26-16 Bijlage 4 - Concept Begroting 2027 - 2e Begrotingswijziging 2026
Tekst van het document
Dit incidentbestrijdingsplan is een vertrouwelijk document. Gehele of gedeeltelijke overname of reproductie van de inhoud, het gebruik van gehele of gedeeltelijk bewerkte versies en verspreiding en/of verstrekking aan derden van dit rampbestrijdingsplan op welke wijze dan ook, is niet toegestaan zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de VRR. eerff
Begroting 2027 incl. 2e begrotingswijziging 2026
Classificatie: VRR-Standaard (V2)
We zijn er. Altijd.
/ Colofon Dit document is tot stand gekomen onder regie van Middelen en Control. Adres Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond Postbus 9154, 3007 AD Rotterdam E-mail: secretariaatm&c@vr-rr.nl Versie 1.0 Eindredactie en beheer Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond – Middelen en Control Redactie Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond
Middelen en Control
Begroting VRR 2027 en 2e begrotingswijziging 2026 VRR / 2
Classificatie: VRR-Standaard (V2)
/ Inhoudsopgave Voorwoord .......................................................................................................................................... 4 Bestuurlijke samenvatting ................................................................................................................... 5
1. / Programma’s .................................................................................................................................. 7 1.1 Algemeen ..................................................................................................................................................................... 7 1.2 Programma Ambulancezorg....................................................................................................................................... 8 1.2 Programma Brandweerzorg ..................................................................................................................................... 10 1.3 Risico- en Crisisbeheersing en de GHOR ............................................................................................................... 13 1.4 Programma Versterken weerbaarheid van de samenleving .................................................................................. 15
2. / Paragrafen .................................................................................................................................... 16 2.1 Weerstandsvermogen en Risicomanagement ........................................................................................................ 16 2.2 Financiering ............................................................................................................................................................... 22 2.3 Onderhoud kapitaalgoederen .................................................................................................................................. 23 2.4 Bedrijfsvoering .......................................................................................................................................................... 24 2.5 Openbaarheidsparagraaf .......................................................................................................................................... 25
3 /Financiën ........................................................................................................................................ 26 3.1 Financiële ontwikkeling ............................................................................................................................................ 26 3.2 Overzicht van de baten en lasten per programma 2026-2030 ............................................................................... 28 3.3 Verschillenanalyse per programma ......................................................................................................................... 29 3.4 Overzicht van baten en lasten – structureel en incidenteel. ................................................................................. 33 3.5 Overzicht van baten en lasten – taakvelden. .......................................................................................................... 33 3.6 Ontwikkeling van het Eigen Vermogen. .................................................................................................................. 34 3.7 Ontwikkeling van de voorzieningen ........................................................................................................................
36 3.8 Financiële positie ...................................................................................................................................................... 38 3.9 Ontwikkeling van de investeringen ......................................................................................................................... 39 3.10 Ontwikkeling van de financiering .......................................................................................................................... 40 3.11 Gemeentelijke bijdragen ......................................................................................................................................... 41
4.1 Staat van vereiste handtekeningen ......................................................................................................................... 44 4.2 Afkortingen ................................................................................................................................................................ 45
27
Voorwoord Voor u ligt de begroting van 2027 van de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond (VRR). Dit is de eerste van de meerjarenbeleidscyclus 2027-2031. Deze begroting omvat de taken die wij namens de dertien aangesloten gemeenten in de regio uitvoeren op het gebied van rampenbestrijding, crisisbeheersing, risicobeheersing, brandweerzorg, ambulancezorg en het organiseren van geneeskundige hulpverlening. Onze regio met 1,3 miljoen inwoners is zeer divers en kent vele uitdagingen op het gebied van veiligheid. Zo hebben we te maken met druk bevaren getijderivieren, oude binnensteden, uitgestrekte natuur- en duingebieden, zware industrie, een vol wegennet, de grootste haven van Europa en een internationale luchthaven. Een gebied dat daarnaast gekenmerkt wordt door een grote verzameling van culturen, talen en gebruiken. Onze VRR staat midden in deze samenleving, die snel verandert. Wereldwijde ontwikkelingen zoals klimaatverandering, geopolitieke spanningen en technologische transities hebben direct gevolgen voor onze regio en de veiligheid waar wij voor staan. Dat brengt onzekerheden met zich mee en stelt ons voor nieuwe en soms complexe veiligheidsvraagstukken. Uitdagingen die wij vanuit onze regierol met beide handen aangrijpen. Weerbaarheid Een van die onderwerpen is Weerbaarheid. Een opgave die landelijk veel aandacht krijgt.
In een context van toenemende complexiteit en kans op langdurige, grootschalige crises spelen de veiligheidsregio’s een cruciale rol in het vergroten van de weerbaarheid van de samenleving. Landelijk is afgesproken om een robuust netwerk van noodsteunpunten en coördinatiepunten op te zetten om de samenleving beter te beschermen bij langdurige crises. Het jaar 2026 zal in het teken staan van pilots . Samen met gemeenten en crisispartners wordt getest hoe de noodsteunpunten en coördinatiepunten in onze regio effectief kunnen worden ingericht. Wat er in 2027 (en verder) gaat gebeuren is wél afhankelijk van de resultaten van deze pilots en de bijdrage van het Rijk die wij gaan ontvangen. Naast de weerbaarheid van de samenleving is onze eigen organisatie net zo belangrijk. We richten ons op flexibiliteit, continuïteit van crisisoperaties en samenwerking met (vitale) partners. Dit alles ondersteund door een veilige en stabiele digitale infrastructuur, met oog voor privacy en wetgeving. We zijn als organisatie aangewezen als ‘vitaal’, wat betekent dat we onze digitale beveiliging op het hoogste niveau moeten hebben en houden. Technologische ontwikkelingen Digitalisering en AI zijn sleuteltechnologieën voor een toekomstbestendige veiligheidsaanpak. Ze stellen ons in staat om sneller, slimmer en risicogerichter te handelen in een dynamische omgeving.
Onze veiligheidsregio zet vol in op het benutten van digitale scenario- en data-analyse om adaptieve veiligheid te realiseren. Informatie gestuurd werken met innovatieve oplossingen versterken onze rol als gezaghebbende organisatie. Uiteraard zijn we scherp op de risico’s die deze nieuwe technieken met zich mee brengen. Basis op orde Naast het inspelen op deze brede ontwikkelingen, hebben we continu aandacht voor de basisprocessen binnen onze veiligheidsregio. Wij werken dagelijks aan een vakbekwame brandweer met betrouwbaar materiaal, een vitale en zeer goed opgeleide ambulancedienst en aan een proactieve afdeling risico- en crisisbeheersing, die weet wat er speelt en vanuit kennis en expertise onze regio dagelijks veiliger maakt. Deze aandacht geldt ook voor onze kwalitatief ijzersterke meldkamer en ondersteunende afdelingen vol professionals. Zoals altijd geldt; plannen van vandaag kunnen morgen achterhaald zijn. Daarom houdt de VRR de maatschappelijke en geopolitieke ontwikkelingen voortdurend in de gaten en sturen wij bij als dat nodig is. Met onze maatschappelijke opdracht altijd in gedachte, om in 2040 een klimaat neutrale organisatie te zijn.
We zijn trots op het hoogstaande niveau van onze veiligheidsregio en doen dagelijks het maximale om dit te behouden. Samen met onze partners staan we sterk en houden we onze regio en haar inwoners zo veilig mogelijk in deze veranderende wereld. Deze begroting is een stap in de financiële onderbouwing van onze ambitie. Arjen Littooij, algemeen directeur Begroting VRR 2027 en 2e begrotingswijziging 2026 VRR / 4
Classificatie: VRR-Standaard (V2)
Bestuurlijke samenvatting Het jaar 2027 is het startjaar van het nieuwe meerjarenbeleidsplan VRR 2027 – 2031. In een regio die zich kenmerkt door drukke havens, stedelijke dichtheid, grote industrie, kwetsbare infrastructuur en een bevolking van ruim 1,3 miljoen inwoners staat de VRR voor een complexe veiligheidsopgave. Wereldwijde ontwikkelingen zoals klimaatverandering, digitalisering, geopolitieke spanningen en verandering in de zorg leggen extra druk op zowel de samenleving als de hulpdiensten. Daarom zet de VRR de komende jaren sterk in op het vergroten van de weerbaarheid: zowel van inwoners en organisaties als van de eigen crisisstructuren en digitale systemen. Een en ander is wél afhankelijk van de uitkomsten van de pilots in 2026 en de bijdrage van het Rijk die wij gaan ontvangen. Innovatie, zoals data-analyse en AI, krijgt meer ruimte, maar altijd zorgvuldig en ondersteunend aan het primaire werk. Naast deze vernieuwingen blijft de basisopgave centraal staan: een professioneel inzetbare brandweer, een vitale ambulancedienst, sterke risico- en crisisbeheersing, en een stabiele meldkamer die werken aan het voorkomen en beperken van schade en leed. Dit doen wij samen met gemeenten, zorgketenpartners, bedrijven en instellingen.
