5.7 rvs begr 2022 en jaarrekening 2020 VRZ bijlage 1 begr en jaarrekening
Tekst van het document
4^
Algemeen Bestuur 8 april 2021 Agendapunt: 8a
Veiligheids Bestuursvoorstel Algemeen Bestuur Onderwerp
Programmabegroting 2022
Status
Besluitvormend
Gevraagd besluit
Het Algemeen Bestuur wordt gevraagd:
In te stemmen met de programmabegroting 2022. De begroting 2022 is sluitend indien wordt ingestemd met:
a. een structurele verhoging van de gemeentelijke bijdrage
VRZ met € 260.000 t.o.v. 2021 en een structurele verhoging van de gemeentelijke bijdrage bevolkingszorg met € 2.000
t.o.v. 2021, beide conform VZG-richtlijn; b. een onttrekking aan de algemene reserve van € 311.003
voor incidentele dekking van het structurele begrotings tekort ontstaan in de begroting 2021 als gevolg van CAO-
ontwikkelingen. Vanaf 2023 is een verhoging van de gemeentelijke bijdrage voorzien;
c. een onttrekking aan de reserve meldkamer van € 154.900 voor incidentele dekking van frictiekosten
(€ 88.200) en desintegratiekosten (€ 66.700); d. een onttrekking aan de algemene reserve van maximaal
€ 200.000, voor het programmamanagement Brandweer
2030.; e. een restant-taakstelling van structureel € 90.674
f. een post onvoorzien van € 50.000. 1.
In te stemmen met het investeringsplan 2022 voor een
bedrag van € 5.112.220. Het betreft vooral de (geplande)
vervanging van brandweermaterieel en -materiaal (zie paragraaf 2.3.4. in de begroting 2022).
2.
Kennis te nemen van de meerjarenraming 2023 t/m 2025, als onderdeel van de programmabegroting 2022, met daarin een oplopende gemeentelijke bijdrage voor dekking van het begrotingstekort 2021 en oplopende kapitaallasten.
3.
De programmabegroting 2022 voor zienswijze aan te
bieden aan alle gemeenteraden in Zeeland. 4.
De programmabegroting 2022 na ontvangst en verwerking
van de ontvangen zienswijzen van de gemeenteraden definitief vast te laten stellen in de vergadering van het
Algemeen Bestuur op 9 juli 2021. Intrekken van eerdere besluitvorming Bijlagen
Programmabegroting 2022
Pagina 1 van 10
Veiligheids
Algemeen Bestuur 8 april 2021 Agendapunt: 8a
gio Infographic Begroting 2022
1. Samenvatting
Voor u ligt de programmabegroting 2022. De begroting 2022 is opgesteld vooruitlopend op de samenstelling van het nieuwe beleidsplan. De nu voorgestelde maatregelen zijn gebaseerd op én passend binnen het beleid uit de periode 2016-2019. Gezien de ontwikkelingen die op VRZ afkomen wordt de koers zorgvuldig en met voldoende draagvlak bepaald. Bij het gevraagde besluit over de jaarschijf 2022 wordt hieronder een toelichting gegeven: la. VZG-richtlijn loon- en prijsontwikkeling (0,9%, structureel)
Gemeentelijke bijdrage VRZ 2022 Uitgangspunt is de gemeentelijke bijdrage 2021, omdat bij de vaststelling van de begroting 2021 geen besluit is genomen over de oplopende gemeentelijke bijdrage (als gevolg van oplopende kapitaallasten) in de meerjarenraming 2022 t/m 2024. De meerjarenraming is ter informatie. Begroting 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Structurele bijdrage VRZ op basis van begroting 2021
28.746.152
VZG-richtlijn 2022, loon- en prijsontwikkelingen (0,9%) Oplopende kapitaallasten vervangingsinvesteringen *)
0 0
28.746.152 260.000 0
28.746.152 260.000 170.000
28.746.152 260.000 769.000
28.746.152 260.000 1.373.000
0
0 0
0 0
0
0
o o
304.253
304.253
304.253
28.900.652
29.006.152
29.480.405
30.079.405
30.683.405
-11.000
-11.000
-11.000
-11.000
-11.000
28.889.652
28.995.152
29.469.405
30.068.405
30.672.405
Structureel
Waterveiligheid /overstromingsrisico's
87.500 67.000
2 Fte Risicobeheersing Begrotingstekort 2021 (CAO 2019-2020)
Totaal gemeentelijke bijdrage (excl. bevolkingszorg) Correctie gemeente Schouwen-Duiveland
Totaal gemeentelijke bijdrage (excl. bevolkingszorg)
0
*) Een toelichting is opgenomen in de Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen
Voor de compensatie van de loon- en prijsontwikkeling in 2022 via de gemeentelijke bijdrage is de VZGrichtlijn van 0,9% gehanteerd. De bijstelling bedraagt € 260.000. Op basis van dit percentage is een loonbijstelling en een prijsbijstelling bepaald, rekening houdend met circa 67% loonkosten en circa 33% materiële kosten. Loonbijstelling VZG-richtlijn (0,9%)
0,6%
Prijsbijstelling
1,5 %
Gewogen gemiddelde prijsbijstelling 0,9%
loon-
en
Hierbij moet opgemerkt worden dat de CAO gemeenten tot 1 januari 2021 loopt. Vanaf 1 januari 2021 is door VRZ rekening gehouden met een loonstijging van 2,5%, conform de VZG-richtlijn. Vanaf 1 januari 2022 is door VRZ rekening gehouden met een loonkostenontwikkeling van 0,6% conform de VZG-richtlijn. De nieuwe cao vanaf 2021 is nog niet bekend. Er ontstaat dus op een later moment pas duidelijkheid over de werkelijke loonontwikkeling in 2021 en 2022.
Inmiddels is bekend dat het ABP in 2021 de pensioenpremies heeft verhoogd. De premie van het ouderdoms- en nabestaandenpensioen van ABP stijgt in 2021 van 24,9% naar 25,9%. De loonkosten voor
Pagina 2 van 10
Veiligheids
Algemeen Bestuur 8 april 2021 Agendapunt: 8a
o
VRZ stijgen hierdoor met circa 0,5%. Voor CAO-ontwikkelingen in 2021 resteert op basis van de VZGrichtlijn dan circa 2%. Opgeteld is rekening gehouden met ca. 2,6% voor de periode 2021 en 2022. In de begroting 2021 was nog een verhoging voorzien in 2022 voor oplopende kapitaallasten van € 487.358. Door het temporiseren van de geplande vervangingsinvesteringen is dit in de begroting 2022 teruggebracht naar 0. Vanaf 2023 wordt wel een verhoging van de gemeentelijke bijdrage voorzien samenhangend met oplopende kapitaallasten (€ 170.000). In de begroting 2021 is rekening gehouden met een incidentele gemeentelijke bijdrage van € 87.500 voor het project Waterveiligheid (Wave) en een incidentele bijdrage van € 67.000 voor risicobeheersing. Vanaf 2022 komen deze bijdragen (samen € 154.500) te vervallen. De bijdrage voor de gemeente Schouwen-Duiveland neemt met € 11.000 af. Het betreft een correctie die zijn oorsprong heeft in 2013. Hier tegenover staat een structurele verlaging van de kosten met € 11.000 op het programma Risicobeheersing.
Gemeentelijke bijdrage Bevolkingszorg 2022 Op basis van de begroting 2021 bedraagt de gemeentelijke bijdrage Bevolkingszorg € 165.000. Voor de compensatie van loon- en prijsontwikkelingen is de gemeentelijke bijdrage verhoogd met € 2.000 (=0,9%). De gemeentelijke bijdrage bedraagt € 167.000 vanaf 2022. 1b. Begrotingstekort 2021 (CAO 2019-2020)
Tijdens het opstellen van de begroting 2021 is een begrotingstekort 2022 ontstaan van € 311.003. Dit begrotingstekort is nieuw ontstaan in 2021 en heeft niets te maken met de taakstelling uit de begroting 2020. Belangrijkste oorzaak is de CAO gemeenten 2019-2020: CAO gemeenten 2019-2020 Er is rekening gehouden met een structurele verhoging van 4,9 % in de periode 2019-2020 op basis van de VZG-richtlijn. In de CAO is een verhoging van 6,25% afgesproken. Omdat de verhoging gefaseerd wordt ingevoerd, ontstaan er in 2019 en 2020 geen budgettaire problemen. Vanaf 2021 wel. Het tekort ten opzichte van de begroting dat vanaf 2021 ontstaat bedraagt 1,35% dat overeenkomt met ca. € 300.000. Er zijn geen afspraken gemaakt met de deelnemende gemeenten over nacalculatie van de VZGrichtlijn. De extra kosten zijn daarom als begrotingstekort opgenomen.
