Raadsbijeenkomsten - Uitnodiging informtiebijeenkomsten Zeeuwse Woondeal bijlage
Tekst van het document
6.
Aandachtsgroepen
6.1
In lijn met het beleidsprogramma ‘Een thuis voor iedereen’ stellen de ZeeuwsVlaamse gemeenten in een woondealregio in 2023 lokaal een integrale woonzorgvisie op die aansluit bij de regionale woningbouwprogrammering. De gemeente Hulst heeft in 2021 reeds een woonzorgvisie met bijbehorend uitvoeringsprogramma vastgesteld. In Terneuzen wordt momenteel de woonzorgvisie opgesteld. Er is reeds een concept beschikbaar. Vaststelling staat voor 2023 gepland. In de gemeente Sluis is een nieuwe brede Woonvisie in ontwikkeling. Op dit moment is daarin een afzonderlijke paragraaf voorzien voor het thema Wonen en Zorg. Het opstellen van deze paragraaf vindt plaats in nauwe samenwerking met zorgpartijen werkzaam in de gemeente. Aandachtspunt daarbij is de criteria die gelden voor een visie op wonen en zorg zoals is bedoeld in het Programma Wonen en Zorg als onderdeel van het Nationaal Woon- en Bouwprogramma.
6.2
De uitkomsten van de woonbehoefte uit de woonzorgvisies zullen leidend zijn voor het actualiseren van de bestaande woondealafspraken.
7.
Flexwonen
7.1
De regio zet zich in om hieraan bij te dragen door minimaal circa 14 flexwoningen te realiseren per jaar, 130 flexwoningen in de regio over de gehele looptijd van de regiodeal genomen. Dit aandeel wordt realistisch geacht, omdat er momenteel nog geen flexwoningenprojecten in Zeeuws-Vlaanderen zijn gerealiseerd. Echter hebben alle drie de Zeeuws-Vlaamse gemeenten de ambitie om meer flexwoningen per jaar te realiseren dan het hiervoor genoemde aantal. Voorgaande is mede afhankelijk van de behoefte aan flexwoningen binnen de regio, welke kan 86
fluctueren (denk aan verhoogde taakstellingen, toename instroom buitenlandse medewerkers etc.). De Zeeuws-Vlaamse gemeenten maken hier onderling afspraken over met onder andere de woningbouwcorporaties.
8.
Bouwen voor ouderen en verpleegzorgplekken
8.1
De woningbouwcorporaties, waaronder Woongoed Zeeuws-Vlaanderen, realiseren bij nieuwbouw in de basis levensloopbestendige en/of geclusterde woningen. Voorgaande is in lijn met de regionale woonvisie Zeeuws-Vlaanderen en de gemeentelijke woonzorgvisies. Specifiek geldt voor de gemeente Hulst dat Woonstichting Hulst bij de herstructurering van het plan Nieuw-Hulst 12 levensloopbestendige woningen zal realiseren (de overige fases zijn momenteel onbekend). Woonstichting Hulst zal op de locatie Blaauwe Hofke 24 geclusterde woningen realiseren.
8.2
Het aandeel te realiseren nultredenwoningen en geclusterde woningen per gemeente bedraagt voor gemeente Terneuzen 766 woningen.
8.3
Ook sturen de Zeeuws-Vlaamse gemeenten bij particuliere nieuwbouwinitiatieven zo veel als mogelijk op levensloopbestendige woonvormen met als doel de doorstroming te bevorderen.
9.
Herstructurering
9.1
Hulst: Zoals beschreven betreft een groot deel van de Zeeuws-Vlaamse woningvoorraad particulier bezit, zo ook in Hulst. Voorgaande maakt dat herstructurering complex is. De herstructureringsopgave bij de woningbouwcorporaties zijn bekend. Sloop en vervangende nieuwbouw door Woonstichting Hulst in de wijk Nieuw-Hulst bedraagt 56 woningen en het Blaauwe Hofke. Ook worden er gedurende de periode woningen gerenoveerd tot gasloos.
9.2
Sluis: Gezien de samenstelling en datering van de bestaande woningvoorraad in de gemeente Sluis is er zeker een herstructureringsopgave. Zie daarvoor het Kwalitatief Woning Onderzoek Zeeland (KWOZ). Die opgave wordt nog nader in beeld gebracht bij de eerder genoemde nieuwe een brede woonvisie. De vaststelling van die woonvisie wordt voorzien in de raadscyclus van mei 2023. Een en ander zal daarna bij de cyclisch aanpak van deze deal worden ingevuld.
9.3
Terneuzen: in Terneuzen gaat het om alle genoemde categorieën. Binnen het totaalplan voor de binnenstad Terneuzen wordt hier verdere uitvoering aan gegeven. Herstructurering vindt ook plaats in de Witte Wijk te Sas van Gent en de Oranje- en Componistenbuurt te Axel. Het gaat daar om sloop en vervangende nieuwbouw.
9.4
In het kader van duurzaamheid voert Woongoed Zeeuws-Vlaanderen in de gehele regio grootschalige renovatie uit bij zo’n 1.260 woningen t/m 2030. Dit is zo’n 23% van de bestaande woningvoorraad van Woongoed in Zeeuws-Vlaanderen.
