RIB Jaarverslag 2024 Mondia Scholengroep bijlage 1 Jaarverslag 2024 en Jaarrekening 2024
Tekst van het document
25
Cao-middelen t.b.v. collectieve werkdrukvermindering De middelen die in 2024 zijn uitgekeerd voor collectieve werkdrukmiddelen hebben wij toegevoegd aan de bestemmingsreserve Werkdrukverlichting. Ultimo 2024 is deze reserve ca. € 1.031.000. In eerste instantie is er geen direct beleid gevoerd om deze middelen in te zetten. Vanaf 2023 wordt er, onder begeleiding van de leden van de PMR, gericht actie ondernomen om deze gelden zo efficiënt mogelijk in te zetten. Iedere vestiging maakt hierin zijn eigen, afgewogen keuzes.
3.3 NPO
Schoolscan en Menukaart Naar aanleiding van een Schoolscan en op basis van een Menukaart is vlak voor de zomer van 2021 een NPO-programma voor de Mondia Scholengroep geschreven waarin we zo concreet mogelijk benoemen wat we in de daaropvolgende jaren wilden gaan doen om opgedane vertragingen in het onderwijsproces weg te werken en de brede ontwikkeling (cognitief, executief, socialiserend, persoonsvormend en welbevinden) van al onze leerlingen te versterken. We hebben geprobeerd het NPO niet te zien als losstaand project, maar hebben zoveel mogelijk aansluiting gezocht bij al lopende initiatieven in de scholen, maar ook bij ambities die wij hadden verwoord in ons koersplan 2021-2024, zodat ook na afloop van de NPO-planperiode de ingezette interventies zoveel mogelijk kunnen worden gecontinueerd en geborgd. Daarom hebben we de NPO-gelden toen op de korte termijn ingezet voor maatregelen, die vertragingen van leerlingen verhielpen en werkdruk van medewerkers verlichtten en op de langere termijn voor maatregelen, die een duurzaam effect hebben op de onderwijsresultaten en aansluiten op de onderwijskundige keuzes die al waren gemaakt. Ons NPO-programma is tot stand gekomen op basis van een gedegen analyse van de resultaten van de schoolscans die in onze twee scholen met in totaal vier locaties zijn opgesteld.
Vervolgens hebben we de analyse uitgewerkt naar concrete doelen en hebben we passende en (bewezen) effectieve maatregelen uit de menukaart gekozen. Deze hebben we besproken met onze teams en met de GMR. We hebben onze ambities en plannen in een zestal thema’s uitgewerkt in een planmatig programma. Met het programma voor 2022/2023 was 2,9 miljoen euro gemoeid. De ontvangen NPO-gelden mogen wel t/m juli 2025 besteed worden. En dat gebeurt ook, alhoewel het merendeel besteed zal zijn op 1-8-2024. De plannen zijn grotendeels gerealiseerd en we zullen als organisatie moeten wennen aan het feit, dat deze extra middelen er niet meer zullen zijn. Veel extra, zeer welkome en gewaardeerde ondersteuning valt weg en dit gecombineerd met de voor ons nu echt voelbare negatieve gevolgen van de Vereenvoudiging Bekostiging, maken de uitdagingen naar de nabije toekomst groot.
26
4.
BEDRIJFSVOERING
4.1 FACILITAIR
De Mondia Scholengroep heeft de beschikking over vier, in het algemeen redelijk geoutilleerde gebouwen, op drie locaties in Middelburg en Vlissingen.
Locatie Nehalennia Breeweg Middelburg: schoolgebouw voor havo en vwo van Nehalennia SSG
Locatie Nehalennia Kruisweg Middelburg: schoolgebouw voor vmbo en mavo van Nehalennia SSG
Locatie Scheldemond College, Weyevlietplein Vlissingen: campusachtig terrein met schoolgebouwen Wielingen voor vmbo en mavo en Sardijn voor havo en vwo.
De Mondia Scholengroep maakt in de sector techniek van het vmbo gebruik van het Technum in Vlissingen, een gebouw dat eigendom is van Scalda, het ROC van Zeeland. Ook waren leerlingen van de Mondia Scholengroep in 2024 te vinden in het ISK aan de Griffioenstraat, de stuctuurgroepen aan de Eisenhowerlaan, de viaBit groep bij Educonsult of men volgde lessen in het volwassenonderwijs van Scalda in Middelburg. Bewegingsonderwijs Voor het bewegingsonderwijs maken beide scholen binnen Mondia Scholengroep gebruik van een mix van eigen faciliteiten en gemeentelijke sportaccommodaties. Nehalennia SSG maakt, naast de eigen gymzalen, gebruik van sportaccommodatie De Sprong en diverse andere gymzalen binnen de gemeente Middelburg. Ook worden de gemeentelijke sportvelden in Middelburg ingezet voor de lessen lichamelijke opvoeding. Het Scheldemond College maakt in 2024 eveneens gebruik van een combinatie van eigen voorzieningen en externe locaties. Dit betreft onder andere de sportzalen van Baskensburg en de sportvelden binnen de gemeente Vlissingen. Beide scholen maken daarnaast incidenteel gebruik van aanvullende sportvoorzieningen in zowel Middelburg als Vlissingen, zoals sportscholen en het zwembad. De sportverenigingen waarmee het Scheldemond College samenwerkt, beschikken over en organiseren hun eigen sportfaciliteiten.
Onderhoud Voor alle gebouwen binnen de scholengroep is een meerjarig onderhoudsplan (MJOP) beschikbaar. In de loop van 2024 is dit plan volledig herzien op basis van een actuele nulmeting en herijkt aan de hand van de geldende marktprijzen. Naast het planmatig onderhoud vindt ook regulier, contractueel gebonden onderhoud plaats. Dit betreft onder meer schoonmaakdiensten, onderhoud aan installaties, glasbewassing, vloeronderhoud, binnen schilderwerk, (vervangings)investeringen en maatregelen voortvloeiend uit 27
de risico-inventarisatie & -evaluatie (RI&E). Ook zijn investeringen gedaan ter bevordering van energiezuinige huisvesting. In de loop van 2024 zijn daarnaast diverse specifieke werkzaamheden uitgevoerd en/of investeringen gerealiseerd, waaronder: Nehalennia Breeweg: het creëren van een nieuw kantoor voor de teamleider van de brugklas, aanpassingen in de praktijklokalen, het vervangen van de huidige verlichting d.m.v. led-panelen en het verbeteren van het straatwerk op het schoolplein. Nehalennia Kruisweg: het bouwen van een nieuwe mediatheek, de start van de renovatie van het dak van het theater, het vervangen van de huidige verlichting d.m.v. led-panelen en het vervangen van enkele installaties in de bakkerij. Scheldemond College, gebouw Wielingen: vervangen van enkele groepenkasten en regulier schilderwerk. Een aantal onderhoudsklussen zijn doorgeschoven naar het volgende boekjaar. Scheldemond College, gebouw Sardijn: het vernieuwen van de cateringkeuken en de personeelskamer, het installeren van nieuwe dak ventilatoren en regulier buitenschilderwerk.
4.2 ICT EN APPLICATIES
Leermiddelen en ICT Binnen het palet van leermiddelen neemt ICT een steeds prominentere plek in, nadrukkelijk als middel, niet als doel. Ten tijde van corona heeft dit een enorme boost gekregen, in de afgelopen jaren is te zien dat weer veel van die verworvenheden op de achtergrond zijn geraakt. In de volle breedte van de school is het concept van blended learning wel steeds dominanter. Het van schoolwege verstrekte device wordt ingezet wanneer dit van toegevoegde waarde is op de meer traditionele folio-leermiddelen. Denk daarbij aan remediale programma’s, tempo- of niveaudifferentiatie en steeds meer ook al echt interactieve toepassingen in de adaptieve sfeer. Op dit moment zijn alle gebouwen per verdieping voorzien van gemakkelijk in te zetten Chromebookkarren. Daarnaast wordt de ICT-inventaris na afschrijving vervangen. Een groot probleem is dat door het steeds intensievere gebruik en het ontbreken van eigenaarschap de kosten voor het op orde houden van de Chromebooks te hoog worden. Er is een beleidsplan Digitale geletterheid ontwikkeld en in uitvoering. De daarvoor aangestelde digicoaches op de locaties zijn onder leiding van een externe projectleider bezig met de verdere planontwikkeling- en uitvoering. Bij alle vakken/leer-gebieden zullen en willen we op alle fronten de inzet van ict substantieel vergroten, zeker met de ontwikkelingen op AI-gebied.
Er is in dit kader ook een plan ontwikkeld om te gaan werken met een mobiele device voor en van elke leerling in het kader van het project Digitale Geletterdheid. De invoering daarvan heeft helaas vertraging opgelopen en zal niet eerder dan het schooljaar 25-26 met een pilot op de locatie Kruisweg van start kunnen gaan. De implementatie van mobiele devices voor OP en OOP is wel afgerond in 2024.
