Bijlage 1 Regionaal Risicoprofiel 2026-2029
Tekst van het document
Beweeglijkheid Stijging
Kennis(on)zekerheid Duidelijk
72 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
De impact is vooral indirect. Bij kwetsbare groepen, zoals ouderen of zieken, kan voedseltekort leiden tot gezondheidsproblemen.
Fysieke veiligheid (impact)
Tijdens de coronapandemie leidde de angst voor lege schappen tot hamsteren en onrust. Voedsel is een primaire levensbehoefte. Voedseltekorten raken direct aan gevoelens van controle en veiligheid.
Subjectieve veiligheid
Het risico neemt toe door geopolitieke instabiliteit, klimaatverandering, afhankelijkheid van import en kwetsbaarheid voor cyberaanvallen. De overheid en het RIVM signaleren toenemende druk op voedselzekerheid. De voedselketen en haar kwetsbaarheden zijn goed in kaart gebracht, maar het blijft lastig te voorspellen hoe mensen en markten reageren op verstoringen.
Er vallen zelden directe slachtoffers, maar er zijn gezondheidsrisico’s bij contact met vervuild water, vooral voor kwetsbare groepen. De impact is beperkt, maar kan bij langdurige uitval relevant worden.
Laag
Weinig zorgen/angst
Beweeglijkheid Stijging
Kennis(on)zekerheid Duidelijk
De meeste mensen zijn niet bekend met RWZI’s. Volgens de Risico- en Crisisbarometer maakt 19% zich zorgen over het stoppen van vitale processen, maar niet specifiek over rioolwaterzuivering. Pas bij zichtbare vervuiling of overlast ontstaan zorgen. De kwetsbaarheid neemt toe door klimaatverandering (meer piekbuien), verouderde infrastructuur, toename van medicijnresten en ZZS in afvalwater en digitalisering van zuiveringsprocessen. Er is veel technische kennis over RWZI’s en hun werking. Wel blijft er onzekerheid over de langetermijneffecten van ZZS en medicijnresten in het gezuiverde afvalwater dat uit een RWZI komt (het effluent), en over de werking van installaties bij piekbelasting. De Unie van Waterschappen en het RIVM benadrukken de noodzaak van investeringen in robuustheid en digitale weerbaarheid. REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 73
(Poging tot) zelfdoding
5.4.17 (Poging tot) zelfdoding
impact op de omgeving, zoals familie, omstanders en hulpverleners.
Evenementen (verstoringen publiekveiligheid) 5.4.18 Evenementen (verstoringen publiekveiligheid)
(Poging tot) zelfdoding is het opzettelijk beëindigen of willen beëindigen van het eigen leven. Het is een ingrijpende gebeurtenis, die meestal voortkomt uit een combinatie van psychische, sociale en soms lichamelijke problemen. Het risico heeft niet alleen te maken met de persoon zelf, maar heeft ook
Evenementen zijn georganiseerde bijeenkomsten van mensen, zoals festivals, sportwedstrijden en culturele activiteiten. Ook kleine buurfeesten of grootschalige meerdaagse evenementen vallen hieronder. Het risico bij evenementen gaat over incidenten die de veiligheid,
Scoringstabel
Scoringstabel
Beoordelingscriterium
Score
Waarschijnlijkheid Waarschijnlijk
Toelichting
Beoordelingscriterium
Zelfdoding komt relatief vaak voor in de regio Rotterdam-Rijnmond. Jaarlijks overlijden ongeveer 110 mensen door zelfdoding, en het aantal pogingen ligt nog hoger. De regio scoort boven het landelijk gemiddelde. Experts noemen dit een van de meest voorkomende thema’s binnen het domein Gezondheid.
Waarschijnlijkheid
Score
Toelichting
Mogelijk
Ramppotentieel Ramppotentieel Aanzienlijk
Cascade-effecten (kettingreacties)
Per incident is er meestal één slachtoffer, al kunnen meerdere mensen betrokken zijn. Er is geen sprake van schaarste of grootschalige maatschappelijke verstoring, behalve druk op de geestelijke gezondheidszorg. Spoor- of wegvervoer, maatschappelijke onrust.
gezondheid of openbare orde kunnen verstoren. De score is gebaseerd op de situatie in 2025, waarin de VRR nog advies geeft over A-, B- en C-evenementen. Vanaf 2026 adviseert de VRR niet meer bij A-evenementen (een A-evenement is een evenement met weinig invloed op de omgeving, zoals een klein festival, braderie of een straatspeeldag).
Ernstig
Cascade-effecten (kettingreacties)
In de regio vinden jaarlijks honderden evenementen plaats. Kleine incidenten, zoals medische noodgevallen, vechtpartijen of overlast, komen regelmatig voor. Ook spontane bijeenkomsten, bijvoorbeeld door influencers, kunnen onverwachte risico’s veroorzaken. Ernstige incidenten zijn zeldzaam, maar kunnen wel grote gevolgen hebben. Denk aan verdrukking in een menigte, brand of een aanslag, met mogelijk tientallen slachtoffers. De regio houdt hier rekening mee in veiligheidsplannen en scenario’s. Paniek in menigte, verstoring openbare orde, infectieziekten humaan (bij mensen), brand EOS-accu.
3-4 effecten
1-2 effecten
Fysieke veiligheid (impact) Middel
Subjectieve veiligheid Weinig zorgen
Beweeglijkheid Stabiel
Het aantal doden is relatief hoog, maar de impact op het dagelijks leven en de infrastructuur is beperkt. De experts benadrukken dat het vooral gaat om persoonlijk leed, en dat het thema belangrijk is om beleid te kunnen verbeteren.
Fysieke veiligheid (impact) Zeer laag
Subjectieve veiligheid
Volgens onderzoek van het Trimbos Instituut krijgt ongeveer een kwart van de Nederlanders ooit te maken met een depressie. Toch zijn er weinig directe zorgen of angst voor zelfdoding in de samenleving. De cijfers blijven over de jaren heen redelijk stabiel. Wel zijn er signalen dat de gebruikte methoden veranderen, bijvoorbeeld meer chemische zelfdodingen. De experts zien geen duidelijke stijging of daling is.
