Bijlage 1 Regionaal Risicoprofiel 2026-2029
Tekst van het document
Regionaal Risicoprofiel 2026-2029
Hollands Midden Haaglanden Lansingerland
Capelle a/d IJsel Schiedam Rotterdam
Maassluis
Krimpen a/d IJssel Vlaardingen
Voorne aan zee Ridderkerk
Albrandswaard
Barendrecht
Nissewaard
Zuid-Holland Zuid
Goeree-Overflakkee
Zeeland
We zijn er. Altijd.
/ Inhoudsopgave
Voorwoord Samenvatting
5 7
1 / Over het Regionaal Risicoprofiel 1.1 Doel van het regionaal risicoprofiel 1.2 Scope 1.3 Ligging en typering Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond 1.4 Relatie met het vorige RRP
11 11 12
2 / Methodiek risicoinventarisatie en analyse
/ Colofon © Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond Dit document is tot stand gekomen onder regie van de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond in samenwerking met de partners in veiligheid. Versie 1.0, november 2025 Redactie: Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond Risico- en Crisisbeheersing, afdeling Veilige Leefomgeving, cluster Inzicht in risico’s, inzichtinrisicos@vr-rr.nl o.l.v. Thijs Langeveld en Orline de Jong (projectleiders) Eindredactie: Thijs Langeveld, Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond Joke Ligterink, Trichis Content en Creatie Fotografie: Megin Zondervan en Kevin Vervoort Opmaak en vormgeving: Sidney Bresser en Otto Mende, Trichis Content en Creatie. Contact: Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond Wilhelminakade 947 3072 AP Rotterdam 088-877 90 00 vr-rr.nl
2 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
Ontwikkelingen met risicoversterkende effecten 3.1 Huidige en toekomstige ontwikkeling met risicoversterkende effecten 3.1.1 Demografie 3.1.2 Economie 3.1.3 Sociaal 3.1.4 Technologie 3.1.5 Ecologie 3.1.6 Politiek 3.2 Maatschappelijke ontwikkeling 3.2.1 Risicovermenigvuldiger - Militaire en hybride dreiging
12 13
17
3 /
4/ Risicoanalyse 4.1 Risico-overzicht 4.1.1 Totaaloverzicht van de risico’s van het domein natuur en klimaat 4.1.2 Totaaloverzicht risico’s van het domein gezondheid 4.1.3 Totaaloverzicht risico’s van het domein vitale voorzieningen 4.1.4 Totaaloverzicht risico’s van het domein fysieke leefomgeving en milieu 4.1.5 Totaaloverzicht risico’s van het domein maatschappij 4.2 Vijftien hoogst scorende risico’s op alfabetische volgorde 4.2.1 Brand gebouw 4.2.2 Incident EOS-accu 4.2.3 Criminaliteit met fysieke component 4.2.4 Cyberincidenten 4.2.5 Extreme regenval 4.2.6 Incident met gevaarlijke stoffen in de woonomgeving
21 21 21 21 22 23 24 25 26 26 29 29
4.2.7 Incidenten bij wegvervoer 4.2.8 Maatschappelijke onrust 4.2.9 Overstroming binnendijks (primaire keringen) 4.2.10 Overstroming binnendijks (regionale keringen) 4.2.11 Pandemie 4.2.12 Incident bij productie en opslag van gevaarlijke stoffen 4.2.13 Uitval of verstoring van de afhandeling van verkeer en vervoer 4.2.14 Uitval of verstoring van de elektriciteitsvoorziening 4.2.15 Uitval of verstoring van data- en telecommunicatie 5 / Bijlagen 5.1 Bijlage 1 – Gebruikte scoringsmethodiek (verkort) 5.2 Bijlage 2 – Betrokken organisaties 5.3 Bijlage 3 – Overige drivers van de huidige en toekomstige ontwikkeling , met risicoversterkende effecten 5.4 Bijlage 4 – Volledige uitwerking overige risicothema’s hoofdstuk 4 5.5 Bijlage 5 – Niet uitgewerkte risicothema’s (incl. toelichting) 5.6 Bijlage 6 – Website
38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 47 49
50 57 91 92
29 29 30 30 31 31 32 33 34 35 36 37
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/3
/ Voorwoord
De Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond (VRR) werkt in een complexe en voortdurend veranderende omgeving. We doen dat dag en nacht, met één doel: zorgen voor een veilige, gezonde en goed beschermde leefomgeving. Van wereldhaven tot woonwijk, van industriegebied tot natuurgebied — in onze regio zijn veel verschillende risico’s. Daarom is goed inzicht en samenwerking nodig.
Dit Regionaal Risicoprofiel (RRP) geeft dat inzicht. Het is gemaakt met een vernieuwde aanpak en in nauwe samenwerking met onze partners in de crisisbeheersing. Het profiel helpt ons om risico’s te begrijpen en vormt de basis voor strategische beleidsvorming en bestuurlijke advisering. Daarnaast kijken we verder dan de komende vier jaar. We beschrijven ook welke ontwikkelingen over tien tot vijftien jaar invloed kunnen hebben op de risico’s in onze regio. De risico’s in dit document raken aan de kern van ons werk: het beschermen van mensen, infrastructuur en vitale processen. Daarbij gaat het niet alleen om wat er mis kan gaan, maar ook om hoe we ons voorbereiden, samenwerken en blijven leren. Alle betrokkenen bedankt voor hun inzet en kennis. Dit profiel is samen gemaakt met veel verschillende partners — en vormt een fundament voor de toekomst.
’De kern van ons werk: mensen, infrastructuur en vitale processen beschermen’
4 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/5
/ Samenvatting
Het Regionaal Risicoprofiel van Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond geeft een actueel overzicht van de grootste risico’s in onze regio. Het gaat om situaties die kunnen leiden tot rampen, crises of (complexe) incidenten. Het profiel vormt de basis voor strategische beleidsvorming, advies aan bestuurders en de voorbereiding van onze organisatie op mogelijke incidenten. Daarbij werken we nauw samen met interne en externe partners.
Nieuwe aanpak: breder en dieper inzicht Voor dit RRP is een vernieuwde landelijke methodiek gebruikt. We beoordelen risico’s niet meer met de formule kans × effect, maar via een zogenoemde multi-criteria analyse (MCA). Daarbij kijken we naar zeven aspecten: hoe waarschijnlijk iets is, hoe groot het rampverloop kan zijn (ramppotentieel), welke kettingreacties kunnen ontstaan (cascade-effect), wat het betekent voor de fysieke en ervaren veiligheid (fysieke en subjectieve veiligheid), hoe snel een situatie verandert (beweeglijkheid/stabiliteit) en hoeveel kennis we over het risico hebben (kennis(on)zekerheid). Zo krijgen we een vollediger en realistischer beeld van de risico’s in onze regio.
Complexe regio, diverse risico’s Rotterdam-Rijnmond is een bijzondere regio. We hebben een wereldhaven, (petro)chemische industrie, tunnels, hoogbouw, vitale infrastructuur, landbouw en natuur. In de steden wonen veel mensen en in de zomer is het ook druk in de recreatiegebieden. In totaal zijn er zo’n zestig risicothema’s onderzocht, samen met 34 partners die betrokken zijn bij de crisisbeheersing.
’Dit is de basis voor strategische beleidsvorming, advies aan bestuurders en de voorbereiding op mogelijke incidenten’
6 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/7
’Dit profiel kijkt verder vooruit dan de komende vier jaar’
Militaire en hybride dreiging Een opvallende ontwikkeling is de toename van militaire en hybride dreigingen. Onze regio is strategisch belangrijk voor Europa en daardoor mogelijk doelwit voor sabotage, cyberaanvallen of desinformatie. Deze dreiging is niet altijd zichtbaar, maar kan meerdere risico’s tegelijk versterken en de weerbaarheid onder druk zetten.
/ We zijn er altijd. Wat ons dagelijks werk ook brengt. We helpen.
Vijftien belangrijkste risico’s (in alfabetische volgorde) Tijdens expertsessies zijn alle risico’s beoordeeld. Daaruit kwamen de volgende risico’s als meest zorgwekkend naar voren: 1 2
/ Brand gebouw / Criminaliteit met component fysieke veiligheid 3 / Cyberincidenten 4 / Extreme regenval 5 / Incident Energie Opslag Systemen 6 / Incident gevaarlijke stoffen in de woonomgeving 7 / Incident wegvervoer 8 / Maatschappelijke onrust 9 / Overstroming binnendijks (primaire keringen) 10 / Overstroming binnendijks (regionale keringen) 11 / Pandemie 12 / Productie en opslag gevaarlijke stoffen 13 / Uitval/verstoring afhandeling verkeer en vervoer 14 / Uitval/verstoring elektriciteitsvoorziening 15 / Uitval/verstoring data- en telecommunicatie
8 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
Voor de belangrijkste risico’s is gekozen voor een aantal van vijftien, omdat de resultaten van deze vijftien erg dicht bij elkaar liggen, en omdat een aantal van vijftien nog enigzins overzichtelijk is.
