Bijlage I - Beoordeling milieu - ODRU
Tekst van het document
Milieubeoordelingen ODRU COA Noodopvang Tuijnmanweg 1-3
ADVIES 5 van 11 november 2025 De ODRUheeft in dit laatste advies een akkoord ofwel een akkoord onder voorwaarden gegeven op de ruimtelijke motivering van de aanvraag. Hierdoor is duidelijk dat de aanvraag ruimtelijk inpasbaar is, maar zullen nog enkele aanpassingen gedaan moeten
worden in de ruimtelijke onderbouwing. Hieronder korte toelichting hoe aan de voorwaarden van de ODRU voldaan gaat worden: Geluid door weqgverkeer en industrie - akkoord, onder voorwaarden Opmerking ODRU: Akkoord, maar tekstuele aanpassingen en aanpassing van het technische programma van eisen m.b.t geluidsisolatie zijn nog noodzakelijk. Gevolg dat gemeente hieraan verbindt: De stukken moeten worden aangepast conform het advies voordat de vergunning kan worden verleend. Externe veiligheid - akkoord onder voorwaarden: Opmerking ODRU: het onderzoek externe veiligheid moet worden beoordeeld door de Vru. Het bouwplan voldoet aan de minimumeisen, maar geadviseerd wordt de ventilatie afsluitbaar te maken conform nieuwbouweisen. Gevolg dat gemeente hieraan verbindt: De omgevingsvergunning wordt niet eerder verleend dan advies van de Vru is verkregen en aan het advies van de Vru is voldaan. Het afsluitbaar maken van de ventilatie wordt als voorschrift in de omgevingsvergunning opgenomen. Luchtkwaliteit - akkoord, onder voorwaarden Opmerking ODRU:Er wordt voldaan aan de wettelijke eisen, geadviseerd wordt wel de richtliinen van het GGD beleidsmatig te overwegen evenals de mogelijkheden om gezondheidsschade te beperken. Gevolg dat gemeente hieraan verbindt: Het plan voldoet aan de wettelijke eisen.
Het college maakt de afweging niet de strengere richtlijn van het GGD aan te houden voor de noodopvang van twee jaar. Nu mensen hier slechts voor kortere tijd verblijven en aan de wettelijke eisen wordt voldaan zijn wij van oordeel dat de situatie aanvaardbaar is. Voor de reguliere opvang van 15 jaar, zal worden onderzocht of het mogelijk is maatregelen te treffen om gezondheidsschade te beperken, ook al blijft ook dan sprake van verblijf van korte duur. Milieuzonering - akkoord, onder voorwaarden Opmerkingen ODRU:De komstvan de noodopvang veroorzaakt geen belemmeringen voor de bestaande mogelijkheden van bedrijven. Uitzondering betreft als er plannen zijn die buiten de bestaande planologische kaders treden. Gelet op de korte duur van twee jaar, achten wij de kans beperkt. In de onderbouwing dient dit nog iets verder tekstueel te worden gemotiveerd door het COA. Gevolg dat gemeente hieraan verbindt: Het bouwplan is ruimtelijk inpasbaar, maar dit dient nog iets dieper te worden gemotiveerd. De vergunning niet eerder verleend dan dit is aangevuld en goedgekeurd. Ecologie - akkoord, onder voorwaarden Opmerkingen ODRU: Geadviseerd wordt te verwijzen naar het ecologische onderzoek dat is uitgevoerd voor het soortenmanagementplan van de gemeente.
Gevolg dat de gemeente hieraan verbindt: De onderbouwing is aangepast
(Omgevingsdienst regio Utrecht
ROM INTEGRAAL ADVIES Aan T.av. Onderwerp DSO-nummer AdviseurROM Telefoon Datum Kenmerk
Gemeente Vijfheerenilanden R. Bots, M. Ajouaou, J. Romijn ROMintegraal advies Tuijnmanweg 1-3 te Vianen, tweede beoordeling aanvraag omgevingsvergunning. 20251017 01015 Y. Smeets 088 - 022 50 00 11 november 2025 Z-2025-120174 / D2025-00146578
Inleiding Het COA heeft een aanvraag omgevingsvergunning ingediend voor de realisatie vantijdelijke noodopvang aan de Tuijnmanwegter plaatse van nummers1 t/m in Vianen. Het plangebied heeft een gemengde bestemming die voorziet in bedrijfsactiviteiten, kantoor en detailhandel. De noodopvang wordtin twee fasen aangevraagd: een eerste fase van 2 jaar voor de opvang van 250 personen en een tweede fase van 15 jaar voor de opvang van 336 personen. Voorliggende aanvraag voorziet enkelin fase 1. Eerder adviseerden we op diverse momenten over deze plannen. In onderstaande tabelis een overzicht van eerder afgegeven adviezen opgenomen. Nu is verzocht om over de aangepaste stukken inzake geluid te adviseren. Aangezien de benodigde aanpassingenvoor geluid-industrielawaai en geluid-verkeer overeen komenis dit advies overeenkomstig voor beide aspecten. De overige adviezen herhalen wij in de tabel maar inhoudelijk verwijzen wij naar de eerdere adviezen. Datum 21 juli 2025 2 oktober 2025
Kenmerk Z-2025-110380 / D202500090660 2025, Z-2025-110380 /D202500122022
Citering Al A2
16 oktober 2025
Z-2025-110380 / D202500132347
A3
5 november 2025
Z-2025-120174 / D202500137517
A4
Onderwerp Beoordeling quickscan, diverse aspecten. Beoordeling eerste conceptstukken, diverse aspecten.
