Begroting 2022 v7 definitief 5okt21.pdf
Tekst van het document
2034 2034 2038 2048 2048 2053 2056
10.000 63.000 62.000 490.000 78.000 540.000 p.m.
25 25 25 40 40 40 40
exploitatie voormalige rijkshaven c.a. veerdam e.o. glooiingen strandovergangen ophogen strandovergang Badhuys diktemetingen damwanden werkhaven salarissen team buitendienst toegerekende rentekosten Kapitaallasten voertuig
12.768
12.608
12.449 13.552
12.289 13.383
10.000 12.600 27.000
10.000 26.000 17.000
10.000 0 26.000 17.000 10.000
10.000 0 24.000 17.000
10.000 0 24.000 17.000
10.000 0 22.000 17.000
21.000 3.000 8.901
21.000 3.000 8.737
10.000 21.000 3.000 8.573
21.000 3.000 8.410
21.000 3.000 8.146
totaal k osten
85.901
118.505
106.182
109.411
146.418
BATEN inkomsten uit erfpacht percelen bedrijventerrein inkomsten uit erfpacht ondergrond meetverblijf mutaties reserve waterstaatsobjecten
6.180 4.583 37.000
6.180 4.583 37.000
6.180 4.583 37.000
6.180 4.583 37.000
6.180 4.583 37.000
totaal baten
47.763
47.763
47.763
47.763
47.763
prognose reserve per 31/12
2.234.816 2.164.074 2.105.655 2.044.008 1.945.353
Investeringen Voorgenomen investeringen voor bovengenoemde kapitaalgoederen vindt u terug in het overzicht investeringen in de financiële begroting.
Programmabegroting 2022
85
Paragraaf 4 Financiering Inleiding In de paragraaf Financiering wordt de financieringsfunctie van de gemeente Vlieland uiteengezet voor de jaren 2022-2025. De uitvoering van de gemeentelijke financieringsfunctie dient plaats te vinden binnen de kaders zoals gesteld in de Wet Financiering Decentrale Overheden (Wet FIDO). Deze financieringsparagraaf is, samen met de financiële verordening en het treasurystatuut, een belangrijk instrument voor het transparant maken en daarmee voor het sturen, beheersen en controleren van de financieringsfunctie. Anders dan in de paragraaf “weerstandsvermogen” gaat het in de financieringsparagraaf om risico’s op het gebied van enkel het financieringsbeleid en die goed kwantificeerbaar zijn. In de paragraaf “weerstandsvermogen” zijn risico’s opgenomen, die door de gemeente beperkt of niet beïnvloedbaar zijn en waarvoor geen voorzieningen zijn getroffen. Voor de financieringsrisico’s kan vooraf wel een inschatting worden gemaakt van de bedragen, die met de verschillende risico’s gemoeid zijn Renteontwikkelingen De rente op de geld- en kapitaalmarkt wordt voornamelijk bepaald door het beleid van de Europese Centrale Bank (ECB). Het belangrijkste rentetarief van de ECB (herfinancieringsrente) is in 2016 verlaagd naar 0% en sindsdien ongewijzigd gebleven.
Naast het beleid van de ECB zijn ook andere macroeconomische effecten van belang voor de renteontwikkeling. De rente bevindt zich nog steeds op een zeer laag niveau. Interne ontwikkelingen Voor een goede uitvoering van de financieringsfunctie is het tijdig, juist en volledig beschikbaar hebben van financiële informatie van wezenlijk belang. Hierbij gaat het bij onze gemeente vooral om de informatie die betrekking heeft op de liquiditeitsplanning. Financieren Wij streven ernaar de benodigde leningen tegen zo laag mogelijke kosten aan te trekken en tegelijkertijd de renterisico’s van de gemeente te beheersen. Daartoe wordt bij het afsluiten van leningen rekening gehouden met de bestaande liquiditeitsplanning, de rentevisie en de renterisiconorm. Bij de financieringsactiviteiten is vooral van belang de investeringsuitgave ten behoeve van de nieuwe Boswijk. Deze investering is, nadat besluitvorming in oktober 2019 heeft plaatsgevonden, gefinancierd als projectfinanciering door het aantrekken in 2020 van een langlopende geldlening van circa € 15 mln. In 2021 is daarnaast een lening van 5 miljoen aangetrokken om door te lenen aan de Stichting Rekreatiebelangen. Op basis van de meerjarenraming 2022 – 2025 zal er in de loop van 2022 opnieuw een lening nodig zijn om de voorgenomen investeringen te kunnen betalen.
