3.2 RIB evaluatie opschorting i-criterium - bijlage rapport
Tekst van het document
Alcohol en drugs
5
2,1
-2,9
Drugspanden
0,5
0,5
0
Openbare orde/Veiligheid
27,5
36,3
+8,8
Overlast
39,4
47,2
+7,8
Parkeren
45,8
42,7
-3,1
Woonoverlast
1,4
4,2
+2,8
Coffeeshop Aarden De meldingen die betrekking hebben op de straten in de directe omgeving van coffeeshop Aarden zijn schematisch weergegeven in figuur 3.9. Het gaat in totaal om 169 meldingen (3,2% van alle meldingen in de gemeente). Ook hier geldt dat de meeste meldingen gaan over ‘Parkeren’ (89), gevolgd door de ‘Openbare orde/Veiligheid’ (41) en ‘Overlast’ (30). De aard van de meldingen is vergelijkbaar met die in de gehele gemeente: het gaat vooral om auto’s die lang (fout)geparkeerd staan. In vergelijking met de resultaten voor de gehele gemeente is het aantal meldingen in de categorie ‘Alcohol en drugs’ (7) relatief laag. Verder valt op dat er maar één melding van een drugspand te relateren is aan dit gebied. Figuur 3.8
50
Overlastmeldingen in de directe omgeving van coffeeshop Aarden per maand, per subcategorie, in absolute aantallen (n=169) Alcohol en drugs (n=7) Openbare orde/Veiligheid (n=41) Parkeren (n=89)
Drugspanden (n=1) Overlast (n=30) Woonoverlast (n=1)
40 30 20 10
JAN 19 FEB 19 MRT 19 APR 19 MEI 19 JUN 19 JUL 19 AUG 19 SEP 19 OKT 19 NOV 19 DEC 19 JAN 20 FEB 20 MRT 20 APR 20 MEI 20 JUN 20 JUL 20 AUG 20 SEP 20 OKT 20 NOV 20 DEC 20 JAN 21 FEB 21 MRT 21 APR 21 MEI 21 JUN 21 JUL 21 AUG 21 SEP 21 OKT 21 NOV 21 DEC 21 JAN 22 FEB 22 MRT 22 APR 22 MEI 22 JUN 22 JUL 22
0
Toelichting: de zwarte stippellijn representeert de start van de pilot.
In tabel 3.3 is voor het gebied rondom coffeeshop Aarden weergegeven wat het gemiddeld aantal registraties per maand is zowel voor als na de start van de pilot. Voor alle categorieën geldt dat het om een betrekkelijk laag gemiddeld aantal meldingen gaat (tussen de 0 en de 3). Voor de categorieën ‘Parkeren’ en ‘Overlast’ zien we een lichte stijging van het gemiddeld (respectievelijk +1,3 en +0,6). Na de start van de pilot is één melding binnengekomen over een vermeend ‘Drugspand’, terwijl dat voor de start van de pilot niet het geval was. Voor de categorie ‘Woonoverlast’ is het omgekeerde het geval. De gemiddelden in de categorieën ‘Openbare orde/Veiligheid’ en ‘Alcohol en drugs’ zijn na de start van de pilot ook nagenoeg gelijk gebleven.
27
Pilot opschorting Ingezetenencriterium coffeeshops Vlissingen
Tabel 3.3
Gemiddeld aantal registraties per maand in de omgeving van coffeeshop Aarden, voor en na de start van de pilot, per categorie Categorie Voor start pilot Na start pilot Verschil
Alcohol en drugs
0,2
0,2
0
0
0,1
+0,1
Openbare orde/Veiligheid
1,0
0,9
-0,1
Overlast
0,5
1,1
+0,6
Parkeren
1,7
3,0
+1,3
Woonoverlast
0,1
0
-0,1
Drugspanden
Coffeeshop Purple Het beeld van de meldingen in de directe omgeving van coffeeshop Purple (in totaal 787; 14,8% van alle meldingen in de gemeente) laten een ander beeld zien in vergelijking met coffeeshop Aarden. Niet alleen gaat het om aanmerkelijk meer meldingen, maar de resultaten (weergegeven in figuur 3.9) laten ook zien dat de subcategorieën die aan drugsproblematiek kunnen worden gerelateerd hier beter gevuld zijn dan bij de andere twee analyses. Weliswaar vallen de meeste meldingen in de subcategorieën ‘Parkeren’ (286), ‘Openbare orde/Veiligheid’ (208) en ‘Overlast’ (208), maar deze bevinding kan worden verklaard vanuit het feit dat de verreweg de meeste meldingen in de gehele gemeente in deze subcategorieën vallen. Noemenswaardig is dat er in de directe omgeving van coffeeshop Purple in de subcategorie ‘Alcohol en drugs’ 59 meldingen worden geregistreerd. Dat is (59/170*100=) 34,7% van alle meldingen in deze subcategorie in de gehele gemeente. Ook voor de categorie ‘Drugspanden’ vinden we een relevant resultaat. In de straten in de directe omgeving van coffeeshop Purple is negen keer een melding gemaakt die in deze categorie is ondergebracht. Dat is (9/23*100=) 39,1% van alle meldingen in de gehele gemeente in deze categorie. Figuur 3.9
Overlastmeldingen in de directe omgeving van coffeeshop Purple per maand, per subcategorie, in absolute aantallen (n=787)
50
Alcohol en drugs (n=59)
Drugspanden (n=9)
Openbare orde/Veiligheid (n=208)
Overlast (n=208)
Parkeren (n=286)
Woonoverlast (n=17)
40 30 20 10
JAN 19 FEB 19 MRT 19 APR 19 MEI 19 JUN 19 JUL 19 AUG 19 SEP 19 OKT 19 NOV 19 DEC 19 JAN 20 FEB 20 MRT 20 APR 20 MEI 20 JUN 20 JUL 20 AUG 20 SEP 20 OKT 20 NOV 20 DEC 20 JAN 21 FEB 21 MRT 21 APR 21 MEI 21 JUN 21 JUL 21 AUG 21 SEP 21 OKT 21 NOV 21 DEC 21 JAN 22 FEB 22 MRT 22 APR 22 MEI 22 JUN 22 JUL 22
0
Toelichting: de zwarte stippellijn representeert de start van de pilot.
