Bijlage 1 Evaluatie Economische Visie en Agenda 2021-2024
Tekst van het document
BIZ Dobbewijk (en eventuele toekomstige BIZ-organisaties) zeer belangrijk, en dient de regionale samenwerking te worden benut om de uitvoeringskracht te vergroten. Inzet op regionale samenwerking voor verduurzamingsprojecten, financieringsconstructies en kennisdeling kunnen de verduurzaming van bedrijventerreinen een impuls geven. Sluit aan bij programma’s in de regio als het gaat om verduurzamingsmogelijkheden Naast de grote bedrijventerreinen, moet verduurzaming ook landen bij de individuele ondernemer. Aanbevolen wordt om te kijken naar verdere acties zoals de energiescan, waar ook mkb’ers gebruik van kunnen maken om te kijken welke verduurzamingsmogelijkheden zij hebben. Hiervoor kan worden aangesloten bij programma’s in de regio en bij de provincie, en kan de relatiemanager als verlengstuk fungeren. Daarbij geldt ook dat ondernemers proactief moeten worden geïnformeerd over subsidies en regelingen waar zij gebruik van kunnen maken, en praktische begeleiding kunnen krijgen bij investeringen. De gevolgen van energiecrises, klimaatveranderingen, etc. zijn niet enkel duurzaamheidsopgaves, maar hebben ook een wezenlijke economische impact. Zo blijken geopolitieke spanningen in Rusland en het Midden-Oosten een groot effect te hebben op de productie wegens een schaarste in gas en olie.
Ook veranderen consumentenvoorkeuren, waarbij meer aandacht wordt besteed aan producten die duurzaam of circulair zijn geproduceerd. Daarmee heeft de ondernemer er dus ook zelf belang bij om te verduurzamen, zodat zij minder afhankelijk zijn van externe invloeden en kunnen inspelen op veranderende behoeften in de markt. Onderzoek welke data nodig zijn om sturing te kunnen geven aan verduurzaming Ten slotte wordt geadviseerd om sturingsdata te verzamelen. Daarbij wordt gedacht aan een overzicht van welke bedrijven welke maatregelen heeft getroffen om te verduurzamen. Dit geeft inzichten in hoeverre de ondernemers bijdragen aan de verduurzaming van de panden en terreinen, en wordt meer inzicht gegenereerd in waar de verdere verduurzamingskansen liggen. Vervolgens moeten we de ondernemer aanzetten tot actie.
31
4.
Conclusie
Voorschoten heeft een kleinschalige en lokaal georiënteerde economie. De Voorschotense economie heeft zich in de afgelopen jaren positief heeft ontwikkeld. Daarbij blijkt dat de ontwikkeling in grote mate is gedreven door autonome marktontwikkelingen en maatschappelijke trends. Veerkrachtige lokale economie Voorschoten kent een veerkrachtige lokale economie. Dat blijkt uit onder andere de stabiele detailhandelsstructuur in het centrum, de sterke groei van (niet-traditionele) horeca, een toename in het aantal ZZP’ers en een opgetekende groei en relatief groot aandeel van de zorgsector. Tegelijkertijd is de economische structuur wel in een snel tempo veranderd. Zo blijkt dat digitalisering, flexibilisering van arbeid en een veranderend consumentengedrag leidt tot verschuivingen in de economie. Zo is een zeer sterke groei te zien van online handel, een zeer sterke opkomst van niet-locatiegebonden bedrijvigheid zoals catering en een toename van kleinschalige ondernemingen. Dit betekent dat het economisch beleid op een andere manier moet worden benaderd. Er dient minder te worden gestuurd op aantallen, maar meer op kwaliteit, samenhang, netwerk en toekomstbestendigheid. Beperkte sturingskracht Een belangrijke constatering is dat veel ontwikkelingen binnen de lokale economische context niet het directe gevolg zijn van gevoerd overheidsbeleid, maar wel van marktontwikkelingen.
Dit is te zien in de groei van catering, ontwikkeling van kantoorconcepten, de groei van ZZP’ers en uitbreiding van de zorgsector. Deze ontwikkelingen hebben zich laten zien, zonder dat hier actieve sturing op gebeurde. Dat betekent dat de rol van de gemeente niet ligt op directe sturing, maar meer in het faciliteren, ondersteunen en verbinden van de ondernemers, en het richting geven via het ruimtelijk en economisch kader. Vitaliteit centrum Uit meerdere speerpunten blijkt het grote belang van het centrum als economische en sociaal hart van Voorschoten. Detailhandel, horeca, evenementen en de wekelijkse markt versterken elkaar en dragen bij aan de vitaliteit en aantrekkelijkheid van het dorp. Tegelijkertijd staat deze functie onder druk door verschillende zichtbare trends zoals digitalisering, veranderend consumentengedrag en een verzadiging van handelsruimte. Het is daarom essentieel om gericht in te blijven zitten op kwaliteit van het centrum, een sterk verblijfsklimaat en functiemenging. Ontwikkelingen die niet rechtstreeks bijdragen aan het centrum hoeven niet nadrukkelijk te worden ontmoedigd, maar moeten geen specifieke focus krijgen in een nieuwe economische agenda. 32
Schaarste bedrijfsruimte De evaluatie laat zien dat er een schaarste is opgetreden in de beschikbare ruimte voor bedrijfsvoering. Dit speelt met name bij de ruimte in het centrum en op de bedrijventerreinen. De lage leegstandsgraad en stabiliteit in het aantal fysieke aanbieders in het centrum in horeca en detailhandel geven aan dat er een vorm van verzadiging heeft opgetreden als het gaat om de ruimte. Dat betekent dat het zeer lastig is om een uitbreiding van deze functies te voorzien in het centrum. Ook is er een behoefte aan beter ruimtegebruik op de bedrijventerreinen. Kostbare bedrijfsruimte op de bedrijventerreinen gaat momenteel verloren door lichtere functies die zich aldaar vestigen, in vele gevallen strijdig met de planologische bestemming. Ook worden meer bedrijfsverzamelgebouwen gevestigd op de bedrijventerreinen, die daar niet op hun plaats zijn. Dit betekent dat er scherpe ruimtelijke keuzes moeten worden gemaakt in de toekomst. Er moet een goede afstemming komen tussen het economisch beleid en de ruimtelijke ordening. Lokale en regionale samenwerking De laatste jaren zijn er intern stappen gezet in de verbetering van de samenwerking tussen gemeente en ondernemers én in de samenwerking met partners binnen de regio. Hoewel cluster economie de laatste jaren de ondernemer wel ad hoc kon helpen, was er geen ruimte om structureel te bouwen aan de relaties.
Daar is nu een nieuwe start mee gemaakt. Communicatie behoeft blijvende aandacht. Zo beschikt Voorschoten nu over een relatiemanager die werk levert in het opbouwen van duurzame relaties met de ondernemers en verenigingen, is er een sterke samenwerking met het centrummanagement en is er gewerkt aan sterkere positionering binnen de Key Region Leiden. De Voorschotense economie kent gemiddeld een sterk lokale focus. Voor de gemeente ligt er nog een uitdaging om naast haar eigen betrokkenheid in de regio ook het Voorschotense bedrijfsleven regionaal aan te laten sluiten en daarmee kansen te ontsluiten. Bijvoorbeeld in relatie en als toeleverancier tot de sterke kennis- en innovatieclusters in onze regio. Deze verbeteringen zorgen ervoor dat een belangrijke basis is ontstaan voor het werken aan het toekomstig economisch beleid. Deze samenwerkingen dienen te worden bestendigd en verder te worden uitgebouwd. In samenwerking met deze partners wordt het eenvoudiger om economische kansen te identificeren en te benutten. Gebrek aan data en monitoring Een terugkerend aandachtspunt is het ontbreken van actuele en betrouwbare data op verschillende thema’s. Zo is onder andere de informatie over leegstand beperkt, ontbreekt er betrouwbare data over toerisme en recreatie en bestaan er weinig inzichten in de concrete verduurzaming van de Voorschotense bedrijven.
