordening af op de hier gestelde kaders en vervoersbehoefte van de cliënt.
11. Bijdrage in de kosten
11. Bijdrage in de kosten
In hoofdstuk 11 van deze verordening zijn de regels neergelegd over de verschuldigdheid van een bijdrage in de kosten voor de gebruikers van
In hoofdstuk 11 van deze verordening zijn de regels neergelegd over de verschuldigdheid van een bijdrage in de kosten voor de gebruikers van 50
Het kilometeraant al is opgehoogd.
maatwerkvoorzieningen, ontvangers van een persoonsgebonden budget en gebruikers van algemene voorzieningen.
maatwerkvoorzieningen, ontvangers van een persoonsgebonden budget en gebruikers van algemene voorzieningen.
Maatwerkvoorziening en persoonsgebonden budget Als hoofdregel geldt dat een bijdrage in de kosten is verschuldigd. In tegenstelling tot de Wmo 2007 biedt de Wmo 2015 de mogelijkheid een bijdrage te vragen indien een woningaanpassing (in natura of als persoonsgebonden budget) wordt verleend ten behoeve van een minderjarige. Voor de hoogte van de bijdrage wordt vanzelfsprekend aansluiting gezocht bij het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015. Er wordt gebruik gemaakt van de mogelijkheid tot het delegeren van nadere regels aan het college. Het CAK is verantwoordelijk bestuursorgaan voor het vaststellen, opleggen en innen van de bijdrage in de kosten.
Maatwerkvoorziening en persoonsgebonden budget Als hoofdregel geldt dat een bijdrage in de kosten is verschuldigd. In tegenstelling tot de Wmo 2007 biedt de Wmo 2015 de mogelijkheid een bijdrage te vragen indien een woningaanpassing (in natura of als persoonsgebonden budget) wordt verleend ten behoeve van een minderjarige. Voor de hoogte van de bijdrage wordt vanzelfsprekend aansluiting gezocht bij het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015. Er wordt gebruik gemaakt van de mogelijkheid tot het delegeren van nadere regels aan het college. Het CAK is verantwoordelijk bestuursorgaan voor het vaststellen, opleggen en innen van de bijdrage in de kosten.
Algemene voorzieningen Gebruikers van algemene voorzieningen, niet zijnde cliëntondersteuning, zijn in principe een bijdrage in de kosten verschuldigd. Ook kan bij het vaststellen van de hoogte rekening worden gehouden met algemeen gebruikelijke kosten. Denk aan de kosten van een warme maaltijd die iemand heeft ongeacht het hebben van beperkingen. De bijdrage is doorgaans verschuldigd aan de aanbieder.
Algemene voorzieningen Gebruikers van algemene voorzieningen, niet zijnde cliëntondersteuning, zijn in principe een bijdrage in de kosten verschuldigd. Ook kan bij het vaststellen van de hoogte rekening worden gehouden met algemeen gebruikelijke kosten. Denk aan de kosten van een warme maaltijd die iemand heeft ongeacht het hebben van beperkingen. De bijdrage is doorgaans verschuldigd aan de aanbieder.
De hoogte van deze bijdrage wordt niet afhankelijk gesteld van de hoogte van het inkomen van de gebruiker van de algemene voorziening. Wel wordt rekening gehouden met een onevenredige cumulatie van verschillende bijdragen van dit hoofdstuk. Het college kan de cliënt in voorkomende gevallen in aanmerking brengen voor bijvoorbeeld een korting op de bijdrage. Er wordt in dat kader gebruik gemaakt van de mogelijkheid tot het delegeren van nadere regels aan het college zodat het college in staat is maatwerk te leveren.
De hoogte van deze bijdrage wordt niet afhankelijk gesteld van de hoogte van het inkomen van de gebruiker van de algemene voorziening. Wel wordt rekening gehouden met een onevenredige cumulatie van verschillende bijdragen van dit hoofdstuk. Het college kan de cliënt in voorkomende gevallen in aanmerking brengen voor bijvoorbeeld een korting op de bijdrage. Er wordt in dat kader gebruik gemaakt van de mogelijkheid tot het delegeren van nadere regels aan het college zodat het college in staat is maatwerk te leveren.
