CConstaterende datVlaardingen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage bij plantoelichting Bestemmingsplan Museumkwartier

Gemeenteraad 2 februari 2023, gemeente VlaardingenBij agendapunt: Bestemmingsplan Museumkwartier21.830 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

In afwijking op de veldwerkrichtlijnen zijn in 2020 in plaats van asbestinspectiegaten (0,3 x 0,3 x 0,5 m) sleuven (2,0 x 0,3 x 1,0 m) gegraven. Dit in verband met de aanwezigheid van een mobiele kraan ten behoeve van het verwijderen van de stelconplaten en omdat bij aantreffen asbest boven de tussenwaarde, bij nader onderzoek asbest alsnog sleuven dienen te worden gegraven. Zintuiglijke waarnemingen De resultaten van de visuele inspectie van de grond tijdens de eerder uitgevoerde verkennende bodemonderzoeken en de recente veldwerkzaamheden zijn opgenomen in bijlage 4. Tot 1 m -mv zijn op de hele onderzoekslocatie zwakke tot sterke bijmengingen met puin en bakstenen aangetroffen. In de tabel 3-4 zijn de overige aangetroffen verontreinigingskenmerken vermeld.

19 (38)

Tabel 3-4:

Resultaten visuele inspectie en zintuiglijke waarnemingen anders dan puin en bakstenen

Boringnummer

Maximale Diepte boordiepte (m -mv) (m -mv)

Grond Zintuiglijke waarneming -soort

16-17 03-19 04-19 10A-19 15-19

5,00 5,00 1,13 5,00 5,00

0,90 - 1,50 0,47 - 1,00 0,27 - 0,39 1,60 - 1,80 0,05 - 0,60

Zand Klei Klei Klei

zwakke olie-water reactie zwak puinhoudend, sporen baksteen, zwak sintelhoudend, sporen aardewerk sterke olie-water reactie; houthoudende laag fosfaatvlekken matige olie-water reactie

AR1-3SL AR1-5 AR1-5B AR1-5SL AR1-6 AR2-6SL

1,00 2,00 2,00 1,00 2,20 1,00

AS-3 M1-1 M1-4 M3-6

1,00 2,00 2,00 2,00

0,30 - 0,80 0,50 - 2,00 0,50 - 2,00 0,50 - 1,00 0,40 - 1,10 0,13 - 0,40 0,40 - 0,90 0,50 - 1,00 0,15 - 0,21 0,17 - 0,25 0,08 - 0,70

Zand Klei Zand Zand Zand Zand Zand Zand

sterk glashoudend (5% >20mm) zwakke olie-water reactie brokken puin zwakke olie-water reactie sterke olie-water reactie matig baksteenhoudend, matig metaalhoudend sterk baksteenhoudend, sterk plastichoudend, matig puinhoudend (20% >20mm) matig baksteenhoudend, matig puinhoudend, sterk glashoudend volledig bitumen volledig bitumen matig kolengruishoudend

M4-4

2,00

M4-4SL M4-5 M4-9SL M4-10SL M4-14SL

1,00 2,30 1,00 1,00 1,00

0,45 - 0,80 0,80 - 0,90 0,40 - 0,80 0,50 - 0,70 0,50 - 1,00 0,12 - 0,60 0,30 - 1,00

Zand Zand Zand

Zand

Klei Klei Zand

sterk kolengruishoudend sterk kalksteenhoudend sterk kolengruishoudend sterk puinhoudend matige olie-water reactie matig kolengruishoudend, matig baksteenhoudend (20% >20mm) sterk baksteenhoudend, sterk puinhoudend (20% >20mm)

Bemonstering De opgeboorde en opgegraven grond is bemonsterd per 0,5 m of per te onderscheiden bodemlaag. Voor het bodemonderzoek naar asbest is de opgegraven grond bemonsterd per sleuf, na verwijdering van de grove fractie >2 cm. 3.4 Grondwateronderzoek Uitvoering Na plaatsing van de peilbuizen is een week wachttijd in acht genomen om de evenwichtssituatie in de bodem te herstellen. Bij de bemonstering zijn de volgende werkzaamheden verricht: het opnemen van de grondwaterstand in de peilbuizen; het bepalen van de zuurgraad (pH), het elektrisch geleidingsvermogen (EC) en de troebelheid (NTU) van het grondwater; het nemen van grondwatermonsters uit de peilbuizen. Bij de bemonstering van de peilbuizen voor het verkennend onderzoek in 2019 (d.d. 04-05-2019) is de volgende afwijking van protocol 2002 opgetreden: Ondanks een laag pompdebiet 0,2 l/min is het grondwatermonster van peilbuis 13 toestroom vanuit de ondergrond naar het filter. Consequentie hiervan is dat de eventuele vluchtige verbindingen in het grondwater hebben kunnen vervluchtigen en niet in de monsterfles zijn gekomen. Het is daardoor mogelijk dat lagere concentraties gemeten zijn dan daadwerkelijk aanwezig zijn. In de grond zijn hier echter geen gehalten aan vluchtige verbindingen aangetoond, waarmee er naar alle waarschijnlijkheid geen consequenties voor het onderzoek zijn.

20 (38)

Veldmetingen en zintuiglijke waarnemingen In tabel 3-5 tot en met tabel 3-7 zijn de resultaten van de veldmetingen van het grondwater weergegeven. Tabel 3-5: Peilbuis 16

Tabel 3-6: Peilbuis 13 22

Tabel 3-7: Peilbuis AR1-6 M4-5 M6-3 M9-1

Resultaten veldmetingen grondwater Verkennend bodemonderzoek en indicatief asbestonderzoek d.d. 16-02-2018 Filterstelling pH (-) (m -mv) 2,0 - 3,0 8,0

4.000

Troebelheid Grondwaterstand (NTU) (m -mv) 237 1,50

Belucht

Bijzonderheden

-

-

Resultaten veldmetingen grondwater Verkennend bodemonderzoek en indicatief asbestonderzoek (fase 2) d.d. 04-05-2019 Filterstelling pH (-) (m -mv) 1,5 - 2,5 7,9 1,3 - 2,3 7,2

3.999 966

Troebelheid Grondwaterstand (NTU) (m -mv) 189 0,35 24,6 0,69

Belucht

Bijzonderheden

Ja Nee

Mogelijk verzanding

Resultaten veldmetingen grondwater Nader bodemonderzoek en verkennend asbestonderzoek 2020 Filterstelling pH (-) (m -mv) 0,2 - 2,2 7,2 0,3 - 2,3 6,8 0,2 - 2,2 7,1 0,2 - 2,2 7,4

942 963 817 567

Troebelheid Grondwaterstand (NTU) (m -mv) 18,6 0,22 4,5 0,81 13,2 0,18 111 0,55

Belucht

Bijzonderheden

Nee Nee Nee Nee

-

Een eventueel afwijkende zuurgraad (pH), geleidingsvermogen (EC) of troebelheid (Nephelometric Turbidity Units, NTU) in het grondwater kan een indicator zijn voor de aanwezigheid van verontreinigende stoffen. Bij een troebelheid >10 NTU moet rekening worden gehouden met de mogelijkheid dat de r de troebelheid van het water. In alle peilbuizen, met uitzondering van peilbuis M4-5, is de troebelheid >10 NTU. De peilbuizen hebben voldoende rusttijd gehad na plaatsing (minimaal een week). Ook zijn de peilbuizen zorgvuldig en met een voldoende laag debiet afgepompt l/min), zodat de grondwaterstand in de peilbuizen slechts gering is gedaald tijdens afpompen en bemonstering (<50 cm). Daarom wordt aangenomen dat er geen sprake is geweest van een verstoord bodemevenwicht tijdens monsterneming en dat de gemeten waarden voor troebelheid een natuurlijke oorzaak hebben (zwevende stoffen als lutum of silt in het grondwater). Zwevende delen kunnen leiden tot verhoogde meetwaarden in het grondwater. Bij de bespreking van de analyseresultaten wordt rekening gehouden met de hoge troebelheid, zoals aangetroffen in alle peilbuizen. De in tabellen 3-5 tot en met 3-7 weergegeven waarden voor de zuurgraad worden niet als afwijkend beschouwd. Het gemeten elektrisch geleidingsvermogen in peilbuizen 16 (2017) en 13 (2019) zijn relatief hoog ten opzichte van de overige peilbuizen.

Mogelijk hangt dit samen met de diepere filters van deze twee peilbuizen ten opzichte van de overige peilbuizen.

21 (38)

4

Laboratoriumonderzoek

Tijdens de reeds uitgevoerde verkennende bodemonderzoeken zijn op basis van de visuele inspectie de grondmonsters zodanig geselecteerd dat, na uitvoering van de analyses, een it van boven- en ondergrond. Ten aanzien van asbest is in 2020 van elke sleuf de bodemlaag met de meeste bodemvreemde bijmengingen geselecteerd voor analyse op asbest. Bij voorgaande onderzoeken zijn monsterpotten van puinhoudende bodemlagen samengevoegd tot een monster voor indicatieve analyse op asbest. De monsterselecties van de uitgevoerde onderzoeken zijn opgenomen in bijlage 4-4. Hieronder zijn de afwijkingen aangegeven welke zijn opgetreden tijdens de analyses van de genomen monsters tijdens alle uitgevoerde onderzoeken. Verkennend bodemonderzoek en indicatief asbestonderzoek d.d. 16-02-2018 De geselecteerde monsters voor de analyses op de standaardpakketten zijn in het laboratorium van Eurofins Analytico B.V. geanalyseerd. De analyses zijn uitgevoerd conform de bijbehorende protocollen, vallend onder het accreditatieschema van de AS3000 richtlijn. De analysecertificaten met de resultaten van het laboratoriumonderzoek en een toelichting op de toegepaste analysemethoden zijn weergegeven in bijlage 5. Er zijn in de analysecertificaten enkele afwijkingen vermeld, te weten: Het volume van monsters 03 en 08 voor het asbestonderzoek was onvoldoende zoals reeds beschreven in paragraaf 3.1.

