CConstaterende datVlaardingen
Koppel je AI →
Document · PDF

LIS t/m 28 november 2022

Gemeenteraad 15 december 2022, gemeente VlaardingenBij agendapunt: Lijst van ingekomen stukken38.498 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

Deze komen wel tot uitdrukking in de rechtmatigheidsverantwoording: - begrotingscriterium: de financiële handelingen passen binnen het kader van de geautoriseerde begroting; - voorwaardencriterium: voorwaarden in wet- en regelgeving worden nageleefd, zoals subsidievoorwaarden; - misbruik en oneigenlijk gebruik criterium: er vindt een toetsing op juistheid en volledigheid van gegevens die door derden zijn verstrekt plaats, met het oog op het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik.

Bijlage bij VNG ledenbrief, kenmerk 22/061, november 2022.

Eerste lid In relatie tot de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording is in het eerste lid opgenomen dat de raad bij aanvang van iedere raadsperiode vaststelt op welke wijze hij door middel van de paragraaf bedrijfsvoering van de begroting en de jaarstukken geïnformeerd wil worden over rechtmatigheid (Kadernota rechtmatigheid 2023, augustus 2021). Tweede lid In het tweede lid stelt de raad de verantwoordingsgrens vast, waarboven burgemeester en wethouders moeten rapporteren aan de raad (Kadernota rechtmatigheid 2023, augustus 2021). Deze grens moet tussen 0 en 3% liggen van de totale lasten van de gemeente, inclusief de dotaties aan de reserves. Derde lid Het derde lid geeft aan boven welk bedrag afzonderlijke afwijkingen nader moeten worden toegelicht (rapportagegrens). Artikel 11 Voorwaardencriterium\ Eerste lid In het eerste lid wordt de definitie weergegeven van het voorwaardencriterium, het zogenaamde “normenkader”. Tweede lid Artikel 11 geeft aan dat jaarlijks het normenkader ten aanzien van de rechtmatigheidsverantwoording door de gemeenteraad moet worden vastgesteld en voor een bepaalde datum aan de raad moet worden aangeboden. Artikel 12 Begrotingscriterium Eerste lid Artikel 12 gaat expliciet in op de begrotingsrechtmatigheid. In het eerste lid wordt het begrip begrotingsrechtmatigheid gedefinieerd.

Tweede lid De baten en lasten moeten zich bewegen binnen de door de raad goedgekeurde en vastgestelde budgetplafonds. Indien er een overschrijding plaatsvindt is er in principe sprake van een begrotingsonrechtmatigheid. Dat is geregeld in het tweede lid. Artikel 13 Misbruik en oneigenlijk gebruik-criterium Eerste lid Dit artikel voorziet in het zogenaamde “misbruik en oneigenlijk gebruik criterium”. In het eerste lid wordt het criterium gedefinieerd. Van misbruik is sprake bij het opzettelijk niet, niet tijdig, onjuist of onvolledig verstrekken van gegevens met als doel ten onrechte overheidssubsidies of -uitkeringen te verkrijgen of niet dan wel een te laag bedrag aan heffingen aan de overheid te betalen. Van oneigenlijk gebruik is sprake indien bij het aangaan van rechtshandelingen, al dan niet gecombineerd met feitelijke handelingen, het verkrijgen van overheidsbijdragen of het niet dan wel tot een te laag bedrag betalen van heffingen aan de overheid, in overeenstemming met de bewoordingen van de regelgeving is maar in strijd met het doel en de strekking daarvan is. Tweede lid Aan Burgemeester en wethouders wordt opgedragen om regels op stellen voor het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen en eigendommen.

Bijlage bij VNG ledenbrief, kenmerk 22/061, november 2022.

Artikel 14. Waardering en afschrijving vaste activa In artikel 212, tweede lid, onder a, van de Gemeentewet is opgenomen, dat de Verordening financieel beleid, beheer en organisatie (artikel 212 Gemeentewet) in elk geval de regels voor waardering en afschrijving van activa bevat. Hieraan is in artikel 14 invulling gegeven. Eerste lid [Voor de bepalingen over afschrijvingsmethodieken en afschrijvingstermijnen van de immateriële en materiële vaste activa wordt in de verordening verwezen naar de bijlage afschrijvingsbeleid bij deze verordening. In deze bijlage zijn naast de methodiek de afschrijvingstermijnen voor de verschillende categorieën immateriële vaste activa, materiële vaste activa met economisch nut en materiële vaste activa met maatschappelijk nut opgenomen. Deze vorm sluit aan bij de voorheen gebruikelijke werkwijze in sommige gemeenten om de afschrijvingstermijnen in een apart document vast te leggen. OF Burgemeester en wethouders bieden de raad eens in de [aantal] jaar een nota investeringen aan, waarin de afschrijvingstermijnen als bijlage zijn opgenomen. De raad stelt deze nota vast. De nota behandelt de regels voor waardering en afschrijving van vaste activa, de zogenaamde waarderingsgrondslagen.] Tweede lid In het tweede lid is opgenomen dat jaarlijks een meerjareninvesteringsplan wordt opgesteld.

Dit biedt integraal inzicht en versterkt daarmee de sturingsmogelijkheden van de raad. [Artikel 15. Voorziening voor oninbare vorderingen Voor de oninbaarheid van vorderingen moet een gemeente een voorziening vormen. Dit artikel bevat regels voor het vaststellen van de hoogte van deze voorziening. Bij het artikel is onderscheid gemaakt tussen gemeentelijke aanslagen en heffingen die het karakter hebben van bulkfacturen en overige vorderingen. Eerste lid Vorderingen van de gemeente worden individueel beoordeeld op oninbaarheid. Tweede lid Voor de in het tweede lid genoemde gemeentelijke aanslagen, heffingen en bijstandsverstrekkingen wordt een voorziening getroffen op basis van het historisch percentage van oninbaarheid. Een individuele beoordeling per aanslag of heffing is bij dit soort vorderingen namelijk zeer bewerkelijk. Wel zal een accountant eisen dat de grote bedragen onder deze vorderingen toch individueel worden beoordeeld. De accountant controleert bij zijn controle van het getrouwe beeld van de jaarrekening de hoogte van deze voorziening. Indien over de waarderingsgrondslagen geen afspraken bestaan, zal hij mogelijk aandringen op het hanteren van een methodiek voor het onderbouwen van de hoogte van deze voorziening.] Artikel 16.

Reserves en voorzieningen Eerste lid Regelgeving rondom de verantwoording van de rentekosten is uitgewerkt in de notitie Rente van de commissie BBV. In deze notitie is aangegeven dat de uitspraken van de commissie BBV alleen strekken tot de verslaggevingstechnische verwerking van de rente op de taakvelden. Dat wil zeggen dat de regels voor de renteomslag bepalend zijn voor de rente die feitelijk wordt toegerekend aan de taakvelden. De commissie BBV doet echter geen uitspraken over de wijze waarop gemeenten hun tarieven moeten berekenen. Fiscaal juridisch gezien is het toegestaan om een redelijk deel van de rentelasten mee te nemen in de kostenopstelling die ten grondslag ligt aan de tariefberekening. [De overheadkosten moeten apart worden verantwoord. Daarom is het noodzakelijk kostprijzen van rechten en heffingen en van gemeentelijke goederen, werken en diensten die worden geleverd aan overheidsbedrijven en derden, extracomptabel te onderbouwen. Het is niet noodzakelijk de rentevergoeding over reserves en voorzieningen in de beleidsbegroting, de financiële begroting, het jaarverslag en de jaarrekening aan de taakvelden toe te rekenen. Het eerste lid bepaalt daarom, dat

Bijlage bij VNG ledenbrief, kenmerk 22/061, november 2022.

voor de toerekening van rentelasten en rentebaten in de beleidsbegroting, de financiële begroting, het jaarverslag en de jaarrekening aan de taakvelden geen rentevergoeding over reserves en voorzieningen wordt meegenomen.] In afwijking van het eerste lid worden bij vennootschapsbelastingplichtige activiteiten en grondexploitaties alleen de rentekosten voor de inzet van vreemd vermogen aan de kostprijs toegerekend. Bij projectfinanciering worden dan de werkelijke rentekosten toegerekend. In andere gevallen wordt uitgegaan van het gewogen gemiddelde rentepercentage van de portefeuille leningen. Tweede lid Het tweede lid bepaalt, dat burgemeester en wethouders eens in de [aantal] jaar een nota over de reserves en voorzieningen aan de raad aanbieden. Met het vaststellen van deze nota stelt de raad de kaders vast voor de vorming van reserves en voorzieningen. Tweede lid, onder c In de Kadernota rechtmatigheid 2023, augustus 2021, zet de commissie BBV uiteen op welke wijze budgetoverhevelingen tussen begrotingsjaren rechtmatig kunnen plaatsvinden. De commissie BBV beveelt aan dat wanneer er wordt gekozen om specifieke budgetten bij onderuitputting op jaareinde in bestemmingsreserves op te nemen, de raad hiervoor kaders opneemt in de Financiële verordening. Derde lid Voor een investeringsvoornemen kan de raad een bestemmingsreserve vormen.

