CConstaterende datVlaardingen
Koppel je AI →
Document · PDF

RBG concept Jaarrapport 2020

Gemeenteraad 20 mei 2021, gemeente VlaardingenBij agendapunt: Zienswijze begroting 2022 Regionale Belasting Groep14.693 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Jaarrapport 2020

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

pagina 1 van 45

Inhoudsopgave Jaarverslag Voorwoord

3

1.

Inleiding

4

1.1

Programmaverantwoording

9

2.

Paragrafen

9

2.1

Bedrijfsvoering

9

2.2

Financiering

10

2.3

Weerstandsvermogen

11

2.4

Onttrekkingen overige bestemmingsreserves en voorzieningen

14

2.5

Verbonden partijen

15

2.6

Wet normering bezoldiging topfunctionarissen

16

2.7

EMU-saldo

16

2.8

Incidentele lasten en baten

16

Jaarrekening 1.1

Balans

17

1.2

Waarderingsgrondslagen

18

1.3

Toelichting op de balansposten

19

1.4

Exploitatierekening naar programma

28

1.5

Product Belastingheffing

30

1.6

Product Invordering

33

1.7

Exploitatierekening naar kosten- en opbrengstensoorten

38

1.8

Toelichting op de kosten- en opbrengstensoorten

39

Overige gegevens - Controleverklaring

44

- Vaststelling

45

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

pagina 2 van 45

Jaarverslag 2020 Voorwoord Het jaar 2020 was uiteraard voor iedereen een heel bijzonder jaar. Het jaar begon voor onze organisatie feestelijk, want wij bestonden per 1 januari 10 jaar. Het 11e jaar van onze uitvoering verliep door COVID-19 echter anders dan gebruikelijk. Vanaf eind maart was het werken op kantoor in Schiedam niet meer mogelijk en veranderde ons werk en ook ons leven drastisch. De verandering naar het collectief thuiswerken vraagt ook het nodige van ons management, mede door een andere aansturing van de organisatie. Eind april hielden wij een medewerkerstevredenheidsonderzoek, uitgevoerd door het bureau Effectory. Dit onderzoek stond geheel in het teken van de verandering naar het thuiswerken. We scoorden wederom een hoog cijfer in de benchmark. Ons personeel was zeer tevreden met het uitgevoerde veranderingsproces bij de RBG. Dat is zowel voor de RBG als voor onze klanten een goede uitkomst. Want tevreden medewerkers is ook een voorwaarde voor tevreden klanten. Medewerkers waren tevreden over de goede interne communicatie. Ons management vindt dat zeer belangrijk en zorgt ervoor een goed contact te blijven houden met iedere medewerker van de RBG. Onze medewerkers waren in staat om thuis effectief hun werkzaamheden uit te voeren. We rapporteren in de kwartaalrapportages altijd uitgebreid over onze verrichte werkzaamheden voor de deelnemers.

Hierin werd ook duidelijk dat wij in vergelijking met 2019 geen kwantitatieve en kwalitatieve terugval van de uitgevoerde werkzaamheden hebben gehad. De productiviteit van onze medewerkers alsmede de klantgerichtheid is als gevolg van het thuiswerken niet afgenomen. Ik ben trots op de uitvoering van ons personeel in dit covidjaar. Wij hebben in dit jaar tevens gezorgd voor een goede en tijdige informatievoorziening aan ons bestuur alsmede aan onze deelnemers. De consequenties van de coronapandemie hebben we daarbij periodiek gerapporteerd. Wij hebben ook steeds noodzakelijke aanpassingen in onze werkprocessen naar de klant doorgevoerd. Het invorderingsproces is bijvoorbeeld behoorlijk aangepast in 2020. Het klantcontact via de deurwaarder aan huis was in de lockdownperiode niet mogelijk. De inspanningen zijn in het covidjaar steeds gericht geweest op het zorgen voor een passende betalingswijze van de klant. Met het bieden van maatwerk naar de klant is de cashflow naar onze deelnemers in 2020 niet gedaald. Het debiteurensaldo van de RBG voor de opgelegde belastingen van de deelnemers was eind 2020 zelfs iets lager dan 2019. Het betaalgedrag van de klanten is dus zeer goed verlopen. Onze opbrengsten dwanginvordering zijn ten opzichte van 2019 wel fors gedaald.

Desalniettemin konden we ten opzichte van de goedgekeurde exploitatiebegroting 2020 wederom een voordelig te bestemmen resultaat ad. € 312.900 realiseren. Dit wordt, zoals gebruikelijk, teruggestort naar onze deelnemers. Ik wens u veel leesplezier met ons jaarverslag 2020. Henk Sigmond directeur

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

pagina 3 van 45

1. Inleiding Financieel resultaat op hoofdlijnen Het resultaat van de bedrijfsvoering voor bestemming is € 310.800 positief. Na bestemming van diverse geplande toevoegingen en onttrekkingen is het te bestemmen resultaat in totaal € 290.200 negatief (zie onderstaande specificatie). Exploitatierekening RBG 2020 Begroting Primair 2020

Begroting na wijziging 2020

Jaarrekening

Jaarrekening

2020

2019

€ 17.637.300 € 450.000 € 18.087.300

€ 17.458.000 € 443.600 € 17.901.600

€ 17.159.200 € 445.800 € 17.605.000

€ €

€ €

€ €

Werkelijke lasten projectkosten afschaffing kwijtschelding HHD en HHSK Totaal lasten

€ € €

17.863.100 450.000 18.313.100

Werkelijke baten projectbijdrage afschaffing kwijtschelding HHD en HHSK

€ €

4.198.300 450.000

Te dekken uit bijdragen deelnemers

€

13.664.800

€ 14.739.000

€ 15.029.200

€ 13.480.000

Deelnemersbijdragen

€

14.265.800

€

15.340.000

€

15.340.000

€

13.746.000

Totaal resultaat bedrijfsvoering voor bestemming

€

-601.000

€

-601.000

€

-310.800

€

-266.000

- toevoeging aan bestemmingsreserve bedrijfsvoering - toevoeging aan bestemmingsreserve tegengaan problematische schulden - toevoeging aan bestemmingsreserve matchingskosten - onttrekking aan bestemmingsreserve huurcompensatie kantoorpand - Onttrekking aan bestemmingsreserve maatschappelijk invorderen

€ € €

200.000 550.000 -149.000

€ € €

200.000 550.000 -149.000

€ € €

200.000 550.000 -149.000

€ €

100.000 250.000

€ €

-148.900 -216.000

€

-

€

-

€

290.200

€

-280.900

€

-41.900

€ € € €

-102.700 -1.900 -92.000 -189.900

€ € €

-412.100 -300.100 151.000

€ € €

-306.500 -6.400 -312.900

€ € € €

550.000 -113.200 -4.200 -117.400

Totaal resultaat bedrijfsvoering na bestemming Voorstel bestemmingsreserves - onttrekking aan bestemmingsreserve Bestandsoptimalisatie - onttrekking aan bestemmingsreserve Aanbestedingen - onttrekking aan bestemmingsreserve WOZ - onttrekking aan bestemmingsreserve bedrijfsvoering - onttrekking aan bestemmingsreserve TPS - onttrekking aan bestemmingsreserve matchingskosten - nog in te stellen bestemmingsreserve thuiswerkvoorziening - nog in te stellen bestemmingsreserve matchingskosten Totaal resultaat voorstel te bestemmen regulier Totaal resultaat na bestemming kws Totaal resultaat voorstel te bestemmen totaal

€ € €

-

€ € €

2.898.300 450.000

-

2.422.400 450.000

3.675.000 450.000

In deze jaarrekening wordt bij de vaststelling een aantal voorstellen gedaan om onttrekkingen en toevoegingen aan reserves te doen. Het saldo van deze onttrekkingen en toevoegingen bedraagt € 603.100 en wordt hierna gespecificeerd. Na verwerking van deze posten ontstaat er een positief resultaat van € 312.900.