De consequentie is dat deze resultaten als indicatief moeten worden beschouwd. Verkennend bodemonderzoek en indicatief asbestonderzoek (fase 2) d.d. 04-05-2019 De geselecteerde monsters voor de analyses op de standaardpakketten zijn in het laboratorium van Synlab Analytics & Services B.V. geanalyseerd. De analyses zijn uitgevoerd conform de bijbehorende protocollen, vallend onder het accreditatieschema van de AS 3000 richtlijn. De analysecertificaten met de resultaten van het laboratoriumonderzoek en een toelichting op de toegepaste analysemethoden zijn weergegeven in bijlage 5. Er zijn in de analysecertificaten enkele afwijkingen vermeld, te weten: Het volume van de monsters AM1 tot en met AM6 voor het asbestonderzoek was onvoldoende zoals reeds beschreven in paragraaf 3.1. De consequentie is dat de analyseresultaten van deze monsters als indicatief moeten worden beschouwd. Asbest is in vervolgonderzoeken voldoende onderzocht. Het gehalte van naftaleen in grond van boring 15 (monster M10) is indicatief in verband met de aanwezigheid van componenten die een storende invloed hebben op de meting.

Gezien er in hetzelfde monster al koper en minerale olie is aangetoond in waarden boven respectievelijk de interventiewaarde en de tussenwaarde en in onderhavig onderzoek op deze parameters een uitkartering heeft plaatsgevonden, heeft deze afwijking geen consequenties voor de conclusies van onderhavig onderzoek. Nader bodemonderzoek en verkennend asbestonderzoek 2020 De geselecteerde monsters voor de analyses op de standaardpakketten zijn in het laboratorium van Synlab Analytics & Services B.V. geanalyseerd. De analyses zijn uitgevoerd conform de bijbehorende protocollen, vallend onder het accreditatieschema van de AS 3000 richtlijn. De analysecertificaten met de resultaten van het laboratoriumonderzoek en een toelichting op de toegepaste analysemethoden zijn weergegeven in bijlage 5. Er zijn in de analysecertificaten enkele afwijkingen vermeld, te weten:

22 (38)

Bij de analyse van M1-1-3 op zink en M4-3-2 op lood in grond leek dat na het nemen van deelmonsters ten behoeve van het bepalen van de bodemkenmerken droge stof, organische stof en lutum, geen 140 gram meer over was voor voorbehandeling van het monster voor de overige parameters. Daarom is minder dan 140 gram voorbehandeld voor de analyse op lood of zink. Monster M1-1-3 betreft niet met zink verontreinigde ondergrond, hetgeen verklaard kan worden dat alleen de bovengrond matig of sterk verontreinigd is met zink. Het loodgehalte van M4-3-2 is licht verhoogd net als de gehalten in omliggende boringen. Hiermee hebben deze opmerkingen geen consequenties voor de conclusies van onderhavig onderzoek. Bij de analyse van grondmonster M8-3-5 om het gehalte aan minerale olie te bepalen zijn er componenten na C40 aangetroffen. Deze zijn echter niet van invloed op het gerapporteerde resultaat. Op basis van het chromatogram bevindt de meeste olie zich in het traject C10-C40. Daarom wordt nader onderzoek niet noodzakelijk geacht. Bij de analyse van grondmonster MM7B-BG waren componenten aanwezig die een storende invloed hadden op de meting benzo(a)antraceen. Om de reden is de onzekerheid in het resultaat vergroot.

Het aangetoonde gehalte ligt boven de achtergrondwaarde net als de bovengrond (0,05 tot 0,5 m -mv) van de nabijgelegen boring 17 (monster M6 BG) van 2019, waardoor niet wordt verwacht dat deze afwijking consequenties heeft voor de resultaten van dit onderzoek. Bij de aangeleverde asbestmonsters AS-3-2 (9.538 gram), AS-1SL-2 (9.196 gram), M1-3SL-2 (9.286 gram) en M4-10SL-1 (9.610 gram) voldoet het aangeleverde monstermateriaal niet aan de minimaal vereiste hoeveelheid volgens de eisen in NEN5898 (hoofdstuk 5). Het verschil tussen de aangeleverde hoeveel materiaal en de minimaal vereiste hoeveelheid (10 kg) volgens de NEN 5898 is echter dusdanig klein, dat de resultaten als representatief worden beschouwd voor de verontreinigingssituatie. Opgemerkt wordt dat de fractie respirabele vezels aan asbest op basis van de volgende overwegingen niet is bepaald: de gehalten niet-hechtgebonden en hechtgebonden overschrijden de risicowaarden niet (100 respectievelijk 1.000 mg/kg ds gewogen gehalte (gg) aan asbest); de locatie is niet verdacht op respirabele vezels, en; er is, met uitzondering van grondmonster AR1-2SL-2, geen asbest aangetroffen in de fracties <0,5 mm, 0,5 tot 1 mm en 1 tot 2 mm. Het gehalte aan asbest in de fracties <2 mm in grondmonster AR1-2SL-2 is zo laag (1,4 mg/kg ds gg aan asbest), dat de fractie respirabele vezels niet is bepaald.

23 (38)

5

Resultaten bodemonderzoek asbest

5.1 Toetsingskader Voor de bepaling of en in welke mate bodemverontreiniging aanwezig is, zijn toetsingswaarden opgenomen in de Circulaire bodemsanering 2013. De analyseresultaten zijn getoetst aan de toetsingswaarden uit deze circulaire. 5.2 Mate van bodemverontreiniging De met de verkennend onderzoeken van 2018 en 2019 verkregen asbestgehalten, moeten volgens de NEN 5707 beschouwd worden als indicatieve gehalten. Deze indicatieve gehalten asbest zijn getoetst aan de helft van de interventiewaarde, zijnde 50 mg/kg ds gg. Directe toetsing aan de interventiewaarde (100 mg/kg ds gg) is niet mogelijk door de lagere onderzoeksintensiteit in de verkennende onderzoeken. Desalniettemin toetst Sweco de indicatieve gehalten aan asbest wel aan de interventiewaarde, om inzicht te krijgen in de ernst van de verontreiniging. Over deellocatie 5, waar met onderhavig onderzoek een nader bodemonderzoek is uitgevoerd, wordt een uitspraak gedaan over het gemiddelde gehalte van de verontreiniging per RE (ruimtelijke eenheid van maximaal 1.000 m2). Op het overige gedeelte van de locatie is met onderhavig onderzoek het verkennend asbestonderzoek gecompleteerd met onderzoek in sleuven, waarmee de gehalten aan asbest wel aan de interventiewaarde kunnen worden getoetst, om inzicht te krijgen in de ernst van de verontreiniging.

De toetsingsmogelijkheden voor asbestgehalten verkregen met een verkennend bodemonderzoek asbest zijn als volgt:

Asbest in grond en puin

Niet

Verhoogd

Matig verhoogd

Sterk verhoogd

verhoogd

Sterk verhoogd Respirabele vezels bepalen

Een uitgebreide toelichting op het toetsingskader is opgenomen in bijlage 6-4. De berekende asbestgehalten en de toetsing zijn per bodemlaag opgenomen in tabellen 5-1 tot en met 5-3.

24 (38)

Tabel 5-1:

Resultaat grond Verkennend bodemonderzoek en indicatief asbestonderzoek d.d. 16-02-2018

Monstercode

Monstertraject

Boring nummers

(m -mv) 03 (12-50) 08 (10-60 16 (30-80) 1

0,12 - 0,50 0,10 - 0,60 0,30 - 0,80

Indicatief Gewogen gehalte Onder- / gewogen gehalte asbest in grove bovengrens

H/NH1

asbest in fijne fractie (mg/kg ds) (mg/kg) fractie (mg/kg ds) 03 08 16

27,4 55,4 0,6

-

0,0 - 27 0,0 - 55 0,0 - 0,6

Indicatief totale gewogen gehalte asbest in grond (mg/kg ds)*

-

<27,4 <55,4 <0,6

Hechtgebonden en/of niet-hechtgebonden asbest

Tabel 5-2:

Resultaat grond Verkennend bodemonderzoek en indicatief asbestonderzoek (fase 2) d.d. 04-05-2019

Monstercode

Monstertraject (m -mv)

Boring nummers

AM1 AM2 AM3 AM4 AM5 AM6

0,23 - 1,00 0,30 - 1,00 0,06 - 0,62 0,15 - 1,10 0,50 - 1,00 0,05 - 0,50

07 <2 07, 22 <2 01, 13, 16, 21<2 13, 23 <2 03 <2 17 <2

Tabel 5-3

Indicatief Gewogen gehalte Onder- / gewogen gehalte asbest in grove bovengrens asbest in fijne fractie (mg/kg ds) (mg/kg) fractie (mg/kg ds) -

H/NH

Indicatief totale gewogen gehalte asbest in grond (mg/kg ds)*

-

<2 <2 <2 <2 <2 <2

H/NH

Indicatief totale gewogen gehalte asbest in grond (mg/kg ds)*

2,2 - 5,5 <2 <2 <2 <2 <2 <2 <2 <2 <2 <2

H & NH -

3,4 <2 <2 <2 <2 <2 <2 <2 <2 <2 <2

<2 <2 <2

-

<2 <2 <2

<2 <2 <2 <2 <2 <2

-

<2 <2 <2 <2 <2 <2

<2 <2 <2 <2 <2 <2

Resultaat grond Nader bodemonderzoek en verkennend asbestonderzoek 2020

Monstercode

Monstertraject (m -mv)

Boring nummers

Indicatief Gewogen gehalte Onder- / gewogen gehalte asbest in grove bovengrens asbest in fijne fractie (mg/kg ds) (mg/kg) fractie (mg/kg ds)

