versie aangepast bijlagen.pdf
Tekst van het document
Omdat in de marktregio alleen kleinschalige, modern-gemengde bedrijventerreinen gelegen zijn, gaan we er vanuit dat de vraag zich beperkt tot dit segment.
4 Stec Groep raamde in 2016 opdracht van de provincie Zuid-Holland de vraag naar bedrijventerreinen in de provincie. Wij baseren ons bij het bereken van de uitbreidingsvraag (per regio) van bedrijventerreinen op de cijfers uit onze behoefteraming. De berekening is te vinden in de bijlage.
9
Laddertoets Meerkerk IVa 17.098
10
Lage leegstand op bestaande bedrijventerreinen in marktregio Meerkerk IVa en beperkte mogelijkheden voor intensiever ruimtegebruik door herstructurering zorgen voor een additionele vraag van 1,6 hectare In een vastgoedmarkt is een leegstand van ca. 5% gewenst om investerings- en verhuisdynamiek te waarborgen. Die leegstand is nodig omdat bedrijven dan ‘schuifruimte’ hebben om van en naar te verhuizen. Vraag naar bedrijfsruimte zal zich altijd deels bewegen binnen bestaand vastgoed en zich niet altijd direct vertalen naar nieuwe bedrijfskavels. In de marktregio van Meerkerk IVa ligt de leegstand met 1,20% ruim onder het frictieniveau (zie bijlage voor berekening van dit percentage). De benodigde schuifruimte in bestaand bedrijfsvastgoed ontbreekt grotendeels. Dit betekent dat de mogelijkheden om binnen bestaand stedelijk gebied te voorzien in een eventuele ruimtebehoefte zeer beperkt zijn. Het is daarom ook logisch te veronderstellen dat een ruimtebehoefte van bedrijven zich relatief snel zal vertalen in nieuw uit te geven bedrijfskavels. In bestaand vastgoed is immers weinig ruimte beschikbaar. Daarnaast is de herstructurering van bedrijventerrein Meerkerk I-III net afgerond. De herstructurering was gericht op de openbare ruimte (o.a. riolering, extra parkeerplaatsen, aanpassingen wegprofielen). Op dit terrein zijn de mogelijkheden voor intensiever ruimtegebruik zeer beperkt.
Restkavels of strategische reserves zijn niet aanwezig en private kavels zijn intensief bebouwd. De kavels die zijn vrijgekomen door herstructurering van KI-station Lexmond (bedrijventerrein de Bull) zijn volledig in eigendom van een ontwikkelaar. Op basis van het huidige leegstandspercentage berekenden we een additionele uitbreidingsvraag van 1,6 hectare in de marktregio Meerkerk IVa5. Totale ruimtevraag in de marktregio bedraagt circa 3,3-5,5 hectare De totale ruimtevraag in de marktregio voor Meerkerk IVa is dus circa 3,5-5,5 hectare. En bestaat uit een uitbreidingsvraag van circa 1,7-3,9 hectare en een additionele vraag die voortkomt uit een laag leegstandspercentage en beperkte mogelijkheden voor intensiever ruimtegebruik door herstructurering op bestaande terreinen van 1,6 hectare.
2.4 Aanbodanalyse: aanbod in marktregio is feitelijk zeer beperkt In het regionaal bedrijventerreinprogamma regio Alblasserwaard-Vijfherenlanden is een aanbod van 2,4 hectare in de marktregio opgenomen. Het gaat om bedrijventerreinen Meerkerk IV (0,3 hectare6), Kortenhoeven (0,3 hectare) en Kortenhoeven-Oost (1,8 hectare). De verwachting is dat de laatste kavels in Meerkerk IV op korte termijn uitgegeven worden. Het aanbod op Kortenhoeven betreft een particuliere restkavel. We laten dit aanbod daarom buiten beschouwing. De grond op Kortenhoeven-Oost is niet direct uitgeefbaar, in particuliere handen, het aanbod verschilt kwalitatief sterk van het beoogde aanbod op Meerkerk IVa (milieucategorie, ligging ten opzichte van A27, deels bestemd voor bedrijfswoningen en verkeer) en ligt op behoorlijke afstand van Meerkerk IVa. Het is daarom logisch dat Kortenhoeven-Oost zich sterk richt op lokale bedrijven uit Lexmond. Om deze redenen vinden we dat dit terrein buiten beschouwing kan worden gelaten in de aanbodanalyse7. We concluderen dat het aanbod in de marktregio feitelijk beperkt is tot een laatste kavel op het bestaande bedrijventerrein Meerkerk IV van 1.700 m2.
2.5 Behoefte: confrontatie vraag & aanbod In deze paragraaf confronteren we de vraag met het aanbod in de marktregio van Meerkerk IVa. Op basis hiervan kunnen we motiveren of de geplande ontwikkeling op bedrijventerrein Meerkerk IVa voorziet in de regionale behoefte en of deze leidt tot een ruimtelijk effect op andere plekken in de marktregio. Behoefte in marktregio Meerkerk IVa is niet op te vangen in de bestaande harde plancapaciteit We concluderen dat de vraag van circa 3.3-5.5 hectare niet is op te vangen in de bestaande harde plancapaciteit. Er is weliswaar aanbod van ca. 2,4 ha, echter dit aanbod is grotendeels kwalitatief ongeschikt als alternatief voor Meerkerk IVa of het bestaat uit enkele verspreid gelegen restkavels
5
Zie de bijlage voor de uitgebreide berekening van de additionele ruimtevraag. Inmiddels is hiervan de helft 1.700 m2 verkocht, op de laatste 1.700 m2 is een optie, peildatum juli 2017) 7 In de bijlage lichten we uitgebreid de kwalitatieve aspecten van Kortenhoeven-Oost toe en waarom dit geen alternatief is voor Meerkerk IVa. 6
Laddertoets Meerkerk IVa 17.098
11
Behoefte is niet op te vangen in bestaand stedelijk gebied De leegstand in de marktregio Meerkerk IVa ligt erg laag en is bovendien kwalitatief ongeschikt als alternatief voor Meerkerk IVa. Binnen het bestaande vastgoed ontbreken dan ook uitbreidingsplekken om te voorzien in de regionale behoefte. Ook zijn er nauwelijks mogelijkheden voor intensiever ruimtegebruik door herstructurering.
2.6 Conclusie Ladder: ontwikkeling 5 hectare Meerkerk IVa passend binnen geraamde bandbreedte vraag In de marktregio van Meerkerk IVa is er sprake van een vraag van ca. 3,3-5,5 hectare. Bovendien zijn er binnen bestaand stedelijk gebied geen geschikte alternatieven om in de regionale behoefte te voorzien. Dit betekent dat de ontwikkeling van Meerkerk IVa binnen het huidige profiel niet zal leiden tot een ruimtelijk effect of onaanvaardbare leegstand elders in de marktregio. Met een beoogd aanbod van circa 5 hectare passen de plannen voor Meerkerk IVa binnen de in een bandbreedte geraamde ruimtebehoefte. Een scenario waarin de vraag aan de onderkant van de bandbreedte uitvalt is mogelijk, maar als we naar de historische uitgifte kijken zien we dat de uitgifte op Meerkerk IV de afgelopen jaren zeer voorspoedig is gegaan. Daarnaast is op dit moment nauwelijks meer aanbod. Een extra vraag als gevolg van een ‘inhaalslag’ de komende jaren is daarom niet onrealistisch. Het realiseren van een vraag aan de bovenkant van de bandbreedte is daarmee zeker geen onrealistisch scenario. We taxeren daarom dat de uitbreiding van Meerkerk IVa passend is binnen de Ladder.
2.7 Meerkerk IVa is als zachte plancapaciteit opgenomen in het programma ruimte van de provincie Meerkerk IVa (in het programma ruimte wordt gesproken over Meerkerk uitbreiding) is met 5 hectare opgenomen in het provinciale programma ruimte. Zachte locaties wil de provincie reserveren voor de planperiode 2021-2030. We constateren dat de planperiode voor Meerkerk IVa hierop wat vooruit loopt. Echter, gezien het feitelijke gebrek aan aanbod op het bestaande bedrijventerrein Meerkerk en de recente uitgifte van kavels op Meerkerk IV lijkt het niet onlogisch om de zachte plancapaciteit om te zetten in harde plancapaciteit.
2.8 In overleg met provincie onderbouwing ook regionaal afstemmen We concluderen dat de plannen voor het aanbod op Meerkerk IVa kwantitatief passen binnen de geraamde bandbreedte van de vraag. Een Ladderonderbouwing vinden we daarom kansrijk. Regionale afstemming is altijd een belangrijke randvoorwaarde bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. We adviseren daarom om ook met de provincie in overleg te treden om de status van Meerkerk IVa van ‘zachte’ naar ‘harde’ plancapaciteit te veranderen. Gelet op de huidige aanbodanalyse en de geraamde vraag naar kleinschalige, reguliere bedrijvigheid lijkt het niet onrealistisch om de planperiode voor Meerkerk IVa naar voren te halen ten opzichte van waar in het programma ruimte rekening mee wordt gehouden (2021-2030).
