CConstaterende datVlaardingen
Koppel je AI →
Document · PDF

ROGplus Voorlopige Jaarstukken ROGplus 2020 ter informatie

Gemeenteraad 20 mei 2021, gemeente VlaardingenBij agendapunt: Zienswijze begroting 2022 ROGplus22.887 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Er zijn vijf datalekken geweest in 2020, waarvan er één melding bij de Autoriteit Persoonsgegevens is gedaan van een verkeerd verzonden e-mail met daarin een medisch rapport. Na beoordeling van de andere datalekken door de functionaris gegevensbescherming bleek geen melding nodig te zijn. De datalekken bij Rogplus betreffen menselijke fouten op individuele dossiers en geen grote inbreuken waarbij meerdere personen betrokken zijn. In 2019 waren er drie datalekken en geen melding bij de Autoriteit Persoonsgegevens. Net als in 2019 zijn in 2020 geen officiële aanvragen geweest van cliënten voor bijvoorbeeld het recht op inzage, verwijdering of rectificatie van gegevens op basis van de AVG. Rogplus heeft met folders en brieven cliënten geïnformeerd over wat met hun persoonsgegevens wordt gedaan. 3.3.5 Financieel beheer Financieel beleid De voornaamste taak van de financiële functie is het adviseren en ondersteunen van het bestuur, het management en de MVS-gemeenten op het gebied van financiën. Het doel daarbij is de ambities en verantwoordelijkheden waar te maken onder de voorwaarde van een evenwichtige financiële huishouding nu en in de toekomst. Het voornaamste onderdeel hiervan zijn de samenstelling en tijdige aanlevering van de planning en control producten (P&C): kaderbrief, begroting, tussenrapportages en jaarstukken.

Planning & Control In 2020 is de ontwikkeling van de P&C cyclus verder doorgezet. De tussenrapportages worden elk kwartaal opgesteld en lopen gelijk met de aanlevering van financiële gegevens aan het CBS. De begroting 2020 is gewijzigd volgens om beter aan te sluiten op de actuele contracten voor Wmohulpmiddelen. Zowel de jaarstukken 2019 als de begroting 2021 zijn gepubliceerd op de website en als infographic in het Rogplus Magazine. Financiële Functie Rogplus heeft in 2020 geïnvesteerd om de kwaliteit van de financiële functie te verbeteren. Team Financiën is versterkt met medewerkers die gespecialiseerd zijn in de financiën van de lokale en bovenlokale jeugdzorgkosten. Ook is de taakverdeling binnen het team beter aangesloten op de Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus

23

behoefte van de organisatie. De aanbevelingen van de accountant uit het verslag van bevindingen over de jaarstukken en de interim-controle zijn in 2020 grotendeels opgepakt. Dit heeft geleid tot een afname van het aantal aandachtspunten. Een punt van aandacht voor de financiële functie was de inning van eigen bijdragen door het CAK. Het CAK heeft de toelevering van gegevens voor de inning van eigen bijdragen geautomatiseerd. Sinds 2020 levert Rogplus met de module iEB in Rondom via het berichtenverkeer de gegevens van haar cliënten aan. Door problemen met de implementatie van deze werkwijze aan de kant van het CAK heeft de aanlevering van gegevens enkele maanden en daarmee de facturatie aan de cliënten stil gelegen. Medio 2020 heeft Rogplus alle benodigde gegevens succesvol overgedragen aan het CAK. Bij de verwerking van deze gegevens bij het CAK zijn echter fouten opgetreden, die ertoe hebben geleid dat de facturatie van de eigen bijdragen door het CAK niet altijd goed is verlopen. Verschillende cliënten van Rogplus hebben hier last van gehad. Om de onvrede over de gang van zaken te uiten hebben Rogplus en de MVS-gemeenten twee brieven aan het CAK gestuurd. Rechtmatigheid De rechtmatigheidaspecten monitort Rogplus door verbijzonderde interne controles (VIC’s).

Een VIC behelst een controle op de werking van de interne controle die medewerkers zelf uitvoeren als onderdeel van hun reguliere werkprocessen. De resultaten van de VIC’s worden gedeeld met de accountant. De accountant toetst mede op basis van de VIC’s of de in de programmarekening opgenomen baten en lasten, de balansmutaties en de vastlegging daarvan in de administraties en de financiële verslaglegging in overeenstemming zijn met de begroting, wetten en verordeningen. In september is bericht ontvangen van Gedeputeerde Staten (GS) dat de begroting 2021 voldoet aan de gestelde eisen in wet- en regelgeving. Hiermee is voldaan aan de belangrijkste voorwaarden om voor repressief begrotingstoezicht in aanmerking te komen. De accountant heeft over de jaarstukken 2019 een goedkeurend oordeel verstrekt. De sociale verzekeringsbank (SVB) verzorgt voor pgb-gebruikers de uitbetaling van de salarissen en declaraties. Net als voorgaande jaren heeft de SVB, op basis van eigen bevindingen en controles van de accountant, moeten stellen dat de uitvoering van de Jeugdwet en de Wmo in 2020 niet rechtmatig is geweest. Om zelf een beeld te krijgen van de rechtmatigheid van het beheer en het gebruik van pgb’s in de MVS-gemeenten heeft Rogplus steekproefsgewijs controles uitgevoerd, waarbij nagegaan is of de pgb-houders de zorg geleverd hebben gekregen, zoals geïndiceerd.

De controles laten een overwegend positief beeld zien.

Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus

24

JAARREKENING 4. Balans BALANS Stichting ROGplus Nieuwe Waterweg Noord Boekjaar 2020 Activa

31-12-2020

31-12-2019 Passiva

Vaste activa

31-12-2019

0

0

0

0

695.225

2.703.551

2.218.623

0

4.447.466

5.007.838

Vaste passiva

Materiële vaste activa Overige materiële vaste activa

346.980

Eigen vermogen 367.615 Bestemmingsreserves

Totaal vaste activa

346.980

367.615 Totaal vaste passiva

Vlottende activa

Vlottende passiva

Uitzettingen Vorderingen op openbare Overige vorderingen Liquide middelen Kas en banksaldi

31-12-2020

860.734 28.655

4.648.814

4.425.461 62.195

Vlottende schulden Overige vlottende schulden

Overlopende passiva Vooruit ontvangen bijdragen 1.616.969 van overige overheden Overige overlopende passiva

Overlopende activa Overige overlopende activa

1.476.132

1.239.150

Totaal vlottende activa

7.014.334

7.343.775 Totaal vlottende passiva

7.361.314

7.711.390

TOTAAL

7.361.314

7.711.390 Totaal

7.361.314

7.711.390

Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus

25

5. Overzicht van baten en lasten 5.1 Uitgangspunten Rogplus verzorgt de uitvoering van de Wmo individuele verstrekkingen, Beschermd Wonen en contractmanagement voor de Jeugdwet voor de deelnemers aan de Gemeenschappelijke Regeling Nieuwe Waterweg Noord. Voor Schiedam en Maassluis voert Rogplus ook backofficetaken voor het leerlingenvervoer en jeugdhulpvervoer uit. De uitgaven en de kosten van Rogplus worden ten laste gebracht van BBV-taakvelden 0.4 Overhead, 6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO), 6.71 Maatwerkdienstverlening 18+, 6.72 Maatwerkdienstverlening 18- en 6.81 Geëscaleerde zorg18+. De inkomsten bestaan uit bijdragen in de kosten (hierna: eigen bijdragen) voor verschillende Wmovoorzieningen, bijdragen van cliënten voor vervoer met de Regiotaxi, bijdragen van cliënten aan de Aanvullende Algemene Voorziening Schoon Huis en bijdragen van de drie MVS-gemeenten. De gemeentelijke bijdrage is het verschil tussen de uitgaven en de overige inkomsten van Rogplus. Rogplus heeft hierom per definitie een sluitende begroting. Deze inkomsten worden verantwoord onder BBV-taakvelden 0.8 Overige baten en lasten, 6.71 Maatwerkdienstverlening 18+ en 6.81 Geëscaleerde zorg18+. De programmaverantwoording is opgesteld volgens het stelsel van baten en lasten. Voor zover mogelijk zijn alle directe verplichtingen uit de in 2020 ingediende aanvragen verwerkt in het resultaat.

Hiertoe zijn alle bekende verplichtingen meegenomen en verwerkt in de jaarcijfers. In deze jaarstukken zijn de uitgaven van Rogplus als positieve bedragen opgenomen en de inkomsten als negatieve. Deze worden voorafgegaan door het teken ‘-‘. Medio 2019 is de primaire begroting 2020 van Rogplus vastgesteld. Op basis van voortschrijdende inzichten is begin 2020 voorgesteld deze primaire begroting te wijzigen. De wijziging is medio 2020 vastgesteld. De begrotingswijziging is voorgesteld voordat de COVID-19-pandemie uitbrak en houdt daarom geen rekening met de financiële effecten van de coronamaatregelen op de Wmo in de MVSgemeenten.

