Bijlage 4 OMGEVINGSVISIE VOORNE AAN ZEE 2040 - Deel A
Tekst van het document
Ruimte om te struinen en te recreëren
Naast het strand dat vanaf de Haringvlietdam, via het badstrand van Rockanje tot aan het voormalige autostrand bij Oostvoorne loopt, hoort ook het strand aan de zuidzijde van de Maasvlakte bij Voorne aan Zee. De diverse strandgedeelten hebben elk een eigen karakter door de verschillen in de voorzieningen, de mogelijkheden en de omgeving. Het op het zuidwesten gelegen badstrand van Rockanje met strandpaviljoens is op warme dagen gezellig druk. De aanzanding van de kust zorgt voor een rustige en ondiepe zee, zodat kinderen veilig in het water kunnen spelen. Ter hoogte van de Haringvlietdam is het Noordzeestrand via een voetgangerstunneltje onder de N57 door verbonden met het familiestrand aan het Haringvliet (Quackstrand). Planologisch gezien bestaat de mogelijkheid om nog een strandpaviljoen te realiseren aan de Noordzeezijde. Het is ook wenselijk om aan deze zijde het strand aantrekkelijker te maken. Recent heeft nog een kwaliteitsslag plaatsgevonden aan het Quackstrand, zijde Haringvliet. Het Quackstrand bij Hellevoetsluis heeft hiermee een nieuw gezicht, met een groter strand en een boulevard. Dit zorgt voor meer strand-, vis- en waterplezier aan het Haringvliet. Dit strand heeft verder een aantal (horeca)voorzieningen en hier is een catamaranvereniging gevestigd.
Het strand bij Oostvoorne en het strand op de zuidpunt van de Maasvlakte zijn vooral in trek bij wind- en kitesurfers. De overige delen van het strand worden minder druk bezocht en zijn heel aantrekkelijk voor wandelaars die genieten van de rust en het weidse landschap.
74 Omgevingsvisie Voorne aan Zee
Duingebied Het strand wordt begrensd door het Voornes Duin. De duinen zijn zeer gevarieerd met veel landschappelijke en natuurlijke overgangen. Door de grote variatie is Voornes Duin een bijzonder natuurgebied, dat van Europees belang is voor veel planten en dieren (Natura2000-gebied). Hier zijn grote duinmeren (Breede Water, Quackjeswater en Tenellaplas) en meerdere kleine poelen, moerassen, grote oppervlaktes bos en struweel, bloemrijke duingraslanden en natte duinvalleien. Vooral voor de flora is dit een zeer soortenrijk gebied, al is er wel sprake van een afname van de diversiteit. Het beschermde dorpsgezicht Ontginningen Voornes Duin is van grote cultuurhistorische waarde. Kenmerken van dit gebied zijn de ontginningen, de duinhuisjes, de landgoederen en de bunkercomplexen als onderdeel van de Atlantikwall. Een aantal van de bunkers vormt een belangrijke overwinteringsplaats voor vleermuizen. Het afwisselende duingebied met zijn natuur- en cultuurhistorische waarden vormt een haven van rust, een belangrijke kwaliteit zo vlak naast de dynamiek van het Rotterdamse havengebied. Behalve voor de natuur is het daardoor ook een belangrijk recreatief uitloopgebied voor rustzoekers en natuurliefhebbers, zowel uit onze gemeente als vanuit de regio of daarbuiten.
Het afwisselende duingebied
Onder andere ten zuidwesten van Oostvoorne is een eeuw geleden op kleine schaal duingrond afgegraven ten behoeve van de landbouw. Het overtollige zand is verwerkt in walletjes, die met een elzenbeplanting erop dienden als veekering en windsingel. Dit gebied wordt de Heveringen genoemd. Daarnaast bevinden zich grotere planmatige duinontginningen in het gebied. In het gebied bij Helhoek zijn de duinen afgegraven ten behoeve van bollenteelt. Dit zijn de zogenaamde geestgronden, vergelijkbaar met de afgegraven strandwallen in de bollenstreek. Hier ligt ook het landgoed Overbosch. Op de overgang naar de polders Westerland en Lodderland liggen de bosrijke landgoederen Kooysight en Kranenhout.
75 Omgevingsvisie Voorne aan Zee
Zanderijen De zanderijen vormen het overgangsgebied tussen de besloten, bosrijke binnenduinrand en de open polders. Ze liggen op de overgang van hoog naar laag en van zand naar klei. Het gebied tussen Oostvoorne en Rockanje ontleent zijn naam ‘Stuifakker’ aan zijn ontstaansgeschiedenis. De kleigronden van dit voormalige gorzengebied langs zijkreken van de oude kreek de Strype zijn een paar eeuwen geleden overstoven met duinzand. Later is dat zand deels afgegraven, vooral ten behoeve van de tuinbouw (in de volle grond en vanaf de 20e eeuw in kassen). Ook de Schapengorspolder ten zuiden van Rockanje heeft zich zo ontwikkeld. In de zanderijen is een zeer divers en kleinschalig, halfopen landschap ontstaan van bebouwingslinten, boomgaarden, kassen, (paarden)weides, akkers, bosjes en houtwallen. Hier zijn veel verschillende functies aanwezig naast diverse kleinschalige agrarische functies zoals wonen, verblijfsrecreatie en natuur. De laatste jaren maken kassen steeds meer plaats voor (vaak grote) woonhuizen. Door de ligging direct achter de duinen zijn de zanderijen dan ook een aantrekkelijk gebied om te wonen en om te recreëren. De grote verscheidenheid aan functies is enerzijds een kwaliteit, maar maakt het gebied tegelijkertijd kwetsbaar voor ‘verrommeling’ van het landschap.
Oude landschappelijke structuren zijn verdwenen of staan onder druk en de overgang van duin naar open polder wordt steeds minder herkenbaar. Ook schaalvergroting en modernisering in bebouwing (denk aan grote villa’s met veel bestrating) is een risico voor de kleinschaligheid van het landschap.
De St.-Annapolder als geheel is eigenlijk een jonge zeekleipolder, maar een klein noordwestelijk deel van deze polder wordt onder de zanderijen geschaard (gebied rondom de Walinxweg, ten noorden van het Annabos). In de ondergrond bevindt zich hier een zandplaat in de bodem. De agrarische activiteiten zijn rond de Walinxweg nagenoeg verdwenen, het landschap is meer verdicht met woningen, kleinschalige verblijfsrecreatie en natuur.
Zanderijen van Voorne aan Zee
76 Omgevingsvisie Voorne aan Zee
Oostvoornse Meer Het Oostvoornse Meer vormt de schakel tussen de dynamische, zoute, natuurlijke kust en het verstilde, zoete en meer parkachtige Brielse Meer. Het Oostvoornse Meer is een belangrijke plek voor veel verschillende vormen van recreatie. Het meer en de omgeving zijn populair bij duikers, (kite)surfers, zwemmers, wandelaars, fietsers, natuurliefhebbers, zonnebaders en vissers. De smalle noordoever heeft een recreatieve inrichting met voor de auto toegankelijke oevers met enkele strandjes van waaruit watersporten worden beoefend. Deze noordoever heeft een bovenregionale functie en trekt veel (inter)nationale bezoekers aan. Aan de zuidwestoever bevindt zich een zwemstrand met speelvoorzieningen, dit strand heeft hoofdzakelijk een lokale betekenis voor Oostvoorne. Rond het meer lopen een fietspad, een ruiterpad en een MTB-route.