Laddertoets Meerkerk IVa 17.098
12
LOCATIES IN DE OMGEVING VAN DE MARKTREGIO De marktregio voor Meerkerk IVa is lokaal en kleinschalig. We definieerden de marktregio als een gebied met een straal van circa zeven kilometer. Twee bedrijventerreinen liggen net buiten de vastgestelde marktregio. Schelluinen-West (hard bestemmingsplan circa 4,4 hectare direct uitgeefbaar8) en Groote Haar (alleen vastgesteld bestemmingsplan en dus nog geen uitgeefbare kavels). De terreinen zijn buiten de marktregio gelegen en hoeven daarom formeel niet te worden meegenomen in de vraagaanbodconfrontatie. Meerkerk IVa richt zich op kleinschalige, reguliere bedrijvigheid. Deze vraag is sterk lokaal gebonden en Schelluinen-West en Groote Haar liggen voor veel bedrijven buiten de gemiddelde afstand waarover in deze coropregio door bedrijven verhuisd wordt. We benoemen beide ontwikkelingen kort omdat ze op de achtergrond in de regio wel een rol spelen en redelijk dichtbij de marktregio van Meerkerk IVa gelegen zijn. Schelluinen-West ligt het verst buiten de marktregio voor Meerkerk IV. Het terrein is gelegen aan de A15 en is nadrukkelijk bedoeld voor uitplaatsing van bedrijven (vervangingsvraag) in transport en distributie uit de regio Alblasserwaard-Vijfheerenlanden. Uitgangspunt is ook dat locaties die achterblijven door vertrek van bedrijven naar Schelluinen-West uit de markt worden genomen door transformatie.
Het profiel van het terrein is dus sterk gericht op logistiek en transport en het betreft merendeels grotere kavels. Kwalitatief verschilt het aanbod op Schelluinen-West dus sterk van het aanbod dat op Meerkerk IVa zal worden gerealiseerd. Voor Groote Haar is nog geen onherroepelijk bestemmingsplan. Feitelijk is dus ook geen sprake van harde plancapaciteit. Omdat Groote Haar in procedure wel voorloopt op een eventueel bestemmingsplan voor Meerkerk IVa kan het op enig moment zo zijn dat er aanbod aan de rand van de marktregio voor Meerkerk IVa ontstaat. Echter, uit het vastgestelde bestemmingsplan Groote Haar is duidelijk op te maken dat het terrein zich richt op (grootschalige) logistiek en zwaardere milieucategorieën op het kruispunt van A15/A27. In het bestemmingsplan wordt maar ca. 10 hectare voor grootschalige kavels (minimumoppervlakte van één hectare) mogelijk gemaakt. Planologisch wordt dus een groot deel van het terrein geschikt gemaakt voor kleinschalige kavels voor reguliere bedrijvigheid. Desondanks blijkt uit andere kwaliteitseisen in het bestemmingsplan dat Groote Haar nadrukkelijk bedoeld is voor grootschalige, zwaardere bedrijvigheid: • Het noordelijk deel van het plangebied (circa 20 hectare) is bestemd voor bedrijven tot een maximale milieucategorie 5.1 en 5.2. Er geldt een maximum bouwhoogte van 25 meter en deels 15 meter.
• Voor de middenzone is de maximum toegestane milieucategorie 4.1 en 4.2. De maximale bouwhoogte is hier 25 meter. Alleen het meest zuidelijk deel van het plangebied is bestemd voor bedrijven tot maximaal milieucategorie 3.2 en een bouwhoogte van deels 12 en deels 8 meter. We vinden het om deze reden niet realistisch dat Groote Haar voor lokale ondernemers uit Meerkerk een interessante propositie biedt. Van de andere kant zal Groote Haar in het noordelijke en middengebied ook geen lokale ondernemers met kleine kavels willen huisvesten. Tot slot is de uitgifte van kavels op Groote Haar erg afhankelijk van het realiseren van een ontsluitingsweg. Voor de ontsluiting van Groote Haar loopt een bestemmingsplanprocedure om een directe aansluiting te realiseren op de A27, circa twee kilometer ten noorden van het plangebied. Het ontwerpbestemmingsplan voor Groote Haar stelt: “het bedrijventerrein wordt nadrukkelijk niet aangetakt op bestaande ontsluiting. Alle verkeer naar het bedrijventerrein bereikt het bedrijventerrein aan de noordwestkant”. De nieuwe ontsluiting is daarmee nodig om kavels uit te kunnen geven.
8
Peildatum 1-1-2017. Bron: Provincie Zuid Holland.
Laddertoets Meerkerk IVa 17.098
13
Rijkswaterstaat werkt ondertussen aan het ontwerptracébesluit voor de verbreding van de A27 tussen Houten en knooppunt Hooipolder. Het realiseren van de nieuwe aansluiting op de A27 is in tijd afhankelijk van de werkzaamheden die RWS zal uitvoeren. Volgens de planning van RWS kan in 2021 worden begonnen met de realisatie. Omdat het realiseren van de nieuwe aansluiting hoogst onzeker is voordat de A27 verbreed zal zijn is het niet realistisch te veronderstellen dat Groote Haar voor 2021 ontsloten zal zijn. Daarbij komt dat nu nog niet bekend is op welk deel van het tracé de werkzaamheden aan de A27 zullen starten. Uitgifte van kavels op Groote Haar voor 2021 (in het meest gunstige geval voor Groote Haar) is daarom niet realistisch. Uit jurisprudentie9 blijkt dat ontsluiting een aspect is dat mag meewegen in het bepalen van de regionale behoefte.
9
Zie uitspraak 201504107/3/R2 inzake Florapark Asten.
14
Laddertoets Meerkerk IVa 17.098
Bijlage Actuele behoefte In 2016 heeft Stec Groep de behoefteraming voor bedrijventerreinen in de provincie Zuid-Holland opgesteld. In de raming is alleen de uitbreidingsvraag berekend. Er is dus geen rekening gehouden met de vervangingsvraag. We lichten beide componenten kort toe: • Uitbreidingsvraag is de vraag naar bedrijventerreinen als gevolg van capaciteitsgebrek in de huidige, uitgegeven voorraad bedrijventerreinen; deze (extra) ruimtebehoefte ontstaat door werkgelegenheidsgroei (uitbreiding/inkrimping van activiteiten van bestaande bedrijven, oprichting/opheffing van bedrijven en vestiging/vertrek van bedrijven in/uit de provincie). Werkgelegenheidsgroei was in het verleden een van de drijvende krachten achter de snelle groei van het areaal bedrijventerreinen. In de meest actuele prognoses voor de lange termijn loopt de groei van de werkgelegenheid, ook in de provincie Utrecht, terug. • Vervangingsvraag is vraag die ontstaat doordat bedrijfspanden, om verschillende redenen anders dan capaciteitsgebrek, niet meer voldoen. Deze vraag wordt bepaald door technische slijtage (het pand is onbruikbaar en/of de levensduur loopt af), maar ook door normatieve slijtage; dit houdt in dat het pand niet meer aan de (kwaliteits)eisen van de gebruiker voldoet. Dit type locaties/panden wordt dan bijvoorbeeld getransformeerd of herontwikkeld.
Voor de periode t/m 2035 is de uitbreidingsvraag in de regio Zuid-Holland-Zuid geraamd. Deze is voor drie periode weergegeven (zie tabel 2). Goed om te noemen is dat de indicaties van uitbreidingsvraag per periode gebaseerd zijn op lineaire groei. In de praktijk zal de vraag zich in deze perioden echter over de conjunctuurgolven bewegen: sommige jaren meer dan verwacht, sommige jaren minder. Aangezien de planperiode van bedrijventerreinen Meerkerk IVa 10 jaar bedraagt, kijken we naar de uitbreidingsvraag in Zuid-Holland-Zuid voor de periode 2017-2026. De verwachte uitbreidingsvraag voor Zuid-Holland-Zuid in de periode 2017-2026 bedraagt zo bezien 89-98 ha10. Tabel 2: Uitbreidingsvraag Zuid-Holland-Zuid Periode
Uitbreidingsvraag Zuid-HollandZuid (in hectare)
2016 t/m 2025
89 - 98
2026 t/m 2030
45 - 49
2031 t/m 2035
30 – 72
Om wat te kunnen zeggen over de ruimtebehoefte in de gemeente Zederik kijken we welk gedeelte van de totale uitbreidingsvraag in de regio Zuid-Holland-Zuid beredeneerd aan de gemeente Zederik valt toe te rekenen. Dit kunnen we (indicatief) berekenen op basis van een gemiddelde van vier verdeelsleutels11, te weten: • Uitgifte per subregio in de periode 2007 t/m 2016. Deze geeft een beeld van de historische uitgiftedynamiek op korte termijn. Regio’s die in de veranderende wereld in de afgelopen jaren bovengemiddeld in trek blijken, krijgen hiermee een grotere koek van de vraag toebedeeld. • Totale werkgelegenheid per subregio in 2015. Deze geeft een beeld van de economische positie van verschillende regio’s over de gehele regio genomen. Daarmee krijgen regio’s met een hogere economische dynamiek een grotere koek van de vraag toebedeeld. Er is voor gekozen om deze verdeelsleutel mee te nemen omdat de link tussen bedrijvigheid op bedrijventerreinen en niet10 De uitbreidingsvraag in de periode 2016-2025 is verhoudingsgewijs even groot als die in de periode 2026-2030. Pas na 2030 vlakt de uitbreidingsvraag in Zuid-Holland-Zuid af. Vandaar dat de verwachte uitbreidingsvraag voor Zuid-Holland-Zuid in de periode 2017-2026 overeenkomst met de cijfers uit de behoefteraming voor de periode 2016-2025. 11 We gebruiken bij alle data de meest recente, beschikbare cijfers.