Dit beperkt de mogelijkheden om gericht te sturen en beleid te evalueren.
33
Deze tekortkoming is bij nader inzien reeds ontstaan bij de huidige economische agenda. Voor de nieuwe agenda is het van groot belang om duidelijke meetbare prestatie-indicatoren op te nemen zodat doelstellingen worden gekwantificeerd. Om de indicatoren vervolgens te kunnen meten is het inrichten van gerichte monitoring en dataverzameling een belangrijke randvoorwaarde voor het toekomstig beleid.
34
5.
Nieuwe visie en agenda
De voorliggende evaluatie vormt de inhoudelijke basis voor het opstellen van een nieuwe economische visie en agenda voor Voorschoten. Deze vermeld de ontwikkelingen die Voorschoten op economisch vlak heeft doorgemaakt en biedt daarmee meteen een nulmeting voor vaststelling van nieuwe prestatie-indicatoren. De nieuwe visie zal dus voortbouwen op de inzichten uit deze evaluatie en wordt ontwikkeld volgens volgende sporen: Aanbevelingen uit de evaluatie De aanbevelingen uit de verschillende speerpunten vormen het vertrekpunt voor de nieuwe visie. Deze aanbevelingen geven richting aan de inhoudelijke prioriteiten, de rol van de gemeente binnen de uitvoering van het economisch beleid en de gewenste ontwikkelrichting per economisch thema. In de nieuwe visie worden deze aanbevelingen samengebracht en vertaald naar een samenhangende koers. Inbreng van stakeholders Een belangrijk onderdeel van het opstellen van de nieuwe visie is het betrekken van externe stakeholders. Hierbij wordt gedacht aan een participatietraject waarbij de ondernemersverenigingen, het centrummanagement, vertegenwoordigers van bedrijventerreinen en regionale partners worden betrokken. Door middel van gesprekken en bijeenkomsten wordt inzicht verkregen in de behoeften en knelpunten binnen de lokale economie, identificering van kansen voor economische ontwikkeling en wordt draagvlak gecreëerd voor beleidskeuzes.
Deze input wordt gebruik om de aanbevelingen uit de visie te verrijken, dan wel bij te stellen, en deze beter te laten aansluiten op de praktijk. Door de stakeholders mee te laten denken over de richting van het economisch beleid, ontstaat ook meer ruggensteun en medewerking bij de vaststelling van concrete beleidsstukken. Bestuurlijke prioritering De nieuwe economische visie is niet enkel een inhoudelijk document vanuit het cluster economie, maar is ook een bestuurlijk instrument dat moet worden vastgesteld door de gemeenteraad. Daarom wordt in overleg met het bestuur gekeken naar welke politieke prioriteiten er bestaan binnen het economisch beleid, waar de bestuurlijke ambities liggen en in welke mate er inzet kan worden geleverd op verschillende thema’s. Deze input zorgt ervoor dat de economische visie aansluit bij de bestuurlijke koers en dat deze richting geeft aan uitvoering in de komende jaren. Macro-economische ontwikkelingen Naast lokale inzichten van het stakeholders en bestuur, wordt de nieuwe visie ook gevoed door bredere macro-economische ontwikkelingen. Beleid kan worden opgesteld binnen bepaalde ambities, maar moeten ook in lijn zijn met deze ontwikkelingen om haalbaar te zijn.
35
Enkele onderwerpen die een impact kunnen hebben op de economische visie en doelstellingen zijn de aanhoudende digitalisering van economie en samenleving, krapte op de arbeidsmarkt of verandering van conjunctuur, de energietransitie en verdere nood aan verduurzaming, druk op de beschikbare ruimte en balans met de woonbehoefte en zelfs geopolitieke spanningen die bepaalde vormen van bedrijfsvoering bemoeilijken. Deze ontwikkelingen kunnen in een snel tempo een andere koers aannemen, waardoor het belangrijk is om deze steeds te blijven actualiseren. Wanneer ontwikkelingen een nieuwe focus afdwingen, moet het beleid daar ook op kunnen inspelen. Daarom is tussentijdse evaluatie aangewezen. Door deze ontwikkelingen expliciet mee te nemen in de visie, wordt deze toekomstbestendig en beter voorbereid op verandering. Van visie naar agenda De nieuwe economische visie zal worden vertaald naar een concrete uitvoeringsagenda, zoals dat bij het huidige beleid ook is gebeurd. In de agenda worden prioriteiten uitgewerkt in maatregelen en daaraan gekoppelde concrete acties, er worden verantwoordelijkheden belegd en waar mogelijk specifieke indicatoren opgenomen. Daarbij dient nadrukkelijk aandacht te worden besteed aan periodieke evaluatie en bijsturing. De agenda moet geen statisch document zijn, maar moet de flexibiliteit kunnen houden om in te spelen op veranderingen.
Ten slotte wordt ook aangeraden om de agenda te hanteren als basis voor de jaarlijkse programmabegroting, waarin concreet wordt gemaakt waar vanuit het programma Economie aan wordt gewerkt.
36
Bijlage 1 De groei van detailhandel binnen Voorschoten is op een grillige wijze verlopen tussen 2021 en 2025. Om een referentiekader te scheppen, vergelijken we de evolutie van detailhandel in Voorschoten met deze in de Leidse regio, de provincie Zuid-Holland en het landelijk niveau. In onderstaande figuur wordt de groei weergegeven voor deze vier niveaus.
Jaarlijkse groei detailhandel 12,00% 10,00% 8,00% 6,00% 4,00% 2,00% 0,00% -2,00% -4,00%
2021
2022 Voorschoten
2023 Regio Leiden
2024 Zuid-Holland
2025 Nederland
Figuur 1: Jaarlijkse groei detailhandel 2021 – 2025 (bron: CBS)
Het verloop is voor alle niveaus redelijk gelijk. Er wordt een stevige groei opgetekend in 2022 en 2024 in detailhandel, afgewisseld met een krimp in 2023 en 2025. Wel valt op dat in Voorschoten het aanbod detailhandel van 2021 naar 2022 gelijk is gebleven in tegenstelling tot een groei op alle andere niveaus. Daar staat tegenover dat de groei in 2024 zeer sterk was in Voorschoten in vergelijking met alle andere niveaus. Omdat het verloop in detailhandel door de coronapandemie en opgelegde maatregelen zeer onvoorspelbaar was en een effect op de handel heeft gehad, wordt gekeken naar de totale groei tussen 2021 en 2025.
