CConstaterende datVlissingen
Koppel je AI →
Document · PDF

06072022 Plan van aanpak 2021 SD

Informatiebijeenkomst 7 juni 2022, gemeente VlissingenBij agendapunt: Achtergrond stukken (ter voorbereiding).13.605 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Plan van Aanpak Artikel 12 sociaal domein

Projectjaar 2021

ANISSA BOUZIANI-AKDIM Plan van Aanpak art. 12 / Projectjaar 2021 / versie 4 december 2020

1

Deel I

De historische context

Bij de start van de decentralisaties op het vlak van het sociaal domein bestond in Vlissingen reeds het vermoeden dat de lasten voor Vlissingen hoger zouden zijn dan de rijksbijdragen, vooral op het vlak van de jeugdzorg. Door overschotten op de Wmo en jeugdhulp in 2015 en 2016, werd een reserve sociaal domein opgebouwd. Vanaf eind 2018 is die reserve (van ruim zes miljoen euro) volledig uitgeput en zijn de tekorten op Wmo en jeugdhulp dan ook niet meer te dekken uit deze bestemmingsreserve. De tekorten laten een stijgende lijn zien, vooral wat de jeugdhulp betreft. Op het gebied van maatschappelijke ondersteuning, jeugd en werk en inkomen dreigen mogelijk forse tekorten. Omdat dit onderdeel nog in ontwikkeling is, is dit wel met onzekerheid omgeven. Omdat Vlissingen een passende bijdrage moet leveren aan de sanering van de algemene reserve waarvoor de afgelopen jaren reeds forse bezuinigingstrajecten zijn ingezet en de OZB fors is gestegen, heeft Vlissingen nauwelijks mogelijkheden om zelf deze tekorten om te buigen. De inspecteurs zijn dan ook voor van oordeel dat het uitgangspunt van eigen risicodrager niet onverkort van toepassing kan zijn voor het sociale domein en werk & inkomen. De inspecteurs adviseren dan ook aan de fondsbeheerders om het huidige artikel 12-onderzoek te verlengen.

Voorwaarde is dat er verbeteracties worden ingezet en onderzoek wordt gedaan naar het sociaal domein en werk & inkomen. Eind 2019 is het Plan van Aanpak art. 12 vastgesteld waarin de verschillende opdrachten zijn uitgewerkt (zie verderop). Dit plan biedt zowel een overzicht als een stand van zaken op de (geplande) aanpak van de problematiek. Het beoogt een nadrukkelijke concretisering in handelen door de toevoeging van directe en indirecte acties aan de door de inspecteur aangereikte onderzoeksvragen. Dit sluit aan bij de voorlopige conclusies van de Visitatiecommissie waar het gaat om de noodzaak van concretisering met het oog op versterken van de grip op kosten(-ontwikkeling). Het Plan van Aanpak art. 12 is nauw gerelateerd aan de Ontwikkelagenda sociaal domein, waarin de visie, missie, beleidsdoelen en operationele targets voor de komende jaren zijn aangegeven. De Ontwikkelagenda is in de 2e helft van 2020 door college en raad vastgesteld en zal als basis dienen voor het Uitvoeringsprogramma dat in januari 2021 aan college en raad zal worden voorgelegd. De inhoudelijke relatie tussen Uitvoeringsprogramma en Plan van aanpak art. 12 is evident.

Op de drempel van de Ontwikkelagenda liggen belangrijke vragen en op te pakken knelpunten voor, die vooral betrekking hebben op het verkrijgen van meer grip in de aansturing, de beheersing van de kosten en het reguleren van een alsmaar groeiende vraag. Daarin ligt de belangrijke rol van het Plan van Aanpak. Vanuit de binnen dat kader uit te voeren onderzoeken zullen antwoorden en oplossingsrichtingen, maar ook allerlei instrumentele ondersteuningsvormen aangereikt worden, om enerzijds de Ontwikkelagenda te kunnen samenstellen en anderzijds te helpen de daarin opgenomen doelen te realiseren. Het Plan van Aanpak is daarmee faciliterend en voorwaardelijk in de realisatie van de Ontwikkelagenda. De samenhang zal dan ook bewaakt worden in het Kernteam, waarin projectorganisatie art. 12, projectleider Ontwikkelagenda en de organisatie (management) zelf zijn vertegenwoordigd. Het Plan van aanpak art. 12 heeft alleen betrekking op het sociaal domein en werk & inkomen. Dat betekent dat 4 clusters uit het gemeentefonds onderwerp van onderzoek zijn. Inkomen en participatie; Samenkracht en burgerparticipatie; Jeugd; Maatschappelijke ondersteuning. 1

1

Voor Vlissingen betreft dit de nettolasten, die verdeeld zijn over de volgende programma’s. Programma 1 De sociale stad, Programma 11 Bestuur, Programma 2 Gezond en wel, Programma 3 De

lerende stad en Programma 9 De culturele stad.

ANISSA BOUZIANI-AKDIM Plan van Aanpak art. 12 / Projectjaar 2021 / versie 4 december 2020

2

ONTWIKKELAGENDA2020 -2023 Wat voor gemeente willen we zijn / worden?

Instrumenten

Plan Van Aanpak Art. 12

Oplossingen Antwoorden

Jeugd uitvoeringsorganisaties

partnergemeenten

WMO burgers

Werk burgers

Provincie en Rijk

I.1 Plan van aanpak 2020. Het Plan van Aanpak 2020 kent drie vormen van ingrepen. Directe acties, waarbij gemikt wordt op het zogenaamd laaghangend fruit. Indirecte acties die eerst vragen om nadere afbakening dan wel een check op de juridische en/of financiële haalbaarheid. En als derde de onderzoeken die worden uitgevoerd en moeten leiden tot acties en/of beleidswijzigingen op middellange termijn of zo snel als mogelijk. De opdrachten zijn verdeeld over een zevental Thema’s. Voor een uitgebreide toelichting wordt verwezen naar het Plan van aanpak 2020.. 1) Onderbouwing via Onvermijdelijk en Onuitstelbaar 2) Clusteranalyse clusters gemeentefonds 3) Onderzoek effectiviteit en efficiency 4) Mate van invloed van Vlissingen 5) Vervolgevaluatie verdeelmodellen sociaal domein 6) Ondersteuning Vlissingen 7) Overig

(O&O) (Zie opdracht 2.1) (Zie opdrachten 3.1 t/m 3.13) (Zie opdracht 4.1) (Zie opdrachten 5.1 en 5.2) (Zie opdracht 6.1) (Zie opdracht 7.1)

ANISSA BOUZIANI-AKDIM Plan van Aanpak art. 12 / Projectjaar 2021 / versie 4 december 2020

3

I.2 Het algemene beeld 2020 Uit het verslag op actieniveau, van de vorderingen tot op heden, blijkt dat we goede vooruitgang boeken in het proces. De meeste acties zijn in gang gezet en er zijn zichtbare resultaten. Bij WMO bouwen we (data-)inzicht op en vooral het onderzoek naar de 50+ dossiers i.c.m. de ambitie om te komen tot een integrale dossier aanpak – een gezin, een plan, een regisseur - biedt perspectief. We kijken hierbij in het kader van de best practices ook naar de resultaten van projecten in het land (zoals Maatpact in Brabant). De Toegang is op stoom met een veelheid aan aanpassingen in het werkproces, maar worstelt ook nog met het verleden (Porthos), zoals in de contacten met het ondersteunend veld. De spanning tussen aanscherping beleidsregels en ongewenst assertieve bemoeizucht van het veld in het domein van de medewerkers van de Toegang vormt een extra uitdaging op de toch al zware taakstelling van het startende team. Bij Jeugd blijkt het moeilijk om tempo te maken, vooral vanwege de provinciale verstrengeling en het moeizaam verloop van het onderzoek Vaart in Veiligheid. De provinciale aanbesteding is gelopen.

Er is door indeling in percelen winst geboekt in termen van control, maar tegelijkertijd zijn de afspraken voor de volgende 4 jaar vastgelegd en dat lijkt de beweegruimte voor Vlissingen te beperken tot aanscherping beleidsregels – voor zover de wet dat toestaat - en (wellicht) werkafspraken in het veld. De eerste fase in het onderzoek Orionis is opgeleverd en het onderzoeksbureau biedt naast enkele interessante adviezen uitzicht op mogelijke besparingen van 2 miljoen (oplopend tot potentieel 5 miljoen). Dat vraagt naast verdiepend onderzoek wel om fundamentele ingrepen in de werkwijze van de organisatie, en bij de aandeelhouders is vooralsnog geen sprake van een gedeelde toekomstvisie. We boeken vooruitgang door aanscherping van de werkafspraken in de Toegang. We bouwen door de lopende onderzoeken in WMO, Jeugd en Werk inzicht op in de problematiek en zijn steeds beter in staat om de verbindingen te leggen tussen onze inzichten en de ambities van de Ontwikkelagenda. Maar echt ‘hard’ wordt het nog nergens. Het besef is gaandeweg het jaar steeds duidelijker geworden dat er aanvullende en meer ingrijpende maatregelen nodig zijn. Daarnaast doen zich lopende het proces ook praktische knelpunten voor, zoals het ontbreken van periodieke kwantitatieve voortgangsinformatie.

