CConstaterende datvoorschoten
Koppel je AI →
Document · PDF

2469 Aanbiedingsbrief dd 19-04-2024 ODWH Kadernota, concept jaarverslag en concept accountantsverslag (incl. bijlagen)

Gemeenteraad Voorschoten 23 mei 2024, gemeente voorschotenBij agendapunt: Brief van instelling / burger26.539 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

De financiële impact van risico's wordt berekend op basis van verwachte omvang, kans en zekerheidsfactor, volgens de risicomatrix in de nota weerstandsvermogen met vastgestelde grenzen.

4.2.3. Financiële kengetallen Artikel 11 van het BBV bepaalt dat de vijf financiële kengetallen opgenomen moeten worden. Dit zijn kengetallen voor de netto schuldquote, solvabiliteitsratio, structurele exploitatieruimte, grondexploitatie en belastingcapaciteit. De laatste twee zijn voor de dienst niet van toepassing. Verloop kental Netto schuldquote Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte

Rekening 2022

Begroting 2023

-7% 13% 4%

-6% 22% 1%

Realisatie 2023 -10% 15% -6%

Netto schuldquote De netto schuldquote geeft de verhouding weer van de schuldenlast van de dienst ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. De realisatie laat een ander beeld zien dan begroot. De eigen middelen zijn door het toevoegen van het exploitatieresultaat (voor bestemming) hoger dan begroot. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft de verhouding weer van het eigen vermogen ten opzichte van de totale passiva. Bovendien geeft het aan in welke mate de dienst het eigen vermogen kan inzetten voor de dekking van de schulden, oftewel in hoeverre de dienst in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. Onder het eigen vermogen verstaan we de algemene reserve en de overige bestemmingsreserves. Het eigen vermogen (voor bestemming) van de dienst is mede door het positieve exploitatieresultaat hoger dan begroot. Dit betekent dat de dienst meer middelen beschikbaar heeft om de eventuele schulden te voldoen.

Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

19 / 52

Structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte toont of de vaste inkomsten genoeg zijn om de vaste uitgaven te dekken. Het geeft de financiële ruimte weer door de vaste inkomsten naast de vaste uitgaven te leggen en dit te vergelijken met het totaal van de inkomsten. Dit jaar waren de uitgaven hoger dan de inkomsten (mede door een achterblijvende productie). Echter, door geld uit de bestemmingsreserve te halen en door incidentele inkomsten, zoals rente, hebben we dit verschil kunnen opvangen.

4.3. ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN De paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen bevat volgens het BBV in elk geval wegen, riolering, water, groen en gebouwen. Voor de dienst zijn geen van deze onderdelen van toepassing.

4.4. FINANCIERING De dienst is als uitvoeringsinstantie van een Gemeenschappelijke Regeling, volgens de Wet Financiering Decentrale Overheden (Wet FIDO), verplicht een financieringsparagraaf op te nemen. Hierin beschrijven we de ontwikkelingen rond de kasgeldlimiet, de ontwikkelingen wat betreft de rente- en risiconorm, de verwachte toe- en/of afname van geldleningen of uitzettingen en het beleid en de uitvoering van de treasury. Enkele deelnemers gaven extra opdrachten gedurende het jaar, maar de dienst heeft de voorschotten niet aangepast. Hierdoor verschillen het resultaat en het te betalen/ontvangen bedrag nog van de betaalde voorschotten. Rentevisie De dienst heeft geen leningen lopen. Koersrisico Koersrisico is de kans dat de financiële activa van de organisatie in waarde verminderen door negatieve koersontwikkelingen. De dienst bezit geen derivaten en van koersrisico is daarom geen sprake. Valutarisico Valutarisico is bij de dienst uitgesloten omdat de dienst niet beschikt over, of aanspraken heeft in vreemde valuta. Rente- en risiconorm De dienst heeft geen schulden. Er is geen sprake van een mogelijk renterisico. Liquiditeitenplanning Omdat de dienst met voorschotnota’s werkt, waarbij rekening is gehouden met ons uitgavenpatroon, is het minder noodzakelijk een liquiditeitenplanning op te stellen. De dienst werkt aan een liquiditeitsdashboard.

Financieringsrisico’s Omdat de deelnemende gemeenten gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor het financiële beleid van de dienst en zich verplicht hebben de tekorten in zijn geheel gezamenlijk te dragen, zijn er geen financieringsrisico’s. Kasgeldlimiet Jaarlijks bepaalt het ministerie de kasgeldlimiet voor gemeenten, dat 8,2% van hun begroting bedraagt. De toegestane kasgeldlimiet is € 1.849.548. Deze limiet mag gedurende het begrotingsjaar niet worden overschreden. Bij structurele overschrijding moet kortlopende schuld worden omgezet in langlopende schuld.

Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

20 / 52

4.5 PARAGRAAF WET OPEN OVERHEID Op 1 mei 2022 is de Wet open overheid (Woo) in werking getreden, ter vervanging van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Het voornaamste doel van de Woo is om overheidsinformatie toegankelijker, transparanter en gemakkelijker vindbaar te maken. Als gevolg hiervan heeft onze dienst een speciale pagina op haar website gecreëerd met informatie over de Woo: https://www.odwh.nl/woo-verzoek/. Daarnaast willen we graag benadrukken dat onze dienst in 2023 23 Woo-verzoeken heeft ontvangen, waarbij alle verzoeken tijdig zijn afgehandeld.

Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

21 / 52

4.5. BEDRIJFSVOERING 4.5.1 Personeel In 2023 heeft de dienst nadrukkelijk ingezet op de mens binnen de organisatie. In het strategisch plan werd een doorkanteling van de organisatiestructuur voorgesteld, met als doel het personeel te blijven boeien en te binden. Twee kwartiermakers hebben de organisatieverandering begeleid wat geresulteerd heeft in een nieuwe organisatiestructuur met drie afdelingen waarin kleinere teams functioneren. Op 1 november is het traject afgerond met de benoeming van de afdelingshoofden en de teamleiders. Aan FTE Personeelslasten Salarissen en sociale lasten Inhuur flexibele schil Totaal

Aantal FTE Begroot 144 27 171

Aantal FTE realisatie 139 25 164

Verschil Aantal FTE -5 -2 -7

HR in control Het team HR werkte in 2023 aan een betere aansluiting op de wensen en behoeften vanuit de organisatie in de vorm van het programma HR in Control. Dit programmaplan bestaat uit elf projecten waaronder het actualiseren van een aantal regelingen zoals het Sociaal Statuut, maar ook voor het opzetten van onder andere een opleidingsprogramma en een het vitaliteitsprogramma. HR in Control loopt in 2024 nog door. Leeftijdsopbouw Eind 2022 was de gemiddelde leeftijd van de medewerkers 51 jaar, in 2023 daalde dit naar 48 jaar. Deze verjonging van de organisatie komt door pensionering in combinatie met de indiensttreding van een aantal jonge trainees. Ziekteverzuim Het ziekteverzuim is in 2023 toegenomen tot 6,89%. Deze toename is voornamelijk het gevolg van enkele langdurige ziektegevallen. We ontwikkelen een programma duurzame inzetbaarheid, met onder andere als doel langdurig ziekteverzuim terug te dringen. Team ServiceburO Het ServiceburO is in 2023 een traject gestart om de kwaliteit van zaakregistratie en archivering te verbeteren. Dat leidt tot een verbetering van de kwaliteit en betere aansluiting op relevante wetgeving zoals de privacywetgeving en de Archiefwet.

