RP Jaarstukken 2020 raadsversie.pdf
Tekst van het document
Jaarstukken 2020
68
Provinciale ontwerp-omgevingsvisie en Provinciale ontwerp-omgevingsverordening, eind 2020, tijdig een zienswijze opgestuurd. Tegelijkertijd zijn veel voorbereidingen en de samenwerking met onze regionale ketenpartners onverminderd voortgezet. Regionale Economische Programmering en het Integraal Ruimtelijk Perspectief De regio Utrecht staat voor grote opgaven op het gebied van wonen, werken, mobiliteit en landschap. De gemeente Vijfheerenlanden werkt met de regionale overlegpartners, provincie en het Rijk aan het Ruimtelijk Economisch Programma (REP) en de Regionale Energiestrategie (RES). Op 28 mei van dit jaar heeft de gemeenteraad ingestemd met het aangescherpte beoordelingskader REP en met de contour REP als onderzoeksagenda voor een op te stellen Integraal Ruimtelijk Perspectief (IRP). Het doel van het IRP is een integraal afgewogen beeld op de ruimtelijke ontwikkeling van de regio. Hierbij wordt in het bijzonder aandacht besteed aan de afstemming van het IRP op de beelden en teksten uit de Provinciale Omgevingsvisie (POVI). Eén van de pijlers van de REP is ‘Groen en Landschap’. Om mee te groeien met de schaalsprong in de verstedelijking en de andere pijlers is ook een schaalsprong Groen en Landschap nodig.
In de Contour-REP is de groene agenda dan ook opgenomen en deze wordt integraal verbonden met de andere pijlers in het Integraal Regionaal Perspectief (IRP) dat momenteel wordt uitgewerkt. In de periode juli - november 2020 heeft verdere verdieping op dit Ontwikkelbeeld Groen en Landschap plaatsgevonden. In samenspraak met gemeenten, provincie en waterschappen is een uitgewerkte kaart gemaakt van de ambities voor Groen en Landschap 2040. De realisatie van de schaalsprong Groen en Landschap wordt gekoppeld aan de stedelijke ontwikkelingen binnen het Ruimtelijk Economisch Programma (REP) en vindt plaats in samenhang met het provinciebrede programma 'Groen Groeit Mee'. In deze regionale aanpak binnen de U16 zijn enkele gebiedsgerichte opgaven genoemd, zoals de ‘De Groene Zoom Vijfheerenlanden’ en het ‘Agrarisch groenblauw netwerk’. Deze opgaven worden genoemd in het rapport ‘U16 Ruimtelijke opgave Groen & Landschap 2020-2040’. Dit rapport biedt goede aanknopingspunten voor onze eigen gemeentelijke landschapsvisie. De regionale programmering voor wonen en werken is in de provincie Utrecht een nieuw instrument dat met de POVI is geïntroduceerd. Provinciale Staten hebben op 30 september 2020 het kader voor de regionale programmering vastgesteld.
Hierin staat per regio hoeveel woningen en hectare bedrijventerrein er gerealiseerd kan worden en met welke kwalitatieve aspecten rekening moet worden gehouden. Daarbij gaat het onder andere over het aandeel betaalbare woningen. In U16-verband is gestart met regionale programma’s voor wonen en werken in afstemming met de provincie en aansluitend bij de uitgangspunten in het IRP. Gedeputeerde Staten leggen vervolgens de essentie uit de regionale programma’s vast in het provinciale programma. De RES vormt een bouwsteen voor het IRP. Hierover wordt uitvoeriger gerapporteerd onder programma 7 ‘Volksgezondheid, milieu en duurzaamheid’ en programma 0 ‘Bestuur, ondersteuning en dienstverlening’. Kwaliteitsverordening en nieuw beleid Vergunningverlening, toezicht en handhaving In 2016 is de Wet verbetering vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) in werking getreden. De wet is een aanpassing van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Deze regelt de randvoorwaarden voor gemeenten en provincies om tot een hogere kwaliteit van VTH in het omgevingsrecht te komen. De wet stelt onder meer het vaststellen van een Kwaliteitsverordening VTH verplicht. Voor de nieuwe gemeente Vijfheerenlanden was tot voor kort nog geen verordening opgesteld. In de gemeenteraadsvergadering van 16 juli 2020 is de kwaliteitsverordening VTH vastgesteld.
Voor het opstellen van het jaarverslag VTH voor 2020 en de actualisatie van de rapportage kwaliteitscriteria VTH in 2021 is de expertise ingeschakeld van een extern adviesbureau. Ditzelfde adviesbureau heeft een verbeterplan VTH opgesteld. Eén van de doelen uit dit plan is het opstellen van een nieuw VTH-beleid. Eind 2020 heeft het
Jaarstukken 2020
69
adviesbureau aan dit nieuwe beleid geschreven. Het wordt begin 2021 in concept opgesteld en vervolgens ter vaststelling voorgelegd aan college en gemeenteraad. Geharmoniseerd ruimtelijk kwaliteitsbeleid Een onderdeel van de grotere harmonisatieopgave is het welstandsbeleid. In de eerste helft van 2020 is gewerkt aan een conceptnota ruimtelijke kwaliteit. Deze nota is door het college akkoord bevonden en is door de gemeenteraad vastgesteld. Na het doorlopen van de wettelijke inzagetermijn, waarin geen zienswijzen naar voren zijn gebracht, is dit beleid voor definitieve vaststelling naar de gemeenteraad gestuurd. De definitieve vaststelling van de nota ruimtelijke kwaliteit is voorzien in het eerste kwartaal van 2021. Ons platteland blijft leefbaar en vitaal Opstellen landschapsvisie Vijfheerenlanden Alle voorbereidingen, om een landschapsvisie op te stellen, zijn afgerond. Het plan van aanpak is door de gemeenteraad vastgesteld. Daarna is een bureau geselecteerd om bij de uitvoering te ondersteunen. In 2021 kan de landschapsvisie, naar verwachting, worden vastgesteld. Overig resultaten Onderzoek mogelijkheid Skaeve Huse in de gemeente Vijfheerenlanden Begin 2020 heeft de gemeente Vijfheerenlanden samen de overlegpartners Lekstede Wonen, Kleurrijk Wonen, Bij Bram en Lister een verkennend gesprek gehouden om de behoefte aan Skaeve Huse in kaart te brengen.
Het opstellen van het beleidskader arbeidsmigranten De gemeente Vijfheerenlanden werkt voor de huisvesting van arbeidsmigranten samen met de gemeenten in de AV en de gemeenten in de U16. Het tempo in de twee regio’s is verschillend. In de U16 is eind 2020 een onderzoek gestart naar de omvang van de doelgroep. In 2020 zijn er diverse gesprekken geweest, zowel met huisvesters, uitzendbureaus, werkgevers of belangenorgansiaties zoals de Nederlandse Fruittelers Organisatie. De informatie uit deze gesprekken wordt meegenomen in het beleidskader Het opstellen van het woonwagenbeleid De gemeente Vijfheerenlanden heeft tot op heden geen beleid voor woonwagens. Tevens was er geen wachtlijst voor geïnteresseerden in een standplaats. In de zomer van 2020 is gestart met het maken van het woonwagenbeleidsplan. Dit bestaat uit gesprekken met de corporaties en uit de woonwensen van de doelgroepen in beeld brengen. Stikstof De Provincie Utrecht is in november 2020 gestart met de opzet van een gebiedsgerichte aanpak stikstof. Met de gebiedsgerichte aanpak wil de provincie –ter uitvoering van en in aanvulling op de structurele aanpak van de rijksoverheid- samen met haar partners de komende jaren (2020-2030) een flinke beweging in gang zetten naar het herstel en robuuster maken van Natura 2000-gebieden.