5.2 Totaaloverzicht Baten/ Lasten Lasten Baten Eindtotaal

Primaire Gewijzigde Werkelijk Begroting Begroting Werkelijk 2019 2020 2020 2020 68.765.166 70.744.553 75.336.100 70.257.845 -68.765.166 -70.744.553 -75.336.100 -70.257.845 -

Lasten: Programma Wmo Beschermd Wonen Overhead Eindtotaal

Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus

Werkelijk 2019 47.291.083 17.655.029 3.819.054 68.765.166

Primaire Gewijzigde Begroting Begroting 2020 2020 48.305.050 52.287.200 18.177.000 18.473.900 4.262.503 4.575.000 70.744.553 75.336.100

Werkelijk 2020 47.761.063 18.583.662 3.913.120 70.257.845

26

Baten: Onderdeel Bijdrage gemeenten Eigen bijdragen Inkomsten Regiotaxi Bijdrage aanvullende alg. vz. Schoon huis Onttrekking reserve HHT Eindtotaal

Primaire Gewijzigde Werkelijk Begroting Begroting Werkelijk 2019 2020 2020 2020 -64.235.289 -67.150.553 -71.910.200 -67.450.715 -2.697.091 -3.050.000 -2.689.500 -2.268.604 -577.167 -544.000 -623.000 -344.049 -113.400 -194.478 -1.255.620 -68.765.166 -70.744.553 -75.336.100 -70.277.388

De totale lasten van Rogplus over 2020 zijn per saldo € 7.314.706 lager dan begroot. De inkomsten uit eigen bijdragen van cliënten (inclusief bijdragen voor de Regiotaxi) zijn € 618.770 lager uitgevallen dan begroot. Het totaal van de gemeentelijke bijdragen valt € 6.695.936 lager uit dan begroot. Inherent aan de financieringswijze van Rogplus is het resultaat € 0. De volgende tabel geeft de baten en lasten weer per BBV-taakveld: Baten/ Lasten Lasten

Totaal Lasten Baten

Taakveld BBV 0.4 Overhead 6.6 Maatwerkvoorziening (WMO) 6.71 Maatwerkdienstverlening 18+ 6.72 Maatwerkdienstverlening 186.81 Geëscaleerde zorg 18+ 0.10 Mutatie reserves 0.8 Overige baten en lasten 6.71 Maatwerkdienstverlening 18+ 6.81 Geëscaleerde zorg 18+

Totaal Baten Eindtotaal

Primaire Gewijzigde Werkelijk Begroting Begroting Werkelijk 2019 2020 2020 2020 1.987.270 3.802.503 4.029.800 3.367.920 6.112.933 4.543.027 5.132.200 4.747.791 41.178.150 43.762.023 47.155.000 43.013.272 1.831.784 460.000 545.200 545.200 17.655.029 18.177.000 18.473.900 18.583.662 68.765.166 70.744.553 75.336.100 70.257.845 -1.255.620 -64.235.289 -67.150.553 -71.910.200 -67.450.715 -1.925.727 -2.394.000 -2.225.900 -1.667.941 -1.348.530 -1.200.000 -1.200.000 -1.139.189 -68.765.166 -70.744.553 -75.336.100 -70.257.845 -

De tabel hieronder geeft per programma de baten en lasten per BBV-taakveld weer Programma Wmo

Baten/ Lasten Lasten Totaal Lasten Baten

Taakveld BBV 6.6 Maatwerkvoorziening (WMO) 6.71 Maatwerkdienstverlening 18+ 0.10 Mutatie reserves 0.8 Overige baten en lasten 6.71 Maatwerkdienstverlening 18+

Totaal Baten Totaal Wmo Beschermd Wonen

Lasten Totaal Lasten Baten

6.81 Geëscaleerde zorg 18+ 0.8 Overige baten en lasten 6.81 Geëscaleerde zorg 18+

Totaal Baten Totaal BW Overhead

Lasten Totaal Lasten Baten

0.4 Overhead 6.72 Maatwerkdienstverlening 180.10 Mutatie reserves 0.8 Overige baten en lasten

Totaal Baten Totaal Overhead Eindtotaal Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus

Werkelijk 2019 6.112.933 41.178.150 47.291.083 -1.243.307 -44.122.049 -1.925.727 -47.291.083 17.655.029 17.655.029 -16.306.499 -1.348.530 -17.655.029 1.987.270 1.831.784 3.819.054 -12.313 -3.806.741 -3.819.054 -

Primaire Begroting 2020 4.543.027 43.762.023 48.305.050 -45.911.050 -2.394.000 -48.305.050 18.177.000 18.177.000 -16.977.000 -1.200.000 -18.177.000 3.802.503 460.000 4.262.503 -4.262.503 -4.262.503 -

Gewijzigde Begroting 2020 5.132.200 47.155.000 52.287.200 -50.061.300 -2.225.900 -52.287.200 18.473.900 18.473.900 -17.273.900 -1.200.000 -18.473.900 4.029.800 545.200 4.575.000 -4.575.000 -4.575.000 -

Werkelijk 2020 4.747.791 43.013.272 47.761.063 -46.093.121 -1.667.941 -47.761.063 18.583.662 18.583.662 -17.444.473 -1.139.189 -18.583.662 3.367.920 545.200 3.913.120 -3.913.120 -3.913.120 -

27

5.3 Doorberekening gemeenten De totale kosten van Rogplus worden verdeeld over de drie gemeenten (Maassluis, Schiedam en Vlaardingen) en afgerekend. Ter financiering van de lopende uitgaven, wordt maandelijks een voorschot verkregen op deze eindafrekening. Bij de toerekening van de kosten gaat per programma als volgt: • Wmo. De kosten worden per gemeente geregistreerd en op basis van werkelijkheid ten laste van de woonplaats van de cliënt toegerekend. Voor Regiotaxi zijn de kosten verdeeld op basis van het aantal verreden ritten en kilometers per gemeente. De directe opbrengsten en eigen bijdragen zijn in mindering gebracht op de kosten. • Beschermd Wonen. De uitvoering van Beschermd Wonen voor Maassluis, Vlaardingen en Schiedam valt vanaf 1 januari 2015 onder de verantwoordelijkheid van centrumgemeente Vlaardingen. De gemaakte kosten worden per gemeente geregistreerd, maar verantwoord bij de centrumgemeente Vlaardingen. Vanaf 2022 wordt de centrumregeling geleidelijk afgebouwd. • Overhead. Conform de Gemeenschappelijke Regeling worden deze kosten over de gemeenten verdeeld aan de hand van de in de volgende paragraaf genoemde verdeelsleutel. Verdeelsleutel De verdeelsleutel van de kosten van de uitvoering 2019 over de drie gemeenten is afgestemd met de financiële commissie. Uitgangspunt is hierbij een evenwichtige verdeling op basis van een aantal kengetallen.

De vastgestelde kengetallen zijn; • AOV-vervoer (aantal pashouders); • het aantal unieke cliënten; • het aantal aanvragen; • het aantal aanmeldingen. De verdeelsleutel kan per jaar fluctueren op basis van bovengenoemde aantallen. De eventuele formatieve consequenties en kosten van deelname van Rogplus in de wijkteams zullen worden meegenomen aan de hand van de evaluatie samenwerking Rogplus en de wijkteams. De verdeling van de kosten is in 2020 gebaseerd op de volgende verdeelsleutel: • Maassluis 18,0% • Vlaardingen 42,0% • Schiedam 40,0% De doorberekening aan de gemeenten geeft het volgende beeld:

Gemeente

Programma

Maassluis

Wmo Beschermd Wonen Overhead

Totaal Maassluis Vlaardingen

Wmo Beschermd Wonen Overhead

Totaal Vlaardingen Schiedam Wmo Beschermd Wonen Overhead Totaal Schiedam Eindtotaal Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus

Werkelijk 2019 -7.326.821 -660.096 -7.986.917 -18.410.922 -16.306.499 -1.577.602 -36.295.023 -18.384.307 -1.569.043 -19.953.349 -64.235.289

Primaire Begroting 2020 -7.633.785 -776.451 -8.410.236 -18.848.265 -16.977.000 -1.781.051 -37.606.316 -19.429.000 -1.705.001 -21.134.001 -67.150.553

Gewijzigde Begroting 2020 -8.859.900 -842.800 -9.702.700 -20.312.300 -17.273.900 -1.881.400 -39.467.600 -20.889.100 -1.850.800 -22.739.900 -71.910.200

Werkelijk 2020 -7.913.080 -723.610 -8.636.689 -18.734.980 -17.444.473 -1.603.434 -37.782.887 -19.445.062 -1.586.076 -21.031.138 -67.450.715 28

Ten opzichte van de begroting vallen de bijdragen van de drie gemeenten in totaal € 4.459.485 lager uit. De bijdrage van Maassluis is € 1.066.011 lager dan begroot, Vlaardingen € 1.684.713 en Schiedam € 1.708.762.