Breuer&Intraval
28
Het gemiddeld aantal registraties per maand in de omgeving van coffeeshop Purple is per categorie weergegeven in tabel 3.4. De resultaten laten zien dat er na de start van de pilot minder overlastmeldingen binnenkomen over dit gebied. Voor vijf van de zes categorieën geldt dat het gemiddeld aantal meldingen na de start van de pilot is gedaald ten opzichte van de periode daarvoor. Voor de categorieën ‘Parkeren’ en ‘Openbare orde/Veiligheid’ gaat het om een daling van gemiddeld zo’n twee à vier meldingen per maand, waardoor het gemiddeld voor deze categorieën bijna is gehalveerd. Alleen voor de categorie ‘Woonoverlast’ is sprake van een lichte stijging van het gemiddelde (+0,7). Tabel 3.4
Gemiddeld aantal registraties per maand in de omgeving van coffeeshop Purple, voor en na de start van de pilot, per categorie Categorie Voor start pilot Na start pilot Verschil
Alcohol en drugs
1,7
0,5
-1,2
Drugspanden
0,3
0,1
-0,2
Openbare orde/Veiligheid
5,5
3,2
-2,3
Overlast
5,2
3,9
-1,3
Parkeren
7,9
4,2
-3,7
Woonoverlast
0,2
0,9
+0,7
Onveiligheid en slachtofferschap (enquête) Wij hebben de omwonenden en omwerkenden van beide coffeeshops gevraagd in hoeverre zij zich in de afgelopen drie maanden (on)veilig hebben gevoeld in de buurt en of zij in deze periode slachtoffer zijn geweest van een misdrijf. In het algemeen geldt dat de omwonenden van coffeeshop Aarden zich niet onveilig voelen in hun woon- en/of werkomgeving. Voor de start van de pilot voelde tien procent van de ondervraagden in de buurt van Aarden zich wel eens onveilig, terwijl dat bij de eindmeting vijf procent is (figuur 3.10). Gemiddeld gaven deze respondenten in beide metingen - met een 7,2 - een ruime voldoende voor de veiligheid in hun buurt. Het percentage ondervraagden dat slachtoffer is geweest van een misdrijf ligt bij de eindmeting ook lager dan tijdens de nulmeting (respectievelijk 5% en 15%). In de omgeving van Aarden zijn over de gehele onderzoeksperiode negen mensen slachtoffer geweest van één of meerdere misdrijven. Het gaat om vernieling, mishandeling, intimidatie en woninginbraak. De omwonenden van coffeeshop Purple geven in beide metingen de veiligheid in hun buurt een 6,8. De resultaten van de enquête laten zien dat een groter deel van de ondervraagden in dit gebied zich onveilig heeft gevoeld in de afgelopen drie maanden en dat het percentage tijdens de eindmeting (30%) hoger is dan bij de nulmeting (19%).
Ook wat betreft slachtofferschap zien we een hoger percentage in de eerste volgmeting (16%) dan bij de nulmeting (2%). Over de gehele onderzoeksperiode zijn acht omwonenden en/of omwerkenden van coffeeshop Purple slachtoffer geworden van een misdrijf. Het gaat voornamelijk om fietsendiefstal en in mindere mate om vernieling, intimidatie en woninginbraak.
29
Pilot opschorting Ingezetenencriterium coffeeshops Vlissingen
Figuur 3.10
Onveiligheid en slachtofferschap omwonenden en omwerkenden, per meting, per coffeeshop en totaal, in %
100% Onveiligheid ervaren Slachtoffer misdrijf
80% 60% 40% 20%
30% 10%
15%
19%
16% 2%
5%
8%
0% Aarden (n=40)
Purple (n=43)
Aarden (n=40)
0-meting (N=83)
Purple (n=43)
1-meting (N=83)
3.2 (Potentieel) overlastgevend gedrag In de omgeving van de beide coffeeshops zijn tijdens de nul- en eindmeting op systematische wijze observaties uitgevoerd. Daarbij is genoteerd of er personen in het gebied rondhingen en of zij potentieel overlastgeven gedrag vertoonden in het observatiegebied. Ook is in de directe omgeving van de coffeeshopshops gelet op het aantal auto’s dat een ‘pitstop’ maakt voor de coffeeshop, het aantal foutgeparkeerde auto’s en fietsen en het aantal buitenlandse kentekenplaten.
Coffeeshop Aarden In het observatiegebied rondom coffeeshop Aarden zijn zowel bij de nulmeting als bij de eindmeting weinig rondhangende personen gezien en is ook weinig potentieel overlastgevend gedrag waargenomen. Bij de nulmeting zien gedurende twee observaties drie rondhangende personen en nemen we respectievelijk schreeuwen op straat, drugshandel en softdrugsgebruik allen één keer waar (tabel 3.5). Dat beeld is niet anders in de eindmeting. We zien twee keer rondhangende personen, één keer een persoon die hangt op een stilstaande scooter en één keer softdrugsgebruik. Met betrekking tot de overlast gerelateerd aan het verkeer en parkeren, constateren we dat het aantal ‘pitstops’ voor de coffeeshop dat is waargenomen lager is bij de eindmeting dan bij de nulmeting. Ook nemen we geen foutgeparkeerde auto’s meer waar, terwijl we dat bij de nulmeting nog drie keer zagen en was het aantal foutgeparkeerde fietsen bij de nulmeting hoger dan nu het geval is. Op basis van de informatie uit de interviews en de veldwerkverslagen lijkt de aanwezigheid van de portier - die tijdens de eindmeting bij de deur van de coffeeshop staat – hierbij een belangrijke rol te spelen. Uitsluitend de aanwezigheid van de portier lijkt mensen ervan te weerhouden hun auto midden op straat stil te zetten of hun auto of fiets fout te parkeren.