Toekomstperspectief bieden voor de landbouw en een vermindering van de stikstofdepositie op de kwetsbare natuur. De zes stikstofgevoelige Natura 2000- gebieden in de provincie Utrecht zijn verdeeld in twee clusters, de zogenaamde Gebiedstafel. Gemeente Vijfheerenlanden is ingedeeld bij de Gebiedstafel-West, waarin zij wordt vertegenwoordigt door wethouder van Middelkoop. Zoals wettelijk voorgeschreven moet, in het kader van de toestemmingsverlening binnen de Wet Natuurbescherming, aangetoond worden dat de stikstofdepositie op de Natura 2000-gebieden binnen de gestelde kaders valt. Voor een aantal woningbouwprojecten in
Jaarstukken 2020
70
de gemeente Vijfheerenlanden vormt deze toets op stikstofdepositie een reëel risico op de haalbaarheid van het plan. Dit zijn vooral de grotere woningbouwprojecten binnen een afstand van 5 km van het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied. Te denken valt aan Broekgraaf (Leerdam), De Weide II (Meerkerk), Hoef en Haag, Hazelaarsplein en Sluiseiland (beide Vianen). Om de stikstofuitstoot binnen de perken te houden tijdens de realisatie- en gebruiksfase worden verschillende oplossingen toegepast. Zoals het gebruik van schonere machines en vrachtwagens, toepassing van energiebesparende en energiezuinige maatregelen, isolatie, saldering etc. Daarnaast is het mogelijk om grootschalige woningbouwprojecten (100 woningen of meer) aan te melden voor het landelijk stikstofregistratiesyteem woningbouw. De ‘stikstofruimte’ die door de landelijke maatregelen vrij komt kan worden toegepast om woningbouwprojecten vlot te trekken. Het project Broekgraaf is aangemeld in dit systeem. Voor het project Broekgraaf is eind 2020 een vergunning verstrekt in het kader van de Wet natuurbescherming voor de bouw van 650 woningen. Deze ‘stikstofvergunning’ gaat uit van een gefaseerde realisering van Broekgraaf en het gebruik van machines met de minste stikstofuitstoot. Andere grote woningbouwprojecten volgen dezelfde werkwijze.
Voor de projecten Hoef en Haag, Sluiseiland en De Weide II wordt met bouwfasering, saldering en toepassing van schone technieken de stikstofdepositie op Natura-2000 gebieden gedrukt en binnen de perken gehouden. Effect corona op leges Corona heeft geen significante gevolgen voor de legesopbrengsten. Afgelopen jaar zijn er meer kleine aanvragen binnengekomen. Deze hebben echter weinig invloed op de legesopbrengst. Minder dan 20% van de aanvragen (grote projecten) zorgt voor meer dan 80% van de legesopbrengsten. Wat hebben we niet gedaan vanwege coronamaatregelen Het opstellen van het woonwagenbeleid Door de coronamaatregelen heeft dit vertraging opgelopen omdat we de doelgroep hiervoor fysiek willen benaderen. De verwachting is dat het beleidsplan rond de zomer van 2021 wordt aangeboden aan de gemeenteraad. Wat hebben we ook niet gedaan? Het opstellen van een nota grondbeleid Eind 2020 is er een raadsinformatiebrief verstuurd waarin wordt uitgelegd dat per situatie wordt bekeken of er sprake is van actief dan wel faciliterend grondbeleid. Anders dan in de Begroting 2021-2024 staat komt er nu geen nota Grondbeleid, maar een paragraaf hierover in de eerste bestuursrapportage 2021.
De harmonisatie van het ruimtelijke kwaliteitsbeleid Om te voorkomen dat voor een korte periode in 2021 de gemeente zonder welstandsbeleid zit, is besloten de geldigheid van de drie welstandnota’s van de voormalige gemeenten te verlengen tot het nieuwe ruimtelijke kwaliteitsbeleid in werking treedt. Het onderzoek voor de mogelijkheid Skaeve Huse afronden Door verschillende prioriteiten in de tijdsplanning is de deadline opgeschoven naar medio 2021. Dit project wordt in een breder verband opgepakt onder de noemer ‘opvang en huisvesting kwetsbare personen’. Het afronden van het uitvoeringsprogramma bij de Woonvisie In de woonvisie is opgenomen dat er in de periode 2020-2024 behoefte is aan 3.865 woningen. Eind 2020 en in het begin van 2021 is een overzicht van alle woningbouwplannen gedeeld met de provincie in het kader van regionaal programmeren.
Jaarstukken 2020
71
De gemeenteraad is tijdens een webinar op 14 januari 2021 geïnformeerd over de plannen die zijn opgenomen in de (concept) woningbouwmonitor. Tijdens de tweede bestuursrapportage van 2021 wordt de voortgang gepresenteerd. Het opstellen van het beleidskader arbeidsmigranten De resultaten uit het doelgroepenonderzoek worden in het voorjaar van 2021 verwacht. Die worden vervolgens vertaald in het beleidskader arbeidsmigranten. Plan van aanpak gebiedsgerichte aanpak stikstof Begin 2021 wordt in regionaal verband gewerkt aan het schrijven van een gebiedsgerichte aanpak stikstof en de praktische uitvoering daarvan. Wat waren de kosten (in duizenden euro)? Lasten en baten Programma 8 Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing Werkelijk nr.
Naam taakveld
8.1
Ruimtelijke ordening
2.727
8.2
Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen)
7.603
8.3
Wonen en bouwen
8.1
Ruimtelijke ordening
8.2
Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen)
8.3
Wonen en bouwen Totaal baten
Begrotingvvo or wijziging
Begroting na wijziging
2020
2020
2020
537
468
276
193
13.383
-13.383
2019
Totaal lasten
Bedragen X € 1.000 Werkelijk
Verschil 2020
2.628
1.924
1.953
1.592
360
12.957
2.461
2.421
15.251
-12.830
-234
-54
-130
-7.732
-1.144
1.014
-13.840
13.840
-2.528
-2.385
-3.133
-3.615
483
-10.494
-2.439
-3.262
-18.600
15.337
2.463
23
-841
-3.348
2.507 -561
Totaal saldo baten en lasten 0.10
Toevoeging reserves
291
300
861
0.10
Onttrekking reserves
-149
-36
-341
-244
-97
Totaal reserves
142
-36
-41
617
-658
2.606
-13
-882
-2.731
1.849
Resultaat
Toelichting (alle bedragen x € 1.000) 8.1 Ruimtelijke ordening; per saldo € 1.207 voordeel Voor de ontwikkeling van Hoef en Haag ontvangt de gemeente een vergoeding per opgeleverde woning. Deze exploitatievergoeding wordt ingezet om de gemeente eigen kosten voor deze ontwikkeling te dekken. Vanaf de start tot nu is er meer aan vergoeding ontvangen dan dat er uitgaven zijn gedaan. Ook zijn er op dit moment ook geen grote uitgaven gepland. Conform wettelijke voorschriften moet het restant van € 963 vrijvallen ten gunste van het exploitatieresultaat. In het bestemmingsvoorstel zal een voorstel worden gedaan om dit bedrag te reserveren voor mogelijke investeringen in de ontwikkeling van Hoef en Haag. Op het budget Ruimtelijke Ordening is een voordeel van € 35. Dit is ontstaan doordat er meer leges zijn ontvangen dan verwacht. Dit komt voort uit het feit dat er meer planologische procedure zijn gestart. Ook zijn er bijdragen ontvangen van derden in de kosten van ruimtelijke ordening en is er een voordeel op afschrijvingen. Invoering Omgevingswet, door het in de loop van 2020 aangekondigde uitstel van de invoering van de Omgevingswet met een jaar, heeft het programma zich minder snel
Jaarstukken 2020
72
ontwikkeld en zijn er minder uitgaven gedaan. Er wordt van uitgegaan dat de uitgaven alsnog in 2021 en 2022 worden gedaan. Bovendien is de budgetoverheveling vanuit de jaarrekening 2019 2 x begroot € 205 voordeel. 8.2 Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen): per saldo € 457 Voordeel Op dit taakveld worden de lasten en baten verantwoord met betrekking tot de ontwikkeling van woningbouwlocaties. Deze ontwikkeling vindt plaats via door de raad vastgestelde grondexploitaties. Lasten en baten worden verrekend via de balans. Deze verrekening is in principe financieel neutraal. Tenzij er sprake van winstneming. Dit is het geval in 2020. Het voordeel op dit taakveld is namelijk deels het gevolg van winstnemingen bij de grondexploitatie Sluiseiland en Helsdingen van per saldo € 399. Voor de grondexploitatie Broekgraaf was er in 2019 een bedrag van € 34 winst genomen. Bij de actualisatie van deze grondexploitatie dat dit niet terecht was. Dit omdat er nog een hoger bedrag aan risico’s zijn benoemd. Hierdoor is de winstneming in 2020 terug gedraaid. Daar staat tegenover dat de grondexploitatie voorzieningencluster Broekgraaf na actualisatie niet langer een negatief resultaat heeft. Hierdoor kan de hiervoor getroffen voorziening van € 196 vrijvallen.