Volop vertier in het Oostvoornse Meer
Het Oostvoornse Meer zelf, de duinen in de nabijheid en vooral het Groene Strand aan de zuidzijde herbergen belangrijke natuurwaarden. Het Groene Strand is onderdeel van het Natura2000-gebied Voornes Duin, evenals de Brielse Gatdam. In het meer liggen oude scheepswrakken die herinneren aan de tijd dat het Oostvoornse Meer nog de monding van de Brielse Maas in de Noordzee was. Deze cultuurhistorisch waardevolle relicten trekken veel duikers naar het meer. Door de ligging tussen de Brielse Maasdam aan de oostzijde, de Duindijk met daarachter het industrieel havengebied aan de noordzijde, de Brielse Gatdam aan de westzijde en de duinbossen bij Oostvoorne langs de zuidzijde vormt het Oostvoornse Meer een naar binnen gekeerd gebied met een duidelijke eigen identiteit. Karakteristiek is vooral het sterke contrast tussen de natuurlijke zuidoever van het meer en de industriële uitstraling van het havengebied aan de noordzijde.
77 Omgevingsvisie Voorne aan Zee
Koers
78 Omgevingsvisie Voorne aan Zee
Algemene koers Behouden van de huidige natuurlijke, recreatieve en cultuurhistorische kwaliteiten Onze natuurlijke kust is zeer waardevol, zowel als recreatiegebied voor de inwoners van Voorne aan Zee en bezoekers van buitenaf als voor de natuur. De natuurlijke kust bepaalt voor een groot deel onze identiteit. Grote ingrepen zijn hier niet noodzakelijk en ook niet wenselijk. We zetten in deze zone dan ook nadrukkelijk in op het behouden van de huidige natuurlijke en recreatieve kwaliteiten. Zo blijven we een unieke kustgemeente en blijven we ons onderscheiden van andere badplaatsen. Met deze koers sluiten we aan bij ambities uit de Dorpsvisies Rockanje en Oostvoorne en bij het natuurbeschermingsbeleid voor de Natura2000-gebieden dat van toepassing is op vrijwel het gehele zee-, platen-, strand- en duingebied en het Haringvliet. Om de natuurlijke kwaliteiten te behouden willen we de aantallen strandbezoekers niet verder laten groeien door de recreatievoorzieningen kleinschalig te houden. Dat betekent dat op onze Noordzeestranden in principe (per saldo) geen nieuwe commerciële voorzieningen bijkomen. Zo voorkomen we bovendien (een toename van) overlast voor omwonenden op warme dagen.
Bij het inzetten op het behoud van de natuurlijke kust als onderscheidende kwaliteit ten opzichte van andere badplaatsen langs de Zeeuws-Hollandse kust past wel een groei van het aantal natuurrecreanten. Deze groep komt meer verspreid over het jaar naar de gemeente om te wandelen, te fietsen of paard te rijden. Dat is goed voor onze economie. Wat voor natuurrecreanten geldt, is ook van toepassing op surfers, kitesurfers en windsurfers. Ook zij komen het hele jaar door naar onze gemeente om hun sport te beoefenen. Ten noorden van de Tweede Slag en op het strand van de Maasvlakte is volop ruimte voor (niet-gemotoriseerde) sporten. Dit gebied sluit aan bij de noordrand van de gemeente, waar meer intensieve vormen van recreatie kunnen worden beoefend op het Oostvoornse en Brielse Meer. Door de aanzanding zal het (kite)surfen bij Oostvoorne (ten noorden van de Groene Punt) over enkele jaren waarschijnlijk niet meer mogelijk zijn. We onderzoeken de mogelijkheden om een nieuwe spot te creëren, passend binnen de Natura2000-doelstellingen. We zetten ons in om de aanwezige cultuurhistorische waarden te beschermen, zoals in het beschermde dorpsgezicht Ontginningen Voornes Duin, het duincultuurlandschap in de zogeheten 'binnenduinen' van Voorne, tussen de dorpen Oostvoorne en Rockanje.
Versterking van landschappelijke natuurwaarden en cultuurhistorie Nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen aan de kust zijn in principe niet mogelijk in dit kwetsbare gebied. Wij koesteren de nog relatief onbebouwde Noordzeekust van Voorne. Alleen als ontwikkelingen de natuurdoelstellingen en ruimtelijke kwaliteit niet negatief beïnvloeden en bijdragen aan het behalen van de ambities van de Dorpsvisies Rockanje en Oostvoorne en het Toekomstperspectief Rockanje zijn ze bespreekbaar. Eventuele nieuwe bebouwing concentreert zich binnen de bestaande dagrecreatieve clusters. In de dorpen en in het landelijk gebied aansluitend op de binnenduinrand is meer ruimte voor (recreatieve) ontwikkelingen, in combinatie met versterking van landschappelijke- en natuurwaarden. Verbetering bestaande routes en dagrecreatieve voorzieningen Verder zetten we in op verbetering van het gebruik van de bestaande routes en dagrecreatieve voorzieningen. Door goede bebording en routering kunnen we de bezoekers van het gebied beter bedienen. Een belangrijk aandachtspunt daarbij is het beperken van de overlast, in welke vorm dan ook. Dit is zowel van toepassing op de natuur als op de bestaande andere functies in het gebied, zoals de verspreide woningen. 79 Omgevingsvisie Voorne aan Zee
Klimaatbestendig en anticiperen op de doorzettende aanzanding van de kust In het project Visieontwikkeling Haringvlietmonding 2060 onderzoeken we momenteel in een coalitie van tien partijen (provincie Zuid-Holland, gemeenten Voorne aan Zee, Goeree-Overflakkee en Nissewaard, waterschap Hollandse Delta, Rijkswaterstaat, Havenbedrijf Rotterdam, Natuurmonumenten, Zuid-Hollands Landschap en Recreatieschap Voorne-Putten) de kansen voor recreatie en natuur die ontstaan door de autonome morfologische ontwikkeling in de Voordelta en de zich doorzettende aanzanding van de kust. Dit moet leiden tot een nieuw toekomstperspectief voor de Haringvlietmonding dat integraal onderdeel moet worden van de omgevingsvisie.
