Mobiliteitsagenda
Tekst van het document
Mobiliteitsagenda 2021 - 2023 Met doorkijk naar 2030
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
Voorwoord Voor u ligt de Mobiliteitsagenda. Deze agenda vormt het eerste uitvoeringsprogramma van het Actieplan Mobiliteit. De afgelopen jaren is met het Actieplan Mobiliteit in de hand hard gewerkt aan een veilig, bereikbaar en gezond Vlaardingen. In deze Mobiliteitsagenda worden de ambities verder geconcretiseerd. Deze agenda geeft, vanuit de kaders van het Actieplan Mobiliteit, een groot aantal concrete projecten en richtingen die we de komende jaren op het gebied van verkeer en mobiliteit willen oppakken. In h verkeer willen verbeteren en verkeersonveilige situatie bij scholen en zorginstellingen willen aanpakken. In deze Mobiliteitsagenda ligt de focus daarom vooral op de kwetsbare verkeersdeelnemers: hoe kunnen we de mobiliteit van deze groep verkeersdeelnemers zo veilig mogelijk maken? Daarbij helpt het erg dat we voor dit jaar flink wat subsidie hebben binnengehaald om de verkeersveiligheid te verbeteren door concrete projecten. Die concrete projecten voor de korte termijn vormen de aftrap van deze Mobiliteitsagenda. Daarnaast moeten we ook verder doorkijken. Hoe ziet onze stad er in 2025 of in 2030 uit? We hebben ambities op allerlei vlakken. Zo is een van de pijlers in het Herstelplan het bouwen van vele nieuwe woningen. Hier liggen belangrijke raakvlakken met verkeer en mobiliteit.
Ook deze nieuwe bewoners moeten zich veilig, bereikbaar en gezond door onze stad kunnen verplaatsen. Op basis van al die ontwikkelingen en doelen hebben we een doorkijk gemaakt naar de middellange en lange termijn. Dit zijn projecten waarvoor nog geen financiële middelen beschikbaar zijn. Met deze lijst in de hand kunnen we daar de komende jaren echter wel naar op zoek gaan. Naast eigen middelen biedt deze Mobiliteitsagenda een belangrijke onderbouwing voor het aanvragen van subsidies, ook op de middellange en lange termijn. Het is mooi dat deze Mobiliteitsagenda er nu ligt. Bovendien hebben we een inhoudelijke koppeling te maken met het Actieplan Luchtkwaliteit, waarmee veel raakvlakken zijn. Ook hebben we het Mobiliteitsplatform Vlaardingen betrokken bij de totstandkoming van het document. Ik zou graag willen besluiten met een oproep: laten we vooral aan de slag gaan én meters maken voor een stad waarin iedereen zich op een prettige en veilige manier kan verplaatsen en waarbij de focus ligt op fietsen en wandelen. Daar zet ik me van harte voor in. Samen met u. Bart Bikkers, Wethouder verkeer en vervoer
Fotografie Angelique van Woerkom
1
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
Inhoud 1.
2.
3
Inleiding ........................................................................................................................................... 3 1.1
Aanleiding ................................................................................................................................ 3
1.2
Proces en aanpak .................................................................................................................... 3
Beleidskader .................................................................................................................................... 5 2.1
Nationaal, provinciaal en regionaal beleid .............................................................................. 5
2.2
Gemeentelijk beleid ................................................................................................................ 6
2.3
Herstelplan Vlaardingen .......................................................................................................... 7
2.4
Andere relevante ruimtelijke ontwikkelingen......................................................................... 8
Beschrijving huidige en gewenste situatie .................................................................................... 10 3.1
4
Verkeer .................................................................................................................................. 10
3.1.1
Gemotoriseerd verkeer ................................................................................................. 10
3.1.2
Fietsverkeer ................................................................................................................... 15
3.1.3
Openbaar vervoer ......................................................................................................... 19
3.1.4
Voetgangers................................................................................................................... 20
3.2
Verkeersveiligheid ................................................................................................................. 21
3.3
Landelijke trends en ontwikkelingen..................................................................................... 26
3.4
Knelpuntensamenvatting ...................................................................................................... 27
Maatregelen in de Mobiliteitsagenda ........................................................................................... 28 4.1
Kernopgaven Actieplan Mobiliteit......................................................................................... 28
4.2
Maatregelen .......................................................................................................................... 29
4.2.1
Korte termijnmaatregelen 2021/2022 .......................................................................... 30
4.2.2
Middellange termijnmaatregelen 2023-2026 niet locatiegericht .............................. 33
4.2.3
Middellange termijnmaatregelen 2023-2026 - fysiek ................................................... 41
4.2.4 Lange termijnmaatregelen >2026 ........................................................................................ 44 5
Financiële paragraaf ...................................................................................................................... 46
Bijlage .................................................................................................................................................... 47 Bijlage 1. Matrix Kernopgaven versus maatregelen.......................................................................... 48
2
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
1. Inleiding 1.1
Aanleiding
Het Actieplan Mobiliteit (APM) is in 2018 door de gemeenteraad van Vlaardingen vastgesteld met als speerpunten: veilig, bereikbaar en gezond. Inmiddels wordt vanuit het APM gewerkt, waarbij de ambities uit het Actieplan centraal staan. Het APM is de afgelopen periode ook veelvuldig toegepast als een belangrijke kaderstellende nota, onder andere bij nieuwe ontwikkelingen. Een belangrijk Voor u ligt het eerste uitvoeringsprogramma, de Mobiliteitsagenda. De Mobiliteitsagenda bevat een update van het regionale en gemeentelijk beleid, een reflectie op de ambities en uitdagingen die in het APM zijn opgenomen en een uitvoeringsprogramma voor de korte termijn (2021-2023), middellange termijn (2023-2026) en lange termijn (2026>), inclusief financiële paragraaf. Het kaderstellend beleid vanuit het APM is daarbij nog steeds leidend. Deze Mobiliteitsagenda is dus geen nieuw beleidsdocument, maar een concrete uitvoeringsagenda voor de komende jaren.
1.2
Proces en aanpak
Het proces om tot een mobiliteitsagenda te komen is tevens de leeswijzer voor dit document en is onderstaand als volgt weergegeven: Beleidskaders (hoofdstuk 2) De lokale, regionale en landelijke beleidskaders zijn opgesomd, voor zover relevant. Ook is beschreven in hoeverre deze beleidskaders effect hebben op de mobiliteit in de gemeente Vlaardingen. Huidige en gewenste situatie (hoofdstuk 3) De huidige en gewenste situatie en de huidig ervaren knelpunten en uitdagingen op het gebied van mobiliteit in Vlaardingen zijn beschreven. De basis vormt de informatie uit het APM. Ook zijn de landelijke trends en ontwikkelingen op het gebied van mobiliteit zijn opgesomd, waarbij de relevantie voor Vlaardingen is aangegeven. Maatregelen in de Mobiliteitsagenda (hoofdstuk 4) Op basis van de beleidskaders en de huidige uitdagingen zijn de gewenste netwerken en maatregelrichtingen opgesteld. Financiële paragraaf (hoofdstuk 5) Van de voorgestelde maatregelen is vervolgens een financiële onderbouwing opgesteld. Participatie Bij het opstellen van de Mobiliteitsagenda is een brede ambtelijke vertegenwoordiging betrokken. Daarnaast is het Mobiliteitsplatform Vlaardingen via meerdere bijeenkomsten betrokken bij het opstellen van de Mobiliteitsagenda. Dit is een groep bewoners en vertegenwoordigers van bedrijven die periodiek met de wethouder over het thema Mobiliteit spreekt.
Het Mobiliteitsplatform heeft daarbij de volgende belangrijke aandachtspunten meegegeven: Duurzaam veilige weginrichting, markering 30 km/h zones, veilige voorzieningen voor fietsers en voetgangers, geluid & luchtkwaliteit en verkeerseducatie. De input van het Mobiliteitsplatform is meegewogen in het opstellen van dit stuk.
3
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
Verder is informatie uit eerder gevoerde participatietrajecten betrokken bij de totstandkoming van de Mobiliteitsagenda. Het gaat dan onder andere over de suggesties en voorstellen die zijn opgehaald in het kader van Vlaardingen Fietsstad en diverse bewonersbijeenkomsten, zoals in de Rivierzone (oktober 2019). De voor u liggende rapportage bevat de resultaten van dit proces en een concrete uitvoeringsagenda.
