CConstaterende datVlaardingen
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarrapport 2021

Gemeenteraad 16 juni 2022, gemeente VlaardingenBij agendapunt: Zienswijze begroting 2023Regionale Belasting groep (RBG)16.379 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Jaarrapport 2021

Jaarrapport 2021 Regionale Belasting Groep

pagina 1 van 46

Inhoudsopgave Jaarverslag Voorwoord

3

1.

Inleiding

4

1.1

Programmaverantwoording

9

2.

Paragrafen

9

2.1

Bedrijfsvoering

9

2.2

Financiering

10

2.3

Weerstandsvermogen

11

2.4

Onttrekkingen overige bestemmingsreserves en voorzieningen

14

2.5

Verbonden partijen

16

2.6

Wet normering bezoldiging topfunctionarissen

16

2.7

EMU-saldo

17

2.8

Incidentele lasten en baten

17

Jaarrekening 1.1

Balans

18

1.2

Waarderingsgrondslagen

19

1.3

Toelichting op de balansposten

20

1.4

Exploitatierekening naar programma

29

1.5

Product Belastingheffing

30

1.6

Product Invordering

33

1.7

Exploitatierekening naar kosten- en opbrengstensoorten

38

1.8

Toelichting op de kosten- en opbrengstensoorten

39

Overige gegevens - Controleverklaring

45

- Vaststelling

46

Jaarrapport 2021 Regionale Belasting Groep

pagina 2 van 46

Jaarverslag 2021 Voorwoord Het jaar 2021 gaat de geschiedenisboeken in als het 2e opeenvolgende Coronajaar. We waren in Nederland in het voorjaar nog optimistisch gestemd. Er waren vaccins met een hoge bescherming en langzaam zou het virus minder gaan worden. Echter met de Omikron variant ging een nieuw en zeer besmettelijke virus rond in de wereld. Nederland ging eind 2021 ook weer op slot. Een lockdown werd hier wederom geïntroduceerd en verplicht thuis werken bleef gemeengoed. Bij de RBG is het thuiswerken gedurende het gehele jaar van kracht geweest. Onze productiviteit is niet gedaald ten opzichte van de periode voor Corona. Dat blijkt ook uit onze voortgangsrapportages van het prestatiecontract, waarin RBG-breed verslag wordt gedaan van onze werkzaamheden voor de deelnemers. Goed nieuws was ook dat de post openstaande debiteuren van onze deelnemers is afgenomen met circa € 4 miljoen ten opzichte van het saldo van eind 2020. Deze afname is ook het gevolg van de succesvolle afronding van het project Tegengaan Problematische Schulden in 2021. Gedurende twee jaar hebben wij een groep van 7.000 klanten met problematische schulden met zeer goede resultaten intensief gevolgd en begeleid. In 2021 is tevens ons project Uitvoering Kinderopvangtoeslagenaffaire (KOTA) gestart.

In onze bestuursvergadering van 2 september is besloten dat wij in navolging van het Rijk zullen overgaan tot kwijtschelding van lokale belastingen bij gedupeerden van de toeslagenaffaire. Volgens informatie zijn er ca. 50.000 burgers die zich in Nederland als gedupeerde hebben gemeld bij het Rijk, waarvan er 12.500 geregistreerd zijn in het beheersgebied van de RBG. De Rijksbelastingdienst heeft ons in december geïnformeerd over de eerste afgehandelde aanvragen. In ons gebied zijn 5.763 klanten als gedupeerd aangemeld, die wij ook in december hebben geïnformeerd over de kwijtschelding van de lokale belastingen bij de RBG. Kortom in het jaar 2021, hebben wij weer succesvol onze werkzaamheden uitgevoerd voor de deelnemers. En dat lukt alleen met vakbekwame en gemotiveerde medewerkers. Eind 2021 hebben wij (wederom) via het bureau Effectory onderzoek gedaan naar de waardering van onze medewerkers over de organisatie. Aan dit medewerkers tevredenheidsonderzoek hebben bijna alle medewerkers deelgenomen (respons 98%). Op alle onderdelen scoort de RBG gelijk of hoger dan vorige metingen. Tevens scoren wij op 14 van de 16 rubrieken hoger dan de benchmark (openbaar bestuur en veiligheid), op 1 gelijk aan de benchmark en van 1 rubriek is geen vergelijking mogelijk.

Bij de RBG zijn volgens onze medewerkers de visie en doelen helder, werken wij resultaaten klantgericht en zijn er veel ontwikkelmogelijkheden voor de medewerkers. De medewerkers geven aan dat er een veilige en betrokken cultuur is, waarbij binnen de teams een prettige samenwerking is. Ze ervaren veel vertrouwen en waardering van de leidinggevenden. Er is ook een hoge score op bevlogenheid en mate van zelfstandigheid. Kortom we staan echt aan de top van het klassement van de medewerkers tevredenheidsonderzoeken in onze branche. Aan de top blijven is altijd een moeilijke opgave. Tevreden personeel is een voorwaarde voor tevreden klanten. Daar zullen wij ook in de toekomst met vol enthousiasme voor blijven gaan.

Jaarrapport 2021 Regionale Belasting Groep

pagina 3 van 46

1. Inleiding Financieel resultaat op hoofdlijnen Het resultaat van de bedrijfsvoering voor bestemming is € 783.300 positief, ten opzichte van € 501.000 positief begroot. Na bestemming van diverse geplande toevoegingen en onttrekkingen is het te bestemmen resultaat in totaal € 512.700 negatief. In deze jaarrekening wordt bij de vaststelling een aantal voorstellen gedaan om onttrekkingen en toevoegingen aan reserves te doen. Het saldo van deze onttrekkingen en toevoegingen bedraagt € 1.066.300 en wordt hierna gespecificeerd. Na verwerking van deze posten ontstaat er een positief resultaat van € 553.600. Exploitatierekening RBG 2021 Begroting Primair 2021

Begroting na wijziging 2021

Jaarrekening

Jaarrekening

2021

2020

17.929.800 € 450.000 € € 18.379.800 €

17.363.400 € 449.800 € 144.500 17.957.700 €

17.458.000 443.600

2.421.200 € 450.000 € 361.800 14.724.700 €

15.029.200

Werkelijke lasten projectkosten afschaffing kwijtschelding HHD en HHSK Incidentele lasten Totaal lasten

€ €

18.279.800 € 450.000 €

€

18.729.800 €

Werkelijke baten projectbijdrage afschaffing kwijtschelding HHD en HHSK Incidentele baten Te dekken uit bijdragen deelnemers

€ €

3.272.800 € 450.000 €

€

15.007.000 €

2.922.800 € 450.000 € € 15.007.000 €

Deelnemersbijdragen

€

15.508.000 €

15.508.000 €

15.508.000 €

15.340.000

Totaal resultaat bedrijfsvoering voor bestemming

€

-501.000 €

-501.000 €

-783.300 €

-310.800

- toevoeging aan bestemmingsreserve bedrijfsvoering - toevoeging aan bestemmingsreserve tegengaan problematische schulden - toevoeging aan bestemmingsreserve matchingskosten - toevoeging aan bestemmingsreserve aanbestedingen - toevoeging aan bestemmingsreserve implementatie waarderingssysteem - onttrekking aan bestemmingsreserve huurcompensatie kantoorpand

€

100.000 €

€

550.000 €

€

-149.000 €

100.000 € € 550.000 € € € -149.000 €

100.000 275.000 € 550.000 € 270.000 250.000 -149.000 €

Saldo geraamde toevoegingen en onttrekkingen €

501.000 €

501.000 €

1.296.000 €

601.000

-

-

€

512.700 €

290.200

€ € € € € €

-161.900 -17.700 -63.100 -37.900 -634.700 -151.000

€

-41.900

€ € €

-412.100 -300.100 151.000

Totaal resultaat bedrijfsvoering na bestemming Voorstel bestemmingsreserves - onttrekking aan bestemmingsreserve Aanbestedingen - onttrekking aan bestemmingsreserve Implementatie waarderingssysteem - onttrekking aan bestemmingsreserve bedrijfsvoering - onttrekking aan bestemmingsreserve TPS - onttrekking aan bestemmingsreserve matchingskosten - onttrekking aan bestemmingsreserve thuiswerkvoorziening

€

€

17.901.600 2.422.400 450.000

200.000 550.000

-149.000

Saldo voorgestelde onttrekkingen €

-

€

-

€

-1.066.300 €

-603.100

€ € €

-

€ € €

-

€ € €

-553.400 € -200 € -553.600 €

-306.500 -6.400 -312.900

Totaal resultaat voorstel te bestemmen regulier Totaal resultaat na bestemming kws Totaal resultaat voorstel te bestemmen totaal