Beoordeling aangepaste conceptstukken, geluid-verkeer en luchtkwaliteit. Eerste beoordeling aanvraag omgevingsvergunning
Korte conclusie Thema Bodem
Biz. -
Beoordeling Akkoord
Opmerkingen en/of belemmeringen
Geluid - verkeer
3
Akkoord onder voorwaarden.
Luchtkwaliteit
-
Akkoord onder voorwaarden
Externe veiligheid
-
Akkoord onder voorwaarden
De akoestische onderzoeken voldoen op een kleine aanpassing na. Voor de interne geluidisolatie is aanpassing van het programma van eisen nodig. Er wordt voldaan aan de wettelijke eisen. Als aandachtspunt geldt de GGD-richtlijn evenals de mogelijkheden om gezondheidsschade te beperken. Wij adviseren dit beleidsmatig te overwegen (zie ook A3). Van belangis dat de maatregelen getroffen worden en het advies van de VRU opgevraagd en verwerkt wordt (zie ook A2 en A4).
Pagina 1 van 4
Milieuzonering Geluid industrielawaai Archeologie Ontplofbare Oorlogsresten (OO) Ecologie M.e.r.
Akkoord onder voorwaarden Akkoord onder voorwaarden Akkoord Akkoord
Aanvulling van de onderbouwing is nodig (zie A4).
Akkoord onder voorwaarden Akkoord
Aanvulling van de stukken wordt geadviseerd. Belemmeringen wordenniet verwacht(zie A4).
Zie geluid-verkeer, als hieraan voldaan wordtis ook het aspect industrielawaai akkoord.
Pagina 2 van 4
Geluid - wegverkeer Advies: 1. Akoestisch onderzoek wegverkeer en de motivatie goed te keuren. 2. Akoestisch onderzoek geluidwering gevel, na een kleine aanpassing, goed te keuren. 3. Het technisch programmavan eisen wijkt nog af van de rapporten en dient aangepast te worden voor juiste borging. Inhoudelijke onderbouwing 1.1 ETFAL is voldoende onderbouwd. In de aangepaste rapporten wordt nu meer onderbouwd waarom nogsprakeis van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat, het ontbreken van de geluidluwe gevels en buitenruimtes wordt besprokenen eris aangegeven dat naar de (meestoptimale) indeling is gekeken. Daarnaastzijn de goede interne isolatie en het te behalen binnenniveau ook onderdeel van deze onderbouwing geworden. Dit is akkoord. 1.2 Het te behalen binnenniveauis voldoende gemotiveerd. De opmerkingen die vorige keer zijn gemaakt over het binnenniveau zijn goed verwerkt. Dit is akkoord. Hetakoestisch onderzoek wegverkeer en de motivatie zijn daarmee akkoord. 1.3 Borging maatregelen.. Het advies om de borging op te nemenop tekeningen is niet opgevolgd, maar nu wordt verwezen naar een bijlage van het technisch programma vaneisen. Dit is akkoord, mits hier de juiste waarden zijn opgenomen, zie punt3.1.
2.1 Het rapport behoeft nog een kleine aanpassing In het rapport geluidwering gevel [2] is een vorige opmerking verwerkt (aanpassing tabel), maar dit is nog niet helemaal correct gedaan. Zie bijlage. Na aanpassing is het rapport akkoord. 3.1 Goedeinterne geluidsisolatie van belang. In de motivatie wordt nu aangegeven dat ook de interne geluidsisolatie moet worden meegenomen in de bredere afweging voor de ETFALtoets. Voor de borging wordt verwezen naar het technisch programma van eisen. Echter, daarin staan nog niet de juiste waarden. Met name de interneisolatie tussen de ruimten per huishouden is onvoldoende benoemd. Daarnaast moeterook ingezet worden op een goede isolatie tussen de ruimte per huishouden en de algemene verkeersruimte. In de bijlage gaan we hier naderop in. Aanpassingis nodig. Watis getoetst? 1. Akoestisch onderzoek Noodopvanglocatie COA Ir. D.S. Tuijnmanwegte Vianen, Aveco de Bondt, Aanvullende onderbouwing akoestiek, Aveco de Bondt BV,d.d. 6 november 2025, projectnummer 251497003, referentie 251497_AdB_RAP_0001_ v4.0; 2. Memo geluidwering gevels, Aveco de Bondt, d.d. 6 november 2025, referentie 251497_AdB_MEM_0101_ v4.0; 3. Noodopvanglocatie COAIr. D.S. Tuijnmanwegte Vianen Ruimtelijke motivatie, Aveco de Bondt, d.d. 7 november 2025, projectnummer251497; 4. Bijlage 1 ruimtetabel 2022 versie 1.7.xlsx, d.d. 10 november 2025.
Waaraanis getoetst? e Omgevingswet; e Besluit kwaliteit leefomgeving; e Evenwichtige toedeling van functies aan locaties; e Geluidbeleid gemeente Vijfheerenlanden.