Er is een stelpost van € 35.000 opgenomen voor de rentekosten van deze lening. Er wordt geen gebruik gemaakt van derivaten. Overtollige middelen worden uitgezet bij ’ s Rijks schatkist. Vaste opgenomen geldleningen Bij het opmaken van deze begroting zal de boekwaarde op 1 januari 2022 van alle vaste geldleningen € 28.733.587 bedragen. Het gemiddelde rentepercentage is hierbij 1,37%. Verstrekte vaste geldleningen De gemeente heeft aan derden langlopende geldleningen verstrekt. De leningen zijn (deels)rentevast en (deels)vervroegd aflosbaar. Bij het opmaken van deze begroting zal de boekwaarde op 1 januari 2022 van alle verstrekte geldleningen € 6.486.190 bedragen. Het gemiddelde rentepercentage bedraagt 2.7%. Programmabegroting 2022
86
Rentekosten en opbrengsten In de begroting is rekening gehouden met rentekosten van € 386.337. Risicobeheer De belangrijkste financiële risico’s bij het uitvoeren van het financieringsbeleid zijn koersrisico’s, renterisico’s en kredietrisico’s. Hieronder wordt weergegeven op welke wijze de gemeente deze risico’s beheerst. Koersrisicobeheer De koersrisico’s van de onze gemeente zijn zeer beperkt omdat uitsluitend middelen worden uitgezet in vastrentende waarden, zoals deposito's. Door afstemming van de looptijden op de liquiditeitsplanning kunnen deze in principe tot het einde van de looptijd worden aangehouden. Vastrentende waarden garanderen dat op de einddatum de nominale waarde wordt uitgekeerd. Op deze einddatum is dus geen sprake van koersrisico's. Ook de koersschommelingen gedurende de looptijd zijn beperkt, omdat de uitzettingen een relatief korte gemiddelde looptijd hebben. Renterisicobeheer 1. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet geeft het renterisico op de korte termijn weer. Hieronder vallen alle kortlopende financieringen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar. Juist voor de korte termijn geldt dat de renterisico’s aanzienlijk kunnen zijn, gezien de fluctuaties op geldmarkt. De kasgeldlimiet voor onze gemeente bedraagt voor het jaar 2022 8,5% van de begroting. De kasgeldlimiet wordt in het begrotingsjaar naar verwachting niet overschreden.
Dit wordt veroorzaakt doordat investeringen bij voorkeur gefinancierd worden met vreemd vermogen, terwijl de (onderhouds-) voorzieningen en de bestemmingsreserves voor een gedeelte in liquide vorm worden aangehouden. 2. Renterisiconorm De renterisico’s op de vaste schuld worden beperkt door de renterisiconorm. Jaarlijks mogen de renterisico’s uit hoofde van renteherziening en herfinanciering niet hoger zijn dan 20% van het begrotingstotaal. Het doel is op deze wijze spreiding te krijgen in de rentetypische looptijden in de leningenportefeuille waardoor een verandering in de rente vertraagd doorwerkt op de rentelasten. De renterisiconorm zal in 2022 niet worden overschreden. 3. Kredietrisico’s De gemeente zal in het begrotingsjaar slechts in zeer beperkte mate te maken hebben met kredietrisico. Deze hebben onder andere betrekking op de uitzettingen in het kader van de publieke taak. Het gaat om de volgende uitgezette leningen: Geldnemer
Restschuld per 31-12-2021
Restschuld per 31-12-2022
Stichting Rekreatiebelangen Vlieland Stichting Flidunen Tennisvereniging Energie coöperatie Stichting Rekreatiebelangen Vlieland Stichting Rekreatiebelangen Vlieland
€ 350.000 € 211.250 € 32.083 € 220.000 € 672.857 € 5000.000
€ 300.000 € 195.000 € 27.500 € 201.667 € 616.786 € 5.000.000
Totaal
€ 6.486.190
€ 6.340.952
Programmabegroting 2022
87
Rente De rentekosten worden verdeeld over de begrotingsonderdelen naar rato van de boekwaarden van de investeringen die voor die onderdelen in het verleden zijn gedaan. Het rente-omslagpercentage bedraagt in 2021: 1,62 (2021: 1.68%) en is als volgt berekend: Werkelijk 2020 berekening netto rentelast voor omslagrente taakvelden a. de externe rentelasten over de korte en lange financiering
begroting 2021
begroting 2022
begroting 2023
begroting 2024
begroting 2025
251.416
382.291
386.337
366.388
346.967
328.786
-39.773
-59.367
-177.092
-171.566
-161.791
-152.015
saldo werkelijke rentelas ten en rentebaten: financieringskosten
211.643
322.924
209.245
194.821
185.176
176.771
c1. -/- rentelast naar grondexploitatie c2. -/- rentelast naar projectfinanciering c3. +/+ rentebaten verstrekte leningen met projectfinanciering per saldo aan taakvelden toe te rekenen werkelijke externe rente
0 -23.094 23.400 211.950
0 -166.426 20.800 177.298
0 -183.146 141.450 167.548
0 -176.100 138.850 157.571
0 -169.054 132.000 148.122
0 -162.008 125.150 139.913
d1. +/+ fictieve rentekosten eigen vermogen d2. +/+ fictieve rentekosten voorzieningen totaal aan taakvelden excl. treasury toe te rekenen netto rentekosten
0 0 211.950
0 0 177.298
0 0 167.548
0 0 157.571
0 0 148.122
0 0 139.913
11.544.216 -991.667 10.552.549 2,0085% 23.094 211.950
16.171.038 -5.593.405 10.577.633 1,6762% 166.426 177.298
30.946.068 -20.582.726 10.363.342 1,6167% 183.146 167.548
33.852.539 -22.757.060 11.095.479 1,4201% 176.100 157.571
34.233.826 -22.185.282 12.048.545 1,2294% 169.054 148.122
33.437.553 -21.613.502 11.824.052 1,1833% 162.008 139.913
0
0
0
0
0
0
(rentekosten langlopende leningen en r.c., zie KPL100)
b.