Conform de bestendige gedragslijn wordt het saldo van de winstnemingen en de vrijval van de voorziening verrekend met de reserve Grondexploitaties (560). De kosten van werkzaamheden aan het Hazelaarplein leiden tot een nadeel van € 103 Aanvankelijk was dit ook als grondexploitatie begroot. Echter op voordracht van de accountant is deze post omgezet naar een krediet. Omdat het werkzaamheden betreft aan gronden die worden overgedragen aan de woningcorporatie zal dit bedrag onttrokken worden uit de reserve grondexploitaties. Dit conform het oorspronkelijke voorstel. 8.3 Wonen en bouwen: per saldo € 843 Voordeel In de 2e bestuur rapportage 2020 was een prognose gemaakt voor het product WABO vergunningen. Ten opzichte hiervan is er een incidenteel voordeel op advieskosten en leges WABO vergunningen ontstaan van € 527. Budget handhaving heeft een voordeel van € 35 door meer ontvangen dwangsommen en door het besluit van het college (op verzoek van de Minister en mede op verzoek van de raad/raadsleden) is de handhaving illegale permanente bewoning recreatiewoningen op campings/recreatieparken in verband met de Coronaperikelen “bevroren”. Op de budgetten voor de BOA’s is minder uitgegeven dan begroot € 28. Er zijn planschade vergoedingen ontvangen, die niet begroot zijn € 35.
Het voordeel op taakveld Wonen wordt grotendeels verklaard door een voordeel op kapitaallasten (€ 134 V) Het voordeel op de kapitaallasten is veroorzaakt omdat er in de begroting met hogere rentepercentages is gerekend dan de marktrente. Conform de voorgeschreven renteberekening uit de BBV is de marktrente aangepast aan de werkelijke marktrente in 2020 (zie ook de paragraaf financiering). Hierdoor ontstond een voordeel ten opzichte van de begroting 2020. Daarnaast wordt er een voordeel veroorzaakt (€ 51 V) doordat er op de inhuur voor de Omgevingswet geen inhuurkosten zijn geboekt. Het nadeel van de niet ontvangen rente vergoeding (€ 24 N) van SVN is veroorzaakt doordat vanaf 2020 deze rente ontvangsten worden verantwoord op de kostenplaats Treasury programma 0. Hiertegenover staan de lagere uitgaven voor advies en onderzoekskosten mede doordat voor het project Woonvisie minder uitgaven zijn geweest dan geraamd in 2020 (€ 29 V).
Jaarstukken 2020
73
0.10 Reserves: per saldo € 657 Nadeel Bij de financiële toelichting op taakveld 8.2 is aangegeven, dat er in 2020 sprake is van winstnemingen op de grondexploitatie en het laten vervallen van de voorziening. Conform bestaand beleid worden deze bedragen (€ 561) echter toegevoegd aan de reserve grondexploitaties. Een onttrekking van € 103 ter dekking van de lasten voor de werkzaamheden aan het Hazelaarplein is gedaan.
Jaarstukken 2020
74
Algemene dekkingsmiddelen Inleiding In de programmabegroting en in de jaarstukken wordt onderscheid gemaakt tussen de specifieke en de algemene dekkingsmiddelen. Bij specifieke dekkingsmiddelen betreft het bijvoorbeeld opbrengsten die in rekening worden gebracht voor verstrekte diensten. Denk daarbij aan de afvalstoffenheffing voor het ophalen van huisvuil, bouwleges voor het verstrekken van bouwvergunningen, rioolheffing voor het mogen afvoeren van afvalwater en de leges burgerzaken voor bijvoorbeeld het verstrekken van rijbewijzen en reisdocumenten. Specifieke dekkingsmiddelen hangen dus samen met een concreet taakveld en zijn financieel verantwoord bij de betreffende programma’s. Anders dan de specifieke dekkingsmiddelen, zijn de algemene dekkingsmiddelen vrij te besteden. Algemene dekkingsmiddelen zijn dus niet aan een bepaald taakveld, programma of doel gebonden. Algemene dekkingsmiddelen maken het leeuwendeel van de gemeentelijke inkomsten uit. De belangrijkste algemene dekkingsmiddelen betreffen daarbij de gemeentelijke financieringsfunctie (treasury), belastingen en (in financiële omvang verreweg het allerbelangrijkst) de algemene uitkering uit het gemeentefonds. Ook nog te verdelen stelposten vormen onderdeel van de algemene dekkingsmiddelen. In de paragraaf Financiering wordt al ingegaan op de financiering van de gemeente en de ontwikkelingen op de kapitaalmarkt.
Voor een uitgebreide inhoudelijke toelichting hierop wordt dan ook verwezen naar deze paragraaf. In de paragraaf Lokale heffingen wordt een uitgebreide inhoudelijke toelichting gegeven op de opbrengst van belastingen, leges en heffingen en wordt aangegeven welk beleid we voor de verschillende belastingen hebben gevoerd. Ook hiervoor wordt dus verwezen naar deze paragraaf. Overigens zijn de voor de invordering van de belastingen en de waardebepaling van de onroerende zaken te maken kosten onderdeel van programma 0 (bestuur, ondersteuning en dienstverlening). Zoals al aangegeven vormt de algemene uitkering uit het gemeentefonds voor iedere gemeente (en dus ook de gemeente Vijfheerenlanden) verreweg de belangrijkste inkomstenbron. Jaarlijks ontvangt elke gemeente volgens het in de Financiële verhoudingswet opgenomen verdeelstelsel een uitkering uit het gemeentefonds. Het verdeelstelsel houdt daarbij (op genormeerde wijze) rekening met de onderlinge verschillen in de kosten waar de gemeenten voor staan en met het verschil in draagkracht van de gemeenten (de belastingcapaciteit). De algemene uitkering is bestemd voor de bekostiging van de autonome taken van de gemeente. Dat zijn taken die veelal dicht bij de burger liggen.
Dat kan dus wettelijke taken betreffen (bijvoorbeeld bestuur, veiligheid, wegenbeheer en onderwijshuisvesting) alsook niet wettelijke taken (zoals sport en cultuur). De omvang van de jaarlijkse ontvangsten uit het gemeentefonds is voor de gemeenten een gegeven (en kan dus niet door de gemeenten worden beïnvloed), maar iedere gemeente is in principe vrij in het besteden ervan. De groei of krimp van het gemeentefonds hangt af van de ontwikkeling van de netto gecorrigeerde rijksuitgaven. Dus als het Rijk meer uitgeeft, dan groeit het gemeentefonds navenant mee, en andersom. Daarnaast worden bij de algemene dekkingsmiddelen de nog niet toegewezen uitgaven verantwoord. Deze stelposten zijn in de programmabegroting opgenomen ter dekking van verwachte maar nog niet concreet gemaakte of verdeelde uitgaven. Dit betreft bijvoorbeeld de stelpost volume-uitbreiding. Deze is bedoeld voor de kosten die samenhangen met de groei van het aantal inwoners van onze gemeente. Dit wordt veroorzaakt door de productie van nieuwbouwwoningen. Als gevolg hiervan ontvangen
Jaarstukken 2020
75
wij extra inkomsten uit het gemeentefonds en de OZB, maar maken wij bijvoorbeeld extra kosten voor het realiseren en beheren van nieuwe openbare ruimte en scholen. En moeten wij ook meer inwonerbijdrage betalen aan de gemeenschappelijke regelingen waarbij wij zijn aangesloten. Via deze stelpost worden de extra inkomsten verzameld en bestemd voor de verwachte extra uitgaven. Wat waren de kosten (in duizenden euro)? Lasten en baten Programma Algemene dekkingsmiddelen
Bedragen X € 1.000
Werkelijk nr.
