CConstaterende datVlieland
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarrekening 2024 Gemeente Vlieland

Raadsvergadering 7 juli 2025, gemeente VlielandBij agendapunt: Jaarrekening 2024 gemeente Vlieland30.432 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

90

Paragraaf 4: Financiering Het doel van deze paragraaf is om de raad te informeren over het financieringsbeleid en de beheersing van financiële risico’s. Anders dan in de paragraaf “weerstandsvermogen” gaat het in de financieringsparagraaf om risico’s die goed kwantificeerbaar zijn. In de paragraaf “weerstandsvermogen” zijn risico’s opgenomen, die door de gemeente beperkt of niet beïnvloedbaar zijn en waarvoor geen voorzieningen zijn getroffen. Voor de financieringsrisico’s kan vooraf wel een inschatting worden gemaakt van de bedragen, die met de verschillende risico’s gemoeid zijn.

Interne ontwikkelingen Voor een goede uitvoering van de financieringsfunctie is het tijdig, juist en volledig beschikbaar hebben van financiële informatie van wezenlijk belang. Hierbij gaat het bij onze gemeente met name om de informatie die betrekking heeft op de liquiditeitsplanning.

Externe ontwikkelingen Een belangrijke factor bij financieringsbeleid is het verwachte verloop van de rente. De rente is in 2024 gestegen, de ontwikkeling van de rente is moeilijk te voorspellen.

Financieren Wij streven ernaar de benodigde leningen tegen zo laag mogelijke kosten aan te trekken en tegelijkertijd de renterisico’s van de gemeente te beheersen. Daartoe wordt bij het afsluiten van leningen rekening gehouden met de bestaande liquiditeitsplanning, de rentevisie en de renterisiconorm. Verwezen wordt naar het financieringsstatuut.

Vaste opgenomen geldleningen Op 31 december 2024 bedraagt de boekwaarde van alle vaste geldleningen € 25.881.500. Het gemiddelde rentepercentage bedroeg 1,32 %. Verstrekte vaste geldleningen en kapitaalverstrekkingen De gemeente heeft aan derden langlopende geldleningen verstrekt. De leningen zijn met één uitzondering rentevast en deels vervroegd aflosbaar. Per 31 december 2024 bedraagt de boekwaarde van alle verstrekte geldleningen € 5.925.648. Het gemiddelde rentepercentage bedroeg 2,6 %. Kasgeld In 2024 zijn geen kasgeldleningen verstrekt.

Rentekosten en opbrengsten In de begroting is rekening gehouden met rentekosten van € 346.967, de werkelijke kosten bedroegen € 347.048. Op onze bankrekeningen wordt inmiddels ook weer rente ontvangen, aangezien onze liquiditeit beter was dan geraamd bracht dit meer op dan geraamd. Deze totale rente opbrengst bedroeg: € 179.341.

Risicobeheer De belangrijkste financiële risico’s bij het uitvoeren van het financieringsbeleid zijn koersrisico’s, renterisico’s en kredietrisico’s. Hieronder wordt weergegeven op welke wijze de gemeente deze risico’s beheerst.

Koersrisicobeheer Door de invoering van de wet schatkistbankieren zijn koersrisico’s niet meer aanwezig. Voor decentrale overheden betekent schatkistbankieren dat zij al hun overtollige middelen aanhouden in de schatkist bij het ministerie van Financiën. Dit houdt in dat geld en vermogen niet langer bij bijvoorbeeld banken buiten de schatkist mogen worden aangehouden. Overtollige middelen mogen alleen in rekening-courant en via deposito’s bij de schatkist worden aangehouden of onderling worden uitgeleend aan andere decentrale overheden.