28
Zermelo, SOM, HR2day en AFAS Het rooster- en formatieprogramma Zermelo raakt steeds beter gevuld en wordt in toenemende mate ingezet t.b.v. prognose-doeleinden en personeelsplanning. SOMtoday biedt leerlingen en hun ouders toegang tot de cijferregistratie, het aanwezigheidsbeheer, het huiswerk en de dagroosters. In HR2day zijn de personeelsdossiers, portfolio’s en de gesprekkencyclus grotendeels gedigitaliseerd. In 2024 zijn voorbereidingen getroffen om de gehele personeelsadministratie inclusief digitale processen met ingang van 2025 over te hevelen van HR2day naar AFAS-HR. Informatiebeveiliging en privacy (IBP) In 2024 heeft Mondia Scholengroep gewerkt aan het neerzetten van een gedegen basis op het gebied van informatiebeveiliging en privacy, met als uitgangspunt het principe van security by design. Dit betekent dat bij nieuwe processen, systemen en keuzes structureel aandacht is besteed aan veiligheid en gegevensbescherming, ook al bevond dit zich nog in een opbouwfase. In het voorjaar van 2024 zijn scholen in Nederland indirect geraakt door een grootschalig beveiligingsincident bij leermiddelenleverancier Iddink. Ook Mondia is als afnemer van Iddink hierdoor geraakt: persoonsgegevens van leerlingen waren potentieel toegankelijk via de getroffen systemen.
Hoewel de verantwoordelijkheid bij de leverancier lag, heeft Mondia intern capaciteit vrijgemaakt voor opvolging en communicatie rondom het incident. Onze medewerker functioneel beheer heeft hierin een coördinerende rol vervuld richting scholen en ouders. Binnen de stichting zijn in 2024 geen datalekken gemeld bij de Autoriteit Persoonsgegevens. Er is nog geen formele interne audit uitgevoerd, ondanks vragen hierover vanuit de accountant. Een eerste verkenning naar de inrichting van interne controles is opgenomen in de plannen voor 2025. In het kader van de samenwerking met CSW zijn we in 2024 tevens gestart met de voorbereidingen voor een gezamenlijke IBP-aanpak. In een startdocument zijn de benodigde rollen en structuren beschreven, waaronder die van FG, Privacy Officer, Security Officer en eventuele Manager IBP. Vanaf 1 januari 2026 wordt actief gewerkt aan implementatie van het Normenkader IBP FO.
4.3 GROENE, DUURZAME EN GEZONDE SCHOOL
De Gezonde School Dit thema valt in feite zowel onder onderwijs als bedrijfsvoering. Juist de transfer vinden we belangrijk. Bijvoorbeeld bij afvalscheiding, het behalen van vignetten en bij vergroening van gebouwen en terreinen worden nadrukkelijk ook leerlingen betrokken in het kader van het lesprogramma. De ‘Gezonde School’ is een initiatief van de ministeries van VWS Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport , SZW Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid , EZ Ministerie van Economische Zaken en OCW Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen. Landelijke kennis- en onderzoeksinstituten werken hierin samen, ondersteund door branche- en koepelorganisaties. Het initiatief Gezonde School helpt scholen om doelgericht en efficiënt te werken aan de gezondheid van leerlingen. Daarmee maakt je een gezonde leefstijl als school vanzelfsprekend en die boodschap meegeven aan onze leerlingen is belangrijk, voor nu en voor later. 29
Wat levert Gezonde School op voor onze leerlingen?
Leerlingen die gezond zijn, zitten vaak ook lekkerder in hun vel. Dat draagt bij aan betere schoolprestaties en het terugdringen van voortijdig schoolverlaten. Leerlingen maken sneller een gezonde keuze en hebben daar ook later in hun leven iets aan.
De Mondia-scholen hebben de volgende certificaten:
Themacertificaat Relaties en seksualiteit Themacertificaat Voeding Themacertificaat Sport en bewegen:
Vergroening Onder invloed van de Groene Revolutie hebben werkgroepen in onze scholen de schoolgebouwen en terreinen de afgelopen jaren aangepakt als leefomgeving. Biodiversiteit, afvalscheiding, binnenklimaat, energiebesparing, gezonde voeding en meer bewegen zijn samenhangende thema’s, die steeds meer aandacht hebben gekregen in ons onderwijs in combinatie met ons facilitair bedrijf.
4.4 PERSONEEL EN ORGANISATIE
4.4
Personeel en organisatie
Van Integraal personeelsbeleid naar levensfasebewust personeelsbeleid Mensen zijn de bouwstenen van onze organisatie. Onderwijs is mensenwerk. Het personeelsbeleid vormt zoveel als mogelijk een samenhangend geheel, waarbij door visie en missie ingegeven uitgangspunten, kaders en doelstellingen consistent worden gehanteerd. De integraliteit van ons IPB is ver doorgevoerd en wordt voor beide scholen in hoge mate op elkaar afgestemd. Hierin wordt niet alleen aandacht besteed aan het individu, maar ook aan organisatorische vraagstukken binnen de school, managementstijlen, competentiemanagement, betrokkenheid en welbevinden. In 2024 wordt, onder andere in het kader van duurzame inzetbaarheid, de lijn van levensfasebewust personeelsbeleid verder doorgezet. Levensfasebewust personeelsbeleid richt zich in essentie op alle medewerkers, ongeacht hun leeftijd. Uitdagingen waar scholen nog steeds voor staan zijn: hoe behouden we de oudere leerkracht, hoe bieden we voldoende ruimte en passende begeleiding aan de jonge leerkrachten en hoe motiveren we ervaren leerkrachten? Een goed levensfasebewust personeelsbeleid levert de school een aantal winstkansen op: dalende verzuimkosten; meer gemotiveerde medewerkers; effectievere inzet van personeel; langer behoud van kennis en expertise; minder lesuitval; meer eigen verantwoordelijkheid van de medewerkers voor hun loopbaan.
Vanuit deze gedachte is in 2017 de ‘regeling generatiepact Mondia Scholengroep’ ontwikkeld. De regeling is in 2022 voor 4 jaar verlengd en zorgt er in essentie voor dat oudere medewerkers op een verantwoorde manier (desgewenst) af kunnen bouwen naar de pensioenleeftijd toe. Deze 30
verlofvorm wordt gedeeltelijk bekostigd door de werkgever met behoud van volledige pensioenopbouw. Hierdoor ontstaat er meer formatieve ruimte voor jongere collega’s, aanvullend kunnen hierdoor de gevolgen van de krimp beter opgevangen worden. Vanaf het begin van het schooljaar 2018/19 konden werknemers voor het eerst gebruik maken van de regeling. Ongeveer 40% van de ‘gerechtigden’ heeft hier in 2024 ook feitelijk gebruik van gemaakt. Professionalisering Professionalisering is een belangrijk element in het personeelsbeleid, evenals alle zaken die daaruit voortvloeien. Het Human Resource Management (HRM) van een school draait eerst en vooral om de vrouw of man voor de klas. Het is tevens één van de ‘antwoorden’ op het lerarentekort en een hoofdelement in het tegengaan van (een beleving van) grote werkdruk. Professionalisering helpt medewerkers beter toegerust te zijn en beter in staat te zijn ‘onderwijs en ondersteuning op maat’ te leveren voor de leerlingen. We leren steeds beter om meer gebruik te maken van in de scholen aanwezige kennis en kunde en deze door middel van good practices. In 2024 is, in lijn met de locatie-specifieke strategiekaarten, een nieuw (meerjarig) professionaliseringsplan opgesteld waarmee Mondia zich zowel richt op de individuele doelstellingen van de scholen alsook op de doelstellingen die voor Mondia als geheel van toepassing zijn.
Strategisch Personeelsbeleid Steeds meer wordt het personeelsbeleid doelgericht gekoppeld aan de strategische koers van een organisatie, zo ook bij Mondia. Om de doelen van de organisatie te bereiken moet er daarbij passend personeel worden aangetrokken respectievelijk in zittend personeel worden geïnvesteerd. Dit betekent dat in alle stadia van een schoolloopbaan het HRM-beleid wordt geënt op de langjarige koers van de organisatie, dus werving en selectie, opleiding en om-, bij- en nascholing, promotie, levensfasebewust personeelsbeleid e.d. Rekening houdend met het feit dat een deel van de strategische ambities gedeeld worden met andere onderwijsinstellingen in Zeeland is in 2024 verder gewerkt aan een aantal gemeenschappelijke doelstellingen op het gebied van opleiden van nieuwe leerkrachten, het (door)ontwikkelen van een professionele leercultuur en het binden en boeien van huidige medewerkers. Zeeuwse Onderwijsregio (ZOR) Het met succes verwerven van een forse subsidie voor de Zeeuwse Onderwijsregio heeft onder andere de ‘Zeeuwse HRM-offensief’, na uitputting van de projectsubsidie RAP, een impuls gegeven t.b.v. strategische vervolgstappen. Binnen deze onderwijsregio zullen schoolbesturen en de opleidingen tot leerkracht/docent en kindprofessional regionaal samen optrekken om te komen tot een gezonde opleidings- en arbeidsmarkt.