Huidige en toekomstige ontwikkelingen met risicoversterkende effecten Het profiel kijkt niet alleen naar de komende vier jaar, maar ook verder vooruit. In de huidige en toekomstige ontwikkelingen met risicoversterkende effecten zijn 21 maatschappelijke ontwikkelingen (drivers/invloedfactoren) onderzocht op hun invloed en zekerheid. De vijf belangrijkste trends zijn: R Afname zorgbeschikbaarheid R Elektrificatie R Klimaatverandering R Toename gebruik artifical intelligence (AI) R Verouderde infrastructuur
De militaire en hybride dreiging laat zich door het bijzondere karakter niet als afzonderlijk risico scoren in de MCA en komt daarom niet voor in de lijst met risico’s, maar is apart benoemd en maakt deel uit van het profiel.
Relevantie RRP Het RRP geeft richting aan: R Strategische beleidsvorming van de VRR; R Advies aan bestuurders; R De prioriteit van risico’s in het meerjarenbeleidsplan van de VRR; R De voorbereiding op crises en de inzet van capaciteit van de VRR; R De verdere ontwikkeling van planvorming binnen de VRR.
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/9
1/O ver het Regionaal Risicoprofiel Voor u ligt het Regionaal Risicoprofiel (RRP) van Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond (VRR). Dit is het vierde RRP sinds de invoering van de Wet Veiligheidsregio’s in 2010. Het is ontwikkeld op basis van de bestaande methodiek, die stap voor stap is vernieuwd. Daarbij is ook gebruikgemaakt van onderdelen van de nieuwe landelijke werkwijze. Een aantal aspecten uit het vorige profiel is gebruikt en op diverse punten is de methodiek veranderd.
Het RRP vormt de basis voor het strategische beleid van de VRR. Het geeft richting aan het meerjarenbeleidsplan van de VRR, de capaciteitsanalyse en de bestuurlijke advisering.
/B ij incidenten kan VRR mensen en middelen van diverse organisatieonderdelen inzetten.
1.1 Het profiel beschrijft de risico’s die in de regio kunnen leiden tot een incident, ramp of crisis. Daarbij is rekening gehouden met de specifieke kenmerken van het gebied: de zeehaven, de (petrochemische) industrie, de dichtbevolkte gebieden, tunnels en waterrijke delen. Deze kenmerken maken de risico’s binnen de regio complex en divers.
Doel van het regionaal risicoprofiel
Het RRP geeft inzicht in de risico’s binnen de VRR. Daarnaast worden de risico’s geanalyseerd en geprioriteerd. Op basis daarvan kan de VRR de beleidscyclus en (strategische) beleidskeuzes formuleren. Het profiel helpt bij de voorbereiding van de crisisorganisatie, bij de inzet van mensen en middelen, en bij de samenwerking met interne en externe partners. Ook bevat het RPP informatie voor het algemeen bestuur, de directies van crisispartners, bedrijven, instellingen en inwoners van de regio. Volgens artikel 15 van de Wet Veiligheidsregio’s moet het risicoprofiel drie vragen beantwoorden: 1 / Wat kan er gebeuren? 2 / Hoe vaak kan dat voorkomen? 3 / Hoe ernstig is dat?
’De kenmerken van de regio maken de risico’s complex en divers’
10 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 11
Product
NIVEAU 1
Risicobeeld
Scope
Toekomstverkennig, voorspellen (middel)lange termijn
Soort en detailniveau risico
Periodiciteit
Trends en ontwikkelingen
1x per 2-4 jaar
Risicoanalyse nationaal niveau
Doel
Strategische beleidskeuzes Beleidsplan VR
Huidige RRP
NIVEAU 2
Risicoscan
Periodiek scannen, voorspellen korte termijn
Ontwikkelingen in risico’s
Jaarlijks
Brandrisicoprofiel
Risicobeheersing, repressieve prestaties en planning capaciteit Jaarplan Jaarplan Jaarplannen
Zorgrisicoprofiel Update risicoprofiel
NIVEAU 3
Risicomonitor
Real-time meten, early warning, detectie
(Dynamisch) Risico-overzicht
Continu (‘real-time’)
Inzet en maatregelen
VIK Actueel landelijk risicobeeld (KCR2)
1.2
Scope
Het RRP richt zich op de risico’s die kunnen leiden tot rampen en crises. Artikel 15, lid 2 van de Wet Veiligheidsregio’s bepaalt dat het risicoprofiel een overzicht geeft van de risicovolle situaties binnen de VRR die tot een brand, ramp of crisis kunnen leiden. Ook moeten hier een overzicht en analyse van komen. Dit alles moet leiden tot goede strategische besluitvorming en bestuurlijke agendering van de risico’s. Onder andere zullen het brandweerzorg risicoprofiel, het zorgrisicoprofiel of andere tactische of operationele planvorming de risico’s breder uitdiepen en beschrijven. Het RRP blijft op hoofdlijnen en is een strategisch overzicht van de risico’s. Bovenstaande figuur illustreert de samenhang. Een aparte capaciteitsanalyse toetst later of de operationele inzet haalbaar is. Die analyse hoort niet bij dit document maar verschijnt apart.
12 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
R complexe (vitale) infrastructuur; R cultureel erfgoed; R hoogbouw; R visserij; R een grote financiële en zakelijke dienstverlening; R toerisme. Aan de zuidkant (Zuid-Hollandse Eilanden) en de noord- en oostkant (Lansingerland) van de regio Rotterdam-Rijnmond liggen agrarisch georiënteerde gebieden met kleinere gemeenten. In het centrum ligt wereldstad Rotterdam, omringd door gemeenten die vrijwel aaneengesloten verstedelijkt zijn. De regio is een belangrijk verkeersknooppunt. Het haven- en industriegebied vormt een maritiem en (petro)chemisch cluster dat het risicobeeld sterk bepaalt. Jaarlijks doen ongeveer 28.000 zeeschepen en 91.000 binnenvaartschepen de Rotterdamse haven aan, met passagiers en goederen, waaronder zeer giftige, milieubelastende en brandbare en/of toxische producten. De regio is ook een knooppunt voor energie: in Krimpen aan den IJssel staat een Tennet-knooppunt en in het havengebied ligt een strategische olievoorraad. Het vervoer naar het achterland gaat via weg, water, spoor en buisleidingen. Daarnaast vinden grootschalige op- en overslagactiviteiten plaats. Evenementen en wonen rond industrie In de regio zijn regelmatig grootschalige evenementen: van concerten en voetbalwedstrijden in De Kuip tot de Marathon Rotterdam, de Wereldhavendagen, muziekfestivals, zeilwedstrijden, grote braderieën en demonstraties.
1.3 Ligging en typering Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond Gebieds- en risicokenmerken De VRR is het samenwerkingsverband zoals genoemd in de wet Veiligheidsregio’s van 13 gemeenten in de regio Rotterdam-Rijnmond. Het gebied is 862 km2 groot en telt ruim 1,3 miljoen inwoners. Het varieert van landelijke gebieden, zoals Goeree-Overflakkee, tot dichtbebouwde stad Rotterdam. Die verscheidenheid zorgt voor grote verschillen in bevolkingsdichtheid, economie en risico’s. De regio is complex door de combinatie van: R een wereldhaven en scheepvaart; R een internationaal vliegveld (Rotterdam the Hague Airport); R transport- en overslagbedrijven; R (petro)chemische industrie/seveso inrichtingen; R tunnels; R buisleidingen; R natuurgebieden; R agrarisch gebied;
Rond het industriële complex wonen veel mensen in uitgestrekte woongebieden, elk met een eigen risicoprofiel. Pernis en Rozenburg liggen vrijwel ingesloten door de (petro)chemische industrie, terwijl Goeree-Overflakkee vooral uitgestrekt landbouwgebied is. In oudere stadswijken speelt de grootstedelijke problematiek sterker. Veel nieuwere wijken liggen (ver) onder zeeniveau en worden beschermd door duinen, dijken, dammen en stormvloedkeringen. De ligging van woon- en industriegebieden langs de rivieren vraagt om grote bruggen en tunnels. Rotterdam The Hague Airport verzorgt charter- en lijnvluchten met middelgrote passagiersvliegtuigen. Vooruitblik Maatschappelijke ontwikkelingen brengen nieuwe risico’s met zich mee. Deze trends zijn relevant voor het risicoprofiel en worden verder uitgewerkt in de lijst met huidige en toekomstige ontwikkelingen met risicoversterkende effecten (hoofdstuk 6). Zo kijkt de VRR niet alleen vier jaar vooruit, maar ook tien tot vijftien jaar.