De regio is zeer divers—van havengebieden en industrie tot oude stadswijken en landelijke gebieden—waardoor risico’s uiteenlopen van zware industrie tot vergrijzing, extremere weersomstandigheden en maatschappelijke spanningen. In deze context werkt de VRR vanuit het uitgangspunt: “Wij zijn er. Altijd.” 2e Begrotingswijziging 2026 De loonafspraken van de nieuwe Cao veiligheidsregio’s zijn verwerkt in de begrotingswijziging van 2026. Het gaat om 4,1% loonsverhoging per 1 augustus 2025 en 3,1% per 1 augustus 2026. Verder zijn de bevindingen uit het jaarverslag VRR en de budgetafspraken 2026 met de zorgverzekeraars voor de ambulancedienst verwerkt. Hierbij is rekening gehouden met de geplande mutaties in de bestemmingsreserves en voorzieningen Het ministerie van Justitie en Veiligheid heeft een incidentele bijdrage voor Weerbaarheid toegekend van € 400k. Daarnaast gaan we voor de uitvoering van deze taken de reservering die voor weerbaarheid in 2025 is getroffen inzetten. Met een aantal gemeenten wordt een DVO afgesloten voor de adviezen op A-evenementen. Wij verwachten dat in totaal 9 gemeenten een DVO zullen afsluiten en hebben dit verwerkt in de begrotingswijziging. Tot slot zijn de kapitaallasten geactualiseerd op basis van de meest actuele investeringskalender. Het verwachte resultaat blijft bij deze begrotingswijziging ongewijzigd: - € 1.346k.
Begroting 2027 Voor de begroting 2027 is het indexeringspercentage van 3,41% toegepast dat door de colleges van burgemeesters en wethouders van de deelnemende gemeenten is vastgesteld. Deze indexering is gebaseerd op een nieuwe systematiek, die aansluit bij de indexering die gemeenten ontvangen in het Gemeentefonds. Voor het programma Ambulancezorg is voor de personele lasten een indexatie van 2% gebruikt in lijn met de verwachte stijging voor deze lasten. De onderhandelingen met de zorgverzekeraars over het budget 2027 vindt de aankomende maanden plaats. Voor het programma Weerbaarheid, waarin de pilot noodsteunpunten en burgerhulpverlening zijn ondergebracht, wordt in de loop van 2026 meer duidelijkheid verwacht vanuit de uitkomsten van de pilots voor de noodsteunpunten en coördinatiepunten én over de bijdrage van het Rijk. Bij het opstellen van de begroting is uitgegaan van de geplande mutaties in de bestemmingsreserves en voorzieningen. De investeringskalender is geactualiseerd en de kapitaallasten zijn op basis hiervan aangepast. Gelet op de ontwikkelingen in de markt en op basis van de ervaringen in de afgelopen twee jaar is in 2027 een ingeschatte vertraging ingeboekt op het investeringsprogramma. Hierbij is rekening gehouden met het kunnen realiseren van 70% van de geplande investeringen. Daarnaast zijn de kapitaalslasten verlaagd met 15%.
5
Programma's ( x € 1.000) Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing Weerbaarheid Overhead Financieringsfunctie Totaal lasten Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing Weerbaarheid Overhead Financieringsfunctie Totaal baten Resultaat voor bestemming Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing Weerbaarheid Toevoeging bestemmingsreserve Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing Weerbaarheid Onttrekking bestemmingsreserve Resultaat na bestemming
1e bw 2026 74.474 108.120 15.539 120 35.345 641 234.238 80.440 134.920 15.509 120 85 400 231.474 -2.764 1.163 1.163 199 1.232 1.150 2.581 -1.346
Wijzigingen -201 430 44 785 755 -0 1.812 -212 713 577 280 90 350 1.798 -14 -14 -14 -0 -0 -1.150 1.150 -0 -0
2e BW 2026 74.272 108.550 15.582 905 36.100 641 236.050 80.228 135.633 16.086 400 175 750 233.273 -2.778 1.149 1.149 199 1.232 1.150 2.581 -1.346
Wijzigingen 1.447 3.851 669 -905 252 -36 5.278 1.592 5.025 1.871 -400 44 -77 8.055 2.778 -202 -202 0 -237 -1.150 -1.387 1.593
2027
2028
2029
2030
75.719 112.401 16.251 36.352 605 241.328 81.820 140.658 17.958 219 673 241.328 947 947 199 995 1.194 247
75.597 112.904 16.378 35.433 1.016 241.328 81.820 140.658 17.958 219 673 241.328 639 639
75.597 112.363 16.427 35.492 1.449 241.328 81.820 140.658 17.958 219 673 241.328 631 631
75.597 112.363 16.427 35.492 1.449 241.328 81.820 140.658 17.958 219 673 241.328 631 631
721 721 83
1.295 1.295 663
915 915 284
Begroting VRR 2027 en 2e begrotingswijziging 2026 VRR / 6
Classificatie: VRR-Standaard (V2)
1. / Programma’s 1.1 Algemeen De Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond (VRR) is een overheidsorganisatie die namens de dertien gemeenten in de regio verantwoordelijk is voor rampen- en crisisbeheersing, risicobeheersing, brandweerzorg, ambulancezorg en de geneeskundige hulpverlening. De VRR staat midden in een regio die sterk verstedelijkt, economisch vitaal en internationaal verbonden is — en waar risico’s, maatschappelijke ontwikkelingen en complexe dreigingen elkaar steeds sneller opvolgen. In dit dynamische landschap is ons uitgangspunt onveranderd: “Wij zijn er altijd.” Wij doen dit door een gezamenlijke inzet van hulpdiensten, ketenpartners, burgers, bedrijven en instellingen. Samen werken we aan het voorkomen en beperken van schade en leed, onder alle omstandigheden. De regio kent een hoge concentratie aan risico’s door de aanwezigheid van een wereldhaven, omvangrijke industrie, een dichtbevolkt stedelijk gebied en een variëteit aan kwetsbare infrastructuur. Deze factoren bepalen het risicoprofiel en vragen om een sterke, wendbare en goed samenwerkende veiligheidsorganisatie. De deelnemende gemeenten aan de Veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond zijn Albrandswaard, Capelle aan den IJssel, Goeree-Overflakkee, Krimpen aan den IJssel, Lansingerland, Maassluis, Nissewaard, Ridderkerk, Rotterdam, Schiedam, Vlaardingen en Voorne aan Zee.
In dit gebied van ruim 865 km² wonen meer dan 1,3 miljoen inwoners, verspreid over stedelijke centra, industriegebieden, havengebieden en uitgestrekte landelijke gemeenschappen. De regio bestaat uit een unieke mix van hoogbouw, historische wijken, plattelandsgebieden en vitale bedrijvigheid. De aanwezigheid van het Rotterdamse haven- en industriecomplex — met energie- en grondstoffentransitie, logistieke knooppunten, petrochemische clusters en internationale goederenstromen — maakt de regio tot één van de meest complexe risicogebieden van Nederland. Rondom deze economische motor wonen, werken en recreëren dagelijks honderdduizenden mensen. De regio kent bovendien een grote dichtheid aan infrastructuur zoals tunnels, bruggen, spoor, buisleidingen en vaarwegen, die door langdurige renovatieopgaven onder druk staan en daarmee van invloed zijn op bereikbaarheid en hulpverlening. Naast fysieke risico’s spelen maatschappelijke ontwikkelingen een belangrijke rol. Vergrijzing, veranderende zorgvraag, toenemend aantal mensen met kwetsbaarheden, polarisatie, de energietransitie, digitalisering en klimaatverandering vergroten de druk op de samenleving én op de hulpdiensten. Extremere weersomstandigheden, cyberdreigingen en geopolitieke spanningen maken de veiligheidsopgave complexer en minder voorspelbaar.