Tijdens de eindmeting worden vaker auto’s met buitenlandse kentekenplaten waargenomen. Het gaat voornamelijk om kentekens uit België, Duitsland en Oost-Europa. Op basis van eerder onderzoek, de interviews en de veldwerkverslagen is het aannemelijk dat deze ontwikkeling verband houdt met het loslaten van het I-criterium.
Breuer&Intraval
30
Tabel 3.5 Potentieel overlastgevend gedrag observatiegebied coffeeshop Aarden per meting, in absolute aantallen 0-meting (n=41)
1-meting (N=40)
Aantal observaties waarin gezien
Aantal personen/auto’s /fietsen dat in totaal is gezien
Aantal observaties waarin gezien
Aantal personen/auto’s /fietsen dat in totaal is gezien
Rondhangende personen Harde muziek afspelen Heen en weer lopen Voorbijgangers aanspreken Schreeuwen op straat Hangen op stilstaande scooter Drugshandel openbare ruimte Gebruik softdrugs openbare ruimte ‘Pitstops’ voor de coffeeshop Foutgeparkeerde auto’s Foutgeparkeerde fietsen
2 0 0 0 1 0 1 1 28 3 37
3 0 0 0 1 0 1 1 28 3 258
0 2 0 0 0 1 0 1 7 0 37
0 2 0 0 0 1 0 1 7 0 110
Geparkeerde auto’s met buitenlandse kentekenplaten
4
4
17
20
Coffeeshop Purple In alle 40 observaties zagen wij 47 keer rondhangende personen in het observatiegebied van Purple. Tijdens beide metingen ging het in totaal om meer dan 50 personen (figuur 3.6). Het exacte aantal personen ligt in beide metingen rond de 100 en houdt hoogstwaarschijnlijk verband met de aanzuigende werking van de omliggende ondernemingen die in het gebied zijn gevestigd. Een zeer groot deel van de rondhangers kan dan ook niet worden gerelateerd aan de coffeeshop. Zo zijn personen waargenomen die een praatjes maakten, op een bankje op het plein zaten, onder afdakjes schuilden voor de regen of de markt op zaterdag bezochten. Op basis hiervan kan worden geconcludeerd, hetgeen experts ons reeds vertelden in de interviews: het gaat om een druk centrumgebied waarin door veel mensen van de openbare ruimte gebruik wordt gemaakt. Tijdens de nulmeting is in dit gebied sprake van potentieel overlastgevend gedrag, waarvan een deel mede wordt gerelateerd aan de straathandel in drugs. Zo zagen we destijds dat er door negen personen harde muziek werd afgespeeld, liepen zeven personen zonder duidelijke reden heen en weer over het plein, spraken drie personen voorbijgangers aan en zijn drie mensen gezien en gehoord die op straat stonden te schreeuwen.
Ook zagen de onderzoekers twee personen hangen op een stilstaande scooter en namen zij één keer daadwerkelijk een drugsdeal waar. Voor vrijwel al deze vormen van potentieel overlastgevend gedrag geldt dat zij niet of nauwelijks meer zijn waargenomen bij de eindmeting. We zien dan alleen nog drie personen rondhangen op een stilstaande scooter en nemen één keer een schreeuwend persoon waar. De enige gedraging die we niet waarnemen bij de nulmeting maar wel bij de eindmeting is het gebruik van softdrugs in de openbare ruimte. Dat zien we twee personen bij eindmeting doen. Ten slotte, is het aantal waargenomen buitenlandse kentekenplaten tussen de twee metingen gelijk gebleven, terwijl uit de tellingen, interviews en veldwerkverslagen een
31
Pilot opschorting Ingezetenencriterium coffeeshops Vlissingen
beeld naar voren komt dat de shop meer klanten trekt bij de eindmeting dan bij de nulmeting vanwege het loslaten van het I-criterium. Dit is in overeenstemming met de gedachte dat coffeeshop Purple vooral nieuwe klanten bedient die wel in Vlissingen verblijven, maar daar niet staan ingeschreven. Zij mochten daardoor voor de start van de piot de coffeeshop niet in. Tabel 3.6 Potentieel overlastgevend gedrag observatiegebied Purple per meting, in absolute aantallen 0-meting (n=40)
1-meting (N=40)
Aantal observaties waarin gezien
Aantal personen/auto’s /fietsen dat in totaal is gezien
Aantal observaties waarin gezien
Aantal personen/auto’s /fietsen dat in totaal is gezien
Rondhangende personen
40
~100
40
~100
Harde muziek afspelen Heen en weer lopen
7 7
9 7
0 0
0 0
Voorbijgangers aanspreken Schreeuwen op straat
3 2
3 3
0 1
0 1
Hangen op stilstaande scooter
2
2
3
3
Drugshandel openbare ruimte
1
1
0
0
Gebruik softdrugs openbare ruimte ‘Pitstops’ voor de coffeeshop
0 9
0 12
1 22
2 52
Foutgeparkeerde auto’s Foutgeparkeerde fietsen Geparkeerde auto’s met buitenlandse kentekenplaten
10 40
12 199
20 21
23 35
14
14
9
14
Alle experts die wij spraken geven aan dat de problemen rondom coffeeshop Purple divers zijn en dat dit vooral te maken heeft met de achterliggende wijk de Scheldebuurt. Bij de nulmeting spreken de experts over overlast vanwege de aanwezigheid van seizoenarbeiders, veelvuldig kamerverhuur in de buurt en diverse soorten verkeersdrukte en -problematiek. Als mogelijk bron van overlast wordt op dat moment door meerdere experts ook een aantal beschermde woonvoorzieningen en het FACT-team genoemd, die allen in de omgeving van de coffeeshop gevestigd zijn. Zij geven dan tevens aan dat de gemeente Vlissingen een centrumgemeente is voor de opvang voor dak- en thuislozen, dat deze doelgroep ook veelvuldig van de openbare ruimte van dit gebied en dat zij daarbij soms ook overlast veroorzaakt. Bij de eindmeting schetsen de experts – overeenkomstig de resultaten van de observaties - een ander beeld. Het straatbeeld rondom coffeeshop Purple is in hun beleving rustiger geworden. Er is weliswaar nog overlast als gevolg van de suboptimale verkeerssituatie, maar de problematiek met straatdealers en dak- en thuislozen lijkt compleet te zijn verdwenen. Wel zien de experts dat het een stuk drukker is geworden bij de coffeeshop Purple en dat er soms mensen buiten voor de shops staat te wachten.