Uitgangspunt van VRZ is dat de werkelijke loon- en prijsstijgingen worden gecompenseerd om uitholling van de taakuitvoering te voorkomen. Het Algemeen Bestuur heeft in 2021 besloten om de (exogene) structurele ontwikkelingen, zonder verhoging van de gemeentelijke bijdragen, te verwerken in de (meerjaren)begroting 2021. Voor 2021 is voorgesteld dit begrotingstekort te dekken door een incidentele onttrekking uit de algemene reserve. Voor 2022 wordt opnieuw voorgesteld dit begrotingstekort te dekken door een incidentele onttrekking uit de algemene reserve. Deze dekking is mogelijk door de opnieuw te verwachten onderuitputting in 2021 als gevolg van Corona. Vanaf 2023 wordt een structurele verhoging van de gemeentelijke bijdrage voorzien van € 304.253.
Exogene ontwikkelingen begroting 2021 Dekking algemene reserve Verhoging gemeentelijke bijdrage
Totaal
2022
2023
2024
2025
-311.003 311.003
-304.253
-304.253
-304.253
304.253 0
304.253 0
304.253 0
0 lc. Meldkamer Zeeland-Brabant
Pagina 3 van 10
4?* Veiligheids § «■mi?
Algemeen Bestuur 8 april 2021 Agendapunt: 8a
Eind 2020 was er nog sprake van een hogere bezetting dan de afgesproken formatie. De bezetting zal worden afgebouwd. Ook is er sprake van tijdelijke reiskosten woon-werkverkeer in de periode 2020-2025 (5 jaar). De komende jaren kan hierdoor nog sprake zijn van hogere kosten. In de loop van 2021 zal een nieuwe (meerjaren)begroting opgesteld worden. Tijdelijke, extra kosten worden opgevangen met de reserve meldkamer. In 2022 is een bedrag van € 88.200 opgenomen. De loonkosten van een medewerker worden tot aan pensionering gedekt uit de reserve meldkamer. De kosten bedragen € 66.700 in 2022. ld. Programma brandweer 2030
In het aankomende meerjarenbeleidsplan is de toekomst van de brandweer één van de belangrijkste beleidsthema's. Vanaf 2019 heeft VRZ de inzichten in de huidige brandweerzorg gedeeld met het Algemeen Bestuur, gemeenteraden en de interne organisatie. Brandweer Zeeland heeft te maken met teruglopende prestaties, onder meer veroorzaakt door minder beschikbaarheid van vrijwilligers (met name overdag), een verhoogde opleidingsvraag en uitstroom van vrijwilligers vanwege hun leeftijd. Tegelijkertijd zal de invoering van de WNRA (Wet normalisatie rechtspositie ambtenaren) gevolgen hebben voor de organisatiewijze van de brandweer, evenals de invoering van gebiedsgerichte opkomsttijden ter vervanging van wat in Maatwerk in Brandweerzorg in 2015 is afgesproken. Als uitwerking van de WNRA hebben de minister van J&V en het Veiligheidsberaad geconcludeerd dat op grond van de Europese deeltijdrichtlijn de huidige inrichting en werkwijze ten aanzien van vrijwilligheid bij de brandweer binnen de bestaande juridische kaders niet behouden blijven. De oplossing hiervoor leidt mogelijk tot een stelselwijziging van de brandweer, waarbij wel het doel is om vrijwilligheid zoveel mogelijk te behouden. VRZ zal de komende jaren moeten zorgen dat de brandweerzorg ook in de toekomst aan de wet- en regelgeving voldoet, inclusief de vereisten van de WNRA.
In 2021 starten we met een programmatische aanpak om zorgvuldig, met de brandweerposten en de gemeenten, de eerste stappen te zetten om de brandweerzorg te verbeteren richting de toekomst. Belangrijke pijlers zijn het behoud van vrijwilligheid, meer investeren in brandpreventie en brandveilig leven en het stimuleren van participatie uit de samenleving.
Vanwege dit grote belang voor een goede brandweerzorg in Zeeland, ook in de toekomst, zal VRZ intern capaciteit vrijmaken om deze problematiek zorgvuldig en in samenspraak programmatisch op te pakken. Dit biedt mogelijkheden om stapsgewijs en meerjarig de oplossingsrichtingen te onderzoeken en verder vorm te geven. Deze oplossingsrichtingen zijn nog niet helemaal duidelijk (door bijv, het onderzoek naar taakdifferentiatie) en raken ook meerdere beleidsterreinen, ook buiten VRZ (zoals ruimtelijke ordening en vergunningverlening en handhaving). Het is daarom belangrijk dat we, zowel bestuurlijk als ambtelijk (inclusief onze vrijwilligers), draagvlak creëren voor onze aanpak en een zorgvuldig proces doorlopen. De directeur VRZ is, met het MT, verantwoordelijk om deze programmatische aanpak aan te sturen en uit te dragen. Echter, de complexiteit van de inhoudelijke vraagstukken en het belang van een zorgvuldig proces vraagt om een uiterst zorgvuldige aansturing. Omdat de huidige MT-leden grotendeels actief zijn met reguliere taken wordt er extra capaciteit ingezet om de MT-leden te ondersteunen in de programmatische aanpak. Wanneer dit niet voldoende wordt ingevuld is er met name een afbreukrisico op het borgen van de bestuurlijke processen en het bewaken van de onderlinge samenhang qua deelprojecten.
De capaciteit om de aansturing van het programma ten uitvoer te brengen wordt intern gevonden. Dit heeft als consequentie dat de vrijgevallen functies tijdelijk ingevuld moeten worden om de continuïteit te waarborgen. Deze kosten kunnen niet binnen de bestaande begroting worden opgelost en worden geschat op maximaal € 200.000 per jaar, afhankelijk van de wijze van invulling. Om financiële dekking te realiseren wordt in 2021 de kosten (€100.000) gedekt uit de lopende exploitatie 2021 (le begrotingswijziging 2021 bij de le burap). Financiële dekking voor de jaren 2022 t/m 2024 (samen
Pagina 4 van 10
4?* Veiligheids § Mtsinr?
Algemeen Bestuur 8 april 2021 Agendapunt: 8a
maximaal € 500.000) wordt gerealiseerd uit de algemene reserve en is verwerkt in deze programmabegroting 2022. Jaarlijks zal een evaluatiemoment plaatsvinden om nut/noodzaak van het programmamanagement 2030 te bezien en te beoordelen of bekostiging hiervan op de voorgestelde wijze moet worden gecontinueerd. Het Algemeen Bestuur VRZ heeft aangegeven dat de zaken, zowel financieel als beleidsmatig, in samenhang met elkaar moeten worden bezien. Er is geen sprake van nieuw beleid, aangezien de beoogd programmamanager dit nieuw beleid voor brandweer 2030 vorm gaat geven. De incidenteel benodigde gelden voor aanstelling van een programmamanager zijn niet te vinden binnen de huidige begroting, aangezien VRZ de afgelopen jaren een aanzienlijke reductie van de taakstelling heeft weten te behalen (zie hiervoor ook de aanbiedingsbrief begroting), waardoor er geen ruimte is om de invulling van programmamanagement voor brandweerzorg 2030 goed op te pakken, zonder te raken aan het primair proces. Om die reden is voorgesteld het benodigde budget te onttrekken aan de algemene reserve. Ie. Taakstelling
De programmabegroting 2020 was sluitend door het opnemen van een algemene structurele taakstelling. De afgelopen jaren hebben we al stevig ingezet op het verminderen van structurele uitgaven. In de begroting 2020 en 2021 was het met huidige koers en beleid niet mogelijk om deze sluitpost geheel structureel om te buigen.
Het bestuur heeft VRZ opdracht gegeven om deze (meerjarige) sluitpost in de begroting 2020 als taakstelling te realiseren. Los van een taakstelling erkent VRZ de noodzaak om continu de eigen organisatie door te lichten op doelmatigheid.
In 2019/2020 zijn reeds een aantal maatregelen genomen. Vanaf half maart 2020 heeft VRZ prioriteit gegeven aan de Covid-19 crisis, waardoor in 2021 met behulp van input van medewerkers en leidinggevend wordt bezien welke (rest) maatregelen nog mogelijk zijn binnen VRZ. VRZ is door actieve sturing in 2020 er ondanks de Covid-19 crisis in geslaagd om 2 incidenteel toegekende fte's voor advisering binnen risicobeheersing (ondanks verwachte minimaal gelijkblijvende stroom adviesverzoeken) structureel in te bedden binnen de totale formatie van risicobeheersing. Dit betekent dat de taakstelling in 2022 met € 125.000 oplopend tot een totaalbedrag van € 155.000 in 2024 kan worden verlaagd.