De efficiencywinst bijvoorbeeld, waarvan onze ‘onderbuik’ zegt dat we die boeken in de Toegang, waar zetten we die tegen af? De zorgvraag loopt op, een goede nulmeting ontbreekt en voor zover er ankerpunten zijn – statistisch – hebben we die in de afgelopen maanden snel zien veranderen als gevolg van de Corona crisis. We zijn op de goede weg, maar hebben moeite met het vaststellen waar we nu precies zitten en zijn hoe dan ook nog niet waar we zijn willen. We hebben (nog) geen financiële opbrengsten. Een globaal beeld van de ingezette acties laat zien dat we vanuit de organisatie en – vooralsnog in beperkte mate – met externe partners, vooral hebben onderzocht hoe we slimmer en beter gedocumenteerd kunnen werken. Deze aanpak zal zeker leiden tot besparingen, maar het is lastig om die in deze fase al te kunnen vertalen naar harde valuta waarmee we het tekort kunnen dempen. Dat laatste is concreter en vaak ook sneller te realiseren langs de andere twee invalshoeken van de zogenaamde winstpiramide, namelijk a) bezuinigen (wat doen we niet meer, of minder, en; b) re-alloceren (welke middelen, bestemd voor een ander doel, of in een reserve, gebruiken we voor het dempen van het tekort). Inspelend op de vraag van de inspecteur zullen de acties in het kader van PvA art. 12 2021 verbonden worden aan concrete financiële resultaten.

Voor de realisatie van de taakstelling 2020 is er daarom voor gekozen om deze in te lossen met de extra middelen die het Rijk o.m. in het kader van de Corona crisis heeft aangereikt. I.3 De overgang naar fase 2: Plan van aanpak art. 12 2021. De uitvoering van het Plan van Aanpak blijkt ook een leerweg. Zo wordt de samenhang met de Ontwikkelagenda, het gemeenschappelijk belang van grip op kosten en realisatie van beleidsambities nergens duidelijker dan in dit proces. Maar ook andere vragen en leerpunten komen tijdens de uitvoering van de acties naar voren. 2 Grote thema’s tekenden zich af en in die aftekening werd de vraag steeds scherper of we in de beweging naar kostenbeheersing en 2

Voor meer gedetailleerde informatie over de leerpunten zie Tussenrapportage art. 12 van mei 2020.

ANISSA BOUZIANI-AKDIM Plan van Aanpak art. 12 / Projectjaar 2021 / versie 4 december 2020

4

efficiency niet veel meer zouden moeten sturen op een aantal grote hefbomen voor verbetering. Bij terugkoppeling bleek hiervoor veel draagvlak bij zowel het college als de inspecteur art. 12. Het college heeft daarom in september 2020 opdracht gegeven tot het uitvoeren van deze hefbomen. Hiermee zijn de belangrijkste veranderinstrumenten voor de komende twee jaar vastgelegd. Ze vormen de ruggengraat van fase 2 van het project en zijn als zodanig opgenomen in het voorliggend Plan van aanpak art. 2021. De hefbomen: 1. Inrichting Integrale Toegang (Vlissings model), inclusief het Regieteam complexe casuïstiek, waarbij eerst m.b.t. benodigde formatieomvang en wijze van inrichting nader onderzoek gedaan wordt; 2. Ombouw ondersteuningsinfrastructuur en invulling gemeentelijke beleidsregie c.q. realisatie van de Buurtteams (Vlissings model), inclusief de twee deelvoorstellen Dagbesteding en Ambulantisering; 3. Invulling van de adviezen Orionis – resultaat quick scan - waarbij het tijdpad en implementatie traject i.r.t. de samenwerking nog nader bepaald dienen te worden; 4. Uitwerking van aanvullende bezuinigingen, deze verankeren in de nieuwe beleidsregels en een tijdpad hiertoe op korte termijn uitwerken; 5. Realisatie van een Dashboard t.b.v. managementinformatie en verantwoordingsinformatie; 6.

Uitvoeren onderzoek naar de exogene factoren in de kostenontwikkeling binnen het sociaal domein. Voor de indeling van de opdrachten in 2021 wordt dezelfde structuur aangehouden als die in 2020. Bovenstaande opdrachten/hefbomen zijn dan ook opgenomen binnen de lopende activiteiten die vanuit 2020 doorlopen in 2021. Opdracht 1 Opdracht 2.1. Opdracht 3.1 Opdracht 3.2 Opdracht 3.3 Opdracht 3.4 Opdracht 3.5 Opdracht 3.6 Opdracht 3.7 Opdracht 3.8 Opdracht 3.9 Opdracht 3.10 Opdracht 3.11 Opdracht 3.12 Opdracht 3.13 Opdracht 4.1   Opdracht 5.1 Opdracht 5.2 Opdracht 6.1

Onderzoeksopdrachten 2020-2021 Onderbouwing via Onvermijdelijk en Onuitstelbaar (O&O) Clusteranalyse clusters gemeentefonds Orionis (hefboom 3) Jeugd WMO & Welzijn (hefboom 2 Buurtteams) ZSSD Ontwikkelagenda Sociaal Domein Integrale Toegang (hefboom 1) Doelgroepenvervoer Gecertificeerde Instellingen Verbeterplan Hulpinstanties Aanvullende bezuinigingen (hefboom 4) Vergelijkingsonderzoek Algemeen Benchmarks Vergelijkingsonderzoek Gemeenten Best Practices Dashboard & Informatiebeleid in het sociaal domein (hefboom 5) Exogene factoren (hefboom 6) Mate van invloed van Vlissingen (onderzoek exogene factoren) Evaluatie verdeelmodellen Vervolg evaluatie Verdeelmodellen Regiomiddelen ( BW, VO en MO) Ondersteuning Vlissingen

Opdracht 7.1

Monitoring overige (reeds lopende) onderzoeken en maatregelen

PvA 2021

Hoofdstuk 3 Hoofdstuk 7 Hoofdstuk 2 Hoofdstuk 10 Hoofdstuk 1 Hoofdstuk 9 Hoofdstuk 8 Hoofdstuk 4

Hoofdstuk 5 Hoofdstuk 6

loopt V V V V V V V V V V V V V V V V

Afgerond V (Procedureel) V (inspecteur)

V (vastgesteld door college en raad)

V Acties & maatregelen zijn opgenomen in 3.1-3.3. doorlopend doorlopend

Vervalt: komt in opdracht 4.1 Exogene factoren Hoofdstuk 11

V V

doorlopend Vervalt: zie opdracht 3.8 Gecertificeerde Instellingen

ANISSA BOUZIANI-AKDIM Plan van Aanpak art. 12 / Projectjaar 2021 / versie 4 december 2020

5

Contextuele risico’s op de realisatie 2021:       

De voorstellen die raken aan de uitvoering zullen een grote impact hebben op het veld, dus dat vraagt om een stevige investering in het uitdragen en vinden van draagvlak voor de nieuwe plannen. Bij de uitrol van de voorstellen zullen we rekening moeten houden met de (on-) mogelijkheden van de bestaande contracten. Daar waar contracten opengebroken moeten worden of beëindigd zal dat extra tijd kunnen vergen. Deze grote impact zal ook merkbaar zijn in de interne organisatie. Deze nieuwe benadering van het veld in een veel meer directieve rol vraagt een cultuuromslag in werken en denken binnen de ambtelijke organisatie. Er is een sterke samenhang tussen de voorstellen. Dat betekent dat een eventueel minder resultaat op het ene project direct van invloed is op het resultaat van het andere project. Vooral bij de voorstellen Ondersteuningsinfrastructuur (Buurtteams) en IntegraleToegang is dat het geval. De ambities ten aanzien van Orionis zijn lokaal geformuleerd maar moeten regionaal ondersteund worden. Eventuele spanningen zouden kunnen resulteren in de vraag of het deelnemerschap van Vlissingen in de GR voortgezet moet worden. De inspecteur art. 12 heeft gewezen op de optie van uittreding uit de GR, indien dat raadzaam zou zijn om de ambities van de gemeente Vlissingen te realiseren.