Locatiedekkend verkennend bodemonderzoek AR1-2SL 0,30 - 0,60 AR1-2SL 3,4 AR1-3SL 0,30 - 0,80 AR1-3SL <2 AR1-4SL 0,50 - 0,80 AR1-4SL <2 AR1-5SL 0,50 - 1,00 AR1-5SL <2 AR1-6SL 0,30 - 0,60 AR1-6SL <2 AS-3 0,50 - 1,00 AS-3 <2 M4-4SL 0,40 - 0,80 M4-4SL <2 M4-14SL 0,30 - 0,50 M4-14SL <2 AR2-6SL 0,40 - 0,90 AR2-6SL <2 AS-1SL 0,50 - 1,00 AS-1SL <2 AS-2SL 0,55 - 1,00 AS-2SL <2

-

M1-3SL 0,50 - 1,00 M1-3SL <2 M4-11SL 0,14 - 0,40 M4-11SL <2 M4-12SL 0,50 - 1,00 M4-12SL <2 Nader bodemonderzoek deellocatie 5 Westelijk van gebouwen B7a en B9 AR2-4SL 0,13 - 0,30 AR2-4SL <2 AR2-5SL 0,13 - 0,30 AR2-5SL <2 M4-1SL 0,07 - 0,50 M4-1SL <2 M4-9SL 0,12 - 0,50 M4-9SL <2 M4-9SL 0,50 - 1,00 M4-9SL <2 M4-10SL 0,12 - 0,60 M4-10SL <2 -

25 (38)

5.3 Voorlopige veiligheidsklasse De veiligheidsaspecten voor werken in of met asbest verontreinigde grond worden indicatief beoordeeld op basis van de CROW 400. Een toelichting op de veiligheidsklassen en de maatregelen zijn opgenomen in bijlage 8. De berekende resultaten, zoals weergegeven in de vorige paragraaf, zijn getoetst aan de veiligheidsnormen. De toetsingsmogelijkheden zijn als volgt:

Asbest in grond

Geen veiligheidsklasse

Beheersmaatregelen: voorkom

Veiligheidsklasse

stofvorming en verslepen bouwstoffen

zwart niet vluchtig

De toetsing van het respirabele gehalte heeft niet plaatsgevonden omdat dit gehalte niet bepaald is (zie hoofdstuk 4). Omdat geen gehalten boven de 50 mg/kg ds gg zijn aangetoond met onderhavig onderzoek, hoeven op basis van dit onderzoek geen veiligheidsmaatregelen ten aanzien van asbest te worden genomen.

26 (38)

6

Resultaten bodemonderzoek chemische parameters

6.1 Toetsingskader Voor de bepaling of en in welke mate bodemverontreiniging aanwezig is, zijn toetsingswaarden opgenomen in de Circulaire bodemsanering 2013. De analyseresultaten zijn getoetst aan de toetsingswaarden uit deze circulaire. Aanvullend op de Circulaire bodemsanering toetst Sweco ook aan de tussenwaarde, het gemiddelde van de achtergrond- en de interventiewaarde. Deze toetsing geeft, in combinatie met de bodemkwaliteitskaart en locatiespecifieke kenmerken, een indicatie voor de noodzaak tot nader onderzoek. Voor de toepassing van grond gelden de toetsingswaarden in de Regeling bodemkwaliteit, behorend bij het Besluit Bodemkwaliteit. Middels deze toetsing wordt de grond ingedeeld in een hergebruiksklasse. De PFAS-verbindingen zijn getoetst aan de normen zoals opgenomen in het Tijdelijk Handelingskader PFAS. De veiligheidsaspecten voor werken in of met verontreinigde grond worden indicatief beoordeeld op basis van de CROW 400. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van de rekentool van het CROW. De toetsingsresultaten en toelichting op het toetsingskader zijn opgenomen in bijlage 6. 6.2 Mate van bodemverontreiniging De resultaten van de toetsing ter bepaling van de mate van bodemverontreiniging, zijn samengevat in de tabellen 6-1 tot en met 6-6. Hierbij zijn alleen de gehalten weergegeven die de toetsingswaarden overschrijden. De toetsingsmogelijkheden zijn als volgt:

grond

Niet verhoogd

Licht verhoogd

Matig verhoogd

Sterk verhoogd

(in tabel: > AW)

(in tabel: > T)

(in tabel: > I)

grondwater

De resultaten van de toetsing ter bepaling van de hergebruiksklasse voor de chemische parameters (exclusief PFAS) zijn samengevat in tabellen 6-1 tot en met 6-3. De hergebruiksklassen zijn als volgt:

27 (38)

Standaard-

Altijd

parameters

toepasbaar

klasse Wonen

klasse industrie

Niet toepasbaar

Nooit toepasbaar

In grootschalige bodemtoepassing

Tabel 6-1:

Overschrijdingen van de toetsingswaarden grondmonsters (Circulaire bodemsanering) Verkennend bodemonderzoek en indicatief asbestonderzoek d.d. 16-02-2018

Monster

Monstertraject (m -mv)

MM1 PAK 0,30 - 1,30 MM2 bg noord 0,08 - 0,80

Boringnummers

> AW

>T

> I (gehalte in mg/kg ds)

BBK monsterconclusie

01, 02, 03, 04 PAK 05, 06, 07, 08, PCB, minerale olie, zink 10, 12 kobalt, nikkel, koper, cadmium, kwik, lood, PAK 13, 15, 17, 18, PCB, minerale olie, 19, 21, 22, 23 kobalt, zink, kwik, lood, PAK

-

Klasse industrie Klasse industrie

-

Klasse industrie

16 en 20 16

-

Altijd toepasbaar Klasse industrie

MM3 bg zuid

0,11 - 0,60

MM4 og Olie og (16)

1,50 - 2,50 0,90 - 1,40

Tabel 6-2:

Overschrijdingen van de toetsingswaarden grondmonsters (Circulaire bodemsanering)

minerale olie

-

Verkennend bodemonderzoek en indicatief asbestonderzoek (fase 2) d.d. 04-05-2019 Monster

Monstertraject

Boringnummers

> AW

>T

kobalt, cadmium, zink, PAK molybdeen, kwik, lood, minerale olie kobalt, koper, zink, -

> I (gehalte in mg/kg ds)

BBK monsterconclusie

nikkel (97), koper (120)

Niet toepasbaar > I-waarde

-

Klasse industrie

-

Klasse industrie

lood (510) -

Niet toepasbaar > I-waarde Klasse industrie

-

Klasse wonen

koper (120)

Niet toepasbaar

(m -mv) MM1 BG

0,23 - 1,00

07

MM2 BG

0,24 - 0,70

08 en 22

MM4 BG

0,15 - 1,10

13 en 23

M5 BG

0,50 - 1,00

03

M6 BG

0,05 - 0,50

17

MM8 BG

0,40 - 1,77

M10

0,05 - 0,60

cadmium, kwik, lood, PAK kobalt, nikkel, koper, kwik, lood kobalt, koper, kwik -

zink, kwik, lood, PAK, minerale olie 02, 04 ,05, 12a koper, zink, kwik, lood, PAK 15 kwik, lood minerale olie

> I-waarde

28 (38)

Monster

SB 1

Monstertraject (m -mv) 0,84 - 1,04

Boringnummers

> AW

>T

> I (gehalte in mg/kg ds)

10

kwik, lood, nikkel,

-

-

BBK monsterconclusie

zink, PCB, minerale olie

Tabel 6-3:

Overschrijdingen van de toetsingswaarden grondmonsters (Circulaire bodemsanering) Nader bodemonderzoek en verkennend asbestonderzoek 2020

Monster

Monstertraject

Boringnummers

> AW

>T

> I (gehalte in mg/kg ds)

BBK monsterconclusie Altijd toepasbaar Altijd toepasbaar Altijd toepasbaar Altijd toepasbaar Niet Toepasbaar > industrie Altijd toepasbaar Niet Toepasbaar > industrie Altijd toepasbaar Altijd toepasbaar Klasse wonen Niet Toepasbaar > I-waarde Niet Toepasbaar

(m -mv) AR1-1-1 AR1-2-1 AR1-3-3 AR1-4-4 AR1-5-3

0,12 - 0,62 0,12 - 0,62 0,80 - 1,30 0,80 - 1,30 1,00 - 1,50

AR1-1 AR1-2 AR1-3 AR1-4 AR1-5

minerale olie

-

-

AR1-5B -3 AR1-6-2

1,00 - 1,50 0,40 - 0,80

AR1-5B AR1-6

minerale olie

-

-

AR1-6-4 AR1-6B-3 AR2-1-1 AR2-2-2

1,10 - 1,60 0,60 - 1,10 0,50 - 1,00 0,40 - 0,80

AR1-6 AR1-6B AR2-1 AR2-2

lood -

-

zink (800)

AR2-3-1

0,12 - 0,30

AR2-3

-

-

zink (1.409)

AR2-6 Sl 2 AR2-6-1

0,40 - 0,90 0,13 - 0,40

AR2-6SL AR2-6SL

zink -

-

zink (1069)

AS1-2 M1-1-3 M1-3-1

0,50 - 1,00 1,00 - 1,40 0,07 - 0,40

AS-1SL M1-1 M1-3SL

lood lood

-

zink (828)

M1-4-1 M1-4-2 M2-1-1 M2-2-1

0,43 - 0,90 0,90 - 1,40 0,23 - 0,40 0,29 - 0,70

M1-4 M1-4 M2-1 M2-2

lood lood nikkel, koper, zink nikkel, zink

-

-

> I-waarde Klasse wonen Niet Toepasbaar > I-waarde Altijd toepasbaar Klasse industrie Niet Toepasbaar > I-waarde Klasse industrie Klasse wonen Klasse industrie Klasse industrie

