CConstaterende datVoorne aan Zee
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage inspreektekst mevrouw van Driel 213005 Land met een plan Perspectief 2121 Issue 1 DEC 2021 int-gecomprimeerd

Commissie Ruimte 15 januari 2025, gemeente Voorne aan ZeeBij agendapunt: Spreekrecht20.709 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

# 1 / DEC 2021

Veranderend landschap The changing landscape Ontwerpen voor de toekomst Designing for the future

LAND MET EEN PLAN is een nieuwe blik op de toekomst van Nederland. Ontwikkeld vanuit het idee dat we de grote transities in ontwerpend onderzoek moeten verbeelden en testen om tot een handelingsperspectief te komen. Het is inmiddels wel duidelijk dat we ook in de best ontworpen, best beschermde en meest welvarende metropool ter wereld vaart moeten maken. Het is cruciaal om expertise te bundelen en snel antwoorden te formuleren. Deze oproep om een Land met een Plan te worden hebben wij in gesprek met velen geformuleerd. Bijzonder waren de samenwerking en gesprekken met Jan Rotmans, tijdens het schrijven van zijn boek “Omarm de Chaos” ; waar de strijd om de ruimte in de komende eeuw van grote transities een belangrijke plaats heeft.

Jan noemt Land-met-een -Plan vaak een “uit de hand gelopen hobby’; maar weet ook dat het inmiddels veel meer is dan dat, en wij willen hem daar zeer voor bedanken. Dat geldt ook voor de “Meer Wel”denktank, waarmee we, binnen het rijke palet aan suggesties voor de komende regering(en) samen voorstellen hebben gemaakt betreffende de ruimte die Nederland de komende eeuw nodig heeft. Vanuit de gedachte dat Land met een Plan worden gaat om een pad; het ontwikkelen , verbeelden én verbinden van vele ideeën en oplossingen voor dezelfde transitie-uitdagingen, hebben beide processen ons verrijkt en gesterkt in ons gedachtenproces.

7 DEC 2021 | 15:00 – 19:00 inloop vanaf 14:30 uur | VAN NELLE FABRIEK - KOFFIEBRANDERIJ

VOOR WOORD FOREWORD

INHOUD CONTENT

4

HOE WORDEN WE GOEDE VOOROUDERS

10

NEDERLAND IN 2121

38 ATLAS

54

GROENE WAARDE

CIRCULAIR BOUWEN © Omslagfoto Biesbosch: Siebe Swart

Vier detectoren kunnen samen golflengtes in het infrarood, zichtbaar licht en ultraviolet waarnemen. Zo ziet Tropomi de belangrijkste bestanddelen van de dampkring, waaronder ozon, stikstofdioxide, zwaveldioxide, koolmonoxide, methaan, formaldehyde en aërosolen. Tropomi bracht direct na de lancering glashelder in beeld wat we eigenlijk al wisten: de concentratie van stikstofoxides boven Nederland is veel te hoog. Twee jaar later greep de Raad van State in en werden naar schatting 18.000 bouw- en infrastructuurprojecten stilgelegd. De stikstofcrisis was een feit. We moeten beter kijken. En we moeten verder kijken. Voor u ligt het eerste magazine uit een reeks over de toekomst van Nederland. In dit blad kijken we 100 jaar vooruit. Science fiction uiteraard, maar toch vinden we het belangrijk om met u een poging te wagen de wereld van de volgende generaties te in beeld te brengen. We werken aan een Atlas, waarvan u de eerste kaarten aantreft in dit magazine. Jana de Heer roept in haar artikel op tot het verbreden van ons perspectief. Zoom uit en vraag je af: hoe worden we goede voorouders? Gijs van den Boomen beschrijft in het hoofdartikel de grote transities en hun impact op onze ruimte. Hij schetst een toekomstbeeld voor de Nederlandse delta die ingrijpend zal veranderen.

Hoe bereiden we ons voor op deze onvermijdelijke transities en hoe werken we er naartoe dat Nederland een begeerlijk plek blijft om te leven? Michael de Beer schrijft over Groene waarde en Rogier Mentink laat in zijn artikel over circulair bouwen zien hoe de bouwsector zichzelf opnieuw moet uitvinden.

CHECK ONZE WEBSITE

PERSPECTIEF2121 Land met een plan

56

In de duinen van Noordwijk werd in 2017 de laatste hand gelegd aan Tropomi, een satellietinstrument van ESA dat wereldwijd onze luchtkwaliteit onderzoekt. Tropomi kijkt dag in dag uit naar de atmosfeer van onze aarde met betere camera’s dan ooit tevoren.

3

FOREWORD In the dunes of Noordwijk in 2017, the finishing touches were put on Tropomi, an ESA satellite instrument that studies our air quality worldwide. Tropomi looks at our Earth's atmosphere day in and day out with better cameras than ever before. Four detectors can together observe wavelengths in the infrared, visible light and ultraviolet. Thus, Tropomi sees the major constituents of the atmosphere, including ozone, nitrogen dioxide, sulfur dioxide, carbon monoxide, methane, formaldehyde and aerosols. Immediately after its launch, Tropomi made crystal clear what we actually already knew: the concentration of nitrogen oxides over the Netherlands is far too high. Two years later the Council of State intervened and an estimated 18,000 construction and infrastructure projects were halted. The nitrogen crisis was a fact. We have to look harder. And we must look further. This is the first journal in a series on the future of the Netherlands. In this journal we look 100 years ahead. Science fiction, of course, but we still think it's important to join you in an attempt to visualize the world of future generations. We are working on an Atlas, the first maps of which you will find in this journal. In her article, Jana de Heer calls for broadening our perspective.

Zoom out and ask yourself: how do we become good ancestors? Gijs van den Boomen describes in the main article, NL 2121, the major transitions and their impact on our space. He outlines a future picture for the Dutch delta that will change dramatically. How do we prepare for these inevitable transitions and how do we ensure that the Netherlands remains a desirable place to live? Michael de Beer writes about Green Value and Rogier Mentink's article on Circular Construction shows how the construction sector needs to reinvent itself.

 Fig. 3 Tropomi NO2 scan

LANGE TERMIJN VISIES LONG TERM VISIONS

Nederland heeft geen Plan B. Dat schreef Rolf Schuttenhelm twee jaar geleden in Vrij Nederland in een artikel over zeespiegelstijging. Hij constateerde dat de specialisten hun zorgen vooral uiten binnen de eigen kring. Maar wat zijn de ideeën als het (veel) sneller gaat dan we eerder dachten? Vaktijdschrift de Blauwe Kamer pakte de handschoen op en bracht in beeld hoe de vakwereld aankijkt tegen de vraag of het Nederland zoals we dat nu kennen wel te handhaven is. Naast de toekomstscenario’s van Deltares, de WUR en studies van het ministerie van Binnenlandse Zaken leidde dat tot een beeld van een grillige en zeer ingewikkelde opgave. Mark Hendriks herleidde de oogst van de Blauwe Kamer tot vier strategieën: aanvallers, ruilverkavelaars, radicale poëten en doemdenkers.

