rvs strategisch huisvestingsplan bijlage 1 rapport
Tekst van het document
11 Deel van de investering komt van gemeentewege en een deel van de investering door het bevoegd gezag (mits dat past binnen de
investeringsbeperkingen die gelden).
www.icsadviseurs.nl
49/59
6.3 Lange termijn Dit betreft de periode 2031 - 2039. De lange termijn scenario’s zijn: ▪ Renovatie of vervangende nieuwbouw op één locatie ten behoeve van de Wissel en de Omnibus (2032): ─ Een ontwikkeling op de lange termijn biedt de mogelijkheid om de leerlingontwikkeling te monitoren, zodat bekeken kan worden of het leerlingenaantal inderdaad daalt of niet, zodat op moment van start uitvoering een beter besluit kan worden genomen over de te bouwen capaciteit; ─ De dislocatie van de Wissel is “pas” gebouwd in 2003; ▪ Renovatie Vlissingse Schoolvereniging (2034); ▪ Renovatie of vervangende nieuwbouw beide gebouwen Scheldemond College (2036-2037); ▪ Renovatie of vervangende nieuwbouw Graaf Jan van Nassauschool (2039).
6.4 Overige actiepunten ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
▪
Locatieonderzoek Scheldekwartier, actiehouder gemeente Vlissingen; Nader overleg tussen gemeente, schoolbesturen en woningcorporatie over de verbetering van de klimaatbeheersing van de Combinatie, actiehouder gemeente Vlissingen; Nader technisch onderzoek laagbouw Louise de Colignyschool, actiehouder schoolbestuur; Onderzoek verkeersveiligheid hoofdlocatie de Wissel, actiehouder gemeente Vlissingen; Monitoring vraag en aanbod het Kroonjuweel, actiehouder(s) schoolbesturen; Onderzoek verkeersveiligheid het Kroonjuweel, actiehouder gemeente Vlissingen; Nader overleg om afspraken te maken rondom door de brandweer en Veiligheidsregio geconstateerde aanpassingen ten behoeve van brandveiligheid van het Scheldemond College, actiehouder gemeente Vlissingen; Nader overleg over mogelijkheden vrije school onderwijs in de gemeente Vlissingen bij vrijval basisschool locaties, actiehouder schoolbestuur (CSW).
www.icsadviseurs.nl
50/59
Voor de komende twintig jaar betekent dit de volgende plannen:
www.icsadviseurs.nl
51/59
7. Financiën In de vorige hoofdstukken is beschreven wat de oplossingsrichtingen zijn per locatie en wat de fasering voor de korte-, middellange- en lange termijn is, om de geconstateerde knelpunten op te kunnen lossen. Om een goede en integrale afweging te kunnen maken, zijn in dit hoofdstuk de financiële consequenties inzichtelijk gemaakt.
7.1 Uitgangspunten In hoofdstuk 2.6 ‘Type maatregelen binnen SHP’ is reeds stilgestaan bij de verschillende scenario’s die te onderscheiden zijn binnen dit SHP. Voor elk van de scenario’s is aangegeven wie verantwoordelijkheid heeft voor het uitvoeren en wat het bijbehorende budget is. De uitgangspunten die hieruit voortvloeien met betrekking tot het bepalen van de investeringen worden hieronder ter verduidelijking nogmaals op een rij gezet. Bij het bepalen van de investeringen zijn verder de volgende uitgangspunten gehanteerd: ▪ Alle bedragen zijn inclusief btw en prijspeil maart 2020; ▪ Voor nieuwbouw wordt uitgegaan van een stichtingskostenbedrag van € 2.950,- per bruto m2 (inclusief een jaarlijkse indexering van 5% vanaf 2021 in de eerste drie jaar en 2,5% in de daaropvolgende jaren); ▪ De gemeentelijke bijdrage voor renovatie is maximaal 70% van de