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

pagina 4 van 45

Nog te besluiten onttrekkingen en toevoegingen ten laste van het resultaat 2020 (zie vaststelling op blz.45) Voor inhoudelijke toelichting op de reserve wordt verwezen naar de toelichting bij de passiva vanaf blz. 23. Reserve “Aanbestedingen” Het betreft een reserve voor diverse uit te voeren Europese aanbestedingen. In 2021 worden aanbestedingen voor een contract van een integraal belastinginformatie systeem, een digitale klantenbalie en een contract voor een kantoorautomatisering omgeving gepubliceerd. Stand per 1-1-2020 

Onttrekking kosten 2020

€ 598.100 € 41.900

Het resterende bedrag zal in 2021 worden ingezet bij de afronding en de implementatie van de aanbestedingen. Reserve “Matching invorderingsopbrengst” Het betreft een reserve m.b.t. de vervolgacties van vooral dwangbevelopbrengsten. Stand per 1-1-2020 

Onttrekking kosten 2020

€ 550.100 € 300.100

Het resterende bedrag zal in 2021 worden ingezet (afhankelijk van eventuele coronarestricties) voor o.a. dwangbevelactiviteiten. Reserve “Tegengaan problematische schulden” Het betreft een reserve m.b.t. het project tegengaan problematische schulden Stand per 1-1-2020 

Onttrekking kosten 2020

€ 450.000 € 412.100

Het resterende bedrag zal in 2021 worden ingezet (afhankelijk van eventuele coronarestricties) voor o.a. huisbezoeken. Nog in te stellen begrotingsreserve Thuiswerkvoorzieningen 

Toe te voegen uit het resultaat 2020

€ 151.000

Volgens onze CAO Vereniging werken voor Waterschappen is de werkgever verantwoordelijk voor een Arbo-verantwoorde werkplek bij structureel thuiswerken. Om de thuiswerkplek op orde te brengen, heeft de RBG haar medewerkers uit de reguliere budgetten budget beschikbaar gesteld voor de periode 1 april 2020 tot 1 april 2025. Als het hardware betreft zoals computer, laptop, beeldscherm e.d., moet dit door de werkgever in bruikleen worden verstrekt. In het kader van eenduidigheid, beveiliging en beheersbaarheid worden er laptops in bruikleen gegeven aan de medewerkers. Deze laptops worden zowel thuis als op kantoor gebruikt. De aanschaf zal mede als gevolg van een enorm lange levertijd in 2021 plaatsvinden en wordt dan direct ten laste gebracht van deze reserve.

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

pagina 5 van 45

Terugstorten positief resultaat naar deelnemers Het resultaat na bestemming (€ 312.900) zal worden teruggestort naar de deelnemers die in de RBG zijn vertegenwoordigd. Hiervan wordt conform de kostenverdeling 12,0% toebedeeld aan de gemeente Delft, 8,2% aan de gemeente Vlaardingen, 8,4% aan de gemeente Schiedam en 71,4% aan de waterschappen die, conform bestuurlijke afspraken, in de verhouding 2/3 voor Delfland en 1/3 voor Schieland en de Krimpenerwaard wordt verdeeld. Het resultaat na bestemming kwijtschelding wordt verdeeld op basis van de werkelijke kosten 2020 als gevolg van de afschaffing kwijtschelding zuiveringsheffing van Delfland en Schieland en de Krimpenerwaard. Het voorstel is om de volgende bedragen over 2020 terug te storten: regulier

projec t

resultaat

resultaat

totaal resultaat

Delft

€

36.800

€

Vlaardingen

€

25.100

€

Sc hiedam

€

25.700

Delfland

€

145.900

Sc hieland en de Krimpenerwaard

€ €

€

36.800 * 25.100 * 25.700 *

4.300 2.100

€

73.000

€ €

150.200

€

75.100

306.500

€

6.400

€

312.900

* De gemeenten worden separaat geïnformeerd over hun aandeel in de doorschuif btw.

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

pagina 6 van 45

Belastingopbrengsten deelnemers In totaal is in het boekjaar 2020 een hogere netto-belastingopbrengst 2020 van ca. €10,5 miljoen opgelegd en tevens is € 5,5 miljoen meer over voorgaande jaren gerealiseerd, dan waarmee door de deelnemers in hun begroting rekening is gehouden. De posten oninbaar van de belastingopbrengsten deelnemers zijn ten opzichte van de begroting hoger berekend vanwege een toename van dubieuze debiteuren door de coronacrisis. Bij de waterschappen is er in 2020 echter ook een incidenteel voordeel gerealiseerd, door een vrijval van de vorig jaar opgenomen voorziening voor meetbedrijven (NEN-normering), zodat de post oninbaar toch lager is uitgekomen dan was begroot. De belastingopbrengsten per deelnemer zijn in het volgende overzicht weergegeven.

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

pagina 7 van 45

geraamd

werkelijk

werkelijk

verschil

2020

2020

2019

geraamd - rek 2020

HHD Bruto-OPBRENGST

€

244.312.800

€

248.134.528

€

244.901.156

€

3.821.728

-/- kwijtschelding

€

-8.110.000

€

-7.405.800

€

-6.716.500

€

704.200

-/- oninbaar

€

-4.356.400

€

-3.673.900

€

-4.072.100

€

682.500

Netto-OPBRENGST

€

231.846.400

€

237.054.828

€

234.112.556

€

5.208.428

Opbrengst voorgaande jaren

€

-546.280

€

1.456.500

€

2.468.700

€

2.002.780

Bruto-OPBRENGST

€

95.623.400

€

98.030.300

€

95.260.300

€

2.406.900

-/- kwijtschelding

€

-2.811.270

€

-2.787.400

€

-2.465.900

€

23.870

-/- oninbaar

€

-1.075.000

€

-908.900

€

-918.100

€

166.100

Netto-OPBRENGST

€

91.737.130

€

94.334.000

€

91.876.300

€

2.596.870

Opbrengst voorgaande jaren

€

-782.817

€

1.685.900

€

1.743.200

€

2.468.717

Bruto-OPBRENGST

€

54.373.600

€

56.085.300

€

54.251.200

€

1.711.700

Bruto-OPBRENGST Leges ed.

€

6.845.300

€

6.585.423

€

6.623.687

€

-259.877

-/- kwijtschelding

€

-1.931.655

€

-1.782.267

€

-1.633.503

€

149.388

-/- oninbaar

€

-600.000

€

-250.881

€

-91.377

€

349.119

Netto-OPBRENGST

€

58.687.245

€

60.637.576

€

59.150.007

€

1.950.331

Opbrengst voorgaande jaren

€

-125.873

€

312.194

€

238.586

€

438.067

Bruto-OPBRENGST

€

36.216.800

€

36.655.200

€

34.721.800

€

438.400

Bruto-OPBRENGST Leges ed.

€

2.741.400

€

2.374.524

€

1.863.372

€

-366.876

-/- kwijtschelding

€

-1.024.535

€

-1.041.200

€

-912.900

€

-16.665

-/- oninbaar

€

-360.000

€

-385.679

€

-190.854

€

-25.679

Netto-OPBRENGST

€

37.573.665

€

37.602.845

€

35.481.418

€

29.180

Opbrengst voorgaande jaren

€

-63.240

€

551.068

€

196.248

€

614.308

Bruto-OPBRENGST

€

37.612.200

€

38.024.600

€

36.643.100

€

412.400

Bruto-OPBRENGST Leges ed.

€

1.491.920

€

1.679.258

€

1.434.741

€

187.338

-/- kwijtschelding

€

-1.143.675

€

-1.122.004

€

-1.023.600

€

21.671

-/- oninbaar

€

-380.000

€

-369.388

€

-339.804

€

10.612

Netto-OPBRENGST

€

37.580.445

€

38.212.466

€

36.714.438

€

632.021

Opbrengst voorgaande jaren

€

-266.100

€

-252.478

€

-95.108

€

13.622

HHSK

Delft

Vlaardingen

Schiedam

totaal RBG

geraamd 2020

werkelijk 2020

werkelijk 2019

verschil

Bruto-OPBRENGST

€

479.217.420

€

487.569.132

€

475.699.356

€

-/- kwijtschelding

€

-15.021.135

€

-14.138.670

€

-12.752.403

€

882.465

-/- oninbaar

€

-6.771.400

€

-5.588.748

€

-5.612.234

€

1.182.652

Netto-OPBRENGST

€

457.424.885

€

467.841.714

€

457.334.718

€

10.416.829

Opbrengst voorgaande jaren

€

-1.784.310

€

3.753.184

€

4.551.626

€

5.537.495

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

8.351.712

pagina 8 van 45

1.1 Programmaverantwoording De RBG hanteert één programma, namelijk het programma Heffen en Invorderen van belastingen. Binnen dit programma zijn de producten Belastingheffing en Invordering opgenomen. De uitwerking van dit programma en haar producten is in de jaarrekening verwerkt in de hoofstukken 1.5 en 1.6.

2. Paragrafen In de verslaggevingsvoorschriften worden diverse paragrafen voorgeschreven. De op de RBG van toepassing zijnde paragrafen worden hierna toegelicht.

