Woonzorganalyse aandachtsgroepen
Tekst van het document
Analyse op wonen, welzijn en zorg voor aandachtsgroepen
Versie: Status: Datum:
0.5 Concept 29 februari 2024
Inhoud
1
Inleiding ......................................................................................................................................... 3
1.1
Context ....................................................................................................................................... 3
1.2
Kern van het vraagstuk ............................................................................................................... 3
1.3
De route van analyse naar uitvoering ......................................................................................... 4
1.4
Afbakening woonzorganalyse .................................................................................................... 4
1.5
Inhoud woonzorganalyse............................................................................................................ 5
1.6
Leeswijzer ................................................................................................................................... 5
2
Dak- en thuisloze mensen ............................................................................................................ 6
2.1
Inwoners zonder vaste verblijfplaats die leven op straat en in openbare ruimte ....................... 6
2.2
Dakloze mensen met een opvangvoorziening ........................................................................... 7
3
Mensen met een sociale en/of medische urgentie .................................................................. 11
3.1
Mantelzorgverleners en -ontvangers ........................................................................................ 11
3.2
Inwoners met een beperking .................................................................................................... 12
3.3
Uittredende sekswerkers .......................................................................................................... 14
4
(Uitstromers uit) een intramurale voorziening ......................................................................... 15
4.1
Uitstromers uit detentie (>3 maanden) ..................................................................................... 15
4.2
Jeugdhulp met verblijf (inclusief jongeren 18-23) ..................................................................... 15
4.3
Slachtoffers huiselijk geweld of mensenhandel ....................................................................... 17
4.4
Beschermd Wonen (Wmo) ....................................................................................................... 19
4.5
Wlz/ggz ..................................................................................................................................... 21
4.6
Instellingen voor klinische geestelijke gezondheidszorg en forensische zorg ......................... 23
5
Overige aandachtsgroepen ....................................................................................................... 24
5.1
Statushouders .......................................................................................................................... 24
5.2
Studenten ................................................................................................................................. 25
5.3
Arbeidsmigranten ..................................................................................................................... 26
5.4
Woonwagenbewoners .............................................................................................................. 27
5.5
Oekraïense vluchtelingen ......................................................................................................... 28
6
Overzicht en prognose ............................................................................................................... 29
Bijlage 1: Werkwijze SUWR ................................................................................................................ 32 Toelichting urgentieregeling .................................................................................................................. 32 Samenwerkingsovereenkomst .............................................................................................................. 32 Feiten en cijfers ..................................................................................................................................... 33
Woonzorganalyse aandachtsgroepen
Pagina 2 van 33
1 Inleiding 1.1
Context
De ontwikkelingen op het gebied van wonen, welzijn en zorg volgen elkaar in rap tempo op. Daarmee krijgt onder meer het scheiden van wonen en zorg steeds nadrukkelijker vorm, terwijl tegelijkertijd moet worden ingezet op verbinding tussen de diverse domeinen, samenwerking tussen betrokken organisaties en integraliteit in de beleidsvorming en aanpak op de totale opgave. Het scheiden van wonen en zorg heeft op hoofdlijnen de volgende doelen: de keuzevrijheid van bewoners c.q. zorgvragers vergroten, het zo lang of veel mogelijk zelfstandig wonen bevorderen en – daardoorheen – de zorgkosten beperken om dit financieel houdbaar te maken. In de praktijk blijkt dit complex en nog onvoldoende tot stand te komen. De regering heeft het in ere herstellen van de volkshuisvesting tot één van de prioriteiten van haar beleid gemaakt. In 2022 is daarom de Nationale Woon- en bouwagenda opgezet. Deze is bedoeld om de wooncrisis in Nederland het hoofd te bieden. Binnen deze agenda zijn onderstaande zes programma’s vormgegeven, die aangeven waarop de ontwikkeling zich moet richten. Het programma ‘Een thuis voor iedereen’ is de concrete aanleiding voor deze integrale woonzorgvisie.
Op hoofdlijnen richt dit programma zich op: • Voldoende betaalbare woningen voor de aandachtsgroepen • Met een evenwichtige verdeling over de regio’s • En met daarbij de juiste zorg, ondersteuning en/of begeleiding In het programma wordt van gemeenten gevraagd om een integrale woonzorganalyse en woonzorgvisie op te stellen voor de diverse aandachtsgroepen1.
In 2023 is de Wet versterking Regie Volkshuisvesting (Wvrv) opgesteld (nog niet van kracht op het moment van schrijven), die de overheid in de toekomst instrumenten in handen moet geven om de regie over de volkshuisvesting weer of meer nadrukkelijk te nemen. De Wvrv is gericht op een drietal pijlers: • Regie op aantallen woningen en locaties • Regie op betaalbare woningen en evenredige verdeling van de woningen • Het verstevigen van lokale prestatieafspraken. Kerninstrument in de Wvrv is het volkshuisvestingsprogramma. Deze dient vanaf 2026 landelijk, provinciaal en lokaal te worden opgesteld. Het volkshuisvestingsprogramma vervangt de huidige woonvisie. Verplicht onderdeel van het volkshuisvestingsprogramma is een woonzorgvisie. De voorliggende woonzorganalyse is voor de gemeenten Maassluis en Vlaardingen de eerste stap op weg naar een woonzorgvisie voor aandachtsgroepen, dat in de toekomst verder zal ontwikkelen naar het gewenste integrale volkshuisvestingsprogramma. Daarbij verplicht de wet gemeenten om een urgentieregeling op te stellen in de vorm van een huisvestingsverordening. Een aantal aandachtsgroepen zijn verplicht om in deze urgentieregeling op te nemen, zie paragraaf 1.4. Nadere uitwerking van deze doelgroepen zal nog plaats vinden in komende wet- en regelgeving. Deze urgent woningzoekenden zullen met voorrang op regulier woningzoekenden gehuisvest worden.
Verwacht wordt dat de wet in 2024 in werking treedt.
1.2
Kern van het vraagstuk
De huisvesting van aandachtsgroepen staat onder druk en de trend laat een verslechtering zien 2. Dit is schadelijk voor de samenleving als geheel. Een thuis begint met een huis, en wanneer dit ontbreekt zijn de maatschappelijke kosten op de lange termijn vaak vele malen hoger. Het realiseren van de woonvraag van aandachtsgroepen is een inhoudelijk complexe opgave. Vaak zijn er extra’s nodig, zoals begeleiding, een specifieke woonvorm en/of een prikkelarme omgeving. Daarbij is ook de aanpak 1 Deze aandachtsgroepen zijn verderop in dit document gedefinieerd. 2
https://www.volkshuisvestingnederland.nl/actueel/nieuws/2023/08/17/overzicht-mogelijkheden-ondersteuning-en-regelingenhuisvesting-aandachtsgroepen-nu-beschikbaar
Woonzorganalyse aandachtsgroepen
Pagina 3 van 33
complex: om in de woonbehoefte van aandachtsgroepen te voorzien, is inspanning van diverse overheidslagen en partijen nodig.3
1.3
De route van analyse naar uitvoering
De basis voor het opstellen van een visie is onderzoek naar de actuele woonbehoefte, inclusief de woongerelateerde zorg- en ondersteuningsbehoefte van aandachtsgroepen. Dit onderzoek geven we vorm middels voorliggende woonzorganalyse. Daaruit wordt eveneens duidelijk welke informatie op dit moment niet voorhanden is; hieraan wordt in de visie verder aandacht besteed. Vervolgens worden een woonzorgvisie en uitvoeringsprogramma opgesteld. In de woonzorgvisie worden opgaven, ambities en doelstellingen geformuleerd en keuzes gemaakt. In het uitvoeringsprogramma worden doelstellingen vertaalt naar concrete afspraken om te gaan ‘doen’. De woonzorgvisie en het uitvoeringsprogramma zullen te zijner tijd geïntegreerd worden in het op te stellen volkshuisvestingsprogramma.
1.4
Afbakening woonzorganalyse
In deze woonzorganalyse komen de vraagstukken samen van een groot aantal aandachtsgroepen. De onderstaande opsomming is samengesteld op basis van de gedefinieerde aandachtsgroepen in het programma ‘Een thuis voor iedereen’ en de aandachtsgroepen die benoemd zijn in het wetsvoorstel voor de Wvrv. We definiëren vier categorieën met daaronder diverse aandachtsgroepen.