4
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
2. Beleidskader Uit het actuele beleid en ontwikkelingen in en rondom de gemeente Vlaardingen zijn in dit hoofdstuk de relevante stukken opgenomen. Hierbij wordt eerst het nationale beleid genoemd en vervolgens wordt ingezoomd op regionale en lokale beleidsontwikkelingen.
2.1
Nationaal, provinciaal en regionaal beleid
Onderstaande beleidsstukken van het Rijk, provincie en regio zijn relevant voor verkeer en mobiliteit in Vlaardingen. Nationaal: Strategisch Plan Verkeersveiligheid 2030 Nationale omgevingsvisie Contouren toekomstbeeld OV 2040 Op het gebied van wetgeving wordt de nieuwe omgevingswet relevant. Provinciaal: Fietsplan Zuid-Holland 2016 2025 PZH toekomstagenda snelfietsroutes 2018 Regionaal (Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH)) Regionale uitvoeringsagenda verkeersveiligheid 2025 Uitvoeringsagenda bereikbaarheid 2016 2025 Kadernota OV Beleidslijn MMMove! 2020 -2025 Innovatienetwerk Automatisch Vervoer Last Mile (AVLM) Voor de gemeente Vlaardingen zijn de volgende ontwikkelingen uit het bovenliggend beleid relevant: - Het landelijk, provinciaal en regionaal beleid richt zich sterk op het stimuleren en faciliteren van de fiets en elektrische fiets (in alle verschillende verschijningsvormen). - In plaats van de verkeersveiligheid verbeteren op de locaties waar ongevallen hebben plaatsgevonden (curatief), proactief locaties aanpakken met een relatief hoog verkeersveiligheidsrisico. - Aansluiten bij de doelen van de Regionale uitvoeringsagenda verkeersveiligheid: verbeteren fietsinfrastructuur, duurzaam veilige weginrichting en meer aandacht voor gedragsbeïnvloeding, in het bijzonder voor kinderen, jongeren en ouderen.
- Openbaar vervoerssysteem richt zich in grotere mate op de grote lijnen en overstap punten Dit kan ten koste gaan van het fijnmazige netwerk van openbaar vervoer met de reguliere streekbus in wijken. Waar de bereikbaarheid door regulier openbaar vervoer onder druk komt te staan, zijn , zoals fiets, voetganger, deelauto en vraagafhankelijk vervoer kansrijk.
5
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
Omgevingswet De omgevingswet heeft gevolgen voor het huidige en toekomstige beleid van de gemeente. Op basis van de Omgevingswet wordt een omgevingsvisie opgesteld. Het verkeers- en mobiliteitsbeleid gaat integraal onderdeel uitmaken van deze omgevingsvisie. De invoering van de Omgevingswet is voorzien in juli 2022. Om zo goed mogelijk aan te sluiten bij de kaders van de Omgevingswet, is deze Mobiliteitsagenda integraal opgesteld. Daarbij zijn andere beleidsdisciplines nadrukkelijk betrokken, zoals verharding, water, groen, wonen en stedenbouw. Ook is een inhoudelijke koppeling gemaakt met het Actieplan Luchtkwaliteit.
2.2
Gemeentelijk beleid
Relatie met integraal gemeentelijk beleid De gemeente Vlaardingen werkt aan een verkeersveilige, bereikbare en gezonde stad. Het APM vormt het spoorboekje voor het verkeer- en vervoersbeleid tot 2030. Deze Mobiliteitsagenda vloeit voort uit het Actieplan Mobiliteit. Naast het actieplan zijn de volgende gemeentelijke beleidsstukken van belang: - Beleidsregel parkeernormen 2019 - Concept gebiedsvisie Rivierzone - Contourennota Woonvisie - Actualisatie actieplan Economie - Toekomstvisie Vlaardingen - Gebiedsgericht Milieubeleid - Beheerplan wegen en civieltechnische kunstwerken Bovenstaande beleidsstukken zijn geraadpleegd en betrokken bij het opstellen van de Mobiliteitsagenda. Vanuit diverse beleidskaders is ook een effect op mobiliteit te verwachten, bijvoorbeeld gezien de woningbouwontwikkeling in de stad. In de Mobiliteitsagenda wordt daar nadrukkelijk aandacht aan besteed. Daarnaast is het Actieplan Luchtkwaliteit in voorbereiding. Omdat er een belangrijke inhoudelijke relatie is tussen dit plan en de Mobiliteitsagenda, worden beide documenten gelijktijdig voor besluitvorming aangeboden en zijn de documenten inhoudelijk op elkaar afgestemd. Actieplan Luchtkwaliteit Het Actieplan Luchtkwaliteit is parallel aan de Mobiliteitsagenda tot stand gekomen. Bij de maatregelen in deze Mobiliteitsagenda is steeds aangegeven waar de kruisverbanden liggen met dit Actieplan.
Zo is duidelijk op welke t verhogen fietsgebruik; maatregelen om stagnatie te voorkomen en de doorstroming te verbeteren; verlaging van de rijsnelheid, bijvoorbeeld door uitbreiden 30 km/h-gebieden; zero- of low-emissiezones voor logistiek verkeer. 6
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
Sport en onderwijs Vanuit het sociaal domein is er een raakvlak met het stimuleren van het fietsgebruik. Op het beleidsvlak van het sociale domein is een van de doelen het fietsgebruik van jongeren te stimuleren. Dit is vooral gericht op gezondheid en vitaliteit. De meekoppelkansen op dit beleidsvlak worden meegenomen bij de maatregelen (4.2.2). Vanuit het beleidsveld onderwijs binnen de gemeente zijn er tevens meekoppelkansen. Onderdeel van het verkeersveiligheidsbeleid is voorlichting en educatie. Met name op het vlak van educatie is het van belang dat samenhang plaatsvindt met andere relevante projecten, zowel op basisonderwijsals op middelbare schoolniveau. De meekoppelkansen op dit beleidsvlak worden meegenomen bij de maatregelen (4.2.2). Broekpolder Er zijn op het moment veel ontwikkelingen gaande in het natuur- en recreatiegebied Broekpolder. De Broekpolder wordt veelvuldig bezocht door de recreant van binnen en buiten Vlaardingen. De invloed van Covid-19 heeft dit nog eens versterkt. De gemeente is voornemens Broekpolder verder te ontwikkelen en te optimaliseren. Deze ontwikkelingen zijn voor zover relevant betrokken in de Mobiliteitsagenda. Specifieke ontwikkelingen en aandachtspunten worden beschreven in de visie Broekpolder. Andere relevante ontwikkelingen Verschillende ontwikkelingen hebben recent effect gehad op de voertuigstromen in de stad.
Zo hebben de ontwikkelingen rondom Brexit een effect gehad op de verkeersafwikkeling rondom de veerdienstterminal van DFDS Seaways. Daarnaast heeft de crisis omtrent Covid-19 geleid tot een ander verkeersbeeld en nieuwe problematiek. Op korte termijn leiden bovenstaande ontwikkelingen tot een ander verkeersbeeld. Op lange termijn zijn de gevolgen van deze maatregelen lastig in te schatten. Mogelijk zijn er blijvende mobiliteitseffecten als gevolg van Covid-19, door bijvoorbeeld meer thuiswerken of spits mijden. Daarom is het belangrijk om periodiek het verkeers- en mobiliteitsbeleid te blijven herijken.
2.3
Herstelplan Vlaardingen
Deze mobiliteitsagenda wordt opgesteld in de context van het herstelplan van de gemeente Vlaardingen. Vanwege het begrotingstekort de afgelopen jaren is een herstelplan opgesteld om de gemeente weer financieel gezond te krijgen. De belangrijkste pijlers uit dit herstelplan zijn: wonen, veiligheid, onderwijs en sociaal. De plannen in deze Mobiliteitsagenda dragen bij aan deze pijlers. Wonen In Vlaardingen zijn verschillende woningbouwontwikkelingen voorzien. Het betreft ruim twintig woningbouwlocaties met een totaal circa 4.000 woningen. Het zwaartepunt van de woningbouwontwikkelingen bevindt zich in de Rivierzone in Vlaardingen. 7
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
De realisatie van nieuwe woningen brengt ook uitdagingen mee op het gebied van bereikbaarheid en verkeersveiligheid. Woningen leveren extra verkeersbewegingen op, worden zoveel mogelijk rond OV-knooppunten gebouwd en dienen voor alle vervoersmodaliteiten goed ontsloten te worden. De plannen die in deze Mobiliteitsagenda zijn opgenomen, dragen bij aan een goed en gezond leefklimaat. Veiligheid Het thema veiligheid gaat in eerste instantie om sociale veiligheid, het tegengaan van ondermijnende criminaliteit en het verbeteren van het veiligheidsgevoel. Ook wordt de focus gelegd op alle veiligheidselementen, zo ook de verkeersveiligheid en goede en fijne leefomgeving, waarbij verkeersveiligheid een belangrijke rol speelt, draagt hieraan bij. In deze Mobiliteitsagenda wordt de focus gelegd op het verbeteren van de verkeersveiligheid. Dan wordt niet alleen gekeken naar locaties waar veel ongevallen gebeuren, maar ook naar locaties waar het risico op ongevallen relatief hoog is. Dit zijn vaak locaties die door gebruikers als verkeersonveilig worden ervaren. Onderwijs In het kader van kwalitatief goede schoolgebouwen, heeft de gemeente een Integraal Huisvestingsplan gemaakt. Verkeer is hierbij een belangrijk thema. Schoolomgevingen verdienen speciale aandacht als het gaat om halen en brengen van kinderen en veilige schoolroutes.