M2-3-1

0,30 - 0,70

M2-3

-

koper

M2-4-1 M2-4-3 M2-5-1

0,27 - 0,75 1,10 - 1,60 0,08 - 0,50

nikkel, koper, zink nikkel zink

-

Niet Toepasbaar > I-waarde Klasse industrie Altijd toepasbaar Klasse industrie

M3-1-2 M3-1-3 M3-2-1+2 M3-3-1

0,50 - 0,90 0,90 - 1,40 0,05 - 0,60 0,12 - 0,60

M2-4 M2-4 M2-5 (AR1-2.1) M3-1 M3-1 M3-2 M3-3

nikkel (148) zink (4.152) -

-

koper -

-

Klasse industrie Altijd toepasbaar Altijd toepasbaar Altijd toepasbaar

M3-3-2 M3-4-2

0,60 - 0,90 0,30 - 0,70

M3-3 M3-4 (AR1-6.1)

zink, minerale olie

-

-

Altijd toepasbaar Klasse industrie

29 (38)

Monster

M3-5-2

Monstertraject (m -mv) 0,30 - 0,80

Boringnummers

> AW

>T

> I (gehalte in mg/kg ds)

BBK monsterconclusie

M3-5

-

-

-

Altijd toepasbaar

-

-

-

Altijd toepasbaar

koper zink -

-

zink (1.176)

Klasse industrie Klasse industrie Niet Toepasbaar > I-waarde Klasse industrie Klasse industrie Niet Toepasbaar > I-waarde

M3-5-2 Zn

0,30 - 0,80

M3-6-1 M4-1-1 M4-2-2

0,10 - 0,60 0,07 - 0,50 0,25 - 0,70

(AR1-6.2) M3-5 (AR1-6.2) M3-6 M4-1SL M4-2

M4-3-1 M4-3-2 M4-4-2

0,05 - 0,50 0,50 - 0,70 0,45 - 0,80

M4-3 M4-3 M4-4

zink lood -

-

zink (926)

M4-4-4 M4-5-1 M4-6-1 M4-6a-2

0,90 - 1,40 0,12 - 0,50 0,12 - 0,50 0,30 - 0,60

M4-4 M4-5 M4-6 M4-6a

zink zink -

zink -

zink (887)

M4-7-1

0,12 - 0,40

M4-7

-

-

zink (724)

M4-8-2 M4-9-2 M4-9SL-2 M4-10-1

0,20 - 0,70 0,40 - 0,70 0,60 - 1,00 0,12 - 0,60

M4-8 M4-9 M4-10SL M4-10

zink zink -

-

zink (1.563)

M4-10-2

0,60 - 1,10

M4-10

-

-

-

M4-11-1

0,13 - 0,40

M4-11SL

-

-

zink (1.435)

M4-12-1 M4-13-1 M4-14-2 M6-1 M6-1-4 M6-2-2 M6-3-2 M6-3-3 M8-1-4 M8-2-2 M8-2-7

0,08 - 0,50 0,08 - 0,58 0,30 - 0,70 0,35 - 0,50 0,50 - 1,00 0,63 - 0,70 0,25 - 0,50 0,50 - 0,90 0,40 - 0,60 0,50 - 0,70 0,40 - 0,60

M4-12 M4-13 M4-14 M6-1 M6-1 M6-2 M6-3 M6-3 M8-1 M8-2 M8-2

zink zink zink minerale olie minerale olie zink -

zink zink -

-

M8-3-5

0,90 - 1,10

M8-3

-

minerale olie

-

M8-4-5

0,90 - 1,10

M8-4

minerale olie

-

-

M8-5-4

0,90 - 1,10

M8-5

minerale olie

-

-

M8-7-1 M8-8a-2 M8-8a-2 Zn M9-1-2 MM7-OG

1,00 - 1,50 0,40 - 0,90 0,40 - 0,90 0,60 - 1,10 0,50 - 1,60

M8-7 M8-8a M8-8a zink M9-1 AR2-4, AR2-5, nikkel, kwik, lood

-

-

Klasse industrie Klasse industrie Klasse industrie Niet Toepasbaar > I-waarde Niet Toepasbaar > I-waarde Klasse industrie Klasse wonen Altijd toepasbaar Niet Toepasbaar > I-waarde Altijd toepasbaar Niet Toepasbaar > I-waarde Klasse industrie Klasse industrie Klasse industrie Klasse wonen Altijd toepasbaar Altijd toepasbaar Klasse industrie Klasse industrie Klasse industrie Klasse industrie Altijd toepasbaar Niet Toepasbaar > industrie Niet Toepasbaar > industrie Niet Toepasbaar > industrie Altijd toepasbaar Altijd toepasbaar Klasse industrie Altijd toepasbaar Klasse industrie

M7-1a

30 (38)

Monster

MM7A-BG

Monstertraject (m -mv) 0,13 - 0,60

Boringnummers

> AW

>T

> I (gehalte in mg/kg ds)

BBK monsterconclusie

AR2-4

kobalt,, nikkel,

-

-

Klasse industrie

-

-

Klasse industrie

koper, zink, molybdeen, kwik, lood AR2-5, M7-1a zink, lood, PAK

MM7B-BG

0,12 - 0,50

Tabel 6-4:

Overschrijdingen van toetsingswaarden grondwatermonsters (Circulaire bodemsanering) Verkennend bodemonderzoek en indicatief asbestonderzoek d.d. 16-02-2018

Peilbuis

Filterstelling (m -mv)

>S

>T

>I

16

2,0 - 3,0

barium, kwik

-

-

Tabel 6-5:

Overschrijdingen van toetsingswaarden grondwatermonsters (Circulaire bodemsanering) Verkennend bodemonderzoek en indicatief asbestonderzoek (fase 2) d.d. 04-05-2019

Peilbuis

Filterstelling (m -mv)

>S

>T

>I

13 22

1,5 - 2,5 1,3 - 2,3

barium, xylenen, naftaleen barium

-

-

Tabel 6-6:

Overschrijdingen van toetsingswaarden grondwatermonsters (Circulaire bodemsanering) Nader bodemonderzoek en verkennend asbestonderzoek 2020

Peilbuis

Filterstelling (m -mv)

>S

>T

>I

AR1-6

0,2 - 2,2

-

-

M4-5 M6-3 M9-1

0,3 - 2,3 0,2 - 2,2 0,2 - 2,2

benzeen, xylenen, naftaleen, minerale olie naftaleen xylenen, naftaleen naftaleen

-

-

6.3 Hergebruik op basis van PFAS en bodemvreemde bijmengingen 6.3.1 PFAS De resultaten van de toetsing ter bepaling van de hergebruiksklasse, zijn samengevat in tabel 6-7.

PFAS

Altijd

klasse wonen en industrie

Nooit toepasbaar

toepasbaar

31 (38)

Tabel 6.7:

Indicatieve toetsing hergebruiksklasse op basis van PFAS

Monster

PFOS

PFOA

Overige PFAS-verbindingen

MMP1

Altijd toepasbaar (Klasse landbouw/natuur) Altijd toepasbaar (Klasse landbouw/natuur) Altijd toepasbaar (Klasse landbouw/natuur) Altijd toepasbaar (Klasse landbouw/natuur)

Altijd toepasbaar (Klasse landbouw/natuur) Altijd toepasbaar (Klasse landbouw/natuur) Altijd toepasbaar (Klasse landbouw/natuur) Altijd toepasbaar (Klasse landbouw/natuur)

Altijd toepasbaar (Klasse landbouw/natuur) Altijd toepasbaar (Klasse landbouw/natuur) Altijd toepasbaar (Klasse landbouw/natuur) Altijd toepasbaar (Klasse landbouw/natuur)

MMP2 MMP3 MMP4

Opgemerkt wordt dat de grond van MMP2 (noordwestelijke gedeelte van de locatie) en MMP4 (zuidoostelijke gedeelte van de locatie) op basis van de aangetoonde gehalten aan PFAS niet in grondwaterbeschermingsgebieden en in oppervlaktewater toegepast mag worden. 6.3.2 Bijmengingen, bodemkundige ziekten en invasieve exoten Voor bijmengingen in de grond, bodemkundige ziekten en restanten en zaden van invasieve exoten, geldt het volgende toetsingskader:

Bijmengingen Toepasbaar op landbodem Niet direct toepasbaar op landbodem

Opgemerkt wordt dat naar deze aspecten geen gericht onderzoek is verricht; het zijn slechts waarnemingen op basis van dossieronderzoek en veldbezoek. Op het middelste gedeelte zijn ter plaatse van een aantal boringen en sleuven bodemlagen aangetroffen met plastic en/of meer dan 20% bijmenging met puin. De betreffende lagen zijn ook vanwege de ing van exoten (invasieve planten) gemaakt op de locatie. 6.4 Voorlopige veiligheidsklasse De resultaten, zoals weergegeven in de vorige paragraaf, zijn getoetst aan de veiligheidsnormen. De toetsingsmogelijkheden zijn als volgt:

Vluchtige stof Voldoende Alle stoffen

onvoldoende

Mutagene en carcinogene stoffen

Geen

Veiligheidsklasse

Veiligheidsklasse

veiligheidsklasse

Oranje

rood

Veiligheidsklasse zwart

Niet-vluchtige stof

32 (38)

Met behulp van de rekentool van CROW is de voorlopige veiligheidsklasse op basis van de chemische parameters bepaald op oranje, niet-vluchtig. Dit wordt bepaald door het gehalte aan lood (585 mg/kg ds) binnen de contour van de loodverontreiniging. Op het overige deel va de locatie is geen veiligheidsklasse van toepassing. De definitieve veiligheidsklasse wordt vastgesteld door een hogere of middelbare veiligheidskundige. Een beschrijving van de veiligheidsmaatregelen voor werken in en met verontreinigde grond is opgenomen in bijlage 8.