Ten opzichte van de landelijk gedefinieerde aandachtsgroepen voegen we vanwege de relevantie in Maassluis en Vlaardingen de aandachtsgroep ‘Oekraïense vluchtelingen’ toe. In Maassluis worden 86 Oekraïense vluchtelingen opgevangen; in Vlaardingen maar liefst 1.000 tot 1.100 in de wijk Mrija. Dat laatste is uniek in Nederland en vraagt op korte, maar vooral op lange termijn de nodige aandacht met betrekking tot de exitstrategie. Op het moment van het maken van deze analyse is dat nog onduidelijk en afhankelijk van het voortduren van de oorlog en toekomstige wetgeving. In deze analyse worden de aandachtsgroepen ‘Jongeren 18 t/m 23 jaar’ en ‘Jeugdhulp met verblijf’ samengenomen, aangezien er veel overlap is tussen deze aandachtsgroepen qua focus, knelpunten en ontwikkelingen. Tot slot wat de afbakening betreft. In 2022 en 2023 is in Vlaardingen een woonzorgvisie voor ouderen opgesteld. De gemeente Maassluis is hier in 2023 mee gestart en zal haar visie in 2024 afronden. In beide visies is de opgave rondom wonen, welzijn en zorg voor specifiek deze doelgroep nader uitgewerkt en vertaald naar een koers voor de komende jaren. In voorliggend document wordt daarom geen specifieke aandacht besteed aan deze doelgroep als geheel. Wél maken ouderen binnen de aandachtsgroepen deel uit van de integrale woonzorgvisie.
3 https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2022/05/11/programma-een-thuis-voor-iedereen
Woonzorganalyse aandachtsgroepen
Pagina 4 van 33
1.5
Inhoud woonzorganalyse
De woonzorganalyse is opgebouwd conform bovenstaande indeling van de aandachtsgroepen. Per aandachtsgroep is een uitwerking opgenomen met daarin de volgende onderdelen: a) Profiel Een omschrijving van de aandachtsgroep om tot eenduidige definitie en afbakening te komen: • Kenmerken: kenmerken van personen die tot de aandachtsgroep behoren • Financiering: overzicht financieringsstromen • Landelijke en regionale kaders: afspraken en richtlijnen b) Voorzieningen Overzicht van de voorzieningen in Maassluis en Vlaardingen waar de aandachtsgroep gebruik van kan maken c.q. die specifiek zijn ingericht voor deze inwoners. c) Cijfers Omvang van deze aandachtsgroep, zoveel als mogelijk gespecificeerd voor de gemeenten Maassluis en Vlaardingen. d) Ontwikkelingen en knelpunten Korte beschrijving van ontwikkelingen voor de betreffende aandachtsgroep en een opsomming van de opgehaalde knelpunten die (in)direct deze aandachtsgroep raken. Als toelichting is het belangrijk het volgende te benoemen. Bij het opstellen van deze analyse en bijbehorende zoektocht naar een schets van de huidige situatie per aandachtsgroep concluderen we dat het niet eenvoudig is correcte en overzichtelijke informatie te presenteren die helder maakt wat de situatie per aandachtsgroep is. Dit heeft met een aantal zaken te maken: • Meetinstrumenten verschillen per jaar.
Organisaties meten hun kengetallen niet altijd op dezelfde manier. Daardoor zijn data van diverse jaren lastig met elkaar te vergelijken en komt nuttige informatie niet altijd voor ieder jaar boven tafel. • Vaak zijn cijfers slechts voor één jaar beschikbaar. Daardoor is het niet mogelijk te onderzoeken of er een bepaalde trend aanwezig is. Dat maakt het vervolgens ingewikkeld om redelijke voorspellingen te doen voor de toekomst. • De hoeveelheid beschikbare data per aandachtsgroep verschilt sterk. Van een aantal aandachtsgroepen is een redelijke hoeveelheid informatie beschikbaar. Bij andere aandachtsgroepen is er echter nauwelijks data voorhanden. • Niet iedereen spreekt dezelfde taal. Met andere woorden: verschillende organisaties die actief zijn voor eenzelfde aandachtsgroep gebruiken regelmatig andere manieren van het meten en/of bijhouden van cijfers. Daardoor wordt het begrijpen van het totaal complex. • Daarbij wordt er door diverse organisaties vaak gerapporteerd op MVS-niveau en is regelmatig geen onderscheid te maken per gemeente, terwijl er, zeker in het kader van deze analyse en visie, behoefte is deze cijfers meer uit te splitsen. Tot slot: de woningmarktanalyse verdient nadere uitwerking en zal in het uitvoeringsprogramma worden meegenomen.
Daarin gaan we vragen beantwoorden als: • Welk (geprognosticeerd) beroep er wordt gedaan op de woningvoorraad door de aandachtsgroepen en hoe dit zich verhoudt tot de beschikbaarheid van woningen; • Hoe de slaagkans/wachttijd van de aandachtsgroepen zich verhoudt tot die van reguliere woningzoekenden; • Welk aandeel van de vrijkomende woningen nu en geprognosticeerd beschikbaar wordt/moet worden gesteld aan de aandachtsgroepen. • Welke woningtypes, huurprijscategorieën en randvoorwaarden voor deze aandachtsgroepen noodzakelijk zijn.
1.6
Leeswijzer
Zoals eerder aangegeven, volgt de woonzorganalyse in de basis de indeling van de aandachtsgroepen die in paragraaf 1.4 zijn benoemd. De genoemde zaken uit paragraaf 1.5 komen daarin aan bod. Dit betreft een behoorlijk fors beeld van de lokale behoeften en aandachtspunten. In hoofdstuk 6 wordt een kwantitatieve samenvatting gegeven van de huidige situatie en wordt, op basis van de besproken uitdagingen en ontwikkelingen, een prognose gegeven. Tot slot is in bijlage 1 uitgewerkt hoe de werkwijze m.b.t. de urgentieregeling is, zoals deze momenteel via de SUWR wordt uitgevoerd.
Woonzorganalyse aandachtsgroepen
Pagina 5 van 33
2 Dak- en thuisloze mensen Binnen de categorie dak- en thuisloze mensen identificeren we de volgende aandachtsgroepen: 1. Inwoners zonder vaste verblijfplaats die leven op straat en in openbare ruimte. 2. Dakloze mensen met een opvangvoorziening.
2.1
Inwoners zonder vaste verblijfplaats die leven op straat en in openbare ruimte
2.1.1 Profiel Kenmerken
•
Financiering
•
Landelijke en regionale kaders
• •
Dit betreft inwoners die om welke reden dan ook geen vaste verblijfplaats hebben en daarom op straat en in de openbare ruimte leven. De gemeente contracteert partijen en verleent hen subsidie voor de te verlenen activiteiten, hulp, ondersteuning en begeleiding. Dit verloopt voor een groot deel via de Wmo (Wet maatschappelijke ondersteuning). Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) Verordening maatschappelijke ondersteuning MVS
2.1.2 Voorzieningen Voor de doelgroep inwoners zonder vaste verblijfplaats die leven op straat en in openbare ruimte zijn diverse voorzieningen op de gebieden wonen, welzijn en zorg. Allereerst kennen we de voorziening Maatschappelijke Opvang (MO). Concreet is dit een opvangplek voor enkel de nacht of ook overdag, waar de doelgroep onderdak heeft in de vorm van een eigen bed en sanitaire faciliteiten. Daarbij worden ook vraagstukken op de thema’s zorg en welzijn geadresseerd door onder andere behandeling en begeleiding te bieden. In Vlaardingen wordt de MO vormgegeven door de organisaties Stichting Onder Een Dak (Stoed) en Elckerlyc (dit geldt daarmee ook voor de gemeenten Maassluis en Schiedam: Vlaardingen vervult de rol van centrumgemeente). In paragraaf 2.2 wordt de opvangvoorziening MO nader uitgewerkt. Daarbij zijn er op het gebied van welzijn de volgende voorzieningen: • Vlaardingen o Activerings- en ontmoetingscentrum Pameijer: inloop en ontmoeting, verbinding met begeleiding o Aanloophuis de Groene Luiken: inloop, ontmoeting en briefadres (voor onder andere bankslapers). • Maassluis o Inloopcentrum De Hooftzaak: inloop, ontmoeting en briefadres. 2.1.3 Cijfers Het is niet mogelijk om op dit moment een betrouwbare inschatting te maken van het aantal mensen dat tot deze aandachtsgroep behoort: hoeveel bankslapers, buitenslapers etc. is moeilijk in beeld te krijgen.