The Netherlands has no Plan B. That is what Rolf Schuttenhelm wrote two years ago in Vrij Nederland in an article about sea level rise. He noted that the specialists expressed their concerns mainly within their own circles. But what are the ideas if it goes (much) faster than we previously thought? Trade magazine De Blauwe Kamer took up the gauntlet and presented the professional world's view of whether the Netherlands as we know it can be maintained. Alongside future scenarios from Deltares, the WUR and studies from the Ministry of the Interior, this led to a picture of a capricious and very complex task. Mark Hendriks reduced the harvest of the Blue Room to four strategies: attackers, land consolidators, radical poets and doomsayers. https://www.blauwekamerezine.nl/ezine-2019-8/

4

 Fig. 7 Nederland in 2120 Wageningen University & Research

 Fig. 8 Delta Plan X ZUS

 Fig. 4 Adaptatiestrategieen zeespiegelstijging Deltares  Fig. 5 Een nieuw tijdperk BRO  Fig. 6 Nederland in 2300 VE-R

 Fig. 9 De Haakse Zeedijk Dick Butijn  Fig. 10 Plan B LOLA Landscapes

PERSPECTIEF2121 Land met een plan

5

HOE WORDEN WE GOEDE VOOROUDERS HOW DO WE BECOME GOOD ANCESTORS

JANA DE HEER_ De relatie van de mensheid met onze planeet is als die van een patiënt die een terminale diagnose krijgt, maar zelf nog amper de symptomen ondervindt. Ontkenning is dan de voor de hand liggende reactie, zeker als de te nemen maatregelen om het onheil af te wenden drastisch en pijnlijk zijn.

6

JANA DE H EER_ Humanity's

relationship with our planet is that of a patient who receives a terminal diagnosis, but barely experiences the symptoms themself. Denial is then the understandable reaction, especially when the measures to be taken to avert the calamity are drastic and painful.

Vandaag onze verantwoordelijkheid nemen wordt eenvoudiger, als we ons beter kunnen voorstellen hoe de wereld van morgen eruit zal zien. Het schetsen van een lange termijn perspectief kan daarbij helpen, zowel in negatieve als in positieve zin. Zo’n perspectief kan bijvoorbeeld de consequenties van ‘niets doen’ in beeld brengen. Maar het kan ook inzichtelijk maken wat positieve effecten kunnen zijn van maatregelen, die we vandaag liever nog even voor ons uitschuiven.

Lange termijn De uitdaging van het duurzaamheidsvraagstuk is de lange termijn waarmee het gepaard gaat. Sommige gevolgen van de klimaatcrisis manifesteren zich pas over tien tot twintig jaar. Zo concludeert het meest recente IPCC-rapport (2021) dat we de grens van 1,5 graad opwarming binnen 20 jaar zullen overschrijden en dat scenario’s richting de 3 graden steeds waarschijnlijker worden. Die grens is niet voor niets gesteld tijdens het Parijs Akkoord in 2015. Hieronder blijven is essentieel voor het beheersbaar houden van de opwarming van de aarde en het voorkomen van een domino-effect en het passeren van een “point of no return”. Met andere woorden: de effecten van klimaatveranderingen zijn naar verwachting, op het moment dat ze echt voelbaar worden, al onomkeerbaar en onherstelbaar. Deze conclusie is angstaanjagend. Toch staan we daar niet altijd bij stil. We zijn erg gericht op de dag van vandaag. Ondanks een niet aflatende stroom aan alarmerende berichten wordt de urgentie van iets wat ons over 10 of 20 jaar staat te gebeuren minder snel gevoeld. De zorgen van morgen verdwijnen naar de achtergrond omdat mensen zich afvragen: klopt het wel? En wat kan ik eraan doen?

Druppel op een gloeiende plaat

Long term The challenge of the sustainability is the long term period that it is associated with. Some consequences of the climate crisis will not manifest for another ten to twenty years. The most recent IPCC report (2021) concludes that we will exceed the 1.5 degree warming within 20 years and scenarios towards 3 degrees are increasingly likely. This limit was set during the Paris Agreement in 2015 for a good reason. Staying below the limit is essential for keeping global warming manageable and preventing a domino effect that will take us past a point of no return. In other words, the effects of climate change are expected to be, by the time they are really felt, already irreversible and irreparable. This conclusion is frightening. Yet we don't always dwell on it. We are very focused on the present day. Despite a relentless stream of alarming news, the urgency of something about to happen to us in 10 or 20 years is less readily felt. Tomorrow's worries fade into the background as people ask themselves: does this make sense? And what can I do about it?

Drop in the ocean Another long-term challenge is the application and effectiveness of measures. In the Netherlands, for example, we have made the choice to phase out the use of natural gas. This cannot be done all at once, but is rolled out over a period of decades. Again, it is difficult to feel the urgency. Why should I spend a large part of my savings tomorrow on making my house gasless if that gas tap will not close until 2040 or later?

PERSPECTIEF2121 Land met een plan

 Fig. 11 EU bebost gebied EU forested area

Een andere lange termijn uitdaging is de toepassing en effectiviteit van maatregelen. Zo hebben we in Nederland bijvoorbeeld de keuze gemaakt om het gebruik van aardgas uit te faseren. Dat kan niet in een keer gebeuren, maar wordt uitgerold over een periode van tientallen jaren. Ook hier is het moeilijk om de urgentie te voelen. Waarom zou ik morgen een groot deel van mijn spaargeld uitgeven aan het gasloos maken van mijn huis als die gaskraan pas in 2040 of later dicht gaat?

Taking responsibility today becomes easier if we can better imagine what tomorrow's world will look like. Outlining a long-term perspective can help, both negatively and positively. Such a perspective can, for example, visualize the consequences of 'doing nothing'. But it can also provide insight into the positive effects of measures that we would rather put off until later.

7

Een bijkomende uitdaging is de grote schaal waarop maatregelen nodig zijn. Het kan voelen als een druppel op een gloeiende plaat om maatregelen toe te passen zoals het isoleren van je huis. Kleine maatregelen als het licht uitdoen als je een kamer verlaat of je plastic braaf scheiden lijken triviaal op de schaal van grote wereldproblemen. Deze gedachte kan demotiverend werken. Ten onrechte, want alle kleine stapjes hebben samen een groot effect. Maar daar hoort ook een overheid bij die verantwoordelijkheid neemt en harde keuzes durft te maken. Daarbij kunnen maatregelen richting grote vervuilers niet uitblijven.

An additional challenge is the large scale of action required. It can feel like a drop in the ocean to apply measures like insulating your home. Small measures such as turning off the lights when you leave a room or bravely separating your plastic seem trivial on the scale of large world problems. This thought can be demotivating. Wrongly so, because all the small steps together have a big effect. But this also requires a government that takes responsibility and dares to make hard choices. Measures aimed at large polluters are essential in this respect.