4.5.2 Informatisering en automatisering Het afgelopen jaar hebben we de effectiviteit van de eigen bedrijfsvoering en de dienstverlening aan onze deelnemers aanzienlijk verbeterd. Dit komt vooral door alle projecten uit het succesvolle programma IM in control! Hierdoor is de datakwaliteit en de informatiebeveiliging enorm gestegen en zijn we beter gaan samenwerken. Een belangrijke rol is weggelegd voor de 26 key-users die alle ontwikkelingen introduceren in hun teams en problemen signaleren en terugkoppelen. Ook de komende jaren blijven we op deze groep een beroep doen. Belangrijkste ontwikkelingen • De continue ontwikkeling van het Geoportaal zorgt voor steeds verdere verbetering en aanpassingen van de inhoudelijke processen en werkzaamheden. • In 2023 zijn we een programma gestart voor alle medewerkers om bewustwording te creëren voor de gevaren van cybercriminaliteit en het belang van informatie- en privacybescherming. • Power Browser maakt het mogelijk om veel meer informatie op te zoeken door het koppelen van verschillende systemen. De data kunnen inmiddels ook geautomatiseerd worden, geüpdatet en gedeeld, waardoor bijvoorbeeld data gedreven toezicht mogelijk is. Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

22 / 52

Programma “IM in control” Het programma “IM in control” kan als een onverdeeld succes worden beschouwd. Nagenoeg alle punten en doelstellingen zijn behaald en hebben de dienst verder gebracht in haar ambitie om als een efficiënte en gedegen dienstverlener de omgeving en haar opdrachtgevers te kunnen bedienen. Ondanks het succes van het programma, moet worden erkend dat het eerder een inhaalslag betrof. Momenteel beschikt de dienst over een team en een informatiesysteem dat voldoet aan de actuele standaarden. Echter geldt met name in deze tak van sport het adagium stil staan is achteruit gaan. Innovatie en ontwikkeling zijn daarom niet zaken die de dienst na afsluiting van dit programma in de koelkast zal zetten maar juist zal aanjagen

4.5.3 Planning & Control Het afgelopen jaar hebben we gewerkt aan de nieuwe regelgeving rondom de rechtmatigheidsverantwoording. Met de nieuwe regels oefenen we meer interne controle uit en zorgen we voor een kritische beoordeling van ons eigen inkoopbeleid. We hebben opleidingen gevolgd en extra personeel aangenomen om de Verbijzonderde Interne Controle (VIC) uit te kunnen voeren vanaf 2024. Inkoop en aanbesteding In 2023 hebben we substantieel kunnen besparen door meer samen te werken met andere omgevingsdiensten bij inkoop en aanbesteding. Door kennisoverdracht kunnen we bijvoorbeeld professioneler inkopen. Bovendien profiteren we van landelijke korting op telefonie en Microsoftlicenties door aan te haken bij de raamcontracten van de VNG. Zaakschrijven In mei hebben we het zaakschrijven voor het primair proces in Powerbrowser geactiveerd. Dit zorgde voor een verschuiving van interne rapportages. Omdat het nu duidelijk is welke uren declarabel zijn en welke niet, kunnen we betere tussentijdse rapportages maken

4.5.4 Communicatie De teams Communicatie en Bestuur zijn samengevoegd om een nauwere verbinding tussen het bestuur en interne/externe communicatie te bevorderen. In deze herstructurering zijn we gestart met het formuleren van een communicatievisie die meer aansluit bij de huidige ontwikkelingen van de dienst. Externe communicatie Er waren afgelopen jaar twee grote calamiteiten in de regio; een treinongeval bij Voorschoten en een grote brand op het bedrijventerrein in Ter Aar. De communicatie rond het treinongeval is door de veiligheidsregio opgepakt, maar de persvragen over de brand kwamen bij ons binnen. Er is afgesproken dat externe communicatie altijd via Team C&B moet verlopen. Het programma Nieuwsuur stelde in de uitzending van 12 september vragen over belangenverstrengeling bij Klimaatroute. Naar aanleiding van de uitzending hebben we onze onafhankelijkheidseis opgeschroefd. Arbeidsmarktcommunicatie De vijf omgevingsdiensten in Zuid-Holland werken al een paar jaar samen, onder andere aan arbeidsmarktcommunicatie onder de naam De Betere Wereldbaan. Elke maand is er overleg over diverse projecten, bijvoorbeeld over de voorbereiding van de carrièrebeurs waar we gezamenlijk staan. Op de agenda voor 2024 staan onder andere het verbeteren van onze gezamenlijke website en het uitbreiden van de campagne, zowel intern als extern.

Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

23 / 52

Langetermijnstrategie Tijdens verschillende visiedagen konden alle medewerkers, ambtelijke vertegenwoordigers van onze deelnemers en bestuurders hun visie op de organisatie geven. Deze input zal onder andere worden gebruikt om de nieuwe strategische visie 2024 - 2035 vast te stellen.

4.6. STAAT VAN INVESTERINGEN

Er is € 163.886 gedesinvesteerd in niet meer gebruikte vaste activa, met name in ICT-investeringen. Tegelijkertijd is er € 93.039 geïnvesteerd.

4.7 BEGROTINGSRECHTMATIGHEID Bij de rechtmatigheidscontrole vormt het begrotingscriterium een belangrijk toetsingscriterium. In de toelichting op het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado) wordt begrotingsrechtmatigheid omschreven als: ‘Financiële beheershandelingen, die ten grondslag liggen aan de baten en lasten, alsmede de balansposten, dienen tot stand te zijn gekomen binnen de grenzen van de geautoriseerde begroting en hiermee samenhangende programma’s (begrotingscriterium). In de begroting zijn de maxima voor de lasten vermeld die door de raad zijn vastgesteld. Dit houdt in dat de financiële beheershandelingen dienen te passen binnen de begroting, waarbij het juiste programma, de toereikendheid van het begrotingsbedrag, evenals het begrotingsjaar van belang zijn.’ Er zijn een aantal verschillende begrotingsoverschrijdingen te onderscheiden. Bij de toetsing van begrotingsafwijkingen kunnen, volgens de Commissie BBV, ten minste de volgende “soorten” begrotingsafwijkingen worden onderkend: # 1 2 3 4 5 6

7

Beschrijving soort onrechtmatigheid Kostenoverschrijdingen die geheel of grotendeels worden gecompenseerd door direct gerelateerde opbrengsten Kostenoverschrijdingen bij open einde (subsidie)regelingen Kostenoverschrijdingen die worden gecompenseerd door extra inkomsten die niet direct gerelateerd zijn Kostenoverschrijdingen die passen binnen het bestaande beleid, maar waarbij de accountant ondubbelzinnig vaststelt dat die ten onrechte niet tijdig zijn gesignaleerd Kostenoverschrijdingen inzake activiteiten die niet passen binnen het bestaande beleid en waarvoor tegen beter weten in geen voorstel tot begrotingswijziging is ingediend Kostenoverschrijdingen inzake activiteiten welke achteraf als onrechtmatig moeten worden beschouwd omdat dit bijvoorbeeld bij nader onderzoek van de subsidieverstrekker, belastingdienst of een toezichthouder blijkt a Geconstateerd tijdens verantwoordingsjaar b Geconstateerd na verantwoordingsjaar Kostenoverschrijdingen op activeerbare activiteiten waarvan de gevolgen voornamelijk zichtbaar worden via hogere afschrijvings- en financieringslasten in het jaar zelf of pas in de volgende jaren a Jaar van investeren b Afschrijvings- en financieringslasten in latere jaren

Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

Telt mee voor het oordeel Nee Nee Ja Ja Ja Nee

Ja Nee Nee

Ja Nee

24 / 52

De werkelijke lasten op programmaniveau mogen in principe de begrote lasten na de laatste begrotingswijziging niet overschrijden. Als er toch sprake is van een overschrijding, is het voor de beoordeling van de begrotingsrechtsmatigheid van belang om te onderzoeken in hoeverre deze overschrijding past binnen het beleid dat is geformuleerd door het algemeen bestuur en/of wordt gecompenseerd door hogere inkomsten die gerelateerd zijn aan de betreffende lasten.

Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

25 / 52

JAARREKENING 2023 JAARREKENING 2023

Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

26 / 52

5. Jaarrekening 2023 5.1. BALANS PER 31 DECEMBER 2023 Hierna volgt de financiële verantwoording van het gerealiseerde beleid via de balans met toelichting.

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV): De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV), de financiële verordening en de nota Planning & Control 2020-2023. De toegepaste waarderingsgrondslagen voor de activa en passiva zijn ten opzichte van het voorgaande jaar ongewijzigd gebleven. Materiële vaste activa: De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgings- of vervaardigingsprijs, verminderd met afschrijvingen gebaseerd op de economische levensduur volgens artikel 64 van het BBV. De afschrijvingstermijn en methode zijn vastgesteld door het bestuur in de begroting 2015, waarbij zowel het BBV-beleid als de financiële verordening van de dienst worden gevolgd. Vlottende activa: De vorderingen, overlopende activa en liquide middelen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met de noodzakelijk geachte voorzieningen, zoals bedoeld in artikel 63 van het BBV. Vlottende passiva: De vlottende schulden en overlopende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, zoals bedoeld in artikel 63 van het BBV. Eigen vermogen: Onder het eigen vermogen zijn opgenomen de algemene reserve, de bestemmingsreserves en het saldo van de rekening van baten en lasten.

Voorzieningen: De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.

Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

27 / 52

5.2. TOELICHTING OP DE BALANS Materiële vaste activa

Debiteuren Er zijn in 2023 geen vorderingen wegens oninbaarheid op debiteuren afgeboekt. Vlottende activa Vorderingen op openbare lichamen

Vorderingen op overige debiteuren

Vorderingen overige vorderingen

Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

28 / 52

Specificatie nog te ontvangen

Schatkistbankieren

Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar 2023 (1) Drempelbedrag 1.000 1.000 1.000 1.000 Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4 Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's (2) 217 199 221 207 Rijks schatkist aangehouden middelen (3a) = (1) > (2) Ruimte onder het drempelbedrag 783 801 779 793 (3b) = (2) > (1) Overschrijding van het drempelbedrag (1) Berekening drempelbedrag Verslagjaar (4a) Begrotingstotaal verslagjaar 22.555 Het deel van het begrotingstotaal dat (4b) 22.555 kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat (4c) de € 500 miljoen te boven gaat (1) = (4b)*0,0075 + (4c)*0,002 met een Drempelbedrag 1.000 minimum van €1.000.000 (2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4 Som van de per dag buiten 's Rijks (5a) schatkist aangehouden middelen 19.521 18.150 20.313 19.028 (negatieve bedragen tellen als nihil) (5b) Dagen in het kwartaal 90 91 92 92 Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's (2) - (5a) / (5b) 217 199 221 207 Rijks schatkist aangehouden middelen

De drempel voor gemeenschappelijke regelingen met een begrotingstotaal tot € 500 miljoen voor het verplicht schatkistbankieren bedraagt 2% van het begrotingstotaal met een minimum van € 1 miljoen.

Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

29 / 52

Liquide middelen

Overlopende activa Overlopende activa betreffen uitgaven voor 2024 waarvan de facturen eind 2023 zijn ontvangen.

Passiva Eigen vermogen Eigen vermogen (in euro’s)

31-12-2023

Algemene reserve Algemene reserve Exploitatieresultaat ODWH bestemmingsreserves - Reserve IM in Control Eindsaldo boekjaar

2.206.191 1.453.300 752.891 0 0 2.206.191

Toevoegingen 2023 752.891 0 752.891 0 0 752.891

Onttrekkingen 2023 0 0 0 304.464 304.464 304.464

31-12-2022 na bestemming 1.453.300 1.453.300 0 304.464 304.464 1.757.764

31-12-2022 voor bestemming 1.757.764 1.385.007 372.757 0 0 1.757.764

Het exploitatieresultaat voor 2023 is € 752.891 (zie 5.4. Programmarekening). In de nota Planning & Control is

bepaald dat het exploitatieresultaat gestort kan worden in de algemene reserve wanneer het maximale weerstandsvermogen nog niet bereikt is. De algemene reserve stijgt in 2023 van € 1.453.300 naar € 2.206.191. Het maximum van de algemene reserve mag in 2023 maximaal € 1.036.945 bedragen. Dit bedrag is gebaseerd op 5% van de omzet van het betreffende jaar, zoals is vastgesteld in de nota Planning en Control 2020-2023. Het exploitatieresultaat 2023 bedraagt € 752.891 positief. Dit is na verwerking van de volgende mutaties in de reserves: • Onttrekking aan de bestemmingsreserve met betrekking tot informatiemanagement (IM) in control van € 304.464. Deze bestemmingsreserve is per eind 2023 volledig vrijgevallen. • Het resultaat is voor nu voorlopig toegevoegd aan de algemene reserve van de dienst. Deze zal na besluitvorming in het algemeen bestuur waar nodig gecorrigeerd worden (zie 5.4.1. Exploitatieresultaat en 5.4.2. Vormen van een bestemmingsreserve).

Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

30 / 52

Voorzieningen

• •

De voorziening aanvulling WW is € 39.618 en wordt maandelijks via de salarissen volgens de wet regeling aanvullende voorzieningen bij werkloosheid toegevoegd. In het kader van de spaarverlofregeling bedraagt het actuele saldo van actieve gebruikers circa €98.000. Voor de overige medewerkers is het bovenwettelijk verlof dat de cao-grens van 50,4 uur overschrijdt meegenomen, wat resulteert in €154.000. Met een bestaande voorziening van €150.000, is een aanvullende dotatie van €102.000 noodzakelijk. Hoewel we inzicht hebben in de omvang, blijft het tijdstip van opname onvoorspelbaar.

Overige schulden

Nog te betalen posten

Overlopende passiva

Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

31 / 52

Specificatie Vooruitontvangen bijdragen overheid

5.3. NIET UIT DE BALANS BLIJKENDE VERPLICHTINGEN Voor de komende jaren heeft de dienst financiële verplichtingen aangegaan die niet zijn opgenomen in een balanspost. Hieronder worden de belangrijkste verplichtingen toegelicht, waarbij 'belangrijk' verwijst naar overeenkomsten met een totale contractwaarde van minimaal € 50.000. Contractpartij Leithon Van Mossel Detron Genetics (Visma) Visma

Aard van het contract Huur kantoorpand Vondellaan 55 Leaseauto's ICT-helpdesk en onderhoud en optimalisatie

Startdatum 01-06-2020 19-03-2022 15-12-2021

Einddatum 31-07-2037 11-11-2026 14-12-2029

Bedrag per jaar € 434.000 € 26.000 € 155.000

VTH-systeem

01-03-2019

31-03-2025

€ 140.000

Bodeminformatiesysteem gekoppeld aan VTH Systeem NAZCA

01-01-2024

31-03-2025

€ 50.000

Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

32 / 52

5.4. PROGRAMMAREKENING De programmarekening geeft beknopt de financiële verantwoording van het gerealiseerde beleid weer. Categorie Exploitatie

Omschrijving Lasten

Baten

Reserve

Bijzondere baten/lasten Total Reservemutaties

Omschrijving Salarissen en sociale lasten Inhuur flexibele schil Overige personeelslasten Huren en overige huisvestingslasten Overige goederen en diensten Goederen en diensten primaire proces Subsidie lasten Afschrijvingen Total Bijdrage gemeenten/provincie Overige inkomsten Subsidie baten Total Bijzondere baten Total Toevoeging aan de reserves Onttrekking aan de reserves Total

Total Resultaat voor bestemming

Rekening 2022 € 11.725.730 € 2.910.330 € 518.765 € 502.669 € 1.533.801 € 873.654 € 415.514 € 152.215 € 18.632.679 -€ 18.159.132 -€ 386.529 -€ 423.103 -€ 18.968.764 -€ 38.136 -€ 38.136 -€ 374.221 € 327.000 -€ 325.536 € 1.464 € 1.464 -€ 372.757

Basisbegroting 2023 € 12.759.000 € 1.742.000 € 511.000 € 601.000 € 1.462.000 € 849.000 € 725.000 € 205.000 € 18.854.000 -€ 18.482.000 -€ 15.000 -€ 725.000 -€ 19.222.000 €0 €0 -€ 368.000 € 368.000 €0 € 368.000 € 368.000 €0

Begroot € 13.320.880 € 3.922.244 € 607.380 € 683.500 € 1.758.460 € 1.214.000 € 896.000 € 153.000 € 22.555.464 -€ 19.236.000 -€ 258.000 -€ 1.452.000 -€ 20.946.000 -€ 140.000 -€ 140.000 € 1.469.464 €0 -€ 1.469.464 -€ 1.469.464 -€ 1.469.464 €0

Realisatie € 12.571.841 € 3.038.345 € 577.267 € 659.536 € 1.397.994 € 886.458 € 995.829 € 163.200 € 20.290.469 -€ 18.322.788 -€ 606.701 -€ 1.324.109 -€ 20.253.599 -€ 485.297 -€ 485.297 -€ 448.427 €0 -€ 304.464 -€ 304.464 -€ 304.464 -€ 752.891

Verschil € 749.039 € 883.899 € 30.113 € 23.964 € 360.466 € 327.542 -€ 99.829 -€ 10.200 € 2.264.995 -€ 913.212 € 348.701 -€ 127.891 -€ 692.401 € 345.297 € 345.297 € 1.917.891 €0 -€ 1.165.000 -€ 1.165.000 -€ 1.165.000 € 752.891

5.4.1. EXPLOITATIERESULTAAT De jaarrekening volgt het BBV, de financiële verordening en de Nota Planning en Control 2020-2023. Kosten aan gemeenten zijn gebaseerd op werkelijke uren maal een vooraf bepaald uurtarief, met 5% weerstandsvermogen, en afschrijvingen zijn lineair op basis van de verwachte levensduur. 2023 was het jaar van de doorkanteling van de organisatie, de verdere voorbereiding voor de invoering van de Omgevingswet en de krapte op de arbeidsmarkt (zowel vaste krachten als inhuurkrachten). De krapte op de arbeidsmarkt leverde nadelen op, maar soms ook incidentele voordelen. Denk bijvoorbeeld aan minder inhuur, welke relatief duurder zijn dan onze vaste medewerkers. De dienst is in staat gebleken om 2023 ondanks eerder berichten af te sluiten met een positief resultaat van € 752.891. Dit positieve resultaat is te verklaren door het strak sturen van de organisatie op de financiële uitgaven, maar zeker ook door incidentele meevallers. Hieronder zullen wij toelichten wat er in 2023 heeft plaatsgevonden. Toelichting op de lasten De uitgaven onderschrijden de begroting, en de verschillen per kostencategorie worden hieronder toegelicht. Personeelslasten