We schatten in dat de werkgelegenheidscijfers uit 2016 niet veel verschillen met die uit 2015. De cijfers uit tabel 3 geven dan ook een adequaat beeld van het aandeel van de gemeente Zederik (in de regio) per parameter.
15
Laddertoets Meerkerk IVa 17.098
•
•
bedrijventerreinen, zoals kantorenpark, binnenstad of andere informele locatie, steeds groter wordt. De grenzen tussen werklocaties vervagen; bedrijventerreinen zijn immers ook steeds minder monofunctioneel. Werkgelegenheid op bedrijventerreinen per subregio in 2015. Deze geeft een beeld van de economische positie van verschillende regio’s op bedrijventerreinen, het focusgebied van deze behoefteraming. Daarmee krijgen regio’s met een hogere economische dynamiek op bedrijventerreinen een grotere koek van de vraag toebedeeld. Totaal areaal bestaande bedrijventerreinen op 1 januari 2017. De uitbreidingsvraag in de regio komt in de regel voor >75% van bestaande bedrijven, die, blijkt uit onderzoek van CBS, vaak over kortere afstand verhuizen (lees: binnen de regio)12. Deze verdeelsleutel geeft een beeld van de economische positie verschillende regio’s op bedrijventerreinen, waarbij niet werkgelegenheid, maar de oppervlakte bepalend is. Daarmee wordt via deze verdeelsleutel een ruimtelijke component toegevoegd.
Er is gekozen om bij de indicatieve verdeling te rekenen met een bandbreedte die zich bevindt tussen de uitersten van de vier verdeelsleutels. Omdat het rekenen met verdeelsleutels altijd geënt is op historische data en niet op een gereed toekomstbeeld van de vestigingsdynamiek van het bedrijfsleven in de regio voor de komende jaren, wordt expliciet gesproken over een indicatieve verdeling. De bandbreedte geeft aan dat er variatie kan zitten in de uiteindelijke uitkomst. Tabel 3: Aandeel gemeente Zederik per parameter Indicator
Zuid-Holland-Zuid
AlblasserwaardVijfheerenlanden
141,9
Uitgifte op bedrijventerreinen per subregio in de periode 2007-2016 Totale werkgelegenheid13 in subregio in 2015 Werkgelegenheid op bedrijventerreinen per subregio in 2015) Totaal areaal bestaande bedrijventerreinen op 1 januari 2017
Gemeente Zederik
Aandeel Zederik
45.6
Aandeel AblasserwaardVijfheerenlanden 32,1%
6,0
4,2%
203.380
46.009
22,6%
4.442
2,2%
81.658
15.044
18,4%
1.482
1,8%
2116
546,1
25,8%
47,0
2,2%
De verdeelsleutel met het laagste aandeel van Zederik in het totaal van de subregio bedraagt 1,8% (werkgelegenheid op bedrijventerreinen). Het hoogste aandeel is 4,2% (uitgifte bedrijventerrein tussen 2007-2016). Beide verdeelsleutels zijn in de tabel hierboven in vet weergegeven. Uit de behoefteraming van bedrijventerreinen in Zuid-Holland weten we dat de vraag in de regio ZuidHolland-Zuid t/m 2026 circa 89-98 hectare bedraagt. Met de bandbreedte waarbinnen de verschillende verdeelsleutels liggen kunnen we de bandbreedte van het aandeel van Zederik binnen de vraag benaderen. In tabel 4 is de uitbreidingsvraag naar bedrijventerreinen voor regio Zuid-Holland-Zuid, de subregio Alblasserwaard-Vijfheerenlanden en de gemeente Zederik (in bandbreedte) weergegeven. Tabel 4: Uitbreidingsvraag bedrijventerreinen per regio
Totale uitbreidingsvraag
Zuid-
Ablasserwaard-
Gemeente Zederik
Gemeente Zederik
Holland-Zuid
Vijfheerlanden (in
onderkant bandbreedte
bovenkant bandbreedte
(in ha)
hectare)
(in hectare)
(in hectare)
89-98 ha
22,0-24,2
1,6-1,8
3,7-4,1
= circa 1,7
= circa 3,9
bedrijventerreinen t/m 2026
Er is ca. 1,7-3,9 hectare uitbreidingsvraag van bedrijventerreinen in marktregio Meerkerk IVa t/ 2026. Op basis van de bandbreedte in de genoemde indicatoren gaan we in de marktregio van Meerkerk IVa uit 12 13
CBS (2013). Bedrijven verhuizen vooral binnen eigen gemeente. Er zijn geen recentere werkgelegenheidscijfers beschikbaar voor de regio Zuid-Holland-Zuid.
16
Laddertoets Meerkerk IVa 17.098
van een uitbreidingsvraag tussen de 1,7 en 3,9 hectare in de planperiode t/m 2026. In de aanbodanalyse zullen we verder inzoomen op de andere bedrijventerreinen in de marktregio van Meerkerk IVa. Er is sprake van een lage leegstand op de bedrijventerreinen in de marktregio Meerkerk IVa Op de bedrijventerreinen is een leegstand van ca. 5% gewenst om de investerings- en verhuisdynamiek in de regio te behouden. Deze gewenste leegstand wordt frictieleegstand14 genoemd. In tabel 5 hebben we de leegstand in bedrijfsruimte op elk bedrijventerrein in de marktregio van Meerkerk IVa weergegeven. We laten dedicated kantoorruimte buiten beschouwing in deze analyse omdat Meerkerk IVa wordt ontwikkeld voor bedrijfsruimte. Wat opvalt uit deze cijfers is dat er op de meeste terreinen nauwelijks sprake is van leegstand15. Tabel 5: leegstand op bedrijventerreinen in marktregio Meerkerk IVa Gemeente
Terrein
Netto
Voorraad
Leegstand
Leegstand als
oppervlakte
vastgoed op
bedrijfsruimte
percentage van
terrein (in
basis van een
(in m²)
de voorraad
hectare)
FSI16 van 0,5
Peildatum: juni
vastgoed
Peildatum: 1
(in hectare)
2017
januari 2017 Zederik
Giessenlanden
Aan de Zodeslagen
6,7
3,35
0
0
De Bull
2,5
1,25
112
0,90
Kortenhoeven
1,7
0,85
0
0
Kortenhoeven-Oost
1,8
0,9
0
0
Kerkweg
3,2
1,6
0
0
Meerkerk
23,9
11,95
3.598
3,01
Meerkerk IV
5,6
2,3
0
0
Nieuwland
4,0
2,0
1.045
5,22
Arkel
20,2
10,1
315
0,31
Bazeldijk
3,5
1,75
0
0
Middenweg/ De
3,8
1,9
0
0
Noordzijde
1,7
0,85
0
0
Stationsweg
7,0
3,5
0
0
85,6
42,3
5.070
1,20%
Vort
Totaal
Lage leegstand zorgt voor additionele vraag naar bedrijventerreinen van ca. 1,6 hectare in marktregio Meerkerk IVa De gemiddelde leegstand op de bedrijventerreinen in marktregio Meerkerk IVa ligt met 1,20% ruim onder de gewenste frictieleegstand van 5%. Gezien de lage leegstandscijfers in de marktregio van Meerkerk IVa achten we het realistisch dat er (bovenop de uitbreidingsvraag) nog een additionele vraag is voor schuifruimte voor bedrijven. Voor de hele marktregio van bedrijventerrein Meerkerk IVa gaat het om een additionele vraag naar bedrijventerreinenlocatie van ca. 1,6 ha17. Aanbodanalyse: concurrerend aanbod van bedrijventerreinen in marktregio Meerkerk IVa nihil
14 Frictieleegstand: Leegstand na vertrek huurder als op korte termijn geen aansluitende verhuur plaatsvindt, tot maximaal 1 jaar na expiratie overeenkomst. Een frictieleegstand van ca. 5% is nodig voor het goed functioneren van een vastgoedmarkt. 15 We kijken alleen naar de geregistreerde leegstand op de bedrijventerreinen. Verborgen leegstand doordat ruimtes wel leegstaan maar niet worden aangebonden via openbare vastgoedkanalen en vastgoedwebsites zijn niet meegenomen in de analyse. 16 FSI staat voor ‘Floor Space Index’. Hiermee wordt de voorraad vastgoed t.o.v. de netto plancapaciteit bedoeld. Kortom, het deel van de bedrijfskavel wat bebouwd is. Op regulier-gemengde bedrijventerreinen is een Floor Space Index van ca. 0,5 gemiddeld. 17 We berekenen deze additionele vraag als volgt: de huidige leegstand op de bedrijventerreinen in de marktregio van Meerkerk IVa is 3,80% lager dan de gewenste frictieleegstand. Dit betekent dat het aanbod vastgoed ook 3,80 % lager is dan gewenst. Door 3,80% te nemen van de totale voorraad vastgoed van ca. 42,3 hectare kan de verwachte additionele vraag berekend worden. De additionele vraag op basis van de (ontbrekende) leegstand is zo bezien ca. 1,6 hectare.
Let op: de verwachte additionele vraag op basis van de leegstand is minder betrouwbaar dan de verwachte uitbreidingsvraag omdat er in de loop der jaren veranderingen in de leegstandscijfers kunnen voordoen.