5.4 Onvoorzien Rogplus heeft in 2020 geen posten als onvoorzien aangemerkt en geboekt. Uitgaven voortkomend uit de coronamaatregelen (compensatie en meerkosten) zijn verantwoord binnen de voor de verschillende soorten Wmo-voorzieningen bedoelde begrotingsonderdelen.

5.5 Incidentele baten en lasten COVID-19 Rogplus heeft kosten gemaakt om haar bedrijfsvoering aan te passen op de coronamaatregelen. Hetzelfde geldt voor veel Wmo-leveranciers. Zowel de kosten van Rogplus, als die van de zorgleveranciers zijn verantwoord in deze jaarstukken. Voor de coronakosten van de leveranciers geldt dat deze kosten specifiek betrekking hebben op de dienstverlening aan cliënten in de MVSgemeenten. Het bestuur van Rogplus heeft in haar vergadering van 4 juni 2020 de voorwaarden vastgesteld waaronder leveranciers coronagerelateerde kosten vergoed kunnen krijgen. Alle aanvragen zijn getoetst aan deze voorwaarden en alleen de akkoord bevonden aanvragen zijn uitgekeerd. In de jaarcijfers zijn de volgende vormen van ‘coronakosten’ verwerkt: • Rogplus heeft in de eerste helft van het jaar de richtlijn van de VNG gevolgd om zorgaanbieders (deels) te compenseren voor gederfde omzet en meerkosten als gevolg van coronamaatregelen te vergoeden. Met Noot, de vervoerder die in de MVS-gemeenten de Regiotaxi verzorgd, zijn aanvullende afspraken gemaakt om de continuïteit van de Regiotaxi te waarborgen. • Het besluit van het Rijk om (met uitzondering van Beschermd Wonen) geen eigen bijdragen te innen in april en mei leidt tot minder inkomsten voor Rogplus. Het Rijk compenseert de gemeenten voor de gemiste inkomsten.

• Zowel aanbieders als Rogplus hebben extra uitvoeringskosten gemaakt. Bijvoorbeeld voor de aanschaf van laptops (thuis werken), spatschermen, bewegwijzeringsstickers, handgel en mondkapjes. De volgende tabel geeft per begrotingsonderdeel en per gemeente een overzicht van de in deze jaarstukken verantwoorde uitgaven die specifiek toe te schrijven zijn aan de coronamaatregelen. Veruit het grootste deel van de in deze jaarcijfers opgenomen coronagerelateerde kosten is de compensatie voor de omzetderving van Noot (Regiotaxi). Onderdeel Corona omzetderving Regiotaxi Meedoen in de Stad Beschermd Wonen Corona meerkosten Beschermd Wonen Regiotaxi Meedoen in de Stad Scootmobielen Overhead Eindtotaal

Maassluis Vlaardingen Schiedam Rogplus Eindtotaal 342.620 674.557 574.731 0 1.591.908 334.043 618.903 544.781 0 1.497.727 8.576 20.330 29.951 0 58.857 35.324 0 35.324 15.506 217.743 53.108 59.583 345.940 165.639 0 165.639 9.063 31.196 23.755 0 64.013 5.716 14.127 18.552 0 38.396 727 6.780 10.801 0 18.309 0 0 0 59.583 59.583 358.126 892.300 627.839 59.583 1.937.848

Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus

29

Desinvesteringen locatie Uiverlaan In het eerste kwartaal van 2020 is definitief besloten dat Rogplus verhuist van de locatie aan de Uiverlaan 20b in Maassluis naar de nieuwe locatie aan de Westlandseweg 1 in Maassluis. Als gevolg hiervan heeft Rogplus verschillende aan de oude locatie gekoppelde activa af moeten waarderen. De totale omvang van deze desinvesteringen bedraagt € 135.316. De activastaat in paragraaf 6.2 geeft aan welke activa voor welk bedrag zijn afgewaardeerd.

Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus

30

6. Toelichtingen 6.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de voorschriften die het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) daarvoor geeft. Ook is de jaarrekening in overeenstemming met de WNT opgesteld. De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. De activa en passiva zijn opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskostengerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden, overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken en dergelijke.

Voor arbeidskostengerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten vier jaar. Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (bijvoorbeeld reorganisaties) dient wel een verplichting opgenomen te worden. Vaste activa Materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen de verkrijgings- c.q. vervaardigingsprijs. Slijtende investeringen worden vanaf het moment van ingebruikneming lineair afgeschreven in de verwachte gebruiksduur, waarbij rekening wordt gehouden met de eventuele restwaarde. Bij de waardering wordt in voorkomende gevallen rekening gehouden met een bijzondere vermindering van waarde, indien deze naar verwachting duurzaam is. De volgende tabel geeft aan welke verwachte toekomstige levensduur wordt gehanteerd bij de aangeschafte vaste activa. Inventaris Hardware Inrichting Uiverlaan Inventaris Uiverlaan Software

10 3 20 10 5

Vorderingen Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar. De vorderingen zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde. De opgenomen vorderingen vallen volgens artikel 39 van het BBV in de categorie ‘vorderingen op openbare lichamen’. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen. Met betrekking tot de eigen bijdragen die het CAK int en aan Rogplus afdraagt geldt op basis van de Kadernota rechtmatigheid 2017 van de commissie BBV het volgende. Rogplus kan op basis van de overzichten van het CAK wel de aantallen personen, soort en omvang van de zorgverlening beoordelen per gemeente met de eigen WMOadministratie. Rogplus mist echter inzicht in de inbaarheid van vordering. Ook kan het CAK Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus

31

eigenstandig vrijstelling verlenen voor het afdragen van een eigen bijdrage. Hierdoor zijn de overzichten van het CAK voor Rogplus ontoereikend om de juistheid op persoonsniveau en volledigheid van de eigen bijdragen als geheel te kunnen vaststellen. Door de systematiek te kiezen van het vaststellen van de eigen bijdragen door het CAK, heeft de wetgever in feite bepaald, dat de verantwoordelijkheid voor de juistheid en volledigheid van de eigen bijdragen geen Rogplus verantwoordelijkheid is. Dat betekent dat door Rogplus namens de gemeente geen zekerheden over omvang en hoogte van de eigen bijdragen kunnen worden verkregen. Passiva Onder “Bestemming resultaat” staan de toevoegingen of onttrekkingen vermeld uit hoofde van de bestemming van het resultaat van het voorgaande boekjaar. Onder bijdragen van derden zijn de bijdragen van derden opgenomen die direct gerelateerd zijn aan de investering in het vastgestelde project. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. De Wmo-verplichtingen hebben betrekking op aanvragen tot en met het boekjaar waarvan de afhandeling nog niet helemaal heeft plaatsgevonden. Zodra een aanvraag is ontvangen, ontstaat voor Rogplus een verplichting.

Aanvragen bevinden zich in diverse stadia van het afhandelingsproces, zoals onderzoeksfase, besluitvormingsfase, in afwachting van offerte van de leverancier en in afwachting van de factuur. Voor zaken waarvan nog geen offerte of factuur is ontvangen, wordt gebruik gemaakt van ramingen. Rogplus heeft door haar lange ervaring met het afhandelen van de aanvragen normen ontwikkeld voor de gemiddelde kosten van een voorziening. Hierdoor is Rogplus in staat de verwachte lasten van de aanvragen betrouwbaar te ramen. Bruikleen-verstrekkingen worden niet in de balans opgenomen, maar als kosten beschouwd in het jaar van aanschaf. Redenen hiervoor zijn: • Elke verstrekking heeft cliënt-specifieke kenmerken, waardoor de waardering wordt bemoeilijkt (hoe specifieker veelal de aanpassingen, hoe duurder de stoel); ook belemmert dit de verhandelbaarheid van de verstrekkingen; • Hoe individueler de aanpassing hoe moeilijker de voorziening kan worden herverstrekt; • De verwachting bestaat dat er sprake is van een continue-instroom, waardoor een zogenaamd ideaal-complex ontstaat.

Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus

32

6.2 Toelichting balans 6.2.1 Vaste activa Materiële vaste activa Materiële Vaste Activa Inventaris Inventaris Inventaris Inventaris Inventaris Inventaris Inventaris Inventaris Uiverlaan 10jr Inventaris Uiverlaan 10jr Inventaris Uiverlaan 20jr Subtotaal Inventaris Hardware Hardware Hardware Hardware Hardware Hardware Subtotaal Hardware Software Software Software Software Software Software Subtotaal Software Totaal

Jaar

Termijn (jaren) Investering

2010 2012 2015 2016 2019 2020 2021 2012 2016 2012

10 10 10 10 10 10 10 10 10 20

2016 2017 2018 2019 2020 2021

3 3 3 3 3 3

2017 2018 2019 2020 2020 2021

5 5 5 5 5 5

52.495,00 16.077,00 38.010,02 28.727,40 2.079,60 130.896,96 64.991,52 119.131,76 5.900,00 226.829,00 685.138,26 7.990,44 96.218,37 46.172,50 12.153,00 7.726,96 24.599,40 194.860,67 27.198,00 91.979,07 4.212,00 6.750,00 10.800,00 46.800,00 187.739,07 1.067.738,00

Additionele kosten

Des-investering Afschrijvingen t/m 2020

150,00 150,00 -

2.999,17 132.316,91 135.316,08 135.316,08

52.495,00 14.269,00 20.529,00 14.135,00 365,00 99.695,44 2.900,83 94.512,09 298.901,36 7.990,44 96.218,37 37.981,00 6.200,00 2.482,00 150.871,81 18.883,00 46.834,00 1.544,00 1.350,00 68.611,00 518.384,17

Jaarlijkse afschrijvingen 5.249,50 1.607,70 3.801,00 2.872,74 207,96 13.089,70 6.499,15 11.913,18 590,00 11.341,45 57.172,38 2.663,48 32.072,79 15.390,83 4.051,00 2.575,65 8.199,80 64.953,56 5.439,60 18.395,81 842,40 1.350,00 2.160,00 9.360,00 37.547,81 159.673,75

Boekwaarde 31-12-2020 1.808,00 17.481,02 14.592,40 1.714,60 130.896,96 19.436,32 185.929,30 8.191,50 5.953,00 5.394,96 24.599,40 44.138,86 8.315,00 45.145,07 2.668,00 5.400,00 10.800,00 46.800,00 119.128,07 349.196,23

Alle activa zijn verhandelbaar en derhalve van economisch nut. Vanwege de verhuizing van Rogplus is de boekwaarde van de inventaris van de oude locatie afgewaard voor zover deze niet mee is verhuisd naar de nieuwe locatie. Omdat de nieuwe locatie in 2021 in gebruik wordt genomen, zijn nog geen activa opgevoerd voor deze nieuwe locatie. 6.2.2 Vlottende activa Uitzettingen

Vorderingen op openbare lichamen Overige vorderingen

2019 4.425.461 62.195 4.487.656

2020 860.734 28.655 889.388

2019 1.408.142 208.827 1.616.969

2020 2.635.130 2.013.684 4.648.814

Liquide middelen

ABN/AMRO BNG

Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus

33

Overlopende activa

2019 Nog te ontvangen pgb van SVB Te vorderen eigen bijdrage (CAK) Terug te vorderen pgb Sociale lasten Overige

1.158.349 28.677 52.124 1.239.150

2020 236.851 1.171.925 67.356 1.476.132

Toelichting: • Nog te ontvangen pgb van SVB. Dit betreft het verschil tussen de vooruitbetaalde voorschotten aan de SVB, die sinds 1 januari 2015 de trekkingsrechten pgb verzorgt. In mindering gebracht zijn de kosten pgb zoals opgenomen in de bijlagen van de gemeenten. • Te vorderen eigen bijdrage (CAK). Deze vordering heeft betrekking op nog te ontvangen afdrachten eigen bijdrage van het CAK. • Terug te vorderen pgb. Cliënten aan wie een pgb is verstrekt, hebben de verplichting verantwoording af te leggen en eventueel te veel betaalde pgb terug te betalen. Voorzichtigheidshalve is op deze vordering een voorziening getroffen voor oninbaarheid. • Overige vorderingen. Dit betreft voornamelijk betaalde voorschotten aan zorgleveranciers, welke worden teruggevorderd, dan wel verrekend met ingediende facturen. 6.2.3 Vlottende passiva Vlottende schulden

Crediteuren

2019 2.703.551 2.703.551

2020 695.225 695.225

2019

2020 2.218.623 4.417.394 30.071 6.666.089

Overlopende passiva

Vooruit ontvangen bijdragen van overige overheden Nog te betalen kosten Zorgleveranciers Nog te betalen kosten pgb aan SVB Nog te betalen kosten Algemeen

5.043.453 15.385 5.058.838

De nog te betalen kosten vallen volgens de definitie in artikel 48 van het BBV in de categorie ‘overige schulden’. In 2020 zijn geen verplichtingen opgenomen op de balans. De post overige nog te betalen kosten bestaat voornamelijk uit te verrekenen facturen van de zorgaanbieders. De betalingen aan de zorgaanbieders zullen in de eerste maanden van 2021 plaatsvinden. 6.2.4 Niet uit de balans blijkende verplichtingen Huurverplichtingen Rogplus heeft vanaf 2021 een huurcontract voor het pand aan de Westlandseweg 1 in Maassluis. De huurovereenkomst loopt in eerste instantie tien. De huurverplichting voor de nieuwe locatie bedraagt ongeveer € 16.000 per maand.

Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus

34

ICT-diensten Rogplus heeft een contracten met externe partijen voor IT- en telecommunicatiediensten. In 2020 is een Europese aanbesteding hiervoor gedaan. Vanaf mei 2021 gaan de aanbestede contracten in. De maandelijkse kosten van deze contracten zijn om en nabij € 17.000 per maand. In 2020 bedroegen de kosten voor systeembeheer € 220.000 en voor telefonie € 45.000. Naar verwachting zullen deze kosten met het ingaan van de nieuwe contracten dalen. 6.2.5 EMU-saldo Het EMU-saldo geeft het saldo van de inkomende en uitgaande geldstromen die daadwerkelijk in het kalenderjaar hebben plaatsgevonden. Hoewel het BBV voorschrijft dat gemeenschappelijke regelingen een berekening van het EMU-saldo opnemen in het jaarverslag, doet Rogplus dit niet. De reden hiervoor is dat Rogplus een stichting is.

6.3 Toelichting overzicht baten en lasten 6.3.1 Programma Wmo Taxi- en vervoerskosten Begrotingsonderdeel

Onderdeel

Taxi- en vervoerskosten

Regiotaxi Individuele vervoerskosten Overhead

Totaal Taxi- en vervoerskosten

Werkelijk 2019 4.446.494 42.543 186.310 4.675.347

Primaire Gewijzigde Begroting Begroting 2020 2020 4.471.000 4.719.900 50.000 50.000 349.615 318.500 4.870.615 5.088.400

Werkelijk 2020 4.286.337 30.641 347.227 4.664.205

De lasten voor de regiotaxi laten een onderschrijding op de begroting zien van ongeveer 10%. Zoals eerder beschreven in het jaarverslag werden er tot medio maart 2020 ongeveer 4.500 ritten per week gemaakt door de Regiotaxi. Tijdens de eerste lockdown in 2020 werden er nog enkele honderden ritten per week gemaakt en eind 2020 lijkt het aantal ritten zich ongeveer te stabiliseren rond de 2.000 à 2.500 ritten per week. Het aantal declarabele kilometers was in 2020 fors lager dan de prognose bij het opstellen van de begroting. De onderschrijding valt lager uit dan het procentuele verlies van het aantal declarabele kilometers. Rogplus heeft, in lijn met de afspraken tussen VNG en het kabinet, met haar vervoerder een regeling getroffen die de continuïteit van de Regiotaxi borgt tot eind 2020. Scootmobielen en rolvoorzieningen Begrotingsonderdeel

Onderdeel

Scootmobielen en rolvoorzieningen

Scootmobielen Autoaanpassingen / -verstrekkingen Handbewogen rolstoelen Electrische rolstoelen Sportvoorzieningen Aandrijfunits en fietsen Kindvoorzieningen Onderhoud / depotkosten Overhead Totaal Scootmobielen en rolvoorzieningen

Werkelijk 2019 637.166 88.208 369.951 210.167 7.550 245.922 1.768.846 372.279 3.700.090

Primaire Gewijzigde Begroting Begroting 2020 2020 495.100 579.100 70.000 70.000 175.000 254.900 210.800 165.700 15.000 15.000 190.000 415.200 1.570.100 1.488.400 185.363 247.800 2.911.363 3.236.100

Werkelijk 2020 482.693 99.341 311.817 139.298 30.757 268.566 1.222.847 269.691 2.825.010

De lasten voor de scootmobielen en rolvoorzieningen laten op totaal niveau een onderschrijding zien. De verstrekkingen van rolvoorzieningen en de verdeling van de kosten over de verschillende begrotingsonderdelen fluctueren van jaar tot jaar. De verschillende soorten voorzieningen laten plussen en minnen zien ten opzichte van de begroting. Per saldo zijn deze kosten in balans met de begroting. Op het onderhoud van rolvoorzieningen is wel significant minder uitgegeven dan begroot en dan in 2019. Dit is toe te schrijven aan de nieuwe contracten, waarin Rogplus niet meer betaalt voor Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus

35

het in depot houden van niet in gebruik zijnde voorzieningen. Ook heeft Rogplus een (niet begrote) teruggave gekregen van leverancier Medipoint op een betaling voor een vervangingstraject uit 2017 en 2018. Wonen Begrotingsonderdeel

Onderdeel

Woonvoorzieningen

Verhuis- en inrichtingskosten Roerende woonvoorzieningen Woningaanpassingen Onderhoud / reparatie Overhead

Totaal Woonvoorzieningen

Werkelijk 2019 39.930 138.640 1.764.598 305.601 164.075 2.412.843

Primaire Gewijzigde Begroting Begroting 2020 2020 14.900 14.900 194.700 149.200 1.026.000 1.469.600 281.000 140.800 115.064 121.600 1.631.664 1.896.100

Werkelijk 2020 62.240 140.251 1.294.670 294.145 131.474 1.922.780

Op het gebied van Wonen komt het werkelijk uitgegeven bedrag dicht in de buurt van wat er begroot is. In 2020 vallen de kosten iets hoger uit dan begroot. De uitgaven zijn wel lager uit dan in 2019. De uitgaven voor woningaanpassingen blijven een onzekere factor. We zien de trend zich voortzetten dat steeds meer mensen gedwongen worden om langer zelfstandig thuis te blijven wonen omdat het aantal geschikte woningen schaars is. De kosten kunnen ineens stijgen als een grote woningaanpassing wordt opgeleverd. De kosten voor onderhoud en reparatie van woningaanpassingen vallen hoger uit dan begroot, omdat abusievelijk de kosten van het onderhoud aan niet-roerende woonvoorzieningen niet zijn opgenomen in de begroting. Dit is in 2021 gecorrigeerd. Schoon Huis Begrotingsonderdeel

Onderdeel

Schoon Huis

Algemene voorziening Schoon huis Maatwerkvoorzieningen Aanvullende algemene voorziening Arrangementen / Overgangsrechten Zorg in natura HHT pgb Overhead

Totaal Schoon Huis

Werkelijk 2019 16.166.224 813.734 748.996 1.219.201 18.948.155

Primaire Gewijzigde Begroting Begroting 2020 2020 16.645.600 3.040.500 440.400 18.449.000 880.000 543.500 1.103.785 1.172.700 20.432.785 21.842.700

Werkelijk 2020 10.545.276 522.089 754.573 7.310.866 442.000 1.274.288 20.849.092

Sinds 1 januari wordt hulp bij het huishouden als algemene voorziening aangeboden aan de inwoners van de MVS-gemeenten. Nieuwe en vervangende beschikkingen voor hulp bij het huishouden worden op basis van deze algemene voorziening verstrekt met aanvullend de mogelijkheid van een maatwerkvoorziening of de aanvullende algemene voorziening. De aanvullende algemene voorziening is bedoeld als opvolger van de in 2019 afgelopen regeling HHT (Huishoudelijke Hulp Toelage). In 2020 zijn alle arrangementen omgezet naar de nieuwe systematiek van de algemene voorziening met aanvullende mogelijkheden. Daarom heeft ROGplus in 2020 nog te maken met lasten voor overgangsrechten voor hulp bij het huishouden. Deze zijn niet als dusdanig begroot, maar zijn in de jaarcijfers wel zo inzichtelijk gemaakt. De lasten voor schoon huis laten een onderschrijding op de begroting zien van ongeveer 5%. Vanaf 2019 zijn de lasten voor schoon huis fors gestegen door de invoering van het abonnementstarief in combinatie met een stijging van de uurlonen als gevolg van de Algemene Maatregel van Bestuur reële prijs Wmo-2015. In 2019 steeg het aantal clienten met gemiddeld 50 per maand en in 2020 is dat gemiddeld 25. Bij het opstellen van de begroting 2020 was rekening gehouden met een mindere afvlakking van de nieuwe instroom. Daarnaast maken minder cliënten gebruik van de maatwerkvoorziening schoon huis.

De COVID-19-pandemie heeft impact gehad op de lasten voor schoon huis. De meeste cliënten zijn voorzichtig en willen het aantal mensen in hun huis zo klein Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus

36

mogelijk houden, dus ook de huishoudelijke hulp was bij een aantal cliënten (tijdelijk) niet meer welkom. Ook hier heeft Rogplus, in lijn met de afspraken tussen VNG en het kabinet, met haar zorgaanbieders een regeling getroffen over omzetgarantie tot 1 juli 2020. Meedoen in de Stad Begrotingsonderdeel

Onderdeel

Meedoen in de Stad

Meedoen in de Stad - niet ouderen Meedoen in de Stad - ouderen Meedoen in de Stad / Begeleiding Zorg in natura pgb Overhead

Totaal Meedoen in de Stad

Werkelijk 2019 12.953.620 2.272.813 1.088.074 16.314.507

Primaire Gewijzigde Begroting Begroting 2020 2020 10.227.800 2.514.800 12.878.700 2.590.000 2.227.400 1.179.423 1.240.500 16.648.123 16.210.500

Werkelijk 2020 4.848.345 276.068 5.779.339 2.227.090 1.348.453 14.479.295

Ook voor begeleiding bij sociaal en persoonlijk functioneren zijn nieuwe contracten afgesloten. Hierbij is onderscheid gemaakt tussen begeleiding van cliënten met ouderdomsgerelateerde klachten (Meedoen in de Stad – ouderen) en cliënten met niet-ouderdomsgerelateerde klachten (Meedoen in de Stad – Niet-ouderen). Het contract Meedoen in de Stad – ouderen is op in de loop van het tweede kwartaal ingegaan. Het contract Meedoen in de Stad – niet-ouderen is ingegaan op 1 januari 2020. De eerste negen maanden van 2020 zijn een periode van zorgcontinuïteit en warme overdracht in het belang van de cliënt geweest. In deze periode hebben niet gegunde aanbieders hun cliënten overgedragen aan het consortium van aanbieders dat het contract gegund heeft gekregen. Tot 1 oktober 2020 bestonden de lasten uit zorgcontinuïteit van de oude contracten en zijn de lasten in de jaarcijfers als één post gepresenteerd. De lasten voor Meedoen in de Stad laten een onderschrijding op de begroting zien van ongeveer 10%. In 2020 heeft Rogplus twee contracten afgesloten voor Meedoen in de Stad. Voor de doelgroep niet-ouderen is een contract op basis van populatiebekostiging afgesloten met ZorgSamen MVS. Voor de doelgroep niet-ouderen zijn contracten afgesloten op basis van cliëntgebonden budget met vier aanbieders van ouderenzorg.

In 2020 zijn alle cliënten omgezet van de oude contractvoorwaarden naar de nieuwe contractvoorwaarden, waardoor het financiële effect per contract nog onvoldoende duidelijk is. Daarnaast heeft de COVID-19-pandemie een forse impact gehad op de contracten Meedoen in de Stad voor de doelgroep ouderen. De dagbestedingen zijn in 2020 een aantal maanden gesloten geweest. De onderschrijding is deels het gevolg van de nieuwe contracten en deels het gevolg van de COVID-19-pandemie. Geclusterd Wonen Begrotingsonderdeel

Onderdeel

Geclusterd wonen Totaal Geclusterd wonen

Geclusterd wonen

Werkelijk 2019 -

Primaire Begroting 2020 -

Gewijzigde Begroting 2020 2.130.700 2.130.700

Werkelijk 2020 1.697.081 1.697.081

De lasten van Geclusterd Wonen liggen lager dan begroot. Ook dit is het gevolg van de COVID-19pandemie. De instroom van bewoners in de locaties voor geclusterd wonen is sterk geremd door de en de coronamaatregelen en omdat vanwege de coronamaatregelen de kamers relatief lang leeg hebben gestaan.

Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus

37

Tegemoetkoming meerkosten Begrotingsonderdeel

Onderdeel

Tegemoetkoming meerkosten Totaal Tegemoetkoming meerkosten

Tegemoetkoming meerkosten

Werkelijk 2019 1.111.390 1.111.390

Primaire Gewijzigde Begroting Begroting 2020 2020 1.220.000 1.292.200 1.220.000 1.292.200

Werkelijk 2020 1.016.785 1.016.785

Net als in eerdere jaren, konden in 2020 cliënten met een laag inkomen en een langdurige indicatie Wmo of Wvg aanspraak maken op een tegemoetkoming van € 200 in de zorgkosten. Ook konden cliënten met een laag inkomen die hun eigen risico voor de zorgverzekering hebben verbruikt een tegemoetkoming van € 200 aanvragen. Vanaf 2021 is deze regeling in Vlaardingen en Schiedam versoberd. Ten opzichte van 2019 zijn de uitgaven voor de regeling tegemoetkoming meerkosten gedaald. Een mogelijke verklaring hiervoor is dat veel inwoners gewoonlijk het aanvraagformulier ophalen bij de wijkteams, maar dat zij door coronamaatregelen dit minder makkelijk hebben kunnen doen. Ook zijn, omdat de wijkteams niet konden worden bezocht, de medewerkers van de wijkteams minder in de gelegenheid geweest inwoners op de regeling te wijzen. Projecten en innovaties Begrotingsonderdeel

Onderdeel

Projecten en innovatie

Projecten Herindicaties Innovaties

Totaal Projecten en innovatie

Werkelijk 2019 47.286 81.465 128.751

Primaire Gewijzigde Begroting Begroting 2020 2020 180.500 180.500 160.000 160.000 250.000 250.000 590.500 590.500

Werkelijk 2020 91.331 152.863 62.620 306.813

Begin 2020 zijn een aantal nieuwe contracten ingegaan. Deze nieuwe contracten hebben geresulteerd in grootschalige herindicatieprojecten zodat alle nog lopende indicaties herzien konden worden voor eind 2021. In totaal zijn ruim 2700 herindicaties uitgevoerd. Deze zijn deels gedaan door ingehuurde consulenten. De budgetten voor projecten en innovatie zijn beperkt benut. Uit deze middelen zijn de opzet van de website Fief bekostigd, de deelname van Rogplus aan een pilot ‘indicatiestelling jeugd’ bij het wijkteam in Maassluis en verschillende projecten voor collectieve woonvoorzieningen bekostigd. Inkomsten Wmo Begrotingsonderdeel

Onderdeel

Inkomsten Wmo

Inkomsten Regiotaxi Eigen bijdragen Bijdrage aanvullende alg. vz. Schoon huis Onttrekking reserve HHT Bijdrage gemeenten

Totaal Inkomsten Wmo

Primaire Gewijzigde Werkelijk Begroting Begroting Werkelijk 2019 2020 2020 2020 -577.167 -544.000 -623.000 -344.049 -1.348.560 -1.850.000 -1.489.500 -1.129.415 -113.400 -194.478 -1.243.307 -44.122.049 -45.911.050 -50.061.300 -46.093.121 -47.291.083 -48.305.050 -52.287.200 -47.761.063

De kosten van het Programma Wmo worden op de volgende manieren gedekt: • Regiotaxi. Cliënten betalen per rit met de Regiotaxi een eigen bijdrage. Als gevolg van de coronamaatregelen hebben cliënten aanzienlijk minder (declarabele) kilometers gereden met de Regiotaxi en zijn deze inkomsten lager dan begroot. • Eigen bijdragen: Cliënten betalen een eigen bijdrage wanneer ze vanuit de Wmo gebruik maken van huishoudelijke hulp, dagbesteding, logeren in een zorginstelling, elektrische deuropeners (bij de eigen voordeur), vlonders (bij de eigen voordeur), scootmobielen of begeleiding. De eigen bijdrage was in 2020 een abonnementstarief van € 19 per maand, ongeacht het aantal voorzieningen dat een cliënt heeft. Het Rijk heeft besloten dat cliënten in april en mei geen eigen bijdrage af moeten dragen. Hierdoor vallen de inkomsten lager uit dan begroot. Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus

38

•

Bijdrage gemeenten. Het verschil tussen de uitgaven en de inkomsten wordt gedekt door bijdragen van de MVS-gemeenten.

6.3.2 Programma Beschermd Wonen

Baten/ Lasten Lasten

Onderdeel

Werkelijk 2019 15.077.702 2.409.727 167.600 17.655.029 17.655.029 -1.348.530 -16.306.499 -17.655.029 -17.655.029 -

Zorg in natura pgb Overhead

Totaal Lasten Baten Eigen bijdragen Bijdrage gemeenten Totaal Baten

Primaire Begroting 2020 15.877.000 2.129.000 171.000 18.177.000 18.177.000 -1.200.000 -16.977.000 -18.177.000 -18.177.000 -

Gewijzigde Begroting Werkelijk 2020 2020 15.687.500 15.484.669 2.539.900 2.852.493 246.500 246.500 18.473.900 18.583.662 18.473.900 18.583.662 -1.200.000 -1.139.189 -17.273.900 -17.444.473 -18.473.900 -18.583.662 -18.473.900 -18.583.662 -

De lasten voor Beschermd Wonen vallen ruim € 100.000 hoger uit dan de begroting. De zorgkosten voor Beschermd Wonen zijn ongeveer conform begroting uitgevallen. De jaarcijfers Beschermd Wonen laten desondanks een beperkte overschrijding zien. Dit is het gevolg van corona-meerkosten. De uitgaven voor Beschermd Wonen zijn weinig beïnvloed door de coronamaatregelen. Het aantal beschikbare plekken Beschermd wonen is in 2020 niet veranderd en de plekken zijn gedurende het gehele jaar bezet geweest. Cliënten die niet in een Beschermd Wonen-voorziening van de gecontracteerde aanbieders terecht konden zijn in een aantal gevallen uitgeweken naar Beschermd Wonen op basis van een pgb. Dit verklaart de stijging van de Pgb-lasten. 6.3.3 Programma Overhead

Overhead Direct Taxi- en vervoerskosten Scootmobielen en rolvoorzieningen Woonvoorzieningen Schoon Huis Meedoen in de Stad Beschermd Wonen Totaal direct Indirect Backoffice Jeugd Backoffice Leerlingen- en Jeugdhulpvervoer Overhead Totaal indirect Totaal

Werkelijk 2019

Gewijzigde Begroting 2020

Werkelijk 2020

372.619 185.969 164.075 1.219.201 1.088.074 167.600 3.197.538

318.500 247.800 121.600 1.172.700 1.240.500 246.500 3.347.600

347.227 269.691 131.474 1.274.288 1.348.453 246.500 3.617.633

450.800

455.200 90.000 4.029.800 4.575.000 7.922.600

455.200 90.000 3.367.920 3.913.120 7.530.753

3.368.254 3.819.054 7.016.592

De totale overheadkosten bedroegen in 2020 € 7.530.752. Dit is een onderschrijding op ten opzichte van de begroting van € 391.847. De overheadkosten worden waar mogelijk en relevant doorberekend aan de directe begrotingsonderdelen. De doorberekening en de verdeling van doorberekende overheadkosten over de taakvelden gebeurt op basis van ervaringscijfers uit voorgaande jaren. De totale doorberekening van de overheadkosten bedraagt € 3.617.633.

Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus

39

Rogplus heeft in 2020 minder overheadkosten gemaakt dan begroot. Met name op het onderdeel ‘salariskosten, sociale lasten en personeelskosten’ is een onderbesteding te zien. Dit heeft verschillende oorzaken. Zo hebben medewerkers als gevolg van de coronamaatregelen minder opleidingen kunnen volgen dan normaal en heeft Rogplus een aanzienlijke teruggave ontvangen voor salarislasten van een arbeidsongeschikt geraakte oud-medewerker. De kapitaallasten vallen hoger uit dan begroot door de (niet begrote) desinvesteringen van activa op de oude locatie van Rogplus. Het programma Overhead bevat de kosten van niet aan de andere begrotingsdelen toerekenbare overhead en de kosten van het contractmanagement voor de lokaal ingekochte jeugdzorg (alle MVSgemeenten) en de backoffice leerlingenvervoer en jeugdhulpvervoer (Maassluis en Schiedam). De omvang van het programma overhead bedroeg in 2019 € 3.913.120.

Baten/ Lasten Lasten

Onderdeel Backoffice Jeugd Backoffice Leerlingen- en Jeugdhulpvervoer Overhead

Totaal Lasten Baten Onttrekking reserve HHT Bijdrage gemeenten Totaal Baten

Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus

Werkelijk 2019 450.800 1.380.984 1.987.270 3.819.054 3.819.054 -12.313 -3.806.741 -3.819.054 -3.819.054 -

Primaire Gewijzigde Begroting Begroting 2020 2020 460.000 455.200 90.000 3.802.503 4.029.800 4.262.503 4.575.000 4.262.503 4.575.000 -4.262.503 -4.575.000 -4.262.503 -4.575.000 -4.262.503 -4.575.000 -

Werkelijk 2020 455.200 90.000 3.367.920 3.913.120 3.913.120 -3.913.120 -3.913.120 -3.913.120 -

40

7. Wet Normering Topinkomens 7.1 Bezoldiging topfunctionarissen Op 1 januari 2013 is de Wet normering topinkomens (WNT) in werking getreden. De WNT is van toepassing op Rogplus. Het voor Rogplus toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2020 € 194.000. Dit betreft een algemeen bezoldigingsmaximum. Net als in 2019 was in 2020 de heer Van Genabeek de enige bestuurder van de stichting Rogplus. Leidinggevende topfunctionarissen en gewezen topfunctionarissen met dienstbetrekking. Tevens leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13 e maand van de functievervulling:

bedragen x € 1 Functiegegevens5

2019

2020

A.J.G.M. van Genabeek

A.J.G.M. van Genabeek

Directeur

Directeur

01/01 – 31/12

01/01 – 31/12

Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)7

1,0

1,0

Dienstbetrekking?8

ja

ja

Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen

€ 102.837,-

€ 115.278,-

Beloningen betaalbaar op termijn

€ 17.754,-

€ 19.649,-

Subtotaal

€ 120.591,-

€ 134.927,-

Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum10

€ 194.000,-

€ 194.000,-

N.v.t.