In deze Mobiliteitsagenda worden specifieke projecten opgenomen met betrekking tot scholen. Sociaal Mobiliteit heeft binnen het sociaal domein een belangrijke rol als het gaat om specifieke doelgroepen, zoals leerlingenvervoer, ouderenvervoer e.d. Naast doelgroepenvervoer heeft ook goed en hoogwaardig regulier openbaar vervoer een belangrijke sociale functie in de stad. Daarnaast wordt in de Mobiliteitsagenda ook specifiek aandacht besteed aan de verkeersveiligheid rondom scholen en zorginstellingen.
2.4
Andere relevante ruimtelijke ontwikkelingen
Gemotoriseerd verkeer Wijzigingen in het regionale (wegen-)netwerk kunnen ook effect hebben op Vlaardingen. Daarbij wordt aangesloten op de verkeersstructuur van de omliggende gemeenten. Verder zijn de volgende wijzigingen op het regionale wegennet van belang: realisatie A16 Rotterdam (eerder genoemd A13/A16); realisatie A24 Blankenburgverbinding; realisatie A4 Passage en Poorten & Inprikkers; realisatie Rotterdamsebaan (Den Haag); realisatie Verlengde Veilingroute (Westland).
8
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
Ook het verkeersmodel van de gemeente Vlaardingen houdt rekening met de effecten van deze ontwikkelingen (zie 3.1). Fiets In regionaal verband wordt hard gewerkt aan het verbeteren van het fietsnetwerk. De Metropolitane fietsroutes en het basisnetwerk fiets van de MRDH vormen hierin de belangrijkste schakels. De voor Vlaardingen meest relevante regionale fietsverbinding is de Metropolitane Fietsroute Rotterdam Westland, die in Vlaardingen parallel aan de Hoekse Lijn loopt. Daarnaast zijn er diverse fietsroutes in Vlaardingen die tot het basisnetwerk fiets van de MRDH behoren. Samen met de buurgemeentes werken we hierdoor verder aan een samenhangend fietsnetwerk. Openbaar Vervoer De belangrijkste ontwikkelingen op het gebied van openbaar vervoer zijn: Hoekse Lijn ombouw naar metro, in bedrijf sinds najaar 2019; aanpassing busnetwerk naar aanleiding van de ombouw Hoekse Lijn (conform het Vervoerplan 2018); spoordienstregeling conform Programma Hoogfrequent Spoor (PHS) en uitbreiding spoorcapaciteit Delft Schiedam, zodat station Schiedam Centrum de IC-status kan behouden. Hierover heeft inmiddels besluitvorming plaatsgevonden.
9
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
3 Beschrijving huidige en gewenste situatie Sinds het opstellen van het APM heeft zich een aantal ontwikkelingen voorgedaan. Om die reden zijn de bestaande en gewenste situatie zoals beschreven in het APM onderzocht en geactualiseerd. Onder andere wordt de knelpuntenanalyse geactualiseerd op basis van het nieuwe gemeentelijk verkeersmodel, verkeersveiligheidsanalyse en klachten en meldingen van inwoners.
3.1
Verkeer
3.1.1 Gemotoriseerd verkeer Wegencategorisering Het wensbeeld voor de wegencategorisering is beschreven in het Actieplan Mobiliteit. Daarin wordt onderscheid gemaakt in verschillende wegencategorieën. In het Actieplan Mobiliteit is ook aangeven langs welke wegen het verblijfsklimaat versterkt moet worden. Hierdoor neemt de impact van het gemotoriseerd verkeer af en verbetert het woon- en leefklimaat. In deze paragraaf worden de verblijfsgebieden verder geduid en uitgewerkt. De wegencategorisering gaat uit van een Duurzaam Veilige weginrichting met de categorieën: -
-
Gebiedsontsluitingswegen (GOW): dit zijn wegen waar een maximumsnelheid van 50 km/h geldt en fietsverkeer in principe gescheiden van het gemotoriseerd verkeer wordt afgewikkeld. Erftoegangswegen (ETW): dit zijn wegen waar een maximumsnelheid van 30 km/h geldt en fietsverkeer in principe gemengd wordt afgewikkeld. De verkeersintensiteit ligt bij voorkeur laag (veelal < 4.000-6.000 mvt/etmaal).
Gezien de grote stromen (vracht)verkeer naar de havengebieden is in het APM een aparte categorie opgenomen: gebiedsontsluitingsweg+. Daarnaast is er een aantal wegen welke niet kunnen voldoen aan de criteria die gelden voor gebiedsontsluitingswegen of erftoegangswegen. Op deze wegen is maatwerk nodig. In de Mobiliteitsagenda wordt aandacht besteed aan deze wegvakken. In figuur 3.1 is de gewenste wegencategorisering weergeven. Hierin is een aantal groene gebieden opgenomen. In deze gebieden is het wenselijk het verblijfsklimaat te versterken, omdat in deze gebieden de verkeersfunctie op gespannen voet staat met de omgeving. Dit komt bijvoorbeeld omdat er veel verkeer door een gebied rijdt, omdat de weginrichting niet in overstemming is met het gewenste gedrag of omdat er sprake is van barrièrewerking. Doel van de verblijfsgebieden is dat hier de kwetsbare verkeersdeelnemer centraal staat. Ook is de bedoeling dat de hoeveelheid gemotoriseerd verkeer beperkt wordt. Echter een aantal wegvakken vormen een dusdanig belangrijk onderdeel in de structuur van Vlaardingen dat het volledig afwaarderen naar erftoegangsweg 30 km/h niet mogelijk is. Onderstaand is dit visueel weergegeven.
10
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
Figuur 3-1 Wegcategorisering
Alle wegen die in bovenstaande figuur zijn weergegeven, hebben reeds een maximumsnelheid van 30 km/h. De groene gebieden geven aan waar versterking van het verblijfsklimaat wenselijk is, bij voorkeur door het instellen van 30 km/h. Waar in bovenstaande figuur de blauwe lijnen door de groene gebieden zijn getrokken, is integraal afwaarderen naar 30 km/h niet mogelijk. Dat betekent wel dat inpassing van deze 50 km/h-wegen in de omgeving des te belangrijker is. Het gaat om de volgende wegvakken: 1. Galgkade: gezien de hoeveelheid (vracht)verkeer is afwaardering naar 30 km/h niet mogelijk. Wel moet gestreefd worden naar een stabilisatie of verlaging van de intensiteiten, met name vrachtverkeer. 2. Burg. Pruissingel: gezien de verkeersfunctie is afwaardering naar 30 km/h niet mogelijk. Het aanpassing van het wegprofiel en de kruispunten is wel wenselijk, om de barrièrewerking te verkleinen en de oversteekbaarheid te verbeteren. Daarbij moet de nadruk liggen op de bereikbaarheid voor fietsers en voetgangers. 3. Van Hogendorplaan: gezien de ontsluitingsfunctie voor de omliggende wijken dient en de functie als busroute dient de maximumsnelheid van 50 km/h gehandhaafd te blijven. Ook hier moet gezocht worden naar maatregelen om de oversteekbaarheid en bruikbaarheid voor fietsers en voetgangers te verbeteren. 4.
