CConstaterende datVlieland
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarrekening 2024 Gemeente Vlieland

Raadsvergadering 7 juli 2025, gemeente VlielandBij agendapunt: Jaarrekening 2024 gemeente Vlieland30.432 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Speerpunt 4 : Het leren werken met de Wet kwaliteitsborging Wat hebben we gedaan in 2024? •

•

De Wet kwaliteitsborging is voor heel 2024 beperkt geweest tot nieuwbouw in Gevolgklasse 1. Uitbreidingen of verbouwingen vallen hier niet onder. Op Vlieland heeft zich welgeteld één situatie voorgedaan waar de Wet kwaliteitsborging van toepassing is geweest, maar die in overleg met de VNG op de reguliere wijze is opgelost. In 2024 zijn wel enkele bouwplannen van start gegaan waar de Wet kwaliteitsborging van toepassing is. Deze bouwplannen moeten de nodige ervaringen opleveren waarmee we de ‘Vlielandse’ wijze van werken met de Wet verder kunnen verfijnen. De ervaring heeft geleerd dat de ‘buitenwacht’ nog de nodige kennis ontbeert, zodat toch nog veel vragen over de Wet bij de gemeente terecht zijn gekomen, daar waar die in de private sector terecht hadden moeten komen.

Speerpunt 5 : Het blijven samenwerken met andere Waddeneilanden en ketenpartners voor wat betreft de implementatie van de Omgevingswet Wat hebben we gedaan in 2024? •

•

•

De provinciale werkgroep om te komen tot een ruimtelijke ‘eilander’ adviescommissie heeft vrijwel het gehele jaar stilgelegen. Het onderzoeksproces dat met elkaar in Friesland is afgesproken, moet nog een begin krijgen. De gemeente Vlieland is aangesloten bij De Friese Aanpak. Er zijn enkele bijeenkomsten bijgewoond, maar de opbrengst daarvan is vooralsnog vrij beperkt. Het is vooral ervaringen uitwisselen met andere gemeenten, waarbij ook hier de uitzonderlijke situatie van de eilanden voortdurend onder de aandacht gebracht moet worden. Regelmatig komen medewerkers van de eilanden samen in een vaste overlegstructuur om gezamenlijk de zaken rondom de Omgevingswet, maar ook Rijks- en provinciale aspecten met elkaar te bespreken.

Speerpunt 6 : Inzet voor de programmalijn “Goed Wonen & Leven” van Programma Waddeneilanden

58

Wat hebben we gedaan in 2024? •

Er is in een regelmatige overlegstructuur deelgenomen aan de werkgroep “Goed Wonen & Leven” ten behoeve van de uitvoering van de Regiodeal. Binnen deze werkgroep zijn inmiddels meerdere projecten gestart, waarvoor voor Vlieland met name de ondersteuning voor de aanpak van oneigenlijke woninggebruik de belangrijkste is. Daarbij is een bijdrage geleverd aan projecten die voortkomen uit bovenstaand programma en zijn de projecten waar nodig Vlieland gebonden gemaakt.

•

Verbonden partijen bij dit programma • • • •

Welstandszorg Hûs en Hiem FUMO Samenwerkingsverband Waddeneilanden (programma Waddeneilanden) Veiligheidsregio Friesland

Kaderstellende nota’s 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.

Programma Wonen 2024 (Tijdelijk) omgevingsplan Vlieland Beleidsregels Recreatiewoningenterrein 2021 Programma Waddeneilanden 2022 Herziene welstandsnota 2018 en aanvullingen Huisvestingsverordening 2020 Legesverordening 2024 https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR730565/1 Beleidswijziging Recreatiewoningenterrein Noordzeeduinen 2024

Wat heeft het gekost? Rekening

Lasten Baten Saldo voor bestemming nadelig Saldo voor bestemming voordelig Toevoeging aan reserve Onttrekking aan reserve Saldo na resultaatbestemming

Begroting voor wijziging 2024

Begroting na wijziging 2024

Rekening

521.107 90.400 -430.707 0 0 0 -430.707

929.519 277.900 -651.619 0 0 0 -651.619

510.450 173.278 -337.172 0 0 0 -337.172

Lasten 401.746 89.539 19.236

Baten 59.365 112.548 0

Saldo -342.381 23.009 -19.236

-72 510.450

1.365 173.278

1.437 -337.172

2024

Samenstelling rekening huidig jaar 800 810 820 830 Totaal

Ruimtelijke ordening Bouw- en woningtoezicht gemeentelijke gebouwen niet voor publieke dienst Volkshuisvesting

59

Investeringen

INV202502 INV202503 INV202504 Totaal

Begroting voor wijziging 2024

Begroting na wijziging 2024

Rekening

0 0 0 0

180.935 332.600 316.465 830.000

180.935 332.601 237.546 751.082

Grond A1371 DS188 Grond A1372 DS 188 opstallen Opstallen A1372 DS 188

2024

Resultaat Belangrijkste verschillen tussen de begroting na wijziging en de jaarrekening

Verschil

Budgetten voor de omgevingswet Deze budgetten moeten in 2025 gedeeltelijk ( € 133.912 )opnieuw geraamd worden. Onderdeel van deze afwijk ing t.o.v. het budget is ook een budget voor de tijdelijk e aanstelling van een junior medewerk er. Uiteindelijk is de tijdelijk e formatie uitbreiding door het vroegtijdige vertrek van medewerk ers niet goed uit de verf gek omen maar bleek ook dat zij zich weinig of niet bezig hielden met de omgevingswet.

€ 259.000

Stads en dorpsvernieuwing In 2024 zijn diverse onderzoek en gedaan cq beleidsnotitities opgesteld; verbouw gemeentehuis, locatie onderzoek huisvesting semi overheid, programma wonen en de woonvisie. Het onderzoek semi overheid loopt nog en dit budget moet daarom deels in 2025 opnieuw geraamd worden.

€ 24.000

Leges omgevingsvergunningen

€ 23.000

Overige verschillen voordelig

€ 8.000

Verschil voor bestemming

€ 314.000

Verschil na bestemming

€ 314.000

Overzicht 2024 Registratie woningzoekenden 2021 2022 2023 2024 Totaal aantal nieuwe inschrijvingen mét economisch-maatschappelijke binding

33

22

22

26

30

20

13

31

Aantal woningzoekenden met een economisch-maatschappelijke binding met Vlieland op 31 december -waarvan al woonachtig in een sociale huurwoning op Vlieland (doorstromers)

167

186

100

104

46

41

8

7

-waarvan woonachtig in eigen woning op Vlieland

44

50

11

7

Aantal voor (her)verhuur beschikbaar gekomen woningen

5

11

8

14

Gemiddeld aantal reacties van economisch-maatschappelijk gebonden woningzoekenden op gepubliceerde woningen

13,7

45,5

25,4

18,9

1

32

2

1

10

nvt

nvt

nvt

Totaal aantal nieuwe inschrijvingen zónder economisch-maatschappelijke binding

Aantal voor (her)verhuur beschikbaar gekomen seniorenwoningen Gemiddeld aantal reacties van economisch-maatschappelijk gebonden woningzoekenden op gepubliceerde seniorenwoningen

60

Toelichting •

•

•

•

•

•

In 2023 is voor het eerst het effect zichtbaar van een regel die in 2020 is ingegaan. De regel dat de inschrijving als woningzoekende wordt beëindigt als de woningzoekende drie jaar lang niet heeft gereageerd op een te huur aangeboden woning. Woningzoekenden zonder economisch maatschappelijke binding komen op grond van de Huisvestingsverordening 2020 niet in aanmerking voor een sociale huurwoning op Vlieland. Zij kunnen zich echter wel inschrijven in de Registratie van Woningzoekenden. Aangegeven wordt hoeveel van de woningzoekenden al in een sociale huurwoning wonen (doorstromers) en hoeveel er een eigen woning bezitten. Een groot deel van de doorstromers en de eigenwoningbezitters hebben geen urgent woonprobleem maar staan 'voor de zekerheid' ingeschreven. Een deel van de woningzoekenden met economisch-maatschappelijke binding is niet actief op zoek, maar is kennelijk naar tevredenheid gehuisvest via de werkgever of woont nog bij de ouders thuis en reageert (nog) niet op te huur aangeboden woningen. In 2022 was het gemiddelde aantal reacties op een woning flink hoger. We constateren dat het aantal reacties hoger is als er meerdere woningen tegelijk worden aangeboden, wat in 2022 een paar keer het geval was. Waarschijnlijk kunnen we hieruit concluderen dat veel woningzoekenden niet reageren op het moment dat ze denken toch nog niet aan de beurt te zijn.

In 2022 is de Boswijk gereed gekomen, dit komt tot uiting in het aantal beschikbaar gekomen seniorenwoningen.