Dat gaat echter gemoedelijk, aldus de experts, en resulteert tot op heden nog niet in overlastgevende situaties. Ten slotte wordt de problematische parkeersituatie door de experts genoemd als het meest pregnante probleem dat in de toekomst zou moeten worden opgelost.
Breuer&Intraval
32
3.3 Politieregistraties In dit onderzoek is - gezien de vermeende aard van de problematiek rondom de coffeeshops - specifiek aandacht voor drugsoverlast en de(straat)handel in drugs. Daarom zijn politieregistraties van meldingen - die doorgaans te relateren zijn aan drugsoverlast en illegale handel – geanalyseerd (figuur 3.11). Van dit soort registraties is bekend dat zij onderhevig zijn aan registratie-effecten. Zij kunnen daarom slechts een indicatie geven van de mate van straathandel. Daarom is er tijdens het veldwerk in de buurt van de coffeeshops - los van de meer systematische observaties - ook specifiek gelet op (signalen) van illegale (straat)handel in drugs en zijn respondenten hier ook informeel over bevraagd. Uit figuur 3.11 blijkt dat het voornamelijk gaat om registraties met maatschappelijk klasse ‘E38: Overlast i.v.m. alcohol en drugs’. Van de 209 politieregistraties in dit gebied hebben 191 (91,3%) deze codering gekregen. Omdat de aard van de incidenten niet voor de onderzoekers is ontsloten is onduidelijk in welke mate de registraties in deze categorie betrekking hebben op alcohol, drugs of beide.
Op basis van de ervaringen tijdens het veldwerk en de interviews met experts mag worden verwacht dat het vooral om incidenten zal gaan die verband houden met het (overmatig) gebruik van alcohol, vanwege de diverse horecagelegenheden die in de nabijheid van de shops zijn gevestigd waar alcohol wordt geschonken. Op basis van de interviews met experts mag worden aangenomen dat wel een deel van de meldingen over drugsgebruik zullen gaan. Volgens het merendeel van de experts die wij hebben geïnterviewd komt illegale (straat)handel veelvuldig voor in de Scheldebuurt (in de nabijheid van coffeeshop Purple). Het gebruik van drugs in de buurt van deze shop is derhalve niet uit te sluiten, ondanks dat deze overlast waarschijnlijk niet gerelateerd is aan de coffeeshop, aldus de experts. Ook wordt opgemerkt dat de buurt waarin coffeeshop Aarden is gevestigd wordt minder door de handel en het gebruik van drugs gekenmerkt. Figuur 3.11
Incidenten in de politieregistraties in gebied ‘Oude binnenstad’, periode januari 2019 tot juni 2022, per maand, per maatschappelijke klasse, in absolute aantallen (n=209)
E38: Overlast Ivm Alcohol/ Drugs (n=191)
F40: Bezit Harddrugs (Lijst I) (n=5)
F41: Bezit Softdrugs (Lijst II) (n=1)
F42: Handel E.D. Harddrugs (Lijst I) (n=8)
F43: Handel E.D. Softdrugs (Lijst II) (n=4) 16 14 12 10 8 6 4 2 JAN 19 FEB 19 MRT 19 APR 19 MEI 19 JUN 19 JUL 19 AUG 19 SEP 19 OKT 19 NOV 19 DEC 19 JAN 20 FEB 20 MRT 20 APR 20 MEI 20 JUN 20 JUL 20 AUG 20 SEP 20 OKT 20 NOV 20 DEC 20 JAN 21 FEB 21 MRT 21 APR 21 MEI 21 JUN 21 JUL 21 AUG 21 SEP 21 OKT 21 NOV 21 DEC 21 JAN 22 FEB 22 MRT 22 APR 22 MEI 22 JUN 22
0
Toelichting: de zwarte stippellijn representeert de start van de pilot.