Doden door verdrukking of geweld komen zelden. Dat komt door goede voorbereiding, risicobeoordeling en de advisering van evenementen. Meestal gaat het om individuele ongevallen die snel kunnen worden opgevangen.
Weinig zorgen/angst
Beweeglijkheid Stijging
Kennis(on)zekerheid Kennis(on)zekerheid Duidelijk
74 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
Zelfdoding is goed onderzocht en er is veel kennis beschikbaar. Alleen over nieuwe middelen en methoden bestaat nog onzekerheid, waardoor voortdurende kennisontwikkeling nodig blijft.
Bekend
Bezoekers komen vrijwillig naar evenementen en voelen zich over het algemeen veilig. Mensen met zorgen blijven vaak weg. De angst in de samenleving voor incidenten op evenementen is daarom beperkt. Het risicobeeld verandert door nieuwe dreigingen, zoals extremisme, extreme weersomstandigheden of gezondheidsrisico’s. Ook de aard van evenementen verandert snel, met nieuwe formats, locaties en publieksgroepen. Er is veel kennis beschikbaar bij de GHOR, GGD en veiligheidsregio. Nieuwe inzichten over bijvoorbeeld crowd dynamics en hittestress vragen wel om regelmatige aanpassing van plannen en protocollen.
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 75
Accidentele (acute) vergiftiging
5.4.19 Accidentele (acute) vergiftiging
deze categorie vallen ook vergiftigingen door drug en alcohol.
Uitval / verstoring afvalverwerking
5.4.20 Uitval / verstoring afvalverwerking
Een acute vergiftiging ontstaat wanneer iemand plotseling schadelijke stoffen binnenkrijgt, inademt of via de huid opneemt. Dit kan ernstige gezondheidsproblemen veroorzaken en soms zelfs dodelijk zijn. Volgens de CBS-definitie gaat het om accidentele vergiftiging, dus niet om zelfdoding of moord. Onder
Afvalverwerking omvat het inzamelen, vervoeren, verwerken, recyclen en verwijderen van afvalstoffen. Een verstoring kan ontstaan door bijvoorbeeld extreme weersomstandigheden, technische storingen of logistieke problemen. Dit kan leiden tot ophoping van afval, gezondheidsrisico’s en schade aan het milieu.
Scoringstabel
Scoringstabel
Beoordelingscriterium
Score
Waarschijnlijkheid Zeer waarschijnlijk
Ramppotentieel Beperkt
Cascade-effecten (kettingreacties)
Toelichting
Beoordelingscriterium
Acute vergiftiging komt zeer vaak voor. De hulpdiensten worden dagelijks opgeroepen voor uiteenlopende situaties, van vergiftiging door schoonmaakmiddelen of planten tot drugsincidenten. De regio Rotterdam-Rijnmond heeft landelijk het hoogste aantal meldingen bij de adviseur gevaarlijke stoffen (AGS) en de geneeskundige adviseur gevaarlijke stoffen (GAGS).
Waarschijnlijkheid
De gevolgen per incident zijn meestal beperkt. Alleen bij grootschalige gebeurtenissen of als vergiftiging het gevolg is van een ander risico (zoals een industrieel ongeval) kan de impact groter worden.
Fysieke veiligheid (impact) Middel
Subjectieve veiligheid Weinig zorgen
Beweeglijkheid Stabiel
Toelichting
Mogelijk
Ramppotentieel Aanzienlijk
Cascade-effecten (kettingreacties) 3-4 effecten
Wegvervoer, gevaarlijke stoffen in de woonomgeving. 1-2 effecten
Score
Fysieke veiligheid (impact) In de regio overlijden jaarlijks meerdere mensen aan acute vergiftiging. Er zijn ook veel meldingen bij het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum (NVIC), waaronder ook over dieren. De gevolgen zijn vooral individueel, maar wel van betekenis. Mensen maken zich in het dagelijks leven weinig zorgen over acute vergiftiging. Wel is er bewustzijn, bijvoorbeeld over het veilig opbergen van schoonmaakmiddelen of over stankincidenten. Media-aandacht kan tijdelijk zorgen vergroten.
Duidelijk
76 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
Mogelijk gevolgen zijn verstoring openbare orde, chronische blootstelling (incl. zeer zorgwekkende stoffen), problematische fauna.
Laag
Weinig zorgen/angst
Voor de meeste mensen is afvalverwerking een vanzelfsprekende dienst. Pas bij zichtbare overlast, zoals vuilnis op straat of stank, ontstaat onrust. Structureel leeft dit risico nauwelijks in de samenleving. Minder dan 5% van de bevolking maakt zich hier regelmatig zorgen over.
Subjectieve veiligheid
Beweeglijkheid
Het aantal incidenten blijft over de jaren heen ongeveer gelijk. Er is geen duidelijke stijging of daling zichtbaar. De aard van de vergiftigingen is divers. De meeste stoffen en hun effecten zijn goed bekend. Alleen bij nieuwe of minder onderzochte stoffen is soms aanvullend onderzoek nodig. Volgens experts is het risico goed te duiden en voldoende in beeld.
In een realistisch worstcasescenario, zoals langdurige uitval van meerdere verbrandingsinstallaties of een cyberaanval, kunnen honderdduizenden mensen worden geraakt. De maatschappelijke en economische schade kan groot zijn, al zijn dodelijke slachtoffers onwaarschijnlijk.
Er vallen zelden directe slachtoffers. Wel zijn er risico’s op blootstelling aan schadelijke stoffen, vooral bij onjuiste opslag of verwerking van chemisch afval of zeer zorgwekkende stoffen. De impact is laag, maar niet te negeren.
Stijging
Kennis(on)zekerheid Kennis(on)zekerheid
Structurele uitval is zeldzaam, maar tijdelijke verstoringen komen geregeld voor, bijvoorbeeld door stakingen, brand of capaciteitsproblemen. Lokale of sectorale problemen doen zich jaarlijks tot maandelijks voor.