91

Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet wordt genoemd in de uitvoeringsregeling van de wet Financiering decentrale overheden. Deze limiet stelt een grens aan de korte financiering die gemeenten hanteren voor de financiering van lopende uitgaven om tijdelijke liquiditeitstekorten op te vangen. Een gemeente mag slechts een beperkt deel van de begroting met kort geld financieren. Een langere vastlegging van de geleende middelen zorgt voor een beter voorspelbare rentelast. De bovengrens is gesteld op een bedrag ter grootte van een percentage (8,5%) van het totaal van de jaarbegroting van de gemeente, met een minimum van € 300.000. De Wet Fido geeft aan dat de kasgeldlimiet niet mag worden overschreden. Indien een overschrijding voor het derde achtereenvolgende kwartaal geschiedt, dan dient de toezichthouder daarvan middels een rapportage op de hoogte te worden gebracht en dient een plan te worden overlegd waarin is vermeld hoe de gemeente binnen de kasgeldlimiet blijft. Het geheel is aan goedkeuring onderworpen. De kasgeldlimiet is in 2024 geen drie achteréénvolgende kwartalen overschreden.

Renterisiconorm De gemeente loopt renterisico op het moment dat nieuwe leningen moeten worden aangetrokken (herfinanciering) of als een renteherziening van toepassing is. Om het renterisico te beheersen is in de Wet fido de renterisiconorm geformuleerd. Het doel van deze norm is het voorkomen van een overmatige afhankelijkheid van het renteniveau in één bepaald jaar, ter bescherming van de gemeentelijke financiële positie. Het renterisico is een optelsom van leningen met renteherziening en aflossingen.

Hoe wordt de rente verdeeld? De rentekosten worden m.b.v. de activastaat toegerekend aan de taakvelden op basis van een omslagrente. Hierbij worden de totale rentekosten eerst gecorrigeerd met de doorgeleende geldleningen en de project gebonden financieringen. In 2024 bleek dat het aan de taakvelden toe te rekenen bedrag omslagrente negatief was, daarom is in 2024 geen rente aan de taakvelden toegerekend.

Kredietrisico’s De gemeente heeft in 2024 slechts in zeer beperkte mate te maken gehad met kredietrisico. Deze hebben onder andere betrekking op de uitzettingen in het kader van de publieke taak. Het gaat om de volgende uitgezette leningen;

92

Geldnemer

Restschuld per 31-12-2024

Stichting Duinwijck gasvrij*

€ 200.000 € 162.500 € 18.333 € 165.000 € 504.643 € 4.655.172 € 220.000

Totaal

€ 5.925.648

Stichting Recreatiebelangen Vlieland Stichting Flidunen Tennisvereniging Energie coöperatie Stichting Recreatiebelangen Vlieland Stichting Recreatiebelangen Vlieland

* In de balans is een desinvestering op deze leningen doorgevoerd van € 120.000. Aan de lening op zichzelf verandert dit niets er wordt alleen voorzichtigheidshalve rekening gehouden met de moeilijke positie waarin zich de stichting bevindt.

93

Paragraaf 5: Bedrijfsvoering Inleiding De bedrijfsvoering bestaat uit de onderdelen personeel & organisatie, financiën, informatisering & automatisering en huisvesting. Het doel van deze paragraaf is het inzichtelijk maken aan de gemeenteraad van de ontwikkelingen in de bedrijfsvoering.

Algemeen De algemene leiding ligt bij de gemeentesecretaris/algemeen directeur die tevens leidinggevende is van het team Beleid. Bij afwezigheid wordt hij vervangen door de loco-secretaris/adjunct directeur. Naast het team Beleid zijn er de teams Uitvoering & Ondersteuning en de Buitendienst elk met een eigen teamleider. Deze twee leidinggevenden en de gemeentesecretaris vormen te samen het MT dat eens in de maand bijeen komt. De teams Beleid en Uitvoering & Ondersteuning, inclusief de teamleider Buitendienst, zijn wekelijks bij elkaar gekomen in het zogenaamde Breed Teamoverleg. Hier is een terugkoppeling gegeven van de behandelde zaken in het college en zijn overige lopende zaken besproken. De algemeen directeur heeft maandelijks de Buitendienst bezocht voor een afstemmingsoverleg. Daarnaast zijn er bilaterale overleggen tussen individuele medewerkers en hun leidinggevenden geweest. Ook is er op thema’s/onderwerpen/projecten samengewerkt in wisselende samenstellingen.