Geld in het water gooien

Throwing money down the drain

Investeringen die Nederland moet doen om een voorloper te worden op het gebied van de klimaateconomie (waarin duurzaam wonen, reizen en eten centraal staat) werpen hun vruchten pas af op een lange termijn. Dit maakt het moeilijk voor politici en beleidsmakers om deze investeringen hoog op de agenda te zetten. Ook hier weer kan het gevoel opspelen, dat we geld in het water gooien. Tegenwoordig krijgen we gelukkig ook steeds meer inzicht in de kosten van niets doen. Dan blijkt dat dat absoluut geen optie is. Hoe hoger de opwarming, hoe groter de schade aan natuurlijke systemen en uiteindelijk ook aan de wereldeconomie. Volgens verschillende onderzoeken kan met het wél voeren van klimaatbeleid daarom wereldwijd grote economische schade worden voorkomen. Als de opwarming beperkt blijft tot 1,5 graad (ten opzichte van onbegrensde opwarming), bespaart dat tot het jaar 2200 een totale schadepost van 496 biljoen dollar - een bedrag dat bijna zes keer zo hoog is als de totale huidige waarde van de wereldeconomie!1

Investments that the Netherlands needs to make to become a forerunner in the climate economy (in which sustainable living, travel and eating are central) only bear fruit in the long term. This makes it difficult for politicians and policymakers to put these investments high on the agenda. Again, the feeling can arise that we are throwing money down the drain. Fortunately, these days we are gaining more and more insight into the costs of doing nothing. It then becomes clear that this is absolutely not an option. The higher the warming, the greater the damage to natural systems and ultimately to the global economy. According to various studies, major economic damage can therefore be prevented worldwide if climate policy is implemented. If warming is limited to 1.5 degrees (compared to unlimited warming), this would save a total of $496 trillion in damages up to the year 2200 - an amount almost six times greater than the total current value of the world economy!1

Goede voorouders

1 The human imperative of stabilizing global climate change at 1.5° C, Science 20 Sep 2019

8

De legendarische uitspraak van Barack Obama bevat meer waarheid dan ooit: ‘Wij zijn de eerste generatie die de gevolgen van klimaatverandering aan den lijve ondervindt, en de laatste die er iets aan kan doen.’ Ieder IPCC-rapport heeft conclusies die meer deprimerend zijn over de klimaatprognoses dan de vorige. Het is echt nu of nooit. De enige echte optie is de moed verzamelen die nodig is om de nodige veranderingen in gang te zetten.

Good ancestors Barack Obama's legendary statement contains more truth than ever: "We are the first generation to suffer the consequences of climate change, and the last to do anything about it. Each IPCC report has conclusions that are more depressing about climate projections than the last. It really is now or never. The only real option is to muster the courage needed to initiate the necessary changes.

De crux in het klimaatverhaal is verbreding van ons perspectief. Zoom uit en vraag je af: hoe worden we goede voorouders? Dit is de echte vraag die we onszelf moeten stellen. De revolutionaire keuzes die nodig zijn in de politiek, het bedrijfsleven en in de samenleving nemen we niet alleen voor onszelf. De enorme investeringen die gedaan moeten worden, doen we om te voorkomen dat we een wereld van schaarste en oorlog achterlaten. We doen het voor onze kinderen en kleinkinderen. In zijn boek De goede voorouder bepleit politicoloog Roman Krznaric dan ook dat toekomstige generaties een stem moeten krijgen bij de politieke beslissingen van nu. De essentie van duurzaam handelen is prachtig verwoord door Louis Sebastien Mercier: “Het planten van een boom is een daad van geloof in het leven, een daad van vertrouwen in de toekomst, een daad van liefde jegens de toekomstige generaties die van de vruchten ervan zullen genieten wanneer wij niet meer zullen zijn.”

Ricke, K., Drouet, L., Caldeira, K. et al. Country-level social cost of carbon. Nature Clim Change 8, 895–900 (2018). Groter denken, kleiner doen: een oproep. Tjeenk Willink (2018) De goede voorouder, Lange termijn denken voor een korte termijn wereld. Roman Krznaric (2021)

De duurzame weg is misschien een lastig parcours, maar het is ook een hoopvol perspectief. We zien soms onvermoede veerkracht waarbij schade kan worden teruggedraaid en gebieden zich kunnen herstellen. We zien hoe snel nieuwe schone technologieën zich kunnen verspreiden. Ook zijn er hoopgevende economische voorbeelden. Velen verklaarden de Denen voor gek toen ze tientallen jaren geleden al gingen investeren in de ontwikkeling van windenergietechnologie. Raad nu maar eens waar een groot deel van de turbines in onze Noordzee en polders vandaan komen..? Precies. Als we het lef hebben om vooruit te denken, ontstaan ook nieuwe kansen. •

The crux of the climate story is broadening our perspective. Zoom out and ask yourself: how do we become good ancestors? This is the real question we need to ask ourselves. The revolutionary choices that are needed in politics, business and society are not something we take for ourselves alone. We are making the huge investments that need to be made so that we do not leave behind a world of scarcity and war. We do it for our children and grandchildren. In his book The Good Ancestor, political scientist Roman Krznaric therefore argues that future generations should have a voice in today's political decisions. The essence of sustainable action was beautifully expressed by Louis Sebastien Mercier: "Planting a tree is an act of faith in life, an act of confidence in the future, an act of love toward future generations who will enjoy its fruits when we will be no more." The sustainable path may be a difficult course, but it is also a hopeful perspective. We sometimes see unsuspected resilience where damage can be reversed and areas can recover. We see how quickly new clean technologies can spread. There are also hopeful economic examples. Many declared the Danes crazy when they started investing in the development of wind power technology decades ago. Now guess where much of the turbines in our North Sea and polders come from...? Exactly.

If we have the guts to think ahead, new opportunities also arise. •

PERSPECTIEF2121 Land met een plan

We krijgen gelukkig ook steeds meer inzicht in de kosten van niets doen.

9

NEDERLAND IN 2121 THE NETHERLANDS IN 2121

10

 Fig. 12 Perspectief 2121

GIJS VAN DEN BOOMEN_ Five years ago, together with KuiperCompagnons, we presented the so-called VerzichtNL. It was a finger exercise about the possible spatial planning of the Netherlands in the far future, produced on the occasion of 100th anniversary of our firm.

Nu is het de hoogste tijd om dit vergezicht te actualiseren

Now is the time to update this view.

PERSPECTIEF2121 Land met een plan

GIJS VAN DEN BOOMEN_ Vijf jaar geleden presenteerden we met KuiperCompagnons het zogenoemde VergezichtNL. Het was een vingeroefening over de mogelijke ruimtelijke inrichting van Nederland in de verre toekomst, vervaardigd ter gelegenheid van ons honderdjarig bestaan.

11

12

De aanleiding toen – het bieden van ruimtelijke antwoorden op de grote transities waarvoor we staan, plus het combineren van doordachte en verleidelijke langetermijnvisies met concrete beslissingen en acties – geldt nog steeds. Sterker nog, de roep om met planning en ontwerp grote opgaven en veranderingen in goede banen te leiden klinkt alleen maar luider. Architecten, stedenbouwkundigen, planologen en landschapsarchitecten kunnen immers als ‘verbeelders’ een nu nog ondenkbare ruimtelijke toekomst voorstelbaar maken, door schetsen te maken, verhaallijnen te bouwen en handreikingen te doen. Om zo Nederland te gidsen naar een welvarende, veilige en robuuste toekomst.

The reason back then – offering spatial responses to the major transitions we face, plus combining thoughtful and seductive long-term visions with concrete decisions and actions – still applies. In fact, the call for planning and design to steer major tasks and changes in the right direction is only getting louder. After all, architects, urban planners, planners and landscape architects, as 'imaginers', can visualize a spatial future that is still unimaginable, by making sketches, building storylines and providing assistance. To guide the Netherlands towards a prosperous, safe and robust future.