Aanvullende koers per onderdeel Koers Haringvliet Het Haringvliet blijft van landschappelijke, ecologische en recreatieve waarde. Binnen de Programmatische Aanpak Grote Wateren (PAGW Biesbosch/Rijn-Maasmonding) werken we met onze partners aan het verbeteren van de waterkwaliteit en het versterken van de natuur in dit grote water. Om dit te bereiken is het nodig de verbindingen met de omgeving te herstellen en de ecologische dynamiek (getijdennatuur) te versterken. Om de dijk langs het Haringvliet in de toekomst bestand te houden tegen de aankomende zeespiegelstijging en weersextremen zijn forse investeringen nodig. Voor een klimaatbestendige toekomst kunnen dubbele dijken met hoger gelegen polders ertussen een aantrekkelijke optie zijn als alternatief voor de gebruikelijke dijkverhogingen of het alternatieve concept van overslagbestendige dijken. Dubbele dijken met ‘wisselpolders’ ertussen maken het gebied veiliger, besparen geld en bieden ook nog nieuwe kansen voor economie, landbouw en natuur. Deze dijk kan ook een ecologische verbinding vormen tussen de Beninger Slikken (is leefgebied van enkele zeer zeldzame hommelsoorten zoals de zandhommel) en ecologische beheergebieden in Hellevoetsluis voor bijvoorbeeld bijen en vlinders als deze ecologisch beheerd wordt. Bij een dubbele dijk is de potentie als ecologische verbinding nog groter.
Wat is een dubbele dijk? Een dubbele dijk met wisselpolder betekent dat in plaats van een enkele zeedijk, twee achter elkaar liggende dijken worden gebruikt, waarbij de tussenliggende polder tijdelijk met het Haringvliet wordt verbonden. Hierdoor kan de wisselpolder door natuurlijke processen ophogen. Al na zo’n 50 jaar ligt de wisselpolder enkele meters hoger dan daarvoor. Koers Voordelta en stranden Voor de kust van Voorne en in de vaargeul naar het Haringvliet vindt aanzanding plaats. Uit recent onderzoek (Arcadis, 2022) blijkt dat de aanzanding doorzet in de toekomst. Nu al kun je heel ver de zee inlopen voordat je tot je middel in het water staat. Waarschijnlijk groeit de grootste zandplaat (de Hinderplaat) al voor 2030 vast aan de kust ter hoogte van de Groene Punt. De ontwikkeling van het kustgebied heeft gevolgen voor de natuur, het karakter van het strandgebied, de recreatiemogelijkheden, de economie, de leefbaarheid en de waterveiligheid. Bij dit laatste aspect speelt het stijgen van de zeespiegel ook een rol.
80 Omgevingsvisie Voorne aan Zee
Het nieuwe toekomstperspectief voor de Haringvlietmonding dat onderdeel is van het project Visieontwikkeling Haringvlietmonding 2060 gaat integraal onderdeel worden van deze omgevingsvisie. Koers Duingebied Het cultuurhistorisch belang van het gebied willen we beter benutten. Het materiële erfgoed in het duingebied bevat een enorme potentie voor de recreatiesector. De natuur- en cultuurrecreanten kunnen daarnaast bijdragen aan de verbetering van de kwalitatief goede voorzieningen die reeds aanwezig zijn in het gebied. Hiervan kunnen recreatieondernemers in en rond Oostvoorne en Rockanje profiteren, omdat ze dan ook buiten de zomer op meer klanten kunnen rekenen (‘seizoensverlenging’). Waar mogelijk zoeken we naar functies waar recreatie en erfgoed gekoppeld kunnen worden, zonder verlies van natuurwaarden. Denk bijvoorbeeld aan een Bed and Breakfast in een bunker. In principe breiden we de reeds benoemde bouwvlakken niet uit. Verder beschermen we waar mogelijk de cultuurhistorische waarden van de Atlantikwall. De gemeente stimuleert de transformatie en hergebruik van het Duinhuis aan de Duinlaan in Oostvoorne. Koers Zanderijen Door schaalvergroting is de agrarische sector in de kleinschalige zanderijen steeds verder onder druk komen te staan. Veel kleine grondgebonden bedrijven zijn de laatste decennia gestopt en de vrijkomende gronden zijn omgezet naar een woonbestemming.
Aanvullend hebben we de laatste jaren ingezet op sanering of uitplaatsing van de verspreid liggende glastuinbouw naar het glastuinbouwgebied bij Tinte. De zanderijen bevatten verspreid diverse agrarische bedrijven en ook zijn kavels regulier agrarisch in gebruik. Toch verdwijnt het agrarische karakter steeds meer. Dit maakt het noodzakelijk te zoeken naar nieuwe beheerders van het landschap, waarbij het behoud van de kenmerkende afwisseling in het landschap voorop staat. Tegelijkertijd zijn de zanderijen door de ligging vlak achter de duinen een aantrekkelijke plek om te wonen en te recreëren. De zanderijen kunnen bovendien een belangrijke schakel gaan vormen vanuit recreatief en ecologisch opzicht tussen de duinen en de (kreken en dijken in de) polders. We zetten daarom in op het: • Versterken van het kleinschalige, halfopen landschap met bosjes en houtwallen en afwisselende gebruiksfuncties; • Verhogen van de natuurwaarden (bijvoorbeeld door het herstellen van natuurlijke verbindingen tussen de duinen en de polders, indien mogelijk gekoppeld aan herstel van de duinwateringen); • Vergroten van de belevingswaarde van landschap en natuur voor bewoners en recreanten (bijvoorbeeld door het creëren van / bijdragen aan recreatieve wandelroutes vanuit de dorpen en routes tussen de duinen en de kreken en dijken in de oude zeekleipolders).
Initiatieven van eigenaren die bijdragen aan deze ambities juichen wij dan ook toe. Te denken valt aan kleinschalige verblijfsrecreatie, ateliers, paardenpensions en wonen in het groen (bijvoorbeeld in de vorm van nieuwe landgoederen). Deze initiatieven kunnen vanzelfsprekend ook komen van agrariërs die hun bedrijfsvoering willen verbreden. Voorwaarde is steeds kwaliteitsverbetering van landschap en natuur. Ontwikkelingen moeten passen bij de maat en schaal van het landschap. Of ontwikkelingen leiden tot een kwaliteitsverbetering bepalen we met het Handboek Kwaliteitsverbetering Buitengebied of diens opvolger.
81 Omgevingsvisie Voorne aan Zee
Koers Oostvoornse Meer We hebben de ambitie de recreatieve en landschappelijke potenties van het Oostvoornse Meer nog beter te benutten voor inwoners en bezoekers, met oog voor bescherming van de natuur. Daarbij willen we waterkwaliteit van het Oostvoornse Meer verbeteren. Fieldlab Green Economy blijft een proefstation voor innovatieve ontwikkelingen.
82 Omgevingsvisie Voorne aan Zee
3.6 Landschappelijke Noordrand
83 Omgevingsvisie Voorne aan Zee
Identiteit De Landschappelijke Noordrand is een groene, waterrijke zone met grote water- en bosstructuren, gelegen in de noordoostelijke rand van Voorne aan Zee. De Noordrand fungeert als groene buffer tussen Voorne aan Zee en de industriële omgeving ten noorden van de gemeente. Vrijwel de gehele Noordrand is aangewezen als recreatiezone conform de huidige omgevingsplannen Buitengebied. In het gebied is het Brielse Meer van grote recreatieve waarde. Het Brielse Meer is een aantrekkelijk en rustig recreatiegebied, dat in zuidoostelijke richting doorloopt naar de Bernisse en de Oude Maas bij Spijkenisse. Veel recreanten komen op het meer af voor de watersport of om te vissen. Langs het meer liggen fiets- en wandelpaden, strandjes, een waterspeeltuin, jachthavens, een golfbaan, (water)scouting en andere watersportverenigingen en een aantal horecavoorzieningen. Aan de zuidwestzijde van het Brielse Meer ligt het grootschalige recreatiepark Kruiningergors. Aan de noord- en zuidzijde van het Brielse Meer (nabij Brielle) liggen verschillende campings. Ook in het aangrenzend agrarisch gebied liggen enkele (kleinere) campings.