Jaarrapport 2021 Regionale Belasting Groep

pagina 4 van 46

Nog te besluiten onttrekkingen en toevoegingen ten laste van het resultaat 2021 (zie vaststelling op blz. 46) Voor een inhoudelijke toelichting op de reserve wordt verwezen naar de toelichting bij de passiva vanaf blz. 24. Reserve “Aanbestedingen” Het betreft een reserve voor implementatie van automatiseringsprojecten na uitgevoerde Europese aanbestedingen. In 2021 is een nieuw contract afgesloten voor een integraal belastinginformatiesysteem en een digitale klantenbalie. De implementatie zal doorlopen tot eind 2022. De aanbesteding voor een nieuw contract voor kantoorautomatisering is in 2021 gestart en zal vermoedelijk halverwege 2022 worden gegund. De implementatie van kantoorautomatisering zal ook in 2022 starten en doorlopen tot in 2023. Stand per 1-1-2021

€ 598.100

Reeds besloten: Onttrekking aan de reserve o.b.v. de jaarrekening 2020 Toevoeging aan de reserve volgens AB besluit 02-12-2021

€ 41.900 -/€ 270.000

Stand per 31-12-2021

€ 826.200

Nog te besluiten:  Onttrekking kosten 2021

€ 161.900

Reserve “Implementatie Waarderingssysteem” Het betreft een reserve voor de implementatie van een nieuw waarderingssysteem dat na een Europese aanbesteding is geselecteerd. De implementatie zal in 2022 plaatsvinden. Stand per 1-1-2021

€ nihil

Reeds besloten: Toevoeging aan de reserve volgens AB besluit 02-12-2021

€ 250.000

Nog te besluiten:  Onttrekking kosten 2021

€ 17.700

Reserve “Matching invorderingsopbrengst” Het betreft een reserve voor vervolgacties na het betekenen van dwangbevelen. Stand per 1-1-2021 Reeds besloten: Onttrekking aan de reserve o.b.v. de jaarrekening 2020 Toevoegen conform begroting 2021

€ 1.100.000 € 300.100 -/€ 550.000

Stand per 31-12-2021 Nog te besluiten:  Onttrekking kosten 2021

€ 1.349.900 € 634.700

De door corona beperkende maatregelen in de jaren 2020-2021 zijn van invloed geweest op o.a. dwangbevelactiviteiten. In 2022 zal naar verwachting een verdere inhaalslag in dwangbevelactiviteiten gemaakt kunnen worden. Jaarrapport 2021 Regionale Belasting Groep

pagina 5 van 46

Reserve “Tegengaan problematische schulden” Het betreft een reserve m.b.t. het project tegengaan problematische schulden. Stand per 1-1-2021

€ 450.000

Reeds besloten: Onttrekking aan de reserve o.b.v. de jaarrekening 2020 Toevoeging aan de reserve volgens AB besluit 02-12-2021

€ 412.100 -/€ 275.000

Stand per 31-12-2021 Nog te besluiten:  Onttrekking kosten 2021

€ 312.900 € 37.900

Het restant van € 275.000 zal in 2022 worden ingezet voor de uitvoering van werkzaamheden m.b.t. de groep klanten met problematische schulden eind 2021. Reserve “Thuiswerkvoorzieningen” Het betreft een reserve t.b.v. aanschaf van laptops voor het in bruikleen geven aan het personeel. Stand per 1-1-2021 Nog te besluiten:  Onttrekking kosten 2021

€ 151.000 € 151.000

De reserve zal na de onttrekking van 2021 worden opgeheven. Reserve “Bedrijfsvoering” Het betreft een reserve voor de uitvoering van diverse kleine projecten Stand per 1-1-2021 Nog te besluiten:  Onttrekking kosten 2021

€ 100.000 € 63.100

Het restant zal worden ingezet voor kleine projecten in de bedrijfsvoering in 2022.

Jaarrapport 2021 Regionale Belasting Groep

pagina 6 van 46

Terugstorten positief resultaat naar deelnemers Het resultaat na bestemming (€ 553.400) zal worden teruggestort naar de deelnemers. Hiervan wordt conform de kostenverdeling 12,0% toebedeeld aan de gemeente Delft, 8,2% aan de gemeente Vlaardingen, 8,4% aan de gemeente Schiedam en 71,4% aan de waterschappen. Conform bestuurlijke afspraken wordt het aandeel van 71,4% in de verhouding 2/3 voor Delfland en 1/3 voor Schieland en de Krimpenerwaard verdeeld. Het resultaat na bestemming kwijtschelding wordt verdeeld op basis van de werkelijke uitvoeringskosten 2021 van de afschaffing kwijtschelding zuiveringsheffing van Delfland en Schieland en de Krimpenerwaard. Het voorstel is om de volgende bedragen over 2021 terug te storten: regulier

projec t

resultaat

resultaat

totaal resultaat

Delft

€

66.400

€

Vlaardingen

€

45.400

€

Sc hiedam

€

46.500

Delfland

€

263.400

Sc hieland en de Krimpenerwaard

€ €

€

66.400 * 45.400 * 46.500 *

100 100

€

263.500

131.700

€ €

€

131.800

553.400

€

200

€

553.600

* De gemeenten worden separaat geïnformeerd over hun aandeel in de doorschuif btw. Belastingopbrengsten deelnemers In totaal is in het boekjaar 2021 een hogere netto-belastingopbrengst 2021 van ca. € 6,7 miljoen opgelegd en tevens is € 3,6 miljoen meer over voorgaande jaren gerealiseerd, dan waarmee door de deelnemers in hun begroting rekening was gehouden. De posten oninbaar van de belastingopbrengsten van de deelnemers zijn ten opzichte van de begroting lager vanwege een afname van de post dubieuze debiteuren. Deels veroorzaakt door een goed betaalgedrag door klanten ten tijde van corona en in belangrijke mate door de succesvolle afronding van ons project tegengaan problematische schulden. Tevens zijn met name bij de twee waterschappen de werkelijke kosten van kwijtschelding lager dan de begrote bedragen voor 2021. De belastingopbrengsten per deelnemer zijn in het volgende overzicht weergegeven.

Jaarrapport 2021 Regionale Belasting Groep

pagina 7 van 46

geraamd

werkelijk

werkelijk

verschil

2021

2021

2020

geraamd - rek 2021

HHD Bruto-OPBRENGST

€

247.177.400

€

245.342.400

€

248.134.528

€

-1.835.000

-/- kwijtschelding

€

-8.260.400

€

-6.644.400

€

-7.405.800

€

1.616.000

-/- oninbaar

€

-4.266.400

€

-2.946.400

€

-3.673.900

€

1.320.000

Netto-OPBRENGST

€

234.650.600

€

235.751.600

€

237.054.828

€

1.101.000

Opbrengst voorgaande jaren

€

-929.266

€

-491.800

€

1.456.500

€

437.466

Bruto-OPBRENGST

€

98.421.186

€

99.312.300

€

98.030.300

€

891.114

-/- kwijtschelding

€

-2.880.443

€

-2.608.600

€

-2.787.400

€

271.843

-/- oninbaar

€

-1.225.880

€

-719.300

€

-908.900

€

506.580

Netto-OPBRENGST

€

94.314.863

€

95.984.400

€

94.334.000

€

1.669.537

Opbrengst voorgaande jaren

€

177.207

€

715.200

€

1.685.900

€

537.993

Bruto-OPBRENGST

€

55.903.000

€

57.329.000

€

56.085.300

€

1.426.000

Bruto-OPBRENGST Leges ed.

€

2.805.000

€

4.141.051

€

6.585.423

€

1.336.051

-/- kwijtschelding

€

-1.853.500

€

-1.746.200

€

-1.782.267

€

107.300

-/- oninbaar

€

€

-248.575

€

-250.881

€

-248.575

Netto-OPBRENGST

€

56.854.500

€

59.475.276

€

60.637.576

€

2.620.776

Opbrengst voorgaande jaren

€

-513.299

€

1.305.207

€

312.194

€

1.818.506

Bruto-OPBRENGST

€

38.119.565

€

38.750.800

€

36.655.200

€

631.235

Bruto-OPBRENGST Leges ed.

€

2.747.282

€

2.200.207

€

2.374.524

€

-547.075

-/- kwijtschelding

€

-1.082.817

€

-1.083.500

€

-1.041.200

€

-683

-/- oninbaar

€

-226.869

€

-216.300

€

-385.679

€

10.569

Netto-OPBRENGST

€

39.557.161

€

39.651.207

€

37.602.845

€

94.046

Opbrengst voorgaande jaren

€

-212.815

€

271.556

€

551.068

€

484.371

Bruto-OPBRENGST

€

39.072.320

€

39.853.100

€

38.024.600

€

780.780

Bruto-OPBRENGST Leges ed.

