CConstaterende datVijfheerenlanden
Koppel je AI →
Document · PDF

versie aangepast toelichting.pdf

Raadsvergadering Vijfheerenlanden 13 december 2022, gemeente VijfheerenlandenBij agendapunt: Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Werklandschap Meerkerk IVa17.858 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

44

6 Economische uitvoerbaarheid Bij de voorbereiding van een ruimtelijk plan dient, op grond van artikel 3.1.6 lid 1, sub f van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro), onderzoek plaats te vinden naar de (economische) uitvoerbaarheid van het plan. In principe dient bij vaststelling van een ruimtelijk besluit tevens een exploitatieplan vastgesteld te worden om verhaal van plankosten zeker te stellen. Op basis van 'afdeling 6.4 grondexploitatie', artikel 6.12, lid 2 van de Wro kan de gemeenteraad bij het besluit tot vaststelling van een ruimtelijk plan echter besluiten geen exploitatieplan vast te stellen indien:

•

het verhaal van kosten van de grondexploitatie over de in het plan of besluit begrepen gronden anderszins verzekerd is;

•

het bepalen van een tijdvak of fasering als bedoeld in artikel 6.13, eerste lid, onder c, 4°, onderscheidenlijk 5°, niet noodzakelijk is;

•

het stellen van eisen, regels, of een uitwerking van regels als bedoeld in artikel 6.13, tweede lid, onderscheidenlijk b, c of d, niet noodzakelijk is.

Planspecifiek Het voorliggende bestemmingsplan heeft gelet op artikel 6.2.1 Bro betrekking op een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen bouwplan. Er worden hoofdgebouwen gebouwd. Het voorgenomen wordt gerealiseerd op initiatief van de gemeente Vijfheerenlanden. De kosten worden gedragen door de opbrengsten van de verkoop van de kavels. De kosten van de grondexploitatie worden op deze manier verhaald op de toekomstige grondeigenaren. Het bestemmingsplan is hierdoor financieel uitvoerbaar en er hoeft geen exploitatieplan vastgesteld te worden.

45

7 Maatschappelijke uitvoerbaarheid Bij de voorbereiding van een (voor)ontwerp ruimtelijk plan dient op grond van artikel 3.1.6 lid 1 Wro sub c overleg te worden gevoerd als bedoeld in artikel 3.1.1 Bro. Op basis van het eerste lid van dit artikel wordt overleg gevoerd met waterschappen en met die diensten van provincie en Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen die in het plan in het geding zijn. Voor wat kleinere plannen kan, in overleg, afgezien worden van dit overleg. Een ontwerp bestemmingsplan dient conform afdeling 3.4 Awb gedurende 6 weken ter visie gelegd worden. Hierbij is er de mogelijkheid voor een ieder om zienswijzen in te dienen op het plan. Na vaststelling door de Raad wordt het vaststellingsbesluit bekend gemaakt en ligt het bestemmingsplan na bekendmaking 6 weken ter inzage. Gedurende deze termijn is er de mogelijkheid beroep in te dienen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Het bestemmingsplan treedt vervolgens de dag na afloop van de tervisielegging in werking als er geen beroep is ingesteld. Is er wel beroep ingesteld, dan treedt het bestemmingsplan ook in werking, tenzij naast het indienen van een beroepschrift ook om een voorlopige voorziening is gevraagd. De schorsing van de inwerkingtreding eindigt indien de voorlopige voorziening wordt afgewezen.

De procedure eindigt met de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

7.1 Inspraak Op 23 november 2017 is er in het kader van de Ontwikkelingsvisie Meerkerk 4A een discussiebijeenkomst voor ondernemers gehouden. In het kader van het stedenbouwkundig plan en beeldkwaliteitplan is er op 22 november 2018 een informatiebijeenkomst georganiseerd.