Een deel van de algemene reserve wordt hiervoor afgezonderd. Hiermee wordt op de balans van de gemeente tot uitdrukking gebracht dat een toekomstige investering in de loop van de jaren middels de afschrijvingen een beslag op het eigen vermogen gaat leggen. In het derde lid zijn de voorwaarden voor een voorstel voor een dergelijke bestemmingsreserve opgenomen. Vierde lid Investeringsvoornemens leiden niet altijd tot investeringen. Er bestaat het gevaar, dat bestemmingsreserves op de balans blijven staan waar tegenover in het geheel geen investeringsvoornemen meer bestaan. Dit kan worden voorkomen door voor elke nieuwe bestemmingsreserve een maximale ‘houdbaarheidsdatum’ op te nemen. Hiervoor is bepaald dat bestemmingsreserves die de houdbaarheidsdatum hebben overschreden, vervallen en weer aan de algemene reserve worden toegevoegd. [Vijfde lid In het vijfde lid is de verplichting opgenomen om de reserves niet alleen periodiek, maar ook jaarlijks bij de begroting en de jaarrekening te beoordelen.] Artikel 17. Kostprijsberekening Artikel 212, tweede lid, onder b, van de Gemeentewet bepaalt dat de verordening in ieder geval de grondslagen bevat voor de berekening van de door het gemeentebestuur in rekening te brengen prijzen en van tarieven voor rechten als bedoeld in artikel 229b en heffing bedoeld in artikel 15.33 van de Wet milieubeheer.

De grondslagen voor de prijzen die de gemeente bij overheidsbedrijven en derden in rekening brengt, en voor de tarieven van rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht, worden gevormd door de opbouw van de kostprijs. De overheadkosten moeten apart worden verantwoord. Ze worden bij de gemeente niet doorberekend aan de taakvelden. Daarmee is het niet mogelijk om de integrale kostprijzen in de administratie van de baten en lasten op taakvelden van de beleidsbegroting, de financiële begroting, het jaarverslag en de jaarrekening in beeld te brengen. De kostprijzen moeten extracomptabel worden berekend en vastgelegd. Eerste lid Het eerste lid bepaalt dat de kostprijsberekeningen extracomptabel worden vastgelegd en dat de kostprijzen bestaan uit de directe kosten en een opslag voor de overhead en voor de rente over de inzet van vreemd vermogen, reserves en voorzieningen voor de financiering van (vaste) activa die voor desbetreffende rechten en heffingen en voor desbetreffende goederen, werken en diensten worden ingezet. Wat onder de directe kosten moet worden verstaan is via het BBV, de notitie

Bijlage bij VNG ledenbrief, kenmerk 22/061, november 2022.

overhead en de taakveldbeschrijving helder gedefinieerd. Op dat punt hoeft in deze verordening niets aanvullend te worden geregeld. [Tweede lid In het tweede lid wordt bepaald dat gemeenten de kosten voor compensabele BTW, gederfde inkomsten vanwege het kwijtscheldingsbeleid en de kosten voor straatreiniging in de kostenbasis kunnen meenemen. Zie VNG Handreiking kostenonderbouwing lokale heffingen, 2016.] Derde en vierde lid Het derde en vierde lid bieden de mogelijkheid dat de overheadkosten die kunnen worden toegerekend aan de verschillende specifieke uitkeringen of activiteiten die onder de vennootschapsbelastingplicht vallen, apart onder het taakveld overhead in de administratie worden afgezonderd en in de belastingaangifte aan deze activiteiten worden toegerekend. Dit afzonderen kan door voor deze kosten aparte (hulp-)kostenplaatsen aan te maken en de kosten voortaan op deze (hulp-)kostenplaatsen te boeken. Vijfde lid De commissie BBV geeft aan dat de toerekening van overhead, zoals opgenomen in het overzicht overhead, aan lokale heffingen en rechten niet mag afwijken van de overige methodieken voor het toerekenen van overhead aan gemeentelijke taakvelden. [In het vijfde lid wordt bepaald dat deze plaatsvindt naar rato van het aandeel van de personeelslasten inclusief inhuur derden in de totale personeelslasten inclusief inhuur derden.

OF De toerekening van overhead vindt plaats naar rato van de totale directe kosten op de taakvelden.] De notitie Overhead van de commissie BBV schrijft voor dat er sprake moet zijn van een uniforme toerekening. [Zesde lid Als er sprake is van een rentetoerekening over het eigen vermogen, dan bepaalt het zesde lid dat dit percentage jaarlijks bij de begroting wordt vastgesteld. De notitie rente van de commissie BBV vormt hiervoor het kader.] Zevende lid Het zevende lid geeft voor de omslagrente voor de kostprijs van verstrekte leningen een afwijkend voorschrift. Die kostprijs wordt gebaseerd op de rente van de lening die is aangetrokken voor de verstrekte lening. Die rente moet worden verhoogd met een risico-opslag voor de kans dat de (een deel van) de lening niet wordt terugbetaald (debiteurenrisico). Daarnaast moeten voor het bepalen van die kostprijs natuurlijk als directe kosten ook de afsluitkosten e.d. worden meegenomen. Artikel 18. Prijzen economische activiteiten Eerste tot en met derde lid In de Wet Markt en Overheid (waarmee de Mededingingswet is gewijzigd) is opgenomen dat als een gemeente goederen, diensten of werken levert aan overheidsbedrijven of derden zij deze activiteiten niet mag bevoordelen als het economische activiteiten betreft. Economische activiteiten zijn hier activiteiten waarmee de gemeenten in concurrentie met andere ondernemingen treedt.

Het bevoordelingsverbod houdt feitelijk in dat ten minste een integrale kostprijs voor de levering van goederen, diensten en werken en het verstrekken van leningen garanties en kapitaal in rekening moet worden gebracht. Vierde lid Van dit verbod kan worden afgeweken als de activiteiten worden ontplooid in het kader van het publiek belang. Daarvoor is wel nodig dat in een raadbesluit het publiek belang van de activiteit wordt gemotiveerd. Het raadbesluit moet worden aangemerkt als een concretiserend besluit van algemene strekking. Het besluit moet worden bekendgemaakt in een officieel elektronisch publicatieblad en moet open staan voor bezwaar en beroep. Belanghebbenden kunnen dan binnen uiterlijk zes weken na bekendmaking van het besluit een bezwaarschrift indienen bij de gemeente (artikel 6:7 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb)). De gemeente moet binnen zes weken een besluit nemen over het bezwaarschrift of – indien een commissie als bedoeld in artikel 7:13 van de Awb is ingesteld

Bijlage bij VNG ledenbrief, kenmerk 22/061, november 2022.

– binnen twaalf weken, gerekend vanaf de dag na die waarop de termijn voor het indienen van het bezwaarschrift is verstreken. Bij afwijzing van de bezwaren kan de belanghebbende beroep instellen bij de bestuursrechter. Vijfde lid Voor het verplicht in rekening brengen van minimaal een integrale kostprijs voor de levering van goederen, werken en diensten of voor het verstrekken van leningen, garanties en kapitaal geldt een aantal uitzonderingen (artikel 25h van de Mededingingswet). Artikel 19. Vaststelling hoogte belastingen, rechten, heffingen en prijzen Eerste lid Het vaststellen van de tarieven voor belastingen, rechten, leges en heffingen is een bevoegdheid van de raad. Deze bevoegdheid kan niet worden gedelegeerd (artikel 156 van de Gemeentewet). Het eerste lid bepaalt dat de raad de tarieven voor de belastingen, rioolheffingen, afvalstoffenheffing [… (verdere opsomming van rechten en leges waarvan het wenselijk wordt geacht de tarieven jaarlijks vast te stellen)] jaarlijks vaststelt. Het vaststellen van prijzen voor de levering van gemeentelijke goederen, diensten en werken die niet vallen onder artikel 229 van de Gemeentewet, is een privaatrechtelijke besluit.