Subsidies Onderstaand overzicht geeft de in 2024 betaalde subsidies binnen programma 8 ten opzichte van de geraamde bedragen weer. Budget

Betaald

Verschil

Omschrijving subsidie

187.500

187.500

0

Start Bouw Impuls, deze subsidie is verkregen van het rijk en doorbetaald voor het realiseren van betaalbare appartementen.

187.500

187.500

0

61

Programma 9: Financiering en Algemene Dekkingsmiddelen Algemeen Het programma Algemene dekkingsmiddelen en financiering gaat over de treasuryfunctie, aandelen, de algemene uitkering uit het gemeentefonds, algemene baten en lasten zoals stelposten voor onvoorzien, de waardering van onroerende zaken (WOZ), de opbrengsten van algemene gemeentelijke belastingen: ozb, baatbelasting, woonforensenbelasting, toeristenbelasting, hondenbelasting, reclamebelasting, precariobelasting, de lasten die betrekking hebben op de heffing en invordering van de hiervoor genoemde belastingen. De onttrekkingen en toevoegingen aan de reserves worden zo veel als mogelijk is verantwoord bij het programma waar de reserve betrekking op heeft. Het gaat om de taakvelden:  0.5 treasury  0.61 OZB woningen  0.62 OZB niet-woningen  0.64 belastingen overig  0.7 algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds  0.8 overige baten en lasten

Wat hebben we bereikt? Speerpunten 1. Actuele beleidstukken financiën 2. Een efficiënte oplegging en inning van toeristenbelasting 3. Volg het proces rondom de herijkingen van het Gemeentefonds.

Speerpunt 1 : Actuele beleidstukken financiën Door middel van verschillende nota’s en verordeningen heeft de raad invloed op het financiële proces bij de gemeente. Deze beleidsstukken moeten actueel gehouden worden.

62

Wat hebben we gedaan in 2024? •

De financiële verordening, het treasurystatuut en de controleverordening en aanverwante beleidsstukken zijn geactualiseerd.

Speerpunt 2 : Een efficiënte oplegging en inning van toeristenbelasting De gemeenten Terschelling en Vlieland wilden samen het heffen en innen van toeristenbelasting efficiënter maken. De belangrijkste reden voor deze omslag was het ontzorgen van de logiesverstrekkers maar zeker ook de wens om een beter en vroeger inzicht in het aantal overnachtingen te krijgen. Een systematiek waarbij heffing kan plaatsvinden bij de toerist/bezoeker zelf en waarbij deze verantwoordelijk is voor het betalen van de belasting bleek op dit moment geen haalbare oplossing voor de gemeente Vlieland.

Wat hebben we gedaan in 2024? •

Wellicht dat het digitale nachtregister wel goede mogelijkheden kan bieden voor het beter inzichtelijk maken van toeristische overnachtingen. Grotere gemeenten doen op dit moment ervaringen op met dit systeem en deze ontwikkelingen hebben wij in 2024 gevolgd.

Speerpunt 3 : Volg het proces rondom de herijkingen van het Gemeentefonds Vanaf 1 januari 2023 wordt een compleet herzien verdeelmodel voor de algemene uitkering uit het Gemeentefonds gebruikt. Het doel van de herziene verdeling is een stabiel verdeelmodel dat zo goed mogelijk aansluit bij de kosten van gemeenten. Het model is geen eindstation en zal continue onderhoud vragen. Op basis van het advies van de ROB en de VNG en de reacties van gemeenten hebben de fondsbeheerders besloten het ingroeipad – het pad waarmee gemeenten naar de nieuwe verdeling ingroeien – te beperken tot 3 jaar. Eind 2025 wordt de invoering van het nieuwe model geëvalueerd. De ROB en VNG zien een verbetering in het nieuwe model ten opzichte van het huidige model, maar benadrukken dat verder onderzoek en continue onderhoud nodig is.

Wat hebben we gedaan in 2024? •

Onze gemeente heeft het proces rondom de verdeling van het Gemeentefonds gevolgd.

Verbonden partijen bij dit programma •

N.V. Bank Nederlandse Gemeenten

Kaderstellende nota’s           

Financiële verordening 2024 Treasury statuut 2024 Controleverordening 2024 Verordening onderzoeken doelmatigheid en doeltreffendheid 2007 Belastingverordeningen 2024 Precario Honden Onroerende zaakbelasting Toeristenbelasting Forensenbelasting Besluit budget beheer 2023 63

Wat heeft het gekost? Rekening

Lasten Baten Saldo voor bestemming nadelig Saldo voor bestemming voordelig Toevoeging aan reserve Onttrekking aan reserve Saldo na resultaatbestemming

Begroting voor wijziging 2024

Begroting na wijziging 2024

Rekening

522.734 7.617.095 0 7.094.361 520.000 641.000 7.215.361

828.432 8.136.605 0 7.308.174 520.000 866.912 7.655.086

1.924.195 8.979.462 0 7.055.267 520.000 625.420 7.160.687

Lasten 177.995 0 130.684

Baten 217.676 5.517.794 168.154

Saldo 39.681 5.517.794 37.470

110.237

6.506

-103.731

0

3.069.331

3.069.331

2.025.279 2.444.195

625.420 9.604.881

-1.399.859 7.160.687

Begroting voor wijziging 2024

Begroting na wijziging 2024

Rekening

0

0

0

2024

Samenstelling rekening huidig jaar 900 920 940 950 970 990 Totaal

Beleggingen en financieringsresultaat Uitkeringen gemeentefonds c.a. Gedetacheerd personeel en werken voor derden Wet WOZ en heffen en invorderen belastingen Gemeentelijke belastingen algemene middelen Mutaties van reserves

Investeringen

Totaal

64

2024

Resultaat Recapitulatie algemene dekkingsmiddelen Begroting voor wijziging 2024

Begroting na wijziging 2024

Rekening 2024

2.877.400

2.915.900

3.069.300

3.900

168.900

39.700

Algemene uitkering

4.591.000

4.907.000

5.517.800

Wet WOZ en heffen invordering belastingen

-123.500

-123.500

-103.700

Onvoorzien

-211.700

-211.700

0

Overige baten en lasten

0

0

0

Gedetacheerd personeel

-9.000

-9.000

37.500

7.128.100

7.647.600

8.560.600

Lokale heffingen Beleggingen en financieringsresultaat

Totaal batig resultaat voor bestemming

Taakveld 0.5 treasury: liquiditeitenbeheer en financiering Door actief budgetbeheer wordt getracht de geldstromen die gemoeid zijn met de uitgaven en de inkomsten zo goed mogelijk te beheersen. Ook in 2024 werd daarbij gewerkt overeenkomstig de geldende budgethoudersregeling en het treasurystatuut.

65

Specificatie berekening rente omslag Werkelijke rente Betaalde rente voor kort- en langlopende leningen -\- Ontvangen rente

347.048 343.232-\-

Totaal

3.816

-\- Rentelast naar grondexploitatie -\- Rentelast naar projectfinanciering +\+ Rentebaten verstrekte leningen met projectfinanciering

0 169.053-\132.000

Per saldo aan taakvelden toe te rekenen werkelijke externe rente

33.237-\-

+\+ Fictieve rentekosten eigen vermogen +\+ Fictieve rentekosten voorzieningen

0 0

Totaal via omslag aan taakvelden toe te rekenen netto rentekosten

33.237-\-

Berekening renteomslag Boekwaarde 1-1 mat., immat. en fin.vaste activa -\- projectgefinancierde en verstrekte leningen

32.841.896 22.686.489-\-

Boekwaarde als grondslag voor renteomslag

10.155.407

Omslagpercentage Aan taakvelden toegerekende rente (objectfinaciering BNG 40.104019, 40.113789 en 40.115023) Aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)

0,3273-\-%

Rente resultaat op het taakveld treasury

169.053 0 33.237-\-

Wanneer de rentebaten hoger zijn dan de rentelasten minus de rechtstreeks aan projecten toe te rekenen rente en ervoor wordt gekozen om geen rente over het eigen vermogen te berekenen, ontstaat er een “negatieve” aan de taakvelden toe te rekenen rente. Dan is er feitelijk geen sprake van een rentelast die aan taakvelden moet worden toegerekend, maar een rentebaat die ontstaat omdat op uitstaande geldleningen en het schatkistbankieren meer rente wordt onvangen dan aan rente op aangetrokken lange en korte financiering wordt betaald. Deze negatieve aan de taakvelden toe te rekenen rente is een resultaat van treasurybeleid en beheer en wordt dan ook niet daadwerkelijk aan de taakvelden toegerekend, maar blijft op het taakveld treasury als baat staan.