1.4
Relatie met het vorige RRP
Deze actualisatie is belangrijk voor de strategische koers van de VRR. Samen met het NIPV en andere partners werkt de VRR aan het verbeteren van de methodiek voor risicoprofielen. Hieronder staat wat hetzelfde is gebleven en wat er veranderd is. Wat is hetzelfde gebleven? R Doel en functie: het RRP blijft het centrale instrument voor strategisch beleid, capaciteitsanalyse en bestuurlijk advies. R Thematische indeling: de risico’s zijn opnieuw geordend in domeinen. R Gebruik van experts: dit keer is gewerkt met expertsessies en open bronnen. De kennis van partners in de regio blijft een belangrijk fundament. Wat is nieuw? R Nieuwe methodiek: in plaats van kans × effect wordt nu gewerkt met een Multi-Criteria Analyse (MCA), met zeven beoordelingscriteria zoals fysieke veiligheid, ramppotentieel en beweeglijkheid. R Uitgebreidere risico-inventarisatie: sommige risico’s zijn opgesplitst (zoals extreem weer in regen en wind). Ook maatschappelijke verstoringen en kleinere incidenten zijn toegevoegd. R Meer betrokken experts: in totaal hebben 34 organisaties meegedaan, wat zorgt voor een vollediger beeld. R Aandacht voor militaire en hybride dreigingen: door de veranderde geopolitieke situatie is dit thema nadrukkelijker opgenomen.
Hoewel in het oude RRP een andere methodiek is gebruikt, worden In het oude en het huidige profiel dezelfde vijftien grootste risico’s benoemd: Categorieën met het grootste risico (impact x waarschijnlijkheid) R Extreem weer R Verstoring vitale infrastructuur R Brand/ rook in de gebouwde omgeving R Infectieziekten humaan R Overstroming binnendijks Categorieën met de hoogst ingeschatte impact: R Radiologisch/ nucleair incident R Overstroming binnendijks Hiernaast is de impact van infectieziekten humaan en verstoring vitale infrastructuur ook als ernstig ingeschat. Categorieën met een vaak ingeschatte waarschijnlijkheid: R Brand/ rook in de gebouwde omgeving R Wegvervoer R Verontreiniging oppervlaktewater R Extreem weer
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 13
Regiokaart / (petro)chemische industrie/seveso inrichtingen
/ Toerisme
/ Agrarisch gebied
/ Transport- en overslagbedrijven
/ Vele buisleidingen
Hollands Midden
Haaglanden
/ Wereldhaven met scheepvaart Lansingerland
/ Complexe (vitale) infrastructuur
/ Tunnels
/ Cultureel erfgoed
/ Hoogbouw
Capelle a/d IJsel Schiedam Maassluis
/G rote financiële en zakelijke dienstverlening
Rotterdam Krimpen a/d IJssel
Vlaardingen
/ Internationaal vliegveld
Voorne aan zee
Ridderkerk Albrandswaard
/ Natuurgebieden
Barendrecht Nissewaard
Zuid-Holland Zuid
Goeree-Overflakkee
Zeeland
14 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 15
2 / Methodiek risicoinventarisatie en analyse In opdracht van de vakraad Risico- en crisisbeheersing, vakraad Brandveiligheid, het Nederlands instituut Publieke Veiligheid en het ministerie van Justitie en Veiligheid is een project gestart voor een nieuwe landelijke methodiek voor het opstellen van regionaal risicoprofielen. Dit project is nog niet geëvalueerd. Toch gebruikt de VRR deze aanpak (deels) al. Zo blijft het profiel de komende jaren actueel.
In lijn met het NIPV, de vakraden en het ministerie Justitie en Veiligheid onderscheiden we vijf domeinen. Het team Inzicht in Risico’s van de VRR heeft een risico-inventarisatie uitgevoerd en de risico’s in deze domeinen ingedeeld: 1 2 3 4 5
/ Natuur & Klimaat / Gezondheid / Vitale voorzieningen / Fysieke leefomgeving & Milieu / Maatschappij
De VRR heeft ongeveer zestig verschillende risico thema’s uitgewerkt. De vijftien belangrijkste risico’s staan volledig beschreven in het hoofddocument. De overige risico’s zijn opgenomen in bijlage 5.
/ In het havengebied vinden grootschalige op- en overslagactiviteiten plaats.
In eerdere edities beoordeelden we risico’s met de formule kans x effect. In dit profiel gebruiken we een multi-criteria-analyse (MCA). Daarbij beoordelen we elk risico op zeven criteria: 1 2 3 4 5 6 7
/ Waarschijnlijkheid / Ramppotentieel / Directe cascade-effecten (kettingreacties) / Fysieke veiligheid / Subjectieve veiligheid / Beweeglijkheid/stabiliteit / Kennis(on)zekerheid
Hierna volgen de definities van deze criteria. Die zijn nodig om de resultaten van de expertsessies goed te kunnen interpreteren.
’Het gebruik van de nieuwe landelijke methodiek zorgt dat dit profiel de komende jaren actueel blijft’
16 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 17
’Voor alle criteria hanteert VRR heldere definfities’
/ VRR voert taken uit op het gebied van rampenbestrijding, crisisbeheersing, risicobeheersing, brandweerzorg, ambulancezorg en geneeskundige hulpverlening.
Definities criteria Criteria
Definitie
Waarschijnlijkheid
De kans dat een significant incident gebeurt. Significant = inzet van hulpdiensten nodig en/of gevaarsetting en/of gewonden of doden en/of grote verstoring.
Ramppotentieel
De mogelijke som van directe gevolgen die uit één incident voortkomen. Laat zien in hoeverre een incident kan uitgroeien tot een ramp.
Cascade-effecten (kettingreacties)
De mogelijkheid dat één incident onmiddellijk een of meer risicothema’s activeert, bijvoorbeeld bij een overstroming. Alleen directe kettingreacties tellen mee; vervolgreacties niet.
Fysieke veiligheid
De meetbare gevolgen (meestal per jaar), zoals aantallen doden, gewonden en schade, als het betreffende thema misgaat. Zie bijlage 1 voor de parameters en scores.
Subjectieve veilighied
Hoe inwoners het gevaar, risico of het incident ervaren. Waar mogelijk gebaseerd op de risico- en crisisbarometer , maar anders op expertoordeel.
Beweeglijkheid/stabiliteit
Neemt de waarschijnlijkheid en/of impact in de komende vier jaar toe of af? Dit helpt om aandacht te richten op opkomende versus afnemende risico’s.
Kennis(on)zekerheid
Hoe zeker de inschatting van het risico is op basis van beschikbare theorie, data en modellen. Gaat over de risicoschatting zelf, niet over onzekerheid tijdens een incident.
In bijlage 1 staat de schaalverdeling per criterium beschreven.
18 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 19
3 / Ontwikkelingen met risicoversterkende effecten 3.1 Huidige en toekomstige ontwikkeling met risicoversterkende effecten In dit hoofdstuk worden zogenoemde drivers (invloedfactoren) benoemd. Dat zijn (huidige) ontwikkelingen die de regio Rotterdam-Rijnmond, waarvan de verwachting is dat deze over 10-15 jaar gevolgen hebben voor de risicothema’s en de risicothema’s uit dit RRP (zie bijlage 3) versterken. Het is belangrijk om deze ontwikkelingen tijdig in beeld te brengen en verder te kijken dan de looptijd van dit profiel. Zo kunnen al strategische keuzes worden gemaakt voor de toekomst.
De VRR heeft in totaal 21 drivers op een rij gezet. Deze zijn door een groep experts beoordeeld op impact en zekerheid. Deze drivers of invloedfactoren zijn geordend volgens de DESTEP-methode (DESTEP = demografie, economie, sociaal, technologie, ecologie en politie). De vijf invloedfactoren met de hoogste impact zijn volledig uitgewerkt, met een definitie, relatie met risicothema’s en beweeglijkheidsanalyse. De overige invloedfactoren worden hier kort genoemd en zijn uitgebreid opgenomen in bijlage 4. Na afloop van dit RRP werkt de VRR aan een apart rapport waarin deze ontwikkelingen verder worden onderzocht.
