CConstaterende datVoorne aan Zee
Koppel je AI →
Document · PDF

Ruimtelijke Onderbouwing Camperpark Hellevoetsluis met bijlagen

Commissie Ruimte 12 juni 2024, gemeente Voorne aan ZeeBij agendapunt: Verzoek om verklaring van geen bedenkingen af te geven voor de realisatie van een camperpark aan de Heliushaven te Hellevoetsluis.21.982 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

doelst. kwal. = = = doelst. kwal. > > > > > = = > doelst. kwal. = = = = = = = = = = doelst. kwal. = = = = = = = = = = = = = = =

A056 - Slobeend A061 - Kuifeend A062 - Toppereend A094 - Visarend A103 - Slechtvalk A125 - Meerkoet A132 - Kluut A140 - Goudplevier A142 - Kievit A156 - Grutto A160 - Wulp

90 3600 120 3 8 2300 160 1600 3700 290 210

Foerageergebied Foerageergebied Foerageergebied Foerageergebied Foerageergebied Foerageergebied Foerageergebied Foerageergebied Slaap- en rustplaats en foerageergebied Slaap- en rustplaats en foerageergebied Slaap- en rustplaats en foerageergebied

= = = = = = = = = = =

= = = = = = = = = = =

3.2.1 Aanwezigheid kwalificerende soorten Een klein deel van de soorten van tabel 3.1 wordt regelmatig waargenomen in het aangrenzende deel van Natura 2000, direct ten westen van het plangebied. Het betreft met name brandgans, kievit, scholekster en rietzanger (bron: www.waarneming.nl 2013-2023). Deze informatie is gebaseerd op duizenden waarnemingen door tientallen, deels zeer ervaren waarnemers en wordt daarom als voldoende indicatief beoordeeld voor de natuurwaarden in het aangrenzende Quackgors.

3.3

Effectenindicator

De Effectenindicator van het ministerie van LNV geeft voor de combinatie Veluwe en woningbouw de volgende potentiële effecten op Natura 2000 aan: Tabel 3.2 Effectindicator Haringvliet en landrecreatie

In de volgende paragraaf wordt nader beoordeeld of deze potentiële effecten bij de beoogde ontwikkeling kunnen optreden. Daarbij wordt tevens mogelijke effecten als gevolg van stikstofdepositie (verzuring en vermesting) beoordeeld. De effectenindicator geeft deze effecten om onduidelijke redenen niet weer.

3.4

Afbakening mogelijke effecten

1.

Oppervlakteverlies Het plangebied ligt buiten de grenzen van het Natura 2000-gebied. Van oppervlakteverlies is derhalve geen sprake.

2.

Verzuring en vermesting De effectindicator noemt dit thema voor geen enkel Natura 2000-gebied in relatie tot landrecreatie. Het thema is echter wel zeer relevant voor bijvoorbeeld het Natura 2000-gebied Voornes Duin op circa 1700 meter afstand van het plangebied en wordt hier daarom behandeld. De aanleg- en gebruiksfase leiden immers tot extra stikstofemissies door inzet van mobiele werktuigen en extra verkeersbewegingen. Een deel van de habitattypen en leefgebieden van kwalificerende (vogel)soorten in de nabijgelegen Natura 2000-gebieden, met name Voornes Duin is (zeer) stikstofgevoelig. Dit thema wordt daarom uitgewerkt in de volgende paragrafen.

3.

Verontreiniging Verontreiniging tijdens de aanlegfase zal niet optreden door de inzet van modern materieel, strikte regelgeving en toezicht daarop. In de gebruikfase gelden eveneens strenge regels voor onder meer het inzamelen en verwerken van afval en het voorkomen van zwerfvuil. Het is bovendien in het belang van de initiatiefnemer om verontreiniging te voorkomen en hier naar te handelen en op toe te zien. Dit thema wordt daarom niet verder uitgewerkt.

4.

Verstoring door geluid De aanlegwerkzaamheden en het gebruik van zwaar materieel leveren een tijdelijke toename van geluid op. Dit geluid kan uitstralen op Natura 2000-gebied. Dit thema wordt daarom nader uitgewerkt.

5.

Verstoring door licht Tijdens de aanleg- en gebruiksfase is mogelijk sprake van tijdelijke uitstraling van licht. Dit thema wordt daarom nader uitgewerkt.