66

De gemiddelde rentelast in 2024 op de langlopende leningen bedroeg 1,32%. Dit percentage ontwikkelde zich in de loop der tijd als volgt; 2014 5,02 2015 5,02 2016 3,50 2017 3,18 2018 3,14 2019 3,10 2020 1,75 2021 1,46 2022 1,35 2023 1,32 2024 1,32 De plotseling daling van dit rentepercentage in 2020 heeft vanzelfsprekend te maken met de lening die in 2020 is aangetrokken voor de ontwikkeling van de Boswijk en de aankoop gronden van Staatsbosbeheer. Laten we deze lening en ook de andere projectgebonden leningen buiten beschouwing dan komt het percentage op 2,7% uit.

Dividend Begroting na wijziging 2024 4.000

Rekening 2024

Bank Nederlandse gemeenten

Begroting voor wijziging 2024 4.000

Af: toegerekende rentelasten Totaal

100 3.900

100 3.900

0 6.400

67

6.400

Taakveld 0.6 Lokale heffingen Begroting voor wijziging 2024

Begroting na wijziging 2024

Rekening 2024

Onroerendezaakbelasting niet woning

378.600

385.000

379.200

Onroerdende zaakbelasting woning

331.900

364.000

383.700

400

400

200

Baten Heffingen:

Baatbelasting Woonforensenbelasting Toeristenbelasting Hondenbelasting

233.200

233.200

290.000

1.869.400

1.869.400

1.952.100

17.300

17.300

13.900

Precariobelasting

46.600

46.600

50.300

Totaal heffingen

2.877.400

2.915.900

3.069.400

Opbr. aanmaningen/dwangbevelen

0

0

6.400

SPUK kwijtschelding gedupeerden KOT

0

0

200

2.877.400

2.915.900

3.076.000

Kosten heffing en invordering

73.500

73.500

65.800

Kosten aanslagoplegging en WOZ

50.000

50.000

44.600

Totaal lasten

123.500

123.500

110.400

Batig saldo

2.753.900

2.792.400

2.965.600

Begroting voor wijziging 2024

Begroting na wijziging 2024

Rekening 2024

4.591.000

4.907.000

5.532.457

Overige baten:

Totaal baten Lasten

Taakveld 0.7 Algemene uitkering gemeentefonds

Baten Algemene uitkering 2024 Maatstaf huishouden met laag inkomen nog niet defitief 2024 Algemene uitkering 2023

-/-545.000 23.671

Maatstaf huishouden met laag inkomen definitief 2023 Algemene uitkering 2022

500.000 6.666

Totaal baten

4.591.000

68

4.907.000

5.517.794

De meeropbrengst in 2024 kwam met name door de stijging van de decentralisatieuitkeringen in de december circulaire ten opzichte van de septembercirculaire. Hier was een stijging van € 108.000 te zien, de vetgedrukte uitkeringen in het overzicht hieronder waren uitkeringen die in de decembercirculaire verhoogd werden of nieuw werden toegekend. De decembercirculaire komt te laat om in de laatste begrotingswijziging te worden meegenomen. In 2024 werden de volgende decentralisatieuitkeringen verstrekt: Voorschoolse voorzieningen peuters

2.804

Armoedebestrijding kinderen

2.481

VTH provinciale taken

10.215

Extra capaciteit BOA's

28.565

Invoeringskosten Omgevingswet

55.320

Wet kwaliteitsborging bouw

4.423

Meerkosten Oekraïne sociaal domein

1.463

Wet betaalbare huur

31.726

Veilig wonen

7.062

Gem. antidiscriminatie voorziening

181

Alleenverdieners

9.280

Landelijke aanpak adreskwaliteit

2.454

Natuurbrandpreventie en -mitigatie

72.500

Register externe veiligheidsrisico

10.000

Spreidingswet

20.617

Vangnetregeling energietoelage

1.642

Totaal Decentralisatie-uitkering

260.733

Maatstaf “huishouden met laag inkomen boven drempel” Het nieuwe verdeelmodel algemene uitkering kent een maatstaf “huishouden met laag inkomen met drempel” waarmee veel geld wordt verdeeld: in 2023 landelijk €7,5 miljard, zeg een vijfde van de algemene uitkering. Dat betekent dat relatief kleine veranderingen in de aantallen financieel vrij hard kunnen doorwerken. Een punt voor kleine gemeenten is dat de aantallen op 100-tallen worden afgerond. CBS doet dat om statistische reden. Een preciezere presentatie (in 10-tallen) zou volgens de regels van de statistiek tot schijnnauwkeurigheid leiden. Vlieland zit ‘aan de goede kant van de streep’. Het aantal ging van 100 in septembercirculaire 2023 naar 200 in decembercirculaire 2023. Een kleine verandering in aantallen kan er echter voor zorgen dat de afronding voor een 100 tal lager zorgt. De aantallen die de hoogte van deze uitkering bepaalden in 2023 zijn inmiddels definitief vastgesteld. Het op de balans geplaatste bedrag van € 500.000 voor 2023 onder vooruitontvangen kon daarmee nu in 2024 als opbrengst gerealiseerd worden. Voorzichtigheidshalve is het bedrag voor 2024 (€ 545.000) wel op de balans geplaatst onder vooruitontvangen bedragen van het rijk. De tot nog toe werkelijk ontvangen algemene uitkering in 2024 ligt dus per saldo € 45.000 hoger dan het hierboven gepresenteerde bedrag.

Omdat bij de laatste begrotingswijziging van 2024 het aantal huishoudens met een laag inkomen van 2022 wat de grondslag was voor de uitkering van 2023, nog niet definitief was is hiermee geen rekening gehouden. De totale afwijking ten opzichte van het budget bedraagt daarmee bijna € 611.000 en wordt zoals hierboven geschreven veroorzaakt door extra decentralisatieuitkeringen en deze € 500.000 opbrengst uit 2023.

69

Taakveld 0.8 overige baten en lasten: Gedetacheerd personeel en overige doorberekeningen Begroting voor wijziging 2024

Begroting na wijziging 2024

Rekening 2024

121.900 112.900

121.900 112.900

60.300 97.800

Uren derden en boventallige uren Lasten Baten Overige baten en lasten Lasten Baten

70.400 70.400

Voordelig saldo

37.500

Diverse medewerkers van de gemeente verrichtten werkzaamheden voor andere organisaties, die daarvoor een vergoeding betaalden aan de gemeente: Informatiecentrum De Noordwester, Het Bunkermuseum, Woonfriesland(tuinonderhoud), het samenwerkingsverband De waddeneilanden en de gemeente Terschelling. De afwijking in de lasten komt voornamelijk omdat verschillende detacheringen in 2024 zijn gestopt en omdat ten gunste van dit budget de post dubieuze debiteuren die vorig jaar voor een detachering was opgeboekt nu kon worden afgeboekt.

Diverse stelposten onvoorzien • •

Als stelpost voor algemeen onvoorzien is een bedrag in 2024 opgenomen van € 141.700. Hierop hebben geen begrotingswijzingen plaats gehad gedurende het jaar. Daarnaast is een stelpost voor rentelasten voor een nieuw aan te trekken lening opgenomen. Omdat er nog geen nieuwe geldlening is aangetrokken is deze stelpost niet ingezet en bedraagt deze per 31 december 2024 nog € 70.000.

70

Paragrafen

71

Paragraaf 1: Lokale heffingen In 2024 was 31% van onze inkomsten afkomstig uit lokale heffingen, in 2023 was dit percentage 32%. De lokale heffingen vormen een belangrijke inkomstenbron van de gemeente, die worden opgebracht door de inwoners en de gasten. Deze paragraaf geeft een overzicht van de diverse lokale heffingen en belastingen op hoofdlijnen. Onderstaande overzichten geven inzicht in de ontwikkeling van de opbrengsten en tarieven per heffing. Ten gunste/ten laste van 2024 zijn naar aanleiding van bezwaren nog enkele vermeerderingen en verminderingen van aanslagen toeristenbelasting en forensenbelasting 2023 geboekt.