Pagina 3 van 4
Bijlage Opmerking op rapport Geluidwering gevels Opmerking van vorige keeris niet goed verwerkt: Figuur 2 en paragraaf 1.3 (tabel 2) van het rapport geluidwering gevels [2] komen voor Gebouw 1 nog niet met elkaar overeen. Voor Gebouw is dit wel goed aangepast. In tabel 2 moeten de twee waarden voor Gebouw 1 nog worden aangepast. De resultaten in de bijlagen geven wel de juiste waarden. Opmerking op bijlage 1 technisch programmavaneisen (tPvE) Eerderis geadviseerd om voorde isolatie binnen het gebouwnietafte wijken (niet te versoepelen) van nieuwbouweisen bij woningscheidende functies. Nu zijn de volgende waarden opgenomenin het tPvE: De volgende waarden worden nu aangehouden voor slaapkamers: Max. geluidnivo - gebouwinstallaties (L Aeq): 30 dB.Dit is akkoord. Max. geluidnivo - omgeving: 33 dB (binnenniveau) > voordit plan is eerder afgestemddat dit niet haalbaaris en daarom afgeweken wordt naar maximaal 38 dB. Geluidsisolatie tussen ruimten onderling (R'w): 40 dB > dit is de isolatie tussen verblijfsruimten van één huishouden(en watdat betreft akkoord), maardit zegt onvoldoendeoverde isolatie tussen de verblijfruimten van verschillende huishoudens (woningscheidende functie). Er moet dan ook een categorie toegevoegd worden overde geluidsisolatie tussen verschillende huishoudens.
Geluidsisolatie tussen ruimte en verkeersruimten (R'w): 22 dB > Dit is te laag om een aanvaardbaar woon- en leefklimaat te garanderen, hierbij doelen we met name op de algemeneverkeersruimte die geen onderdeel vormtvan de verblijfsruimte(n) voor het huishouden. Aanpassing op bovenstaande punten is nodig.
Pagina 4 van 4
ADVIES 4 van 5 november 2025
(Omgevingsdienst regio Utrecht
ROM INTEGRAAL ADVIES Aan T.a.v. Onderwerp DSO-nummer AdviseurROM Telefoon Datum Kenmerk
Gemeente Vijfheerenlanden R. Bots, M. Ajouaou, J. Romijn ROM integraal advies Tuijnmanweg 1-3 te Vianen, eerste beoordeling aanvraag omgevingsvergunning 20251017 01015 Y. Smeets 088 - 022 50 00 5 november 2025 Z-2025-120174 / D2025-00137517
Inleiding Het COAheeft een aanvraag omgevingsvergunningingediendvoor de realisatie van tijdelijke noodopvang aande Tuijnmanwegter plaatse van nummers1 t/m 5 in Vianen. Het plangebied heeft een gemengde bestemming die voorzietin bedrijfsactiviteiten, kantoor en detailhandel. De noodopvang wordtin twee fasen aangevraagd: een eerste fase van 2 jaar voor de opvang van 250 personen en een tweede fase van 15 jaar voor de opvang van 336 personen. Voorliggende aanvraag voorziet enkel in fase 1. Eerder adviseerden we op diverse momenten over dezeplannen. In onderstaandetabel is een overzicht van eerder afgegeven adviezen opgenomen. Voor enkele aspecten zullen we opbasis van eerdere adviezen nu niet nader adviseren en hieraan refereren via opgenomen verwijzing. Datum 21 juli 2025 2 oktober 2025 16 oktober 2025
Kenmerk Z-2025-110380 / D202500090660 2025, Z-2025-110380 / D202500122022 Z-2025-110380 / D202500132347
Citering Ai A2 A3
Onderwerp Beoordeling quickscan, diverse aspecten. Beoordeling eerste conceptstukken, diverse aspecten. Beoordeling aangepaste conceptstukken, geluid-verkeer en luchtkwaliteit.
Korte conclusie
Thema
Biz.
Beoordeling
Bodem
-
Akkoord
Geluid - verkeer
3
Niet akkoord
Luchtkwaliteit
-
Akkoord onder voorwaarden
Externe veiligheid
5
Akkoord onder voorwaarden
Opmerkingen en/of belemmeringen
Uit eerdere onderzoekenblijkt dat de locatie nauwelijks verontreinigd is. Bodemonderzoekis daarom niet nodig. Als de buitenruimte als gebruiksruimte ingericht wordt (speelplek) adviseren wij hier de bodem nader te beoordelen (zie ook A1). Aanpassing van de stukken is nodig. Nadere motivering van het te behalen binnenklimaatis nodig. Er wordt voldaan aan de wettelijke eisen. Als aandachtspunt geldt de GGD-richtlijn evenals de mogelijkheden om gezondheidsschade te beperken. Wij adviseren dit beleidsmatig te overwegen (zie ook A3). Van belangis dat de maatregelen getroffen worden en het advies van de VRU opgevraagd en verwerkt wordt(zie ook A2).
Pagina 1 van 11
Milieuzonering
6
Geluid industrielawaai
9
Akkoord onder voorwaarden Niet akkoord
Archeologie
Akkoord
Ontplofbare Oorlogsresten (OO)
Akkoord
Ecologie
11
M.e.r.