Naam taakveld
2019
Treasury
2.161
Begrotingvvo or wijziging
Begroting na wijziging
2020
2020
2020
2020
2.578
3.342
2.857
485
Werkelijk
Verschil
OZB woningen
267
21
-21
OZB niet woningen
267
15
-15
Parkeerbelasting
1
Belastingen overig
262
586
563
23
-363
310
106
204
100
100
1
99
Algemene uitkering
479 612
Overige baten en lasten
7.362
Vennootschapsbelasting Totaal lasten
10.320
3.406
4.337
3.562
775
Treasury
-5.156
-5.981
-85.318
-84.025
-1.294
OZB woningen
-7.086
-7.159
-7.159
-7.194
35
OZB niet woningen
-4.834
-5.116
-5.116
-4.758
-358 -67
Parkeerbelasting
-509
-509
-444
-378
Belastingen overig
-1.682
-1.787
-1.789
-1.731
-58
Algemene uitkering
-80.233
-80.556
-85.517
-85.390
-126
Overige baten en lasten
-7.766
1.004
-247
1.251
Totaal baten
-107.268
-99.691
-103.816
-183.723
-616
Totaal saldo baten en lasten
-96.946
-96.285
-99.480
-180.161
159
-96.946
-96.285
-99.480
-180.161
159
0.10
Toevoeging reserves
0.10
Onttrekking reserves Totaal reserves Resultaat
Toelichting (alle bedragen x € 1.000) 0.5 Treasury € 809 Nadeel Het negatief resultaat op treasury is opgebouwd uit drie onderdelen. Allereerst is er een nadeel van € 505 op rente te melden. Dit komt enerzijds door een voordeel op rentelasten van € 487 dit komt door een lage rente stand en de noodzaak om geld te lenen als gevolg van de opbrengst uit de verkoop van de aandelen Eneco. Hierdoor is er ook minder rente toegerekend aan de overige taakvelden van 992 wat op dit product een nadeel geeft. Echter dit leidt dan wel tot voordelen op de kapitaallasten van de andere taakvelden. Op dividend is een nadeel te melden van € 303. Dit komt doordat de dividendopbrengsten lager zijn dan begroot. Waarbij in de begroting ook een dubbeltelling in de opbrengst was opgenomen. Ten slotte is er op de verkoop van de aandelen nog een nadeel van € 1 te melden. Dit komt door een afrondingsverschil op de kosten van de aandelenverkoop. 0.6 Heffingen € 460 Nadeel Op dit taakveld worden de uitgaven en inkomsten van de gemeentelijk Heffingen verantwoord die worden verantwoord op Programma 0. Deze heffingen bestaan uit OZB woningen en niet-woningen, Precario, Reclame, Hondenbelasting en Parkeerbelasting. Op
Jaarstukken 2020
76
dit taakveld worden tevens de uitvoeringskosten WOZ verantwoord. De opbrengsten van o.a. de Afvalstoffenheffing en Rioolheffing worden op Programma 7 verantwoord. OZB woningen 2020 (€ 35 V). Na correctie van de codering van Woningen in aanbouw van niet-woning naar woning is een klein voordeel ontstaan. Bij de OZB niet-woning is in 2020 geconstateerd dat ten onrechte vrijgestelde objecten in de heffing zijn betrokken en de correctie van de codering Woningen in aanbouw van niet-woning naar woning veroorzaken een nadeel (€ 357 N). Parkeerbelasting (€ 66N). Door de maatregelen die genomen zijn om COVID-19 terug te dringen zijn er in 2020 minder inkomsten binnen gekomen. In 2020 is er gestimuleerd om zoveel mogelijk thuis te blijven. Hierdoor zijn er minder parkeeracties geweest. Daarnaast hebben BOA's minder gehandhaafd, waardoor er minder naheffingsaanslagen zijn opgelegd. Ondanks het in 2020 ontvangen bedrag van € 65.000, via de Algemene Uitkering in verband met inkomstenderving Parkeeropbrengsten, ontstaat er een tekort. Op de overige heffingen Reclame, Precario en Hondenbelasting is in 2020 een nadeel ontstaan (€ 58 N) hoofdzakelijk veroorzaakt door de Corona crisis. Bij de inning van heffingen die voortvloeien uit o.a. de Precarioverordening is coulant omgegaan in 2020.
Vooruitlopend op de afschaffing van de Hondenbelasting per 2021 heeft er geen controle op de Hondenbelasting plaatsgevonden in 2020. Hierdoor is de opbrengst van de Hondenbelasting iets afgenomen. In 2020 is het team Belastingen ondersteund bij de uitvoering van diverse taken. Onder andere voor de inrichting en uitvoering van Kwijtschelding. Per 1 januari 2020 voert de gemeente zelf de afhandeling van de kwijtscheldingaanvragen uit. Voorheen werd dit door de BSR gedaan. Ook heeft er met betrekking tot Applicatiebeheer inhuur plaats gevonden. Dit samen levert een nadeel op (€ 80 N). Uitvoeringskosten WOZ. Voor het Project overgang hertaxatie van m3 naar m2 is via de kadernota een budget beschikbaar gesteld van € 112 bestemd voor het project ‘overgang hertaxatie van m3 naar m2’. Vervolgens is voor ditzelfde project in de 1e Bestuursrapportage 2020 een extra budget gevraagd van € 91. In totaal was er in 2020 een budget van € 203 beschikbaar. Dit budget was onder andere bestemd voor ondersteuning door een extern bureau. Het project is in 2020 voorspoedig verlopen en hierbij is minder gebruik gemaakt van externe ondersteuning (€ 61V). Voor de WOZ-uitvoeringskosten is via de 2e Bestuursrapportage 2020 een extra bedrag beschikbaar gesteld voor ondersteuning door een extern bureau bij de controle op de taxaties 2020.
Uiteindelijk is er in 2020 minder gebruik gemaakt van de ondersteuning en levert dit een voordeel op (€ 42V). Bij het opstellen van de Jaarrekening 2020 is gekeken of de voorziening dubieuze debiteuren Belastingen toereikend is om oninbare vorderingen op te vangen. Om te garanderen dat de voorziening toereikend is heeft een storting in de voorziening Dubieuze Debiteuren GouwIt plaatsgevonden. Dit veroorzaakt een nadeel op het product Heffingen (€ 40 N). 0.7 Algemene Uitkering € 126 Nadeel Er is een ontvangst van € 85,4 miljoen geraamd voor het gemeentefonds. Daarin is abusievelijk een extra ontvangst van €966.000 opgenomen voor jeugd, omdat deze al in de uitgangspositie was meegenomen en dus dubbel geraamd is. Daar staat een uitgavenstelpost van eenzelfde bedrag tegenover zodat dit budgetneutraal in de begroting is verwerkt. Gecorrigeerd voor die dubbeltelling is de raming zodoende €84,4 miljoen. Die raming is gebaseerd op de door de rijksoverheid aangeleverde gegevens tot en met de septembercirculaire 2020 en verwerkt tot en met de 2e bestuursrapportage
Jaarstukken 2020
77
2020. Over het uitkeringsjaar 2020 wordt in de jaarrekening € 85,2 miljoen verantwoord. Dat zal in de komende jaren nog veranderen maar wordt dan in volgende jaarrekeningen verantwoord. Het verschil valt op hoofdlijnen uiteen in drie oorzaken. Zoals in de 2e bestuursrapportage al gemeld zal er een nadeel van € 560 op de stelpost BTWcompensatiefonds ontstaan. De meerinkomsten dienen mede ter dekking daarvan. Daarnaast is in het laatste kwartaal een aantal maatstaven geactualiseerd met als gevolg een hogere uitkering van circa € 70. En in december is nog de ‘decembercirculaire’ verschenen. Daar was uit op te maken dat de gemeente nog € 159 aan compensatie voor diverse corona gerelateerde uitgaven heeft ontvangen (en nog enkele kleine taakmutaties). De coranamiddelen zouden conform de afspraak moeten worden gestort in de ‘coronareserve’. Daarvoor was een raadsbesluit nodig en dat was onmogelijk nog te realiseren in 2020. In het voorstel voor resultaatbestemming bij deze jaarrekening zal daarom worden gevraagd deze middelen alsnog aan de reserve toe te voegen. Daarnaast is via de coronabrief van maart 2021 nog een additioneel budget van € 54 toegekend voor 2020 voor perspectief jeugd en jongeren. Deze mogen we niet meer verantwoorden in 2020 en deze zullen we in 2021 ook aan de reserve toevoegen.
Naast de ontvangsten voor het uitkeringsjaar 2020 zijn in het rekeningjaar 2020 nog bijna twintig verrekeningen geweest over 2017, 218 en 2019. Dit leverde per saldo nog een aanvullend bedrag van € 183 op. 0.8 Overige baten en lasten: € 1.455 Voordeel Aan de lastenkant is er een voordeel van € 250 die zijn oorsprong vindt in de begroting. Er was in de begroting een stelpost opgenomen voor inflatiecorrecties (€ 125) vanuit 2019. Deze post zou via de begroting op nul gesteld worden, maar de correctie is onjuist verwerkt. Hierdoor was er nu een dubbele stelpost opgenomen. Verder zijn de werkelijk uitgaven € 46 hoger uitgevallen. Dit is vooral het gevolg van nakomen lasten op afgesloten kredieten. In de jaarrekeningen t/m 2019 zijn diverse kredieten afgesloten, desondanks zijn er in 2020 nog kosten en uren voor de betreffende projecten geboekt. Aan de batenkant is er een voordeel dat voor een belangrijk deel wordt verklaard door het opnemen van negatieve baten voor de Spodo-2 “subsidie" (€ 1.004 V). Dit betreft een doorgeschoven post vanuit voorgaande jaren en waarvan bij de jaarrekening 2019 een reservering is gemaakt. Deze post is nog niet besteed en derhalve heeft er ook geen geplande onttrekking plaats gevonden uit de reserve overlopende posten. Verder zijn er diverse voordelen aan de opbrengsten (€ 247) te melden.
Het betreffen hier de vrijval van gereserveerde posten, onvoorziene ontvangsten uit voorgaande jaren, correcties op balansaansluitingen en inkomsten uit verkochte activa (na verrekening met de boekwaarde).