In paragraaf 2.2 zijn wel cijfers opgenomen van de instroom in de maatschappelijke opvang. In 2025 vindt een Ethos telling plaats, waarmee meer zicht ontstaat op de aanwezige inwoners zonder vaste verblijfplaats in de MVS-regio. 2.1.4 Knelpunten en ontwikkelingen Voor deze aandachtsgroep zien we diverse knelpunten: - De MO is in de praktijk nu enkel toegankelijk voor dak- en thuislozen met complexe psychiatrische of verslavingsproblematiek. Dit heeft onder andere te maken met de toenemende vraag en beperkte uitstroommogelijkheden. Voor dak- en thuislozen zonder genoemde problematiek is daardoor momenteel geen opvangvoorziening beschikbaar. We kunnen bijvoorbeeld denken aan economisch daklozen, die geen huis meer hebben als gevolg van scheiding of werkloosheid. - Daarbij komt dat het aantal plaatsen in de MO vaak niet voldoende is voor het aantal aanmeldingen. Hierdoor kunnen ook diverse mensen die wel aan de toelatingscriteria voldoen, niet (altijd) worden geplaatst.
Woonzorganalyse aandachtsgroepen
Pagina 6 van 33
2.2
Dakloze mensen met een opvangvoorziening
2.2.1 Profiel Kenmerken
• •
Financiering
• • • • •
Landelijke en regionale kaders
• • •
Inwoners die in de Maatschappelijke Opvang (MO) wonen. Dit zijn inwoners van 18 jaar en ouder die dak- en/of thuisloos zijn, de regie over hun leven zijn verloren en in aanmerking komen voor tijdelijke opvang. MO wordt regionaal vormgegeven voor de gemeenten Maassluis, Vlaardingen en Schiedam. Daarbij vervult Vlaardingen de rol van centrumgemeente. Het Rijk biedt de gemeente financiële middelen via de Dumo (Decentralisatie uitkering maatschappelijke opvang). Als centrumgemeente beheert Vlaardingen de geldelijke middelen voor de regio voor MO. De gemeente contracteert partijen en verleent hen subsidie voor de te verlenen activiteiten, hulp, ondersteuning en begeleiding. Dit verloopt voor een groot deel via de Wmo (Wet maatschappelijke ondersteuning). Inwoners betalen een eigen bijdrage voor de Elementen (zie hieronder; € 7,00 per nacht). Cliënten van Elckerlyc betalen een inkomensafhankelijke eigen bijdrage van het normbedrag van €450 per maand en €300 borg voor het gebruik van de inventaris. Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) Verordening maatschappelijke ondersteuning MVS Uitvoeringsplan regiovisie BWMOVO (in ontwikkeling)
2.2.2 Voorzieningen Stoed en Elckerlyc bieden elk de volgende maatschappelijke opvangplekken aan voor Maassluis, Vlaardingen en Schiedam (MVS-regio). Stoed – De Elementen Stoed heeft locatie de Elementen. Dit is een nachtopvang voor de doelgroep alleenstaanden voor de MVS-regio. Toegang is geregeld via het Centraal Onthaalloket van gemeente Vlaardingen. De locatie beschikt over 28 reguliere plekken en 2 crisisbedden. Richtlijn voor het verblijf is een maximum van 17 weken; bij uitzondering kan dit eenmalig door de gemeente met 9 weken worden verlengd 4. Dit komt momenteel zeer vaak voor, door met name de complexiteit van de problematiek. Dat blijkt ook uit onderstaande cijfers. De procesregisseurs van de MVS-gemeenten bespreken periodiek de voortgang op de begeleidingstrajecten met Stoed en beslissen gezamenlijk over uitstroom, verlenging etc. Onderstaande tabel geeft nadere informatie over de instroom en uitstroom van cliënten bij de Elementen in de afgelopen jaren. Hieruit blijkt dat het grootste volume vanuit Vlaardingen komt en de uitstroom nagenoeg gelijk is aan de instroom. Binnen De Elementen wordt een traject van begeleiding aangeboden om te werken aan herstel. Kenmerk Instroom 2021 (per gemeente)
Uitstroom 2021 (per gemeente)
Instroom 2022 (MVS) Uitstroom 2022 (MVS)
Aantallen Vlaardingen: 43 Maassluis: 4 Schiedam: 23 Vlaardingen: 39 Maassluis: 6 Schiedam: 25 58 51
Elckerlyc – Crisisopvang De crisisopvang is een aanmeldpunt en opvang voor (dreigend) dakloze gezinnen inclusief persoonlijke begeleiding. Op werkdagen van 8.30 tot 12.00 uur en van 13.00 uur tot 17.00 is er een aanmeldteam bereikbaar voor verwijzers van Veilig Thuis, wijkteams en collega vrouwenopvang instellingen in het land. Gezinnen die door complexe problemen dakloos zijn geraakt of dreigen te raken, kunnen een beroep doen op de crisisopvang van Elckerlyc. Dit is een maatschappelijke opvang. Toegang is geregeld via 4
Beleidsregels toegang nachtopvang De Elementen
Woonzorganalyse aandachtsgroepen
Pagina 7 van 33
het wijkteam. De crisisopvang is eveneens bedoeld voor de opvang van personen uit de MVS gemeenten die als gevolg van huiselijk geweld dakloos zijn (code oranje en groen), zie doelgroep slachtoffers huiselijk geweld of mensenhandel (paragraaf 4.3). Vanuit Elckerlyc wordt aan mensen die binnen een jaar zelfredzaam kunnen zijn een traject van begeleiding aangeboden om te werken aan herstel en behoud van veiligheid en zelfredzaamheid. De mensen kunnen maximaal 84 dagen in de opvang verblijven. Onderstaande tabel geeft verdere informatie over de crisisopvang (over 2022). Kenmerk Informatie Regio MVS Aantal 10 woningen Bezetting 102%1 (percentage beschikbare nachten benut) Totaal aantal cliënten 59 Gem. duur in dagen 110,8 Gem. duur t.o.v. max duur 130,8% 1)Hoger dan 100% geweest omdat woningen van andere voorzieningen tijdelijk zijn ingezet om doorstroom te optimaliseren.
Elckerlyc – Pluswoningen Pluswoningen zijn specifiek bedoeld voor doorstroom van alleenstaande daklozen uit Vlaardingen vanuit de Elementen. Begeleiding wordt georganiseerd door Stichting Elckerlyc. Verwijzing geschiedt door de regisseur zorg casuïstiek voor gemeente Vlaardingen. Bij duurzame uitstroom in de MVS regio via SUWR wordt een jaar nazorg geboden voor het behoud van zelfredzaamheid. De mensen kunnen maximaal een jaar in de pluswoningen verblijven. Onderstaande tabel geeft verdere informatie weer over de Plus Woningen (over 2022). Kenmerk Informatie Regio Vlaardingen Aantal 10 woningen Bezetting 87% (percentage beschikbare nachten benut) Totaal aantal cliënten 18 Gem. duur in dagen 420,1 Gem. duur t.o.v. max duur 114,8% Elckerlyc – Centraal Onthaal Woning De Centraal Onthaal Woningen zijn bedoeld voor acuut dakloze gezinnen met minderjarige kinderen uit Vlaardingen. De aanmelding geschiedt door de regisseur zorg casuïstiek voor zowel gemeente Vlaardingen als voor gemeente Maassluis. De mensen kunnen maximaal 84 dagen in deze woningen verblijven. Onderstaande tabel geeft verdere informatie weer over de Centraal Onthaal Woningen (over 2022). Kenmerk Informatie Regio MVS Aantal 3 woningen Bezetting 80% (percentage beschikbare nachten benut) Totaal aantal cliënten 14 Gem. duur in dagen 279 Gem. duur t.o.v.
max duur 331% Elckerlyc – Begeleid Wonen Vanuit de crisisopvang is doorstroom mogelijk naar Begeleid Wonen. De mensen kunnen maximaal 252 dagen in de Begeleid Wonen-voorziening zijn. Onderstaande tabel geeft verdere informatie weer over Begeleid Wonen vanuit Elckerlyc (over 2022). Kenmerk Informatie Regio MVS Aantal 10 woningen Bezetting 109%1 (percentage beschikbare nachten benut) Woonzorganalyse aandachtsgroepen
Pagina 8 van 33
Totaal aantal cliënten Gem. duur in dagen Gem. duur t.o.v. max duur
30 359,8 142,4%
1)Hoger dan 100% geweest omdat woningen van andere voorzieningen tijdelijk zijn ingezet om doorstroom te optimaliseren.