Totale groei 20212025 Voorschoten
15,71%
Regio Leiden 14,37% Zuid-Holland 20,33% Nederland
17,83%
Tabel 1: Totale groei detailhandel 2021 – 2025 (bron: CBS)
Tussen 2021 en 2025 is een totale groei opgetekend voor detailhandel in Voorschoten van 15,71%, wat een licht sterkere groei is dan in de Leidse regio. Echter is deze groei kleiner dan de groei in de provincie en de groei op landelijk niveau. Voor een verdere gedetailleerde analyse wordt gebruik gemaakt van het KvK-register op basis van de SBI-codering. De cijfers tussen het CBS en het KvK-register kunnen afwijken van elkaar door de 37
manier waarop bedrijven worden gecategoriseerd en geregistreerd. Zo kan sprake zijn van dubbele registraties, is autohandel wel meegenomen in de CBS-cijfers, maar niet in de KvK-registraties en kunnen er nog andere effecten verschillen veroorzaken. In de analyse worden de jaren 2021 en 2022 niet meegenomen. Deze jaren zijn getekend door coronamaatregelen en zijn daarmee niet representatief voor een normale ontwikkeling. De groeicijfers tussen 2020 en de jaren na de pandemie bieden wel de nodige inzichten voor deze evaluatie. De cijfers zijn indicatief en benaderen de reële situatie, maar het kan niet worden uitgesloten dat er lichte afwijkingen zijn.
Type
2020
2023
2024
2025
Algemene winkels (supermarkten e.d.)
9
10
11
/
Detailhandel in voedingsmiddelen
22
21
20
/
Detailhandel in motorbrandstoffen
4
4
4
/
Detailhandel in ICT / elektronica
4
3
3
/
Detailhandel in huishoudelijke artikelen
12
15
13
/
Detailhandel in cultuur en recreatieartikelen
11
11
10
/
Detailhandel in overige
/
consumentenartikelen
53
51
62
Markthandel / ambulante handel
14
12
11
/
Detailhandel via internet / postorder
100
164
157
/
Totaal
229
291
291
300
Tabel 2: Verdeling groei detailhandel 2020 – 2023 – 2024 – 2025 (bron: KvK)
Tabel 2 geeft de verdeling weer van verschillende typen detailhandel, op basis van de SBIcodering, alsook het totaal aantal gevestigde detailhandelaren. Omdat de SBI-codering in 2025 is gewijzigd, is voor dit jaar geen vergelijking in detail mogelijk. Daarom wordt dit jaar beperkt tot het totaal aantal gevestigde detailhandelaren. In 2020 waren er in Voorschoten 229 detailhandelaren in geschreven bij de KvK. Dit aantal is gestegen naar 291 in 2023 en 2024 en naar 300 in 2025. Dit is een groei van ruim 30% en is hoger dan de eerder vermelde stijging volgens het CBS. Dit is echter het gevolg van registratie-effecten en heeft geen analytische waarde. De onderverdeling in subsectoren is wel van belang, aangezien deze indicatief zijn voor de groei. Voor de meeste typen detailhandel is het aantal aanbieders nagenoeg gelijk gebleven. Echter, er is een duidelijke groei te zien in het aantal aanbieders van overige consumentenartikelen binnen Voorschoten tussen 2023 (51) en 2024 (62). Het gaat hier om aanbieders van modeartikelen, kleding, juwelen, schoenen, etc. Ook is er een explosieve groei te zien in het aantal aanbieders van detailhandel via internet of postorder. In 2020 waren er 100 aanbieders via internet of postorder. In 2023 is dit aantal gegroeid naar 164 aanbieders. De sterke groei in detailhandel wordt dus grotendeels veroorzaakt door toename van dit type detailhandel.
Dit sluit aan bij landelijke trends, waarbij digitalisering van de handel en veranderend consumentengedrag hebben geleid tot een sterke groei van online verkoop. Zo groeit de online detailhandel in Nederland structureel en blijft het aandeel van e-commerce binnen de totale retail toenemen. Tegelijkertijd vergroot deze 38
ontwikkeling de concurrentie voor fysieke winkels, waardoor het voor traditionele detailhandel uitdagender wordt om bezoekers te blijven trekken. Wel is een lichte groei zichtbaar in de categorie overige consumentenartikelen. Dit zijn producten die doorgaans een belangrijke aantrekkingskracht hebben op bezoekers en daarmee bijdragen aan de levendigheid van winkelgebieden. Vanuit het perspectief van een vitaal en levendig centrum, zoals beschreven in de Ontwikkelvisie Centrum Voorschoten, vastgesteld in 2023, is dit een positieve ontwikkeling.
Locatie
2020
2025
Centrum
70
72
Hofland
7
9
Elders
152
219
Totaal
229
300
Tabel 3: Verdeling detailhandel locatie 2020 – 2025 (bron: KvK)
De KvK-gegevens geven weer dat er in 2020 70 detailhandelszaken waren gevestigd in het centrum en 7 zaken in winkelcentrum Hofland. Dit aantal is voor het centrum stabiel gebleven, wat suggereert dat het centrum zijn positie heeft behouden ondanks de groei van detailhandel via internet. Een bijkomende reden kan zijn dat met dit aantal een verzadiging optreedt in de beschikbare ruimte in het centrum. Volgens de gegevens van Locatus is er in Voorschoten een leegstandsgraad in verkooppunten van slechts 3,3%, in vergelijking met een leegstand van 6,8% in Nederland (bron: Voorschoten in cijfers). Dit bevestigt dat er weinig ruimte is voor groei in fysieke verkoopruimte, en dat er inderdaad een verzadiging optreedt in de huidige situatie. De gegevens bieden geen inzicht in locatiegebonden leegstand. In Winkelcentrum Hofland is een lichte stijging zichtbaar van zeven naar negen detailhandelszaken. Gezien de beperkte schaal van dit wijkverzorgende centrum, is dit een positieve ontwikkeling. De resultaten in de analyse laten zien dat detailhandel in Voorschoten zich ontwikkelt binnen een bredere landelijke trend van groeiende online handel en toenemende druk op fysieke retail.
Met dat inzicht blijft het van belang om in te zetten op een aantrekkelijk en complementair aanbod van functies in het centrum, zodat het centrum ook in de toekomst een belangrijke rol blijft spelen als ontmoetings- en verblijfsplek. Zo kan het centrum een zwaartepunt blijven binnen de economische context van Voorschoten, waarbinnen het interessant is voor ondernemers om zich te vestigen en waar zij succesvol kunnen zijn in hun bedrijfsvoering.
39
Bijlage 2 Voorschoten tekent een aanzienlijke groei op in de horecasector tussen 2021 en 2025. Onderstaande figuur laat zien dat de horeca in deze periode veel sterker is gegroeid in Voorschoten dan op regionaal, provinciaal of landelijk niveau, met name in de jaren 2021 en 2022.
Jaarlijkse groei horeca 30,00% 25,00% 20,00% 15,00% 10,00% 5,00% 0,00%
2021
2022 Voorschoten
2023 Regio Leiden
2024 Zuid-Holland
2025 Nederland
Figuur 2: Jaarlijkse groei horeca 2021 – 2025 (bron: CBS)
De horeca in Voorschoten kende een groei in 2021 en 2022 van respectievelijk 20% en 25%, tegenover een groei van 5-6% op de andere niveaus. In de daaropvolgende jaren normaliseerde de groei tot op de overige niveaus, met een kleine dip in 2024. De totale groei in horeca tussen 2021 en 2025 bedraagt 80%, ruim twee keer zo sterk als op de andere niveaus.
Totale groei (referentiejaar 2020) 90,00% 80,00% 70,00% 60,00% 50,00% 40,00% 30,00% 20,00% 10,00% 0,00%
2021
2022 Voorschoten
2023 Regio Leiden
2024 Zuid-Holland
2025 Nederland
40
Figuur 3: Totale groei horeca 2021 – 2025 (bron: CBS)
Deze groei gaat in tegen verwachtingen, aangezien een groot deel van de referentieperiode werd geteisterd door coronamaatregelen die het ondernemen sterke bemoeilijkte. Daarom kijken we in detail waar de groei zich bevindt. Om duidelijk inzicht te krijgen in waar deze groei vandaan komt, is er een analyse uitgevoerd op basis van de gegevens in het KvK-register, waar een gedetailleerd onderscheid kan worden gemaakt op de typen horeca. Net als bij detailhandel, geldt ook hier dat er registratie-effecten optreden en daardoor dus lichte afwijkingen kunnen ontstaan van de CBS-gegevens. De KvKcijfers geven een duidelijk inzicht in de groei. Onderstaande tabel laat de verdeling zien van logiesverstrekking en eet- en drinkgelegenheden. Dit zijn de twee grote subsectoren binnen horeca volgens SBI-codering.