In Zeeland zijn voor en door alle onderwijskolommen de regionale opgaven in kaart gebracht met betrekking tot het werven, matchen, opleiden, begeleiden en professionaliseren van personeel. Mondia investeert tezamen met alle deelnemende PO, VO, MBO en HBO scholen in de provincie in deze gezamenlijke aanpak die, op termijn, naar verwachting in meerdere opzichten bij zal dragen aan een kwalitatief en kwantitatief impuls. Gesprekscyclus Beide scholen werken met een vaste gesprekscyclus, die beschouwd wordt als de basis voor de uitvoering van een goed Integraal Personeelsbeleid. Deze cyclus werd in 2012 geharmoniseerd en 31
in 2016 op een HRM-leest geschoeid. Ter aanvulling op een inhoudelijk gesprek over ontwikkelpunten en ambities is, naast de vastgestelde ‘Rubrics’ LB-C-D, in 2022 ‘270 gradenfeedback’ als instrument geïntroduceerd ter aanvulling en verrijking van de gesprekkencyclus. Docenten en, op verzoek, leidinggevenden en ondersteuners kunnen hierdoor feedback van leerlingen en leiding om het jaar betrekken bij het formuleren of bijstellen van de ontwikkelambitie(s). In 2024 zijn gesprekken gevoerd over een verdere uitbreiding van '270 feedback' naar '360 feedback'. Naast feedback van leiding en leerling zou nu ook feedback van collega's betrokken worden bij de evaluatie. Medewerkers kunnen de bevindingen uit een 270 graden feedbackrapport inzetten om de ontwikkelgesprekken inhoudelijk verder te verrijken. De voornoemde ontwikkelgesprekken worden digitaal geregistreerd en zijn voorzien van een zevental “brandende” vragen gericht op evalueren en vooruitkijken. Hierbij is het uitgangspunt dat de medewerker zélf hoofdeigenaar is van zijn haar ontwikkeling, onder andere doordat hij -in eerste aanleg- het verslag schrijft. Functiemix Het is inmiddels goed gebruik om in het najaar samen met de PGMR te onderzoeken of er vacatureruimte gaat ontstaan voor nieuwe LC- en LD-functies. Uitgangspunt is dat we jaarlijks beoordelen in welke mate de scholen voldoen aan de streefpercentages.
De streefpercentages worden ons (vanaf 2014) door de overheid opgelegd en zijn voorzien van een passend budget. In 2024 werd op onze scholen vastgesteld dat er nagenoeg geen promotieruimte vrijgegeven kon worden op niveau LC/LD, derhalve werd in 2024/2025 geen vacatureruimte vrijgegeven. Mobiliteit De kwaliteit van het onderwijs binnen de scholen van de Mondia Scholengroep kan alleen worden gewaarborgd met gemotiveerde, goed opgeleide medewerkers. Mobiliteit, intern zowel als extern, zowel horizontaal als verticaal, kan een belangrijke bijdrage leveren aan de kwaliteit van de mensen en dus aan het onderwijs van de instelling. De Mondia Scholengroep heeft het beleid rondom mobiliteit vastgelegd in een mobiliteitsplan. Het voornoemde plan is vastgesteld met instemming van de personeelsgeleding van (toen nog) de twee medezeggenschapsraden. Een enkele keer wordt dit plan geraadpleegd inzake “blije” mobiliteit; slechts één keer tot nu toe om de regels m.b.t. gedwongen mobiliteit correct toe te kunnen toepassen. Beheersing van uitkeringen na ontslag We hebben in beeld welke ex-medewerkers een beroep doen op een uitkering en toetsen de rechtmatigheid daarvan voor zover mogelijk. Dit contingent omvat in 2024 12 ex-medewerkers waarvoor we ruim € 37.500,--aan uitkeringskosten moeten bijdragen.
Om te voorkomen dat dit contingent groeit zetten we tijdig in op interventies om doorstroom van werk naar werk te bevorderen, denk aan loopbaanscans, opleidingsmogelijkheden en ondersteuning bij sollicitatie. Ook maken we het mogelijk dat mensen die bij ons weg moeten als gevolg van boventalligheid of onvoldoende functioneren, in eerste instantie worden gedetacheerd naar een nieuwe werkgever. En ten slotte bieden we werknemers die overbelast zijn de mogelijkheid om door middel van partieel onbetaald verlof te verkennen of een betere balans mogelijk is tussen werk en privé. Arbeidsomstandigheden & veiligheid In 2024 is een nieuwe RI&E uitgevoerd voor de hele organisatie. Naast de fysieke veiligheid is ook extra aandacht geschonken aan de (psycho)sociale arbeidsbelasting en veiligheid. 32
Verder beschikt de Mondia Scholengroep in 2024 over vijf interne en één externe vertrouwenspersoon. De vertrouwenspersonen vervullen een belangrijke rol binnen de organisatie en koppelen jaarlijks (altijd geanonimiseerd) terug hoeveel gespreek zijn gevoerd en welke onderwerpen besproken zijn. In 2024 hebben de vertrouwenspersonen 15 medewerkers, leerlingen ouders of voogden gesproken over diverse meldingen. Allocatie van middelen naar schoolniveau Mondia kent één begroting die inzicht biedt in deelbegrotingen per locatie en schoolgebouw. Materiële en personele budgetten worden toegekend op basis van (de ontwikkeling van) leerlingenaantallen. De ratio’s die DUO hanteert -en die variëren per opleiding en per personeelsgeleding- worden in principe door vertaald naar de vestigingen. De vaste voeten vanuit de bekostigingsgrondslag en de overstijgende diensten (verzorgd door de koepel) worden naar rato verdeeld. De wijze van allocatie wordt in het CMT met de directeuren, het hoofd bedrijfsvoering en de HR-manager besproken en vervolgens vastgesteld. De opbouw van het personeelsbestand in 2024 In 2024 waren er (op 31 december 2024) 333 personen in dienst met een totaal van 274,31 FTE die als volgt zijn verdeeld: tabel: Personeelsformatie Mondia Scholengroep op 31 december 2024
DIR
WTF
OP
WTF
OOP/OBP
WTF
Pers. totaal
WTF totaal
Nehalennia SSG
6
5,80
131
107,17
62
44,24
199
157,20
Scheldemond College
4
3,80
73
65,96
42
29,13
119
98,90
Koepel
5
5,00
0
0,00
18
13,21
23
18,21
Mondia Scholengroep (totaal)
15
14,60
204
173,13
122
86,58
341
274,31
Het aantal medewerk ers op 31 december 2024 is 341 (8 personen zijn werk zaam op twee scholen) zie toelichting
De bovengenoemde tabel bevat ook de informatie over vijf medewerkers die gedetacheerd worden (tezamen goed voor ca. 1,6 FTE op 31-12-24). Ten opzichte van 2023 kan hierdoor, rekening houdend met het voornoemde, een daling waargenomen van effectief 2 medewerkers. Gekeken naar een totaal aan FTE’s over de gehele Scholengroep zien we een daling van ca. 3,68 FTE. Let wel, de voornoemde stijgingen zijn relatief daar de formatiecijfers ook projectmatig inzet bevatten in het kader van het Nationaal Programma Onderwijs, collectieve werkdrukmiddelen, basisvaardigheden, etc. Indien we de projectformatie (opgeteld 24,1 FTE op 31 december 2024) in mindering brengen kan vastgesteld worden dat er 322 medewerkers in loondienst zijn, tezamen goed voor 250,21 FTE.
33
Op 31 december 2024 kan 70,8 FTE toegerekend worden aan de tijdelijke formatie (incl. vervanging). Deze ‘tijdelijke schil’ bestaat derhalve uit ca. 25,4% van de totale formatie. Dit is nagenoeg ongewijzigd t.o.v. 2023. Met het oog op kwalitatieve frictie blijft actief gestreefd worden naar een voldoende grote flexibele schil. tabel: verschillende aanstellingsvormen binnen de Mondia Scholengroep op 31 december 2024
DIR vast
DIR tijdelijk
DIR vervanging
OP vast
OP tijdelijk
OP vervanging
OOP/OBP vast
OOP/OBP tijdelijk
OOP/OBP vervanging
totaal
Nehalennia S.S.G.