3.1.1 Demografie Nr.
Totale score van alle drivers (invloedfactoren) op impact
Drivers (invloedfactoren)
Definitie driver
Op welke risicothema’s heeft de driver invloed volgens de experts
Stijging/daling risicothema’s
1.
6
Vergrijzing
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
2.
13
Verdichting
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
3.1.2 Economie
20 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
Nr.
Totale score van alle drivers (invloedfactoren) op impact
Drivers (invloedfactoren)
Definitie driver
Op welke risicothema’s heeft de driver invloed volgens de experts
Stijging/daling risicothema’s
1.
10
Verschuiving van economische machtsverhoudingen
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
2.
19
Nationalisering
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
3.
20
Privatisering
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 21
3.1.4 Technologie Nr.
Totale score van alle drivers (invloedfactoren) op impact
Drivers (invloedfactoren)
Definitie driver
Op welke risicothema’s heeft de driver invloed volgens de experts
Stijging/daling risicothema’s
1.
3
Veroudering van infrastructuur
Nederland staat voor een grote onderhoudsopgave aan de infrastructuur. Veel bruggen, tunnels, viaducten en andere kunstwerken (gebouwd in de jaren 50 en 60) bereiken het einde van hun technische levensduur. Door intensiever gebruik, zwaardere belasting en veroudering is grootschalig onderhoud en vervanging noodzakelijk om de veiligheid en functionaliteit te waarborgen.
1. Polarisatie 2. Verstoring zorgcontinuïteit 3. Extreem weer 4. Uitval/verstoring diverse vitale voorzieningen 5. Natuurbrand 6. Brand gebouw 7. Brand eos-accu 8. Plagen
1. Stijging 2. Stijging
Elektrificatie verwijst naar de overgang van fossiele en mechanische energiebronnen naar elektrische alternatieven in sectoren zoals mobiliteit, industrie en huishoudens. Deze ontwikkeling wordt aangedreven door klimaatdoelstellingen, technologische innovaties en de behoefte aan meer energie-efficiëntie.
1. Uitval/verstoring elektriciteitsvoorziening (bijvoorbeeld uitval industrie) 2. Openbare ordeverstoringen 3. Uitval/verstoring diverse vitale voorzieningen 4. Militaire/hybride dreiging 5. Paniek in menigten 6. EOS (evenement)
1. Stijging
Artificial Intelligence (AI) betekent dat computers en machines taken uitvoeren die normaal menselijke intelligentie vereisen, met toepassingen zoals leren, redeneren, probleemoplossing en creativiteit. Toepassingen hiervan zijn onder andere machine learning, natuurlijke taalverwerking en beeldherkenning.
1. Polarisatie 2. Criminaliteit 3. Cyberincidenten 4. Radicalisering 5. Militaire/hybride dreiging 6. Evenementen
1. Stijging 2. Stijging 3. Stijging 4. Stijging 5. Stijging
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
2.
4
Elektrificatie
/ Hulpdiensten en gemeenten werken intensief samen en bieden professionele hulp en bescherming tegen risico’s en bedreigingen.
3.1.3 Sociaal Nr.
1.
2. 3.
Op welke risicothema’s heeft de driver invloed volgens de experts
Stijging/daling risicothema’s
Afname van De Nederlandse zorgbeschikbaarheid gezondheidszorg heeft te maken met een groeiend tekort aan middelen, personeel en infrastructuur, zowel in de lichamelijke als in de geestelijke gezondheidszorg. Tegelijkertijd neemt het aantal mensen met onbegrepen gedrag en zorgbehoevenden toe. Het aanbod van zorg sluit niet goed meer aan op de behoefte.
1. Maatschappelijke onrust 2. Infectieziekten humaan 3. Pandemie 4. Hartstilstand 5. (Poging) tot zelfdoding 6. Verstoring zorgcontinuïteit 7. Evenementen 8. Vuurwerk
1. Stijging
Toename van personeelstekort
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
Dalend onderwijsniveau
Zie bijlage 4
Totale score van alle drivers (invloedfactoren) op impact
Drivers (invloedfactoren)
2
8 16
22 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
Definitie driver
2. Stijging 3. Stijging 4. Stijging 5. Stijging
3.
Toename in gebruik van artificial intelligence
6. Stijging 7. Stijging 8. Stijging
4. Zie bijlage 4
5
Zie bijlage 4
11
Toename in gebruik van energieopslagsystemen (EOS)
3. Stijging 4. Stijging
5. Stijging 6. Stijging 7. Stijging 8. Stijging
2. Stijging 3. Stijging
4. Stijging 5. Stijging 6. Stijging
6. Stijging
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 23
Nr.
Totale score van alle drivers (invloedfactoren) op impact
Drivers (invloedfactoren)
Definitie driver
Op welke risicothema’s heeft de driver invloed volgens de experts
Stijging/daling risicothema’s
4.
12
Toename in gebruik van energieopslagsystemen (EOS)
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
5.
8
Toename in gebruik van waterstof en waterstofdragers
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
6.
Diversificatie van mobiliteit en transport
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
7.
Toename van digitalisering
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
Automatisering
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
Toename in gebruik van kernenergie
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
Totale score van alle drivers (invloedfactoren) op impact
Drivers (invloedfactoren)
Definitie driver
Op welke risicothema’s heeft de driver invloed volgens de experts
Stijging/daling risicothema’s
1
Klimaatverandering
Klimaatverandering is een invloedfactor waarbij menselijke activiteiten, waaronder het gebruik van fossiele brandstoffen, ontbossing en industriële productie de uitstoot van broeikasgassen vergroot. Dit leidt tot langdurige veranderingen in temperatuur, neerslag en zeespiegel, met wereldwijde gevolgen voor mens en natuur.
1. Polarisatie 2. Verstoring zorgcontinuïteit 3. Extreem weer 4. Uitval/verstoring diverse vitale voorzieningen 5. Natuurbrand 6. Brand gebouw 7. Brand eos-accu 8. Plagen 9. Evenementen 10. V uurwerk (bij droogte)
1. Stijging
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
8.
16
9.
3.1.5 Ecologie Nr.
1.
2.
17
24 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
Afname van biodiversiteit
2. Stijging 3. Stijging 4. Stijging
5. Stijging 6. Stijging 7. Stijging 8. Stijging 9. Stijging 10. Stijging
/G oed samenwerken zorgt voor kortere lijnen, directe afstemming, heldere bevoegdheden en daarmee een gestroomlijnde hulpverlening aan de burger.
3.1.6 Politiek Nr.
Totale score van alle drivers (invloedfactoren) op impact
Drivers (invloedfactoren)
Definitie driver
Op welke risicothema’s heeft de driver invloed volgens de experts
Stijging/daling risicothema’s
1.
7
Toename van geopolitieke instabiliteit
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
2.
9
Toename van polarisatie
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
Zie bijlage 4
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 25
’Veiligheidsregio RotterdamRijnmond is het kloppende hart van de rampen- en crisisbeheersing in de regio’
Voorbeeldcasus
samenloop van ernstige incidenten, met grote maatschappelijke ontwrichting tot gevolg.
/ VRR verbindt alle partijen die een rol spelen bij het verhogen van het fysieke veiligheidsniveau van de burger.