-
Akkoord onder voorwaarden Akkoord
Aanvulling van de onderbouwing is nodig. Aanpassing van de stukken is nodig. Nadere motivering van het te behalen binnenklimaat nodig. Er geldt een hoge archeologische verwachting. Onderzoekis verplicht bij ingrepen groter dan 250 m2 en dieper dan 30 cm beneden het maaiveld. Er is sprake van een inpandige verbouwing zodathier geen sprake vanis. Archeologisch onderzoek of andere maatregelen zijn daarom niet nodig. Er worden geen belemmeringen verwachtop basis van het gemeentebrede onderzoek en de beperkte grondroerende werkzaamheden (zie ook A1). Aanvulling van de stukken wordt geadviseerd. Belemmeringen worden niet verwacht. Een project-mer-beoordelingsbesluit is niet nodig. N.a.v. eerder advies is de toelichting hierop aangepast(zie ook A2).
Pagina 2 van 11
Geluid - wegverkeer Advies: 1. De akoestische onderzoeken en de onderbouwing aan te laten passen. 2. Aandachtte besteden aan deinterne geluidsisolatie en dit te borgen. Inhoudelijke onderbouwing 1.1 De onderzoekenzijn goed uitgevoerd. Er wordt aangegeven dat sprake is van een worstcase situatie aangezien de situatie peiljaren betreft die meerin de toekomstliggen dan nodig. Er is nu in de motivering aangegevendat hetmetvolledige benutting van hetplafond is. Hoewel dit niet voor de gemiddelde lezer duidelijk zal zijn, is dit voor nu akkoord. 1.2 ETFALis nog niet voldoende geborgd. Zoals ook in de eerdere adviezen aangehaald is het nodig dat de aanvaardbaarheidin kader van de ETFALtoets opgenomen wordt in de onderbouwing. De volgende punten moeten hierin benoemd worden: e Eris sprake van een geluidsbelasting op de gevel waarmee de situatie als ‘tamelijk slecht’ tot ‘slecht’ gedefinieerd wordt. Ook wordt er niet ingegaan op het ontbreken van geluidluwe gevels en geluidluwebuitenruimtes. Dit moet onderdeel zijn van de onderbouwing waaromdesituatie voor twee jaar op deze wijze aanvaardbaar is. Op dit momentis dit onvoldoende benoemd. e Eris niet aangegeven waarom eenbetereindeling van de geluidgevoelige ruimtes (met name slaapkamers, woonkamers, leslokalen aan de geluidluwe kanten) niet mogelijk is. Aanvulling op dit punt is nodig om te voorzien in een volwaardige onderbouwing.
e Daarnaastzijn de goede interneisolatie en het te behalen binnenniveau ook onderdeel van deze volwaardige onderbouwing. Op deze punten gaan weseparaatin (1.3 en 2.1). 1.3 Het te behalen binnenniveau wordt onvoldoende gemotiveerd. Nu wordtin de verschillende documenten aangegevendathet ‘gewenste’ binnenniveau 38dB is. Vanuit een aanvaardbaar woon- en leefklimaat moet 33 dB het streven zijn en kan onderbouwd(dus bijvoorbeeld in deze situatie vanwege tijdelijkheid, bestaande bebouwing, urgentie, e.d.) 5 dB worden afgeweken. Ditis nu onvoldoende gedaan en er wordt gesproken over streven en een gewenstniveauin relatie tot de 38 dB. Dit geeft een verkeerd beeld van de situatie. In de bijlage hebben we de benodigde aanpassing aangegeven. 1.4 De behalen gevelwering is onvoldoende geborgd. Belangrijk is een goede borging van de maatregelen en gevelwering om te voldoen aan het binnen niveau van maximaal 38 dB of dat anders deze indeling (met geluidgevoelige ruimten) op deze plekken niet mogelijk is. Wij adviseren om dit te borgen doordit in de tekeningen op te nemen. 2.1 Goedeinterne geluidsisolatie van belang. In de motivering wordt gesteld dat als het eerder genoemde binnenniveau bouwkundig geborgd wordt het aspect geluid geen belemmering vormtvoor het planvoornemen. Ditis nietjuist.
Zoals benoemd moeter een bredere afweging plaatsvinden waaronder de ETFALtoets onder punt 1 omschreven. Daarnaast maar ook onderdeel daarvan is ook de interne geluidisolatie. Hier hebben we meermaals op gewezen maar hier is niet nader op ingegaan en/of geborgd. Wij wijzen hier nogmaals op en adviseren om de stukken hierop aante vullen. Ter volledigheid staat ons eerdere advies hierover in de bijlage. Kanttekening Uitgangspuntvoor bovenstaandadvies is de aanvraag voor noodopvang voor2 jaar. Bij verlenging hiervan zullen wij nader adviseren en kan dit afwijken van bovenstaandelijn.
Pagina 3 van 11
Watis getoetst? 1. Akoestisch onderzoek AZC te Vianen, Aveco de Bondt BV,d.d. 3 oktober 2025, projectnummer 251497003 > geen nieuw rapport tov van vorig advies; 2. Memo geluidwering gevels, Aveco de Bondt, d.d. 16 oktober 2025, referentie 251497_AdB_MEM_0101_v1.0; 3. Noodopvanglocatie COAIr. D.S. Tuijnmanweg te Vianen Ruimtelijke motivering, Aveco de Bondt, d.d. 16 oktober 2025, projectnummer 251497.