Na uitstroom uit de voorzieningen van Elckerlyc (m.u.v. cliënten die gebruik moeten maken van de centraal onthaal woningen), krijgen cliënten die duurzaam uitstromen in MVS een woonzorgcontract dat in basis na een jaar ‘omklapt’ naar een reguliere huurovereenkomst. De voorwaarde hiervoor is dat de client in dat jaar tijdig de huurpenning afdraagt en geen woonoverlast veroorzaakt. 2.2.3 Cijfers In de voorgaande paragraaf zijn al enkele cijfers opgenomen over de beschikbare voorzieningen met in- en uitstroom. Ten behoeve van de overzichtelijkheid is in deze paragraaf het totaal op een rijtje gezet. Stoed (cijfers 2022) • 58 personen hebben gebruikgemaakt van de nachtopvang. • Deze personen zijn allen doorgestroomd naar een begeleidingstraject bij De Elementen met een gemiddelde termijn van 24 weken.
Elckerlyc (cijfers 2022) • 59 personen hebben gebruik gemaakt van de beschikbare 10 woningen voor crisis opvang. Gemiddelde verblijfsduur van deze personen was 110,8 dagen. • In totaal zijn 34 personen ingestroomd en 27 personen uitgestroomd uit de crisisopvang. • 18 personen hebben gebruik gemaakt van voorziening Plus Woningen • 14 personen hebben gebruik gemaakt van de voorziening Centraal Onthaal Woningen • 30 personen hebben gebruik gemaakt van de voorziening Begeleid Wonen • 56 personen hebben nazorg ontvangen
2.2.4 Knelpunten en ontwikkelingen De maatschappelijke opvangvoorzieningen spelen in MVS een belangrijke rol voor dakloze mensen. Tegelijkertijd zijn er de nodige aandachtspunten voor de effectiviteit en kwaliteit van de voorzieningen en de rol van de maatschappelijke opvang in de totale keten. In deze paragraaf zijn de belangrijkste ontwikkelingen en knelpunten opgenomen. •
• •
•
• •
In het tweede kwartaal 2023 is gestart met het vormgeven van een proces om tot een regiovisie te komen voor Beschermd Wonen. Gaandeweg dit proces is besloten ook de doorontwikkeling van de Maatschappelijke Opvang (MO) en Vrouwenopvang (VO) mee te nemen in deze beweging. Voor ‘nieuwe doelgroepen’ zoals mensen die door scheiding geen woning meer hebben, zijn eigenlijk geen opvangmogelijkheden; zij zijn veelal aangewezen op het eigen netwerk. De mate van zelfredzaamheid van mensen bepaalt mede de instroom in de MO voorzieningen. Bij (middel)hoge zelfredzaamheid wordt men in principe niet toegelaten: voor toegang tot opvang is ten minste door de client erkende onvoldoende zelfredzaamheid op twee levensgebieden noodzakelijk. Dit geeft een behoorlijk hoge drempel voor de opvangvoorzieningen. Bovendien zorgt het ervoor dat er voor een groep mensen geen plek is, met het risico dat zij alsmaar verder afglijden. Zij raken buiten beeld, maar geven wel kosten op andere terreinen. Dit resulteert er vervolgens in dat complexe ggz- en verslavingsproblematiek binnen de MO doelgroep toeneemt. Samenwerking met de ggz en verslavingszorg is echter nog onvoldoende geborgd; zij komen vaak in beeld bij incidenten. Als geestelijke problematiek of verslaving de zelfredzaamheid in de weg staat, is dit een contra-indicatie voor toegang tot de voorzieningen.
Als personen bereid zijn deze problemen op te lossen via erkende specialistische instellingen op eerstvolgende termijn, dan is toegang mogelijk. Doordat de doelgroep steeds kwetsbaarder wordt, wordt de nachtopvang geconfronteerd met meer mensen die zich ook overdag in deze voorziening bevinden. Daarvoor is echter geen financiering. Screening van Centraal Onthaal is strikt. Echter is er op dit moment onvoldoende zicht op hoeveel mensen worden ‘afgewezen’ en welke problematiek – naast wonen – er nog meer is bij deze inwoners. De communicatie hierover vanuit het Centraal Onthaalloket is op dit moment onvoldoende.
Woonzorganalyse aandachtsgroepen
Pagina 9 van 33
•
•
•
• • •
Dak- en thuislozen kunnen urgentie aanvragen voor de toewijzing van een sociale huurwoning. Daarbij is sprake van langere wachttijden voor de toewijzing van een woning na ontvangen urgentie: als de aanvraag via het Stichting Urgentiebepaling Woningzoekenden Rijnmond (SUWR) voorspoedig verloopt, kan het soms langer duren voor er een woning wordt toegewezen. In de meeste opvangplekken verblijven mensen de laatste jaren (veel) langer dan eigenlijk de bedoeling is, tot wel 30% langer. Dit omdat duurzame uitstroom niet altijd mogelijk is, onder meer door een wachtlijst voor Beschermd Wonen. Dit zorgt ervoor dat minder mensen kunnen instromen en er wachtlijsten ontstaan voor de maatschappelijke opvang. Samenwerking met ketenpartners rond diagnostiek, behandeling, verslaving, schulden en wonen is nog onvoldoende geregeld en werkend. Deze ketensamenwerking bestaat, maar kan beter en vraagt regie. In Schiedam is deze samenwerking georganiseerd middels een plaatsingscommissie. Daar is ook de poort naar de woonvoorziening Westvest van Pameijer. Deze toegang is nu niet beschikbaar voor inwoners van Maassluis en Vlaardingen, terwijl er wel plekken beschikbaar zijn. De partners hebben behoefte om uit te breiden naar de hele MVS-regio. Er zijn wachtlijsten voor specialistische intramurale zorg voor licht verstandelijk beperkten (LVB), ggz en verslavingszorg.
Met name bij De Elementen is regelmatig sprake van terugkerende cliënten. Door druk op de zorg en beperkte vormen van wonen komt een deel van de cliënten meerdere keren terug in de maatschappelijke opvang. Voor de locatie van De Elementen zijn de nodige aandachtspunten en mogelijke oplossingsrichtingen samengebracht in een analyse met adviezen. In 2022 is besloten hiermee daadwerkelijk aan de slag te gaan en zowel het transformeren van de nachtopvang (modernisering en passende indeling) als de overige aandachtspunten voor onder meer de rol in de keten en samenwerking op te pakken.
Woonzorganalyse aandachtsgroepen
Pagina 10 van 33
3 Mensen met een sociale en/of medische urgentie 3.1
Mantelzorgverleners en -ontvangers
3.1.1 Profiel Kenmerken
•
•
• Financiering Landelijke en regionale kaders
• •
Mantelzorg is alle hulp aan een hulpbehoevende door iemand uit diens directe sociale omgeving. Ook minder intensieve hulp, de hulp aan huisgenoten en de hulp aan instellingsbewoners vallen hieronder. Mantelzorg is de hulp die verder gaat dan de zogenoemde ‘gebruikelijke hulp’. Gebruikelijke hulp is de hulp die in redelijkheid mag worden verwacht van de echtgenoot, ouders, inwonende kinderen of andere huisgenoten. Denk hierbij aan de zorg en opvoeding van gezonde kinderen, een paar dagen zorgen voor een zieke partner of helpen in het huishouden als iemand tijdelijk lichamelijke klachten heeft. Hulp aan mensen zonder gezondheidsbeperkingen, zoals oppassen op gezonde kleinkinderen, valt buiten de definitie. 5 Mantelzorg betreft onbetaalde hulp (vrijwillig) N.v.t.
3.1.2 Voorzieningen Minters Mantelzorg biedt in opdracht van de gemeente ondersteuning voor mantelzorgers in Maassluis, Vlaardingen en Schiedam. Zij bieden onder andere de volgende diensten aan: • Mantelzorgadviseurs. Iedere mantelzorger heeft het recht op gratis ondersteuning van mantelzorgadviseurs. Hierbij kan gedacht worden aan persoonlijke gesprekken, voorlichting of advies. • Mantelzorg cafés. In het mantelzorgcafé kunnen mantelzorgers elkaar ontmoeten en ervaringen delen. Soms wordt er informatie gegeven over een specifiek thema, soms wordt er een activiteit aangeboden die creatief of ontspannend is. • Cursussen. Cursussen over onderwerpen gerelateerd aan mantelzorg. 3.1.3 Cijfers Het Sociaal Cultureel Planbureau heeft onderzoek gedaan naar het aantal mantelzorgers in Nederland. Dit onderzoek leidde tot de volgende uitkomsten: • 35,4% van de 16-plussers gaf in 2019 mantelzorg; • 30,4% van de 16-plusser geeft langdurig (langer dan 3 maanden) mantelzorg; • 5,8% van de 16-plussers geeft langdurig en intensief (meer dan 8 uur per week) mantelzorg; • 9,1% van de mantelzorgers voelt zich zwaarbelast. Volgens Mantelzorg Nederland telde Maassluis – op basis van deze kengetallen – in 2020 ongeveer 10.000 mantelzorgers en Vlaardingen zo’n 22.000 mantelzorgers.