6.

Optische verstoring Optische verstoring wordt in de aanlegfase veroorzaakt door bouwwerkzaamheden alsmede een toename van verkeersbewegingen. Daarnaast zal er in de gebruikfase sprake zijn van meer recreanten rond het Natura 2000-gebied die mogelijk voor verstoring kunnen zorgen. Dit thema wordt daarom nader uitgewerkt.

7.

Verstoring door mechanische effecten Hieronder vallen verstoring door betreding, golfslag, luchtwervelingen etc. die optreden ten gevolge van menselijke activiteiten. Dergelijke effecten zijn bij het onderhavige plan niet aan de orde.

Tabel 3.3 Nader te beschrijven effecten Potentieel effect

Te onderzoeken

Oppervlakteverlies Verzuring & vermesting

X

Verontreiniging Verstoring door geluid

X

Verstoring door licht

X

Optische verstoring

X

Verstoring door mechanische effecten

3.5

Effecten in de aanlegfase

3.5.1 Verzuring/vermesting Met het rekenmodel Aerius (versie 2023.1) is een berekening uitgevoerd om de mogelijke gevolgen van de aanlegfase voor de stikstofdepositie binnen Natura 2000 in beeld te brengen. In deze paragraaf wordt achtereenvolgens ingegaan op de gehanteerde uitgangspunten, de resultaten en de conclusie. Uitgangspunten aanlegfase De ontwikkeling bestaat uit het realiseren van een camperpark. Hiervoor zijn geen werkzaamheden, zoals het afvoeren van grond, nodig. Er wordt prefab sanitair en 1 chalet geplaatst. In tabel 3.4 zijn de afzonderlijke emissiebronnen in de aanlegfase uitgewerkt. De uitkomsten op jaarbasis (laatste kolom) zijn ingevoerd in AERIUS Calculator. De werkzaamheden vinden naar verwachting in 2024/25 plaats en zullen circa 30 werkdagen in beslag nemen. Naast de machines in tabel 3.2 wordt

ook gebruikt gemaakt van een elektrische verdichtingstrilplaat. Omdat deze machine elektrisch is, is er geen sprake van uitstoot en hoeft daarom niet meegenomen te worden in de stikstofberekening. De inzet van het overige materieel is ingevoerd als vlakbron aangezien dit materieel op het hele terrein werkzaam zal zijn. Met het bouwbedrijf zal de afspraak gemaakt worden dat machines uitgezet worden indien deze niet in bedrijf. Zodoende is er geen sprake van stationair draaien van machines. De verkeersbewegingen zijn ingevoerd als lijnbron. Tabel 3.4 Materieel inzet beoogde ontwikkeling 2023 Materieel

Vermogen

Stage Klasse

Graafmachine Minigraver

100 kW Stage V, 75-560 kW, >2019 19 kW Stage V, <56 kW >2019 Aanvoer materialen en personeel Vrachtwagens 122 zware bewegingen Woon-werkverkeer 60 lichte bewegingen

Totaal uren 80 120

Literverbruik / uur 9,7 2,4

Totaal liter verbruik / jaar 776 288

Adblue (7%) 54,3 -

De verkeerstoename door een project wordt in de berekeningen meegenomen tot het extra verkeer opgaat in het ‘heersende verkeersbeeld’. Volgens de ‘instructie gegevensinvoer Aerius’ wil zeggen dat ‘het extra verkeer door zijn snelheid en rij- en stopgedrag zich niet meer onderscheidt van het overige verkeer dat zich op de betrokken weg bevindt’. Hierbij weegt ook de verhouding mee tussen de hoeveelheid extra verkeer en het reeds op de weg aanwezige verkeer. Bij de modellering in Aerius is er van uitgegaan dat het verkeer wordt afgewikkeld via de Nieuwe Zeedijk en Zoomweg naar de N497. Op de Zoomweg (814 mvt/etm) gaan de vervoersbewegingen die samenhangen met de realisatie op in het heersende verkeersbeeld. Resultaten en conclusie Uit de berekening met AERIUS Calculator (2024) voor de gecombineerde aanlegfase & gebruiksfase (zie ook par 3.4.1.) blijkt dat er geen toename is van stikstofdepositie binnen stikstofgevoelig Natura 2000-gebied. 3.5.2