33
Pilot opschorting Ingezetenencriterium coffeeshops Vlissingen
In tabel 3.7 is, om de mogelijke gevolgen van de pilot inzichtelijk te maken, het gemiddeld aantal registraties in de politiesystemen per maand weergegeven voor het gebied ‘Oude binnenstad’. Voor alle - voor de coffeeshops relevante - maatschappelijke klassen geldt dat er nauwelijks iets is veranderd in het gemiddeld aantal meldingen. Dit in combinatie met de constatering dat de grootste categorie (E38) waarschijnlijk grotendeels betrekking heeft op alcohol en dus niet te relateren is aan de aanwezigheid van de coffeeshops, doet ons vaststellen dat de opschorting van het I-criterium er in niet toe heeft geleid dat de politie meer incidenten heeft moeten registreren rondom de coffeeshops. In de interviews wordt dit beeld door meerdere experts bevestigd. Tabel 3.7 Gemiddeld aantal politieregistraties per maand in gebied ‘Oude binnenstad’, voor en na de start van de pilot, per maatschappelijk klasse Maatschappelijke klasse Voor start pilot Na start pilot Verschil E38: Overlast I.v.m. Alcohol/ Drugs
4,5
4,7
+0,2
F40: Bezit Harddrugs (Lijst I)
0,1
0,1
0
F41: Bezit Softdrugs (Lijst II)
0
0
0
F42: Handel E.D. Harddrugs (Lijst I)
0,2
0,1
-0,1
F43: Handel E.D. Softdrugs (Lijst II)
0,1
0
-0,1
Breuer&Intraval
34
4. CONCLUSIES
De gemeente Vlissingen voert een pilot uit waarbij het I-criterium voor coffeeshops voor de duur van één jaar wordt opgeschort. Hierdoor is het voor niet-ingezetenen van Nederland vanaf 1 augustus 2021 toegestaan om de Vlissingse coffeeshops te betreden en er cannabisproducten te kopen. Het doel van de pilot is om de aan de coffeeshops gerelateerde overlast te verminderen voor omwonenden en omwerkenden. In dit rapport beantwoorden we de onderzoeksvragen door de ontwikkelingen sinds de start van de pilot te duiden. Daarbij vergelijken we steeds de situaties ten tijde van de verschillende metingen die in het kader van het onderzoek zijn uitgevoerd. Daarbij is van belang dat de nulmeting heeft plaatsgevonden in de zomer van 2021, voorafgaand aan de start van de pilot. Destijds werd het I-criterium nog actief in de gemeente gehandhaafd. De lichte tussenmeting (begin 2022) en de eindmeting (zomer 2022) hebben beiden plaatsgevonden na de start van de pilot, nadat de handhaving van het I-criterium is losgelaten. Dit concluderende hoofdstuk sluit af met het beantwoorden van de hoofdvraag van dit onderzoek door de belangrijkste ontwikkelingen na het opschorten van het Icriterium in de gemeente Vlissingen te benoemen, te duiden en in samenhang te bezien.
4.1 De coffeeshop en haar bezoekers In dit onderzoek zijn meerdere activiteiten verricht om een beeld te verkrijgen van de bezoekersstromen van de twee coffeeshops en wat daarin is veranderd na de start van de pilot (deelvraag 1). Op basis van tellingen is geschat hoeveel bezoeken er aan de coffeeshops worden gebracht. Via een enquête is onderzocht wat voor soort bezoekers er op de coffeeshops afkomen en is het bezoek- en koopgedrag van de klanten in kaart gebracht (deelvraag 2). Onderzoeksvraag 1 Wat is de omvang en de spreiding van het coffeeshopbezoek in Vlissingen en is er na het opschorten van de handhaving van het Ingezetenencriterium sprake van veranderingen in de omvang en/of de spreiding?
Bij de nulmeting schatten we het aantal bezoeken bij coffeeshop Aarden tussen de 94.315 en 111.395 per jaar. Het geschatte aantal bezoekers voor coffeeshop Purple valt dan, met 186.598 en 234.493 bezoeken per jaar, zo’n 100.000 bezoeken per jaar hoger uit. Bij de eindmeting, een jaar na de start van de pilot, schatten we het jaarlijks aantal bezoeken bij coffeeshop Aarden tussen de 72.806 en 164.265, waarmee de schatting binnen dezelfde marges valt als die bij de nulmeting. Met andere woorden, op basis van onze schatting is het een jaar na de start van de pilot ongeveer even druk bij Aarden als daarvoor. Bij coffeeshop Purple schatten we het aantal bezoeken bij de eindmeting significant hoger dan voor de start van de pilot, namelijk tussen de 358.611 en de 421.224 bezoeken per jaar. Het is drukker geworden bij coffeeshop Purple en het verschil tussen beide shops is bij de eindmeting verder opgelopen tot ruim 250.000 bezoeken per jaar.
35
Pilot opschorting Ingezetenencriterium coffeeshops Vlissingen
Het coffeeshopbezoek in Vlissingen is – zowel voor als na de start van de pilot - niet evenredig verdeeld over beide coffeeshops en na de opschorting van het I-criterium is sprake van een toename in het aantal klanten van coffeeshop Purple. Dat baseren we niet alleen op de geschatte aantallen en het feit dat deze bij de eindmeting hoger uitvalt voor Purple, maar ook op de informatie uit de interviews met experts en de veldwerkverslagen van de onderzoekers. Door vrijwel alle stakeholders en onderzoekers die het veldwerk hebben verricht, wordt aangegeven dat Purple al bij de nulmeting beter wordt bezocht dan Aarden en dat het daar na het loslaten van het I-criterium opvallend drukker is geworden. Bij coffeeshop Aarden lijkt wat dat betreft weinig te zijn veranderd, zo wordt op basis van de andere bronnen bevestigd. Een plausibele verklaring voor deze ontwikkeling is dat Purple nu ‘arbeidsmigranten’ mag bedienen die wel in Vlissingen verblijven, maar daar niet ingeschreven staan. Deze cannabisconsumenten hadden bij de nulmeting (voor de start van de pilot) geen toegang tot de shop, maar kunnen daar nu wel terecht om cannabisproducten te kopen.