Personeelslasten toegelicht De personeelslasten laten een onderschrijding van € 1.663.051 zien, voornamelijk door de volgende oorzaken: Specificatie personeelslasten Niet ingevulde vacatures Medewerkers uit dienst Opleidingskosten Advieskosten Inhuur niet ingevuld Inhuur goedkoper dan begroot ingehuurd Dotatie verlofsparen en afkoop PZH Totaal

Verschil € 509.000 € 240.600 € 48.000 € 60.000 € 633.900 € 250.000 € 78.449 € 1.663.051

Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

33 / 52

Er dient te worden opgemerkt dat er minder kosten zijn gemaakt voor de krapte op de arbeidsmarkt maar ook dat er minder baten zijn ontvangen hierdoor. Deze zullen verklaard worden “toelichting op de baten” Huur en overige huisvestingslasten

In 2023 kregen we onverwachte gemeentelijke belastingaanslagen voor ons pand, die niet waren begroot. Daarentegen waren er enkele kleine meevallers in overige huisvestingslasten, zoals gunstige inkoop van goederen en voordelen in onze verzekeringsportefeuille. Overige goederen en diensten

Dit omvat het merendeel van de materiële uitgaven van de organisatie, zoals ICT-kosten en overige kosten. Dit is een eenmalige meevaller, die voornamelijk veroorzaakt werd door de Specifieke Uitkering IBP VTH. Enkele begrote kosten konden ten laste van deze subsidie worden gebracht. De overige kosten zijn onder andere autokosten, schoonmaakkosten en salarisadministratie. Overige goederen en diensten primaire proces

Deze projecten zijn in opdracht van de deelnemers uitgevoerd. Het verschil komt grotendeels door een onderbesteding bij provinciale opdrachten zoals Spoed- en nazorg en Briks. De materiële lasten voor de deelnemers zijn ook lager dan begroot, met name de projectkosten voor gemeenten en het materiële budget voor de provincie. Zie de eindrapportages van onze deelnemers voor specifieke details per deelnemer. Subsidie Lasten

De subsidie-lasten zijn hoger dan begroot. De opbrengsten zijn opgenomen onder de post subsidies bij de baten.

Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

34 / 52

Afschrijvingslasten

Deze post laat een lichte overschrijding zien. Deze overschrijding is veroorzaakt door het versneld vervangen van onze ICT hardware ten behoeve van de informatiebeveiliging in het kader van het programma “IM in control” en hogere regelgeving. Toevoegingen aan de reserves

Toelichtingen op de baten De werkelijke baten zijn lager dan begroot, en de verschillen per batencategorie worden hieronder toegelicht. Bijdrage gemeenten/provincie

De lagere inkomsten zijn het gevolg van minder gerealiseerde uren binnen diverse programma's. De posten salarissen, inhuur vacature, goederen en diensten primaire proces, bijdrage gemeenten/provincie en overige inkomsten zijn met elkaar verbonden, zoals eerder toegelicht in paragraaf 3.1 en bij de personeelslasten, waar sprake is van onderbesteding op het oorspronkelijk afgesproken werk. Specificatie bijdragen

Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

35 / 52

Overige inkomsten

De overige inkomsten laat een incidentele overschrijding zien. We hebben diverse inkomsten verkregen door werkzaamheden uit te voeren voor aanvullende opdrachten. Subsidie baten

De subsidie-inkomsten zijn lager dan begroot. Subsidiebaten lijken hoger dan de subsidielasten, maar dit wordt beïnvloed door de interne doorboeking van uren, die drukken op de personeelslasten. Rentebaten De rente is in 2023 fors gestegen, aanvankelijk begroot op € 140.000. Uiteindelijk bedroegen de renteinkomsten op 31 december 2023 € 485.297, wat resulteert in een extra voordeel van € 345.297. Onttrekking aan reserves

• Het project IM in Control van € 304.464 is in 2023 besteed. Project is gereed en vrijval van 45.974 •

niet benut. Door onderbesteding in inhuur, formatie en CAO-effecten is een onttrekking uit de algemene reserve, zoals eerder gemeld in de bestuurlijke rapportage, niet nodig.

5.4.2. VORMEN VAN EEN BESTEMMINGSRESERVE In 2023 heeft de dienst in het kader van het Interbestuurlijk Programma VTH (IBP VTH) een zelfscan uitgevoerd over de robuustheid van de dienst. Dit gebeurde op basis van zes KPI’s. Met betrekking tot 2 KPI’s heeft de dienst geconstateerd (nog) niet robuust te zijn. Dit betreft het opleidingsbudget en de innovatiekalender. Opleidingsbudget Om robuust te zijn zou dient de dienst te beschikken over een opleidingsbudget van 3% van de loonsom. Conform de afspraken met onze deelnemers hebben wij jaarlijks een opleidingsbudget van 1,8%. Om te kunnen voldoen aan deze KPI moet de dienst het opleidingsbudget voor 2024 verhogen. Omdat dit niet in de begroting voor 2024 is geregeld, wil de dienst hierin alsnog voorzien door het vormen van een bestemmingsreserve, met als bestemming Opleidingsbudget. In de begroting voor 2025 is dit budget van 3% structureel meegenomen. Voor 2024 gaat het om een (aanvullend) bedrag van € 167.000. Innovatiebudget Een andere KPI voor de robuustheid is het hebben van een innovatiekalender, met een bijbehorend innovatiebudget. Deze KPI is gesteld op 1% van de omzet. Uitgaande van de omzet genoemd in de begroting

Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

36 / 52

voor 2024 gaat dit om een bedrag van € 216.000. Omdat dit bedrag niet in de begroting voor 2024 is geregeld wil de dienst hierin alsnog voorzien door het vormen van een bestemmingsreserve, met als bestemming Innovatiebudget. Voor 2025 wordt dit bedrag structureel gevonden in de begroting voor 2025 door vrijval van middelen die tot en met 2024 zijn en worden aangewend voor de invoering van de Omgevingswet. Gevolgen CAO 2023-2024 Eind 2023 is voor de jaren 2023 en 2024 een akkoord bereikt tussen de vakbonden en de werkgevers over de cao 2023-2024. Het voorstel is eind januari 2023 bekrachtigd door de leden en definitief vastgesteld. De begroting 2024 is op basis van de in de Kadernota 2024 opgenomen indexatie opgesteld. De werkelijke stijging van de cao is gemiddeld over het jaar hoger dan de in de Kadernota 2024 opgenomen indexatie. Binnen de exploitatie 2024 is er geen ruimte om deze extra kosten af te dekken; dit betekent dat er binnen de exploitatie 2024 een tekort ontstaat van circa € 80.000. De dienst wil hierin alsnog voorzien door het vormen van een bestemmingsreserve, met als bestemming Gevolgen cao 2023-2024. Voor 2025 wordt de dienst vanuit de indexatie opgesteld door de FKGRMH voldoende gecompenseerd voor de structurele gevolgen. De dienst verzoekt het algemeen bestuur in te stemmen met totale bestemmingsreserve van € 463.000, zoals aangegeven in de volgende tabel.

Voorstel bestemmingsreserve Opleidingsbudget € 167.000 Innovatiebudget € 216.000 Gevolgen cao 23/24 € 80.000 Totaal € 463.000

5.5. WET NORMERING TOPINKOMENS Per 1 januari 2013 is de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) van kracht (artikel 2.3 van de WNT). Deze verantwoording is gebaseerd op de geldende regelgeving voor de dienst: Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector. Voor topfunctionarissen zonder dienstbetrekking geldt vanaf 1 januari 2021 een afwijkende normering gedurende de eerste 12 kalendermaanden, zowel voor opdrachtduur als uurtarief. Bezoldiging topfunctionarissen mevrouw M. Krul (Directeur) Datum in dienst 01-01-2018 Aanvang en einde functievervulling in 2023 Omvang dienstverband (in fte) Gewezen topfunctionaris? Dienstbetrekking? Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal Individueel WNT-maximum -/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Totale bezoldiging Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling

Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

2023

2022 1/1 - 31/12 1,0 Nee Ja

1/1 - 31/12 1,0 Nee Ja

129.677 21.638 151.315 223.000 N.v.t. 151.315 N.v.t. N.v.t.