Deze besluiten zijn een bevoegdheid van burgemeester en wethouders (artikel 160, eerste lid, onder e, van de Gemeentewet), maar hebben wel invloed op de hoogte van de inkomsten en raken daarom ook het budgetrecht van de raad. Tweede lid Burgemeester en wethouders bieden met een vaste frequentie aan de raad een nota met daarin de kaders voor de te hanteren prijzen, huren en tarieven voor erfpacht. De raad stelt deze nota vast. Artikel 20. Financieringsfunctie Artikel 212, tweede lid, onder c, van de Gemeentewet bevat de bepaling, dat de Verordening financieel beleid, beheer en organisatie (artikel 212 Gemeentewet) in elk geval regels voor de algemene doelstelling en de te hanteren richtlijnen en limieten van de financieringsfunctie bevat. Artikel 20 bevat kaders voor het financieringsbeleid. De kaders voor de financiële organisatie van de financieringsfunctie staan in artikel 29. Eerste lid In aanvulling op de regels uit de Wet financiering decentrale overheden (hierna: Wet fido) en daarop gebaseerde besluiten en regelingen stelt het eerste lid een aantal aanvullende kaders. Zo mag geen gebruik worden gemaakt van financiële derivaten. Gemeenten mogen alleen leningen en garanties verstrekken en financiële participaties aangaan voor het behartigen van een publiek belang (artikel 2 van de Wet fido).

Daarbij bepaalt artikel 160, tweede lid, van de Gemeentewet, dat een besluit tot de oprichting van en de deelneming in stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen niet eerder wordt genomen dan nadat de raad een ontwerpbesluit is toegezonden en hij zijn wensen en bedenkingen ter kennis van burgemeester en wethouders heeft kunnen brengen. [Tweede lid Het tweede lid dragen burgemeester en wethouders op bij het verstrekken van leningen, garanties en risicodragend kapitaal zo mogelijk zekerheden te bedingen om zo het financiële risico waaraan de gemeente bloot komt te staan, te verminderen. Dit is zeker als het om grote bedragen gaat, iets om op te letten. [Derde lid Het derde lid bepaalt, dat voor het verlenen van garanties een voorziening wordt gevormd voor het risico dat de gemeente loopt. Daarmee komt de verlening van garanties expliciet onder het budgetrecht van de raad te vallen en is ook voor de verlening van garanties tegen marktconforme tarieven instemming van de raad vereist.]

Bijlage bij VNG ledenbrief, kenmerk 22/061, november 2022.

Artikel 21. Lokale heffingen De artikelen 21 tot en met 27 geven aan wat er in de paragrafen lokale heffingen, weerstandsvermogen en risicobeheersing, onderhoud kapitaalgoederen, financiering, bedrijfsvoering, verbonden partijen en grondbeleid van de begroting en de jaarstukken ten minste moet staan, conform het BBV. In de Verordening financieel beleid, beheer en organisatie (artikel 212 Gemeentewet) kan de raad bepalen, dat hij ook over aanvullende zaken in de paragrafen wil worden geïnformeerd. In artikel 10 van het BBV staat welke informatie de paragraaf lokale heffingen van de begroting en de jaarstukken in elk geval moet bevatten. In dit artikel wordt de aanvullende informatievraag van de raad gedefinieerd. Een deel van de aanvullende informatie dient voor het met de begroting vaststellen van de gehanteerde omslagrente voor de kostprijsberekening van rechten en leges waarmee kosten in rekening worden gebracht. Ook wordt gevraagd de toerekening van de rente en de toerekening van de overheadkosten aan de verschillende rechten, leges en heffingen in beeld te brengen. De commissie BBV beveelt aan om in de paragraaf lokale heffingen van de begroting en de jaarstukken ook een overzicht op te nemen van de te onderscheiden lokale heffingen, de maatstaf en de doelstelling die wordt beoogd met het opleggen van de heffing (artikel 21, aanhef, en onder d.) Artikel 22.

Weerstandsvermogen en risicobeheersing Eerste lid Voor de begrippen netto schuld per inwoner en onbenutte belastingcapaciteit zijn de definities gevolgd die www.waarstaatjegemeente.nl toepast voor de financiële kengetallen over de gemeentefinanciën. Tweede lid In artikel 11 van het BBV staat welke informatie de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing van de begroting en de jaarstukken in elk geval moet bevatten. In dit artikel wordt de aanvullende informatievraag van de raad voor deze paragraaf gedefinieerd. Er is opgenomen, dat de raad voor het vormen van een oordeel over het weerstandsvermogen in deze paragraaf ook wordt geïnformeerd over de ontwikkeling van de netto schuld per inwoner, de ontwikkeling van het saldo van baten en lasten als aandeel van de inkomsten en over de onbenutte belastingcapaciteit als aandeel van de inkomsten. Met deze aanvulling op de wettelijk verplichte financiële kengetallen komt de set financiële kengetallen overeen met die van www.waarstaatjegemeente.nl. Artikel 23. Onderhoud kapitaalgoederen In artikel 12 van het BBV staat welke informatie de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen van de begroting en de jaarstukken in elk geval moet bevatten.

[Eerste lid In het eerste lid wordt de aanvullende informatievraag van de raad voor deze paragraaf geformuleerd.] Tweede tot en met vierde lid Het tweede tot en met vierde lid bevatten bepalingen waaruit volgt dat burgemeester en wethouders ten minste eens in de [aantal] jaar de raad onderhoudsplannen aanbieden over respectievelijk het onderhoud openbare ruimte, het onderhoud riolering en het onderhoud gebouwen. Hiermee kan de raad de kaders voor het toekomstig onderhoudsniveau vaststellen. [Artikel 24. Financiering In artikel 13 van het BBV staat welke informatie de paragraaf financiering van de begroting en de jaarstukken in elk geval moet bevatten. In aanvulling daarop is in dit artikel de aanvullende informatievraag van de raad voor deze paragraaf gedefinieerd.]

Bijlage bij VNG ledenbrief, kenmerk 22/061, november 2022.

Artikel 25. Bedrijfsvoering In artikel 14 van het BBV staat welke informatie de paragraaf bedrijfsvoering van de begroting en de jaarstukken in elk geval moet bevatten. In dit artikel is de aanvullende informatievraag van de raad voor deze paragraaf gedefinieerd. Onder f In verband met de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording heeft de paragraaf bedrijfsvoering van de begroting en jaarstukken ook een grotere rol gekregen. De commissie BBV doet hierover een aantal stellige uitspraken: - Burgemeester en wethouders geven in de paragraaf bedrijfsvoering een toelichting op alle afwijkingen die in de rechtmatigheidsverantwoording zijn opgenomen en eventueel welke maatregelen worden genomen om deze afwijkingen in de toekomst te voorkomen. - Indien de normen uit de gids proportionaliteit veelvuldig niet nageleefd worden of slecht gedocumenteerd en/of gemotiveerd zijn, dan moeten burgemeester en wethouders hierover rapporteren via de paragraaf bedrijfsvoering. - Niet-financiële onrechtmatigheden in verband met het niet naleven van bepalingen in de Wet fido en de bijbehorende ministeriële regelingen moeten worden opgenomen en toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering. Overigens adviseert de commissie BBV ook om afspraken te maken tussen raad en burgemeester en wethouders over de wijze waarop met niet financiële onrechtmatigheden wordt omgegaan.