Duidelijk
De kwetsbaarheid van de afvalketen neemt toe door toename van afvalstromen, strengere milieueisen, personeelstekorten, digitalisering en cyberdreigingen en geopolitieke factoren (zoals het eigenaarschap van AVR). Er is veel kennis over afvalstromen, verwerking en risico’s. Wel bestaat er onzekerheid over de langetermijneffecten van zeer zorgwekkende stoffen (ZZS), microplastics en medicijnresten. Het RIVM pleit voor robuustere en duurzamere verwerking van afval.
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 77
Overstroming buitendijks
5.4.21 Overstroming buitendijks Buitendijkse gebieden liggen achter dijken of andere waterkeringen en zijn daardoor kwetsbaar bij hoge waterstanden vanuit zee of rivieren. Een klein deel van deze gebieden is beschermd door stormvloedkeringen, maar de meeste liggen buitendijks en hoger dan het gemiddelde waterniveau. In de regio Rotterdam-
Rijnmond wonen meer dan 50.000 mensen buitendijks. Ook een groot deel van de Rotterdamse haven ligt buitendijks. Door klimaatverandering nemen de risico’s toe, vooral in gebieden met veel bewoning, industrie of infrastructuur.
Scoringstabel Beoordelingscriterium
Chronische blootstelling (incl. zeer zorgwekkende stoffen) 5.4.22 Chronische blootstelling (incl. zeer zorgwekkende stoffen) Chronische blootstelling betekent langdurig of herhaald contact met schadelijke stoffen of omstandigheden, waardoor op termijn gezondheidsproblemen kunnen ontstaan. Dat kan via lucht, water, voedsel of huidcontact. Binnen dit thema vallen
Scoringstabel Score
Waarschijnlijkheid Mogelijk
Ramppotentieel Aanzienlijk
Cascade-effecten (kettingreacties)
Toelichting
Beoordelingscriterium
Een overstroming buitendijks is mogelijk, vooral bij een combinatie van springtij en storm, soms samen met hoge rivierafvoer. In sommige gebieden staan kades tientallen keren per jaar onder water. De kans op een ernstige overstroming is klein, maar niet uitgesloten. De Europoortkering, Maeslantkering en Hartelkering beperken het risico deels, maar een groot deel van het gebied ligt buiten hun bescherming en staat direct onder invloed van de zee.
Waarschijnlijkheid
De schade kan lokaal groot zijn: woningen, infrastructuur en bereikbaarheid kunnen worden aangetast. In laaggelegen gebieden of souterrains kan water binnendringen. De totale impact is kleiner dan bij binnendijkse overstromingen, maar kan regionaal merkbaar zijn door keteneffecten, bijvoorbeeld in de haven. Mogelijke effecten zijn verstoring/uitval verkeer en vervoer, maatschappelijke onrust, impact op vitale processen.
3-4 effecten
Fysieke veiligheid (impact)
Score
Toelichting
Waarschijnlijk
Ramppotentieel
Cascade-effecten (kettingreacties)
Maatschappelijke onrust. 1-2 effecten
Fysieke veiligheid (impact) Laag
Subjectieve veiligheid Subjectieve veiligheid Weinig zorgen
Beweeglijkheid Stijging
Kennis(on)zekerheid Duidelijk
Veel bewoners weten niet dat ze buitendijks wonen en zijn zich niet bewust van het risico. Daardoor is de risicoperceptie laag. Gemeenten en waterschappen wijzen erop dat het bewustzijn over dit thema vergroot moet worden. Onderzoeken laten wisselende resultaten zien, wat de beoordeling lastig maakt. Het risico neemt toe door zeespiegelstijging, bodemdaling en uitbreiding van bebouwing in buitendijkse gebieden. Maatregelen als kadeverhoging en klimaatadaptatie helpen, maar beperken het risico niet volledig . Er is veel technische kennis beschikbaar via kaarten en stresstesten. Het risico is goed te onderbouwen, maar het bewustzijn bij bewoners en bedrijven blijft achter. Daardoor blijft dit thema bestuurlijk belangrijk.
In de regio komen verschillende schadelijke stoffen voor. PFAS wordt nog steeds uitgestoten, terwijl de aanwezigheid van asbest afneemt door sanering. Nieuwe stoffen blijven echter ontstaan, waardoor het risico aanwezig blijft. De gevolgen zijn meestal niet acuut of grootschalig. Chronische blootstelling veroorzaakt vooral individuele gezondheidsproblemen die zich langzaam ontwikkelen. Het thema is bestuurlijk belangrijk vanwege vergunningverlening, toezicht en de gevolgen voor de volksgezondheid.
Beperkt
Het aantal directe slachtoffers is beperkt. Evacuaties kunnen nodig zijn en er is risico op letsel door wateroverlast. De impact op mens en dier is klein, niet verwaarloosbaar.
Laag
78 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
ook de zogenoemde Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS), zoals PFAS en asbest. Deze stoffen hebben ernstige en langdurige effecten op mens en milieu.
Er zijn geen directe slachtoffers, maar wel gezondheidsrisico’s op lange termijn. De impact is verspreid over tijd en per individu verschillend. Experts benadrukken dat dit risico zich vooral langzaam opbouwt en moeilijk zichtbaar is.
Zorgen
De angst en bezorgdheid onder burgers zijn groot, vooral bij media-aandacht of incidenten. Uit onderzoek van het RIVM naar PFAS in het bloed blijkt dat de bezorgdheid niet heeft geleid tot meer meldingen, maar dat het onderwerp wel leeft iin de samenleving.
Stabiel
Blootstelling aan gevaarlijke stoffen blijft een belangrijk onderwerp en wordt soms gebruikt als middel door andere landen. Nieuwe stoffen blijven opduiken en de maatschappelijke gevoeligheid neemt toe. We blijven dit thema actief monitoren.
Beweeglijkheid
Kennis(on)zekerheid Bekend
Sommige stoffen, zoals PFAS en asbest, zijn goed onderzocht. Andere, zoals microplastics, veel minder. De onzekerheid zit vooral in nieuwe stoffen en hun effecten op lange termijn.
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 79
Ongevallen spoorvervoer (gevaarlijke stoffen) 5.4.23 Ongevallen spoorvervoer (gevaarlijke stoffen)
tot brand, explosie of giftige uitstoot. In stedelijke gebieden kan dit grote gevolgen hebben voor de omgeving, zoals evacuaties of langdurige verstoringen.