Het beoogt financieel resultaat van het voorstel Orionis, zoals geformuleerd onder dictum 2c, wijkt af van de verwachtingen van de inspecteur art. 12, die gebaseerd zijn op de uitkomsten van de quick scan Orionis. Daarin wordt gesproken over besparingen oplopend van 2 tot 5 miljoen. Voor het slagen van de projecten is de inzet van eigen medewerkers van groot belang. Enerzijds vanwege de expertise en anderzijds vanwege de noodzaak om kennis en ervaring na afloop voor de organisatie te behouden. Dat betekent dat er in de komende tijd een vervangingsnoodzaak ontstaat op een aantal reguliere (beleids-)taken in het sociaal domein.

Communicatieplan In een relatief korte transformatieperiode (2021 en 2022) zal de reeds ingezette cultuurverandering in het sociaal domein volledig gerealiseerd moeten worden. Een cultuurverandering die gevolgen heeft voor alle betrokkenen, de uitvoerende organisaties, onze eigen organisatie en de inwoners. De gemeente voert hierop de regie, bepaalt de koers en geeft strakke sturing. De Ontwikkelagenda Sociaal Domein biedt ons de inhoudelijke kaders daarvoor, het Plan van Aanpak art. 12 laat de inspanningen zien om binnen deze kaders te komen tot een structureel sluitende begroting. Een communicatieplan zal verder uitgewerkt worden. Gezien de tijdsdruk en in overleg met de portefeuillehouders zijn de externe stakeholders – met uitzondering van Orionis Walcheren– nog niet betrokken bij de keuzes zoals opgenomen in dit Plan van aanpak. Dat vindt einde 2020 en eerste kwartaal 2021 plaats. Deze stapsgewijze aanpak past ook in het voornemen om de gemeentelijke beleidsregie sterker aan te zetten.

ANISSA BOUZIANI-AKDIM Plan van Aanpak art. 12 / Projectjaar 2021 / versie 4 december 2020

6

Deel II

Het opdrachtenpakket 2021 en verder

Context en relatie Inspectierapport 2020. Het voorliggend opdrachtenpakket sluit aan op het Algemeen PvA 2020 en vloeit voort uit de opdrachten van de inspecteur art. 12 zoals geformuleerd in het Inspectierapport 2020 (conceptversie).3 Op basis van het Plan van aanpak zijn in 2020 en 2021 een aantal concrete maatregelen uitgewerkt. Hieraan zijn voor zover nu mogelijk concrete taakstellingen gekoppeld om de tekorten op het vlak van het sociaal domein en werk & inkomen te saneren. Op basis van de ontwikkeling van het tekort sociaal domein en werk & inkomen zal worden bezien of ook nog extra taakstellingen nodig zijn. Ook is in kaart gebracht welke (landelijke) ontwikkelingen er zijn op het vlak van het sociaal domein en werk & inkomen. In hoofdstuk 4 van het inspectierapport 2020 worden een aantal maatregelen beschreven. Grotendeels gebaseerd op de nota ‘Voorstellen n.a.v. richtinggevende besluiten en opdrachten Plan van Aanpak artikel 12, zoals vastgesteld door het college (registratiekenmerk: 1248009). Aan deze maatregelen zijn taakstellingen gekoppeld. Deze maatregelen zijn: 1. Ombouw ondersteuningsinfrastructuur en invulling gemeentelijke beleidsregie. 2. Inrichten integrale toegang. 3. Herijking uitvoering participatiewet en invulling adviezen Orionis. 4. Aanvullende maatregelen 2020. 5. Deelvoorstel ondersteuningsinfrastructuur: dagbesteding. 6.

Deelvoorstel ondersteuningsinfrastructuur: ambulantisering. 7. Aanvullende bezuinigingen vanaf 2021. 8. Instellen budgetplafonds. 9. Financiële impact landelijke ontwikkelingen sociaal domein. 10. Verbreden artikel 12-onderzoek in 2021 naar overige clusters en eigen inkomsten. 11. Financiële impact (exogene) factoren. 12. Inkoop beschermd wonen en inzet reserve Centrumtaken.

3

De verschillende opdrachten zijn via de bijlages 4.3 t/m 4.7 opgenomen in het inspectierapport 2019. Deze bijlages zullen in die vorm terugkeren in het PvA 2021. Zij zijn van belang om inzicht te houden in de verschillende acties en onderzoeken per opdracht en de voortgang te bewaken.

ANISSA BOUZIANI-AKDIM Plan van Aanpak art. 12 / Projectjaar 2021 / versie 4 december 2020

7

Totaal taakstellingen van de maatregelen In onderstaande tabel wordt per maatregel de door de inspecteur ingeboekte taakstelling voor de periode 2020-2024 vermeld.

Taakstellingen maatregelen sociaal domein en werk & inkomen 2020-2024 (bedragen x € 1.000)

Nummer Maatregel 1 en 2 Ombouw ondersteuningsinfrastructuur en invulling gemeentelijke beleidsregie & inrichten lokale toegang 3 Herijking uitvoering participatiewet en invulling adviezen Orionis 4 Aanvullende maatregelen 2020 5 Deelvoorstel ondersteuningsinfrastructuur: dagbesteding 6 Deelvoorstel ondersteuningsinfrastructuur: ambulantisering 7 Aanvullende bezuinigingen vanaf 2021 o.b.v. opdrachten Plan van aanpak 8 Budgetplafonds 9 Financiele impact landelijke ontwikkelingen sociaal domein en werk & inkomen 10 Verbreden artikel 12-onderzoek in 2021 naar overige clusters en eigen inkomsten Totaal

2020

2021 1.625 1.500

2022 3.300 1.950

2023 4.900 2.550

2024 4.900 3.150

100 250 2.000 1000

100 250 2.000 1000

100 250 2.000 1000

100 250 2.000 1000

3.030

pm pm 3.030

pm pm 6.475

pm pm 8.600

pm pm 10.800

11.400

ANISSA BOUZIANI-AKDIM Plan van Aanpak art. 12 / Projectjaar 2021 / versie 4 december 2020

8

1

Integrale Toegang (hefboom 1) Taakstelling maatregelen (hefbomen) 1 en 2: ombouw ondersteuningsinfrastructuur en invulling gemeentelijke beleidsregie & inrichten lokale toegang. (bedragen x € 1.000)

Onderdeel Wmo * Jeugd** Totaal

2020

0

2021 835 790 1.625

2022 1.700 1.600 3.300

2023 2.500 2.400 4.900

2024 2.500 2.400 4.900

* Percentage (2021: 5%, 2022: 10% en 2023-2024: 15%) van begrote uitgaven 2021 van € 16,7 miljoen ** Percentage (2021: 5%, 2022: 10% en 2023-2024: 15%) van begrote uitgaven 2021 van € 15,8 miljoen

1.1

Opdracht en context  

Inrichting Integrale Toegang Inrichting Regieteam in de Toegang

Het Plan van Aanpak was in 2020 vooral gericht op de inrichting van de nieuwe Toegang – na de opheffing van Porthos. Nieuwe werkprocessen zijn geïmplementeerd, er is een belangrijke aanzet gegeven tot cultuurverandering bij de medewerkers – van ‘recht hebben op’ naar ‘zorgen dat’ – en er is een nieuwe verordening opgesteld, samen met Middelburg. Hier ligt de basis in de best practice bevinding dat de gemeente zoveel als mogelijk de indicatiestelling en het verstrekken van beschikkingen in eigen hand moet houden om werkelijk control te verkrijgen op de uitgaven. Dat vraagt om het bijeenbrengen van expertises in de Integrale Toegang. Dat bijeenbrengen van expertises kan voor een deel gebeuren door slimme samenwerkingsconstructies. Een andere optie is te kiezen voor een harde overgang van de toegang Orionis naar de integrale toegang Vlissingen. Hier kunnen efficiency-voordelen liggen. Voorgesteld wordt om vervolgonderzoek te doen naar deze optie.     1.2

Uitschrijven van de gewenste situatie; Inrichten organisatie en processen; Kostenoverzicht nieuwe werkwijze (ook ten opzichte van de lasten in de ‘oude’ situatie / was-wordt tabel); Aangeven van de bezuinigingsopties.

(deel) projecten en activiteiten  Inrichting Integrale Toegang We willen komen tot een betaalbare, toekomstbestendige en zo optimaal mogelijk functionerende uitvoering en organisatie van de Toegang in de gemeente Vlissingen, mede in relatie tot het integrale sociaal domein.