5,40
0,00
0,40
79,51
23,99
3,67
27,81
13,11
3,32
157,20
Scheldemond College
3,80
0,00
0,00
51,45
13,94
0,57
20,58
7,37
1,18
98,90
Koepel
4,00
1,00
0,00
0,00
0,00
0,00
12,49
0,73
0,00
18,21
Mondia Scholengroep (totaal)
13,20
1,00
0,40
130,96
37,93
4,24
60,88
21,21
4,50
274,31
Als de leeftijdsopbouw in beschouwing genomen wordt kan geconcludeerd worden dat Mondia in 2024 nog steeds beschikt over een gelijkmatige verdeling van personeel over de verschillende leeftijdscategorieën. Opvallend is wel dat Nehalennia, gemiddeld genomen, beschikt over meer ‘jonge’ werknemers (categorieën 15 t/m 44) dan het Scheldemond College en relatief minder medewerkers in dienst heeft binnen de categorie 60+. Banenafspraak De Mondia scholengroep heeft in 2024 één Wajonger met arbeidsvermogen in loondienst, verder zijn er geen mensen met een Wsw-, Wiw – indicatie of IDbaan in loondienst. De medewerker met een Wajong uitkering is niet in staat zelfstandig het wettelijk minimumloon te verdienen en valt hierdoor onder de scope van de banenafspraak. Onze scholengroep voert verder geen actief beleid om te voldoen aan een bepaald quorum, wel geldt dat medewerkers die vallen onder de doelgroep banenafspraak mee mogen solliciteren en er, bij gebleken geschiktheid, budgetten aangewend kunnen worden om een werkplek in te richten rekening houdend met belastbaarheidsgrenzen en beperkingen.
tabel: Verdeling leeftijdsgroepen binnen de Mondia Scholengroep op 31-12-2024 15 tm 24
25 tm 34
35 tm 44
45 tm 54
55 tm 59
60+
Nehalennia S.S.G.
7%
19%
21%
28%
13%
12%
Scheldemond College
4%
16%
20%
29%
13%
18%
Koepel
0%
4%
18%
18%
25%
35%
Mondia Scholengroep
5%
17%
20%
28%
14%
16%
Verzuim Indien de landelijke (en meest recente) cijfers in het VO (2023) vergeleken worden met de laatste verzuimcijfers van de Mondia Scholengroep (2024) kan gesteld worden dat de Scholengroep met een verzuimpercentage van 3,7% voor de functiecategorieën OP 2 procentpunt lager scoort dan de landelijke gemiddelde in het VO. Hiertegenover staat dat de functiecategorieën OOP/OBP met 7,6% 1,5 procentpunt hoger scoort dan het landelijke gemiddelde in het VO. 34
tabel: Vergelijk kerncijfers verzuim landelijk VO (2023) en Mondia (2023 en 2024) (de landelijke cijfers van 2024 zijn nog niet bekend, hierdoor wordt hier een vergelijk gemaakt tussen VO 2023 en Mondia 2023 en 2024) Functiegroep OP OP OP
Populatie Landelijk-VO Mondia Mondia
jaar 2023 2023 2024
VP 5,7% 6,4% 3,7%
VD 12,0 21,9 10,8
MF 1,6 1,5 1,8
NV 32% 32% 32%
Functiegroep OOP/OBP OOP/OBP OOP/OBP
Populatie Landelijk-VO Mondia Mondia
jaar 2023 2023 2024
VP 6,1% 4,6% 7,6%
VD 17,0 13,7 11,5
MF 1,1 1,8 1,5
NV 45% 28% 37%
Als de overige kerncijfers in beschouwing worden genomen vallen een verhoging van het nulverzuimpercentage en een daling van de gemiddelde verzuimduur positief op. We zien dat 68% van de docenten van de Mondia Scholengroep zich (minimaal) één keer ziek heeft gemeld in 2024, dit staat gelijk aan een landelijk gemiddelde in 2023. Als we kijken naar de functiegroep OOP dan kan (relatief lager) nulverzuimpercentage van 37% vast worden gesteld in 2023 (tegen 45% landelijk in 2023). Een aantal opvallende ontwikkelingen afgeleid uit het jaarlijkse ziekteverzuimrapportage 2024 worden hieronder verder samengevat. Hiermee wordt gezorgd voor een beknopte onderbouwing van de ziekteverzuimcijfers. tabel: Ziekteverzuimcijfers Mondia Scholengroep 2024 (t.o.v. 2023) 2023 5,2% 16,0 1,7 29%
2024 5,0% 11,3 1,6 36%
Stijging / daling
Verzuimpercentage Verzuimduur Meldingsfrequentie Nulverzuim Aantal personeelsleden Aantal FTE Aantal ziekmeldingen Aantal hersteldmeldingen
402 277 587 584
410 275 564 550
8 -2 -23 -34
-0,2% -4,7 -0,1 6,8%
Over het geheel van 2024 valt een kleine daling van het verzuimpercentage op (0,2 procentpunt t.o.v. 2023). De daling van het verzuimpercentage zien we terug op kort en middel verzuim1. Daarnaast kan ook een stijging van het nulverzuimpercentage waargenomen worden. Als we de cijfers op schoolniveau bekijken vallen de volgende ontwikkelingen op: -
1
De onderwijsteams van het Scheldemond College gebouw Sardijn hebben opgeteld een verzuimpercentage van 4,79% in 2024 (tegen 6,26% in 2023); De onderwijsteams van Nehalennia locatie Kruisweg hebben een verzuimpercentage van 6,02% in 2024 (tegen 6,88% in 2023).
De definities van de ziekteduur zijn: kort= t/m 7 dagen; middel= t/m 42 dagen; lang= meer dan 42 dagen
35
T.o.v. 2023 zien we een daling op kort verzuim binnen alle onderwijsafdelingen op het Scheldemond College gebouw Sardijn na waar kort verzuim licht stijgt. Op Scheldemond gebouw Wielingen en Nehalennia locatie Breeweg vallen verder stijgingen van lang verzuim op (respectievelijk van 2,88% naar 3,34% en van 2,34% naar 3,16%) daar waar Nehalennia Kruisweg en Scheldemond gebouw Sardijn te maken heeft met een daling van langdurig verzuim (respectievelijk van 4,65% naar 2,95% en van 5,34% naar 4,74%). Een daling van het verzuimpercentage op bestuursniveau kan ook verklaard worden door een daling van de verzuimduur, de meldingsfrequentie en een stijging van het nulverzuimpercentage. Als we de kwartaalcijfers in beschouwing nemen valt ook hier weer voornamelijk een daling van de verzuimduur op en, op het 3e kwartaal na, een stijging van het nulverzuimpercentage.
tabel: Vergelijk overige verzuimgegevens Mondia per kwartaal (Q1 t/m Q4 2024 t.o.v. Q1 t/m Q4 2023)
Meldingsfrequentie Verzuimduur Nulverzuim Ziekmeldingen Hersteld meldingen
1ste kwartaal 2023 2,4 12,03 53,3% 203 199
1ste kwartaal 2024 2,3 7,76 53,9% 195 191
Stijging / daling -0,15 -4,27 0,6% -8 -8
2de kwartaal 2023 1,1 17,85 68,9% 95 97
2de kwartaal 2024 Stijging / daling 1,2 0,1 8,52 -9,33 71,6% 2,7% 105 10 102 5
Meldingsfrequentie Verzuimduur Nulverzuim Ziekmeldingen Hersteld meldingen
3de kwartaal 2023 0,6 43,83 81,7% 54 59
3de kwartaal 2024 1,0 19,3 75,9% 84 79
Stijging / daling 0,36 -24,53 -5,7% 30 20
4de kwartaal 2023 2,7 12,15 48,6% 235 240
4de kwartaal 2024 Stijging / daling 2,1 -0,62 9,07 -3,08 53,3% 4,8% 181 -54 174 -66
VOG Wij hebben onze accountant geen opdracht gegeven om de werkzaamheden zoals opgenomen in de bijlage IV bij het Onderwijsaccountantsprotocol 2024 inzake de tijdige aanwezigheid van de VOG in 2024 uit te voeren. In alle gevallen dat een VOG niet tijdig was aangeleverd, gaat het om stagiaires. tabel: tijdige aanwezigheid verklaring omtrent het gedrag Tabel tijdige aanwezigheid verklaring omtrent het gedrag VOG te l a a t a a nwezi g VOG ni et a a nwezi g (tus s en 1 en 5 (tus s en 1 en 5 ra pportee rt u met '>5') ra pporteert u met '>5')
Ni e uwe VOG'S i n ja a rvers l ag 2024
VOG a a nwezi g op i nga ngs da tum
Ni euwe medewerkers i n loondi ens t
62
0
0
Ni euwe persoon ni et i n l oondi ens t me t e en VOG-verpl i chti ng
15
<5
0
36
4.5 KWALITEITSZORG
Kwaliteitszorg binnen Mondia Scholengroep Kwaliteit is inmiddels een containerbegrip geworden. Voor Mondia betekent het: het optimaal vervullen van onze missie, in lijn met onze visie. Dit raakt aan de volledige drieslag van onze opdracht: kwalificatie, socialisatie en persoonlijke vorming van onze leerlingen. Kwaliteitszorg richt zich op het zo objectief mogelijk meten en analyseren van de prestaties van zowel leerlingen als personeel. Zo leren we steeds beter opbrengstgericht te werken — wat met name op het gebied van sociale processen en persoonlijkheidsontwikkeling nog de nodige uitdagingen kent. Kwaliteitszorg vraagt om een structurele, cyclische aanpak (de zogeheten PDCA-cyclus). Daarbij staan vijf kernvragen centraal op onze scholen: 1. Doet de school de goede dingen? 2. Doet de school de dingen goed? 3. Hoe weet de school dat? 4. Vinden anderen dat ook? 5. Wat doet de school met deze inzichten? In 2018 zijn onder begeleiding van een expert verschillende interne processen in de bedrijfsvoering opnieuw uitgelijnd. Op basis van dit advies zijn draaiboeken opgesteld. Tussen medio 2021 en medio 2022 had Mondia Scholengroep een professionele kwaliteitsmedewerker in dienst. Vanaf medio 2023 is een nieuwe medewerker gestart, die uitvoering geeft aan het in het voorjaar van 2023 vastgestelde Handboek Kwaliteitszorg.