Vanaf 2021 wordt nog bezien welke besparingen/ doelmatigheidsmaatregelen voor VRZ nog mogelijk zijn met behoud van kwaliteit en taakuitvoering. In 2019/2020 heeft VRZ gestuurd middels het plan van aanpak taakstelling, met de volgende conclusies: VRZ heeft van 2021 tot en met 2024 voor een bedrag van € 486.100 aan structurele maatregelen in gang gezet en kosten gereduceerd. Dit is ook (gedeeltelijk) voor de frictiekosten veroorzaakt door vertrek van de meldkamer. Daarentegen is aan de andere kant rekening gehouden t/m 2024 met het begroten van de uitloopschalen. Indien nodig bestaat de mogelijkheid om incidenteel (gedeelten van) de taakstelling (bijvoorbeeld van de meldkamer) in 2022 op te vangen vanuit de algemene reserve en/of bestemmingsreserves. Bestuurlijke keuzes en wijziging van de beleidskoers op basis van het nieuwe beleidsplan zijn noodzakelijk om het totaal openstaand bedrag aan taakstelling uit de (meerjaren)begroting 2020 uiteindelijk op te kunnen lossen binnen de huidige financiële kaders. Dit met inachtneming van een acceptabele financiële positie zoals in het rapport van Twynstra Gudde is aangeduid: "Een gezonde balans tussen gedeelde ambities en benodigde financiën met lokaal commitment".
Pagina 5 van 10
Algemeen Bestuur 8 april 2021 Agendapunt: 8a
o
Veiligheids
2022
2023
2024
2025
Restant taakstelling na PvA Taakstelling *) Formatie risicobeheersing Begrotingsaldo 2022 **)
-222.516 125.000 6.842
-296.466 125.000 -1.438
-297.516 155.000 -11.097
-297.516 155.000 -39.297
Totaal
-90.674
-172.904
-153.613
-181.813
*) Inclusief taakstelling vertrek meldkamer **) De 1 en 2e bestuursrapportage 2020 lieten een nadeel zien van € 155.408 in 2021 aflopend naar € 73.150 vanaf 2022. Dit nadeel is in 2022 door meevallers en ombuigingen opgevangen.
If. Onvoorzien
De post onvoorzien bedraagt € 50.000. Het betreft een meerjarig incidentele post bedoeld voor onvoorziene incidentele uitgaven of voor het één jaar dekken van structurele uitgaven.
2 en 3. Investeringsplan en oplopende kapitaallasten
Sinds de jaarrekening 2015 melden wij in de begroting de geprognosticeerde oplopende kapitaallasten. De oplopende kapitaallasten komen grotendeels voort uit de noodzakelijke vervanging van het huidige, verouderde brandweermaterieel en -materiaal. Niet alleen in Zeeland is dit aan de orde. Ook in andere veiligheidsregio's zijn deze effecten zichtbaar. De oorzaken, zoals al eerder in onze begroting gemeld zijn:
Inflatie over een aantal jaren, waardoor de vervangingsprijs hoger is; Afschaffing van het btw-compensatiefonds in 2014; Vervanging van rijksmaterieel voor grootschalig optreden waarbij in de overdracht aan de veiligheidsregio geen financiële middelen zijn meegekomen. Elk jaar bekijken wij de levensduur van de vervangingsinvesteringen (inclusief brandweermaterieel) uit de investeringenportefeuille. Op basis daarvan hebben we reeds een aantal afschrijvingstermijnen verlengd, onder andere die van een tankautospuit (tot 17 jaar). Toch lopen de kapitaallasten op. In de meerjarenraming 2023 t/m 2025 is de gemeentelijke bijdrage stapsgewijs verhoogd. Het effect bedraagt in de jaarschijf 2025 ten opzichte van de jaarschijf 2022 € 1.373.000. Door temporiseringen in het vervangingsplan 2021 zijn de kapitaallasten in 2022 gelijk aan het niveau van 2021. Het niet doen van deze vervangingen leidt tot vermindering van de operationaliteit en de slagkracht van Brandweer Zeeland.
€6.000.000
Begroting 2021 €5.500.000
Jaarrekening2020 Begroting 2022 €5.000.000
Jaarrekening2019 €4.500.000
€4.000.000
€3.500.000
€3.000.000
Begroting 2021 na wijziging €2.500.000
€2.000.000
X X XzXzX X X X X X X z ZZXzZX"ZZXZXZXZXXXxX,zz ,/z z zZz z z z z fZ
Z
Pagina 6 van 10
4?* Veiligheids § «■mi?
Algemeen Bestuur 8 april 2021 Agendapunt: 8a
Het investeringsplan 2022 bedraagt € 5.112.220. Het betreft vooral de (geplande) vervanging van brandweermaterieel en -materiaal. Het investeringsplan is opgenomen in paragraaf 2.3.4. in de begroting 2022. Het investeringsplan is gebaseerd op het huidige beleid. Binnen dit beleid is 1 op 1 vervanging voorzien, gebaseerd op de vastgestelde maximale afschrijvingstermijnen om zo de operationele sterkte op peil te houden. Voor sommige activa wordt momenteel gewerkt aan nieuw beleid en daarnaast kunnen beleidsontwikkelingen m.b.t. 'Brandweerzorg 2030' gevolgen hebben voor dit vervangingsplan. Aanpassing/besluitvorming over het huidige beleid gaat echter vooraf aan aanpassing van het vervangingsplan. Bij een aanbesteding van bijvoorbeeld nieuwe tankautospuiten zal er daarom aandacht zijn voor flexibiliteit in de afname van het aantal voertuigen.
4.
Risico's en weerstandsvermogen
In de Notitie risicomanagement en weerstandsvermogen is een maximum bepaald aan het aan te houden weerstandsvermogen. Inmiddels is de gemeenschappelijke regeling 2017 VRZ vastgesteld. Conform de VZG-richtlijn is hierin opgenomen artikel 25 : "Veiligheidsregio Zeeland vormt een reserve ten laste van de gemeentelijke bijdragen aan de uitvoeringskosten tot maximaal 5% van de jaaromzet, inclusief de bijdrage van de deelnemers." Dat betekent voor 2022 een maximale reserve van 5 % van € 37.082.827 = € 1.854.141. De beschikbare weerstandscapaciteit bedraagt, rekening houdend met het bestedingsvoorstel van het resultaat van de jaarrekening 2020 en de begroting 2021, begin 2022 € € 1.557.330. Dit is lager dan de maximaal toegestane weerstandscapaciteit. Een afbouw van de weerstandscapaciteit wordt op dit moment niet verstandig geacht: - Er is in 2022 een onttrekking voorzien aan de algemene reserve van € 311.003 waardoor de beschikbare weerstandscapaciteit eind 2022 onder de maximale toegestane weerstandscapaciteit zakt - Er is in de periode 2022, 2023 en 2024 respectievelijke 200.000, € 200.000 en € 100.000 (samen € 500.000) opgenomen voor het programmamanagement Brandweer 2030. Deze kosten worden gedekt uit de algemene reserve. - Er is er nog sprake van een structurele taakstelling in de meerjarenbegroting - Er is sprake van een groot structureel risico in de vorm van de Wnra.
Dit risico blijft bestaan tot het moment dat het rijk de financiering van de extra uitgaven voortvloeiend uit implementatie van de wet volledig voor haar rekening neemt. 2. Wettelijk kader en of eerdere besluitvorming
In artikel 34 van de Wet gemeenschappelijke regelingen is opgenomen dat het Algemeen Bestuur van het openbaar lichaam de begroting 2022 vaststelt in 2021. In Artikel 34b van de Wet gemeenschappelijke regelingen is opgenomen dat het dagelijks bestuur van het openbaar lichaam vóór 15 april 2021 de algemene financiële en beleidsmatige kaders zendt aan de raden van de deelnemende gemeenten. Het dagelijks bestuur van het openbaar lichaam zendt de begroting binnen twee weken na de vaststelling, doch in ieder geval vóór 1 augustus 2021 aan gedeputeerde staten. Het is in het 'Besluit Begroting en Verantwoording gemeenten' voorgeschreven dat in de begroting 2022 vergelijkende cijfers worden opgenomen tussen de jaarrekening 2020, de begroting 2021 en de begroting 2022. De jaarrekening 2020 van VRZ is nog niet vastgesteld. De voorlopige cijfers zijn opgenomen. Zodra de accountantscontrole van de jaarrekening 2020 is afgerond zullen de cijfers definitief worden ingevuld.