€

1.493.659

€

2.005.301

€

1.679.258

€

511.642

-/- kwijtschelding

€

-1.166.950

€

-1.128.700

€

-1.122.004

€

38.250

-/- oninbaar

€

-314.708

€

-456.300

€

-369.388

€

-141.592

Netto-OPBRENGST

€

39.084.321

€

40.273.401

€

38.212.466

€

1.189.080

Opbrengst voorgaande jaren

€

-391.700

€

-91.943

€

-252.478

€

299.757

HHSK

Delft

-

Vlaardingen

Schiedam

totaal RBG

geraamd 2021

werkelijk 2021

werkelijk 2020

verschil

Bruto-OPBRENGST

€

485.739.412

€

488.934.159

€

487.569.132

€

3.194.747

-/- kwijtschelding

€

-15.244.110

€

-13.211.400

€

-14.138.670

€

2.032.710

-/- oninbaar

€

-6.033.857

€

-4.586.875

€

-5.588.748

€

1.446.982

Netto-OPBRENGST

€

464.461.445

€

471.135.883

€

467.841.714

€

6.674.438

Opbrengst voorgaande jaren

€

-1.869.873

€

1.708.219

€

3.753.184

€

3.578.092

Jaarrapport 2021 Regionale Belasting Groep

pagina 8 van 46

1.1 Programmaverantwoording De RBG hanteert één programma, namelijk het programma Heffen en Invorderen van belastingen. Binnen dit programma zijn de producten Belastingheffing en Invordering opgenomen. De uitwerking van dit programma en haar producten is in de jaarrekening verwerkt in de hoofstukken 1.5 en 1.6.

2. Paragrafen In de verslaggevingsvoorschriften worden diverse paragrafen voorgeschreven. De op de RBG van toepassing zijnde paragrafen worden hierna toegelicht.

2.1

Bedrijfsvoering

Algemeen Door de deelnemers worden eisen aan onze dienstverlening gesteld. Deze zijn opgenomen in het prestatiecontract. De deelnemers zijn door middel van een vast rapportageschema op de hoogte gehouden van de verrichte dienstverlening in 2021. In de bestuurlijke vergaderingen en de ambtelijke accounthouders overleggen is op basis van de vier kwartaalrapportages periodiek gerapporteerd over de resultaten van de afspraken in het prestatiecontract. Bestuursvergaderingen Het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur hebben in 2021 respectievelijk 3 en 6 keer vergaderd. Naast de vaststelling van de begroting 2022 en de jaarrekening 2020 waren de belangrijkste onderwerpen: -

financiële scenario’s en invorderingsactiviteiten gerelateerd aan de coronacrisis verzamelwet hersteloperatie toeslagen kaderbrief 2022 interne begrotingswijziging 2021 project tegengaan problematische schulden voortgang Europese aanbestedingen toegankelijkheid website normenkader 2021 besluit informatiebeheer gewijzigd inkoop- en aanbestedingsreglement jaarrapportage behandeling klachten 2020 Jaarrapportage 2020 interne controle en controleplan 2021 jaarrapportage 2020 AVG en informatiebeveiliging

Missie en visie RBG 2.0 We willen onderscheidend zijn op het gebied van heffen en invorderen van lokale belastingen. Het visiedocument ‘De RBG 2.0 onderscheidend in Belastingen’ vormt voor de periode 2019-2024 de basis voor onze veranderingen. We richten ons op vier veranderlijnen: - Wij sturen op kwaliteit en zijn klantgericht. - Wij willen op een maatschappelijk verantwoorde, eigentijdse en pragmatische wijze onze taak uitvoeren. - Wij hebben bevlogen en vakkundige medewerkers. - Wij optimaliseren de schaalvoordelen van de organisatie door samenwerking met andere belastingsamenwerkingen en stimuleren groei vanuit maatschappelijk oogpunt.

Jaarrapport 2021 Regionale Belasting Groep

pagina 9 van 46

Klanten en deelnemers moeten erop kunnen vertrouwen dat de RBG juiste, tijdige en betrouwbare aanslagen oplegt en dat de inning goed verloopt. Een goede kwaliteit van geleverde diensten is een voorwaarde voor een klantgerichte organisatie. We zullen onze klant altijd centraal stellen. Als klanten vragen hebben, kunnen ze via diverse kanalen contact opnemen met de RBG en worden ze snel en deskundig geholpen. We willen dat klanten een positief gevoel overhouden als zij aan de dienstverlening van de RBG denken. Om dit te bereiken, hebben wij continu aandacht voor vernieuwing van onze werkprocessen. We maken gebruik van de mogelijkheden die ontwikkelingen op het gebied van digitalisering, data en dienstverlening bieden. De mogelijkheden voor selfservice via digitale diensten worden verder uitgebouwd. We zijn op zoek naar beproefde (nieuwe) methoden en technieken die onze uitvoering kunnen verbeteren. Ook investeren we in bevlogen en vakkundige medewerkers, deze zijn voorwaardelijk om tevreden klanten en deelnemers te hebben. We willen een aantrekkelijke werkgever zijn die medewerkers een uitdagende werkomgeving biedt. Daarnaast blijft de intentie van de RBG om te groeien.

Wij hebben met ons managementteam in 2021 een tussentijdse evaluatie gedaan van onze vorderingen in de bovenstaande 4 veranderlijnen, waarin wij concludeerden dat wij goed op weg zijn in de realisatie van de beoogde visie.

2.2

Financiering

Algemeen De Regionale Belasting Groep (RBG) is een gemeenschappelijke regeling van de hoogheemraadschappen van Delfland en van Schieland en de Krimpenerwaard en de gemeenten Delft, Vlaardingen en Schiedam. De RBG conformeert zich voor de financiële rapportages aan het Waterschapsbesluit (BBVW). Voor het aantrekken van vreemd vermogen/rekening-courantkredieten is de RBG gehouden aan de financieringsvoorschriften zoals die zijn vastgesteld in de “Wet financiering decentrale overheden” (Wet Fido) en het treasurystatuut RBG. Leningen De RBG heeft één 10-jaars annuïtaire lening lopen bij de Nederlandse Waterschapsbank (NWB) tegen een rentepercentage van 1,88%. De nominale waarde van de lening is € 1,7 miljoen en deze is gebruikt voor de financiering van de verbouwing van het kantoorpand in Schiedam in 2014. De Wet Fido heeft tot doel het bevorderen van een solide financiering en kredietwaardigheid van de decentrale overheden. Daarvoor staan twee instrumenten ter beschikking:  de kasgeldlimiet ten behoeve van de beperking van het renterisico in geval van financiering met kort geld (< 1 jaar);  de renterisiconorm ten behoeve van de beperking van het renterisico in geval van financiering met lang geld (> 1 jaar). Kasgeldlimiet 2021 De kasgeldlimiet geeft aan tot welk bedrag lagere overheden hun activiteiten met kort geld mogen financieren.

Voor gemeenschappelijke regelingen is de norm bepaald op 8,2% van het begrotingstotaal. Voor het begrotingsjaar 2021 was dit: 8,2% van € 18.379.800 = € 1.507.000 (afgerond). Deze limiet is in 2021 niet overschreden. De RBG heeft een rekening-courantverhouding met de NWB van maximaal € 1.306.000. Renterisiconorm De renterisiconorm bindt de looptijd van leningen aan een minimum. De Wet Fido omschrijft deze norm als maximale herfinanciering van bestaande leningen van 20% per jaar voor gemeenschappelijke regelingen. Voor de RBG is de maximale renterisiconorm berekend op € 340.000 (20% van € 1,7 miljoen). Jaarrapport 2021 Regionale Belasting Groep

pagina 10 van 46

In 2021 bedroeg de verplichte aflossing € 174.600 en zijn er geen leningen in portefeuille met renteherziening, zodat ruim onder de renterisiconorm is gebleven. Liquiditeitspositie De exploitatiekosten worden voor een belangrijk deel gefinancierd uit de bijdrage van de deelnemers. Deze bijdrage wordt per kwartaal ontvangen van de deelnemers en is gebaseerd op de liquiditeitsprognose van de begroting. Risicobeheer De RBG zal alleen geld aantrekken voor haar uitvoeringstaak. Dit betekent dat alleen financiering plaatsvindt voor activiteiten die door het bestuur zijn goedgekeurd. Er vindt geen uitzetting van gelden plaats en er wordt geen gebruik gemaakt van financiële instrumenten (derivaten, opties en dergelijke). Het risicobeleid is erop gericht toekomstige risico’s inzichtelijk te maken en te beheersen. De belastingopbrengsten die de RBG int voor haar deelnemers vallen buiten de financieringsparagraaf (zie ook het treasurystatuut van de RBG). De inningsrekeningen die de RBG beheert, worden dagelijks afgeroomd naar de deelnemers.