33 (38)

7

Interpretatie onderzoeksresultaten

7.1

Verontreinigingssituatie

7.1.1 Grond Ter plaatse van de onderzoekslocatie zijn verontreinigingsvlekken en spots met sterk verhoogde gehalten aan zink, lood, koper en nikkel aangetoond. Deze verontreinigingsvlekken worden in paragraaf 7.2 nader beschreven. Tevens zijn ten hoogste matig verhoogde gehalten aan minerale olie aangetoond. Ook dit wordt in paragraaf 7.2 nader beschreven. Buiten deze verontreinigingen zijn er in zowel de boven- als ondergrond van de onderzoekslocatie ten hoogste licht verhoogde gehalten aan zware metalen, PAK, minerale olie en PCB aangetoond. De in het verleden aangetroffen verhoogde gehalten aan PAK (zie paragraaf 2.4) zijn in onderhavige onderzoeken niet bevestigd. at zijn de meest verdachte bodemlagen rondom het volgende: Na het beoordelen van de boorprofielen zijn er over de gehele onderzoekslocatie in het bodemtraject tussen 0,15 en 0,90 m rondom de boringen waar sterk verhoogde gehalten metalen zijn aangetoond. De eerste verdachte bodemlaag betreft een kleilaag, waar sterk tot matig baksteenhoudende en zwak tot sterk puinhoudende bijmengingen zijn waargenomen. De tweede verdachte bodemlaag betreft een zandlaag waar zwak tot matig baksteenen puinhoudende bijmengingen zijn waargenomen. Met zowel het verkennend als het nader onderzoek naar asbest zijn overwegend gehalten aan asbest onder de rapportagegrenzen aangetoond.

De in 2017 met indicatieve analyses aangetroffen verhoogde gehalten aan asbest in de boringen 03 en 08 zijn daarmee niet bevestigd. Alleen in sleuf AR1-2SL is een laag gehalte aan asbest (gewogen gehalte aan asbest van 3,4 mg/kg ds) aangetoond. Dit gehalte geeft geen aanleiding tot aanvullend onderzoek. De aangetroffen verontreinigingen en toetsingsresultaten van onderhavig en reeds uitgevoerde onderzoeken zijn overzichtelijk weergegeven in bijlagen 7-1 t/m 7-8. Daarnaast is in bijlage 7-9 een situatietekening opgenomen met daarin de verontreinigingscontouren ten opzichte van de kadastrale percelen ter plaatse van de onderzoekslocatie. 7.1.2 Grondwater In het grondwater zijn ten hoogste licht verhoogde concentraties zware metalen, aromaten en minerale olie gemeten. 7.2 Gevalsdefinitie en omvangsbepaling De andere twee onderzoeksvragen worden beantwoord in onderstaande subparagraven. Dit betreffen: In welke mate zijn de meest verdachte bodemlagen rondom de in paragraaf 2.4 genoemde boringen verontreinigd met de in paragraaf 2.4 genoemde parameters? Kunnen de genoemde verontreinigingen horizontaal en verticaal worden afgeperkt?

34 (38)

7.2.1 Verontreinigingsvlek zink In het midden tot de noordwestelijke hoek van de onderzoekslocatie zijn in de grond ter plaatse van boringen M1-3, M4-2, M4-4, M4-6a, M4-7, M4-10, M4-11, AR 2-2, AR2-3 en AR 2-6SL in het bodemtraject van 0,07- 0,80 m -mv sterk verhoogde gehalten aan zink aangetoond. Dit is mogelijk gerelateerd aan historische activiteiten met verf en/of houtbewerking. Ter plaatse van sleuf AR2-6SL zijn visueel metaalresten in de bodem waargenomen. De zinkverontreiniging kon ten oosten van sleuf AR2-6SL niet horizontaal afgeperkt worden wegens de nog aanwezige bebouwing ter plaatse van de onderzoekslocatie. Vanwege instortingsgevaar kon hier niet inpandig geboord worden. De zinkverontreiniging is op AR2-6SL na horizontaal afgeperkt tot de tussenwaarde door de omliggende boringen M-1-1, M4-1, M4-3, M4-5, M4-8, M4-9, M4-12, M4-14, M6-1 en AR2-4 waar in grond (0,05 tot 1,40 m -mv) hoogstens licht verhoogde gehalten aan zink zijn aangetoond. De verontreiniging is verticaal afgeperkt tot de tussenwaarde ter plaatse van de boring M4-4 en M4-10 op 0,9 m -mv respectievelijk 0,6 m -mv, waar in de zintuiglijk schone ondergrond ten hoogste licht verhoogde gehalten aan zink zijn aangetoond. De omvang van de verontreiniging binnen de interventiewaardecontour bedraagt tenminste 1.440 m3 (oppervlakte circa 1.800 m2 en gemiddelde dikte circa 0,80 m).

Het gedeelte van de locatie ten oosten van sleuf AR2-6SL was eerder bebouwd dan het westelijk deel van de locatie (zie paragraaf 2.3). Op basis van de beschikbare gegevens kan echter niet worden uitgesloten dat de bodem onder de bebouwing ten oosten van sleuf AR2-6SL ook belast is met zink. Mogelijk kan de omvang van de verontreiniging oplopen tot circa 1.545 m3 (oppervlakte circa 1.930 m2 en dikte verontreinigde bodemlaag van gemiddeld circa 0,80 m). Geconcludeerd wordt dat sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging met zink met een omvang van tenminste 1.440 m3 en mogelijk 1.545 m3. De verontreiniging betreft een historische verontreiniging, gezien de start van (bodembedreigende) activiteiten op de locatie voor de tweede wereldoorlog. 7.2.2. Verontreinigingsspot lood Aan de westzijde van de onderzoekslocatie is ter plaatse van boring 03 uit 2019 (03-19) in het bodemtraject van 0,5 tot 1,0 m -mv een sterk verhoogd gehalte met lood aangetoond. Het gehalte aan lood betreft een geringe overschrijding van de interventiewaarde. Tot 0,5 m -mv is op dit moment een betonvloer aanwezig. Tijdens onderhavig onderzoek zijn bij omliggende boringen M1-1, M1-3, M1-4 en M4-3 ten hoogste licht verhoogde gehalten aan lood aangetoond. Hiermee is de verontreiniging in horizontale richting, behalve in westelijke richting, tot de tussenwaarde afgeperkt.

Het westelijke gedeelte valt buiten de onderzoekslocatie en is derhalve niet onderzocht. De verontreiniging is verticaal tot de achtergrondwaarde afgeperkt op een diepte van circa 1,0 m -mv (mengmonster M5 en M1-4-2). De omvang van de verontreiniging op de onderzoekslocatie bedraagt circa 35 m3 (oppervlakte van circa 72 m2 en dikte van circa 0,50 m). Geconcludeerd wordt dat de verontreiniging met lood een geval van ernstige bodemverontreiniging betreft. 7.2.3. Verontreinigingsvlek koper, nikkel en zink Op het zuidwestelijke deel van de onderzoekslocatie zijn ter plaatse van boring 07 uit 2019 (07-19) en M2-3 in het bodemtraject van circa 0,2 tot 1,0 m -mv gemiddeld matig verhoogde gehalte aan koper en sterk verhoogde gehalten aan nikkel en zink in grond aangetoond.

35 (38)

Ter plaatse van de afperkende boringen M2-1, M2-2, M2-4, M2-5 en boring 08-19 zijn in de grond (0,23 tot 0,70 m -mv) hoogstens licht verhoogde gehalten aan koper, nikkel en zink aangetoond. Hiermee is de koper-, nikkel- en zinkverontreiniging horizontaal in noordelijke en oostelijke richting tot de tussenwaarde afgeperkt. In westelijke richting is de verontreiniging niet afgeperkt. Dit gebied valt echter buiten de onderzoekslocatie en is derhalve niet onderzocht. De verontreiniging is verticaal afgeperkt tot de tussenwaarde ter plaatse van boring M2-4 op 1,10 m -mv, waar in de zintuiglijk schone ondergrond licht verhoogde gehalten aan koper en nikkel zijn aangetoond. Hoewel deze bodemlaag niet is geanalyseerd op zink kan op basis van de overige resultaten van onderhavig onderzoek worden aangenomen dat deze bodemlaag niet verontreinigd is met zink. Daarnaast kwam uit een nadere toetsing van de onderzoeksresultaten van 2019 bleek ook een matig gehalte aan PAK binnen de contour van de koper-, nikkel- en zinkvlek te liggen, die in onderhavig onderzoek niet verder is onderzocht. Binnen enige afstand van boring 07 uit 2019 (07-19) zijn ten hoogste licht verhoogde gehalten aan PAK aangetoond, waarmee wordt verondersteld dat de matige PAK-verontreiniging zich geheel binnen de contour van de koper-, nikkel- en zinkverontreiniging bevindt.

De omvang van de sterke verontreiniging met koper, nikkel en zink in grond bedraagt circa 140 m3 (oppervlakte van circa 175 m2 en dikte van circa 0,8 m). Geconcludeerd wordt dat de verontreiniging met koper, nikkel en zink een geval van ernstige bodemverontreiniging betreft. 7.2.4. Verontreinigingsspot koper en minerale olie Aan de oostelijke kant van de onderzoekslocatie zijn tijdens voorgaand onderzoek bij boring 15 uit 2019 (15-19) in het bodemtraject van 0,05 tot 0,60 m -mv sterk verhoogde gehalten koper, matig verhoogde gehalten minerale olie en licht verhoogde gehalten kwik en lood aangetoond. Bij boring M3-1, M3-2, M3-3 en M3-6 (0,30 tot 0,90 m -mv) zijn tijdens onderhavig onderzoek ten hoogste een licht verhoogd gehalte aan minerale olie en een matig verhoogd gehalte aan koper aangetoond. Hiermee is de verontreiniging in horizontale richting tot de tussenwaarde/interventiewaarde afgeperkt. De verontreiniging met koper is verticaal afgeperkt tot de achtergrondwaarde ter plaatse van boring M3-1 op een diepte van 0,90 m -mv, waarin in de zintuiglijk schone ondergrond geen verhoogde gehalten zijn aangetoond. De omvang van de verontreiniging op de onderzoekslocatie bedraagt circa 30 m3 (oppervlakte van circa 60 m2 en dikte van circa 0,5 m).