Pagina 7 van 10
$
Veiligheids
Algemeen Bestuur 8 april 2021 Agendapunt: 8a
c
Pagina 8 van 10
Veiligheids
Algemeen Bestuur 8 april 2021 Agendapunt: 8a
gio
3. Financiën
Financiële consequenties (Incidenteel/structureel, investering, exploitatielasten en kapitaallasten)
Bijdrage aan Veiligheidsregio Zeeland 2021
2022
Verschil
VRZ
VRZ
VRZ
Borsele Goes Hulst Kapelle_______ Middelburg Noord-Beveland Reimerswaal Schouwen-Duiveland Sluis Terneuzen Tholen Veere Vlissingen
1.816.947 2.687.121 1.893.064 791.620 3.066.395 863.840 1.492.518 2.862.232 2.357.095 4.237.992 1.848.714 1.971.830 3.011.284
1.807.648 2.723.914 1.900.029 785.769 3.087.585 872.778 1.496.712 2.856.439 2.360.994 4.220.480 1.856.043 1.970.807 3.055.955
-9.299 36.793 6.965 -5.851 21.190 8.938 4.194 -5.793 3.899 -17.512 7.329 -1.023 44.671
Totaal
28.900.652
28.995.152
94.500
2022
Verschil
Gemeente
Bijdrage aan Veiligheidsregio Zeeland 2021
Gemeente
Dekking uit
Bevolkingszorg Bevolkingszorg Bevolkingszorg
Borsele
9.810
9.929
119
Goes Hulst
15.972 11.954
16.166 12.099
194 145
Kapelle Middelburg
5.364 20.664
5.429 20.915
65 251
Noord-Beveland Reimerswaal
3.254 9.389
3.294 9.503
40 114
Schouwen-Duiveland Sluis
14.774 10.335
14.953 10.460
179 125
Terneuzen Tholen
23.681 11.049
23.968 11.183
287 134
Veere Vlissingen
9.500 19.252
9.615 19.485
115 233
Totaal
165.000
167.000
2.000
De dekkingsmiddelen voor VRZ bestaan vooral uit de BDUR en gemeentelijke bijdragen. Daarnaast zijn er nog andere (kleinere) inkomstenbronnen zoals subsidies en inkomsten conform de vergoedingenlijst. De geraamde onttrekking aan de reserves bedraagt in 2022 € 675.103,
Pagina 9 van 10
Algemeen Bestuur 8 april 2021 Agendapunt: 8a
Veiligheids waarvan:
a. € 154.900 aan de reserve meldkamer voor frictiekosten (€ 88.200) en desintegratiekosten (66.700) i.v.m. het vertrek van de meldkamer. b. € 311.003 aan de algemene reserve voor het begrotingstekort 2021. c. maximaal € 200.000 aan de algemene reserve voor het programma brandweer 2030. d. € 9.200 aan de reserve afschrijving brandweer. De taakstelling van vóór 2021 bedraagt structureel nog € 90.674 vanaf 2022. 4. Consequenties
Operationele consequenties In de voorliggende programmabegroting zijn de minimaal noodzakelijke maatregelen genomen om ervoor te zorgen dat VRZ haar wettelijke taken op een adequate en kwalitatief goede wijze kan blijven invullen en over voldoende operationele slagkracht kan beschikken. Dit opdat VRZ voldoende voorbereid is op de belangrijkste risico's uit het Zeeuwse risicoprofiel.
Consequenties voor gemeenten 5. Communicatie
Na vaststelling van de begroting wordt deze aangeboden aan Gedeputeerde Staten van Provincie Zeeland en gepubliceerd op Viadesk (intranet) en de website van VRZ.
Adviezen
Ondernemingsraad (OR)
Ter informatie / ter bespreking
Veiligheidsdirectie (VD)
Niet van toepassing
Adviescommissie Financiën (ACF) & Bestuurlijk Adviseursoverleg (BAO)
De ACF heeft geadviseerd het programmamanagement Brandweer 2030 in een separaat voorstel voor te leggen aan de gemeenten voor zienswijze en het AB via een le begrotingswijziging 2022. Daarnaast heeft de ACF nog enkele tekstuele aanbevelingen gedaan. Deze zijn verwerkt.
Besluit Dagelijks Bestuur:
Registratienummer:
Paraaf secretaris van het Dagelijks Bestuur:
Datum:
Pagina 10 van 10
Veiligheids
VeiligheidsRegio Zeeland
[**
Programmabegroting 2022
Datum: 26 februari 2020
1
$
Veiligheids
Voorwoord Op het moment van schrijven van dit voorwoord (begin maart 2021) is de Tijdelijke Wet Maatregelen Covid-19 (TWM Covid-19) nog steeds van kracht en is het vaccinatieprogramma gestart. De verwachting is, dat in de loop van 2021 het sociale en culturele leven weer opgepakt kan worden en we naar een herstelfase kunnen gaan. Echter, veel is nog onzeker. Zolang de TWM Covid-19 van kracht is blijft Veiligheidsregio Zeeland, samen met de GGD, de gemeenten en netwerkpartners bezig om de effecten van de Covid-19 te beperken. Dat deze crisis veel van onze mensen en de inwoners van Zeeland gevraagd heeft is gebleken. De crisis COVID-19 heeft effect op de verdere ontwikkeling van de Veiligheidsregio en de realisatie van de begroting 2021. De kosten voor de crisisbeheersing blijven beperkt. Wel heeft 2020 geleerd dat uitgaven voor crisisbeheersing en de brandweer door minder oefeningen en uitstel van opleidingen een onderbesteding kenden. De intentie is om de komende jaren een inhaalslag te doen om de sterkte en de kwaliteit op peil te houden, met name van onze brandweermensen. Daarom is bij de jaarrekening 2020 het voorstel gedaan om een bestemmingsreserve in te stellen. Uit evaluaties zal blijken welke aanbevelingen en maatregelen komen voor het verbeteren van de crisisbeheersing, zowel regionaal en landelijk.
Een eerste aanzet is gedaan in de evaluatie Wet Veiligheidsregio's, andere evaluaties volgen nog. Daarmee is de impact daarvan op de begroting 2022 onbekend. Het bestuur van VRZ heeft opdracht gegeven om in 2021 te starten met een eerste evaluatie.
In het algemeen bestuur van juli 2021 zal het algemeen bestuur gelijktijdig met deze begroting het meerjarenbeleidsplan 2022-2025 behandelen. Het meerjarenbeleidsplan (MJBP) kent vier speerpunten, namelijk Voorbereide crisisorganisatie, Toekomstige brandweerzorg, Werken in netwerken en Mens en organisatie. Een eerste consultatie bij gemeenteraden en netwerkpartners loopt. Na behandeling van het MJBP in het algemeen bestuur zal het MJBP voor zienswijze langs de gemeenteraden gaan, waarna het algemeen bestuur in het najaar 2021 het MJBP zal vaststellen. Veiligheidsregio Zeeland kijkt ernaar uit om in 2022 de samenwerking met de netwerkpartners aan de slag te gaan de beleidsambities uit het nieuw MJBP.De beleidsambities uit het nieuwe MJBP met vaststelling in het najaar 2021, leiden mogelijk nog tot een begrotingswijziging op de voorliggende begroting 2022, welke in juli aan het bestuur ter vaststelling wordt aangeboden. In een raadsinformatiebrief worden de gemeenten geïnformeerd over de meest recente ontwikkelingen van de brandweerzorg. De aanzienlijke opgave om de brandweer, met zoveel mogelijk vrijwilligheid, in stand te houden vraagt om een programmatische aanpak. Financiële middelen hiervoor zijn in de begroting 2022 opgenomen. Begin 2021 is een onderzoek gestart naar de mogelijkheid voor een eventuele samenwerking tussen GGD, RUD en VRZ.
Bij alle drie de organisaties zijn medewerkers, onder leiding van een extern bureau, gestart met het verkennen van de mogelijkheden tot samenwerking De uitkomsten van dit onderzoek worden in het 2e halfjaar van 2021 verwacht. De begroting sluit met een structurele taakstelling 2020 van € 90.674 voor VRZ en met een structureel begrotingstekort 2021 van € 311.003, dat is ontstaan door exogene loonontwikkelingen in de CAO 2019-2020 die niet gecompenseerd zijn in de VZG-richtlijn. Dit tekort wordt in 2022 incidenteel gedekt uit de algemene reserve. Deze dekking is mogelijk door de opnieuw te verwachten onderuitputting in 2021 als gevolg van Corona. Uitgangspunt voor VRZ is dat de werkelijke loon- en prijsstijgingen worden gecompenseerd om uitholling van de taakuitvoering te voorkomen Vanaf 2023 wordt daarom een structurele verhoging van de gemeentelijke bijdrage voorzien.
