Bijlage 1 Evaluatie verkoopproces Ambachts- en Baljuwhuis
Tekst van het document
College beantwoordt vragen van de raad.
•
7 september 2021
•
College stuurt raadsvoorstel (adviesnota) aan de raad om geen wensen en bedenkingen te uiten over de verkoop aan beoogd verkoper.39 o Bijlagen zijn onder andere: het biedboek en het advies van de expertgroep o Hierin staat ook: “De verkoop van het AB-huis levert 1.4 miljoen euro op”
College vraagt raad om een besluit te nemen.
16 september 2021
•
College informeert raad over de verkoop van AB-huis middels informatiebrief 06840. o In de brief zijn de namen van de leden van de expertgroep opgenomen.
College informeert raad in het kader van de actieve informatieplicht.
27 december 2021 & 27 januari 2022
•
Raad (PvdA) stelt schriftelijke vragen met betrekking tot Bibob-toets verkoop AB-huis. PvdA vraagt of het klopt dat de stukken voor verkoop niet naar de juiste ambtenaar zijn gestuurd, welke Bibob-toets is gebruikt (licht/midden/zwaar), of de gemeente voldoende haar best heeft gedaan aan eigen onderzoeksplicht te voldoen, welke middelen/bronnen voor de gekozen toetsing zijn ingezet, hoeveel ambtelijke capaciteit gemeente heeft vrijgemaakt voor toetsen van Wet Bibob en of er contact met/ advies aan Landelijk Bureau Bibob is gevraagd. College beantwoordt de vragen
College beantwoordt vragen van de raad.
•
37 Gemeente Voorschoten, Informatiebrief 064 Stand van zaken Ambachts- en Baljuwhuis, d.d. 24 augustus 2021. Zie: link. 38 Gemeente Voorschoten, Beantwoording schriftelijke vragen 222 PvdA Ambachts- en Baljuwhuis, d.d. 10 september 2021. Zie: link. 39
Gemeente Voorschoten, Raadsvoorstel Wensen en bedenkingen verkoop van het Ambachts- en Baljuwhuis, d.d. 7 oktober 2021. Zie: link.
40 Gemeente Voorschoten, Informatiebrief 068 Verkoop Ambachts- en Baljuwhuis, d.d. 15 september 2021. Zie: link.
22
3 februari 2022,
•
10 februari 2022 en 17 februari 2022
•
•
31 mei 2022, 23 juni 2022 en 30 juni 2022
•
•
31 januari 2023
•
College stuurt raadsvoorstel (adviesnota) aan de raad, o.a. om het besluit geen wensen en bedenkingen tegen de verkoop aan de beoogd verkoper te herroepen.41 Als reden geeft het college: “Er is aanleiding om aan te nemen dat de uitvoering van de koopovereenkomst met de beoogd verkoper niet overeenkomstig het gedane bod zal plaatsvinden. Een toelichting daarover kan vanwege publiekrechtelijke geheimhoudingsverplichtingen niet worden gegeven op dit moment. Tevens heeft het college vastgesteld dat het verkoopproces niet op voldoende zorgvuldige en transparante wijze heeft plaatsgevonden”. In de brief worden ook inlichtingen genoemd die naar voren zijn gekomen tijdens de uitvoering van het onderzoek op grond van de Wet Bibob. Het raadsvoorstel van 3 februari 2022 wordt op 10 februari in de commissie Burger en Bestuur besproken en op 17 februari in de raad. Er worden drie amendementen ingediend, waarvan er twee worden aangenomen; het geamendeerde raadsvoorstel wordt aangenomen.
•
College stuurt raadsvoorstel (adviesnota) aan de raad, om geheimhouding op taxatiewaarden en verkoopprijs te handhaven:42 o Er is een Wob-verzoek ingediend op basis van de Wet openbaarheid van bestuur (sinds 1 mei 2022 overgegaan in de Wet open overheid). Hierin is gevraagd om openbaarmaking van correspondentie die de gemeente Voorschoten heeft gevoerd met betrekking tot het AB-huis. Bij raadpleegbrief van 9 juni 2020 zijn de getaxeerde waarde en de verkoopprijs van het AB-huis als “vertrouwelijk bij de griffie ter inzage” aangemerkt. In de raadsvergadering van 9 juli 2020 heeft de raad deze geheimhouding bekrachtigd. Het raadsvoorstel is 23 juni 2022 besproken in de commissie Burger en Bestuur en 30 juni 2022 in de raad, waarin het voorstel met algemene stemmen is aangenomen.
College vraagt raad om een besluit te nemen.
•
College vraagt raad om een besluit te nemen. College beantwoordt vragen van de raad, ook schriftelijk.
College informeert raad in het College informeert de raad middels informatiebrief 009 kader van de actieve 43 over de afloop van het verkoopproces van het AB-huis. o De inhoud van de vaststellingsovereenkomst en de informatieplicht. uitvoering daarvan is, als onderdeel van de afspraken, geheim.
Tabel 2. Informatievoorziening in het verkoopproces.
41 Gemeente Voorschoten, Raadsvoorstel verkoopproces Ambachts- en Baljuwhuis, d.d. 17 februari 2022. Zie: link. 42 Gemeente Voorschoten, Raadsvoorstel Geheimhouding op de taxatiewaarden en verkoopprijs zoals genoemd in de raadpleegbrief van 9
ju., d.d. 7 juli 2022. Zie: link. 43 Gemeente Voorschoten, Informatiebrief 009 Ambachts- en Baljuwhuis, d.d. 31 januari 2023. Zie: link.
23
Openbaarheid van de informatie De vierde beschrijvende onderzoeksvraag met betrekking tot de informatievoorziening is ‘Hoe is omgegaan met de openbaarheid van informatie (actieve openbaarmaking naar raad/pers/publiek, geheime informatie gedeeld met de raad, geheime informatie alleen berustend bij het college)?’ Op verschillende momenten in het verkoopproces is informatie volledig geheim gehouden (alleen berustend bij het college), gedeeld met de raad in geheime overleggen of vertrouwelijk bij de griffie ter inzag gelegd. In het kader van het Bibob-onderzoek was informatie alleen beschikbaar bij de burgemeester (als zelfstandig bestuursorgaan) en enkele betrokken ambtenaren van de gemeente Voorschoten. We beschrijven hierna de momenten waarop informatie (gedeeltelijk) geheim gehouden is. Advies notaris. In de fase van het verkoopproces aan de zittende huurder heeft het college advies ingewonnen van een notaris (januari 2019). Dit advies had betrekking op de overdracht van het AB-huis onder last van de verplichtingen uit het legaat. In informatiebrief 030 (11 juni 2019) noemt het college: “Notarieel onderzoek wijst uit dat aan de verplichtingen uit het legaat blijvend recht wordt gedaan door het als een verplichting aan een toekomstige koper op te leggen”. 15 juli 2019 vindt er een briefing plaats voor raadsleden, waar het juridisch advies van de notaris is toegelicht.