-/- de externe rentebaten (BNG, SRV, Tennsclub, Flidunen, zie KPL100)
berekening renteomslag boekwaarde 1-1 mat., immat. en fin. vaste activa -/- projectgefinancierd en verstrekte leningen boekwaarde als grondslag voor renteomslag omslagpercentage e1. aan taakvelden toegerekende rente (objectfinanciering) e2. aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag) f.
renteresultaat op het taakveld treasury
Financiële positie Onze financiële positie wordt bepaald door solvabiliteitsratio, verhoudingsindex schuldpositie, weerstandsratio en EMU-saldo/referentiewaarde. De solvabiliteitsratio, de schuldpositie en weerstandsratio worden toegelicht in de paragraaf weerstandsvermogen. Het EMU-saldo wordt weergegeven en toegelicht in het hoofdstuk Financiële begroting.
Programmabegroting 2022
88
Programmabegroting 2022
89
Paragraaf 5 Bedrijfsvoering Inleiding Het doel van deze paragraaf is het inzichtelijk maken van de bedrijfsvoering aan de gemeenteraad. De bedrijfsvoering bestaat uit de onderdelen personeel & organisatie, financiën, informatisering & automatisering, huisvesting en facilitaire ondersteuning. Het slagen van programma’s hangt in belangrijke mate af van de externe gerichtheid, transparantie en de kwaliteit van de bedrijfsvoering. De bedrijfsvoering is daardoor ook van belang voor de gemeenteraad. De raad zal zich daarom ook een oordeel moeten vormen over de bedrijfsvoering, daarvoor kaders moeten stellen, en het dagelijkse bestuur daarop moeten controleren. De duale verhouding tussen raad en college is van belang bij de rolverdeling tussen beide bestuursorganen voor wat betreft de bedrijfsvoering. De raad stuurt door het formuleren van heldere beleidsdoelen gericht op het realiseren van maatschappelijke effecten en het aangeven van de financiële en beleidsmatige kaders waarbinnen het college moet opereren bij het realiseren van deze maatschappelijke effecten. De actuele thema's en de wijze waarop we hier vanuit de bedrijfsvoering invulling aan geven, lichten we toe in deze paragraaf. Algemeen De algemene leiding ligt bij de gemeentesecretaris/algemeen directeur die tevens leidinggevende is van het team Beleid.
Naast het team Beleid is er een team Ondersteuning en Uitvoering met een eigen leidinggevende, tevens adjunct-directeur en loco secretaris. De algemeen directeur en de adjunctdirecteur vormen samen de directie van de gemeente Vlieland. Het team Buitendienst heeft als derde onderdeel eveneens een eigen leidinggevende. De twee leidinggevenden en de gemeentesecretaris vormen te samen het MT dat maandelijks bijeen komt. Het team beleid bespreekt regelmatig in het werkoverleg beleidszaken. In dit werkoverleg krijgt de bedrijfsvoering concreet gestalte. Het team uitvoering & ondersteuning komt iets minder frequent maar ook regelmatig bij elkaar. Ook is er een wekelijks overleg waarin het team Beleid en het team Uitvoering en Ondersteuning bij elkaar komen om zo nog meer synergie te bewerkstelligen en om een gezamenlijke terugkoppeling te krijgen van de besluiten uit de vergadering van het college van burgemeester en wethouders. De algemeen directeur bezoekt maandelijks de Buitendienst voor een afstemmingsoverleg. Daarnaast zijn er bilaterale overleggen tussen individuele medewerkers en hun leidinggevenden. De raad wordt op de hoogte gehouden van de voortgang van het coalitieakkoord middels een overzicht van de lange termijn agenda. In 2022 zal getracht worden het (nieuwe) coalitieakkoord te vertalen naar een vierjarig college-uitvoeringsprogramma.