123.204 22.013 145.217 216.000 N.v.t. 145.217 N.v.t. N.v.t.

37 / 52

Toezichthoudende topfunctionarissen Naam topfunctionaris Functie mevrouw Hoekstra heer De Jong mevrouw Peters-Adrian de heer D. Kistemaker de heer J.C. Knape de heer S. Spek De heer North mevrouw Y.A. van Delft de heer B. Vastenhoud mevrouw G. van Gaal de heer H. Romeijn mevrouw H. Austie-Ziengs de heer C.P.M. van der Zwet Mevrouw A. Ingwersen mevrouw I.R.J.G. de Ridder de heer T. Alkemade de heer M. Kortleven de heer R. ter Hark de heer E. Bus de heer T.I.M. van Tongeren Mevrouw Hooij mevrouw E. Koek de heer C.J. van der Elst de heer H. Schokker de heer R.J.M. Zoetemelk de heer M. Paardekooper de heer P. Olthof De heer M. Stolk Mevrouw J. Baljeu mevrouw M.E. van Leeuwen

AB lid, wethouder Hillegom AB lid, wethouder Hillegom AB lid, wethouder Kaag en Braassem AB lid, wethouder Kaag en Braassem DB en AB lid, wethouder Katwijk AB lid, wethouder Katwijk Voorzitter DB en AB, Wethouder Leiden AB lid, wethouder Leiden AB lid, wethouder Leiderdorp AB lid, wethouder Leiderdorp AB lid, wethouder Leiderdorp AB lid, wethouder Lisse AB lid, wethouder Lisse DB en AB lid, wethouder Nieuwkoop AB lid, wethouder Nieuwkoop AB lid, Wethouder Noordwijk AB lid, Wethouder Noordwijk AB lid, Wethouder Noordwijk AB lid, wethouder Oegstgeest AB lid, wethouder Oegstgeest AB lid, wethouder Teylingen AB lid, wethouder Teylingen AB lid, wethouder Voorschoten AB lid, wethouder Voorschoten AB lid, wethouder Voorschoten AB lid, wethouder Zoeterwoude AB lid, wethouder Zoeterwoude DB en AB lid, gedeputeerde PZH AB lid, gedeputeerde PZH AB lid, gedeputeerde PZH

1/1 - 31/12 1/1 - 31/12 1/1 - 31/12 1/1 - 31/12 1/1 - 31/12 1/1 - 31/12 1/1 - 31/12 1/1 - 31/12 1/1 - 15/11 15/11 - 31/12 1/1 - 31/12 1/1 - 31/12 1/1 - 31/12 1/1 - 31/12 1/1 - 31/12 1/1 - 28/11 28/11 - 31/12 1/1 - 31/12 1/1 - 31/12 1/1 - 31/12 1/1 - 31/12 1/1 - 31/12 1/1 - 31/12 11/05 - 31/12 1/1 - 01/03 1/1 - 01/10 1/1 - 31/12 1/1 - 31/12 1/1 -01/09 01/09 - 31/12

Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen. Er zijn geen ontslaguitkeringen betaald aan overige functionarissen die op grond van de WNT dienen te worden vermeld, of die in eerdere jaren op grond van de WOPT of de WNT vermeld zijn of hadden moeten worden.

Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

38 / 52

Rechtmatigheidsverantwoording Verantwoordelijkheid dagelijks bestuur De baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties, blijken een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het dagelijks bestuur toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door de algemeen bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door de algemeen bestuur op 30 oktober 2023 vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door het algemeen bestuur bepaald en bedraagt 1 % van de totale lasten inclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op € € 225.555.

Bevinding Het dagelijks bestuur is van mening dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de daarvoor gestelde grens. Begrotingscriterium Overschrijding lasten programma’s Overschrijding investeringsbudgetten (kredieten) Ongeautoriseerde reservemutaties Overschrijding van baten en/of onderschrijding van lasten en baten die niet tijdig tot een begrotingswijziging hebben geleid of te laat aan het algemeen bestuur zijn gemeld Totaal begrotingsonrechtmatigheden Totaal van de begrotingsonrechtmatigheden (van onderdeel 1 en 2) dat past binnen het vooraf vastgestelde beleid en daarmee vooraf als acceptabel is geduid vermelden en verwijzen naar dit vooraf vastgestelde beleid. Resterend saldo aan begrotingsonrechtmatigheden Voorwaardencriterium Inkopen ten onrechte niet Europees aanbesteed M&O criterium N.v.t. Totaal onrechtmatigheden

€0 €0 €0 €0 €0 €0

€0 € 69.005 €0 € 69.005

ONDERTEKENING Aldus vastgesteld door het algemeen bestuur van Omgevingsdienst West-Holland d.d. 8 juli 2024, De voorzitter,

Directeur,

A. North

M.E. Krul-Seen

Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

39 / 52

Bijlagen BIJLAGE A: SISA-BIJLAGE

E3

Subsidieregeling sanering verkeerslawaai

Ontvanger

Uitkeringscode

Specifieke uitkering

IenW

Juridische grondslag

Verstrekker

SiSa bijlage verantwoordingsinformatie 2023 op grond van artikel 3 van de Regeling informatieverstrekking sisa - d.d. 07-02-2024

Indicator Hieronder per regel één beschikkingsnummer en in de kolommen ernaast de verantwoordingsinformatie

Indicator Besteding (jaar T) ten laste van Rijksmiddelen

Indicator Overige bestedingen (jaar T)

Indicator Besteding (jaar T) door meerwerk dat o.b.v. art. 126 Wet geluidshinder ten laste van het Rijk komt

Indicator Correctie over besteding (t/m jaar T)

Indicator Kosten ProRail (jaar T) als bedoeld in artikel 25 lid 6 van deze regeling ten laste van Rijksmiddelen

Subsidieregeling sanering verkeerslawaai Provincies, gemeenten en gemeenschappelijke regelingen (Wgr) Aard controle n.v.t. Aard controle R Aard controle R Aard controle R Aard controle R Aard controle R Indicator: E3/01 Indicator: E3/02 Indicator: E3/03 Indicator: E3/04 Indicator: E3/05 Indicator: E3/06 1 BSV/22/00006 € 25.130 2 BSV/22/00149 € 4.095 3 BSV/22/00187 €0 4 BSV/22/00188 €0 5 BSV/22/00207 €0 6 BSV/22/00208 €0 7 BSV/22/00247 € 31.500 8 BSV/22/00248 €0 9 BSV/22/00260 €0 10 BSV/22/00287 € 230.585 11 BSV/22/00288 € 9.600 12 BSV/22/00289 €0 13 BSV/22/00303 €0 14 BSV/22/00307 €0 15 BSV/22/00348 € 328.721 16 BSV/23/00129 €0 17 BSV/23/00178 €0 18 BSV/23/00234 €0 19 BSV/23/00259 € 27.975 20 BSV/23/00260 €0 21 BSV/23/00261 € 28.725 22 BSV/23/00262 €0 23 BSV/23/00283 € 28.800 24 BSV/23/00284 €0 25 IenM/BSK-2016/208849 €0 26 IenM/BSK-2016/261564 €0 27 IenW/BSK-2019/163270 €0 28 IenW/BSK-2019/180811 € 18.760 29 IenW/BSK-2019/216921 € 91.278 30 IenW/BSK-2019/217727 € 13.725 31 IenW/BSK-2019/238534 €0 32 IenW/BSK-2019/286 €0 33 IenW/BSK-2019/291 €0 34 IenW/BSK-2019/6058 €0 35 IenW/BSK-2020/149577 € 4.202 36 IenW/BSK-2020/167803 €0 37 IenW/BSK-2020/2618 €0 38 IenW/BSK-2021/109097 €0 39 IenW/BSK-2021/164790 €0 40 IenW/BSK-2021/17643 €0 41 IenW/BSK-2021/205825 €0 42 IenW/BSK-2021/344718 €0 Kopie beschikkingsnummer Cumulatieve bestedingen ten Cumulatieve overige Cumulatieve Kosten