2.3

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

De RBG loopt bij het uitoefenen van haar taken risico’s. Onder risico wordt in deze paragraaf verstaan de kans dat een onzekere gebeurtenis plaatsvindt, waarbij schade ontstaat en waarvan de verwachte financiële omvang van de schade nog niet is vast te stellen. De RBG is bekend met de risico’s die gelopen worden bij de uitvoering van de werkprocessen. Op een groot aantal onderdelen zijn maatregelen getroffen om deze risico’s tot een minimum te beperken. Dat is vooral gebeurd waar de risico’s het grootst (kans en impact) zijn. Op basis van een risico-inventarisatie in de processen en een inventarisatie van beveiligingsrisico’s worden de beheersmaatregelen periodiek onderzocht en zo nodig aangescherpt. Voor het opvangen van eventuele tegenvallers is geen weerstandsvermogen beschikbaar gesteld door de deelnemers. In het algemeen bestuur van 26 april 2018 is naar aanleiding van een discussienota besloten voorlopig geen eigen weerstandsvermogen voor de RBG in te stellen. Positieve rekeningresultaten worden teruggestort naar de deelnemers. Voor tegenvallers in de exploitatierekening kan de post onvoorzien van de exploitatiebegroting worden ingezet.

Op grond van artikel 32, derde lid, van de Gemeenschappelijke regeling RBG, zijn de deelnemers verplicht er zorg voor te dragen dat de RBG te allen tijde beschikt over voldoende middelen om aan al haar verplichtingen jegens derden te kunnen voldoen. Dit betekent dat de deelnemers zelf maatregelen moeten treffen om eventuele risico’s af te dekken. Met betrekking tot de jaarrekening onderkennen wij de volgende financiële risico’s: 1. Claims van derden De RBG is verzekerd tegen aansprakelijkheid door derden. Daarnaast kunnen in bepaalde gevallen ook claims door derden worden ingediend die niet onder de aansprakelijkheidsverzekering vallen. Claims van derden kunnen betrekking hebben op claims wegens aansprakelijkheid door onzorgvuldig handelen. 2. Escalatieregeling vermoeden misstand Het doel van de regeling is om te voorkomen dat er - ambtelijk of bestuurlijk – misstanden binnen de RBG zijn die de (financiële) belangen van de RBG (en daarmee van de deelnemers) kunnen schaden. Bij misstanden kan bijvoorbeeld gedacht worden aan fraude, disfunctioneren of niet integer handelen van medewerkers of bestuurders. Het belangrijkste Jaarrapport 2021 Regionale Belasting Groep

pagina 11 van 46

in dit soort situaties is: het vroegtijdig signaleren van de misstand of het conflict. De ‘Escalatieregeling Vermoeden Misstand’ voorziet hierin. Als het gaat om het vermijden van financiële risico’s kan ook de controller een rol spelen. Vanuit zijn onafhankelijke positie en specifieke adviesfunctie kan hij een eigen bijdrage leveren aan het voorkomen van situaties die de (financiële) belangen van de RBG en daarmee de belangen van de deelnemers kunnen schaden. Daarom is de rol en positie van de controller in onze organisatie expliciet vastgelegd in de ‘Regeling controller’. 3. Frauderisicoanalyse Onder frauderisico verstaan we: het risico dat met opzet handelingen worden verricht, door eigen personeel of derden, waardoor de RBG en daarmee de deelnemers financiële schade oplopen. Er zijn grofweg een tweetal onderdelen in de RBG-organisatie waar fraude aan de orde zou kunnen zijn: het belastingproces en de financiële administratie. De RBG heeft mogelijke situaties waarin fraude zich voor zou kunnen doen geïnventariseerd en maatregelen beschreven om de risico’s op fraude tot een minimum te beperken. De frauderisico-analyse is onderdeel geworden van het risicomanagement. 4. Integriteit De RBG besteedt nadrukkelijk aandacht aan het thema integriteit. De (her)invoering van de ambtseed heeft vanaf 2015 plaatsgevonden en maakt nu vast onderdeel uit van het integriteitsprogramma.

Alle medewerkers doen jaarlijks mee aan workshops of e-learnings, waar diverse dilemma’s worden besproken en de medewerkers worden geconfronteerd met fraudegevoelige situaties. 5. Informatiebeveiliging en privacy Vanwege de grote afhankelijkheid van een goed functionerende ICT-infrastructuur en de eisen (ook door derden) die aan de betrouwbaarheid daarvan worden gesteld, heeft de RBG een informatiebeveiligingsbeleid vastgesteld. In dit plan zijn maatregelen opgenomen die noodzakelijk zijn (en soms ook wettelijk verplicht) om een betrouwbare werking van onze informatiesystemen zoveel mogelijk te garanderen. Onderwerpen zoals o.a. beveiliging van de toegang, privacy persoonsgegevens, DigiD- beveiligingscertificaat en certificering van onze leveranciers komen in dit beleid aan de orde. De RBG heeft een systeem voor informatiebeveiliging. Dit Information Security Management System (ISMS) bestaat voor een deel uit IT-onderdelen. Daarnaast komen gedrag van medewerkers, standaardprocedures en bedrijfsrichtlijnen aan de orde. Het ISMS is gekoppeld aan de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO). Dit systeem is voor de meeste urgente maatregelen geïmplementeerd en zal in 2022 verder worden ingericht. Door het inrichten van een ISMS en het uitvoeren van verplichte activiteiten, kan de RBG ook aantonen dat het aandacht besteedt aan informatiebeveiliging.

In het privacybeleid is rekening gehouden met de bepalingen uit de Wet Meldplicht Datalekken en de Europese Algemene verordening gegevensbescherming (AVG). Binnen de RBG wordt naast het implementeren van diverse maatregelen veel aandacht besteed aan bewustwording bij het personeel hoe om te gaan met de bescherming van persoonsgegevens. Tevens wordt aandacht besteed aan Data Protection Impact Assessments (DPIA). Een DPIA geeft inzicht in de risico’s die een verwerking oplevert voor betrokkenen en in de maatregelen die de RBG moet nemen om die risico’s af te dekken. 6. ICT-audit en DiGiD-assesment In het belang van een goed ingerichte en beveiligde automatiseringsomgeving wordt periodiek een ICT-audit uitgevoerd op de afgesproken ICT- beheersingsmaatregelen. In 2021 is vooral gewerkt aan de interne en zelfcontrole binnen de RBG op ICT-maatregelen. Deloitte Risk Department zal in 2022 wederom een externe controle uitvoeren. Een goedgekeurde IT-audit draagt bij aan een efficiëntere controle door onze accountant en geeft een goed beeld hoe risico’s in beheersmaatregelen zijn afgedekt of verbeterd moeten worden.

Jaarrapport 2021 Regionale Belasting Groep

pagina 12 van 46

Een DigiD ICT-beveiligingsassessment is een controle van de betrouwbaarheid van een webapplicatie. Deze controle is gericht op het volledige stelsel van maatregelen en procedures. Via DigiD kunnen burgers via onze digitale balie (MijnRBG) met een beveiligde verbinding toegang krijgen. Deze toegang moet veilig en betrouwbaar zijn. In het assessment wordt getoetst of we aan de eisen voldoen. De RBG heeft in 2021 wederom een goedkeuring ontvangen. 7. Corona Algemeen Door het kabinet zijn in de jaren 2020 en 2021 veel maatregelen ingesteld in het kader van de bestrijding van het coronavirus. Voor de begroting 2020 is een officiële begrotingswijziging voor het jaar 2020 opgesteld, waarin rekening is gehouden met de financiële gevolgen van de coronacrisis voor de exploitatiebegroting 2020 van de RBG en is de deelnemersbijdrage aangepast. Voor het begrotingsjaar 2021 is een interne begrotingswijziging gemaakt en zijn de financiële gevolgen van corona opgevangen binnen de begroting 2021. Hierdoor is de deelnemersbijdrage niet aangepast. In 2021 is, net als in 2020, periodiek gerapporteerd over de mogelijke financiële gevolgen voor de deelnemers voor de heffing en invordering van de belastingen als gevolg van het coronavirus. Daling opbrengst dwanginvordering De inkomstenpost opbrengst dwanginvordering van de RBG is ten opzichte van het laatste niet-corona jaar 2019 fors gedaald.