Wind
5.4.24 Wind
Via het spoor worden in de regio Rotterdam-Rijnmond veel gevaarlijke stoffen vervoerd, zoals brandbare, giftige, explosieve of chemische materialen. Dit gebeurt over reguliere spoorlijnen en industriële trajecten, waaronder de Betuweroute. Een incident kan leiden
Wind is een natuurlijk verschijnsel dat invloed heeft op het dagelijks leven, de leefomgeving en de veiligheid. Wind kan uiteenlopen van milde wind tot zware storm of windhoos. Vooral stormen kunnen aanzienlijke schade veroorzaken aan gebouwen, infrastructuur en de veiligheid.
Scoringstabel
Scoringstabel
Beoordelingscriterium
Score
Waarschijnlijkheid Zeer onwaarschijnlijk
Ramppotentieel Catastrofaal
Toelichting
Beoordelingscriterium
Grote incidenten, zoals een BLEVE (explosie van een gaswolk), komen zelden voor. Het risico blijft echter aanwezig door de aard van de stoffen en de ligging van het spoor.
Waarschijnlijkheid
Een groot incident met brandbare of giftige stoffen in stedelijk gebied kan leiden tot veel slachtoffers en langdurige ontwrichting van de samenleving.
Score
Toelichting
Mogelijk
Ramppotentieel Ernstig
Cascade-effecten (kettingreacties) 3-4 effecten
Fysieke veiligheid (impact)
Verstoring/uitval zorgcontinuïteit, verstoring/uitval afhandeling verkeer en vervoer, maatschappelijke onrust, gevaarlijke stoffen in de woonomgeving. In de regio van VRR heeft zich nog geen groot spoorongeval met gevaarlijke stoffen voorgedaan. De kans op aantasting van de fysieke veiligheid is daardoor zeer laag.
Zeer laag
Subjectieve veiligheid Weinig zorgen
Bewoners maken zich doorgaans weinig zorgen, tenzij er een incident plaatsvindt of veel mediaaandacht is.
Cascade-effecten (kettingreacties)
Fysieke veiligheid (impact)
Jaarlijks raken mensen gewond door vallende objecten of omvallende bomen. Het aantal dodelijke slachtoffers is beperkt, maar de impact is merkbaar.
Laag
Weinig zorgen
Stijging
Duidelijk
Er is veel kennis aanwezig bij partijen als ProRail, ILT en de veiligheidsregio. Scenario’s en risico’s zijn goed in beeld.
Beweeglijkheid Stijging
Kennis(on)zekerheid Duidelijk
80 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
Stormen kunnen aanzienlijke schade veroorzaken aan gebouwen, openbaar vervoer en infrastructuur. Bomen kunnen omvallen op wegen en spoorlijnen, bruggen raken beschadigd en bouwlocaties worden onveilig. De economische schade is vaak groot.
1-2 effecten
Nieuwe regelgeving en veranderingen kunnen het risico verhogen.
Kennis(on)zekerheid
Jaarlijks komt er minimaal één flinke storm voor in de regio, vaak met schade. Valwinden zijn grillig en plaatselijk, maar nemen in frequentie toe. De impact hangt af van bebouwing, begroeiing en infrastructuur.
Verstoring/uitval verkeer en vervoer, verstoring/uitval elektriciteitsvoorziening.
Subjectieve veiligheid Beweeglijkheid
Nederland kent twee stormseizoenen: van oktober tot en met maart en van april tot en met september. Stormen buiten deze perioden zijn zeldzamer, maar kunnen lokaal toch grote schade aanrichten.
Het bewustzijn over stormrisico’s groeit, vooral bij incidenten met veel schade. Media-aandacht kan het gevoel van onveiligheid vergroten, vooral in gebieden met veel bomen of hoogbouw. Klimaatverandering zorgt voor vaker en heviger stormen en lokale windverschijnselen. Ook de verstedelijking beïnvloedt schadepatronen.
De effecten van wind zijn goed onderzocht. Er bestaan maatregelen zoals preventief snoeien en stormwaarschuwingen. Toch blijft de precieze schade moeilijk te voorspellen door lokale verschillen.
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 81
Incident luchtvaart
5.4.25 Incident luchtvaart
regio Rotterdam-Rijnmond ligt één luchthaven: Rotterdam The Hague Airport (RTHA).
Paniek in menigten
5.4.26 Paniek in menigten
slachtoffers. Zulke situaties komen zelden voor, maar de gevolgen kunnen ernstig zijn.
Luchtvaartongevallen zijn incidenten met civiele of militaire vliegtuigen. Ze hebben vaak grote gevolgen voor de inzittenden en soms ook voor mensen op de grond. De luchtvaart geldt als een zeer veilige sector, maar een enkel ongeval kan leiden tot een ramp met veel slachtoffers. In de
Paniek in een menigte kan ontstaan bij grote groepen mensen, bijvoorbeeld tijdens evenementen, demonstraties en voetbalwedstrijden. Als paniek uitbreekt, reageert de menigte vaak massaal, waardoor mensen kunnen vallen en worden verdrukt. Dit kan leiden tot gewonden of zelfs dodelijke
Scoringstabel
Scoringstabel
Beoordelingscriterium
Score
Waarschijnlijkheid Onwaarschijnlijk
Toelichting
Beoordelingscriterium
In 2024 deden zich bij RTHA geen dodelijke ongevallen voor. Wel kwamen enkele incidenten voor, zoals een brandwaarschuwing in een motor en een tijdelijk hoogteverlies. De kans op een ernstig ongeval is klein door de hoge veiligheidsnormen en strikte controle.
Waarschijnlijkheid
Score
Toelichting
Onwaarschijnlijk
Ramppotentieel Ramppotentieel Catastrofaal
Cascade-effecten (kettingreacties)
Een crash van een passagiersvliegtuig kan tientallen tot honderden slachtoffers veroorzaken, zowel aan boord als op de grond. Vooral bij een ongeval in dichtbebouwd gebied is de impact zeer groot. Brand gebouw, instorting, maatschappelijke onrust, verstoring zorgcontinuïteit.