Daarnaast adviseert de commissie BBV om geconstateerde fraude door eigen medewerkers toe te lichten in de paragraaf bedrijfsvoering. De raad kan ervoor kiezen om een rapportagegrens vast te leggen voor het toelichten van onrechtmatigheden in de paragraaf bedrijfsvoering, die afwijkt van de verantwoordingsgrens die is vastgelegd in artikel 11. Burgemeester en wethouders moeten in de paragraaf bedrijfsvoering een nadere toelichting geven op alle afwijkingen die in de rechtmatigheidsverantwoording zijn opgenomen[, voor zover deze de rapportagegrens overschrijden. De rapportagegrens kan ook bestaan uit kwalitatieve criteria (bijvoorbeeld afwijkingen die geregeld voorkomen).] [Artikel 26. Verbonden partijen In artikel 15 van het BBV staat welke informatie de paragraaf verbonden partijen van de begroting en de jaarstukken in elk geval moet bevatten. In dit artikel is deze aanvullende informatievraag van de raad voor deze paragraaf gedefinieerd.] Artikel 27. Grondbeleid [Eerste lid In artikel 16 van het BBV staat welke informatie de paragraaf grondbeleid van de begroting en de jaarstukken in elk geval moet bevatten. In het eerste lid is de aanvullende informatievraag van de raad voor deze paragraaf gedefinieerd.] Tweede lid Burgemeester en wethouders bieden eens in de [aantal] jaar aan de raad een nota grondbeleid aan.

Met de nota kan de raad de kaders voor het toekomstig grondbeleid vaststellen. Derde lid De commissie BBV adviseert gemeenten een grondprijzenbrief op te stellen met een vastgestelde uitgifteprijs voor zowel maatschappelijke grond als intern door te leveren grond, waar bij interne levering alleen fiscaal gezien winsten of verliezen worden gerealiseerd. Herwaardering van gronden is binnen het BBV niet toegestaan. Vierde lid De commissie BBV beveelt aan om de keuze om de voorziening voor verliesgevende grondexploitaties tegen [contante OF nominale] waarde te waarderen, vast te leggen in de Verordening financieel beleid, beheer en organisatie (artikel 212 Gemeentewet).

Bijlage bij VNG ledenbrief, kenmerk 22/061, november 2022.

Artikel 28. Administratie Onder artikel 28 zijn algemene bepalingen opgenomen voor de inrichting van de gemeentelijke administratie. Artikel 29. Financiële organisatie Burgemeester en wethouders zijn op grond van artikel 160 van de Gemeentewet bevoegd regels te stellen over de ambtelijke organisatie. Deze bevoegdheid betreft ook het stellen van regels voor de financiële organisatie, blijkt uit het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State en het nader rapport uit 2003 over de wijziging van artikel 212 van de Gemeentewet. Artikel 29 geeft een opsomming op welke terreinen van de financiële organisatie burgemeester en wethouders beleid en interne regels stellen. Om hier invulling aan te geven ligt het voor de hand dat burgemeester en wethouders een organisatiebesluit en een treasurystatuut vaststellen en dat burgemeester en wethouders de volmachten en mandaten alsook de kostenverdeelsleutels voor de (extracomptabele) kostentoerekening vastleggen. Onder f Bij het beleid en de interne regels voor de inkoop en aanbesteding kan gedacht worden aan een inkoopreglement en ook aan gemeentelijke inkoopvoorwaarden.

Onder g Bij het beleid en de interne regels voor steunverlening en subsidieverstrekking gaat het om procedures die naleving van de Europese staatssteunregels en regels voor diensten van algemeen economisch belang, de Awb en de [citeertitel Algemene subsidieverordening 2013] waarborgen. Onder h In geval van fraude en misbruik en oneigenlijk gebruik gaat het bijvoorbeeld om het treffen van voldoende verificatiemaatregelen vooraf van de antecedenten van een aanvrager van een gemeentelijke subsidie, zodat subsidies wel daadwerkelijk worden verstrekt aan rechthebbenden. De uitgangspunten voor de financiële organisatie zijn nodig om voor het financieel beheer en het financieel beleid aan de eisen voor rechtmatigheid, controle en verantwoording te voldoen. Onder i Onder i is de opdracht neergelegd voor burgemeester en wethouders voor de registratie van de prestaties en de maatschappelijke effecten, die de raad kan betrekken bij de beoordeling van de jaarrekening. Artikel 30. Interne controle Eerste lid De accountant toetst jaarlijks of de gemeenterekening een getrouw beeld geeft van de gemeentelijke financiën.

Het eerste lid draagt burgemeester en wethouders op maatregelen te treffen, zodat gedurende het jaar of vooraf aan de accountantscontrole de gemeente zelf nagaat of de cijfers in de administraties een getrouw beeld geven en of de financiële beheershandelingen die aan de baten, de lasten en de balansmutaties ten grondslag liggen, rechtmatig (zijn) verlopen. Tweede lid Het tweede lid bepaalt, dat burgemeester en wethouders maatregelen treffen, zodat wordt gecontroleerd of de administratie van materiële bezittingen zoals gebouwen, voertuigen, computers, voorraden en de administratie van het financieel vermogen zoals aandelen en overeenkomsten van leningen, geldmiddelen, debiteurenvorderingen e.d. overeenkomen met hetgeen de gemeente daadwerkelijk bezit. Voor veel van deze bezittingen wordt een jaarlijkse controle gevraagd. Eens in [aantal (bijvoorbeeld 4 of 5)] jaar moet worden gecontroleerd of de administratie van registergoederen en bedrijfsmiddelen overeenkomt met het daadwerkelijke bezit.

Bijlage bij VNG ledenbrief, kenmerk 22/061, november 2022.

Artikel 31. Intrekking oude regeling Volgens de Gemeentewet is een begrotingsjaar gelijk aan een kalenderjaar. In begrotingsjaar t worden de jaarstukken uit het begrotingsjaar t-1 vastgesteld, wordt uitvoering gegeven aan de begroting voor het jaar t en wordt tot slot de begroting voor het jaar t+1 vastgesteld. De nieuwe verordening is van toepassing op alle stukken die betrekking hebben op het begrotingsjaar t+1 en later. De oude verordening is ondanks het intrekken nog wel van toepassing op de jaarstukken van het begrotingsjaar t-1 en de begroting en jaarstukken van het jaar t. Hiervoor is in het artikel een overgangsbepaling opgenomen.

Bijlage bij VNG ledenbrief, kenmerk 22/061, november 2022.

Aan de leden

Datum

24 november 2022 Kenmerk

COS/U202200815 Lbr. 22/062 Telefoonnummer

070 3738393 Bijlage(n)

-

Onderwerp

moties en preadviezen Najaars ALV 2 december 2022 Geachte leden van college en gemeenteraad, Eerder hebben wij u met de ledenbrief van 4 november jl. de agenda met een aantal bijlagen toegezonden voor onze Najaars ALV van 2 december a.s. In deze nazending ontvangt u een aantal ingediende moties en de preadviezen daarop van het bestuur. Begin volgende week ontvangt u nog een nazending met een actuele stand van zaken over Hervormingsagenda jeugd. Mochten er nog nieuwe moties worden ingediend, dan zenden wij u die zo spoedig mogelijk toe. Het volledige overzicht van alle vergaderstukken, inclusief deze nazending, voor de Najaars ALV van 2 december a.s. vindt u op onze website: https://vng.nl/artikelen/agenda-en-stukken-najaars-alv-2-december2022 Ingediende moties en preadviezen bestuur In de bijlagen treft u de verschillende moties en de bijbehorende preadviezen van bestuur. Nieuwe moties die betrekking hebben op een inhoudelijk agendapunt worden daar behandeld. De overige nieuwe moties worden behandeld bij agendapunt 12. ‘Verantwoording bestuur over uitvoering moties ALV 29 juni 2022’. De moties die u vandaag ontvangt worden behandeld bij de volgende agendapunten: 6. Integraal Zorgakkoord en Gezond en Actief Leven Akkoord - Motie Gorinchem ‘Behoud streekziekenhuizen’ 7. Hervormingsagenda Jeugd - Motie Vlaardingen ‘Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming’ 12.