Verstoring door geluid

Tijdens de inrichtingswerkzaamheden wordt geluid geproduceerd, dat in een aantal gevallen kan reiken tot in Natura 2000gebied. Tabel 3.5 laat de ligging van de geluidscontouren zien van een aantal installaties, machines en voertuigen die mogelijk of zeker bij de aanleg worden gebruikt. Voor vogels van open landschappen, zoals het Haringvliet, geldt een verstoringscontour van 47 dB(A)5. De ecologische verstoringscontour van 47 dB(A) is gemarkeerd. Maatgevend voor geluidbelasting in dit project is het geluid van een graafmachine.

Tabel 3.5 Geluidscontouren aanlegwerkzaamheden

Activiteit Graafmachine Compressor Geluidarm aggregaat Geluidarme pomp (elektrisch) 60 vrachtwagenbewegingen per uur

Lwr (dB(A) 107 100 93 90 106

42 dB(A) 291 221 122 84 62

Afstand tot bron (m) 47 dB(A) 50 dB(A) 60 dB(A) 171 123 56 128 92 35 70 50 15 48 34 10 35 25 <2

5 Reijnen, M. en R. Foppen (1992): 'Effect van wegen met autoverkeer op de dichtheid van broedvogels'.

70 dB(A) 20 10 4 3 -

Wanneer deze geluidscontour van 171 meter wordt geprojecteerd op de omgeving, uitgaande van de westrand van het plangebied, dan ontstaat het beeld van figuur 3.2. Het tijdelijk verstoorde areaal bedraagt circa 3,5 hectare. Dit areaal is 5% van het totale Quackgors en 0,03% van het totale areaal van het Natura 2000-gebied Haringvliet. Een eventueel tijdelijke verstoringseffect door bouwlawaai tijdens de aanlegfase is daarom verwaarloosbaar klein en verre van significant.

Figuur 3.2 Ligging maximale 47 dB(A)-verstoringscontouren aanlegwerkzaamheden 3.5.3 Verstoring door licht In de huidige situatie zijn in de jachthavens reeds vele lichtbronnen aanwezig. Figuur 3.3 laat de reeds hoge lichtemissie rond het plangebied zien. Het aangrenzende deel van het Haringvliet is relatief donker. Nieuwe lichtbronnen die over het Natura 2000-gebied schijnen kunnen daarom leiden tot een relevant verstoringseffect. Het eventueel gebruik van kunstlicht in de aanlegfase zal daarom beperkt moeten blijven tot speciale armaturen. Door gebruik te maken van armaturen met een beperkte uitstraling naar de zijkanten en geen enkele uitstraling naar boven, kan de grens van 1 lux6) beperkt blijven tot circa 50 meter vanaf de lichtpunten. Dergelijke armaturen worden toegepast bij sportvelden in of nabij bewoond gebied zodat een hoge lichtsterkte op het terrein (150 lux) gecombineerd kan worden met een minimale lichtuitstraling naar de omgeving.

6) 1 lux geldt als de grens waarbij de zeer lichtgevoelige watervleermuis niet wordt verstoord. Voor dagactieve vogels ligt deze verstoringsdrempel waarschijnlijk aanzienlijk hoger maar dit is nooit goed onderzocht.

Figuur 3.3 Lichtemissie 2021 rond plangebied (rood) (bron: https://www.atlasleefomgeving.nl/kaarten) Conclusie

Met inachtneming van maatregelen (speciale armaturen) zullen negatieve effecten op de instandhoudingdoelstellingen van het Natura 2000-gebied Haringvliet geheel worden voorkomen. Een significant effect van verstoring door licht in de aanlegfase is derhalve uitgesloten. 3.5.4 Optische verstoring In de aanlegfase kan het gebruik van hoge kranen en machines en extra verkeersbewegingen voor de aan- en afvoer van mensen en materialen leiden tot optische verstoring. Langs de noord- en westrand van dit deel van het Natura 2000-gebied is reeds sprake van optische verstoring door passerende fietsers. De extra verstoring tijdens de aanlegfase is relatief zeer gering en verre van significant.