N.v.t.

Aanvang6 en einde functievervulling in 2019

Bezoldiging9

-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag11 Bezoldiging

€ 120.591,-

€ 134.927,-

Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan12

N.v.t.

N.v.t.

Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling13

N.v.t.

N.v.t.

7.2 Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT Naast de hierboven vermelde topfunctionaris kende Rogplus in 2020 geen overige functionarissen met dienstbetrekking die in 2020 een bezoldiging boven het individuele WNT-maximum hebben ontvangen. Er zijn in 2020 geen ontslaguitkeringen betaald aan overige functionarissen die op grond van de WNT dienen te worden vermeld, of die in eerdere jaren op grond van de WOPT of de WNT vermeld zijn of hadden moeten worden.

Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus

41

BIJLAGEN 8. Bijlagen bij de jaarrekening 8.1 Controleverklaring VOLGT ALS BESCHIKBAAR

Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus

42

8.2 Begrotingswijziging Medio 2019 is de primaire begroting 2020 van Rogplus vastgesteld. Op basis van voortschrijdende inzichten is begin 2020 voorgesteld deze primaire begroting te wijzigen. De wijziging is medio 2020 vastgesteld. De begrotingswijziging is voorgesteld voordat de COVID-19-pandemie uitbrak en houdt daarom geen rekening met de financiële effecten van de coronamaatregelen op de Wmo in de MVSgemeenten. Ook later in het jaar heeft Rogplus haar begroting niet aangepast op de financiële gevolgen van de coronamaatregelen. Rogplus gebruikt de zesmaandscijfers als ijkpunt om te bepalen of en hoe de begroting moet worden gewijzigd. Ten tijde van het opstellen van deze zesmaandscijfers waren er nog te veel onzekerheden op het verloop van de COVID-19-pandemie en het effect daarvan op de Wmo om de begroting voldoende betrouwbaar te kunnen wijzigen. Aan de begrotingswijziging 2020 liggen eerder genomen besluiten, bepalingen buiten de invloedssfeer van Rogplus en autonome ontwikkelingen ten grondslag. Sinds de invoering van het abonnementstarief voor de eigen bijdrage het aantal cliënten dat een beroep doet op Wmo-diensten en -voorzieningen gegroeid. Deze groei is sinds de COVID-19-pandemie gedempt. In de begrotingswijziging is rekening gehouden met ten tijde van het opstellen van de begrotingswijziging actuele inzichten in de ontwikkeling van het aantal cliënten.

Rogplus is nieuwe contracten aangegaan voor Schoon Huis en Meedoen in de Stad (niet-ouderen). Hierbij is, waar mogelijk, gekozen voor contractvormen die innovatie stimuleren en (zo) een remmende werking op de kostengroei hebben. Het financieel effect van deze contracten is verwerkt in de begrotingswijziging. Verder noden de aanpassingen in zowel de CAO voor thuiszorg-medewerkers als de CAO voor gemeenteambtenaren tot het aanpassen van de begroting. Ten slotte heeft Rogplus voor de voornaamste begrotingsposten de stand bepaald van de uitgaven en inkomsten over 2019 en deze geëxtrapoleerd naar 2020. Waar dit significant afwijkt van de primaire begroting 2020 wordt voorgesteld de begroting te wijzigen. De primaire begroting 2020 is op elf onderdelen aangepast. 1. Schoon Huis en Meedoen in de Stad. Na het vaststellen van de primaire begroting 2020 zijn nieuwe contracten gesloten voor Schoon Huis en Meedoen in de Stad. Deze nieuwe contracten zijn op 1 januari 2020 ingegaan. In deze contacten is rekening gehouden met de nieuwe CAO voor thuiszorgmedewerkers, wat een stijging van het uurtarief voor huishoudelijke hulp betekent. Met name bij Schoon Huis blijft het aantal cliënten sterker groeien dan voorzien. De impact en effecten van deze ontwikkelingen konden ten tijde van het opstellen van de begroting 2020 (medio 2019) nog niet worden voorzien.

De inzichten van nu maken dat wij een realistischer beeld kunnen schetsen van de uitgaven in 2020. Rogplus heeft per gemeente een doorrekening gemaakt van de in 2020 verwachte uitgaven voor Schoon Huis en Meedoen in de Stad. In de doorrekening is rekening gehouden met de contractafspraken met de gegunde partijen, actuele uurtarieven (in overeenstemming met de AmvB reële prijs) en actuele inzichten in de verwachte ontwikkeling van de aantallen cliënten. De doorrekening toont dat de nieuwe contracten weliswaar voor een dempend effect op de kostenstijging zorgen (als we niets zouden doen zouden die kosten verder zijn gestegen), al wordt met name voor Schoon Huis niet voorkomen dat de kosten stijgen. •

Schoon Huis. Het aantal cliënten dat gebruik maakt van huishoudelijke hulp groeit sinds de invoering van het abonnementstarief in de MVS-gemeenten maandelijks met ongeveer 50. Ook omdat, kijkend naar de bevolkingssamenstelling van de MVS-gemeenten, het plafond voor potentiële cliënten die een beroep kunnen doen op huishoudelijke hulp vanuit de Wmo

Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus

43

nog niet in zicht lijkt, is de verwachting dat de groei zich in 2020 voortzet. De uurtarieven voor huishoudelijke hulp zijn als gevolg van loonafspraken gestegen met 13%. Met ingang van deze begrotingswijziging worden de te begrote bedragen gebaseerd op ervaringscijfers voor de gemiddelde kosten per cliënt per maand per gemeente. •

Meedoen in de Stad. Voor Meedoen in de Stad voor Niet-Ouderen zijn contracten afgesloten op basis van populatiebekostiging. In de begroting zijn de overeengekomen contractwaarden opgenomen. Vanaf 1 juli moeten alle cliënten bediend worden door het consortium dat dit contract uit zal voeren. Voor de bekostiging van deze overgang is een incidenteel budget voor zorgcontinuïteit begroot. De aanbesteding Meedoen in de Stad voor Ouderen wordt in de loop van 2020 voltooid. De begroting wordt voor dit onderdeel gebaseerd op een inschatting van de ontwikkeling van de aantallen cliënten en de gemiddelde prijs per cliënt.

•

Geclusterd Wonen. Geclusterd Wonen wordt als een aparte begrotingspost zichtbaar gemaakt in de begroting. Voorheen werden de kosten hiervan deels verantwoord onder huishoudelijke hulp en deels onder begeleiding. Onder Geclusterd Wonen vallen Argos Vertrouwd en Zeker (Maassluis), Pluswonen (Vlaardingen en Schiedam), de Westvest (Schiedam) en Enver Wonen (Schiedam).

2. Regiotaxi. De kosten voor de Regiotaxi worden, conform contractafspraken, jaarlijks geïndexeerd met de NEA-index. Dit is een indexcijfer voor kosten in de taxibranche. De NEA-index is voor 2020 vastgesteld op 6,7%. Door de afschaffing van de teruggaveregeling BPM valt dit percentage incidenteel hoog uit. In de primaire begroting 2020 was rekening gehouden met een indexpercentage van 2,0%. Voorgesteld wordt de begrote kosten voor de Regiotaxi te berekenen met de actueel vastgestelde NEA-index. In de hele regio is in 2019, in overeenstemming met de landelijke trend, het gebruik van de Regiotaxi toegenomen. Voor de begrotingswijziging is aangenomen dat de groei van het aantal declarabele kilometers zich in 2020 voortzet. De praktijk heeft geleerd dat door de coronamaatregelen niet is gebeurd. 3. Scootmobiels, rolvoorzieningen en roerende woonvoorzieningen. Scootmobiels, rolvoorzieningen en roerende woonvoorzieningen worden door één leverancier vanuit één contract geleverd. Rogplus heeft de totale uitgaven in 2019 voor het verstrekken en onderhouden van deze voorzieningen bepaald. Hieruit volgt dat de in de primaire begroting 2020 opgenomen bedragen niet goed aansluiten op het beeld over 2019.