Geconcludeerd wordt dat de verontreiniging met koper een geval van ernstige bodemverontreiniging betreft met een matig gehalte aan minerale olie binnen de verontreinigingscontour. 7.2.5. Minerale olie Tijdens onderhavig onderzoek is op het zuidelijke gedeelte van de onderzoekslocatie bij boring M8-3 een matig verhoogd gehalte aan minerale olie aangetoond. Dit matig verhoogd gehalte is horizontaal tot afgeperkt door middel van boringen M8-1, M8-2, M8-4, M8-7 en M8-8a, waar hoogstens licht verhoogde gehalten aan minerale olie zijn aangetoond. Op de onderzoekslocatie zijn in de grond in de nabijheid van de voormalige tanks en de voormalige lakspuitinrichting (zie paragraaf 2.3) en op de overige terreindelen geen sterke verontreinigingen met minerale olie aangetoond.

36 (38)

7.3. Risicobeoordeling In Sanscrit 2.0 is een risicobeoordeling van de vier verontreinigingsvlekken uitgevoerd, waarbij is uitgegaan van het toekomstige gebruik met wonen met tuin, plaatsen waar kinderen spelen en ander groen, bebouwing, infrastructuur en industrie (deels als huidige gebruik en voor wat betreft ander groen als toekomstig gebruik. Voor elk van de gebruiken zijn telkens de maximale (worst-case) gehalten voor de aanwezige stoffen ingevoerd, ondanks dat Sanscrit eigenlijk uitgaat van de gemiddelde gehalten binnen de verontreinigingscontouren. Uit het worst-case scenario aan gehalten en blootstellings-routes volgt dat sanering niet spoedeisend is. 7.4. Veiligheidsaspecten De voorlopige veiligheidsklasse voor het werken in of met de grond binnen de contour van de loodverontreiniging op de onderzoekslocatie vastgesteld op oranje, niet vluchtig. Op het overige deel va de locatie is geen veiligheidsklasse van toepassing.

37 (38)

8. Conclusie en advies 8.1. Conclusie Op de ontwikkelingslocatie Museumkwartier, gelegen tussen de Westhavenkade, Vetteoordskade en de Parallelweg te Vlaardingen is een nader onderzoek naar de (mogelijk) aanwezige verontreiniging met metalen, minerale olie, asbest en PFAS uitgevoerd. Geconcludeerd wordt dat op de locatie sprake is van een ernstig geval van bodemverontreiniging met metalen, bestaande uit vier verontreinigingsvlekken. Dit betreffen verontreinigingsvlekken met de volgende stoffen en omvang: zink in het midden van het noordelijke deel van de locatie met een omvang van tenminste 1.440 m3 en mogelijk 1.545 m3; koper, nikkel en zink in de zuidwestelijke hoek van de locatie met een omvang van circa 140 m3 met binnen de contour tevens een matige PAK-verontreiniging; lood langs de westelijke terreingrens in de noordwestelijke hoek van de locatie met een omvang van circa 35 m3; koper achter de bebouwing aan de oostzijde van de locatie ter hoogte van de bebouwing Westhavenkade 69-70A met een omvang van circa 30 m3 De verontreiniging valt onder de Wet bodembescherming. De verontreiniging betreft, gezien de start van bodembedreigende activiteiten op de locatie voor de tweede wereldoorlog een historische verontreiniging. Uit de risicobeoordeling blijkt dat sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging, waarvan de sanering niet spoedeisend is.

Voor wat betreft de aangetoonde gehalten aan minerale olie, PAK en metalen elders op de locatie buiten de verontreinigingscontouren is ten hoogste sprake van gehalten is ten hoogste sprake van gehalten onder de interventiewaarde. Asbest is niet aangetoond. Voor wat betreft PFAS is de grond herbruikbaar elders. Randvoorwaarde hierbij is, dat grond vrijkomend op het noordwestelijke gedeelte van de locatie op basis van de aangetoonde gehalten aan PFAS niet in grondwater-beschermingsgebieden en in oppervlaktewater toegepast mag worden. Dit geldt mits de grond op basis van de overige parameters toepasbaar is als vermeld in tabellen 6-1 tot en met 6-3. 8.2. Advies Bij grondroerende werkzaamheden of functiewijziging van de bodem ter plaatse van de bodemverontreiniging dient instemming van het bevoegd gezag verkregen te worden (saneringsplan, BUS-procedure tijdelijke uitplaatsing of BUS-procedure immobiel). Er dient binnen de loodcontour gewerkt te worden volgens de veiligheidsoranje, nietVoorafgaand aan de werkzaamheden dient een veiligheidsplan te worden opgesteld en goedgekeurd door een Middelbaar Veiligheidskundige. Buiten de loodcontour is er geen veiligheidsklasse van toepassing. Indien bij werkzaamheden sprake is van overtollige grond, kan (een deel van) deze grond niet zonder behandeling (zeven en/of reiniging) elders worden toegepast.

Geadviseerd wordt eventuele overtollige grond naar een erkende verwerker te brengen. Bodemonderzoek wordt in beginsel steekproefsgewijs uitgevoerd. Ondanks het feit dat Sweco Nederland B.V. bij de uitvoering van deze werkzaamheden aansluit bij landelijke kwaliteitsrichtlijnen en regelgeving, maakt het steekproefsgewijze karakter van het onderzoek het niet mogelijk om garanties af te geven ten aanzien van een eventueel beschreven verontreinigingssituatie. Sweco Nederland B.V. accepteert dan ook geen aansprakelijkheid ten aanzien van mogelijke beslissingen die de opdrachtgever of derden naar aanleiding van het door Sweco Nederland B.V. uitgevoerde bodemonderzoek nemen.

38 (38)

Bijlage 1

Topografische ligging onderzoekslocatie

Topografische ligging Museumkwartier te Vlaardingen Opdrachtgever: Kikx/BPD Projectnummer: 369585 Status: Definitief Datum: 18-2-2020 Schaal: 1:21.111 Formaat: A4 Getekend: TP - Gecontroleerd: JS 0

210

420

630

840

1.0 50

1.260 meter

Esri Nederland, Beeldmateriaal.nl; Esri Nederland, beeldmateriaal.nl; Esri Nederland, Map Contributors Sweco Nederland B.V. Alle rechten voCommunity orbehou den

Bijlage 2

Situatie met sleuven

P: 240 369585_AO_Museumkwartier_Vlaardingen 2. Do Work GIS 369586 Museumkwartier_bodem.mxd 03-02-20 3:40:24 PM

Bijlage 3

Vooronderzoek

Notitie Projectnummer: 350826 Referentienummer: SWNL0203544 Datum: 29-03-2017

1 Inleiding Sweco Nederland B.V. heeft in opdracht van BPD B.V. een inventarisatie gemaakt van de Vlaardingen. Het te ontwikkelen gebied staat weergegeven op bijlage 1. 2 Aanleiding en doelstelling Aanleiding voor deze inventarisatie is de voorgenomen sloop van een aantal opstallen en de herontwikkeling van de locatie tot woongebied. de bodem ter plaatse van het te ontwikkelen gebied. Op basis hiervan kunnen de eventuele alvorens het terrein kan worden her ontwikkeld. 3 Gegevens Bodemloket Uit de gegevens van DCMR Milieudienst Rijnmond (zie bijlage 2) blijkt dat er op en nabij de locatie veel bodemonderzoeken bekend zijn. Daarnaast is een aantal saneringen uitgevoerd op locaties nabij het te ontwikkelen gebied. Slechts twee van deze onderzoeken hebben betrekking op het te ontwikkelen plangebied. In onderstaande tabel zijn de betreffende bodemonderzoeken weergegeven. Tabel 1: Overzicht uitgevoerde bodemonderzoeken (Bodemloket) Onderzoek

Auteur

Nummer

Datum

Verkennend bodemonderzoek

Geofox

Projectnummer P3440/YVK/nh

11-04-2000

Historisch onderzoek Steenplaats ong. te

BK

Projectnummer 20090574

09-09-2009

Vlaardingen DC 062200373-O05

Ingenieurs

Westhavenkade / Steenplaats Vlaardingen

In onderstaande hoofdstukken worden de conclusies uit deze bodemonderzoeken kort besproken. 4 Verkennend bodemonderzoek Westhavenkade / Steenplaats Vlaardingen Het verkennend bodemonderzoek is verricht op vrijwel het geheel te ontwikkelen gebied. Alleen het terreindeel direct achter Westhavenkade 71, Westhavenkade 72 tot en met 74, inclusief het direct achterliggend terrein is niet onderzocht. Het onderzoek richt zich op vier deellocaties, te weten het gehele terrein (A), Westhavenkade 74 (B), Tankinstallatie (C) en Steenplaats 1 tot en met 5 (D). Deze laatste deellocatie maakt geen deel uit van het nu te ontwikkelen plangebied en wordt in onderstaande inventarisatie niet verder behandeld.