Werkelijk

Raming

Werkelijk

2023

2024

2024

Onroerende zaakbelasting

722.446

749.000

762.832

Afvalstoffenheffing

335.715

359.500

338.444

Reinigingsrechten

171.464

199.500

194.265

Rioolrechten

190.848

231.500

210.964

Omgevingsvergunning leges

289.375

90.000

112.548

Precariobelasting

41.187

46.600

50.305

Toeristenbelasting

1.597.103

1.869.300

1.952.126

Burgerzaken leges

140.925

112.000

140.077

Begrafenisrechten

13.540

21.000

23.086

Forensenbelasting

294.560

233.200

289.974

Hondenbelasting

14.190

17.300

13.877

409

400

217

3.811.762

3.929.300

4.088.715

Baatbelasting Totaal

onroerende zaakbelasting woningen, eigenaren niet-woningen, eigenaren niet-woningen, niet-eigenaren Afvalstoffenheffing Eenpersoonshuishouden Meerpersoonshuishouden Rioolrechten tarief per 50 3 waterverbruik Precariobelasting tarief per m2 gebruik Toeristenbelasting tarief per dag verblijf Forensenbelasting tarief woning (indien van toepassing) Hondenbelasting tarief per hond (eerste)

72

Tarief 2023

Tarief 2024

0,06667 0,20749 0,19954

0,06616 0,21419 0,20314

€ 255 € 340

€ 266 € 355

€ 55,13

€ 57,88

€ 55,82

€ 58,29

€ 2,11

€ 2,20

€ 1.515,82

€ 1.582,82

€ 83,04

€ 86,71

Ontwikkeling van de lokale lasten Onroerende-zaakbelastingen De onroerende-zaakbelasting (OZB) genereert de op één na hoogste belastingopbrengst. De OZB bestaat uit een eigenarenbelasting (voor zowel woningen als ook niet-woningen) en een gebruikersbelasting (voor alleen niet-woningen). De gemeente bepaalt het belastingbedrag dat belastingplichtigen moeten betalen op basis van de WOZ-waarde van de onroerende zaak. De waarderingsgrondslagen worden jaarlijks, volgens de regels van de Wet Waardering Onroerende Zaken (Wet WOZ), vastgesteld. In 2023 zijn de WOZ-waarden opnieuw bepaald voor het belastingjaar 2024 met als peildatum 1 januari 2023. Begin 2024 zijn de aanslagen gemeentelijke belastingen 2024 met daarop vermeld de WOZ waarde naar de waardepeildatum 1 januari 2023 verzonden. Op Vlieland steeg de gemiddelde WOZ-waarde in 2024 van € 537.000 naar € 560.000 (gemiddelde WOZ waarde zonder recreatie is € 415.000). Het spreekt vanzelf dat door de geringe aantallen verkopen de gemiddelde verkoopprijs op Vlieland niet erg representatief is. Vlieland telt overigens circa 1.033 woningen waarvan er 440 recreatief worden gebruikt. Er zijn 18 belanghebbenden die een bezwaarschrift hebben ingediend tegen de aan hen afgegeven waarde beschikking tijdvak 2024. Deze hebben allemaal betrekking op woningen. Van de 18 bezwaren, zijn er 3 van een No Cure No Pay bureau.

Bij 2 woningen vond er naar aanleiding van het bezwaar aanpassing plaats, en bij 2 een verlaging. Alle bezwaren zijn afgehandeld.

Leges De tarieventabel bij de legesverordening kent 3 titels, te weten; Titel 1. Algemene dienstverlening Titel 2. Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning Titel 3. Dienstverlening vallend onder Europese Dienstenrichtlijn. Er is geen gebruik gemaakt van kruissubsidiëring om kostendekkendheid tussen de onderdelen te bereiken. Uit efficiëntie overwegingen is een aantal jaren geleden besloten sommige algemene dienstverlening gratis te verstrekken. Voor titel 2 wordt conform raadsbesluit gestreefd naar 80% kostendekkendheid en worden kosten voor vooroverleg niet in rekening gebracht, hiermee wordt een stimulering van het vooroverleg beoogd. De afzonderlijke kostendekkendheid van deze onderdelen als ook de integrale kostendekkendheid van deze onderdelen zijn als volgt;

73

Begraafplaatsleges De begraafplaatsleges zijn om historische redenen laag en zeker niet kostendekkend. Van oudsher ondersteunen vrijwilligers van de begrafeniscommissie bij een begrafenis. Dit is een argument geweest om niet te streven naar 100% kostendekkendheid van de gemeentelijke tarieven voor begraafplaatsleges.

Afvalstoffenheffing Met betrekking tot de afvalstoffenheffing is gestreefd naar kostendekkende tarieven tot een niveau van ongeveer 100% (“de vervuiler betaalt”). Het landelijk gemiddelde tarief bedroeg in 2024 voor een meerpersoonshuishouden € 351, zoals in voorgaande tabel aangegeven was dit tarief op Vlieland in 2024 € 355

74

Riool- en waterzorgheffing De aanslagen zijn afhankelijk van het waterverbruik. Er zijn in totaal 960 percelen in de heffing betrokken, waarvan er 96% een tarief opgelegd krijgen van het basistarief van € 57,88 per eenheid van 50m3 waterverbruik (of van een gedeelte van 50m3). Bij een verbruik boven 300m3 per jaar geldt een afwijkende staffel, dit geldt voor 40 percelen. Het landelijk gemiddelde tarief voor rioolrechten was per huishouden in 2024 € 223,00. Deze tarieven zijn niet zo goed te vergelijken met onze tarieven omdat wij uitgaan van het waterverbruik, op basis hiervan liggen onze aanslagen voor huishoudens tussen de € 116 (verbruik tot 100m3) en de € 174 (tot 150m3). Er wordt gebruik gemaakt van een voorziening waardoor schommelingen in de tarieven worden voorkomen.

Lastendruk Jaarlijks wordt door het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (COELO) een onderzoek verricht naar de ontwikkeling van de lokale lasten. Uit de rapportage over 2024 blijkt dat de omvang van de gemeentelijke heffingen in Friesland tot de laagste van Nederland behoort. Bij het onderzoek zijn betrokken de OZB, de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. De gemiddelde woonlasten in Friesland bedragen voor een eenpersoonshuishouden € 782 en voor een meerpersoonshuishouden € 893. De woonlasten op Vlieland bedragen € 735 en € 882. Alle (deel) gemeenten hebben een rangnummer dat aangeeft hoe hoog de woonlasten zijn in vergelijking met andere gemeenten. Nummer 1 heeft hierbij de laagste woonlasten. Het hoogste rangnummer bij koopwoningen voor meerpersoonshuishoudens is 345 voor Vlieland is dit nummer 60.

Kwijtschelding Huishoudens met een inkomen op minimumniveau komen in onze gemeente in aanmerking voor kwijtschelding van lokale belastingen en heffingen. Kwijtschelding wordt verleend op basis van 100% van de bijstandsnorm, waarbij tevens een vermogenstoets plaats heeft. Het kwijtscheldingsbeleid van de gemeente volgt overigens de advisering van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. In 2024 zijn 19 verzoeken om kwijtschelding van de gemeentelijke belastingen ontvangen, 6 daarvan zijn afgewezen, 10 zijn volledig toegekend en 3 zijn gedeeltelijk toegekend. In 2024 werd voor een totaalbedrag van € 4.052,82 gemeentelijke belastingen kwijtgescholden.

75

kwijtschelding gemeentelijke belastingen aantal

bedrag

2014

9

3.808

2015

10

4.818

2016

10

4.442

2017

12

4.287

2018

13

4.108

2019

7

2.850

2020

14

4.934

2021

7

2.782

2022

11

2.359

2023

10

4.037

2024

13

4.053

Toeristenbelasting in aantallen overnachtingen 2019

2020

2021

2022

2023

2024

Vakantie-onderkomens

160.593 104.666 139.219 104.427 113.737 208.937

Hotels/Pensions

131.605 142.757 176.872 168.134 141.029 139.491

Groepsverblijven

7.078

1.013

2.226

2.822

2.822

2.734

Kampeerterreinen

198.335 174.109 199.190 206.753 214.243 208.876

Jachthaven

84.120

Totaal overnachtingen

581.731 486.868 600.083 570.468 552.050 670.507

Afgedragen overzettingen Doeksen (niet eilanders)

214.708 174.140 211.368 211.665 207.174

Waddentaxi

64.323

232

Totaal aantal grondslag

82.576

1.374

88.332

80.219 110.469

419

205.466 193

796.439 661.240 812.825 782.552 759.224 876.166

In 2024 werden door Doeksen nog 395 overzettingen uit voorgaande jaren afgerekend. Dit ontstaat door het verplaatsten van boekingen, het toeristenbelastingtarief wordt door Doeksen dan niet aangepast, wanneer een boeking verplaatst wordt naar een volgend kalenderjaar. De aanslagen moeten in 2024 nog worden opgelegd, vaak zijn na de eerste oplegging nog wat aanpassingen nodig waarvan de resultaten dan in het jaar van oplegging geboekt worden.

76

Paragraaf 2: Weerstandsvermogen en risicobeheersing In het Besluit Begroting en verantwoording provincie en gemeenten wordt het weerstandsvermogen omschreven als de relatie tussen de weerstandscapaciteit van de gemeente en alle risico’s waarvoor geen voorzieningen zijn getroffen. In feite zou het weerstandsvermogen ook kunnen worden omschreven als de mate waarin de gemeente in staat is omvangrijke tegenvallers op te vangen, zonder dat het beleid behoeft te worden aangepast. De weerstandscapaciteit dient dus om de continuïteit van de organisatie te waarborgen.