3.6

Effecten in de gebruiksfase

3.6.1 Verzuring/vermesting Met het rekenmodel Aerius (versie 2023) is een berekening uitgevoerd om de mogelijke gevolgen van de ontwikkeling voor de stikstofdepositie binnen Natura 2000 in beeld te brengen. In deze paragraaf wordt voor de toekomstige gebruiksfase achtereenvolgens ingegaan op de gehanteerde uitgangspunten, de resultaten en de conclusie. De invoer- en uitvoergegevens vanuit Aerius zijn opgenomen in een aparte bijlage.

Uitgangspunten gebruiksfase Voor de gebruiksfase is het rekenjaar 2024 gehanteerd. Omdat dit hetzelfde rekenjaar is als de realisatiefase zijn beide fases in één berekening uitgevoerd. In de nieuwe situatie zal er sprake zijn van een camperpark met ruimte voor maximaal 63 plaatsen. Verkeer Op basis van het CROW uitgave 381 (2018) geldt voor een kampeerterrein een verkeersgeneratie van 0,4 mvt per standplaats (exclusief 10% voor bezoekers per standplaats). De beoogde ontwikkeling bestaat uit de realisatie van 63 camperplaatsen, wat leidt tot een verkeersgeneratie van (63 x 0,44 = 27,72 =) 28 mvt/etmaal gedurende een gemiddelde weekdag. Inclusief bezoekers komt dit neer op een verkeersgeneratie van (27,72 x 1,1 =) 30,5 mvt/etmaal gedurende een gemiddelde weekdag. Daarnaast zal de afvalinzameling maximaal 1 keer per 2 weken plaatsvinden. Qua bewegingen is daarom uitgegaan van 52 middelzware mvt/jaar. De verkeerstoename door een project wordt in de berekeningen meegenomen tot het extra verkeer opgaat in het ‘heersende verkeersbeeld’. Volgens de ‘instructie gegevensinvoer Aerius’ wil zeggen dat ‘het extra verkeer door zijn snelheid en rij- en stopgedrag zich niet meer onderscheidt van het overige verkeer dat zich op de betrokken weg bevindt’. Hierbij weegt ook de verhouding mee tussen de hoeveelheid extra verkeer en het reeds op de weg aanwezige verkeer.

Bij de modellering in Aerius is er van uitgegaan dat het verkeer wordt afgewikkeld via de Nieuwe Zeedijk en Zoomweg naar de N497. Op de N497 gaan de vervoersbewegingen die samenhangen met de gebruiksfase op in het heersende verkeersbeeld. Gasverbruik Het propaangebruik van een camper bedraagt gemiddeld 510 gr propaan/dag (bron: Gasverbruik camper op de camping Kampeerwijzer). Bij 63 campers gaat het dus om 32,13 kg /dag. Bij een bezetting van 100% (worst-case) is het totale propaangebruik 11.727 kg/jr. Eén kilogram propaangas is 2 liter vloeibaar gas (bron: Hoeveel propaangas zit er in een gasfles? | Primagaz FAQ), dus 23.455 liter propaan per jaar. Uitgaande van 0,27 m3 per liter bedraagt de hoeveelheid propaan 6.332,85 m3 propaan. Met 6,42 Nm3 rookgas per m3 propaan ontstaat 40.656,9 Nm3 rookgas. De emissieconcentratie bedraagt 150 mg NOx per Nm3 propaan, de NOx-emissie bedraagt derhalve 6,1 kg NOx per jaar. Deze emissie is als vlakbron ingevoerd met een uitstoothoogte van 3 meter.

Daarnaast zal incidenteel gebruik worden gemaakt van aardgas voor de verwarming van het sanitair gebouw en beheerdersgebouw. De voorkeur is om geen gas te hoeven gebruiken maar gebruik te maken van heat pipes en duurzame alternatieven. Mocht dit niet toereikend zijn, dan biedt de gastank een alternatief voor verwarming van deze faciliteiten. De gastank betreft een tank van 1,5 m³ en zal circa 10 keer per jaar worden gevuld. Worst-case wordt uitgegaan van een gasverbruik van 15 m3 per jaar. Uitgaande van 8,9 Nm3 rookgas per kuub aardgas (bron: Instructie gegevensinvoer AERIUS Calculator, 2021) is dit 133,5 Nm3 rookgas in het maatgevende jaar. Met een emissieconcentratie van 70 mg NOx/Nm3 rookgas is de uitstoot 9,3 gram NOx per jaar. Deze emissie is in AERIUS Calculator ingevoerd als puntbron met een emissiehoogte van 4 meter. Resultaten en conclusie Uit de berekening met AERIUS Calculator (rekenjaar 2024) blijkt dat er voor de gecombineerde aanleg- en gebruiksfase geen toename is van stikstofdepositie in stikstofgevoelig Natura 2000-gebied. 3.6.2