Sweco K.P. van der Mandelelaan 41-43 3062 MB Rotterdam Postbus 4381 3006 AJ Rotterdam

T +31 88 811 66 00 www.sweco.nl

Sweco Nederland B.V. Rotterdam Handelsregister 30129769 Statutair gevestigd te De Bilt

Patrick van Aalst T +31 88 811 40 89 M +31 6 13 03 57 80 Patrick.vanAalst@sweco.nl 1 (9)

Uit het onderzoek blijkt op de locatie de bodem (plaatselijk tot 2,0 m -mv) bijgemengd te zijn met puin en plaatselijk met kolengruis. Op verschillende plaatsen wordt ook een oliewaterreactie in de bodem waargenomen. Deze zintuiglijke verontreinigingskenmerken zijn te aanwezigheid van een stedelijke ophoog laag. 4.1 Gehele terrein (A) De bovengrond is plaatselijk matig (boringen 8 en 23) tot sterk (boring 6) verontreinigd met PAK. Voorts zijn in de boven- en ondergrond licht verhoogde gehalten aangetroffen aan minerale olie, PAK en metalen. Plaatselijk is in de boven- en ondergrond EOX verhoogd ten opzichte van de detectiegrens aangetoond. In boring 10 is zintuigelijk olie waargenomen. Het gehalte aan minerale olie is licht verhoogd gemeten. In het grondwater van peilbuis 24 zijn geen verhoogde concentraties gemeten. In het grondwater van peilbuis 29, ter hoogte van de voormalige lakspuitinrichting en de voormalige autosloperij, zijn zink en arseen licht verhoogd gemeten. Een mogelijke oorzaak of bron voor het sterk verhoogde gehalte aan PAK ter plaatse van boring 6 wordt niet gegeven. Niet uitgesloten wordt dat ter plaatse van boring 6 een teerplaats aanwezig is geweest. Ter plaatse van boring 8 heeft een voormalige vuurplaats gestaan. Dit zou een verklaring voor de PAK verontreiniging kunnen zijn.

Ter plaatse van boring 23 is geen directe oorzaak of bron voor het gemeten gehalte aan PAK voor handen. De licht verhoogde gehalten aan metalen en PAK in de grond zijn vermoedelijk gerelateerd aan de bijmenging met puin. Opgemerkt wordt dat in de gemeente Vlaardingen in de bovenste laag van de bodem (0,0-0,5 m-mv) veelvuldig zware metalen en PAK in verhoogde gehalten aanwezig zijn. De betreffende verontreinigingen komen diffuus voor in In dit geval is een bijmenging met puin waargenomen tot een diepte van circa 2 m-mv. De verhoogde gehalten aan metalen in het grondwater zijn mogelijk te relateren aan de voormalige bedrijfsactiviteiten. 4.2 Westhavenkade 74 (B) Ter hoogte van de olieopslag (gelegen buiten de onderzoeksgrens van dit onderzoek, maar binnen het te ontwikkelen plangebied) is peilbuis 28 gesitueerd. In het grondwater zijn geen verhoogde concentraties aan minerale olie en aromaten gemeten. 4.3

Tankinstallatie (C) Voormalige tank 6.000 liter. In het zintuigelijk verontreinigde grondmonster van boring 7 (0,9-1,4 m -mv) is een licht verhoogd gehalte aan benzeen aangetoond. Voor het overige zijn geen verontreinigingen gemeten. In het grondwater (peilbuis 7) zijn geen verhoogde concentraties aan minerale olie of aromaten gemeten. Voormalige tank 5.000 liter.

2 (9)

Zintuigelijk zijn geen olieproducten waargenomen. In de grond (boring 22) is rond het grondwater niveau (1,0-1,5 m -mv) een licht verhoogd gehalte aan benzeen aangetoond. Voor het overige zijn geen verontreinigingen gemeten. In het grondwater (peilbuis 22) zijn licht verhoogde gehalten aan tolueen en xylenen gemeten. Nabij de voormalige a everzuil. In het grondwater (peilbuis 21) zijn licht verhoogde gehalten aan minerale olie en xylenen gemeten. Ter plaatse van de tankinstallatie zijn nog kleine restverontreinigingen aanwezig. De Interventie- en Tussenwaarde overschrijdingen, zoals aangetoond in een onderzoek uit 1997, zijn voor minerale olie niet meer aangetoond. Het betreft geen ernstig geval van bodemverontreiniging. De omvang van de verontreinigingen zijn niet vastgesteld. De tanks zijn zeer waarschijnlijk niet meer aanwezig (blijkt uit interview), maar het onderzoek geeft hier geen zekerheid over. 5 Historisch onderzoek Steenplaats ong. te Vlaardingen DC 062200373-O05 Op de locatie hebben verschillende bodembedreigende activiteiten plaatsgevonden. Uit de diverse archieven wordt echter niet duidelijk waar de teerdistilleerderij gesitueerd is geweest. Op de locatie is in 2000 een betrekkelijk omvangrijk bodemonderzoek uitgevoerd (bovenstaand beschreven). Hieruit is niet gebleken dat op en nabij de locatie een ernstig bodemonderzoek wordt niet noodzakelijk geacht.

6 Conclusies De bodem binnen het plangebied is overwegend licht verontreinigd met minerale olie, PAK en metalen. Plaatselijk is een lichte verontreiniging met benzeen en een matig tot sterke verontreiniging met PAK aangetoond. Het grondwater is (plaatselijk) licht verontreinigd met arseen, zink, minerale olie en vluchtige aromaten. Bij graafwerkzaamheden ter plaatse van de voormalige tankinstallatie dient men alert te zijn op een mogelijke verontreiniging met minerale olie. Ten aanzien van de aangetroffen matig tot sterke PAK verontreiniging is een nader onderzoek noodzakelijk (respectievelijk boring 8, 23 en 6). De overige aangetroffen gehalten zijn dusdanig laag dat deze geen belemmering vormen voor de voorgenomen herontwikkeling van het plangebied tot woongebied. Opgemerkt wordt dat het onderzoek stamt uit 2000 en de analyseresultaten daarmee zijn verouderd. Het onderzoek dient daarom te worden geactualiseerd. Bij het bodemonderzoek is tot op heden geen aandacht besteed aan het voorkomen van asbest in de bodem. Vanwege de aangetroffen puinbijmengingen dient de bodem wettelijk gezien als asbestverdacht te worden beschouwd.

3 (9)

7

Vervolgstappen

gezien in ieder geval de volgende onderzoeken te worden uitgevoerd: locatie dekkend actualiserend bodemonderzoek; nader bodemonderzoek PAK verontreiniging; verkennend asbestbodemonderzoek.

gecombineerd uit te laten voeren. Een gecombineerd bodemonderzoek heeft naar verwachting een doorlooptijd van circa zes weken. De kosten worden door ons globaal

Het moment van uitvoering van dit bodemonderzoek is afhankelijk van de keuze die door BPD wordt gemaakt met betrekking tot de fasering van de sloop van de opstallen.

hoeverre er rekening moet worden gehouden met een eventuele bodemsanering en bijbehorende veiligheidsissues. Indien gekozen wordt voor gefaseerde sloop (bovenbouw en onderbouw gescheiden), kan met het onderzoek worden gewacht tot na de bovengrondse sloop. Gecombineerde sloop bespaard op kosten van sloopvoorbereiding en aanbesteding. onderbouw/bodemsanering. Nadeel van deze werkwijze is echter wel dat er voortijdig kosten gemaakt worden die ook later genomen kunnen worden.

4 (9)

Verantwoording Titel bodem complex Westhavenkade te Vlaardingen Projectnummer

350826

Referentienummer

SWNL0203544

Revisie

D1

Datum

29-03-2017

Auteur(s)

Patrick van Aalst

E-mailadres

Patrick.vanAalst@sweco.nl

Gecontroleerd door

ing. Cees Maurits

Paraaf gecontroleerd

Goedgekeurd door

Drs. Wesley van Breda

Paraaf goedgekeurd

5 (9)

6 (9)

6

23

8

6

6

6

7 (9)

Datum afdruk: 31-01-2017

Waarschuwing: Dit rapport geeft de resultaten weer van uw zoekopdracht. Alleen de door u gekozen thema's worden getoond. De zoekopdracht is gebaseerd op een punt en niet op een vlak. Dit kan betekenen dat er (meer) relevante resultaten zijn voor het door u gezochte adres die niet automatisch zijn geselecteerd. Selecteer in dat geval op de kaart de items handmatig en maak een nieuw of extra rapport. http://www.dcmr.nl/proclaimer

Bodeminformatie Verdachte locaties (Ondergrondse) tanks Onderzoekslocaties

Vergunningen / Meldingen Vergunningen (definitief) Vergunningen (ontwerp aanwezig) Meldingen

Verdachte locaties

Geen data gevonden voor verdachte locaties

(Ondergrondse) tanks

Van roon maritiem b.v. Adres

Van roon maritiem b.v. Westhavenkade 61 Vlaardingen

Opslagtanks Soort tank

Vloeistof

Capaciteit(l) Plaatsingsdatum Saneringdatum Saneringswijze

Bovengronds - niet ommetseld Huisbrandolie 3000

04-05-2000

Verwijderen

Onderzoekslocaties

Parallelweg 2 (AA062200167) Adres

Parallelweg 2 (Vlaardingen)

Beoordeling verontreiniging Vervolg

Ernstig, niet urgent Opstellen SP

Besluiten Datum

Besluit

15-05-1998 besch. ernstig, niet urgent

Status

Document

Definitief 20975552

Rapporten Datum

Soort onderzoek

Adviesbureau Rapportnummer

1 10-06-2011

Verkennend onderzoek NEN 5740 Grondslag

(niet downloadbaar)

2 09-12-1997

Nader onderzoek

Chemielinco

9861705B (niet downloadbaar)

3 12-08-1997

Verkennend onderzoek NVN 5740 Chemielinco

9861705A (niet downloadbaar)

4 06-07-1995

Historisch onderzoek

Chemielinco

9861705C (niet downloadbaar)

5 26-06-1995

Verkennend onderzoek NVN 5740 Chemielinco

943167/820 (niet downloadbaar)

6 11-04-1989

Orienterend bodemonderzoek

Van Dijk

298 (niet downloadbaar)

7 01-01-1989

Orienterend bodemonderzoek

RaMil

(niet downloadbaar)