Tegelijkertijd blijft Rotterdam-Rijnmond een regio waar grote evenementen, sportwedstrijden, demonstraties en publiekstrekkers plaatsvinden. Dit vraagt om een crisisorganisatie die zichtbaar, flexibel en voorspelbaar optreedt en een hulpverleningsorganisatie die betrouwbaar en wendbaar is — ook onder uitzonderlijke omstandigheden.
7
1.2 Programma Ambulancezorg In 2027 geeft de Ambulancedienst Rotterdam-Rijnmond verder invulling aan een toekomstbestendige ambulancezorg die betrouwbaar en professioneel is. De regio ontwikkelt zich snel en kent een toenemende complexiteit in zowel zorgvraag als leefomgeving. Dat vraagt om een dienst die niet alleen adequaat reageert, maar ook gericht vooruitkijkt. De aandacht voor medewerkers vormt een belangrijke pijler in deze ontwikkeling. Hun vitaliteit, inzetbaarheid en vakbekwaamheid zijn bepalend voor de kwaliteit en continuïteit van de zorg. Daarom investeert de ambulancedienst structureel in een veilige en gezonde werkomgeving, ontwikkelmogelijkheden en professionele ruimte. Door leren en ontwikkelen te verankeren in het dagelijks werk blijft de deskundigheid op peil en kunnen medewerkers effectief inspelen op veranderende situaties in de acute keten. Daarnaast werkt de organisatie aan verdere versterking van samenwerking en sturing. Een heldere rolverdeling, eenduidige processen en verbindend leiderschap zorgen voor stabiliteit en voorspelbaarheid — elementen die essentieel zijn voor kwalitatief hoogwaardige acute zorg. Deze interne versterking maakt het mogelijk om sneller te handelen, beter te prioriteren en consequent te werken volgens uniforme uitgangspunten De verbinding met ketenpartners krijgt in 2027 verder vorm.
De Ambulancedienst vervult een actieve rol in het organiseren van passende zorg door nauwere afstemming met huisartsen, ziekenhuizen, GGZ-instellingen en andere partners in het acute netwerk. Door ketensamenwerking en zorgcoördinatie te versterken, worden patiënten sneller naar de juiste plek geleid en wordt de druk op de acute zorg doelmatiger verdeeld. Duurzaam en zorgvuldig handelen blijft eveneens een speerpunt. De ambulancedienst streeft naar een ambulancezorg die maatschappelijk verantwoord en toekomstgericht is. Dat betekent bewust omgaan met middelen, investeren in duurzame oplossingen en keuzes maken die bijdragen aan een gezonde en veilige regio. Innovatie speelt hierbij een ondersteunende rol. Nieuwe technologieën worden selectief ingezet wanneer zij aantoonbaar leiden tot betere triage, efficiëntere informatie-uitwisseling of een beter inzicht in de situatie ter plaatse. Innovatie blijft daarmee dienend aan het primaire proces en wordt zorgvuldig ingebed. Met deze koers blijft de ambulancedienst een stabiele en betrouwbare partner binnen de regionale acute zorg. De organisatie beweegt mee waar dat noodzakelijk is, versterkt waar dat strategisch verstandig is en houdt daarbij steeds het maatschappelijk doel voor ogen: inwoners op een professionele, tijdige en passende manier helpen in situaties waarin acute zorg nodig is.
Begroting VRR 2027 en 2e begrotingswijziging 2026 VRR / 8
Classificatie: VRR-Standaard (V2)
Kengetallen ambulancezorg Omschrijving kengetal Aantal meldingen Meldkamer Ambulancezorg Aantal telefonische 112-meldingen Meldkamer Ambulancezorg % 112-meldingen aangenomen binnen 15 sec.
Verwachting 2026 145.000 100.000
Verwachting 2027 145.000
80%
80%
Aantal ritten spoedeisende ambulancezorg (A0+A1 en A2)* Totaal vervoer Prestatie A0-urgentie (Streefwaarde binnen 15 minuten ter plaatse) Prestatie A1 vervoer (streefwaarde binnen 15 minuten ter plaatse) Prestatie A2 vervoer (streefwaarde binnen 30 minuten ter plaatse ) Doorlooptijd CVA A1 (streefwaarde voor aanleveren van een patiënt bij verdenking herseninfarct binnen 45 minuten in een ziekenhuis) StEMI doorlooptijd (Streefwaarde voor aanleveren patiënt met een hartinfarct binnen 60 minuten in een ziekenhuis) Patiëntervaring spoedeisende ambulancezorg, algemeen (streefwaarde – cijfer tussen 0 en 10
95.000 125.000 95%
100.000
95.000 125.000 95%
95%
95%
95%
95%
70%
70%
75%
75%
8
8
*Aantallen inclusief burenhulp-ritten
Wat mag het kosten? Een uitgebreide toelichting vindt u in hoofdstuk 3. Ambulancezorg ( x € 1.000)
1e BW 2026
Wijzigingen 2026
2e BW 2026
Wijzigingen 2027
Begroting 2027
Totaal lasten
74.474
-201
74.272
1.447
75.719
Totaal baten
80.440
-212
80.228
1.592
81.820
Saldo van de baten en lasten
5.966
-11
5.956
145
6.101
9
1.2 Programma Brandweerzorg De brandweerzorg binnen de Veiligheidsregio Rotterdam‑Rijnmond opereert in één van de meest complexe regio’s van Nederland. De regio kent een unieke combinatie van grootstedelijke bebouwing, intensieve industrie, petrochemie, logistieke knooppunten, hoogbouw en dichtbevolkte wijken. Juist deze variatie vraagt om een brandweerorganisatie die tegelijkertijd wendbaar, deskundig en vooruitstrevend is, waarbij zowel de inzet bij incidenten als het voorkomen ervan centraal staat. De combinatie van repressieve slagkracht en een sterke focus op het voorkomen van brand- en incidentrisico’s vormt daarmee een essentiële basis voor een veilige en veerkrachtige regio. Meldkamer van de toekomst Op meldkamergebied komt er de komende jaren veel op de VRR af. Naast een verhuizing worden belangrijke stappen gezet in het opleveren van een nieuw onmisbaar communicatiesysteem VMX. Dit is een platform dat spraak, data en beeld mogelijk maakt en bedoeld is voor gebruik binnen hulpverleningsdiensten en tussen diensten. Om één en ander goed te kunnen implementeren worden stappen gezet in de harmonisatie van het uitvraagprotocol. Daarnaast worden in 2027 de contouren voor de toekomstige inrichting verder uitgewerkt, zodat technologie, triage en samenwerking beter op elkaar aansluiten.
Versterking operationele voorbereiding Om de verbinding te leggen tussen de maatschappelijke ontwikkelingen en de noodzakelijke brandweerzorg zal ingezet worden op een versterking van de operationele voorbereiding, zodat veranderingen als de energietransitie, hoogbouw, demografische trend en dergelijke systematisch vertaald worden naar actuele operationele kaders. Verder zal de samenwerking met regionale partners geïntensiveerd worden. Door gezamenlijke voorbereiding en informatieuitwisseling wordt de effectiviteit van de brandweerzorg versterkt ook bij langdurige of grootschalige incidenten. Verder professionaliseren Vakbekwaamheid Aan het einde van 2026 staat de basisdienstverlening van het vakbekwaamheidscentrum in de steigers. In 2027 ligt de focus op het verstevigen van deze basis en het koppelen ervan aan de toekomstvisie én strategische personeelsplanning. Daarmee wordt vakbekwaamheid structureel verankerd in de manier van werken. Met deze verdere ontwikkeling worden de medewerkers gericht ondersteund bij het behouden en verder uitbreiden van hun professionaliteit. Structurele borging van personeel Een toekomstbestendige organisatie vraagt om een personele structuur die niet alleen aansluit op de eisen van vandaag, maar ook kijkt naar de opgaven van morgen. Daarom wordt in 2026 bij de brandweer gestart met strategische personeelsplanning.