Edith van der Reijden Commandant Brandweer en Directeur Veiligheidsregio Zeeland
2
$
Veiligheids
Inhoud
Voorwoord
2
Inhoud
3
Inleiding
4
Hoofdstuk 1: Beleidsbegroting
5
Deel 1.1: Het programmaplan
6
1.1.1 Programma Bevolkingszorg
6
1.1.2 Programma Meldkamer Zeeland-Brabant
10
1.1.3 Programma Risicobeheersing
13
1.1.4 Programma Brandweer
22
1.1.5 Programma Crisisbeheersing
33
1.1.6 Overhead en kostentoerekening
41
1.1.7 Algemene dekkingsmiddelen
42
1.1.8 Onvoorzien
46
Deel 1.2: De paragrafen
47
1.2.1 Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen
47
1.2.2 Paragraaf Bedrijfsvoering
51
1.2.3 Paragraaf Financiering
54
1.2.4 Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing
57
1.2.5 Paragraaf Verbonden partijen
62
1.2.6 Paragraaf Taakstelling.
63
Hoofdstuk 2: Financiële begroting en meerjarenraming
64
Deel 2.1: Uitgangspunten voor de begroting
65
Deel 2.2: Overzicht van baten en lasten en de toelichting
68
2.2.1 Totaaloverzicht per programma, inclusief meerjarenraming
68
2.2.2 Specificatie per programma naar economische categorie, inclusief meerjarenraming
68
2.2.3 Totaaloverzicht op economische categorie, inclusief meerjarenraming
68
2.2.4 Overzicht met vergelijkende cijfers uit de concept-jaarrekening 2020 en de begroting 2021
71
2.2.5 Incidentele lasten per programma
74
Deel 2.3: Uiteenzetting financiële positie
76
2.3.1 Geprognosticeerde begin- en eindbalans 2021 t/m 2025
76
2.3.2 Geprognosticeerde EMU-saldo
79
2.3.3 Verwachte stand en verloop van de reserves 2021 t/m 2025
80
2.3.4 Investeringsplan 2021 t/m 2025
82
Deel 2.4: Overzicht van baten en lasten per taakveld
83
3
$
Veiligheids
Inleiding De begroting 2022 is opgesteld vooruitlopend op de samenstelling van het nieuwe beleidsplan. De nu voorgestelde maatregelen zijn gebaseerd op én passend binnen het beleid uit de periode 2016-2019. Het meerjarenbeleidsplan uit die periode is met 2 jaar verlengd. Gezien de ontwikkelingen die op VRZ afkomen wordt de koers zorgvuldig en met voldoende draagvlak bepaald. De begroting 2022 voldoet aan het Besluit Begroting en Verantwoording gemeenten (BBV). De begroting bestaat uit: Hoofdstuk 1: de beleidsbegroting; Hoofdstuk 2: de financiële begroting en meerjarenraming.
Het hoofdstuk beleidsbegroting bestaat vervolgens uit: Deel 1.1: het programmaplan; Deel 1.2: de paragrafen. Het hoofdstuk financiële begroting en meerjarenraming bestaat vervolgens uit: Deel 2.1: de uitgangspunten voor de begroting; Deel 2.2: het overzicht van baten en lasten en de toelichting; Deel 2.3: de uiteenzetting van de financiële positie en de toelichting; Deel 2.4: het overzicht van de geraamde baten en lasten per taakveld. Voor de programmabegroting 2022 is de volgende (programma)structuur gehanteerd:
1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.
Programma Bevolkingszorg; Programma Meldkamer Zeeland-Brabant; Programma Risicobeheersing; Programma Brandweer (incl. maritieme veiligheid/MIRG) Programma Crisisbeheersing (incl. GHOR en nucleaire veiligheid) Overhead en kostentoerekening; Algemene dekkingsmiddelen; Onvoorzien;
Binnen deze programma's komen de drie W- vragen aan de orde, namelijk "Wat willen we bereiken?", "Wat gaan we daarvoor doen?" en "Wat gaat het kosten". Elk programma kent een
programmaplan waarin de wettelijke en, indien relevant, de niet-wettelijke taken zijn opgenomen en het ambitieniveau dat wordt nagestreefd. VRZ voert hoofdzakelijk wettelijke taken uit. VRZ is niet geheel vrij om te bepalen hoe de wettelijke taken worden uitgevoerd. De inspectie Justitie & Veiligheid houdt toezicht op de uitvoering van de wettelijke taken door de veiligheidsregio's. In de programma's wordt gewerkt met 'doelenbomen'. Een doelenboom is een hiërarchische weergave van doelen in de vorm van een hoofddoel en subdoelen/activiteiten waarvan verondersteld wordt, dat deze een bijdrage leveren aan het hoofddoel. Een doel geeft ambities weer, iets datje wilt bereiken. De doelen en subdoelen/activiteiten zijn zo veel mogelijk 'SMART' geformuleerd waarbij, zo mogelijk, gebruik is gemaakt van prestatie-indicatoren.
4
$
Veiligheids
Hoofdstuk 1: Beleidsbegroting
5
Veiligheids
Deel 1.1: Het programmaplan 1.1.1 Programma Bevolkingszorg
Omschrijving en wettelijk kader Bij een ramp of crisis heeft de gemeentelijke overheid een aantal taken om schade en leed voor de burgers zoveel mogelijk te beperken. Op grond van artikel 10 Wet veiligheidsregio's heeft de veiligheidsregio de opdracht om rampenbestrijding en crisisbeheersing te organiseren. In het onderliggende Besluit veiligheidsregio's staat daarentegen dat het college van burgemeester en wethouders een team Bevolkingszorg aanwijst dat belast is met een aantal taken.
1.
A -
w
-3 Foto van de evacuatie-oefening van het voetveer Vlissingen-Breskens
Hoofdzakelijk worden de volgende vijf taken voor bevolkingszorg benoemd vanuit art. 2.1.3. Besluit veiligheidsregio's:
Het geven van voorlichting aan de bevolking; Het voorzien in opvang en verzorging van de bevolking; Het verzorgen van nazorg voor de bevolking; Het registreren van slachtoffers; Het registreren van schadegevallen; Advisering regionaal operationeel team Daarnaast ligt vanuit Bevolkingszorg de focus de komende jaren op de verdere implementatie van het plan Bevolkingszorg op orde 2.0 en het blijven van een robuuste partner die bijdraagt aan de continuïteit van de crisisorganisatie. Bevolkingszorg op orde 2.0 geeft invulling aan een meer realistische zorg voor de bevolking tijdens en na een ramp of crisis waarbij wordt uitgegaan van zelfredzaamheid van een groot deel van de betrokkenen. Om een kwaliteitsslag te kunnen maken en de daarbij behorende kosten te beperken is in 2021 de regionale organisatie Bevolkingszorg nog efficiënter georganiseerd. 6
Veiligheids
Wat willen we bereiken ?
Zorgdragen voor een optimale en passende zorg aan de bevolking bij rampen
t De acute bevolkingszorg is op orde
Een snelle en goede herstelzorg
Een adequate crisiscommunicatie
Investeren in vakbekwaamheid functionarissen Bevolkingszorg
Voorzien in contactbehoefte bevolking met hulpinstanties
Tijdig communiceren van feitelijke informatie
Kunnen voorzien in opvang en verzorging
Zorgen voor een plan van aanpak voor de herstelfase
Ondersteunen burgemeester in de rollen van boegbeeld en burgervader
Informeren verwanten SIS
Adviseren van het Regionaal Operationeel Team
Evacuatie
Bevolkingszorg maakt onderdeel uit van de crisisorganisatie. In het beleidsplan 2022-25 is één van de speerpunten een voorbereide crisisorganisatie. Bevolkingszorg was deze weg al ingeslagen en gaat voor 2022 specifiek aandacht besteden aan vergroten van de vakbekwaamheid bevolkingszorgfunctionarissen. mede gezien in licht van de tweede evaluatie van de wet op de veiligheidsregio's.
Wat gaan we daarvoor doen ? De acute bevolkingszorg is op orde De acute bevolkingszorg is de zorg die in geval van een crisis direct door professionele hulpverleners gegeven kan worden. Dit is op orde als de taken worden uitgevoerd door de vakbekwame hulpverleners die bestaan uit het voorzien van opvang en verzorging, het registreren van slachtoffers, het registreren van schademeldingen en het adviseren van het regionaal operationeel team (ROT).
7
Veiligheids
Om ervoor te zorgen dat deze hulpverleners hun taak zo goed mogelijk kunnen verrichten is blijft het werken aan een goede voorbereiding ook in 2022 nodig. De operationele voorbereiding (preparatie) betreft voorbereidende werkzaamheden die ervoor zorgen dat Bevolkingszorg bij een inzet tijdig en adequaat kan optreden. Daarnaast omvat de operationele voorbereiding ook de planvorming w.o. de procesplannen, handboeken van Bevolkingszorg. Deze operationele voorbereidingen moeten ook actueel worden gehouden. Evenals het up-to-data houden van AG5. Rekening wordt gehouden met de tweede evaluatie van de Wet veiligheidsregio's waarin nadrukkelijk aandacht wordt gevraagd voor de beschrijving van bevolkingszorg in relatie tot de gemeentelijke crisisbeheersing.
Investeren in vakbekwaamheid Bevolkingszorg functionarissen Naast het feit dat alle materiële operationele voorbereidingen moeten zijn getroffen is het noodzakelijk dat de functionarissen ook de kennis en kunde hebben om te weten wat zij moeten doen ingeval van een crisis. Dit heet de vakbekwaamheid van de Bevolkingszorg functionarissen. In 2022 wordt uitvoering gegeven aan het jaarplan vakbekwaamheid bevolkingszorg 2022. Hierin is o.a. ingezet op kwalitatief beleid met betrekking tot vakbekwaamheid in de vorm van o.a. het toetsen.