ProRail (t/m Correctie over besteding kosten Eindverantwoording (Ja/Nee) laste van Rijksmiddelen (t/m jaar bestedingen (t/m jaar T) jaar T) als bedoeld in artikel 25 ProRail (t/m jaar T) T) lid 6 van deze regeling ten laste van Rijksmiddelen Deze indicator is bedoeld voor de tussentijdse afstemming van de juistheid en volledigheid van de verantwoordingsinformatie Aard controle n.v.t. Indicator: E3/07 1 BSV/22/00006 € 25.130 2 BSV/22/00149 € 4.095 3 BSV/22/00187 €0 4 BSV/22/00188 €0 5 BSV/22/00207 €0 6 BSV/22/00208 €0 7 BSV/22/00247 € 31.500 8 BSV/22/00248 €0 9 BSV/22/00260 €0 10 BSV/22/00287 € 230.585 11 BSV/22/00288 € 9.600 12 BSV/22/00289 €0 13 BSV/22/00303 €0 14 BSV/22/00307 €0 15 BSV/22/00348 € 328.721 16 BSV/23/00129 €0 17 BSV/23/00178 €0 18 BSV/23/00234 €0 19 BSV/23/00259 € 27.975 20 BSV/23/00260 €0 21 BSV/23/00261 € 28.725 22 BSV/23/00262 €0 23 BSV/23/00283 € 28.800 24 BSV/23/00284 €0 25 IenM/BSK-2016/208849 €0 26 IenM/BSK-2016/261564 €0 27 IenW/BSK-2019/163270 €0 28 IenW/BSK-2019/180811 € 18.760 29 IenW/BSK-2019/216921 € 91.278 30 IenW/BSK-2019/217727 € 13.725 31 IenW/BSK-2019/238534 €0 32 IenW/BSK-2019/286 €0 33 IenW/BSK-2019/291 €0 34 IenW/BSK-2019/6058 €0 35 IenW/BSK-2020/149577 € 6.133 36 IenW/BSK-2020/167803 €0 37 IenW/BSK-2020/2618 €0 38 IenW/BSK-2021/109097 €0 39 IenW/BSK-2021/164790 €0 40 IenW/BSK-2021/17643 €0 41 IenW/BSK-2021/205825 €0 42 IenW/BSK-2021/344718

€0

Deze indicator is bedoeld voor de tussentijdse afstemming van de juistheid en volledigheid van de verantwoordingsinformatie

Aard controle n.v.t. Indicator: E3/08

Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

Aard controle n.v.t. Indicator: E3/09

Deze indicator is bedoeld voor de tussentijdse afstemming van de juistheid en volledigheid van de verantwoordingsinformatie Aard controle n.v.t. Indicator: E3/10

Aard controle R Indicator: E3/11

Aard controle n.v.t. Indicator: E3/12 Nee Ja Nee Nee Nee Nee Ja Nee Nee Ja Ja Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Ja Nee Ja Nee Ja Nee Nee Ja Nee Ja Ja Nee Ja Nee Nee Nee Ja Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee

40 / 52

IenW

E83B

Tijdelijke regeling specifieke uitkering bodem 2022

Hieronder per regel één Projectnaam / nummer provincie(code) of gemeente(code) uit (jaar T) selecteren en in de kolommen ernaast de verantwoordingsinformatie voor die provincie of gemeente invullen

Besteding (jaar T) per project

Cumulatieve besteding (t/m jaar T) per project

Project afgerond (Ja/Nee)

SiSa tussen medeoverheden Aard controle n.v.t. Aard controle n.v.t. Aard controle R Indicator: E83B/01 Indicator: E83B/02 Indicator: E83B/03 1 030008 Provincie Zuid-Holland Industriekade 14-18 Sassenheim € 7.646 € 15.818 2 030008 Provincie Zuid-Holland Zuideinde Nieuwkoop € 18.220 € 38.282 3 030008 Provincie Zuid-Holland Van Leeuwenpark Leiderdorp € 19.998 € 68.072 4 030008 Provincie Zuid-Holland Achterweg 11 Noordwijk € 26.382 € 35.462 5 030008 Provincie Zuid-Holland Tespellaan Noordwijkerhout € 4.230 € 18.904 6 030008 Provincie Zuid-Holland Uitvoer bodemsaneringen diffuus € 0 € 1.966 lood regio WestHolland (€ 11.000) 25 Kopie projectnaam / nummer Uitvoering is volgens aanvraag Optionele toelichting. Verplicht uitgevoerd (Ja/Nee), zo nee geef als bij 08 nee is ingevuld in indicator 09 de reden aan

Aard controle n.v.t. Indicator: E83B/06 1 Industriekade 14-18 Sassenheim Ja 2 Zuideinde Nieuwkoop Ja 3 Van Leeuwenpark Leiderdorp Ja 4 Achterweg 11 Noordwijk Ja 5 Tespellaan Noordwijkerhout Ja Eindverantwoording (Ja/Nee)

IenW

E93

Aard controle n.v.t. Indicator: E83B/09 Nee Regeling specifieke uitkering Interbestuurlijk programma Totale besteding (jaar T) Cumulatieve besteding (t/m jaar VTH T)

Aard controle R Indicator: E93/01 € 215.622 Naam activiteit

E97B

Tijdelijke regeling specifieke uitkering bodem 2023

12 Participeren in onderzoek naar mandaten (Pijler 5) 13 Visitaties bij omgevingsdiensten en meewerken aan evaluatie van de pilots (Pijler 6) 14 Plan van aanpak voor het inrichten van een systeem van onderzoeken door ILT naar het functioneren van het VTH stelsel (Pijler 6) 15 materiele kosten (max 10% van bedrag genoemd in bijlage 2 SPUK) Hieronder per regel één provincie(code) en/of gemeente(code) uit (jaar T) selecteren en in de kolommen ernaast de verantwoordingsinformatie voor die provincie of gemeente invullen

Aard controle n.v.t. Indicator: E83B/05 Nee Nee Nee Nee Nee

Nee

Aard controle n.v.t. Indicator: E83B/08

Eindverantwoording (Ja/Nee)

Aard controle n.v.t. Aard controle n.v.t. Indicator: E93/02 Indicator: E93/03 € 220.242 Nee Besteding (jaar T) Cumulatieve besteding (t/m jaar T)

Aard controle n.v.t. Indicator: E93/04 1 Deelname werk- en € 101.665 projectgroepen (Pijler 1 t/m 6) 2 Aanleveren van data voor het IPB € 18.050 (Pijler 1 t/m 6) 3 Scholing en opleiding (Pijler 1 t/m € 33.278 6) 4 Inzicht in de bestaande vormen € 4.298 van bekostiging van de omgevingsdienst (Pijler 1) 5 Implementatie van de Landelijke € 1.236 Handhavingsstrategie Omgevingswet (Pijler 2 en 5) 6 Uniforme indeling naar risico van € 0 zorgbedrijven (risico ranking) (Pijler 2) 7 Openbaar maken van definitieve € 860 handhavingsbeschikkingen Waboinspecties (Pijler 2 8 Landelijke arbeidsmarktcampagne € 11.706 (Pijler 4) 9 Onderzoek onder het IBP naar €0 belangrijke (transitie)opgaven (Pijler 5) 10 Eén risicoanalyse en uitvoerings- € 1.128 en handhavingsplan per omgevingsdienst (Pijler 5) 11 Opstellen en uitvoeren van € 6.683 implementatieprogramma (Pijler 5)

IenW

Aard controle n.v.t. Indicator: E83B/07

Aard controle n.v.t. Indicator: E83B/04

Aard controle n.v.t. Indicator: E93/05

Aard controle n.v.t. Indicator: E93/06 € 102.632 € 21.703 € 33.278 € 4.298

€ 1.236

€0

€ 860

€ 11.706 €0

€ 1.128

€ 6.683

€ 1.182

€ 1.182

€ 35.536

€ 35.536

€0

€0

€0

€0

Projectnaam / nummer

Besteding (jaar T) per project

Cumulatieve besteding (t/m jaar T) per project

Project afgerond (Ja/Nee)

SiSa tussen medeoverheden Aard controle n.v.t. Aard controle n.v.t. Aard controle R Indicator: E97B/01 Indicator: E97B/02 Indicator: E97B/03 1 030008 Provincie Zuid-Holland Zuideinde Nieuwkoop €0 €0 2 030008 Provincie Zuid-Holland Van Leeuwenpark Leiderdorp €0 €0 3 030008 Provincie Zuid-Holland Tespellaan Noordwijkhout €0 €0 4 030008 Provincie Zuid-Holland Achterweg 11 Noordwijk €0 €0 Kopie projectnaam / nummer Uitvoering is volgens aanvraag Optionele toelichting. Verplicht uitgevoerd (Ja/Nee), zo nee geef als bij 07 nee is ingevuld in indicator 08 de reden aan

Aard controle n.v.t. Indicator: E97B/06 1 Zuideinde Nieuwkoop Nee 2 Van Leeuwenpark Leiderdorp Nee 3 Tespellaan Noordwijkhout Nee 4 Achterweg 11 Noordwijk Nee Eindverantwoording (Ja/Nee)