Ook op de Olmendreef, Utrechtlaan en Frederik Hendriklaan is integrale afwaardering naar 30 km/h niet mogelijk, gezien de functie en uitstraling van de weg. Wel kan de snelheid op deze wegen plaatselijk verlaagd worden naar 30 km/h. Op de overige wegen binnen de groene kaders is wijziging van de wegcategorie naar erftoegangsweg met een maximumsnelheid van 30 km/h wenselijk. Op 50 km/h-wegen kan om redenen wel plaatselijk een (advies)snelheid van 30 km/h worden ingevoerd als de situatie daar om vraagt. Dit kan 11
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
bijvoorbeeld het geval zijn ter plaatse van winkelcentra, scholen, oversteekvoorzieningen voor voetgangers en fietsers of plaatselijke versmallingen. Verkeersstromen In onderstaande figuur zijn de toekomstige verkeersstromen in de ochtend- en avondspits voor het gemotoriseerde verkeer weergegeven. Deze figuren zijn afkomstig uit het gemeentelijk verkeersmodel en tonen de kwaliteit van de verkeersafwikkeling op basis van de verhouding tussen de intensiteit en de capaciteit.
LEGENDA
Doorstroming
LEGENDA
Doorstroming
Figuur 3-2 Knelpuntenkaart doorstroming 2040 (ochtend en avondspits) conform berekend in verkeersmodel.
Bovenstaande beelden laten zien dat in de toekomstige situatie diverse aandachtspunten zijn op het gemeentelijk wegennet. Dit hangt samen met de impact van de eerder benoemde ontwikkelingen op de verkeersafwikkeling. De kaartjes laten de verhouding tussen de intensiteit en de capaciteit (I/Cverhouding) zien op wegvakniveau (balken) en kruispuntniveau (cirkels). Hoe roder de kleur, hoe hoger de I/C-verhouding. Wanneer een wegvak of kruispunt paars kleurt, ligt de I/C-verhouding boven de 100% er is er sprake van een knelpunt. Op basis van de modelberekeningen zijn de onderstaande knelpunten voor 2040 in Vlaardingen benoemd: Sluisplein Oost: de verkeersafwikkeling is tijdens de avondspits slecht. Daarnaast is hier sprake van een potentieel risico met betrekking tot de verkeersveiligheid, omdat grote stromen wegverkeer en langzaam verkeer elkaar hier kruisen. Marathonweg: er is onvoldoende capaciteit beschikbaar op de Marathonweg om het verkeer tijdens de avondspits goed te kunnen verwerken1. Kruispunten A20 aansluiting Vlaardingen Holysingel: tijdens de avondspits is sprake van een slechte verkeersafwikkeling op beide kruispunten.
1
Momenteel wordt gewerkt aan de reconstructie van de Marathonweg. Dit leidt tot een verbetering van de doorstroming op de Marathonweg. Gezien de verkeersprognoses blijft er echter in de toekomstige situatie, afhankelijk van de reconstructievariant, nog een opgave met betrekking tot de verkeersafwikkeling (conform maatregelbeschrijving in 4.2).
12
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
Aansluiting A4 Vlaardingen-Oost (Vijfsluizen): zowel tijdens de ochtend- als avondspits is sprake van een slechte verkeersafwikkeling. De knelpunten gaan zich op (middel)lange termijn voordoen, afhankelijk van het tempo van de ruimtelijke ontwikkelingen. Periodieke herijking van het verkeersmodel en verkeerstellingen op straat zijn nodig om dit goed te blijven monitoren en maatregelen voor te kunnen bereiden. De kruispunten met een verzadigingsgraad tussen 80% en 100% zijn aandachtspunten, maar zijn in deze analyse niet opgenomen als (directe) knelpunten in de verkeersafwikkeling. Dit betreft onder andere de Burg. Pruissingel en Deltaweg/Galgkade. Wel is in de Mobiliteitsagenda voor de middellange en lange termijn een lijst opgenomen met mogelijke maatregelen om deze aandachtspunten aan te pakken. In figuur 3-3 zijn zowel de doorstromings- en leefbaarheidsknelpunten met een hoge, middelhoge en lage prioriteit in een figuur weergegeven. Op basis van deze figuur blijkt dat de Marathonweg urgent is. Parallel aan het opstellen van deze Mobiliteitsagenda is reeds gestart met de voorbereidingen voor de reconstructie. Ook het kruispunt Oosthavenkade Galgkade wordt urgent, afhankelijk van het tempo van de woningbouwontwikkeling.
Figuur 3-3 Knelpuntenkaart doorstroming en leefbaarheid.
Op basis van de knelpuntenkaart is onderstaande tabel opgesteld. Deze tabel geeft een eerste indicatie van een maatregelrichting op langere termijn, een signaleringslijst. Dit helpt bij het afwegen/ inschatten van mogelijke toekomstige maatregelen, maar geeft nog geen uitgewerkte maatregel (met bijbehorend ontwerp en kostenraming). Periodieke herijking is nodig om te bezien in hoeverre deze aandachtspunten urgent worden of verbeteren. Nr. A
Marathonweg
Toelichting mogelijke maatregel De Marathonweg wordt op korte termijn gereconstrueerd.
13
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
B
Burgemeester Pruissingel
C
Burgemeester Heusdenslaan
D E
Deltaweg / Galgkade Vulcaanweg Oosthavenkade Aansluitingen A4 Aansluitingen A20
F G
/
Afhankelijk van de te kiezen reconstructievariant treedt op lange termijn een knelpunt op ter hoogte van de kruispunten Floris de Vijfdelaan/Billitonlaan en Marnixlaan. Het vergroten van de capaciteit en het verbeteren van de oversteekbaarheid vormt een mogelijke verbetermaatregel. De kruispunten op de Burg. Pruissingel hebben een beperkte restcapaciteit. Bovendien is de oversteekbaarheid voor langzaam verkeer een aandachtspunt. Het reconstrueren van de kruispunten en herinrichten van de Burg. Pruissingel moet bijdragen aan het verbeteren van deze aspecten. Capaciteitsvergroting van de aansluiting Burg. Heusdenslaan/Holysingel/A20. Aanpak van diverse kruispunten in relatie tot woningbouwontwikkelingen. Capaciteitsvergroting aansluiting A4. Capaciteitsvergroting van de aansluiting Holysingel/A20.
Gevaarlijke stoffen
De gevaarlijke stoffenroutes zijn ongewijzigd, deze zijn conform beschreven in het APM. De routes voor vervoer van gevaarlijke stoffen lopen in principe over de GOW+- wegen. Het gaat dan met name over de Marathonweg, Deltaweg en de Schiedamsedijk, Vulcaanweg. Daarnaast maken enkele andere wegen in de Rivierzone en in het buitengebied onderdeel uit van het routenetwerk voor gevaarlijke stoffen, zoals de Maassluissedijk ten westen van de Marathonweg en de wegen op het Benelux Workpark. Focus op duurzaam vervoer Er rijdt relatief veel vrachtverkeer door de stad. Dit komt door de aanwezig industrie aan de zuidzijde aandacht voor duurzaam vrachtvervoer van belang vanuit het oogpunt van leefbaarheid en duurzaamheid. Meer aandacht voor duurzaam vervoer is om die reden nodig, zoals bijvoorbeeld voor Zero Emissie stadslogistiek. Dit heeft ook een positief effect op de luchtkwaliteit en geluidhinder. Focus op alternatieven Traditioneel ligt het zwaartepunt van de mobiliteit op het gemotoriseerde verkeer. De focus verschuift de afgelopen jaren meer naar het stimuleren van alternatieven voor de auto, zoals ook deelmobiliteit en MAAS (Mobility As A Service)2. Zowel vanuit leefbaarheid en verkeersveiligheid ligt de basis bij de meest kwetsbare verkeersdeelnemer.
Door stapsgewijs naar mobiliteit te kijken, eerst naar de voetganger, dan naar de fietsers, dan openbaar vervoer (en deelvervoer) en tenslotte pas de auto, staan de alternatieven 2
MaaS gaat om het plannen, boeken en betalen van al het mogelijke vervoer via apps. Bijvoorbeeld de deelfiets, -auto, -scooter, trein, tram, of (water)taxi. Misschien later ook de eigen auto of fiets. En vooral ook combinaties van al deze soorten vervoer. Zodat reizen op maat en volgens de wensen van de reiziger mogelijk is.