In 2027 wordt dit verder uitgewerkt waarbij gericht gestuurd wordt op duurzame inzetbaarheid en loopbaanontwikkeling. Het uitgangspunt is helder: de juiste medewerker op de juiste plek. Hierdoor ontstaat een stabielere basis, betere doorstroming en meer voorspelbaarheid in de personele capaciteit. Begroting VRR 2027 en 2e begrotingswijziging 2026 VRR / 10
Classificatie: VRR-Standaard (V2)
Samen werken aan Veiligheid De regio verandert in hoog tempo en juist daarom willen we risico’s aan de voorkant herkennen en bespreekbaar maken. In 2027 wil de VRR nog eerder aanschuiven bij nieuwe plannen – of het nu gaat om een woontoren, een groot industrieel project of een verandering in de openbare ruimte. Door vroegtijdig mee te denken, kunnen we risico’s niet alleen beoordelen, maar vooral vóór zijn. Dat betekent dat we helpen om brandveiligheid, vluchtmogelijkheden, bereikbaarheid en beheersbaarheid van incidenten al in een vroeg stadium ingebed te krijgen. De komende jaren staan er veel infrastructurele renovatieopgaven op de planning. Door te zorgen voor vroegtijdige en structurele betrokkenheid in de planvormingsfase, strategische beïnvloeding van relevante partijen en interne coördinatie, blijft de bereikbaarheid van hulpdiensten geborgd. Daarnaast houdt de VRR ook toezicht op gebouwen, industrie en evenementen. Door te gaan werken volgen een kwaliteitsstandaard (BIG8-model) maken we onze werkwijze professioneler, transparanter en voorspelbaarder. Natuurlijk kijken wij niet alleen naar de vraagstukken van vandaag. Wij volgen de ontwikkelingen op het gebied van o.a. de energietransitie, elektrificatie, hoogbouw, opslag van gevaarlijke stoffen en de steeds dynamischer logistiek in onze havens, wat ons een actueel beeld geeft van de risico’s in onze regio.
Dit maakt het mogelijk om te adviseren op risico’s die ertoe doen. Risicogericht werken wordt zo niet alleen een methode, maar een vanzelfsprekende manier van kijken. Om deze regio veilig te houden versterkt de VRR ook de samenwerking met ketenpartners. Door ons netwerk te versterken wordt ons inzicht in aankomende ontwikkelingen groter en dat helpt ons om professioneel en integraal te kunnen adviseren.
Kengetallen Brandweerzorg Kengetallen Repressie Aantal telefonische meldingen 112 Aantal daadwerkelijke inzetten bij een incident % binnen aangegeven aanrijtijd
11
2026 16.000 10.000 85%
2027 16.000 10.000 85%
Kengetallen Preventie
2026
Aantal voorlichtingsbijeenkomsten Veilig Leven Aantal Veiligheidsadviezen Aantal Adviezen Evenementen Aantal adviezen Omgevingsveiligheid Aantal adviezen Bouwprojecten Aantal adviezen brandveiligheidsinstallaties Aantal adviezen brandveilig gebruik van o.a. gebouwen Toezicht bij Evenementen Aantal controles toezicht tijdens bouw Aantal controles toezicht tijdens gebruik
Kengetallen Industriële Veiligheid
2027
450 250 1.000* 350 1.000 400 500
450 250 1.000* 350 1.000 400 500
100 150 4.500
100 150 4.500
2026
Brandveiligheidsadvies omgevingswet Milieubelastende activiteit Beoordelen brandveiligheidsplannen (Uitgangspuntendocument) Aanwijzingen bedrijfsbrandweer Inspecties zware industrie (Seveso) Bedrijfsbrandweerinspecties
2027 125
125
60
50
18 75 90
10 100 150
*Het aantal evenement adviezen is afhankelijk van de DVO’s die worden afgesloten voor het adviseren op aevenementen. Voor 2027 zijn voorlopig de aantallen van 2026 aangehouden.
Wat mag het programma Brandweerzorg kosten? Een uitgebreide toelichting vindt u in hoofdstuk 3 Brandweerzorg ( x € 1.000)
1e BW 2026
Wijzigingen 2026
2e BW 2026
Wijzigingen 2027
Begroting 2027
Totaal lasten
108.120
430
108.550
4.120
112.669
Totaal baten
134.920
713
135.633
5.025
140.658
Saldo van de baten en lasten
26.800
283
27.083
904
27.989
Begroting VRR 2027 en 2e begrotingswijziging 2026 VRR / 12
Classificatie: VRR-Standaard (V2)
1.3 Risico- en Crisisbeheersing en de GHOR Binnen de VRR staat het gezamenlijk voorbereiden op incidenten en crises centraal in een tijd waarin ontwikkelingen als technologische afhankelijkheden, geopolitieke onrust, complexe zorgketens de impact van verstoringen kunnen vergroten. Dit vraagt om een crisisstructuur die onder uiteenlopende omstandigheden kan functioneren zowel op gezondheidskundig gebied als binnen de multidisciplinaire crisisbeheersing. Wendbare en duurzame Piketorganisatie Om voorbereid te zijn op de steeds complexere crises die langdurig kunnen aanhouden investeren wij in 2027 verder in een piketorganisatie die voorbereid is op verschillende typen incidenten en langere inzetperioden. Dit jaar wordt gewerkt om de operationele leiding voor langdurige crises volledig te hebben ingericht, zodat bij escalaties een stabiele structuur kan worden neergezet. Daarnaast ontwikkelen we een actueel, samenhangend en hoogwaardig leer- en oefenaanbod, specifiek afgestemd op de taken en verantwoordelijkheden van de verschillende piketfunctionarissen. Hiermee versterken we vakbekwaamheid, besluitvaardigheid en gezamenlijk optreden. Door structureel te investeren in oefening, scholing en professionalisering wordt de kwaliteit van de piketorganisatie niet alleen behouden, maar ook verder verhoogd.
Veiligheidsinformatieknooppunt (VIK): 24/7 inzicht Het VIK blijft een van de belangrijkste pijlers onder een goed functionerende crisisorganisatie. Door het verder ontwikkelen van analyse- en informatieproducten en het verbeteren van werkprocessen versterken we het vermogen om snel en betrouwbaar inzicht te verkrijgen bij incidenten en crises. Dit maakt dat besluitvorming beter kan worden afgestemd op de actuele situatie. Daarnaast investeren wij in het actief verbinden en samenwerken op lokaal, regionaal en landelijk niveau. Door aansluiting te zoeken bij relevante partners vergroot het VIK de informatiepositie van de regio en dragen wij bij aan een samenhangende aanpak van informatie gestuurd werken en brengen dit naar een hoger niveau.
13
Regierol in de witte keten Om herkenbaar te zijn als betrouwbaar en richtinggevend onderdeel van de crisisorganisatie versterkt de GHOR haar rol als regie- en informatieknooppunt binnen de geneeskundige keten. Door intensievere samenwerking op tactisch niveau en frequenter overleg tussen de DPG en bestuurders van acute zorginstellingen verbeteren wij het inzicht in de voorbereidingsstatus van de zorgketen. Hiermee bouwen wij aan een meer weerbare en beter opschaalbare zorgketen. Daarnaast wordt het data- en informatie gestuurd werken verder ontwikkeld. Dit draagt bij aan het versterken van onze informatiepositie en aan de kwaliteit en effectiviteit van onze taken op het gebied van crisisvoorbereiding en zorgcontinuïteit. Crisiscommunicatie die iedereen bereikt Een belangrijke rol in de crisisbestrijding is weggelegd voor de crisiscommunicatie. Hoe geef je tijdig, transparant en betrouwbare informatie aan de inwoners van de regio bij een crisis. Het herkenbare publieksplatform Rijnmondveilig is hiervoor de aangewezen plek. Er zal ingezet worden op het vergroten van de bekendheid en functionaliteit van dit platform, zodat de informatievoorziening aan de inwoners van de regio gewaarborgd blijft. Sterke gemeentelijke bevolkingszorg: regionaal waar het kan, lokaal waar het moet.