ANISSA BOUZIANI-AKDIM Plan van Aanpak art. 12 / Projectjaar 2021 / versie 4 december 2020

9

Om dit te bereiken realiseren we een integrale gemeentelijke Toegang waar de uitvoering is belegd van de Wmo, Jeugd, (een deel van de) Participatiewet, de Wet gemeentelijke schuld hulpverlening, bijzondere bijstand, nieuwe wet Inburgering, Openbare Geestelijke Gezondheidszorg (meldpunt), Wet verplichte geestelijke gezondheidswet (meldpunt), E33 = problematiek van verwarde personen (procesregie). We maken een infrastructuur van buurtteams – zie voorstel Buurtteams - in combinatie met een integrale gemeentelijke Toegang die regie voert op complexe en meervoudige hulpvragen en de toegang verleend tot individuele maatwerkvoorzieningen en deze controleert. Toegangsmedewerkers maken deel uit van en/of werken samen met de buurt/wijkteams met een specifieke taak en mandaat om toe en af te wijzen van individueel maatwerkvoorzieningen (Poortwachtersfunctie). De integrale Toegang heeft een regieteam dat een specifieke taak heeft bij de domein overstijgende casussen waar risico factoren en veiligheidsaspecten spelen. Dit team bestaat uit casus- en procesregisseurs, gespreksleiders, gedragswetenschappers en juridische specialisten. Het regieteam werkt samen met veiligheidshuis, GI’s, reclassering, forensische zorg en OM/kinderrechters.

Met als doel een kostenbesparing en als resultaat 1) zicht op de caseload, 2) grip op uitgaven van individuele voorzieningen en 3) een wettelijk vangnet alleen voor degenen waar het echt niet anders kan. Daarnaast aanpassen van de huidige verordeningen en beleidsregels met als doel gezamenlijke integrale juridische kaders voor de Integrale Toegang. Uitgangspunt is het algemene deel van de verordening die nu gaat gelden voor Wmo en Jeugd in 2021, waarin beschreven staat hoe we integraal werken toevoegt aan de huidige verordening. De gemeente zal meer regels, taxatie instrumenten en beoordelingscriteria moeten vaststellen en vastleggen in de beleidsregels (per product). Om de Toegang en de inwoner meer houvast te geven bij de brede uitvraag, voor het beoordelen van de noodzaak en ten behoeve van het vaststellen van een eigenaandeel (wederkerigheid) (indiceren).  Inrichting Regieteam in de Toegang Door het regieteam in te zetten op de duurdere casussen kan specialistische hulp direct beschikbaar zijn voor de uitvoerders in de buurtteams en de partijen die werken met risicovolle en complexe casussen. Het afschalen van zwaardere vormen van hulp wordt mogelijk en het regieteam heeft de opdracht daarop te sturen. Dit sluit aan bij het Zeeuwse project Vaart in Veiligheid waar de gemeente Vlissingen pilotgemeente van is.

De casusregie die nu belegd is bij Roat en MWW zal per 1 januari 2021 stoppen. De inzet van preventieve jeugdbescherming bij jeugdhulp in een vrijwillig kader en drang wordt ook afgebouwd (expertise in huis organiseren en stapeling zorg voorkomen Van Montfoort, 2019). Dit product wordt niet meer apart ingekocht per 2021. Met de middelen die vrijkomen vanuit de subsidies en de preventieve jeugdbescherming /drang kan het regieteam binnen de integrale toegang vorm krijgen.

1.3

Stand van zaken

Integrale Toegang Regie team

overige actiepunten

ANISSA BOUZIANI-AKDIM Plan van Aanpak art. 12 / Projectjaar 2021 / versie 4 december 2020

10

1. 2.

3. 4. 5. 6. 7. 8.

Het aanscherpen van de beleidsregels zodat er een striktere regeltoets plaatsvindt bij aanvragen. Het begeleiden van de consulenten op het strikter toetsen van de aanvragen op (werkelijke) noodzakelijkheid en alternatieven. In dit laatste geval gaat het om zowel evaluaties als (aanleren van) nieuwe normen. Uitvoeren van evaluatiecycli op verschillende voorzieningen waarbij het vermoeden bestaat dat er te ruimhartig is toegekend in de afgelopen jaren. Aanpassing van de discretionaire bevoegdheden van de medewerkers van de Toegang. Bewust inzetten van een wachtlijst. Opstellen begeleidingsplan en trainingsprogramma voor de nieuwe werkwijze in beoordelingen en evaluaties. Inrichten van een (tijdelijke) dataset voor het volgen van de resultaten van de nieuwe werkwijze. Inzicht in de kosten(-ontwikkeling)

Inzet van de wachtlijst o.m. bij HH is haalbaar (bijv. niet bij psychische problematiek).

Gesignaleerde knelpunten:  Er is een vragenlijst gemaakt voor de beleidsregels. Het is erg moeilijk om concreet te maximeren. Dat kun je wel doen op productniveau, maar wat als producten gestapeld worden? Is daar een handelingskader voor te schrijven. Hoe gaan we om met de stapeling? Dat vraagt om een andere visie bij beleid, daar zit spraakverwarring.  Grens casuïstiek tussen WLZ en zorgverzekeringswet en WMO. (Grote zorg: bijv beginnende dementie. ) organisaties zvw en wlz vertonen afschuifgedrag richting gemeente!! Nu wijzen we nog af - immers de grondslag is medisch - en krijgen veel boze reacties.  Corona leidt tot minder onderzoek, waardoor we beschikkingen wellicht later terug moeten draaien! Daarom worden bepaalde casussen niet in behandeling genomen, en zijn beschikkingen voor kortere duur.  Het is moeilijk om een nulpunt te bepalen voor de metingen. De nieuwe start vanaf 1 januari draagt daar aan bij. Corona troebelt ook onze waarnemingen, waardoor   

de cijfers niet representatief zijn. De uitgaven Jeugd en WMO worden langs verschillende invalshoeken in kaart gebracht maar door het ontbreken van een ‘hard’ nulpunt, de nog steeds stijgende zorgvraag en de effecten van de Corona periode is een gedetailleerde verklaring van de kostenstijging (nog) niet mogelijk. Op enig moment zullen we natuurlijk wel andere effecten kunnen zien, zoals het aantal afwijzingen zien stijgen (plus het aantal klachten).

Vanuit de zorgorganisaties zijn er wat minder aanvragen. Wat is de invloed eigenlijk van de zorgleveranciers? Wie heeft eigenlijk de hulp nodig, de zorgverleners of de klant? Belangrijk is dat het ook een cultureclash is tussen toegang en veld. Toegang opereert in een driehoek en is qua ambities niet te isoleren.

ANISSA BOUZIANI-AKDIM Plan van Aanpak art. 12 / Projectjaar 2021 / versie 4 december 2020

11

2

Ombouw ondersteuningsinfrastructuur (Buurtteams) en invulling gemeentelijke beleidsregie (Hefboom 2) (WMO – Welzijn) Taakstelling maatregelen (hefbomen) 1 en 2: ombouw ondersteuningsinfrastructuur en invulling gemeentelijke beleidsregie & inrichten lokale Toegang (bedragen x € 1.000)

Onderdeel Wmo * Jeugd** Totaal

2020

0

2021 835 790 1.625

2022 1.700 1.600 3.300

2023 2.500 2.400 4.900

2024 2.500 2.400 4.900

* Percentage (2021: 5%, 2022: 10% en 2023-2024: 15%) van begrote uitgaven 2021 van € 16,7 miljoen ** Percentage (2021: 5%, 2022: 10% en 2023-2024: 15%) van begrote uitgaven 2021 van € 15,8 miljoen

2.1

Opdracht en context    

Onderzoek naar de effectiviteit en efficiency van aansturing en uitvoering binnen de wet WMO. Zijn er (nog) mogelijkheden om verbeteringen aan te brengen zodat de lasten bij WMO structureel kunnen dalen. Onderzoek moet aangeven wat lokaal oplosbaar is. Hefboom Buurtteams Deelproject Dagbesteding Deelproject Ambulantisering

De hefbomen Ondersteuningsinfrastructuur (Buurtteams) en Integrale Toegang zijn vooral gebaseerd op de uitkomsten van het in het kader van het Plan van Aanpak uitgevoerde best practice onderzoek. De verschillende veranderelementen in de voorstellen hebben zich in de landelijke praktijk bewezen. Enkele voorbeelden zijn het werken met een zeer beperkt aantal leveranciers, integrale buurtteams die generalistische ondersteuning in de woonomgeving bieden, de inzet van budgetplafonds en populatiebekostiging. Beoogd wordt een gecombineerd financieel resultaat – van de voorstellen Ondersteuningsinfrastructuur en IntegraleToegang gezamenlijk – van € 800.000 op WMO en € 800.000 Jeugd over 2021. Dat is ongeveer 5% van de bruto omzet. Voor 2022 staat een stijging naar 10% en voor 2023 naar 15% van de bruto omzet. De deelvoorstellen Dagbesteding en Ambulantisering maken deel uit van de grote verbetervoorstellen Integrale Toegang en Ombouw Ondersteuningsinfrastructuur, maar worden specifiek toegelicht omdat zij in 2021 al tot concrete bezuinigingen gaan leiden.