Dit handboek wordt in samenwerking met CSW aangepast aan de actuele werkzaamheden binnen de scholen. De verwachting is dat een conceptversie aan het einde van schooljaar 2024–2025 gereed is. Hoewel we het belang van 'meten' niet willen overdrijven, is het noodzakelijk om voldoende over de eigen school te ‘weten’. Daarom voeren de scholen structureel leerling-enquêtes en een oudertevredenheidsonderzoek uit in het kader van Scholen op de kaart. Daarnaast wordt eens per vier jaar een medewerkersonderzoek uitgevoerd; de meest recente vond plaats in schooljaar 2023– 2024.
37
In schooljaar 2024–2025 is onderzocht in hoeverre de Mondia-scholen voldoen aan de kwaliteitsgebieden en standaarden van de Onderwijsinspectie. Hiervoor is een kwaliteitsinstrument geïntroduceerd dat op de scholen wordt ingezet om te sturen op wettelijke verplichtingen. In schooljaar 2025–2026 wordt dit instrument uitgebreid met een onderdeel voor het bestuur. Het instrument biedt scholen en bestuur grip op de situatie. Via de kwaliteitsagenda ontstaat bovendien structuur in de geplande activiteiten gedurende het schooljaar, inclusief een overzicht van de betrokkenen. Sinds het cursusjaar 2017–2018 is de Raad van Toezicht gestart met een kwaliteitscommissie, die actief meekijkt bij processen gericht op de borging van onderwijskwaliteit en personeelsontwikkeling. Het overleg vindt viermaal per jaar plaats, op basis van een uitgebreide kwartaalrapportage van de bestuurder en het stafbureau. Deze rapportages worden voorafgaand aan het overleg besproken in het CMT en gedeeld met de GMR.
4.6 COMMUNICATIE
Er is aandacht besteed aan diverse communicatielijnen en -middelen: zoals de vaste weekberichten voor medewerkers en de periodieke ouderberichten van beide scholen. Het gebruik van MS Teams in de interne communicatie van onze scholen heeft in 2024 een flinke stap voorwaarts gezet. De wervingsbrochures zijn weer samen met de collega-scholengroep CSW gemaakt. Begin 2024 zijn er drukbezochte Open Dagen georganiseerd. De scholengroep heeft een professionele communicatie en PR-medewerker in dienst, huurt daarnaast expertise in en de scholen bereiden alle mediauitingen voor in werkgroepen. In 2024 zijn er in het kader van de bestuurlijke samenwerking met CSW ook aparte nieuwsbrieven voor personeel, ouders/verzorgers, leerlingen en externe belanghebbenden gemaakt.
38
5. FINANCIËN
5.1 KENGETALLEN
Signaleringswaarde normatief eigen vermogen Vanaf 2020 werkt het ministerie van OCW met een nieuwe ratio. Het gaat om de Signaleringswaarde Normatief Eigen Vermogen. Bij het overschrijden van deze grenswaarde, zal de inspectie komen controleren of de school een goed bestedingsplan heeft. De formule voor de signaleringswaarde luidt: Aanschafwaarde gebouwen x 0,5 x bouwkostenindex + Boekwaarde overige materiële vaste activa + Totale baten x 0,05 x bouwkostenindex De bouwkostenindex is gesteld op 1,27 Gekeken naar de getallen van 31-12-2024 komt dat voor Mondia neer op ongeveer € 7.715.000. Ons eigen vermogen zit daar nog altijd ruim boven (€ 852.000) als gevolg van eerder ontvangen subsidies en de vrijval van de Voorziening Groot Onderhoud van € 800.000. In de loop van 2025 zijn alle NPO-gelden verdwenen en wordt er werk gemaakt van het inzetten van de collectieve werkdrukmiddelen. Naar verwachting duiken we ultimo 2025 onder de grenswaarde.
De financiële positie van Mondia Scholengroep blijft solide. Vrijwel alle kengetallen bevinden zich binnen de aanvaarde marges en geven geen aanleiding tot zorg. 39
Rentabiliteit Het exploitatieresultaat over het verslagjaar is negatief, wat uiteraard resulteert in een rentabiliteit onder de norm. Hoewel dit een aandachtspunt is, vormt het geen directe zorg zolang de overige kengetallen gezond blijven en de exploitatie onder controle is. De Raad van Toezicht heeft ingestemd met de meerjarenbegroting 2025–2029 en de GMR heeft hierover een positief advies uitgebracht. Hiermee is er bewust gekozen voor een aantal jaren met negatieve resultaten, met als doel om structureel toe te werken naar een positief saldo. Alle doorrekeningen tonen aan dat de financiële kengetallen binnen de gestelde normen blijven. Solvabiliteit De solvabiliteitspositie is sterk:
Solvabiliteitspercentage 1 (Eigen Vermogen/Totale Vermogen) ligt ruim boven de signaleringsgrens van 20%. Solvabiliteitspercentage 2 ((Eigen Vermogen + Voorzieningen)/Totale Vermogen) overschrijdt eveneens ruimschoots de grenswaarde van 30%.
Liquiditeit en liquide middelen De liquiditeitspositie is nog altijd goed:
De liquide middelen zijn iets afgenomen. Het netto werkkapitaal (Vlottende Activa – Kort Vreemd Vermogen) is ruim toereikend. De current ratio ligt duidelijk boven de signaleringsgrens van 0,75.
Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen (Eigen Vermogen/Totale Baten) bedraagt ruim meer dan de intern gestelde ondergrens van 15% (zoals vastgesteld door de Raad van Toezicht in december 2012). Hiermee bevindt het zich eveneens ruim binnen de door de commissie Don geadviseerde bandbreedte van 10–40% en ver boven de signaleringsgrens van OCW (5%). Kapitalisatiefactor De kapitalisatiefactor (Totale Activa/Totale Baten) blijft ruim onder de signaleringsgrens van 60%, wat duidt op een gezonde verhouding tussen vermogen en baten. Huisvestingsratio De huisvestingsratio ((Huisvestingslasten + Afschrijvingen op gebouwen en terreinen)/Totale Lasten) blijft keurig onder de norm van 10% en is daarmee op orde.
40
5.2
EXPLOITATIERESULTAAT
Het werkelijke resultaat van 2024 is € 695.000 negatief. Hierdoor ligt het resultaat € 104.000 hoger dan de negatieve begroting van € 799.000. De belangrijkste verschillen tussen het werkelijke exploitatieresultaat en de eerder vastgestelde begroting worden hieronder toegelicht.
Baten In totaal zijn de werkelijke baten ten opzichte van de begroting toegenomen met ca. € 1,6 miljoen. Ten opzichte van de baten 2023 liggen ze ca. € 380.000 hoger. De basisbekostiging is in 2024 verhoogd voor loon- en prijsbijstelling met 5,88% en deze dient voornamelijk als vervolgdekking op de loonsverhoging van 10% per juli 2023. Er is sprake van ruim € 773.000 meer bestedingen aan subsidies van OCW dan begroot, wat met name zit in de subsidies Basisvaardigheden, Heterogene Brugklassen en STOZ. Bij de overige subsidies OCW wordt het verschil veroorzaakt door de nieuwe bekostiging Onderwijskansen. De overige baten zijn in totaal € 380.000 hoger dan begroot en € 53.000 hoger dan vorig jaar. We begroten de verhuuropbrengsten altijd defensief. Deze liggen dan ook hoger dan de begroting, maar lager ten opzichte van 2023. Dit heeft ermee te maken dat de scholen niet langer ter beschikking worden gesteld voor externe feesten, zoals bruiloften. De ouderbijdragen zijn hoger dan begroot (€ 125.000), maar liggen € 174.000 lager dan 2023. Het verschil ten opzichte van de begroting wordt veroorzaakt door het feit dat het volledig reis- en excursieaanbod nog niet bekend was ten tijde van het opstellen van de begroting. Het is opvallend dat het totaal aan ouderbijdragen steeds verder terugloopt en daarmee ook het aanbod aan activiteiten onder druk komt te staan.