Die gidsfunctie is hard nodig ook. Natuurlijk, onze ligging in de rivierdelta van de Noordwest-Europese laagvlakte heeft ons geen windeieren gelegd. Het gematigde en stabiele klimaat heeft ons eeuwenlang in de gelegenheid gesteld om onze welvaart gestaag uit te bouwen. Parallel hieraan nam de controle over onze omgeving – lees: onze ruimte, het landschap, de natuurlijke processen – zienderogen toe. Dit uitte zich in een ultiem en fijnmazig stedelijk netwerk dat ons door de eeuwen heen grote economische kansen bood, ingebed in een ingenieus water- en dijkensysteem dat de delta veilig en aangenaam hield. Het fossiele tijdperk gaf daaraan een enorme boost. Nog meer verbondenheid, nog meer middelen om onszelf te ontwikkelen.

The guiding is also badly needed. Of course, our location in the river delta of the Northwest European Plain is certainly good to us. The moderated and stable climate has enabled us to steadily build our prosperity for centuries. Next to this, control over our environment – read: our space, the landscape, the natural processes – increased noticeably. This was expressed in an ultimate and intricate urban network that offered us great economic opportunities over the centuries, embedded in an ingenious water and dike system that kept the delta safe and pleasant. The fossil era gave this a huge boost. Even more connection, even more resources to develop ourselves.

Maar dit succes kan tot zelfgenoegzaamheid leiden, zeker als we het groeiend aantal onzekerheden en de vele veranderingen – die zich, nu het einde van het koolstoftijdperk nadert, beginnen op te stapelen – niet serieus nemen. Dat zou meer dan onwenselijk zijn, want juist door de ligging in die goed ontworpen, veilige en welvarende delta zijn we kwetsbaarder dan ooit. Het behoeft geen nadere toelichting dat we nu antwoorden moeten formuleren op uitdagingen die we tot voor kort niet voor mogelijk hielden. Klimaatverandering is geen abstract doemscenario meer, we kampen met een structureel gebrek aan grondstoffen, de intensieve landbouw blijkt in zijn huidige vorm niet langer houdbaar, de biodiversiteit holt achteruit en de kwaliteit van leven staat op steeds meer plaatsen onder druk.

But this success can lead to selfsatisfaction, especially if we don't take seriously the growing number of uncertainties and the many changes that are beginning to pile up as the end of the carbon age approaches. That would be more than undesirable, just because we are located in a well-designed, safe and prosperous delta that we are more vulnerable than ever. It goes without saying that we now have to formulate answers to challenges that we did not think possible until recently. Climate change is no longer an abstract nightmare scenario, we are faced with a structural shortage of raw materials, unsustainable intensive agriculture, a declining of biodiversity and the quality of life is under pressure in more and more places.

We kunnen dus niet anders dan de inrichting van onze ruimte én onze maatschappij drastisch herzien. En dit kan alleen als we andere en duidelijke keuzes durven maken, als we daadkrachtig en radicaal durven zijn. Daarvoor biedt dit magazine een eerste aanzet – met schetsen, kaarten en voorbeelden proberen we in beeld te brengen hoe de Nederlandse ruimte in de komende honderd jaar vorm kan krijgen. Daarbij staat lang niet alles, want ja, veel is onzeker. En toch is het noodzakelijk om een ‘land met een plan’ worden. Geen plan in de traditionele zin van het woord, geen blauwdruk, maar een handelingsperspectief, een blik op een toekomst die we willen nastreven. Hoe flexibel ook en ongeacht het grote aantal onbekende variabelen, zo’n plan is niet alleen een herkenning, maar ook een erkenning van gezamenlijke thema’s, vraagstukken en opgaven, van hun samenhang en van de urgentie om hiervoor samen oplossingen te formuleren. Overheden, marktpartijen, maatschappelijke organisaties en burgers hebben de plicht om het verlangen naar woon- en leefkwaliteit – die door de coronacrisis alleen maar is versterkt – in de komende decennia veilig te stellen.

We therefore have no choice but to drastically transform our spatial organization and our society. And this is only possible if we dare to make different and clear choices, if we dare to be decisive and radical. This journal offers a first step towards it – with sketches, maps and examples we try to visualize how the Dutch space can be shaped in the next hundred years. Not everything is stated here, because of course a lot of things are uncertain. And yet it is necessary to become a 'country with a plan'. Not a plan in the traditional sense, not a blueprint, but a perspective for an action, a view of the future that we want to aspire to. Regardless of the flexible and the large number of unknown variables, this plan is not only a dedication, but also a recognition of common themes, issues and tasks. These issues are interrelated and very urgent, we can find solutions for these together. Governments, the market, social organizations and citizens have a duty to safeguard the desire for housing and living quality in the coming decades, this has only been reinforced by the corona crisis.

Het is noodzakelijk om een land met een plan te worden There is one more comment: Very often spatial visions are based on technical drivers, such as demographic calculations, spatial claims, dispersion patterns and principles such as the layers approach. However, the question of: what kind of society we want to have plays very little role here, while the physical space of our cities and landscapes should be an expression of this. That is why, in this exercise, we also try to focus explicitly on health problem and inequality of opportunity, but also on the financial and economic forces - such as the housing crisis. Price increases due to low interest rates and the mortgage interest deduction, speculation with real estate and building land, sale of social rental homes.

PERSPECTIEF2121 Land met een plan

Daarbij geldt nog een kanttekening. Al te vaak zijn ruimtelijke visies gebaseerd op technische drijfveren, zoals demografische berekeningen, ruimteclaims, verspreidingspatronen en principes als de lagenbenadering. De vraag wat voor samenleving we willen zijn speelt hierbij nauwelijks een rol, terwijl de fysieke inrichting van onze steden en landschappen daar eigenlijk een uitdrukking van zou moeten zijn. Daarom ook onze poging om in deze exercitie nadrukkelijk stil te staan bij gezondheid en kansenongelijkheid, maar ook bij de financiële en economische krachten die bijvoorbeeld de woningcrisis domineren: prijsopdrijving door lage rentestanden en de hypotheekrenteaftrek, speculatie met vastgoed en bouwgrond, verkoop van sociale huurwoningen.

13

 Fig. 13 Kinderdijk

I.

DE TRANSITIES EN HUN IMPACT OP ONZE RUIMTE THE TRANSITIONS AND THEIR IMPACT ON OUR SPACE Steeds meer mensen zijn op zoek naar steeds meer welvaart op een manier die de planeet niet langer aankan. De impact van klimaatverandering zal fors zijn. Afkicken van fossiele brandstoffen dempt dit effect enigszins, maar het is niet genoeg. We moeten ons voorbereiden op extreme weersomstandigheden, een stijging van de zeespiegel, hogere waterpeilen in onze rivieren, hetere zomers en verdroging en verzilting van landbouw- en natuurgronden. De uitputting van grondstoffen vraagt om een herziening van productiewijzen en consumentengedrag. Besparing, hergebruik, herbestemming en herontwikkeling van materialen en energie worden de norm. De landbouw moet om naar natuurinclusieve vormen van voedselproductie, de sociale agenda – met daarop de groeiende kloof tussen arm en rijk – verdient meer dan ooit onze aandacht.