Het voorzien in opvang en verzorging Voor de betrokkenen bij een incident die behoefte hebben aan hulp tot het krijgen van opvang en verzorging wordt binnen drie uur na de aanvang van het incident voor voldoende opvanglocaties gezorgd. Afhankelijk van de situatie en het aantal op te vangen betrokkenen kunnen er diverse opvanglocaties worden aangesproken. Voor de mensen die voor langere tijd niet kunnen terugkeren naar huis of die ook voor langere tijd geen gebruik kunnen maken van opvang bij familie of vrienden zal binnen 48 uur tijdelijke huisvesting worden gezocht. Het registreren van slachtoffers en schadegevallen Het doel van het registreren van slachtoffers en schadegevallen is om ervoor te zorgen dat verwanten zo snel mogelijk informatie krijgen over hun naaste. Hiervoor is de Slachtofferinformatiesystematiek (SIS) ontwikkeld. Daarnaast kan deze informatie ook van belang zijn voor de nazorg aan de betrokkenen, onderzoek door de politie naar de toedracht van het incident, de wederopbouw van het rampgebied etc.
Advisering van het Regionaal Operationeel Team Door tussenkomst van de Algemeen Commandant Bevolkingszorg kan de sectie Bevolkingszorg het ROT adviseren over de wijze waarop te nemen maatregelen kunnen worden uitgevoerd. Denk daarbij aan de keuze voor een opvanglocatie of met betrekking tot specifieke informatie over het bron- of effectgebied.
Een snelle en goede herstelzorg Herstelzorg is de verzamelnaam voor alle activiteiten die nodig zijn om een terugkeer naar de normale situatie te realiseren. Het doel van herstelzorg is dan ook om de omstandigheden terug te brengen tot een acceptabele situatie in de zin van dat het voor betrokkenen mogelijk is om zonder aanvullende zorg de dagelijkse gang van zaken weer op te pakken. Voorzien in contactbehoefte bevolking met hulpinstanties Betrokkenen kunnen na een crisis behoefte hebben aan uiteenlopende vormen van professionele hulpverlening. Bevolkingszorg vervult een faciliterende rol door betrokkenen door te verwijzen naar de juiste hulpverlenende instanties.
8
Veiligheids
Zorgen voor een plan van aanpak herstelfase Hoe het proces 'herstelzorg' precies invulling krijgt, is afhankelijk van de aard en omvang van de crisis. Daarom wordt bij iedere crisis wordt een aparte plan van aanpak herstelfase gemaakt.
Een adequate crisiscommunicatie Betrokkenen hebben tijdens een ramp of crisis feitelijke informatie nodig zodat zij zelf in actie kunnen komen. Vanwege de opkomende sociale media is het van belang dat de overheid zo snel mogelijk de juiste informatie beschikbaar stelt. Daarom wordt ernaar gestreefd om binnen 30 minuten na aanvang van het incident informatie beschikbaar te stellen. Daarnaast is het van belang dat de verstrekte informatie ook regelmatig wordt bijgewerkt.
Wat gaat het kosten: programmabudget ? Begroting:
Begroting:
Begroting:
Begroting:
2022
2023
2024
2025
294.200
STR
Lasten
HOSalarissen en sociale lasten
286.400
290.000
292.600
351lngeleend personeel
31.500
31.500
31.500
31.500
3800verige goederen en diensten
103.400
103.400
103.400
103.400
37.100
37.100
37.100
37.100
458.400
462.000
464.600
466.200
-167.000
-167.000
-167.000
-167.000
-167.000
-167.000
-167.000
-167.000
Totaal STR
291.400
295.000
297.600
299.200
Totaal Saldo van baten en lasten
291.400
295.000
297.600
299.200
0
0
o
0
291.400
295.000
297.600
299.200
436lnkomensoverdrachten - overige overheden Totaal Lasten
Baten
432lnkomensoverdrachten - gemeenten Totaal Baten
Totaal Mutaties reserves
Eindtotaal INC= Incidenteel; STR= Structureel
Toelichting | Bijdrage aan Veiligheidsregio Zeeland Gemeente
2021 2022 Verschil Bevolkingszorg Bevolk ingszorg Bevolk ingszorg
Borsele
9.810
9.929
119
Goes
15.972
16.166
194
Hulst____________
11.954
12.099
145
Kapelle
5.364
5.429
65
Middelburg
20.664
20.915
251
Noord-Bevela nd
3.254
3.294
Reimerswaal
9.389
9.503
40 114
Schouwen-Duiveland Sluis
14.774
10.335
14.953 10.460
179 125
Terneuzen
23.681
23.968
287
Tholen
11.049
11.183
134
Veere
9.500
9.615
115
Vlissingen
19.252
19.485
233
Totaal
165.000
167.000
2.000
9
$
Veiligheids
1.1.2 Programma Meldkamer Zeeland - West-Brabant
Omschrijving en wettelijk kader In 2010 is bij de vorming van kabinet Rutte bepaald dat er in Nederland één meldkamerorganisatie komt met maximaal tien locaties. De meldkamerorganisatie valt onder de minister van J&V en is verantwoordelijk voor het instellen en in stand houden van de meldkamer. Het beheer van de meldkamers is belegd bij de Nationale Politie (Politiewet). De politie stelt de fysieke ruimte beschikbaar op de meldkamers en draagt er zorg voor dat de (gemeenschappelijke) ICTvoorzieningen op de meldkamers ook bruikbaar zijn voor de uitvoering van de meldkamerfunctie van brandweer, ambulance, Veiligheidsregio, Koninklijke marechaussee en de Politie zelf. De meldkamerfunctie bestaat uit: het ontvangen, registreren en beoordelen van meldingen waarbij wordt gevraagd om acute inzet van brandweer, politie en ambulancezorg; het bieden van een adequaat hulpaanbod en het begeleiden en coördineren van de hulpdiensten; zorgdragen voor de multidisciplinaire alarmering, opschaling en informatievoorziening ten behoeve van de rampenbestrijding en crisisbeheersing. De verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de meldkamerfunctie voor de brandweertaak, de rampenbestrijding, de crisisbeheersing en geneeskundige hulpverlening ligt bij het bestuur van de Veiligheidsregio's (is benoemd in de Wvr).
De Veiligheidsregio's Zeeland en Midden- en WestBrabant maken vanaf 9 juni 2020 hiervoor gezamenlijk gebruik van één bovenregionale meldkamer te Bergen op Zoom. De term Operationeel Centrum Veiligheidsregio/Brandweer (OC VR/Brw) wordt voor deze meldkamer gebruikt. De besturen van VRMWB en VRZ hebben een convenant afgesloten voor het beheer.
Ji
Schets van de meldkamer in Bergen op Zoom
De Veiligheidsregio's voorzien tevens in de functie van de calamiteitencoördinator (CaCo) ten behoeve van de rampenbestrijding en crisisbeheersing. Vanaf juni 2020 beschikt de meldkamer 24/7 over een CaCo. De CaCo neemt bij grootschalige alarmering de eenhoofdige leiding van de meldkamer op zich en de informatiedeling met de crisisorganisatie op basis van het meldkamerbeeld. 10
$
Veiligheids
Wat wil het OC VR/BRW bereiken? Het door het OC VR/Brw bieden van een snelle en effectieve hulpverlening aan de burger, waarbij deze zoveel mogelijk in het eerste contact geholpen wordt, en het snel en effectief begeleiden en coördineren van de hulpdiensten in Zeeland en Midden-West-Brabant. De doelstelling van één meldkamerorganisatie is ook dat de Meldkamers eikaars werk kunnen overnemen, zodat zij elk incident in heel Nederland kunnen afhandelen, onafhankelijk van waar het zich voordoet. Dit is ook van belang voor grote incidenten waarin (snel) opgeschaald moet kunnen worden. Landelijke standaarden zijn daardoor een belangrijk uitgangspunt. Dit zonder de feitelijke verschillen in risicogebieden en beschikbare middelen uit het oog te verliezen. Een te grote verscheidenheid in uitrukvoorstellen dient daarentegen te worden voorkomen.