Kostprijs De kostprijs is bepalend voor de hoogte van de bijdrage in de kosten die de cliënt verschuldigd is. De bijdrage in kosten voor een maatwerkvoorziening mag niet meer bedragen dan de kostprijs. De cliënt betaalt dus niet meer dan de gemeente verschuldigd is aan kosten voor het verstrekken van de maatwerkvoorziening. De kostprijs is gelijk aan de hoogte van het persoonsgebonden budget. De bijdrage in de kosten voor het gebruik van een algemene voorziening bedraagt nooit meer dan een kostendekkende bijdrage.
Kostprijs De kostprijs is bepalend voor de hoogte van de bijdrage in de kosten die de cliënt verschuldigd is. De bijdrage in kosten voor een maatwerkvoorziening mag niet meer bedragen dan de kostprijs. De cliënt betaalt dus niet meer dan de gemeente verschuldigd is aan kosten voor het verstrekken van de maatwerkvoorziening. De kostprijs is gelijk aan de hoogte van het persoonsgebonden budget. De bijdrage in de kosten voor het gebruik van een algemene voorziening bedraagt nooit meer dan een kostendekkende bijdrage.
12. Tegemoetkoming meerkosten
12. Tegemoetkoming meerkosten 51
In hoofdstuk 12 van deze verordening zijn regels opgenomen over de bevoegdheid van het college een tegemoetkoming in de meerkosten te verlenen aan de genoemde doelgroep. De wettelijke bevoegdheid is mede tot stand gekomen vanwege het afschaffen van de financiële regelingen voor chronisch zieken en gehandicapten zoals door het Rijk sinds 2009 was bepaald.
In hoofdstuk 12 van deze verordening zijn regels opgenomen over de bevoegdheid van het college een tegemoetkoming in de meerkosten te verlenen aan de genoemde doelgroep. De wettelijke bevoegdheid is mede tot stand gekomen vanwege het afschaffen van de financiële regelingen voor chronisch zieken en gehandicapten zoals door het Rijk sinds 2009 was bepaald.
De mogelijkheden van het verlenen van een tegemoetkoming voor verhuis- en inrichtingskosten, een sportrolstoel en reiskosten voor het gebruik van het aanvullend openbaar vervoer in verband met de deelname aan het maatschappelijk verkeer komen in deze verordening in ieder geval terug.
De mogelijkheden van het verlenen van een tegemoetkoming voor verhuis- en inrichtingskosten, een sportrolstoel en reiskosten voor het gebruik van het aanvullend openbaar vervoer in verband met de deelname aan het maatschappelijk verkeer komen in deze verordening in ieder geval terug.
Er wordt gebruik gemaakt van de mogelijkheid tot het delegeren van nadere regels aan het college. Daarmee is het college in staat maatwerk te bieden bij het verlenen van de hier bedoelde tegemoetkoming in de meerkosten. Daarbij zal het college zich wel rekenschap moeten geven van de kaders die in dit hoofdstuk zijn gesteld.
Er wordt gebruik gemaakt van de mogelijkheid tot het delegeren van nadere regels aan het college. Daarmee is het college in staat maatwerk te bieden bij het verlenen van de hier bedoelde tegemoetkoming in de meerkosten. Daarbij zal het college zich wel rekenschap moeten geven van de kaders die in dit hoofdstuk zijn gesteld.
13. Nieuwe feiten en omstandigheden, herziening, intrekking of terugvordering
13. Nieuwe feiten en omstandigheden, herziening, intrekking of terugvordering
In hoofdstuk 13 van deze verordening zijn bepalingen opgenomen over het aantasten van rechten. Daarvoor kan rechtvaardiging worden gevonden indien sprake is van de situaties zoals genoemd. Het gaat in alle gevallen om een bevoegdheid van het college (kan-bepaling). Bij de toepassing van de bepalingen van dit hoofdstuk hoort een afweging tussen alle bij het te nemen besluit betrokken belangen.
In hoofdstuk 13 van deze verordening zijn bepalingen opgenomen over het aantasten van rechten. Daarvoor kan rechtvaardiging worden gevonden indien sprake is van de situaties zoals genoemd. Het gaat in alle gevallen om een bevoegdheid van het college (kan-bepaling). Bij de toepassing van de bepalingen van dit hoofdstuk hoort een afweging tussen alle bij het te nemen besluit betrokken belangen.