2.1

Bedrijfsvoering

Algemeen Door de deelnemers worden eisen aan onze dienstverlening gesteld. Deze zijn opgenomen in het prestatiecontract. De deelnemers zijn door middel van een vast rapportageschema op de hoogte gehouden van de verrichte dienstverlening in 2020. In de bestuurlijke vergaderingen en de ambtelijke accounthoudersoverleggen is op basis van de vier kwartaalrapportages periodiek gerapporteerd over de resultaten van de afspraken in het prestatiecontract. Bestuursvergaderingen Het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur hebben in 2020 respectievelijk twee en negen keer vergaderd. Naast de vaststelling van de begroting 2021 en de jaarrekening 2019 van de RBG waren de belangrijkste onderwerpen: -

financiële scenario’s en invorderingsactiviteiten gerelateerd aan de coronacrisis kaderbrief 2021 begrotingswijziging 2020 project tegengaan problematische schulden verordening behandeling klachten RBG selectielijst vernietiging documenten/ archiefwet normenkader 2020 RBG wijziging Takenregister RBG per 1-1-2020 uitvoeringsregels privacy van de RBG vaststellen tijdelijke wijziging invorderingsrente jaarrapportage behandeling klachten RBG 2019 jaarrapportage AVG en informatiebeveiliging

Missie en visie RBG 2.0 In 2019 hebben we onze missie en visie 2010-2018 geëvalueerd en geconcludeerd dat we de gestelde doelen bereikt hebben. Als RBG zijn we continu in ontwikkeling. We willen onderscheidend zijn op het gebied van heffen en invorderen van lokale belastingen. Het nieuwe visiedocument ‘De RBG 2.0 onderscheidend in Belastingen’ vormt voor de periode 2019-2024 de basis voor onze veranderingen. We richten ons op vier veranderlijnen: - Wij sturen op kwaliteit en zijn klantgericht. - Wij willen op een maatschappelijk verantwoorde, eigentijdse en pragmatische wijze onze taak uitvoeren. - Wij hebben bevlogen en vakkundige medewerkers. - Wij optimaliseren de schaalvoordelen van de organisatie door samenwerking met andere belastingsamenwerkingen en stimuleren groei vanuit maatschappelijk oogpunt.

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

pagina 9 van 45

Klanten en deelnemers moeten erop kunnen vertrouwen dat de RBG juiste, tijdige en betrouwbare aanslagen oplegt en dat de inning goed verloopt. Een goede kwaliteit van geleverde diensten is een voorwaarde voor een klantgerichte organisatie. We zullen onze klant altijd centraal stellen. Als klanten vragen hebben, kunnen ze via diverse kanalen contact opnemen met de RBG en worden ze snel en deskundig geholpen. We willen dat klanten een positief gevoel overhouden als zij aan de dienstverlening van de RBG denken. Om dit te bereiken, hebben wij continu aandacht voor vernieuwing van onze werkprocessen. We maken gebruik van de mogelijkheden die ontwikkelingen op het gebied van digitalisering, data en dienstverlening bieden. De mogelijkheden voor selfservice via digitale diensten worden verder uitgebouwd. We zijn op zoek naar beproefde (nieuwe) methoden en technieken die onze uitvoering kunnen verbeteren. Ook investeren we in bevlogen vakkundige medewerkers, deze zijn voorwaardelijk om tevreden klanten en deelnemers te hebben. We willen een aantrekkelijke werkgever zijn die medewerkers een uitdagende werkomgeving biedt. Daarnaast blijft de intentie van de RBG om te groeien.

2.2

Financiering

Algemeen De Regionale Belasting Groep (RBG) is een gemeenschappelijke regeling van de hoogheemraadschappen van Delfland en van Schieland en de Krimpenerwaard en de gemeenten Delft, Vlaardingen en Schiedam. De RBG conformeert zich voor de financiële rapportages aan het Waterschapsbesluit. Voor het aantrekken van vreemd vermogen/rekening-courantkredieten is de RBG gehouden aan de financieringsvoorschriften zoals die zijn vastgesteld in de „Wet financiering decentrale overheden” (Wet Fido) en het treasurystatuut RBG. Leningen De RBG heeft één 10-jaars annuïtaire lening lopen bij de Nederlandse Waterschapsbank (NWB) tegen een rentepercentage van 1,88%. De nominale waarde van de lening is € 1,7 miljoen en deze is gebruikt voor de financiering van de verbouwing van het kantoorpand in Schiedam in 2014. De Wet Fido heeft tot doel het bevorderen van een solide financiering en kredietwaardigheid van de decentrale overheden. Daarvoor staan twee instrumenten ter beschikking:  de kasgeldlimiet ten behoeve van de beperking van het renterisico in geval van financiering met kort geld (< 1 jaar);  de renterisiconorm ten behoeve van de beperking van het renterisico in geval van financiering met lang geld (> 1 jaar). Kasgeldlimiet 2020 De kasgeldlimiet geeft aan tot welk bedrag lagere overheden hun activiteiten met kort geld mogen financieren.

Voor gemeenschappelijke regelingen is de norm bepaald op 8,2% van het begrotingstotaal. Voor het begrotingsjaar 2020 was dit: 8,2% van € 18.837.300 = € 1.545.000 (afgerond). Deze limiet is in 2020 niet overschreden. De RBG heeft een rekening-courantverhouding met de NWB van maximaal € 1.306.000. Renterisiconorm De renterisiconorm bindt de looptijd van leningen aan een minimum. De Wet Fido omschrijft deze norm als maximale herfinanciering van bestaande leningen van 20% per jaar voor gemeenschappelijke regelingen. Voor de RBG is de maximale renterisiconorm berekend op € 340.000 (20% van € 1,7 miljoen). In 2020 bedroeg de verplichte aflossing € 171.300 en zijn er geen leningen in portefeuille met renteherziening, zodat ruim onder de renterisiconorm is gebleven.

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

pagina 10 van 45

Liquiditeitspositie De exploitatiekosten worden voor een belangrijk deel gefinancierd uit de bijdrage van de deelnemers. Deze bijdrage wordt per kwartaal ontvangen van de deelnemers en is gebaseerd op de liquiditeitsprognose van de begroting. Risicobeheer De RBG zal alleen geld aantrekken voor haar uitvoeringstaak. Dit betekent dat alleen financiering plaatsvindt voor activiteiten die door het bestuur zijn goedgekeurd. Er vindt geen uitzetting van gelden plaats en er wordt geen gebruik gemaakt van financiële instrumenten (derivaten, opties en dergelijke). Het risicobeleid is erop gericht toekomstige risico’s inzichtelijk te maken en te beheersen. De belastingopbrengsten die de RBG int voor haar deelnemers vallen buiten de financieringsparagraaf (zie ook het treasurystatuut van de RBG). De inningsrekeningen die de RBG beheert, worden dagelijks afgeroomd naar de deelnemers.

2.3

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

De RBG loopt bij het uitoefenen van haar taken risico’s. Onder risico wordt in deze paragraaf verstaan de kans dat een onzekere gebeurtenis plaatsvindt, waarbij schade ontstaat en waarvan de verwachte financiële omvang van de schade nog niet is vast te stellen. De RBG is bekend met de risico’s die gelopen worden bij de uitvoering van de werkprocessen. Op een groot aantal onderdelen zijn maatregelen getroffen om deze risico’s tot een minimum te beperken. Dat is vooral gebeurd waar de risico’s het grootst (kans en impact) zijn. Op basis van een risico-inventarisatie in de processen en een inventarisatie van beveiligingsrisico’s worden de beheersmaatregelen periodiek onderzocht en zo nodig aangescherpt. Voor het opvangen van eventuele tegenvallers is geen weerstandsvermogen beschikbaar gesteld door de deelnemers. In het algemeen bestuur van 26 april 2018 is naar aanleiding van een discussienota besloten geen eigen weerstandsvermogen voor de RBG in te stellen. Positieve rekeningresultaten worden teruggestort naar de deelnemers. Voor tegenvallers in de exploitatierekening kan de post onvoorzien van de exploitatiebegroting worden ingezet.

Op grond van artikel 32, derde lid, van de Gemeenschappelijke regeling RBG, zijn de deelnemers verplicht er zorg voor te dragen dat de RBG te allen tijde beschikt over voldoende middelen om aan al haar verplichtingen jegens derden te kunnen voldoen. Dit betekent dat de deelnemers zelf maatregelen moeten treffen om eventuele risico’s af te dekken. Met betrekking tot de jaarrekening onderkennen wij de volgende financiële risico’s: 1. Claims van derden De RBG is verzekerd tegen aansprakelijkheid door derden. Daarnaast kunnen in bepaalde gevallen ook claims door derden worden ingediend die niet onder de aansprakelijkheidsverzekering vallen. Claims van derden kunnen betrekking hebben op claims wegens aansprakelijkheid door onzorgvuldig handelen. 2. Escalatieregeling vermoeden misstand Het doel van de regeling is om te voorkomen dat er - ambtelijk of bestuurlijk – misstanden binnen de RBG zijn die de (financiële) belangen van de RBG (en daarmee van de deelnemers) kunnen schaden. Bij misstanden kan bijvoorbeeld gedacht worden aan fraude, disfunctioneren of niet integer handelen van medewerkers of bestuurders. Het belangrijkste in dit soort situaties is: het vroegtijdig signaleren van de misstand of het conflict. De ‘Escalatieregeling Vermoeden Misstand’ voorziet hierin.