EZK

F21

Eenmalige specifieke uitkeringen ten behoeve van extra ondersteuning voor toezicht op en handhaving van de energiebesparingsplicht

Aard controle n.v.t. Indicator: E97B/07

Aard controle n.v.t. Indicator: E97B/09 Nee Besteding (jaar T) Cumulatieve besteding (t/m jaar T)

Aard controle R Indicator: F21/01 116.939

Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

Aard controle n.v.t. Indicator: E97B/05 Nee Nee Nee Nee

Aard controle n.v.t. Indicator: E97B/08 Zie uitvoering Bodem 2022 Zie uitvoering Bodem 2022 Zie uitvoering Bodem 2022 Zie uitvoering Bodem 2022

Wordt voldaan aan het bepaalde Wordt voldaan aan het bepaalde Eindverantwoording (ja/nee) in artikel 6, tweede lid van de in artikel 6, zesde lid, van de Regeling (ja/nee) Regeling (ja/nee)

Aard controle n.v.t. Indicator: F21/02 119.908

Aard controle n.v.t. Indicator: E97B/04

Aard controle R Indicator: F21/03 Ja

Aard controle D2 Indicator: F21/04 Ja

Aard controle R Indicator: F21/05 Nee

41 / 52

BIJLAGE B: TOELICHTING EINDAFREKENING Opdrachtgever

Hillegom Kaag en Braassem Katwijk Leiden Leiderdorp Lisse Nieuwkoop Noordwijk Oegstgeest Teylingen Voorschoten Zoeterwoude Provincie ZuidHolland

in % t.o.v. begroting inclusief begrotingswijziging

in uren t.o.v. begroting

Bijdrage 2023

Betaalde Eindvoor- afrekening schotten 2023 *

104% 109% 100% 89% 99% 105% 101% 95% 104% 112% 116% 82% 97%

290 970 -17 -3.417 -48 364 64 -2.479 236 1.132 533 -1.108 -696

783.536 1.178.452 726.213 2.845.182 553.051 730.142 1.090.982 4.747.477 568.638 1.046.685 381.880 651.059 2.513.998

-779.721 -1.086.000 -744.805 -3.239.443 -579.096 -711.765 -1.099.449 -5.186.411 -562.656 -950.774 -344.636 -748.111 -2.573.176

3.815 92.452 -18.592 -394.261 -26.045 18.377 -8.467 -438.934 5.982 95.911 37.244 -97.052 -59.178

Eindtotaal

17.817.295 -18.606.043 -788.748 98% 4.175 * - door ODWH nog te betalen / + door ODWH nog te ontvangen ** bijdrage en betaalde voorschotten is exclusief additionele opdrachten Provincie (zie eindrapportage Provincie voor specificatie)

Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

42 / 52

BIJLAGE C: PROGRAMMAREKENING NAAR TAAKVELDEN (bedragen x €1000)

0.1 Bestuur

7.4 Milieubeheer

8.1 Ruimtelijke ordening

Baten Deelnemersbijdragen uren Deelnemersbijdrage materieel en projecten Overige inkomsten Subsidies

11.233 24 1.324

3.248

Totaal Baten Lasten Personeelskosten Salarissen & soc lasten Inhuur Huisvestingskosten ICT Overige kosten Projectkosten Subsidies Afschrijvingskosten

48

8.3 Wonen en Bouwen

0.4 Overhead

Totaal

-

4.268 -

641

12.582

3.248

4.268

641

20.739

7.577 6.155 1.422

2.336 1.897 438

3.037 2.467 570

215 180 798 996

66 55

86 72 89

3.237 2.630 608 660 603 72

163

16.187 13.149 3.038 660 970 428 886 996 163

18.749 665 1.324

Totaal lasten

48

9.766

2.458

3.284

4.735

20.290

Saldo Baten en Lasten

-48

2.816

790

985

-4.094

448

Bestemming resultaat Storting in reserves Onttrekking uit reserves Mutatie reserves Saldo na bestemming

Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

304 304 753

43 / 52

BIJLAGE D: RAPPORTAGE KWALITEITSCRITERIA Samenvatting Deze rapportage bevestigt dat de dienst de kwaliteit van uitvoering conformeert aan de Wet VTH. Voor het grootste deel kan de dienst zelfstandig voldoen aan de Kwaliteitscriteria 2.2 van 1 juli 2019 en versie 2.3 van 15 april 2022. Volgens de wet en de verordening is het toegestaan om af te wijken van deze standaardcriteria als organisaties niet zelfstandig kunnen voldoen. In dat geval moeten ze motiveren hoe de kwaliteit van de uitvoering wordt geborgd om te voldoen aan de Wet VTH. Voor de onderdelen waar we niet zelfstandig aan voldoen, staan de oplossingen beschreven in paragraaf 2.1 en 2.2. Deze oplossingen omvatten samenwerkingsafspraken, uitbesteding en inhuur van extra deskundigheid. De inhuur voor collegiale toetsen en specifieke klussen is beperkt nodig. Inleiding Uitvloeisel van de Wet Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving is een jaarlijkse rapportageplicht van de dienst aan haar opdrachtgevers over de kwaliteitscriteria zoals die zijn vastgesteld. Door wisselingen in aantallen bedrijven, controlefrequenties en personeelswisselingen kunnen de resultaten jaarlijks enigszins verschillen. Doel van de rapportage is dat de opdrachtgevers weten of de dienst voldoet aan deze kwaliteitscriteria, of dat (conform de methodiek) gemotiveerd wordt afgeweken.

Het format van de rapportage is vastgesteld in het Algemeen Bestuur (op 31 oktober 2016). De rapportage wordt jaarlijks aan het jaarverslag toegevoegd en kan gebruikt worden door het bevoegd gezag om de kwaliteit van de uitvoering te beoordelen en is bruikbaar voor verslaglegging aan de Gemeenteraad respectievelijk Provinciale Staten. Begin 2017 werd gestart met een vernieuwing van de VTH-kwaliteitscriteria. Sinds 15 april 2022 zou echter gebruik moeten worden gemaakt van versie 2.3. Door het herhaaldelijk uitstellen van de invoering van de inwerkingtreding van de Omgevingswet, hebben de diensten een ruimere voorbereidingstijd gekregen om te voldoen aan de kwaliteitscriteria. Competentieprofielen VTH vernieuwd De Omgevingswet vereist andere competenties. Daarom zijn de profielen voor VTH bijgesteld. Deze zijn toegevoegd aan de kwaliteitscriteria 2.3. De competentieprofielen zijn uitgewerkt als onderdeel van de VTHuitvoeringsagenda, onder regie van de Kerngroep Kwaliteitscriteria, met vertegenwoordigers van de koepelorganisaties VNG en IPO, Omgevingsdienst NL en het Rijk. Vanwege de inwerkingtreden van de Omgevingswet in kalenderjaar 2024, gaat deze rapportage met name over versie 2.2. Veranderingen van versie 2.2 naar 2.3 zijn van name van toepassing - Op het generieke deskundigheidsgebied 3.

Vergunningen milieu toevoeging: (Bal + omgevingsplan) - Specialistische deskundigheidsgebied 21. Geluid & trillingen (milieu en bouw) 22. Groen en Ecologie (als onderdeel van de beoordeling van initiatieven). Verwijderd 22a Groen en Ecologie (Vergunningen Wet natuurbescherming) Toegevoegd 23. Groen en Ecologie (Vergunningverlening natuur) Her nummering: Luchtkwaliteit: 23 wordt 24 - Specialistische deskundigheidsgebieden accent ruimtelijke ordening en duurzaamheid hernummering van 4 gebieden, te weten 24 Stedenbouw en inrichting openbare ruimte wordt 25 en verder. Stand van zaken In de volgende paragrafen wordt aangegeven hoe de dienst per 31 december 2023 voldoet aan de kwaliteitscriteria 2.2. De kwaliteitscriteria bevatten criteria voor kritische massa, procescriteria en criteria Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

44 / 52

voor inhoudelijke kwaliteit en prioriteiten (zie achtergrondinformatie in paragraaf 2.3). De beide tabellen geven in een oogopslag de stand van zaken weer. In de begeleidende tekst worden vervolgens acties en afwijkingen toegelicht. Projectmatige aanpak Kwaliteitscriteria Het voldoen aan Kwaliteitscriteria is een continu proces. Daarom is er met ingang van het vierde kwartaal 2023 aanvang gemaakt om dat projectmatig aan te pakken. Vanaf 2024 is het leren en ontwikkelen tegen de achtergrond van de nieuwe kwaliteitscriteria en steeds complexer wordende werkzaamheden van omgevingsdiensten een van de speerpunten. Hiertoe wordt vanuit de dienst extra inzet gepleegd zodat zowel nieuwe collega's als ook ervaren collega's continu de mogelijkheid hebben om zich om- en bij te scholen om zo hun kennis op peil te houden. Een extra toevoeging aan de Kwaliteitscriteria 2.3 zijn de competenties (soft skills) waaraan professionals moeten voldoen om hun werkzaamheden optimaal uit te kunnen voeren. Dit is lastig objectiveerbaar in vergelijking met opleidingen of dienstjaren. Desalniettemin zijn hiertoe de voorbereidingen in gang gezet zodat er optimaal kan worden voldaan aan de vereisten van de kwaliteitscriteria. Dat proces is ingezet in 2023 en zal in 2024 geïntensiveerd en projectmatig worden doorgezet. Deelname aan collegiale toetsing vanuit het vakberaad VTH door alle Omgevingsdiensten.