Verantwoording bestuur over uitvoering moties ALV 29 juni 2022 - Motie Noardeast-Fryslân ‘Integraal en structureel aanpakken bestaanszekerheid’ - Motie Deventer ‘Eigen bijdrage (abonnementstarief) Wmo 2015’

Vereniging van Nederlandse Gemeenten Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl

U202200815

PROD

Actualisatie bijlage bij agendapunt 12 ‘Verantwoording over uitvoering moties’ Van de gelegenheid maken wij gebruik om u te wijzen op de actualisatie van de bijlage bij agendapunt 12 ‘Verantwoording over uitvoering moties’. Bij de verantwoording over 2 moties is de verantwoordingstekst over de inzet van de VNG geactualiseerd: - Motie Terneuzen ‘Uitvoerbaarheid op het gebied van de transities van klimaat, energie en stikstof’ (pagina 4). - Motie Rijswijk: ‘Meer aandacht voor rol gemeenten bij de totstandkoming en implementatie van afspraken over uitgebreide producentenverantwoordelijkheid’ (pagina 10). Wij beseffen dat de stukken in deze nazending u pas kort voor de Najaars ALV van 2 december a.s. bereiken en zijn u bij voorbaat dankbaar voor uw inspanningen om de standpuntbepaling in uw gemeente voor te bereiden.

Met vriendelijke groet, Vereniging van Nederlandse Gemeenten

L.K. Geluk Algemeen directeur

Vereniging van Nederlandse Gemeenten

2/2

Brief aan de leden T.a.v. het college en de raad

Datum

24 november 2022 Kenmerk

TAZ/U202200805 LOGA: 22/05 Lbr: 22/060 Telefoon

Bijlage(n)

Onderwerp

Eenmalige uitkering december en thuiswerkvergoeding

Samenvatting

Deze salarisbrief gaat over de aanpassing van de huidige gemeentelijke cao’s met betrekking tot de eenmalige uitkering in december 2022 en de thuiswerkvergoeding. De uitwerkingen worden opgenomen in de Cao Gemeenten en Cao SGO 2021-2022.

College van Arbeidszaken / VNG Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl

U202200805

PROD

Aan de leden

Datum

24 november 2022 Kenmerk

TAZ/U202200805 LOGA: 22/05 Lbr: 22/060 Telefoon

Bijlage(n)

Onderwerp

Eenmalige uitkering december en thuiswerkvergoeding

Geacht college en gemeenteraad, Deze salarisbrief gaat over de uitwerking van de afspraak over de eenmalige uitkering in de huidige Cao Gemeenten 2021-2022 en Cao SGO 2021-2022 en het continueren van de thuiswerkvergoeding voor het komende jaar. Op 2 november 2022 hebben LOGA-partijen gesproken over de cao voor 2023. De partijen hebben toen vastgesteld dat de afstand tussen de beide standpunten zeer groot is. Om dit jaar iets voor medewerkers te doen, hebben werkgevers voorgesteld in december 2022 een eenmalige uitkering te geven aan alle medewerkers onder de Cao Gemeenten en de Cao SGO. Het gaat om een eenmalige uitkering voor alle medewerkers die op 1 december 2022 in dienst zijn: Bruto € 750 voor de medewerkers tot en met schaal 8 (inclusief schaal A) en bruto € 375 voor de medewerkers vanaf schaal 9. De vakbonden werken hieraan mee. Dit om ervoor te zorgen dat er een afspraak komt die alle werkgevers verplicht om de eenmalige uitkering uit te betalen en er geen verschillen tussen organisaties ontstaan. Werkgevers en vakbonden benadrukken dat deze afspraak alleen betrekking heeft op 2022 en los staat van de onderhandelingen over de cao voor 2023. Onder gemeenten en WSGO leden is een ledenraadpleging geweest. N.a.v. die ledenraadpleging hebben de besturen van de VNG en de WSGO op 23 november ingestemd met deze afspraak.

Daarmee is deze afspraak definitief geworden en kunnen werkgevers uitvoering geven aan de uitbetaling van de eenmalige uitkering.

College van Arbeidszaken / VNG Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl

U202200805

PROD

Daarnaast hebben LOGA-partijen ook gesproken over de thuiswerkvergoeding in de nieuwe cao. Alle partijen zijn het eens dat er een thuiswerkvergoeding blijft. In welke samenstelling en met welke hoogte is nog onderwerp van gesprek. Daarom is besloten de huidige cao ook aan te passen zodat de huidige thuiswerkvergoeding in het komende jaar kan worden gecontinueerd. In deze brief staat een toelichting voor beide onderdelen.

1. Eenmalige uitkering december 2022 Doelgroep Alle medewerkers die op 1 december 2022 een arbeidsovereenkomst hebben op grond van de Cao Gemeenten of Cao SGO, hebben recht op de eenmalige uitkering. Wet banenafspraak Medewerkers die op 1 december 2022 een arbeidsovereenkomst hebben op grond van de Cao Gemeenten of Cao SGO en zijn ingeschaald in salarisschaal A hebben volgens het akkoord ook recht op de eenmalige uitkering. Peilmoment Het peilmoment voor de eenmalige uitkering is 1 december 2022. Een medewerker die op die datum in dienst is, heeft recht op de eenmalige uitkering. De datum van 1 december 2022 dient ook als peildatum voor de omvang van de arbeidsduur (deeltijdfactor) en voor de (functie)schaal waarin de medewerker is ingedeeld. Een medewerker die vóór 1 december uit dienst treedt heeft geen recht op de eenmalige uitkering. Een medewerker die na 1 december in dienst treedt heeft geen recht op een eenmalige uitkering Grondslag Voor deeltijders en voor medewerkers die een arbeidsduur hebben van minder dan 36 uur per week geldt een bedrag van de eenmalige uitkering naar rato van het dienstverband op de peildatum (gebruik van artikel 1.9 cao). Voor medewerkers die meer dan 36 uur werken (artikel 5.1 lid 2 cao) blijft de eenmalige uitkering hetzelfde (dus € 375 of € 750). Ook meerwerk en/of overwerk heeft geen invloed op de eenmalige uitkering.

Pensioengevend De eenmalige uitkering wordt in het jaar 2023 tot het pensioengevend inkomen gerekend. De werkgever merkt de eenmalige uitkering in 2022 op basis van het pensioenreglement aan als een variabele toelage die wordt opgeteld bij het productloon van het volgend kalenderjaar. IKB De eenmalige uitkering telt niet mee in de opbouw van het IKB.

College voor Arbeidszaken / VNG

3/5

Flexkrachten De flexkrachten krijgen de eenmalige uitkering. De Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs (WAADI) en de geldende bepalingen van artikel 16 ABU-cao en artikel 16 NBBU-cao, schrijven voor dat uitzendkrachten recht hebben op eenmalige uitkeringen die bij de inlener (lees: de gemeente en gemeentelijke organisaties) gelden. Voor de payrollmedewerkers is in artikel 2.6 cao afgesproken dat zij een gelijke beloning ontvangen. De eenmalige uitkering valt daaronder. Oproepkrachten De oproepkrachten krijgen de eenmalige uitkering. Voor oproepkrachten is het aantal gewerkte uren in de maand november 2022, rekening houdend met een minimum-urengarantie van 15 uur per maand, leidend voor de maatstaf van de deeltijdfactor voor de betaling van de eenmalige uitkering. Dit betekent dat als een oproepkracht 20 uur gewerkt heeft in november 2022, de oproepkracht 20/156e gedeelte ontvangt van de eenmalige uitkering; en dat als een oproepkracht in november 2022 7 uur gewerkt heeft, de oproepkracht het minimum 15/156 e gedeelte van de eenmalige uitkering ontvangt. Zieke medewerkers en medewerkers met verlof Ook zieke medewerkers die in dienst zijn hebben recht op de eenmalige uitkering. Dit geldt ook voor medewerkers die met (gedeeltelijk) betaald of (gedeeltelijk) onbetaald verlof zijn. De eenmalige uitkering wordt niet gekort als sprake is van loondoorbetaling bij ziekte.

Onderwijzend personeel in de kunsteducatie Ook voor onderwijzend personeel in de kunsteducatie geldt de eenmalige uitkering. Voor oproepkrachten in de kunsteducatie gelden dezelfde regels als genoemd onder “Oproepkrachten”. Tot slot De eenmalige uitkering geldt niet voor: politieke ambtsdragers, BABS’en en ZZP’ers. Cao-tekst eenmalige uitkering De huidige cao 2021-2022 wordt aangepast. In die nieuwe cao-tekst voor 2022 wordt dan - als enige wijziging - de eenmalige uitkering opgenomen. Dat artikel wordt: Artikel 3.28 Eenmalige uitkering december 2022 De werknemer krijgt een eenmalige uitkering in december 2022 als de werknemer in dienst is op 1 december 2022. De eenmalige uitkering is € 750 voor werknemers tot en met schaal 8 (inclusief schaal A). Voor werknemers in schaal 9 en hoger is de eenmalige uitkering € 375.