Dat het vooral coffeeshop Purple is die deze arbeidsmigranten nu lijkt te bedienen, houdt volgens stakeholders verband met het demografische feit dat er in de achterliggende Scheldebuurt een relatief hoog percentage personen woonachtig is dat als ‘arbeidsmigrant’ kan worden geclassificeerd. Ook de gewijzigde bedrijfsvoering van coffeeshop Purple wordt genoemd als mogelijk verklaring voor de toename van het aantal bezoeken. Na een verbouwing heeft de coffeeshop primair een afhaalfunctie, waardoor de coffeeshop in een hoger tempo een groter aantal klanten van cannabis zou kunnen voorzien Als naar de omvang van het coffeeshopbezoek in Vlissingen wordt gekeken, dan is dit bij de nulmeting nog vergelijkbaar met dat van meeste andere Nederlandse gemeenten met coffeeshops. Dit blijkt als we de schattingen vergelijken met eerder onderzoek in andere Nederlandse gemeenten met coffeeshops, waar gemiddeld zo’n 13.000 koopmomenten per maand (=156.000 koopmomenten per jaar) plaatsvinden.5,6 Met gemiddeld 156.700 bezoeken per jaar wijken de Vlissingse coffeeshops daar nauwelijks van af. Bij de eindmeting bedraagt het gemiddelde aantal geschatte bezoeken voor beide Vlissingse coffeeshops 254.227 per jaar, hetgeen betekent dat het coffeeshopbezoek na de start van de pilot bovengemiddeld is in vergelijking met andere Nederlandse gemeenten met coffeeshops.
Onderzoeksvraag 2 Wat zijn de kenmerken van de bezoekers van de coffeeshops in Vlissingen en is er na het opschorten van de handhaving van het Ingezetenencriterium sprake van veranderingen in de samenstelling van de populatie coffeeshopbezoekers?
We constateren dat beide shops bekend staan om de hoge kwaliteit cannabisproducten en dat de geografische ligging van de shops een belangrijke reden is voor klanten om de 5
J. Snippe, R. Mennes, B. Bieleman (2020). De markt voor coffeeshops in de gemeente Amsterdam: 2020 en 2025. Breuer&Intraval, Groningen. 6 J. Snippe, R. Mennes, B. Bieleman (2019). De markt voor coffeeshops in de gemeente Eindhoven. Breuer&Intraval, Groningen.
Breuer&Intraval
36
shops te bezoeken. Daarin is nagenoeg niets veranderd na de start van de pilot. Ook geldt, net als bij de nulmeting, dat beide coffeeshops hoofdzakelijk de eigen regio bedienen. De meeste bezoekers komen uit Vlissingen of Middelburg. Een minderheid van de bezoekers van beide shops is ergens anders woonachtig. Toch zien we enkele relevante ontwikkelingen na de start van de pilot wat betreft de kenmerken van de bezoekers van de twee shops. Zo verschilt de wijze waarop bezoekers naar de beide coffeeshops komen. Waar de meeste bezoekers aan coffeeshop Purple de fiets pakken of te voet naar de shop komen, gebruiken bezoekers van coffeeshop Aarden vaker de auto of de motor als vervoermiddel naar de coffeeshop. Dit suggereert dat de bezoekers van Aarden een grotere afstand naar de shop afleggen dan de bezoekers van Purple. Verder constateren we dat bezoekers van Aarden een lagere bezoekfrequentie rapporteren en gemiddeld een hoger geldbedrag per bezoek uitgegeven. Eerder onderzoek laat zien dat cannabisconsumenten die in het buitenland wonen doorgaans meer grammen cannabis per transactie kopen, dan klanten die dichter in de buurt van de coffeeshop wonen. Ook bezoeken zij de coffeeshop minder vaak per maand, waarschijnlijk vanwege de afstand die zij naar de coffeeshop moeten afleggen.
Bovenstaande ontwikkelingen geven steun aan het idee dat coffeeshop Aarden na de start van de pilot vooral niet-ingezeten ‘toeristen’ van over de grens aantrekt, terwijl coffeeshop Purple nu vooral wordt bezocht door niet-ingezetenen die wel in Nederland verblijven, maar daar niet ingeschreven staan. Dit in combinatie met de eerdere constatering dat het niet Aarden maar vooral coffeeshop Purple lijkt te zijn waar het drukker is geworden qua bezoekersaantallen, doet ons concluderen dat de opschorting van het I-criterium er niet toe heeft geleid dat de gemeente Vlissingen meer aantrekkelijk is geworden voor softdrugsgebruikers uit het buitenland om hun cannabis te kopen. Zelfs nu de beperkende maatregelen, die naar aanleiding van de wereldwijde uitbraak van COVID-19 zijn ingevoerd, volledig zijn opgeheven en er weer toeristen naar het centrum van Vlissingen komen, er is geen sprake van een explosieve toename van het aantal buitenlandse cannabisconsumenten in de Vlissingse coffeeshops. De opschorting van het I-criterium lijkt er wel voor te hebben gezorgd dat coffeeshop Purple nu een lokale klantenkring mag bedienen, die voorheen van het illegale circuit gebruik moest maken om cannabis te kopen, omdat zij niet in Vlissingen stonden ingeschreven.
4.2 De omgeving van de coffeeshops Tevens is onderzocht hoe het wonen, werken en het gebruik van de openbare ruimte wordt ervaren in de omgeving van de coffeeshops (deelvraag 3). Aanvullend op de antwoorden van de omwonenden en omwerkenden is gelet op potentieel overlastgevende gedragingen (zoals rondhangen en schreeuwen) en fenomenen (zoals parkeer- en verkeersproblematiek en vervuiling) (deelvraag 4). Gezien de aard van de door omwonenden en omwerkenden gerapporteerde overlast voorafgaand aan de pilot, is in dit onderzoek specifiek gelet op de situatie met betrekking tot de illegale (straat)handel in drugs (deelvraag 5).
37
Pilot opschorting Ingezetenencriterium coffeeshops Vlissingen
Onderzoeksvraag 3 Hoe ervaren omwonenden, ondernemers en passanten het gebruik van de openbare ruimte in de directe omgeving van coffeeshops, wat is/zijn daarvan de reden(en) en is er na het opschorten van de handhaving van het Ingezetenencriterium sprake van veranderingen in hun ervaringen? Onderzoeksvraag 4 Hoe wordt de leefbaarheid in de directe omgeving van de coffeeshops ervaren als wordt gekeken naar de aanwezigheid van vormen van potentieel overlastgevend gedrag en is er na het opschorten van de handhaving van het Ingezetenencriterium sprake van veranderingen hierin?