17
Laddertoets Meerkerk IVa 17.098
Tabel 6 geeft voor alle bedrijventerreinen in de marktregio van Meerkerk IVa de hoeveelheid hard uitgeefbaar aanbod weer. We zien dat er op slechts drie terreinen in de marktregio aanbod is; naast de 0,2 hectare aanbod op Meerkerk IVa worden er alleen op Kortenhoeven (een restkavel in particuliere handen) en Kortenhoeven-Oost nog hectares aangeboden. Beide terreinen zijn gelegen bij de kern Lexmond in het noorden van de gemeente Zederik. We laten de particuliere restkavel op Kortenhoeven buiten beschouwing. Het aanbod op Kortenhoeven-Oost bedraagt circa 80%van het aanbod in de marktregio. Tabel 6: Hard uitgeefbaar aanbod op bedrijventerreinen in marktregio Meerkerk IVa Gemeente
Terrein
Hard uitgeefbaar aanbod (in hectare) Peildatum: 1 juni 2017
Zederik
Giessenlanden
Aan de Zodeslagen
0,0
De Bull
0,0
Kortenhoeven
0,3
Kortenhoeven-Oost
1,8
Kerkweg
0,0
Meerkerk
0,0
Meerkerk IV
0,218
Nieuwland
0,0
Arkel
0,0
Bazeldijk
0,0
Middenweg/ De Vort
0,0
Noordzijde
0,0
Stationsweg
0,0
Totaal
2,3
Bron: FundainBusiness, 2017; Infodesk Provincie Zuid Holland, 2017; Bewerking: Stec Groep, 2017
Voor bedrijventerrein Kortenhoeven-Oost geldt: • Het terrein is volledig in private handen, en volgens bedrijventerreinendatabase IBIS niet-terstond uitgeefbaar. De laatste vijf jaar heeft hier ook geen uitgifte plaatsgevonden. • Het terrein is bestemd voor bedrijven tot maximaal milieucategorie 2 en deels bestemd voor bedrijfswoningen. Daarbij komt dat circa een derde van het oppervlak is bestemd voor de functie ‘verkeer’. • Het terrein ligt niet aan de A27 corridor en heeft geen zichtlocaties. • Gelegen aan de rand van de marktregio: ca. 6-7 kilometer van Meerkerk. Kortenhoeven-Oost is dus niet direct uitgeefbaar, in particuliere handen, het aanbod verschilt kwalitatief sterk van het beoogde aanbod op Meerkerk IVa (milieucategorie, ligging ten opzichte van A27, deels bestemd voor bedrijfswoningen en verkeer) en op behoorlijke afstand van Meerkerk. Het is daarom logisch dat Kortenhoeven-Oost zich sterk richt op lokale bedrijven uit Lexmond. Om deze redenen vinden we dat dit terrein buiten beschouwing kan worden gelaten in de aanbodanalyse. Dit betekent dat er feitelijk geen hard aanbod is in de marktregio van Meerkerk IVa. Alleen op Meerkerk IV is recentelijk grond uitgegeven in marktregio Meerkerk IVa In tabel 7 is de uitgifte van de laatste jaren op bedrijventerrein Meerkerk IV opgenomen.
Behalve Kortenhoeven en Kortenhoeven-Oost waren er geen terreinen met uitgeefbare hectares in de marktregio. Ondanks de crisis is de uitgifte in 2014 en 2015 goed doorgelopen. In totaal is in de periode 2014-2016 3,5 hectare uitgegeven in Meerkerk.
18
Per 1-1-2017 bedroeg het aanbod nog 0,34 hectare. Een kavel van 1.700 m2 is inmiddels uitgegeven. Voor de laatste kavel van 1.700m2 bestaat ook interesse. De gemeente verwacht dat de geïnteresseerde partij binnenkort een optie zal nemen. Daarmee zou de laatste kavel op Meerkerk IV verkocht zijn.
18
Laddertoets Meerkerk IVa 17.098
Om de uitgifte op Meerkerk in perspectief te kunnen plaatsen hebben we ook gekeken naar de uitgifte op bedrijventerreinen in gemeenten die (voor een deel) buiten de marktregio vallen van Meerkerk IVa. In tabel 8 hebben we de uitgiftecijfers van de laatste drie jaar per gemeente in de regio Alblasserwaard/ Vijfheerenlanden uiteengezet. Het valt direct op dat in omliggende gemeenten een stuk minder grond is uitgegeven op bedrijventerreinen. Alleen op de terreinen Schelluinen-West (11.500 m²), Gorichem-Oost II (1.400 m²), Blauwe Zoom (13.000 m²) en Papland (3.000 m²) is er grond uitgegeven. Op basis van de gegevens uit de tabellen 7 en 8 kan er geconcludeerd worden dat de uitgifte op bedrijventerreinen Meerkerk IV duidt op veel vraag vanuit de markt voor deze locatie. Tabel 7: Historische uitgifte op bedrijventerreinen in marktregio Meerkerk IVa Gemeente
Terrein
Uitgifte 2014
Uitgifte 2015
Uitgifte 2016
Totale uitgifte
(in hectare)
(in hectare)
(in hectare)
2014-2016 (in hectare)
Zederik
Meerkerk IV
Totaal
1,4
0,6
1,5
3,5
1,4
0,6
1,5
3.5
Bron: Provincie Zuid-Holland, 2016; IBIS, 2017.
Tabel 8: Historische uitgifte op gemeenteniveau in regio Alblasserwaard-Vijfheerenlanden Gemeente
Uitgifte 2014
Uitgifte 2015
Uitgifte 2016
Totale uitgifte
(in hectare)
(in ha)
(in ha)
2014-2016 (in ha)
Zederik Giessenlanden Gorinchem Hardinxveld-
1.4 1,5
0,6 0,0
1,5 0,4
3,5 1,9
0,2 0,1
0,3 0,0
0,3 0,8
0,8 0,9
0,1 3,3
0,3 1,2
0,4 3,4
0,8 7.9
Giessendam Molenwaard Totaal
Bron: Provincie Zuid-Holland, 2016; IBIS, 2017.
Verkennend asbest- en bodemonderzoek
Energieweg (ongenummerd) te Zederik
Verkennend asbest- en bodemonderzoek
Energieweg (ongenummerd) te Zederik
Opdrachtgever Gemeente Zederik de heer E. Kraaijeveld Postbus 1 4230 BA MEERKERK Adviesbureau Geofoxx Tielweg 10 Postbus 2026 2800 BD Gouda 0182 - 729 000 Status Definitief Datum 9 maart 2018 Projectnummer 20171747/JSET Documentkenmerk 20171747_a2RAP
Auteur De heer J. van Seters Paraaf:
Controle / vrijgave De heer I. Lanting Paraaf:
Verkennend bodemonderzoek Energieweg (ongenummerd) te Zederik
Inhoudsopgave 1
Inleiding
1
2
Vooronderzoek en onderzoeksstrategie 2.1 Algemeen 2.2 Bronverwijzing 2.3 Algemene locatiegegevens (voormalig en huidig gebruik) 2.4 Beschikbare bodeminformatie 2.5 Bodemopbouw 2.6 Onderzoekshypothese en Onderzoeksstrategie
2 2 2 3 5 5 5
3
Veld- en laboratoriumwerkzaamheden 3.1 Kwaliteit 3.2 Uitgevoerde veld- en laboratoriumwerkzaamheden
7 7 7
4
Resultaten en interpretatie 4.1 Resultaten veldonderzoek 4.2 Resultaten laboratoriumonderzoek 4.3 Verkennend asbestonderzoek 4.4 Interpretatie resultaten
10 10 14 15 17
5
Samenvatting en conclusies 5.1 Advies
18 19
Bijlagen 1 Situatietekeningen 1.1 Geografische ligging locatie 1.2 Situatietekening 1.3 Kadastrale gegevens 2 Boorstaten 3 Analyseresultaten 4 Toetsingscriteria en -tabellen 5 Toelichting bodemonderzoek en asbest 6 Foto’s 7 Bijlagen vooronderzoek 8 Onafhankelijkheidsverklaring veldwerker
Projectnummer
Datum
20171747/JSET
februari 2018
-/-
Verkennend bodemonderzoek Energieweg (ongenummerd) te Zederik
1
Inleiding
In opdracht van Gemeente Zederik heeft Geofoxx, als onafhankelijk adviesbureau1, een verkennend bodem en asbest in bodem onderzoek uitgevoerd op de locatie Energieweg (ongenummerd) te Zederik. Het onderzoek wordt uitgevoerd in het kader van een eigendomsoverdracht waarna de locatie mogelijk ontwikkeld wordt tot een bedrijventerrein. De onderzoekslocatie bestaat uit een aantal agrarisch percelen. Het doel van het onderzoek is het vaststellen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem en de waterbodem op de locatie In het voorliggende rapport komt het volgende aan de orde: het vooronderzoek en de onderzoeksopzet, de veldwerkzaamheden inclusief het zintuiglijk onderzoek, het chemisch onderzoek, de interpretatie van de verzamelde gegevens, de conclusies en het advies. Separate rapportage waterbodemonderzoek Op en rond de percelen zijn verschillende watergang aanwezig. Deze zullen worden gedempt t.b.v. mogelijk toekomstige realisatie van een bedrijventerrein. Daarom is het noodzakelijk onderzoek naar de sliblaag uit te voeren middels een waterbodemonderzoek. Dit onderzoek wordt gelijktijdig met het verkennend asbest- en bodemonderzoek uitgevoerd. De rapportage van het waterbodemonderzoek wordt separaat aangeboden en maakt dan ook geen deel uit van onderhavig rapport.