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

pagina 11 van 45

Als het gaat om het vermijden van financiële risico’s kan ook de controller een rol spelen. Vanuit zijn onafhankelijke positie en specifieke adviesfunctie kan hij een eigen bijdrage leveren aan het voorkomen van situaties die de (financiële) belangen van de RBG en daarmee de belangen van de deelnemers kunnen schaden. Daarom is de rol en positie van de controller in onze organisatie expliciet vastgelegd in de ‘Regeling controller’. 3. Frauderisicoanalyse Onder frauderisico verstaan we: het risico dat met opzet handelingen worden verricht, door eigen personeel of derden, waardoor de RBG en daarmee de deelnemers financiële schade oplopen. Er zijn grofweg een tweetal onderdelen in de RBG-organisatie waar fraude aan de orde zou kunnen zijn: het belastingproces en de financiële administratie. De RBG heeft mogelijke situaties waarin fraude zich voor zou kunnen doen geïnventariseerd en maatregelen beschreven om de risico’s op fraude tot een minimum te beperken. De frauderisico-analyse is onderdeel geworden van het risicomanagement. 4. Integriteit De RBG besteedt nadrukkelijk aandacht aan het thema integriteit. De (her)invoering van de ambtseed heeft vanaf 2015 plaatsgevonden en maakt nu vast onderdeel uit van het integriteitsprogramma.

Alle medewerkers doen jaarlijks mee aan workshops of e-learning waar diverse dilemma’s worden besproken en de medewerkers worden geconfronteerd met fraudegevoelige situaties. 5. Informatiebeveiliging en privacy Vanwege de grote afhankelijkheid van een goed functionerende ICT-infrastructuur en de eisen (ook door derden) die aan de betrouwbaarheid daarvan worden gesteld, heeft de RBG een informatiebeveiligingsbeleid (2018) vastgesteld. In dit plan zijn maatregelen opgenomen die noodzakelijk zijn (en soms ook wettelijk verplicht) om een betrouwbare werking van onze informatiesystemen zoveel mogelijk te garanderen. Onderwerpen zoals o.a. beveiliging van de toegang, privacy persoonsgegevens, DigiD- beveiligingscertificaat en certificering van onze leveranciers komen in de beleidsnota aan de orde. De RBG heeft een systeem voor informatiebeveiliging aangeschaft. Dit Information Security Management System (ISMS) bestaat voor een deel uit IT-onderdelen. Daarnaast komen gedrag van medewerkers, standaardprocedures en bedrijfsrichtlijnen aan de orde. Het ISMS wordt omgezet naar de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO). Dit systeem is op de meeste urgente maatregelen in 2020 geïmplementeerd en zal in 2021 verder worden ingericht.

Door het inrichten van een ISMS en het uitvoeren van verplichte activiteiten, kan de RBG aantonen dat voldoende aandacht besteedt aan informatiebeveiliging. In het privacybeleid is rekening gehouden met de bepalingen uit de Wet Meldplicht Datalekken en de Europese Algemene verordening gegevensbescherming (AVG). Binnen de RBG wordt naast het implementeren van diverse maatregelen veel aandacht besteed aan bewustwording bij het personeel hoe om te gaan met de bescherming van persoonsgegevens. Tevens wordt aandacht besteed aan Data Protection Impact Assessments (DPIA). Een DPIA geeft inzicht in de risico’s die een verwerking oplevert voor betrokkenen en in de maatregelen die de RBG moet nemen om die risico’s af te dekken. 6. ICT-audit en DiGiD-assesment In het belang van een goed ingerichte en beveiligde automatiseringsomgeving is in 2020 wederom een follow-up uitgevoerd op de afgesproken maatregelen met betrekking tot deze audit. Deloitte Risk Department heeft bij de RBG de toetsnormen geëvalueerd en heeft met de RBG de beheersmaatregelen uitgewerkt. Een goedgekeurde IT-audit draagt bij aan een efficiëntere controle door onze accountant en geeft een goed beeld hoe risico’s in beheersmaatregelen zijn afgedekt of verbeterd moeten worden. In 2021 zal een volledige IT-audit plaatsvinden.

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

pagina 12 van 45

Een DigiD ICT-beveiligingsassessment is een controle van de betrouwbaarheid van een webapplicatie. Deze controle is gericht op het volledige stelsel van maatregelen en procedures. Via DigiD kunnen burgers via onze digitale balie (MijnRBG) met een beveiligde verbinding toegang krijgen. Deze toegang moet veilig en betrouwbaar zijn. In het assessment wordt getoetst of we aan de eisen voldoen. De RBG heeft in 2020 wederom een goedkeuring ontvangen.

7. Corona Algemeen Door het kabinet zijn veel maatregelen ingesteld in het kader van de bestrijding van het coronavirus. Medio 2020 is een officiële begrotingswijziging voor het jaar 2020 opgesteld, waarin rekening is gehouden met de financiële gevolgen van de coronacrisis voor de exploitatiebegroting 2020 van de RBG. Wij zullen deze procedure herhalen voor het begrotingsjaar 2021. Medio 2021 kunnen wij een goede inschatting maken van de financiële gevolgen voor het jaar 2021. Wij zullen dan wederom een bijstelling van de exploitatiebegroting 2021 aan zowel de deelnemers alsmede het algemeen bestuur voorleggen. Wij zullen in 2021, net als in 2020, periodiek blijven rapporteren over de mogelijke financiële gevolgen voor de deelnemers voor de heffing en invordering van de belastingen als gevolg van het coronavirus. Het risico oninbaar voor particulieren en ondernemers, de mogelijke toename van de toewijzingen kwijtschelding voor particulieren en bedrijven, alsmede de daling van de opbrengst dwanginvordering als onderdeel van de exploitatiebegroting van de RBG, zullen in deze rapportages specifiek (per deelnemer) aan de orde komen. Daling opbrengst dwanginvordering De kans bestaat dat de inkomstenpost opbrengst dwanginvordering van de RBG zal afnemen. Het meest duidelijk is de daling van de renteopbrengst.

Het kabinet heeft de invorderingsrente vanaf 23 maart 2020 verlaagd van 4% naar 0,01%. Deze verlaging is een maatregel in het kader van de coronacrisis. Het lijkt onwaarschijnlijk dat deze rente op korte termijn weer zal worden verhoogd. Invordering RBG (maatwerk) In 2020 is het betaalgedrag van de klanten ondanks de coronacrisis goed gebleven. De cashflow naar onze deelnemers in 2020 is goed verlopen. Onze inspanningen om de betalingen te blijven ontvangen, zijn steeds gericht geweest op het vroegtijdig benaderen van de klanten en te zorgen voor een passende betalingswijze (het bieden van maatwerk per klant). Het fysieke klantcontact via de deurwaarders is in de lockdownperiode achterwege gebleven. We hebben (proactief) zelf de klanten gebeld en/of gemaild. Dit hebben wij met name vanaf het 2e kwartaal in 2020 voor de groep ondernemers gedaan. In eerste instantie konden ze uitstel van betaling aanvragen. De nieuwe manier van incasseren is arbeidsintensief, maar we konden dit in 2020 uitvoeren binnen de bestaande formatie van de RBG. Zolang de coronacrisis voortduurt, blijven wij deze methode van de klantbenadering op maat toepassen, om het betaalgedrag positief te beïnvloeden.