Wat gaat het OC VR/BRW doen ? Optimaliseren en doorontwikkelen processen OC VR/Brw De meldkamerfunctie-brandweer is een volwaardig onderdeel van het brandweerproces. Het proces van incidentbestrijding start (en stopt) bij de meldkamer en maakt de meldkamerfunctie en brandweer onlosmakelijk met elkaar verbonden. Het bepalen van aanbod op de hulpvraag en het brandweerproces blijft verantwoordelijkheid van de brandweer. Vanuit het brandweerproces wordt de meldkamer voorzien van alle relevante informatie, zodat zij op hun beurt de operationeel leidinggevende optimaal kunnen ondersteunen. De meldkamer vormt zo een operationeel centrum voor de alarmering, opschaling en ondersteuning van de brandweer. Dit geldt voor zowel de bronbestrijding (vanaf bevelvoerder) als voor de bestrijding van de effecten in het achterliggende gebied. Daarbij heeft de meldkamer een signalerende functie om op te schalen naar bijvoorbeeld een sectie brandweerzorg die regisserende en ondersteunende taken kan overnemen. Met de komst van de Meldkamer in Bergen op Zoom doet zich de kans voor om de rol van de meldkamer nog sterker onderdeel te laten zijn van het brandweer- en crisisbeheersingsproces, met als doel om de effectiviteit van de hulpverlening aan de burger verder te vergroten.
Naast de brandweerprocessen heeft de meldkamer VR/Brw tevens als taken: • De alarmering en ondersteuning van de multidisciplinaire opschaling De alarmering van ketenpartners t.b.v. de multidisciplinaire opschaling De alarmering en ondersteuning van de bevolkingszorg processen De meldkamer-functie brandweer ontwikkelt zich hiermee tot een Operationeel Centrum Veiligheidsregio / Brandweer.
De burger krijgt na een melding adequate en risico-gerelateerde hulp. Er wordt onderscheid gemaakt tussen het proces van aanname en uitgifte ten behoeve van een snelle alarmering, de basisalarmering (standaard meldingsclassificaties) en het proces van opschalen ten behoeve van maatwerk en effectiviteit, de vraag-gestuurde opschaling. De meldkamer varieert dus van enkelvoudige monodisciplinaire alarmering tot complexe alarmering met een multidisciplinair karakter. Hierbij gaat het om de juiste slagkracht en ondersteuning in te zetten om het incident te bestrijden.
Ook ten aanzien van het dooralarmeren (onvoldoende personele opkomst) en organisatorische opschaling (sectie brandweerzorg) heeft het OC VR/Brw een rol en is daartoe bevoegd om de uitruk en dekking in brandweerzorg te waarborgen. In geval van verwachte langdurige piekbelasting (voorzien of onvoorzien), kan het OC VR/Brw besluiten om (met tussenkomst van Algemeen Commandant Brandweerzorg) naar een sectie op te schalen voor bijvoorbeeld decentrale uitgifte.
11
Veiligheids
Het OC VR/Brw vervult hiermee een signaleringsfunctie wanneer opkomst en dekking in onvoldoende mate lijken te zijn gewaarborgd.
Implementatie Alarmering Grootschalig Brandweeroptreden De brandweren van Zeeland en Midden- en West-Brabant hebben in het afgelopen jaar voorbereidingen getroffen voor de implementatie van het Grootschalig Brandweeroptreden (GBO). Dit volgens de nieuwe landelijke visie GBO 2.0. De operationele prestatie van een peloton is binnen het vernieuwde GBO leidend. Het OC VR/Brw heeft een grote rol in de alarmering van eenheden en functionarissen bij het grootschalig optreden. Dit jaar zal het vernieuwde grootschalig optreden in het meldkamersysteem worden geïmplementeerd. Dit betreft de samenstelling van zowel de basis als specialistische pelotons, alsook de inrichting van de leiding en coördinatie. Bij de implementatie wordt er zoveel als mogelijk eenduidigheid nagestreefd tussen de twee brandweerregio's.
Wat gaat het kosten: programmabudget (= aandeel VRZ in OC VR/BRW) ? Begroting:
Begroting:
Begroting:
Begroting:
2022
2023
2024
2025
648.000
648.000
648.000
648.000
648.000
648.000
648.000
648.000
648.000
648.000
648.000
648.000
88.200
77.650
67.100
33.550 33.550
STR
Lasten
433lnkomensoverdrachten - gemeenschappelijke regelingen Totaal Lasten
Totaal STR
INC
Lasten
433lnkomensoverdrachten - gemeenschappelijke regelingen
88.200
77.650
67.100
Totaal INC
88.200
77.650
67.100
33.550
Totaal Saldo van baten en lasten
736.200
725.650
715.100
681.550
-88.200
-77.650
-67.100
-33.550
-88.200
-77.650
-67.100
-33.550
Totaal INC
-88.200
-77.650
-67.100
-33.550
Totaal Mutaties reserves
-88.200
-77.650
-67.100
-33.550
Eindtotaal
648.000
648.000
648.000
648.000
Totaal Lasten
Mutaties reserves INC
Baten 710Mutaties reserves
Totaal Baten
INC= Incidenteel; STR= Structureel
Toelichting VRMWB voert de administratie van de OC VR/Brw. Ook het personeel is in dienst van VRMWB. De verdeling van de kosten van de brandweermeldkamer (inclusief CaCo-functie) vindt plaats op basis van inwoneraantallen van beide Veiligheidsregio's (74% VRMWB - 26% VRZ).1 De structurele kosten voor VRZ zijn voorlopig geraamd op € 648.000 (= 26%). Het structurele kostenniveau van het OC VR/Brw is daarmee geraamd op ca. € 2.492.000 (= 100%). Eind 2020 was er nog sprake van een hogere bezetting dan de afgesproken formatie. De bezetting zal worden afgebouwd. Ook is er sprake van tijdelijke reiskosten woon-werkverkeer in de periode 2020-2025 (5 jaar). De komende jaren kan hierdoor nog sprake zijn van hogere kosten. In de loop van 2021 zal een nieuwe (meerjaren)begroting opgesteld worden. Tijdelijke, extra kosten worden opgevangen met de reserve meldkamer.
Zie Convenant uitvoering meldkamerfunctie Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant en Veiligheidsregio Zeeland
12
Veiligheids
1.1.3 Programma Risicobeheersing
Omschrijving en wettelijk kader Zeeland is een regio die als kwetsbaar en risicodragend tegelijkertijd kan worden gekenmerkt. De kwetsbaarheid wordt duidelijk door de ligging in de Schelde-delta, waar de regio wordt omringd door niet alleen water, maar ook door een omvangrijke hoeveelheid risicobronnen in de omringende regio's en over de grens in België. Risicodragend door de aanwezige havengebieden, de (zware) industrie, de kerncentrale en het transport van gevaarlijke stoffen dat hieraan is verbonden.
AW
^.L
I
***
1
7
67-
1
Foto van DOW Chemical (BRZO) vanuit Vlissingen
De nadruk in dit programma ligt niet op bestrijding, maar op het voorkomen en beheersbaar maken van branden en incidenten (onder andere art. 3 en 25 Wvr). Daarbij wordt tevens gewezen op de eigen verantwoordelijkheid van burgers en bedrijven. Zeelandveilig.nl is hierbij hét platform voor inwoners waar veiligheidsinformatie is gebundeld, snel is terug te vinden en eenvoudig te gebruiken.
13
Veiligheids
Wat willen we bereiken ?
Het scheppen en instandhouden van een (brand)veilige leefomgeving in Zeeland i
Risicobeheersing, waaronder het voorkomen en beperken van brand
Uitvoering Regionaal Risicoprofiel en ontwikkeling grensoverschrijdend risicoprofiel Controles op (brand)veiligheid o.b.v. risico's
Advisering over brandveiligheid, brandveilig gebruik, ontbranding van vuurwerk en evenementenveiligheid
I Adequate risicocommunicatie en een veerkrachtige samenleving
De Zeeuwse bevolking is zich meer bewust van de grootste risico's en weet wat te doen, o.a. via Zeeland Veilig en Brandveilig Leven.
Zeelandveilig.nl is actueel, volledig en bekend
Thematische werkzaamheden: Geen Nood Bij Brand en STOOM
Advisering op omgevingsveiligheid en fysieke leefomgeving
Inspecties en advisering industriële veiligheid
Bevordering en borging van kennisontwikkeling
14
$
Veiligheids
Wat gaat VRZ doen? Risicobeheersing, waaronder het voorkomen en beperken van brand In het meerjarenbeleidsplan 2022-2025 wordt een start gemaakt met een visie op de Brandweerzorg naar de toekomst. Risicobeheersing zal hiervoor vanaf 2022 meer betrokken worden bij de kwaliteit van brandweerzorg voor de inwoners. Zo zal er meer moeten worden gewerkt vanuit de voorkant van de veiligheidsketen, te weten: pro-actie, preventie en preparatie. Dit om de brandweer (incidentbestrijding) op een effectievere en meer doelmatige wijze in staat te stellen om het dan bestaande restrisico af te dekken. Risicobeheersing zal in dit verband in beleidsmatige zin ook nog meer samenwerken met gemeenten, provincie en andere veligheidspartners, bedrijven en maatschappelijke organisaties, de media en de inwoners van Zeeland. Informatie gestuurd werken zal een belangrijke rol gaan spelen, maar ook het participeren van de samenleving is essentieel om te komen tot een hernieuwde kijk op brandweerzorg. De resultaten uit het meerjarenbeleidsplan zijn van invloed op de werkzaamheden van risicobeheersing in 2022 en de onderstaande weergeven taken en werkzaamheden moeten dan ook in dit perspectief worden gezien.