Jaarstukken 2020
78
Overhead Inleiding Overhead wordt in het besluit Begroting en Verantwoording (BBV) gedefinieerd als “alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces”. Dit betekent dus dat alle organisatiekosten die direct verbonden zijn aan de uitvoering van activiteiten of producten op een taakveld ook op het betreffende taakveld moeten worden begroot en verantwoord. Alle overblijvende organisatiekosten worden als “overhead” omschreven en centraal begroot en verantwoord op het overzicht overhead via taakveld 0.4 Overhead. In algemene zin bestaat de overhead volgens de definitie van de BBV uit de volgende onderwerpen:
Bestuursondersteuning en beleidsadvisering. Financiën. HRM. Juridische zaken (exclusief bezwaar en beroep). Informatievoorziening, automatisering van systemen ten behoeve van de gemeentebrede bedrijfsvoering, documentmanagement en informatievoorziening. Facilitaire zaken en huisvesting (inclusief beveiliging). Interne en externe communicatie met uitzondering van klantcommunicatie. Verzekeringen. Hiërarchisch leidinggevenden, controllers en managementondersteuning werkzaam in de primaire processen en de staven van de clusters.
Het doel van het verbijzonderen van de overhead is om de vergelijkbaarheid met andere gemeenten te bevorderen. In de praktijk blijkt dit echter slechts in beperkte mate op te gaan. De omvang van de overhead (volgens de definitie van de BBV) is immers vaak afhankelijk van het door de betreffende gemeente gehanteerde organisatiemodel. Zo zal bijvoorbeeld bij een regiegemeente de HRM afdeling vaak kleiner kunnen zijn (immers minder medewerkers), maar de afdeling Financiën niet (immers meer facturen). De gemeente Vijfheerenlanden zal in 2020 zijn organisatiekosten gaan vergelijken met die van andere gemeenten met een vergelijkbaar inwoneraantal. Onderdeel van deze benchmark zal ook zijn een vergelijking van de gemeentelijke overhead. Wat waren de kosten (in duizenden euro)? Lasten en baten Programma Overhead
Bedragen X € 1.000 Werkelijk
nr.
Naam taakveld
2019
Begrotingvvo or wijziging
Begroting na wijziging
2020
2020
2020
Werkelijk
Verschil 2020
Overhead
16.002
33.880
35.017
34.016
1.001
Totaal lasten
16.002
33.880
35.017
34.016
1.001
Overhead
-388
-163
-326
-951
625
Totaal baten
-388
-163
-326
-951
625
15.614
33.716
34.691
33.065
1.626
15.614
33.716
34.691
33.065
1.626
Totaal saldo baten en lasten
0.10
Toevoeging reserves
0.10
Onttrekking reserves Totaal reserves Resultaat
Jaarstukken 2020
79
Toelichting (alle bedragen x € 1.000) 0.4 Overhead, ondersteuning organisatie: € 1,630 V Het voordeel op dit taakveld wordt verklaard door het saldo van vele voor- en nadelen op uiteenlopende aandachtsvelden. Om het inzicht te dienen is daarom onderstaande tabel toegevoegd die de ontwikkelingen op subtaakvelden weergeeft. Daaronder worden de verschillen op hoofdlijnen kort toegelicht. (bedragen * 1000)
Begroot Werkelijk Begroot
Totaal
Baten
Saldo
Lasten
Lasten
Personeelsbegroting en HRM
32.322
32.145
-39
-726
864
Communicatie/JZ/Secretariaat/FZ
1.705
1.391
-129
-61
246
263
200
0
-4
67
3.426
2.842
0
0
584
759
895
-158
-159
-135
taakvelden
-3.457
-3.457
0
0
0
totaal
35.018
34.016
-326
-950
1.626
Control/Financiën/Inkoop/Infoveiligheid Automatisering en Informatisering Stadskantoren en Werven
Baten
Werkelijk
Doorbelasting overhead aan
Personeelsbegroting en hrm lasten: Er was per saldo een voordeel van bijna € 200 als resultaat van grote en kleine voor- en nadelen. De ruimte in de salarisbudgetten door vacatures is gebruikt om in te huren en om het tekort aan projecturen te compenseren. Per saldo resulteerde daar nog een voordeel van bijna € 860. Er was een voordeel van € 235 omdat de opleidingsbudgetten mede vanwege corona niet volledig zijn ingezet en € 70 omdat een verzekeringsbudget niet volledig is benut. En dan was er nog een schijnvoordeel van € 200 omdat geoormerkte rechtspositionele middelen uit 2019 abusievelijk gedeeltelijk dubbel geraamd zijn via de jaarrekening 2019. Dit terwijl ze ook al via de tweede berap 2019 waren geoormerkt. Nadelen ontstonden als gevolg van overschrijding van externe advieskosten (€ 45), en coronakosten (€ 270). Deze laatste kosten zijn elders in dit programma gedekt door een onttrekking aan de reserve corona. En er is een bedrag van in totaal € 765 gestort in de voorziening personeelsbeleid en de voorziening pensioenen. Personeelsbegroting en hrm baten: Er is en voordeel van bijna € 700 aan de batenkant. Dit komt voor € 260 door ontvangen detacheringsvergoedingen, loonsubsidies en diverse andere voor het personeel ontvangen vergoedingen. En er is een bedrag van € 425 ontvangen van een pensioenverzekeringsmaatschappij.
Dit was de uitkering van een afgesloten pensioenverzekering voor een oud bestuurder in het zicht van zijn pensionering. Het bedrag is gestort in de pensioenvoorziening. Communicatie/JZ/FZ/Secretariaat lasten: De uitgaven van communicatie zijn vrijwel in evenwicht met het beschikbare budget. Dit is inclusief corona gerelateerde uitgaven van € 30. Die worden elders in dit programma gedekt door een onttrekking aan de coronareserve. Juridische Zaken heeft een voordeel van € 60 omdat een budget voor inhuur externe juridische kennis niet volledig is benut.
Jaarstukken 2020
80
Het voordeel in de uitgaven bij facilitaire zaken is € 230 en dat kent twee oorzaken. In de eerste plaats is er door het thuiswerken veel minder een beroep gedaan op diverse budgetten van fz met als voordeel een bedrag van €160. Er zijn wel extra kosten voor corona gemaakt (€ 22,5) die gedekt worden uit een onttrekking aan de reserve corona. Naast de €160 voordeel is er ook € 70 minder aan rente en afschrijvingen toegerekend aan fz. Het secretariaat heeft een voordeel van € 20 omdat er slechts een beperkt beroep is gedaan op het beschikbare budget voor kleine onvoorziene uitgaven. Communicatie/JZ/FZ/Secretariaat baten: Er is een klein voordeel (€ 15) bij juridische zaken ontvangen schadevergoedingen en een nadeel van ruim € 80 bij facilitaire zaken. Dit laatste omdat er veel minder gebruik is gemaakt en dus ontvangen van faciliteiten die doorberekend worden, zoals kopiëren. Control/Financiën/Inkoop/Infoveiligheid lasten en baten: Alle onderdelen hebben hun budget niet volledig uitgegeven maar dan gaat het om kleine voordelen van in totaal ruim € 60. Er is een bijdrage van een derde ontvangen van € 4 als vergoeding voor uitgeleend personeel. Automatisering en informatisering lasten: Het voordeel bij automatisering heeft drie oorzaken.
Minder uitgaven omdat het opstellen van het automatiseringsplan is doorgeschoven naar 2021 doordat de voorbereidende werkzaamheden niet konden worden afgerond in 2020. Minder uitgaven voor het internet door het consolideren van verschillende lijnen. En minder uitgaven voor licenties. Dit zit vooral in het feit dat de gebruikslasten voor de Microsoft Licenties gezien de looptijd van mei 2020 tot mei 2021 verdeeld moesten worden over 2020 en 2021. Het jaar 2020 was de eerste jaar dat dit op deze wijze gebeurde. Ook bij Informatisering zijn er voordelen. Bij de vaststelling van de jaarrekening 2019 zijn bedragen doorgeschoven en hierdoor was er voor 2020 jaar extra budget beschikbaar. Een deel hiervan is uiteindelijk om meerdere redenen niet benut. De Corona-problematiek heeft voor vertraging in de uitvoering van de projecten gezorgd. Daarnaast hadden vakafdelingen geen tijd/capaciteit beschikbaar om hun aandeel in projecten te leveren. Er werden hoge kosten voor het Mid-Office en de Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT) verwacht, maar dit viel mee omdat de aanbestedingsregels ruimte gaven om contracten te verlengen/vernieuwen, waardoor hoge kosten voor aanbesteding zijn vermeden. Voor e-HRM is vanuit een reserve van de voormalige gemeente Leerdam een bedrag toegevoegd aan het budget dat vanuit de projectenplanning informatisering beschikbaar was.