Zeer ernstig
Cascade-effecten (kettingreacties)
In de regio zijn nauwelijks slachtoffers gevallen door luchtvaartincidenten. De feitelijke aantasting van de fysieke veiligheid is daarom zeer laag, ondanks de mogelijke gevolgen van een worstcasescenario.
Zeer laag
Subjectieve veiligheid Weinig zorgen
De meeste mensen ervaren vliegen als veilig. Wereldwijde incidenten kunnen tijdelijk zorgen oproepen, maar structureel leeft dit risico weinig onder de bevolking.
Verstoring zorgcontinuïteit.
Fysieke veiligheid (impact)
In de regio VRR zijn tot nu toe geen dodelijke incidenten door menigtegedrag geregistreerd. De feitelijke impact is dus laag, maar het potentiële risico bij escalatie blijft aanwezig.
Zeer laag
Subjectieve veiligheid Weinig zorgen/angst
Beweeglijkheid Beweeglijkheid Stabiel
Kennis(on)zekerheid Duidelijk
82 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
De luchtvaartsector is stabiel en sterk gereguleerd. Er vindt voortdurend monitoring, analyse en verbetering plaats. Er is veel kennis en ervaring beschikbaar over luchtvaartveiligheid. Incidenten worden uitgebreid onderzocht, waarna aanbevelingen leiden tot verbeteringen in beleid en techniek.
Paniek in een afgesloten of overvolle ruimte kan leiden tot meerdere doden of zwaargewonden. Buitenlandse incidenten tonen aan dat de gevolgen zeer ernstig kunnen zijn. Ook schade aan cultureel erfgoed is mogelijk.
1-2 effecten
3-4 effecten
Fysieke veiligheid (impact)
In de regio zijn geen recente dodelijke incidenten bekend. Toch blijft het risico aanwezig bij drukbezochte evenementen of situaties met beperkte vluchtroutes.
Stijging
Kennis(on)zekerheid Bekend
Bezoekers van evenementen zijn zich meestal niet bewust van dit risico. Angst ontstaat pas als zich daadwerkelijk een incident voordoet. Door grotere bezoekersaantallen, extremere weersomstandigheden en maatschappelijke spanningen neemt het risico toe. Organisatoren treffen maatregelen zoals bufferzones en crowd control, maar kwetsbaarheden blijven bestaan. Er is veel kennis over crowd management en gedragsbeïnvloeding. Toch blijft paniekgedrag deels onvoorspelbaar. Kleine triggers kunnen grote effecten hebben.
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 83
Droogte
5.4.27 Droogte Droogte is een periode waarin langere tijd minder neerslag valt dan gemiddeld, terwijl de verdamping toeneemt. Hierdoor ontstaat een neerslagtekort. Er zijn verschillende vormen van droogte: bodemdroogte, waarbij de bodem en het grondwater
uitdrogen, en hydrologische droogte, waarbij beken en rivieren minder water afvoeren. Elke vorm brengt eigen risico’s en gevolgen met zich mee.
Scoringstabel Beoordelingscriterium
Radioactieve stoffen (stralingsongevallen)
5.4.28 Radioactieve stoffen (stralingsongevallen) Radioactieve stoffen zenden ioniserende straling uit, zoals alfa-, bèta- of gammastraling. Ze worden gebruikt in de medische sector, de industrie, voor onderzoek en bij energieopwekking. Het risico van deze stoffen ligt in ongecontroleerde verspreiding,
Scoringstabel Score
Waarschijnlijkheid Mogelijk
Ramppotentieel Aanzienlijk
Cascade-effecten (kettingreacties)
Toelichting
Beoordelingscriterium
Droogte komt vrijwel elk jaar voor, vooral in de zomer. Klimaatscenario’s tonen aan dat duur en intensiteit toenemen. In de regio Rotterdam-Rijnmond blijkt dit uit dalende grondwaterstanden en toenemende druk op waterbeheer.
Waarschijnlijkheid
Droogte kan leiden tot verzakkingen van gebouwen, vooral bij houten paalfunderingen. Ook drinkwaterwinning, natuur en landbouw komen onder druk te staan. In duingebieden kan een tekort aan bluswater ontstaan, wat de brandweer beperkt. De economische schade kan oplopen door schade aan infrastructuur en bedrijfsprocessen.
Ramppotentieel
Verzakking/instorting, verstoring drinkwatervoorziening, verstoring afhandeling verkeer en vervoer.
Cascade-effecten (kettingreacties)
Fysieke veiligheid (impact)
Droogte leidt zelden tot directe slachtoffers, maar kan indirecte risico’s veroorzaken, zoals gezondheidsklachten door hitte, stofvorming of verminderde waterkwaliteit. Indirecte schade aan gebouwen en infrastructuur kan leiden tot onveilige situaties. Ook kan er een tekort aan bluswater ontstaan.
Zeer laag
Subjectieve veiligheid Weinig zorgen
Beweeglijkheid Stijging
Kennis(on)zekerheid Bekend
In stedelijke gebieden is het bewustzijn over droogte is beperkt. In agrarische gebieden, zoals Goeree, leeft de zorg meer. De beleving verschilt per regio en beroepsgroep. Droogte is een toenemend risico. Door klimaatverandering ontstaan langere drogere periodes, met gevolgen voor natuur, infrastructuur en economie. Ook verzilting en bodemdaling nemen toe. De effecten van droogte zijn bekend, maar verschillen per gebied. Inzicht in grondwaterstanden en bodemgesteldheid is niet overal volledig. Ook ruimtelijke ontwikkelingen en menselijk gedrag maken het risico complex.
Score
Toelichting
Onwaarschijnlijk
Zeer ernstig
In de regio Rotterdam-Rijnmond zijn geen recente incidenten met radioactieve stoffen gemeld. Landelijk komen slechts kleine incidenten voor. Door strenge regelgeving en toezicht is het risico laag.
Hoewel het aantal directe slachtoffers beperkt kan zijn, kan de maatschappelijke, economische en bestuurlijke impact groot zijn. Denk aan evacuaties, langdurige sanering en reputatieschade.
Paniek in menigten, openbare-ordeverstoringen, maatschappelijke onrust, explosie. 3-4 effecten
3-4 effecten
84 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
blootstelling van mensen of milieu aan straling en de moeilijkheid om een incident snel te beheersen.