stichtingskostennorm voor nieuwbouw (€ 2.065,- per bruto m2) met een jaarlijkse indexering van 5% vanaf 2021 in de eerste drie jaar en 2,5% in de daaropvolgende jaren; ▪ De maximale bekostiging voor het verbeteren van het binnenklimaat (lichte renovatie) vanuit de gemeente bedraagt 30% van de stichtingskostennorm voor nieuwbouw (€ 885,- per bruto m2) inclusief jaarlijkse indexering van 5% vanaf 2021 in de eerste drie jaar en 2,5% in de daaropvolgende jaren; ▪ De maximale bekostiging voor verduurzamen (lichte renovatie) vanuit
de gemeente bedraagt 30% van stichtingskostennorm voor nieuwbouw (€ 885,- per bruto m2) inclusief jaarlijkse indexering van 5% vanaf 2021 in de eerste drie jaar en 2,5% in de daaropvolgende jaren; ▪ Het advies is om in de indexering voor de eerstkomende jaren bewust af te wijken van de gemeentelijk indexering, zodat in de financiële raming een marge wordt ingebouwd om eventuele prijsstijgingen in de eerste jaren te kunnen opvangen. ▪ Het realiseren van de duurzaamheidsambitie is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van de gemeente en schoolbesturen als mogelijke bouwheren. Hierin worden de wettelijke eisen ten aanzien van duurzaamheid gevolgd en deze zijn leidend; ▪ De gemeente is in het verlengde van nieuwe regelgeving verantwoordelijk voor de bekostiging van BENG en overige wettelijke voorschriften inzake verplichte energiemaatregelen; ▪ De schoolbesturen dragen bij aan het behalen van duurzaamheidsambities via een bijdrage. De relatieve bijdrage bedraagt circa 5 tot 10 procent van de totaallasten van de investering (onderbouwd door een businesscase per situatie).
De bijdrage bestaat uit exploitatiegerichte investeringen met een terugverdientijd binnen vijftien jaar (inclusief effect op de onderhoudskosten); ▪ Bij nieuwbouw wordt uitgegaan van een levensduur van 40 jaar; ▪ Bij renovatie wordt uitgegaan van ingrepen die de levensduur met 25 jaar verlengen; ▪ Bij investering wordt rekening gehouden met 10% voorbereidingskrediet in het jaar voor realisatie. Voor de indexering is het uitvoeringsjaar leidend; ▪ De ruimtebehoefte bij nieuwbouw is afgeleid uit de huidige leerlingenprognose en gebaseerd op de behoefte over twintig jaar. Deze afspraak is in consensus bepaald. Bij uitvoering van de plannen dient de ruimtebehoefte te worden herijkt op basis van actuele ontwikkelingen; ▪ Tenzij anders omschreven wordt er bij clustering van meerdere scholen uitgegaan van een investering voor nieuwbouw inclusief de vaste voet per brinnummer;
www.icsadviseurs.nl
52/59
▪
Voor tijdelijke huisvesting is uitgegaan van een eenmalige investering. Uitgaande van de normatieve ruimtebehoefte op het moment van uitvoering. Hierbij is rekening gehouden met een bedrag van € 300,per m² bvo (prijspeil maart 2020)12.
Uitsluitingen Kosten die niet zijn meegenomen in de berekeningen: ▪ Kosten voor aankoop grond en eventuele aanpassingen aan de infrastructuur/openbare ruimte; ▪ Kosten voor sloop van huidige gebouwen; ▪ Kosten voor grondsanering; ▪ Kosten voor asbestsanering; ▪ Kosten voor het verwijderen van tijdelijke huisvesting; ▪ Contextuele factoren/locatie gebonden kosten; ▪ Verhuiskosten; ▪ Mogelijke kosten voor eerste inrichting onderwijsleerpakket en meubilair (relatief beperkt); ▪ Kosten en baten bij het eventueel afstoten van locaties en gebouwen.