Het meest concreet is de daling van de renteopbrengst. Het kabinet heeft de invorderingsrente vanaf 23 maart 2020 verlaagd van 4% naar 0,01%. Deze verlaging zal in fases in de komende jaren worden teruggedraaid en stapsgewijs worden verhoogd. In de begroting 2023 zal hiermee ook rekening worden gehouden. Invordering RBG (maatwerk) In 2021 is het betaalgedrag van de klanten wederom (ondanks de coronacrisis) goed gebleven. De cashflow naar onze deelnemers is in 2021 goed verlopen. Onze inspanningen om de betalingen te blijven ontvangen, zijn steeds gericht geweest op het vroegtijdig benaderen van de klanten en te zorgen voor een passende betalingswijze (het bieden van maatwerk per klant). Het klantcontact via de deurwaarders is in 2021 in de lockdownperiode ook achterwege gebleven. We hebben (proactief) zelf de klanten gebeld en/of gemaild. Dit hebben wij met name voor de groep ondernemers gedaan. In eerste instantie kunnen ze altijd uitstel van betaling aanvragen. De nieuwe manier van incasseren is arbeidsintensief, maar we konden dit toch op een goede wijze uitvoeren met de bestaande formatie van de RBG. We hebben eind 2021, na de afronding van ons project problematische schulden, wel een team speciaal beheer van 5 fte ingevoerd, die zich met name bezig zullen houden met de schuldbegeleiding van klanten met problematische schulden.

Huisbezoeken zijn hierin ook effectief om op een goede wijze de eerste contacten te krijgen met de klant.

Jaarrapport 2021 Regionale Belasting Groep

pagina 13 van 46

2.4

Onttrekkingen overige bestemmingsreserves en voorzieningen

De volgende onttrekkingen en/of toevoegingen aan reserves en voorzieningen hebben conform begroting 2021 of conform besluitvorming van het algemeen bestuur in 2021 plaatsgevonden. Bestemmingsreserve Reserve “Uitbreiding samenwerking gemeenschappelijke regeling” Deze bestemmingsreserve is ingesteld ter dekking van projectkosten voor een nieuwe gemeentelijke samenwerking. Stand per 1-1-2021 Uitgaven 2021

€ 71.800 €

nihil

Stand per 31-12-2021

€ 71.800

In 2021 zijn geen kosten ten laste van deze reserve gebracht in het kader van de uitbreiding van de samenwerking met nieuwe gemeenten. Hoewel er in 2021 met een kandidaat gemeente diverse verkennende gesprekken hebben plaatsgevonden, is er geen besluitvorming geweest over een mogelijke toetreding van een nieuwe deelnemer. Reserve “Huurcompensatie kantoorpand Schiedam” Bij de vaststelling van de jaarrekening 2014 heeft het algemeen bestuur de bestemmingsreserve huurcompensatie kantoor Schiedam ingesteld. Het totaal van de reserve zal evenredig over de looptijd van de huurovereenkomst vrijvallen aan de exploitatie. In de huurovereenkomst (looptijd tot juni 2024) voor het kantoorpand Schiedam is de RBG met de gemeente Schiedam een huurcompensatie van 43,5 maand overeengekomen. Het gehele bedrag is ontvangen. Stand per 1-1-2021 Onttrekking aan de reserve conform begroting 2021

€ 509.200 € 149.000 -/-

Stand per 31-12-2021

€ 360.200

Reserve “Aanbestedingen” Betreft de voorbereidingen en implementaties van diverse aanbestedingen. Stand per 1-1-2021 Onttrekking aan de reserve o.b.v. de jaarrekening 2020 Toevoeging aan de reserve volgens AB besluit 02-12-2021 Stand per 31-12-2021

€ 598.100 € 41.900 -/€ 270.000 € 826.200

In 2021 is een nieuw contract afgesloten voor een integraal belastinginformatie systeem en een digitale klantenbalie. De implementatie zal doorlopen tot eind 2022. De aanbesteding voor een nieuw contract voor kantoorautomatisering is in 2021 gestart en zal vermoedelijk halverwege 2022 worden gegund. De implementatie van kantoorautomatisering zal ook in 2022 starten en in 2023 doorlopen.

Jaarrapport 2021 Regionale Belasting Groep

pagina 14 van 46

Reserve “Implementatie Waarderingssysteem” Stand per 1-1-2021 Toevoeging aan de reserve volgens AB besluit 02-12-2021 Stand per 31-12-2021

€ nihil € 250.000 € 250.000

Deze reserve is ingesteld voor de implementatie van het nieuwe waarderingssysteem Ortax. De implementatie van het waarderingssysteem loopt tot en met het jaar 2022. Reserve “Tegengaan problematische schulden” Het betreft een bestemmingsreserve om een groep klanten te ondersteunen bij het tegengaan van problematische schulden. Stand per 1-1-2021 Onttrekking aan de reserve o.b.v. de jaarrekening 2020 Toevoeging aan de reserve volgens AB besluit 02-12-2021 Stand per 31-12-2021

€ 450.000 € 412.100 -/€ 275.000 € 312.900

De uitvoering van dit project heeft het inzicht gegeven dat klanten met meerdere onbetaalde belastingaanslagen vrijwel altijd in een problematische schuldpositie zitten. De oorzaken hiervan zijn divers en vereisen een individuele en intensieve aanpak. Cruciaal is om met deze klanten in contact te komen. Via huisbezoeken is het mogelijk om schuldbegeleiding te geven, vertrouwen te creëren en afspraken te maken die leiden tot schuldafname (reële betalingsafspraak i.c.m. de betalingscapaciteit). Veelal blijft het niet bij één contact, de begeleiding moet herhaaldelijk plaatsvinden om de betaalafspraken na te komen. De uitgaven voor de eerste groep klanten zijn binnen het beschikbare budget gebleven. Om de activiteiten in 2022 in het kader van het tegengaan schulden voor een nieuwe groep klanten met problematische schulden te kunnen voortzetten, is (extra) budget beschikbaar gesteld van € 275.000 in het algemeen bestuur van december 2021. Reserve “Matchingskosten” Het betreft een reserve m.b.t. de vervolgacties van vooral dwangbevelopbrengsten die in een toekomstig belastingjaar plaatsvinden: het zogenaamde „matching-principe”. In de tariefstelling van de kosten (waaronder die van het dwangbevel per post) is hier rekening mee gehouden. Immers, het versturen van het dwangbevel is eenvoudig administratief te realiseren.

Vanuit deze opbrengst moet ook het werk ter voorbereiding en uitvoering van een hernieuwde betekeningsronde gedekt worden. Stand per 1-1-2021 Onttrekking aan de reserve o.b.v. de jaarrekening 2020 Toevoegen conform begroting 2021

€ 1.100.000 € 300.100 -/€ 550.000

Stand per 31-12-2021

€ 1.349.900

Jaarrapport 2021 Regionale Belasting Groep

pagina 15 van 46

Reserve “Thuiswerkvoorziening” Stand per 1-1-2021 Toevoegen aan de reserve o.b.v. de jaarrekening 2020

€ nihil € 151.000

Stand per 31-12-2021

€ 151.000

Het betreft de aanschaf van laptops voor personeel ter ondersteuning van het hybride werken. Reserve “Bedrijfsvoering” Het betreft een reserve voor de uitvoering van diverse kleine projecten Stand per 1-1-2021 

geraamde toevoeging/onttrekking

€ 100.000 € nihil

Stand per 31-12-2021

€ 100.000

Het restant zal worden ingezet voor kleine projecten in de bedrijfsvoering in 2022. Voorzieningen Naast de voorziening dubieuze invorderingsdebiteuren heeft de RBG drie voorzieningen voor arbeidsgerelateerde verplichtingen. Eén voorziening is ter dekking van mogelijke aanspraak op WW-uitkering. Een tweede voorziening is ingesteld om de kosten van toekomstige jubileumverplichtingen van het huidige personeel op te vangen. De derde voorziening is ingesteld voor het gekochte IKB-verlof door personeel RBG. Zie voor een nadere toelichting en specificatie van de voorzieningen de toelichting op de passiva (blz.26).

2.5

Verbonden partijen

Vanuit het publiek belang kunnen banden worden aangegaan met derden, de zogenaamde verbonden partijen. Als de RBG hierbij een bestuurlijk en/of een financieel belang heeft, is er sprake van een verbonden partij. Momenteel heeft de RBG geen verbonden partijen. De RBG is lid van de werkgeversvereniging waterschappen om de cao voor waterschappen van toepassing te kunnen verklaren. Het lidmaatschap is ingegaan per 1 januari 2019. Lid worden van de werkgeversvereniging was een keuze van elk waterschap en elke sectorvolger (de RBG is een sectorvolger). Een vereniging wordt gevormd door leden die ambitie en doelstellingen delen en verwachten deze gezamenlijk beter te kunnen realiseren dan ieder voor zich.