More and more people are looking for more prosperity in a way that the planet can no longer handle. The impact of climate change will be significant. Running fossil fuels out somewhat dampens this effect, but it is not enough. We must prepare for extreme weather conditions, rising sea level, higher water levels in our rivers, hotter summers and drought and salinization of agricultural and natural lands. The depletion of raw materials requires reflection on our way of production and consumption. Materials and energy should be saved, reused, repurposed and redeveloped. Agriculture must switch to nature-inclusive production. The social agenda should increase more focus on the growing gap between rich and poor. These issues deserve our attention more than ever.

Oplossingen liggen in 'meekoppelen'

14

CHECK ONZE WEBSITE

De kaarten in onze Atlas zijn dynamisch. Ze laten belangrijke transities zien van de Nederlandse ruimte.

LANDMETEENPLAN.NL

 Fig. 14 Scenario's voor de stijging van de zeespiegel en de bodemdaling in de komende eeuw. Sea level rise and soil subsidence scenarios for the coming century. Bronen / References: IPCC 2021, IPCC 2019, KNMI 2021/ NASA 2021 / SWECO 2019

Omdat al deze transities, ontwikkelingen en ontwikkelingen ruimte vragen, wordt het dringen geblazen. Oplossingen liggen in het ‘meekoppelen’ van functies en in meervoudig ruimtegebruik op dezelfde vierkante meters. Maar ook in de intensivering van het landgebruik zelf. Een flink deel van de vraagstukken moet worden opgelost in de gebouwde omgeving. Aangezien die een planvormingen investeringscyclus heeft van tientallen jaren, moeten we nú beginnen. Door huizen, gebouwen en gebieden leefbaar, gezond, veilig, sociaal, energieneutraal en circulair te maken. Met bruggen, wegen, tunnels, sluizen en rioleringsstelsels die bestand zijn tegen klimaatverandering. Met een digitale infrastructuur die slim, veilig en optimaal is en anticipeert op voortschrijdende technologische ontwikkelingen. In het landelijk gebied vragen waterberging en -veiligheid, nieuwe natuur, extensieve landbouwteelten, de introductie van bos en energiewinning om voorrang. Op de hogere zandgronden komt daar een extra verstedelijkingsvraag bij.

Klimaatverandering Ondanks mondiale inspanningen om de opwarming van de aarde tegen te gaan, zal het klimaat de komende jaren hoe dan ook veranderen. Dit heeft grote consequenties voor Nederland – denk aan de bescherming tegen een stijging van de zeespiegel, maar ook de dreiging vanuit de rivieren. Een zorgelijk effect van klimaatverandering is dat grote hoeveel-

Because all these transitions and developments require space, it is very urgent. Solutions lie in the 'linking' functions and multiple uses of space, but also in the intensification of land use itself. A large part of the issues must be solved in the built environment. Since planning and investment takes decades, we have to start now. By making houses, streets and neighborhoods livable, healthy, safe, social, energy neutral and sustainable. With bridges, roads, tunnels, locks and sewage systems that are resistant to climate change. With a digital infrastructure that is smart, safe and optimal and that anticipates advancing technological developments. In rural areas, water storage and low flood risk, new nature, extensive agricultural production, forestry and energy production require priority. On the higher sandy soils, there is an additional demand for urbanization.

Climate change Despite global efforts to combat global warming, climate change is a fact and will continue in the coming years. This has major consequences for the Netherlands – think of coastal protection against rising sea level, but also the flood threat from the rivers. A worrying effect of climate change is , extreme events, such as deluges of rain on concentrated places. The infrastructure, drainage

SSP5.85

SSP1 -SSP3

PERSPECTIEF2121 Land met een plan

SSP5.85

15

 Fig. 15 Zeeland

16

heden regenwater op geconcentreerde plekken neerkomen. De infrastructuur, afvoerstelsels en ons planologisch instrumentarium zijn niet berekend op dergelijke clusterbuien. Een bijkomend probleem is dat in met name de veenweidegebieden de bodem daalt. Kortom, een revolutie in ons waterbeheer- en afwateringssysteem is nodig. De resultaten van die revolutie hebben belangrijke gevolgen voor de inrichting van het landschap en de openbare ruimte.

systems and our planning instruments are not designed for such heavy showers. An additional problem is that in peaty meadow areas in particular, the soil is subsiding. A revolution in our water management and drainage system is needed. The results of that revolution have important consequences for the landscape and public space planning and design.

Leven met water

Living with water

In onze omgang met water staat veiligheid vaak voorop – wat ook blijkt uit de missie van het Hoogwaterbeschermingsprogramma. Maar naast het keren van water moeten we ook investeren in aanvullende ‘actielijnen’, zoals het bieden van meer ruimte aan het water en het slim en adaptief inrichten van steden en landschappen.

Safety often comes first in dealings with water – which is also apparent from the mission of the Flood Protection Program. But in addition to reversing water, we also need to invest in additional 'lines of action', such as offering more space to the water and the smart and adaptive design of cities and landscapes.

In de komende eeuw zal het wel lukken om – soms met kunst en vliegwerk – onze delta veilig te houden. Maar zoals gezegd zullen hogere rivierstanden, extreme regenval en een stijgende zeespiegel vergaande consequenties hebben.

In the coming century it will be possible to keep our delta safe – probably with a lot of effort. But as mentioned, higher river levels, extreme rainfall and rising sea levels will have far-reaching consequences.

Naast het versterken van de kust- en dijkverdediging zal het vasthouden van water steeds belangrijker worden. Niet alleen om hoge waterstanden en piekbuien te bufferen, maar ook om in de veenweiden bodemdaling tegen te gaan en de beschikbaarheid van schoon en zoet water in perioden van droogte te garanderen –met name op de hoge zandgronden. Dit is zeker in het volgebouwde westen een serieuze uitdaging en legt een druk op de

In addition to strengthening the coastal and dike defenses, water retention will become increasingly important. Not only to buffer high water levels and peak rainfall, but also to prevent subsidence in the peaty meadows and to guarantee the availability of clean and fresh water in periods of drought, especially on the high sandy soils. This is a serious challenge, especially in the fully built-up west, and

 Fig. 16 Mobiliteit Mobility

buitendijkse woon- en werkgebieden. Het programma Ruimte voor de Rivier heeft aangetoond dat het verspreiden van water effectief is en bovendien tot prachtige natuur- en recreatiegebieden kan leiden.

gives pressure on the living and working areas outside the dikes. The Space for the River program has shown that distributing water is effective and can also lead to beautiful nature and recreational areas.

Energietransitie

Energy transition

Eeuwenlang dachten we dat onze energievoorraden onuitputtelijk zouden zijn. Als de ene grondstof eindig leek, diende de volgende zich aan. Hout → turf → kolen → olie → gas → uranium – steeds boorden we nieuwe bronnen aan. Inmiddels weten we, dankzij overvloedig wetenschappelijk bewijs, dat we met het in korte tijd opstoken van fossiele bronnen we het klimaat in negatieve zin beïnvloeden. De omslag naar duurzame en schone vormen van energie is onoverkomelijk. Maar dat vraagt wel om flink wat ruimte, niet alleen voor de winning, de opslag en het transport, maar ook om energieneutraal te bouwen mogelijk te maken.