Fysieke veiligheid (impact) Zeer laag
Subjectieve veiligheid Weinig zorgen/angst
Beweeglijkheid
In Nederland komen nauwelijks incidenten voor met directe fysieke schade door radioactieve stoffen. De impact op gezondheid is zeer beperkt.
Het feitelijke risico is laag, maar incidenten met straling veroorzaken vaak grote maatschappelijke onrust. Veel mensen zijn onvoldoende geïnformeerd over de werkelijke risico’s en maatregelen. De sector is sterk gereguleerd en er zijn signalen dat het risico toeneemt.
Stabiel
Kennis(on)zekerheid Duidelijk
Nederland beschikt over uitgebreide kennis en meetnetwerken, zoals het Nationaal Meetnet Radioactiviteit. Incidenten worden snel opgespoord en geanalyseerd.
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 85
Uitval / verstoring drinkwatervoorzieningen 5.4.29 Uitval / verstoring drinkwatervoorzieningen In Nederland is drinkwater dag en nacht beschikbaar. In de regio Rotterdam-Rijnmond leveren drie bedrijven dit water: Evides, Oasen en Dunea. Er zijn twee soorten drinkwaterincidenten. Een kwantitatief incident houdt in dat er geen of te weinig water uit de kraan komt; bij een kwalitatief incident voldoet het water niet aan de kwaliteitseisen. Een kwaliteitsprobleem kan ontstaan door werkzaamheden, verkeerde aansluitingen, een defecte terugslagklep of opzettelijke vervuiling. Als het
gaat om een microbiologische verontreiniging, wordt een kookadvies afgegeven: het water moet dan drie minuten worden doorgekookt voordat het gedronken kan worden. Duurt een kwantitatieve storing langer dan 24 uur en zijn er meer dan 1.000 aansluitingen getroffen, dan geldt een noodvoorziening van drie liter drinkwater per persoon per dag. Bij uitval van energie of telecom moeten de drinkwaterbedrijven tien dagen zelfstandig kunnen blijven leveren. Op de lange termijn komt de zekerheid van drinkwaterlevering onder druk te staan door klimaatverandering, bevolkingsgroei en beperkte waterreserves.
Scoringstabel Beoordelingscriterium
5.4.30 Dierziekten (incl. zoönose) Zoönosen zijn infectieziekten die kunnen worden overgedragen van dieren op mensen. Ze kunnen veroorzaakt worden door bacteriën, virussen, parasieten of schimmels. Bekende voorbeelden zijn salmonella, botulisme, Q-koorts, vogelgriep en in sommige gevallen ook COVID-19.
Het risico gaat niet alleen over directe besmetting van mensen, maar ook over de gevolgen voor volksgezondheid, diergezondheid en voedselveiligheid.
Scoringstabel Score
Waarschijnlijkheid Onwaarschijnlijk
Ramppotentieel Ernstig
Cascade-effecten (kettingreacties)
Toelichting
Beoordelingscriterium
Ernstige incidenten waarbij de levering in gevaar komt, zijn zeldzaam (ongeveer eens per vijf jaar). Grootschalige uitval komt bijna niet voor. Kleine verstoringen zijn normaal, maar het systeem is robuust en goed voorbereid op calamiteiten. Lokale storingen komen vaker voor dan regionale.
Waarschijnlijkheid
Bij langdurige uitval ontstaan problemen met voedselbereiding, hygiëne en zorgprocessen. Ook de riolering wordt geraakt, omdat toiletten niet meer kunnen doorspoelen. De gevolgen zijn niet catastrofaal, maar wel ernstig in stedelijke gebieden of bij uitval van vitale infrastructuur. Brandkranen en sprinklerinstallaties werken dan ook niet. Verstoring zorgcontinuïteit, maatschappelijke onrust, uitval/verstoring voedselvoorziening.
3-4 effecten
Fysieke veiligheid (impact)
Subjectieve veiligheid Geen zorgen/angst
Beweeglijkheid Stijging
Kennis(on)zekerheid Duidelijk
Burgers zien drinkwater als vanzelfsprekend. Pas bij zichtbare uitval ontstaat bewustwording. Over het algemeen leeft dit risico niet sterk, al wordt drinkwater wel genoemd in noodpakketten.
Score
Toelichting
Waarschijnlijk
Ramppotentieel
Er zijn voortdurend gevallen van meldingsplichtige zoönosen, volgens het RIVM. Ziekten zoals salmonella en botulisme komen regelmatig voor, meestal in milde of individuele gevallen. De effecten zijn meestal individueel en leiden zelden tot ziekenhuisopnames. De impact is beperkt, vooral in een regio met weinig veeteelt.
Beperkt
Cascade-effecten (kettingreacties)
Infectieziekte humaan of pandemie, chronische blootstelling (incl. ZZS). 1-2 effecten
Fysieke veiligheid (impact)
De fysieke gevolgen zijn klein: weinig doden of ernstige ziektegevallen. Het dagelijks leven wordt nauwelijks verstoord. Het risico wordt groter bij nieuwe of gemuteerde ziekteverwekkers.
Laag
Er worden geen directe slachtoffers verwacht. Gezondheidsrisico’s ontstaan pas bij langdurige uitval, vooral bij kwetsbare groepen. Als vervuild drinkwater nog niet is ontdekt, kunnen klachten optreden door consumptie.
Zeer laag
86 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
Dierziekten (incl. zoönose)
Subjectieve veiligheid
De meeste mensen zijn zich niet bewust van zoönosen. Alleen bij media-aandacht ontstaat tijdelijk meer bezorgdheid.
Geen zorgen
Experts verwachten een lichte toename van het risico. Klimaatverandering, verdroging en strengere kwaliteitseisen zorgen voor meer druk op het systeem. Drinkwaterbedrijven willen vóór 2030 de reserves op orde hebben.
Beweeglijkheid
De technische kennis over drinkwater is goed ontwikkeld. Bedrijven hebben inzicht in hun processen en risico’s. De onzekerheid zit vooral in de maatschappelijke gevolgen en in het gedrag van mensen bij langdurige uitval.