Omwonenden en omwerkenden van de coffeeshops zijn in het algemeen tevreden met de leefbaarheid van de buurt. Het rapportcijfer dat zij geven varieert uiteraard per gebied en meting en ligt tussen de 6,8 en 7,7. Ter vergelijking: Nederlanders geven de leefbaarheid in hun buurt in 2021 gemiddeld een 7,6 als rapportcijfer.7 Het merendeel van de ondervraagden is bij de nulmeting van mening dat de leefbaarheid in de buurt niet beïnvloed wordt door de aanwezigheid van de coffeeshop en we zien daarin ook nagenoeg geen verandering één jaar na de start van de pilot. Voorafgaand aan de pilot geeft ongeveer de helft van de omwonenden en omwerkenden van beide shops aan dat zij in de afgelopen drie maanden overlast hebben ervaren. Het gaat bij beide coffeeshops voornamelijk om parkeer- en verkeersoverlast in de vorm van foutparkeren en zogenoemde pitstops, waarbij auto’s kort langs of in de weg worden gezet, maar er wordt dan ook overlast ervaren als gevolg van drugsdealers die zich in de omgeving van de coffeeshops (vooral Purple) zouden ophouden. Ook de gemeentelijke registraties (op basis van meldingen door burgers) bevestigen de nodige parkeer- en verkeersproblematiek in deze gebieden en dat er sprake van drugsproblematiek is in de Scheldebuurt (nabij coffeeshop Purple). Er speelt al verkeersproblematiek bij beide coffeeshops voordat de pilot van start gaat.
Bij Aarden is de problematiek doorgaans te relateren aan (kortstondig) coffeeshopbezoek, terwijl dat bij Purple niet het geval lijkt te zijn. Daar is de verkeersproblematiek gerelateerd aan de algehele drukte in het gebied en de grote hoeveelheid winkels (het betreft een winkelgebied) en voorzieningen in het gebied. Voor Aarden geldt verder specifiek dat het vele eenrichtingsverkeer in de buurt een rol lijkt te spelen bij het ontstaan van de verkeersoverlast. Na de start van de pilot is er wat betreft de ervaren verkeersproblematiek weinig veranderd. Voor beide gebieden geldt dat daar nog steeds overlast van wordt ervaren door omwonenden en omwerkenden. De infrastructuur is bij beide coffeeshops simpelweg niet berekend op het aantal coffeeshopbezoekers dat met de auto naar de coffeeshop komt en de ‘kort parkeerplaatsen’ die in het kader van de pilot zijn gerealiseerd lijken niet voldoende te zijn om de verkeerssituatie te verbeteren. Wel lijkt het aanstellen van de beveiliger de verkeer- en parkeersituatie enigszins te verbeteren, omdat deze foutparkeerders aanspreekt op hun gedrag.
7
CBS (2020). Veiligheidsmonitor 2021. CBS, Den Haag/Heerlen/Bonaire.
Breuer&Intraval
38
Het aantal ‘pitstops’ voor de coffeeshop en het aantal foutgeparkeerde auto’s is bij de eindmeting hoger dan bij de nulmeting. Enerzijds lijkt dit verband te houden met de nieuwe bedrijfsvoering van coffeeshop Purple, die - na een verbouwing - vooral een afhaalfunctie heeft. Gezien de geringe parkeermogelijkheid is het voor coffeeshop-bezoekers die met de auto komen verleidelijk om even voor de shop te stoppen en iemand uit te laten stappen. Een andere optie is om de auto fout langs de kant van de weg te parkeren, hetgeen ook veelvuldig (meer dan bij de nulmeting) wordt gedaan. De aangestelde beveiliger – die vanaf 16:00 uur ’s middags tot aan sluitingstijd bij de coffeeshop staat - spreekt mensen hier vrijwel altijd op aan, zo kan afgeleid uit meerdere bronnen, maar kan niet voorkomen dat er tijdelijk wordt foutgeparkeerd. Wat betreft het aantal waargenomen foutgeparkeerde fietsen, constateren we dat simpelweg de aanwezigheid van de beveiliger waarschijnlijk de verklaring is voor het feit dat dit aantal is afgenomen bij een eindmeting ten opzichte van de nulmeting. Onderzoeksvraag 5 Wat kan worden gezegd over de aard en omvang van de illegale (straat)handel in drugs in Vlissingen en de veranderingen hierin na het opschorten van de handhaving van het Ingezetenencriterium?
Bij de nulmeting stellen we op basis van de verhalen van omwonenden en omwerkenden, onze eigen waarnemingen, de gemeentelijke registraties en de interviews met experts vast dat er in de omgeving van beide shops drugsdealers actief zijn. De omvang hiervan is dan bij coffeeshop Purple groter en duidelijker zichtbaar dan bij coffeeshop Aarden. Dat er sprake is van een grotere omvang van drugshandel in de buurt van coffeeshop Purple blijkt onder andere uit het feit dat daar veel meldingen in de subcategorie ‘Alcohol en drugs’ en ‘Drugspanden’ staan geregistreerd. De infrastructuur in combinatie met demografische kenmerken van de wijk (o.a. drukke doorgaand weg, nabijheid winkelgebied, achterstallig onderhoud aan panden en een hoog percentage kamerverhuur) resulteert hier in een accumulatie van potentieel overlastgevend gedrag.8 Op basis van het verrichte veldwerk en de gevoerde gesprekken (met experts, omwonenden en omwerkenden) kunnen de onderzoekers deze bevinding dan onderschrijven. Eén jaar na de start van de pilot is de overlast als gevolg van de aanwezigheid van drugsdealers in de openbare ruimte nagenoeg verdwenen. Niet alleen rapporteren omwonenden en omwerkenden deze vorm van overlast vrijwel niet meer, ook de interviews en veldwerkverslagen bevestigen dat er vrijwel geen zichtbare straathandel meer voorkomt in de openbare ruimte in de directe omgeving van de coffeeshops.