Binnen crisisbeheersing wordt zowel landelijk als regionaal gewerkt aan de versterking en toekomstbestendigheid van bevolkingszorg. De afgelopen jaren is steeds duidelijker geworden dat bevolkingszorg een essentiële rol speelt bij het beperken van de maatschappelijke impact van crises. Het gaat daarbij niet alleen om de klassieke taken zoals opvang en registratie, maar om een veel bredere verantwoordelijkheid: het ondersteunen van inwoners bij uiteenlopende gevolgen van een incident en het coördineren van maatschappelijke zorg. In onze regio is hiervoor het programma Versterking en doorontwikkeling Bevolkingszorg gestart. Dit programma heeft als ambitie: het versterken van Bevolkingszorg door het realiseren van een hoogwaardige en toekomstbestendige gemeentelijke crisisorganisatie in onze regio om zo blijvend passende zorg aan en met de inwoners te kunnen leveren. Hierbij werken de gemeenten op regionaal niveau samen waar het kan en wordt op lokaal niveau versterkt waar het moet. Afhankelijk van de uitkomsten van het programma wordt bepaald hoe hier in 2027 invulling aan wordt gegeven.
Begroting VRR 2027 en 2e begrotingswijziging 2026 VRR / 14
Classificatie: VRR-Standaard (V2)
Kengetallen Risico- en crisisbeheersing en GHOR Kengetallen Risico- en Crisisbeheersing
2026
2027
Aantal Grip 1 incidenten Aantal Grip 2 incidenten Aantal planning staven
25 3 4
Kengetallen GHOR
2026
Aantal incidenten met Leiding en Coördinatie Aantal adviezen gevaarlijke stoffen
25 3 4
2027
1.000
1.000
275
275
Wat mag het programma Risico- en Crisisbeheersing en GHOR kosten Een uitgebreide toelichting vindt u in hoofdstuk 3 Risico- en crisisbeheersing ( x € 1.000)
1e BW 2026
Wijzigingen 2026
Totaal lasten
15.539
Totaal baten
2e BW 2026
Wijzigingen 2027
43
15.582
15.509
577
-30
534
Saldo van de baten en lasten
Begroting 2027
669
16.251
16.086
1.871
17.958
505
1.202
1.706
1.4 Programma Versterken weerbaarheid van de samenleving Weerbaarheid en veerkracht van de samenleving én de (crisis)organisatie. Het programma Versterken Weerbaarheid van de Samenleving staat in het teken van het opbouwen van een regio die beter bestand is tegen langdurige verstoringen en crises die meerdere domeinen tegelijk raken. Maatschappelijke weerbaarheid gaat verder dan de klassieke crisisbeheersing: het gaat om het versterken van inwoners, organisaties, netwerken en voorzieningen, zodat de samenleving als geheel in staat is schokken op te vangen en sneller te herstellen. Om de zelf- en samenredzaamheid van inwoners, bedrijven en instellingen te vergroting is samen met Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid een programmaplan opgesteld. Dit jaar zal gewerkt worden aan een verdere uitrol van een regionaal dekkend stelsel van noodsteunpunten en coördinatiepunten. Dit netwerk biedt inwoners ondersteuning bij langdurige verstoringen als bijvoorbeeld energie, water, communicatie of logistieke systemen uitvallen. Door deze infrastructuur samen met alle gemeenten in de regio te ontwikkelen, ontstaat een robuuste en schaalbare structuur die publieke continuïteit helpt waarborgen. Daarnaast versterken wij de continuïteit van onze eigen bedrijf kritische processen, zodat wij onder alle omstandigheden onze taken uit kunnen voeren.
Wat mag het programma weerbaarheid kosten? Een uitgebreide toelichting vindt u in hoofdstuk 3 Weerbaarheid ( x € 1.000) Totaal lasten
1e BW 2026
Wijzigingen 2026 120 785
2e BW Wijzigingen 2026 2027 905 -905
Begroting 2027 -
Totaal baten
120
280
400
-400
-
Saldo van de baten en lasten
-
-505
-505
505
-
15
2. / Paragrafen 2.1 Weerstandsvermogen en Risicomanagement Het doel van risicomanagement is structureel bij te dragen aan het in control zijn van de VRR. De doelstellingen en de kaders van risicomanagement zijn beschreven in de nota weerstandsvermogen en risicomanagement. Het bestuur heeft een weerstandsratio vastgesteld met een bandbreedte van 0.5-0.8. Dit betekent dat de VRR ervoor kiest om niet meer middelen aan te houden dan strikt noodzakelijk is. Bij de berekening van de weerstandsratio wordt uitgegaan van netto-risico’s. Verder is besloten om de inventarisatie van de risico’s op te splitsen naar de 3 grootste stakeholders van de VRR, namelijk de gemeenten, zorgverzekeraars en het Rijk. Hierna worden de risico’s nader toegelicht. Ook wordt aangegeven of de risico’s voor de komende jaren nog van toepassing zijn.
Risico s = structurele risico's i = incidentiele risico's Risico's stakeholder gemeenten Vrijwaring van gemeenten voor aansprakelijkheid van niet verzekerbare risico's. Personele capaciteit brandweer Bouwsteen verplichtend karakter Niet of beperkt verzekerbare schade Alarmering bevolking Fiscale risico's Ontwikkeling GHOR Aanwijzing aanbieder vitale processen Functie bevelvoerder bezoldiging conform regelgeving Totaal Risico's stakeholder gemeenten Risico's stakeholder zorgverzekeraar Niet leveren van afgesproken diensten ambulancezorg Economische risico's Leveranciers risico Reputatieschade Niet of beperkt verzekerbare schade Fiscale risico's Overige risico's mbt de bedrijfsvoering Totaal Risico's stakeholder zorgverzekeraar Risico's stakeholder Rijk Fiscale risico's Alarmering bevolking Totaal Risico's stakeholder Rijk Totaalbedrag risico's (bedrag x €1.000)
Raming 2028
Raming 2029
Raming 2030
550 3.400 500 150 150 800 PM 150 5.700
PM 550 3.400 500 150 150 800 PM 150 5.700
PM 550 3.400 500 150 150 800 PM 150 5.700
PM 550 3.400 500 150 150 800 PM 150 5.700
1.650 300 150 50 250 100 75 2.575
1.650 300 150 50 250 100 75 2.575
1.650 300 150 50 250 100 75 2.575
1.650 300 150 50 250 100 75 2.575
1.650 300 150 50 250 100 75 2.575
50 150 200 8.475
50 150 200 8.475
50 150 200 8.475
50 150 200 8.475
50 150 200 8.475
Begroting 2026
1e BW 2026
2e BW 2026
Begroting 2027
PM
PM
PM
PM
5.249
532 3.400 467 100 750 PM 5.249
550 3.400 500 150 150 800 PM 150 5.700
s s s s s s s
400 233 100 733
400 233 100 733
s s
50 140 190 6.172
50 140 190 6.172
s s s s s s s s
532 3.400 467 100 750 PM
Bovenstaande totaalbedragen betreffen de bruto-risico’s van dat jaar. Dat wil zeggen dat dit de verwachte kosten zijn als de risico’s zich voordoen zonder dat daar een vergoeding tegenover staat.