2020
2023
2024
2025
5
5
6
6
drinkgelegenheden
63
81
86
74
Totaal
68
86
92
80
Type Logiesverstrekking Eet- en
Tabel 4: Verdeling horecazaken Voorschoten (2020 – 2023 – 2024 – 2025) (bron: KvK)
De groei in horeca is vooral te zien binnen de eet- en drinkgelegenheden, waar het totaal aantal is gegroeid van 63 aanbieders in 2020 naar 86 aanbieders in 2024. In 2025 zien we weer een afname naar 74 aanbieders. Het aantal aanbieders van logies is stabiel gebleven op 5-6 aanbieders. De eet- en drinkgelegenheden kunnen verder worden verdeeld in het type aanbieders. Daarbij valt op dat het aantal aanbieders van catering sterk is gestegen, in vergelijking met de overige aanbieders. Figuur 3 laat zien dat er in 2020 nog een aanzienlijk verschil was tussen cateringbedrijven (26) en overige aanbieders zoals restaurants en cafés (37). In 2023, na de coronaperiode, bleek een sterke groei in het aantal cateringbedrijven (40) tegenover een minder sterke groei aan overige horeca. Cateringbedrijven zijn ondernemingen die bereiding of bediening aanbieden op locatie, en dus vaak geen bezoektrekkende vestiging hebben. Deze groei is een logisch gevolg van de coronamaatregelen waarbij geen fysiek bezoek mogelijk was, en past binnen de digitale transitie en thuisbezorging.
41
Evolutie typen eet- en drinkgelegenheden 50 45 40 35 30 25 20
2020
2023
2024
2025
Catering
Overige horeca
Figuur 3: Evolutie typen eet- en drinkgelegenheden (2020 – 2023 – 2024 – 2025) (bron: KvK)
Sinds 2020 is het aantal eet- en drinkgelegenheden in het centrum stabiel gebleven, waar deze schommelt tussen 15 en 18 zaken. Er is een zeer sterke stijging in het aantal eet- en drinkgelegenheden buiten het centrum, waar er een kwart meer aanbieders waren in 2025 in vergelijking met 2020. Dit bevestigt de eerdere resultaten, waarbij de groei buiten het centrum vooral zaken zijn die geen fysieke locatie hebben, maar zich vooral bevinden op thuisadressen van de ondernemer. Een inzicht in de verdeling wordt gegeven in figuur 4.
Verdeling eet- en drinkgelegenheid in en buiten centrum 100 80 60 40
46
66
68
58
20 0
17
15
18
16
2020
2023
2024
2025
Binnen centrum
Buiten centrum
Figuur 4: Verdeling eet- en drinkgelegenheden binnen en buiten het centrum (2020 – 2023 – 2024 – 2025) (bron: KvK)
Deze vorm van horeca biedt een gedeeltelijke concurrentie met traditionele horeca, maar is ook enigszins complementair eraan. Traditionele horeca, zijnde horeca primair gericht op bezoek ter plaatse, wordt veelal bezocht door consumenten voor de beleving en het sociaal aspect. Bijgevolg kunnen deze vormen van eet- en drankgelegenheden prima naast elkaar blijven bestaan. Catering betreft een groeiende markt die geen negatief effect hoeft te hebben op de levendigheid in het centrum.
42
Bijlage 3 Sinds 2021 is er expliciete aandacht geboden aan marketing van de gemeente voor het vergroten van de attractiviteit voor toeristen. Dit is duidelijk zichtbaar in het beschikbaar gestelde budget voor promotie en marketing, welke is opgetrokken van ongeveer 80.000 euro in 2021 naar 130.000 euro in 2025.
Promotiebudget 140000 130000 120000 110000 100000 90000 80000 70000 60000
2021
2022
2023
2024
2025
Figuur 6: Beschikbaar promotiebudget (2021 – 2025) (Bron: jaarbegrotingen Voorschoten)
Deze middelen zijn gebruikt voor een verscheidenheid aan activiteiten en producten die Voorschoten vindbaar en aantrekkelijk maken voor toeristen: bijdragen voor campagnes in de dorpsmarketing zoals ‘Vaker in Voorschoten’, plaatsing nieuwe toegangsborden of regionale activiteiten zoals Proef de Streek, maar ook voor opmaak van relevante beleidsdocumenten zodat deze bij publicatie aantrekkelijker zijn voor publiek. Dit zijn allemaal stapsgewijze verbeteringen voor het imago en de aantrekkingskracht van Voorschoten. Deze succesvolle campagnes en promotieactiviteiten zorgen voor extra bezoekersstromen, waar de Voorschotense ondernemer de vruchten van plukt. In de Visie werd opgenomen dat Voorschoten ruimte biedt aan de ontwikkeling van mogelijkheden voor groei in de toeristische sector. Aangezien dit een alomvattende beschrijving is, wordt deze in de evaluatie gespecificeerd als recreatieve activiteiten die bezoek genereren vanuit de bredere regio, inzet op lokale bevolking, of geen fysiek bezoek genereren. Deze worden gedefinieerd als volgt: -
Sterk bezoek genererend: activiteiten waar men bewust naartoe reist, ook van buiten eigen gemeente. Denk hierbij aan sportscholen en fitnesscentra, grotere sportvoorzieningen zoals tennis- of padelbanen, dans- en yogastudio’s, voetballocaties, evenementenlocaties, etc.;
-
Lokaal bezoek genererend: activiteiten die vooral gericht zijn op eigen inwoners, maar een deel bezoek van buitenaf trekt. Hierbij wordt gedacht aan kunst- en muzieklessen, creatieve ateliers, kleine recreatieve aanbieders of workshops en cursussen;
-
Niet of nauwelijks bezoek genererend: activiteiten die geen fysiek bezoek genereren, of enkel op afspraak. Dit zijn ZZP-kunstenaars, fotografen, coaches of thuisbedrijven.
43
De indeling gebeurt of basis van de SBI-codes en -omschrijvingen van de activiteiten in de KvKregisters.
Evolutie bezoek genererende activiteiten 50 45 40 35 30 25 20 15 10 5 0
2020 Sterk bezoek genererend
2023
2024
Lokaal bezoek genererend
2025 Niet bezoek genererend
Figuur 7: Evolutie bezoek genererende bedrijven toeristische sector (2020 – 2023 – 2024 – 2025) (Bron: KvK)
De resultaten laten zien dat er tussen 2020 en 2023 (voor en na coronaperiode) een groei heeft plaatsgevonden van alle type recreatieve activiteiten. Daarbij is de minst sterke groei te zien in de sterk bezoek genererende activiteiten en de sterkste groei in de niet-bezoek genererende activiteiten. In analogie met de evolutie bij detailhandel en horeca, is deze trend voorspelbaar na de coronaperiode. Er zijn geen fysieke bezoeklocaties nodig, er kan worden gewerkt vanuit eigen huis en er is daardoor een lagere instapdrempel. Het type activiteiten zijn zeer wisselend en spelen in op andere behoeften bij consumenten, waardoor deze niet met elkaar concurreren. Doorheen de jaren werden ambitieuze plannen opgenomen in de programmabegroting voor toerisme en recreatie. Echter werden middelen hiervoor aangewend voor de projectorganisatie opvang ontheemden uit Oekraïne. Dat heeft ertoe geleid dat de gebiedsmarketing en het opmaken van een beleid rondom B&B’s vertraging opliep. Deze zaken zijn op een later moment wel weer opgepakt. Oorspronkelijk werkte Voorschoten voor de dorpsmarketing met Stichting Marketing. Wegens een noodzaak tot heroriëntering heeft Voorschoten vanaf 2024 de marketing in eigen beheer genomen is de samenwerking met Wassenaar gestopt. Daaruit is ‘Vaker in Voorschoten’ ontstaan, het marketingplatform voor toerisme en recreatie in Voorschoten.