2. Thuiswerkvergoeding In de gemeentelijke cao’s staat nu een thuiswerkvergoeding voor het jaar 2022. In artikel 3.22A lid 7 is daarbij opgenomen dat de thuiswerkvergoeding geldt van 1 januari 2022 t/m 31 december 2022. Nu de cao-onderhandelingen langer gaan duren, hebben partijen in het LOGA ook gesproken over de thuiswerkvergoeding in de nieuwe cao. Alle partijen zijn het eens dat er een thuisvergoeding blijft. In welke samenstelling en met welke hoogte is nog onderwerp van gesprek.

College voor Arbeidszaken / VNG

4/5

Om organisaties formeel de mogelijkheid te bieden om volgend jaar een thuiswerkvergoeding te kunnen geven, hebben partijen besloten om lid 7 van het huidige artikel 3.22A te schrappen. Daarmee kunnen werkgevers de huidige thuiswerkvergoeding continueren in het nieuwe jaar. De huidige cao 2021-2022 wordt hierop aangepast. Hoe de nieuwe thuiswerkregeling er daadwerkelijk uit gaan zien, blijft dus onderwerp van gesprek in de cao-onderhandelingen voor de nieuwe cao. Met vriendelijke groet, Landelijk Overleg Gemeentelijke Arbeidsvoorwaarden

J. Jongepier Secretaris

College voor Arbeidszaken / VNG

5/5

Aan: Gemeenteraad Via: directe verzending aan de griffier van elke gemeenteraad Via: directe verzending aan alle leden van de vereniging

Betreft: herfstbrief 2022 Nederlandse Vereniging voor Raadsleden

Den Haag, 23 november 2022 Geachte gemeenteraad, Geachte raadsleden! In deze brief informeren wij u wat de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden heeft gedaan in het afgelopen jaar, maar ook wat we de komende periode van plan zijn. Belangenbehartiging en ondersteuning van raadsleden zijn onze belangrijkste taken om de rol en positie van raadsleden, zowel individueel als collectief, te versterken. Want; een sterke raad doet ertoe! De gemeenteraad is gekozen door de inwoners van de gemeente en is als rechtmatige volksvertegenwoordiger degene die de koers van de gemeente bepaalt. Het is daarom belangrijk dat de gemeenteraad een afspiegeling is van inwoners en daarmee gezag heeft bij alle lagen van de bevolking. Een meer diverse samenstelling van de raad draagt bij aan meer representativiteit en draagvlak. De Nederlandse Vereniging voor Raadsleden bevordert de aantrekkelijkheid van het raadswerk en daarmee de toekomst van de lokale democratie. De vereniging gelooft dat investeren in betere en meer ondersteuning van raad en raadsleden van cruciale betekenis is om het raadswerk uit te kunnen blijven voeren als lekenbestuur. Als raadslid kun je écht het verschil maken. Heel veel succes en plezier met deze belangrijke taak.

Hanneke Willemstein, voorzitter Nederlandse Vereniging voor Raadsleden.

Wat deed de vereniging de afgelopen periode voor u en wat gaan we doen? Belangenbehartiging De Nederlandse Vereniging voor Raadsleden behartigt de belangen van alle Nederlandse raadsleden bij ministeries, de Tweede Kamer en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. Wat hebben we het afgelopen jaar gedaan? Reiskosten en parkeerkosten De Nederlandse Vereniging voor Raadsleden voert rechtspositioneel overleg met het ministerie en voert daar het gesprek voor verbeteringen van de regelgeving ten behoeve van raads- en commissieleden. Een belangrijke uitkomst is dat raadsleden en commissieleden niet alleen een vergoeding voor reiskosten binnen de gemeente, maar ook voor dienstreizen buiten de gemeente kunnen krijgen. Deze afspraak heeft terugwerkende kracht tot en met 10 juli 2021. Hou onze website (www.raadsleden.nl) in de gaten voor de meest actuele informatie over de uitvoering van deze regeling, waarover binnenkort en ministeriele circulaire verschijnt of mail ons op: info@raadsleden.nl. Voor raadsleden en commissieleden wordt het mogelijk niet alleen bij gebruik van de eigen auto, maar ook bij gebruik van een fiets of motorfiets aanspraak te maken op vergoeding van gemaakte onkosten. Houd onze website (www.raadsleden.nl) in de gaten waar we de aangepaste rechtspositieregeling – wanneer deze klaar is – publiceren.

Modernisering verlof- en vervangingsregeling Werkdruk en beschikbare tijd om het raadswerk uit te voeren zijn knelpunten voor bijna elk raadslid. Samen met enkele gemeenteraden lobbyen we daarom voor een modernisering van de verlof- en vervangingsregeling. Dat is volgens ons nodig om het raadswerk aantrekkelijk te houden. Zie ook: Minister ziet spanning in combinatie raadswerk, baan en privéleven | Nederlandse Vereniging voor Raadsleden. We weten ons daarbij gesteund door vele tientallen raadsleden en gemeenteraden die hebben aangegeven dat een modernisering gewenst is. Omdat hierbij ook regels in de grondwet in het geding zijn, gaat een modernisering niet vanzelf. Mede onder onze druk heeft de minister besloten advies te vragen aan het Adviescollege Rechtspositie Decentrale Politieke Ambtsdragers. Naar verwachting komt dit college in maart met haar advies. Wil je meer lezen over onze inzet, kijk ook naar onze themapagina rechtspositie: https://www.raadsleden.nl/actueel/themas/rechtspositie Permanent regeling digitaal vergaderen Het ministerie van BZK werkt aan een permanente regeling voor digitaal vergaderen. De Nederlandse Vereniging voor Raadsleden vindt digitaal vergaderen voor (agenda)commissies prima, maar de raadsvergadering dient

in onze ogen fysiek te worden uitgevoerd. Het gaat daarbij niet alleen om het belang van raadsleden maar ook om onze wens dat er tijd en ruimte blijft voor het democratisch debat met de samenleving en dat niet alles onder de noemer van bestuurlijke efficiëntie moet worden gebracht, zie: Fysiek vergaderen moet norm blijven voor gemeenteraad | Nederlandse Vereniging voor Raadsleden Zie ook onze themapagina over digitaal vergaderen: <lees verder> 1 profiel voor de griffier Afgelopen zomer heeft de VNG alle gemeenteraden geïnformeerd voortaan het zogeheten 1 profiel voor de griffier als uitgangspunt te nemen voor het positioneren van de griffier. Wij benadrukken graag -- de oproep die de VNG toen heeft gedaan! Het betreffende profiel is gemaakt in opdracht van de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden omdat we het belangrijk vinden dat de griffier als belangrijkste ondersteuner van de raad een gelijkwaardige positie krijgt in de lokale driehoek met burgemeester en gemeentesecretaris. Samen met de landelijke klankbordgroep werkgeversfunctie willen we de komende tijd gebruiken voor verdere invulling en het bevorderen van het gebruik van dit profiel van de griffier.

Voor meer informatie: https://www.raadsleden.nl/actueel/nieuws/gelijkwaardige-positie-griffier-alsondersteuner-van-de-raad Rekenkamer We hebben als vereniging ons ingezet voor het behoud van raadsleden in de lokale Rekenkamer. Het parlement heeft echter anders beslist, zie: Kamer: Geen raadsleden meer in lokale rekenkamer | Nederlandse Vereniging voor Raadsleden. Op basis daarvan zijn we dit najaar gestart met een project om gemeenteraden te ondersteunen die te maken hebben met het vervangen van raadsleden in de lokale rekenkamer in combinatie met een stappenplan hoe de verbinding tussen raad en rekenkamer het beste kan worden ingevuld. De Nederlandse Vereniging voor Raadsleden vindt het namelijk belangrijk dat de lokale rekenkamer een goed gebruikte hulptroep van de gemeenteraad is en blijft! Omgevingswet De Nederlandse Vereniging voor Raadsleden houdt bij tal van wetten in de gaten wat dat betekent voor de rol en positie van de raad, zoals bij de invoering van de Omgevingswet. De raad heeft daar een belangrijke rol gekregen zodat niet alle bevoegdheden bij het college komen te liggen, vanuit de verantwoordelijkheid van de raad om de positie van inwoners en bedrijven te beschermen.