7.2 Totale investering SHP Op basis van de geschetste uitgangspunten is de benodigde investering van het SHP inzichtelijk gemaakt. Er wordt onderscheid gemaakt tussen de gemeentelijke investering en de investering die het schoolbestuur doet voor het realiseren van het gewenste ambitieniveau. Het SHP resulteert in een totaal investeringsvolume voor onderwijs voor de gemeente van € 54.560.000,-. Naam school
Aanpassing13
m² bvo
Uitvoeringsjaar
Investering
De Burcht-Rietheim
Vervangende nieuwbouw
1.460
2022
Aanbesteding loopt
De Tweemaster-Kameleon
Vervangende nieuwbouw
1.460
2022
Aanbesteding loopt
Kindcentrum Scheldekwartier
Nieuwbouw
2.664
2023
€ 7.860.000,-
Binnenklimaat verbeteren
-
2025
PM
Graaf Jan van Nassauschool
Binnenklimaat verbeteren
928
2025
€ 820.000,-
Scheldemond College Gymzalen gebouw Wielingen Kindcentrum Louise de Coligny + Theo Thijssen
Vervangende nieuwbouw (vooralsnog)
840
2026
€ 2.350.000,-
Nieuwbouw
3.418
2028
€ 10.080.000,-
De Wissel en de Omnibus
Renovatie of vervangende nieuwbouw
2.487
2032
€ 7.340.000,-
Vlissingse Schoolvereniging
Renovatie
1.231
2034
€ 2.540.000,-
4.035
2036
€ 11.900.000,-
3.031
2037
€ 8.940.000,-
924
2039
€ 2.730.000,-
-
-
PM
De Combinatie
Scheldemond College gebouw Sardijn Scheldemond College gebouw Wielingen Graaf Jan van Nassauschool
Renovatie of vervangende nieuwbouw Renovatie of vervangende nieuwbouw Renovatie of vervangende nieuwbouw
Afspraken gebruik Technum Totaal
-
€ 54.560.000,-
Tabel 11 – Investeringskosten prijspeil 2020 12 Het betreft een kengetal. Ons advies is per situatie meerdere offertes aan te vragen om een actueel inzicht in de kosten te krijgen. 13 Bij scholen waar renovatie of vervangende nieuwbouw vermeld staat wordt in het berekenen van de investering uitgegaan van het
maximale scenario, namelijk vervangende nieuwbouw. Bij uitvoering van het project zal bekeken moeten worden of renovatie of vervangende nieuwbouw aan de orde is en welke investeringen daadwerkelijk benodigd zijn.
www.icsadviseurs.nl
53/59
In bijlage 6, de financiële vertaling, staat tevens vermeld bij welke scenario’s tijdelijke huisvesting mogelijk aan de orde is (opgenomen als PM-post) en bij welke scenario’s een koppeling met kinderopvang zou kunnen worden gemaakt. De verwachtte extra investeringen voor het realiseren van kinderopvang bij de scholen staan vermeld in het overzicht in bijlage 6.
www.icsadviseurs.nl
54/59
8. Gewenste prioritering Zoals in paragraaf 1.6 werd vermeld is dit SHP in overleg tussen gemeente, schoolbesturen en opvangorganisatie(s) tot stand gekomen. Daarin hebben alle partijen een akkoord gesloten over de visie en ambitie op onderwijshuisvesting. Er is echter geen akkoord gesloten over de prioritering en uitwerking zoals opgenomen in hoofdstuk 6 en 7. De schoolbesturen hebben aangegeven dat er nadrukkelijk een hoge noodzaak is om, waar mogelijk, projecten eerder uit te voeren. Aan de gemeente wordt verzocht dit mogelijk te maken gelet op de urgentie bij gebouwen om investeringen te plegen. Het verzoek om projecten eerder uit te voeren heeft betrekking op projecten waar het verbeteren van het binnenklimaat aan de orde is en de vervangende nieuwbouw van de Louise de Colignyschool en de Theo Thijssen. Verbeteren binnenklimaat Een optimaal binnenklimaat is belangrijk voor het welbevinden van leerlingen en onderwijspersoneel in de school. Daarnaast zijn de leerprestaties in een goed geventileerde onderwijsruimte beter en worden aanwezigen minder blootgesteld aan voor de gezondheid nadelige binnenmilieufactoren14. De update van het binnenklimaat is ook in de gemeente Vlissingen al jaren een thema. Gezien de actualiteit met betrekking tot het ventilatievraagstuk vraagt dit daarom dringend om prioriteit binnen het nu voorliggende investeringsplan.