Mantelzorgers die woonachtig zijn in Vlaardingen, Maassluis of Schiedam hebben de mogelijkheid om zich officieel als mantelzorger te registeren bij Minters Mantelzorg voor aandacht, ondersteuning en dergelijke. In Vlaardingen hebben 650 personen zich officieel geregistreerd (juni 2023). Per december 2023 zijn er 375 officieel geregistreerde mantelzorgers in Maassluis. 3.1.4 Knelpunten en ontwikkelingen Binnen de mantelzorg zien we diverse ontwikkelingen en knelpunten: • De druk op mantelzorgers is groot. Dit komt ten eerste doordat de wachtlijsten in de reguliere zorg lang zijn. Er wordt daarom vaak teruggevallen op mantelzorgers. Daarbij is het vaak een uitdaging om respijtzorg6 te regelen. Als dit al mogelijk is, is het vaak voor korte tijd. • Ervaring vanuit professionele ondersteuning bij mantelzorgers is dat veel mantelzorgers volledig opgaan in de zorg voor hun naaste. Hierdoor vergeten ze voor zichzelf te blijven zorgen. Dit heeft problemen bij de mantelzorgverlener tot gevolg. • Veel personen zijn zich er niet van bewust dat ze mantelzorger zijn; ze zorgen. Ze weten daarom niet dat ze vrijblijvend om hulp kunnen vragen en wat de mogelijkheden zijn. 5 Definitie Sociaal Cultureel Planbureau 6 Respijtzorg is een vorm van mantelzorgondersteuning waarbij de mantelzorger tijdelijk wordt ontlast, kan op diverse manieren
worden geboden en heeft als doel de mantelzorger tijd en rust te geven.
Woonzorganalyse aandachtsgroepen
Pagina 11 van 33
•
•
3.2
Het is voor mantelzorgers praktisch om in de buurt te wonen bij degene aan wie ze mantelzorg verlenen. Om die reden is er ook een urgentieregeling op grond van mantelzorg. De druk op de huizenmarkt maakt het echter lastig voldoende en praktische woningen beschikbaar te hebben voor deze doelgroep. Werkgevers zijn niet altijd bewust dat werknemers regelmatig ook mantelzorger zijn en wat dit kan vragen. Regionaal en landelijk wordt een campagne georganiseerd om werkgevers te informeren over mantelzorg en hoe ze hun mantelzorgende medewerkers kunnen helpen om deze rol zo goed mogelijk te combineren met werk.
Inwoners met een beperking
3.2.1 Profiel Kenmerken Financiering
Landelijke en regionale kaders
• • • • • • •
Het betreft inwoners die te maken hebben met een lichamelijke beperking (LG) of verstandelijke beperking (VG) Jeugdwet (JW) Wet langdurige zorg (Wlz) Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) Jeugdwet (JW) Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) Wet langdurige zorg (Wlz)
3.2.2 Voorzieningen Voor deze doelgroep zijn diverse voorzieningen beschikbaar. Deze voorzieningen betreffen de drie gemeenten binnen MVS-verband. Concreet zijn er de volgende voorzieningen: • ASVZ o Boerderij Nooitgedacht. Wonen en werken voor mensen met een beperking, 17 bewoners o Ondersteuning thuis voor mensen met een beperking in de MVS-regio o Dagcentrum Uiverlaan. Dagbesteding voor mensen met een verstandelijke en/of meervoudige beperking. • Fokuswonen o 12 Fokuswoningen Babberspolder (via Waterweg Wonen) voor mensen met een lichamelijke beperking • Ipse De Bruggen o Groepswonen voor mensen met een verstandelijke beperking. Voor onderstaande locaties wordt gewerkt aan nieuwbouw. ▪ Van Beveringkstraat 1 in Vlaardingen ▪ Van Limburg Stirumstraat 20 ▪ Van Bleiswijkstraat 1 ▪ Van Bleiswijkstraat 3 o Werkgelegenheid voor mensen met een verstandelijke beperking ▪ De Boei (arbeidsmatige dagbesteding); de ontwikkeling van een nieuwe locatie is gaande. ▪ Zorgcentrum Vaartland (begeleid werken). o Dagbesteding ▪ Dagcentrum Scala (dagbesteding LVB) ▪ Kinderdienstencentrum Zonnehof Vlaardingen. Deze locatie gaat mogelijk verhuizen. De locatie is gericht op de doelgroep kinderen met een ‘anders lopende ontwikkeling’. • Middin o Willem Beukelszoon. 24 appartementen voor mensen met LVB. o Stadsleven. Woonvoorziening voor 28 volwassenen met een verstandelijke beperking.
• Philadelphia o Haemstedehof. 16 mensen met een verstandelijke beperking en één logeerplek. o Westkaap. 37 mensen met een (licht) verstandelijke beperking, waarvan 19 vitale ouderen en 18 jongvolwassen cliënten. o Ambulante dienstverlening. o Dagbesteding wijkcentrum De Telder op maandag, dinsdag en donderdag (deze voorziening wordt uitgebreid). • Stichting Herman Frantsenhuizen (‘klassiek’ groepswonen voor VG doelgroep Wlz) o Huis 1 en 2 (Schiedamseweg) met in totaal 50 bewoners. o Huis 3 (Azaleastraat) met 22 bewoners. Woonzorganalyse aandachtsgroepen
Pagina 12 van 33
•
•
De Spil (kleinschalige, particuliere woonvoorziening) o Kraanvogellaan (De Kraan) – 7 tot 9 bewoners o De Putterstraat (De Putter) – 7 tot 9 bewoners o Schiedamseweg (De Schie) – 7 tot 9 bewoners De Zonnebloem. Vrijwilligers organiseren dagbesteding voor mensen met een beperking, hoofdzakelijk ouderen. Ongeveer 285 gasten in Vlaardingen worden regelmatig bezocht en doen mee met activiteiten.
3.2.3 Cijfers De vraag naar gehandicaptenzorg binnen de Wlz neemt langzaam toe. Landelijk is dit goed te zien in het aantal zorgzwaartepakketten (zie hieronder, betreffende de periode 2017 t/m 2021, van links naar rechts).
Voor de gemeente Vlaardingen zijn de Wlz-indicaties voor deze aandachtsgroep (stand per juli 2023) als volgt voor verstandelijk beperking (VG) en lichamelijke beperking (LG): Leeftijd 0 – 9 jaar 10 – 19 jaar 20 – 29 jaar 30 – 39 jaar 40 – 49 jaar 50 – 59 jaar 60 – 69 jaar 70 – 79 jaar 80 – 89 jaar Totaal
Indicaties VG
7 57 81 77 48 40 47 32 3 392
Leeftijd 10 – 19 jaar 20 – 29 jaar 30 – 39 jaar 40 – 49 jaar 50 – 59 jaar 60 – 69 jaar 70 – 79 jaar 80 – 89 jaar 90 – 99 jaar Totaal
Indicaties LG
1 1 5 12 25 19 7 3 1 74
Tussen 2020 en 2023 is het aantal cliënten voor beide doelgroepen redelijk stabiel: • Verstandelijk beperkt (VG): respectievelijk 384, 388, 400 en 392 • Lichamelijk beperkt (VG): respectievelijk 63, 72, 79 en 74 Voor de gemeente Maassluis zijn deze cijfers als volgt: Leeftijd 0 – 9 jaar 10 – 19 jaar 20 – 29 jaar 30 – 39 jaar 40 – 49 jaar 50 – 59 jaar 60 – 69 jaar 70 – 79 jaar 80 – 89 jaar Totaal
Indicaties VG
7 20 25 41 31 38 42 17 3
Leeftijd 20 – 29 jaar 30 – 39 jaar 40 – 49 jaar 50 – 59 jaar 60 – 69 jaar 70 – 79 jaar 80 – 89 jaar Totaal
Indicaties LG
2 4 3 7 12 1 2 31
224
3.2.4 Knelpunten en ontwikkelingen Vanuit gesprekken met de bij deze aandachtsgroep betrokken partners en de eerste Monitor zicht op de gehandicaptenzorg (2020) van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa)7 ontstaat onderstaand zicht op de ontwikkelingen voor deze aandachtsgroep. • De gehele aandachtsgroep is op te delen in subgroepen; dat bepaalt ook de mogelijkheden en behoeften rondom wonen, welzijn en zorg: o Verstandelijk beperkt (VG); o Licht verstandelijke beperking (LVB); o Moeilijk verstaanbaar gedrag; 7
NZa – Monitor Zicht op de gehandicaptenzorg (2020, link)
Woonzorganalyse aandachtsgroepen
Pagina 13 van 33
•
•
• •
• • •
•
3.3
o Niet aangeboren hersenletsel (NAH); o Ernstig meervoudige beperking. Enkele veranderingen in het zorggebruik die zijn gesignaleerd: o duidelijke toename van meerzorg (extra intensieve zorg), met risico voor betaalbaarheid op lange termijn; o afname van de lagere en toename van de hogere zorgzwaartepakketten; o toename van integrale prestaties met dagbesteding en behandeling; De afgelopen jaren zijn persoonsgebonden budgetten (pgb's) in populariteit erg toegenomen, vooral onder jongeren. Uit gesprekken met partners blijkt dat jongeren dikwijls bewust kiezen voor een pgb. Het lijkt erop dat kinderen en jongeren langer (zelfstandig) thuis of in een alternatieve woonvorm (zoals kleinschalig geclusterd wonen) wonen. Als uitvloeisel van het landelijke Integrale Zorgakkoord (IZA) wordt in de WSD regio met gemeenten en andere partijen gewerkt aan een Regionaal Integraal Gezondheidsakkoord (RIGA), waar ook aandacht wordt besteed aan deze aandachtsgroep. Onder deze aandachtsgroep is sprake van toenemende complexiteit. Zo neemt de gemiddelde leeftijd toe, waardoor er een aanzienlijk deel ouderen onder deze doelgroep valt. Ook geriatrische aandoeningen, zoals dementie, zijn in toenemende mate een vraagstuk voor de aandachtsgroep van mensen met een fysieke beperking.