Beëindiging Er wordt gesproken van beëindiging als de inwerkingtreding van het besluit ingaat vanaf het heden of naar de toekomst toe. Beëindiging heeft dus, in tegenstelling tot een herziening/intrekking, geen terugwerkende kracht. Er worden voorbeelden genoemd wanneer het college kan overgaan tot beëindiging van de maatwerkvoorziening dan wel persoonsgebonden budget.
Beëindiging Er wordt gesproken van beëindiging als de inwerkingtreding van het besluit ingaat vanaf het heden of naar de toekomst toe. Beëindiging heeft dus, in tegenstelling tot een herziening/intrekking, geen terugwerkende kracht. Er worden voorbeelden genoemd wanneer het college kan overgaan tot beëindiging van de maatwerkvoorziening dan wel persoonsgebonden budget.
Herziening of intrekking Het (deels) ongedaan maken van de aanspraak op een maatwerkvoorziening of een persoonsgebonden budget over een periode in het verleden, wordt herzien/intrekken genoemd. Herziening/intrekking van het besluit tot het verstrekken van een maatwerkvoorziening of een persoonsgebonden budget is het met terugwerkende kracht opnieuw beslissen over de aanspraak over een periode in het verleden, waarbij de
Herziening of intrekking Het (deels) ongedaan maken van de aanspraak op een maatwerkvoorziening of een persoonsgebonden budget over een periode in het verleden, wordt herzien/intrekken genoemd. Herziening/intrekking van het besluit tot het verstrekken van een maatwerkvoorziening of een persoonsgebonden budget is het met terugwerkende kracht opnieuw beslissen over de aanspraak over een periode in het verleden, waarbij 52
aanspraak afwijkend wordt vastgesteld of er in het geheel geen aanspraak heeft bestaan.
de aanspraak afwijkend wordt vastgesteld of er in het geheel geen aanspraak heeft bestaan.
Terugvordering In de wet is slechts een terugvorderingsgrond opgenomen. Alleen indien de cliënt onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beslissing zou hebben geleid, kan het college op grond van de wet overgaan tot terugvordering. De gemeente heeft er daarom voor gekozen om de terugvorderingsgronden uit te breiden. Uit de jurisprudentie die onder de Wmo 2007 tot stand is gekomen blijkt dat een terugvorderingsbepaling in de verordening voldoende grondslag biedt om tot terugvordering over te gaan.
Terugvordering In de wet is slechts een terugvorderingsgrond opgenomen. Alleen indien de cliënt onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beslissing zou hebben geleid, kan het college op grond van de wet overgaan tot terugvordering. De gemeente heeft er daarom voor gekozen om de terugvorderingsgronden uit te breiden. Uit de jurisprudentie die onder de Wmo 2007 tot stand is gekomen blijkt dat een terugvorderingsbepaling in de verordening voldoende grondslag biedt om tot terugvordering over te gaan.
Voor zover sprake is van een wettelijke terugvorderingsbepaling kan het college het terug te vorderen bedrag bij dwangbevel invorderen. Er is dan sprake van een executoriale titel, waarmee direct beslag kan worden gelegd. Bij andere terugvorderingsgronden moet de invordering langs civielrechtelijke weg geschieden. Denk aan de terugvordering van de tegemoetkoming meerkosten als bedoeld in hoofdstuk 12 van deze verordening. Dit betekent onder meer dat moet worden aangetoond dat er sprake is van onverschuldigde betaling (artikel 6:203 e.v. BW). In de praktijk zal die ontstaan door het nemen van een herzienings- of intrekkingsbesluit. De verordening biedt ook de bevoegdheid om over te gaan tot verrekening.
Voor zover sprake is van een wettelijke terugvorderingsbepaling kan het college het terug te vorderen bedrag bij dwangbevel invorderen. Er is dan sprake van een executoriale titel, waarmee direct beslag kan worden gelegd. Bij andere terugvorderingsgronden moet de invordering langs civielrechtelijke weg geschieden. Denk aan de terugvordering van de tegemoetkoming meerkosten als bedoeld in hoofdstuk 12 van deze verordening. Dit betekent onder meer dat moet worden aangetoond dat er sprake is van onverschuldigde betaling (artikel 6:203 e.v. BW). In de praktijk zal die ontstaan door het nemen van een herzienings- of intrekkingsbesluit. De Verordening biedt ook de bevoegdheid om over te gaan tot verrekening.