Deze briefing is geheim en er zijn geen stukken van openbaar geworden. Enkele dagen later, op 23 juli 2019 heeft het college besloten de geheimhouding rustend op het advies van de notaris op te heffen en over te gaan tot openbaarmaking. Er is niet gespecifieerd wat initieel de grond was om het advies geheim te houden, en ook niet wat vervolgens de grond was om toch tot openbaarmaking over te gaan. Taxatiewaarde en verkoopprijs. In raadpleegbrief 01 verkoop Voorstraat 12-14 (9 juni 2020 naar de raad gestuurd) zijn de verkoopwaarde en de taxatiewaarde aangemerkt als “vertrouwelijk en bij de griffie ter inzage “. Er is in die raadpleegbrief niet aangegeven wat de grond voor geheimhouding is. 44 In het raadsvoorstel Wensen en bedenkingen verkoop van het AB-huis (op 7 september 2021 naar de raad gestuurd), is opgenomen dat de verkoop van het AB-huis €1.400.000 oplevert. Driekwart jaar later, op 31 mei 2022, stuurt het college het raadsvoorstel Geheimhouding op de taxatiewaarden en verkoopprijs zoals genoemd in de raadpleegbrief van 9 juni 202045 naar de raad. Hierin wordt de raad gevraagd om de geheimhouding van de taxatiewaarden en de verkoopprijs te handhaven, ten behoeve van een Wob-verzoek. Hierin geeft het college ook de grond aan om deze gegevens geheim te houden: ter bescherming van de financiële en economische belangen van de gemeente (art.
5.1, tweede lid sub b Wet open overheid). Opvallend hier is dat de verkoopprijs reeds in het openbare raadsvoorstel van 7 september 2021 was opgenomen, en dus al niet meer geheim was. Expertgroep. In het raadsvoorstel Verkoop Voorstraat 12-14, in de raad besproken op 12 november 2020,46 zijn als bijlage randvoorwaarden voor de verkoop toegevoegd. Eén van de opgenomen randvoorwaarden is “De verkoopprocedure wordt begeleid door een nog in te stellen groep van onafhankelijke deskundigen die vanuit diverse invalshoeken (erfgoed, economie, juridisch, verkoopproces) het college adviseert”. In de informatiebrief Planning verkoop van het AB-huis van 4 februari 202147 informeert het college de raad (onder andere) dat het college een commissie heeft gevormd van drie onafhankelijke experts en een makelaar die deskundig is op het gebied van erfgoed. Het college informeert de raad over dat deze commissie heeft geadviseerd om meer tijd te nemen voor de verkoopprocedure. Raadsleden stellen in een commissievergadering technische vragen, ook over de expertgroep. De PvdA geeft aan graag geïnformeerd te willen worden over de samenstelling van de expertgroep.48 In de commissievergadering zegt de wethouder hierover: “Ik denk dat het goed is om de pro’s en contra’s van openbaarmaking te bespreken. Wat voor het 44 Gemeente Voorschoten, Raadpleegbrief 01 verkoop Voorstraat 12-14 (A&B huis), d.d.
11 juni 2020. Zie: link. 45 Gemeente Voorschoten, Raadsvoorstel Geheimhouding op de taxatiewaarden en verkoopprijs zoals genoemd in de raadpleegbrief van 9
ju, d.d. 31 mei 2022. Zie: link. 46 Gemeente Voorschoten, Raadsvoorstel Verkoop Voorstraat 12-14 (Ambachts- en Baljuwhuis), d.d. 12 november 2020. Zie: link. 47 Gemeente Voorschoten, Informatiebrief 007 Planning verkoop van het Ambachts- en Baljuwhuis, d.d. 5 februari 2021. Zie: link. 48 Gemeente Voorschoten, Technische vragen 358 PvdA over AB-huis, d.d. 9 februari 2021. Zie: link.
24
college echt een belangrijke factor is, is dat het niet goed is om in openbaarheid over personen te spreken. Dat heeft niks met transparantie te maken, dat heeft te maken met de bescherming van de belangen van deze mensen die op een heel lastig dossier werken. AB-huis is geen gemiddeld dossier. Wat wij echt willen waarborgen is rust op het dossier en onafhankelijke oordeelsvorming. Geen enkele vorm van beïnvloeding. Wat wel goed is om te zeggen is om na afloop van het proces te zeggen wie de mensen waren die ons geadviseerd hebben.”49 In het verslag van de commissievergadering staat: “Het college maakt de namen van de onafhankelijke adviescommissie nu niet bekend. De meningen in de commissie over de wenselijkheid van nu bekend maken zijn verdeeld. Het college zegt toe aan eind van het proces verantwoording af te leggen over het proces, en dan ook de samenstelling van de commissie te delen.” Er is niet aangegeven op welke grond de namen geheim worden gehouden, behalve dat het te maken heeft met de belangen van deze mensen. In informatiebrief 068 Verkoop AB-huis50, van woensdag 15 september 2021, zijn zoals eerder door het college toegezegd de namen van de leden van de expertgroep opgenomen.
Opvallend is dat in veel van de interviews die wij in het kader van de evaluatie van het verkoopproces van het AB-huis voerden, is genoemd dat nooit bekend is geworden wie de leden van de expertgroep waren. Terwijl de namen zoals toegezegd bekend zijn gemaakt. Dit is bij verschillende ambtenaren en (oud)-bestuurders niet bekend, waardoor nog steeds het idee heerst dat dit geheime informatie betreft. Bibob-onderzoek en raadsvoorstel februari 2022. De burgemeester is de bevoegde persoon om een Bibobonderzoek te doen uitvoeren, als vertegenwoordiger van de rechtspersoon de gemeente. In het geval van het AB-huis heeft de burgemeester naar eigen zeggen de opdracht voor het uitvoeren van een Bibob-onderzoek verstrekt. Twee zaken zijn opvallend waar het gaat over de informatie rondom het Bibob-onderzoek: •
•
Voordat het Bibob-onderzoek was afgerond, heeft de Bibob-expert een memo gedeeld met de burgemeester en de gemeentesecretaris. Dit memo bevatte inlichtingen die waren verkregen in het kader van het Bibob-onderzoek (en die dus geheim waren). Het Bibob-onderzoek was op dit moment dus niet afgerond, maar uit informatie die in het kader van het Bibob-onderzoek is verzameld, bleek dat de kandidaat-koper niet aan de verplichtingen uit het koopcontract zou kunnen voldoen. Verder uitvoeren van het Bibob-onderzoek was daarom niet nodig. Het memo bevatte daarnaast observaties over de verkoopprocedure, welke geen relatie hadden met Bibob-onderzoek. Het memo is besproken met de burgemeester, enkele ambtenaren en de gemeentesecretaris. In het raadsvoorstel van februari 2022, met daarin het voorgestelde besluit om geen wensen en bedenkingen tegen de verkoop aan de kandidaat-koper herroepen, is de informatie uit het interne memo gebruikt. Vervolgens heeft de verantwoordelijk wethouder vragen van de raad over het memo beantwoord, zonder dat de volledige inhoud van het memo bij haar bekend was. Aangezien het memo informatie bevatte die in het kader van het Bibob-onderzoek was verzameld, was het logisch dat deze informatie niet is gedeeld met de wethouder. Het was echter wel wenselijk geweest als de burgemeester (die over meer informatie beschikte) op dit moment de raadsvragen had beantwoord.