14
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
centraal. In de Mobiliteitsagenda is om die reden veel aandacht voor de voetganger (met name ouderen en schoolkinderen) en de fietsers. Ook het stimuleren van alternatieven, zoals deelmobiliteit en MAAS krijgen in deze Mobiliteitsagenda specifiek aandacht. In paragraaf 4.2.2 ligt de focus allereerst op de niet-fysieke maatregelen (zoals gedragsmaatregelen en stimuleren van alternatieven) waarna vervolgens de fysieke maatregelen worden toegelicht. Op basis van bovenstaande analyse, ruimtelijke ontwikkelingen en voortschrijdend inzicht, is een actualisatie van het APM wenselijk op de onderwerpen die in de blauwe kaders in onderstaande tekst zijn opgenomen. Samenvatting: actualisatie APM Sinds het APM is opgesteld heeft zich een aantal ontwikkelingen voorgedaan. De volgende concrete wijzigingen zijn van toepassing: Het wensnetwerk van het gemotoriseerd verkeer is verder uitgewerkt, conform figuur 3-1. Extra aandacht dient uit te gaan naar de beschreven verblijfsgebieden, vooral als hier reeds een knelpunt op het gebied van leefbaarheid of veiligheid aanwezig is. Op het gebied van doorstroming ontstaan knelpunten op het hoofdnet voor het gemotoriseerd verkeer toe. In figuur 3.2 zijn deze knelpunten gevisualiseerd. Knelpunt Galgkade / Sluisplein maakt geen onderdeel uit van het netwerk van gebiedsontsluitingswegen+, maar kent wel relatief veel vrachtverkeer.
Beperken van het vrachtverkeer op deze routes heeft daarom de voorkeur. Belangrijk is dat de focus steeds minder op de auto als belangrijkste verplaatsingsmiddel ligt. De voetgangers en fietsers staan centraal en er is meer ruimte voor het stimuleren van alternatieve vervoerswijzen.
3.1.2 Fietsverkeer Het wensbeeld voor het fietsverkeer staat in het APM beschreven zoals onderstaand weergegeven. Hierin is onderscheid gemaakt naar hoofdfietsroutenetwerk en snelfietsroutenetwerk. Daarbij wordt gestreefd naar het verder optimaliseren waarbij een kwalitatief hoogwaardig netwerk en veilig routenetwerk voorop staat. De ontbrekende schakels in de fietsinfrastructuur moeten daarvoor worden gerealiseerd, waarmee de barrières worden opgeheven. Dit met doel het fietsgebruik te faciliteren en te stimuleren, zodat het gebruik van de fiets in Vlaardingen in de toekomst zal toenemen. Het fietsknooppuntnetwerk dekt het recreatieve fietsnetwerk in de gemeente. De recreatieve fietsroutes verbinden knooppunten en leiden naar natuurgebieden en sportvoorzieningen. Het is belangrijk dat het recreatieve fietsnetwerk verbonden blijft met het utilitaire fietsnetwerk. 15
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
In onderstaande figuur is het recreatieve netwerk te zien en de gebruiksgegevens van recreatieve fietsers3.
Figuur 3-4 Recreatief netwerk
Huidige recreatieve routes (Strava)
Wanneer het fietsnetwerk uit het APM vergeleken wordt met het gebruik, zoals opgenomen in figuur 3-4, blijkt dat het gebruik niet geheel overeenkomt met het netwerk. Ook is het netwerk niet meer geheel in lijn met het regionale netwerk van de MRDH. In onderstaande figuur 3.5 is het fietsnetwerk uit het APM dan ook geactualiseerd. Deze figuur vormt het uitgangspunt voor het fietsnetwerk, waarbij per netwerktype de beleidsuitgangspunten uit het Actieplan Mobiliteit leidend zijn.
3
in een
overzichtskaart (heatmap).
16
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
Figuur 3-5 Wensbeeld fietsnetwerk
Ten opzichte van het Actieplan Mobiliteit is het volgende toegevoegd: 1. (hoofd)fietsnetwerk richting Delft Holyweg/Woudweg, mede in lijn met regionaal netwerk; 2. fietsstructuur rondom station Vlaardingen West; 3. fietsstructuur in Krabbepark geactualiseerd; 4. Metropolitane fietsroutes; 5. kleine aanpassing fietsstructuur Holy-Noord. Eerder is in het kader van het project Vlaardingen Fietsstad aan de inwoners gevraagd waar het prettig en onprettig fietsen is. Uit de kaart blijkt dat veel reacties betrekking hebben op de Schiedamseweg, Westlandseweg, Burgemeester Pruissingel en de kruispunten die aansluiten op de A20. Veel opmerkingen en knelpunten die aangegeven worden maken onderdeel uit van de knelpunten zoals weergegeven in de verkeersveiligheidsanalyse (zie paragraaf 3.2). Enkele knelpunten zijn inmiddels opgelost, zoals de rotonde Zwanensingel / Zwaluwenlaan.
17
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
Figuur 3-6 Aandachtspunten fietsen volgens gebruikers (2019 - in kader van Vlaardingen Fietsstad)
Het aantal ouderen binnen de gemeente neemt toe (vergrijzing) en deze ouderen worden ook mobieler (per oudere neemt het aantal verplaatsingen toe). Met name het aantal fietsbewegingen onder ouderen stijgt. Dit betekent dat de fietspaden vergevingsgezind en voldoende breed aangelegd moeten worden zodat er ruimte is voor foutcorrectie en dat obstakels verwijderd of afgeschermd worden. Daarom wordt in het ontwerp voor reconstructies of nieuwe aanleg rekening minder snel leidt tot een ongeval en letsel. Samenvatting: actualisatie APM Sinds het APM is opgesteld heeft zich een aantal ontwikkelingen voorgedaan. De volgende concrete wijzigingen zijn van toepassing: Het wensnetwerk van het fietsverkeer is geactualiseerd, zie figuur 3-5. Daarmee wordt het netwerk zoveel mogelijk in lijn gebracht met het recreatieve en utilitaire gebruik en in lijn gebracht met het regionale fietsnetwerk. Vlaardingen heeft de ambitie losgelaten om fietsstad van Nederland te worden. Wel krijgt het langzaam verkeer (zowel fiets als voetganger) onverminderd prioriteit in het huidige en toekomstige mobiliteitsnetwerk.
18
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
3.1.3 Openbaar vervoer Onderstaand zijn de huidige openbaarvervoerlijnen en het wensbeeld voor openbaar vervoer weergegeven (conform het Actieplan Mobiliteit).
Figuur 3-7 Netwerk openbaar vervoer (huidig)
Wensbeeld netwerk openbaar vervoer
Ondanks de verschillende ontwikkelingen is het wensbeeld nog steeds van toepassing. Echter door de recente omstandigheden met de COVID-19 pandemie staan veel openbaarvervoerlijnen onder druk. In dat kader heeft de MRDH het Transitieprogramma Openbaar vervoer vastgesteld, waarbij het lange termijnbeeld ongewijzigd is: investeren in goed openbaar vervoer als motor van de bereikbaarheid van onze regio en als duurzaam alternatief voor de auto. Op de korte termijn zullen de effecten van de coronacrisis merkbaar blijven. Van belang is in te zetten op behoud van de huidige verbindingen. Voor gebieden in de stad die slecht bereikbaar zijn met het OV zoals de Rivierzone moeten de kansen van andere vormen van vervoer onderzocht worden, zoals maatwerkvervoer, en vervoer over water. Toekomstige ontwikkelingen Op het gebied van openbaar vervoer lopen ontwikkelingen met onbemande voertuigen, waardoor kostenefficiëntie kan worden behaald. Binnen het AVLM4-project van de MRDH wordt gekeken naar mogelijkheden voor een dergelijk innovatief systeem. Verder wordt er nagedacht over het verder ontwikkelen van het Rotterdamse tramnet, wat ook relevant is voor tram 24 in Holy. Daarnaast is van belang blijvend in te zetten op toegankelijkheid en beschikbaarheid van het openbaar vervoer voor minder mobiele inwoners. Mogelijk dat vraagafhankelijk vervoer hier meer invulling aan kan geven.
Het openbaar vervoer wordt in Nederland gecoördineerd, bekostigd en aanbesteed via een vervoersautoriteit, in het geval van Vlaardingen is dat de MRDH. De gemeente kan via de MRHDH aangeven welke doelstellingen zij belangrijk vindt en maakt onderdeel uit van de besluitvorming binnen de MRDH. Voor de inbreng vanuit Vlaardingen is het wensbeeld uit figuur 3.7 leidend.