Kennis(on)zekerheid
Stijging
Duidelijk
De verspreiding onder wilde dieren neemt toe en virussen muteren sneller, waardoor overdracht op mensen makkelijker wordt. Er is veel kennis over bestaande zoönosen en hun risico’s. De onzekerheid ligt vooral bij nieuwe varianten en hun gedrag.
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 87
Plagen
Extreme kou
5.4.31 Plagen
5.4.32 Extreme kou
Plagen zijn organismen, zoals insecten, knaagdieren of schimmels, die overlast veroorzaken of schade toebrengen aan gewassen, dieren, gebouwen of mensen.
Koudegolven komen in Nederland steeds minder vaak voor, maar vormen nog altijd een risico voor de gezondheid en het functioneren van de samenleving. Extreme kou kan leiden tot onderkoeling en bevriezing, maar ook tot schade aan infrastructuur en verstoringen van vitale processen zoals energievoorziening en transport.
Scoringstabel
Scoringstabel
Beoordelingscriterium
Score
Waarschijnlijkheid Mogelijk
Ramppotentieel
Toelichting
Beoordelingscriterium
In Nederland komen plagen regelmatig voor, maar zelden op grote schaal. Het risico is relatief laag, al kunnen internationale uitbraken gevolgen hebben voor voedselprijzen en beschikbaarheid.
Waarschijnlijkheid
De gevolgen zijn vooral economisch en ecologisch. Een verstoring van de voedselproductie kan leiden tot prijsstijgingen of schaarste, maar zelden tot een acute ramp.
Beperkt
Cascade-effecten (kettingreacties)
Score
Toelichting
Zeer onwaarschijnlijk
Extreme kou is zeldzaam geworden. In de regio Rotterdam-Rijnmond is sinds de jaren 50 geen langdurige koudegolf meer geweest. Wel komen kortdurende perioden met vorst en sneeuw voor, die lokaal voor overlast zorgen.
Ramppotentieel Ernstig
Verstoring/uitval afhandeling voedselvoorziening, verstoring zorgcontinuïteit. 1-2 effecten
Fysieke veiligheid (impact) Laag
De directe gevolgen voor mensen zijn klein. Gezondheidsrisico’s ontstaan vooral indirect, bijvoorbeeld via besmet voedsel of allergische reacties.
Weinig zorgen
Het risico leeft nauwelijks onder burgers. Alleen bij zichtbare overlast of media-aandacht ontstaat bezorgdheid.
Subjectieve veiligheid
Cascade-effecten (kettingreacties) 3–4 effecten
Fysieke veiligheid (impact) Zeer laag
Subjectieve veiligheid Beweeglijkheid
Klimaatverandering, globalisering en intensieve landbouw vergroten de kans op nieuwe plagen.
Geen zorgen/angst
Stijging
Kennis(on)zekerheid Duidelijk
Er is veel kennis over bekende plagen, maar onzekerheid blijft over nieuwe soorten, mutaties en verspreidingsroutes.
Beweeglijkheid Stabiel
Kennis(on)zekerheid Duidelijk
88 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
Bij extreme kou kunnen verwarming en warmtepompen uitvallen, vooral bij temperaturen onder -10°C. Gladheid zorgt voor verkeersproblemen en valincidenten. Sneeuwophoping kan daken laten instorten en bij dooi kan wateroverlast ontstaan. De gevolgen zijn vooral indirect, maar lokaal ernstig. Uitval/verstoring verkeer en vervoer, uitval/verstoring elektriciteitsvoorziening, uitval/verstoring gas- en warmtevoorziening, instorting. Het aantal slachtoffers is beperkt. Er zijn risico’s op onderkoeling, valpartijen en gezondheidsproblemen bij kwetsbare groepen. Omdat langdurige kou zelden voorkomt, is de fysieke in het algemeen hoog. Het bewustzijn over kou als risico is laag, vooral bij jongere generaties. Ouderen of bewoners van slecht geïsoleerde woningen maken zich meer zorgen. Media-aandacht bij incidenten kan tijdelijk onrust veroorzaken. Het risico op extreme kou blijft stabiel. Er is geen duidelijke trend in toename of afname. Op lange termijn kan een verstoring van de Noord-Atlantische golfstroom leiden tot koudere winters. De effecten van kou zijn goed bekend. Er bestaan maatregelen zoals gladheidsbestrijding en winterprotocollen. De impact hangt vooral af van timing, locatie en samenloop met andere factoren zoals storingen in energievoorziening.
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 89
5.5
Aardbeving
5.4.33 Aardbeving Aardbevingen in Nederland komen vooral voor in Groningen (door gaswinning) en Limburg (door natuurlijke oorzaken en vroegere mijnbouw). Ze kunnen schade aan gebouwen en infrastructuur veroorzaken en gevoelens van onveiligheid oproepen bij bewoners. In de regio Rotterdam-Rijnmond zijn
geen natuurlijke breuklijnen aanwezig, maar geothermie en ondergrondse CO2-opslag kunnen wel van invloed zijn op het optreden van aardbevingen.
Scoringstabel Beoordelingscriterium
Score
Toelichting
Waarschijnlijkheid Zeer onwaarschijnlijk
Ramppotentieel Aanzienlijk
Cascade-effecten (kettingreacties)
Er zijn geen actieve breuklijnen in de regio. Aardbevingen zoals in Groningen of Limburg komen hier niet voor. Activiteiten zoals geothermie en CO2-opslag worden goed gecontroleerd en vormen geen significante dreiging.
Mocht er toch een beving optreden, dan kan dat leiden tot scheuren of schade aan gebouwen. De impact blijft lokaal en beperkt, maar kan relevant zijn voor vitale infrastructuur of industriële installaties. Er zijn geen realistische kettingreacties voor de regio.
Geen effecten
Fysieke veiligheid (impact)
Er zijn geen historische voorbeelden van aardbevingen met slachtoffers in Rotterdam-Rijnmond. Het risico op letsel is verwaarloosbaar.
Zeer laag
Subjectieve veiligheid
Het risico leeft nauwelijks onder de bevolking. In landelijke peilingen wordt aardbeving zelden genoemd als zorgpunt. In de regio is er weinig tot geen bewustzijn over dit risico.