14. Bestrijding misbruik of oneigenlijk gebruik
14. Bestrijding misbruik of oneigenlijk gebruik
In dit hoofdstuk is aangegeven op welke wijze het ten onrechte ontvangen van maatwerkvoorzieningen dan wel persoonsgebonden budgetten alsmede het misbruik of oneigenlijk gebruik van de wet wordt bestreden. Belangrijk is om de cliënt bij de verstrekking van een maatwerkvoorziening dan wel persoonsgebonden budget nadrukkelijk te wijzen op zijn rechten en plichten en te wijzen op de consequenties van misbruik en oneigenlijk gebruik. Het college controleert steekproefsgewijs de besteding van de persoonsgebonden budgetten en of de cliënt nog voldoet aan de voorwaarden.
In dit hoofdstuk is aangegeven op welke wijze het ten onrechte ontvangen van maatwerkvoorzieningen dan wel persoonsgebonden budgetten alsmede het misbruik of oneigenlijk gebruik van de wet wordt bestreden. Belangrijk is om de cliënt bij de verstrekking van een maatwerkvoorziening dan wel persoonsgebonden budget nadrukkelijk te wijzen op zijn rechten en plichten en te wijzen op de consequenties van misbruik en oneigenlijk gebruik. Het college controleert steekproefsgewijs de besteding van de persoonsgebonden budgetten en of de cliënt nog voldoet aan de voorwaarden.
15. Overige bepalingen
15. Overige bepalingen
In hoofdstuk 16 van deze verordening zijn over een aantal onderwerpen regels opgesteld. Deze zijn voor de duidelijkheid ondergebracht in een apart hoofdstuk en ingedeeld per paragraaf. Achtereenvolgens komen de verschillende onderwerpen aan bod.
In hoofdstuk 16 van deze verordening zijn over een aantal onderwerpen regels opgesteld. Deze zijn voor de duidelijkheid ondergebracht in een apart hoofdstuk en ingedeeld per paragraaf. Achtereenvolgens komen de verschillende onderwerpen aan bod. 53
§ 1 Jaarlijkse blijk van waardering mantelzorgers
§ 1 Jaarlijkse blijk van waardering mantelzorgers
Gemeenten worden opgedragen in hun verordening regels te stellen over de wijze waarop de mantelzorgers jaarlijks een blijk van waardering ontvangen. Dit vanwege het belang dat mantelzorg heeft voor de leefbaarheid van de samenleving, het welzijn van de hulpbehoevende die door mensen uit hun sociale netwerk worden geholpen en betaalbaarheid van de maatschappelijke ondersteuning, is een periodieke blijk van waardering op zijn plaats. Deze blijk van waardering komt tot stand in samenspraak met een welzijnsorganisatie.
Gemeenten worden opgedragen in hun verordening regels te stellen over de wijze waarop de mantelzorgers jaarlijks een blijk van waardering ontvangen. Dit vanwege het belang dat mantelzorg heeft voor de leefbaarheid van de samenleving, het welzijn van de hulpbehoevende die door mensen uit hun sociale netwerk worden geholpen en betaalbaarheid van de maatschappelijke ondersteuning, is een periodieke blijk van waardering op zijn plaats. Deze blijk van waardering komt tot stand in samenspraak met een welzijnsorganisatie.
Bij de reikwijdte van deze verplichting van de gemeente niet wordt gekeken, waar de mantelzorger woont, maar dat beslissend is of deze mantelzorg verleent aan iemand in de desbetreffende gemeente. Er zullen mogelijk mantelzorgers zijn die hulp verlenen aan personen die alleen gebruik maken van algemene voorzieningen en mede dankzij hun mantelzorger geen beroep op een maatwerkvoorziening hoeven te doen. In de verordening zal de gemeente moeten voorzien in een procedure die waarborgt dat ook deze mantelzorgers, als wordt voldaan aan de overige voorwaarden, voor het ontvangen van een blijk van waardering in aanmerking kunnen worden gebracht.