ANISSA BOUZIANI-AKDIM Plan van Aanpak art. 12 / Projectjaar 2021 / versie 4 december 2020

12

2.2

(deel) projecten en activiteiten 

Onderzoek naar de effectiviteit en efficiency van aansturing en uitvoering binnen de wet WMO. Zijn er (nog) mogelijkheden om verbeteringen aan te brengen zodat de lasten bij WMO structureel kunnen dalen. Onderzoek moet aangeven wat lokaal oplosbaar is.

Hefboom Buurtteams Voor Buurtteams gaan we in eerste instantie uit van aansturing van de huidige werkers vanuit diverse organisaties door aan te stellen teamleiders. Het gaat dus om het samenbrengen en anders laten werken van uitvoerend medewerkers van diverse organisaties. De aan te stellen teamleiders sturen op leiderschap, cultuurverandering en samenwerking. De voorlopige ramingen zijn gebaseerd ervaringsgegevens uit de best-practices. Het gaat hier om een voorlopige inschatting mede op basis van het aantal medewerkers van de huidige organisaties die nu in Vlissingen werken. De definitieve organisatievorm van de buurtteams wordt bepaald na ervaring op gedaan te hebben in de praktijk. Dit zou kunnen zijn een nieuw op te richten organisatie, een coöperatie, in gemeentelijke dienst of via een inkooptraject. We willen komen tot een betaalbare, toekomstbestendige en zo optimaal mogelijk functionerende uitvoering en organisatie van het voorliggend veld in de gemeente Vlissingen, mede in relatie tot het integrale sociaal domein. Om doelmatiger en doeltreffender te kunnen werken en het aantal individuele maatwerkvoorzieningen terug te dringen, brengen we de ondersteuning naar de inwoners toe in de eigen woonomgeving. Afgestemd op de samenstelling van de wijk en buurt, is een team van medewerkers verantwoordelijk voor het oppakken van alle ondersteuningsvragen.

In de huidige situatie zien we een versnipperd voorliggend veld in de gemeente Vlissingen. Het aanbod van voorliggende voorzieningen is groot, er is veel overlap in het aanbod en is het onsamenhangend georganiseerd. Overzicht en grip ontbreken. De gedachte bestaat “dat de hoge consumptie in achterstandswijken mede komt door inadequaat handelen van professionals, omdat zij zich alleen richten op de problemen die binnen het eigen domein vallen.” We bouwen daarom een ondersteuningsnetwerk (buurtteams) naar analogie van de best practices in het land en maken daarvoor gebruik van een deel van de bestaande kennis en expertise die al beschikbaar is in Vlissingen. De uitgangspunten voor de nieuwe aanpak zijn: o o o o o

Één aanbieder (nieuwe organisatie) Één zak met geld (lump-sum/budgetplafond) Positionering Buurtteams (generalistische basishulp) o.b.v. de specifieke problematiek in de wijk/buurt Specialismen ondersteunen de buurtteams in de wijk/buurt Reflecteren, leren en onderling uitwisselen (o.b.v. casuïstiek)

De wijknetwerken worden in de huidige situatie ingezet als middel om de partijen in het voorliggend veld bij elkaar te brengen. Met het voorstel buurtteams bouwen we aan een nieuwe ondersteuningsinfrastructuur in het voorliggend veld. In de nieuwe ondersteuningsinfrastructuur worden de taken in het voorliggend veld gecombineerd. De versnippering gaat eruit. Dit heeft consequenties voor de (samenstelling van) de wijknetwerken. Een deel van de partijen gaan op in de buurtteams. Bij het uitwerken van de inrichting van de buurtteams wordt concreet gemaakt wat dit gaat betekenen op de inhoud en samenstelling van de wijknetwerken.

ANISSA BOUZIANI-AKDIM Plan van Aanpak art. 12 / Projectjaar 2021 / versie 4 december 2020

13

We doen dat stapsgewijs in 2021-2022. We sluiten daarbij aan bij de integrale werkwijze van de toegang (Wmo, Jeugd, Participatiewet). We willen efficiënter en effectiever organiseren van preventie, participatie en vroegsignalering in de vertrouwde leefomgeving van onze inwoners en daarmee instroom in individuele maatwerkvoorzieningen (vanuit de Wmo, Jeugdwet en PW) voorkomen. Resultaat: Generalistische basishulp is beschikbaar in de wijken/buurten, afgestemd op de samenstelling en de ondersteuningsvragen van de inwoners 

Deelproject Dagbesteding Beoogd wordt een financieel resultaat van ongeveer € 50.000 over 2021. In de overgang naar integraal aanbod van ondersteuning in de buurten, speelt het terugdringen van maatwerk en het stimuleren van algemene voorzieningen een grote rol. De transformatie van een deel van de dagbesteding naar een algemene voorziening in de woonomgeving, biedt in deze zin potentiele financiële en inhoudelijke voordelen. De indicatieloze dagbesteding gaat over de dagbesteding van aanbieders op fysieke locaties in de wijken (bijvoorbeeld Ter Reede) die zonder indicatie open gesteld worden voor alle inwoners, buurtbewoners. Het goedkoper, breder en met minder administratieve lasten toegankelijk maken van de dagbesteding. Zeg maar de meer welzijnsachtige vermaak dagbesteding. Doel is dagbesteding aanbieden zonder Wmo-indicatie vanuit de Gemeente. In eerste instantie voor de doelgroep ouderen. Later de dagbesteding voor andere doelgroepen/aanbieders. Binnen deze vorm van dagbesteding hebben ouderen geen toegangsbewijs/indicatie nodig om deel te nemen aan de dagbesteding.

Deelproject Ambulantisering Beoogd wordt een financieel resultaat van ongeveer € 250.000 over 2021. Integrale ondersteuning door middel van buurtteams biedt aantrekkelijke perspectieven voor het vraagstuk hoe we de doorstroom van kwetsbare inwoners naar dure vormen van Beschermd Wonen voorzieningen kunnen beperken. Om deze perspectieven meteen in de praktijk te kunnen toetsen wordt toestemming gevraagd om een pilot uit te voeren met potentiele klanten Beschermd Wonen. Het doel van dit voorstel is de instroom in Beschermd wonen in een instelling te beperken en de uitstroom te bevorderen. Om dit te bewerkstelligen wordt een passend, integraal ondersteuningsaanbod gecreëerd in de wijk, zowel qua aard van productenaanbod als de wijze waarop dat aanbod is georganiseerd. Vrijwilligers, onderwijs, werkgevers, zorg (ook in het voorliggend veld) en woningcorporaties worden hiervoor met elkaar verbonden. Concreet omvat dit aanbod het volgende: betaalbare, passende woningen die aansluiten bij de specifieke behoeften van de kwetsbare inwoner. Flexibele ambulante begeleiding door zorgorganisaties. Solide, (ggz-) deskundig netwerk in de wijk. Schuldhulpverlening en budgetbeheer. Toegankelijk maken van algemene voorzieningen voor verschillende doelgroepen. Een snelle interventiemethodiek na een melding van verward gedrag.

Het resultaat is een situatie waarin kwetsbare inwoners, ongeacht de aard van de kwetsbaarheid, (langer) in hun vertrouwde woonomgeving kunnen blijven en de kosten voor Beschermd wonen in een instelling worden teruggedrongen. Voorgesteld is de ondersteuningsinfrastructuur zó in te richten dat er passende ondersteuning in de wijk is voor kwetsbare inwoners, zodat de instroom in Beschermd wonen in een instelling afneemt en uitstroom bevorderd wordt. Een procesregisseur bij de lokale toegang kan van deze (potentiële) cliënten ongeveer tien personen behandelen in 1,0 fte. Voorgesteld wordt om in de eerste uitvoeringsfase tien inwoners te selecteren die zich met dit ondersteuningsaanbod (langer) zouden moeten kunnen handhaven in hun eigen woonomgeving. Het gaat daarbij in eerste instantie om cliënten die nu het product Beschermd wonen all-inclusive ontvangen, omdat we daarmee een

ANISSA BOUZIANI-AKDIM Plan van Aanpak art. 12 / Projectjaar 2021 / versie 4 december 2020

14

directe kostenbesparing bereiken. Later kunnen we ook inwoners betrekken bij wie door het juiste ondersteuningsaanbod voorkómen kan worden dat ze het product Beschermd wonen all-inclusive ontvangen.