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

pagina 13 van 45

2.4

Onttrekkingen overige bestemmingsreserves en voorzieningen

De volgende onttrekkingen en/of toevoegingen aan reserves en voorzieningen hebben conform begroting 2020 of conform besluitvorming van het algemeen bestuur in 2020 plaatsgevonden. Bestemmingsreserve Reserve “Uitbreiding samenwerking gemeenschappelijke regeling” Deze bestemmingsreserve is ingesteld ter dekking van projectkosten voor een nieuwe gemeentelijke samenwerking. Stand per 1-1-2020 Uitgaven 2020

€ 71.800 €

Stand per 31-12-2020

€ 71.800

In 2020 zijn geen kosten ten laste van deze reserve gebracht in het kader van de uitbreiding van de samenwerking met nieuwe gemeenten. Hoewel zowel ambtelijk als bestuurlijk gesprekken hebben plaatsgevonden met potentiele deelnemers, is er in 2020 geen besluitvorming geweest over een mogelijke toetreding van een nieuwe deelnemer. Reserve “Huurcompensatie kantoorpand Schiedam” Bij de vaststelling van de jaarrekening 2014 heeft het algemeen bestuur de bestemmingsreserve huurcompensatie kantoor Schiedam ingesteld. Het totaal van de reserve zal evenredig over de looptijd van de huurovereenkomst vrijvallen aan de exploitatie. In de huurovereenkomst (looptijd tot juni 2024) voor het kantoorpand Schiedam is de RBG met de gemeente Schiedam een huurcompensatie van 43,5 maand overeengekomen. Het gehele bedrag is inmiddels ontvangen. Stand per 1-1-2020 Onttrekking aan de reserve conform begroting 2020

€ 658.200 € 149.000 -/-

Stand per 31-12-2020

€ 509.200

Reserve “Aanbestedingen” Betreft de voorbereidingen en bijbehorende implementaties van diverse aanbestedingen. Stand per 1-1-2020 Onttrekking aan de reserve o.b.v. de jaarrekening 2019

€ 600.000 € 1.900 -/-

Stand per 31-12-2020

€ 598.100

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

pagina 14 van 45

Reserve “Tegengaan problematische schulden” In het algemeen bestuur van 5 december 2019 is bij agendapunt 5 “pilot problematische schulden” ingestemd met het instellen van een bestemmingsreserve ad € 250.000. In 2020 hebben diverse activiteiten reeds plaatsgevonden om klanten alsnog te bewegen tot betalen of te begeleiden naar een schuldhulpverleningsorganisatie. Door de coronabeperkingen hebben huisbezoeken nauwelijks plaatsgevonden. Deze zullen in 2021 afhankelijk van lockdownversoepelingen gaan plaatsvinden. In 2021 staat de evaluatie van dit project op de bestuursagenda. Stand per 1-1-2020 Toevoegen conform (gewijzigde) begroting 2020

€ 250.000 € 200.000

Stand per 31-12-2020

€

450.000

Reserve “Matchingskosten” Het betreft een reserve m.b.t. de vervolgacties van vooral dwangbevelopbrengsten die in een toekomstig belastingjaar plaatsvinden: het zogenaamde „matching-principe”. In de tariefstelling van de kosten (waaronder die van het dwangbevel per post) is hier rekening mee gehouden. Immers, het versturen van het dwangbevel is eenvoudig administratief te realiseren. Vanuit deze opbrengst moet ook het werk ter voorbereiding en uitvoering van een hernieuwde betekeningsronde gedekt worden. Stand per 1-1-2020 Toevoegen o.b.v. jaarrekening 2019 Toevoegen conform begroting 2020 Stand per 31-12-2020

€ nihil € 550.000 € 550.000 €

1.100.000

Voorzieningen Naast de voorziening dubieuze invorderingsdebiteuren heeft de RBG drie voorzieningen voor arbeidsgerelateerde verplichtingen. Eén voorziening is ter dekking van mogelijke aanspraak op WW-uitkering. Een tweede voorziening is ingesteld om de kosten van toekomstige jubileumverplichtingen van het huidige personeel op te vangen. De derde voorziening is ingesteld voor het gekochte IKB-verlof door personeel RBG. Zie voor een nadere toelichting en specificatie van de voorzieningen de toelichting op de passiva in het onderdeel jaarrekening.

2.5

Verbonden partijen

Vanuit het publiek belang kunnen banden worden aangegaan met derden, de zogenaamde verbonden partijen. Als de RBG hierbij een bestuurlijk en/of een financieel belang heeft, is er sprake van een verbonden partij. Momenteel heeft de RBG geen verbonden partijen. De RBG is lid van de werkgeversvereniging waterschappen om de cao voor waterschappen van toepassing te kunnen verklaren. Het lidmaatschap is ingegaan per 1 januari 2019. Lid worden van de werkgeversvereniging was een keuze van elk waterschap en elke sectorvolger (de RBG is een sectorvolger). Een vereniging wordt gevormd door leden die ambitie en doelstellingen delen en verwachten deze gezamenlijk beter te kunnen realiseren dan ieder voor zich.

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

pagina 15 van 45

2.6

Wet normering bezoldiging topfunctionarissen

Het doel van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) is het voorkomen van ongewenst hoge beloningen in de publieke en semipublieke sector. De WNT verplicht organisaties in de publieke sector in hun jaarverslag de jaarlonen van (top)functionarissen te vermelden. De WNT verbiedt dat organisaties aan haar topfunctionarissen salarissen uitbetalen die hoger zijn dan 100% van het gemiddelde jaarloon van een minister. In totaal betreft dit voor 2020 een bedrag van afgerond € 201.000 (betreft de som van jaarloon, sociale premies en variabele vergoedingen). In de toelichting op de exploitatierekening naar kosten en opbrengstensoorten wordt een opgave gedaan van de functionarissen die onder de WNT vallen.

2.7

EMU-saldo

De RBG is niet gehouden aan de EMU-regels. De effecten van de RBG behoren tot uitdrukking te komen in de individuele bijdragen aan de RBG in de begrotingen en jaarrekeningen van de deelnemers.

2.8

Incidentele lasten en baten

Conform artikel 4.30 van het Waterschapsbesluit dient inzicht te worden gegeven in de incidentele baten en lasten. Dit is één van de toezichtcriteria die de provincie gebruikt om te bepalen of een organisatie materieel en financieel in evenwicht is. Hiervan is sprake als de structurele baten en lasten in evenwicht zijn. Voor een juist beeld van de financiële positie worden daarom de incidentele componenten uit het saldo geëlimineerd (zie in de jaarrekening onder kosten- en opbrengstensoorten). In 2020 waren er geen incidentele lasten en baten.

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

pagina 16 van 45

Jaarrekening Balans bedragen in € Nr.

Omschrijving 31-12-2020

31-12-2019

ACTIVA VASTE ACTIVA: Immateriële vaste activa

0

0

Materiële vaste activa

475.100

627.600

Financiële vaste activa

0

0 475.100

627.600

VLOTTENDE ACTIVA: Uitzettingen looptijd < 1 jaar

1.858.300

2.406.800

Kortlopende vorderingen

2.863.700

3.467.200

Overlopende activa Liquide middelen

70.100

151.300

3.988.500

1.423.000

Totaal ACTIVA

8.780.600

7.448.300

9.255.700

8.075.900

2.729.100

1.964.600

PASSIVA VASTE PASSIVA: EIGEN VERMOGEN Bestemmingsreserves Nog te bestemmen resultaat * mutatie bestemmingsreserves * nog in te stellen reserves projecten * nog te bestemmen resultaat

-603.100

-386.500

0

550.000

-312.900

117.400 -290.200

280.900

2.438.900

2.245.500

VOORZIENINGEN

526.700

468.200

VASTE SCHULDEN > 1 JAAR

718.200

889.500

VLOTTENDE PASSIVA: Netto-vlottende schulden < 1 jr

1.221.800

Overlopende passiva

4.350.100

Totaal PASSIVA

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

1.260.200 3.212.500 5.571.900

4.472.700

9.255.700

8.075.900

pagina 17 van 45

Waarderingsgrondslagen Inleiding De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Waterschapsbesluit (de RBG heeft bij de oprichting gekozen om deze verslaggevingsvoorschriften te volgen) daarvoor geeft. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening en de resultaatbepaling De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn. Personeelslasten worden toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Voor arbeidskostengerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume is een voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen in overeenstemming met de voorschriften van het Waterschapsbesluit. Materiële vaste activa De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgings- c.q. vervaardigingsprijs, verminderd met de cumulatieve afschrijvingen.

De afschrijving van het geactiveerde object vangt aan bij ingebruikname van het gerelateerde materiële vaste actief. Er wordt in gehele jaren afgeschreven. De RBG hanteert voor het kantoorpand een annuïtaire afschrijvingsmethode. De afschrijvingstermijn voor verbouwen van het kantoorpand bedraagt 10 jaar. Vorderingen en overlopende activa De vorderingen en de overlopende activa zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Binnen de vorderingen worden ook de belastingdebiteuren gerekend voor het aandeel Invorderingsopbrengst. Uitgangspunt is dat van alle bevoegdheden op het terrein van invordering, alles in het werk wordt gesteld om de vorderingen te innen. Als alle mogelijkheden tot invordering zijn uitgeput, wordt overgegaan tot afboeking wegens oninbaarheid. Op basis van het betreffende debiteurensaldo en de ouderdom van de vordering is een risicoanalyse gemaakt. Voor het risico van oninbaarheid is een voorziening getroffen welke op de debiteuren in mindering is gebracht. De voorziening wordt bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen. Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. De voorziening jubilea is tegen de contante waarde van de toekomstige uitkeringsverplichtingen gewaardeerd.