Vooral in de omgeving van coffeeshop Purple, waar de problematiek het meest pregnant was, is het straatbeeld volgens de betrokkenen rustiger dan voor de start van de pilot, omdat er geen drugsdealers meer actief zijn in de openbare ruimte. Zij die bij de nulmeting in de omgeving van de coffeeshops drugs probeerden te verkopen, lijken met de opschorting van het I-criterium hun afzetmarkt in de buurt van de shop te hebben verloren en elders hun geluk te zijn gaan beproeven. Dat er beveiligers zijn aangesteld door de coffeeshops 8
We merken op dat dit onderzoek zich uitsluitend richt op de ontwikkelingen die verband houden met de opschorting van het I-criterium. Andere maatschappelijke fenomenen, zoals die zich kunnen voordoen in de buurten waar de coffeeshops gevestigd zijn, behoren niet tot de scope van dit onderzoek.
39
Pilot opschorting Ingezetenencriterium coffeeshops Vlissingen
heeft volgens omwonenden en omwerkenden geholpen om het straatbeeld rustig te maken en te houden, bijvoorbeeld als er buiten op straat rijen voor de coffeeshop staan. Dat zorgt in de huidige situatie namelijk niet voor overlast. Ook geeft de aanwezigheid van de beveiliging een veilig gevoel aan een deel van de omwonenden en omwerkenden.
4.3 Ten slotte Hoofdvraag Wat zijn de gevolgen van het opschorten van het Ingezetencriterium in de gemeente Vlissingen op het gebied van ervaren (verkeers)overlast en illegale (straat)handel in drugs?
De opschorting van het I-criterium heeft er één jaar na de start van de pilot niet toe geleid dat de gemeente Vlissingen een trekpleister is geworden voor cannabisconsumenten die het buitenland woonachtig zijn. Vooral coffeeshop Aarden wordt na de opschorting van het I-criterium wel door een handvol buitenlandse cannabisconsumenten bezocht, maar het gaat niet om een merkbare toename van het aantal bezoeken. Bij coffeeshop Purple is het wel drukker geworden; deze shop wordt vooral weer gevonden door softdrugsgebruikers die al in Vlissingen verblijven, maar daar niet zijn ingeschreven. Tot dusver heeft de toename in het aantal coffeeshopbezoeken in Vlissingen niet geleid tot een toename van ervaren overlast bij omwonenden en omwerkenden. Sterker nog, er zijn aanwijzingen dat het weer toelaten van softdrugsgebruikers die wel in Vlissingen verblijven, maar daar niet ingeschreven staan, er toe heeft geleid dat er vrijwel geen afzetmarkt meer is voor drugsdealers in de directe omgeving van de coffeeshops. Eén jaar na de start van pilot lijken de drugsdealers vrijwel geheel uit het straatbeeld te zijn verdwenen. Zij zijn naar verwachting niet gestopt met het verkopen van drugs, maar opereren in elk geval minder zichtbaar en veroorzaken minder overlast. We merken op dat de verminderde zichtbaarheid van de handel in drugs een aandachtspunt kan zijn voor de toekomst.
Niet alleen wat betreft openbare orde en veiligheid, maar ook met het oog op volksgezondheid en preventie. Ondanks dat alles er op wijst dat met de opschorting van het I-criterium de gewenste positieve effecten worden bereikt, blijft de verkeersproblematiek rondom de beide coffeeshops bestaan. De resultaten suggereren zelfs dat er na de start van de pilot iets meer overlast van verkeer en parkeren wordt ervaren door omwonenden en omwonenden. Op basis van de beschikbare literatuur ligt dit resultaat in de lijn der verwachting. Daarin wordt de opschorting van de handhaving van het I-criterium namelijk vooral gerelateerd aan een toename in het aantal coffeeshopbezoeken en dus een toename van het aantal auto’s dat de infrastructuur rondom de coffeeshops dient te verwerken. Een toename van verkeersproblematiek is derhalve een logisch gevolg. Dat de verkeersproblematiek en het aantal omwonenden en omwerkenden dat hier overlast van ervaart niet explosief is toegenomen, moet als positief effect van de pilot worden gezien. Het realiseren van de ‘kort parkeerplaatsen’ bij beide shops is een stap juiste richting, die echter onvoldoende groot is gebleken om de verkeer- en parkeersituatie merkbaar te
Breuer&Intraval
40
verbeteren. Om de verkeersproblemen in beide gebieden het hoofd te kunnen bieden, is naar alle waarschijnlijkheid een infrastructurele herinrichting nodig die verder zal reiken dan alleen de omgeving van de coffeeshops. Waar het beoogde effect van de realisatie van de ’kort parkeerplaatsen’ achterwege is gebleven, heeft een andere aanvullende maatregel - het aanstellen van de beveiligers bij de coffeeshops – wel het gewenste effect gehad. Simpelweg de aanwezigheid van de beveiliging – zonder dat zij al te veel op hoeven te treden - lijkt een belangrijke rol te spelen bij het voorkomen van overlast en het creëren van een gevoel van veiligheid bij omwonenden en omwerkenden. Het feit dat er rondom coffeeshop Purple geen toename is van de ervaren overlast, ondanks dat er voor de coffeeshop regelmatig rijen klanten staan, is daarvan het beste voorbeeld.
41
Pilot opschorting Ingezetenencriterium coffeeshops Vlissingen