Het is niet helder waar deze inwoners terecht kunnen en wat de mogelijkheden in Maassluis en Vlaardingen (of daarbuiten) voor hen zijn. Hierbij is behoefte aan een centraal ‘punt’ waar men met vragen terecht kan. De kennis in het wijkteam is hierin op dit moment nog ontoereikend. Het is ingewikkeld om bepaalde aspecten van deze doelgroep in beeld te brengen, zoals waar LVB’ers in bepaalde wijken wonen en hoeveel zorgmijders er zijn. Er is behoefte aan zogenaamde ‘moeder-kind-huizen’ (faciliteiten voor moeders met hun kinderen als veilige plek) of vergelijkbare concepten in de regio. Ook mogelijkheden voor logeren (tijdelijk elders overnachten om tot rust te komen) zijn beperkt. Niet iedereen die wel in aanmerking komt om zelfstandig te gaan wonen, kan dit ook in de praktijk. De vraag resteert hoe het mogelijk is zicht te houden op deze mensen. Mogelijkheden bestaan via zogeheten ‘waakvlam-constructies’ bij de afbouw van zorg en/of begeleiding en vroegsignalering in de wijken bij mensen die nog niet in beeld zijn. Wijkteams spelen hierbij een belangrijke rol. Overige suggesties zijn: ‘sterkere schouders’ met maatschappelijke beroepen (agent, verpleegkundige etc.) in de wijken tegenover aandachtsgroepen, convenantwoningen, onderling elkaar versterken en delen van data en het betrekken van onafhankelijke cliëntondersteuning (MEE).
Uittredende sekswerkers
3.3.1 Profiel Kenmerken
Financiering Landelijke en regionale kaders
• • •
Woningzoekenden die deelnemen aan een programma gericht op duurzaam stoppen met sekswerk waarbinnen begeleiding van sekswerkers op diverse terreinen plaatsvindt Subsidies via de Regeling Uitstapprogramma’s Prostituees (RUPS) Regeling Uitstapprogramma’s Prostituees
3.3.2 Voorzieningen Er zijn geen voorzieningen in Maassluis en Vlaardingen bekend, specifiek voor deze aandachtsgroep. 3.3.3 Cijfers Op het moment van schrijven zijn er geen cijfers voorhanden die inzicht geven in deze aandachtsgroep. 3.3.4 Knelpunten en ontwikkelingen Deze aandachtsgroep is qua aantallen (naar verwachting) minder relevant dan andere aandachtsgroepen die in deze analyse en bijbehorende visie naar voren komen. Tegelijkertijd hebben ook deze mensen ondersteuning nodig en is het van belang deze aandachtsgroep niet uit het oog te verliezen. Daarvoor is het noodzakelijk breder en dieper onderzoek te doen naar (met name de cijfers voor) deze aandachtsgroep. Concreet betekent dit dat deze aandachtsgroep een plek zal krijgen in het uitvoeringsprogramma, wat na het vaststellen van de visie zal worden opgesteld. In dat uitvoeringsprogramma zal er
Woonzorganalyse aandachtsgroepen
Pagina 14 van 33
ruimte zijn om nader te onderzoeken a) hoe deze aandachtsgroep eruit ziet voor Maassluis en Vlaardingen en b) of er voor deze aandachtsgroep acties benodigd zijn.
4 (Uitstromers uit) een intramurale voorziening 4.1
Uitstromers uit detentie (>3 maanden)
4.1.1 Profiel Kenmerken
• •
Financiering
• •
Landelijke en regionale kaders
•
Betreft (voormalig) inwoners van Maassluis en Vlaardingen die uitstromen uit een Tbs-kliniek of Penitentiaire Inrichting (PI). Veelal is bij deze doelgroep sprake van multiproblematiek en moeten veel basisvoorwaarden worden geregeld: werk en inkomen, huisvesting, financiën en schulden, geldig identiteitsbewijs, zorgverzekering en zorg. Jaarlijks vast budget vanuit gemeente o Vanuit dit budget wordt tevens Mozaïk (instelling voor specialistische GGZ, onderdeel van Pameijer) gesubsidieerd Jaarlijks subsidieaanvraag bij het Rijk voor nazorg en ondersteuning op de leefgebieden. Bijdrageregeling begeleiden van ex-gedetineerden voor wonen en werken
4.1.2 Voorzieningen Een (ex-)gedetineerde kan tijdens en na verblijf in de PI vrijwillig deelnemen aan een re-integratietraject. In de PI wordt dit traject gecoördineerd door een casemanager van de PI. Na vrijlating van de gedetineerde wordt de coördinatie van het traject overgedragen aan de gemeente (specifiek de coördinator nazorg). In het geval van een opgelegd toezicht ligt de casusregie altijd bij een toezichthouder van de reclassering. 4.1.3 Aantallen De Uitstroom Tbs-klinieken betreft een enkele persoon per jaar. Uitstroom uit de PI voor Vlaardingen betreft circa 100 personen per jaar. Voor Maassluis waren dat 17 personen in 2023. Een gedeelte hiervan keert terug naar de eigen woning. Anderen worden opgevangen door Mozaïk of hiervoor moet een andere woonoplossing voor gevonden worden (zoals De Elementen). 4.1.4 Knelpunten en ontwikkelingen Wettelijk gezien is de gemeente niet verplicht om huisvesting te bieden aan deze doelgroep. De behoefte is er echter wel. Personen die een korte straf uitzitten, bijvoorbeeld een boete, kunnen over het algemeen weer terugkeren naar hun eigen woning. Personen die een langere straf uitzitten, raken hun woning gedurende deze straf vaak kwijt. Momenteel worden deze personen doorverwezen naar de Maatschappelijke Opvang voor alleenstaanden (Elementen). Voor een deel van deze personen is deze Maatschappelijke Opvang echter niet geschikt.
Ze zijn niet in staat om zelfstandig hun leven opnieuw op te bouwen en kunnen een negatieve invloed hebben op anderen in de Elementen. Deze situatie vergroot de kans op recidive. Voor deze personen is behoefte aan een concept waarbij kleinschalige woningen worden gecombineerd met zorg en praktische ondersteuning (bijvoorbeeld Skaeve Huse). Vanuit deze plek zouden ze kunnen werken aan terugkeer in de maatschappij.
4.2
Jeugdhulp met verblijf (inclusief jongeren 18-23)
4.2.1 Profiel Kenmerken
•
•
Jeugd 18- valt onder de Jeugdwet. Toegang naar en toewijzing van de Jeugdwet valt onder gemeentelijke verantwoordelijkheid. Eventueel kan de Jeugdwet nog worden ingezet voor jeugdigen van 18 tot 23 jaar (verlengde jeugdhulp) die voor hun 18e levensjaar al jeugdhulp ontvingen. Voor jeugd 18+ is in basis ondersteuning mogelijk via de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo).