Geen zorgen
Beweeglijkheid
Er is geen toename in seismische activiteit. Het risico verandert niet door klimaat of ruimtelijke ontwikkeling. Stabiel
Kennis(on)zekerheid Duidelijk
Er is voldoende kennis over aardbevingen. De invloed van geothermie en CO2-opslag wordt goed gemonitord. Er is geen sprake van verhoogde onzekerheid.
Bijlage 5 – Niet uitgewerkte risicothema’s (incl. toelichting)
Sommige risico’s zijn tijdens de analyse herkend, maar niet verder uitgewerkt in dit Regionaal Risicoprofiel. Dit komt omdat ze geen directe invloed hebben op de fysieke veiligheid, of omdat ze al binnen andere domeinen worden opgepakt. Hieronder volgt per thema een korte toelichting.
5.5.1 Ondermijning Tijdens de expertsessie is op advies van politie en andere partners besloten om ondermijning niet op te nemen in het risicoprofiel van de VRR. Dit thema heeft geen directe invloed op de fysieke veiligheid. Het onderwerp wordt verder uitgewerkt in het risicoprofiel van de politie.. 5.5.2 Problematische fauna Dieren vormen feitelijk geen risico, maar in dit RPP wordt wel meerdere keren verwezen naar problematische fauna. Dieren kunnen immers risico’s veroorzaken voor volksgezondheid, veiligheid, economie en leefomgeving, bijvoorbeeld door hun gedrag, verspreiding of aanwezigheid. Dit kan gaan om invasieve soorten, overlast of economische schade, maar ook om complicaties bij rampen waarbij dieren betrokken zijn. Fauna is vooral een impactonderdeel bij andere risico’s: dieren kunnen slachtoffer zijn van veel gebeurtenissen die in dit risicoprofiel zijn beschreven. Toch wordt er in dit document meerdere keren naar problematische fauna verwezen, omdat dieren, anders dan bij plagen, soms ook zelf een risico kunnen vormen.
5.5.5 Liftopsluiting Bij een liftopsluiting raken mensen opgesloten in een lift door bijvoorbeeld een stroomstoring, mechanisch defect of technische fout. Dit kan zorgen voor stress en paniek, en kan gevaarlijk worden als hulpverlening lang op zich laat wachten. Omdat het risico laag is en de gevolgen meestal beperkt blijven, is besloten dit thema niet verder uit te werken. Hoewel het incident vaak voorkomt, is de fysieke impact verwaarloosbaar. 5.5.6 Windturbines Windturbines zetten wind om in elektriciteit met behulp van grote wieken, een generator en een mast. Ondanks hun bijdrage aan duurzame energie brengen ze risico’s met zich mee zoals mechanische storingen, blikseminslag of afbrekende onderdelen. De meeste windturbines in de regio staan in het havengebied, op plekken met weinig omwonenden. Hierdoor is het risico op schade of letsel zeer klein. Het thema is daarom niet verder uitgewerkt in dit risicoprofiel. 5.5.7 Mist Mist is aanleidende factor bij andere risico’s, zoals verkeersongevallen. Mist veroorzaakt dus wel risico’s, maar is op zichzelf geen risico. Daarom is dit thema niet als afzonderlijk risico opgenomen.
5.5.3 Vallen Vallen betekent dat iemand onbedoeld naar beneden valt of struikelt, wat kan leiden tot (ernstig) letsel. Dit gebeurt in allerlei situaties: thuis, op het werk of in de openbare ruimte.
5.5.8 Waterlekkage Waterlekkage is het ongecontroleerd ontsnappen van water uit leidingen, installaties of opslagvoorzieningen, in gebouwen of infrastructuur. Dit kan worden veroorzaakt door defecten, slijtage, vorst of beschadiging. Het kan leiden tot schade aan gebouwen, installaties of milieu.
Hoewel er als gevolg van vallen jaarlijks veel dodelijke slachtoffers zijn in de regio Rotterdam-Rijnmond, heeft dit risico geen directe invloed op vitale processen of maatschappelijke continuïteit. De regio kan dit risico binnen de reguliere zorg- en hulpdiensten goed opvangen. Daarom is het niet verder uitgewerkt volgens de methodiek van dit risicoprofiel.
Waterlekkage is vaak een aanleiding voor andere risico’s, zoals uitval van elektriciteit, verstoring van transport of problemen met drinkwatervoorziening. Het is dus een oorzaak van risico’s, maar geen zelfstandig risicothema.
5.5.4 Hartstilstand Een hartstilstand is een plotselinge medische noodsituatie waarbij het hart stopt met pompen. Hierdoor valt de bloedsomloop uit. Snelle reanimatie en defibrillatie zijn dan noodzakelijk om overlevingskansen te vergroten. Hoewel hartstilstanden regelmatig voorkomen en leiden tot veel dodelijke slachtoffers, hebben ze geen
90 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
directe invloed op vitale processen of bedrijfsvoering. De hulpdiensten in de regio kunnen dit risico binnen de reguliere zorgprocessen goed opvangen.
5.5.9 Polarisatie Polarisatie verwijst naar toenemende spanningen tussen groepen in de samenleving. Wanneer verschillen uitgroeien tot tegenstellingen, kan dit leiden tot radicalisering of maatschappelijke onrust. Polarisatie is geen fysiek veiligheidsrisico. Het kan dat worden wanneer spanningen escaleren, maar dan valt het onder het thema maatschappelijke onrust.
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 91
5.6
Bijlage 6 – Website
Naast de gegevens in dit risicoprofiel heeft het team Inzicht in Risico’s aanvullend onderzoek gedaan naar diverse thema’s. Voor meer achtergrondinformatie en verdiepende analyses is binnenkort een link naar de thematische uitwerkingen beschikbaar. Op de website van Rijnmondveilig wordt een webpagina aangemaakt waar u het risicoprofiel en aanvullende informatie kunt vinden.
92 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 93
Regionaal Risicoprofiel 2026 -2027
Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond Postbus 9154 3007 AD Rotterdam Wilhelminakade 947 3072 AP Rotterdam 088-877 90 00 vr-rr.nl rijnmondveilig.nl