Samenwerking Waddeneilanden De eilanden zijn beter in staat invulling te geven aan de programma’s/speerpunten die vanuit de samenwerking gevoed worden. De samenwerking is vastgelegd in een Gemeenschappelijke Regeling. Tevens is het samenwerkingsverband een convenant overeengekomen met het ministerie van Binnenlandse Zaken en de Provincies Noord-Holland en Friesland. Het convenant beschrijft de samenwerking en verzekert de bestuurlijke zelfstandigheid van de eilanden voor de komende jaren. Nadere toelichting over de werkzaamheden in het samenwerkingsverband vindt u bij het programma Algemeen Bestuur en bij de paragraaf Verbonden Partijen.

Personeel en organisatie Ook in 2024 is er verloop geweest in het personeelsbestand. Op enig moment waren wij in gelukkige omstandigheid dat er geen vacatures open stonden. In tijden van grote krapte op de arbeidsmarkt was dat een luxe omstandigheid. Helaas hebben we dat niet tot op het eind van jaar kunnen volhouden. Rond de jaarwisseling stonden er drie vacatures open. In 2024 is een start gemaakt met het actualiseren van het strategisch personeelsplan, dat in 2025 tot een afronding moet komen. Doel hiervan is om voorbereid te zijn op de ontwikkelingen die op ons af komen. De reeds eerder genoemde krapte op de arbeidsmarkt is ook Wadden breed en Friesland breed punt van aandacht, waarbij ook gekeken is en wordt naar het gezamenlijk optrekken.

Rechtmatigheidsverantwoording Gemeenten moeten in de financiële verslaglegging niet alleen de verantwoording afleggen over het aspect getrouwheid (kloppen de cijfers), maar ook over het aspect rechtmatigheid (zijn de cijfers volgens de geldende regels tot stand gekomen). Met ingang van het boekjaar 2023 ligt de verantwoording voor het aspect rechtmatigheid bij het college van burgemeester en wethouders. De invoering van deze verantwoording verloopt gefaseerd. Op 26 februari 2024 heeft de gemeenteraad van de gemeente Vlieland de nieuwe financiële verordening voor het jaar 2024 vastgesteld, waarbij zoveel mogelijk naar aansluiting is gezocht naar de model verordening van de VNG. De laatste wijzigingen in dit model waren nodig vanwege de invoering van de rechtmatigheidsverklaring door het college. Uit deze nieuwe financiële verordening vloeide voort dat het college een treasurystatuut moest opstellen, dit statuut is daarom ook gelijk vernieuwd en eveneens vastgesteld door de gemeenteraad van de Gemeente Vlieland in haar vergadering van 26 februari 2024.

94

Externe en interne controle Er vinden op verschillende aspecten controles plaats. Bij de jaarrekening dient de accountant een oordeel over de getrouwheid te geven. De controle rechtmatigheid wordt voor wat betreft de belastinginkomsten door de gemeente Leeuwarden uitgevoerd. De overige controles worden intern gedaan. Het resultaat van dit traject is dat wij op het gebied van de financiële rechtmatigheid inzichtelijk hebben hoe wij presteren in de zin van weten waar het goed gaat en waar nog verbeteringen moeten worden doorgevoerd. Naar aanleiding van de controles wordt steeds gewerkt aan verbetering, medewerkers worden zich er bijvoorbeeld van bewust welke controlemogelijkheden zij voor hun eigen werkzaamheden kunnen uitvoeren.

Interne controle Het college komt tot haar mening omdat ze jaarlijks, op basis van het vastgestelde plan interne controle, expliciet onderzoek laat doen naar de rechtmatigheid van haar beheershandelingen. Ook dit jaar zijn deze controlewerkzaamheden volledig uitgevoerd en gedocumenteerd vastgelegd. Over detailbevindingen is intern op managementniveau gerapporteerd; waar nodig zijn of worden corrigerende maatregelen genomen. Zoals afgesproken in de financiële verordening wordt in deze paragraaf gerapporteerd over de belangrijke bevindingen.