Concreet betekent dit dat het voorstel is om het verbeteren van het binnenklimaat in De Combinatie en de Graaf Jan van Nassauschool niet in 2025 uit te voeren, maar zo snel mogelijk (bij voorkeur in 2021). Vervangende nieuwbouw Louise de Colignyschool en Theo Thijssen De schoolbesturen geven aan dat de bouwkwaliteit van deze scholen dermate slecht is dat ze steeds te maken krijgen met hogere onderhoudskosten en enige zorgen ontstaan over de veiligheid van kinderen en medewerkers door het steeds onverwacht ontstaan van storingen en gebreken. Vanuit Stichting Onze Wijs en Archipel Scholengroep, en de kinderopvang heeft deze nieuwbouwontwikkeling de hoogste prioriteit. Concreet betekent dit dat het voorstel is om de vervangende nieuwbouw niet in 2028 uit te voeren, maar in 2025.
14 Bron: Ruimte-OK: https://www.ruimte-ok.nl/kennis-en-voorbeelden/kennisbank/handreiking-optimaal-ventileren-op-scholen
www.icsadviseurs.nl
55/59
9. Slotsom en aanbeveling 9.1 Slotsom Het voorliggende SHP is met een nauwgezet proces en in constructief overleg met de gemeente, de schoolbesturen en opvangorganisaties tot stand gekomen. Het afsprakenkader dat gezamenlijk is opgesteld, geeft een helder perspectief voor de huisvesting van kindcentra in de gemeente Vlissingen. Dit afsprakenkader bevat tevens concrete spelregels voor de uitvoering van de plannen binnen dit SHP. Met de uitvoering van dit SHP worden daarnaast de grootste knelpunten in de huisvesting opgelost en duidelijke keuzes gemaakt per gebied. Na de realisatie kan de kwaliteit van het overgrote deel van de schoolgebouwen in de gemeente als goed worden aangemerkt.
9.2 Aanbevelingen Onze aanbevelingen zijn onderverdeeld in twee categorieën: (1) aanbevelingen voor het proces en (2) aanbevelingen voor de realisatie van projecten in het SHP. Proces ▪ Voer om de vier jaar een actualisatie uit van het SHP. Maak daarbij duidelijke procesafspraken; ▪ Stel om de 2 jaar een leerlingenprognose op en monitor vraag en aanbod (ruimtebehoefte en capaciteit); ▪ Hanteer de gemaakte factsheets door deze tweejaarlijks te actualiseren qua ruimtegebruik en beoordeling van de gebouwen. Dit is tevens een mooi instrument om de gemeenteraad op de hoogte te houden van de vorderingen en resultaten vanuit het SHP; ▪ Blijf gezamenlijk werken aan de nadere uitwerking van de duurzaamheidsambities voor de kindcentra in het SHP waarbij de landelijke ontwikkelingen nauwgezet gevolgd worden.
www.icsadviseurs.nl
56/59
Realisatie projecten SHP ▪ Stel een uitvoeringsprogramma op waarin staat omschreven welke stappen dienen te worden gezet, wie welke rol daarin heeft en welke (detail)planning wordt aangehouden. Het uitvoeringsprogramma en de voortgang van de realisatie van het huisvestingsplan dienen jaarlijks terugkerend tussen gemeente, schoolbesturen en opvangorganisaties te worden besproken. ▪ Stel een Plan van Aanpak op voor het hergebruik of de herontwikkeling van, op termijn, vrijvallende locaties. ▪ De realisatie van het huisvestingsplan heeft impact op een groot aantal leerlingen, ouders en bewoners. Communiceer gezamenlijk (gemeente, schoolbesturen, opvangorganisaties en eventueel bepaalde zorginstellingen) over de plannen en de planning.
www.icsadviseurs.nl
57/59
Bijlagendocument Als bijlage aan dit SHP is een bijlagedocument opgenomen met de volgende bijlagen: Bijlage 1 – Toelichting factsheets Bijlage 2 – Factsheets schoolgebouwen Bijlage 3 – Woningbouwontwikkelingen en prognose woningvoorraad Bijlage 4 – Eigen prognose schoolbesturen Bijlage 5 – Scenariokaarten Bijlage 6 – Financiële vertaling
www.icsadviseurs.nl
58/59
De hoogste kwaliteitseisen aan onze dienstverlening. Een goed gebouw begint met het beste idee. Colofon Datum: Auteur(s):
30 april 2021 Onno Damen en Marieke Slits
info@icsadviseurs.nl 088 - 235 04 27
www.icsadviseurs.nl www.icsadviseurs.nl
59/59 Onderdeel van ICS Ruimteregiegroep BV