Een tweede opvallend punt is dat meerdere ambtenaren van de gemeente Voorschoten in gesprekken met de onderzoekers hebben gedeeld dat informatie verkregen uit het Bibob-onderzoek, voor hen in te zien was. Deze gesprekspartners hebben benadrukt hier geen gebruik van gemaakt te hebben, maar de mogelijkheid was er wel.
Schikking. In januari 2023 zijn de gemeente Voorschoten en de kandidaat-koper tot een schikking gekomen. Er zijn verschillende lezingen (van ambtenaren en bestuurders) over dat er binnen de gemeente eerst is gesproken over het geheim houden van het bedrag waarvoor is geschikt. Het bedrag is eind januari 2023 direct openbaar gemaakt, maar hierover is binnen de gemeente discussie geweest. Verschillende personen geven aan
49
Gemeente Voorschoten, Opname commissievergadering B&B, d.d. 18 februari 2021. Zie: link.
50 Gemeente Voorschoten, Informatiebrief 068 Verkoop Ambachts- en baljuwhuis, d.d. 16 september 2021. Zie: link.
25
dat zij degenen zijn die hebben geadviseerd om het bedrag niet geheim te houden en het is onduidelijk waar het standpunt om het schikkingsbedrag geheim te houden vandaan is gekomen.
4.3. Percepties over de informatievoorziening Om tot conclusies te komen (zie paragraaf 4.4) hebben we naast de documenten ook gebruik gemaakt van informatie die in gesprekken met ons is gedeeld. We vatten hierna de percepties over informatievoorziening samen. Veel gesprekspartners (ambtenaren, raadsleden, extern betrokkenen) vonden de informatievoorziening gedurende het grootste gedeelte van het proces goed. De raad is bijvoorbeeld frequent geïnformeerd. Sommige gesprekspartners hebben wel aangegeven dat de informatie richting de raad minder ingewikkeld (bijvoorbeeld minder juridisch) had gekund en dat de raad nog frequenter geïnformeerd had moeten worden. Een punt waarover meerdere gesprekspartners kritisch zijn is rondom het geheimhouden van de leden van de expertgroep, die het biedboek hebben opgesteld en hebben geadviseerd over de openbare verkoop. Meerdere gesprekspartners gaven aan dat er veel ‘mysterie’ rondom deze commissie was, omdat niet bekend gemaakt mocht worden wie de leden waren. In de gesprekken bleek dat veel gesprekspartners (waaronder ambtenaren en bestuurders), nog steeds in de veronderstelling leefden dat niet openbaar is gemaakt wie de leden in de commissie waren, terwijl dit conform de afspraken is gedeeld met de raad.
Veel gesprekspartners (ambtenaren, bestuurders, raadsleden en externen) zijn kritisch op de informatievoorziening rondom het stopzetten van de verkoop in de openbare procedure. Gesprekspartners benoemen bijvoorbeeld dat de beantwoording van de raadsvragen na het raadsvoorstel in februari 2022 niet goed was. Benoemd is dat er binnen de organisatie onduidelijkheid was over de reden tot stopzetten van de verkoop, waardoor de informatie die verstrekt werd ook niet duidelijk was. Meerdere gesprekspartners hebben genoemd dat het in deze fase een goede optie geweest was om een geheime bijeenkomst met raadsleden te organiseren, zodat er meer transparantie gegeven had kunnen worden. Verder is regelmatig genoemd dat er door de pers veel is geschreven over het verkoopproces, waardoor informatie bekend werd voordat het formeel werd gedeeld, of niet kloppende informatie naar buiten kwam.
4.4. Conclusies en aanbevelingen De beschouwende onderzoeksvragen over de informatievoorziening zijn ‘Wat is er goed en fout gegaan in dit proces?’ en ‘Was de informatie volledig, begrijpelijk, beschikbaar op de juiste momenten in het proces en op de juiste plekken?’. In deze concluderende paragraaf zijn de antwoorden op deze onderzoeksvragen gecombineerd. Hierna is beschreven wat goed en fout is gegaan in de drie fasen van het proces die we onderscheiden: 1) Verkenning verkoop aan zittende huurder; 2) Opzetten en uitvoeren openbare verkoop onder voorwaarden en 3) Stopzetten verkoop. Informatievoorziening tijdens verkenning verkoop aan de zittende huurder In de eerste fase van het verkoopproces, de verkenning van de verkoop aan de zittende huurder, heeft het college conform de formele kaders gehandeld. Echter, we concluderen dat het wel wenselijk was geweest als het college eerder richting de raad had gecommuniceerd. De kaders zijn de gemeentewet artikel 160 en de Financiële Verordening van de gemeente Voorschoten. Hieruit volgt dat het college wensen en bedenkingen dient op te halen voordat een besluit is genomen. Dit heeft het college ook gedaan. Echter, raadsleden hebben
26
via andere kanalen gehoord dat er sprake was van gesprekken over de verkoop van het AB-huis. Dat heeft gezorgd voor wantrouwen. De kaders lieten toe dat er eerder gecommuniceerd zou worden richting de raad, en bestuurlijk en maatschappelijk gezien was het wenselijk geweest als de wethouder eerder had gecommuniceerd over de gesprekken over de verkoop van het AB-huis. Informatievoorziening tijdens het opzetten en uitvoeren openbare verkoop onder voorwaarden Waar het gaat over de fase vanaf de eerste informatiebrief naar de raad (begin 2019) tot het stopzetten van de verkoop (begin 2022) geldt dat er geen signalen zijn dat de informatie vanuit het college onvolledig of niet begrijpelijk was. Wat goed is gegaan is dat er regelmatig informatiebrieven zijn verstuurd. Wat beter had gekund is dat steeds duidelijk zou zijn gemaakt in welk kader het college informatie deelde met de raad. Was dit in het kader van de actieve informatieplicht? En zo ja, wat was dan het moment dat het college de raad om wensen en bedenkingen zou vragen? Het kader en het doel van het verstrekken van informatie is vaak niet expliciet gemaakt. Informatievoorziening vanaf stopzetten verkoop Vanaf het moment dat het college de verkoop aan de kandidaat-koper wil stopzetten, zijn we kritisch op de informatievoorziening richting de raad. Er is informatie gedeeld die niet begrijpelijk en onvolledig was.