1
De opdrachtgever en terreineigenaar zijn geen zuster- of moederbedrijf en komen niet uit de eigen organisatie zodat de onafhankelijkheid van het onderzoek is gewaarborgd. Geofoxx is een handelsnaam van Geofox-Lexmond bv, statutair gevestigd te Oldenzaal en ingeschreven in het handelsregister onder nr. 06056452. Op alle opdrachten zijn de algemene voorwaarden van Geofox-Lexmond bv van toepassing. Deze voorwaarden zijn te vinden op geofoxx.nl.
1 / 20
Verkennend bodemonderzoek
Energieweg (ongenummerd) te Zederik
2
Vooronderzoek en onderzoeksstrategie
2.1
Algemeen
De aanleiding voor het uitvoeren van een vooronderzoek op basis van NEN57252 is het verzamelen van inzichten over de eventuele aanwezigheid van eventuele bodemverontreinigingen op de onderzoekslocatie. Hierbij wordt een inschatting gemaakt van de, oorzaak, aard, mate en ligging van mogelijke verontreinigingen. Om dit doel te bereiken wordt relevante informatie over de onderzoekslocatie en eventueel de beïnvloeding vanuit de directe omgeving verzameld, geanalyseerd en geïnterpreteerd. De te verzamelen informatie is afhankelijk van de aanleiding en het doel van het vooronderzoek en heeft betrekking op locatiegegevens, bodemopbouw en geohydrologie, te verwachten bodemkwaliteit en potentieel bodembedreigende activiteiten op de onderzoekslocatie. In de NEN5725 wordt onderscheid gemaakt in algemene en specifieke onderzoeksaspecten die verzameld moeten worden. Voor dit vooronderzoek geldt dat specifieke informatie verzameld dient te worden over de milieuhygiënische bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek. Het vooronderzoek wordt afgesloten met een conclusie, die zal leiden tot een onderzoekshypothese. De hypothese betreft voor elke (deel)locatie de verwachting met betrekking tot de aanwezigheid van een bodemverontreiniging. Op basis hiervan zal de onderzoeksstrategie worden bepaald. In de volgende paragrafen is de verzamelde informatie weergegeven.
2.2
Bronverwijzing
In tabel 2.1 zijn de geraadpleegde bronnen van dit vooronderzoek weergegeven.
Tabel 2.1: Bronverwijzing Nr. 1. 2. 3.
Bron Topografische ligging en kadastrale gegevens Historische kaarten Regionale en landelijke bronnen
4. 5.
Geohydrologische gegevens Ligging kabels en leidingen
Verwijzing www.google.nl/maps; www.kadaster.nl www.topotijdreis.nl OZHZ Omgevingsrapport, informatie over historische dempingen (OZHZ, S. Jansen), www.bodemloket.nl www.dinoloket.nl; www.klic-online.nl
2
NEN5725 (Bodem – Landbodem – Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek, oktober 2017).
Projectnummer
Datum
20171747/JSET
maart 2018
2 / 20
Verkennend bodemonderzoek
Energieweg (ongenummerd) te Zederik
2.3
Algemene locatiegegevens (voormalig en huidig gebruik)
2.3.1
Algemene gegevens en huidig gebruik
De onderzoekslocatie betreft een aantal agrarische percelen met een totale oppervlakte van circa 94.700 m². De onderzoekslocatie is gelegen tussen de rijksweg A27, direct ten westen van onderzoekslocatie en het Merwedekanaal (direct ten oosten). Binnen de onderzoekslocatie zijn diverse watergangen gelegen. De totale lengte van aanwezige watergangen binnen de onderzoekslocatie bedraagt circa 2.900 meter. In tabel 2.2 zijn de algemene gegevens van de locatie weergegeven. Op afbeelding 2.1 is de onderzoekslocatie (blauwe stippenlijn) weergegeven. In bijlage 1 is de geografische ligging van de onderzochte locatie en een situatietekening opgenomen. In bijlage 6 zijn de foto’s van de locatie opgenomen.
Afbeelding 2.1: Onderzoekslocatie (bron: maps.google.nl)
De algemene locatiegegevens zijn opgenomen in tabel 2.2.
Tabel 2.2: Algemene gegevens onderzoekslocatie Algemene gegevens onderzoekslocatie Locatie omschrijving: Oppervlakte onderzoekslocatie: Kadastrale aanduiding: Eigenaar:
2.3.2
weiland Circa 94.700 m2 Gemeente Zederik, Sectie F, Nummer 682, 1390, 490, 491, 492 Gemeente Zederik, (percelen 682, 1390, 490, 491) Van Der Ham Ameide Beheer B.V. (perceel 492)
Voormalig gebruik
De onderzoekslocatie wordt extensief gebruikt als weiland. Op basis van historisch kaartmateriaal (bron: topotijdreis.nl) hebben er geen andere activiteiten plaatsgevonden op de locatie.
Projectnummer
Datum
20171747/JSET
maart 2018
3 / 20
Verkennend bodemonderzoek
Energieweg (ongenummerd) te Zederik
Gedempte watergangen Uit het bodeminformatie systeem van OZHZ blijkt dat er 6 gedempte watergangen geregistreerd staan als HBB locatie, binnen de onderzoekslocatie. Twee van de gedempte watergangen staan geregistreerd als gedempt met puin en sloop afval. Hier is voor zover bekend ook geen onderzoek naar uitgevoerd. Uit historisch kaartmateriaal (bron: www.topotijdreis.nl) blijkt verder dat er nog twee dempingen van watergangen binnen de onderzoekslocatie zijn die niet als HBB locatie zijn aangegeven. Het dempingsmateriaal van deze voormalige watergangen is onbekend. De watergangen zijn in 2008 en de jaren ’30 van de vorige eeuw gedempt. In onderstaand overzicht zijn de bekende gedempte watergangen weergegeven. Door gebruik te maken van www.topotijdreis.nl is getracht te achterhalen wanneer de watergang is gedempt: Locatie code bodemonderzoek 1 2 3 4 5 6 7 8
Locatie code gedempte watergang OZHZ of perceelnr. AA070701253 AA070701030 AA070701031 AA070701303 AA070701304 AA070701315 Perceel 492 Perceel 490
Vermoedelijk dempingsmateriaal
Puin- en/of sloopafval Onbekend Onbekend Onbekend Onbekend Puin- en/of sloopafval Onbekend Onbekend
Jaartal demping 1968 1980 1968 1968 1968 1997 1930 2008
In bijlage 1.2 en bijlage 7 is de locatie van alle hierboven beschreven slootdemping weergegeven. Naar deze locaties is voor zover bekend geen onderzoek uitgevoerd. Dammen en kopakkers Verspreidt over de locatie zijn dammen aanwezig voor de toegang tot de andere percelen. Deze dammen zijn samen met de kopakkers van de percelen verdacht op het voorkomen van bodemverontreiniging. Dit omdat doorgaans op dergelijke locaties puin toegepast is als verhardingsmateriaal. Hiervoor is al het destijds beschikbare puin met onbekende kwaliteit als verhardingsmateriaal toegepast. Aangezien ook mogelijk asbesthoudende materialen zijn toegepast, worden deze locatie aangemerkt als verdacht op het voorkomen van bodemverontreiniging.
2.3.3
Omgeving
Er zijn geen activiteiten bekend uit de directe omgeving die een negatieve invloed hebben gehad op de onderzoekslocatie. Het nabijgelegen tankstation wordt gemonitord en hier zijn geen gegevens van bodemverontreiniging van bekend. Aangenomen wordt dat wanneer op de locatie een verontreiniging zou ontstaan deze door de tussen liggende watergang de onderzoekslocatie niet bereikt. Er is geen reden om aan te nemen dat andere activiteiten in de nabijheid van de locatie hebben geleid tot bodemverontreiniging en daarmee tot aantasting van de bodemkwaliteit op de onderzoekslocatie.
Projectnummer
Datum
20171747/JSET
maart 2018
4 / 20
Verkennend bodemonderzoek
Energieweg (ongenummerd) te Zederik
2.4
Beschikbare bodeminformatie
2.4.1
Reeds uitgevoerde bodemonderzoeken
Op de onderzoekslocatie zijn, voor zover bij Geofoxx bekend, geen bodemonderzoeken uitgevoerd. Op nabijgelegen percelen, van het gerealiseerde bedrijven terrein is in 2004 een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd (kenmerk verkennend bodemonderzoek, Grontmij, kenmerk; 99077361-JS revisie D1, d.d. 24 mei 2007), met als aanleiding de ontwikkeling van een bedrijventerrein welke reeds is gerealiseerd. Navolgend worden de resultaten en/of aandachtspunten van dit onderzoek toegelicht: Weiland o De zintuigelijk schone bovengrond is licht verontreinigd met EOX en plaatselijk licht verontreinigd met enkele zware metalen en minerale olie; (oude) dammen o De bovengrond van enkele van de onderzochte dammen (ter plaatse van boring 66, 70, 75) is verontreinigd met asbest. Ter plaatse van boring 66 is een concentratie asbest boven de interventiewaarde aangetoond (>100mg/kg d.s. gewogen).
2.5
Bodemopbouw
Tabel 2.5 geeft schematisch de globale geologische bodemopbouw in de omgeving van de onderzoekslocatie, bepaald op basis van een representatieve TNO-boring (GeoTOP) uit DINOloket. De afzettingen zijn met toenemende diepte (van jong naar oud) weergegeven.