For centuries we thought our energy supplies would be inexhaustible. As one resource seemed finite, the next appears. Wood → peat → coal → oil → gas → nuclear energy – we were always tapping new sources. But now we know, thanks to abundant scientific evidence, that burning fossil fuels in a short period of time gives huge negative impact on the climate. The transition to sustainable and clean energy is inevitable. But that requires a lot of space, not only for extraction, storage and transport, but also the energy-neutral construction.

Mobiliteit

Due to urbanization and economic growth, the demand for mobility – and the need for good roads, waterways and railways – will increase sharply in the coming years. However, climate discussions, energy transition and technological development show that people think differently about mobility. In addition demographic developments nfluence the demand for mobility. More people will soon live and work in the same

PERSPECTIEF2121 Land met een plan

Door verstedelijking en economische groei neemt de vraag naar mobiliteit – en de behoefte aan een goede weg-, water- en spoorinfrastructuur – de komende jaren fors toe. Wel maken klimaatdiscussies, energietransitie en technologische ontwikkeling dat anders gedacht wordt over mobiliteit. Ook demografische ontwikkelingen hebben invloed op de mobiliteitsvraag. Meer mensen wonen en werken straks in dezelfde stedelijke regio. Sterker nog, we moeten vooral inzetten op de

Mobility

17

 Fig. 17 Mobiliteitsnetwerk Mobility network

ontwikkeling van stedelijke knooppunten waar wonen, werken, recreëren en vervoer samenkomen. Alleen zo kan het autogebruik – en dus de uitstoot van CO2 – significant worden teruggedrongen. Het is dan wel noodzakelijk om stedelijke mobiliteitsnetwerken te innoveren en op te schalen naar regionale netwerken met nieuwe fiets- en metroverbindingen, flexibele mobiliteitsconcepten en lightrail. Mobility as a service, oftewel vervoer op maat en op afroep, is een onmisbare schakel tussen de werk- en woonplek en het vervoersnetwerk. In het landelijk gebied is het beschikbaar houden van (ov-)mobiliteit en infrastructuur een grote opgave. Investeringen in nieuwe en bestaande verbindingen blijven hard nodig. Ook hierbij geldt: slimmer, flexibeler, duurzamer en veiliger. Duurzame mobiliteit moet hand in hand gaan met een duurzame bouw en duurzaam gebruik van infrastructuur. Dat betekent dat de uitbreiding en vernieuwing van onze infrastructuur samen moet gaan met energiebesparing of – opwekking en volledig circulair gebruik van materialen. Daarnaast moeten technologische mogelijkheden nader verkend worden. Denk aan zelfrijdend vervoer, slim verkeersmanagement en energieneutrale netwerken .

18

urban region. In fact, we should focus primarily on the development of urban nodes where living, working, recreation and transport come together. Only in this way can car use – and therefore CO2 emissions – be significantly reduced. It is then necessary to innovate and scale up urban mobility networks to regional networks with new bicycle and metro connections, flexible mobility concepts and light rail. Mobility as a service, in other words customized and on-demand transport, is an indispensable link between the place of work and residence and the transport network. In rural areas, keeping (public transport) mobility and infrastructure available is a major task. Investments in new and existing connections are still urgently needed. The following also applies here: smarter, more flexible, more sustainable and safer. Sustainable mobility must go hand in hand with sustainable construction and sustainable use of infrastructure. This means that the expansion and renewal of our infrastructure must go together with energy saving or generation and a fully circular use of materials. In addition, technological possibilities need to be further explored. Think of self-driving transport, smart traffic management and energy-neutral networks.

Urbanization

De groei van onze steden is de meest omvangrijke en complexe opgave van dit moment. Steden zijn als ‘magneten’ voor mensen, bedrijven en investeringen, en daarmee zeer belangrijk voor de Nederlandse economie. De druk op de beschikbare ruimte en infrastructuurnetwerken loopt in hoog tempo op. Dit brengt extra uitdagingen met zich mee, maar biedt ook kansen om stedelijke gebieden te ontwikkelen tot veilige, bruisende, groene, veerkrachtige, gezonde en inclusieve leefplekken. Daarbij moeten we evenveel aandacht hebben voor de gevolgen die verste-

The growth of our cities is the most extensive and complex task at the moment. Cities are like 'magnets' for people, companies and investments, and are therefore very important for the Dutch economy. The pressure on the available space and infrastructure networks is increasing rapidly. This poses additional challenges, but also offers opportunities to develop urban areas into safe, vibrant, green, resilient, healthy and inclusive places to live. In addition, we must pay equal attention to the consequences that urbanization has for regions that are struggling with

PERSPECTIEF2121 Land met een plan

 Fig. 18 Het Nationale Woonplan voor 2030 geprojecteerd over de hoogtekaart van Nederland Overlaying the National Housing plan for 2030 and the height map of the Netherlands

Verstedelijking

19

 Fig. 20 Groene steden, transitie naar een betere leefomgeving Green cities, transition to a better living environment

delijking heeft voor regio’s die kampen met bevolkingskrimp. Het voorzien in hoogwaardige huisvesting, gezonde lucht en een veilige en bereikbare leefomgeving moet overal in Nederland voorop staan. De komende tien jaar moet ruimte gevonden worden voor naar schatting 900 duizend nieuwe woningen. In eerste instantie lijkt bouwen in binnensteden en binnen bestaand stedelijk gebied absoluut noodzakelijk. Verdichting en transformatie zijn onmisbaar om de ‘stedelijke renaissance’ die we doormaken tot een goed einde te brengen. Toch zal ook bouwen in het landelijk gebied nodig blijven. Overigens werkt de schijnbaar ideologische discussie over waar woningbouw moet plaats vinden – in de stad of in de wei – averechts. Het is raadzaam om te kijken wat er op lange termijn echt nodig is. Als het laaggelegen westen bijvoorbeeld zal vernatten, is de vraag niet zozeer of we moeten bouwen in het landschap of in de stad, maar hoe we de bestaande steden bruisend, compact en veilig

population decline. Providing high-quality housing, healthy air, a safe and accessible living environment must be paramount everywhere in the Netherlands. Over the next ten years, space is needed for an estimated 900,000 new homes. Initially, building in city centers and within existing urban areas seems absolutely necessary. Densification and transformation are indispensable to bring the 'urban renaissance' we are going through to a successful conclusion. However, building in rural areas will also continue to be inevitable. Incidentally, the apparently ideological discussion about where housing should take place – in the city or in the meadow – is counterproductive. It is advisable to see what is really needed in the long term. For example, if the low-lying west is to become waterlogged, the question is not so much whether we should build in the landscape or in the city, but how we keep

Natuur dringt door tot elke uithoek van onze fysieke leefomgeving houden. De randen van die steden krijgen een belangrijke rol, waar waterbescherming samen opgaat met adaptieve vormen van wonen, werken en bouwen. En als de zuidelijke en oostelijke delen populaire vestigings-

20

the existing cities vibrant, compact and safe. The edges of those cities will play an important role, where water protection goes hand in hand with adaptive forms of living, working and building. And if

plaatsen worden, zal daar de ruimte schaarser en gewilder worden.