Tussen het raadsvoorstel (7 september 2021) en de commissievergadering (30 september 2021) hebben de kandidaat-koper en de gemeente de koopovereenkomst getekend, en heeft een kennismakingsgesprek plaatsgevonden tussen de wethouder en de kandidaat-koper. Over wat er precies is gezegd in dit kennismakingsgesprek zijn verschillende lezingen, van mensen die wel of niet bij dit gesprek aanwezig zijn geweest. Het antwoord op de vraag of de raad over dit gesprek geïnformeerd had moeten worden, is afhankelijk van wat er precies gezegd is door de wethouder. Dit is niet bekend. We concluderen daarom niet dat het college de raad hierover had moeten informeren. We concluderen wel dat de raad in februari 2022 niet op volledige en begrijpelijke wijze is geïnformeerd over de reden tot stopzetten van de koop. De raad wordt er niet duidelijk over geïnformeerd dat er uit het onderzoek wel aanleiding was om te veronderstellen dat de koop niet overeenkomstig de overeenkomst plaats zou vinden, maar dat het Bibob-onderzoek niet afgerond was. De passages over de uitspraken van de wethouder zijn verwarrend en niet nodig: deze uitspraken hebben geen juridische, maar politieke consequenties. Ook wordt de raad er niet over geïnformeerd dat het college de kandidaat-koper reeds op 3 januari 2022 een voornemen tot ontbinding van de koopovereenkomst heeft toegezonden.
Ook in de beantwoording van de raadsvragen in februari 2022 is onvolledige en soms onduidelijke informatie gegeven. Voorbeelden hiervan zijn: •
•
•
De raad vraagt vanaf welke datum de aanvraag Bibob-toets naar de kandidaat-koper is gedaan. Het college antwoordt dat het onderzoek is gestart na het besluit van de raad op 7 oktober. Echter, uit de documenten blijkt dat het Bibob-vragenformulier al op 23 september naar de kandidaat-koper is gestuurd, dus vóór het besluit van de raad. In beantwoording van een andere vraag geeft het college aan dat er geen ontbinding van de koopovereenkomst plaatsvindt, omdat er nog geen koopovereenkomst tot stand is gekomen. Echter, op dit moment is de kandidaat-koper al wel via een proces-verbaal geïnformeerd over het voornemen van het college om de koopovereenkomst te ontbinden. De raad vraagt of herziening van het besluit van de raad van 7 oktober een noodzakelijke voorwaarde is om te komen tot ontbinding of nietig verklaring van de koopovereenkomst. Het college antwoordt: “De raad heeft een besluit met betrekking tot geen wensen en bedenkingen tegen verkoop genomen. Nu er nieuwe feiten naar boven zijn gekomen die een andere uitkomst van het verkoopproces met zich dragen, moet het college nu terug naar de raad voor de wensen en bedenkingen.” En op een soortgelijke vraag antwoordt het college: “Op grond van artikel 169, vierde lid, van de Gemeentewet
27
en de Tweede Wijziging Financiële Verordening Voorschoten 2018 bestaat de verplichting de wensen en bedenkingenprocedure te doorlopen. Nu het college de verkoopprocedure wil stoppen, moet u gevraagd worden om uw wensen en bedenkingen alvorens het college dat kan besluiten.” Deze antwoorden zijn vaag, waardoor nog steeds niet duidelijk is of het terugtrekken van de wensen en bedenkingen een noodzakelijke voorwaarde is. Juridisch gezien was het terugtrekken van de wensen en bedenkingen niet noodzakelijk, maar dit is niet naar de raad gecommuniceerd. Uit de gesprekken die in het kader van deze evaluatie zijn gevoerd blijkt dat er nog steeds (eind 2023, begin 2024) onduidelijkheid en onbekendheid is bij de betrokkenen (raadsleden, ambtenaren, (oud-)bestuurders) over hoe deze fase van het proces precies is verlopen en wat de redenen zijn geweest om over te gaan tot stopzetten van de verkoop. Onze indruk is dat het niet zo is dat het college of de ambtelijke organisatie bewust informatie heeft achtergehouden, maar dat de informatie niet begrijpelijk en onvolledig was, en versnipperd is bij verschillende betrokkenen (die niet allemaal meer werkzaam zijn bij de gemeente Voorschoten). Aanbevelingen Voorgaande conclusies leiden tot de volgende aanbevelingen: •
•
•
•
Communiceer als college proactief naar de raad over gevoelige dossiers, ook als dit formeel nog niet nodig is. Voorkom hiermee dat raadsleden uit openbare bronnen informatie verkrijgen, in plaats van via het college. Geef vanuit het college bij de informatievoorziening richting de raad steeds aan in welk kader en met welk doel het college de informatie deelt: is dit in het kader van de actieve informatieplicht? En zo ja, op welk moment wordt de raad dan bijvoorbeeld om wensen en bedenkingen gevraagd? Als het gaat over een langer lopend proces, is het raadzaam om vooraf weer te geven welke stappen doorlopen gaan worden, en op welk moment de raad welke rol heeft. Vervolgens kan op ieder moment van informatieverstrekking aangegeven worden waar in het proces de gemeente zich bevindt. Verbeter de duidelijkheid van de informatievoorziening naar de raad. Laat raadsstukken bijvoorbeeld controleren op begrijpelijkheid. Als informatie te complex en gevoelig is voor in een informatiebrief, overweeg dan een (vertrouwelijke) bijeenkomst met de raad. Stel beleid op over de geheimhouding van stukken, onder andere stukken die in het kader van Bibobonderzoek zijn verzameld. Verwerk hierin ook op welke manier (processen, systemen) de geheimhouding daadwerkelijk geborgd wordt en zorg dat hierop gestuurd wordt.
28
5.De ondersteuning van het proces 5.1. Het proces Gebieden waarop expertise is ingezet De eerste beschrijvende onderzoeksvraag over de ondersteuning in het proces is ‘Op welke gebieden is expertise ingezet?’. Hierna geven we een overzicht van de externe expertise die is ingezet: •
•
•
• •
Makelaardij: De gemeente heeft gedurende het proces twee makelaars ingezet; één ten behoeve van het verkoopproces aan de zittende huurder (begin 2019) en één ten behoeve van het verkoopproces op basis van openbare inschrijving (eind 2020). De laatste makelaar maakte onderdeel uit van de expertgroep (zie hierna). Expertgroep: De begeleiding van de verkoopprocedure op basis van een openbare inschrijving is neergelegd bij een onafhankelijke expertgroep. De expertgroep is (eind 2020) aangesteld om het college te adviseren over de invulling van de publieke functie en andere aspecten van de voorstellen. De expertgroep bestond uit een erfgoeddeskundige, een notaris, een economisch expert en een expert makelaardij en marktkennis.51,52 De erfgoedexpert richtte zich op het scheppen van voorwaarden voor het doorgeven van het monument in duurzame staat. De notaris richtte zich op de bepaling in het legaat van het AB-huis over medegebruik voor een publieke functie. De economische expert richtte zich op de betekenis van de transactie voor het centrum van Voorschoten. 53 Ten slotte was de expert makelaardij en marktkennis betrokken als verkopend makelaar. De erfgoedexpert en notaris hebben eerder ook een rol gespeeld in de dorpsdialoog die georganiseerd is. Ze zijn daar gevraagd om een inhoudelijke inleiding te geven en vragen van aanwezigen te beantwoorden.
Juridische expertise: De gemeente heeft (begin 2019) een notaris ingeschakeld om antwoord te geven op de vraag of de gemeente bevoegd is om het AB-huis aan een derde partij te vervreemden en zo ja, onder welke voorwaarden.54,55 Op een later moment (begin 2022) in het proces zijn ter ondersteuning in de juridische procedure advocaten ingeschakeld. Uitvoering Wet Bibob: Om uitvoering te geven aan het onderzoek op grond van de Wet Bibob met betrekking tot de verkoop van het AB-huis is (eind 2021) een expert ingeschakeld. Financieel onderzoek: Ter uitvoering van nader financieel onderzoek in het juridische proces, is (begin 2023) een juridisch-financieel adviesbureau ingeschakeld.