Waaraan is getoetst? e Omgevingswet; e Besluit kwaliteit leefomgeving; e Evenwichtige toedeling van functies aan locaties; e Geluidbeleid gemeente Vijfheerenlanden. Bijlage 1. _Eerdere advies interne isolatie Omdathetakoestisch leefklimaatniet alleen wordt bepaald door geluid van buiten, maar ook door geluid van binnen (burengeluid), stellen wij ook eisen aan de interne geluidswering bij transformatieprojecten. De luchtgeluidisolatie en contactgeluidisolatie van woningscheidende wandenen plafonds moeten in eerste instantie voldoen aan de nieuwbouweisenuit het Besluit bouwwerken leefomgeving. In het kader van ETFALhanteren wehierbij in principe de interne geluidwering tussen verschillende woonfuncties. Met een interne geluidwering waarbij uit wordt gegaan van het rechtens verkregen niveau, wordt geen gezond woon- en leefklimaat gerealiseerd. In het kader van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties kan een gemeente daartoe aanvullende, bovenwettelijke eisen stellen om dit alsnog te bewerkstelligen. Om een gezond woon- enleefklimaat te realiseren gaan we(in principe) uit van de nieuwbouweisen. Er moet daarom inzicht worden gegevenin de te behaleninterne geluidwering. Dus voorde isolatie binnen het gebouw adviseren wenietaf te wijken (niet te versoepelen) van nieuwbouweisenbij woningscheidende functies. 2. -
Opmerkingen Motivering: Zin aanpassen: Indien het gewenste binnenniveau bouwkundig wordt geborgd > gewenstniet opnemen, maar het aanpassenin ‘indien het binnenniveau van maximaal 38 dB wordt geborgd’. Zin aanpassen: Voor het gewenste kwaliteitsniveau voor de binnenwaardeis het streven om te voldoen aan een binnenwaarde van 38 dB. > streven niet noemen, maar 38 dB borgen. ‘Gewenst’ niet noemen, zie punt hiervoor.
3. -
Opmerking rapport gevelwering ‘Gewenste’ geluidwering aanpassen in maximaal toelaatbare binnenniveau. Opmerkingvan vorige keeris niet verwerkt: Verder nog graag een controle uitvoeren op Figuur 2 en paragraaf 1.3 (tabel 2) van het rapport geluidwering gevels [2]. Deze komen niet metelkaar overeen. Hetlijkt dat het gezamenlijke geluid in tabel 2 niet goed is weergegeven. Deresultaten in de bijlagen geven wel de juiste waarden. Dit graag aanpassen.
4. -
Opmerking akoestisch onderzoek ‘Gewenste’ geluidwering aanpassen in maximaal toelaatbare binnenniveau.
Pagina 4 van 11
Externe veiligheid Advies:
1.
Advies te vragen aan de VRU en de onderbouwing aan te laten passen.
Inhoudelijke onderbouwing 1.1 Het plangebied bevindtzich in een explosie- en gifwolkaandachtsgebied. In ons eerdere advies hebben weal geconcludeerd dat het stappenplanuit de regionale beleidsnotitie correct toegepastis. We hebben, gezien stap 4 en stap 7 hiervan geadviseerd advies te vragen aan de veiligheidsregio. Dit wordt ook in het onderzoek genoemd. In de onderbouwing (2) wordtdit advies herhaald, en geconcludeerd dat wanneerer voldaan wordt aan de bepalingen uit het onderzoek (1), externe veiligheid geen belemmering vormt. Er wordt in de onderbouwing gesteld dat aangeraden wordt om de maatregelen te treffen en, als gemeente hiertoe te besluiten, welke aanvullende maatregelen nodig zijn. Ter volledigheid merken wij op dat deze onderbouwinggericht is op het besluit van gemeente om t.z.t. te vergunnen en dus conclusies moet bevatten. De voorgestelde maatregelen moeten zodoende toegepast worden en vormenhetuitgangspunt. De tekst moet opdit punt aangepast worden. Ook wordt aangeraden om advieste vragen aan de veiligheidsregio, ook dit moet het uitgangspuntzijn en aangepast worden. Dit advies moet dus binnen zijn en verwerkt worden in de onderbouwing. Wat is getoetst? 1. Externe veiligheid / Opvang COAte Vianen; AVIV; 6 augustus 2025 2. Ruimtelijke motivatie Noodopvanglocatie COA Ir. D.S. Tuijnmanweg te Vianen; Aveco de Bondt; 16 oktober 2025.
Waaraan is getoetst? Beleid magneetveldzones hoogspanningslijnen; Wetvervoergevaarlijke stoffen; Regeling Basisnet; Omgevingswet; Besluit kwaliteit leefomgeving; Besluit activiteiten leefomgeving; Omgevingsbesluit; Omgevingsregeling; Gezamenlijke Beleidsnotitie Externe Veiligheid ODRU-gemeenten.
Pagina 5 van 11
Milieuzonering Advies 1. De onderbouwing aan te laten passen.