De Landschappelijke Noordrand
Het Brielse Meer vormt een wat verstild gebied en heeft veel meer een parkachtige uitstraling dan het dichter bij de kust gelegen Oostvoornse Meer. Door de parkachtige beplantingsstructuren aan weerszijden van het water vormt het gebied een besloten wereld. In de Noordrand ligt het Vrijheidsbos. Zomers is dit een prachtige plek met veel vlinders, libellen en andere insecten. Het Brielse Meer is ook vanuit cultuurhistorisch oogpunt interessant. Aan het meer staat de Stenen Baak, een in 1630 gebouwde stenen vuurtoren. Een eeuw later werd daar omheen een kustbatterij gebouwd met kanonnen die vijandelijke schepen in de Maasmond konden beschieten. Bij de batterij hoorde ook een kogelgloeioven, waarin de kanonkogels werden verhit. De kogelgloeioven is later herbouwd.
84 Omgevingsvisie Voorne aan Zee
Koers
De begrenzing van dit deelgebied is in lijn met het Omgevingsplan. Op een aantal plekken is aan de Noordrand meer ruimte gegeven. Dit is in lijn met het eerder opgestelde gebiedsperspectief voor de Landschappelijke Noordrand en omdat het strookt met de ambities die primair gelden voor dit gebied (specifiek de landschappelijke bufferzone doortrekken en het zoekgebied voor de energietransitie van Voorne aan Zee).
85 Omgevingsvisie Voorne aan Zee
Ambitie voor 2040 Naar de toekomst toe wordt de Noordrand als onderdeel van het metropolitane landschap van de Metropoolregio nadrukkelijk geprofileerd als overgang van het hoogstedelijke gebied (haven-industrieel complex) naar de groenblauwe delta. Op weg naar 2040 willen we de Landschappelijke Noordrand met het Brielse Meer nog nadrukkelijker op de kaart zetten als een groen, actief recreatiegebied, waar ruimte is voor een grote verscheidenheid aan recreatieve activiteiten, gecombineerd met ruimte voor natuur en energieopwekking. De Landschappelijke Noordrand blijft een groene buffer tussen de gemeente en de industrie van de Rotterdamse haven. Het is belangrijk om in dit gebied in te blijven zetten op natuur, recreatie en ruimte te geven aan energieopwek en klimaatopgaven. Zo blijven de veiligheid en gezondheid van de inwoners in de gemeente geborgd. We zien graag de bestaande oeverzones van het Brielse Meer transformeren van het huidige landschap tot een hoogwaardig groen recreatielandschap met ruimte voor ecologische waarden. Door meer ruimte te bieden aan de energieopgave in de Noordrand houden we de open ruimte en weidsheid in het polderlandschap geborgd. In de Landschappelijke Noordrand richten we ons op:
het creëren van een landschappelijke buffer; het ruimte bieden aan de toenemende behoefte van recreatie; ruimte bieden voor het oplossen van Voornse energie- en klimaatvraagstukken.
Een sterke landschappelijke buffer De natuur in het gebied van de Landschappelijke Noordrand is momenteel relatief eentonig, heeft een parkachtige structuur en beschikt over relatief weinig biodiversiteit. We vinden dat dit landschap veel natuurlijker en gevarieerder ingericht mag worden en blijven inzetten op een kwaliteitsimpuls die ook de recreatieve waarde zal vergroten. Te denken valt aan meer landschappelijke variatie door de juiste gebiedseigen beplanting, meer overgangen van nat naar droog, rietoevers en zowel bomen als struweel. Daarnaast kan de biodiversiteit in het gebied vergroot worden door in te zetten op de juiste soorten. Hierover gaan we in gesprek met het recreatieschap en Staatsbosbeheer. Daarnaast biedt het gebied veel kansen voor extra bosontwikkeling. Nabij de Sleepseweg/Oosterlandsdijk liggen kansen om de parkachtige buffer te verbreden (richting polder) zonder daarbij het schootsveld van de vesting van Brielle aan te tasten. Verder biedt ook het getijdenpark aan de noordzijde van de Noordrand kansen voor natuurontwikkeling en recreatie in relatie tot het golfpark. Recreatieve hotspot We willen de recreatieve potenties van het Brielse Meer ten volle (laten) benutten. We zetten in op een aantrekkelijk, bruisend gebied met volop recreatieve voorzieningen in een attractief landschap.
Het gebied moet nog meer dan nu een (boven)regionale aantrekkingskracht hebben op watersporters en andere recreanten. We blijven ons, in samenwerking met het Recreatieschap Voorne-Putten, inzetten voor het waarborgen en opwaarderen van de kwaliteit van het landschap en de recreatieve voorzieningen. Daarbij is het van belang veel aandacht te besteden aan een hoge landschappelijke kwaliteit. De opgave van het gebied is gelegen in het faciliteren van dergelijke ontwikkelingen zonder dat het gebied (verder) verrommelt en/of versnippert.
86 Omgevingsvisie Voorne aan Zee
In de zone langs de zuidrand van het Brielse Meer blijft ruimte voor (grootschalige) verblijfsrecreatie. Vergroening van het landschap is wenselijk waarbinnen mogelijk nieuwe verblijfsrecreatie een plek kan krijgen. Dit vraagt om een gedeeltelijke transformatie van het huidige open landschap (oude zeekleipolders) naar een meer besloten, natuurlijker en gevarieerder landschap dat aansluit bij de zone langs het Brielse Meer. In een dergelijk nieuw landschap is ook ruimte voor een verbetering van het Kruiningergors. Dat kan middels uitbreiding, maar enkel in combinatie met een ruimtelijke kwaliteitsverbetering (door een lagere dichtheid aan huisjes) op het bestaande terrein. Het totaal aantal huisjes blijft gelijk. Kansrijk zijn de percelen gelegen noordoostelijk van de Sleepseweg. We streven hier dus naar een kwaliteitsverbetering op het huidige Kruiningergors, verdunning in het aantal huisjes en geen groei van het aantal huisjes. De insteek is dat de kwaliteitsverbetering van het gehele park in samenhang met de ontwikkeling van de Landschappelijke Noordrand plaats zal vinden. De Heindijk aan de zuidkant van het Kruiningergors blijft een landschappelijke begrenzing. Uitbreiding met verblijfsaccommodaties zuidelijk het polderlandschap in is niet wenselijk. Recreatieroutes van en naar de polder kunnen verbeterd worden en de routes kunnen een meer centrale rol krijgen.