Tabel 2.5: Regionale bodemopbouw Diepte (m-mv) 0 tot -5 -5 tot -30
-30 tot -32 -32 tot -47
2.6
Formatie Formatie van Echteld Formatie van Boxtel, Laagpakket van Delwijnen Formatie van Urk Formatie van Sterksel
Samenstelling Klei, zandig tot zwak siltig
Geohydrologische eenheid Deklaag
Zand, matig grof tot uiterst grof
1e watervoerend pakket
Zand, matig fijn tot uiterst grof Zand, matig grof tot uiterst grof
Onderzoekshypothese en Onderzoeksstrategie
Op basis van het uitgevoerde vooronderzoek is de relevante bodeminformatie van de onderzoekslocatie verkregen. Hiermee kan een inschatting worden gemaakt over de kans op een bodemverontreiniging (zie tabel 2.8). Agrarische percelen, inclusief onverdachte gedempte watergangen Door overeenkomstig en extensief gebruik van de onderzoekslocatie, is gekozen voor een strategie op basis van grootschalige onverdachte niet-lijnvormige locatie, conform NEN5740.
Projectnummer
Datum
20171747/JSET
maart 2018
5 / 20
Verkennend bodemonderzoek
Energieweg (ongenummerd) te Zederik
Gedempte watergangen met puin/sloopafval Twee van de gedempte watergangen (kenmerk OZHZ; locatiecode AA070701253, AA070701315) zijn gedempt met puin- en/of sloopafval van onbekende herkomst. De onderzoeksstrategie die hiervoor gehanteerd wordt voor het uit te voeren verkennend asbest in bodem onderzoek is ‘asbest op diffuus belaste locaties met een heterogeen verdeelde asbestverontreiniging’ conform de NEN 5707 “Bodem-Inspectie en monsterneming van asbest in grond en partijen grond, augustus 2015”. Dam en kopakker Vanwege de vermoedelijke aanwezigheid van puin- en/of sloopafval op deze locaties, wordt de volgende onderzoeksstrategie voor het uitvoeren van een verkennend bodemonderzoek asbest gehanteerd ‘Verdachte locatie met diffuse bodembelasting, heterogeen verdeeld’ uit de NEN 5707 “Bodem-Inspectie en monsterneming van asbest in grond en partijen grond, augustus 2015”. Vanwege de verwachte aanwezigheid van puin- en/of sloopafval wordt, naast een onderzoek op asbest in grond, ook een analyse op zware metalen, PAK en minerale olie opgenomen (voorgenoemde stoffen zijn onderdeel van standaardpakket grond).
De door ons voorgestelde werkzaamheden hiervoor zijn gebaseerd op een van diverse strategieën uit strategie voor een verdachte locatie (VED-HE-NL) locatie uit de NEN 5740 “Bodem – Landbodem – Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek – Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond”. In afwijking op deze strategie, is het plaatsen van peilbuizen gecombineerd met het onderzoek die voor de strategie grootschalige onverdachte nietlijnvormige locatie.
Tabel 2.8: Deellocaties met bijbehorende onderzoeksstrategie Deellocatie 1 Agrarische percelen, incl. onverdacht gedempte sloten 2 Gedempte watergang puin- en/of sloopafval 3 Gedempte watergang puin- en/of sloopafval 4 Dam, kopakker 5 Dam, kopakker 6 Dam, kopakker 7 Dam, kopakker 8 Dam, kopakker 9 Dam, kopakker 10 Dam, kopakker
Omschrijving extensief gebruik als agrarisch grasland
Oppervlakte 94.708 m²
locatiekenmerk AA070701253 (<1000 m²)
<1000 m²
Strategie Grootschalig milieuhygiënisch onverdachte niet-lijnvormige locatie (GR-ONV-NL)
locatiekenmerk AA070701315 (<1000 m²)
<1000 m²
Perceel 492 oost
<100 m²
Perceel 491 oost
<100 m²
Perceel 491 west
<100 m²
Perceel 490 west
<100 m²
Perceel 490 oost
<100 m²
Perceel 1390 oost
<100 m²
Perceel 1390 west
<100 m²
Verdachte locatie met diffuse bodembelasting, heterogeen verdeeld (NEN5707)
Diffuus belaste niet lijnvormige locatie met een heterogeen verdeelde stof op schaal van monsterneming (VED-HE-NL) en Verdachte locatie met diffuse bodembelasting, heterogeen verdeeld (NEN5707)
Voor een overzicht van de werkzaamheden en analyses wordt verwezen naar paragraaf 3.2.
Projectnummer
Datum
20171747/JSET
maart 2018
6 / 20
Verkennend bodemonderzoek
Energieweg (ongenummerd) te Zederik
3
Veld- en laboratoriumwerkzaamheden
3.1
Kwaliteit
De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd onder certificaat conform de richtlijnen en kwaliteitseisen zoals genoemd in de Beoordelingsrichtlijn veldwerk voor milieuhygiënisch bodem en waterbodemonderzoek van de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer, nummer 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek" (kortweg: BRL SIKB 2000) en: Vigerend protocol 2001 (Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen); Vigerend protocol 2002 (Het nemen van grondwatermonsters); Vigerend protocol 2018 (locatie-inspectie en monsterneming van asbest in bodem). Opgemerkt wordt dat het kwaliteitskenmerk ‘kwaliteitswaarborging bodembeheer SIKB’ niet van toepassing is op werkzaamheden betreffende het onderzoek naar asbest in puin aangezien dit formeel buiten de scope van de BRL2000 valt. Alle meetpunten zijn ingemeten met een RTK-dGPS. Het laboratoriumonderzoek is uitgevoerd conform het AS3000 kwaliteitssysteem door een onafhankelijk, door de Raad voor Accreditatie erkend, laboratorium. Een algemene toelichting op de werkwijze bij het verrichten van boringen, het plaatsen van peilbuizen en het bemonsteren van de grond en het grondwater is weergegeven in bijlage 5.
De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd door de volgende geregistreerde veldmedewerkers: De heer Mark Castelijns; De heer Bas Blous; De heer Koen van Rens (veldwerker in opleiding).
3.2
Uitgevoerde veld- en laboratoriumwerkzaamheden
In tabel 3.1 is een overzicht opgenomen van de uitgevoerde veldwerkzaamheden en de verrichte analyses. In bijlage 5 zijn de technische handelingen die worden verricht bij milieukundig bodemonderzoek in het algemeen, beschreven en toegelicht.
Projectnummer
Datum
20171747/JSET
maart 2018
7 / 20
Verkennend bodemonderzoek
Energieweg (ongenummerd) te Zederik
Tabel 3.1: Overzicht uitgevoerde werkzaamheden (Deel)locatie
Veldwerk aantal
1 Agrarische percelen, incl. onverdachte gedempte sloten
35x ondiepe boring 16x diepe boring
diepte (m-mv) 0,5 2,0
10x peilbuis 4x gaten (0.3x0,3)1)
2 Gedempte watergang puinen/of sloopafval locatiekenmerk AA070701253 3 Gedempte watergang puinen/of sloopafval locatiekenmerk AA070701315 4 Dam, kopakker Perceel 492 oost
Analyses aantal pakket 10x
STAPgr2)
3,0 0,5
10x 4x
STAPgw3) NEN 5898grond5)
5x gaten (0.3x0,3)1)
0,5
1x 1x
STAPgr2) NEN 5898grond5)
5x gaten (0.3x0,3)1)
0,5
1x 1x
STAPgr2) NEN 5898grond5)
0,5 2,0 0,5 0,5 2,0 0,5 0,5 2,0
1x
STAPgr2)
1x 1x
NEN 5898grond5) STAPgr2)
6 Dam, kopakker Perceel 491 west
2x ondiepe boring 1x diepe boring 2x gaten (0.3x0,3)1) 2x ondiepe boring 1x diepe boring 2x gaten (0.3x0,3)1) 2x ondiepe boring 1x diepe boring
1x 1x
NEN 5898grond5) STAPgr2)
7 Dam, kopakker Perceel 490 west
2x ondiepe boring 1x diepe boring
0,5 2,0
1x
STAPgr2)
5 Dam, kopakker Perceel 491 oost
2x ondiepe boring 0,5 1x STAPgr2) 1x diepe boring 2,0 2x gaten (0.3x0,3)1) 0,5 1x NEN 5898grond5) 9 Dam, kopakker 2x ondiepe boring 0,5 1x STAPgr2) Perceel 1390 oost 1x diepe boring 2,0 2x gaten (0.3x0,3)1) 0,5 1x NEN 5898puin4)) 10 Dam, kopakker 2x ondiepe boring 0,5 1x STAPgr2) Perceel 1390 west 1x diepe boring 2,0 2x gaten (0.3x0,3)1) 0,5 1x NEN 5898grond5) Toelichting Tabel 3.1: 1 : gecombineerd met bodemonderzoek; 2 : standaardpakket grond (STAPgr): bepaling van percentages droge stof, organische stof en lutum, en analyse op barium, zware metalen (cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK 10), polychloorbifenylen (som-PCB) en minerale olie; 3 : standaardpakket grondwater (STAPgw): analyse op barium, zware metalen (cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), minerale olie, vluchtige aromatische koolwaterstoffen (benzeen, tolueen, ethylbenzeen, xylenen, styreen en naftaleen) en vluchtige gehalogeneerde koolwaterstoffen (vinylchloride, 1,1-dichlooretheen, dichloormethaan, trans-1,2-dichlooretheen, cis-1,2-dichlooretheen, som-1,2-dichlooretheen, 1,1-dichloorethaan, chloroform, 1,1,1-trichloorethaan, tetrachloormethaan, 1,2dichloorethaan, trichlooretheen, 1,2-dichloorpropaan, 1,1-dichloorpropaan, 1,3-dichloorpropaan, somdichloorpropanen, 1,1,2-trichloorethaan, tetrachlooretheen (per) en
bromoform); 4 : kwantitatieve analyse asbest in puin fijne fractie (<20mm) conform NEN5898; 5 : kwantitatieve analyse asbest in grond fijne fractie (<20mm) conform NEN5898; 8 Dam, kopakker Perceel 490 oost
Het verrichten van de boringen, het plaatsen van de peilbuizen en de bemonstering van de grond heeft plaatsgevonden op 22 t/m 25 januari 2018. Het graven van de inspectiegaten (van 30x30x50 cm) heeft plaatsgevonden op 5 februari 2018. De situering van de meetpunten is weergegeven in bijlage 1.2.