Incidentele weerstandscapaciteit De incidentele weerstandscapaciteit is het vermogen dat ingezet kan worden om eenmalige tegenvallers op te vangen. In beginsel betreft dit de opstelsom van het vrij aanwendbare deel van de algemene reserves en de stille reserves. In de in 2022 vastgestelde nota reserves en voorzieningen bedraagt de ondergrens van de algemene reserve € 1.000.000. Bij de kadernota 2025 is de ondergrens verhoogd naar € 1.500.000. Op basis van de hieronder vermelde risico inventarisatie zal aan de raad worden voorgesteld de ondergrens opnieuw te verhogen naar € 2.000.000. Op 31 december 2024 bedraagt de algemene reserve € 3.496.693, exclusief het resultaat van 2024. De voeding en de beschikking over de reserve wordt jaarlijks door de gemeenteraad bepaald. Stille reserves zijn er zo goed als niet. In de begroting 2024 was een bedrag van € 141.700 opgenomen op de stelpost onvoorzien. Door middel van begrotingswijzigingen is hier in 2024 niets aan onttrokken. Deze post kon specifiek gebruikt worden voor begrotingswijzigingen die nodig waren door prijsstijgingen.

Structurele weerstandscapaciteit Met de structurele weerstandscapaciteit worden de middelen bedoeld die permanent ingezet kunnen worden om tegenvallers in de lopende exploitatie op te vangen, zonder dat dit ten koste gaat van de uitvoering van bestaande taken. In de begroting 2024 was hiervoor een stelpost structureel onvoorzien opgenomen van € 70.000. De stelpost is bedoeld voor hogere rentelasten voor het aantrekken van een lening in de toekomst. Tenslotte is in een beschouwing over weerstandscapaciteit de vraag naar de flexibiliteit van de kosten van belang. Hoewel strikt genomen niet passend binnen de definitie, omdat het terugbrengen van de kosten (bezuinigen) vaak tevens een beleidswijziging inhoudt, is het beoordelen van (de kosten van) het bestaande beleid bij het opvangen van de gevolgen van onvoorziene lasten als gevolg van risico’s een voor de hand liggende optie. De mogelijkheid om het bestaande beleid om te buigen wordt beïnvloed door de mate van (in)flexibiliteit van de kosten.

Inventarisatie van de risico’s Onderstaand volgt een korte inventarisatie van mogelijke risico’s. Wij hebben getracht deze lijst zo compleet mogelijk te maken. Toch is niet met zekerheid te zeggen of de lijst uitputtend is. Bovendien is het bij de meeste risico’s moeilijk gebleken deze te kwantificeren en te voorzien van een waarschijnlijkheid (kansberekening).

Sociaal Domein Met name de kosten van individuele trajecten in de jeugdzorg vormen voor kleine gemeenten een risico omdat deze kosten van jaar tot jaar zeer kunnen verschillen. De kosten over de laatste drie jaren varieerden van € 66.000 tot € 178.000 en in 2024 laten de voorlopige cijfers een bedrag van € 173.525 zien. Als een jongere intensieve zorg nodig heeft kunnen de kosten oplopen tot € 100.000 per client per jaar. Regelmatig is het ook zo dat deze intensieve zorg langer nodig is dan een jaar. Ook maatwerkvoorzieningen kunnen van jaar tot jaar zeer verschillen. Bijvoorbeeld woningaanpassingen vormen een risico voor de gemeente Vlieland. De totale gemeentelijke bijdragen voor woon- vervoers- en rolstoelvoorzieningen varieerden de laatste 4 jaren tussen de € 62.000 en € 183.000. Kosten voor Huishoudelijke

77

hulp lijken nu redelijk constant te zijn en liggen rond de € 70.000. jaarlijks. Een reserve Sociaal Domein heeft de gemeente Vlieland niet. Vanaf de begroting 2025 is wel een stelpost jeugd van € 68.000 opgenomen.

Toeristenbelasting De belangrijkste belastingopbrengst van de gemeente Vlieland is de toeristenbelasting (€ 1.952.126) op een totale opbrengst belastingen van € 4.088.715, dat is 48%). De grondslag van deze opbrengst is gevoelig voor de conjunctuur en afhankelijk van het weer (vooral in de jachthaven en op de kampeerterreinen). Daarnaast bestaat ten aanzien van deze opbrengst het risico dat de grondslag wordt aangetast door structurele ontwikkelingen in de toeristische sector zoals wijzigingen in de vakantiebestemmingen van de gasten.

Zorgwijk De Boswijk Er is een 40-jarige lineaire lening aan gegaan met een vast rentepercentage voor de gehele looptijd. Deze lening bedraagt € 15.084.000. Daarnaast gaat de gemeente er van uit dat het risico van leegstand en dus van huurderving minimaal is en slechts zal bestaan uit mutatieleegstand. Voor de woningen lijkt dat gezien de woningmarkt op Vlieland ook op langere termijn realistisch. De zorgvilla met zeven studio’s is ontworpen uitgaande van de visie in het Visiedocument De Bakens Verzet van “zo gewoon mogelijk wonen”, ook in een intramurale zetting van 7x24-uur zorg. Door een zorgvilla te maken met studio’s zonder de uitstraling van een instellingsgebouw, is de verwachting dat ook bij eventuele wijzigingen van de financiering van de ouderenzorg door de rijksoverheid, het vastgoed goed verhuurbaar blijft. Oftewel dat ook bij een nog verdere extramuralisering door het rijk, de zorgvilla z’n waarde en verhuurmogelijkheden behoudt. Tenslotte gaan we ervan uit dat er ook voor het welzijnsgebouw steeds voldoende huurders zullen zijn die de benodigde opbrengsten genereren. Naast commerciële functies zoals bijvoorbeeld een fysiotherapiepraktijk en een kapper, zal het gebruik overigens voor een belangrijk deel bestaan uit het ouderenwelzijnswerk van de gemeente Vlieland.

Dat betekent dat er vanuit het welzijnsbeleid voldoende middelen beschikbaar moeten zijn om dit gebruik mogelijk te maken. De geprognotiseerde exploitatielasten liggen jaarlijks rond de € 625.000 Al met al een groot project voor de gemeente Vlieland, waar wel wat onzekerheden aan kleven, die zouden kunnen leiden tot negatieve resultaten.

Pensioen- en wachtgeldvoorziening wethouders Op grond van de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers (Appa) heeft een Arbeidsongeschikte burgemeester of wethouder recht op doorbetaling van zijn wedde tot zijn aftreden. Vervolgens is er recht op wachtgeld. Een arbeidsongeschikte wachtgeldgerechtigde kan recht houden op een verlengde uitkering bij arbeidsongeschiktheid. Duurt daarna de arbeidsongeschiktheid van de burgemeester/wethouder/wachtgeldgerechtigde voort? Dan is er recht op een verlenging van de wedde of de wachtgelduitkering naar verhouding van de mate van arbeidsongeschiktheid tot uiterlijk de pensioengerechtigde leeftijd. Door verzekeringsvoorwaarden kan de gemeente in sommige gevallen ondanks een afgesloten arbeidsongeschiktheidsverzekering geconfronteerd worden met extra kosten. Daarnaast heeft de gemeente een voorziening voor het pensioen van wethouders. Grondslagen voor de waardering van deze voorziening zijn een rekenrente die in lijn is met de rente die geldt voor individuele waardeoverdrachten en de sterftetafel GBM/GBV met een leeftijdsterugstelling m/v 5/1 of v/m 3/3. Wijzigingen in rekenrente en sterfte tabel maken soms grote extra toevoegingen aan de voorziening nodig. Voor deze verhogingen van de voorziening is wel een jaarlijks budget opgenomen van € 100.000 maar de gemiddelde jaarlijkse toevoeging over de laatste 6 jaar bedroeg € 188.000.

78

Leningen Geldnemer

Restschuld per 31-12-2024

Stichting Duinwijck gasvrij*

€ 200.000 € 162.500 € 18.333 € 165.000 € 504.643 € 4.655.172 € 220.000

Totaal

€ 5.925.648

Stichting Recreatiebelangen Vlieland Stichting Flidunen Tennisvereniging Energie coöperatie Stichting Recreatiebelangen Vlieland Stichting Recreatiebelangen Vlieland

* In de balans is een desinvestering op deze leningen doorgevoerd van € 120.000. Aan de lening op zichzelf verandert dit niets er wordt alleen voorzichtigheidshalve rekening gehouden met de moeilijke positie waarin zich de stichting bevindt.