2.3

Stand van zaken

Onderzoek WMO Buurtteams Dagbesteding Ambulantisering

overige actiepunten 1.

2.

3. 4.

Concrete financiële ambities benoemen voor 2020 en 2021, waar het gaat om bedragen voor reallocatie (tussen de domeinen), ombuiging (binnen het domein) en besparingen c.q. afromingen. Organiseren team/cluster-brede brainstorm sessie. Uitvoeren van (kortlopende) thematische onderzoeken gericht op de grootste zorgverbruikers. (50 duurste dossiers)

Individuele casuïstiek op (bijzonder) hoge/dure zorgvraag. Ten aanzien van Beschermd Wonen inzetten op kostendaling/verminderd gebruik door: a. Onderzoek kostprijs. b. Niet langer P x Q. c. De inzet van de pilot Beschermd Thuis Wonen. d. De inzet van een onafhankelijk deskundige die de aanvragen voor Beschermd Wonen gaat toetsen. e. Betrekken van de Toegang bij de aanvragen Beschermd Wonen, voor het aanreiken van alternatieven. f. Principe van gemeente van herkomst hanteren g. Inrichting transformatiefonds, een innovatiebudget ten behoeve van Zeeland met als doel de zorg anders en goedkoper, dichter bij huis, aan de voorkant, in te richten (terugdringen beroep op intramurale zorg).

Data zijn beschikbaar en na onderzoek is het bestand is nu compleet. De analysefase is gestart. Eerst in Exel, daarna op tekst. Veelbelovend tot nu. Eerste 50 dossiers tellen op naar ruim 9 miljoen Euro. We moeten aandacht hebben voor prioritering! De dure casussen die niet in het profiel huishouden vallen - bijv. BW of pleeggezinnen - halen we eruit en bekijken we afzonderlijk onder de vraag welke kosten maken we op indicaties derden afgeven zoals bijvoorbeeld huisartsen...

a. b.

c.

d.

Onderzoek kostprijs is Inmiddels afgerond. De kostprijs is neerwaarts bijgesteld. Voor de overgangsfase is een compensatiefonds ingericht. Niet langer P x Q loopt. Inmiddels is budgetfinanciering ingezet. Nu wordt nog gekeken naar een loskoppelen van Wonen en Zorg om tot kostendaling te komen. De inzet van de pilot Beschermd Thuis Wonen (BTW), waarbij gestuurd wordt op langer thuis wonen en minder gebruik van intramurale voorzieningen, in combinatie met een herinrichting van het voorliggend veld, is vervat in een projectvoorstel, waarbij gekeken wordt naar financiering vanuit a) het in te richten transitiefonds en b) de reserve BW. Dit voorstel ligt in concept bij de wethouder. De inzet van een onafhankelijk deskundige die de aanvragen voor Beschermd Wonen gaat toetsen is akkoord. De O&O procedure is ook positief afgerond. De deskundige wordt ingekocht bij de GGD.

ANISSA BOUZIANI-AKDIM Plan van Aanpak art. 12 / Projectjaar 2021 / versie 4 december 2020

15

e.

f.

g.

Betrekken van de Toegang bij de aanvragen Beschermd Wonen, voor het aanreiken van alternatieven, wordt geregeld via nadere procedures die nog moeten worden opgesteld. We moeten er op toezien dat de verbinding met de pilot BTW vanaf het begin wordt veiliggesteld. Principe van gemeente van herkomst hanteren. Waarbij na afloop van een voorziening met de gemeente van herkomst wordt gekeken hoe de inwoner weer zelfstandig en in de gemeente van herkomst kan wonen. Zodra cliënt in intramurale voorziening instroomt wordt samen met lokale toegang gemeente van herkomst gekeken hoe cliënt zo snel mogelijk weer kan uitstromen (waarbij uitgangspunt ook gemeente van herkomst is). Het principe is rond. De effectuering moet in de komende maanden plaatsvinden. De voorbereidingen voor de inrichting van het fonds lopen.

5. Aansluiting bij partijen buiten de invloedssfeer van de gemeente (bijv. huisartsen)

ANISSA BOUZIANI-AKDIM Plan van Aanpak art. 12 / Projectjaar 2021 / versie 4 december 2020

16

3

Orionis Taakstelling maatregel (hefboom) 3: Herijking uitvoering participatiewet en invulling adviezen Orionis (bedragen x € 1.000)

Onderdeel Beleidsregie Integrale toegang Sw-infrastructuur (rendement en loonwaarde) Re-integratiebudget (10% van het budget) Efficiency en kostenbeheersing (5% van de exploitatie) Totaal

3.1

2020

0

2021 100 100 650 290 360 1.500

2022 100 200 1000 290 360 1.950

2023 100 300 1500 290 360 2.550

2024 100 400 2000 290 360 3.150

Opdracht en context

We willen komen tot een betaalbare, toekomstbestendige en zo optimaal mogelijk functionerende uitvoering en organisatie van de Participatiewet, schuldhulpverlening en de minimaregelingen, mede in relatie tot het integrale sociaal domein. Mede op basis van de inzichten en verbeteradviezen uit de externe doorlichting (quick scan onderzoek) en research naar best practices, implementeren we innovaties, in samenhang met de andere voorstellen t.a.v. het integraal sociaal domein. Verbeteren van de effectiviteit en efficiency in aansturing en uitvoering op het vlak werk en inkomen binnen de Participatiewet. Beoogd wordt een financieel resultaat van € 1.300.000 over 2021. Voor een akkoord op dit voorstel is Vlissingen mede afhankelijk van de besluitvorming in de gemeenten Veere en Middelburg. Mocht er onvoldoende draagvlak zijn bij de andere deelnemers in de GR en/of bij Orionis om de voorgenomen verbeteracties en bezuinigingsopgave de komende jaren in deze omvang en deze tijdspanne te realiseren, dan kan er druk ontstaan op de samenwerking binnen de GR. Belangrijk is om vanuit het gemeenschappelijk belang te opereren. 3.2

(deel) projecten en activiteiten  Beleidsregie De gemeente Vlissingen (en de andere deelnemende gemeenten) haalt de beleidsregie t.a.v. de Participatiewet, schuldhulpverlening en minimaregelingen actief terug naar de eigen gemeente. Het bepalen van de doelen, resultaten, (financiële) middelen en voorwaarden, met de bijbehorende sturing en informatie, behoort toe aan de gemeente.  Integrale toegang We organiseren een onafhankelijke, integrale toegang sociaal domein in de gemeentelijke organisatie, waarin ook de (toegangs-)taken tot werk/reintegratie, (bijstands-)uitkeringen, schuldhulpverlening, minimaregelingen en activiteiten gericht op maatschappelijke dienstverlening worden belegd. (Zie voorstel Integrale Toegang.) Zo kan een inwoner met al zijn ondersteuningsvragen in het sociaal domein terecht bij één toegangsorganisatie. Vanuit deze onafhankelijke, integrale ‘toegangsrol’ vindt op casusniveau opdrachtverstrekking aan de uitvoeringsorganisatie(s) plaats.

ANISSA BOUZIANI-AKDIM Plan van Aanpak art. 12 / Projectjaar 2021 / versie 4 december 2020

17

 SW-infrastructuur We passen het bedrijfsconcept van het Werkleerbedrijf aan en bouwen de SW-infrastructuur versneld af en om, gericht op verbetering van het rendement, door transformatie van een productiegerichte omgeving naar een omgeving gericht op zoveel als mogelijk uitstroom/detacheren van de SW- en PWdoelgroep. We kiezen voor stoppen/afstoten/saneren van onrendabele werksoorten. We realiseren en sturen op basis van (externe) doorlichting van de werksoorten op rendementsverbetering van de resterende (omgebouwde) werksoorten. We sturen op uitstroom en detachering van de PW- en SW-doelgroep naar reguliere werkgevers (realisatie van loonwaarde-ontwikkeling).  Re-integratiebudget We zetten het re-integratiebudget gericht en adequaat in, door een gerichte sturing op en monitoring van (lokale) doelstellingen en inzet van middelen en instrumenten (o.b.v. werkladder). We hanteren een bezuiniging voor zowel 2021 als 2022 van 10%; Realisatie van maatschappelijke banen.  Kostenbeheersing We passen het principe van ‘zero-based budgeting’ toe op de primaire begroting van Orionis voor 2021 (en verder). Waarbij de begroting financieel onderbouwd tot de basis wordt teruggebracht. We leggen Orionis voor 2021 (vooraf) een efficiencykorting op van 5% t.a.v. de bedrijfsvoering c.q. exploitatie.