4
Automatisch vervoer last mile
19
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
Extra aandacht wordt gegeven aan locaties waar relatief veel voetgangers uit de kwetsbare doelgroep oversteken, met name rondom ouderenvoorzieningen en scholen. Dit wordt uitgewerkt in hoofdstuk 3.2. Samenvatting: actualisatie APM Sinds het APM is opgesteld heeft zich een aantal ontwikkelingen voorgedaan. De volgende concrete wijzigingen zijn van toepassing: Het belangrijke verbindingen voor voetgangers zoals opgenomen in het APM volstaan gezien de huidige en toekomstige ontwikkelingen. Extra aandacht dient uit te gaan naar schoolomgevingen, sportlocaties en ouderenvoorzieningen, zie ook hoofdstuk 3.2.
3.2
Verkeersveiligheid
Aanvullend op het Actieplan Mobiliteit is een verkeersveiligheidsanalyse uitgevoerd conform het Strategisch Plan Verkeersveiligheid (SPV). Hieruit komen de volgende risicoknelpunten naar voren: - inrichting verblijfsgebieden, met name die in het centrum en rondom metrostation Vlaardingen Centrum; - oversteeklocaties voetgangers en fietsers; - gebiedsontsluitingswegen (met name de grotere wegen zoals de Marathonweg en de Burg. Heusdenslaan); - afwaardering gebiedsontsluitingswegen waar mogelijk (zie categoriseringskaart figuur 3-1) en het veiliger inrichten van de 50 km/h wegen op oversteeklocaties bij rechtstanden (bijvoorbeeld op de Olmendreef); - wegen met een verblijfsfunctie (30 km/h) met een relatief hoge intensiteit, zoals de Dillenburgsingel; - aandacht voor de kwetsbare verkeersdeelnemer door: o inrichten schoolzones bij basisscholen; o aandacht voor langzaam verkeerroutes en oversteeklocaties nabij verzorgingscentra; o aandacht voor educatie en voorlichting. Deze punten zijn afgeleid van onderstaande conclusies uit de SPV-analyse. 1. Verblijfsgebieden en kruisingen tussen langzaam verkeer en gebiedsontsluitingswegen (focus op oversteeklocaties) Op verschillende locaties kruist het langzaam verkeersnetwerk de hoofdstructuur voor het gemotoriseerd verkeer. Hierdoor komen onder andere de Marathonweg (1), Deltaweg (2), Burg Heusdenslaan (3) in beeld in de risicoscan.
Als gevolg van de nieuwe woningen aan de zuidzijde van de stad zullen deze knelpunten groter worden. Daarnaast vormen de aangewezen verblijfsgebieden (4) in de stad een belangrijk potentieel risico aangezien hier relatief veel ontmoetingen zijn tussen gemotoriseerd verkeer en de kwetsbare verkeersdeelnemer. Dit behoeft aandacht. In onderstaande afbeelding zijn de locaties
21
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
Nr. 1 2 3 4
Oversteekvoorzieningen Marathonweg Oversteekvoorzieningen Deltaweg/Galgkade Oversteekvoorzieningen Burg. Heusdenslaan Verblijfsgebieden/ verblijfsfuncties
Type knelpunt Kruising GOW+ / fietsroute en voetgangersroute Kruising GOW / fietsroute en voetgangersroute Kruising GOW+ / fietsroute Verblijfsgebied Kruising drukke ETW / fietsroute en voetgangersroute
Tabel 3-1 Knelpunten verblijfsgebieden en kruisingen
Figuur 3-9 Oversteeklocaties en verblijfsgebieden
2. Meer fietsers in (nabije) toekomst (groter belang voor veilige routes) Er wordt steeds meer gefietst, zeker ook als straks het inwoneraantal uitgebreid wordt met de nieuwe bewoners aan de zuidzijde van de gemeente, maar ook door toename van inwoners rondom de gemeente. Enkele belangrijke routes vanuit de wijken richting het centrum, de scholen of de sportvelden zijn al gesignaleerd als potentieel risicovol (bijv. de Marathonweg (5), Westlandseweg (6), Holysingel (7), Churchillsingel (8), Lepelaarsingel (9)). Er zijn bovendien steeds meer verschillende type fietsers, zoals elektrische fietsers en wielrenners, met verschillende snelheden op de fietspaden. Ook demografische ontwikkelingen (meer ouderen, die ook langer blijven fietsen) maakt dat brede, veilige fietsroutes aandacht behoeven.
22
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
Nr. 5 6 7 8 9
Fietsers Marathonweg Fietsers Westlandseweg Fietsers Holysingel Fietsers Churchillsingel Fietsers Lepelaarsingel
Toelichting Kruising GOW / fietsroute Kruising GOW / fietsroute Kruising GOW / fietsroute Kruising GOW / fietsroute Kruising GOW / fietsroute
Tabel 3-2 Knelpunten fietsroutes
Figuur 3-10 Belangrijkste oversteeklocaties
3. 30 km/h als de nieuwe standaard binnen de bebouwde kom Doelstelling van een duurzaam veilige weginrichting is het mengen van het verkeer waar het kan en het scheiden van het verkeer waar het moet. Het streven naar verblijfsgebieden met een maximumsnelheid van 30 km/h waar het kan is dan ook het uitgangspunt. De trend in het landelijk verkeersbeleid gaat steeds meer naar een benadering waarbij de maximumsnelheid binnen de bebouwde kom in principe 30 km/h bedraagt, tenzij er redenen zijn om een maximumsnelheid van 50 km/h te handhaven, bijvoorbeeld voor de gebiedsontsluitingswegen binnen de kom (de 50 km/h wegen). Vanuit deze benadering is het zaak om kansen te benutten voor het afwaarderen naar 30 km/h, zoals de Reigerlaan (zie nummer 10 in figuur 3.11). Van belang is dat niet alleen de maximumsnelheid maar ook de vorm van de weg wordt aangepast (de fysieke inrichting). Daarnaast is er nog een categorie wegen waar wel 50 km/h gereden mag worden, maar die qua ontwerp niet kunnen voldoen aan een volwaardige 50 km/h-weg, bijvoorbeeld door de
23
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
Voor deze wegen moet een bewuste afweging gemaakt worden de snelheid van 50 km/h te handhaven of af te waarderen naar 30 km/h. In onderstaande tabel en afbeelding zijn de belangrijkste locaties weergegeven: Nr. Toelichting 10 Reigerlaan Afwaarderen naar ETW 11 Burgemeester Verkadesingel / Afwaarderen naar ETW Anthony Knottenbeltsingel 12 Schiedamseweg westelijk deel / Afwaarderen naar ETW, heroverwegen verkeersLiesveldviaduct functie viaduct 13 Spinozastraat Aanleg nieuwe weg 14 Olmendreef Blijft GOW maar aanvullende maatregelen nodig5. 15 Utrechtlaan Blijft GOW maar aanvullende maatregelen nodig5. 16 Frederik Hendriklaan Blijft GOW maar aanvullende maatregelen nodig5. 17 Van Hogendorplaan Blijft GOW maar aanvullende maatregelen nodig5. 18 Galgkade Blijft GOW maar aanvullende maatregelen nodig5. 19 Burgemeester Pruissingel Blijft GOW maar aanvullende maatregelen nodig5. Tabel 3-3 Knelpunten 30 km/h wegen
5
Het is in de wegenstructuur niet mogelijk het gemotoriseerde verkeer dusdanig te weren dat de weg ingericht kan worden als erftoegangsweg. Hierdoor is extra aandacht op de locaties waar gemotoriseerd verkeer en langzaam verkeer kruist (middeneiland/snelheidsremmer) of de weg deelt (fietspad/bredere fietsstroken) van belang.
24
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
Figuur 3-11 Locaties waar de verblijfsfunctie wordt versterkt.
Algemene aanpak grijze wegen In de stad zijn diverse wegen die niet volledig aan de ontwerprichtlijnen voor een 50 km/h-weg kunnen voldoen, maar vanuit de verkeersfunctie wel deze snelheid moeten behouden. Dit zijn onder andere: Westlandseweg, Billitonlaan, Zwaluwenlaan, Delftseveerweg, Marnixlaan/Maassluissedijk, Vondelstraat/V.d. Driftstraat. Bij de aanpak van deze wegen, bijvoorbeeld in het kader van groot onderhoud, dient altijd een locatie-specifieke afweging te worden gemaakt, waarin de verkeersfunctie in relatie tot vorm, functie of gebruik wordt bezien. Voor deze wegen in bij de herinrichting een specifieke onderbouwing nodig, waaruit blijkt dat handhaving van de maximumsnelheid van 50 km/h op een verkeersveilige manier mogelijk is. 4. Schoolzones en ouderenvoorzieningen De locaties waar relatief veel verplaatsingen zijn van kwetsbare verkeersdeelnemers, rondom de scholen en ouderenvoorzieningen verdienen vanuit het verkeersveiligheidsrisico de aandacht. De gemeente geeft reeds prioriteit aan schoolzones, echter nog niet alle basisscholen zijn voorzien van een schoolzone. Educatie en voorlichting is hierbij ook van belang, om het verkeersveilig gedrag van de schoolkinderen en ouders te bevorderen en te stimuleren dat kinderen met de fiets of lopend naar school gaan. Ook de middelbare scholen zijn een aandachtspunt.