In het proces is daarnaast ook interne expertise betrokken, namelijk ambtenaren uit de vakteams ‘”ontwikkeling openbare ruimte”, “juridische zaken” en “openbare orde en veiligheid”. Gedurende het proces zijn er binnen de teams wisselingen van ambtenaren geweest. Er is binnen deze teams ook externe capaciteit ingehuurd.56
51 Gemeente Voorschoten, Bijlage 1 Verslag en Advies Expertgroep AB-Huis, d.d. 15 juli 2021. Zie: link. 52 Gemeente Voorschoten, Amendement 112 GL CDA VVD over Ambachts- en Baljuwhuis, d.d. 12 november 2020. Zie: link. 53 Gemeente Voorschoten, Bijlage 1 Verslag en Advies Expertgroep AB-Huis, d.d. 15 juli 2021. Zie: link. 54 Gemeente Voorschoten, Informatiebrief 056 Intentie tot verkoop Ambachts- en Baljuwhuis, d.d. 17 september 2019. Zie: link. 55
Het betreft dezelfde notaris die als onderdeel is van de expertgroep (en gedurende de dorpsdialoog) werd ingezet.
56 Gemeente Voorschoten, Organisatieplan Voorschoten 2021, d.d. februari 2021. Zie: link.
29
Inhuur van externen De tweede beschrijvende onderzoeksvraag over de ondersteuning in het proces is ‘Hoe is de inhuur van externen gegaan?’. Hierna volgt een beschrijving van hoe de externe inhuur is verlopen. De expertgroep is tot stand gekomen naar aanleiding van het raadsvoorstel van het college om over te gaan tot verkoop op basis van openbare inschrijving. In de randvoorwaarden van dit voorstel staat opgenomen dat de verkoopprocedure wordt begeleid door een groep van onafhankelijke experts die vanuit diverse invalshoeken (erfgoed, notarieel, economie en verkoopproces) meekijkt en het college adviseert. 57,58,59 De expertgroep is in de periode na de raadsvergadering van 12 november 2020 samengesteld. Bij de onderzoekers is niet bekend hoe de inhuur van deze experts precies is verlopen en hoe ze bijvoorbeeld zijn geselecteerd. Het advies van de notaris over de invulling van het legaat is gevraagd nadat de gemeente had besloten tot verkenning van de verkoop van het AB-huis. Mede door vragen vanuit de raad over de kwestie rondom de invulling van het “algemeen nut” dat in het legaat staat opgenomen, heeft het college op 21 maart 2019 een notaris ingeschakeld.60 Ter ondersteuning van de juridisch procedure heeft de gemeente vanaf 9 februari 2022 advocaten ingeschakeld.
Hiervoor (op 3 januari 2022) ontving de kandidaat-koper een aankondiging van het voornemen van de gemeente om de overeenkomst te ontbinden en volgde een ingebrekestelling van de gemeente (13 januari 2022). Volgens sommige gesprekspartners zijn de ingeschakelde advocaten “huisadvocaten” van de gemeente, volgens anderen waren deze advocaten eerder echter niet bekend. Werkzaamheden betroffen onder andere (nadere) risicoanalyses met betrekking tot het procesrisico, ondersteuning gedurende het juridisch proces en ondersteuning bij de communicatie over de rechtszaak naar de raad. De advocaten zijn tot het einde van het proces (medio januari 2023) betrokken geweest. De Bibob-expert die is ingeschakeld is volgens gesprekspartners aangedragen door de ambtelijke organisatie. De Bibob-expert is ingeschakeld een dag nadat de expertgroep advies uitbracht aan het college over het best passende bod (dit was op 15 juli 2021, een dag later vond het eerste contact met de Bibob-expert plaats).
De inhuur van de Bibob-expert is tot stand gekomen, omdat het Bibob-onderzoek deel uitmaakte van de koopovereenkomst en de gemeente niet de expertise in huis had om een Bibob-onderzoek zelf uit te voeren bij vastgoedtransacties.61 De Bibob-expert werd (met terugwerkende kracht op 31 december 2021) per 1 augustus door de burgemeester aangewezen als vertegenwoordiger inzake de uitvoering van het Bibob-onderzoek. Dit is ruim een maand voordat de kandidaat-koper en de gemeente (in september 2021) de koopovereenkomsten hebben getekend. De Bibob-expert is tot medio juli 2022 bij het proces betrokken geweest. Op 3 januari 2023 is ter begeleiding van een nader financieel onderzoek een juridisch-financieel adviesbureau ingeschakeld. Op 11 januari 2023 (dus enkele dagen voor de schikking van 18 januari 2023) zijn bevindingen van het adviesbureau gedeeld met het college. Meerdere gesprekspartners geven aan niet bekend te zijn met dit onderzoek, onder wie direct betrokkenen waarvan wij wel zouden verwachten dat het onderzoek bij hen
57 Gemeente Voorschoten, Amendement 112 GL CDA VVD over Ambachts- en Baljuwhuis, d.d. 12 november 2020. Zie: link. 58 Dit voorstel werd door de raad aangescherpt en er werd de datum van 1 maart 2021 meegegeven waarin het uitzetten van de verkoop,
de selectie van meest geschikte plan en de wensen en bedenkingen procedure moesten zijn afgerond. 59 In de randvoorwaarden staat het volgende: “De verkoopprocedure wordt begeleid door een nog In te stellen groep van onafhankelijke deskundigen die vanuit diverse invalshoeken (erfgoed, economie, juridisch, verkoopproces) het college adviseert.” En “Een door het college van b en w in te stellen onafhankelijke deskundigengroep adviseert het college over de invulling van de publieke functie en andere aspecten van de voorstellen en zal bestaan uit: a. Erfgoeddeskundige; b. Juridisch deskundige; c. Economisch deskundige. De deskundigengroep kan ander advies van deskundigen op deelaspecten inwinnen en voert overleg met de verkopend makelaar.” 60 Gemeente Voorschoten, Informatiebrief 056 Intentie tot verkoop Ambachts- en Baljuwhuis (incl. bijlage), d.d. 18 september 2019. Zie: link. 61 Gemeente Voorschoten, Beantwoording schriftelijke vragen ex art. 39 RvO 234 PvdA over Bibob- toets verkoop AB-huis, d.d. 27 januari 2022. Zie: link.