Geluid

In de gebruiksfase zal het geluid door de extra verkeersgeneratie en recreanten wegvallen tegen het reeds bestaande (verkeers)geluid in en rond de jachthaven. De 47 dB(A)-verstoringscontour zal niet verder overlappen met Natura 2000. Verstoring door geluid tijdens de gebruiksfase is daarom uitgesloten.

3.6.3

Verstoring door licht

Langs de westrand van het terrein wordt een strook van 7 meter bosplantsoen in 7 rijen aangebracht die bij de aanplant minimaal 1,2 meter hoog is. In deze rand wordt onder meer de inheemse beuk (Fagus sylvatica) aangeplant die ook in de winter blad draagt en daardoor altijd voor afscherming zorgt. Het licht van in- en uitparkerende campers zal daardoor niet over het Natura 2000-gebied schijnen. Verstoring van vogels in het Natura 2000-gebied door verlichting is daarom op voorhand uit te sluiten. 3.6.4 Optische verstoring Verstoring door recreanten Langs de noord- en westrand van dit deel van het Natura 2000-gebied is reeds sprake van optische verstoring door passerende fietsers en auto’s. De onder 3.4.3. genoemde struweelrand zal visuele verstoring vanuit het plangebied geheel afschermen. Extra verstoring door recreanten zal evenmin optreden. Deze recreanten voegen zich in bestaande bezoekersstromen over bestaande wegen langs de rand van Natura 2000. Vele onderzoeken (o.a. Krijgsveld, 2022) wijzen uit dat in gebieden waar een bepaalde verstoringsbron geen werkelijke dreiging vormt en daarnaast ook voorspelbaar is, vogels steeds minder reageren op de verstoringsbron.

Het type verstoring is daarbij bepalend voor de verstoringsafstand: voorspelbaarheid: voorspelbare gebeurtenissen of gedrag leiden tot minder verstoring en kortere verstoringsafstanden; gedrag verstoorder: richting (langs versus naderend), gedrag (rustig doorgaand versus alternerend stilhoudend en roepen), vervoer (lopend met hond versus fiets, roeiboot versus motorboot) van verstoorder beïnvloeden de verstoringsafstand; Eventuele fiets- en wandelbewegingen langs de rand van het Quackgors zijn rustig, voorspelbaar, ongevaarlijk en gaan langs eventuele vogels in plaats van recht er op af. Het extra verstoringseffect als gevolg van extra fiets- en wandelbewegingen is derhalve afwezig. verlichting Op het camperterrein worden op een aantal strategische plekken lage zonnelantaarns / oriëntatieverlichting geplaatst van maximaal 120 centimeter hoog, voor dit type is geen leidingwerk nodig. Het Licht is gericht naar de grond. Bij de entree zal een lantaarn staan van maximaal 3 meter. Deze valt naar verwachting weg in het huidige lichtbeeld. Als uit veiligheidsoverwegingen blijkt dat een lantaarn van 4,5 meter beter is, zullen we op deze plek uitwijken naar een hogere lantaarn.

3.7

Cumulatie

Er zijn geen vergunde projecten bekend die nog niet zijn uitgevoerd en die in cumulatie met het onderhavige plan/project kunnen leiden tot significant negatieve effecten op Natura 2000. Omdat het onderhavige plan niet leidt tot stikstofdepositie op stikstofgevoelig Natura 2000-gebied is een cumulatietoets ten aanzien van stikstof geheel niet aan de orde.

3.8 Conclusies Vanwege de ligging buiten Natura 2000 zijn effecten als areaalverlies en versnippering op voorhand geheel uit te sluiten. Aanlegfase

• •

Uit de berekening met AERIUS Calculator (februari 2024) blijkt dat er voor de gecombineerde aanleg- en gebruiksfase geen toename is van stikstofdepositie in stikstofgevoelig Natura 2000-gebied. Verstoring door licht, geluid en beweging zijn in de aanlegfase zeer gering en verre van significant.