3.2
Maatschappelijke ontwikkeling
Het risicothema militaire en hybride dreiging is lastig te beoordelen volgens de methodiek die in dit RRP is toegepast. Daarom is gekozen voor een beschrijvende analyse van de huidige en verwachte dreigingen op dit gebied. Dit type risico raakt namelijk veel andere risicothema’s tegelijk en werkt daardoor als een risicovermenigvuldiger. De methodiek is hier minder goed toepasbaar; om die reden is de uitwerking gemaakt op basis van expert judgement (advies van experts). 3.2.1 Risicovermenigvuldiger - Militaire en hybride dreiging De geopolitieke situatie is de afgelopen jaren sterk veranderd. Waar militaire en hybride dreigingen tot voor kort als abstracte risico’s werden gezien, vormen zij nu een urgent en actueel risico. De oorlog in Oekraïne, hybride dreigingen en toenemende internationale spanningen vergroten de kwetsbaarheid van vitale infrastructuur en maatschappelijke stabiliteit — ook in de regio Rotterdam-Rijnmond. Deze regio is door haar logistieke en strategische positie in Europa een hoog ri-
26 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
sicodoelwit; zij is mogelijk doelwit voor cyberaanvallen, terrorisme, spionage, criminaliteit en sabotage. In Nederland zijn meerdere verdachte verstoringen vastgesteld die waarschijnlijk het gevolg zijn van hybride aanvallen. Denk aan sabotagepogingen, spionage en digitale aanvallen op vitale objecten. De Rotterdamse haven, als logistiek knooppunt en energiepoort van Europa, vormt daarbij een belangrijk doelwit. Statelijke actoren kiezen hun aanvalsmomenten vaak strategisch, op momenten dat de bestuurlijke of operationele weerbaarheid laag is. Dit kan leiden tot zogenoemde aanvallen op aanvallen, waarbij meerdere organisaties tegelijk worden geraakt. Daarmee komt ook de bedrijfscontinuïteit van de VRR en haar partners onder druk te staan. Dergelijke aanvallen kunnen een keteneffect veroorzaken, waardoor meerdere risico’s uit dit profiel tegelijk optreden. Onder normale omstandigheden worden slechts enkele risico’s gelijktijdig werkelijkheid. Bij een militaire of hybride dreiging kan sprake zijn van een
De VRR beschikt over een crisisorganisatie die kan optreden bij klassieke rampen en moderne crises. Bij extreme (duur) of gelijktijdigheid van rampen, crises zoals bijvoorbeeld bij militaire en hybride dreiging en het leveren van de civiele verdedigingstaak, is andere capaciteit nodig dan bij klassieke rampen en/ of moderne crises. De VRR is dan waarschijnlijk afhankelijk van interregionale bijstand. De kans dat andere veiligheidsregio’s die hulp kunnen bieden, is klein. In een voorkomend geval kunnen zij zelf getroffen zijn of een aanval verwachten. Daardoor kan de civiele verdedigingstaak onder druk komen te staan. Dit onderzoekt de VRR verder in de capaciteitsanalyse, die na het RRP wordt opgesteld. Deze taak niet expliciet is belegd bij de veiligheidsregio’s in de Wet Veiligheidsregio’s, maar is wel verankerd in de Gemeentewet (artikel 160 lid 1 onder f): het college van burgemeester en wethouders is bevoegd voor de voorbereiding van de civiele verdediging.
/W at zou er kunnen gebeuren in onze regio? Op sociale media verschijnen berichten over vermeende tekortkomingen in het openbaar bestuur. De inhoud klopt niet, maar krijgt wel veel aandacht. Progressieve en conservatieve groepen grijpen de stroom aan berichten aan om te demonstreren. Corruptie, criminaliteit en opruiing leiden tot uiteenvallen van de staat. De spanningen lopen op. Tegelijkertijd raken elektriciteitsnetwerken ontregeld. Er verschijnen berichten over het overlijden van enkele politieke leiders. De bankensector wordt getroffen door een agressief cyberincident, waardoor alle Nederlandse banken uitvallen: online bankieren en pinnen zijn niet mogelijk. Daarna volgen aanslagen op kritieke infrastructuur van Rijkswaterstaat. Primaire waterkeringen raken op meerdere plekken in het land zwaar beschadigd. De Maeslantkering functioneert niet. Rijkswaterstaat waarschuwt dat het aankomende stormseizoen problemen kan geven. Door de hoeveelheid incidenten krijgen deze waarschuwingen onvoldoende aandacht. Ook in België en Duitsland doen zich vergelijkbare incidenten voor.
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 27
4 / Risicoanalyse
In dit hoofdstuk analyseren we de risico’s die de VRR heeft geïnventariseerd en die door experts zijn gescoord. We passen hiervoor de methodiek toe die in hoofdstuk 5 is beschreven.
De vijftien hoogst scorende risico’s (op basis van de MCA-score) zijn volledig uitgewerkt, met een definitie, de score (in tekst) en een duiding per beoordelingscriterium. De overige risico’s worden benoemd; hun volledige uitwerking staat in bijlage 5. De scores zijn gebaseerd op de beschrijving van elk risicothema. Gebruik die beschrijving als uitgangspunt bij de interpretatie van de scores.
4.1
Risico-overzicht
4.1.1 Totaaloverzicht van de risico’s van het domein natuur en klimaat
4.1.2 Totaaloverzicht risico’s van het domein gezondheid
Totaaloverzicht
Totaaloverzicht
Icoon
Icoon
Thema
Thema
Extreme regenval (= zware of langdurige regenval)
Pandemie
Overstroming binnendijks (primaire keringen)
Infectieziekten humaan (bij mensen)
Overstroming binnendijks (regionale keringen)
Verstoring zorgcontinuïteit
Natuurbrand
(Poging tot) zelfdoding
Hitte
Acute vergiftiging
Overstroming buitendijks
Chronische blootstellingen (inclusief zeer zorgwekkende stoffen)
Wind
Dierziekten
Droogte
Plagen
Extreme kou Aardbeving
28 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 29
4.1.3 Totaaloverzicht risico’s van het domein vitale voorzieningen
4.1.4 Totaaloverzicht risico’s van het domein fysieke leefomgeving en milieu
Totaaloverzicht
Totaaloverzicht
Icoon
Icoon
Thema
Thema
Uitval/verstoring elektriciteitsvoorziening
Incident productie & opslag gevaarlijke stoffen
Uitval/verstoring data- en telecommunicatie
Brand gebouw
Uitval/verstoring afhandeling verkeer en vervoer
Incident wegvervoer (regulier)
Uitval/verstoring gas- en warmtevoorziening
Incident met een EOS
Uitval/verstoring voedselvoorziening
Incident gevaarlijke stoffen in de woonomgeving
Uitval/verstoring rioolwaterzuiveringsvoorziening
Incident buisleiding
Uitval/verstoring afvalverwerking
Incident scheepvaart (regulier)
Uitval/verstoring drinkwatervoorziening
Instorting Incident wegvervoer (gevaarlijke stoffen)
/ Incidenten van uiteenlopende aard vergen nauw overleg tussen hulpverleners.
Incident spoorvervoer (regulier) Waterongeval
4.1.5 Totaaloverzicht risico’s van het domein maatschappij
4.2 Vijftien hoogst scorende risico’s op alfabetische volgorde
Totaaloverzicht
Op de volgende bladzijden (32 tot en met 46) staat een uitgebreide beschrijving van elk van de vijftien risico’s die het hoogst scoren in de regio Rotterdam-Rijnmond. Er is gekozen voor een alfabetische volgorde.
Vuurwerk Incident scheepvaart (gevaarlijke stoffen)
Icoon
Thema
Incident spoorvervoer (gevaarlijke stoffen)
Cyberincident
Incident luchtvaart
Criminaliteit (met fysiek component)
Ongeval radioactieve stoffen
Maatschappelijke onrust Extreem geweld en terrorisme Evenementen Paniek in menigten Openbare orde verstoringen
30 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 31
Brand gebouw
4.2.1 Brand gebouw Een brand gebouw is een ongewenste brand in, op, aan of onder een gebouw. Een gebouw is (deels) omsloten en toegankelijk voor mensen. Bij een brand komen warmte, rook en giftige gassen vrij. Voor een brand zijn drie factoren nodig: brandbare materialen, zuurstof en hitte. Gebouwen vormen een bijzonder risico bij brand omdat er vaak mensen aanwezigheid
zijn, waardevolle bezittingen (zoals cultureel erfgoed) en complexe structuren. Hoe ernstig een gebouwbrand verloopt, hangt af van het type gebouw, de aard van de brand, de aanwezige personen, de omgeving en de getroffen maatregelen. Brand kan ontstaan door menselijk handelen, technische storingen of externe oorzaken.
Scoringstabel Beoordelingscriterium
Incident EOS-accu
4.2.2 Incident EOS-accu EOS-batterijen (Energie Opslag Systemen) zijn grootschalige batterijsystemen (accu’s) die elektrische energie opslaan, vaak in combinatie met zonne- of windparken. Deze systemen gebruiken meestal lithium-ioncellen of andere chemische opslagtechnologieën. Het risico bij EOS-installaties ligt vooral bij brand, explosie, lekkage van gevaarlijke
Scoringstabel Score
Waarschijnlijkheid Zeer waarschijnlijk
Ramppotentieel Zeer ernstig
Cascade-effecten (kettingreacties) 3-4 effecten
Fysieke veiligheid (impact) Middel
Toelichting
Beoordelingscriterium
In de regio komen dagelijks gebouwbranden voor. Het risico is structureel aanwezig, zowel in woningen als in zorginstellingen en gebouwen met cultureel erfgoed.