87
10. Vakantieparken 10.1 De gemeente Hulst, Sluis en Terneuzen hebben geen vakantieparken welke mogelijk omgevormd zouden kunnen worden naar een woonbestemming. 10.2 In de gemeente Sluis vorm de toeristisch recreatieve sector een belangrijke economische pijler. We zien in deze sector een ontwikkeling die kwantitatief, maar zeker ook kwalitatief is. Er zijn in de gemeente Sluis meerdere vakantieparken. Deze zijn buiten de woonkernen gesitueerd en vormen geen directe aanleiding om transformatie ten behoeve van de functie Wonen te ontwikkelen. In de bestaande situatie is op deze parken nauwelijks sprake van permanente bewoning.
11. Kritische succesfactoren en ondersteuning In tabel 3 wordt locatie-specifiek bij de sleutelprojecten aangegeven op welke wijze Rijk en provincie ondersteunen in de realisatie van de regionale woningbouwopgave. Voor alle (afspraken over) kritische succesfactoren geldt dat deze periodiek besproken zullen worden in de regionale overleggen, om de voortgang te monitoren. 1. Zoals eerder aangegeven is versnelling van de procedures van belang om tot versnelling van de woningbouw te komen. Momenteel hebben de partijen te maken met langdurige procedures en de bijbehorende onderzoeken die in het kader van het vooroverleg noodzakelijk zijn (flora- en faunaonderzoeken, Aeriusberekeningen). 2. De commitment van marktpartijen om betaalbaar te wíllen bouwen is een kritische succesfactor. De stijgende bouwkosten spelen hierbij een grote rol. De overheden zijn vaak afhankelijk van de marktpartijen en woningbouwcorporaties, waardoor het van belang is dat gemeenten en de provincie meer handvatten beschikbaar krijgen om hierop te sturen. 3. De voorwaarden van Rijksregelgeving zijn vaak dermate stringent dat de regio Zeeuws-Vlaanderen vaak buiten de boot valt, denk hierbij aan subsidieregelingen, of er moet een werkwijze gehanteerd worden die dermate vertragend werk. Er wordt daarom aandacht gevraagd voor regelingen die oog hebben voor de diversiteit in regionale context, met name m.b.t.
de schaalgrootte. 4. Naast nieuwbouw ligt er een grote opgave in de aanpak van de bestaande woningvoorraad. Zeeuws-Vlaanderen beschikt over een relatief oude voorraad, die grotendeels in particulier bezit is. Circa 3.000 woningen van de particuliere voorraad in de regio behoren tot de kwetsbare voorraad (lage energieprestatie, niet levensloopbestendig te maken, et cetera). Dit is een belangrijk aandachtspunt omdat hier risico’s liggen op leegstand, met gevolgen voor de leefbaarheid en maatschappelijke kosten in de regio tot gevolg. De opgave in de bestaande particuliere voorraad is groot in de regio. Het is dus van belang dat de focus niet enkel op nieuwbouw ligt, maar ook de bestaande voorraad de benodigde aandacht krijgt. Het belang daarvan is door de mondiale ontwikkelingen (realisatie maatregelen Verdrag van Parijs, oorlog in Oekraïne, e.d.) alleen maar groter geworden. Gezien de grootte van de opgave, is dit voornamelijk vanuit financieel oogpunt een grote opgave. Het Rijk heeft daartoe instrumenten ontwikkeld, zoals de woningbouwimpuls, het volkshuisvestingsfonds en recent de regeling woningbouw en infrastructuur, terwijl er ook nog nieuwe programma’s op stapel staan. Het is belangrijk dat deze instrumenten goed aansluiten op de aard en omvang van de Zeeuwse opgave en vroegtijdig worden 88
afgestemd met de gemeenten, zodat de gemeenten voldoende tijd hebben om onder andere financiële middelen beschikbaar te kunnen stellen. De Zeeuwse projecten zijn in omvang veelal kleiner, maar kunnen lokaal van groot belang zijn. 5. Een van de belangrijkste knelpunten voor Zeeuws-Vlaanderen is de bereikbaarheid. De gemeenten in Zeeuws-Vlaanderen zijn bereid om de komende tijd in te zetten op een versnelling van de woningbouwopgave. Wij wensen als regio dan ook graag inwoners van buitenaf aantrekken. Echter is het hierbij van belang dat alle regio’s in Zeeland zijn aangesloten op de rest Nederland en voor sommige regio’s is het van groot belang dat de bereikbaarheid sterk wordt verbeterd om de leefbaarheid en concurrentiepositie in de regio te behouden. Dit is een infrastructurele opgave die niet enkel door de gemeenten kan worden opgepakt. Hiervoor is steun en regie vanuit het Rijk noodzakelijk.
12. Te maken aanvullende afspraken Het college van B&W heeft de wens om aanvullend afspraken te maken over: - De colleges van B&W van de gemeente Terneuzen, Sluis en Hulst spannen zich in om de beschreven afspraken uit de Woondeal na te komen, maar zijn daarin voor een groot deel afhankelijk van de gevraagde ondersteuning vanuit het Rijk. Hierbij wordt onder andere verwezen naar de gevraagde financiële ondersteuning. - De uitwerking van de Woondeal vraagt tevens om de nodige afstemming tussen de verschillende beleidsdomeinen binnen de betrokken overheden, waaronder het sociaal domein. Dit laatste is zeker van belang gelet op de mogelijk financiële consequenties, bijvoorbeeld voor de WMO-middelen. - Financiële ondersteuning bij de herstructurering van de bestaande woningvoorraad. De ervaring in 2021 bij de aanvragen voor bijdragen uit het Volkshuisvestingsfonds leert dat voor de regio Zeeuws-Vlaanderen maatwerkoplossingen nodig zijn met een meer structureel karakter.
89
90