Gebruiksfase • Uit de berekening met AERIUS Calculator (februari 2024) blijkt dat er voor de gecombineerde aanleg- en gebruiksfase geen toename is van stikstofdepositie in stikstofgevoelig Natura 2000-gebied. • Verstoring door geluid, licht en beweging zullen in de gebruiksfase niet optreden. Cumulatie • Er zijn geen vergunde projecten bekend die nog niet zijn uitgevoerd en die in cumulatie met het onderhavige plan/project kunnen leiden tot significant negatieve effecten op Natura 2000.

Bijlage 1 Bronnen • • • • • • • • • •

Gies, T. (2007): 'Onderbouwing significant effect depositie op natuurgebieden' Alterra-rapport 1490. Krijgsveld, K.L., (2022): 'Verstoringsgevoeligheid van vogels, update literatuurstudie naar de reactie van vogels op recreatie'. Livezey (2016): “Database of Bird Flight Initiation Distances to Assist in Estimating Effects from Human Disturbance and Delineating Buffer Areas” Kaarten | Atlas Leefomgeving Reijnen, M. en R. Foppen (1992): 'Effect van wegen met autoverkeer op de dichtheid van broedvogels'. Tursic, A. et al (2012): “Vogels en geluid, nieuwe methode effectbepaling geluid op vogels” Haringvliet: Doelstelling | natura 2000https://calculator.aerius.nl/ http://geodata.rivm.nl/gcn/ www.synbiosys.alterra.nl/natura2000 http://www.synbiosys.alterra.nl/natura2000/effectenindicator

Bijlage 2 AERIUS-berekening aanleg- + gebruiksfase 2024

Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.

Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:

www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers

Projectberekening

Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie

Activiteit

Omschrijving Toelichting

Berekening

-, -aanleg + gebruiksfase 2024

AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie

RmSzgo19XNmz 02 februari 2024, 11:03 Wnb-rekengrid

Totale emissie

Rekenjaar

Emissie NH₃

Emissie NOₓ

Resultaten

Hoogste bijdrage

Hexagon

Gebied

Aanleg- & gebruiksfase - Beoogd Aanleg- & gebruiksfase - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename Grootste afname

RmSzgo19XNmz (02 februari 2024)

2024 -

0,3 kg/j

16,6 kg/j

2/7

Projectberekening

Aanleg- & gebruiksfase (Beoogd), rekenjaar 2024 Emissiebronnen 3 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Mobiele werktuigen aanlegfase 4 Wonen en Werken | Recreatie | propaangebruik campers 5 Wonen en Werken | Woningen | Bron 5  Verkeersnetwerk

RmSzgo19XNmz (02 februari 2024)

Emissie NH₃

Emissie NOₓ

0,2 kg/j 0,1 kg/j

7,5 kg/j 6,1 kg/j 9,0 g/j 2,9 kg/j

3/7

Projectberekening

Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.

500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald

Grootste toename (projectberekening) Grootste afname (projectberekening) Hoogste totaal (achtergrond + projectberekening)

De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). RmSzgo19XNmz (02 februari 2024)

4/7

Projectberekening

Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Aanleg- & gebruiksfase" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)

Totaal

RmSzgo19XNmz (02 februari 2024)

-

Hoogste totale Met toename Grootste depositie (mol (ha gekarteerd) toename (mol N/ha/jr) N/ha/jr)

-

-

-

Met afname (ha Grootste afname gekarteerd) (mol N/ha/jr)

-

-

5/7

Projectberekening

Aanleg- & gebruiksfase, Rekenjaar 2024 1

Wegverkeer | Weg

Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer

Gebruiksfase X:67606,22 Y:427505,72 919,80 m Binnen bebouwde kom (doorstromend) Beide richtingen 1 Normaal 0m

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 2

Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

Wegverkeer | Weg

Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer

Aanlegfase + afvalinzameling X:67623,41 Y:427351,63 421,02 m Binnen bebouwde kom (doorstromend) Beide richtingen 1 Normaal 0m

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 3

Max. snelheid

Max. snelheid

Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

Links Rechts NOₓ 2,7 kg/j Type scherm - - NO₂ 0,4 kg/j Hoogte - - NH₃ 0,1 kg/j Afstand tot de weg - -