2.6

Wet normering bezoldiging topfunctionarissen

Het doel van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) is het voorkomen van ongewenst hoge beloningen in de publieke en semipublieke sector. De WNT verplicht organisaties in de publieke sector in hun jaarverslag de jaarlonen van (top)functionarissen te vermelden. De WNT verbiedt dat organisaties aan haar topfunctionarissen salarissen uitbetalen die hoger zijn dan 100% van het gemiddelde jaarloon van een minister. In totaal betreft dit voor 2021 een bedrag van afgerond € 209.000 (de som van jaarloon, sociale premies en variabele vergoedingen). In de toelichting op de exploitatierekening naar kosten en opbrengstensoorten wordt een opgave gedaan van de functionarissen die onder de WNT vallen. Jaarrapport 2021 Regionale Belasting Groep

pagina 16 van 46

2.7

EMU-saldo

De RBG is niet gehouden aan de EMU-regels. De effecten van de RBG behoren tot uitdrukking te komen in de individuele bijdragen aan de RBG in de begrotingen en jaarrekeningen van de deelnemers.

2.8

Incidentele lasten en baten

Conform artikel 4.30 van het Waterschapsbesluit (BBVW), dient inzicht te worden gegeven in de incidentele baten en lasten. Dit is één van de toezichtcriteria die de provincie gebruikt om te bepalen of een organisatie materieel en financieel in evenwicht is. Hiervan is sprake als de structurele baten en lasten in evenwicht zijn. Voor een juist beeld van de financiële positie worden daarom de incidentele componenten uit het saldo geëlimineerd (zie in de jaarrekening onder kosten- en opbrengstensoorten). In 2021 waren er de volgende incidentele baten: Kinderopvangtoeslagaffaire Als gevolg van de hersteloperatie toeslagen kinderopvang heeft de RBG namens haar deelnemers belastingschulden kwijtgescholden en/of terugbetaald in 2021. Wij krijgen van de Belastingdienst door middel van periodieke aanleveringen de namen van de (getoetste) gedupeerden. In 2021 hebben wij 5.800 gedupeerde klanten aangeleverd gekregen. De volledige afwikkeling van de hersteloperatie kan tot en met 2024 doorlopen. In totaal dienen nog ruim 6.000 gedupeerden te worden beoordeeld door de Belastingdienst per 3112-2021. De effecten op de opbrengsten van de deelnemers zijn in de specifieke belastingverantwoordingen inclusief accountantsverklaring aan de deelnemers verantwoord. De effecten voor deze exploitatierekening van de RBG hebben betrekking op de invorderingsopbrengst en de uitvoeringskosten.

De kwijtschelding aan gedupeerden heeft plaatsgevonden over de jaren 2013-2020. De compensatie van het Rijk betreft de jaren 2016-2020. Incidentele lasten kinderopvangtoeslagaffaire - Kwijtschelding 2013-2020 invorderingsopbrengst

€

144.500

Incidentele baten kinderopvangtoeslagaffaire - Compensatie kwijtschelding invorderingsopbrengst - Compensatie uitvoeringskosten

€ €

256.600 105.200

De compensatie voor de uitvoeringskosten is gebaseerd op het aantal toegewezen gedupeerden bij de deelnemende gemeenten en de overeengekomen normvergoeding tussen de VNG en het Rijk. Met de waterschappen is per balansdatum nog geen definitieve normvergoeding overeengekomen tussen het Rijk en de Unie van Waterschappen. Tot en met december 2021 zijn bij de RBG ca. 5.800 gedupeerden behandeld naar aanleiding van berichtgeving van de Belastingdienst. De compensatie uitvoeringskosten betreft alleen de gedupeerden (701) van de gemeentelijke deelnemers. De compensatie van € 105.200 hebben we laten vrijvallen in de jaarrekening 2021, omdat ook de kosten (grotendeels gemaakt door eigen personeel) in deze jaarrekening is verantwoord. De verwachte compensatie voor de uitvoeringskosten gedupeerden met betrekking tot de waterschappen zal via een begrotingswijziging in 2022 worden verwerkt.

Jaarrapport 2021 Regionale Belasting Groep

pagina 17 van 46

Jaarrekening Balans bedragen in € Nr.

Omschrijving 31-12-2021

31-12-2020

ACTIVA VASTE ACTIVA: Immateriële vaste activa

0

0

Materiële vaste activa

319.700

475.100

Financiële vaste activa

0

0 319.700

475.100

VLOTTENDE ACTIVA: Uitzettingen looptijd < 1 jaar

1.374.300

1.858.300

Kortlopende vorderingen

2.968.200

2.863.700

Overlopende activa Liquide middelen

36.000

70.100

4.368.500

3.988.500

Totaal ACTIVA

8.747.000

8.780.600

9.066.700

9.255.700

3.422.000

2.729.100

PASSIVA VASTE PASSIVA: EIGEN VERMOGEN Bestemmingsreserves Nog te bestemmen resultaat * mutatie bestemmingsreserves * nog in te stellen reserves projecten * nog te bestemmen resultaat

-1.066.300

-603.100

0

0

-553.400

-312.900 -512.700

-290.200

2.909.300

2.438.900

VOORZIENINGEN

614.100

526.700

VASTE SCHULDEN > 1 JAAR

543.600

718.200

VLOTTENDE PASSIVA: Netto-vlottende schulden < 1 jr

1.080.000

Overlopende passiva

3.919.700

Totaal PASSIVA

Jaarrapport 2021 Regionale Belasting Groep

1.221.800 4.350.100 4.999.700

5.571.900

9.066.700

9.255.700

pagina 18 van 46

Waarderingsgrondslagen Inleiding De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Waterschapsbesluit daarvoor geeft. De RBG heeft bij de oprichting gekozen om deze verslaggevingsvoorschriften (BBVW) te volgen. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening en de resultaatbepaling De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn. Personeelslasten worden toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume, is een voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen in overeenstemming met de voorschriften van het Waterschapsbesluit. Materiële vaste activa De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgings- c.q. vervaardigingsprijs, verminderd met de cumulatieve afschrijvingen.

De afschrijving van het geactiveerde object vangt aan bij ingebruikname van het gerelateerde materiële vaste actief. Er wordt in gehele jaren afgeschreven. De RBG hanteert voor het kantoorpand een annuïtaire afschrijvingsmethode. De afschrijvingstermijn voor het verbouwen van het kantoorpand bedraagt 10 jaar. Vorderingen en overlopende activa De vorderingen en de overlopende activa zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Binnen de vorderingen worden ook de belastingdebiteuren gerekend voor het aandeel Invorderingsopbrengst. Uitgangspunt is dat alle bevoegdheden op het terrein van invordering worden benut om de vorderingen te innen. Als alle mogelijkheden tot invordering zijn uitgeput, wordt overgegaan tot afboeking wegens oninbaarheid. Op basis van het betreffende debiteurensaldo en de ouderdom van de vordering is een risicoanalyse gemaakt. Voor het risico van oninbaarheid is een voorziening getroffen welke op de debiteuren in mindering is gebracht. De voorziening wordt bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen. Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. De voorziening jubilea is tegen de contante waarde van de toekomstige uitkeringsverplichtingen gewaardeerd.

Vaste schulden met een rente typische looptijd van één jaar of langer Vaste schulden worden gewaardeerd tegen nominale waarde verminderd met gedane aflossingen. Netto-vlottende schulden < 1 jaar en de overlopende passiva De netto-vlottende schulden < 1 jaar en de overlopende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.

Jaarrapport 2021 Regionale Belasting Groep

pagina 19 van 46

Toelichting op de balansposten Toelichting op de vaste activa Immateriële vaste activa De RBG heeft in 2021 geen immateriële vaste activa. Materiële vaste activa Verbouwing kantoorpand Schiedam Betreft het kantoorpand in Schiedam dat eind mei 2014 is betrokken. Boekwaarde per 01-01-2021

€ 475.100

Afschrijving 2021

€ 155.400 -/-

Boekwaarde per 31-12-2021

€ 319.700

Het krediet voor de verbouwing bedroeg € 1,7 miljoen. De werkelijke uitgaven bedroegen € 1.486.000. De gehanteerde afschrijvingstermijn is 10 jaar. Financiële vaste activa De RBG heeft in 2021 geen financiële vaste activa.