Materiële bevindingen Tijdens de werkzaamheden bij de interne controle zijn de geconstateerde fouten (en onzekerheden) besproken met de verantwoordelijke budgethouders. Uit de interne controles zijn diverse aanbevelingen naar voren gekomen zoals opstellen van procesbeschrijvingen, het ontwikkelen van risicomanagement beleid, het aanleggen van een contractenregister, bewaking van het proces inhuur met name met de overschrijding van de drempelbedragen Europees aanbesteden, aandacht voor dossiervorming en/of ontbrekende documenten en kleine niet materiele fouten. Ook is een concept fraude-risicoanalyse opgesteld in het boekjaar, deze is nog niet vastgesteld. Daarnaast heeft het vastleggen van een prestatieakkoord een prominentere plaats gekregen in het inkoopproces. Daar waar nodig is actie ondernomen en zullen correcties worden doorgevoerd. Vanuit de diverse controles is een actie lijst ontstaan die onderwerp van gesprek zal zijn in de overleggen van de betreffende medewerkers met hun leidinggevenden. Concluderend is na evaluatie vastgesteld dat er geen materiële financiële onrechtmatigheden uit de deelwaarnemingen naar voren zijn gekomen.

Verantwoording over Rechtmatigheid In de jaarrekening is de verantwoording van het college over de rechtmatigheid opgenomen. Daar heeft het college weergegeven dat het totaal van de afwijkingen hoger is dan de met de raad afgesproken grens. Hieronder geven we voor de drie kerncriteria voor rechtmatigheid een toelichting en gaan we specifiek in op de bevindingen bij de begrotingsrechtmatigheid; want daar ligt de oorzaak van de onrechtmatigheden. Achtereenvolgens komen aan de orde: • Het begrotingscriterium • Het voorwaardencriterium • Het M&O-criterium

Begrotingscriterium Beoordeling van overschrijding van de begroting op programma-niveau is volgens de BBV aanwijzingen onderdeel van de rechtmatigheidstoets. Op grond van de Financiële verordening (artikel 5) is bepaald dat het college er zorg voor draagt dat de lasten van de programma’s zoals geautoriseerd in de (gewijzigde) begroting niet worden overschreden. Maar ook niet gerealiseerde baten of kosten onderschrijdingen kunnen voor de raad een belangrijk signaal zijn en moeten aan hen gemeld worden. In het controleprotocol is uitgelegd wanneer een afwijking ten opzichte van de begroting rechtmatig is en wanneer niet. In het algemeen komt het erop neer dat over- en onderschrijdingen onrechtmatig zijn indien ze in strijd zijn met het gemeentelijk beleid. Voor de oordeelsvorming is bovendien van belang in hoeverre hogere lasten worden gecompenseerd door gerelateerde hogere baten. Tot het toetsingskader behoren ook de investeringskredieten. Overschrijdingen op deze kredieten moeten altijd worden toegelicht. Deze toelichting is te vinden in het investeringen overzicht in de toelichting op de balans onder de Materiële Vaste Activa.

95

Volgens de Verordening financieel beleid, beheer en organisatie gemeente Vieland 2024. is het uitgangspunt dat iedere afwijking van de begroting als onrechtmatig wordt beschouwd. Afwijkingen worden als acceptabel aangemerkt in de volgende situaties: a. Er is sprake van een overschrijding waarbij direct gerelateerde inkomsten de overschrijding compenseren. b. Er is sprake van een overschrijding op een open-einde regeling. c. De overschrijding is geautoriseerd door middel van de vaststelling van een tussentijdse rapportage (begrotingswijziging) In het controleprotocol 2023 – 2025 is bovendien opgenomen dat voor de oordeelsvorming van belang is in hoeverre de begrotingsoverschrijding past binnen het door de gemeenteraad geformuleerde beleid. Omdat op basis van de Verordening financieel beleid, beheer en organisatie gemeente Vieland 2024 iedere afwijking van de begroting als onrechtmatig moet worden beschouwd, kan het college voor het begrotingscriterium niet anders concluderen dan dat de verschillende afwijkingen per saldo hoger zijn dan de vastgestelde grens van € 336.000 en daarmee dus onrechtmatig zijn. Het college is van mening dat dit voor een gedeelte te wijten is aan de Verordening financieel beleid, beheer en organisatie gemeente Vieland 2024 die in dit opzicht te streng is opgesteld.