Projectnummer
Datum
20171747/JSET
maart 2018
8 / 20
Verkennend bodemonderzoek
Energieweg (ongenummerd) te Zederik
Voor het onderzoek bij deellocatie 1 zijn een extra aantal diepe boringen opgenomen om de locatie van de gedempte watergangen te kunnen achterhalen. In verband met de aanwezigheid van de 8 gedempte watergangen, zullen raaien bestaande uit 3 boringen van 2,0 m-mv worden geplaatst. In totaal zullen voor de dwarsraai 16 boringen tot 2m-mv worden geplaats en 8 peilbuizen. De 8 peilbuizen zijn, als onderdeel van de dwarsraai, verdeeld over het perceel worden geplaatst. De ligging van één van de onderzochte gedempte watergangen (OZHZ kenmerk; AA07070130, demping nummer 4, bijlage 1.2.1) komt vermoedelijk niet overeen met de ligging op kaartmateriaal dat beschikbaar is gesteld door OZHZ. In het veld nabij de locatie op het kaartmateriaal is in het veld een duidelijk zichtbaar verzakte geul in het weiland. Aangezien deze waarneming betrouwbaarder wordt geacht voor de loop van de voormalige watergang, dan de historische kaarten zijn boringen (B18, B19, B20) geplaatst op deze locatie. Tijdens het asbest in bodem onderzoek is het maaiveld, voor zover mogelijk, geïnspecteerd op het voorkomen van asbestverdacht materiaal. Het uitgevoerde asbest in bodem onderzoek is alle dagen onder de volgende weersomstandigheden uitgevoerd: neerslag <10mm per dag, daglicht en helder weer (geen mist). De onderzoekslocatie bestaat uitsluitend uit grasland. De bodemvochtigheid in de grond was meer dan 10%.
De inspectie-efficiëntie was <50%, mede door de aanwezigheid van plassen op het maaiveld. De vrijgekomen grond uit asbestgaten is in het veld geclassificeerd (vaststellen bodemopbouw), beoordeeld op de aanwezigheid van verontreinigingen (na zeving op 20 mm zeef) en voor chemisch onderzoek bemonsterd. Naar aanleiding van zintuigelijke waarnemingen tijdens het veldwerk (aantreffen puin bijmenging bij boring) zijn aanvullende asbest inspectiegaten gegraven ter plaatse van boring 08, 16, 34 en 60. Zie bijlage 6 voor foto’s van een van deze locaties. Ter plaatse van de dam en kopakker bij perceel 491 (west) en perceel 490 (west) zijn geen inspectiegaten gegraven, omdat er tijdens het uitvoeren van het veldwerk geen puin is aangetroffen. Hierdoor is de locatie niet verdacht op het voorkomen van asbest. De vrijgekomen grond uit de boringen is in het veld geclassificeerd (vaststellen bodemopbouw), beoordeeld op de aanwezigheid van verontreinigingen en voor chemisch onderzoek bemonsterd. Een grondmonster heeft betrekking op een maximaal bodemtraject van 0,5 meter. Grondwater Het grondwater is bemonsterd op 31 januari en 5 februari 2018. Voorafgaand aan de bemonstering van het grondwater is de diepte van de grondwaterspiegel bepaald en zijn de zuurgraad (pH), de elektrische geleidbaarheid (EC) en de troebelheid van het grondwater vastgesteld.
Projectnummer
Datum
20171747/JSET
maart 2018
9 / 20
Verkennend bodemonderzoek
Energieweg (ongenummerd) te Zederik
4
Resultaten en interpretatie
4.1
Resultaten veldonderzoek
In de boorstaten (bijlage 2) wordt de bodemopbouw van het onderzochte terrein weergegeven. Een globale beschrijving is opgenomen in Tabel 4.1.
Tabel 4.1: Lokale bodemopbouw Diepte (m-mv) 0,0 - 2,0 2,0 - 3,0
Bodemsamenstelling
Opmerkingen
Wisselend klei, zwak/matig siltig, veen, zwak/sterk kleiig Wisselend klei, zwak siltig, zand, matig grof
-
Tijdens het veldwerk zijn zintuiglijk bodemvreemde materialen aangetroffen. Er zijn voor zover zintuiglijk waarneembaar geen asbestverdachte materialen in of op de bodem aangetroffen. Voor de waargenomen afwijkingen wordt verwezen naar tabel 4.2 en bijlage 2.
Tabel 4.2: Zintuiglijk waargenomen afwijkingen Boring A01 A02
Diepte boring (m -mv) 0,30 0,51
Traject (m -mv) 0,00 - 0,30 0,00 - 0,50 0,50 - 0,51 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50
Grondsoort
Waargenomen bijzonderheden
Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Veen Veen Klei Klei
uiterst puinhoudend uiterst puinhoudend Worteldoek matig betonhoudend zwak puinhoudend sporen puin sporen puin zwak betonhoudend sporen puin sporen puin sporen puin matig baksteenhoudend, gebroken dakpannen zwak puinhoudend matig puinhoudend zwak puinhoudend, zwak grindhoudend matig plantenhoudend, sterk slibhoudend uiterst betonhoudend sterk baksteenhoudend uiterst baksteenhoudend uiterst houthoudend zwak houthoudend matig houthoudend sporen baksteen zwak houthoudend sterk houthoudend sterk houthoudend matig puinhoudend, matig baksteenhoudend uiterst puinhoudend, zwak kleihoudend uiterst puinhoudend matig puinhoudend
A08 A09 A12 A13 A21 A22 A23 A24 A-B08
0,50 0,50 0,50 0,50 0,50 0,50 0,50 0,50 0,50
A-B16 A-B34 A-B60 B01 B02
0,50 0,50 0,50 2,00 2,00
B08
2,00
B09 B13 B16
2,00 2,00 2,00
B18 B19 B21
2,00 2,00 2,00
0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,80 - 1,00 0,00 - 0,20 0,20 - 0,50 0,00 - 0,50 1,20 - 1,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,70 - 1,00 0,50 - 1,00 0,50 - 1,00 0,00 - 0,30
B23 B24 B32
0,50 0,70 0,70
0,00 - 0,50 0,00 - 0,20 0,00 - 0,20
Projectnummer
Datum
20171747/JSET
maart 2018
10 / 20
Verkennend bodemonderzoek
Energieweg (ongenummerd) te Zederik
Boring
Traject (m -mv) 0,00 - 0,50
Grondsoort
Waargenomen bijzonderheden
B34
Diepte boring (m -mv) 1,00
Klei
B36 B58
0,50 0,80
0,00 - 0,50 0,00 - 0,30
Klei Klei
B60 Pb01
0,70 3,00
0,00 - 0,20 0,00 - 0,50 0,50 - 0,70 0,30 - 0,50 1,50 - 2,00 0,00 - 1,50 0,00 - 0,70
Klei Klei Veen Klei Klei
zwak puinhoudend, zwak baksteenhoudend laagjes veen, matig riethoudend matig puinhoudend, zwak baksteenhoudend matig puinhoudend, sterk zandhoudend uiterst puinhoudend matig puinhoudend uiterst puinhoudend matig houthoudend zwak houthoudend zwak puinhoudend, sporen baksteen
Pb02 3,00 Pb04 3,10 Pb05 3,00 Pb09 3,00 - : De bodem betreft geen grond en kan daarom niet worden geclassificeerd als grondsoort.
De gegevens van de het grondwater en de geplaatste peilbuizen zijn weergegeven in tabel 4.3.
Tabel 4.3: Meetgegevens grondwater Peilbuis
Filterdiepte Grondwater-stand (m -mv) (m -mv) Pb01 2,00 - 3,00 0,61 Pb02 2,00 - 3,00 0,56 Pb03 2,00 - 3,00 0,46 Pb04 2,10 - 3,10 0,45 Pb05 2,00 - 3,00 0,61 Pb06 2,00 - 3,00 0,45 Pb07 1,70 - 2,70 0,38 Pb08 2,00 - 3,00 0,32 Pb09 2,00 - 3,00 0,45 Pb10 2,00 - 3,00 0,65 Toelichting tabel 4.3: pH = zuurgraad EC = elektrisch geleidingsvermogen
pH (-) 6,6 7,3 7,0 6,9 7,0 7,2 7,3 6,3 6,6 7,3
EC (µS/cm) 1107 1160 927 1606 1392 946 1268 1048 1377 971
Troebelheid (NTU) 50,7 24,6 7,75 104 102 180 29,9 24,3 71,8 21,2
De troebelheid wordt als verhoogd beschouwd. Een verhoogde troebelheid betekent dat er relatief veel in suspensie zijnde deeltjes in het grondwater aanwezig zijn. Dit kan duiden op de aanwezigheid van een verontreiniging maar kan ook een natuurlijk oorzaak hebben. Tevens is het elektrisch geleidingsvermogen verhoogd gemeten, wat inhoud dat er een verhoogd gehalte aan opgeloste stoffen aanwezig is, dat mogelijk gerelateerd kan worden aan een bodemverontreinigingmaar ook van nature voor kan komen. Op basis van de verzamelde (veld)informatie heeft een selectie plaatsgevonden van de te analyseren grond- en grondwatermonsters. Een overzicht van de uitgevoerde analyses is weergegeven in tabel 4.4 (grond) en tabel 4.5 (grondwater).