In de gewijzigde begroting zijn de in 2020 begrote bedragen gebaseerd op de werkelijke kosten in 2019, waarbij rekening is gehouden met de (gemiddelde) ontwikkeling van de aantallen verstrekkingen over de laatste jaren en de in het contract met de leverancier opgenomen prijsindexatie. 4. Woningaanpassingen. Rogplus heeft een voorlopige eindstand over 2019 bepaald voor de kosten van woningaanpassingen. Vooral in het laatste kwartaal van 2019 zijn hiervoor veel uitgaven gedaan. Ook voor woningaanpassingen wordt voorgesteld de in 2020 begrote bedragen te baseren op de werkelijke kosten in 2019. De ontwikkeling van het aantal woningaanpassingen volgt de bevolkingsprognose in de MVS-regio en houdt rekening met de verschillen in de woningvoorraad per gemeente. De kosten zijn ten opzichte van 2019 geïndexeerd met 2,0%, zoals opgenomen in de contracten met de voornaamste leveranciers. 5. Tegemoetkoming meerkosten. Tot 2020 is de regeling tegemoetkoming meerkosten vooral in Vlaardingen en Maassluis actief onder de aandacht gebracht van de inwoners. Dit heeft in deze gemeenten geleid tot een groei van het aantal inwoners dat een beroep doet op de regeling. Rogplus heeft een voorlopige eindstand over 2019 bepaald voor de uitgaven voor de regeling tegemoetkoming meerkosten. Deze laat ten opzichte van eerdere jaren een toename van de uitgaven zien.

De gewijzigde begroting is gebaseerd op de werkelijke kosten in 2019 en de actuele inzichten in de ontwikkeling van het aantal inwoners dat een tegemoetkoming in de meerkosten aanvraagt. 6. Eigen bijdrage Wmo. Hoewel Rogplus in de primaire begroting 2020 al rekening hield met een (forse) afname van de inkomsten uit eigen bijdragen als gevolg van de invoering van het abonnementstarief blijkt de terugloop in inkomsten sterker dan voorzien. De te verwachten Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus

44

inkomsten uit eigen bijdrage zijn vooraf niet exact te voorspellen omdat er in deze berekening gegevens zitten waar Rogplus gezien de privacy wet geen inzage in heeft, zoals de inkomstengegevens van cliënten en hun volwassen huisgenoten. De voorspelling is gedaan op basis van gegevens die Rogplus wel in het bezit heeft in combinatie met historische trends. 7. Beschermd Wonen. Ook voor Beschermd Wonen is een voorlopige eindstand van de lasten en baten in 2019 opgemaakt. Ten opzichte van 2018 zijn de kosten in 2019 gestegen met 6,7%. Ook de aantallen cliënten stijgen. In de begrotingswijziging is aangenomen dat deze stijging doorzet in 2020 en is de begroting 2020 gebaseerd op de werkelijke kosten 2019 8. CAO. In de loop van 2019 (na het vaststellen van de primaire begroting 2020) is een nieuwe CAO voor Gemeenteambtenaren vastgesteld. De salarisafspraken in deze CAO zijn van toepassing op het personeel van Rogplus. In de begrotingswijziging zijn de begrote personeelskosten aangepast op basis van de CAO-afspraken. 9. Taken Jeugdhulp en Leerlingenvervoer. Rogplus en de gemeenten zijn tot nieuwe afspraken gekomen over de invulling van de backofficetaken voor jeugdhulp (inclusief taken ten behoeve van de GR Jeugdhulp Rijnmond), leerlingenvervoer en jeugdhulpvervoer. Rogplus stelt voor de hierbij overeengekomen afspraken over de financiering te consolideren in de begroting. 10.

Herindicaties Beschermd Wonen. Als gevolg van een wetswijziging gaat vanaf 2021 een deel van de cliënten Beschermd Wonen over van de Wmo naar de Wlz. Om deze stelselwijziging inhoudelijk en juridisch te begeleiden heeft Rogplus incidenteel extra capaciteit ingezet. 11. Begrotingsstructuur. Rogplus gebruikte voorheen de term ‘taakvelden’ om de verschillende onderdelen van het programma Wmo aan te duiden. De accountant heeft Rogplus verzocht niet langer de term ‘taakvelden’ te gebruiken, omdat dit verwarring op kan roepen met de door het BBV voorgeschreven taakvelden. Rogplus stelt een nieuwe indeling in begrotingsonderdelen voor die aansluit op het BBV en de actuele benamingen van Wmo-diensten en -voorzieningen gebruikt.

Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus

45

Programma Wmo

Baten/ Lasten Lasten

Begrotingsonderdeel

Onderdeel

Taxi- en vervoerskosten

Regiotaxi Individuele vervoerskosten Overhead

Totaal Taxi- en vervoerskosten Scootmobielen en rolvoorzieningen

Totaal Scootmobielen en rolvoorzieningen Woonvoorzieningen

Totaal Woonvoorzieningen Schoon Huis

Totaal Schoon Huis Meedoen in de Stad

Totaal Meedoen in de Stad Geclusterd wonen Totaal Geclusterd wonen Tegemoetkoming meerkosten Totaal Tegemoetkoming meerkosten Projecten en innovatie

Scootmobielen Autoaanpassingen / -verstrekkingen Handbewogen rolstoelen Electrische rolstoelen Sportvoorzieningen Aandrijfunits en fietsen Kindvoorzieningen Onderhoud / depotkosten Overhead Verhuis- en inrichtingskosten Roerende woonvoorzieningen Woningaanpassingen Onderhoud / reparatie Overhead Algemene voorziening Schoon huis Maatwerkvoorzieningen Aanvullende algemene voorziening Arrangementen / Overgangsrechten Zorg in natura HHT pgb Overhead Meedoen in de Stad - niet ouderen Meedoen in de Stad - ouderen Meedoen in de Stad / Begeleiding Zorg in natura pgb Overhead Geclusterd wonen Tegemoetkoming meerkosten Projecten Herindicaties Innovaties

Totaal Projecten en innovatie Totaal Lasten Baten

Inkomsten Wmo

Inkomsten Regiotaxi Eigen bijdragen Bijdrage aanvullende alg. vz. Schoon huis Onttrekking reserve HHT Bijdrage gemeenten

Totaal Inkomsten Wmo Totaal Baten Totaal Wmo BW

Lasten

Beschermd Wonen

Zorg in natura pgb Overhead

Totaal Beschermd Wonen Totaal Lasten Baten

Beschermd Wonen

Eigen bijdragen Bijdrage gemeenten

Totaal Beschermd Wonen Totaal Baten Totaal BW Overhead

Lasten

Overhead

Backoffice Jeugd Backoffice Leerlingen- en Jeugdhulpvervoer Overhead

Totaal Overhead Totaal Lasten Baten

Overhead Totaal Overhead

Totaal Baten Totaal Overhead Eindtotaal

Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus

Onttrekking reserve HHT Bijdrage gemeenten

Primaire Begroting 2020 4.471.000 50.000 349.615 4.870.615 495.100 70.000 175.000 210.800 15.000 190.000 1.570.100 185.363 2.911.363 14.900 194.700 1.026.000 281.000 115.064 1.631.664 18.449.000 880.000 1.103.785 20.432.785 12.878.700 2.590.000 1.179.423 16.648.123 1.220.000 1.220.000 180.500 160.000 250.000 590.500 48.305.050 -544.000 -1.850.000 -45.911.050 -48.305.050 -48.305.050 15.877.000 2.129.000 171.000 18.177.000 18.177.000 -1.200.000 -16.977.000 -18.177.000 -18.177.000 460.000 3.802.503 4.262.503 4.262.503 -4.262.503 -4.262.503 -4.262.503 -

Gewijzigde Begroting Verschil 2020 4.719.900 -248.900 50.000 318.500 31.115 5.088.400 -217.785 579.100 -84.000 70.000 254.900 -79.900 165.700 45.100 15.000 415.200 -225.200 1.488.400 81.700 247.800 -62.437 3.236.100 -324.737 14.900 149.200 45.500 1.469.600 -443.600 140.800 140.200 121.600 -6.536 1.896.100 -264.436 16.645.600 -16.645.600 3.040.500 -3.040.500 440.400 -440.400 18.449.000 543.500 336.500 1.172.700 -68.915 21.842.700 -1.409.915 10.227.800 -10.227.800 2.514.800 -2.514.800 12.878.700 2.227.400 362.600 1.240.500 -61.077 16.210.500 437.623 2.130.700 -2.130.700 2.130.700 -2.130.700 1.292.200 -72.200 1.292.200 -72.200 180.500 160.000 250.000 590.500 52.287.200 -3.982.150 -623.000 79.000 -1.489.500 -360.500 -113.400 113.400 -50.061.300 4.150.250 -52.287.200 3.982.150 -52.287.200 3.982.150 15.687.500 189.500 2.539.900 -410.900 246.500 -75.500 18.473.900 -296.900 18.473.900 -296.900 -1.200.000 -17.273.900 296.900 -18.473.900 296.900 -18.473.900 296.900 455.200 4.800 90.000 -90.000 4.029.800 -227.297 4.575.000 -312.497 4.575.000 -312.497 -4.575.000 312.497 -4.575.000 312.497 -4.575.000 312.497 -

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10111369/2