Inhoudelijke onderbouwing 1.1 De opvangligt nabij bedrijfsactiviteiten. Ten westen vanhet plangebied geldt de bestemming ‘bedrijventerrein’ en ten zuiden en noorden geldt de bestemming ‘gemengd’. Voor beide bestemmingen geldt de maximale milieucategorie 3.2 met een richtafstand van 100 meter, gerelateerd aan de richtafstanden van de VNG-handreiking 2009. Hier wordt niet aan voldaan. Ookniet als er sprake zou zijn van gemengd gebied(richtafstand 50 meter). In bijlage 4 Quickscan bedrijven en milieuzonering is gekeken naar de werkelijke situatie. Het gaat met name om kantoor en opslag. Er moet zodoende beoordeeld wordenof er sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat en in hoeverre omliggende bedrijven niet onevenredig belemmerd worden. 1.2 Vanwege de mogelijk toekomstige geluidbelasting zijn maatregelen nodig. Hetbetreft een (geluid)gezoneerd bedrijventerrein. Inzake het aspect geluid vanwege bedrijven is een separaat advies opgenomen. Hieruit blijkt dat de geluidbelasting door de feitelijk aanwezige activiteiten aanvaardbaar is. Bij volledige benutting van de geluidruimte is er wel sprake van een belaste situatie en moeten er maatregelen wordengetroffen. Mits deze getroffen worden is er sprake van een aanvaardbare situatie. Voor de specifieke maatregelen en achtergronden verwijzen wij naar het separate advies geluid industrielawaai.
1.3 Geur doorfeitelijke activiteiten is aanvaardbaar. Uit artikel 5.92 BkI volgt dat geur dooractiviteiten op geurgevoelige gebouwen aanvaardbaar moetzijn. Het Bkl bevat geen standaardwaardenvoorindustriéle geur. In paragraaf 4.13 van de onderbouwing wordt aangegeven dat in de directe omgeving geen bronnen aanwezig zijn die geuremissie veroorzaken. Het woon — enleefklimaat vanwege de feitelijke activiteiten is zodoende aanvaardbaar. 1.4 Toekomstige activiteiten kunnen nadelig zijn voor het woon- en leefklimaat. Hetis niet uitgesloten dat in de directe omgeving van het plangebied in de toekomst andere bedrijfsactiviteiten uitgevoerd worden die meer overlast op andere aspecten, met name geur, veroorzaken. Wij achten de kanshierop gezien de periode van 2 jaar beperkt, het is wel van belang omdit te betrekken bij de belangenafweging. Voor geluidgevoelige gebouwen op een gezoneerd industrieterrein gelden niet de geluidnormen uit het Omgevingsplan. Bedrijven zullen dan ook niet belemmerd worden doorrealisatie van de noodopvang. Daarnaast is geblekendatbij volledige benutting er, mits maatregelen worden getroffen, sprake kan zijn van een aanvaardbaresituatie. Wij verwachten dan ookniet dat de bedrijven akoestisch belemmerd zullen worden. 1.5 Er staat een tekstuele verschrijving in paragraaf 4.6.
In paragraaf 4.6 van de onderbouwing staat: ‘Inmiddels is een opvolger van deze handreiking beschikbaar, maardezeis nog niet geimplementeerd in de gemeente Raalte.’ Dit moet gemeente Vijfheerenlandenzijn. Kanttekeningen 1. Het plangebied behoort tot een gezoneerdindustrieterrein. Voorliggende situatie betreft het realiseren van een tijdelijke opvanglocatie. Het huisvesten van personen op een gezoneerdindustrieterrein is kritisch. We benadrukken dat een meer permanente woonsituatie onwenselijk wordt geacht en uitgesloten moet worden. 2. Deplanologische mogelijkheden van de grondenter hoogte van de bedrijven moeten in acht worden genomen. Indien de ontwikkeling een belemmering vormtvoor de uitbreidingsmogelijkheden, kan dat een aanleiding zijn om een beroep te doen op nadeelcompensatie. Aangezien het gaat om een COA voor maar2 jaar, kan dit alleen aan de ordezijn als er concrete plannen zijn voor uitbreiding die nu wel zouden kunnenennarealisatie van de opvanglocatie niet meer. Pagina 6 van 11
Watis getoetst? e Quickscanbedrijven en milieuzonering Noodopvanglocatie COA — Ir. D.S. Tuijnmanwegte Vianen, projectnummer 251497, 26 september 2025. e Ruimtelijke motivatie Noodopvanglocatie COA Ir. D.S. Tuijnmanwegte Vianen, projectnummer 251497, 16 oktober 2025. Waaraan is getoetst? e Besluit kwaliteit leefomgeving (artikel 8.0a lid 2, 8.0b, 8.0e): o evenwichtige toedeling van functies aan locaties o instructieregels H5 Bkl e Omgevingsplan gemeente Vijfheerenlanden e VNG-handreiking bedrijven- en milieuzonering (2009)
Pagina 7 van 11
Bijlage - Achtergrondinformatie Evenwichtige toedeling van functies aan locaties Een omgevingsplan moetzien op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL). Ook voor een omgevingsvergunning buitenplanse omgevingsactiviteit geldt dat deze alleen mag worden verleend methet 00g op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (zie artikel 8.0a, tweedelid van het Bkl). Het begrip ‘evenwichtige toedeling’ is in het Bkl niet nader omschreven. Het bevoegd gezag heeft beleidsruimte omin te vullen wat een evenwichtige toedeling is en moet de betrokken belangen afwegen. In dit deeladvies is aangesloten bij hetcriterium ‘goede ruimtelijke ordening’ dat gold onder de Wet ruimtelijke ordening en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. ETFALbetekentin elk geval dat wordt getoetst aan de instructieregels in afdeling 5.1 Bkl. Deze instructieregels gelden ook bij het beoordelen van een omgevingsvergunning buitenplanse omgevingsplanactiviteit (zie artikel 8.0b Bkl). Voor milieuzonering gaat het om paragraaf 5.1.4 (beschermen van de gezondheid en van het milieu). De instructieregels over geluid/trillingen/geur zijn van toepassing op hettoelaten van: een activiteit, anders dan het wonen, die geluid/trillingen/geur veroorzaakt op een geluidgevoelig gebouwdatis toegelaten op grond van een omgevingsplan.