De dienst neemt deel aan het programma collegiale toetsing vanuit het vakberaad VTH. Het doel van de collegiale toets is om omgevingsdiensten, gemeenten en provincies te helpen bij het borgen van de kwaliteit die bijvoorbeeld ook vastgelegd is in de verordeningen VTH. Daarin borgen gemeenten en provincies de kwaliteit van de vergunningverlenings-, toezichts- en handhavingstaken. In 2019 zijn de bevindingen uit de toetsing in 2018 opgepakt, waaronder het opstellen en bestuurlijk vaststellen van het (wettelijke verplichte) gemeentelijk uitvoeringsbeleid VTH. Aan dit uitvoeringsbeleid is het onderdeel vergunningen toegevoegd. De collegiale toets bij dienst is in 2023 weer uitgevoerd. Vanuit SPUK IBP VTH pijler 6 worden de audits en visitaties vervolgd in project Visitatie. Hiervoor zijn middelen gereserveerd en in de projectplanning verwerkt. Kritische massa Het kunnen voldoen aan de criteria voor kritische massa is een dynamisch proces. Bedrijven kunnen vertrekken of andere activiteiten ontwikkelen en medewerkers kunnen de organisatie verlaten of andere functies betrekken.

Met behulp van onderstaande tabel geven we voor de verschillende deskundigheidsgebieden aan waar de dienst voldoet, acties opgestart zijn om te voldoen, waar gemotiveerd wordt afgeweken van de Kwaliteitscriteria, of waar we kwaliteit van de uitvoering borgen door middel van samenwerking/uitbesteding (zie legenda kleurencodes). Het kan ook voorkomen dat de dienst een bepaalde taak niet uitvoert. Toelichting bij Tabel 1: • Kolommen ”opleiding, ervaring en kennis": het huidige oordeel is gebaseerd op eigen onderzoek van de personeelsdossiers en gesprekken met medewerkers. • Kolom “frequentie” geeft aan of wij voldoen aan de minimale frequentie waarmee de taak zelfstandig uitgevoerd dient te worden (bijv. 20 bedrijfscontroles per medewerker per jaar) • Kolom “aantal” geeft aan of wij voldoen aan het minimaal aantal medewerkers met omschreven deskundigheid en frequentie waarover een organisatie dient te beschikken. Acties gestart om te voldoen (gele vlakken in de tabel) De genoemde generieke acties bij deze taken richten zich op het op peil brengen van de opleiding, kennis en ervaring van medewerkers. Dit is een continu proces. In 2021 is ter ondersteuning een strategisch personeelsbeleidsplan vastgesteld en deze wordt in 2024 geactualiseerd. Volgend op dit personeelsbeleid en startgesprekken zijn opleidingen en trainingen geïnitieerd.

Dit zijn trainingen en opleidingen die zich richten op een breder terrein dan alleen de milieuwetgeving, maar ook aanpalende onderwerpen. Voorbeelden zijn:

Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

45 / 52

geluid, bestuursrecht, vergunningverlening, overheidsaansprakelijkheid, preventie, luchtvaart, Besluit bodemkwaliteit, Bestuurlijke boete, Europees bestuursrecht, Wet BIBOB en natuurlijk de Omgevingswet. 2.1.2 Gemotiveerd afwijken (blauwe vlakken in de tabel) De systematiek van de wet staat toe dat organisaties gemotiveerd mogen afwijken van de standaardcriteria. Daar waar een organisatie niet zelfstandig kan voldoen aan de criteria kan men motiveren op welke wijze dit wordt opgelost. Door personele wijzigingen en de aanhoudende krapte op de arbeidsmarkt, bleek het ook in het afgelopen jaar een uitdaging te kunnen blijven voldoen aan de kwaliteitscriteria. Hieronder wordt per item de motivering weergegeven die wij hanteren om af te wijken van de standaard en hoe we dit oplossen binnen of buiten de organisatie. Het betreft de afwijkingen t.a.v. frequentie en aantallen, dus de blauwe vlakken in de tabel. De nummering verwijst naar de betreffende onderwerpen in de tabel. De oorzaak dat de dienst voor een aantal branches niet voldoet aan de criteria voor frequentie van taakuitvoering en aantal gespecialiseerde medewerkers ligt voornamelijk aan het te kleine aantal bedrijven in die branche. Hierdoor kunnen we te weinig “vlieguren” maken.

Tabel 1: deskundigheid 2022 Criteria van kritische massa

Ad 3.1. VV Procesindustrie (DCMR) Frequentie en aantal op puur procesindustrie wordt niet gehaald omdat er binnen de regio geen procesindustriële bedrijven zijn. De bedrijven die in onze regio aanwezig waren, vallen onder verantwoordelijkheid van DCMR. Mocht zich zo’n bedrijf zich in onze regio vestigen die niet onder de Brzo of Rie4 valt, zal conform de samenwerkingsafspraken contact worden gelegd met de DCMR om de inhoudelijke Agendapunt 4 DB 25 maart 2024: Jaarverslag 2023 (2024032645V2)

46 / 52

kant van de procedure samen met de DCMR uit te voeren. Door samen te werken met de DCMR wordt voldaan aan dit criterium. Ad 3.2. VV Afval Er zijn voldoende gemeentelijke en provinciale afvalverwerkende bedrijven in de regio die in deze categorie vallen. Aanvankelijk werd gebruik gemaakt door externe inhuur om betreffende procedures te behandelen. Om opgedane kennis en ervaring zoveel mogelijk in de eigen organisatie te behouden, worden deze diensten met ingang van 2023 alleen nog door eigen, hiertoe gekwalificeerde medewerkers uitgevoerd. Daar is een compliance lijn aan toegevoegd, zodat te allen tijde het vier ogen principe wordt toegepast. Bij juridische aangelegenheden vindt daarbovenop een integrale juridische toets plaats. Indien wordt overgegaan op daadwerkelijke handhaving, wordt het gemandateerde afdelingshoofd ook betrokken. Op die manier wordt getracht de kwaliteit van de uitvoering te maximaliseren en de compliance zo veel als mogelijk toe te passen bij de uitvoering van werkzaamheden. Er is in 2023 sterk ingezet op binnenhalen van expertise (vast personeel) en minimaliseren van externe inzet en dat lijkt nu zijn vruchten af te werpen. Opleidingen en cursussen vormen een continu aandachtspunt. Naast de 'standaard' vakinhoudelijke opleidingen en cursussen, is in 2023 geanticipeerd op de komst van de Omgevingswet.

Zo is er een opfriscursus en een in company training gegeven om het kennisniveau van medewerkers zoveel mogelijk actueel te houden én te laten anticiperen op de komst van de Omgevingswet. Ad 3.3. VV agrarisch klasse II en III (type C) Er lopen verschillende procedures, waardoor op dit moment aan de criteria wordt voldaan. De dienst heeft zes agrarische bedrijven in deze categorie. Deze bevinden zich in de gemeente Nieuwkoop (3) en Kaag en Braassem (3). Door dit beperkte aantal kan het voorkomen, dat voor vergunningverlening minder tijd besteed wordt aan deze categorie. Wat doen we om de kwaliteit te borgen? Er zijn voldoende procedures bij bedrijven die net buiten deze categorie vallen. Voor deze bedrijven, zijn veel van dezelfde thema’s, wetgeving en vraagstukken relevant. Omdat ook voor de portefeuille Omgevingsadvies gebruik wordt gemaakt van de kennis van de vergunningverleners voor agrarisch onderwerpen is er voldoende kennis- en ervaringsopbouw bij de medewerkers. Ad 5.1. T&H Procesindustrie Binnen de regio bevinden zich geen echte procesindustrieën. De bedrijven die in onze regio aanwezig waren, vallen onder verantwoordelijkheid van de DCMR.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Duivenvoorde&id=ffb2b4ae-d12f-48d7-9755-79e271a9de81