Het gebied rondom het Brielse Meer kan dienen om het duingebied van recreatieve druk te ontlasten. Dit komt de natuurlijke kwaliteit in de duinen ten goede. Goede verbindingen tussen het Brielse Meer, Brielle, de dorpen nabij het Brielse Meer en het duingebied zijn dan noodzakelijk. De Noordrand is een belangrijk uitloopgebied waar inwoners en bezoekers recreëren, bewegen, ontspannen en elkaar ontmoeten. Dit kan in de natuur of in de daarvoor aanwezige voorzieningen. Te denken valt aan verschillende vormen van watersport, een indoorkinderspeeltuin, waterspeeltuinen, recreatieve strandjes, een golfbaan en nog veel meer. Een aantal locaties in de Noordrand vragen om een kwaliteitsimpuls. Het hondenuitlaatgebied in het westen van de Landschappelijke Noordrand wordt bijvoorbeeld goed gebruikt, maar nodigt niet uit om langer te verblijven. We zetten in op een goede (zwem)waterkwaliteit van het Brielse Meer. We trekken op met onze partners om de waterkwaliteit op orde te krijgen en bijvoorbeeld blauwalg te bestrijden. We zetten onder andere in op een plek om te recreëren of te zwemmen nabij Zwartewaal. Project Plas van Heenvliet is een uniek herinrichtingsproject in en rondom een voormalige zandwinput. Zie voor meer informatie Zwartewaal zoals omschreven in H3.4 van deel A; Polderdorpen.
Aan de westkant van de Landschappelijke Noordrand is een aantal cultuurhistorische elementen aanwezig die meer benut kunnen worden zoals de Stenen Baak. Hier liggen kansen voor het koppelen van cultuurhistorie en toerisme. Ruimte voor energie- en klimaatvraagstukken De ambitie van Voorne aan Zee is om energie met name op te wekken aan de randen van de gemeente. Zo houden we het open landschap in Voorne aan Zee vrij. Zoekgebieden voor de opwek voor wind en zonne-energie vanuit de RES liggen grotendeels in de Landschappelijke Noordrand. Provinciaal beleid maakt het plaatsen van windturbines in de Nieuwe Ondernemingspolder planologisch. Het realiseren van zonneparken gaat gepaard met een toenemend aantal voorwaarden en regels. Het uitgangspunt blijft dat zonneparken niet worden toegestaan, tenzij dit door de raad geaccordeerd wordt. Dit is vastgelegd in de aangescherpte Voorkeursvolgorde Zon, waarbij het gebruik van landbouw- en natuurgronden 87 Omgevingsvisie Voorne aan Zee
voor zonnepanelen in principe ongewenst is (zie paragraaf Opwek van duurzame energie in H4.6 deel B; Duurzaam en klimaatbestendig Voorne aan Zee). Daarom zetten we, waar we plek maken voor de energietransitie, ook in op het maken van interessante ‘kamers’ in het coulissenlandschap (met een groene landschappelijke omzoming met bomen of beplanting). Hier is van alles mogelijk en de groene kamers kunnen mogelijk functies absorberen. Ook als na circa 25 jaar de ruimte niet meer nodig is voor zonneparken. Het gebied ten noorden van Seggelant (westelijk deel van de Ondernemingspolder) is een belangrijk zoekgebied voor onze energieopgave en daarom onderdeel van de Landschappelijke Noordrand. We zetten hier in op meervoudig ruimtegebruik en de eerste 15 tot 25 jaar geeft dit gebied ruimte aan de energieopgave van Voorne aan Zee. Gezien het groenblauwe karakter van de Noordrand kan ingezet worden op waterrobuuste en klimaatbestendige watersystemen die kunnen bijdragen aan de duurzaamheidsambities voor 2050. Specifieke kansen liggen in diepgelegen delen zoals de Nieuwe Ondernemingspolder. Deze is potentieel een belangrijk gebied voor incidentele waterberging en kan fungeren als overloopgebied. Wat willen we niet in dit deelgebied? Woningbouw is in dit deelgebied niet toegestaan en ook niet wenselijk vanwege de nabijheid van de industrie (directe invloedzone).
De Landschappelijke Noordrand dient als entree voor het eiland. Het vrije zicht op de vesting van Brielle moet daarom behouden blijven. Het vervolg We gaan onze ambities uitwerken samen met onder andere het Recreatieschap en de gemeente Nissewaard. We sorteren voor op een gebiedsprogramma om onze ambities kracht bij te zetten en tot een uitvoering te komen.
88 Omgevingsvisie Voorne aan Zee
3.7 Polders
89 Omgevingsvisie Voorne aan Zee
Identiteit De polders worden gekenmerkt door het grotendeels open agrarisch karakter waar polderlinten, kreken en dijken doorheen lopen. Erven liggen als groene eilanden in de polders. De polders kennen een grote verscheidenheid en herbergen verschillende functies. Naast agrarische bedrijvigheid komen hier andere bedrijven voor en wordt er gewoond. De waarde van de polders voor extensieve recreatie (met name wandelen en fietsen) is ook van belang. De Maas-Haringvlietstelling maakt deel uit van het landschap en bestaat uit een waterlinie met forten. Het polderlandschap bestaat uit oude en jonge zeekleipolders en veenpolders. De polders hebben allemaal een eigen identiteit die nog beter herkenbaar gemaakt kan worden. De veenpolders zijn oude ringvormige polders met een kleinschalig karakter. De polders liggen relatief laag, zijn nat en licht brak. De polders bestaan uit een onregelmatige stroken- en blokverkaveling. De dijken hebben hoog opgaande laanbeplantingen en de polderwegen zijn recht en onbeplant. In deze polders komen bijzondere vegetaties, weidevogels en ganzen voor. Het ‘oudland’, de oude zeekleipolders, bestaat uit een patroon van opwaspolders die zijn ontstaan uit oude opwassen (gorzen) uit de tijd dat het gebied nog onder invloed van de zee stond.
De polders worden gekenmerkt door openheid tussen slingerende ringdijken, met een relatief kleinschalige en onregelmatige verkaveling. De laaggelegen kronkelende kreekrestanten (zoals de Strypsche Wetering) zijn waardevol voor flora en fauna en maken in veel gevallen deel uit van het Natuurnetwerk Nederland. Daarnaast lopen veel recreatieve routes over de dijken en langs de kreken. Het ‘nieuwland’, de jonge zeekleipolders, bestaat uit een patroon van aanwaspolders. Deze polders hebben een uitgesproken agrarisch karakter en zijn zeer open tussen de dijken, met een grootschalige en planmatige verkaveling en rechte polderwegen. Daarnaast zijn hier onopvallende laaggelegen kronkelende kreekrestanten (zoals de Sluiswetering) te vinden.
Oude zeekleipolders
Jonge zeekleipolders
Veenpolders
90 Omgevingsvisie Voorne aan Zee
Koers
91 Omgevingsvisie Voorne aan Zee
Ambitie voor 2040 De schaarste aan ruimte speelt ook in het buitengebied. In de polders spelen tal van maatschappelijke opgaven, zoals klimaatadaptatie, de landbouwtransitie, de energietransitie, herstel van de biodiversiteit en de woningbouwopgave. Deze opgaven zijn vaak complex en vereisen een gedegen integrale ruimtelijke aanpak. Het is daarbij van cruciaal belang om de belangen en toekomstperspectieven van de agrariërs en plattelandsbewoners te begrijpen en hierop in te spelen. We zetten daarom in op slim en meervoudig ruimtegebruik waar dit kan. In de polders richten we ons vooral op de onderstaande punten:
Behoud agrarische polders en sturen op een toekomstbestendig buitengebied; Duurzame en klimaatbestendige polders; Wonen in het buitengebied; Natuurlijke polders; Beleefbare polders met recreatieve kansen; Verkeersveilige polders en een bereikbaar Voorne aan Zee.