Samenwerking Waddeneilanden De eilanden zijn beter in staat invulling te geven aan de programma’s/speerpunten die vanuit de samenwerking gevoed worden. De samenwerking is vastgelegd in een Gemeenschappelijke Regeling. Tevens is het samenwerkingsverband een convenant overeengekomen met het ministerie van Binnenlandse Zaken en de Provincies Noord-Holland en Friesland. Het convenant beschrijft de samenwerking en verzekert de bestuurlijke zelfstandigheid van de eilanden voor de komende jaren. Nadere toelichting over de werkzaamheden in het samenwerkingsverband vindt u bij het programma Algemeen Bestuur en bij de paragraaf Verbonden Partijen Personeel en organisatie De sturingsfilosofie die in 2007 voor de organisatie is vastgesteld, is onverminderd van belang. Enkele basiswaarden daaruit zijn: gerichtheid op het bestuur en op de burger; Programmabegroting 2022
90
resultaatgericht; samenwerking; integraliteit.
In 2021 heeft het college het Strategisch Personeelsplan (SPP) vastgesteld. In 2022 en volgende jaren zal hier uitvoering aan worden gegeven. Speerpunten uit het SPP zijn het verminderen van de werkdruk, het verbeteren van het integraal werken, het opstellen van een nieuwe missie en visie en het opstellen van een wervingsplan in verband met de uitstroom als gevolg pensionering van een aantal medewerkers. Ook in 2021 is de Risico Inventarisatie en Evaluatie (RIE) vastgesteld. De belangrijkste aandachtspunten zijn reeds opgepakt. In de jaren 2022 en volgende zullen de overige aandachtpunten worden opgepakt. Bovendien is hiervoor een systematiek gebruikt die ervoor zorgt dat we telkens een actuele RIE houden, doordat, op basis van voortschrijdend inzicht en nieuwe ontwikkelingen de RIE gevuld wordt en (nieuwe) zaken opgepakt worden. Informatisering en automatisering Sinds 2012 is de automatiseringsomgeving grotendeels ondergebracht bij de gemeente Leeuwarden. Informatiebeveiliging en privacy De overheid werkt steeds meer digitaal. Dat heeft onder andere als voordeel dat diensten deels geautomatiseerd afgehandeld kunnen worden, dat gegevens sneller uitgewisseld kunnen worden, dat de kwaliteit van gegevens sterk is verbeterd en dat de beschikbaarheid van informatie enorm is. Een betrouwbare overheid draagt zorg voor de veiligheid van zijn inwoners, zowel fysiek, als digitaal.
Daarvoor worden maatregelen genomen, wetten en regels opgesteld en aandacht besteed aan bewustwordingscampagnes. In de fysieke leefomgeving zijn we daar aan gewend en bepalen de wetten en regels vaak onze norm. In de digitale omgeving is dat nog niet zo. Daar voelen we ons soms zelfs belemmerd door wetten, regels en maatregelen. Toch is het vanuit het oogpunt van een betrouwbare overheid belangrijk om ook te zorgen voor een veilige digitale omgeving. Om die reden gelden er op Europees en landelijk niveau wetten en regels waar aan voldaan moet worden uit het oogpunt van informatieveiligheid en privacy. De gemeente Vlieland voert die wetten uit en waar nodig worden ze vertaald in specifiek beleid. Vanaf 2020 geldt er een nieuw normenkader voor informatiebeveiliging, de baseline informatiebeveiliging overheid. Voor gegevensbescherming is de Algemene Verordening Gegevensbescherming het wettelijk geldende kader. De gemeente Leeuwarden geeft voor ons uitvoering aan dit beleid. Maatregelen De gemeente heeft een scala aan ICT beveiligingsmaatregelen getroffen om haar informatie- en automatiseringssystemen te beveiligen tegen aanvallen, storingen en calamiteiten. Denk hierbij aan noodvoorzieningen, back-upsystemen en informatiebeveiligingssystemen.
Met het vormgeven van het informatie-en privacybeleid is er ook nadrukkelijk aandacht voor het vastlegging en publicatie van het beleid, bewustwording en naleving. Omgevingswet De beoogde inwerkingtredingsdatum van de Omgevingswet is 1 juli 2022. Bij de daadwerkelijke invoering hiervan spelen mogelijk enkele vragen, zoals: Welk personeel is wel en niet nodig? Zoals we nu kunnen inschatten hebben we geen extra personeel nodig, maar besteden we wel het nodige uit. Enerzijds omdat we dit zelf niet allemaal kunnen (kwantiteit) en anderzijds omdat dit deskundigheid vergt die we niet in huis hebben (specifieke kwaliteit). Hierin zijn wij geen uitzondering, veel gemeenten doen het op deze wijze. Hoe wordt het implementatieproces begeleid? Het proces wordt al meerdere jaren begeleid door een projectgroep in nauwe samenwerking met college en raad. Moeten er medewerkers worden opgeleid? Nee, dat hebben we al gedaan en dat gaat nu mee in het maken van de instrumenten. Wat betekent dit voor ICT? We hebben ICT ondergebracht in Leeuwarden en pakken dit gezamenlijk met de Waddeneilanden op. Wat kost het om de omgevingsdocumenten te ontwikkelen? Programmabegroting 2022
91
Het opstellen van een visie, programma en plan doen we grotendeels zelf en daarmee kunnen we de kosten behoorlijk drukken. In 2020 is een projectbudget toegekend van € 150.000. Zolang het project nog niet is afgerond wordt het bij de jaarrekening vastgestelde restant budget opnieuw geraamd in een volgend boekjaar. Wat zijn de effecten voor de raming van de legesopbrengsten? Dat is nu nog moeilijk in te schatten. De gemeente heft nu heel weinig leges. Pas als we weten hoe het omgevingsplan er uit komt te zien, kunnen we daarover een discussie met het bestuur aangaan en weten we ook hoe het met de leges komt. Al met al liggen we, wat de invoering van de Omgevingswet betreft, als gemeente goed op schema en zien we geen onoverkomelijke obstakels om tot een adequate invoering te komen.