Bij de reikwijdte van deze verplichting van de gemeente niet wordt gekeken, waar de mantelzorger woont, maar dat beslissend is of deze mantelzorg verleent aan iemand in de desbetreffende gemeente. Er zullen mogelijk mantelzorgers zijn die hulp verlenen aan personen die alleen gebruik maken van algemene voorzieningen en mede dankzij hun mantelzorger geen beroep op een maatwerkvoorziening hoeven te doen. In de verordening zal de gemeente moeten voorzien in een procedure die waarborgt dat ook deze mantelzorgers, als wordt voldaan aan de overige voorwaarden, voor het ontvangen van een blijk van waardering in aanmerking kunnen worden gebracht.
§ 2 Klachtafhandeling en medezeggenschap
§ 2 Klachtafhandeling en medezeggenschap
Regeling voor klachtafhandeling De aanbieder is ten aanzien van voorzieningen verplicht een klachtregeling op te stellen. Het gaat om zowel algemene voorzieningen als ook maatwerkvoorzieningen. Mogelijk is de cliënt niet tevreden over het gedrag van de aanbieder of de kwaliteit van de geleverde maatschappelijke ondersteuning. Het ligt voor de hand dat cliënten deze klacht eerst bij de betreffende aanbieder melden. Zij moeten erop kunnen vertrouwen dat de aanbieder de klacht snel in behandeling neemt en ook snel afhandelt. Het college ziet er hoe dan ook op toe dat dit ook daadwerkelijk gebeurt.
Regeling voor klachtafhandeling De aanbieder is ten aanzien van voorzieningen verplicht een klachtregeling op te stellen. Het gaat om zowel algemene voorzieningen als ook maatwerkvoorzieningen. Mogelijk is de cliënt niet tevreden over het gedrag van de aanbieder of de kwaliteit van de geleverde maatschappelijke ondersteuning. Het ligt voor de hand dat cliënten deze klacht eerst bij de betreffende aanbieder melden. Zij moeten erop kunnen vertrouwen dat de aanbieder de klacht snel in behandeling neemt en ook snel afhandelt. Het college ziet er hoe dan ook op toe dat dit ook daadwerkelijk gebeurt.
Regeling voor medezeggenschap De aanbieder is ten aanzien van maatwerkvoorzieningen verplicht een regeling voor medezeggenschap van cliënten vast te stellen over voorgenomen besluiten van de aanbieder welke voor de gebruikers van belang zijn. Het gaat om medezeggenschap van cliënten tegenover de aanbieder. Voorheen moest de aanbieder voldoen aan de in de Wet klachtrecht cliënten en de Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen (Wmcz) gestelde regels. Onder de Wmo 2015 is het stellen van regels aan gemeenten overgelaten. Het college ziet er hoe dan ook op toe dat dit ook daadwerkelijk gebeurt.
Regeling voor medezeggenschap De aanbieder is ten aanzien van maatwerkvoorzieningen verplicht een regeling voor medezeggenschap van cliënten vast te stellen over voorgenomen besluiten van de aanbieder welke voor de gebruikers van belang zijn. Het gaat om medezeggenschap van cliënten tegenover de aanbieder. Voorheen moest de aanbieder voldoen aan de in de Wet klachtrecht cliënten en de Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen (Wmcz) gestelde regels. Onder de Wmo 2015 is het stellen van regels aan gemeenten overgelaten. Het college ziet er hoe dan ook op toe dat dit ook daadwerkelijk gebeurt. 54
§ 3 Kwaliteit
§ 3 Kwaliteit
Kwaliteitseisen De Wmo 2015 maakt de gemeenten integraal verantwoordelijk voor de kwaliteit van de maatschappelijke ondersteuning, de handhaving en het toezicht. De wet bevat een basisnorm voor kwaliteit van voorzieningen die aanbieders direct bindt (zie hoofdstuk 3 van de wet), waaronder begrepen de eisen over de deskundigheid van beroepskrachten.
Kwaliteitseisen De Wmo 2015 maakt de gemeenten integraal verantwoordelijk voor de kwaliteit van de maatschappelijke ondersteuning, de handhaving en het toezicht. De wet bevat een basisnorm voor kwaliteit van voorzieningen die aanbieders direct bindt (zie hoofdstuk 3 van de wet), waaronder begrepen de eisen over de deskundigheid van beroepskrachten.