Behoud agrarische polders en sturen op een toekomstbestendig buitengebied We staan voor het behoud van agrarische functies in het buitengebied. Dit betekent concreet dat we het landbouwareaal en het agrarisch karakter zoveel mogelijk willen behouden (zie ook paragraaf Duurzaam toekomstperspectief voor de agrarische land- en tuinbouwsector in H4.9 deel B; Ondernemend Voorne aan Zee). Daarbij werken we aan een toekomstbestendige agrarische sector en voedselproductie. Daarbij is het noodzakelijk dat de biodiversiteit groter wordt en de stikstofuitstoot omlaag gaat. We stimuleren agrariërs daarom een omslag te maken naar een duurzame, circulaire en ‘natuurinclusieve’ bedrijfsvoering, met behoud van een rendabele bedrijfsvoering (zie ook H4.9 van deel B; Ondernemend Voorne aan Zee). Het pad in de landbouwtransitie kan gericht zijn op innovatie, extensivering, omschakelen naar nieuwe vormen van landbouw (te denken valt aan experimenteren in zilte proeftuinen en innovatieve teelten) en verbreding. We gaan hierover met agrariërs in gesprek en trekken daarbij samen op met provincie en waterschap. Samen gaan we op zoek naar koppelkansen en verdienmodellen, bijvoorbeeld combinaties met natuur- en landschapsbeheer, klimaatadaptatie (tegengaan van droogte door water vast te houden in plaats van snel af te voeren), opwekken van duurzame energie en recreatie (zoals een minicamping).
Het verbreden van de plattelandseconomie is voor agrariërs een ondernemingskans (zie ook H4.9 van deel B; Ondernemend Voorne aan Zee). Om de polders recreatief aantrekkelijker te maken is een samenwerking met agrariërs en (andere) ondernemers nodig. Hierin liggen veel economische kansen. Vrijkomende agrarische erven bieden ondernemingskansen. Duurzame en klimaatbestendige polders De polders, vooral de jonge zeekleipolders, zijn vanuit de RES zoekgebied voor een zonneweide van 5 hectare groot. Het is echter niet wenselijk het open karakter van de polders te verstoren. Daarom wordt voor deze opgave gezocht in de contouren van de glastuinbouwgebieden en de bedrijventerreinen. Op deze locaties kunnen functies makkelijker gecombineerd worden en zo kan de openheid van de polders behouden blijven. We onderzoeken daarnaast de mogelijkheden van het inpassen van kleine windturbines (maximaal 30 meter hoog) in het buitengebied bij (boeren)bedrijven (binnen het bouwvlak). Het tegengaan van bodemdaling in de veenpolders en het omgaan met de verzilting zijn daarnaast 92 Omgevingsvisie Voorne aan Zee
belangrijke opgaven. Deze opgaven zullen moeten worden aangepakt om het agrarische landschap te behouden in de toekomst. Het voormalige inundatiegebied langs Linie Stelling van Voorne biedt potentieel ruimte voor waterberging in inundatiekommen (zie ook H4.7 deel B; Cultureel en beleefbaar Voorne aan Zee). Wonen in het buitengebied Woningbouw in het buitengebied - buiten het bestaand stads- en dorpsgebied - is voor Voorne aan Zee in beginsel onwenselijk. Het open en weidse karakter van de polders en de voornamelijk agrarische functie staat centraal en moet behouden blijven. De stads- en dorpsranden vormen hierin een uitzondering. Het ontwikkelkader voor woningbouw benoemd in H4.2 van deel B; Passend wonen voor iedereen in Voorne aan Zee is daar leidend. Mogelijkheden bij de stads- en dorpsranden ontstaan door het 'straatje erbij' principe te onderzoeken. Hier gaan we tevens op zoek naar passende functies en sluiten aan op de ambities gesteld in de Wonen Welzijn en Zorgvisie. Voorwaarde is dat dit goed past in het landschap en een zachte overgang in combinatie met kwaliteitsverbetering wordt gerealiseerd. Verder zijn lopende projecten als Beaugaard, Nieuwe Achterweg en Valweg/Molenweg uitzonderingen op de regel. Hier breiden we naar verwachting uit in de polders.
Verder is het met de regeling Ruimte voor Ruimte (Rood voor Rood) mogelijk enkele woningen te realiseren op vrijkomende agrarische erven onder de voorwaarde dat hier een kwaliteitsimpuls plaatsvindt en de woningen goed in het landschap worden ingepast met inheemse beplanting. De bijbehorende agrarische kavels behouden de agrarische bestemming. Natuurlijke polders In de polders zien we graag dat de biodiversiteit vergroot wordt door natuurinclusieve landbouwvormen. Ook voedselbossen kunnen daaraan bijdragen. De kreken in de polders zijn geschikte structuren voor ecologische verbindingszones; deels zijn ze al onderdeel van het Natuurnetwerk Nederland. Met het project 'Kreken Kweken' gaven de gemeenten op Voorne-Putten, het Waterschap Hollandse Delta en de Stadsregio Rotterdam (nu onderdeel van de MRDH) oude kreken hun meanderende, natuurlijke loop terug om zo de biodiversiteit in het gebied te vergroten en meer recreatiemogelijkheden te bieden. Andere mogelijkheden om de biodiversiteit in de polders te vergroten, zijn het realiseren van bloeiende akkerranden, bijenlinten, het ecologisch beheren van bermen en dijken en het stimuleren van groen ingerichte erven. Bij nieuwe projecten wordt landschappelijke inpassing met inheemse beplanting als voorwaarde gesteld. Dit zal ook de belevingswaarde van het landschap verhogen en gaat de verrommeling van het landschap tegen.
Natuurlijke polders
93 Omgevingsvisie Voorne aan Zee
Beleefbare polders met recreatieve kansen We willen de polders meer beleefbaar maken en verbinden met de ‘randen van het eiland’. Naast de openheid en het agrarische karakter van de polders kennen deze ook een rijke historie met vele cultuurhistorische elementen. De ontginningenstructuur, de historische boerderijen en de Maas-Haringvlietstelling zijn nog duidelijk herkenbaar in het landschap. Het actief belichten en benutten van deze elementen kan bijdragen aan de recreatieve aantrekkelijkheid van de gemeente en biedt kansen voor ondernemers en agrariërs. Linie Stelling van Voorne is een mooie kans om hier mee aan de slag te gaan (zie onder andere H4.7 van deel B; Cultureel en beleefbaar Voorne aan Zee). De verscheidenheid van de functies in de polderlandschappen gaat weleens ten koste van de kwaliteit van de ruimte en de beeldkwaliteit laat hier en daar te wensen over. Verrommeling van het landschap is een belangrijk aandachtspunt. We hanteren bij nieuwe initiatieven de handboeken voor kwaliteitsverbetering. Landschappelijke inpassing draagt bij aan een kwaliteitsimpuls. Voorbeeld van landschappelijke inpassing bij uitbreiding van een agrarisch bedrijf langs een polderweg. Belangrijk bij erfuitbreiding is de aanleg van een stevige beplantingssingel met inheemse beplanting.