Gewaarborgde geldleningen Voor liquiditeitstekorten van de Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid voor de G8 staat de gemeente Vlieland garant tot een bedrag van € 908.000. Bij het instemmen met de koopovereenkomst met WoonFriesland op 11 juli 2011 heeft de gemeenteraad ingestemd met de gemeentelijke achtervangpositie bij het Waarborgfonds Sociale Woningbouw. Leningen van WoonFriesland ter financiering van investeringen in de gemeente Vlieland worden hiermee geborgd tot een bedrag van 10 miljoen. Mocht WoonFriesland zijn leningen niet meer kunnen afbetalen, dan neemt het WSW de betaalverplichtingen over. Als het WSW deze betaalverplichting niet uit eigen vermogen en bij de corporatie te innen obligo kan voldoen moeten Rijk en gemeente ieder voor 50% bijspringen. Op grond van hun rol als achtervanger moeten zij in dat geval renteloze leningen aan het WSW verstrekken.

Ontwikkelingen Naast de hierboven genoemde risico’s zijn er de laatste jaren ook wat ontwikkelingen die voor elke gemeente risico’s met zich meebrengen; Extreme weersomstandigheden zorgen ervoor dat vastgoed kan worden beschadigd. We hebben in het verleden al tornado’s gezien die daken er af rukken, maar ook natheid, droogte en hitte kunnen bijvoorbeeld impact hebben op fundering, schilderwerk, wegen et cetera. Op de langere termijn van 10 jaar wordt dit risico naar verwachting groter. Cyber onveiligheid zal als risico verder toenemen. Beheersmaatregelen zijn hiervoor, in tegenstelling tot het risico hiervoor, eenvoudiger zelf te nemen door een ISMS te implementeren. Inflatie kan de financiële positie van gemeenten bedreigen. We hebben de impact van de energierekening al gezien, maar ook op andere terreinen (onderhoudskosten, nieuwbouw, salarissen, ICT kosten, et cetera) kunnen de kosten sterker stijgen dan verwacht. Het is goed om als gemeenten diverse scenario’s in beeld te hebben en middels simulatie het weerstandsvermogen te bepalen in hoeverre je deze risico’s kunt opvangen.

79

Daarnaast moet ook zeker als risico worden gezien dat er veel onzekerheid bestaat rondom de hoogte van de algemene uitkering uit het gemeente fonds. Ook worden gemeenten vaker geconfronteerd met éénmalige gelden voor structurele taken. Voor de lange termijn begroten is daarom erg lastig geworden. Om het huidige voorzieningen niveau te handhaven, zijn vaak hoge investeringen nodig, of er ruimte is voor deze investeringen is moeilijk te bepalen nu er onzekerheid blijft bestaand over onze grootste inkomensbron, de algemene uitkering. Het is onvermijdbaar, dat wij vanwege deze ontwikkelen onze algemene reserve zullen moeten aanspreken. Voor deze risico’s is in de analyse een bedrag van 1 miljoen opgenomen.

Voor het kwantificeren van de risico’s is gebruik gemaakt van onderstaande tabel;

Ratio weerstandsvermogen = Beschikbare weerstandscapaciteit/Benodigde weerstandscapciteit

Beschikbare weerstandsvermogen Algemene reserve

€ 3.496.693

Benodigde weerstandscapaciteit Op basis van bovenstaande risico-inventarisatie bedraagt het maximaal benodigde bedrag € 2.074.870. Het is echter niet waarschijnlijk dat alle risico’s tegelijk en in hun maximale omvang zullen optreden. Daarom gaan we uit van 90% zekerheid waardoor het bedrag aan benodigde weerstandscapaciteit € 1.867.383 bedraagt.

80

De Ratio weerstandvermogen bedraagt 1,9 dit is conform onderstaande tabel ruim voldoende.

Financiële Kengetallen Kengetallen zijn getallen die de verhouding uitdrukken tussen bepaalde onderdelen van de begroting of de balans en kunnen helpen bij de beoordeling van de financiële positie van gemeenten. Om dit te bereiken is in het Besluit Begroting en Verantwoording op dit onderdeel vastgelegd dat deze paragraaf een aantal kengetallen moet bevatten: 1. Netto schuldquote 2. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen 3. Solvabiliteitsratio 4. Structurele exploitatieruimte 5. Gemeentelijke belastingdruk De financiële positie van een gemeente, dus ook Vlieland, kan nooit op basis van één kengetal beoordeeld worden. Een goede analyse is altijd gebaseerd op een brede blik op de financiële onderdelen, zoals het structurele saldo, de algemene reserve (weerstandsvermogen) en alle kengetallen. De kengetallen (netto) schuldquote en solvabiliteitsratio zijn bij de gemeente Vlieland ruim onvoldoende. De oorzaak hiervoor ligt voornamelijk in een keuze die de gemeente een aantal jaren geleden bewust heeft gemaakt; het bouwen van een zorgwijk voor ouderen. Voor deze investering heeft de gemeente verhoudingsgewijs hoge schulden moeten maken. De netto schuldquote geeft eenvoudig gezegd de mate weer waarin de gemeente haar schulden (rente en aflossing) kan betalen.

De hoge netto schuldquote van de gemeente Vlieland leidt er toe dat de gemeente financieel minder wendbaar is. Doordat een relatief groter deel van de uitgaven ‘vastliggen’ in rente en aflossing, worden de mogelijkheden om te bezuinigen (of andere beleidskeuzes te maken) beperkt. De structurele financiële positie van de gemeente Vlieland is op dit moment goed te noemen. Maar indien de gemeente de komende jaren meer gaat investeren, zal dit een effect hebben op de financiële positie van de gemeente. Bij toekomstige grote investeringen is het effect op de kengetallen netto schuldquote en solvabiliteit daarom van belang.

81

Schuldquote Balans per 31 december

Wat is het? De nettoschuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. De nettoschuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Nu kan er in een gemeente sprake zijn van het doorlenen, door weer aan andere partijen een lening te verstrekken: sportclubs, culturele organisaties, etcetera. Om vervolgens inzicht te krijgen in hoeverre sprake is van doorlenen moet de schuldquote zowel inclusief als exclusief doorgeleende gelden worden weergegeven. Op deze manier ontstaan twee indicatoren:

82

1. De netto schuldquote. 2. De netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen.

Waar is het voor? Deze indicatoren brengen in beeld in hoeverre de netto schulden zich verhouden tot de totale baten (inkomsten) van de gemeente. Hoe hoger het percentage, hoe meer externe financiering de gemeente heeft aangetrokken om de activiteiten (investeringen) te financieren. Ten opzichte van de begroting 2024 hebben een aantal zaken geleid tot een wat positievere schuldquote. De invloed van de hogere liquidemiddelen is daarbij het grootst. Door uitgestelde investeringen is ons banksaldo hoger dan geraamd. Daarnaast waren ook onze baten hoger dan geraamd.

Dit is nodig want? Dit inzicht is uiteraard voor Vlieland zelf van belang, maar het is ook verplicht deze kengetallen in begroting en rekening op te nemen. Samen met de andere vier financiële kengetallen geven ze een beeld van de financiële situatie van de gemeente. De schuldquote is hoog. Dit wordt veroorzaakt door het aantrekken van een lening voor het aankopen van gronden van Staatsbosbeheer en het ontwikkelen van de zorguurt Boswijk. Ook op de solvabiliteitsratio is het aantrekken van deze lening van invloed. Ten opzichte van de begroting is het solvabiliteitscijfer wel beter, wat komt door het hogere eigen vermogen dan begroot.

Solvabiliteitsratio

Wat is het? De solvabiliteitsratio geeft aan welk deel (percentage) van het totaal van wat de gemeente aan geldwaarde heeft (balanstotaal) wordt gevormd door het eigen vermogen.

Waar is het voor? De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is om op de lange termijn aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Met andere woorden: of ze alles kan betalen en of er voldoende geld beschikbaar is.

Dit is nodig want? De solvabiliteitsratio is een veel gebruikt financieel vergelijkingsgetal. Het geeft relatief snel inzicht in de financiële positie van een organisatie en specifiek in de financiering. De stelregel is hierbij: hoe lager de solvabiliteit, hoe minder eigen vermogen de organisatie heeft om eventuele tegenvallers op te vangen of om te investeren.

83

Structurele exploitatieruimte

84

Wat is het? Deze indicator geeft aan of de jaarrekening structureel en reëel (echt) in evenwicht is. Hierbij gaat het om het onderscheid tussen structurele (meerjarige) en incidentele (eenmalige) inkomsten en uitgaven. Voorbeelden van vaste inkomsten zijn de algemene uitkering en eigen belastinginkomsten. Structurele uitgaven zijn bijvoorbeeld de personeelskosten, kapitaallasten en bijdragen aan gemeenschappelijke regelingen. De incidentele inkomsten en uitgaven verschillen per jaar. Bij incidentele lasten of baten gaat het om eenmalige zaken die zich gedurende maximaal drie jaar voordoen.