De eis dat een voorziening van goede kwaliteit wordt verleend, biedt veel ruimte voor de gemeenten om in overleg met organisaties van cliënten en aanbieders te werken aan kwaliteitsstandaarden voor de ondersteuning. Die standaarden kunnen als richtinggevend kader voor gemeenten dienen. Uitgangspunt hierbij is dat deze standaarden de benodigde ruimte voor maatwerk, om goed in te kunnen spelen op de situatie van de cliënt, intact laten.
De eis dat een voorziening van goede kwaliteit wordt verleend, biedt veel ruimte voor de gemeenten om in overleg met organisaties van cliënten en aanbieders te werken aan kwaliteitsstandaarden voor de ondersteuning. Die standaarden kunnen als richtinggevend kader voor gemeenten dienen. Uitgangspunt hierbij is dat deze standaarden de benodigde ruimte voor maatwerk, om goed in te kunnen spelen op de situatie van de cliënt, intact laten.
In deze verordening is een aantal voor de hand liggende kwaliteitseisen uitgewerkt. Het jaarlijkse verplichte cliëntervaringsonderzoek draagt eraan bij dat het college kan toezien op de kwaliteit.
In deze verordening is een aantal voor de hand liggende kwaliteitseisen uitgewerkt. Het jaarlijkse verplichte cliëntervaringsonderzoek draagt eraan bij dat het college kan toezien op de kwaliteit.
Prijs kwaliteitsverhouding Het college kan de uitvoering van de wet, met uitzondering van de vaststelling van de rechten en plichten van de cliënt, door aanbieders laten verrichten. Bij verordening moeten regels worden gesteld ter waarborging van een goede verhouding tussen de prijs voor de levering van een voorziening of diensten en eisen die worden gesteld aan de kwaliteit daarvan. Daarbij moet in ieder geval rekening worden gehouden met de deskundigheid van de beroepskrachten en de arbeidsvoorwaarden.
Prijs kwaliteitsverhouding Het college kan de uitvoering van de wet, met uitzondering van de vaststelling van de rechten en plichten van de cliënt, door aanbieders laten verrichten. Bij verordening moeten regels worden gesteld ter waarborging van een goede verhouding tussen de prijs voor de levering van een voorziening of diensten en eisen die worden gesteld aan de kwaliteit daarvan. Daarbij moet in ieder geval rekening worden gehouden met de deskundigheid van de beroepskrachten en de arbeidsvoorwaarden.
Om te voorkomen dat alleen gekeken wordt naar de laagste prijs voor de uitvoering worden ook een aantal andere aspecten genoemd waarmee het college bij het vaststellen van tarieven rekening moet houden. Hiermee wordt bereikt dat een beter beeld ontstaat van reële kostprijs voor de activiteiten die het college door aanbieders wil laten uitvoeren. Uitgangspunt is dat de aanbieder deskundig personeel inzet tegen de arbeidsvoorwaarden die passen bij de vereiste vaardigheden. Hiervoor is ten minste een beeld nodig van de vereiste activiteiten en de arbeidsvoorwaarden die daarbij horen. Dit biedt een waarborg voor werknemers dat hun werkzaamheden aansluiten bij de daarvoor geldende arbeidsvoorwaarden. Bij de prijs kwaliteitsverhouding kunnen eventuele extra taken in verband met de voorziening een rol spelen.
Om te voorkomen dat alleen gekeken wordt naar de laagste prijs voor de uitvoering worden ook een aantal andere aspecten genoemd waarmee het college bij het vaststellen van tarieven rekening moet houden. Hiermee wordt bereikt dat een beter beeld ontstaat van reële kostprijs voor de activiteiten die het college door aanbieders wil laten uitvoeren. Uitgangspunt is dat de aanbieder deskundig personeel inzet tegen de arbeidsvoorwaarden die passen bij de vereiste vaardigheden. Hiervoor is ten minste een beeld nodig van de vereiste activiteiten en de arbeidsvoorwaarden die daarbij horen. Dit biedt een waarborg voor werknemers dat hun werkzaamheden aansluiten bij de daarvoor geldende arbeidsvoorwaarden. Bij de prijs kwaliteitsverhouding kunnen eventuele extra taken in verband met de voorziening een rol spelen.