Waarschijnlijkheid
Gebouwbranden kunnen zeer ernstige gevolgen hebben, vooral in gebouwen met veel mensen of kwetsbare groepen. Door verstedelijking en vergrijzing neemt dit risico verder toe. Mogelijke gevolgen zijn instorting, vrijkomen van gevaarlijke stoffen in de woonomgeving en verstoring van vitale voorzieningen. De precieze effecten hangen af van wat er brandt. Jaarlijks vallen er in de regio meerdere dodelijke slachtoffers door gebouwbranden. De impact is vooral groot bij branden in woongebouwen of instellingen, maar meestal beheersbaar binnen de reguliere hulpverlening.
Score
Toelichting
Mogelijk
Ramppotentieel Ernstig
Cascade-effecten (kettingreacties) 5-6 effecten
Fysieke veiligheid (impact) Laag
Weinig zorgen
Beweeglijkheid Stijging
Kennis(on)zekerheid Bekend
Burgers maken zich doorgaans weinig zorgen over gebouwbrand, behalve wanneer er in hun buurt een groot incident plaatsvindt of er veel media-aandacht is. Door vergrijzing, het negeren van adviezen, extramuralisering (zorg leveren buiten een instelling), privatisering in de bouw en verduurzaming neemt het risico toe. Ondanks dat mensen minder risicovol gedrag vertonen (zoals minder roken), stijgt het totale risico volgens experts. Er is veel kennis over brandveiligheid en risicogebouwen. Volgens experts is het onderwerp goed begrepen en is de uitvoering via regelgeving en toezicht goed geborgd.
EOS is in opkomst, vooral bij duurzame energieprojecten. Hoewel incidenten nog zeldzaam zijn, neemt het risico toe door de snelle groei en complexiteit van deze installaties. Een incident met een EOS-accu kan leiden tot zware rookontwikkeling, evacuaties en milieuschade. In stedelijke of industriële omgevingen kan dit zorgen voor langdurige verstoringen. Mogelijke gevolgen zijn brand gebouw, explosie, milieuvervuiling, vrijkomen van gevaarlijke stoffen in woonomgeving en acute vergiftiging. Volgens onderzoek van het NIPV zijn er tot nu toe weinig slachtoffers geregistreerd bij EOS-incidenten. De impact op fysieke veiligheid is daardoor laag, ondanks het potentieel bij grotere incidenten.
Subjectieve veiligheid Subjectieve veiligheid
32 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
stoffen en het vrijkomen van giftige gassen. Dit kan ontstaan door kortsluiting, oververhitting (thermische runaway) of mechanische schade. De thuisbatterij valt niet onder dit risicothema.
Weinig zorgen/angst
Beweeglijkheid Sterke stijging
Kennis(on)zekerheid Bekend
EOS-installaties roepen vragen op bij bewoners, vooral bij plaatsing in woonwijken of nabij scholen. Incidenten in het buitenland (zoals in Zuid-Korea en de VS) zorgen voor extra terughoudendheid. Het risicobeeld verandert snel door nieuwe technologieën, chemische samenstellingen en regelgeving. De PGS 37-1 richtlijn is recent vastgesteld, maar nog niet volledig ingevoerd en zal waarschijnlijk worden herzien door de snelle ontwikkelingen. De technische kennis over lithium-ionbatterijen is groot, maar er is nog weinig data over incidenten. De effectiviteit van blusmethoden wordt onderzocht. Ook bestaan onzekerheden over gasvorming en explosiegrenzen, maar de kennisbasis wordt als voldoende beschouwd.
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 33
Criminaliteit met fysieke component
Cyberincidenten
4.2.3 Criminaliteit met fysieke component
4.2.4 Cyberincidenten
Dit thema gaat over criminele activiteiten waarbij een fysieke gevaarsetting ontstaat. Denk aan plofkraken, explosies bij drugslabs, hennepkwekerijen, schiet- en steekincidenten of (vuurwerk)aanslagen.
Een cyberincident kan ontstaan door een bewuste aanval, maar ook door menselijke fouten of technische storingen. De oorzaak kan dan zowel digitaal als fysiek zijn. In feite kan bijna elke verstoring een digitale component hebben. Dit thema richt zich op cyberincidenten die kunnen leiden tot maatschappelijke ontwrichting of verstoring van de eigen bedrijfsvoering.
Scoringstabel
Scoringstabel
Beoordelingscriterium
Score
Waarschijnlijkheid Waarschijnlijk
Ramppotentieel
Toelichting
Beoordelingscriterium
In 2024 werden in Rotterdam 232 explosie-incidenten gemeld. Daarnaast zijn er jaarlijks tientallen drugslabs, dumpingen en hennepkwekerijen. Het risico is structureel aanwezig en neemt toe.
Waarschijnlijkheid
Ernstig
Explosies of branden in drugslabs kunnen leiden tot doden, gewonden en grote materiële schade. Vooral in woonwijken kan de impact groot zijn.
3 tot 4 effecten
Mogelijke gevolgen zijn gevaarlijke stoffen in de woonomgeving, brand gebouw, chronische blootstelling aan (zeer zorgwekkende) stoffen.
Cascade-effecten (kettingreacties)
Fysieke veiligheid (impact) Middel
Subjectieve veiligheid Veel zorgen/angst
Het aantal doden is beperkt, maar letsel komt regelmatig voor. Vooral hulpverleners, het milieu en omwonenden lopen risico. Daarnaast leiden steek- en schietincidenten tot extra druk op hulpdiensten. Volgens de Risico- en Crisisbarometer (voorjaar 2024) maakt 14% van de bevolking zich zorgen over georganiseerde criminaliteit. Explosies bij woningen versterken het gevoel van onveiligheid.
Voorbeelden zijn Ddos-aanvallen, ransomware, (digitale) sabotage, spionage of technisch falen.
Score
Toelichting
Onwaarschijnlijk
Hoewel cyberincidenten vaak voorkomen (zoals de KPNstoring in 2019 en de hack bij VNOG in 2020), hebben ze zelden geleid tot grootschalige maatschappelijke ontwrichting. De frequentie neemt echter toe, en de afhankelijkheid van digitale processen maakt de impact groter.
Ramppotentieel Catastrofaal
Cascade-effecten (kettingreacties) 3-4 effecten
Fysieke veiligheid (impact) Hoog
Subjectieve veiligheid Veel zorgen/angst
Beweeglijkheid Stijging
Kennis(on)zekerheid Bekend
34 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
Trends in jeugdcriminaliteit, drugsproductie en ‘High Impact Crime’ veranderen snel. Nieuwe vormen van criminaliteit vragen om aanpassing van beleid en aanpak. Politie, gemeenten en veiligheidsregio beschikken over uitgebreide data, zoals het Gezamenlijk Veiligheidsbeeld. Een deel van de criminaliteit blijft echter verborgen, bijvoorbeeld bij intimidatie of ondermijning.
Beweeglijkheid
De economische schade bij een grootschalig incident kan enorm zijn. De rijksbrede risicoanalyse schat de impact op 2–5% van het bbp (de Nederlandse economie) per dag. De storing bij CrowdStrike-storing kostte Air France-KLM bijvoorbeeld 25 miljoen euro. Door de sterke verwevenheid van digitale en vitale processen is het ramppotentieel catastrofaal. Mogelijke gevolgen zijn uitval/verstoring van elektriciteit, uitval/verstoring van data- en telecommunicatie, verstoring zorgcontinuïteit en maatschappelijke onrust. Bij deze beoordeling zijn ook de psychosociale effecten meegenomen. Cyberincidenten kunnen leiden tot angst, stress en wantrouwen, ook zonder direct fysiek letsel. Volgens de Risico- en Crisisbarometer (voorjaar 2024) maakt 22% van de bevolking zich zorgen over cyberdreigingen. De onzichtbaarheid en complexiteit van dit risico versterken gevoelens van onzekerheid.
Sterke stijging
De dreiging neemt snel toe door: q Meer cyberactiviteiten q Snelle ontwikkeling van AI en quantumtechnologie q Tekort aan cybersecurityspecialisten q Groeiende afhankelijkheid van digitale systemen
Onduidelijk
Er is veel kennis bij organisaties zoals NCSC, CERT’s en private partijen. Toch is er een tekort aan experts, en blijven kwetsbaarheden in ketens en verouderde systemen vaak onzichtbaar. Veel organsiaties zijn onvoldoende voorbereid.