Daarnaast hebben wij onderzoeken uitgevoerd over de invoering van de Omgevingswet en ervoor gepleit dat deze niet op een moment wordt ingevoerd waarbij het gros van de raadsleden nieuw aantreedt, zie onze bijdrage daarover in de Eerste Kamer: Omgevingswet in

huidige vorm onuitvoerbaar | Nederlandse Vereniging voor Raadsleden. De Omgevingswet is vervolgens uitgesteld en daarna opnieuw uitgesteld. Externe voorzitter raadscommissies De externe voorzitter voor raadscommissievergaderingen biedt verlichting voor het intensieve raadswerk. Wij voeren een lobby zodat na de Tweede Kamer ook de Eerste Kamer hiermee instemt. Greep op regionale samenwerking Grip op regionale samenwerking blijft voor gemeenteraden en raadsleden een lastig onderwerp. Uit ons derde landelijke onderzoek bleek opnieuw dat raadsleden niet of nauwelijks greep hebben op regionale samenwerking, zie: Raadsleden: gemeenschappelijke regelingen hollen positie raad uit | Nederlandse Vereniging voor Raadsleden. Daarnaast hebben we tijdens het VNG Jaarcongres een speciale workshop georganiseerd om goede praktijkvoorbeelden te delen en zijn we op de ALV Raadsacademie in Utrecht gestart hoe we in deze raadsperiode meer grip op regionale samenwerking kunnen organiseren.

Wanneer u wilt meedenken, hoe we als raadsleden eindelijk grip krijgen op regionale samenwerking en verbonden partijen, horen wij dat graag, mail ons op: info@raadsleden.nl Gelijk speelveld voor alle raadsleden De Nederlandse Vereniging voor Raadsleden hecht eraan, als vertegenwoordiger van alle raadsleden, dat alle lokale volksvertegenwoordigers in een positie zitten dat er sprake is van een gelijk financieel speelveld. Daarom heeft de vereniging zich uitgesproken voor ook een subsidie voor lokale partijen, zoals voor landelijke partijen, zie: Raadsleden lokale partijen verdienen gelijk financieel speelveld | Nederlandse Vereniging voor Raadsleden Waarnemer De Nederlandse Vereniging heeft ook aandacht gevraagd voor de rol van de raad bij het ontslag, benoeming en schorsing van de waarnemend burgemeester, zie: Raad gaat ook over benoeming waarnemer | Nederlandse Vereniging voor Raadsleden Belangenbehartiging: wat gaan we doen in 2023? De Nederlandse Vereniging voor Raadsleden heeft een aantal speerpunten in het vizier voor de nieuwe raadsperiode als het gaat om onze agenda op het gebied van belangenbehartiging: • Aantrekkelijkheid van het raadslidmaatschap vergroten want raadswerk is leuk en belangrijk, zie: Raadswerk is leuk én belangrijk | Nederlandse Vereniging voor Raadsleden. • Modernisering van de vervangings- en verlofregeling;

•

•

• • •

Hogere vergoedingen voor raadsleden zodanig dat elk raadslid meer mogelijkheden krijgt om overdag te vergaderen, want het is geen goede ontwikkeling dat raadsleden elke avond vergaderen; Versterken van de rechts- en rolpositie van burgercommissieleden (of een van de andere termen die gebruikt wordt zoals steunfractielid of fractievertegenwoordiger), waaronder een passende vergoeding voor deze burgerleden; Opzetten van een lobby naar werkgevers- en werknemersorganisaties om aandacht te vragen voor de positie van raadsleden in cao’s; Een goede balans vinden voor de wensen op burgerparticipatie en de rol van de raad als vertegenwoordiger van alle inwoners; Aandacht te hebben voor de discussie die wordt gevoerd over de integriteit en belangenverstrengeling van raadsleden en wat dat betekent voor het uitgangspunt van het raadslidmaatschap als lekenbestuur.

Democratieagenda De Nederlandse Vereniging voor Raadsleden heeft een Democratieagenda met als belangrijkste doelen: het versterken van de rol en de positie van de raad (gezag, macht en tegenmacht), de aantrekkelijkheid van het raadslidmaatschap vergroten, en het duurzaam maken (meer diversiteit en inclusiviteit stimuleren) van het raadslidmaatschap als ook de weerbaarheid van raadsleden vergroten. Wat hebben we gedaan? - We hebben online Raadsledencongressen gehouden over het thema macht en tegenmacht van de raad, zie: Opening Klaar voor 4 jaar Tiendaagse terug te kijken | Nederlandse Vereniging voor Raadsleden en Slotgesprek Klaar voor 4 jaar Tiendaagse terug te kijken | Nederlandse Vereniging voor Raadsleden.

- We hebben een Dag voor de Raad gehouden in Amsterdam met de volgende hoofdonderwerpen: De macht en het gezag van de raad, door burgemeester Femke Halsema, zie: Femke Halsema: colleges trekken zich te weinig aan van de raad | Nederlandse Vereniging voor Raadsleden De motieven van de niet-stemmers en het gezag van de raad, door Hans Vollaard: Politicoloog Vollaard: Onderzoek naar de motieven van niet-stemmers | Nederlandse Vereniging voor Raadsleden Tegenmacht van de gemeenteraad, door Harmen Binnema: Raad moet hand in eigen boezem steken bij uitoefenen tegenmacht | Nederlandse Vereniging voor Raadsleden Het gezag van de gemeenteraad, door Gerda van Dijk: Vier gedragskenmerken voor meer wijsheid in de raad | Nederlandse Vereniging voor Raadsleden - We hebben een project Raad in Beweging waarin we goede voorbeelden van burgerparticipatie delen, zie: Deel je ervaringen op Raad in Beweging | Nederlandse Vereniging voor Raadsleden

-

We hebben gesprekken met jonge en vrouwelijke raadsleden en volksvertegenwoordigers met een migrantenachtergrond over de vraag of en hoe zij kunnen en mogen meedoen, meepraten en mee besluiten. Wil je meedoen houdt onze agenda in de gaten en onze nieuwspagina’s met nieuwsberichten, zoals tips voor vrouwelijke raadsleden: Tips voor vrouwelijke raadsleden | Nederlandse Vereniging voor Raadsleden

Speerpunten in Democratieagenda in 2023 en verder? Wat gaan we doen in 2023? De speerpunten van de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden in de Democratieagenda voor de periode 2023-2027 zijn: - Het gezag van de gemeenteraad versterken; - De discussie over macht en tegenmacht in de gemeenteraad voeren; - De aantrekkelijkheid van het raadswerk vergroten door aandacht te geven aan het belang van representatie, diversiteit en inclusiviteit. De Nederlandse Vereniging voor Raadsleden realiseert zich daarbij dat politieke partijen verantwoordelijk zijn voor de rekrutering van raadsleden. - De drie algemene en zes specifieke onderwerpen die als Raadstegels zijn benoemd om tot een sterke raad te komen verder door ontwikkelen en met name daarbij oog te hebben voor de hoe-vraag: hoe kan een raadslid op deze onderwerpen zijn rol en daarmee de rol van de raad versterken? Zie: Hoe word ik een sterke raad? | Nederlandse Vereniging voor Raadsleden - Aandacht voor de ontwikkelingen op het gebied van burgerparticipatie, gericht op een effectieve combinatie van participatieve en representatieve democratie. Agressie, intimidatie en geweld Speciale aandacht hebben we voor de weerbaarheid van de gemeenteraad.