Uitvoering Regionaal risicoprofiel en ontwikkeling grensoverschrijdend risicoprofiel Het regionaal risicoprofiel en het brandrisicoprofiel geven een geactualiseerd overzicht en analyse van de voornaamste aanwezige risico's in de regio die de samenleving ernstig kunnen ontwrichten. Deze risico's zijn geanalyseerd naar waarschijnlijkheid dat ze zich voor kunnen doen en de impact die ze kunnen hebben op de samenleving. Op basis hiervan kunnen adequate maatregelen worden getroffen om de risico's te voorkomen, beperken of te beheersen, afgewogen tegen de beschikbare middelen en tegen ons eigen ambitieniveau. Het regionaal risicoprofiel 2020-2023 is in 2019 vastgesteld. Het geactualiseerde risicoprofiel dient als basis voor het ontwikkelen van een dashboard voor Zeelandveilig.nl met informatie voor inwoners over risicobeperking. Daarnaast wordt voortdurend bijzondere aandacht besteed aan de belangrijkste risico's uit het profiel en nieuwe onderwerpen waar risico's uit voortvloeien. Hierbij valt te denken aan de energietransitie en de klimaatadaptatie.
De grensoverschrijdende risico's vanuit België, waar wij in Zeeland mee te maken hebben (en vice versa), zijn nog niet volledig geïnventariseerd en geanalyseerd. Ze zijn daarmee ook niet in het regionaal risicoprofiel beschreven. Van het bestuur hebben wij in 2019 de bestuurlijke opdracht gehad om binnen 2 jaar de grensoverschrijdende risico's opgenomen te hebben in het regionaal risicoprofiel. Het doel is gezamenlijk met België te komen tot een volledig en kwalitatief goed inzicht in de aanwezige risico's binnen het gebied waarin het Veiligheidsoverleg Westerscheldedelta actief is. Met als uiteindelijk doel bewustwording creëren bij de betrokken partijen over de risico's die aanwezig zijn in de grensgebieden en deze operationeel voorbereiden. Onderdeel van deze bewustwording betekent voor Veiligheidsregio Zeeland dat dit project moet leiden tot een aanvulling op het huidige regionaal risicoprofiel. Door de coronacrisis is dit project vertraagd. Vanaf 2021 zal dit project gezamenlijk met België verder worden uitgevoerd en zal afgerond worden in 2022.
Controles op (brand)veiligheid op basis van risico's VRZ houdt toezicht op het brandveilig gebruik van gebouwen en terreinen waaronder evenementenlocaties. Deze controles zijn uitgebreid van opzet, waarbij niet alleen wordt gecontroleerd op naleving van wet- en regelgeving ten aanzien van (brand)veiligheid, maar ook andere zaken met de gebouwverantwoordelijken worden besproken. Hierbij kan worden gedacht aan de bespreking van ontruimingsplannen, de BHV-organisatie, het periodiek houden van BHVoefeningen en ontruimingsoefeningen etc. Het geheel van deze aspecten bepaalt immers het brandveiligheidsniveau in een bouwwerk.
15
Veiligheids
De VRZ werkt conform de werkwijze van het risicogericht controleren. Dit betekent dat VRZ tijdens controles die punten controleert die essentieel zijn voor de brandveiligheid en waar specifieke expertise vanuit de brandweer voor noodzakelijk is. Andere controlepunten worden bij de gebruiker neergelegd, met als doel dat de gebruiker hier gaandeweg steeds meer zelf op toe gaat zien. Bij deze punten zet VRZ wel in op voorlichting. Met deze werkwijze richt VRZ zich bij controles enerzijds op die zaken waar de reële risico's zitten, anderzijds wordt hiermee het brandveiligheidsbewustzijn bij de gebruikers vergroot.
Aantal controles brand veiligheid *)
Realisatie 2020 712
Streefwaarde 2022
Streefwaarde 2023
Streefwaarde 2024
Streefwaarde 2025
750
750
750
750
*) Totaal aantal controles n.a.v. 1) meerjarenplanning, 2) verzoeken gemeenten, 3) evenementen, 4) vuurwerkopslag
Risicocontroles op (brand)veiligheid Het aantal controles dat per jaar staat gepland, wordt mede bepaald door het aantal adviesaanvragen op bouwplannen en gebruiksmeldingen, zie hieronder. Aan het uitvoeren van controles zijn geen wettelijke termijnen verbonden. De controles zijn met de gemeenten afgesproken middels een door het AB vastgestelde meerjarenplanning. De resultaten uit de controles worden overgedragen aan de gemeente voor juridische opvolging in geval van blijvende overtredingen. Eind 2020 is de Zeeuwse handhavingsstrategie ingevoerd. Het werkproces aangaande de controles wordt hierop afgestemd. Ambitie is om gezamenlijk te komen tot meer uniformiteit in werkwijzen door toepassing van de Zeeuwse handhavingsstrategie en gebruikmaking van eenduidige werkprocessen. Advisering over brandveiligheid en brandveilig gebruik VRZ geeft brandveiligheidsadviezen aan de gemeenten als bevoegd gezag. Zo worden aanvragen omgevingsvergunningen voor de activiteiten bouwen en brandveilig gebruik alsmede gebruiksmeldingen beoordeeld op brandveiligheid en getoetst aan geldende wet- en regelgeving, zoals het 'Bouwbesluit' en het 'Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen'. Daarnaast beoordeelt VRZ ingediende Programma's van Eisen (PVE), Uitgangspuntendocumenten (UPD), BHV-plannen en Ontruimingsplannen.
Naast deze frequent terugkerende adviestaken heeft VRZ een actieve rol bij nieuwe ontwikkelingen zoals het Keurmerk Veilig Ondernemen (voor winkelgebieden KVO-W en bedrijventerreinen KVO-B). Risicobeheersing vervult tevens een actieve rol bij de advisering op evenementen en de advisering op ontbrandingstoestemmingen vuurwerk en opslaglocaties vuurwerk. Realisatie 2020
Streefwaarde 2022
Streefwaarde 2023
Streefwaarde 2024
Streefwaarde 2025
1.021 *)
900
900
900
900
overig
194
195
195
195
195
Aantal adviezen evenementen
10 **)
123
123
123
123
9
24
24
24
24
Aantal adviezen brandveiligheid
en brandveilig gebruik Aantal adviezen PvE's, UPD en
Aantal adviezen vuurwerk
*) Dit betreft definitief afgeronde adviezen. In het verleden is ook gerapporteerd op tussentijdse adviezen, hierop is ook de streefwaarde gebaseerd. Met de introductie van het digitale systeem Squit kan op dit moment alleen nog maar op definitieve adviezen gerapporteerd worden. De verwachting is dat er aan het einde van dit jaar wel weer gerapporteerd kan worden op tussentijdse adviezen.
**) Dit betreft schriftelijke adviezen. Hiernaast worden ook mondelinge adviezen gegeven tijdens APV overleggen. Deze zijn niet in de telling meegenomen.
Risico advieswerkzaamheden VRZ kan niet sturen op het aantal aangeboden adviesaanvragen en op de geldende wettelijke termijnen. Diverse factoren waaronder de economische situatie zijn van invloed op de aantallen. In
16
Veiligheids
de jaarlijkse planning wordt een raming gemaakt van het aantal adviezen op basis van voorgaande resultaten. De aantallen controles op (brand)veiligheid worden daarop afgestemd. Thematische werkzaamheden: Geen Nood Bij Brand en STOOM
Geen Nood Bij Brand In 2016 is VRZ gestart met het project Geen Nood Bij Brand (GNBB). De landelijk toegepaste methode "Geen nood bij brand" brengt een omslag van regelgericht werken (controles en handhaving) naar risicogericht werken (bewustwording) bij zorginstellingen. Na 2019 zijn de bestaande projecten gecontinueerd. Het Landelijk project GNBB is inmiddels gestopt. De methodieken die GNBB hebben aangedragen worden steeds meer overgenomen vanuit de staande organisatie. Zo ook in de Veiligheidsregio Zeeland waarbij bepaalde elementen van GNBB worden meegenomen in de risicogerichte controles. Een aantal onderdelen zoals bijv, de expeditie door gebouwen, waarbij ook de bewoners van zorginstellingen worden betrokken, moeten nog meer een plaats gaan krijgen. Aan deze ontwikkeling zal verder worden gewerkt. Structureel Terugdringen Ongewenste en Onechte Meldingen brandmeldinstallaties (STOOM) Het terugdringen van loze (ongewenste en onechte) meldingen van het openbaar brandmeldsysteem (OMS) en Particuliere Alarmcentrales (PAC's) en daarmee nodeloze uitrukken van de brandweer is één van de speerpunten van Brandweer Nederland en VRZ. Realisatie 2020