Qua detacheringsopbrengsten zitten we ruim € 200.000 boven begroting en jaarcijfers 2023. Er is in 2024 namelijk veel meer inzet geweest van medewerkers bij het ISKW.
Lasten Voor de Mondia Scholengroep zijn de totale lasten ruim € 1,5 miljoen hoger uitgevallen ten opzichte van de begroting en ten opzichte van boekjaar 2023 liggen ze € 502.000 hoger. De personele lasten zijn € 782.000 hoger dan begroot en € 774.000 hoger dan in 2023. De begroting is altijd exclusief de inzet van medewerkers op subsidieprojecten, terwijl deze in de werkelijke lasten wel gewoon worden meegenomen. In de personele lasten zit een bedrag van € 243.000 aan eenmalige uitkering als gevolg van de nieuwe cao-afspraken, die pas in 2025 definitief zijn bekrachtigd. Aangezien dit ook over een deel van 2024 ging (oktober – december 2024), heeft dit gevolgen voor de jaarcijfers 2024. De post personeel niet in loondienst (PNIL) is hoger dan begroot (€ 187.000), maar lager dan in boekjaar 2023 (€ 140.000). We wordt strak gestuurd op het terugdringen van de inleen van teamleiders, docenten en ondersteunend personeel via uitzendorganisaties. De totale afschrijvingskosten zijn € 9.000 hoger dan begroot en € 53.000 hoger dan vorig jaar. 41
Dit heeft vooral te maken met het feit dat we per 1 januari 2024 een stelselwijziging doorvoeren, waarbij de voorziening groot onderhoud komt te vervallen en alle onderhoud geactiveerd en afgeschreven gaat worden. Alle investeringen in het kader van groot onderhoud in 2024 zorgen derhalve voor een stijging van de afschrijvingslasten in 2024. De totale huisvestingslasten komen € 254.000 lager uit dan begroot in 2024 en liggen maar liefst € 466.000 lager dan in 2023. Het belangrijkste verschil wordt veroorzaakt door het wegvallen van de jaarlijkse dotatie van de voorziening groot onderhoud. Dit scheelt € 304.000 ten opzichte de begroting en € 211.000 ten opzichte van het vorige jaar. Dit is een uiteraard eenmalig voordeel. Door tariefstijgingen valt de huur van accommodaties hoger uit. Naar aanleiding van inspectie van sportinstallaties zijn meer kosten voor onderhoud installaties gemaakt dan begroot en ook meer dan voorgaand jaar. Het tuinonderhoud ligt hoger dan de begroting, maar lager dan vorig jaar. Een groot voordeel wordt behaald in de post energie en water. Ten opzichte van de voorzichtige begroting draaien we € 194.000 positief en ten opzichte van 2023 zelfs € 376.000 beter. De schoonmaakkosten zijn ook hoger dan begroot en het voorgaande jaar door een sterke prijsstijging in het schoonmaakcontract en additionele schoonmaakkosten.
De overige lasten komen voor de Mondia Scholengroep ongeveer € 1 miljoen hoger uit dan begroot en €141.000 hoger dan in 2023. De verschillen vinden we o.a. terug onder administratiekosten, waarin de implementatie van AFAS HR voor extra (niet in de begroting opgenomen) kosten zorgt. Daarnaast zijn de advieskosten ruim hoger dan begroot (€ 142.000) en vorig jaar (€ 112.000) als gevolg van het samenwerkingstraject met CSW en uitgaven in het kader van Basisvaardigheden en STOZ, welke allemaal niet in de begroting zijn opgenomen. In de leermiddelen komen ook weer extra uitgaven voor STOZ en Basisvaardigheden terug. De kosten voor werkboeken zijn gestegen. De post inventaris en apparatuur herbergt onder meer extra kosten voor de personeelskamer en de fitnessruimte van locatie Sardijn, welke vanuit de collectieve werkdrukmiddelen zijn opgestart en al deels gerealiseerd. Vanuit het restant NPO-gelden is extra leerlingbegeleiding gefinancierd. De bijdrage aan de structuurgroepen was begroot op basis van het aantal leerlingen in structuurgroepen. Echter wordt ook bijgedragen aan niet benutte leerling plaatsen, waardoor het bedrag negatief afwijkt van de begroting (€ 117.000). Een lager aantal geplaatste leerlingen bij Vavo, via-Bit en Tweedekans zorgt voor een klein voordeel ten opzichte de begroting.
Rente Dankzij diverse vooruit ontvangen incidentele subsidies zijn de rentebaten veel hoger dan begroot en voorgaand jaar. Het rentepercentage bij schatkistbankieren was eind 2024 2,9%.
42
5.3
TREASURYVERSLAG
Conform de verplichtingen uit de ‘Regeling beleggen, lenen en derivaten OCW 2016’ heeft het schoolbestuur een treasury-statuut vastgesteld. Hierin zijn het treasurybeleid, de bijbehorende bevoegdheden en verantwoordelijkheden zorgvuldig vastgelegd. Binnen Mondia Scholengroep wordt niet belegd en er zijn geen derivatenovereenkomsten of leningen afgesloten. Ook voor de toekomst is het niet de intentie om hierin actief te worden. Hoogrenderende rekeningen of direct opvraagbare deposito’s zijn momenteel niet beschikbaar. Sinds medio september 2022 ontvangt Mondia weer een positieve rentevergoeding over het tegoed dat via schatkistbankieren wordt aangehouden. Per 31-12-2024 staat er € 11.283.124 op de rekening-courant van het Ministerie van Financiën. Het bedrag aan liquiditeiten volgens het portefeuille-overzicht ABN-AMRO is € 147.984. Aangevuld met kasmiddelen en saldi van enkele bankrekeningen bij Rabobank en Simpled Card, komen we tot de volgende totale liquiditeiten: 1.7.1 Kasmiddelen € 4.187 1.7.2 Tegoeden op bankrekeningen € 11.453.300.
43
6. CONTINUÏTEITSPARAGRAAF EN MEERJARENPERSPECTIEF
De meerjarenbegroting is gebaseerd op de baten en lasten uit de begroting voor 2025. Veel ontwikkelingen zijn daarbij proportioneel doorgerekend, wat betekent dat ze meelopen met de verwachte ontwikkeling van het aantal leerlingen. Bij het opstellen van de begroting is gestreefd naar een zo realistisch mogelijke inschatting van toekomstige financiële ontwikkelingen.
456.1. PROGNOSE AANTAL LEERLINGEN VANAF VERSLAGJAAR
“Intern” is binnen de eigen schoolgebouwen. “Totaal” is inclusief ISKW, VAVO en structuurgroepen.
In kalenderjaar 2024 werkten we zeven maanden met de leerlingaantallen per 1 oktober 2023 en vijf maanden met de leerlingaantallen per 1 oktober 2024. De bekostiging voor 2024 is echter twaalf maanden op basis van de leerlingaantallen 1 oktober 2023. Schooljaren 2025-2026 t/m 2028-2029 zijn prognoses. De leerlingen-prognoses zijn afkomstig uit de meerjarenbegroting van begin 2025 en berekend op basis van 3 jaargemiddelden. We zagen eerder al dat de top van het leerlingaantal in schooljaar 2015-2016 was bereikt en dat de daaropvolgende jaren de krimp zou inzetten. Momenteel stabiliseert het zich en zien we zelfs een stijging als gevolg van extra instroom uit ISKW en de leerlingen van de Isaac Beekman Academie. De benodigde formatie is daarvan een (gewogen) afgeleide. Op het moment van het schrijven van dit verslag lijken de aanmeldingen en het saldo van tussentijdse in- en uitstroom t.o.v. de prognoses licht hoger uit te vallen.
44
6.2
PROGNOSE PER 31 DECEMBER 2024 AANTAL FTE VANAF VERSLAGJAAR
Aantalle n op 31-12
2022
2023
2024
2025
2026
2027
2028
feitelijk
feitelijk
feitelijk
prognose
prog nos e
prognose
prognose
D irectie en management**
12,4
13,5
17,6
17,6
17,6
17,6
17,6
O nderwijz end personeel
184,8
180
170,1
168,2
170,4
170,4
168,3
O nderwijs ondersteunend personeel T otaal
79,8 277
84,45 278,0
86,6 274,3
88,2 274,0
89,3 277,3
89,3 277,3
88,3 274,2
** incl. v as te lesgev ende taak ** incl. teamleiders die nog niet officieel onder functiegroep D IR v allen * incl. projectformatie
0,6
0,4
1,2
1,2
1,2
1,2
1,2
In loondienst P ersoneelsleden in fte's*
6.3
BALANSPROGNOSE MONDIA SCHOLENGROEP VANAF VERSLAGJAAR
De onderstaande balans heeft als uitgangspunt verslagjaar 2024 (en 2023 als vergelijkingsjaar), de daaropvolgende begrotingen (zie hoofdstuk 6.4).