Het college is dan ook voornemens om in overleg met de raad invulling te geven aan werkbare regelgeving op het gebied van het begrotingscriterium zonder te tornen aan het begrotingsrecht van de raad. Daarnaast is ook ontwikkeling van de organisatie nodig op dit gebied, budgethouders moeten zich meer bewust worden van hun taken op het gebied van budgetbeheer. Dit is een groeiproces waarvoor tijd en begeleiding nodig is. Dat afwijkingen van de vastgestelde budgetten als onrechtmatig worden aangemerkt, wil niet zeggen dat er geen passende verklaringen zijn voor de afwijkingen. Daarom worden in het jaarverslag per programma en daarnaast in de jaarrekening in de toelichting op de programmarekening de grootste verschillen ten opzichte van de begroting na wijziging toegelicht. Uit deze toelichting blijkt dat over- of onderschrijdingen van budgetten passen binnen het door de gemeenteraad geformuleerde beleid. Wel is het soms zo dat de uitvoering/afronding van beleid is uitgesteld. Deze budgetten worden in 2025 opnieuw geraamd. Het gaat hier om; • Mantelzorg • Onderzoek huisvesting semi overheid • Omgevingswet • Nieuwe huisstijl • Implementatie nieuw zaaksysteem • Mobiliteit en parkeren De post onvoorzien neemt regelmatig een groot aandeel in het jaarresultaat in. De prognose hiervoor wordt in elke begrotingswijziging aan de raad meegenomen.

Er is veel informatie nodig voor het opstellen van de jaarrekening die pas na de aanlevering van de laatste begrotingswijziging beschikbaar komt. Dit geldt b.v. voor informatie die nodig is voor de berekeningen van wethoudersvoorzieningen of de voorziening verlofsaldo maar ook informatie van verbonden partijen of de gegevens voor de Boswijk komen normaal gesproken pas aan het einde van het 1e kwartaal. De oplegging Forensen- en Toeristenbelasting vindt pas in het 2e kwartaal plaats. En in de decembercirculaire van de algemene uitkering uit het gemeente fonds blijken vaak mee- of tegenvallers die niet meer in een laatste begrotingswijziging verwerkt kunnen worden. Tenslotte komt het ook voor dat besluitvorming te laat plaats vindt om nog te verwerken in een begrotingswijziging. Wat overblijft zijn budget over- of onderschrijdingen die voorkomen hadden kunnen worden door tijdige aanpassingen van de budgetten, de raad had op die manier eerder inzichtelijk kunnen hebben wat de prognose van het jaarresultaat zou zijn. Als voorbeelden van dit soort afwijkingen kunnen genoemd worden; • meeropbrengsten voor leges • lagere salaris of inhuurkosten door vacatures • budgetten die onaangeroerd bleven door de inzet van extra rijkssubsidies

96

• diverse stelposten • budgetten voor de omgevingswet Voor specificaties van de bedragen en de toelichting op de over- of onderschrijdingen wordt verwezen naar de hierboven ook al genoemde toelichtingen per programma in het jaarverslag. In het programma jaarverslag worden per programma de belangrijkste verschillen tussen de begroting na wijziging en de rekening verklaart. In deze overzichten zijn zowel over- als onderschrijdingen van de kosten en baten budgetten genoemd en toegelicht.