Dit project kon daardoor met een positief resultaat voor zowel het budget als de invoering van e-HRM worden afgesloten. Huisvesting gemeentelijk apparaat lasten: Bij de tweede bestuursrapportage 2020 is het budget verlaagd in de verwachting dat het onderhoudsbudget ruim toereikend zou zijn. Dat blijkt achteraf niet zo te zijn. Een overschrijding van de budgetten van per saldo € 45 mede door het vervangen van een verdeler op de zolder van het stadskantoor Vianen en het repareren van de klimaatplafonds. Dan is er een nadeel ontstaan omdat de geboekte afschrijvingen de geraamde met € 180 overschrijden. Dit dan weer omdat de raming niet juist is gebleken. En een meevaller in de rente omdat de marktrente een stuk lager ligt dan de rekenrente uit de raming.
Jaarstukken 2020
81
Deze verdeling is in de jaarstukken 2020 echter niet doorgevoerd om een vergelijking van programmabegroting en jaarrekening per taakveld niet nodeloos te compliceren: Programma
Saldo
Programma Overhead
33.066
Programma 0: Bestuur, ondersteuning en dienstverlening Programma 1: Veiligheid Programma 2: Verkeer en vervoer Programma 3: Economie Programma 4: Onderwijs Programma 5: Sport, cultuur en recreatie Programma 6: Sociaal domein en kerngericht werken Programma 7: Volksgezondheid, milieu en duurzaamheid Programma 8: VH, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing Totaal toe te rekenen aan programma’s
0 1.211 1.702 396 841 3.912 3.890 1.455 5.045 18.452
Programma overhead na toerekening
14.614
Jaarstukken 2020
82
Vennootschapsbelasting Inleiding Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) verplicht gemeenten om Vennootschapsbelasting(VPB) te vermelden in de programmabegroting en jaarstukken. Gemeenten die winst maken op ondernemingsactiviteiten (dus niet vanuit hun maatschappelijke rol) betalen hierover VPB. Met de VPB winsttoets berekent de gemeente jaarlijks of er winstgevende ondernemingsactiviteiten zijn. Gemeenten worden volgens de wet belastingplichtig indien zij een onderneming drijven. Praktisch gezien betekent dit, dat alleen die activiteiten van de gemeente in de VPB heffing worden betrokken die als ‘zelfstandig onderdeel’ kunnen worden beschouwd en die voldoen aan de voorwaarden om als (belaste) onderneming te worden aangemerkt. Dit betreft de volgende cumulatieve voorwaarden: de activiteit kwalificeert als een duurzame organisatie van kapitaal en arbeid, die deelneemt aan het economische verkeer en die structureel fiscale winsten of overschotten beoogt of behaalt. Hierbij is sprake van deelname aan het economische verkeer bij een individualiseerbare prestatie aan een derde. Een derde is daarbij iedere andere persoon of organisatie, niet zijnde de gemeente zelf. Van een winstoogmerk is sprake wanneer een activiteit meer dan incidenteel een fiscale winst behaalt of wanneer er in concurrentie wordt getreden met private partijen.
In de wet is een drietal objectieve vrijstellingen vastgesteld voor winst die is behaald door overheidslichamen. Deze vrijstellingen komen pas aan de orde als er sprake is van een belastingplichtige activiteit. Dit betreft een vrijstelling voor diensten ten behoeve van de eigen gemeente (dus geen deelname aan het economische verkeer); een vrijstelling voor overheidstaken (mits niet in concurrentie met private partijen wordt getreden) en een samenwerkingsvrijstelling (die de samenwerking tussen overheden beoogt vrij te stellen, bijvoorbeeld de BVO Vijfheerenlanden uit 2018). Wat waren de kosten (in duizenden euro)? Lasten en baten Vennootschapsbelasting
Bedragen X € 1.000 Werkelijk
Begroting na wijziging
2020
2020
2020
Werkelijk
Verschil
nr.
Naam taakveld
0.9
Vennootschapsbelasting
100
100
1
99
Totaal lasten
100
100
1
99
100
100
1
99
100
100
1
99
0.9
2019
Begrotingvvo or wijziging
2020
Vennootschapsbelasting Totaal baten Totaal saldo baten en lasten
0.10
Toevoeging reserves
0.10
Onttrekking reserves Totaal reserves Resultaat
Jaarstukken 2020
83
Toelichting (alle bedragen x € 1.000) 0.9 Vennootschapsbelasting: per saldo € 99 Voordeel Het totaal resultaat van 99 V wordt volledig verklaard door een voordeel op de exploitatie. De gemeente Vijfheerenlanden is een voortzetting van de voormalige gemeenten Leerdam, Vianen en Zederik. Dit betekent dat de rechten en verplichtingen van deze voorgangers over zijn gegaan op huidige gemeente. Dat is wat betreft de vennootschapsbelasting niet een eenvoudig consolidatie. Immers ook hier spelen harmonisatievraagstukken. Voor de drie fusiegemeenten geldt, dat de aangiften voor vennootschapsbelasting voor de jaren 2016 en 2017 zijn gedaan. Met uitzondering van Vianen waren dat nihilaangiften. Immers, voor wettelijke gemeentelijke taken geldt geen belastingplicht en voor een groot aantal andere producten gelden vrijstellingen. In de praktijk vallen dan ook alleen grondexploitaties onder de belastingplicht. Dit is dan ook de reden dat voor Vianen geen nihilaangifte is gedaan in 2017. De oorzaak hiervan lag in winstnemingen voor voornamelijk de grondexploitatie Helsdingen. Wat betreft 2018 zijn de werkzaamheden voor de aangifte gedaan, met uitzondering van de gemeente Vianen. Ook hier geldt dat er alleen voor grondexploitaties belastingplicht van toepassing is.
Saillant detail is, dat voor 2018 de winstneming op de grondexploitatie Helsdingen is gecorrigeerd en dit zal leiden tot een negatieve aangifte. Daarom is de belastingdruk beperkt en is er in de drie jaarrekeningen 2018 geen rekening gehouden met een betalingsverplichting. Wel is er een aanslag VPB Vianen 2017 ontvangen en is hierop € 1. betaald. Voor 2019 is er geen reden om het beleid ten aanzien van het opnemen van een betalingsverplichting te herzien. Ook hier geldt weer dat belastingdruk vooral uit de grondexploitaties zal komen. Daarbij speelt de vennootschapsbelastingplicht voor Leerdam nog een rol. Voor Leerdam was namelijk in de beoordeling voor belastingplicht opgenomen dat Leerdam niet gezien mocht worden als ondernemer voor de vennootschapsbelasting. Dit omdat de Grondexploitaties uitgingen van een negatief eindresultaat. Als gevolg van de fusie moet er echter geconsolideerd worden en na consolidatie zal er voor Vijfheerenlanden wél belastingplicht bestaan. Hierbij wordt onderzocht of er voor Leerdam (met terugwerkende kracht) alsnog belastingplicht kan gelden. Hiermee wordt een stuk verliescompensatie gecreëerd voor toekomstige positieve resultaten. In de jaarrekening 2020 zijn er voor een aantal grondexploitaties bedrijfseconomisch winstnemingen gedaan. Dat wil nog niet zeggen dat er ook sprake is van fiscale winst op de grondexploitaties.
In de voormalige gemeente Zederik zijn afspraken gemaakt en vastgelegd in de vaststellingsovereenkomst met de Belastingdienst over de beginwaarden van de grondexploitaties. Dit - in combinatie met de bovengenoemde acties voor de voormalige gemeente Leerdam - leidt ertoe, dat ook voor 2020 geen belastingplicht wordt voorzien. Hierover is dan wel een melding opgenomen in de risicoparagraaf. Omdat in de begroting rekening was gehouden met een belastingaanslag van € 100.000, verklaart dit het voordeel op dit product.
Jaarstukken 2020
84
Restantkredieten Inleiding Per ultimo 2020 was er sprake van circa 200 nog openstaande gemeentelijke investeringskredieten. Hiervan kan 75 % nog niet worden afgesloten (deze zijn dus nog in uitvoering). Voor het overzicht wordt verwezen naar het overzicht restant kredieten in de bijlagen. Van verreweg de meeste van deze nog niet af te sluiten investeringskredieten wordt verwacht, dat ze uiteindelijk binnen budget kunnen worden afgesloten c.q. worden gedekt door nog te ontvangen inkomsten. Bij sommige kredieten is dat niet het geval. Bij het voorbereidingskrediet van het project de Kandelaar zijn de grondkosten (€ 296) vanuit de MVA ten laste van het krediet gebracht. Hierdoor ontstaat er een overschrijding van € 176. De uitgaven van deze grondkosten waren al geautoriseerd door de raad en zouden dus niet mogen meetellen voor de overschrijding op dit krediet. Hierdoor is er nog € 120 beschikbaar.