Aantal voertuigbewegingen

In file

30,5 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal

0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %

Links Rechts NOₓ 0,3 kg/j Type scherm - - NO₂ 72,2 g/j Hoogte - - NH₃ 5,4 g/j Afstand tot de weg - -

Aantal voertuigbewegingen

In file

60,0 /jaar 52,0 /jaar 122,0 /jaar 0,0 /jaar

0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %

Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning

Naam Locatie Oppervlakte Naam

Mobiele werktuigen aanlegfase X:67646,45 Y:427298,14 1,03 ha

Stageklasse

NOₓ NH₃

Brandstof­verbruik

graafmachine Stage-V, >= 2019 , 75-560 kW, diesel, SCR: 776 l/j ja mini-graver Stage-V, >= 2019 , <= 56 kW, diesel, SCR: 288 l/j nee

RmSzgo19XNmz (02 februari 2024)

7,5 kg/j 0,2 kg/j

Draaiuren AdBlue verbruik

80 u/j

120 u/j

54 l/j

Stof Emissie

NOₓ

1,2 kg/j NH₃ 0,2 kg/j NOₓ 6,4 kg/j NH₃ 2,2 g/j

6/7

Projectberekening

4

Wonen en Werken | Recreatie

Naam propaangebruik Uittreedhoogte campers Warmteinhoud Locatie X:67646,56 Spreiding Y:427298,29 Oppervlakte 0,95 ha Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Continue Emissie 5

Wonen en Werken | Woningen

Naam Bron 5 Uittreedhoogte Locatie X:67711,77 Warmteinhoud Y:427263,73 Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Continue Emissie

3,0 m 0,002 MW 2m

NOₓ

6,1 kg/j

4,0 m 0,002 MW

NOₓ

9,0 g/j

Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2023.1_20231207_46ea8e9191 Database versie 2023.1_46ea8e9191_calculator_nl_stable Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/

RmSzgo19XNmz (02 februari 2024)

7/7

Figuur 3. Overzicht van de indeling van de camperplaats.

Resultaten Soorten bescherming Op basis van de gegevens uit het bureauonderzoek, het veldbezoek en de aanwezige biotopen is een inschatting gemaakt met betrekking tot het (mogelijk) voorkomen van beschermde soorten onder de Wet natuurbescherming. Deze worden hieronder per soortgroep behandeld. Flora Veel planten waren ten tijde van het veldbezoek nog niet zichtbaar boven de grond. Daarnaast is een groot gedeelte van het plangebied gemaaid, waarbij alle planten kort waren. Determinatie van de plantensoorten is uitgevoerd voor de soorten die al zichtbaar waren in rozetvorm of net op kwamen. De volgende soorten zijn gedetermineerd, Grote ereprijs Veronica persico, Paarse dovenetel Lamium purpureum, Zacht ooievaarsbek Geranium malle, Akkervergeet-mij-nietje Myosotis arvensis, Kleefkruid Galium aparine, Kleine veldkers Cardamine hirsuta, Grote brandnetel Urtica dioica, Boerenwormkruid Tanacetum vu/gare, Gewone smeerwortel Symphytum officinale, Braam, Rubus spec., Schietwilg Salix alba, Eenstijlige meidoorn Crataegus monogyna, Hondsroos Rosa canina, Vlier Sambucus nigra, Riet Phragmites australis en diverse soorten grassen. De strikt beschermde soorten van de Wet natuurbescherming komen niet voor in de direct omgeving van het plangebied.

De aanwezigheid van beschermde plantensoorten kan uitgesloten worden op basis van habitatvoorkeuren en de grote afstand van een bronpopulatie tot het plangebied. Er kan niet uitgesloten worden dat er Rode lijst soorten zoals Geelhartje Linum catharticum, Heemst Althaea officinalis, Kattendoorn Ononis spinosa subsp. spinosa, Kleine ratelaar Rhinanthus minor en Rode ogentroost Odontites vernus subsp. serotinus groeien. Deze Rode lijst soorten zijn niet beschermd in de Wet natuurbescherming, maar in het ontwerp van de camperplaats kan hier wel rekening mee gehouden worden.

bSR-notitie 2808 - Ouick scan aanleg camperplaats Heliushaven Hellevoetsluis

4 / 19

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14209440/1