Vaste schulden met een rente typische looptijd van één jaar of langer Vaste schulden worden gewaardeerd tegen nominale waarde verminderd met gedane aflossingen. Netto-vlottende schulden < 1 jaar en de overlopende passiva De netto-vlottende schulden < 1 jaar en de overlopende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

pagina 18 van 45

Toelichting op de balansposten Toelichting op de activa Immateriële vaste activa De RBG heeft in 2020 geen immateriële vaste activa. Materiële vaste activa Verbouwing kantoorpand Schiedam Betreft het kantoorpand in Schiedam dat eind mei 2014 is betrokken. Boekwaarde per 01-01-2020

€ 627.600

Afschrijving 2020

€ 152.500 -/-

Boekwaarde per 31-12-2020

€ 475.100

Het krediet voor de verbouwing bedroeg € 1,7 miljoen. De werkelijke uitgaven bedroegen € 1.486.000. De gehanteerde afschrijvingstermijn is 10 jaar. Financiële vaste activa De RBG heeft in 2020 geen financiële vaste activa. Vlottende activa

Uitzettingen looptijd < 1 jaar

31-12-2020

31-12-2019

Debiteuren invordering

4.531.500

5.587.800

af: voorziening dubieuze debiteuren

-2.684.000

-3.228.000

10.800

47.000

0

0

1.858.300

2.406.800

Debiteuren algemeen Uitzetting looptijd < 1 jaar Totaal Uitzettingen looptijd < 1 jaar

De debiteuren invordering betreffen de openstaande vorderingen van invorderingsactiviteiten die de RBG heeft verricht. Van de openstaande vorderingen is per ultimo 2020 op basis van ouderdom en risico bepaald welk deel vermoedelijk oninbaar zal worden geleden. Van het nog openstaande bedrag wordt 59,2% vermoedelijk oninbaar geschat. a) Voorziening dubieuze debiteuren dwanginvordering Stand per 1-1-2020: Af: Oninbaar geleden posten over oude jaren Bij: toevoeging ten laste van exploitatie

€ 3.228.000 € -/-1.498.800 € 954.900

Stand per 31-12-2020:

€ 2.684.000

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

pagina 19 van 45

De oninbaar geleden posten van het belastingjaar 2020 (in totaal een bedrag van € 32.900) zijn gecorrigeerd op de invorderingsopbrengst 2020. Alle oudere posten zijn ten laste van de voorziening dubieuze debiteuren gebracht. Het totaal aan openstaande dwanginvorderingposten bedraagt € 4.531.500. Rekening houdend met een oninbaar percentage van 59,2% (samengesteld percentage gebaseerd op een ouderdomsanalyse van openstaande vorderingen) dient de voorziening € 2.684.000 te bedragen. Om de voorziening op dit niveau te brengen is € 954.900 aan de voorziening toegevoegd. Belastingdebiteuren deelnemers Hoewel geen onderdeel van de jaarrekening van de RBG wordt onderstaand inzicht gegeven in de belastingdebiteuren van de deelnemers. De deelnemers krijgen jaarlijks een specifiek door de accountant goedgekeurde belastingverantwoording. Stand openstaande vorderingen per 31-12-2019 Totaal

Opbrengst deelnemers

Invorderingskosten RBG

€

€

41.359.400

5.587.800

Totaal €

46.947.200

Stand openstaande vorderingen per 31-12-2020 Totaal

Opbrengst deelnemers

Invorderingskosten RBG

€

€

40.595.800

4.531.500

Totaal €

45.127.300

De totale post openstaande debiteuren eind 2020 is met circa € 1,8 miljoen afgenomen ten opzichte van het openstaande saldo eind 2019. Het debiteurensaldo van de deelnemers is in 2020 afgenomen met ruim € 750.000, een goed resultaat in het coronajaar. Het geeft aan dat wij succesvol zijn met onze klantgerichte benadering bij de inning van de belastingen, waarbij het leveren van maatwerk naar de klant voorop staat. In 2020 is het betaalgedrag van de klanten dus goed gebleven. Naast het feit dat het debiteurensaldo is afgenomen, was er in 2020 in vergelijking met 2019 per saldo € 9,6 miljoen meer te innen. b) debiteuren algemeen Onder de post debiteuren algemeen heeft de RBG per 31-12-2020 twee facturen openstaan van niet belastingdebiteuren. Dit betreft een nog te ontvangen bedrag van HHSK voor betaalde accountantskosten controle zuiveringsheffing (GOAW) en van de andere huurder van ons kantoorpand (Tebodin) voor gezamenlijke kosten van ons kantoor die wij bij hun in rekening hebben gebracht.

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

pagina 20 van 45

Sinds eind 2013 zijn decentrale overheden verplichte deelnemers aan schatkistbankieren. Vanaf dat moment zijn alle decentrale overheden, waaronder gemeenschappelijke regelingen, verplicht om hun overtollige middelen in de schatkist aan te houden. Tegelijkertijd met de wet is de ministeriële regeling schatkistbankieren decentrale overheden van kracht geworden. Onderdeel van die regeling is de rekeningcourantovereenkomst die iedere decentrale overheid heeft met de Staat der Nederlanden. De regeling bevat ook de verplichting voor decentrale overheden om een bankrekening aan te houden die gekoppeld kan worden aan de schatkist. In onderstaande tabel is de berekening van het drempelbedrag voor het schatkistbankieren per kwartaal weergegeven. Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) 2020 Drempelbedrag

3653 Kwartaal 1

Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

1.101

3.139

2.252

2.111

2.552

514

1.401

1.542

-

-

-

-

Overschrijding van het drempelbedrag

In dit overzicht is te zien dat de gemiddelde stand in rekening-courant bij de NWB/ING in 2020 onder het drempelbedrag gebleven is. Kortlopende vorderingen en overlopende activa bedragen in €

Kortlopende vorderingen

Nog te ontvangen

31-12-2020

31-12-2019

44.700

67.000

Nog te ontvangen (via inningsrekening) deelnemers

2.819.000

3.400.200

Totaal kortlopende vorderingen

2.863.700

3.467.200

Nog te ontvangen Dit betreft de afrekening servicekosten schoonmaken kantoor over 2020 van Facilicom. Nog te ontvangen (af te romen via inningsrekening) deelnemers De betalingen van de invorderingsopbrengst en de verrekening van de kosten van betalingsverkeer vindt plaats via de inningsrekeningen. Deze inningsrekeningen worden periodiek afgeroomd naar de deelnemers. Per 31-12-2020 dient een deel van de betaalde invorderingsopbrengst en de betaalde bankkosten nog te worden verrekend. Per saldo heeft de RBG op 31-12-2020 een rekening-couranttegoed van € 2.819.000. Overlopende activa - vooruitbetaalde bedragen Eind 2020 zijn enkele facturen (met name contracten en licentievergoeding van software met betrekking op 2021) vooruitbetaald met een totaalbedrag van € 70.100.

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

pagina 21 van 45

Liquide middelen

31-12-2020

31-12-2019

Banken

3.988.500

1.423.000

Totaal liquide middelen

3.988.500

1.423.000

Voor de bedrijfsvoering van de RBG is één rekening-courantverhouding afgesloten bij de Nederlandse Waterschapsbank. Het maximale krediet bedraagt € 1.306.000. Daarnaast heeft de RBG drie inningrekeningen bij de NWB en een ING-rekening ten behoeve van de verwerking van internetbetalingen. Per 31-12-2020 staan de volgende saldi op de bankrekeningen: Saldo Liquide middelen NWB-Rekening-courant 005 NWB-Inningsrekening 463 NWB-Inningsrekening 678 NWB-Inningsrekening 250 IDEAL-rekening (ING)

€ € € € €

2020 3.866.400 58.700 59.800 0 3.600

€ € € € €

Totaal

€

3.988.500

€ 1.423.000

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

2019 1.311.600 26.000 26.700 700 58.000

pagina 22 van 45

Toelichting op de passiva Eigen vermogen Bestemmingsreserve:

Stand per

Resultaat

Omschrijving

1-1-2020

2019

Reserve uitbreiding samenwerking GR

€

71.800

Reserve huurcompensatie kantoorpand Schiedam €

658.400

Toevoeging

Onttrekking

€ -149.000

Stand per

Voorstel resultaat

Stand per

31-12-2020 bestemming 2020

1-1-2021

€

71.800

€

71.800

€

509.400

€

509.400

Reserve WOZ

€

92.000

€

-92.000

€

-

€

-

Reserve bedrijfsvoering

€

189.900

€

-189.900

€

-

€

-

Reserve bestandsoptimalisatie

€

102.700

€

-102.700

€

-

€

-

Reserve aanbestedingen

€

600.000

€

-1.900

€

598.100

€

-41.900

€

556.200

Reserve tegengaan problematische schulden

€

250.000

Reserve matchingskosten

€

-

€

550.000

€

280.900

€

-280.900

€

117.400

€

-

€

200.000

€

450.000

€

-412.100

€

37.900

€

550.000

€ 1.100.000

€

-300.100

€

799.900

€

151.000

Reserve thuiswerkvoorziening Resultaat 2019 Terugbetaald aan deelnemers Saldo bestemmingsreserve

€ 2.245.700

Resultaat 2020 voor bestemming Totaal eigen vermogen

€

750.000

€

151.000

€

-

€

-

€ -117.400

€

-

€

-

€ -266.400

€ 2.729.300

€

-603.100

€ 2.126.200

€

-290.200

€

290.200

€

€ 2.439.100

€

-312.900

€ 2.126.200

€ -290.200 € 2.245.700

€

-

€

459.800

€ -266.400

-

Voorgesteld wordt om € 312.900 terug te betalen aan de deelnemers. Na resultaatbestemming is de stand van de bestemmingsreserves € 2.126.200.