45
6.4
MEERJARENBEGROTING MONDIA SCHOLENGROEP VANAF VERSLAGJAAR
Waar de jaarlijkse begroting een taakstellend karakter heeft, fungeert de meerjarenbegroting vooral als richtinggevend instrument. Deze begroting ondersteunt het formuleren van (de hoofdlijnen van) het beleid en is gebaseerd op de eerdergenoemde leerlingenaantallen en de verwachte ontwikkelingen in de bekostiging. Bij de berekeningen zijn de baten en lasten uit de begroting 2024 als vertrekpunt genomen. Veel ontwikkelingen zijn daarbij proportioneel door vertaald, wat inhoudt dat ze meelopen met de verwachte groei of krimp van het aantal leerlingen. Om tot een zo realistisch mogelijke raming te komen, is het voor 2024 geformuleerde financiële beleid geëxtrapoleerd naar de daaropvolgende jaren. De hier gepresenteerde meerjarenbegroting bevat zowel de begrote als de werkelijke cijfers van het verslagjaar 2024, en geeft de begrotingen en prognoses weer voor de jaren 2025 tot en met 2029.
46
Naast de proportionele doorrekening na 2025 is in de meerjarenbegroting rekening gehouden met de volgende elementen:
Gefaseerde invoering van bekostigingswijzigingen: Een set van maatregelen is opgenomen om de vereenvoudiging van de bekostiging geleidelijk op te vangen. Deze vereenvoudiging is vanaf 2026 volledig doorgevoerd. Afbouw van de zachte landing in de formatie: Het negatieve resultaat dat hiermee gepaard gaat, wordt beperkt en ten laste gebracht van de reserves. Dit is verantwoord, aangezien het eigen vermogen – mede door de NPO-gelden – nog boven de signaleringsgrens ligt en op termijn weer onder deze grens moet uitkomen. Stabiele financiële kengetallen: Ondanks de gepresenteerde meerjarenbegroting met negatieve resultaten blijven de financiële kengetallen en ratio’s binnen algemeen erkende bandbreedtes (zie paragraaf 5.1). Efficiënter inkoopbeleid: Er wordt ingezet op een strakker en beter georganiseerd inkoopbeleid, met als doel het efficiënter beheren van contracten en licenties. Hierdoor worden aanzienlijke kostenbesparingen verwacht. Samenwerking met CSW: In voorbereiding op de samenwerking met CSW wordt ingezet op het gezamenlijk uitvoeren van ondersteunende taken binnen de scholengroepen. Deze synergie moet leiden tot besparingen in zowel formatie (via natuurlijk verloop) als in materiële inzet.
Proportionele verwerking van rijksbijdragen en lasten: De baten en lasten zijn, voor zover van toepassing, proportioneel doorberekend op basis van de ontwikkeling van de leerlingaantallen in de komende jaren Verwerking van cao-effecten: De effecten van de cao zijn eveneens proportioneel verwerkt. Het zogenaamde ‘periodiekeffect’ – waarbij medewerkers jaarlijks in augustus stijgen in hun loonschaal tot het einde van hun schaal – is berekend aan de hand van gegevens uit het salarissysteem. Structurele bijstelling van personeelsformatie: Het resultaat voor de jaren 2026 t/m 2029 is gebaseerd op realistische taakstellingen voor de personeelsformatie. Hierbij wordt rekening gehouden met het geleidelijk opvangen van eerdere bezuinigingsjaren én de stapsgewijze invoering van de vereenvoudigde bekostiging. Deze laatste leidt uiteindelijk tot een structurele daling van de baten met circa € 750.000.
Maatregelen in het kader van de vereenvoudigde bekostiging Sinds 2022 wordt de vereenvoudiging van de bekostiging stapsgewijs ingevoerd, met een volledige implementatie in 2026. Voor Mondia Scholengroep pakt deze ontwikkeling financieel nadelig uit, ondanks enkele verzachtende maatregelen die specifiek gelden voor geïsoleerde scholen in dunbevolkte regio’s en brede scholengemeenschappen op één locatie. Om de gevolgen hiervan op te vangen, worden de volgende personele maatregelen ingezet of voorbereid:
Stimuleren van deelname aan het generatiepact: Door oudere, relatief duurdere medewerkers (gedeeltelijk) te laten uitstromen en te vervangen door jongere, minder kostbare collega’s, ontstaat er ruimte voor een meer toekomstbestendige personeelsopbouw. Leeftijdsbewust personeelsbeleid via #Energiek Mondia: Met een integrale aanpak gericht op curatie, preventie en amplitie wordt gewerkt aan het verbeteren van vitaliteit en inzetbaarheid. Dit draagt bij aan het terugdringen van ziekteverzuim en daarmee ook van vervangingskosten. 47
Efficiëntere inzet van ondersteunende diensten: Door samenwerking met andere Zeeuwse onderwijsbesturen wordt samengewerkt in het Dienstencentrum Onderwijs (DCO). Dit kan leiden tot schaalvoordelen en kostenreductie. Binnen het onderwijsondersteunend personeel wordt tevens gekeken naar de inzet van combifuncties, zoals een combinatie van onderwijsadministratie met receptie- of telefoonwerkzaamheden. De samenwerking met CSW sluit hier nauw op aan. Onderzoek naar een onderwijsconcept met teamteaching: Door het inzetten van instructeurs en onderwijsassistenten als aanvulling op “duurdere” docenten, kan een effectievere en kostenbewuste onderwijsorganisatie ontstaan. Optimalisatie van onderwijstijd: Het aantal contacturen per leerling en klas wordt afgestemd op de wettelijk verplichte minima, waarbij gebruik wordt gemaakt van de verruimde definitie van onderwijstijd. Kritische afweging bij vervulling van vacatures: Vacatures binnen het managementteam (MT), onderwijsondersteunend personeel (OOP) en ondersteunend beheerspersoneel (OBP) worden niet automatisch 1-op-1 ingevuld. Bij elke vacature wordt nadrukkelijk gekeken naar alternatieve invulling of herverdeling van taken.
In materiële zin kan wellicht nog als volgt worden omgebogen:
Het maximale investeringsniveau wordt niet verhoogd, zodat de afschrijvingslasten dalen. De stelselwijziging van een voorziening groot onderhoud naar activeren en afschrijven van groot onderhoud doet de afschrijvingslasten uiteraard wel stijgen. Er wordt ingezet op een versobering van leermiddelenpakketten en het beëindigen van ongebruikte licenties. Iedere uitgave wordt kritischer beoordeeld en budgetten worden strakker geraamd, om beter financieel te sturen. Op locatie Kruisweg starten we met een pilot met sectiebudgetten om kostenbewustzijn te vergroten en te bezuinigen. Door collectieve inkoop via het DCO, samenwerking met andere scholen en het dalende leerlingenaantal wordt schaalvoordeel gerealiseerd, wat leidt tot gunstigere inkoopprijzen en contractvoorwaarden (o.a. voor onderhoud en softwarelicenties).
Bij het treffen van maatregelen staat de onderwijskwaliteit altijd voorop. Ingrijpende maatregelen die deze kwaliteit kunnen schaden, worden pas overwogen wanneer andere opties onvoldoende resultaat opleveren.
Conclusies De opdracht voor Mondia Scholengroep is helder: het personeelsbestand moet structureel in lijn worden gebracht met de werkelijke leerlingaantallen. In 2025 vervallen de resterende NPOmiddelen, wat betekent dat er strakker gestuurd moet worden op de personele inzet. Tegelijkertijd bevinden we ons inmiddels in het voorlaatste jaar van de vereenvoudigde bekostiging. Dankzij het bovenmatige weerstandsvermogen is een geleidelijke, gecontroleerde aanpassing mogelijk (lees: zachte landing). Maar dit betekent niet dat we kunnen afwachten. Er is actie nodig om op termijn, ondanks de gewijzigde bekostigingsstructuur, weer toe te groeien naar een structureel positief exploitatieresultaat.
48
Het blijft van belang om de tijdelijke personele schil van voldoende omvang te houden. Hierdoor behouden we de flexibiliteit om bij een stabiel leerlingaantal alsnog formatief af te schalen. Door strikter te budgetteren houden we zicht op eventuele overschrijdingen en kunnen we tijdig bijsturen. Daarnaast wordt kritischer gekeken naar de inzet van subsidiegelden, zodat deze doelmatiger worden benut en er binnen de reguliere bekostiging voldoende ruimte blijft voor formatieve inzet. Afhankelijk van de mate waarin de vereenvoudigde bekostiging effect heeft, zal aanvullend beleid noodzakelijk zijn. Om het voortgezet onderwijs op Walcheren duurzaam te kunnen blijven garanderen, zal de beoogde bestuurlijke fusie met CSW — in combinatie met samenwerking met andere onderwijsorganisaties zoals het primair onderwijs, Ozeo, Scalda en het hoger onderwijs op Walcheren — op korte termijn zijn meerwaarde moeten bewijzen.