Begroting VRR 2027 en 2e begrotingswijziging 2026 VRR / 16
Classificatie: VRR-Standaard (V2)
Er is een aantal risico’s waarbij wij uitgaan van een gedeeltelijke of gehele financiële compensatie. Het gaat om de risico’s: -
Ontwikkeling GHOR waar we een compensatie van € 800k verwachten Niet of beperkte verzekerbaar schade waar we een compensatie van totaal € 300k verwachten van de stakeholders (€ 150k van de gemeenten en € 150k van de zorgverzekeraar). Niet leveren van afgesproken diensten ambulancezorg van € 1.011k
Als deze verwachte compensatie van het totaalbedrag aan risico’s wordt afgetrokken resteert het nettobedrag van de risico’s: Totaal Risico's Totaalbedrag risico's stakeholder gemeenten Totaalbedrag verwachte compensatie Totaal netto-risico's stakeholder gemeenten Totaalbedrag risico's stakeholder zorgverzekeraar Totaalbedrag verwachte compensatie Totaal netto-risico's stakeholder zorgverzekeraar Totaalbedrag risico's stakeholder Rijk Totaalbedrag verwachte compensatie Totaal netto-risico's stakeholder rijk Totaal netto-risico's (bedrag x € 1.000)
Begroting 2026
1e BW 2026
2e BW2026
Begroting 2027
Raming 2028
Raming 2029
Raming 2030
5.249 -4.483 766 733 -167 566 190
5.249 -4.483 766 733 -167 566 190
5.700 -950 4.750 2.575 -1.161 1.414 200
5.700 -950 4.750 2.575 -1.161 1.414 200
5.700 -950 4.750 2.575 -1.161 1.414 200
5.700 -950 4.750 2.575 -1.161 1.414 200
5.700 -950 4.750 2.575 -1.161 1.414 200
190 1.522
190 1.522
200 6.364
200 6.364
200 6.364
200 6.364
200 6.364
Vrijwaring van gemeenten voor aansprakelijkheid van niet verzekerbare risico’s Bij dit risico gaat het om juridische gevolgrisico’s zoals claims. Omdat het bedrag hiervan moeilijk is in te schatten is advies van de Bestuurlijke Auditcommissie dit risico als PM-post opgenomen in de risicoinventarisatie. Personele capaciteit brandweervrijwilligers De personele capaciteit van de brandweervrijwilligers staat onder druk. Zeker in kleinere dorpskernen is het lastig om de paraatheid 24 uur per dag, 7 dagen in de week te garanderen. Om het probleem van de capaciteit op de kazernes op te lossen zal mogelijk extra beroepspersoneel ingezet moeten worden. Het inzetten van een beroepsmedewerker in dagdienst op een kazerne kost ongeveer € 113k per jaar. In de loop van 2025 zijn er geen locaties bijgekomen waar dit probleem zich voordeed en er is dan ook geen extra personeel ingezet. Voor de komende jaren blijft dit risico wel bestaan. Bouwsteen verplichtend karakter (voorheen Deeltijdregeling brandweervrijwilligers) De positie van de brandweervrijwilligers op grond van de deeltijdrichtlijn is op grond van Europese regelgeving juridisch niet meer houdbaar. Om hiervoor een oplossing te vinden is landelijk onderzocht hoe brandweervrijwilligers te onderscheiden zijn van de beroepskrachten.
Hieruit is een denkrichting ontstaan die bestaat uit 4 met elkaar samenhangende bouwstenen waarvan de eerste “Verplichtend karakter” is. Dit betekent o.a. dat een vrijwilliger te allen tijde werkt op basis van vrijwilligheid en niet kan worden verplicht om taken uit te voeren of aanwezig te zijn op een bepaald moment. Verder zijn vormen van kazernering en consignatie van vrijwilligers niet meer aan de orde. Het veiligheidsberaad heeft voor deze eerste bouwsteen een implementatieplan opgesteld dat eind 2022 is gepresenteerd. De meerkosten worden op landelijk niveau ingeschat op € 31 mln. per jaar, en voor de VRR komt het uit op een bedrag van € 3 mln. In het implementatieplan was opgenomen dat de nieuwe werkwijze vanaf 2023 zou worden ingevoerd als er dekking komt voor de extra kosten vanuit het ministerie van Justitie en Veiligheid. Omdat er nog geen overeenstemming is bereikt over de bekostiging heeft het veiligheidsberaad ook in 2025 nog niet besloten om tot implementatie over te gaan. Dit wordt op z’n vroegst in 2026 verwacht. Voor de komende jaren blijft het risico dat er extra kosten gemaakt moeten worden die niet worden gedekt door extra middelen wel bestaan.
17
Alarmering bevolking Het waarschuwings- en alarmeringssysteem (WAS) in Nederland is een netwerk van ongeveer 3.800 sirenes die draadloos en onafhankelijk van elkaar aangezet kunnen worden vanuit de meldkamer. Het wordt gebruikt om te waarschuwen voor (dreigend) gevaar, met name als er gevaarlijke stoffen in de lucht aanwezig (kunnen) zijn. Plannen om het WAS op te heffen en te vervangen door NL-Alert, calamiteitenzenders en sociale media zijn meermaals uitgesteld door het ministerie van Justitie en Veiligheid. Mede op aandringen van de VRR is onderzocht om het WAS in stand te houden op risicolocaties. Het gaat dan om risicolocaties waar sprake is van grote industriële complexen en/of het vervoer van gevaarlijke stoffen. Daarbij zal het lokaal bestuur verantwoordelijk zijn voor het aanwijzen van deze locaties en voor het beheer van de sirenes op die locaties. Uit een onderzoek in opdracht van Justitie en Veiligheid is nu aangegeven dat het eerst en vooral een verantwoordelijkheid van de veiligheidsregio’s zelf is als ze ervoor kiezen het systeem nog in de lucht te willen houden. In de Tweede Kamer en bij veiligheidsregio’s is gediscussieerd over het behoud van het luchtalarm als back-up, maar de huidige richting is de volledige uitfasering voor 2027.
De lijn die hiermee landelijk lijkt te worden bekrachtigd wijkt af van de lijn die in onze eigen regio tot op heden is aangehouden. Voor de regio Rotterdam-Rijnmond, en met name het effect gebied van het havenindustrieel complex, heeft het systeem tot heden een duidelijke toegevoegde waarde gehad als het gaat om bijvoorbeeld het waarschuwen bij het vrijkomen van gevaarlijke stoffen. Het Dagelijks Bestuur houdt dan ook vast aan het aanhouden van het WAS-systeem. Een extra risico dat naar voren is gekomen betreft het feit dat de huidige leverancier van WAS-palen de productie heeft stopgezet. Dit betekent dat gemeenten geen nieuwe WAS-palen meer kunnen plaatsen. Het risico bij instandhouding van het WAS op risicolocaties is dat de kosten door de VRR zelf gedragen zullen moeten worden. Gezien het grote aantal locaties in de regio wordt het risico voor de VRR ingeschat op € 150k per jaar. Dit is gebaseerd op een onderzoek van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum van het najaar 2021. Fiscale risico’s Er is regelmatig overleg met de rijksbelastingdienst over diverse fiscale onderwerpen. Voorbeelden hiervan zijn de toepassing van de BTW voor verschillende wettelijke en niet-wettelijke activiteiten en de vennootschapsbelasting. De VRR beschikt niet over fiscaal specialisten om de juiste toepassing van de regelgeving te waarborgen.
Landelijk wordt gekeken of deze functie in gezamenlijkheid met alle regio’s kan worden geleverd. De VRR huurt hier nu expertise voor in of vraagt collegiaal advies bij andere veiligheidsregio’s. Toch kunnen er verschillen van inzicht blijven bestaan waarin beroep en bezwaarprocedures van toepassing zijn. De uitkomst van dergelijke trajecten zijn ongewis. Daarnaast vinden er regelmatig controles plaats. Zo hebben we de afgelopen jaren controle gehad op de loonheffing en het gebruik van dienstvoertuigen. Hier zijn naheffingen uit voortgekomen. Ondanks afspraken en goede controles is dit niet altijd te voorkomen. Het risico wordt totaal ingeschat op €150k per jaar.
Begroting VRR 2027 en 2e begrotingswijziging 2026 VRR / 18
Classificatie: VRR-Standaard (V2)
Ontwikkeling GHOR Op basis van onderzoek is vastgesteld, dat de GHOR voor uitdagingen staat die niet binnen de huidige formatie kunnen worden opgevangen. Uitdagingen die van belang zijn om het openbaar bestuur, gemeenten, provincie en Rijk, goed in positie te kunnen brengen en houden in geval van een crisis. Deze uitdagingen zijn ontstaan door een veranderend landschap van wet- en regelgeving en verantwoordelijkheden binnen het veiligheidsdomein en binnen het gezondheidszorgdomein. Er zal versterkt ingezet worden op het thema zorgcontinuïteit en op het ontwikkelen van zorgrisicoprofielen. Daarnaast heeft de Covid-crisis aangetoond, dat het in het belang is van het openbaar bestuur om goed zicht te hebben op de effecten van ernstige verstoringen in de continuïteit van de zorgketen. Dit moet bestendigd worden in de reguliere organisatie van de GHOR. Op dit moment vindt een nadere uitwerking hiervoor plaats. Vooralsnog wordt ervan uitgegaan dat extra financiële lasten die hiermee gepaard gaan, gedekt zullen worden door het Rijk. Op basis van een verwachte uitbreiding van formatie wordt dit risico nu ingeschat op € 800k per jaar. De uitbreiding van de formatie heeft in 2025 beperkt plaatsgevonden. Voor de komende jaren blijft het risico van uitbreiding van formatie die niet wordt gefinancierd door extra bijdragen van externe partijen bestaan.