Waar is het voor? Een begroting waarvan de vaste inkomsten en de vaste uitgaven over meerdere jaren niet veranderen en ongeveer even hoog zijn, is evenwichtiger en zekerder dan een begroting waarin de inkomsten en uitgaven per jaar in hoogte en aard verschillen. Bijvoorbeeld doordat er in het ene jaar inkomsten uit een verkoop zijn en er het jaar daarna niet. Dan is de begroting door de jaren heen afhankelijk van verschillende éénmalige zaken en daarmee zijn er meer onzekerheden. De structurele exploitatieruimte laat zien in hoeverre we structureel middelen beschikbaar hebben voor (noodzakelijk) beleidsinitiatieven.

Dit is nodig want? De begroting moet structureel in evenwicht zijn en de provincie toetst daarop. Het is tevens verplicht dit kengetal in begroting en rekening op te nemen. Samen met de andere vier financiële kengetallen geven ze een beeld van de financiële situatie van de gemeente.

85

Belastingcapaciteit Vaststelling gemeentelijke belastingcapaciteit

2021

2022

2023

2024

Totale woonlasten voor gezin gem. WOZ-waarde

762

784

830

882

Woonlasten landelijk gemiddelde

811

905

942

994

Kengetal vaststelling gem.belastingcapaciteit

94%

87%

88%

89%

Wat is het? De ruimte die een gemeente heeft om haar belastingen te verhogen, wordt vaak gerelateerd aan de totale woonlasten. Het Coelo publiceert ieder jaar deze lasten in de Atlas van de lokale lasten. Onder de woonlasten worden verstaan de OZB, de rioolheffing en reinigingsheffing voor een woning met gemiddelde waarde in die gemeente.

Waar is het voor? De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de belastingdruk in de provincie of gemeente zich verhoudt ten opzichte van het landelijke gemiddelde.

Dit is nodig want? Een belastingcapaciteit van minder dan 100% geeft aan dat er nog ruimte is om belastingtarieven te verhogen.

Grondexploitatie De gemeente Vlieland kent slechts op beperkte schaal grondexploitatie.

86

Paragraaf 3: Onderhoud kapitaalgoederen Het is de bedoeling dat in de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen het beleidskader omtrent het onderhoud van kapitaalgoederen in de openbare ruimte wordt gegeven. Alle kapitaalgoederen dienen onderhouden te worden en dit onderhoud is onder meer bepalend voor de kwaliteit van het voorzieningenniveau in onze gemeente.

Wegen Er is een meerjaren onderhoudsprogramma wegen 2023-2026 vastgesteld door de raad in de raadsvergadering van mei 2022. Bij het opstellen van deze onderhoudsplanning is onderhoud van wegen afgestemd op de vervangingsplanning van de riolen. De voorziening laat tot 2026 een positief saldo zien, daarna bestaat de kans op een tekort, afhankelijk van de dan uit te voeren (grotere) werken. Per 31-12-2024 bedraagt de voorziening € 916.296, geraamd groot onderhoud werd uitgesteld terwijl er wel divers klein onderhoud werd uitgevoerd. Klein onderhoud mag niet ten laste van de voorziening worden gebracht. Hierdoor is de aanwending van de voorziening lager dan geraamd. Buiten het onderhoud wat in Programma 2 onder wegen verder is toegelicht is voor 2024 alleen de voorbereiding van de Kampweg volgens het investeringsplan geraamd. De reconstructie zelf zal naar verwachting in 2025 met een doorloop tot het voorjaar van 2026 plaatsvinden. De start voor de voorbereidingen van de reconstructie van de Kampweg is inmiddels ingezet. Momenteel vindt een onderzoek plaats voor het hergebruik van het asfalt wat vrij zal komen Uw Raad heeft inmiddels een voorkeur van het verhardingstype aangegeven om de nieuwe Kampweg verder vorm te geven. Tot op heden is kleine subsidie verkregen en een tweede aanvraag daarvoor zal binnenkort starten.

Met de (voorzichtig) geraamde kosten voor de Kampweg wordt de voorziening niet belast. De kapitaallasten komen ten laste van de exploitatie. Voor de aanbesteding van de reconstructie zal een separaat raadsvoorstel worden voorgelegd voor de uiteindelijke investering. Na 2026 wordt een aantal grotere werken voorzien, zoals het westelijk deel van de Dorpsstraat, het zuidelijk deel van de Badweg, de Postweg en een volgende onderhoudsbeurt van het fietspad langs de zeereep. Het lange-termijnvooruitzicht van het verloop van de wegenvoorziening wordt na een aantal jaren negatief. Na een nadere analyse voor de lange termijn van de benodigde verwachte onderhoudsinspanningen, zal er de komende jaren moeten worden nagedacht over hoe de wegenvoorziening voldoende op peil blijft.

Rioleringen Op Vlieland is 18,5 kilometer vrijvervalriool aanwezig. Hiervan is 1,4 kilometer ten behoeve van afvoer van hemelwater. De afvoercapaciteit voor het riool voor hemelwater voldoet aan de wettelijke normen voor hevige buien (standaard neerslagsituatie bui 08 van KNMI). De gemeente heeft het riool door laten rekenen, in verband met meer extremer wordend weer, met zowel bui 8 (ca 20 mm in 1 uur) als bui 10 (ruim 35 mm in drie kwartier). Voor toekomstige vernieuwingen gaan we qua dimensionering op basis van deze extremere weerssituaties. In verband met de reconstructie van de dijk zijn met Rijkswaterstaat afspraken gemaakt om de vervanging van de drain in het voetpad c.q. de toekomstige weg onderaan de dijk te vervangen, de duiker voor hemelwaterafvoer te vergroten en de automatische afsluiting te vernieuwen. Ook op deze locatie is de capaciteit van zowel de drain als de doorvoercapaciteit van het hemelwater door de dijk heen rekening gehouden met grotere hoeveelheden regenwater. De voorziening riolering bedraagt per 31 december 2024 € 548.098.

87

Gebouwen Boswijk – Boslaan 1: nieuwbouw zorgbuurt met zorg- en welzijnsgebouw en 36 woningen De gemeente heeft met WoonFriesland afspraken gemaakt voor het onderhoud van de woningen en de installaties. In 2024 zijn er concept- MJOP’s opgesteld voor de woningen, het zorggebouw en het welzijnsgebouw. Deze MJOP’s worden in april 2025 vastgesteld. In 2024 is er periodiek onderhoud aan de WTW’s in de woningen uitgevoerd.

Helihaven – Havenweg 18A De gemeente is eigenaar van de helikopterhaven en -hangar en verhuurt het gebouw aan UMCG Ambulancezorg. Het gehele gebouw is in onderhoud bij de ambulancedienst zelf. Het landingsplatform met verlichting en hekwerken daarentegen is in onderhoud bij de Gemeente, maar maken geen deel uit van dit hoofdstuk. In 2024 zijn wat kleine onderhoudswerkzaamheden verricht.

Gemeentehuis – Dorpsstraat 127 Het energielabel van het gemeentehuis (label D) voldeed niet aan de wettelijke eis voor kantoren. Met oog op het voldoen aan de wet-en regelgeving is een nieuw advies uitgevoerd waaruit bleek dat het energielabel beter was dan verwacht: energielabel A. Dit komt door reeds doorgevoerde werkzaamheden, wijziging in de rekenmethodiek, enkele aspecten die in de eerste rapportage niet of foutief zijn meegenomen. Er is daarom op korte termijn geen noodzaak grootschalige wijzigingen door te voeren vanuit de wettelijke eisen. Wel zijn vanuit comfort en onderhoud diverse onderdelen welke toe zijn aan onderhoud en renovatie. Voor het interieur van het gemeentehuis is een enquête onder medewerkers uitgevoerd om het functioneren van de werkomgeving in kaart te brengen. Deze uitkomsten zijn door een interieurarchitect vertaald naar een ontwerp met een zo minimaal mogelijke financiële impact. Doel is om deze wensen vanuit bedrijfsvoering en noodzakelijk onderhoud te combineren.

Voormalige bibliotheek – Dorpsstraat 152 Dit pand is in 2023 in gebruik genomen door “De Creatieve Werkplaats”. Het mortuarium en de oude Vliering staan leeg, maar deze ruimte is geschikt voor de tijdelijk opslag van spullen. Het eventuele onderhoud is beperkt tot het meest noodzakelijke.