 Fig. 21 Pampus: wonen met water, stadsdijken en meedein dorpen als nieuwe stadsvorm Pampus: living with water, city dikes and tidal towns as a new city form

De vraag is hoe we deze bouwopgave – te vergelijken met de wederopbouw – binnen een relatief kort tijdsbestek kunnen realiseren. De tijd van robotisering, en dus bouwen in de fabriek, lijkt aangebroken. Schaarste aan personeel, materialen, grondstoffen en beschikbare technieken, en de wens tot betaalbare productie lijken onontkoombare aanjagers. Op technologisch vlak is de afgelopen jaren veel vooruitgang geboekt, maar door de focus op het optimaliseren van traditionele bouwsystemen hebben we onvoldoende tijd om de juiste antwoorden en oplossingen te vinden. Radicaal nieuwe bouwtechnieken, -processen en -materialen zijn dus nodig, naast een omslag in het denken en onze houding. Er is behoefte aan baanbrekende en complexe innovaties, gericht op duurzaamheid, op modulaire en flexibele bouwtechnieken, op schoon, circulair en CO2-neutraal.

the southern and eastern parts become popular locations, space will become scarcer and more desirable. The question is how we can achieve this construction task – which can be compared with the big reconstruction after the Second World War– within a relatively short period of time. The time of robotization, and therefore building in the factory, seems to have arrived. Scarcity of personnel, materials, raw materials and available techniques, and the desire for affordable production seem to be inescapable drivers. Technological progress has been made in recent years, but the focus on optimizing traditional building systems means that we do not have enough time to find the right answers and solutions. Radical new construction techniques, processes and materials are therefore needed, in addition to a change in thinking and attitude. There is a need for groundbreaking and complex innovations, aimed at sustainability, at modular and flexible construction techniques, clean, circular and CO2-neutral.

PERSPECTIEF2121 Land met een plan

21

 Fig. 22 Oogst van energie en voedsel op zee Harvest of energy and food at sea

22

Natuur

Nature

Als tegenwicht voor en in aanvulling op de verdere verstedelijking van de delta is een actieve ontwikkeling van nieuwe en bestaande natuur onontbeerlijk. De natuur geeft ons alles wat we nodig hebben om te overleven: zuurstof, eten, schoon water, maar ook kwaliteit van de leefomgeving. Een robuuste natuurontwikkeling en verbeterde biodiversiteit biedt veerkracht bij het opvangen van klimaatverandering.

To counterbalance and complement the further urbanization of the delta, an active development of new and existing nature is indispensable. Nature provides us with everything we need to survive: oxygen, food, clean water, but also quality of the living environment. Robust nature development and improved biodiversity offer resilience in coping with climate change.

Natuur dringt door tot elke uithoek van onze fysieke leefomgeving. Door gebruik te maken van biobased materialen, het implementeren van groene maatregelen en de versterking van ecologische verbanden kunnen we veel dichter bij de natuur wonen. De natuur-inclusieve stad levert ons een groener, aantrekkelijker en levendiger stadslandschap op. Het verbetert onze fysieke en mentale gezondheid.

Nature permeates every corner of our physical living environment. By using bio-based materials, implementing green measures and strengthening ecological connections, we can live much closer to nature. The nature-inclusive city provides us with a greener, more attractive and more vibrant urban landscape. It improves our physical and mental health.

Door de stijgende zeespiegel, bodemdaling en verzilting kunnen we de laaggelegen polders en landaanwinningen niet voor altijd droog houden. Natte landbouw en natte natuur zouden hiervoor een oplossing kunnen bieden. Door de extremere weersomstandigheden moet het groenblauwe netwerk op verschillende niveaus verbeteren en opnieuw ontworpen worden. Als we de natuurlijke systemen begrijpen, kunnen we haar in ons voordeel laten werken. Tegelijkertijd dient natuurontwikkeling hand in hand te gaan met andere transities die op dit moment plaatsvinden, zoals de transitie naar duurzame energie en kringlooplandbouw.

Because of rising sea levels, subsidence and salinization, we cannot keep the low-lying polders and land reclamations dry forever. Wet agriculture and wet nature could offer a solution to this. Due to more extreme weather conditions, the green-blue network must be improved and redesigned at various levels. If we understand the natural systems, we can make them work to our advantage. At the same time, nature development should go hand in hand with other transitions that are currently taking place, such as the transition to sustainable energy and circular agriculture.

Landbouw

Agriculture

Tweederde van ons land is landbouwgrond. De agrarische sector is hyperefficiënt, innovatief en hoogproductief. Landbouwkennis- en onderzoek zijn een exportproduct, en worden door velen gezien als een sleutel om de wereldbevolking te blijven voeden.

Two thirds of our land is farmland. The agricultural sector is hyper-efficient, innovative and highly productive. Agricultural knowledge and research are an export product and are seen by many as a key to continuing to feed the world's population.

We kunnen de laaggelegen polders niet voor altijd droog houden

 Fig. 23 Terroir and tech: landbouw gebaseerd op de beste omstandigheden Terroir and tech: agriculture based on best conditions

Tegelijkertijd veroorzaakt de landbouw milieuschade, natuurvervuiling en gezondheidsklachten. Bovendien is de bijdrage aan de uitstoot van broeikasgassen navenant. De overstap naar een duurzame, circulaire en natuurinclusieve bedrijfsvoering is daarom net zo belangrijk als de energietransitie. Het gaat dan onder meer om aandacht voor landschappelijke diversiteit, het variëren van teelten, de resistentie tegen verzilting en nattere omstandigheden, of de omslag naar een alternatieve eiwitproductie en -consumptie.

At the same time, agriculture causes environmental damage, pollution and health problems, furthermore, the contribution to greenhouse gas emissions. The switch to sustainable, circular and nature-inclusive business operations is therefore just as important as the energy transition. This concerns, among other things, attention to landscape diversity, the variation of crops, resistance to salinization and wetter conditions, or the switch to alternative protein production and consumption.

De landbouw van de toekomst kan meerdere vormen aannemen. Bijvoorbeeld door de lokale voedselketen als uitgangspunt te nemen – door enkel en alleen te produceren voor de lokale voedselmarkt. Gevolg: een reductie van de voedselimport en bulkexport vergroten de voedselkwaliteit en beperken de milieubelasting. Nieuwe landbouwvormen kunnen profiteren van technologische vernieuwingen, bijvoorbeeld in de productie van plantaardige eiwitten of door in lage delen voedselproductie onder natte en zilte omstandigheden mogelijk te maken. Ook nieuwe teelten zijn denkbaar, zoals de productie van hout in nieuwe bossen, om zo de absorptie en opslag van CO2 naar een hoger plan te tillen.

The agriculture of the future can take several forms. For example, by taking the local food chain as a starting point – by producing solely for the local food market. A reduction of food imports and exports, increases food quality and limits the environmental impact. New forms of agriculture can benefit from technological innovations, for example in the production of vegetable proteins or by enabling food production in low , wet and saline conditions. New types of crops are also conceivable, such as the production of wood in new forests, to raise the absorption and storage of CO2 to a higher level.

PERSPECTIEF2121 Land met een plan

23

 Fig. 24 Kantstad | Ontwikkeling van de hoge kant Counter city | The development of the high lying urban areas of the Netherlands

 Fig. 25 Versterking Kustboog en Duinstad Urbanisation of the Coastalarch and Dunecity

 Fig. 26 Van Groene hart naar Blauw hart: Stadspolders en Meedein dorpen From Green Hart to Blue City: Dijked cities and tidal living

 Fig. 27 Zeewaarts Towards the sea

24

II.