De Nederlandse Vereniging voor Raadsleden maakt onderdeel uit van het Ondersteuningsteam Netwerk Weerbaar Bestuur, want agressie en intimidatie beperkt het vrije optreden van raadsleden, zie: Raadsleden (wethouders en burgemeesters) zwijgen niet langer over agressie, intimidatie en bedreigingen | Nederlandse Vereniging voor Raadsleden. In deze raadsperiode willen wij als Ondersteuningsteam het gesprek voeren met gemeenteraden over het belang om met elkaar als raadsleden te spreken over wat agressie, intimidatie en geweld (fysiek en online) met jou als volksvertegenwoordiger doet. Je krijgt vanuit het Ondersteuningsteam een uitnodiging, maar als je nu al weet dat jouw raad beschikbaar is voor een dergelijk gesprek, mail ons: info@raadsleden.nl Opleiding en toerusting Raadsleden leren het meeste van elkaar, zo weten wij uit ervaring. Daarom faciliteert de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden bijeenkomsten van en voor raadsleden. We doen dat online én met fysieke bijeenkomsten met als doel: kennis vergroten, inzicht en bewustwording over vaardigheden en

competenties en over het belang welke houding wenselijk is om een succesvol raadslid te zijn. Wat hebben we gedaan en wat gaan we doen? Klaar voor 4 jaar-bijeenkomsten en een online Raadsledencongres We hebben vanaf het najaar van 2021 tot de zomer van 2022 een uitgebreid programma met onlinebijeenkomsten gehouden voor kandidaat-raadsleden en nieuwe raadsleden om hen op weg te helpen om een sterke start als raadslid te maken. Raadsacademies Sinds de zomer organiseren we bijeenkomsten (online en fysiek) om raadsleden te helpen hun raadswerk beter te doen. Bekijk hier onze agenda. https://www.raadsleden.nl/actueel/agenda In 2023 blijven we dat doen met speciale bijeenkomsten voor raadsleden die nieuw zijn in de raad om na een jaar raadslidmaatschap met elkaar ervaringen te delen en van elkaar te leren. In de zomer van 2023 willen we ook een (meerdaagse) bijeenkomst houden voor fractievoorzitters in de gemeenteraad over hun rol en bijdrage in de lokale democratie. In 2023 blijven we ook inzetten op kennisbijeenkomsten over specifieke onderwerpen zoals Raad & Klimaat, Raad & gebiedsontwikkeling, Raad & Omgevingswet, Raad & Financiën, Raad & Regio.

Dag voor de Raad We houden op 17 maart 2023 een nieuwe landelijke Dag voor de Raad in Rotterdam, een nieuwe ontmoeting om met elkaar het gesprek te voeren over hoe het gezag van de raad kan worden versterkt, maar ook hoe we omgaan met een belangrijk vraagstuk als werkdruk. Een jaar na de raadsverkiezingen willen we graag met raadsleden en wetenschap bespreken hoe het is gesteld met de macht en tegenmacht van de raad. Werkgeversfunctie We hebben – samen met de Vereniging van Griffiers – enkele tientallen regionale bijeenkomsten gehouden voor de leden van de werkgeverscommissie over hoe de rol als werkgever jegens de griffie ingevuld kan worden. In 2023 zoemen we in op een aantal specifieke taken van de werkgeverscommissie. We zetten daarbij specifiek in op regionale bijeenkomsten met als thema hoe kom je tot een ideale omvang van de griffie. We gebruiken daarvoor ons model, zie: Draaiknoppen om te komen tot ideale omvang raadsgriffie | Nederlandse Vereniging voor Raadsleden Daarnaast gaat de landelijke klankbordgroep met leden van de werkgeverscommissie uit de raad weer van start om belangrijke zaken te agenderen als de gelijkwaardige positie van de griffie in de lokale driehoek met burgemeester en gemeentesecretaris, hoe werkgeverscommissies hun rol

als werkgever het beste kunnen uitvoeren en wat er nodig is om de rol en de positie van de griffie als belangrijkste ondersteuner van de raad te versterken. Interesse? Mail naar: info@raadsleden.nl Ombudsman als hulptroep van de raad We hebben – samen met de Nationale Ombudsman – een zestal regionale bijeenkomsten gehouden over de rol van de Ombudsman en hoe de raad de inzichten van de ombudsman op klachten over het optreden van de gemeente kan gebruiken om de dienstverlening door de lokale overheid te verbeteren. Naar aanleiding van deze serie van bijeenkomsten volgt er binnenkort nog een handreiking ten behoeve van gemeenteraden over de samenwerking met de Ombudsman als hulptroep van de raad. Leeromgeving We hebben in 2022 de Digitale Leeromgeving geactualiseerd. Op 15 november 2022 is de nieuwe Leeromgeving gelanceerd. Voortaan kan elk raadslid een persoonlijke login maken waardoor hij/zij veel gemakkelijker zijn weg kan vinden in deze rijke snoepwinkel vol met video’s, modules, stappenplannen en handreikingen die het raadswerk vergemakkelijken. Klik hier om de leeromgeving te bezoeken: https://academieportal.nl/raadsleden/?toremove=/raadsleden&goback=leero mgeving.raadsleden.nl In 2023 gaan we de Leeromgeving voorzien van nieuwe modules, video’s en handreikingen.

Bovendien willen we graag van u als raadsleden horen wat er nodig is om deze online ondersteuning verder uit te bouwen en te versterken. Opleidingengids Voor het einde van het jaar ontvangen de leden van onze vereniging de nieuwe Opleidingengids 2022. Het thema van deze Opleidingengids: invloed als raadslid. Bovendien is deze Opleidingengids voorzien van een bijlage met een uitgebreid overzicht van trainingen en cursussen. Zie voor de Opleidingengids 2022: opleidingengids_2022_voor_digitaal_gebruik.pdf (raadsleden.nl) Zie voor de Bijlage met een overzicht van opleidingen en trainingen: bijlage_opleidingengids_voor_digitaal_gebruik.pdf (raadsleden.nl) Competentiescan - Wat zijn uw kwaliteiten als raadslid? Op welke punten wilt u zichzelf in deze raadsperiode verder ontwikkelen? Met de gratis competentiescan krijgt u inzicht in uw sterke punten en ontwikkelpunten. U krijgt een persoonlijk advies welke competities uit het profiel voor raadsleden u nog verder kan ontwikkelen en welke trainingen daarbij passen. Houdt de website in de gaten en vul alvast de Competentiescan in! <Doe de competentiescan>

Raadstegels voor een sterke raad We gaan in 2023 en verder aan de slag om invulling te geven aan de drie algemene en zes specifieke thema’s die bepalend zijn hoe je een sterke raad kan worden, zie: https://www.raadsleden.nl/actueel/nieuws/in-negenstappen-naar-een-sterke-raad Onderzoek Om zaken aan de orde stellen, is het belangrijk te weten wat de mening van raadsleden is. De Nederlandse Vereniging voor Raadsleden doet daarom onderzoek naar waar u als raadslid tegenaan loopt en aan welke ondersteuning behoefte is. Wat hebben we gedaan? In de aanloop naar de raadsverkiezingen hebben we diverse onderzoeken onder raadsleden gedaan in samenwerking met diverse media.

Daaronder het onderzoek over de invoeringsdatum van de Omgevingswet (Binnenlands Bestuur: Raadsleden vrezen chaos bij invoering Omgevingswet | Nederlandse Vereniging voor Raadsleden), hoe raadsleden oordelen over agressie en geweld en dat zij het raadswerk minder leuk vinden (NOS: “Bedreiging van raadsleden hoort niet bij democratie" | Nederlandse Vereniging voor Raadsleden) en over hoe raadsleden uit minderheidsgroepen hun positie ervaren (Een Vandaag: Raadsleden minderheidsgroepen ervaren onvoldoende steun | Nederlandse Vereniging voor Raadsleden) en hoe raadsleden de omgangsvormen ervaren in de lokale arena (Een Vandaag: Bijna helft raadsleden: politieke cultuur gemeenteraad verslechterd | Nederlandse Vereniging voor Raadsleden). De Nederlandse Vereniging voor Raadsleden heeft verder dit jaar de volgende onderzoeken uitgevoerd of laten uitvoeren: Rol en positie van de raad De Nederlandse Vereniging voor Raadsleden liet een onderzoek uitvoeren onder de nieuwe raad over de rol en de positie van de raad. Daaruit bleek dat slechts een vijfde deel van de raadsleden de gemeenteraad in de praktijk daadwerkelijk ziet als het hoogste, meest invloedrijke orgaan. Zie: Slechts vijfde deel raadsleden ziet raad als hoogste orgaan | Nederlandse Vereniging voor Raadsleden Dit onderzoek leverde ook andere interessante uitkomsten op.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12112734/1