Hierop worden evenementen, workshops, etc. in Voorschoten gepubliceerd, en kan men informatie vinden over toeristische trekpleisters in Voorschoten. In 2024 werd beleid vastgesteld voor toeristisch verhuur van woningen (art. 17 tot art. 21 Huisvestingsverordening Voorschoten 2023). Dit beleid schept kaders waarbinnen aanbieders een woning of deel ervan kunnen verhuren voor toeristisch verblijf. Echter kan op dit moment niet worden vastgesteld hoe succesvol dit beleid is. De registratieplicht, die is opgenomen in de 44
verordening, wordt niet in grote mate nageleefd. Daardoor ontbreken correcte cijfers over het aantal toeristische logies binnen Voorschoten. Het aantal aanbieders is ook niet correct terug te zien in de cijfers vanuit het KvK-register. Een globale verkenning van online platforms (Booking.com en Airbnb) wijst erop dat er in Voorschoten een vijftiental aanbieders zijn. Dit aantal is louter indicatief, aangezien dit resultaat afhankelijk is van momentopname, platformgebruik of zichtbaarheid van aanbieders. Het werkelijke aantal kan dus hoger liggen, wat de noodzaak benadrukt van een betere registratie. De gebrekkige registratie heeft gevolgen voor de begrote baten vanuit toeristenbelasting. Er kunnen dan ook geen exacte cijfers worden besproken naar de exacte aantrekking van toeristen naar Voorschoten. Ten slotte neemt Voorschoten in regionaal verband deel aan de Hollandse Plassen, waar de ontwikkelingen en activiteiten bij Vlietland centraal staan. Echter is de deelname beperkt gebleven en zijn er geen rechtstreekse effecten van de deelname voelbaar, met uitzondering van promotie via ‘Vaker in Voorschoten’.
45
Bijlage 4 Voor de bespreking van de resultaten van de bedrijventerreinen stellen we eerst vast over welke locaties het gaat. Hiervoor wordt dezelfde indeling behouden zoals ook gehanteerd bij de Ontwikkelvisie Bedrijventerreinen Voorschoten. Dit betekent dat we spreken over vijf bedrijventerreinen: Dobbewijk, Molenlaan, Rouwkooplaan, het Stationsgebied en Hofweg. Bij de analyse van de bedrijven op bedrijventerreinen hebben we te maken met een moeilijkheid. Bij nazicht van de KvK-gegevens is sprake van registraties die niet automatisch betekenen dat er effectieve bedrijfsvoering plaatsvindt. Zeker bij grote bedrijven is de bedrijfsstructuur vaak zodanig opgemaakt dat een financiële holding of andere onderdelen van het bedrijf apart zijn ingeschreven in het KvK, maar in de praktijk er een integraal onderdeel van zijn. Verder zijn er ook inschrijvingen van maatschappelijke zetels van een bedrijf op een locatie, terwijl de activiteiten daar niet plaatsvinden. Om de gegevens zo goed mogelijk bruikbaar te maken, werd een opschoning uitgevoerd waarbij evidente ruisregistraties zoveel mogelijk buiten beschouwing zijn gelaten en bedrijfsstructuren waar mogelijk zijn geclusterd. Desondanks blijft de analyse indicatief van aard.
Op basis van deze bron alleen kan geen volledig nauwkeurig beeld worden gegeven van de feitelijke bezetting, het ruimtegebruik of de functionele samenstelling van de bedrijventerreinen. De bevindingen moeten daarom vooral worden gelezen als een kwalitatieve duiding van ontwikkelingen, en niet als een exact kwantitatief oordeel. Cijfers worden bijgevolg niet opgenomen in de bespreking, om geen indruk van feitelijkheden te wekken op basis van verkeerde informatie. Wat op basis van de analyse aannemelijk lijkt, is dat de bedrijventerreinen in de afgelopen jaren hun economische betekenis hebben behouden, maar dat het gebruik ervan op onderdelen is veranderd en minder eenduidig is geworden. Met name op de Dobbewijk lijkt sprake te zijn van een toename van het aantal geregistreerde bedrijven en een grotere variatie aan ondernemingen. Dit kan enerzijds wijzen op een intensiever gebruik van bestaande panden, bijvoorbeeld door opsplitsing in kleinere units of de vestiging van kleinschalige bedrijven in verzamelgebouwen. Anderzijds zijn er signalen dat deze ontwikkeling gepaard gaat met een toename van functies die niet altijd aansluiten bij het beoogde profiel van het bedrijventerrein, zoals dienstverlening, kantoorachtige activiteiten of detailhandel.
Deze ontwikkeling wordt ook ondersteund door nazicht in de vergunningverlening, waarbij in de afgelopen jaren transformatie wordt opgemerkt van bestaande bedrijfsruimte door het realiseren van bedrijfsunits en splitsingen. Er werd ook gekeken naar de aard van de gevestigde bedrijven. Daarbij blijken de terreinen Dobbewijk en Rouwkooplaan beter geschikt te zijn voor zwaardere of meer traditionele bedrijfsactiviteiten, terwijl de Molenlaan en het Stationsgebied eerder een gemengd karakter kennen en zich lenen voor lichtere bedrijvigheid, ondersteunende productie of functies die beter verenigbaar zijn met de nabijheid van wonen. Dit is ook bevestigd in de Ontwikkelvisie Bedrijventerreinen Voorschoten 2025 - 2040. Er is dus een verschuiving in gebruik zichtbaar, waarbij veel lichtere functies, kantoorachtige activiteiten, detailhandel of privégebruik worden gevestigd op bedrijventerreinen, die niet aansluiten bij het planologische profiel van het terrein. Dit roept de vraag op in hoeverre de beschikbare bedrijfsruimte nog optimaal wordt benut. Ruimte
46
voor bedrijfsvoering in een hogere milieucategorie naar indeling door de provincie, is schaars binnen Voorschoten (gelijkend met de landelijke trend). Wanneer deze ruimte wordt ingevuld door functies die elders ook mogelijk zijn, gaat dat ten koste van de beschikbaarheid voor zwaardere activiteiten. Op dit punt laat de analyse zien dat nadere verdieping nodig is. Op basis van registratiedata alleen kan niet goed worden vastgesteld in welke mate sprake is van wenselijk, passend of strijdig gebruik. Daarvoor is inzicht nodig op pand- en perceelniveau, waarbij gekeken wordt naar feitelijke bedrijfsactiviteiten, ruimtegebruik, milieucategorie, leegstand en eventuele functiemenging. Zonder dergelijk verdiepend onderzoek blijft het moeilijk om met zekerheid te bepalen hoe de kwalitatieve ontwikkeling van de bedrijventerreinen moet worden gewaardeerd. In lijn met bovenstaande beschrijving en in navolging van de Ontwikkelvisie Bedrijventerreinen werd motie 355 aangenomen door de gemeenteraad d.d. 3 juli 2025. Daarbij wordt opgeroepen een beleidsnotitie op te stellen omtrent de aanpak van leegstand van niet-woningen in Voorschoten. Daarnaast werd bij de programmabegroting van 2026 amendement 371 aangenomen, die oproept om onderzoek te voeren naar de mogelijkheden van handhaving op strijdig gebruik op bedrijventerreinen.