7.2 Overleg In het kader van het vooroverleg, zoals bedoeld in artikel 3.1.1 lid 1 van het Besluit ruimtelijke ordening, is het voorontwerpbestemmingsplan verstuurd naar verschillende vooroverlegpartners. Reacties zijn ontvangen van provincie Utrecht, Veiligheidsregio Utrecht (VRU), Gasunie en waterschap Rivierenland. De opmerkingen zien hieronder samengevat en van een gemeentelijke reactie (in cursief) voorzien. 1. Provincie Utrecht (mail d.d. 11 juni 2021) In het voorontwerpbestemmingsplan zijn in paragraaf 3.2 Provinciaal Beleid de 'Visie Ruimte en Mobiliteit', het 'Programma ruimte' en de 'Verordening ruimte 2014' opgenomen. Op 1 april 2021 zijn de 'Omgevingsvisie provincie Utrecht' en de 'Interim Omgevingsverordening provincie Utrecht' in werking getreden. Het plan dient getoetst te worden aan het nieuwe beleid. Paragraaf 3.2 'Provinciaal Beleid' is aangepast, waarin getoetst wordt aan de 'Omgevingsvisie provincie Utrecht' en de 'Interim Omgevingsverordening provincie Utrecht'. Daarnaast is extra aandacht besteed aan de ligging van het plangebied in overstroombaar gebied en bodemdaling. 2. Veiligheidsregio Utrecht (VRU) (brief d.d. 22 april 2021) De VRU geeft aan dat alle relevante risicobronnen zijn meegenomen in het voorontwerpbestemmingsplan. Daarnaast geeft de verantwoording van het groepsrisico geen aanleiding tot opmerkingen.

Wel wordt geadviseerd om de (toekomstig) bluswatervoorzieningen in het stedenbouwkundig plan op te nemen.

46

Dit komt nader aan bod in het kader van het stedenbouwkundige plan en de omgevingsvergunningen. Deze opmerking geeft geen aanleiding tot aanpassingen van het bestemmingsplan. 3. Gasunie (mail d.d. 6 april 2021) Gasunie geeft aan dat het plangebied buiten de 1% letaliteitgrens van de meest nabijgelegen leiding ligt. Daarmee staat vast dat deze leiding geen invloed heeft op de verdere planontwikkeling. Gasunie heeft verder geen opmerkingen. Deze opmerking geeft geen aanleiding tot aanpassingen. 4. Waterschap Rivierenland (mail d.d. 6 mei 2021) Het waterschap Rivierenland kan nog niet akkoord gaan met het voorontwerpbestemmingsplan. Als reactie laat het waterschap weten dat het waterhuishoudkundig systeem verder uitgewerkt dient te worden. Het waterschap heeft opmerkingen op verschillende (water)aspecten, zoals watercompensatie, waterafvoer, waterkringen, watergangen en het wijzigen van het peilgebied. Deze opmerkingen geven aanleiding tot aanpassingen in paragraaf 4.3.3 'Watertoets'. In deze paragraaf is de waterbalans aangepast en zijn de onderdelen op het gebied van de waterafvoer, waterkeringen, watergangen en het wijzigen van het peilgebied herzien en aangepast op basis van het Waterhuishoudingsplan van Tauw. Daarnaast is paragraaf 2.4 'Verkeer en parkeren' aangepast.

7.3 Zienswijzen Het ontwerpbestemmingsplan 'Werklandschap Meerkerk IVa' heeft vanaf 24 juni 2022 gedurende zes weken ter inzage gelegen. Ook is op 4 juli 2022 een informatiebijeenkomst gehouden over het ontwerpbestemmingsplan. Tijdens de zienswijzentermijn zijn vier brieven met zienswijzen ingekomen. In de 'Zienswijzennota bestemmingsplan Werklandschap Meerkerk IVa' (zie bijlagen bij toelichting, bijlage 14), zijn de ingekomen zienswijzen samengevat en van een beantwoording voorzien. Tevens is aangegeven of het tot een aanpassing van het bestemmingsplan heeft geleid.

47

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Vijfheerenlanden&id=45db1444-abf8-4e1c-9368-3cfb93524cbf