We streven naar een evenwichtige toedeling van functies in de polders. We hebben de ambitie de leefbaarheid in het buitengebied te vergroten en bedrijvigheid die niet goed past in het lint of het buitengebied elders een plek te geven op een meer geschikte locatie zoals een bedrijventerrein. Denk bijvoorbeeld aan grote transportbedrijven of bedrijven die veel lawaai maken. De polders lenen zich goed voor recreatief medegebruik. We willen zowel inwoners als bezoekers meer de polders in trekken. Momenteel wordt weinig gebruik gemaakt van de recreatieve mogelijkheden in het buitengebied. De polders lenen zich goed voor verschillende ontwikkelmogelijkheden zoals nieuwe recreatieve routes (fiets- en wandelroutes waaronder laarzenpaden), kleinschalige verblijfsrecreatie en kleinschalige dagattracties, gericht op beleving van het polderlandschap. Het ontwikkelen van een boerencamping/-glamping of theetuin zou ook een positieve impuls kunnen geven. Linie Stelling van Voorne is in potentie een belangrijke drager voor nieuwe recreatievormen. In de aangewezen recreatieve zone langs het Haringvliet ten westen van Hellevoetsluis willen we de recreatieve potenties nog meer benutten. De Quackpolder maakt deel uit van deze recreatieve zone. Hier geven we ruimte aan extensieve recreatievormen en dagrecreatie in combinatie met groen en ruimtelijke kwaliteit.
Te denken valt aan een functie als een wellness die landschappelijk goed is ingepast en koppelkansen biedt met ambities op het gebied van klimaatadaptatie en natuur. 94 Omgevingsvisie Voorne aan Zee
Recreatieve kansen in de polders
Verkeersveilige polders en een bereikbaar Voorne aan Zee De polders vormen een dynamisch gebied waar landbouwverkeer, recreatief verkeer en (in de spits) ook sluipverkeer soms tot conflicten leidt en waar de leefbaarheid niet altijd in balans is. Dit komt bijvoorbeeld tot uiting in de infrastructuur, die niet overal berekend is op onder andere landbouwverkeer. We zetten in op verkeersveilige polders. Hiervoor is de medewerking nodig van WSHD als belangrijkste wegbeheerder van de wegen in het buitengebied. Daarnaast sorteren we voor op de verbreding van de N57. Specifieke koers per type polder Specifiek hebben we voor de veenpolders, oude zeekleipolders en jonge zeekleipolders hieronder nog aanvullende ambities. Koers veenpolders
In de veenpolders zetten we in op het behouden en waar mogelijk versterken van het relatief kleinschalige landelijke karakter met grondgebonden agrarische bedrijven (glastuinbouw uitgezonderd) als landschappelijke en functionele drager. In de veenpolders kunnen bestaande agrarische bedrijven groeien, voor zover dit noodzakelijk is gelet op de bedrijfsvoering en met aandacht voor de landschappelijke kwaliteit en inpassing. Grootschalige uitbreiding van agrarische bedrijven is in deze zone niet toegestaan, daarvoor is ruimte in de jonge zeekleipolders. De slingerende dijken behouden hun cultuurhistorische, recreatieve en ecologische waarden en zijn tevens het kralensnoer waar bebouwing langs gesitueerd is. Zo blijft het open landschap tussen dijkstructuren optimaal behouden. Binnen groene erven is ook bestaande bebouwing, als eilandjes aan weerszijden langs de rechte polderwegen middenin de veenpolders. De veenpolders behouden de belangrijke natuurlijke waarden, onder andere in de vorm van weidevogelgebied. 95 Omgevingsvisie Voorne aan Zee
We zetten in op herstel van kreken en de aanleg van ecologische verbindingszones en het afronden van het Natuurnetwerk Nederland. Hier kan ook aan worden bijgedragen door particuliere initiatieven zoals agrarisch natuurbeheer en natuuraanleg. Specifieke aandacht is er voor een populatie Noordse woelmuizen in de Holle Mare (een belangrijke doelsoort). Voor ontwikkelingen op recreatief vlak is ruimte. Gezien het karakter van de zone liggen kleinschalige voorzieningen in de vorm van combinatiegebruik bij bestaande functies het meest voor de hand, al zijn nieuwe, zelfstandige recreatieve functies niet uitgesloten. In beide gevallen dient de omvang en uitstraling van de recreatieve voorziening passend te zijn bij de karakteristieken van de veenpolders, dient de agrarische sector niet belemmerd te worden en mogen natuurwaarden niet worden aangetast. Nieuwe, meer bedrijfsmatige functies kunnen - afhankelijk van de specifieke functie en uitstraling - een risico vormen voor de ruimtelijke en functionele kwaliteiten van het buitengebied. Deze worden daarom hooguit in beperkte mate en onder voorwaarden toegestaan. Daarbij is het ook noodzakelijk dat de behoefte aangetoond moet worden, samen met de noodzaak om dit juist in deze zone te doen.
Indien dat aangetoond kan worden, dient sprake te zijn van netto kwaliteitsverbetering, bijvoorbeeld door sloop van (in onbruik geraakte) bebouwing of verharding of via een andere kwaliteitsimpuls. Tot slot geldt dat deze functies geen belemmering mogen vormen voor de agrarische bedrijvigheid en mogen natuurwaarden niet worden aangetast.
Koers oude zeekleipolders
In de oude zeekleipolders zetten we in op het behouden en waar mogelijk versterken van het relatief kleinschalige landelijke karakter met grondgebonden agrarische bedrijven (glastuinbouw uitgezonderd) als landschappelijke en functionele drager. Om deze positie van de grondgebonden agrarische bedrijven in stand te houden, is uitbreiding van bedrijfsbebouwing beperkt toegestaan met aandacht voor landschappelijke kwaliteit en inpassing. Naast deze voorwaarden, geldt een maximum van 2 ha per bedrijfscomplex (maximale omvang bouwvlak) voor deze agrarische bedrijven. De slingerende dijken door het gebied behouden hun cultuurhistorische, recreatieve en ecologische waarden en zijn tevens het kralensnoer waarlangs bebouwing is gesitueerd. Zo blijft het open landschap tussen dijkstructuren optimaal behouden. Binnen de groene erven is ook bebouwing, als eilandjes aan weerszijden langs de rechte polderwegen middenin de oude zeekleipolders. Binnen de oude zeekleipolders zetten we in op het behouden en versterken van natuurwaarden, zoals het herstel van kreken en de aanleg van ecologische verbindingszones. Hier kan ook aan worden bijgedragen door particuliere initiatieven zoals agrarisch natuurbeheer en natuuraanleg. Voor ontwikkelingen op recreatief vlak is ruimte.