Bestemmingsreserve Reserve “Uitbreiding samenwerking gemeenschappelijke regeling” Deze bestemmingsreserve is ingesteld ter dekking van projectkosten voor gemeentelijke samenwerking. In 2020 zijn geen kosten ten laste van deze reserve gebracht in het kader van de uitbreiding van de samenwerking met nieuwe gemeenten. Hoewel zowel ambtelijk als bestuurlijk gesprekken hebben plaatsgevonden met potentiele deelnemers, is er in 2020 geen besluitvorming geweest over een nieuwe deelnemer. Reserve “Huurcompensatie kantoorpand Schiedam” Bij de vaststelling van de jaarrekening 2014 heeft het algemeen bestuur de bestemmingsreserve huurcompensatie kantoor Schiedam ingesteld. Het totaal van de reserve zal evenredig over de looptijd van de huurovereenkomst vrijvallen aan de exploitatie. In de huurovereenkomst (looptijd tot juni 2024) voor het kantoorpand Schiedam is de RBG met de gemeente Schiedam een huurcompensatie van 43,5 maand overeengekomen. Het gehele bedrag is inmiddels ontvangen. Reserve “Aanbestedingen” Voor het uitvoeren van onze belastingtaken maken wij gebruik van een belastinginformatiesysteem en een digitale klantenbalie. Beide contracten verlopen in mei 2022. De aanbesteding zal vermoedelijk in het 2e kwartaal van 2021 worden gepubliceerd. Voor kosten van projectleiding, inkoopadvies en implementatie bij deze Europese aanbesteding is een bedrag geraamd van € 300.000.

De uitgaven t/m 2020 bedragen ca. € 43.000. Voor de kosten van aanbesteding kantoorautomatisering is voor projectleiding, inkoopadvies en implementatie € 150.000 gereserveerd. Wij starten met dit project in het 2e halfjaar van 2021, na de afronding van de publicatie aanbesteding belastinginformatiesysteem. De verwachting is dat de RBG zal overgaan naar een “modern workplace” oplossing. Een toekomstgerichte oplossing waar veel opleiding en werkwijze verandering voor nodig is.

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

pagina 23 van 45

Tenslotte is nog een bedrag geraamd voor de aanbesteding van onze telefonie. Wij starten met deze aanbesteding na afronding van de aanbesteding kantoorautomatisering. De huidige contracten telefonie lopen ook tot en met mei 2022 maar kunnen nog verlengd worden. Reserve “Tegengaan problematische schulden” In het algemeen bestuur van 5 december 2019 is bij agendapunt 5 “pilot problematische schulden” ingestemd met het instellen van een bestemmingsreserve ad € 250.000. Via een toevoeging uit de vastgestelde begroting 2020 is deze bestemmingsreserve met € 200.000 aangevuld tot € 450.000. In 2020 hebben diverse activiteiten plaatsgevonden om in contact te komen met deze klanten en ze alsnog te bewegen tot betalen of te begeleiden naar een schuldhulpverleningsorganisatie. Door de coronabeperkingen hebben in 2020 huisbezoeken nauwelijks plaatsgevonden. Deze zullen in 2021 afhankelijk van lockdownversoepelingen plaatsvinden. De evaluatie van dit project staat in 2021 op de bestuursagenda. Reserve “Matchingskosten” Het betreft een reserve m.b.t. de vervolgacties van vooral dwangbevelopbrengsten die in een toekomstig belastingjaar plaatsvinden: het zogenaamde „matching-principe”. In de tariefstelling van de kosten (waaronder die van het dwangbevel per post) is hier rekening mee gehouden. Immers, het versturen van het dwangbevel is eenvoudig administratief te realiseren.

Vanuit deze opbrengst moet ook het werk ter voorbereiding en uitvoering van een hernieuwde betekeningsronde gedekt worden. Nog te bestemmen resultaat Het nog te bestemmen resultaat 2019 ad. € 117.400 is conform het bestuursbesluit van 7 mei 2020 teruggestort naar de deelnemers.

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

pagina 24 van 45

Voorzieningen Voorziening arbeidsgerelateerde verplichtingen a) WW-uitkeringen/transitievergoedingen Als overheidsinstantie is de RBG risicodrager met betrekking tot WW- en bovenwettelijke WW-uitkeringen. Dit betekent dat als medewerkers worden ontslagen of als tijdelijke aanstellingen niet worden verlengd, de RBG voor maximaal 38 maanden de WW-uitkering en eventueel bovenwettelijke WW aan het UWV moet vergoeden. Per ultimo 2020 is er één aanspraak op en risico’s van WW-uitkering op te vangen. Met 1 medewerker zijn afspraken gemaakt tot gedeeltelijke beëindiging van het dienstverband in 2021. De vastgelegde transitievergoeding is in deze voorziening toegevoegd. Stand per 1-1-2020: Af: Uitgaven 2020 Bij: Toevoeging uit exploitatie

€

40.000

€

62.300

€ 1.800 -/€ 24.100

Stand per 31-12-2020:

b) Voorziening jubilea In het kader van het Waterschapsbesluit dienen toekomstige jubilea-uitkeringen voorzien te worden. Op basis van een model van onze accountant is, rekening houdend met leeftijd en dienstjaren, berekend hoeveel toekomstige jubilea-kosten uitgekeerd moeten worden. Op basis van het huidige personeelsbestand is de voorziening bepaald op € 235.700. Stand per 1-1-2020:

€ 229.900

Er is in 2020 ca. € 38.500 aan jubilea-uitkeringen uitbetaald ten laste van deze voorziening. Af: Uitgaven 2020 Bij: toevoeging uit exploitatie

€ 38.500 -/€ 44.300

Stand per 31-12-2020:

€ 235.700

c) Voorziening IKB-verlof Via het individueel keuzebudget kunnen medewerkers extra verlof kopen. Met ingang van 1 januari 2019 kent het IKB geen grens meer voor het kopen van verlof. Het gekochte IKBverlof kent ook geen vervaltermijn meer. Medewerkers kunnen het verlof inzetten om zorgtaken uit te voeren, eerder met pensioen te gaan, een sabbatical op te nemen of anderszins met verlof te gaan. Dit gebeurt in overleg met de leidinggevende en als het werk het toelaat. Het gekochte verlof wordt opgenomen in een voorziening. Stand per 1-1-2020:

€

198.300

Stand per 31-12-2020:

€

228.700

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

pagina 25 van 45

Bij: toevoeging uit exploitatie

€ 30.400

Langlopende schulden Geldleningen bij binnenlandse banken Saldo geldleningen per 1-1-2020 Af: aflossingen

€

889.500

€

718.200

€ 171.300

Saldo geldleningen per 31-12-2020

Bovenstaande geldlening is bij de Nederlandse Waterschapsbank in 2014 aangetrokken om de verbouwing van het kantoorpand te Schiedam te financieren. Deze lening wordt in 10jaarlijkse annuïteiten afgelost met een rentepercentage van 1,88%. De deelnemers van de Regionale Belasting Groep staan garant voor deze lening (conform artikel 32 van de gemeenschappelijke regeling). De zevende aflossing van deze geldlening bedraagt € 174.600 en vervalt in maart 2021. Van deze geldlening is € 14.200 voor rentekosten toe te rekenen aan 2020, die in deze jaarrekening zijn verwerkt. Netto-vlottende schulden < 1 jaar en overlopende passiva bedragen in €