§ 4 Betrekken van ingezetenen 55
Deze bepaling geeft uitvoering aan artikel 2.1.3, derde lid, van de wet. Verwezen wordt naar de krachtens artikel 150 van de Gemeentewet vastgestelde inspraakverordening. Op deze manier wordt gewaarborgd dat er eenzelfde inspraakprocedure geldt voor het Wmo-beleid als op andere terreinen. De inspraak geldt voor alle ingezetenen. Dit is uitdrukkelijk de bedoeling van de wetgever, omdat iedereen op enig moment aangewezen kan raken op ondersteuning. Verder wordt het aan het college overgelaten om de exacte invulling van de medezeggenschap vorm te geven.
§ 4 Betrekken van ingezetenen Deze bepaling geeft uitvoering aan artikel 2.1.3, derde lid, van de wet. Verwezen wordt naar de krachtens artikel 150 van de Gemeentewet vastgestelde inspraakverordening. Op deze manier wordt gewaarborgd dat er eenzelfde inspraakprocedure geldt voor het Wmo-beleid als op andere terreinen. De inspraak geldt voor alle ingezetenen. Dit is uitdrukkelijk de bedoeling van de wetgever, omdat iedereen op enig moment aangewezen kan raken op ondersteuning. Verder wordt het aan het college overgelaten om de exacte invulling van de medezeggenschap vorm te geven.
16. Slotbepalingen
16. Slotbepalingen
In hoofdstuk 16 van deze verordening zijn de slotbepalingen opgenomen.
In hoofdstuk 16 van deze verordening zijn de slotbepalingen opgenomen.
Hardheidsclausule Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van de cliënt afwijken van de bepalingen van deze verordening indien toepassing van de verordening tot onbillijkheden van overwegende aard leidt. Juist omdat het in de wet om maatwerk gaat zal het college er niet aan ontkomen om, ook al is er een zorgvuldige afweging gemaakt, uiteindelijk toch te beoordelen of deze afweging niet leidt tot onbillijkheden van overwegende aard. Deze afweging zal minder vaak voorkomen dan in normale omstandigheden te verwachten is, immers, bij de afwegingen gaat het al om een individuele beoordeling. Als desondanks bij die zeer persoonlijke afweging toch nog sprake is van een niet billijke situatie is de hardheidsclausule een vangnet. Indexering Spreekt voor zich, behoeft geen toelichting. Evaluatie In deze verordening is bepaald hoe vaak het gemeentebestuur het gevoerde beleid evalueert. In 2015 zal het college de bevindingen van de steekproefsgewijze controle over de controle van de persoonsgebonden budgetten evalueren. Overgangsrecht Het college dient het bij wet bepaalde overgangsrecht in acht te nemen voor besluiten die op grond van de Wmo 2007 zijn genomen (art. 8.9 van de wet).
Hardheidsclausule Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van de cliënt afwijken van de bepalingen van deze verordening indien toepassing van de verordening tot onbillijkheden van overwegende aard leidt. Juist omdat het in de wet om maatwerk gaat zal het college er niet aan ontkomen om, ook al is er een zorgvuldige afweging gemaakt, uiteindelijk toch te beoordelen of deze afweging niet leidt tot onbillijkheden van overwegende aard. Deze afweging zal minder vaak voorkomen dan in normale omstandigheden te verwachten is, immers, bij de afwegingen gaat het al om een individuele beoordeling. Als desondanks bij die zeer persoonlijke afweging toch nog sprake is van een niet billijke situatie is de hardheidsclausule een vangnet. Indexering Spreekt voor zich, behoeft geen toelichting. Evaluatie In deze verordening is bepaald hoe vaak het gemeentebestuur het gevoerde beleid evalueert. In 2015 zal het college de bevindingen van de steekproefsgewijze controle over de controle van de persoonsgebonden budgetten evalueren. Overgangsrecht Het college dient het bij wet bepaalde overgangsrecht in acht te nemen voor besluiten die op grond van de Wmo 2007 zijn genomen (art. 8.9 van de wet).
Citeerartikel en inwerkingtreding 56
Citeerartikel en inwerkingtreding Spreken voor zich, behoeft geen toelichting. Spreken voor zich, behoeft geen toelichting.
57