Aanwijzing aanbieder vitale processen Door het Ministerie van Justitie en Veiligheid zijn de processen Inzet Brandweer, Crisiscoördinatie en besluitvorming en Communicatie- en informatievoorziening hulpdiensten en crisispartners aangewezen als onderdeel van de vitale infrastructuur. Naar verwachting zal met deze aanwijzing de externe druk en het toezicht op deze activiteiten verder toenemen. Zo zullen vanuit het ministerie vitaliteitsbeoordelingen en weerbaarheidsanalyses plaatsvinden, zal de effectiviteit worden getoetst en zal waar nodig worden bijgestuurd. Omdat de implicaties van de aanwijzing aanbieder vitale processen nog niet helemaal helder zijn, hebben we het risico opgenomen in de risicoparagraaf met een p.m. waardering. Zodra de vitaliteitsbeoordeling binnen is kunnen we de consequenties specifiek maken. Functie bevelvoerder bezoldiging volgens regelgeving In 2010 is de VRR overgegaan van een ranggerichte benadering naar een functiegerichte benadering. Hieraan heeft de VRR zich geconformeerd met uitzondering van de vrijwillige bevelvoerders. Bij de vrijwillige bevelvoerders kent de VRR nog twee functies met verschillende bezoldiging binnen één rang. Met het georganiseerd overleg worden op dit moment gesprekken gevoerd om toe te werken naar de functiegerichte bevelvoerder volgens de landelijke regelingen.
Deze afspraak heeft gevolgen voor de bezoldiging van de functie bevelvoerder. Niet leveren van afgesproken diensten ambulancezorg Jaarlijks wordt onderhandeld met zorgverzekeraars over het budget over spreiding en beschikbaarheid van de ambulancezorg. Het risico bestaat dat de VRR de gemaakte afspraken met de zorgverzekeraars over het te leveren aantal diensten niet kan nakomen, bijvoorbeeld door schaarste aan personeel en de operationele inzetbaarheid, door ziekteverzuim, verlof en scholing. Het leveren van minder diensten dan overeengekomen kan leiden tot een lager budget. Voor 2026 is met de zorgverzekeraars afgesproken dat er wordt afgerekend op de maximale paraatheid op basis van de effectieve uren van de medewerkers. Dit betekent dat er voor 2025 sprake is van terugbetaling waar ook minder kosten tegenover staan. Voor de jaren daarna blijft het risico bestaan.
19
Niet of beperkt verzekerbare schade De VRR krijgt steeds meer te maken met extreme premiestijging van verzekeringen. Daarnaast bestaat de kans dat een aantal risico’s niet meer verzekerbaar blijven. Deze ontwikkeling geldt voor alle veiligheidsregio’s. Sinds 2024 is het expertisebureau veiligheidsregio opgericht en de stichting Waarborgfonds in werking getreden. Bij het expertisebureau is na een landelijke aanbesteding vooralsnog alleen de ongevallenverzekering ondergebracht. Stichting waarborgfonds is bedoeld voor niet-verzekerbare risico’s in relatie tot personele verzekeringen waaraan alle veiligheidsregio’s een financiële bijdrage zullen leveren. Voor de verzekering van aansprakelijkheid en voertuigen blijft dit risico nog wel bestaan omdat er veel schades zijn. Dit risico zal dan ook op de lijst van risico’s blijven staan voor totaal € 250k. Na de evaluatie van het expertisebureau zal gekeken worden of ook andere verzekeringen hier onder gebracht kunnen worden. Economische risico’s Met de huidige economische ontwikkelingen van prijsstijgingen ontstaat een risico dat het budget niet toereikend is. Als de realisatie hoger is dan het budget kan dit alleen nog via de nacalculatie rechtgetrokken worden indien er sprake is van bijzondere omstandigheden (bijv. pandemie).
Leveranciers risico’s Wij vinden het belangrijk dat de middelen die wij gebruiken van kwalitatieve waarde zijn. In de beschikbaarheid en kwaliteit van onze middelen zijn wij echter afhankelijk van verschillende leveranciers, wat resulteert in een extern risico. Zo zijn er in Nederland beperkt aanbieders voor ambulancevoertuigen. Samenwerking met buitenlandse aanbieders brengt ook uitdagingen met zich mee zoals logistiek en regelgeving. Schaarste aan medische artikelen vormt een operationeel risico doordat onverwachte tekorten de continuïteit van ambulancezorg kunnen beïnvloeden. Reputatieschade Reputatieschade kan ontstaan door incidenten, negatieve media-aandacht of juridische procedures. De informatievoorziening is breed toegankelijk, waardoor er een risico ontstaat op de verspreiding van nepnieuws, wat de betrouwbaarheid van informatie onder druk zet. Dit kan de positie van de ambulancezorg in de regio onder druk zetten en financiële gevolgen hebben zoals schadevergoedingen of juridische kosten. Overige risico’s m.b.t. de bedrijfsvoering Wendbaarheid is een belangrijk onderdeel om te voldoen aan de wensen van zowel de nieuwe generatie medewerkers als patiënten, die een 24/7 cultuur verwachten. De meldkamer is hierin een cruciale schakel: uitval van ICT, bijvoorbeeld door cyberaanvallen of storingen, kan direct de acute zorgverlening belemmeren.
Ook maatschappelijke ontwrichting, zoals langdurige stroomuitval of een pandemie, vormt een bedreiging voor de continuïteit. Daarnaast is duurzame productie door digitalisering en efficiëntie noodzakelijk. Het inspelen op veranderende wet- en regelgeving vereist aanpassingsvermogen van medewerkers, wat daarnaast ook weer innovatie kan belemmeren. Ook de afhankelijkheid van en samenwerking met ketenpartners, inclusief de externe financiering een factor. Ontwikkeling vermogenspositie en weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen geeft de financiële robuustheid aan van de begroting, de jaarrekening en de financiële positie. De ratio weerstandsvermogen is de verhouding tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit (gekwantificeerde risico’s).