een gevoelig gebouw waaropgeluid/trillingen/geur wordt veroorzaakt door een toegelaten activiteit, anders dan het wonen. Gevoelige gebouwen In het BkI staan gevoelige gebouwen gedefinieerdin artikel 3.21 (geluidgevoelig), artikel 5.91 (geurgevoelig) en artikel 5.80(trillinggevoelig). Deze artikelen komen overeen. Een gevoelig gebouwis: a. woonfunctie en nevengebruiksfuncties daarvan; b. onderwijsfunctie en nevengebruiksfuncties daarvan; c. gezondheidszorgfunctie met bedgebied en nevengebruiksfuncties daarvan; d. bijeenkomstfunctie voor kinderopvang met bedgebied en nevengebruiksfuncties daarvan. De gemeente mag aanvullend andere gebouwen aanwijzen (dit staat in artikel 5.91 lid 4 Bkl). Zolang de gemeente het omgevingsplanniet heeft gewijzigd, gaan wij uit van geurgevoelig object, zoals vermeldin het omgevingsplan. De gemeente heeft namelijk dan nog geen keuze gemaakt om wel ofniet extra gebouwen aan te wijzen. Geurgevoelig gebouw of geurgevoelig object In de bruidsschat staat geurgevoelig object in plaats van geurgevoelig gebouw. Een geurgevoelig objectis een gebouw, bestemd vooren geschikt om te worden gebruikt voor menselijk wonen of menselijk verblijf en die daarvoor permanentof een daarmeevergelijkbare wijze wordt gebruikt (langdurige blootstelling).
Bij het beoordelenof bestaande activiteiten worden belemmerd, wordt rekening gehouden metde regels in het omgevingsplan, dat wil zeggen geurgevoelig object in plaats van geurgevoelig gebouw (zolang de gemeentedit niet heeft gewijzigd). Tijdelijke gebouwen (maximaal 10 jaar) Deinstructieregels in paragraaf 5.1.4.2. (geluid dooractiviteiten) van het BkI zijn niet van toepassing op het toelaten van een geluidgevoelig gebouw dat op grond van een omgevingsplan of een omgevingsvergunning buitenplanse omgevingsplanactiviteit is toegelaten voor een duur van niet meer dantien jaar. Dit geldt ook voortrillingen (zie artikel 5.79), slagschaduw (artikel 5.89a), en geur (zie artikel 5.90). De instructieregels voor aanvaardbaarheid gelden wel. VNG-handreiking In het gemeentelijk omgevingsplan is nog geen zonering opgenomen die in lijn is met de VNG Handreiking Activiteiten en milieuzonering uit 2024. In dit deeladvies is de VNG-publicatie Bedrijven en milieuzonering uit 2009 gebruikt om te onderbouwen dat aan ETFALis voldaan.
Pagina 8 van 11
Geluid - industrielawaai Advies: 1. De onderbouwing aan te laten passen. Inhoudelijke onderbouwing 1.1 De geluidbelasting vanwegefeitelijk aanwezige bedrijven is aanvaardbaar. Uit de berekeningen op basis van de huidige activiteiten blijkt dat de geluidbelasting vanwege bedrijfsactiviteiten relatief laag is. In de dagperiode bedraagt deze maximaal 53 dB(A), in de avond- en nachtperiodeis de geluidbelasting iets lager, namelijk 47 en 42 dB(A). In de situatie zoals feitelijk aanwezig betekentdit dat watbetreft industrielawaai sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat in het plangebied. 1.2 In de toekomstkan ersprakezijn van een hogere geluidbelasting. Hetis niet uitgesloten dat in de directe omgeving van het plangebied in de toekomst andere bedrijfsactiviteiten uitgevoerd worden met meer geluidhinder (nieuwvestigingof uitbreiding). Uitgaande van een periode van maximaal 2 jaar kan verwacht wordendatvolledige benutting van de geluidruimte niet aan de orde zou zijn, maar het is van belang om het worstcase scenario wel te beoordelen. Uit de doorons uitgevoerde berekeningen is gebleken datin de huidige situatie de geluidzone niet geheel wordt opgevuld en dat er nog geluidruimte beschikbaar is voor de bedrijven.