Voorwaardencriterium Besteding en inning van gelden door de gemeente zijn aan bepaalde voorwaarden verbonden. Deze voorwaarden liggen vast in wetten en regels van hogere overheden en in de (eigen) gemeentelijke regelgeving. Met de vaststelling van het normenkader en het toetsingskader is bepaald welke (eigen) voorwaarden dit zijn. Belangrijk hierbij is dat de financiële voorwaarden onverkort van toepassing zijn op alle regels. Bij de financiële voorwaarden gaat het bijvoorbeeld om het recht op een subsidie of uitkering (de juiste doelgroep), de hoogte (de juiste berekening) en de duur. Daarnaast zijn er ook niet-financiële voorwaarden, zoals bijvoorbeeld de ingangsdatum van een regel, de termijnen voor aanvragen, gereed meldingen en toekenningen, het nemen van een beslissing door het bevoegde orgaan of de bevoegde persoon en het verkrijgen en bewaren van bewijsstukken. De controle heeft voornamelijk plaatsgevonden op de financiële voorwaarden.

M&O-criterium Onder misbruik (M) wordt verstaan het opzettelijk niet, niet tijdig, onjuist of onvolledig verstrekken van gegevens met als doel ten onrechte (te hoge) subsidies of uitkeringen te verkrijgen of niet dan wel een te laag bedrag aan heffingen aan de overheid te betalen. Onder oneigenlijk gebruik (O) wordt verstaan het volgens de regels van de wet, maar in strijd met de bedoeling van de wet, verkrijgen van (te hoge) subsidies of uitkeringen, alsmede het niet of tot een te laag bedrag betalen van heffingen aan de overheid. De gemeente moet door M&O-beleid en interne procedures de risico’s hiervan beheersen en tot een minimum beperken. Het beperken van risico’s moet worden bereikt door een mix van maatregelen. Bij misbruik (fraude) passen maatregelen als fraudepreventie, controle, fraudeopsporing en sancties. Bij oneigenlijk gebruik (“de mazen van de wet”) passen maatregelen als voorlichting, controle, analyse toepassing en actualisering wet – en regelgeving. Misbruik is onrechtmatig, oneigenlijk gebruik niet. Door de raad is in verschillende verordeningen en besluiten M&O-beleid vastgesteld. Overkoepelend beleid is nog niet aanwezig, maar hier zijn in 2024 wel stappen in gemaakt door het opstellen van een concept fraude risico-analyse. Deze zal formeel worden vastgesteld in 2025.

Aangezien voor bestaande procedures moet worden getoetst in hoeverre deugdelijke maatregelen ter voorkoming van misbruik- en oneigenlijk gebruik zijn genomen, is de vooronderstelling gerechtvaardigd dat binnen de belangrijkste procedures reeds (informeel) adequate maatregelen zijn getroffen ter waarborging van de getrouwheid van de financiële verantwoording. Er is over 2024 niet gebleken dat de vooronderstelling niet klopt. Er zijn ons dan ook geen gevallen van misbruik en oneigenlijk gebruik bekend.

Risico’s In de paragraaf weerstandsvermogen en risico beheersing zijn de belangrijkste risico’s beschreven.

Overige rechtmatigheidsaspecten De overige rechtmatigheidsaspecten bestaan uit de financiële rechtmatigheid en de financiële beheerhandelingen, waarvan het college het rechtmatigheidsaspect niet goed kan overzien. Bij de financiële beheerhandelingen waarvan het college de rechtmatigheidsaspecten niet goed kan overzien moet u denken aan de regels voor inkoop en aanbesteding (waaronder Europese aanbesteding) en staatssteun. In uitzonderlijke gevallen zou het bij de interne controle kunnen leiden tot onduidelijkheden. Deze onduidelijkheden moeten zoveel mogelijk worden voorkomen maar waar deze onverhoopt toch voorkomen zal het college ze binnen een redelijke termijn verhelderen.