6.5 RISICOANALYSE
Wij hebben onze risico's ingeschat en gescoord naar 6 categorieën van onderwerpen. Bij elke categorie horen vragen. We hebben bij elke vraag de kans ingeschat dat daarbij zich tekortkomingen voordoen en zo ja, hoe groot de impact is als het zich voordoet. 1 - Strategie en Beleid 1 - Klein 1.1 - Wet- en regelgeving 1.2 - Afdekken aansprakelijkheid 1.3 - Scheiding bestuur en toezicht 1.4 - Informatievoorziening aan bestuur en toezichthouders 1.5 - Kwaliteit en intensiteit toezicht 1.6 - Kwaliteit van bestuur 1.7 - Bijdrage ondersteuning aan kwaliteit van bestuur en management 1.8 - Maatschappelijk belanghebbenden 1.9 - Strategisch beleid
Kans 2Midden X
3 - Groot
1 - Laag
X
X
X
X X
3 - Hoog
X
X
X
X
X X
Impact 2Midden X
X
X
X
X
X
Toelichting: Mondia Scholengroep is door de kleine ondersteunende staf redelijk kwetsbaar. De dagelijkse gang van zaken is goed georganiseerd, maar het voldoen aan alle wet- en regelgeving en het werken aan het strategisch beleid is een aandachtspunt.
49
2 - Financiën
2.1 - Financieel beleidsplan 2.2 - Sturing op resultaten 2.3 - Meerjarenbegroting 2.4 - Planning- en controlcyclus 2.5 - Tussenrapportages 2.6 - Subsidies 2.7 - Verzekering 2.8 - Administratieve organisatie en interne control (AO/IC) 2.9 - Kwaliteit externe (financiële) dienstverleners 2.10 - Bestedingen en functiescheiding 2.11 - Projecten 2.12 - Liquiditeiten
Kans 1 - Klein 2 - Midden 3 - Groot X X X
Impact 1 - Laag 2 - Midden 3 - Hoog X X X
X
X
X X X
X X X X
X
X
X
X
X
X X
X X
Toelichting: Vanwege het bovenmatige eigen vermogen heeft het negatieve exploitatieresultaat (nu nog) geen gevolgen. Het financiële beleid moet zich focussen op het maken van een zachte landing richting een positief exploitatieresultaat. Mondia dient dus veel meer aandacht te besteden aan planning & control en het strakker sturen op resultaten. 3 - Personeel en Organisatie 1 - Klein 3.1 - Personeelsbeleid 3.2 - Kwaliteit van de schoolleiders 3.3 - Functiebouwwerk 3.4 - Bekwaam personeel 3.5 - Inzet personeelsinstrumenten 3.6 - Opbouw en beheer personeelsdossiers 3.7 - Groei personeelsformatie 3.8 - Functionarissen 3.9 - Ziekteverzuim 3.10 - Administratie van lonen, premies en heffingen 3.11 - Regelgeving 3.12 - Visie
Kans 2Midden
3 - Groot
1 - Laag
X X
Impact 2Midden X X
X X
X X
X
X
X
3 - Hoog
X
X X
X X X
X
X
X
X
X X
X
50
Toelichting: We moeten organisatiedoelen actief en cyclisch koppelen aan HR-instrumenten en een duidelijke visie uitwerken, die vertaald wordt naar concrete en meetbare doelstellingen. We dienen gerichter sturing te geven aan de gewenste rol en competenties van leidinggevenden om de strategische koers te ondersteunen. 4 - ICT en Privacy
4.1 - Toepassing ICT 4.2 - ICT-beleid 4.3 - Ondersteuning gebruik ICT 4.4 - Ontwerp en beheer ICTinfrastructuur 4.5 - Persoonsgegevens
Kans 1 - Klein 2 - Midden 3 - Groot X X X
Impact 1 - Laag 2 - Midden 3 - Hoog X X X
X
X
X
X
Toelichting: Mondia zal invulling moeten geven aan de Europese regelgeving, omschreven in het Normenkader IBP. De rol van ICT in het onderwijs wordt steeds groter, maar de huidige ICTformatie en het beperkte budget kan voor knelpunten gaan zorgen. We dienen waakzaam te blijven op dit punt. 5 - Onderwijskwaliteit 1 - Klein 5.1 - Kwaliteitszorgsysteem 5.2 - Identiteit 5.3 - Geformaliseerd beleid leerlingenzorg 5.4 - Sociale veiligheid 5.5 - Leerlingenadministratie
Kans 2Midden
X X
3 - Groot
1 - Laag
3 - Hoog
X
X
X X
X
Impact 2Midden X
X X
Toelichting: Mondia presteert goed en de aanmeldingen van nieuwe leerlingen ligt al een aantal jaar boven de prognoses. De focus op kwaliteitszorg staat hoog in het vaandel en werkt! In een sterk veranderende samenleving is het belangrijk dat er oog blijft voor de sociale veiligheid van zowel medewerkers als leerlingen.
51
6 - Huisvesting en Facilitair 1 - Klein 6.1 - Expertise en informatie onderwijshuisvesting 6.2 - Meerjarenvisie huisvesting 6.3 - Investeringen en onderhoud 6.4 - Schoolgebouwen 6.5 - Veiligheid situaties 6.6 - Huisvestingsprojecten 6.7 - Zicht op beheren en bewaren gebruiksgoederen 6.8 - Inkoopbeleid
Kans 2Midden
X
3 - Groot
1 - Laag
Impact 2Midden
3 - Hoog
X X
X
X X
X X X
X X X
X
X X
X
Toelichting: De schoolgebouwen hebben te maken met licht achterstallig onderhoud, veroorzaakt door een terughoudend onderhoudsbeleid. Middels het nieuwe Meerjarenonderhoudsplan (MJOP) dient een inhaalslag gemaakt te worden, waarbij rekening zal moeten worden gehouden met toekomstige ontwikkelingen. Het is zaak om afgewogen besluiten te nemen. Ten aanzien van het inkoopbeleid zullen maatregelen moeten worden genomen om de risico's van kostenoverschrijdingen te voorkomen.
52
7. Samenvattend Mondia Scholengroep gebruikt een digitaal systeem voor de hier uitgevoerde risicoanalyse, genaamd “Riskchanger”. Het systeem rekent door wat de aangegeven risico's financieel betekenen. De software gebruikt hiervoor de bekende parameters van het voortgezet onderwijs. Voor Mondia geeft dat het volgende resultaat: Bedrag voor aanpassingen
Bedrag na aanpassingen
1 - Strategie en Beleid
€ 210.000
€ 136.500
2 - Financiën
€ 252.500
€ 164.125
3 - Personeel & Organisatie
€ 300.000
€ 195.000
4 - ICT en Privacy
€ 197.500
€ 128.375
5 - Onderwijskwaliteit
€ 107.500
€ 69.875
6 - Huisvesting en Facilitair
€ 185.000
€ 120.250
Hoofdstuk
Bruto Risicomonitor
€ 814.125
Procentuele correctie
65%
Absolute correctie
€0
Netto Risicomonitor
€ 529.181
In de tabel is zichtbaar dat de initiële risicobedragen zijn bijgesteld. Deze aanpassing is gedaan op basis van de veronderstelling dat risico’s zich zelden gelijktijdig en in volle omvang voordoen. Daarnaast is de inschatting dat de genoemde risico’s op korte termijn waarschijnlijk niet tot ingrijpende gevolgen zullen leiden. Op veel onderdelen is bovendien bijsturing mogelijk — en in meerdere gevallen inmiddels ook daadwerkelijk ingezet.
53
6.6 TENSLOTTE
We leven in een verandering van tijdperk met grote uitdagingen voor de mensheid op vele gebieden. Deze wereldwijde dynamiek heeft uiteraard ook invloed op het onderwijs. Wat daarvan precies de gevolgen zullen zijn, daar kunnen we op dit moment nog slechts naar gissen. Maar dat die gevolgen er zullen zijn, dat staat buiten kijf. Op het risico van de vele extra incidentele subsidies, de afgelopen jaren ter waarde van vele miljoenen (wel tot 15% van onze exploitatie) is al eerder gewezen. Daardoor is het zicht op het feit dat wij op structurele basis de tering naar de nering moeten zetten wat ondoorzichtig geworden. We zullen, gelukkig met een zachte landing, inkomsten en lasten met elkaar in evenwicht moeten brengen om een duurzaam gezonde financiële situatie te creëren. Omdat we dankzij de voorspoed in de afgelopen periode het nodige vermogen hebben opgebouwd, kunnen wij de voor ons liggende, waarschijnlijk mindere, periode toch met vertrouwen tegemoetzien. We verheugen ons in het feit dat zowel van de kant van de toezichthouders als vanuit de medezeggenschap proactief en positief wordt meegedacht in de keuzes die we maken om optimaal te voldoen aan onze maatschappelijke opdracht binnen, op dit moment, onzekere financiële kaders. En we zijn er trots op dat medewerkers en leerlingen onze gezamenlijke ambities goeddeels waarmaken.