Gezien het karakter van de zone liggen kleinschalige voorzieningen in de vorm van combinatiegebruik bij bestaande functies het meest voor de hand, al zijn nieuwe, zelfstandige recreatieve functies niet uitgesloten. In beide gevallen dient de omvang en uitstraling van de recreatieve voorziening passend te zijn bij de karakteristieken van de oude zeekleipolders en dient de agrarische sector niet belemmerd te worden. Nieuwe stedelijke en bedrijfsmatige functies kunnen - afhankelijk van de specifieke functie en uitstraling - een risico vormen voor de ruimtelijke en functionele kwaliteiten van het buitengebied. Deze worden daarom hooguit in beperkte mate en onder voorwaarden toegestaan. Daarbij is het ook noodzakelijk dat de behoefte aangetoond moet worden, samen met de noodzaak om dit juist in deze zone te doen. Indien dat aangetoond kan worden, dient sprake te zijn van netto kwaliteitsverbetering, bijvoorbeeld door sloop van (in onbruik geraakte) bebouwing of verharding of via een andere kwaliteitsimpuls. Tot slot geldt dat deze functies geen belemmering mogen vormen voor de agrarische bedrijvigheid en mogen natuurwaarden niet worden aangetast. 96 Omgevingsvisie Voorne aan Zee
Koers jonge zeekleipolders
In de jonge zeekleipolders zetten we in op het behouden en waar mogelijk versterken van het grootschalige en open landschap met grondgebonden agrarische bedrijven (glastuinbouw uitgezonderd) als landschappelijke en functionele drager. De jonge zeekleipolders bieden ruimte om bestaande agrarische bedrijven te laten groeien met aandacht voor landschappelijke kwaliteit en inpassing. Naast deze voorwaarden geldt een absoluut maximum van 2 ha per bedrijfscomplex (maximale omvang bouwvlak) voor agrarische bedrijven. Het grootschalige, planmatige en open landschap wordt begrensd door dijken en doorsneden door rechte polderwegen. Deze vormen de kralensnoeren waar bebouwing verspreid langs gesitueerd is. Zo blijft het open landschap behouden. Gezien de primair agrarische functie van de jonge zeekleipolders is nieuwvestiging van andere functies niet toegestaan. Indien het om bestaande functies gaat, is groei in beperkte mate toegestaan voor zover de noodzaak hiervan aangetoond kan worden, sprake is van landschappelijke inpassing en van netto kwaliteitsverbetering en de agrarische sector niet wordt belemmerd in zijn ontwikkelingsruimte. Voor kleinschalige ontwikkelingen op recreatief vlak bieden we ruimte, vooral in de vorm van combinatiegebruik bij bestaande boerderijen (verbreding van agrarische bedrijven en ondergeschikt aan de agrarische functie).
De mogelijkheden voor kleinschalige uitbreiding van bestaande campings zijn afhankelijk van de behoefte. Ze moeten landschappelijk ingepast worden en zorgen voor een kwaliteitsverbetering. We streven naar een unieke aanvulling die past bij de specifieke polder. Binnen de jonge zeekleipolders zetten we in op het behouden en versterken van natuurwaarden, zoals het herstel van kreken en de aanleg van ecologische verbindingszones. Hier kan ook aan worden bijgedragen door particuliere initiatieven zoals agrarisch natuurbeheer en natuuraanleg. In de recreatieve zone (en delen van de Quackpolder) langs het Haringvliet ten westen van Hellevoetsluis is ruimte voor dag- en verblijfsrecreatie.
Aansluitende beleidskaders Vigerende kaders voor het buitengebied blijven voorlopig de Omgevingsplannen Buitengebied Brielle en Buitengebied Westvoorne. Deze worden de komende jaren verwerkt in het Omgevingsplan Voorne aan Zee. Verder is het wenselijk om één Handboek Kwaliteitsverbetering Buitengebied Voorne aan Zee op te stellen en te gebruiken bij het afwegen en inpassen van initiatieven in het buitengebied. De eerder vastgestelde handboeken van Brielle en Westvoorne worden samengevoegd en ook Hellevoetsluis én de Landschappelijke Noordrand kunnen dan worden toegevoegd. Er wordt nader onderzocht of dit een op zichzelf staand document zal worden of dat de samenvoeging met de bestaande welstandsnota’s voor het stedelijk gebied gewenst is. Met het vaststellen van de Omgevingsvisie Voorne aan Zee zijn de Omgevingsvisie Landelijk gebied Brielle en de Omgevingsvisie Westvoorne komen te vervallen, evenals de structuurvisies Brielle en Hellevoetsluis. Na een herziening van het Omgevingsbeleid van de provincie Zuid-Holland vanwege lopende trajecten zoals de Ruimtelijke Puzzel Zuid-Holland en het Zuid-Hollands Programma Landelijk Gebied (ZH-PLG) kan de koers voor de polders mogelijk op onderdelen gewijzigd worden.
97 Omgevingsvisie Voorne aan Zee
3.8 Glastuinbouw
98 Omgevingsvisie Voorne aan Zee
Identiteit De voormalige gemeenten Brielle en Westvoorne zijn van oudsher een tuinbouwgebied. Al in het begin van de 19e eeuw vormde de tuinbouw een wezenlijk onderdeel van het dagelijks leven in deze gemeenten. De glastuinbouw deed al vroeg zijn intrede. Vanaf het begin van de 20e eeuw verschenen de eerste kassen op Voorne. Lang leek het of de ontwikkelingen stil stonden totdat eind jaren zestig een sterke groei plaatsvond van het glasareaal. Vanaf de jaren tachtig werd in een hoog tempo schaalvergroting doorgevoerd. In Voorne aan Zee bevinden zich op verschillende locaties concentraties van glastuinbouw waar groenten, bloemen en planten worden geteeld. Tussen Oostvoorne, Brielle en Tinte is een groot glasconcentratiegebied aanwezig en rondom Vierpolders ligt het glasconcentratiegebied Glaspark 4P. Verder zijn westelijk van de vesting van Brielle ook enkele kassen gelegen en een enkele kas nabij Hellevoetsluis of de dorpen Rockanje en Oostvoorne.
Glastuinbouw op Voorne aan Zee
De structuur voor het glastuinbouwintensiveringsgebied tussen Oostvoorne, Brielle en Tinte wordt gevormd door een landschappelijk raamwerk. Het landschappelijk raamwerk bevat de cultuurhistorische waarde van het gebied, het historisch systeem van dijken, wegen, ondergrondse infrastructuur en waterlopen. Het raamwerk geeft het glastuinbouwintensiveringsgebied een robuuste structuur voor nu en de toekomst. In het landschappelijk raamwerk is de verkeersstructuur opgenomen. Het landschappelijk raamwerk zorgt, naast de ontsluiting, voor het versterken van de ruimtelijke kwaliteit voor bewoners en bedrijven in het gebied én voor passanten, recreanten of omwonenden. De hoofdwatergang, een oude kreek centraal in het gebied gelegen, heeft een prominente plaats en is verbreed. De randen en dragers van het intensiveringgebied zijn ingericht als groenblauwe zone met brede bermen met bomen en andere beplanting. Het concentratiegebied voelt enigszins als een besloten enclave.
99 Omgevingsvisie Voorne aan Zee
Koers
100 Omgevingsvisie Voorne aan Zee