Bij het krediet Bouw-woonrijpmaken Brede School Ameide is er een overschrijding van € 59. Dit is 1 van de onderdelen van een groter project zoals grondkosten, de bouw van de Brede School en de bibliotheek, de bouw van de peuterspeelzaal en de bouw van het kinderdagverblijf bij betrokken zijn. Totaal is de overschrijding € 3.
Bij het voorbereidingskrediet voor de realisatie van de Parkschool te Vianen (Parkschool projectkosten 2017) is er sprake van een “tekort”. Dit “tekort” van € 578 wordt gecompenseerd door een voordeel bij het uitvoeringskrediet (Parkschool Monnikkenhof) van € 583. Beide projecten hebben vanzelfsprekend een zodanige samenhang, dat deze resultaten in relatie tot elkaar moeten worden gezien.
Voorbereidingskrediet nieuwe gemeentehuis. Op 31 december 2020 is er een overschrijding van € 60. In de gemeenteraadsvergadering van 4 februari 2021 is een krediet beschikbaar gesteld van € 288. In de 2e bestuursrapportage 2020 is opgenomen om € 63 voorbereidingskosten van het onderzoek naar één ambtelijke huisvesting uit onvoorzien te dekken.
Voortgang belangrijkste investeringskredieten Een specificatie van alle afzonderlijke investeringsprojecten is in de bijlagen opgenomen. Van een aantal grotere projecten waarvan het restant investeringskrediet meer dan € 250 bedraagt, treft u in deze paragraaf een nadere toelichting aan. Herinrichting Koningin Emmalaan: het project is in uitvoering. De uitvoeringstermijn loopt door tot september 2021. De financiële afwikkeling (subsidies e.d.) vindt plaats in 2021.
Jaarstukken 2020
85
Wegen: Maatregelen centrum Vianen: dit krediet wordt ingezet om de uitbreiding van P3 te onderzoeken, voorbereiden en mogelijk ook uit voeren. Omdat deze uitbreiding alleen met toestemming van Rijkswaterstaat kan plaatsvinden en hiervoor grond moet worden aangekocht, zal het naar verwachting een lang lopend project worden. Verwachte jaar van afronding is 2023. Spoorse kwesties Merwede Lingelijn: het voornemen in 2019 was om een begin te maken met de oplossing van de verkeerssituatie Leerdam Noord. De spoorwegovergang Koenderseweg moet worden aangepast naar de hoeveelheid verkeer vanuit Broekgraaf. Voorbereidingen voor een nieuw plan zijn gestopt nadat ProRail nieuw beleid formuleerde. Het overleg met ProRail is nog niet afgerond. Voor de tweede helft 2020 is onderzocht of één van de drie gelijkvloerse kruisingen (spoorwegovergangen bij de Koendersweg, Recht van Ter Leede en Stationsstraat) verdiept kan worden uitgevoerd en dat onderzoek loopt door. Voorbereiding loopt op mogelijk uitvoering van werkzaamheden in de periode 2022 of 2023. Voor de uitvoering van zowel de overgang Koenderseweg, fietstunnel en onderzoek fietsroute naar centrum is meer geld nodig. Stadspark Leerdam: in mei 2019 is het concept ontwerp door de raad goedgekeurd. Daarna is gewerkt aan het definitief ontwerp, onder meer door een raadpleging van meer dan 100 bewoners (bewonersavond 1 juli 2019).
Het definitieve ontwerp is in november 2019 opgeleverd. Er is gestart met snoeiwerkzaamheden. Het project is inmiddels in uitvoering. Dit betreft onder andere de voorbereiding bodemsanering (bodemonderzoek) en de bestek voorbereiding. Het project wordt in 2021 uitgevoerd. Aankoop tijdelijke huisvesting Hagestein TVH2: de uitvoering is gestart. Er wordt onderzocht hoe de capaciteit (extra lokalen) kan worden uitgebreid. Vermoedelijke afronding is 2021. Glaspark: dit project bestaat uit fasen, omdat het bestaande sportcomplex moest worden omgebouwd naar een nieuw sportcomplex. Het kon immers niet in één keer worden aangelegd, omdat het voetballen en hockeyen gewoon door moest kunnen gaan. In 2018 is gestart met de uitvoering: twee voetbalkunstgrasvelden en een hockeyveld. In 2019 zijn twee natuurgrasvelden aangelegd en het multifunctionele veld en is gestart met de bouw van het nieuwe kleed- en clubgebouw. E.e.a. grotendeels conform planning. In 2020 is het kleed- en clubgebouw opgeleverd, werden de bestaande gebouwen gesloopt, werd het tweede hockeyveld aangelegd en werd ter afsluiting het straatwerk rondom het kleed- clubgebouw en de parkeerplaats, fietsenstalling en de entree van het sportcomplex aangelegd. Het project zit in de afrondende fase. Er zijn nog kosten te verwachten en de laatste termijnen moeten nog betaald worden. Het project wordt in 2021 afgerond.
Vernieuwbouw inrichting Dorpshuis De Schakel: de realisatie van De Schakel was voorzien voor 2019/2020. Door een budgettekort is de start opgeschort. Door de raad is het beschikbare investeringsbudget verhoogd. Het betreft een meerjarig project dat pas na afronding van het project afgesloten kan worden. De bouw van het dorpshuis was eind 2020 in een zeer vergevorderd stadium. Nog resterende verplichtingen in 2021 zijn voor het grootste deel het gevolg van aan de bouwende dorpshuisstichting verstrekte subsidiebeschikking (zaak 109035). Opening van het gebouw heeft in maart 2021 plaatsgevonden. Openbare Ruimte SV Meerkerk en Sportvelden SV Meerkerk: het verplaatsen van het sportcomplex De Weide II is in de afrondende fase. De laatste werkzaamheden vonden eind 2020 plaats. Afrekening is voorzien in 2021. Het project is inclusief BTW begroot. Door de SPUK subsidie ontstaat er een voordeel. In 2021 zal de grondtransactie nog plaatsvinden met het complex De Weide.
Jaarstukken 2020
86
Achter de Pijp: het project is gestart in 2018. Afronding is voorzien voor medio 2022. Dr. Reilinghplein: op 23 april 2020 is door de raad besloten om het stationsplein en de stationsweg niet mee te nemen bij de herinrichting van het Reilinghplein. Het aangepast ontwerp voor de herinrichting van het plein is vastgesteld en het krediet voor de herinrichting van het Dokter Reilinghplein is verhoogd met € 550. Project loopt door in 2021. Voorbereidingskrediet Brede school/KC Broekgraaf: Voorbereidingen worden 2021 afgerond met het aanvragen van een uitvoeringskrediet. Voorzieningencluster Leerdam Sport: zitten in de eerste fase: in 2021/2022 volgt de aanleg van het hoofdveld en bouw kleedclubgebouw. Hazelaarplein: Project loopt door in 2021 en verwachte jaar van afronding is 2023. Bijdrage kleedkamers Korfbalver VIKO & hockeyver MHC: Voor beide verenigingen is krediet gereserveerd voor de nieuwbouw en/of renovatie van de huidige accommodatie. De verenigingen dienen een concreet verzoek met uitgewerkt plan in te dienen om te kunnen beschikken over de middelen. Van beide verenigingen hebben wij dit verzoek nog niet ontvangen. Verwachte jaar van afronding is 2023. Tracebesluit A27 2020: Krediet is beschikbaar vanaf 2020 en verwachte jaar van afronding is 2030. Nieuwe school aan de Brink te Hoef en Haag: Krediet is aangevraagd in 2020. Het gebouw moet nog worden gebouwd.
Geplande oplevering is medio 2022. Aankoop grond Hoef en Haag tbv nw school: Krediet is aangevraagd in 2020. Het passeren van de grond vindt uiterlijk eind mei 2021 plaats. Voorbereidingskrediet nieuwbouw school Hagestein: Krediet is aangevraagd in 2020. Project is nog in initiatiefase. Verwachte jaar van afronding is 2024. Permanente uitbreiding Noachschool: Krediet is eind 2020 aangevraagd. Dit krediet zal naar verwachting niet voldoende zijn voor de uitvoering. Een aanvraag voor een aanvullend krediet zal dan ook in 2021 bestuurlijk ter besluitvorming worden voorgelegd.