Warmtetransitievisie. Voor de komende jaren zal veel tijd en energie gestoken moeten worden in de uitvoering van de Warmtetransitievisie. Vooruitlopend daarop kan nu al wel gesteld worden dat deze opgaven niet binnen de huidige personele bezetting uitgevoerd kunnen worden. Wat dit exact zal gaan betekenen voor de formatie en/of inhuur is nu nog niet aan te geven. Lopende het komende begrotingsjaar zullen wij u hierover nader adviseren. Huisvesting Vanaf 1 januari 2015 beheert de gemeente Vlieland de gemeentelijke gebouwen weer zelf. Ten behoeve van het onderhoud en beheer is enige jaren geleden een bestemmingsreserve ingesteld. Verwezen wordt tevens naar de paragraaf kapitaalgoederen. Rechtmatigheid De verwachting is, dat met enige vertraging, met ingang van het boekjaar 2022 het college van burgemeester en wethouders via de jaarrekening verantwoording af gaat leggen over rechtmatigheid. De accountant controleert vervolgens de getrouwheid van deze rechtmatigheidsverantwoording en geeft geen separaat accountantsoordeel over de rechtmatigheid meer af.
Programmabegroting 2022
92
Programmabegroting 2022
93
Paragraaf 6 Verbonden partijen Een verbonden partij is een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie waarin de gemeente een bestuurlijk - én een financieel belang heeft. Onder bestuurlijk belang wordt verstaan dat de gemeente zeggenschap heeft, hetzij uit hoofde van vertegenwoordiging in het bestuur hetzij uit hoofde van stemrecht. Het financiële belang is het bedrag dat ter beschikking is gesteld en dat niet verhaalbaar is, of waarvoor aansprakelijkheid bestaat, indien de verbonden partij failliet gaat of haar verplichtingen niet nakomt. In deze paragraaf betreffende verbonden partijen treft u een opsomming aan van organisaties die beschouwd kunnen worden als een verbonden partij. Samenwerkingsverband Waddeneilanden Gemeenschappelijke regeling tussen de vijf Waddeneilanden. Dit is een bestuurlijk overlegplatform en instrument om als gezamenlijke Waddeneilanden contacten te onderhouden met andere overheden. Daarnaast heeft het samenwerkingsverband een belangrijke taak in de onderlinge dienstverlening tussen de eilandgemeenten en bij het gezamenlijk uitvoeren van taken, zoals de uitbesteding van de automatisering aan de gemeente Leeuwarden. Jaarlijks maak de gemeenschappelijke regeling een actieplan voor het komend jaar. Het actieplan voor 2022 is ten tijde van het opstellen van deze begroting nog niet door het bestuur van de gemeenschappelijke regeling vastgesteld.
Belangrijkste (nieuwe) taak voor het Samenwerkingsverband is de ondersteuning bij de verdere concretisering en uitvoering van het Programma Waddeneilanden. Gemeenschappelijke Regeling Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Noardwest Fryslân De gemeenten Harlingen, Terschelling, Vlieland en Waadhoeke werken samen in de gemeenschappelijke regeling (GR) Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Noardwest Fryslân. De Dienst is voor deze gemeenten op het gebied van de Participatiewet, de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (WMO) en de Jeugdwet verantwoordelijk voor: 1. beleidsontwikkeling 2. inkoop en backoffice taken 3. uitvoering van de toegangstaken De gemeenteraden geven vanaf 2016 aan dat ze meer grip en sturingsmogelijkheden willen op belangrijke keuzes in het sociaal domein. Ze willen toe naar een situatie waarbij: 1. de sturing op beleid van het sociaal domein dichter bij de gemeenteraden staat 2. de beleidssamenwerking in Noordwest Friesland gewaarborgd blijft. De gezamenlijke colleges gaven opdracht om te onderzoeken wat dit betekent voor de taakverdeling tussen de gemeenten en de Dienst. De resultaten van dat onderzoek staan in het beslisdocument ‘Sturing sociaal domein Noardwest Fryslân’.