Kennis(on)zekerheid
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 35
Extreme regenval
4.2.5 Extreme regenval Bij extreme regenval komt er in korte tijd heel veel neerslag, of juist langdurig veel regen. Meestal leidt dit niet tot een grote ramp, maar wateroverlast komt wel vaak voor. De riolering kan ongeveer 20 millimeter neerslag per uur verwerken. Daarnaast helpen andere systemen bij het opvangen en afvoeren van water. Bij zeer zware buien of langdurige neerslag
is die capaciteit onvoldoende en blijft water staan. In Rotterdam en Zuid-Holland regent het vaak langer en meer dan in andere delen van Nederland. Dat komt door de ligging aan zee en doordat steden warmte vasthouden (waardoor buien kunnen aanhouden of zich versterken). In de herfst valt er vooral meer regen in de kustgebieden.
Scoringstabel Beoordelingscriterium
Incident met gevaarlijke stoffen in de woonomgeving 4.2.6 Incident met gevaarlijke stoffen in de woonomgeving Gevaarlijke stoffen komen niet alleen voor in industrie of transport, maar ook in woningen. Denk aan stoffen die vrijkomen bij het gebruik van gas, schoonmaakmiddelen of nieuwe energietoepassingen zoals waterstof. Hoewel het vaak om kleine hoeveelheden gaat, kunnen deze stoffen risico’s opleveren voor de gezondheid en
Scoringstabel Score
Waarschijnlijkheid Mogelijk
Ramppotentieel Ernstig
Cascade-effecten (kettingreacties)
Toelichting
Beoordelingscriterium
Experts van waterschappen en gemeenten vinden maandelijks extreme regen in de zomermaanden voorstelbaar. Piekbuien geven lokaal grote schade; langdurige regen zet het watersysteem in stad en land onder druk. KNMI-scenario’s bevestigen deze trend.
Waarschijnlijkheid
Hoewel in onze regio tot nu toe geen dodelijke slachtoffers zijn gevallen door extreme regen, is de potentiële schade groot: ondergelopen parkeergarages en bedrijfspanden, uitval van metro’s, schade aan cultureel erfgoed en verstoring van bedrijfsprocessen. Gemeente Rotterdam schat bij een zwaar scenario de schade op > € 800 miljoen.
3 tot 4 effecten
Mogelijke directe gevolgen zijn uitval/verstoring van elektriciteitsvoorziening, wegvervoer, spoorvervoer, uitval/verstoring gas-/ warmtevoorziening.
Hoog
Directe slachtoffers zijn zeldzaam, maar indirecte impact kan groot zijn: mensen die vastzitten in ondergelopen gebouwen en hulpdiensten die vertraging oplopen.
Score
Toelichting
Waarschijnlijk
Ramppotentieel Ernstig
Cascade-effecten (kettingreacties)
Subjectieve veiligheid Zorgen/angst
Beweeglijkheid Stijging
Kennis(on)zekerheid Duidelijk
Beleving verschilt per wijk. In gebieden met eerdere wateroverlast is de risicoperceptie hoog. Elders is bewustzijn lager. De Risico- en Crisisbarometer toont zorgen over extreem weer, maar niet specifiek over extreme regen. Daarom is op basis van input van waterschappen en gemeenten gescoord op ‘zorgen’. Door klimaatverandering worden buien heviger en vaker. Tegelijk zijn er maatregelen, zoals klimaatstresstesten om kwetsbare gebieden voor extreme regenval, droogte, hitte en overstroming te bepalen. Het risico blijft daarmee dynamisch.
In de regio komen regelmatig incidenten voor waarbij gevaarlijke stoffen vrijkomen in woonwijken, zoals gas- of CO- en incidenten met waterstof. Het risico is structureel aanwezig. De meeste incidenten zijn klein, maar een groot incident met gas of waterstof kan leiden tot doden, evacuaties en langdurige schade aan woningen. Ook de leefomgeving en vitale voorzieningen kunnen zwaar worden getroffen. Mogelijke gevolgen zijn brand gebouw, instorting en maatschappelijke onrust.
3-4 effecten
Fysieke veiligheid (impact)
Jaarlijks vallen slachtoffers door blootstelling aan gevaarlijke stoffen in huis, zoals bij koolmonoxidevergiftiging. Hoewel het aantal doden beperkt is, is de impact op gezondheid en veiligheid aanzienlijk.
Middel
Fysieke veiligheid (impact)
36 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
veiligheid van bewoners. Binnen dit thema vallen chemische, biologische en radiologische stoffen. De indeling is gebaseerd op het mogelijke gevaar voor mensen, ongeacht de hoeveelheid of het etiket. In woonwijken ontbreekt vaak de kennis en alertheid die in professionele omgevingen wel aanwezig is. Daardoor kunnen bewoners onbedoeld worden blootgesteld of incidenten veroorzaken.
Subjectieve veiligheid Weinig zorgen/angst
Beweeglijkheid Stijging
Kennis(on)zekerheid Bekend
Na incidenten ervaren bewoners stress en wantrouwen, vooral als er herhaaldelijk iets misgaat in dezelfde buurt. Gemeenten merken dat bewoners zich onveilig voelen en elkaar minder vertrouwen. Nieuwe energietoepassingen zoals waterstof, verouderde gebouwen en meer gebruik van huishoudelijke chemicaliën vergroten het risico. Experts zien een duidelijke stijgende trend. De eigenschappen en effecten van gevaarlijke stoffen zijn goed bekend. De onzekerheid zit vooral in het gebrek aan signalering en bewustzijn bij bewoners, niet in de technische kennis zelf.
Organisaties hebben goede modellen en stresstesten. Exacte locatie, timing en samenloop blijven lastig te voorspellen. De menselijke factor (hoe mensen reageren) zorgt voor extra onzekerheid.
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 37
Incidenten bij wegvervoer
Maatschappelijke onrust
4.2.7 Incidenten bij wegvervoer
4.2.8 Maatschappelijke onrust
Wegvervoer gaat over het vervoer van personen en goederen over de weg, met voertuigen zoals auto’s, vrachtwagens, bussen en motoren. Het risico heeft betrekking op ongevallen die kunnen leiden tot letsel of dodelijke slachtoffers, schade aan infrastructuur, verlies van lading of gevaar voor het milieu en omstanders.
Maatschappelijke onrust ontstaat wanneer groepen mensen zich zorgen maken over hoe het gaat in de samenleving. Dit kan komen door gevoelens van onzekerheid, angst of ontevredenheid. In rapporten gebruiken wordt dit verschijnsel ook wel omschreven als spanningen, polarisatie of onvrede. Onderzoekers vinden het lastig om precies te definiëren wat maatschappelijke
Scoringstabel
Scoringstabel
Beoordelingscriterium
Score
Waarschijnlijkheid Zeer waarschijnlijk
Ramppotentieel
Toelichting
Beoordelingscriterium
In 2024 vielen in Nederland 675 verkeersdoden, waarvan een groot deel in stedelijke gebieden zoals Rotterdam. Jaarlijks belanden zo’n 130.000 mensen op de spoedeisend hulp door verkeersongevallen. Door het intensieve verkeer, met veel vrachtvervoer van en naar de haven, is het risico structureel en dagelijks aanwezig.
Waarschijnlijkheid
Cascade-effecten (kettingreacties)
Mogelijke gevolgen zijn brand gebouw of gevaarlijke stoffen in de woonomgeving. 1-2 effecten
Fysieke veiligheid (impact) Zeer hoog
Subjectieve veiligheid Weinig zorgen/angst
Beweeglijkheid Stijging
Kennis(on)zekerheid Duidelijk
38 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
Wegvervoer zorgt voor de meeste dodelijke slachtoffers in de regio. In 2024 kwamen 220 mensen om in auto’s en 246 op de fiets, vaak in botsingen met gemotoriseerd verkeer. De impact op fysieke veiligheid is dus zeer hoog. Slechts 1% van de bevolking maakt zich zorgen over verkeersongevallen, blijkt uit de Risico- en Crisisbarometer. Mensen voelen zich over het algemeen veilig in het verkeer, ondanks het reële risico. Er is sprake van gewenning en acceptatie. De verkeersdrukte groeit, net als het bestel- en vrachtwagen en elektrische voertuigen. Ook de energietransitie verhoogt het risico, bijvoorbeeld door transport van waterstofdragers en ammoniak. Het risicobeeld verandert snel, vooral in stedelijke gebieden. Er is veel kennis en data beschikbaar via onder andere Rijkswaterstaat, SWOV en BRON. De risico’s zijn goed onderzocht, maar menselijk gedrag blijft een onvoorspelbare factor.