Jaarstukken 2020
87
Hoofdstuk 2: De paragrafen In het Besluit begroting en verantwoording (BBV) wordt bepaald, dat in de begroting en bij de jaarstukken paragrafen moeten worden opgenomen waarin de beleidslijnen worden vastgelegd met betrekking tot beheersmatige aspecten en de lokale heffingen. Doel van de paragrafen is, dat onderwerpen die versnipperd in de begroting staan worden gebundeld in een kort overzicht, waardoor de gemeenteraad voldoende inzicht krijgt. De paragrafen geven een dwarsdoorsnede van de begroting en de jaarstukken. Het betreft zeven verplichte paragrafen. Deze zijn in dit hoofdstuk opgenomen. Met de genoemde onderwerpen is telkens een groot financieel belang gediend. De paragrafen geven daardoor extra informatie voor de beoordeling van de financiële positie van de gemeente Vijfheerenlanden op de korte en langere termijn. Gemeenten zijn overigens vrij om zelf extra paragrafen toe te voegen. De wijze waarop invulling wordt gegeven aan de paragrafen kan verschillen. Indien er voor een bepaald onderwerp, bijvoorbeeld de verbonden partijen of het grondbeleid, al een actuele nota bestaat, dan kan in de paragrafen worden volstaan met een korte weergave van de actuele stand van zaken. De paragraaf vervult dan een rol in het planning & control proces. Indien er echter een actuele nota ontbreekt, dan dient een uitvoerigere paragraaf te worden gemaakt.
De paragraaf vervult dan nadrukkelijker een rol in de kaderstelling binnen de gemeente. Het werken met beleidsnota's voor de onderwerpen van de paragrafen wordt vanuit de BBV aanbevolen.
Jaarstukken 2020
88
Paragraaf 1 Lokale Heffingen Inleiding De paragraaf Lokale heffingen geeft inzicht in de diverse gemeentelijke belastingen en in de financiële consequenties daarvan voor de inwoners. De lokale heffingen zijn een belangrijke bron van inkomsten. Lokale heffingen bestaan uit algemene belastingen, bestemmingsbelastingen en retributies. Bij de retributies is sprake van een tegenprestatie van de gemeente en mogen de geraamde opbrengsten niet hoger zijn dan de geraamde kosten van de gemeente voor de uitoefening van de taak. Overzicht tarieven De door de gemeente Vijfheerenlanden in 2020 geheven belastingen vloeien voort uit de belastingverordeningen. Enkel de verordeningen Precariobelasting, Reclamebelasting, Marktgelden en Hondenbelasting zijn nog niet geharmoniseerd. De tarieven van deze verordeningen blijven in 2020 gelijk aan 2019. De overige verordeningen zijn geharmoniseerd. Per 2021 zijn alle belastingen en retributies geharmoniseerd. Daarmee voldoet de gemeente aan de eisen die zijn genoemd in de Wet Algemene Regels Herindeling (Wet ARHI).
Onroerende zaakbelastingen De opbrengst van de OZB behoort tot de algemene dekkingsmiddelen en mag vrij worden besteed. De OZB-tarieven worden uitgedrukt in een vast percentage van de economische waarde van de onroerende zaken. Ze worden berekend door de geraamde opbrengst te delen door de te belasten waarde, het heffingsareaal. De waarde wordt getaxeerd conform de Wet waardering onroerende zaken (WOZ) en wordt ieder jaar opnieuw vastgesteld. De taxaties zijn gebaseerd op het marktniveau op 1 januari van het jaar voorafgaand aan het belastingjaar. De waardeschommelingen worden vereffend via de tarieven, zodat de hertaxatie zelf niet leidt tot een verhoging van de belastingdruk. Wel is conform de besluitvorming bij de begroting 2020 een inflatiecorrectie toegepast van 1,75%.
Afvalstoffenheffing De kosten van de afvalinzameling en -verwerking van particuliere huishoudens worden via de afvalstoffenheffing verhaald. Uitgangspunt bij het vaststellen van de tarieven is 100% kostendekkendheid. In de tarieven wordt een onderscheid gemaakt tussen één- en meerpersoonshuishoudens.
Rioolbelasting Op grond van de Wet verankering en bekostiging gemeentelijke watertaken hebben gemeenten de zorgplicht voor stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater. Een gemeente kan rioolbelasting heffen om deze zorgplicht te betalen (artikel 228a van de Gemeentewet). Uitgangspunt bij het vaststellen van de tarieven is 100% kostendekkendheid.
Jaarstukken 2020
89
Soort heffing / voormalig grondgebied Milieu Afvalstoffenheffing meerpersoonshuishouden Afvalstoffenheffing eenpersoonshuishouden Rioolrechten 300 m3 Rioolheffing > 300 m3 (staffel) OZB Eigenaar woning Eigenaar niet-woning Gebruiker niet-woning Hondenbelasting Eerste hond Elke volgende hond (tweede hond in Vianen is nog 78,50 euro, voor elke hond daarboven is het 117,80) Kennel Toeristenbelasting - Per overnachting p.p. in hotel - Per overnachting p.p. overig (andere vakantieonderkomens B&B, pensions enz) - Vergoeding Campingomzet
VHL
Leerdam
Vianen
293,00 233,00 270,00 540,00 0,1151% 0,2476% 0,1971% 87,84 117,00
78,50 78,50
321,84
352,65
2,00 1,25 6,5%
Beleid lokale heffingen Voor lokale heffingen zijn beleidsuitgangspunten gebruikt. De uitgangspunten zijn:
voor de ontwikkeling van de gemeentelijke tarieven wordt het gewogen prijsindexcijfer van het Centraal Plan Bureau (CPB) aangehouden; er wordt zo veel mogelijk gewerkt met kostendekkende tarieven voor o.a. de heffing van Afvalstoffen en Riool; voor de rioolheffing en begraafrechten wordt gebruik gemaakt van een voorziening. Het saldo van deze voorziening wordt gebruikt om de tekorten en overschotten te verrekenen; de inkomstenderving door de kwijtschelding van de afvalstoffenheffing en rioolbelasting wordt doorberekend in de tarieven;
Jaarstukken 2020
90
Overzicht gemeentelijke belastingopbrengsten (bedragen in € 1.000) Belastingsoort Onroerende zaakbelastingen Rioolheffing Afvalstoffenheffing Begraafrechten Vergunningen (Vergunningen, Welstand en RO) Leges Burgerzaken Toeristenbelasting Precariobelasting Hondenbelasting Parkeerbelasting Overige belastingen Overige Leges Marktgelden Totaal
Begroting 2020 (na wijziging)
Rekening 2020
12.275 6.818 6.175 853
38% 21% 19% 3%
11.953 7.159 6.359 1.085
36% 21% 19% 3%
3.013
9%
3.494
10%
537 134 903 274 465 545 239 98 32.329
2% 0% 3% 1% 1% 2% 1% 0% 100%
599 228 948 234 390 433 514 59 33.455
2% 1% 3% 1% 1% 1% 2% 0% 100%
Woonlasten (lastendruk) Tot de woonlasten worden volgens de COELO gerekend: de onroerende zaakbelastingen, rioolrechten en afvalstoffenheffing. De woonlasten vormen het grootste deel van de opbrengst uit de gemeentelijke heffingen en bepalen daarmee grotendeels de lokale lastendruk. Belastingsoort OZB-eigenaar Rioolrecht (gebaseerd op 120 m3) Afvalstoffenheffing Totaal
VHL Molenlanden 291,00 263,00 270,00 206,65 293,00 295,67 845,00 761,65
Uitgangspunten woonlasten Bij de berekening van de woonlasten wordt uitgegaan van een eigen woning die wordt bewoond door een gezin (meerpersoonshuishouden). De gemiddelde woningwaarde voor 2020 die gebruikt is bij de berekening van de OZB lasten in bovenstaande tabel is € 253.000. Voor het waterverbruik wordt uitgegaan van 120 m3. Vergelijking met andere gemeenten Om inzicht te krijgen in het algemene verloop van de hoogte van de woonlasten is het goed een vergelijking met omringende gemeenten te maken. Jaarlijks wordt door het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (COELO) een onderzoek uitgevoerd naar de gemeentelijke woonlasten. Het onderzoek is erop gericht de gemeentelijke tarieven, belastingopbrengsten, de belastingdruk en de woonlasten per gemeente te vergelijken. Het COELO heeft over 2020 deze gegevens beschikbaar gesteld via de Atlas van de lokale lasten, en de zogeheten digitale atlas. In de COELO Atlas wordt het rangnummer bepaald als volgt: nummer 1 (Aalten, € 573,-) heeft de laagste woonlasten, nummer 377 (Bloemendaal, € 1.440,-) de hoogste. In bovenstaand overzicht is de gemeente Vijfheerenlanden vergeleken met Molenlanden. Voor rangnummer eigenaar-bewoner is de uitkomst: Vijfheerenlanden (nr. 283); De gemeente Molenlanden staat op deze lijst op nummer 185.