Op basis van dit beslisdocument hebben de gemeenteraden van de vier gemeenten halverwege 2019 ingestemd met of kennisgenomen van de omvorming van de Dienst naar een bedrijfsvoeringsorganisatie (BVO). Dit betekent dat de volgende taken (weer) bij de gemeenten worden belegd: a. Het vaststellen van de begroting voor het sociaal domein b. Het vaststellen van beleid c. Het evalueren van beleid d. De uitvoering van de toegang tot jeugd en Wmo maatwerkvoorzieningen Vooruitlopend op de nieuwe situatie hebben de raden eind 2019 besloten voor beleid in 2020 te starten met een beleidspool om vervolgens in 2021 de beleidscapaciteit te verdelen. Wat de gemeenten Programmabegroting 2022
94
voornemens zijn rondom het onderdeel participatie is afhankelijk van de ontwikkelingen rondom een ander samenwerkingsverband en gedurende de looptijd van dit project wordt helder wat dit voor de omvorming betekent. De taken monitoring beleidsuitvoering, toegang tot inkomensvoorzieningen, beschikken, behandeling van bezwaar en beroep, uitvoering inkoop en contractmanagement, de administratie en het betalen worden taken van de (nieuwe) bedrijfsvoeringsorganisatie. Centrumregeling samenwerking Sociaal Domein Fryslân Het college en de burgemeester van de centrumgemeente voeren voor het college en de burgemeester van de gastgemeenten de beleidsvoorbereiding en de inkoop op de volgende wettelijke taken uit: in het kader van de wettelijk verplichte samenwerking voor de WMO: • beschermd wonen • maatschappelijke opvang en vrouwenopvang • Veilig thuis, waaronder advies- en meldpunt huiselijk geweld en kindermishandeling in het kader van de wettelijk verplichte samenwerking voor de Jeugdwet: • residentiële zorg inclusief gesloten zorg • jeugdbescherming • jeugdreclassering • activiteiten in het preventief justitieel kader voor de jeugdhulp in het kader van de vrijwillige samenwerking voor de Jeugdwet: • spoedeisende zorg • jeugd geestelijke gezondheidszorg • jeugd Algemene wet bijzondere ziektekosten – intramuraal en jeugd Algemene wet bijzondere ziektekosten • pleegzorg In het kader van
de samenwerking op de taak Afspraken Werkbedrijf • Convenant Regionaal Werkbedrijf “Fryslân Werkt! 2016 Naast de beleidsvoorbereiding en de inkoop, verzorgt Leeuwarden het contractmanagement en beheer op bovenstaande gebieden. Vanuit Noordwest verband werken wij samen met Leeuwarden en de andere gemeenten aan het beleid en het inkoopproces op alle bovenstaande taken en zorgen wij zoveel mogelijk dat de lokale en regionale wensen en behoeften gerealiseerd kunnen worden. Veiligheidsregio Friesland (GGD, rampenbestrijding en Regionale Brandweer) Gemeenschappelijke regeling, gevestigd in Leeuwarden. Voert gemeentelijke taken op het gebied van de volksgezondheid, brandweer en rampenbestrijding uit. De regeling heeft tot doel het behartigen van de gemeenschappelijke belangen van de gemeenten op de terreinen van: publieke gezondheidszorg, brandweerzorg, geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen, rampenbestrijding en crisisbeheersing, het bevorderen van de multidisciplinaire samenwerking en coördinatie in de uitvoering van rampenbestrijding en crisisbeheersing, het in stand houden en beheren van een gemeenschappelijke meldkamer.
Gemeenschappelijke regeling Friese Uitvoeringsdienst Milieu en Omgeving (FUMO) Het behartigen van de belangen van de deelnemers bij de uitvoering van taken en bevoegdheden op het gebied van het milieu- en omgevingsrecht in de ruime zin in het algemeen van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht in het bijzonder, alsmede taken en bevoegdheden op het terrein van vergunningverlening, handhaving en toezicht op grond van de in artikel 5.1 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht genoemde wetten. De bijdrage van de gemeente aan deze GR is in 2021 € 70.831,-. Gemeenschappelijke regeling “Welstandszorg Hûs en Hiem” De gemeenschappelijke belangen van de deelnemende gemeenten te behartigen op het gebied van de bouwkundige, stedenbouwkundige en landschappelijke schoonheid in de provincie Friesland.
Programmabegroting 2022
95
N.V. Afvalsturing Friesland (Omrin) Het voorkomen, verwijderen, bewerken en verwerken van het Friese afval conform de voorgeschreven milieudoelstellingen ten zo laag mogelijke kosten. Gemeente Vlieland heeft een aandelenbelang van € 20.420. N.V. Friesland Milieu Noordwest Het komen tot een doelmatige en uit oogpunt van milieuhygiëne verantwoorde uitvoering van milieu- en reinigingstaken. Gemeente Vlieland heeft een aandelenbelang van € 2.265. De aandelen van Fryslân Miljeu NV zijn in handen van 12 Friese gemeenten en 3 Groningse gemeenten. N.V. Gemeenschappelijke Kredietbank Friesland (Stichting Kredietbank Nederland) Financiële dienstverlening aan personen die om wat voor reden dan ook niet bij een reguliere bankinstelling terecht kunnen. N.V. Bank Nederlandse Gemeenten Uitoefening van het bedrijf van bankier ten dienste van overheden. Stemrecht naar rato aandelenbezit. Gemeente Vlieland heeft een aandelenbelang van 3510 aandelen van €2,50 nominaal. Stichting Flidunen De stichting die het zwembad/sporthalcomplex exploiteert. Het betreft een zogenaamde “gemeentelijke stichting”, wat o.a. betekent dat het college van B&W de bestuursleden benoemt en de begroting en de jaarrekening goed moeten keuren. Er is een huurovereenkomst voor het complex, dat in eigendom is bij de gemeente Vlieland.