Hier gaat het niet zozeer om de zone direct rondom de school, maar juist de fietsroutes van en naar de school toe. 25
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
Ook de locaties waar ouderenvoorzieningen zijn gesitueerd nabij gebiedsontsluitingswegen of drukke erftoegangswegen verdienen aandacht. Hier zijn relatief veel kwetsbare verkeersdeelnemers te voet, op de fiets, in de rolstoel of scootmobiel. In onderstaande afbeelding zijn de locaties weergegeven van de scholen en ouderenvoorzieningen. De gemeente geeft prioriteit aan scholen waar nog geen of een beperkte schoolzone aanwezig is. Nr. 20 21
Schoolomgevingen Ouderenvoorzieningen
Tabel 3-4
Toelichting Nog geen volwaardige schoolomgeving Ouderenlocatie met aandachtspunt op gebied van veiligheid (bijvoorbeeld GOW of drukke ETW in nabije omgeving)
Knelpunten scholen/ouderenvoorzieningen
Figuur 3-12 Locaties met niet volwaardige schoolomgeving en ouderenlocaties
3.3
Landelijke trends en ontwikkelingen
De landelijke trends en ontwikkelingen zijn in een aparte analyse in beeld gebracht. Voor de gemeente Vlaardingen is het volgende van belang: De leeftijd van de bevolking neemt toe (vergrijzing). Bij de inrichting van de wegen kan hierop ingespeeld worden door voldoende ruimte te maken voor de verschillende type gebruikers. De energietransitie zet door en het duurzaamheids-denken neemt toe, elektrische voertuigen en nieuwe voertuigen (veelal gerelateerd aan de fiets) worden steeds belangrijker 26
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
en zullen een plaats moeten krijgen. Extra aandacht voor stadsdistributie is gewenst (zie paragraaf vrachtverkeer) Nieuwe mobiliteitsdiensten bieden vervoer op maat, deze diensten zullen zich snel ontwikkelingen en impact hebben op vervoersgedrag.
3.4
Knelpuntensamenvatting
Op basis van voorgaande analyse is onderstaande knelpuntsamenvatting weergegeven. Hierbij zijn de leefbaarheids-, veiligheids- en doorstromingsknelpunten vanuit mobiliteit op één kaart weergegeven. Onderscheid is gemaakt naar de urgentie van de verschillende knelpunten, degene met een hoge urgentie zijn rood, degene met een lagere urgentie groen.
Figuur 3-13 Knelpuntensamenvatting verkeersveiligheid en doorstroming
27
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
4 Maatregelen in de Mobiliteitsagenda In dit hoofdstuk wordt op basis van de knelpuntenanalyse uit hoofdstuk 3 een concrete maatregelenlijst opgenomen. Deze maatregelen worden gekoppeld aan de ambities en kernopgaven uit het APM. De maatregelen zijn in paragraaf 4.2 concreet beschreven en ingedeeld op korte, middellange en lange termijn. Opgemerkt wordt dat de Mobiliteitsagenda zich richt op de maatregelen op het gebied van verkeersveiligheid, doorstroming en bereikbaarheid langzaam verkeer. Parkeren valt buiten de scope van de Mobiliteitsagenda en is beschreven in de Herijking Parkeerbeleid 2017 en Beleidsregel Parkeernormen 2019. Hierin is onder andere aandacht voor het stimuleren van OV-gebruik door het mogelijk verlagen van parkeernormen bij de belangrijke OV-knooppunten.
4.1
Kernopgaven Actieplan Mobiliteit
In het APM zijn de drie pijlers meegegeven: Veilig, bereikbaar en gezond. Vervolgens zijn hieronder een aantal kernopgaves gedefinieerd, welke zijn opgenomen in figuur 4.1. De maatregelen die opgenomen zijn in de Mobiliteitsagenda geven invulling aan deze kernopgaven en komen voort uit de knelpuntenanalyse in hoofdstuk 3. De ingrepen zijn onderverdeeld in korte, middellange en lange termijnmaatregelen. De samenhang tussen de maatregelen en de kernopgaven is weergegeven in een matrix. Deze is opgenomen in bijlage 1. Vanuit de integrale aanpak is bij elke maatregel vermeld welke koppelkansen mogelijk zijn.
Figuur 4-1 Maatregellijst APM Vlaardingen
28
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
4.2
Maatregelen
De maatregelen zijn op kaart weergegeven in de volgende paragrafen. Ook is er een lijst met nietlocatiegebonden maatregelen. Vervolgens is in tabel een lijst weergeven van deze maatregelen en is aangegeven of er wat betreft de uitvoering en financiering meekoppelkansen zijn: -
-
Fiets. Fietsprojecten krijgen landelijk, provinciaal en regionaal extra aandacht. Er zijn en komen hier meer subsidiemogelijkheden voor. Veelal is het bij de regio mogelijk om aan te sluiten bij verschillende stimuleringsprojecten voor fietsverkeer. Vaak kan tot 50% cofinanciering verkregen worden indien een project bijdraagt aan het comfortabel en/of veiliger en/of sneller maken van een fietsroute. SPV. Vanuit het strategisch plan verkeersveiligheid zijn er gelden beschikbaar om de verkeersveiligheid te verbeteren. Deze maatregelen komen hier mogelijk voor in aanmerking. WB. Vanuit de woningbouwopgave worden er verschillende woningbouwprojecten gerealiseerd. Deze zijn ook deels te koppelen aan benodigde infrastructuurprojecten. Lucht. Vanuit het Actieplan Luchtkwaliteit zijn er kansrijke meekoppelkansen. WmW. Vanuit de geplande werkzaamheden, zoals onder andere groot onderhoud en rioleringsvervanging zijn er kansen om deze projecten te koppelen -met-maken.
29
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
-
4.2.1 Korte termijnmaatregelen 2021/2022 De kortetermijnmaatregelen zijn aanpassingen aan de infrastructuur, waarvoor financiële dekking en eventueel subsidie beschikbaar is gesteld. In de kaart hieronder zijn de korte termijnmaatregelen weergegeven.