Toelichting op Vlottende activa Uitzettingen looptijd < 1 jaar

31-12-2021

31-12-2020

Debiteuren invordering

3.320.300

4.531.500

af: voorziening dubieuze debiteuren

-1.946.000

-2.684.000

Debiteuren algemeen

0

10.800

Uitzetting looptijd < 1 jaar

0

0

1.374.300

1.858.300

Totaal Uitzettingen looptijd < 1 jaar

De debiteuren invordering betreffen de openstaande vorderingen van invorderingsactiviteiten die de RBG heeft verricht. Van de openstaande vorderingen is per ultimo 2021 op basis van ouderdom en risico bepaald welk deel vermoedelijk oninbaar zal worden geleden. Van het nog openstaande bedrag wordt 58,6% vermoedelijk oninbaar geschat. a) Voorziening dubieuze debiteuren dwanginvordering Stand per 1-1-2021: Af: Oninbaar geleden posten over oude jaren Bij: toevoeging ten laste van exploitatie

€ 2.684.000 €

2.035.100 -/€ 1.297.100

Stand per 31-12-2021:

€ 1.946.000

Jaarrapport 2021 Regionale Belasting Groep

pagina 20 van 46

De oninbaar geleden posten van het belastingjaar 2021 (in totaal een bedrag van € 47.200) zijn gecorrigeerd op de invorderingsopbrengst 2021. Alle oudere posten zijn ten laste van de voorziening dubieuze debiteuren gebracht. Het totaal aan openstaande dwanginvorderingposten bedraagt € 3.320.300. Rekening houdend met een oninbaar percentage van 58,6% (samengesteld percentage gebaseerd op een ouderdomsanalyse van openstaande vorderingen) dient de voorziening € 1.946.000 te bedragen. Om de voorziening op dit niveau te brengen, is € 1.297.100 aan de voorziening toegevoegd. Belastingdebiteuren deelnemers Hoewel geen onderdeel van de jaarrekening van de RBG, wordt onderstaand inzicht gegeven in de belastingdebiteuren van de deelnemers. De deelnemers krijgen jaarlijks een specifiek door de accountant goedgekeurde belastingverantwoording. Stand openstaande vorderingen per 31-12-2020 Totaal

Opbrengst deelnemers

Invorderingskosten RBG

€

€

40.595.800

4.531.500

Totaal €

45.127.300

Stand openstaande vorderingen per 31-12-2021 Totaal

Opbrengst deelnemers

Invorderingskosten RBG

€

€

36.555.300

3.320.300

Totaal €

39.875.600

De totale post openstaande debiteuren eind 2021 is met circa € 5,25 miljoen afgenomen ten opzichte van het openstaande saldo eind 2020. Het debiteurensaldo van de deelnemers is in 2021 afgenomen met ruim € 4 miljoen. Deels door de afname van openstaande vorderingen door de afronding van het project tegengaan problematische schulden (van 7.000 klanten) en deels door onze succesvolle klantgerichte benadering bij de inning van de belastingen, waarbij het leveren van maatwerk naar de klant voorop staat. In 2021 is het betaalgedrag van de klanten dus goed gebleven. Naast het feit dat het debiteurensaldo is afgenomen, was er in 2021 in vergelijking met 2020 per saldo ook € 1,2 miljoen meer te innen. b) debiteuren algemeen Onder de post debiteuren algemeen heeft de RBG per 31-12-2021 geen facturen openstaan van niet belastingdebiteuren.

Jaarrapport 2021 Regionale Belasting Groep

pagina 21 van 46

Sinds eind 2013 zijn decentrale overheden verplichte deelnemers aan schatkistbankieren. Vanaf dat moment zijn alle decentrale overheden, waaronder gemeenschappelijke regelingen, verplicht om hun overtollige middelen in de schatkist aan te houden. Tegelijkertijd met de wet is de ministeriële regeling schatkistbankieren decentrale overheden van kracht geworden. Onderdeel van die regeling is de rekeningcourantovereenkomst die iedere decentrale overheid heeft met de Staat der Nederlanden. De regeling bevat ook de verplichting voor decentrale overheden om een bankrekening aan te houden die gekoppeld kan worden aan de schatkist. In onderstaande tabel is de berekening van het drempelbedrag voor het schatkistbankieren per kwartaal weergegeven. Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) 2021 Drempelbedrag

3714 Kwartaal 1

Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag

Kwartaal 2 2.453

Kwartaal 3

Kwartaal 4

3.903

2.319

2.159

1.261

-

1.395

1.555

-

189

-

-

Overschrijding van het drempelbedrag

In dit overzicht is te zien dat de gemiddelde stand in rekening-courant bij de NWB/ING in 2021 ruim onder het drempelbedrag van € 3.714.000 gebleven is. Kortlopende vorderingen en overlopende activa bedragen in €

Kortlopende vorderingen

Nog te ontvangen

31-12-2021

31-12-2020

364.900

44.700

Nog te ontvangen (via inningsrekening) deelnemers

2.603.300

2.819.000

Totaal kortlopende vorderingen

2.968.200

2.863.700

Nog te ontvangen Dit betreft vier vorderingen. Twee vorderingen hebben betrekking op de compensatie kinderopvangtoeslagaffaire, die nog te ontvangen is van de Belastingdienst. Voor kwijtschelding invorderingskosten wordt € 256.600 gecompenseerd. Voor de uitvoeringskosten (gemeentelijk deel) wordt € 105.200 gecompenseerd. De overige twee bedragen zijn een bijdrage in de kosten van aangeschafte leasefietsen van medewerkers, die via het salaris worden afgerekend en één bedrag van een leverancier dat we nog moeten terug ontvangen. Nog te ontvangen (af te romen via inningsrekening) deelnemers De betalingen van de invorderingsopbrengst en de verrekening van de kosten van betalingsverkeer, vinden plaats via de inningsrekeningen. Deze inningsrekeningen worden periodiek afgeroomd naar de deelnemers. Per 31-12-2021 dient een deel van de betaalde invorderingsopbrengst en de betaalde bankkosten nog te worden verrekend. Per saldo heeft de RBG op 31-12-2021 een rekening-couranttegoed van € 2.603.300. Overlopende activa - vooruitbetaalde bedragen Eind 2021 zijn enkele facturen (met name contracten en licentievergoeding van software met betrekking op 2022) vooruitbetaald met een totaalbedrag van € 36.000.

Jaarrapport 2021 Regionale Belasting Groep

pagina 22 van 46

Liquide middelen

Liquide middelen

31-12-2021

31-12-2020

Banken

4.368.500

3.988.500

Totaal liquide middelen

4.368.500

3.988.500

Voor de bedrijfsvoering van de RBG is één rekening-courantverhouding afgesloten bij de Nederlandse Waterschapsbank. Daarnaast heeft de RBG drie inningrekeningen bij de NWB en een ING-rekening ten behoeve van de verwerking van internetbetalingen. De inningsrekening van de NWB eindigend op 463 is per 10 mei 2021 opgeheven. Per 31-12-2021 staan de volgende saldi op de bankrekeningen: Saldo Liquide middelen NWB-Rekening-courant 005 NWB-Inningsrekening 463 NWB-Inningsrekening 678 NWB-Inningsrekening 250 IDEAL-rekening (ING)

€ € € € €

2021 4.305.200 0 18.700 0 44.600

€ € € € €

Totaal

€

4.368.500

€ 3.988.500

Jaarrapport 2021 Regionale Belasting Groep

2020 3.866.400 58.700 59.800 0 3.600

pagina 23 van 46

Toelichting op de passiva Eigen vermogen Bestemmingsreserve:

Stand per

Resultaat

Omschrijving

1-1-2021

2020

Reserve uitbreiding samenwerking GR

€

71.800

Reserve huurcompensatie kantoorpand Schiedam €

509.200

Toevoeging

Onttrekking

€ -149.000

Stand per

Voorstel resultaat

Stand per

31-12-2021 bestemming 2021

1-1-2022

€

71.800

€

71.800

€

360.200

€

360.200

Reserve bedrijfsvoering

€

-

€

-

€

100.000

€

100.000

€

-63.100

€

36.900

Reserve aanbestedingen

€

598.100

€

-41.900

€

270.000

€

826.200

€

-161.900

€

664.300

Reserve tegengaan problematische schulden

€

450.000

€

-412.100

€

275.000

€

312.900

€

-37.900

€

275.000

Reserve thuiswerkvoorziening

€

-

€

151.000

€

151.000

€

-151.000

€

-

Reserve Implementatie Waarderingssysteem Reserve matchingskosten

€ 1.100.000

€

-300.100

Resultaat 2020

€

€

-290.300

€

312.900

€

-580.500

290.300

Terugbetaald aan deelnemers Saldo bestemmingsreserve

€ 3.019.400

Resultaat 2021 voor bestemming Totaal eigen vermogen

€ 3.019.400

€

-580.500

€

250.000

€

250.000

€

-17.700

€

232.300

€

550.000

€ 1.349.900

€

-634.700

€ 1.445.000 €

-512.700

€

932.300

€

715.200

€

-

€

-

€ -312.900

€

-

€

-

€ -461.900

€ 3.422.000

€

-1.066.300

€

-512.700

€

512.700

€

€ 2.909.300

€

-553.600

€ 2.355.700

€ -461.900

€ 2.355.700 -

Voorgesteld wordt om € 553.600 terug te betalen aan de deelnemers. Na resultaatbestemming is de stand van de bestemmingsreserves € 2.355.700.