Zowel de vermelde motie als amendement zien toe op een verbetering van het gebruik van de schaarse ruimte op de bedrijventerreinen.
47
Bijlage 5 Er zijn weinig kwantitatieve gegevens beschikbaar over de kantoren in Voorschoten, waardoor bespreking van de resultaten weinig oplevert. Er is geen accuraat inzicht in hoeveel kantoorruimtes er in Voorschoten zijn. Het is evenmin mogelijk om via een eenvoudige analyse met CBS- en KvKgegevens vast te stellen hoeveel startups er in Voorschoten gevestigd zijn. Ten slotte ontbreekt het inzicht in de behoefte aan kantoorruimtes en de leegstandsgraad van kantoren. Hoewel de evolutie lastig exact te bepalen is, kan wel met enige zekerheid worden aangenomen dat er een vraag is naar kantoorruimte. Het hybride werken is door de coronapandemie in een snel tempo de standaard geworden in Nederland. Zo werkt momenteel ongeveer 83% van de Nederlandse beroepsbevolking hybride, volgens onderzoek van ISS World. Daarnaast blijkt dat hybride werkplekken in de vorm van flexibele kantoorruimtes heden zijn verankerd in het vastgoedaanbod en dat de vraag naar deze ruimten in de toekomst zal stijgen, aldus onderzoek van Flexas. Dit geeft aan dat dit speerpunt van belang blijft en aandacht behoeft. Dat deze vraag bestaat, blijkt ook uit het handelen in de vrije markt. In de begroting 2025 werd expliciet een actiepunt opgenomen om te faciliteren in gedeelde werkruimtes voor startups. Echter werd de gemeente hierin voorbijgestoken door de snelheid van de ondernemers.
Zij hebben zelf weten te voorzien in de invulling van de behoefte naar kantoorruimtes. Daarbij wordt vastgesteld dat deze verzamelgebouwen helaas vaak niet op de gewenste locaties worden voorzien, en schaarse ruimte op bedrijventerreinen wegnemen. Zoals eerder gemeld, is dit onderwerp van amendement 371, waarin ruimte wordt voorzien in de begroting voor onderzoek naar handhavingsmogelijkheden voor strijdig gebruik. Naast handhaving is het belangrijk om te blijven voorzien in geschikte alternatieven.
48
Bijlage 6 Voorschoten kent een gemiddeld aandeel aan ZZP’ers binnen de werkzame bevolking. In 2020 waren er ongeveer 1.800 ZZP’ers ingeschreven in Voorschoten, goed voor ongeveer 13% van de werkzame bevolking. Dat aantal is gestegen naar 2.000 in 2023, ofwel ongeveer 14% van de werkzame bevolking. Hiermee zit Voorschoten op hetzelfde niveau als Nederland, en 1% hoger dan de ratio in de Leidse regio, (bron: CBS). De cijfers van de werkzame bevolking voor 2024 en verder zijn nog niet gepubliceerd. Om een volledig inzicht te krijgen in het ondernemerschap binnen Voorschoten, worden ook de gegevens uit het KvK-register geanalyseerd. Deze geven iets ruimere cijfers, aangezien ook ondernemers in bijberoep hierin staan opgenomen. Voor deze analyse wordt rekening gehouden met unieke ingeschreven ondernemers met slechts 1 werkzaam persoon in de organisatie, en dus uitsluiting van holdings of ondernemingen op eenzelfde naam. In 2020 staan met deze voorwaarden 2.147 ondernemers ingeschreven, welke in 2025 sterk is gestegen naar 2.621 ondernemers. Zie hiervoor figuur 7. Deze sterke stijging gaat hand in hand met de stijging van het aantal ondernemers dat actief is in detailhandel via internet en catering, zoals beschreven bij speerpunten detailhandel en horeca.
De drempel voor instap voor startende ondernemer is kleiner worden tijdens de coronapandemie door een snelle evolutie naar online handel en alternatieve concepten.
Aantal ZZP'ers Voorschoten 2900 2700 2500 2300 2100 1900 1700 1500
2020
2023
2024
2025
Figuur 7: Aantal ZZP’ers in Voorschoten (2020 – 2023 – 2024 – 2025) (bron: KvK)
ZZP’ers (en alle andere ondernemers in Voorschoten) konden met vragen terecht bij het cluster Economie via de algemene mailbox. Deze werd de afgelopen paar jaar ook beter gevonden. Wanneer wordt gekeken naar vragen van ondernemers, zagen we een stijging van 1 vraag in 2021 naar 40 vragen in 2024 en hetzelfde aantal in 2025. Het is echter niet mogelijk om hieruit te filteren welke vragen afkomstig waren van ZZP’ers. Eind 2025 werd een relatiemanager voor ondernemers geworven. Hiermee is een duidelijk aanspreekpunt gekomen voor alle ondernemersvragen, is het eenvoudiger om proactief relevante informatie te delen en kunnen ondernemers efficiënter worden bijgestaan. Hiermee wordt een verbetering van de samenwerking tussen gemeente en bedrijfsleven beoogd. 49
Er zijn verschillende ondernemerscollectieven binnen Voorschoten. Deze zijn niet specifieke opgesteld voor de ZZP’er, maar ze worden niet uitgesloten. Daarmee is er een onderling contact en samenwerking tussen verschillende ondernemers waaronder ZZP’ers, maar is de omvang hiervan niet gekend. Ook is niet onderzocht welke behoefte er bij de ZZP’er bestaat in een gestructureerd netwerk van ZZP’ers.
50
Bijlage 7 Om te kijken hoe omvangrijk de zorgsector in Voorschoten is, wordt gekeken naar het aandeel banen in de zorgsector tegenover het aantal banen in de regio, provincie en op landelijke niveau. De data die ter beschikking wordt gesteld door het CBS wordt afgerond op honderdtallen. Aangezien de statistische populatie beperkt is in Voorschoten, kan dit een aanzienlijk effect hebben op de cijfers. Daarom wordt gewerkt met een bereik van minimale tot maximale waarden.
Groei banen in zorgsector Nederland Zuid-Holland Leidse Regio Voorschoten maximaal Voorschoten minimaal 0,00%
5,00%
10,00%
15,00%
20,00%
25,00%
30,00%
Figuur 8: Groei banen in zorgsector (bron: CBS)
In 2020 waren er in Voorschoten tussen de 1.050 en 1.149 banen in de zorgsector. Dit aantal is in 2024 gegroeid naar 1.250 tot 1.349. Dit betekent dat er een groei tussen de 8,79% en 28,48% heeft plaatsgevonden in banen binnen de zorgsector. Hoewel dit een zeer ruime marge geeft, wordt vastgesteld dat de groei in banen binnen de zorgsector sterker is dan op regionaal, provinciaal en landelijk niveau, zoals aangetoond in figuur 8.