30
bekend zou zijn. Het is daarnaast onbekend wat met uitkomsten van dit onderzoek is gedaan en welke rol het heeft gespeeld in de laatste fase van het verkoopproces. Totstandkoming van verkoopdocumenten De derde beschrijvende onderzoeksvraag over de ondersteuning in het proces is ‘Op welke wijze zijn de verkoopdocumenten tot stand gekomen en is geadviseerd over andere juridische stappen in het proces (waaronder geheimhouding in verschillende fasen, bevoegdheden)?’. In het verkoopproces zijn verschillende documenten ten behoeve van de verkoop opgesteld: een adviesdocument van de notaris, randvoorwaarden voor de verkoop (opgesteld door het college, geamendeerd door de raad), een biedboek en een (concept)koopovereenkomst. Hierna zijn de stappen in het verkoopproces beschreven die relevant zijn in de totstandkoming van de verkoopdocumenten. Het eerste relevante document betreft het advies van de notaris op 21 maart 2019. De notaris zocht uit wat het legaat dat op het pand rust juridisch precies inhoudt en welke speelruimte de gemeente had in de verkoop van het pand. De notaris oordeelde dat het legaat rustend op het AB-huis een testamentaire last betrof en bij verkoop als kettingbeding in het koopcontract zou moeten worden opgenomen.62 Vervolgens zijn door het college randvoorwaarden voor de verkoop opgesteld, welke op 11 juni 2019 zijn gedeeld met de raad.
Na gesprek hierover in de raad en de dorpsdialoog heeft het college in het voorstel aan de raad op 11 juni 2020 aanvullende randvoorwaarden voor de verkoop opgenomen. Nadat er 9 juli 2020 geen meerderheid voor verkoop in de huidige vorm bleek te zijn, werd het voorstel tot verkoop aan de zittende huurder op 15 juli 2020 ingetrokken. Op 6 oktober 2020 werd een voorstel tot openbare verkoop voorgelegd aan de raad. In aanvulling op de eerder opgestelde randvoorwaarden bevatte dit voorstel de randvoorwaarde dat de verkoopprocedure zou worden begeleid door een groep van experts en dat aspirant-kopers in hun voorstel zouden opnemen op welke wijze de publieke functie zou worden gewaarborgd.63,64 Op 12 november 2020 werden in een (aangenomen) amendement de eisen aan het voorstel van aspirant-kopers gedetailleerd uitgewerkt en werd opgenomen dat het college een eventueel definitief verkoopbesluit zou baseren op een meerderheid van de raad.65 In de periode tussen november 2020 en februari 2021 heeft de expertgroep op basis van deze randvoorwaarden een biedboek opgesteld, waarin de voorwaarden voor biedingen stonden opgenomen en de biedingsprocedure werd beschreven.66 Ook werd op basis van de randvoorwaarden een (concept)koopovereenkomst opgesteld.
Deze koopovereenkomst is door de notaris in samenspraak met de betrokken makelaar en ambtenaren tot stand gekomen.67 De finale versie van de koopovereenkomst (verstuurd naar kandidaat-koper op 2 augustus 2021) verschilt op twee punten van de conceptkoopovereenkomst (conceptversie van 25 maart 2021). In de conceptkoopovereenkomst (en dus niet in de finale koopovereenkomst) staat “goedkeuring door een externe financier (bank) aan de zijde van de koper” als voorbehoud opgenomen. Een ander verschil is dat in de conceptkoopovereenkomst als voorwaarde is opgenomen “onder voorbehoud van goedkeuring/instemming van de raad”, terwijl dit voorbehoud in de finale koopovereenkomst is uitgesplitst. In de finale koopovereenkomst stond deze geformuleerd als het 62 Gemeente Voorschoten, Informatiebrief 056 Intentie tot verkoop Ambachts- en Baljuwhuis (incl. bijlage), d.d. 18 september 2019. Zie:
link. 63 Gemeente Voorschoten, Randvoorwaarden verkoop Voorstraat 12-14 (Ambachts- en Baljuwhuis) (gewijzigd, wijzigingen gemarkeerd), d.d. 29 oktober 2020. Zie: link. 64 De beoogde randvoorwaarde om het AB-huis als restaurant te behouden (voorwaarde genoemd in raadpleegbrief 01, d.d. 11 juni 2020) wordt niet opgenomen in de (geamendeerde) randvoorwaarden. 65 Gemeente Voorschoten, Amendement 112 GL CDA VVD over Ambachts- en Baljuwhuis, d.d. 12 november 2020. Zie: link. 66 Niet alle voorwaarden vanuit de randvoorwaarden worden expliciet benoemd in het biedboek; de verplichting om bij verbouwing het planologisch vergunningsproces te doorlopen ontbreekt, alsmede het boetebeding. Deze bedingen staan wel in het (concept)koopcontract opgenomen. 67 Uit correspondentie beschreven in memo van advocaat ‘Memo advocaat inzake Ambachts- en Baljuwhuis’, d.d. 18 maart 2022.
31
voorbehoud van “de wensen en bedenkingen van de gemeenteraad” en het voorbehoud van “een meerderheidsbesluit van goedkeuring van de gemeenteraad”.
5.2. Percepties over de ondersteuning Om tot conclusies te komen (zie paragraaf 5.3) hebben we naast de documenten ook gebruik gemaakt van informatie die in gesprekken met ons is gedeeld. We vatten hierna de percepties over de ondersteuning samen. Gesprekpartners hebben wisselende beelden over de externe ondersteuning in het proces. De meeste gesprekspartners zijn positief over het aanstellen van een onafhankelijk expertgroep. Deze gesprekspartners geven aan dat dit een logische keuze was, aangezien het een gevoelig dossier was en hiermee de onafhankelijkheid van het selectieproces werd geborgd. Gesprekspartners geven aan dat de rol en werkzaamheden van de expertgroep helder waren afgebakend en dat de onafhankelijkheid door het college goed in acht is genomen. Meerdere gesprekspartners zijn kritisch over het proces rondom het Bibob-onderzoek. Gesprekspartners geven aan dat Bibob-beleid en expertise op gebied van Bibob binnen de organisatie ontbrak. Dit zorgde er volgens hen voor dat het Bibob-onderzoek niet goed werd gemanaged en een kritische blik vanuit de organisatie op externe adviezen rondom het Bibob-onderzoek ontbrak. Ook is in gesprekken aangegeven dat de Bibob-expert verschillende aanspreekpunten had binnen de gemeente.
Daarnaast werd aangegeven dat eenduidigheid van informatie over het onderzoek ontbrak; de verschillende aanspreekpunten beschikten niet op dezelfde momenten over dezelfde informatie. Een aantal gesprekspartner is van mening dat de juiste juridische expertise eerder betrokken hadden moeten worden. In het proces waren juristen van de gemeente betrokken, en toen de gemeente in gebreke is gesteld zijn advocaten ingeschakeld. Gesprekspartners gaven aan dat in een dergelijk gevoelig en juridisch complex dossier eerder uitgebreidere juridische expertise ingeschakeld had moeten worden, op het gebied van privaatrecht (voor het opstellen van de koopovereenkomst) en op het gebied van bestuursrecht (voor het Bibob-onderzoek). Dit had interne expertise kunnen zijn ofwel door eerder advocaten te betrekken. Zo had een jurist gespecialiseerd in vastgoed of Bibob-onderzoek de gemeente al in een vroeg stadium van cruciaal advies kunnen voorzien over de stappen die in het proces genomen konden worden. Zoals reeds beschreven in paragraaf 3.3 is in gesprekken regelmatig aangegeven dat binnen de ambtelijke organisatie onvoldoende expertise en capaciteit aanwezig was voor het verkoopproces.