Begroting VRR 2027 en 2e begrotingswijziging 2026 VRR / 20
Classificatie: VRR-Standaard (V2)
beschikbare weerstandscapaciteit Ratio = --------------------------------------------------benodigde weerstandscapaciteit Hiermee wordt duidelijk hoe de financiële positie zich verhoudt tot de risico-inschatting voor de komende begrotingsjaren. Weerstandsratio stakeholder gemeenten Beschikbaar (x € 1.000) Benodigd, netto-risico's (x € 1.000) Weerstandsratio netto-risico's
Begroting 2026 3.823 4.750 0,8
Begroting 2027 2.724 4.750 0,6
Begroting 2028 2.807 4.750 0,6
Begroting 2029 3.470 4.750 0,7
Begroting 2030 3.754 4.750 0,8
Weerstandsratio zorgverzekeraar
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
Beschikbaar (x € 1.000)
1.445
1.445
1.445
1.445
1.445
Benodigd, netto-risico's (x € 1.000)
2.575
2.575
2.575
2.575
2.575
Weerstandsratio netto-risico's
0,6
0,6
0,6
0,6
0,6
Weerstandsratio Rijk
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Beschikbaar (x € 1.000)
-
-
-
-
-
Benodigd, netto-risico's (x € 1.000)
200
200
200
200
200
Weerstandsratio netto-risico's
-
-
-
-
-
Weerstandsratio totaal VRR Beschikbaar (x € 1.000) Benodigd, netto-risico's (x € 1.000) Weerstandsratio netto-risico's
Begroting 2026 5.268 7.525 0,7
Begroting 2027 4.169 7.525 0,6
Begroting 2028 4.252 7.525 0,6
Begroting 2030
Begroting 2029 4.915 7.525 0,7
Begroting 2030 5.199 7.525 0,7
De weerstandsratio van de gemeente bevindt zich binnen de afgesproken bandbreedte van 0,5–0,8. Kengetallen en beleidsindicatoren Financiële kengetallen Kengetallen Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte
2e BW 2026
Begroting 2027
Plan 2028
Plan 2029
Plan 2030
20,7% 20,7% 8,2% -1,2%
21,2% 21,2% 7,8% 0,0%
21,1% 21,1% 7,8% 0,0%
18,7% 18,7% 8,1% 0,0%
23,5% 23,5% 8,3% 0,0%
De solvabiliteitsratio blijft in het meerjarenperspectief nagenoeg gelijk. Onttrekkingen aan de bestemmingsreserves worden als incidentele baten beschouwd. Beleidsindicatoren Beleidsindicatoren taakveld Bestuur & Ondersteuning Apparaatkosten
2e BW 2026 per Totaal % van Totaal inwoner 2.535.758 1,84
Begroting 2027 Totaal
per inwoner
2.621.974
1,91
% van Totaal
Externe Inhuur
7.072.988
-
3,0%
6.091.608
2,5%
Overhead
36.100.000
-
15,3%
36.083.000
15,0%
Beleidsindicatoren taakveld Bestuur & Ondersteuning
2026
Formatie
2.276
Fte per 1.000 inw. 1,65
Bezetting
2.293
1,67
21
Totaal Fte
2027 Fte per 1.000 inw. 2.276 1,65
Totaal Fte
2.293
1,67
2.2 Financiering Algemeen De centrale doelstelling van het treasurybeleid is het beheren van de financiële geldstromen en het beperken van de financiële risico’s voor de organisatie. Dit beleid is vastgelegd in het treasurystatuut van de veiligheidsregio. De uitvoering van treasury wordt wettelijk geregeld in de Wet Financiering Decentrale Overheden. Deze wet regelt dat de uitvoering van de treasuryfunctie uitsluitend de publieke taak dient en geschiedt binnen de financiële kaders van de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Risicobeheersing Risicobeheersing op het gebied van financiering vormt één van de pijlers van de Wet Financiering Decentrale Overheden. Renterisico’s kunnen vanuit Wet Financiering Decentrale overheden-optiek worden bezien op de korte en op de langere termijn. De veiligheidsregio heeft in het treasurystatuut bepaald dat de normen vanuit de wet Fido zullen worden gehanteerd bij het beheersen van de renterisico’s. Renterisico op korte schuld: de kasgeldlimiet Met de kasgeldlimiet is in de Wet Financiering Decentrale Overheden een norm gesteld voor het maximum bedrag waarop de VRR haar financiële bedrijfsvoering met kortlopende middelen (looptijd < 1 jaar) mag financieren.
De kasgeldlimiet stelt daarom dat de gemiddelde netto-vlottende schuld van een decentrale overheid (ofwel openbaar lichaam) niet hoger mag zijn dan een wettelijk bepaald percentage van het begrotingstotaal. De kasgeldlimiet is dus een voorgeschreven sturing- en verantwoordingsinstrument ter beperking van het renterisico op de korte schuld. Als grondslag van de wettelijk toegestane omvang van de kasgeldlimiet wordt de omvang van de jaarbegroting voor het hele verslagjaar aangehouden. Voor de gemeenschappelijke regelingen bedraagt het percentage voor de berekening van de kasgeldlimiet voor het jaar 2027 8,2% van de begroting. Kasgeldlimiet 2026-2030 (bedragen x € 1.000
2026
2027
2028
2029
2030
Grondslag: Lasten Begroting in procenten van de grondslag Toegestane netto vlottende schuld :
236.050 8,2% -19.356
241.328 8,2% -19.789
241.527 8,2% -19.805
241.527 8,2% -19.805
241.527 8,2% -19.805
Toetsing : Omvang vlottende schuld (a.) Af: Vlottende vorderingen (b.) Saldo netto vlottende middelen (a+b)
18.138 18.138
18.165 18.165
15.646 15.646
19.236 19.236
5.614 5.614
Ruimte
37.494
37.954
35.451
39.041
25.419
Renterisico op langlopende schuld: de renterisiconorm De VRR loopt renterisico op het moment dat nieuwe leningen moeten worden aangetrokken (herfinanciering) of als een renteherziening van toepassing is. Om het renterisico te beheersen is in de Wet Financiering decentrale overheden de renterisiconorm geformuleerd. De renterisiconorm bepaalt dat het bedrag van de langlopende schuld dat binnen een gegeven jaar verplicht moet worden afgelost, of waarvan de rente moet worden herzien, maximaal 20% van begrotingstotaal mag bedragen. Het doel van deze norm is dat de lange leningenportefeuille zodanig over de jaren verdeeld is dat het renterisico dat voortkomt bij herfinanciering en renteherzieningen gelijkmatig over de jaren wordt gespreid.
Begroting VRR 2027 en 2e begrotingswijziging 2026 VRR / 22
Classificatie: VRR-Standaard (V2)
Renterisiconorm 2026-2030 (bedragen x € 1.000 Netto renteherziening op vaste schuld (o/g./.u/g) Aflossingen Renterisico
2026
2027
2028
2029
2030
7.417 7.417
7.038 7.038
7.784 7.784
7.227 7.227
7.061 7.061
Lasten begroting Percentage cf. regeling Renterisiconorm
236.050 20% 47.210
241.328 20% 48.266
241.527 20% 48.305
241.527 20% 48.305
241.527 20% 48.305
Renterisiconorm Renterisico Ruimte onder renterisiconorm:
47.210 7.417 39.793
48.266 7.038 41.228
48.305 7.784 40.521
48.305 7.227 41.078
48.305 7.061 41.244
2.3 Onderhoud kapitaalgoederen Panden Van de vijf in het Besluit Begroting en Verantwoording genoemde categorieën kapitaalgoederen (Wegen, Riolering, Water, Groen en Gebouwen) is de post Gebouwen van toepassing op de VRR. De VRR heeft 67 panden in gebruik. Hiervan zijn er 19 in eigendom en 48 worden er gehuurd van derden (w.o. gemeenten). De conditiemeting van de panden is verwerkt in een meerjarenonderhoudsplan dat voorziet in een overzicht van de benodigde onderhoudsactiviteiten voor de periode 2022-2030. Het uitvoeren van de activiteiten in dit plan zullen er voor zorgen dat de panden op het vereiste onderhoudsniveau blijven. Het meerjarenonderhoudsplan is in 2025 herijkt en zal vanaf 2026 geïmplementeerd worden. Installaties Ook het onderhoud aan installaties is onderdeel van dit meerjarenonderhoudsplan. Uitgangspunten hierbij zijn o.a. duurzaamheid en energiebesparing. De fluctuatie in de uitgaven voor dit onderhoud aan eigen panden wordt opgevangen door een bestemmingsreserve. Overige kapitaalgoederen De VRR heeft ook een voertuigenbestand bestaande uit o.a. 162 voertuigen die brandweer gerelateerd zijn (Incl. strandvoertuigen, scooters etc.) , 99 ambulance gerelateerde voertuigen en 194 piket- en dienstvoertuigen. (deze laatste worden geleased). Het onderhoud hiervan is merendeels uitbesteed aan derden via onderhoudscontracten
23
2.4 Bedrijfsvoering Een doel en mensgerichte organisatie Wij werken de komende jaren aan een organisatie die wendbaar, veilig en toekomstgericht is. We investeren in onze mensen en creëren een werkomgeving waarin vakmanschap, samenwerking en professionele ruimte centraal staan. Door te leren van de praktijk en technologische vernieuwing zorgvuldig toe te passen, versterken wij onze sturing en ons vermogen om in een veranderende omgeving betrouwbaar te blijven handelen. Tegelijkertijd werken we stap voor stap toe naar een inclusieve, duurzame en digitaal weerbare organisatie die klaar is voor de toekomst. Een inclusieve en aantrekkelijke werkgever Om een goed fundament te bouwen voor professionals die voor een betrouwbare hulp- en zorgverlening zorgen, stellen wij een visie en duidelijk kader op voor vakmanschap en wendbaarheid, zodat functies en teams beter meebewegen met nieuwe opgaven en de professionals actief worden ondersteund in hun groei. ontwikkelkader op voor vakmanschap en wendbaarheid van functies en teams. Daarnaast omarmen wij diversiteit, inclusie en het bieden van gelijke kansen. Wij zien diversiteit als een kracht die onze hulp- en zorgverlening verbetert. Om onze aandacht hiervoor te verstevigen willen wij aansluiten bij het nationale normenkader. Hiervoor willen wij de Charter Diversiteit van de Sociaal Economische Raad ondertekenen.