Figuur 4-2 Maatregeloverzicht korte termijn (2021/2022)
De maatregelen zijn met letters aangegeven. In de tabel hierna is elke ingreep vermeld. Hierin is weergegeven voor welke modaliteit de ingreep bedoeld is. Ook is de locatie weergegeven, evenals de eerder benoemde koppelkansen met andere beleidsvelden. Verder is met kleur aangegeven bij welk speerpunt uit het APM deze maatregel hoort, onderverdeeld naar:
Figuur 4-3 Speerpunten APM
30
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
Mogelijke raakvlakken6
#
Modaliteit
Locatie
Maatregel
Fiets
A
Fiets
Deltaweg
Fietspad Deltaweg
B
Fiets / auto
Cronjéstraat
Herinrichting naar 30 km/h-gebied
C
Fiets / auto
Gedempte Biersloot
Herinrichting naar 30 km/h-gebied
D
Voetganger / fiets
Stadhouderslaan
Verbeteren schoolomgeving
E
Voetganger / fiets
Van Gansefoortstraat
Verbeteren schoolomgeving
F
Voetganger / fiets
Claudius Civilislaan
Verbeteren schoolomgeving
G
Voetganger
Dillenburgsingel t.h.v. Zonnehuis
Oversteekplaats -zorginstelling
H
Auto / fiets
Westlandseweg / Burg. Heusdenslaan
Vervangen verkeerslichten verbeteren situatie fiets
I
Voetganger / fiets /auto
Olmendreef
Verbeteren schoolomgeving
J
Auto
Floris de Vijfdelaan
Fysieke middengeleider
K
Fiets
Trekkade
Aanbrengen kantmarkering fietspad
L
Voetganger
Kopenhagenlaan
Oversteekplaats
M
Voetganger
Floris de Vijfdelaan
Oversteekplaats
N
Voetganger / fiets
Marathonweg / Zuidbuurtseweg
Oversteekplaats - zorginstelling
O
Voetganger / fiets
Westlandseweg / Hoflaan
Oversteekvoorzieningen
P
Fiets / auto
Olmendreef
Aanleg veilige voetgangersoversteekplaats schoolomgeving
Q
Fiets
Burg. Heusdenslaan / Burg. Verkadesingel
Zuidelijke fietsoversteek verkeerslichten in twee richtingen
R
Fiets
Burg. Heusdenslaan / Van Linden Van den Heuvellsingel
Zuidelijke fietsoversteek verkeerslichten in twee richtingen
S
Fiets
Schiedamseweg
Verbreden fietspaden en vergevingsgezinde trottoirbanden
SPV
WB
Lucht
Speerpunt thema
WmW
Berkelsesluis
6
SPV = Strategisch Plan Verkeersveiligheid, WB = Woningbouwopgave, Lucht = actieplan luchtkwaliteit, WmW = Werk met Werk
31
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
T
Fiets
Fietsroute Westland <> Rotterdam
Verbeteren fietsverbinding Maassluissedijk als onderdeel van de MFR Rotterdam - Westland
U
Auto / fiets
Deltaweg
Aanpak kruispunt Deltaweg / Van Beethovensingel i.r.t. ontwikkeling Unileverterrein
V
Voetganger / Fiets / Auto
Marathonweg
Aanpak drie kruispunten t,a.v. doorstroming en veiligheid
W
Voetganger / Fiets / Auto
Galgkade / Abel Tasmanlaan
Verbeteren kruispunt
X
Voetganger / Fiets / Auto
Van Hogendorplaan / Rotterdamseweg
Aanleg rotonde
Y
Fiets / auto
Reigerlaan
Herinrichting en instellen 30 km/hgebied / schoolomgeving
Z
Fiets
Arij Koplaan
Verticale stoepranden vervangen door schuine stoepranden, waardoor valrisico fietser beperkt wordt
AA
Fiets / auto
Dirk de Derdelaan
Verbeteren verkeersveiligheid aanpassen wegprofiel
AB
Fiets
Fietsstraat 1e Van Leyden Gaelstraat
Fietsstraat Van Leyden Gaelstraat
Tabel 4-1
Maatregeloverzicht korte termijn (2021/2022)
Daarnaast is er een aantal niet-locatiegebonden maatregelen die reeds op korte termijn spelen en naar de toekomst toe doorlopen. Voorbeelden hiervan zijn het ondersteunen van verkeerseductie op basisscholen, monitoring van verkeersstromen en rijsnelheid, innovaties op het gebied van verkeerslichten en verkeersmanagement en laadinfrastructuur voor voertuigen.
32
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
4.2.2 Middellange termijnmaatregelen 2023-2026 niet locatiegericht Hieronder worden de middellange termijnmaatregelen toegelicht. Deze zijn onderverdeeld in nietlocatiegebonden maatregelen en fysieke maatregelen (zie paragraaf 4.2.3). Deze maatregelen kennen nog geen financiële dekking. Het is een signaleringslijst die gebruikt kan worden voor toekomstige besluitvorming, zie ook hoofdstuk 5. De niet-locatiegebonden maatregelen zijn onder te verdelen in: verdere uitrol elektrisch vervoer; investering iVRI's ; bewegwijzering auto+fiets; bordensanering; monitoring verkeersveiligheid; educatie en communicatie; monitoring, sturing en handhaving verkeersstromen; innovatiebudget (deelmobiliteit, ZE-zones, autonoom vervoer e.d.); ondernemersaanpak (samen met Verkeersonderneming); bewonersaanpak (samen met Verkeersonderneming); maatwerkvervoer; stimuleren fietsgebruik. Verdere uitrol elektrisch vervoer openbare laadinfra In de Nationale Agenda Laadinfrastructuur (NAL) (onderdeel van Klimaatakkoord 2019) zijn afspraken opgenomen over het ontwikkelen van een toekomstbestendig, dekkend, toegankelijk en betrouwbaar netwerk van laadinfrastructuur voor alle soorten elektrisch vervoer. Vanaf 2030 dienen -emissievrij te rijden en na 2050 geldt dit voor alle aantal toeneemt en daarmee de vraag naar openbare laadvoorzieningen.
Laden in de openbare ruimte is de gewenste oplossing wanneer gebruikers geen gelegenheid hebben om te parkeren op eigen terrein en aldaar een laadpunt te realiseren. Vlaardingen voert sinds 2013 openbare laadinfra projecten uit in regionaal samenwerkingsverband. Op dit moment telt Vlaardingen 134 openbare laadpalen (=268 oplaadpunten). Per 1 juli 2021 start de derde concessie (laadaanbieder ENGIE) met in totaal 30 deelnemende regiogemeenten. Gezamenlijk is een laadkader bepaald (Kader voor de plaatsing van laadinfrastructuur voor elektrische voertuigen, 2020) dat de basis vormt van de nieuwe concessie. Uitgangspunt is dat (een gebrek aan) laadinfrastructuur geen belemmering mag vormen voor de overstap naar elektrisch vervoer. Kern van dit laadkader is dat de gemeente een grotere rol gaat spelen als opdrachtgever voor de plaatsing van openbare laadpalen om de verwachte grote vraag naar elektrisch rijden en laden bij te kunnen houden. Daarnaast blijft het mogelijk voor burgers en bedrijven om verzoeken tot uitbreiding van het openbare laadnetwerk te doen. De Beleidsregels Concessie openbare laaddiensten elektrisch vervoer Vlaardingen 2021 zijn afgeleid van dit laadkader.
33
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
Figuur 4-4 Illustratie laadpalen
Investeren in i Digitalisering zorgt voor een andere manier van leven, werken en ook mobiliteit. Door als gemeente te investeren in nieuwe slimme verkeerslichten ( ) is het mogelijk om de verschillende verkeersstromen goed te kunnen afwikkelen. Met behulp van verschillende datastromen kunnen verkeersstromen zo effectief mogelijk worden geregeld. D genoemd. Bij een iVRI is het mogelijk om zowel het gemotoriseerde verkeer als ook juist het fietsverkeer optimaal te laten doorstromen, afhankelijk van de hoeveelheid verkeer en de prioriteit die deze verkeersstromen krijgen. Ook vanuit het stimuleren van het fietsverkeer liggen hier kansen. Figuur 4-5 Illustratie iVRI
Het rijk heeft op dit moment een subsidie beschikbaar waar de gemeentes een deel van de investeringen voor gesubsidieerd kan krijgen. Concrete maatregel: 1. Bij elke VRI die aangepast wordt in de stad, bijvoorbeeld vanwege groot onderhoud of einde levensduur, dient de nieuwe VRI voorbereid te worden op iVRIVervolgens wordt een afweging gemaakt of het daadwerkelijk activeren van de iVRIfunctionaliteit doelmatig is. Het toetsingskader hierbij is de extra winst (in leefbaarheid/veiligheid en doorstroming) ten opzichte van de benodigde kosten. Bewegwijzering voor gemotoriseerd verkeer, fietsverkeer en voetgangers Het doel van bewegwijzering is het zo goed mogelijk informeren van weggebruikers en het zo vlot en veilig mogelijk geleiden van weggebruikers naar hun bestemmingen via de daarvoor bestemde wegen. Met behulp van bewegwijzering kunnen weggebruikers hun weg vinden op het wegennet en
34
Mobiliteitsagenda 2021 2023 met doorkijk naar 2030
kunnen zij de plaats bepalen waar zij zich op dat moment bevinden. Door weggebruikers te informeren, draagt bewegwijzering bij aan een vlotte en veilige verkeersafwikkeling. Gemotoriseerd verkeer Gemotoriseerd verkeer dient bij voorkeur afgewikkeld te worden op de stroomwegen en gebiedsontsluitingswegen. Ook is het van belang dat de routes naar de parkeervoorzieningen juist weergeven zijn. Dit ook om zoekverkeer naar parkeervoorzieningen te vermijden. Om parkerende bezoekers goed te geleiden is naast een parkeerverwijssysteem ook een goede bewegwijzering voor de voetgangers nodig. Fietsverkeer Het fietsverkeer dient waar mogelijk afgewikkeld de worden op de hoofdfietsstructuur. Ook is het van belang dat de routes naar de fietsparkeervoorzieningen juist weergeven zijn. Voetgangers Bewegwijzering op voetgangersroutes tussen hoofdbestemmingen voor de voetganger zijn van belang, onder andere winkelcentra, binnensteden, toeristische bestemmingen (musea) of OV-hubs.