(Historische) bedrijfsactiviteiten Bedrijf

Beginjaar Eindjaar

timmerwerkplaats

1936

onbekend

hbo-tank (ondergronds)

1982

onbekend

autoreparatiebedrijf

1936

onbekend

metaalconstructiebedrijf

1936

onbekend

machine- en apparatenreparatiebedrijf 1936

onbekend

motorenrevisiebedrijf

1936

onbekend

benzine-service-station

1936

onbekend

Parallelweg 8 (AA062200306) Adres

Parallelweg 8 (Vlaardingen)

Beoordeling verontreiniging Vervolg

Uitvoeren OO

Besluiten Datum

Besluit

28-09-2016 Geen vervolg (geen adm Nazorg)

Status

Document

Definitief 999912831-9999204087 (niet downloadbaar)

Rapporten Datum

Soort onderzoek

Adviesbureau

1 28-12-2007 2 12-06-1991

Rapportnummer (niet downloadbaar)

Orienterend bodemonderzoek MOS Grondmechanica 144 (niet downloadbaar)

(Historische) bedrijfsactiviteiten Bedrijf

Beginjaar Eindjaar

kuiperij

1917

onbekend

goederenopslagplaats

onbekend

onbekend

smederij

1935

onbekend

taanderij (netten touwen zeilen)

onbekend

onbekend

regen- en oliekledingfabriek

1930

onbekend

minerale olieproductengroothandel (geen brandstoffen) 1935

onbekend

brandstoffengroothandel (vloeibaar)

1935

onbekend

aardolieraffinaderij

1935

onbekend

Steenplaats ong. (AA062200373) Adres

Steenplaats ong. (Vlaardingen)

Beoordeling verontreiniging Vervolg

Potentieel Ernstig Uitvoeren aanvullend OO

Rapporten Datum 1 09-09-2009

Soort onderzoek

Adviesbureau Rapportnummer

Historisch onderzoek BK Ingenieurs

(niet downloadbaar)

(Historische) bedrijfsactiviteiten Bedrijf

Beginjaar Eindjaar

touwslagerij

1959

onbekend

ophooglaag met puin en/of bouw- en sloopafval onbekend

heden

teerkokerij

1859

onbekend

teerdestilleerderij

1859

onbekend

Parallelweg 6A (ondergrondse tank) (AA062201072) Adres

Parallelweg 6A (ondergrondse tank) (Vlaardingen)

Beoordeling verontreiniging Vervolg

Pot. verontreinigd Uitvoeren OO

Rapporten Datum 1 13-02-1996

Soort onderzoek Bijzonder inventariserend onderzoek

Adviesbureau Rapportnummer T269 (niet downloadbaar)

Jacob Assendelftplaats 18 - 58 en Vetteoordskade (AA062201336) Adres

Jacob Assendelftplaats 18 - 58 en Vetteoordskade (Vlaardingen)

Beoordeling verontreiniging Vervolg

Potentieel Ernstig Uitvoeren OO

Rapporten Datum 1 21-12-2001

Soort onderzoek

Adviesbureau Rapportnummer

Historisch onderzoek

(Historische) bedrijfsactiviteiten Bedrijf

Beginjaar Eindjaar

timmerfabriek

1950

onbekend

benzinepompinstallatie 1950

onbekend

kistenfabriek

onbekend

1925

(niet downloadbaar)

Vetteoordskade 17 - 19 (AA062200716) Adres

Vetteoordskade 17 - 19 (Vlaardingen)

Beoordeling verontreiniging Vervolg

Niet ernstig, licht tot matig verontreinigd Voldoende onderzocht

Rapporten Datum 1 23-09-1996

Soort onderzoek

Adviesbureau Rapportnummer

Orienterend bodemonderzoek De Straat

9643497 (niet downloadbaar)

(Historische) bedrijfsactiviteiten Bedrijf

Beginjaar Eindjaar

kolenopslagplaats (berging)

onbekend

onbekend

ophooglaag met puin en/of bouw- en sloopafval onbekend

onbekend

Westhavenkade 62 - 74 / Vetteoordsekade 7-15a (AA062200775) Adres Westhavenkade 62 - 74 / Vetteoordsekade 7-15a (Vlaardingen) Beoordeling Potentieel Ernstig verontreiniging Vervolg Uitvoeren NO

Rapporten Datum

Soort onderzoek

Adviesbureau Rapportnummer

1 21-12-2001

Historisch onderzoek

(niet downloadbaar)

2 11-04-2000

Verkennend onderzoek NVN 5740 Geofox

9967930 (niet downloadbaar)

3 27-03-1997

Indicatief onderzoek

9741130 (niet downloadbaar)

4 25-11-1996

Orienterend bodemonderzoek

9741131 (niet downloadbaar)

(Historische) bedrijfsactiviteiten Bedrijf

Beginjaar Eindjaar

verfwarengroothandel

1978

1985

schildersbedrijf

1978

1983

lederwarenindustrie (excl. kleding en schoeisel) 1970

onbekend

touw-, bindgaren- en nettenfabriek

1979

onbekend

hbo-tank (bovengronds)

onbekend

onbekend

houtmeubelfabriek

1939

onbekend

zeilen-, tenten- en dekkledenfabriek

onbekend

onbekend

ophooglaag met puin en/of bouw- en sloopafval onbekend

heden

metaalconstructiebedrijf

1970

onbekend

opslag van aromatische koolwaterstoffen

onbekend

onbekend

auto- en motorensloperij

onbekend

onbekend

meubelververij en -spuiterij

1941

1981

houten emballage-industrie

1942

onbekend

teerkokerij

onbekend

onbekend

benzinepompinstallatie

1980

onbekend

kistenfabriek

1941

onbekend

benzine-service-station

1960

onbekend

textielververij

1979

onbekend

onverdachte activiteit

onbekend

onbekend

Landstraat 80 - 84 (AA062200303) Adres

Landstraat 80 - 84 (Vlaardingen)

Beoordeling verontreiniging Vervolg

Ernstig, geen spoed Voldoende gesaneerd

Besluiten Datum

Besluit

Status

Document

12-01-2012 Instemmen uitgevoerde sanering

Definitief 21299274

03-08-2011 SE opstellen

Definitief 21214377

21-12-2010 Actieve zorg

Definitief 21124865

04-10-2010 Actieve zorg

Definitief 21094482

21-05-2010 Actieve zorg

Definitief 21049569

21-05-2010 Actieve zorg

Definitief 21049569

20-05-2008 beschikking ernstig, geen spoed

Definitief 20718165

Rapporten Datum

Soort onderzoek

Adviesbureau

Rapportnummer

1 18-10-2011

Sanerings evaluatie

TAUW

21260288

2 28-02-2011

Monitoringsrapportage

Gemeente Vlaardingen 1130014 (niet downloadbaar)

3 16-02-2011

Monitoringsrapportage

TAUW

VLD/2011/6186 (niet downloadbaar)

4 05-11-2010

Monitoringsrapportage

Tauw bv

1050018 (niet downloadbaar)

5 05-11-2010

Monitoringsrapportage

TAUW

VLD/2010/35502 (niet downloadbaar)

6 21-07-2010

Monitoringsrapportage

Tauw bv

1038012 (niet downloadbaar)

7 28-06-2010

Monitoringsrapportage

TAUW

(niet downloadbaar)

8 28-01-2010

Monitoringsrapportage

TAUW

(niet downloadbaar)

9 11-12-2009

Monitoringsrapportage

Tauw bv

1019011 (niet downloadbaar)

10 24-06-2009

Sanerings evaluatie

Tauw bv

1019011 (niet downloadbaar)

11 24-06-2009

Monitoringsrapportage

TAUW

(niet downloadbaar)

12 29-01-2009

Monitoringsrapportage

TAUW

(niet downloadbaar)

13 25-11-2008

Monitoringsrapportage

TAUW

(niet downloadbaar)

14 16-07-2008

Monitoringsrapportage

TAUW

(niet downloadbaar)

15 01-05-2006

Saneringsplan

Tauw bv

(niet downloadbaar)

16 01-05-2006

Saneringsplan

Tauw bv

081111 (niet downloadbaar)

17 24-02-2005

Avr (aanvullend rapport)

Tauw bv

081111a (niet downloadbaar)

18 25-10-2004

Nader onderzoek

Tauw bv

081111b (niet downloadbaar)

19 22-03-2004

Orienterend bodemonderzoek

Tauw bv

081111c (niet downloadbaar)

20 05-02-2004

Verkennend onderzoek NEN 5740 Tauw bv

081111d (niet downloadbaar)

(Historische) bedrijfsactiviteiten Bedrijf

Beginjaar Eindjaar

wasblekerij (kleding)

1882

onbekend

kuiperij

1921

onbekend

hbo-tank (ondergronds)

1974

onbekend

wasserij (natwasserij)

1882

onbekend

dieseltank (ondergronds) onbekend

onbekend

benzinepompinstallatie

onbekend

1979

AK (AA062200181) Adres

AK (Vlaardingen)

Beoordeling verontreiniging Vervolg

Besluiten

Ernstig, niet urgent Voldoende gesaneerd

Datum

Besluit

Status

Document

13-08-1999 Instemmen uitgevoerde sanering

Definitief 20975559

09-09-1998 Instemmen met SP

Definitief 943181/840 (niet downloadbaar)

09-09-1998 besch. ernstig, niet urgent

Definitief 943181/840 (niet downloadbaar)

09-09-1998 besch. ernstig, niet urgent

Definitief 943181/840 (niet downloadbaar)

Rapporten Datum

Soort onderzoek

Adviesbureau

Rapportnummer

1 31-10-1998

Sanerings evaluatie

Terron BV

2003/42314 (niet downloadbaar)

2 21-07-1998

Saneringsplan

3 01-01-1998

Sanerings evaluatie

4 01-01-1998

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12336726/1