Volgens gesprekspartners valt dit deels te verklaren door de ontvlechting tussen de gemeente Voorschoten en Wassenaar (per september 2021) en door de hoge doorloop onder de ambtenaren, waardoor inhoudelijke kennis van het proces niet goed werd geborgd. In gesprekken is daarnaast aangegeven dat de (juridische) complexiteit van het dossier onvoldoende werd onderkend en dat deze op het bord kwam van medewerkers met te weinig (relevante) expertise en/of ervaring. Het gebrek aan expertise zorgde er volgens gesprekspartners voor dat de organisatie onvoldoende in staat was om (kritisch) op externe adviezen te reflecteren, waardoor volgens hen de organisatie (te) afhankelijk werd van externe adviseurs.
32
5.3. Conclusies en aanbevelingen De twee beschouwende onderzoeksvragen over de ondersteuning in het proces zijn ‘Wat is er goed en fout gegaan in dit proces?’ en ‘Is de benodigde expertise betrokken, op het juiste moment (zowel intern als inhuur)?’. In deze concluderende paragraaf geven we antwoord op deze onderzoeksvragen. Gebieden waarop externe expertise is ingeschakeld Wat goed is gegaan is dat op verschillende momenten in het verkoopproces belangrijke externe expertise is aangetrokken, die binnen de ambtelijke organisatie niet aanwezig was. Zo zijn voor de expertgroep deskundigen aangetrokken met expertise die aansloot op de wensen van de raad. Bovendien werd met de keuze voor experts, van wie er twee al eerder in het proces betrokken waren, inhoudelijke kennis die eerder in het proces werd opgedaan geborgd. De expertgroep kreeg een duidelijke opdracht mee en is in de gelegenheid gesteld om zijn taken onafhankelijk uit te voeren. Het instellen van de expertgroep zorgde ervoor dat een aspirant-koper van het pand kon worden geselecteerd op basis van een onafhankelijk en transparant proces, en in lijn met de vastgestelde kaders. Ook is er een Bibob-expert ingeschakeld, wat goed was, aangezien binnen de ambtelijke organisatie onvoldoende expertise aanwezig was voor het uitvoeren van het Bibob-onderzoek.
Tot slot zijn in de laatste fase van het verkoopproces advocaten ingehuurd, wat ook logisch was gezien de juridische procedure die speelde. Momenten en manier waarop externe expertise is ingeschakeld De expertgroep is op een logisch moment ingeschakeld: deze is betrokken nadat is besloten dat dat een openbare verkoop van het AB-huis zou gaan plaatsvinden. De inhuur van de Bibob-expert is minder goed gegaan. Het Bibob-beleid van de gemeente was niet bekend, er lagen vooraf geen heldere afspraken op basis waarvan het Bibob-onderzoek kon worden vormgegeven en er was niemand binnen de ambtelijke organisatie met (voldoende) ervaring met het laten uitvoeren van een Bibob-onderzoek. Het was daarom wenselijk geweest als de gemeente advies had ingewonnen bij het Regionaal Informatie- en Expertise Centrum (RIEC) of gemeenten met meer ervaring op dit gebied en als er meer tijd genomen was voor het uitzetten van het Bibob-onderzoek. Het had ook kunnen helpen als de advocaten eerder in het proces om advies waren gevraagd. Expertise binnen de organisatie Binnen de ambtelijke organisatie is niet de juiste expertise betrokken geweest. Een groot deel van het dossier, dat op onderdelen complex en juridisch technisch was, kwam terecht bij medewerkers die hier niet de benodigde expertise en/of ervaring voor hadden.
Het ontbrak aan een projectleider die de regie over het hele proces voerde, aan privaatrechtelijke expertise en aan kennis over de Wet Bibob. Soms was interne expertise wel degelijk aanwezig, maar kwam deze niet terecht bij de juiste personen of werd hier niets mee gedaan door gebrek aan een goede samenwerking en projectorganisatie. Door gebrek aan regie en interne expertise, is externe expertise ook niet altijd goed benut. Er kon bijvoorbeeld onvoldoende tegenwicht gegeven worden aan externe experts. Aanbevelingen In hoofdstuk 3 is reeds aanbevolen om voor een volgend verkoopproces een projectleider en projectteam samen te stellen met de juiste expertise. Daarnaast bevelen we aan om in volgende verkoopprocessen vooraf uit te denken welke expertise op welk moment nodig is, zodat tijdig gezocht kan worden naar de juiste expertise en er bijvoorbeeld een selectie uit meerdere experts kan worden gemaakt. Ook raden we aan om voldoende tijd in te bouwen voor het bespreken van en reflecteren op externe adviezen.
33
Bijlage 1. Onderzoeksvragen Onderwerpen
Beschrijvend
Beschouwend • TERUGKIJKEN
Het verloop van het verkoopproces en cruciale momenten verkoop en schikking
• Welke (formele en informele) processtappen zijn gezet in de • Wat is er goed en fout gegaan in dit proces? besluitvorming? • In hoeverre was de manier waarop de • Welk orgaan (college, raad, organisatie) had in welke stap welke taken/bevoegdheden/verantwoordelijkheden taak, bevoegdheid en verantwoordelijkheid? zijn ingevuld wenselijk? • Welke beleidsdocumenten/kaders waren er bij de start van het • Wat waren de cruciale momenten die geleid proces en de stappen hierna en hoe is daar mee om gegaan? hebben tot beëindiging van de verkoop en tot de schikking met de kandidaat-koper? • In hoeverre zijn de taken/bevoegdheden/verantwoordelijkheden uitgevoerd zoals formeel is vastgelegd?
De informatievoorziening in het proces
• Op welke momenten informeerde het college de gemeenteraad en wat was de aard van de informatie (vooraf/achteraf, openbaar/geheim, actieve informatieplicht of informatie noodzakelijk voor wensen & bedenkingen of besluiten) • Hoe is omgegaan met de openbaarheid van informatie (actieve openbaarmaking naar raad/pers/publiek, geheime informatie gedeeld met de raad, geheime informatie alleen berustend bij het college)? • Is de informatievoorziening uitgevoerd conform artikelen 60, 155, 169 van de Gemeentewet? • Is de informatievoorziening uitgevoerd conform toepasselijke besluiten en reglementen van de gemeente Voorschoten (bijvoorbeeld het Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad Voorschoten 2012)?
• Wat is er goed en fout gegaan in dit proces? • Was de informatie: -Volledig -Begrijpelijk -Beschikbaar op de juiste momenten in het proces -Beschikbaar op de juiste plekken?
De • Op welke gebieden is expertise ingezet? ondersteuning • Hoe is de inhuur van externen gegaan? van het proces • Op welke wijze zijn de verkoopdocumenten tot stand gekomen en is geadviseerd over andere juridische stappen in het proces (waaronder geheimhouding in verschillende fase, bevoegdheden)?
• Wat is er goed en fout gegaan in dit proces? • Is de benodigde expertise betrokken, op het juiste moment (zowel intern als inhuur)?