97

In de hierboven beschreven situatie vloeit de onduidelijkheid voort uit de complexiteit van de regelgeving en jurisprudentie (en de interpretatie daarvan in concrete situaties) en niet uit het al dan niet zichtbaar toetsen op naleving door de gemeente. In 2024 was geen sprake van onduidelijke situaties tijdens de interne controle. Er heeft in 2024 geen Europese aanbesteding plaatsgevonden. Er hebben zich in 2024 geen vormen van staatssteun voorgedaan

98

Paragraaf 6: Verbonden partijen Vanwege bestuurlijke, beleidsmatige en financiële belangen en mogelijke risico’s is het gewenst dat in de begroting en jaarrekening aandacht wordt besteed aan de verbonden partijen. Een verbonden partij is een derde rechtspersoon, waarbij de gemeente een bestuurlijk en een financieel belang heeft. Verbonden partijen voeren beleid uit voor de gemeente en zijn onder te verdelen in private- en publieke verbonden partijen. Een publiekrechtelijk verbonden partij is in de meeste gevallen opgericht op basis van de Wet gemeenschappelijke regelingen (WGR). De gemeenschappelijke regeling regelt de vertegenwoordiging van de deelnemende gemeente in het bestuur en de financiële aansprakelijkheid van elke gemeente. Bij een faillissement van een gemeenschappelijke regeling zijn de deelnemende gemeenten verantwoordelijk voor een eventueel nadelig saldo. Bij de behandeling van de begroting en begrotingswijzigingen en soms ook bij de jaarrekening hebben de gemeenten de mogelijkheid om hun gevoelens over die stukken kenbaar te maken. Bij privaatrechtelijke verbonden partijen kan het gaan om stichtingen, verenigingen, BV’s en NV’s.

Het college van burgemeester en wethouders kan tot het oprichten van en/of het deelnemen in een privaatrechtelijke rechtspersoon slechts besluiten indien dat in het bijzonder aangewezen moet worden geacht voor de behartiging van het daarmee te dienen openbaar belang (artikel 160, tweede lid, van de Gemeentewet). Voor een dergelijk collegebesluit is goedkeuring van het college van Gedeputeerde Staten nodig (artikel 160, derde lid, van de Gemeentewet). De gemeente Vlieland kent zes publiekrechtelijke verbonden partijen en vier privaatrechtelijke verbonden partijen. Genoemd kan worden dat de gemeente Vlieland middels personele unies van collegeleden in besturen van stichtingen participeert of als voornaamste subsidieverstrekker optreedt, waardoor sprake kan zijn van verbonden partijen. Hieronder wordt in een overzicht weergegeven in welke verbonden partijen de gemeente bestuurlijk en financieel participeert. En ook wie de gemeente vertegenwoordigt bij de diverse regelingen. Daarna worden de verbonden partijen afzonderlijk weergegeven met aanvullende informatie zoals in artikel 15 van Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten wordt voorgeschreven.

99

Overzicht verbonden partijen Bestuurlijk vertegenwoordiger Publiekrechtelijke verbonden partijen, de gemeenschappelijke regeling Sociale Dienst Noord West Fryslân

wethouder M. Vellinga-Beemsterboer

Centrumregeling Sociaal Domein Fryslân

wethouder M. Vellinga-Beemsterboer

Fryske Utfieringstsjinst Miljeu en Omjouwing (FUMO)

burgemeester M. Schrier.

Veiligheidsregio Fryslân

burgemeester M. Schrier

Samenwerkingsverband Waddeneilanden

burgemeester M. Schrier

“Welstandszorg Hûs en Hiem”

wethouder R. de Jong

Privaatrechtelijke verbonden partijen N.V. Afvalsturing Friesland (Omrin);

wethouder R. de Jong

N.V. Fryslân Miljeu Noardwest;

wethouder R. de Jong

Stichting Kredietbank Nederland

burgemeester M. Schrier

N.V. Bank Nederlandse Gemeenten;

burgemeester M. Schrier

Gemeentelijke stichtingen Stichting Flidunen

burgemeester M. Schrier

Stichting Aanloophaven

Wethouder R. de Jong

Stichting Recreatiebelangen Vlieland

wethouder R. de Jong

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Vlieland&id=771b67f5-eb2b-4bf6-8fea-b9a9136dd996