% banen in de zorgsector 2020
2024
Voorschoten
20,76%
23,22%
Leidse regio
23,26%
22,43%
Zuid-Holland
17,09%
16,75%
Nederland
17,46%
17,25%
Figuur 9: Aandeel banen in de zorgsector (t.o.v. totaal aantal banen) (bron: CBS)
Deze vaststelling wordt bevestigd wanneer deze wordt vergeleken met het aandeel banen in de zorgsector tegenover het totale aantal banen. Wanneer wordt gerekend met de gemiddelde waarden binnen het bereik, stellen we vast dat in 2020 ongeveer een vijfde van alle beschikbare banen te vinden waren binnen de brede zorgsector. Dit aandeel is gestegen tot ruim 23% in 2024. Dit in tegenstelling tot zowel de regionale, provinciale en landelijke evolutie, waar wordt opgemerkt
51
dat het aandeel sinds 2020 op alle niveaus gezakt is. Dit geeft aan dat Voorschoten beschikt over een sterk zorgcluster, met een noemenswaardige economische component. Vanuit de gegevens uit het KvK-register kan verder worden vastgesteld hoe de verdeling in type zorgaanbieders eruitziet in Voorschoten. Figuur 10 laat zien dat het overgrote deel van de zorgaanbieders (97%) binnen de extramurale thuiszorg en welzijn, alsook de eerstelijnsgezondheidszorg zitten. Deze aanbieders hebben ook een sterke absolute groei gekend, waarbij het aantal aanbieders van eerstelijnsgezondheidszorg tussen 2020 en 2024 met 36 is gestegen. Het aantal aanbieders van extramurale thuiszorg en welzijn zijn gestegen met 23. Dit betekent dat de groei vooral zit in kleinere zorgpraktijken en ondersteuning, en niet in grotere zorginstellingen.
Verdeling typen zorg Voorschoten Welzijn en thuiszorg (extramuraal)
Verpleging en verblijf (intramuraal)
Gezondheidszorg (huisartsen, fysio, etc.) 0
50 2020
100
150
200
250
300
350
400
2024
Figuur 10: Verdeling typen zorg in Voorschoten (bron: KvK)
De groei binnen de zorgsector in Voorschoten zit daarmee met name in kleinschalige, lokaal georiënteerde aanbieders, zoals huisartsen, paramedische beroepen (fysiotherapie, logopedie), thuiszorgorganisaties en aanbieders in het sociaal domein (welzijnsstichtingen). Deze ontwikkeling wijkt af van groei door grootschalige instellingen en duidt op een verdere decentralisatie en fragmentatie van het zorgaanbod. Deze kleinschalige aanbieders spelen een belangrijke rol in de directe leefomgeving van inwoners en sluiten aan bij bredere ontwikkelingen in de zorg, waarbij inzet op eerstelijnszorg, preventie en ondersteuning in de thuissituatie steeds centraler staat. Tegelijkertijd betekent deze ontwikkeling dat het zorgcluster in Voorschoten minder wordt gekenmerkt door schaal en concentratie, en meer door een fijnmazig netwerk van zelfstandige aanbieders. De groei en verhouding ten opzichte van bovenlokale niveaus laat zien dat Voorschoten zich ontwikkelt tot een relatief sterk lokaal zorgcluster met een groeiende economische betekenis.
52
Bijlage 8 Voorschoten is een gemeente met een gemiddelde netto arbeidsparticipatie; het aandeel van de werkzame beroepsbevolking in de bevolking. Eenvoudig gezegd is dit het aandeel mensen tussen 15 en 75 jaar dat werkt. Figuur 11 toont dat de netto arbeidsparticipatie in Voorschoten is gegroeid van 71,5% in 2021 naar 74% in 2025. Wel is er in 2024 een klein dip in de arbeidsparticipatie, welke in 2025 is hersteld. De totale groei is vergelijkbaar met de landelijke groei, waar de netto arbeidsparticipatie is gestegen van 70,4% naar 73,2%. Daarmee zit Voorschoten rond het landelijk cijfer.
Netto arbeidsparticipatie 75,0% 74,0% 73,0% 72,0% 71,0% 70,0% 69,0%
2021
2022
2023 Voorschoten
2024
2025
Nederland
Figuur 11: Netto arbeidsparticipatie (bron: CBS)
Wat het werkloosheidspercentage betreft, zit Voorschoten iets onder het landelijk gemiddelde. Figuur 12 toont een werkloosheid van 3,5% in 2021 en 3,2% in 2025. Daarmee is het cijfer, zoals de landelijk trend, redelijk stabiel gebleven. Het werkloosheidspercentage in Voorschoten ligt in 2025 0,7% lager dan in Nederland, een verschil dat onveranderd is gebleven sinds 2021. Zowel de netto arbeidsparticipatie als het lage werkloosheidspercentage zijn indicatoren voor een actieve beroepsbevolking, wat bijdraagt aan sterke economie.
53
Werkloosheidspercentage 4,5% 4,0% 3,5% 3,0% 2,5% 2,0% 1,5% 1,0% 0,5% 0,0%
2021
2022
2023
Voorschoten
2024
2025
Nederland
Figuur 12: Werkloosheidspercentage (bron: CBS)
De gegevens over het aantal WSP-plaatsingen ontbreken en hierover kan daarom geen uitspraak worden gedaan. Grotere verschillen tussen Voorschoten en de landelijke cijfers worden wel opgetekend waar het gaat om het besteedbaar inkomen per huishouden. In 2021 had een gemiddeld huishouden in Voorschoten een besteedbaar inkomen van 59.200 euro, tegenover een besteedbaar inkomen per huishouden van 48.500 euro op landelijk niveau. In 2024 is dit verschil nog groter geworden. Het besteedbaar inkomen per huishouden groeide sinds 2021 met 13.100 euro in Voorschoten tot 72.300 euro, tegenover een groei van 11.700 euro op landelijk niveau tot 60.200 euro. Daarmee ligt het besteedbaar inkomen per huishouden in Voorschoten ongeveer 20% hoger dan gemiddeld in Nederland. Dit verschil wordt inzichtelijk gemaakt in figuur 13.
Besteedbaar inkomen per huishouden € 75.000 € 70.000 € 65.000 € 60.000 € 55.000 € 50.000 € 45.000 € 40.000
2021
2022 Voorschoten
2023
2024
Nederland
Figuur 13: Besteedbaar inkomen per huishouden (bron: CBS)
54
Bijlage 9 Het ondernemersklimaat hangt nauw samen met alle eerder besproken onderdelen en is een verzamelbegrip voor alles wat met ondernemen te maken heeft. De mate waarin de gemeente contact heeft met de ondernemer, welke mate van steun wordt geboden en hoe ondernemers worden gefaciliteerd, de instapbarrières voor een bedrijf en de grootte van de concurrentie, etc. Dit alles beïnvloedt hoe goed er valt te ondernemen. Volgens de meest recente Nationale Peiling naar het Ondernemingsklimaat, uitgevoerd door MKBNederland en VNO-NCW, is het ondernemingsklimaat in Nederland niet goed. De ondernemers geven aan dat het ondernemingsklimaat de laatste vijf jaar is verslechterd en een aanzienlijk deel overweegt om te stoppen. Ondernemers zien de toekomst in de brede economie ook niet rooskleurig in. Belangrijke issues die worden aangehaald als reden voor het slechtere ondernemingsklimaat zijn de hoge regeldruk en vergunningverlening, de werkgeverslasten, belastingen en de krapte in de arbeidsmarkt. Daarnaast vinden vrijwel alle ondernemers dat politieke besluit een grote invloed hebben op hun zakelijke keuzes, maar is ruim 80% van de ondernemers ontevreden over de betrouwbaarheid en stabiliteit van het bestuur. Helaas ontbreekt het aan inzichten op deze specifieke thema’s bij de Voorschotense ondernemer.