Bestemmingsreserve Reserve “Uitbreiding samenwerking gemeenschappelijke regeling” Deze bestemmingsreserve is ingesteld ter dekking van projectkosten voor gemeentelijke samenwerking. In 2021 zijn geen kosten ten laste van deze reserve gebracht in het kader van de uitbreiding van de samenwerking met nieuwe gemeenten. Hoewel zowel ambtelijk als bestuurlijk gesprekken hebben plaatsgevonden met potentiele deelnemers, is er in 2021 geen besluitvorming geweest over een nieuwe deelnemer. Reserve “Huurcompensatie kantoorpand Schiedam” Bij de vaststelling van de jaarrekening 2014 heeft het algemeen bestuur de bestemmingsreserve huurcompensatie kantoor Schiedam ingesteld. Het totaal van de reserve zal evenredig over de looptijd van de huurovereenkomst vrijvallen aan de exploitatie. In de huurovereenkomst (looptijd tot juni 2024) voor het kantoorpand Schiedam is de RBG met de gemeente Schiedam een huurcompensatie van 43,5 maand overeengekomen. Het gehele bedrag is ontvangen. Reserve “Aanbestedingen” In 2021 is een nieuw contract afgesloten voor een integraal belastinginformatie systeem en een digitale klantenbalie. De implementatie zal doorlopen tot eind 2022. De aanbesteding voor een nieuw contract voor kantoorautomatisering is in 2021 gestart en zal vermoedelijk halverwege 2022 worden gegund. De implementatie van kantoorautomatisering zal ook in 2022 starten en in 2023 doorlopen.

Reserve “Implementatie Waarderingssysteem” Deze reserve is ingesteld voor de implementatie van het nieuwe waarderingssysteem Ortax. De implementatie van het waarderingssysteem loopt tot en met het jaar 2022.

Jaarrapport 2021 Regionale Belasting Groep

pagina 24 van 46

Reserve “Tegengaan problematische schulden” Het betreft een bestemmingsreserve om een groep klanten te ondersteunen bij het tegengaan van problematische schulden. De uitvoering van dit project heeft het inzicht gegeven dat klanten met meerdere onbetaalde belastingaanslagen vrijwel altijd in een problematische schuldpositie zitten. De oorzaken hiervan zijn divers en vereisen een individuele en intensieve aanpak. Cruciaal is om met deze klanten in contact te komen. Via huisbezoeken is het mogelijk om schuldbegeleiding te geven, vertrouwen te creëren en afspraken te maken die leiden tot schuldafname (reële betalingsafspraak i.c.m. de betalingscapaciteit). Veelal blijft het niet bij één contact, de begeleiding moet herhaaldelijk plaatsvinden om de betaalafspraken na te komen. De uitgaven voor de eerste groep klanten zijn binnen het beschikbare budget gebleven. Om de activiteiten in 2022 in het kader van het tegengaan schulden voor een nieuwe groep klanten met problematische schulden te kunnen voortzetten, is (extra) budget beschikbaar gesteld van € 275.000 in het algemeen bestuur van december 2021. Reserve “Matchingskosten” Het betreft een reserve m.b.t. de vervolgacties van vooral dwangbevelopbrengsten die in een toekomstig belastingjaar plaatsvinden: het zogenaamde „matching-principe”.

In de tariefstelling van de kosten (waaronder die van het dwangbevel per post) is hier rekening mee gehouden. Immers, het versturen van het dwangbevel is eenvoudig administratief te realiseren. Vanuit deze opbrengst moet ook het werk ter voorbereiding en uitvoering van een hernieuwde betekeningsronde gedekt worden. Reserve “Bedrijfsvoering” Deze reserve is ingesteld om projecten te kunnen uitvoeren. De RBG stelt de klant centraal en hanteert daarbij het principe, digitaal waar het kan en persoonlijk waar nodig. De gedachte is het klantvriendelijker en efficiënter plannen en innen van de aanslagen met opbrengstmaximalisatie als leidraad. In eerdere jaren zijn de nodige stappen gezet om o.a. het aantal automatische incasso’s te verhogen, onder andere door flexibele automatische incasso aan te bieden. De kosten van het klantbehoefte-onderzoek 2019 zijn ook uit deze reserve gedekt. In 2021 zijn bijvoorbeeld de kosten voor verbetering op het gebied van toegankelijkheid van de website verantwoord en de kosten van vervanging van beeldschermen op de kantoorwerkplek, die gekoppeld kunnen worden aan de nieuwe laptops voor hybride werken. Reserve “Thuiswerkvoorziening” Volgens onze CAO Vereniging werken voor Waterschappen is de werkgever verantwoordelijk voor een Arbo-verantwoorde werkplek bij structureel thuiswerken.

Om de thuiswerkplek op orde te brengen, heeft de RBG haar medewerkers uit de reguliere budgetten budget beschikbaar gesteld voor de periode 1 april 2020 tot 1 april 2025. Als het hardware betreft zoals computer, laptop, beeldscherm e.d., moet dit door de werkgever in bruikleen worden verstrekt. In het kader van eenduidigheid, beveiliging en beheersbaarheid zijn er laptops in bruikleen gegeven aan de medewerkers. Deze laptops worden zowel thuis als op kantoor gebruikt. De aanschaf en uitlevering aan het personeel heeft in 2021 plaatsgevonden. Nog te bestemmen resultaat Het nog te bestemmen resultaat 2020 ad. € 312.900 is conform het bestuursbesluit van 7 april 2021 teruggestort naar de deelnemers.

Jaarrapport 2021 Regionale Belasting Groep

pagina 25 van 46

Voorzieningen Voorziening arbeidsgerelateerde verplichtingen a) WW-uitkeringen/transitievergoedingen Als overheidsinstantie is de RBG risicodrager met betrekking tot WW- en bovenwettelijke WW-uitkeringen. Dit betekent dat als medewerkers worden ontslagen of als tijdelijke aanstellingen niet worden verlengd, de RBG voor maximaal 38 maanden de WW-uitkering en eventueel bovenwettelijke WW aan het UWV moet vergoeden. Met 1 medewerker zijn afspraken gemaakt tot gedeeltelijke beëindiging van het dienstverband. De vastgelegde transitievergoeding is deels uitgekeerd in 2021. Een oud tijdelijk medewerker heeft in 2021 een andere baan gevonden waardoor het restant van de geraamde voorziening is teruggeboekt naar de exploitatie. Stand per 1-1-2021: Af: Uitgaven 2021 Af: Vrijval naar exploitatie

€

62.300

€

20.000

€ 22.400 -/€ 19.900 -/-

Stand per 31-12-2021:

b) Voorziening jubilea In het kader van het Waterschapsbesluit dienen toekomstige jubilea-uitkeringen voorzien te worden. Op basis van een model van onze accountant is, rekening houdend met leeftijd en dienstjaren, berekend hoeveel toekomstige jubilea-kosten uitgekeerd moeten worden. Op basis van het huidige personeelsbestand is de voorziening bepaald op € 248.300. Stand per 1-1-2021:

€ 235.700

Er is in 2020 ca. € 19.300 aan jubilea-uitkeringen uitbetaald ten laste van deze voorziening. Af: Uitgaven 2021 Bij: toevoeging uit exploitatie

€ 19.300 -/€ 31.900

Stand per 31-12-2021:

€ 248.300

c) Voorziening IKB-verlof Via het individueel keuzebudget kunnen medewerkers extra verlof kopen. Het gekochte IKB-verlof kent geen vervaltermijn. Medewerkers kunnen het verlof inzetten om zorgtaken uit te voeren, eerder met pensioen te gaan, een sabbatical op te nemen of anderszins met verlof te gaan. Dit gebeurt in overleg met de leidinggevende en als het werk het toelaat. Het gekochte verlof wordt opgenomen in een voorziening. Stand per 1-1-2021:

€

228.700

Stand per 31-12-2021:

€

345.800

Jaarrapport 2021 Regionale Belasting Groep

pagina 26 van 46

Bij: toevoeging uit exploitatie

€ 117.100

Langlopende schulden Geldleningen bij binnenlandse banken Saldo geldleningen per 1-1-2021 Af: aflossingen

€

718.200

€

543.600

€ 174.600

Saldo geldleningen per 31-12-2021

Bovenstaande geldlening is bij de Nederlandse Waterschapsbank in 2014 aangetrokken om de verbouwing van het kantoorpand te Schiedam te financieren. Deze lening wordt in 10jaarlijkse annuïteiten afgelost met een rentepercentage van 1,88%. De deelnemers van de Regionale Belasting Groep staan garant voor deze lening (conform artikel 32 van de gemeenschappelijke regeling). De zevende aflossing van deze geldlening bedraagt € 177.800 en vervalt in maart 2022. Van deze geldlening is € 10.900 voor rentekosten toe te rekenen aan 2021, die in deze jaarrekening zijn verwerkt. Netto-vlottende schulden < 1 jaar en overlopende passiva bedragen in €

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11550921/2