Toelichting
Waarschijnlijk
Ramppotentieel
De meeste ongevallen zijn kleinschalig, maar een botsing met een bus of meerdere voertuigen kan leiden tot doden, evacuaties of langdurige afsluiting van wegen en tunnels. Zulke incidenten komen af en toe voor.
Ernstig
Score
onrust is, maar meestal ontstaat het wanneer mensen het gevoel hebben dat er iets fundamenteel mis is in de samenleving. Maatschappelijke onrust wordt een veiligheidsrisico wanneer deze gevoelens zich vertalen in acties, bijvoorbeeld demonstraties of confrontaties.
Ernstig
Cascade-effecten (kettingreacties)
Maatschappelijke onrust komt regelmatig voor in de regio, bijvoorbeeld in de vorm van demonstraties, protestacties of online mobilisatie. De frequentie is hoog en bij dergelijke bijeenkomsten vallen maandelijks slachtoffers. Hoewel maatschappelijke onrust zelden leidt tot fysieke rampen, kan de schade groot zijn. Denk aan blokkades van spoor of haven, of beschadiging van cultureel erfgoed, met economische schade die kan oplopen tot miljoenen euro’s. Langdurige onrust tast bovendien het vertrouwen in overheid en instituties aan. Afhankelijk van de locatie: verstoring vitale voorzieningen.
1 tot 2 effecten
Fysieke veiligheid (impact) Laag
Subjectieve veiligheid Veel zorgen/angst
Beweeglijkheid Sterke stijging
Kennis(on)zekerheid Bekend
De meeste incidenten zijn kleinschalig, maar opgeteld kunnen ze leiden tot confrontaties met hulpdiensten of letsel bij deelnemers. De impact op fysieke veiligheid blijft beperkt, maar is niet te negeren. Volgens de Risico- en Crisisbarometer (voorjaar 2024) maakt 28% van de bevolking zich zorgen over spanningen tussen bevolkingsgroepen. Zulke onrust tast het gevoel van veiligheid en samenhang aan. De trend is sterk stijgend. Het aantal demonstraties en escalaties is de laatste jaren fors toegenomen. Ook de impact groeit, bijvoorbeeld door blokkades van wegen, havens en distributiecentra. Online mobilisatie versterkt deze ontwikkeling. Er is veel kennis beschikbaar bij de NCTV, gemeenten en politie. Toch blijft maatschappelijke onrust moeilijk te voorspellen, door de invloed van sociale media, internationale ontwikkelingen en plotselinge escalaties.
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 39
Overstroming binnendijks (primaire keringen) 4.2.9 Overstroming binnendijks (primaire keringen) De regio Rotterdam-Rijnmond is omringd door water: de kust en het havengebied, het Haringvliet en rivieren als de Nieuwe Waterweg, Oude Maas, Spui, Nieuwe Maas, Noord Hollandse IJssel en de Lek. Een groot deel van de regio ligt binnendijks, beschermd tegen hoogwater vanuit zee en rivieren door primaire
waterkeringen: duinen, dijken, dammen, sluizen en stormvloedkeren. Er zijn ook buitendijkse gebieden die niet door primaire waterkeringen zijn beschermd tegen hoge rivierstanden. Een klein deel van de buitendijkse gebieden ligt bovendien buiten de bescherming van stormvloedkeringen tegen hoge waterstanden vanuit de Noordzee. Met dijkdoorbraak bedoelen we: het falen van een primaire waterkering, waardoor binnendijkse gebieden overstromen.
Scoringstabel Beoordelingscriterium
4.2.10 Overstroming binnendijks (regionale keringen) Regionale waterkeringen beschermen het land tegen overstromingen vanuit kleinere wateren, zoals boezems, kanalen en regionale rivieren. In de regio Rotterdam-Rijnmond zijn deze keringen belangrijk voor de bescherming van woonwijken, landbouw-
gebieden en infrastructuur. Door klimaatverandering, bodemdaling en verstedelijking komen deze keringen steeds meer onder druk te staan. Ze zijn bovendien gevoeliger voor droogte, graafschade door bevers en verstoring door kabels en leidingen.
Scoringstabel Score
Waarschijnlijkheid Zeer onwaarschijnlijk
Ramppotentieel Catastrofaal
Cascade-effecten (kettingreacties) 7 of meer effecten
Fysieke veiligheid (impact) Zeer laag
Subjectieve veiligheid Veel zorgen/angst
Beweeglijkheid Stijging
Kennis(on)zekerheid Duidelijk
40 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
Overstroming binnendijks (regionale keringen)
Toelichting
Beoordelingscriterium
Volgens de normering in de Omgevingswet liggen de overstromingskansen van dijktrajecten in onze regio tussen eens per 200 en eens per 100.000 jaar. Door strenge normen en beheer is de kans op een dijkdoorbraak zeer klein, maar het blijft een reëel scenario in risicobeoordelingen.
Waarschijnlijkheid
Een doorbraak van een primaire kering kan leiden tot grootschalige overstroming, mogelijk honderden doden, massale evacuatie, schade aan cultureel erfgoed en langdurige ontwrichting van vitale processen.
Ramppotentieel
Mogelijke gevolgen zijn uitval vitale infrastructuur, maatschappelijke onrust, instorting, verstoring zorgcontinuïteit, infectieziekten en gevaarlijke stoffen.
Cascade-effecten (kettingreacties)
De gevolgen kúnnen extreem zijn, maar de kans op optreden is klein. Extra bescherming van genormeerde dijktrajecten van primaire waterkeringen komt van stormvloedkeringen (bij storm vanuit de Noordzee) en door de mogelijke inzet van de Waterberging Volkerak-Zoommeer bij extreem hoogwater op de rivieren en het Haringvliet.
Er is veel theoretische kennis en modelinformatie, maar weinig praktijkervaring met grootschalige dijkdoorbraken. Daardoor zijn de operationele gevolgen niet volledig te overzien.
Toelichting
Mogelijk
Zeer ernstig
3–4 effecten
Fysieke veiligheid (impact)
De kans op een doorbraak is groter dan bij primaire waterkeringen, omdat regionale keringen lagere normen hebben. De gevolgen zijn wel veel kleiner. Droogte, beveractiviteit en overbelasting vergroten de kans op schade of falen. In de regio zijn al kwetsbare trajecten bekend. Een doorbraak kan leiden tot lokale overstroming met grote schade aan woningen, infrastructuur en vitale voorzieningen. De impact blijft beperkt tot het getroffen gebied, maar kan daar zwaar zijn. Mogelijke effecten zijn uitval/verstoring verkeer en vervoer, uitval/verstoring nutsvoorzieningen en maatschappelijke onrust.
Middel
Er kunnen gewonden vallen, vooral bij een evacuatie bij overstromingsdreiging of plotseling falen van een regionale kering. Dodelijke slachtoffers zijn zeldzaam, maar niet uitgesloten. Financiële schade kan aanzienlijk zijn.
Veel zorgen/angst
In onderzoek naar de veiligheidsbeleving bij overstromingen binnendijks wordt geen onderscheid gemaakt tussen regionale en primaire keringen. Ongeveer 14-15% van de mensen maakt zich zorgen over dit regio.
Subjectieve veiligheid
14–15% van de bevolking maakt zich zorgen over binnendijkse overstroming. In onderzoek naar veiligheidsbeleving scoort dit risico hoog als zorgpunt. Door verstedelijking, economische groei en klimaatverandering neemt de potentiële impact toe, ook al blijft de kans laag.
Score
Beweeglijkheid Stijging
Kennis(on)zekerheid Duidelijk
Klimaatverandering, bodemdaling en verstedelijking vergroten het risico. Ook wordt er meer gebouwd in kwetsbare gebieden. De technische kennis over regionale keringen is goed, maar lokale verschillen en menselijk handelen maken het risico complex. Goed onderhoud en monitoring blijven noodzakelijk.
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 41
Pandemie
4.2.11 Pandemie Een pandemie is een wereldwijde uitbraak van een infectieziekte die zich snel verspreidt onder mensen in meerdere landen en continenten. Dit gebeurt wanneer een nieuw en besmettelijk virus of bacterie zich verspreidt onder mensen die daar nog geen of weinig weerstand tegen hebben. Een pandemie verschilt van gewone infectieziekten