VOORUITKIJKEN Aanbevelingen • • •
Aanbevelingen gericht op structuur: de formele verdeling van taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden. Aanbevelingen gericht op processen: de te doorlopen stappen in een verkoopproces. Aanbevelingen gericht op houding en gedrag: de manier waarop de betrokkenen hun formele rollen invullen.
Tabel 3. Onderzoeksvragen van het evaluatieonderzoek.
34
Bijlage 2. Gesprekspartners Organisatie
Functie
Bestuurders (Voorschoten)
• • • •
Burgemeester Wethouder – portefeuille vastgoed Voormalig wethouder – portefeuille vastgoed Voormalig wethouder – portefeuille beheer openbare ruimte
Raadsleden (Voorschoten)
•
(Voormalig) gemeenteraadsleden – CDA, D66, GroenLinks, PvdA, Voorschoten Lokaal, VVD
Ambtenaren (Voorschoten)
• • • • • • • •
Voormalig gemeentesecretaris Teammanager – maatschappelijk vastgoed Voormalig teammanager – maatschappelijk vastgoed Exploitatiemedewerker – maatschappelijk vastgoed Voormalig teammanager (interim) – openbare orde en veiligheid Jurist – juridische zaken Jurist (externe inhuur) – juridische zaken Raadsgriffier
Expertgroep
•
Expert erfgoed, notaris en verkopend makelaar
Bibob-expert
•
Bibob-expert
Advocatenkantoor
•
Advocaat
Kandidaat-kopers
• •
Huidige huurder Kandidaat-koper in fase openbare verkoop
Tabel 4. Gesprekspartners van het evaluatieonderzoek.
35
Bijlage 3. Juridische kaders Gemeentewet
Titel II. De inrichting en samenstelling van het gemeentebestuur Hoofdstuk III. Het college van burgemeester en wethouders • Artikel 60 o Lid 1: De raad kan regelen van welke beslissingen van het college aan de leden van de raad kennisgeving wordt gedaan. Daarbij kan de raad de gevallen bepalen waarin met terinzagelegging kan worden volstaan. o Lid 2: Het college laat de kennisgeving of terinzagelegging achterwege voor zover deze in strijd is met het openbaar belang. o Lid 3: Het college maakt de besluitenlijst van zijn vergaderingen op de in de gemeente gebruikelijke wijze openbaar. Het college laat de openbaarmaking achterwege in de gevallen waarin een verplichting tot geheimhouding geldt of wanneer openbaarmaking in strijd is met het openbaar belang. Titel III. De bevoegdheid van het gemeentebestuur Hoofdstuk IX. De bevoegdheid van de raad • Artikel 155, lid 1: Een lid van de raad kan het college of de burgemeester mondeling of schriftelijk vragen stellen. Hoofdstuk X. De bevoegdheid van het college van burgemeester en wethouders • Artikel 160, lid 1, sub d: Het college is in ieder geval bevoegd: tot privaatrechtelijke rechtshandelingen van de gemeente te besluiten; • Artikel 169, lid 3: Zij [het college] geven de raad mondeling of schriftelijk de door een of meer leden gevraagde inlichtingen, tenzij het verstrekken ervan in strijd is met het openbaar belang.
• Artikel 169 o Lid 1. Het college en elk van zijn leden afzonderlijk zijn aan de raad verantwoording schuldig over het door het college gevoerde bestuur. o Lid 2. Zij geven de raad alle inlichtingen die de raad voor de uitoefening van zijn taak nodig heeft. o Lid 3. Zij geven de raad mondeling of schriftelijk de door een of meer leden gevraagde inlichtingen, tenzij het verstrekken ervan in strijd is met het openbaar belang. o Lid 4. Zij geven de raad vooraf inlichtingen over de uitoefening van de bevoegdheden, bedoeld in artikel 160, eerste lid, onder d, e, f en g, indien de raad daarom verzoekt of indien de uitoefening ingrijpende gevolgen kan hebben voor de gemeente. In het laatste geval neemt het college geen besluit dan nadat de raad in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en bedenkingen ter kennis van het college te brengen. o Lid 5. Indien de uitoefening van de bevoegdheid, bedoeld in artikel 160, eerste lid, onder f, geen uitstel kan lijden, geven zij in afwijking van het vierde lid de raad zo spoedig mogelijk inlichtingen over de uitoefening van deze bevoegdheid en het terzake genomen besluit.
36
Hoofdstuk XI. De bevoegdheid van de burgemeester • Artikel 171, lid 1 en lid 2: De burgemeester vertegenwoordigt de gemeente in en buiten rechte. De burgemeester kan de in het eerste lid bedoelde vertegenwoordiging opdragen aan een door hem aan te wijzen persoon. Wet dualisering gemeentebestuur
•
Memorie van toelichting
Inspraakverordening
•
Artikel 2 Onderwerp van inspraak o Lid 1: Elk bestuursorgaan besluit ten aanzien van zijn eigen bevoegdheid of inspraak wordt verleend bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid. o Lid 2: Inspraak wordt verleend indien de wet daartoe verplicht.
Financiële Verordening Voorschoten 2018
•
Artikel 8 Informatieplicht o Lid 1, sub c: Het college besluit, voor zover dit niet in de begroting is opgenomen, niet over de aan- en verkoop van onroerende goederen en gronden groter dan €75.000 dan nadat de raad is geïnformeerd over het voornemen en hiertoe in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en bedenkingen ter kennis van het college te brengen.
Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Bibob)
Hoofdstuk 2. Overheidsopdrachten, vastgoedtransacties, subsidies, vergunningen en ontheffingen • Artikel 5a: Een rechtspersoon met een overheidstaak kan het Bureau om een advies vragen over de betrokkene a. alvorens een beslissing wordt genomen over het aangaan van een vastgoedtransactie; b. in het geval dat bij een vastgoedtransactie is bedongen dat de overeenkomst kan worden opgeschort of ontbonden dan wel de rechtshandeling kan worden beëindigd indien zich één van de situaties, bedoeld in artikel 9, derde lid, voordoet, alvorens zich op die opschortende of ontbindende voorwaarde te beroepen. Hoofdstuk 3. Het Bureau bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur • Artikel 9, derde lid: Voor zover het gaat om een vastgoedtransactie, heeft het Bureau tot taak rechtspersonen met een overheidstaak op verzoek advies uit te brengen over: a. de mate van gevaar dat de vastgoedtransactie mede zal worden gebruikt om uit gepleegde strafbare feiten verkregen of te verkrijgen, op geld waardeerbare voordelen te benutten, b. de mate van gevaar dat in of met de onroerende zaak waar de vastgoedtransactie betrekking op heeft, mede strafbare feiten zullen worden gepleegd, of c. de feiten en omstandigheden die er op wijzen of redelijkerwijs doen vermoeden dat ter verkrijging of behoud van een vastgoedtransactie een strafbaar feit is gepleegd.
Tabel 5. Juridische kaders in het verkoopproces.
37
Nassaulaan 1 2514 JS Den Haag
+31 (0)70 359 6955 info@kwinkgroep.nl www.kwinkgroep.nl