Netto-vlottende schulden < 1 jr

31-12-2020

31-12-2019

en overlopende passiva

Netto-vlottende schulden < 1 jr Schulden aan leveranciers

704.200

Te betalen belastingen, sociale en pensioenpremies

517.600 1.221.800

754.400 505.800 1.260.200

Overlopende passiva Vooruitontvangen bedragen Nog te betalen bedragen

Totaal

4.254.100

3.089.000

96.000

123.500

4.350.100

3.212.500

5.571.900

4.472.700

Schulden aan leveranciers (crediteuren) De RBG hanteert, conform de algemene inkoopvoorwaarden, een betalingstermijn van 30 dagen. Eind 2020 bedraagt het crediteurensaldo € 704.200, waarvan voor ca. 98% de betaaltermijn niet was verlopen. Het restant was nog niet akkoord voor betaling. Medio februari 2021 was het saldo teruggelopen tot circa € 17.400. Te betalen belastingafdrachten, sociale- en pensioenpremies Deze post betreft het verschil tussen de berekende en de daadwerkelijke afdrachten loonbelasting en sociale verzekeringspremies van december. Dit bedrag zal in 2021 geëffend worden. Vooruit ontvangen bedragen De bijdrage in de exploitatiekosten van de RBG dient uiterlijk op de eerste dag van ieder kwartaal te zijn overgemaakt. Alle deelnemers hebben de eerste kwartaalbijdrage 2021

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

pagina 26 van 45

voor eind december 2020 betaald. De totaal vooruit ontvangen deelnemersbijdrage bedraagt € 4.043.000. In december 2020 zijn er van het ministerie van Binnenlandse zaken en koninkrijksrelaties twee bedragen ontvangen als restitutie in de waterschapsbijdragen aan de WOZ kosten van de gemeenten over 2021. Dit betreft € 71.100 voor HHSK en € 140.000 voor HHD. Nog te betalen bedragen De post nog te betalen (€ 96.000) bestaat uit diverse posten, zoals    

rente geldlening 2020 voorschot controle jaarrekening afrekening incassoactiviteiten 2020 aanpassing formulieren KWS

€ € € €

10.600 41.100 30.000 12.100

Niet uit balans blijkende verplichtingen Dit betreft de leasekosten van twee auto’s met een resterende looptijd van respectievelijk 45 en 55 maanden. De jaarlijks te betalen leasekosten bedragen € 30.000. Voor de huur van het kantoorpand Spoorstraat te Schiedam is een meerjarig huurcontract afgesloten. Het contract loopt tot 1 juni 2024. De jaarlijks te betalen huurkosten bedragen circa € 410.000.

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

pagina 27 van 45

Exploitatierekening naar programma en kostendrager

Exploitatie naar programma

Begroting 2020 primair

Begroting 2020 na wijziging

Realisatie 2020

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

18.914.300 €

18.313.300 €

601.000 €

18.688.300 €

18.087.300 €

601.000 €

18.212.400 €

17.901.600 €

310.800

Omschrijving programma: Heffen en Invorderen

€

Resultaat voor bestemming

€ 18.914.300 € 18.313.300 €

601.000 € 18.688.300 € 18.087.300 €

601.000 € 18.212.400 € 17.901.600 €

310.800

Mutaties in reserves

€

149.000 €

750.000 €

-601.000 €

149.000 €

750.000 €

-601.000 €

149.000 €

750.000 €

-601.000

Subtotaal mutaties reserves

€

149.000 €

750.000 € -601.000 €

149.000 €

750.000 € -601.000 €

149.000 €

750.000 € -601.000

Resultaat na bestemming

€ 19.063.300 € 19.063.300 €

Toevoeging/onttrekking aan reserves:

Kostendrager

- € 18.837.300 € 18.837.300 €

- € 18.361.400 € 18.651.600 € -290.200

Begroting

Begroting

Jaarrekening

Jaarrekening

Verschil

2020

2020 na

2020

2019

2020

Primair

wijziging

Lasten Kostendrager: belastingheffing

€

13.187.200

€

13.038.400

€

12.683.100

€

12.510.700

€

355.300

Kostendrager: invordering

€

4.676.100

€

4.598.900

€

4.774.900

€

4.648.500

€

-176.000

Project kwijtschelding HHD+HHSK

€

450.000

€

450.000

€

443.600

€

Totaal Lasten

€

18.313.300

Kostendrager: belastingheffing

€

14.277.400

€

Kostendrager: invordering

€

4.186.900

€

Project kwijtschelding HHD+HHSK

€

450.000

€

Totaal Baten

€

18.914.300

Exploitatieresultaat voor bestemming

€

445.800

€

6.400

€ 17.901.600

€ 17.605.000

€

185.700

15.351.400

€

15.345.900

€

13.778.800

€

5.500

2.886.900

€

2.416.500

€

3.642.200

€

470.400

450.000

€

450.000

€

450.000

€

-

€ 18.087.300

Baten

€ 18.688.300

€ 18.212.400

€ 17.871.000

€

475.900

-601.000

€

-601.000

€

-310.800

€

-266.000

€

-290.200

Onttrekking aan bestemmingsreserve Kostendrager: belastingheffing

€

35.000

€

35.000

€

35.000

€

1.100

€

-

Kostendrager: invordering

€

566.000

€

566.000

€

566.000

€

-16.000

€

-

Exploitatieresultaat na bestemming *

€

-

€

-

€

290.200

€

-280.900

€

-290.200

In de volgende paragrafen wordt een toelichting gegeven op de twee kostendragers van de RBG. De verdeling van de kosten en opbrengsten naar de beleidsproducten geschiedt op basis van onderstaande verdeelsleutels:

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

pagina 28 van 45

Kostendrager Kostendrager Kostenplaats

Verdeelsleutel

belasting-

Kostendrager

Kostendrager

belasting-

invordering

Invordering

heffing

2020

heffing

Lasten Heffen

percentage

Invorderen

percentage

Gegevensbeheer

percentage

Klanteninformatie Middelen

100%

€

1.122.000

100% €

2.563.500

€

1.122.000

100%

€

7.766.900

€

7.766.900

percentage

50%

o.b.v. fte in %

69%

50% €

1.735.000

€

867.500

31% €

3.777.500

€

2.588.700

Managementteam

o.b.v. fte in %

69%

Project KWS

percentage

31% €

493.100

€

337.900

100% €

443.600

€ 2.563.500 €

867.500

€ 1.188.800 €

155.200

€

443.600

Baten Deelnemersbijdragen

percentage

100%

Invorderingsopbrengst percentage

€

15.340.000- €

15.340.000- €

100% €

2.410.600- €

-

€ 2.410.600-

-

€

Overige baten

percentage

50%

50% €

Financieringsbaten

percentage

50%

50% €

11.800- €

Project KWS

percentage

100% €

450.000-

€

-

€

310.800- €

-

5.900- €

5.900-

€

450.000-

2.662.900- € 2.352.100

Hierna wordt per kostendrager een toelichting gegeven.

Jaarrapport 2020 Regionale Belasting Groep

pagina 29 van 45

Kostendrager: Belastingheffing De kostendrager belastingheffing betreft het opleggen van aanslagen gemeentelijke - en waterschapsbelastingen, waaronder zuiverings-, watersysteem- en wegenheffing, OZBheffing en afvalstoffenheffing, rioolrechten, leges en precariobelasting. Daarnaast behoort ook de uitvoering van de Wet waardering onroerende zaken tot dit product, alsmede het verwerken van verzoek- en bezwaarschriften en het voeren van beroepsprocedures. Gegevensbeheer is een belangrijke taak ten behoeve van belastingheffing. Onder gegevensbeheer worden alle bronnen geschaard die door middel van contracten en overeenkomsten worden gebruikt. Gezien het belang van de kwaliteit van de gegevens worden met gegevensleveranciers afspraken gemaakt over de te leveren en terug te leveren informatie voor het proces. Verder is met de waterschappen en gemeenten afgesproken welke kwaliteitseisen zij stellen aan de registraties, omdat de gegevens die beheerd worden door de RBG, ook tot de kerngegevens van andere waterschaps- en gemeenteprocessen behoren.

De belangrijkste taken, die worden uitgevoerd, zijn:  Verwerking kadastrale informatie, WOZ en BRP;  Verwerking overige basisregistraties en inkomende data;  Opleggen waterschaps- en gemeentebelastingen;  Bepalen en beschikken van WOZ-waarden;  Accountmanagement en contractbeheer;  Buitendienst controle;  Data-analyse, uitvoeren van verbandcontroles;  Systeemanalyse en functioneel applicatiebeheer. Doel  Het juist, volledig en tijdig bepalen van de waarde van onroerende zaken;  Het juist, volledig en tijdig opleggen van de aanslagen;  Het juist, volledig, tijdig, en gemotiveerd afhandelen van verzoeken en bezwaar- en beroepschriften. Effect De klant begrijpt de belastingaanslag en is mede daardoor bereid de aanslag te betalen. Kritische succesfactoren  Juistheid, volledigheid en actualiteit van de brongegevens;  Volledigheid aanslagoplegging;  Doorlooptijd afhandeling bezwaar- en beroepschriften. Financiën Kostendrager belastingheffing

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10111580/2