Projectnummer
Datum
20171747/JSET
maart 2018
11 / 20
Verkennend bodemonderzoek
Energieweg (ongenummerd) te Zederik
De omschrijvingen van de analysemonsters zijn als volgt onderverdeeld per deellocatie en analysepakket;
Tabel 4.4: Monsterselectie en analyses grondmonsters (Deel)locatie* 1
Analysemonster MM1bg
Traject (m -mv) 0,00 - 0,50
1
MM2og
0,40 - 1,00
1
MM3bg
0,00 - 0,50
1
MM4og
0,50 - 1,00
1
MM5bg
0,00 - 0,50
1
MM6og
0,50 - 1,00
1
MM7bg
0,00 - 0,50
1
MM8og
0,50 - 0,80
1
MM9bg
0,00 - 0,50
1
MM10og
0,20 - 1,00
1 1 1 2
A-MB16 A-MB34 A-MB60 MM201
0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50
2 2
MM202 A-MM2
0,50 - 0,70 0,00 - 0,50
Projectnummer
Datum
20171747/JSET
maart 2018
Deelmonsters
Analysepakket
B61 (0,00 - 0,50) B62 (0,00 - 0,50) B63 (0,00 - 0,50) B64 (0,00 - 0,50) B65 (0,00 - 0,50) B66 (0,00 - 0,50) B67 (0,00 - 0,50) B68 (0,00 - 0,50) B69 (0,00 - 0,50) B70 (0,00 - 0,50) B11 (0,50 - 1,00) B12 (0,50 - 1,00) B15 (0,40 - 0,80) Pb08 (0,50 - 1,00) B50 (0,00 - 0,50) B51 (0,00 - 0,50) B52 (0,00 - 0,30) B53 (0,00 - 0,30) B54 (0,00 - 0,30) B55 (0,00 - 0,50) B56 (0,00 - 0,50) B57 (0,00 - 0,50) B59 (0,00 - 0,50) B04 (0,50 - 0,70) B05 (0,50 - 0,70) B09 (0,50 - 1,00) B37 (0,00 - 0,30) B38 (0,00 - 0,30) B39 (0,00 - 0,50) B40 (0,00 - 0,50) B41 (0,00 - 0,30) B42 (0,00 - 0,50) B43 (0,00 - 0,30) B44 (0,00 - 0,50) B45 (0,00 - 0,50) B07 (0,50 - 0,80) Pb04 (0,50 - 1,00) B25 (0,00 - 0,50) B26 (0,00 - 0,30) B27 (0,00 - 0,30) B28 (0,00 - 0,50) B29 (0,00 - 0,35) B30 (0,00 - 0,50) B31 (0,00 - 0,50) B33 (0,00 - 0,50) B01 (0,50 - 0,80) Pb03 (0,50 - 0,70) B34 (0,00 - 0,50) B60 (0,00 - 0,20) B34 (0,50 - 1,00) B60 (0,20 - 0,70) A-B16 (0,00 - 0,50) A-B34 (0,00 - 0,50) A-B60 (0,00 - 0,50) B09 (0,00 - 0,50) Pb07 (0,00 - 0,50) Pb02 (0,50 - 0,70) A16 (0,00 - 0,50) A17 (0,00 - 0,50) A18 (0,00 - 0,50)
STAPgr
STAPgr
STAPgr
STAPgr STAPgr
STAPgr STAPgr
STAPgr STAPgr STAPgr NEN 5898grond NEN 5898grond NEN 5898grond STAPgr STAPgr NEN 5898grond
12 / 20
Verkennend bodemonderzoek
Energieweg (ongenummerd) te Zederik
(Deel)locatie*
Analysemonster
Traject (m -mv)
2+10
MM108
0,70 - 1,50
3
A-MM3
0,00 - 0,50
4 4
M104 A-MM7
0,00 - 0,30 0,00 - 0,50
5
A-MM6
0,00 - 0,50
5 6
M103 MM105
0,00 - 0,30 0,00 - 0,50
7
MM106
0,00 - 0,50
8 8
A-MB08 A-MM5
0,00 - 0,50 0,00 - 0,50
8 9
M102 A-MM4
0,00 - 0,50 0,00 - 0,50
9
MM101
0,00 - 0,50
10
A-MM1
0,00 - 0,50
10
M107
0,50 - 0,70
Deelmonsters A19 (0,00 - 0,50) A20 (0,00 - 0,50) B09 (1,00 - 1,50) Pb01 (0,70 - 1,00) Pb07 (1,00 - 1,50) A03 (0,00 - 0,50) A04 (0,00 - 0,50) A05 (0,00 - 0,50) A06 (0,00 - 0,50) A07 (0,00 - 0,50) B21 (0,00 - 0,30) A23 (0,00 - 0,50) A24 (0,00 - 0,50) A21 (0,00 - 0,50) A22 (0,00 - 0,50) B58 (0,00 - 0,30) B48 (0,00 - 0,50) B49 (0,00 - 0,50) Pb06 (0,00 - 0,50) B03 (0,00 - 0,50) B35 (0,00 - 0,50) B36 (0,00 - 0,50) A-B08 (0,00 - 0,50) A12 (0,00 - 0,50) A13 (0,00 - 0,50) B08 (0,00 - 0,50) A08 (0,00 - 0,50) A09 (0,00 - 0,50) B02 (0,20 - 0,50) B32 (0,00 - 0,20) A01 (0,00 - 0,50) A02 (0,00 - 0,50) Pb01 (0,50 - 0,70)
Analysepakket
STAPgr NEN 5898grond
STAPgr NEN 5898grond NEN 5898grond STAPgr STAPgr STAPgr NEN 5898grond NEN 5898grond STAPgr NEN 5898grond STAPgr NEN 5898puin STAPgr
*(Deel)locatie 1 Agrarische percelen, incl. onverdachte gedempte sloten 2 Gedempte watergang puin- en/of sloopafval, locatiekenmerk AA070701253 3 Gedempte watergang puin- en/of sloopafval, locatiekenmerk AA070701315 4 Dam, kopakker Perceel 492 oost 5 Dam, kopakker Perceel 491 oost 6 Dam, kopakker Perceel 491 west 7 Dam, kopakker Perceel 490 west 8 Dam, kopakker Perceel 490 oost 9 Dam, kopakker Perceel 1390 oost 10 Dam, kopakker Perceel 1390 west
Projectnummer
Datum
20171747/JSET
maart 2018
13 / 20
Verkennend bodemonderzoek
Energieweg (ongenummerd) te Zederik
Tabel 4.5: Monsterselectie en analyses grondwatermonsters Peilbuis
Monster
Pb01 Pb02 Pb03 Pb04 Pb05 Pb06 Pb07 Pb08 Pb09 Pb10
Pb01-1-1 Pb02-1-1 Pb03-1-1 Pb04-1-1 Pb05-1-1 Pb06-1-1 Pb07-1-1 Pb08-1-1 Pb09-1-1 Pb10-1-1
4.2
Filtertraject (in m-mv) 2,0-3,0 2,1-3,1 2,0-3,0 2,1-3,1 2,0-3,0 2,0-3,0 1,7-2,7 2,0-3,0 2,0-3,0 2,0-3,0
Analyse STAPgw STAPgw STAPgw STAPgw STAPgw STAPgw STAPgw STAPgw STAPgw STAPgw
Resultaten laboratoriumonderzoek
De chemische analyses zijn uitgevoerd door het milieulaboratorium van ALcontrol te Rotterdam. De analyse voor asbest is uitgevoerd door RPS te Breda. De analyseresultaten zijn getoetst aan het referentiekader van het Besluit bodemkwaliteit en de Circulaire bodemsanering 2013 (Staatscourant 2013 nr. 16675). In het Besluit bodemkwaliteit wordt de achtergrondwaarde (AW) voor grond en in de Circulaire worden de streefwaarde (S) voor grondwater en de interventiewaarde (I) voor grond en grondwater onderscheiden. De bodem geeft de mate van overschrijding weer, waarbij de achtergrond- en streefwaarde index 0 heeft en de interventiewaarde index 1. Tabel 4.6 en tabel 4.7 is een samenvatting van de analyseresultaten van respectievelijk de grond- en grondwatermonsters opgenomen. De analysecertificaten zijn opgenomen in bijlage 3. Een volledig overzicht van de toetsingsresultaten is opgenomen in bijlage 4.
Tabel 4.6: Toetsingsresultaten grond (mg/kg d.s.) Analysemonster A-MB08 A-MB16 A-MB34 A-MB60 A-MM1 A-MM2 A-MM3 A-MM4 A-MM5 A-MM6 A-MM7 M102 M103 M104 M107 MM101 MM105 MM106 MM108 MM10og MM1bg MM201 MM202 MM2og
Traject (m -mv) 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,30 0,00 - 0,30 0,50 - 0,70 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,70 - 1,50 0,20 - 1,00 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,50 - 0,70 0,40 - 1,00