Woonzorganalyse aandachtsgroepen
Pagina 15 van 33
• Financiering Landelijke en regionale kaders
• • • • • •
Jongeren die gebruik maken van jeugdhulp met verblijf, omdat zij om verschillende redenen niet meer thuis kunnen wonen. Jeugdwet (JW) Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) Jeugdwet (JW) MVS Jeugdmodel Verordening Jeugdhulp Maassluis, Vlaardingen en Schiedam Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)
4.2.2 Voorzieningen In opdracht van de MVS-gemeenten vangt Elckerlyc een deel van de jongeren uit deze aandachtsgroep op. Voor alleenstaande Vlaardingers is er een doorstroommogelijkheid vanuit de Elementen naar de Plusvoorziening in Vlaardingen. Daarnaast kunnen inwoners uit deze aandachtsgroep via de wijkteams worden aangedragen voor de begeleid wonen voorzieningen in Vlaardingen en Schiedam. Deze voorzieningen zijn niet speciaal voor jongeren van 18 t/m 23 jaar bedoeld, maar deze jongeren kunnen hier wel 24/7 opgevangen en ambulant begeleid worden naar zelfredzaamheid. In 2022 hebben 43 personen in de leeftijdscategorie 19 t/m 26 jaar gebruik gemaakt van dit aanbod. De voorzieningen worden in opdracht van desbetreffende gemeenten geboden en maken onderdeel uit van structurele lokale subsidies. Het Jeugd en Gezinsteam van Mevis regelt de toegang tot jeugdhulp met verblijf. Daarbij zijn zij regisseur voor jeugdhulp in de MVS-regio. Iedere aanbieder heeft een eigen specialisme en daarbij passende specifieke voorzieningen. Enkele aanbieders van jeugdhulp met verblijf zijn: • Stichting Timon – Perspectiefhuis in Vlaardingen (Van Riebeeckstraat) en ambulante begeleiding en pleegzorg • Enver - locatie ‘Wonen en begeleiden’ in Schiedam • Horizon – pleegzorg 4.2.3 Cijfers In het eerste halfjaar van 2023 zijn er in Vlaardingen 995 jeugdzorgtrajecten verzorgd voor 940 unieke personen.
Maassluis heeft in dezelfde periode 405 jeugdzorgtrajecten voor 405 unieke personen geleverd. Bij deze cijfers gaat het specifiek om de leeftijdsgroep 18 t/m 23 jaar. Onderstaande tabellen geven inzicht in de cijfers voor wat betreft jeugdhulp met verblijf en de ontwikkeling daarin over diverse jaren. Maassluis Totaal jeugdhulp met verblijf Pleegzorg Gezinsgericht Gesloten plaatsing Overig verblijf
2021 80 55 25
2022 70 40 10 25
2023 (1e halfjaar) 50 30 15
Vlaardingen Totaal jeugdhulp met verblijf Pleegzorg Gezinsgericht Gesloten plaatsing Overig verblijf
2021 205 115 10 15 75
2022 190 110 10 10 75
2023 (1e halfjaar) 160 100 10 55
4.2.4 Knelpunten en ontwikkelingen Deze aandachtsgroep jongeren van 18 t/m 23 jaar is in Maassluis en Vlaardingen als extra aandachtsgroep toegevoegd. Juist omdat deze jongeren in een transitiefase van hulp zitten en daardoor vaak ‘tussen wal en schip’ vallen. Rondom deze aandachtsgroep zijn diverse ontwikkelingen en knelpunten: • Binnen het Netwerk Opgroeien naar Volwassenheid (voortkomend uit het MVS Jeugdmodel) is een themagericht netwerk op MVS-niveau met als hoofddoel: alle jongeren die dit nodig hebben, ondersteuning geven bij de overgang naar volwassenheid. Onderwerpen die in dit netwerk aan de orde komen zijn: o In beeld brengen waar de knelpunten zitten en waar ondersteuningsbehoefte ligt; Woonzorganalyse aandachtsgroepen
Pagina 16 van 33
• • •
4.3
o Gezamenlijk draagvlak creëren en netwerk bouwen; o Integrale aanpak voor overgang 18-/18+. Jongeren kunnen verlengde jeugdhulp weigeren bij het bereiken van het 18 e levensjaar. Het risico is dat ze dan dakloos raken. Overgang van de Jeugdwet naar de Wmo resulteert niet zelden in een verandering van woning en hulpverlening. Dit verloopt vaak met de nodige hobbels en vormt niet zelden een bedreiging voor de continuïteit van zorg en ondersteuning. Vanwege moeilijkheden met het vinden van een passende eigen woning wordt regelmatig gebruik gemaakt van verlengde jeugdhulp. Hierdoor blijft de jongere in jeugdhulp met verblijf, terwijl een eigen woning met ambulante hulp wellicht passender zou zijn.
Slachtoffers huiselijk geweld of mensenhandel
4.3.1 Profiel Kenmerken
• • •
Financiering
• • •
Landelijke en regionale kaders
• • • •
Inwoners die in de Vrouwenopvang (VO) instromen, wonen of uitstromen. Dit zijn slachtoffers van huiselijk geweld die opvang nodig hebben in verband met de veiligheidssituatie. VO wordt regionaal vormgegeven voor de gemeenten Maassluis, Vlaardingen en Schiedam. Daarbij vervult Vlaardingen de rol van centrumgemeente. Screening van meldingen rondom huiselijk geweld wordt uitgevoerd door de organisatie ‘Veilig Thuis’. Er zijn drie mogelijke uitkomsten: o Code rood – er is sprake van een acute onveiligheid, huisvesting buiten de regio MVS is per direct noodzakelijk. Personen worden door heel Nederland geplaatst op basis van beschikbaarheid bij VO-instellingen in het land. o Code oranje – er is sprake van een structurele onveilige en complexe situatie, Huisvesting elders is gewenst. Personen worden geplaatst in de opvang in eigen regio op basis van beschikbaarheid. o Code groen – complexe levenssituatie, er is geen huisvesting elders nodig, wel ondersteuning bij herstel en behoud van veiligheid en zelfredzaamheid. Het Rijk biedt de gemeente financiële middelen via de Duvo (Decentralisatie uitkering vrouwenopvang). De gemeente contracteert partijen en verleent hen subsidie voor de te verlenen activiteiten, hulp, ondersteuning en begeleiding. Dit verloopt voor een deel via de Wmo (Wet maatschappelijke ondersteuning).
Als centrumgemeente beheert Vlaardingen de geldelijke middelen voor de regio voor de VO. Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) Verordening maatschappelijke ondersteuning MVS Regionale visie vrouwenopvang regio Rotterdam Rijnmond Uitvoeringsplan regiovisie BWMOVO (in ontwikkeling)
4.3.2 Voorzieningen De vrouwenopvang wordt vormgegeven door Stichting Elckerlyc en Stoed. Stichting Elckerlyc biedt daartoe vijf voorzieningen aan, die ook toegankelijk zijn voor mannen die slachtoffer zijn van huiselijk geweld: noodplek, crisisopvang, opvang na huiselijk geweld, ambulante crisisbegeleiding en laagdrempelige daderondersteuning. Arosa (een VO-organisatie in Rotterdam) biedt in de MVS-regio Aware trajecten aan. Stoed biedt vier woningen aan voor opvang na huiselijk geweld. Deze voorzieningen worden georganiseerd op MVS-niveau. Elckerlyc – Noodplek Personen of gezinnen die acuut onveilig zijn door huiselijk geweld krijgen in de risicoscreening code rood. In dat geval wordt hen direct veilig opvang geboden middels een noodplek in de noodopvang. De plaatsing verloopt via Veilig Thuis. Het doel van plaatsing in een noodplek is om deze personen zo snel als mogelijk naar een veilige plek binnen Nederland te verplaatsen. Indien plaatsing moet gebeuren tijdens een weekend of feestdagen worden deze personen tijdelijk gehuisvest in een hotel. Dit is ook het geval als de twee noodplekken bezet zijn. De mensen kunnen maximaal vijf dagen op de noodplek blijven. Onderstaande tabel geeft verdere informatie weer over de noodplekken (over 2022). Woonzorganalyse aandachtsgroepen
Pagina 17 van 33
Kenmerk Regio Aantal Bezetting (percentage beschikbare nachten benut) Totaal aantal cliënten Gem. duur in dagen Gem. duur t.o.v. max duur
Informatie MVS 2 woningen 64% 32 10,9 198,8%
Elckerlyc – Crisisopvang Personen of gezinnen die code oranje toegewezen door Veilig Thuis worden verwezen naar de wijkteams die onderzoeken of er voorliggende voorzieningen zijn in de wijk. Als gespecialiseerde ondersteuning noodzakelijk is dan worden zij bij Elckerlyc aangemeld en op basis van beschikbaarheid geplaatst in de crisisopvang. De crisisopvang is eveneens opvang voor gezinnen die door complexe maatschappelijke problemen dakloos zijn geraakt. De voorziening is beschreven in paragraaf 2.2.2. Elckerlyc – Opvang na Huiselijk Geweld Opvang na Huiselijk Geweld is een vervolgopvang voor personen die als gevolg van huiselijk geweld zijn opgenomen in een noodplek of de crisisopvang. De mensen kunnen maximaal 252 dagen in de opvang verblijven. Onderstaande tabel geeft verdere informatie weer over de Opvang na Huiselijk Geweld (over 2022). Kenmerk Regio Aantal Bezetting (percentage beschikbare nachten benut) Totaal aantal cliënten Gem. duur in dagen Gem. duur t.o.v. max duur
Informatie MVS 10 woningen 96% 43 239,4 94,6%
Na uitstroom uit de voorzieningen van Elckerlyc krijgen cliënten die duurzaam uitstromen in MVS een woonzorgcontract dat in basis na een jaar ‘omklapt’ naar een reguliere huurovereenkomst. De voorwaarde hiervoor is dat de client in dat jaar tijdig de huurpenning afdraagt en geen woonoverlast veroorzaakt. Elckerlyc - Ambulante Crisisbegeleiding Aan cliënten die na melding bij Veilig Thuis, thuis of in een andere veilige huisvesting verblijven binnen MVS, wordt ambulante begeleiding door Elckerlyc geboden. Met deze begeleiding ‘op afstand’ kan voorkomen worden dat het geweld thuis verder oploopt en/of kan cliënt geholpen worden bij vertrek. Deze ambulante begeleiding richt zich alleen op veiligheid. Voorwaarde is dat het thuis veilig genoeg is om daar te blijven wonen, of dat cliënt zelf andere veilige huisvesting heeft gevonden. Er is ruimte voor 14 trajecten van een half jaar. Elckerlyc – Laagdrempelige daderondersteuning Voor mannen en vrouwen in de MVS-regio die als agressor betrokken zijn bij huiselijk geweld en verder willen zonder geweld was er de afgelopen jaren een supportgroep. Deelnemers nemen op vrijwillige basis deel aan twee wekelijkse bijeenkomsten. Een deelnemer kan zichzelf aanmelden, waarna een telefonische intake plaats vindt. Instromen kan op ieder moment zolang de groep niet vol zit. De groepsgrootte is maximaal 10 deelnemers per bijeenkomst.