De Jutter – Lutinelaan 3 Aandachtspunt zijn de vloeren, er wordt periodiek een toplaag aangebracht om de vloerbedekking zo lang als mogelijk proberen te behouden. Inspanningen zijn verricht voor het nogmaals aanpassen van de invalidevoorziening, welke zijn afgerond. De oorzaak van de grote lekkage is gevonden. Omdat het een grote impact heeft wat werkzaamheden, maar ook financiën betreft wordt nog gezocht naar een goede oplosing. De verzekeraar werkt hier (deels) aan mee. Ondertussen zijn we in het offerte stadium gekomen voor al het herstel welke in overleg met de verzekeraar plaatsvind. Naar verwachting zullen de werkzaamheden in de vakantieperiode worden uitgevoerd.

Sportcomplex Flidunen – De Uitlegger 2 Het onderhoud, beheer van het gebouw en de technische installatie zijn in beheer van de gemeente. In het voorjaar heeft de jaarlijkse groot onderhoudsronde plaatsgevonden, en is een epoxylaag (coating) over de perrontegels heen aangebracht. Op basis van de samenwerking tussen de stichtingen en de gemeente is er een nulmeting is er een MJOP en conditiescore opgesteld. Afspraken over de verdeling van het onderhoud zijn gemaakt. Het (groot) onderhoud en beheer van het gebouw en de technische installaties blijft vooralsnog eerst nog bij de gemeente. Het pand is in 1992 gebouwd en vertoont tekenen van noodzakelijk onderhoud. Met name het plenum (de kelderbak rondom het zwembad zelf) met de daar aanwezige kabels en leidingen kent problemen door grondwater en luchtvochtigheid. Ook grote uitgaven zijn te verwachten bij het nog verder verduurzamen van het zwembad door onder meer verdere isolatiemaatregelen en de vervanging van het zandfilter systeem. Tenslotte zal te zijner tijd

88

een nieuwe vloer in de sporthal moeten worden aangebracht. Duidelijk is dat de huidige instandhouding van met name de zwembadinstallatie zorgt voor flinke extra kosten. In 2024 is een start gemaakt met de toekomst van het sportcentrum Flidunen door een technisch onderzoek naar de huidige staat en de mogelijke scenario’s qua investeringen. Deze worden in 2025 verder uitgewerkt van kleinschalige verbeteringen tot het volledig nieuw bouwen van het complex. Los van de keuze in deze scenario’s zal in de tussentijd het zwembad moeten blijven functioneren en zullen onverwachte instandhoudingskosten moeten worden afgewogen qua noodzaak en afschrijvingstermijn.

Bezoekerscentrum de Noordwester – Dorpsstraat 150 Voor de Noordwester is een separaat plan gemaakt voor de toekomst van het museum. Investeringen daarvoor zijn nu nog niet bekend evenals de uitvoeringsplanning daarvan. Tot die tijd zal minimaal (summier) onderhoud gepleegd worden aan het gebouw en de installaties. De voorziening onderhoud gebouwen bedraagt op 31 december 2024 € 297.255. Veel groot onderhoud aan de gebouwen werd uitgesteld. Doel is om in 2025 de MJOP’s van de gemeentelijke gebouwen net als bij Boswijk extern uit te besteden om meer gestructureerd inzicht te hebben in de te verwachten jaarlijkse onderhoudskosten.

Openbare Verlichting De (bovengrondse) openbare verlichting is in eigendom en beheer van de gemeente. Dit omvat de masten of palen, armaturen, lichtpunten (lampen) en aansluitpunten in de masten. Het huidige areaal van de gemeente bestaat uit 321 masten en 325 armaturen. In totaal is circa 80% van het totale areaal uitgerust met LED verlichting. Het onderhoud aan de openbare verlichting is volledig uitbesteed aan onderhoudsaannemer CityTec via de coöperatie Openbare Verlichting en Energie Fryslân. OVEF is een samenwerkingsverband tussen Friese gemeenten en de provincie Friesland. De coöperatie heeft één onderhoudsbestek voor het onderhoud van de lichtmasten: schadeafhandelingen, dagelijks en planmatig onderhoud van de masten, het schilderen en schoonmaken van de masten etcetera. Daarnaast heeft de coöperatie een beheerprogramma (Moon) voor het bijhouden van het openbare verlichtingsareaal en het melden van storingen en schades. Ook projecten kunnen ingevoerd worden in Moon. Oude of kapotte armaturen worden structureel vervangen voor standaard LED-armaturen. Vervanging vindt plaats als bij regulier onderhoud een armatuur vervangen blijkt te moeten worden, en als onderdeel van grootschalige reconstructieprojecten van straatwerk- en rioleringswerken. Ook bij nieuwbouwprojecten in de openbare ruimte wordt de openbare verlichting aangepast naar LED verlichting.

Tenslotte worden ook lampen vervangen als ze kapot zijn. In december 2020 is het beleidsplan openbare verlichting ‘donker waar mogelijk, licht waar nodig’ vastgesteld door de raad. Hiermee zijn beleidskaders vastgesteld voor het beheer en onderhoud en de vernieuwing van openbare verlichting, om keuzes te (kunnen) maken om bijvoorbeeld de openbare ruimte meer of minder te verlichten, de huidige verlichting aan te passen en/of te verduurzamen en donkerte als waarde te borgen. Keuzes voor aanpassingen aan de openbare verlichting worden gemaakt volgens het afwegingskader per gebiedstype. In mei 2024 is de meerjarenraming openbare verlichting vastgesteld, als onderdeel van de meerjaren onderhouds-planning (MJOP) wegen. Hierin wordt een prognose gemaakt van de benodigde vervangingsinvesteringen en onderhoudswerkzaamheden van openbare verlichting in de komende tien jaar. Er is gewerkt met vervangingen op basis van leeftijd van masten en armaturen.

Wat is er uitgevoerd in 2024 •

•

Uit het MJOP openbare verlichting volgt dat in 2024 vierendertig armaturen op diverse locaties worden vervangen door LED verlichting. De levering van de nieuwe armaturen heeft vertraging opgelopen zodat de vervanging begin 2025 zal worden uitgevoerd. De lantaarnpaal bij het hek van de autobrug / veerdam is tijdelijk afgekoppeld ivm werken RWS.

89

• • • •

Deze zal teruggeplaatst worden in april 2025. Op de Achteromweg is een lantaarnpaal verplaatst en voorzien van een nieuw LED armatuur. Op het havenplein is een “paddenstoel” (bolderverlichting) verwijderd ivm aansluiting van de nieuwe Waddendijk. In Boswijk is een extra verlichtingspaaltje geplaatst.

Tractie- en overige hulpmiddelen Er is een meerjarenoverzicht van afschrijvingstermijnen en vervangingen. Indien vervanging of uitbreiding noodzakelijk is wordt deze in de begroting opgenomen. Milieu speelt een steeds belangrijke rol in de aanschaf. Voor de toekomst is het streven om op emissievrije voertuigen, machines en gereedschappen over te gaan. De huidige beschikbare emissievrije voertuigen hebben nog redelijk veel beperkingen. De aanschafprijzen van emissievrije voertuigen waren hoog, maar zijn langzaam aan het dalen.

Afval en infra In 2022 is er voor de dienst een nieuw compactvoertuig besteld met daarop een nieuwe zoutstrooier. Eind 2024 is voor het compactvoertuig een sneeuwschuiver besteld. Deze wordt begin 2025 geleverd.

Waterstaatswerken Samen met Stichting Aanloophaven Vlieland (SAV) zijn de gesprekken over de toekomst en onderhoud van de jachthaven geïntensiveerd. De staat van de damwanden, met name in het nieuwe deel, zijn slechter dan verwacht. De financiële buffer van SAV, hoewel goed op peil, voorziet niet in een dergelijk snelle afschrijving. Vervanging van dit deel van de damwanden zal uiterlijk binnen 2 jaar moeten plaatsvinden. In de tussenperiode moet rekening gehouden worden met aanvullende kosten door laswerk en het storten van stortstenen om veiligheid in de haven te waarborgen. Voor wat betreft de dijk op het bedrijventerrein welke in eigendom en beheer is van de gemeente Vlieland is de staat geïnspecteerd en goed bevonden. Wel lopen er gesprekken met het Wetterskip welke de primaire harde keringen gaat overnemen van Rijkswaterstaat. Gemeente Vlieland ziet graag dat de inspectie van deze dijk meegenomen wordt in de inspectie van de primaire keringen om deze belangrijke functie voor het bedrijventerrein langjarig in stand te kunnen houden. De voorziening waterstaatsobjecten bedraagt per 31 december 2024 € 2.133.332. Aan de hand van de wijzigingen in verantwoordelijkheden tussen gemeente en SAV zal het MJOP Waterstaatswerken aangepast dienen te worden. Daarbij is het doel deze 4-jaarlijks vast te stellen inclusief de dan geldende indexatie.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Vlieland&id=771b67f5-eb2b-4bf6-8fea-b9a9136dd996