EEN PLAN VOOR 2121 A PLAN FOR 2121 Ons toekomstbeeld voor de Nederlandse delta is een poging om ons land op lange termijn te verbeelden als een begeerlijke plek om te leven. De opgaven die achter de verstedelijking, infrastructuur, energietransitie, klimaatverandering, waterveiligheid, landbouw, natuur en landschap schuilgaan, vragen om grote en samenhangende keuzes, acties en investeringen om dat wensbeeld werkelijkheid te maken. Dit plan is dan ook een robuuste en betrouwbare ‘transitieroute’ naar de toekomst.

Our vision of the future for the Dutch delta is an attempt to envision our country in the long term as a desirable place to live. The tasks that lie behind urbanization, infrastructure, energy transition, climate change, flood risk management, agriculture, nature and landscape require large and coherent choices, actions and investments to make that vision a reality. This plan is therefore a robust and reliable 'transition path' to the future.

Hierna is verbeeld hoe de grote uitdagingen van de komende eeuw uitmonden in concrete ruimtelijke ingrepen en composities. Niet alleen reagerend op opgaven en bedreigingen, maar juist ook gidsend, aanreikend, inspelend op de kansen die de transities met zich meenemen.

To follow is a picture of how the major challenges of the coming century will result in concrete spatial interventions and compositions. Not only responding to challenges and threats, but also guiding, providing, and responding to the opportunities that the transitions entail.

Nederland bestaat in 2121 uit een ‘Duinstad’, het ‘Blauwe Hart’ en een ‘Kantstad’. De huidige Randstad is straks opgedeeld in twee delen. Achter de versterkte duinenrij ligt een kralenketting van steden – de Duinstad – waar kustverdediging en stedelijke ontwikkeling hand in hand gaan. In het laaggelegen polderland is een lagunestad verrezen, het Blauwe Hart met water- en groenstructuren als dragers voor stedelijke ontwikkeling. De Kantstad ligt in het oosten en zuiden, op de hogere gronden boven zeeniveau.

In 2121, the Netherlands will consist of a 'Dune City', the 'Blue Heart' and a 'Contourcity'. The current Randstad will soon be divided into two parts. Behind the fortified row of dunes lies a beaded chain of cities – the Dune City – where coastal defense and urban development go hand in hand. A lagoon city has arisen in the low-lying polder land, the Blue Heart with water and green structures as carriers for urban development. The Contourcity is located to the east and south, on the higher grounds above sea level.

In het laaggelegen polderland is een lagunestad verrezen This future metropolis of Dune and Contourcity, with the Blue Heart in between, shows itself as a network of 'super-urban nodes', connected by innovative infrastructure connections. The city nodes are compact and densely built-up in the wet west, while they are expanding in the east and south. The network is being developed adaptively, based on climate safety and healthy living. The value of this urban network, based on the current urbanization pattern, is enormous. Historically valuable cities

PERSPECTIEF2121 Land met een plan

Deze toekomstige metropool van Duin- en Kantstad met daartussen het Blauwe Hart, tekent zich af als een netwerk van ‘superstedelijke knooppunten’, met elkaar verbonden door innovatieve infraverbindingen. De stadsknopen zijn in het natte westen compact en dichtbebouwd, in het oosten en zuiden breiden ze juist uit. Het netwerk wordt adaptief ontwikkeld, waarbij klimaatveiligheid en gezond leven uitgangspunten zijn. De waarde van dit stedelijk netwerk, gebaseerd op het huidige verstedelijkingspatroon, is enorm. Historisch waardevolle steden zijn verrijkt met

25

 Fig. 28 Blauwe Hart Blue Heart

26

nieuwe woon- en werkomgevingen, waar de openbare ruimte dé plek is voor ontmoeting – gezond, levendig, veilig en groen. Sterker nog, onze straten, parken en pleinen vormen onze common ground, datgene wat ons gemeenschappelijk bindt. Deze publieke ruimtes kunnen overdekt zijn, verhard en zelfs binnen, maar liever nog zijn ze groen – tuinen, parken, plantsoenen met ruimte voor water en wortels. Want dan biedt de openbare ruimte verkoeling en bergt en buffert het water.

have been enriched with new living and working environments, where public space is the place to meet – healthy, lively, safe and green. In fact, our streets, parks and squares form our common ground, what binds us together. These public spaces can be covered, paved and even indoors, but they would rather be green – gardens, parks, parks with space for water and roots. Because then public space offers cooling water stores and buffers.

Duinstad en Blauwe Hart

Dune City and Blue Heart

Laten we eens inzoomen op dat dat stedelijke netwerk tegen de achtergrond van een hernieuwd zee- en kustlandschap. We beginnen in het westen, waar de Waddeneilanden, de Hollandse zeereep, de koppen van de Zeeuwse eilanden en de Zeeuwse voordelta niet alleen een eerste verdedigingslinie vormen, maar ook een verstedelijkingsbasis voor de delta van de toekomst. Versterking van deze ‘kustboog’ (door de zeereep te verbreden en de duinen te verhogen), natuurontwikkeling en de bouw van de Duinstad achter de duinenrij gaan gelijk op. De Waddenzee en de Zeeuwse delta zijn als vanouds weer onderhevig aan een natuurlijke dynamiek, de eilanden zijn versterkt.

Let's zoom in on that urban network against the background of a renewed sea and coastal landscape. We start in the west, where the Wadden Islands, the Holland coast line, the heads of the Zeeland islands and the Zeeland Voordelta not only form a first line of defense, but also an urbanization base for the delta of the future. Reinforcing this 'coastal arc' (by widening the foredune and raising the dunes), nature development and the construction of the Dune City behind the row of dunes go accordingly. As always, the Wadden Sea and the Zeeland delta are subject to a natural dynamic, the islands have been strengthened.

Het land achter de versterkte kustboog is zoals gezegd het Blauwe Hart, een waterrijk landschap, waar stadspolders en ‘meedeinende

As mentioned, the land behind the fortified coastal arch is the Blue Heart, a wetland landscape, where urban polders

steden en dorpen’ elkaar afwisselen. Voor we dit nader toelichten staan we eerst stil bij de legitimiteit van de keuze om het water in dit deel van het land vrij spel te geven. Het betoog om in de verre toekomst westelijk Nederland te verlaten of onder water te zetten doet namelijk geen recht aan de identiteit van Nederland. Afscheid nemen van het lage polderland is net zoiets als Zwitserland zonder bergen. Niet dat dit landschappelijk erfgoed altijd en tegen elke prijs gehandhaafd moet blijven – het is immers hoe dan ook nodig om in veenweidegebieden het waterpeil te verhogen om oxidatie, bodemdaling en CO2-uitstoot tegen te gaan. En ja, de zeespiegel kan fors stijgen, met onveiligheid en zoute kwel tot gevolg. Maar de ‘badkuip’ dan maar vol laten lopen en het meest wezenlijke deel van onze identiteit bij voorbaat opgeven, is het andere uiterste. Daarom gaat ons plan voor een heroïsch en klimaatadaptief Nederland, waar de eeuwenoude strijd tegen en met het water nog altijd zichtbaar is. Daarom vrij naar Lucebert: ‘alles van waarde moet weerbaar worden’.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15066554/1