Op dit moment wordt dit aanbod niet meer gefinancierd. Het is wel als wens opgenomen in de regionale visie Huiselijk Geweld en Kindermishandeling van 2024. Arosa - AWARE AWARE staat voor Abused Womens’ Active Response Emergency en wordt vaak ingezet bij bedreigingen die voortkomen uit geweld door een (ex-)partner. Door AWARE kan de politie snel ingrijpen bij dreigende situaties, waardoor de bedreigde persoon, meestal vrouw, zich veiliger voelt. Medewerkers van Arosa begeleiden de client bij het inschatten van de risico’s en het maken van een veiligheidsplan. Als de risico’s ernstig zijn, ontvangt de client na overleg met de politie een draagbaar alarm. Naast het alarmsysteem vinden er gesprekken plaats om de weerbaarheid van client te vergroten. Woonzorganalyse aandachtsgroepen
Pagina 18 van 33
4.3.3 Cijfers Landelijk blijkt uit cijfers van het CBS8 dat zo’n 8% van de mensen ouder dan 16 jaar (totaal 1,2 miljoen mensen) te maken heeft met huiselijk geweld. In 2022 zijn in Vlaardingen 687 meldingen gedaan bij Veilig Thuis in verband met onveilige situaties. In 2021 waren dit er, volgens een dashboard van het CBS, nog zo’n 655. De verwachting is dat dit aantal weer stijgt in 2023 naar, naar schatting op basis van de cijfers t/m oktober 2023, zo’n 740 meldingen. Op het moment van schrijven (januari 2024) bestaat er een wachtlijst van vijf mensen binnen categorie code oranje bij stichting Elckerlyc. In Maassluis zijn er in 2021 in totaal 245 meldingen gedaan bij Veilig Thuis in verband met onveilige situaties. In 2022 is dit aantal gestegen naar 275. Het aantal schommelt door de jaren heen. 4.3.4 •
•
•
4.4
Knelpunten en ontwikkelingen Bij Elckerlyc zijn hulpverleners werkzaam, vooral in de richting van Social Work, Sociaal Pedagogische Hulpverlening (SPH) en Psychologie. Daarnaast zijn alle medewerkers geschoold in de methodieken krachtwerk en/of veerkracht en trauma- en gendersensitief werken. Medewerkers verwijzen cliënten indien nodig naar specialistische hulpverlening. Bij het denken in oplossingen wordt (naast voldoende beschikbaarheid van (tijdelijke) woningen) vooral opgeroepen tot eerder signaleren, meer preventie, hulp en ondersteuning hierop verder ontwikkelen. Dat vraagt ook om meer bewustwording in de samenleving en op de ‘vindplaatsen’. Momenteel zijn er wachtlijsten voor plaatsing in alle voorzieningen. Dit zorgt ervoor dat veilige situaties kunnen escaleren.
Beschermd Wonen (Wmo)
Volgens de definitie van de Rijksoverheid is Beschermd wonen “voor volwassenen met psychische of psychosociale problemen die 24 uur per dag nabijheid nodig hebben”. In de praktijk zijn onder deze term diverse groepen en woonzorgvormen ontstaan. Voor de context Maassluis en Vlaardingen is dat in deze paragraaf uitgewerkt. NB Omdat Vlaardingen centrumgemeente is voor het Beschermd Wonen, verblijven er ook inwoners van Vlaardingen in een BW-voorziening in Schiedam. Andersom kunnen ook Schiedammers in BWvoorzieningen in Maassluis en Vlaardingen worden geplaatst. In de cijfers is dit niet altijd helder uit te splitsen. 4.4.1 Profiel Kenmerken
Financiering Landelijke en regionale kaders
• • • • • • • • •
18 jaar of ouder Psychische of psychosociale problemen 24 uur per dag nabijheid nodig Niet zelfstandig kunnen wonen zonder begeleiding In de toekomst weer zelfstandig kunnen wonen (doel WMO <3 jaar; lukt dit niet (ook na verlengingen), dan doorstroom naar Wlz) Indicering via de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) Richtlijn regionale afspraken tussenvormen Beschermd Wonen Uitvoeringsplan regiovisie BWMOVO (in ontwikkeling)
4.4.2 Voorzieningen Feitelijk vormt Beschermd Wonen een voorziening van wonen met permanente, vaak intensieve begeleiding. De MVS-gemeenten kiezen ervoor om (vooralsnog) regionaal samen de voorzieningen voor Beschermd wonen te organiseren en te betalen. Dit verloopt via de Gemeenschappelijke Regeling Rogplus. Rogplus contracteert de partners voor Beschermd Wonen. Al deze partners bieden voor inwoners van Vlaardingen en Maassluis voorzieningen aan: woonvormen (in een appartementengebouw, in losse woningen in één wijk of in een gezamenlijke woning) waarin de doelgroep kan werken aan herstel via persoonlijke begeleiding.
8 Impactmeting Huiselijk geweld en kindermishandeling 2020
Woonzorganalyse aandachtsgroepen
Pagina 19 van 33
Rogplus koopt Beschermd Wonen in op basis van capaciteit. Er is daarom geen vast aantal plekken beschikbaar. Voordeel van deze werkwijze is dat er geen leegstand ontstaat. Nadelig is dat personen van de wachtlijst niet direct geplaatst kunnen worden, omdat dan eerst uitbreiding van de capaciteit nodig is. Binnen BW wordt gewerkt met drie verschillende indicaties: een instroomprofiel (max. 6 maanden), een ondersteuningsprofiel (max. 2 jaar) en een uitstroomprofiel (max. 6 maanden). De onderstaande 9 organisaties zijn gecontracteerd voor BW via Rogplus. Met enkele organisaties (zoals Leger des Heils) zijn afgelopen jaren bij incidenten maatwerk afspraken gemaakt. • Elckerlyc • New Life Living • Stoed • GGZ Delfland • Pameijer • Timon • Jados • Pret in Herstel • Zero & Sano 4.4.3 Cijfers In juli 2023 zijn er in de MVS regio 113 cliënten met een indicatie voor Beschermd Wonen vanuit de Wmo: 13 in Maassluis, 33 in Vlaardingen en 67 in Schiedam. Uit de cijfers blijkt dat de gemiddelde uitstroom zo’n 4 à 5 cliënten per maand is. Daar tegenover staat nieuwe instroom van zo’n 2 à 3 cliënten per maand.