 De fysieke overgang van de toegang Orionis naar de integrale toegang Vlissingen Schuldhulpverlening en bijzondere bijstand positioneren we mede in de integrale toegang van de gemeente. Zo kunnen we integraal de focus leggen op het inzetten van algemene voorzieningen (voorliggend veld) en de inwoner integraal ondersteunen (indien nodig). Aansluitend bij de wijziging Wet gemeentelijke schuldhulpverlening wordt de schuldenproblematiek in een zo vroeg mogelijk stadium gesignaleerd en na een brede uitvraag in samenhang (integraal) aangepakt. Waar mogelijk wordt de inwoner in de eigen woonomgeving met algemene voorzieningen ondersteund. Problematische schuldensituaties, crisisinterventies, huisuitzettingen en bijbehorende maatschappelijke kosten worden zo veel mogelijk voorkomen. De instroom in de reguliere wettelijke schuldhulpverlening wordt door de gemeentelijke (casus)regie verminderd. In aansluiting op deze argumentatie ligt het voor de hand om ook de bijzondere bijstand en de inkomensondersteuning mee te nemen in de inrichting van de Integrale Toegang. 3.3

Stand van zaken

Beleidsregie SW infrastructuur Re-integratiebudget Kostenbeheersing Fysieke overgang toegang Orionis naar Integrale Toegang

ANISSA BOUZIANI-AKDIM Plan van Aanpak art. 12 / Projectjaar 2021 / versie 4 december 2020

18

overige actiepunten 1.

2.

3. 4.

5.

Uitvoeren van de bestuursopdracht onderzoek Orionis door een eerste opstap in de vorm van een Quick Scan op basis waarvan Quick Wins worden benoemd en nadere specificatie kan plaatsvinden voor verdiepingsonderzoek. Concrete financiële ambities benoemen voor 2020 en 2021, waar het gaat om bedragen voor reallocatie (tussen de domeinen), ombuiging (binnen het domein) en besparingen c.q. afromingen. Afspraken rol en verantwoordelijkheid begeleidingscommissie Orionis. Herziening / formulering van het gemeentelijk re-integratiebeleid. Project: Uitrol 40 tot 50 maatschappelijke banen (ihkv Experiment Beschermd Thuis Wonen?). Aansluiten bij best practice van de Aandachtsbanen (regio’s Enschede, leiden, Zaanstad).

Quick scan is opgeleverd. Interessante adviezen met uitzicht op besparingen van 2 tot 5 miljoen €. De portefeuillehouders hebben opdracht gegeven tot vervolgonderzoek. Taakstelling Orionis is opgenomen in de gemeentelijke begroting (nog niet volledig in de Orionis begroting, dat gebeurt in de 1e begrotingswijziging 2021).

Gesignaleerde knelpunten  Wethouder geeft aan dat de gemeenten niet op 1 lijn zitten. Zo adviseert het rapport een integrale toegang, wat past in de ambities van de OA maar niet in die van bijvoorbeeld Middelburg. Vanuit art. 12 perspectief wordt een onderzoek naar de voor- en nadelen van uittreding uit de GR steeds relevanter. (Onderzoek exogene factoren.)  De inspecteur heeft gereageerd op de uitkomsten en vraagt om concrete acties ten aanzien van de adviezen. Hier ontstaat een directe spanning tussen Vlissingen en de ambities van Middelburg. (Veere is erg terughoudend)  Zowel van de kant van Orionis als ook van de gemeente Middelburg wordt de conclusie van het adviesbureau, dat er geen sprake is van gemeentelijke beleidsregie, niet zo ervaren.  Onder druk van de Corona regelingen en nieuwe instroom uitkeringsgerechtigden lijken wellicht besparingen of bezuinigingen op korte termijn niet haalbaar. We moeten echter duidelijk scheiden tussen bijstand en SW. Belangrijk is in te zoomen op de SW problematiek en niet afgeleid te worden door de nieuwe drukte aan de balie.

ANISSA BOUZIANI-AKDIM Plan van Aanpak art. 12 / Projectjaar 2021 / versie 4 december 2020

19

4

Aanvullende bezuinigingen (hefboom 4)

Op het ogenblik vinden er nog onderzoeken plaats en wordt in kaart gebracht welke maatregelen er in gang gezet kunnen worden om tot de aanvullende bezuinigingen te komen. Ook moet er nog een doorrekening plaatsvinden welke bezuinigingen te realiseren zijn. Een eerste inventarisatie levert de volgende maatregelen op (niet uitputtend):

Een van de belangrijkste aandachtspunten wordt de begrenzing van de inkoopkosten door inzet van budgetplafonds. Gezien de in begroting 2021 gepresenteerde tekorten sociaal domein en werk & inkomen dient door Vlissingen een extra inspanning geleverd te worden om de tekorten te saneren. Dat betekent dat naast de taakstellingen op basis van de bovenstaande maatregelen, waar eventueel ook een extra inspanning wordt gevergd, er bezien dient te worden in hoeverre via de inzet van budgetplafonds op onderdelen van het sociaal domein en werk & inkomen extra bezuinigingen te realiseren zijn. Naar het oordeel van de inspecteur kan een belangrijk deel van de benodigde bezuinigingen om het tekort sociaal domein en werk & inkomen te saneren, gerealiseerd worden door budgetplafond(s). Budgetplafonds leiden ertoe dat gemeenten meer grip en regie krijgen op zorguitgaven. De inspecteur is van oordeel dat het hanteren van een budgetplafonds op onderdelen van het sociaal domein en werk & inkomen niet per definitie strijdig is met wettelijke kaders en de op de gemeenten rustende zorgplicht. Het budgetplafond kan een prikkel vormen voor de aanbieder van zorg om de zorg op een zo efficiënt mogelijke wijze te verlenen. Daarmee kunnen de kosten dalen zonder dat daarbij de zorgplicht van de gemeente in het geding hoeft te komen.

Gezien de maatschappelijke kosten van de zorg en de huidige tekorten bij Vlissingen is het ontbreken van zo’n prikkel ongewenst en dienen er budgetplafonds te worden ingesteld, waarbij de totale som van de budgetten van alle dienstverleners op het vlak van het sociaal domein en werk & inkomen hier niet boven uit kan stijgen. Taakstelling maatregel 4: Aanvullende bezuinigingen 2021 e.v. (bedragen x € 1.000) Onderdeel

2021

2022

2023

2024

2.000

2.000

2.000

2.000

omzetten van huishoudelijke hulp naar een algemene voorziening; korting op en geen indexering van diverse subsidies; verlaging van het tarief informele zorg, nadere afspraken op inkoop en contractbeheer (o.m. budgetplafonds); bewust sturen op terugdringen fraude en handhaving; check op wat inkomensafhankelijk gemaakt kan worden; maximering aantal vergoede behandelingen voor vaktherapie; controle gebruikersbestand en tariefsverhoging doelgroepenvervoer; inzetten geld voor onderwijsachterstanden; geen mantelzorgwaardering meer voor iedereen; inzet naaste familie via minimumloon; handhaven collectieve zorgverzekering gemeenten; versoberen Wmo-hulpmiddelen; begrenzing via nieuwe verordening Wmo en Jeugd. Totaal (circa…)

ANISSA BOUZIANI-AKDIM Plan van Aanpak art. 12 / Projectjaar 2021 / versie 4 december 2020

20

(Tabel nog ‘tunen’ met paragraaf 4.2. op basis van definitieve keuzes door het college) 4.1

Opdracht en context

De voorgaande infrastructurele voorstellen zijn drie belangrijke hefbomen voor verandering die leiden tot structurele kostenvermindering in het sociaal domein. Daarnaast zullen ook – als vierde hefboom - de uitgaven op de actuele producten en diensten verminderd moeten worden. Voorbeelden zijn de huishoudelijke hulp, geen indexering van de subsidies, versobering van het aanbod WMO hulpmiddelen, beperking van de behandeltermijnen, enzovoorts. In het voorstel ‘Aanvullende bezuinigingen’ is een niet-uitputtende reeks van mogelijke ingrepen opgenomen. Waar mogelijk zetten we onmiddellijk in op besparingen, waar eerst enig onderzoek nodig is – bijvoorbeeld naar de mogelijkheden onder de lopende contracten of het verbreken daarvan – wordt direct een onderzoek opgestart. 4.2