Indirect is er een financieel belang omdat bij het staken van de activiteiten door de stichting de gemeente als eigenaar de verantwoordelijkheid houdt voor het zwembad/sporthalcomplex. De gemeente heeft ten behoeve van enige investeringen in kwaliteitsverbeteringen aan de stichting een lening verstrekt waarvan de restschuld op 31 december 2021 € 211.250 bedraagt. Stichting Aanloophaven Vlieland De stichting die de aanloophaven exploiteert. Het betreft een zogenaamde “gemeentelijke stichting”, wat o.a. betekent dat het college van B&W de bestuursleden benoemt en de begroting en de jaarrekening goed moeten keuren. Er is een huurovereenkomst voor de havenkom. De stichting ontvangt geen subsidie of bijdrage in een eventueel tekort. De stichting beheert de nieuwe aanloophaven waartoe een nieuwe huurovereenkomst is opgesteld. De stichting is verantwoordelijk voor het beheer, het onderhoud en de vervangingsinvesteringen voor het gehele havencomplex, exclusief de damwand die deel uitmaakt van de overdracht tussen Rijkswaterstaat en de gemeente. Stichting Recreatiebelangen Vlieland De stichting die het kampeerterrein Stortemelk exploiteert. Het betreft een zogenaamde “gemeentelijke stichting”, wat o.a. betekent dat het college van B&W de bestuursleden benoemt en de begroting en de jaarrekening goed moet keuren.
De stichting ontvangt geen structurele subsidie of bijdrage in een eventueel tekort. De gemeente heeft ten behoeve van enige investeringen in kwaliteitsverbeteringen aan de stichting een drietal leningen verstrekt waarvan de restschuld op 31 december 2021 respectievelijk € 350.000, € 672.857 en € 5.000.000 bedragen.
Programmabegroting 2022
96
Overzicht verbonden partijen Bestuurlijk vertegenwoordiger Publiekrechtelijke verbonden partijen, de gemeenschappelijke regeling Sociale Dienst Noord West Fryslân
wethouder E. de Ruijter
Centrumregeling Sociaal Domein Fryslân
wethouder E. de Ruijter
Fryske Utfieringstsjinst Miljeu en Omjouwing (FUMO)
wethouder D. Visser
Veiligheidsregio Fryslân
Burgemeester M. Schrier
Samenwerkingsverband Waddeneilanden
burgemeester M. Schrier
“Welstandszorg Hûs en Hiem” wethouder D. Visser Privaatrechtelijke verbonden partijen N.V. Afvalsturing Friesland (Omrin);
wethouder E. de Ruijter
N.V. Fryslân Miljeu Noardwest;
wethouder E. de Ruijter
N.V. Gemeenschappelijke Kredietbank Friesland (Stichting Kredietbank Nederland)
wethouder D. Visser
N.V. Bank Nederlandse Gemeenten;
wethouder D. Visser
Subsidieverstrekker, verenigingen of stichtingen Stichting Flidunen
wethouder E. de Ruijter
Stichting Aanloophaven
wethouder D. Visser
Stichting Recreatiebelangen Vlieland
wethouder D. Visser
Gemeenschappelijke regeling Sociale Dienst Noord West Fryslân Rechtsvorm Vestigingsplaats Doelstelling en openbaar belang
Relatie met beleidsprogramma Deelnemende partijen Bestuurlijk belang
Franeker De Dienst heeft als doel het (doen) uitvoeren van taken van de deelnemende gemeenten op de terreinen van sociale zekerheid, maatschappelijke zorg, jeugdzorg en gesubsidieerde arbeid, voor zover een gemeente op één van deze terreinen geen uitdrukkelijk voorbehoud heeft gemaakt. Sociale Voorzieningen en Maatschappelijke Dienstverlening Waadhoeke, Harlingen, Terschelling, Vlieland. Per 1 januari 2021 is de gemeenschappelijke regeling Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Noordwest Fryslân vervallen en omgezet naar een
Programmabegroting 2022
97
Bestuurlijk aandeel
bedrijfsvoeringorganisatie (BVO), tezamen met de gemeenten Waadhoeke, Harlingen en Terschelling. Bestuurlijk betekent dit dat zowel het college als de raad meer zeggenschap heeft over de inhoud van de lokale wetgeving (verordeningen) en het lokale beleid. Ook wordt het inkoopbeleid vanaf 1 januari 2021 niet meer vastgesteld door het Dagelijks Bestuur van de Dienst, maar door de colleges van B&W van de gemeenten. Overige beleidskeuzes ontwikkeld door de beleidspool en vastgesteld door de gemeenten kunnen invloed hebben op de inkoop. Uiteindelijk wordt dit gehele proces uitgewerkt door de projectgroep omvorming BVO en worden er concrete afspraken gemaakt, gericht op het faciliteren van de samenwerking tussen beleid, contractmanagement en inkoop. - De raad van de gemeente Waadhoeke wijst drie leden aan. - De raad van de gemeente Harlingen wijst twee leden aan. - De raad van de gemeente Terschelling wijst één lid aan. - De raad van de gemeente Vlieland wijst één lid aan. De raad kan daarbij per lid één vaste plaatsvervanger aanwijzen. De raden van de gemeenten beslissen in de eerste vergadering van elke zittingsperiode over de aanwijzing van de leden van het algemeen bestuur.