Vanuit de vorige analyses blijkt dat de Voorschotenaar een ondernemend karakter heeft, vooral wanneer we rekening houden met de trends van handel via internet en niet-traditionele horeca. Het aantal ZZP’ers is aanzienlijk gestegen sinds de coronacrisis, wat aangeeft dat mensen toch ondernemen in Voorschoten. Hierdoor kunnen we de aanname doen dat het ondernemingsklimaat sterker is dan de resultaten uit de landelijke peiling, maar door het gebrek aan inzicht kan dit niet worden bevestigd of gestuurd. Er wordt vanuit de gemeente ook ingezet op een versterking van het ondernemingsklimaat. Er wordt ingezet op een versterking van het contact tussen de ondernemer en de gemeente, er wordt positie genomen in regionaal verband (Key Region Leiden), jaarlijkse worden gesprekken gevoerd met verschillende ondernemersverenigingen, er wordt gewerkt aan nieuw en toekomstbestendig beleid op economische onderwerpen en er wordt gewerkt aan de juiste randvoorwaarden voor ondernemers om succesvol te kunnen zijn. Het is belangrijk om dit verder te zetten en waar mogelijk op te schalen, en aan te vullen met concrete inzichten om goed te kunnen sturen.
55
Bijlage 10 Bereikbaarheid vormt een essentiële randvoorwaarde voor een goed functionerende lokale economie. De mate waarin een gebied goed bereikbaar is voor werknemers, klanten, leveranciers en bezoekers heeft directe invloed op het vestigingsklimaat en de economische vitaliteit. Goede bereikbaarheid vergroot de aantrekkelijkheid van winkelgebieden en bedrijventerreinen. In bredere zin wordt bereikbaarheid ook gezien als een belangrijke factor in lokale en regionale economische ontwikkeling. Economische groei zorgt voor een grotere vraag naar onder andere transportinfrastructuur, en deze laatste draagt bij aan economische groei doordat productiviteit verhoogt bij betere bereikbaarheid (bron: WLO 2025). Daarnaast zijn bereikbaarheid en mobiliteit cruciale voorwaarden voor het functioneren van lokale en regionale economieën, door onder meer het verbeteren van de toegang tot werkgelegenheid en klantenbereik (bron: OESO). Een recente parkeerstudie heeft aangegeven dat er een hoge bezettingsgraad is van parkeerplaatsen in het centrum. Zeker wanneer ontwikkelingen uit de Ontwikkelvisie Centrum Voorschoten zouden worden uitgevoerd, leidt dit tot een grote parkeerproblematiek in het centrum. Dit betekent dat een parkeerstrategie noodzakelijk wordt, (bron: Parkeerstudie Centrum Voorschoten, 27 januari 2025).
Als de bereikbaarheid van het centrum onder druk komt te staan, zal dat leiden tot minder bezoekersstromen en dus minder potentiële omzet voor de centrumondernemers. Het is daarom belangrijk dat wordt gekeken naar de juiste balans tussen ontwikkeling en bereikbaarheid zodat de ondernemersbelangen op een correcte wijze worden meegenomen in strategiebepalingen en inpasbaar zijn in de ontwikkelingen in het centrum. Verder worden er ook signalen opgevangen van verminderde bereikbaarheid en frustraties omtrent mobiliteit bij het bedrijventerrein Dobbewijk. Er wordt gemeld dat veel wagens vanuit bedrijfsvoering van autoverkoop en -herstelbedrijven worden geparkeerd op openbaar domein en parkeerplaatsen, wat voor overlast zorgt. Daarnaast worden ook meldingen gemaakt van auto’s die met te hoge snelheid over het bedrijventerrein rijden, wat de veiligheid ongunstig beïnvloedt. De relatiemanager voert hiervoor gesprekken, en er zal in samenwerking met de bevoegde afdeling moeten worden gezocht naar oplossingen voor deze (en toekomstige) concrete vragen. Naast de bereikbaarheid per auto en openbaar vervoer, speelt ook de kwaliteit van langzaam verkeer een belangrijke rol in de economische dynamiek van Voorschoten.
Voetgangers en fietsers dragen bij aan een hogere verblijfskwaliteit in het centrum doordat zij langer verblijven, vaker gebruik maken van lokale voorzieningen en bijdragen aan levendigheid en ontmoeting. Op bedrijventerreinen kan de aanwezigheid van aantrekkelijke en veilige loop- en fietsroutes bijdragen aan spontane ontmoetingen tussen ondernemers en werknemers. Dit versterkt het onderlinge netwerk en kan bijdragen aan kennisuitwisseling en samenwerking. De ontwikkelingen met betrekking tot bereikbaarheid liggen grotendeels buiten de invloedssfeer van het cluster economie. Wel is het belangrijk om vroege betrokkenheid te zoeken bij ontwikkelingen die een invloed kunnen hebben op de Voorschotense ondernemer.
56
Bijlage 11 Wanneer het gaat om duurzame ontwikkelingen, wordt verwezen naar de Visie op Energie en Klimaat van Voorschoten, vastgesteld in 2021. Hierin wordt de energietransitie als hoofdlijn aangehaald. Het doel is een energieneutraal Voorschoten in 2050, met de nadruk op energiebesparing, duurzaam opwekken van energie en het gebruik van alternatieve warmtebronnen. Naast energie worden ook klimaatadaptatie, circulariteit, biodiversiteit en duurzaam inkopen aangestipt als aandachtspunten. Dit vergt onder andere investeringen en inzet voor en van de ondernemers in Voorschoten. Verduurzaming heeft zowel in vestiging, bouw als bedrijfsvoering een impact op de Voorschotense ondernemer. Voor verduurzaming op de bedrijventerreinen werd een actie gevoerd waarbij bedrijven een gratis energiescan konden laten uitvoeren. Dit was een concrete actie die heeft bijgedragen aan de doelen in de Visie op Energie en Klimaat en heeft geleid tot een grotere verduurzaming van de bedrijventerreinen. Ook is er door de relatiemanager aandacht gevestigd op promotie van OpenWaste binnen het bedrijfsleven, om gezamenlijke afvalophaling te organiseren in plaats van meerdere ophalers binnen hetzelfde gebied op een dag. Echter zijn dit vooral geïsoleerde acties.
Idealiter wordt verduurzaming van bedrijventerreinen breder aangepakt, waarbij ook wordt gekeken naar de optimale waterhuishouding in een grote versteende oppervlakte, een verbetering van het gebruik van elektriciteit in het kader van de netcongestie, etc. Dit wordt ook deels opgevangen door integraal overleg bij ruimtelijke ontwikkelingen en vergunningsvoorschriften. Binnen de regio is de verduurzaming van de bedrijventerreinen ook een aandachtspunt. Er wordt gewerkt aan de oprichting van de ROM-B. Dit zou een goed instrument zijn om te kijken naar de mogelijkheden voor verduurzaming op bedrijventerreinen binnen de regio. Ook daarbij is de samenwerking tussen verschillende gemeenten een must. Momenteel bestaat er een gebrek aan inzichten in de verduurzamingsinspanningen van bedrijven. Daarom kan niet met cijfers worden aangetoond in welke mate verduurzaming bij ondernemingen heeft plaatsgevonden. Duurzaamheid is in Voorschoten sterk beleidsmatig verankerd en krijgt aandacht. Het wordt op dit moment echter vooral als een milieuthema benaderd, waarbij de koppeling met economische ontwikkeling niet expliciet wordt gemaakt.
57