(deel) projecten en activiteiten

Aanvullende bezuinigingen Huishoudelijke hulp.  Terugdringing kosten realiseren door middel van financieel technische ingrepen zoals populatie-bekostiging.  Meer efficiënte verdeling van de vraag over de verschillende vormen van huishoudelijke hulp (HH1, HH2, HH3). Subsidielasten.  Geen indexering van de subsidies voor 2022  10% doelmatigheidskorting op de subsidies voor 2022. Verlaging tarieven en vergoedingen.  Het uurtarief informele zorg vaststellen op basis van het wettelijk minimumloon (WML)  Beperken van mantelzorg waardering. Verhoging tarieven en eigen bijdragen.  Tariefsverhoging doelgroepenvervoer  Toets op inkomensafhankelijkheid Inkoopstrategie en contractbeheer.  Inkoopstrategie als startpunt (vergelijkbaar met sturingsinstrument begroting)  Werken met Budgetplafonds  Aanscherping van inkoopvoorwaarden,  Inkoop samengestelde producten (integraliteit),  Betere verantwoording, Maximalisering aantal behandelingen bij fysio- en psychotherapie.  Monitoren van gebruiksfrequentie,  Beperken doorlooptijd/duur  Tussentijdse evaluaties. Dekking uitvoeringskosten uit doelbudgetten.  Re-integratie budget  Budget onderwijsachterstanden

ANISSA BOUZIANI-AKDIM Plan van Aanpak art. 12 / Projectjaar 2021 / versie 4 december 2020

21

 enzovoorts. Aanscherping toekenningsvoorwaarden  Verordening  Beleidsregels Beleidsombuigingen in (collectieve) voorzieningen  Heroverweging op de collectieve ziektekostenverzekering  Versoberen WMO hulpmiddelen

4.3

Stand van zaken

Gesignaleerde knelpunten:

ANISSA BOUZIANI-AKDIM Plan van Aanpak art. 12 / Projectjaar 2021 / versie 4 december 2020

22

5

Dashboard en Informatiebeleid in het sociaal domein (hefboom 5)

5.1

Opdracht en context

Binnen het sociaal domein is er een sterke behoefte aan sturingsinformatie. Er moet één plek zijn waar informatie uit verschillende bronnen bondig en gestructureerd gepresenteerd wordt. Een oplossing die in deze behoefte kan voorzien is een zogenaamde business intelligence omgeving. Een dashboard voor het sociaal domein waarop alle relevante cijfers gepresenteerd worden. Een BI-tool is software die is ontworpen om gegevens voor business intelligence op te halen, te transformeren en te rapporteren. Het sturingsinstrument moet voorzien in sturingsinformatie op verschillende niveaus: wethouders moeten geïnformeerd worden, beleidsmedewerkers moeten hun informatie hier kunnen halen zodat er meer grip komt op de kosten in het sociaal domein en raadsleden moeten dit instrument kunnen gebruiken om hun controlerende rol te kunnen vervullen. Het is wenselijk dat het sturingsinstrument zoveel mogelijk geautomatiseerd gevuld wordt, zo kan de beperkte beschikbare capaciteit van betrokken medewerkers zo optimaal mogelijk ingezet worden. Bovendien wordt er op die manier voorkomen dat er door menselijk handelen fouten in de gepresenteerde cijfers sluipen.

5.2

(deel) projecten en activiteiten 

Integrale beleidskaders, aansluitend op de gemeentelijke beleidskaders, als grondslag voor het op te zetten monitoringssysteem in het SD, voor o.m. financieel beheer en planning.

Inrichting van een dasboard SD

1-1-2021 wordt gestart met de bouw van een dashboard. De voorbereidingen vinden in Q4 2020 plaats. Het dashboard zal continu in ontwikkeling zijn. Beheer van het datawarehouse en het dashboard ligt bij de I&A samenwerking van de gemeente Vlissingen. Twee zaken moeten gerealiseerd worden om een dashboard goed te kunnen laten functioneren. Allereerst moet er bepaald worden wat in het dashboard getoond moet worden. Hiervoor stellen we een lijst met indicatoren op en we vermelden de wijze waarop dit gepresenteerd moet worden. Voorbeeld:  Aantal cliënten Wmo per jaar – figuur staafdiagram  Aantal cliënten Jeugdhulp per jaar – figuur staafdiagram  Kosten Wmo per jaar – figuur staafdiagram  Kosten Jeugdhulp per jaar – figuur staafdiagram  Benutte ruimte begroting Wmo – figuur 100% gestapelde staafdiagram  Benutte ruimte begroting Jeugdhulp – figuur 100% gestapelde staafdiagram

ANISSA BOUZIANI-AKDIM Plan van Aanpak art. 12 / Projectjaar 2021 / versie 4 december 2020

23

•Wmo gegevens •Jeugdhulp gegevens •Werk & inkomen gegevens •...

Datawarehouse •Bestanden worden op 1 plek opgeslagen •Dit gebeurt volgens een vaste indeling

Data

•De gegevens worden automatisch uit het DWH opgehaald. •De gegevens worden gevisualiseerd gepresenteerd in het dashbaord.

Dashboard

Ten tweede moet het technische landschap zo ingericht worden dat het dashboard gevuld kan worden met data. Er zijn op dit moment verschillende vindplaatsen van de bronnen die het dashboard moeten vullen. De informatie van deze bronnen wordt handmatig op de juiste plaats gezet, er worden analyses gedaan en de uitkomsten worden vervolgens handmatig bij elkaar gezet en opgeslagen. Er moet een datawarehouse ingericht worden waar de data vanuit de verschillende bronsystemen opgeslagen wordt. Het dashboard kan vervolgens automatisch gevuld worden met deze data. Zowel het vullen van het datawarehouse als het vullen van het dashboard kan geautomatiseerd op vooraf vastgestelde tijdstippen plaatsvinden. Een BI-tool kan zorgen voor het presenteren van de data op een dashboard. In de wereld waarin technologische ontwikkelingen elkaar in hoog tempo opvolgen en de wensen van de gebruiker steeds weer veranderen is het zeer belangrijk dat er gewerkt wordt met een dynamisch systeem. Bovendien kan het dashboard een aantrekkingskracht hebben dat zorgt voor uitbreiding van de onderwerpen die in her dashboard gepresenteerd worden. Gelet op de hoge mate van vertrouwelijkheid van de gegevens dient er voldoende aandacht te worden besteed aan de beveiliging van de ingezette datacommunicatiekanalen en de (tussentijdse) data opslag.

Stappenplan BI-tool/dashboard sociaal domein:  Informatiebehoefte vaststellen, indicatoren en bronnen bepalen  In beeld brengen welke informatie in het dashboard terug moet komen  Toetsen van het dashboard bij wethouder(s) en beleidsmedewerkers  Verzamelen en verwerken van data  Presenteren van de eerste conceptversie van het handmatig gevulde dashboard

ANISSA BOUZIANI-AKDIM Plan van Aanpak art. 12 / Projectjaar 2021 / versie 4 december 2020

24

    

Actualiseren en bijschaven van het handmatig gevulde dashboard BI-tool in gebruik nemen Inrichten van een geautomatiseerd dashboard (BI-tool) Inrichten van een geautomatiseerd datawarehouse Koppelen van het datawarehouse met de BI-tool

In 2021 wordt een uitvoeringsprogramma behorend bij de Ontwikkelagenda sociaal domein opgesteld. Dit uitvoeringsprogramma zal ook kritische prestatie indicatoren (KPI’s) bevatten, waarmee we willen meten in hoeverre we de targets en doelstellingen halen. Deze KPI’s zullen toegevoegd worden aan het dashboard. Het is echter afhankelijk van het moment waarop het uitvoeringsprogramma vastgesteld wordt wanneer dit aan het dashboard toegevoegd kan worden. Vanaf het moment dat stap 4 gereed is kan dit maandelijks opnieuw plaatsvinden. Het is belangrijk dat het dashboard in gebruik genomen wordt, daarom ook maandelijks met elkaar (digitaal) overleggen wat de stand van zaken is en welke aanpassingen er gedaan moeten worden. Tijdspad

Actie

5.3

2020 Week 45 1

46 2

47 3

48 3

49 4

50 4

51

52

2021 Week 1 en verder 5 t/m 8

Stand van zaken 1.

2.  

Opstarten van een intern proces voor het formuleren van informatiebeleid, vanuit het perspectief van de Ontwikkelagenda en de ambities van het PvA art. 12, waarbij de kernthema’s voor het informatiebeleid worden vastgesteld. Ontwerp een managementinformatie model dat het volgende zichtbaar maakt: De uitgaven en de daaraan verbonden beleidsdoelen (kwalitatief en kwantitatief); De uitgaven en de daarop betrekking hebbende geleverde producten (kwalitatief en kwantitatief).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11555438/1