Financieel belang
Bijdrage gemeente Eigen vermogen
Vreemd vermogen
Solvabiliteitsindex
Financieel resultaat
Meerjarige bedrijfsvoeringslasten: € 109.369 € 109.894 € 110.743 € 111.948 2018: € 654.801 2019: € 654.806 2020: € 654.806 2021: € 654.806 2018; € 9.245.053 2019: € 11.261.883 2020: € 5.368.338 2021: € 5.166.433 2018: 6,61% 2019: 5.49% 2020: 10,9% 2021: 11,2% €0
Ontwikkelingen Risico’s
Centrumregeling Sociaal Domein Fryslân
Rechtsvorm Vestigingsplaats Doelstelling en openbaar belang
Relatie met beleidsprogramma Deelnemende partijen
Leeuwarden De regeling wordt getroffen om de beleidsvoorbereiding ten behoeve van wettelijke taken op het terrein van jeugdzorg, maatschappelijke ondersteuning en participatie en de inkoop ten behoeve van wettelijke taken op het terrein van jeugdzorg en maatschappelijke ontwikkeling doelmatig en kwalitatief hoogwaardig te organiseren met de gezamenlijke Friese gemeenten.
De colleges van burgemeester en wethouders en de burgemeesters van de gemeenten Achtkarspelen, Ameland, Dantumadeel, De Fryske Marren, Harlingen, Heerenveen, Leeuwarden, Noardeast-Fryslân, Ooststellingwerf, Opsterland, Schiermonnikoog, Smallingerland, Súdwest-Fryslân, Terschelling, Tytsjerksteradiel, Vlieland, Waadhoeke en Weststellingwerf.
Programmabegroting 2022
98
Bestuurlijk belang Bestuurlijk aandeel Financieel belang
Voor diensverlening en instandhouding in 2022: € 4.208
Bijdrage gemeente Eigen vermogen Vreemd vermogen Solvabiliteitsindex Financieel resultaat Ontwikkelingen Risico’s
Gemeenschappelijke regeling Fryske Utfieringstsjinst Miljeu en Omjouwing (FUMO) Rechtsvorm Vestigingsplaats Doelstelling en openbaar belang
Relatie met het beleidsprogramma Deelnemende partijen Bestuurlijk belang
Bestuurlijk aandeel Financieel belang
Bijdrage gemeente Eigen vermogen
Vreemd vermogen
Solvabiliteitsindex
Financieel resultaat
Programmabegroting 2022
Publiekrechtelijk: gemeenschappelijke regeling (openbaar lichaam) Grou Het behartigen van de belangen van de deelnemers bij de uitvoering van taken en bevoegdheden op het gebied van het milieu- en omgevingsrecht in de ruime zin in het algemeen van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht in het bijzonder, alsmede taken en bevoegdheden op het terrein van vergunningverlening, handhaving en toezicht op grond van de in artikel 5.1 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht genoemde wetten. Relatie met beleidsonderdeel milieu, ruimtelijke ordening en APV (omgevingswet) Alle Friese gemeenten en Wetterskip Fryslân en Provincie Fryslân Gedeputeerde staten wijzen uit hun midden twee leden aan van het algemeen bestuur. De overige deelnemers wijzen elk uit hun midden een lid aan van het algemeen bestuur. Wethouder D. Visser maakt deelt uit van het Dagelijks Bestuur
2022: € 74.418 meerjarige bijdragen niet bekend, meerjarenraming Fumo nagenoeg gelijk.,-2017: € 5.729 2018: € 647.128 2019: € 1.364.718 2020: € 975.000 2021: € 1.302.000 2017: € 3.883.034 2018: € 4.245.145 2019: € 4.791.599 2020: € 3.100.000 2021: € 3.100.000 2018: 13% 2019: 22% 2020: 24% 2021: 30% 2017: € -193.301 2018: € 448.097 2019: € 390.000 2020: € 0 (begroting) 2021: € 0 (begroting) 99