De berekende geluidbelasting voor eensituatie met volledige benutting van de geluidsruimte voor bedrijven bedraagt op gebouw 1d ten hoogste 60 dB(A) en op gebouw5 ten hoogste 61 dB(A)'. Dit is een zodanig hoge belasting dat niet zonder meer sprake is van een aanvaardbaar woon- enleefklimaat. Er moet daarom beter onderbouwd worden waarom ook deze geluidsniveaus aanvaardbaar worden geacht. 1.3 De berekende geluidwering van de gevel garandeert niet dat een aanvaardbaar woonklimaat wordt gewaarborgd. Er wordt nog niet voldoende geborgd dat sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. De geluidbelasting op de gevel is hoog. Juist op zulke locaties is het van belang om een rustige binnenruimte te creeéren. Bij de berekeningen van de geluidwering van de gevel is uitgegaan van het binnenniveau van 38 dB. In enkele vertrekken wordt aan deze waardeniet voldaan. Vanuit een aanvaardbaar woon- en leefklimaat moet gestreeft worden naar de binnenwaarde van 33 dB. Afwijking kan indien goed onderbouwd. Verblijfruimtes met de geluidbelasting in de ruimte hoger dan 38 dB zijn ongewenst. In de onderbouwing moethier nader op ingegaan worden. Zie ook het advies geluid-verkeer, het gezamenlijk geluid is het uitgangspunt in dit kader. Aanvulling van de onderbouwingopdit punt, is gelijk aan dit advies nodig. 1.4 Interne geluidisolatie is niet onderbouwd.
In onderzoeken is interne geluidisolatie niet meegenomen, terwijl dit aspect ook bepalend is voor de woonkwaliteit. Hiervoor kan worden uitgegaan van de eisen aan de interne geluidswering bij transformatieprojecten. Zie ook hiertoe mede het advies geluid-verkeer. Aanvulling van de onderbouwing is nodig. Kanttekeningen Het plangebied behoort tot een gezoneerdindustrieterrein. Voorliggende situatie betreft het realiseren van een opvanglocatie. Het huisvesten van personen op een gezoneerdindustrieterrein is kritisch. We benadrukken dat een meer permanente woonsituatie onwenselijk wordt geacht en uitgesloten moet worden. Watis getoetst? 1. Akoestisch onderzoek AZC te Vianen, Aveco de Bondt BV,d.d. 3 oktober 2025, projectnummer
251497003
Nummering gebouwen overeenkomstig figuur 2, Notitie geluidwering gevels d.d. 16 oktober 2025, Aveco De Bondt
Pagina 9 van 11
2. 3.
Memo geluidwering gevels, Aveco de Bondt, d.d. 16 oktober 2025,referentie 251497_AdB_MEM_0101_v1.0; Noodopvanglocatie COAIr. D.S. Tuijnmanweg te Vianen Ruimtelijke motivering, Aveco de Bondt, d.d. 16 oktober 2025, projectnummer251497.
Waaraanis getoetst? e Omgevingswet; e Besluit kwaliteit leefomgeving; e Evenwichtige toedeling van functies aan locaties; e Geluidbeleid gemeente Vijfheerenlanden.
Pagina 10 van 11
Ecologie Advies: 1. De onderbouwing aan te laten vullen. 2. Geen ecologische belemmeringen te verwachten. Inhoudelijke onderbouwing 1.1 Verstoring van soorten wordt niet verwacht. Wehebbengeconstateerd dat in het SMP onderzoek van de gemeente geen huismusnesten en gierzwaluwnestenopdeprojectlocatie zijn aangetroffen. Er zijn enkele foeragerende dwergvleermuizen gezien, maar er volgen geenverblijfplaatsen van vieermuizen uit dit onderzoek. Wij hebben ook de projectlocatie bezocht om te kijken of er achter de gevelplaten van het kantoor nog ruimtes zitten die vleermuizen kunnen benutten. Datis niet het geval. Wij onderschrijven dan ook de conclusie uit de onderbouwing. Weraden wel aan ombij de tekst in de onderbouwing ookte verwijzen naar het uitgevoerde ecologisch onderzoek voor het SMP van de gemeente. Ookvolgt uit de beleidslijn behorende bij de SMP dat er gekeken moet worden naar het aanbrengen van voorzieningen voor beschermde soorten bij verbouw aan de gevel. We adviseren hieropin te gaan in de onderbouwing. 2.1 De beschermde natuurwaarden niet worden geschaad. Er zijn geen negatieve effecten voor beschermde soorten (zie 1.1) en beschermde natuurgebieden(als gevolg van stikstof, zie ook A2) door dit project. Er zijn zodoende geen ecologische belemmeringen zodat er sprake is van een ETFAL. Watis getoetst? e Ruimtelijke motivatie Noodopvanglocatie COA — Ir. D.S.
Tuijnmanwegte Vianen door Aveco de Bondt van 16 oktober 2025 met kenmerk 251497 Waaraan is getoetst? e¢ Omgevingswetonderdeel natuur. e¢ Omgevingsverordening provincie Utrecht 2024.
Pagina 11 van 11
ADVIES 3 van 16 oktober 2025
(Omgevingsdienst regio Utrecht
ROM ADVIES Aan T.av. Onderwerp AdviseurROM Telefoon Datum Kenmerk
Gemeente Vijfheerenlanden M. Ajouaou, R. Bots ROMadviesIr D S Tuijnmanweg1-3-5 Vianen, vestiging AZC, derde advies Y. Smeets 088 - 022 50 00 16 oktober 2025 Z-2025-110380 / D2025-00132347
Inleiding Het COAbereidt een aanvraag omgevingsvergunning voordie voorziet in het realiseren vantijdelijke noodopvang aan de Tuijnmanwegter plaatse van nummers1 tm 5 in Vianen. Het plangebied heeft een gemengde bestemmingdie voorzietin bedrijfsactiviteiten, kantoor en detailhandel. De noodopvang wordt in twee fasen aangevraagd: een eerste fase van 2 jaar voor de opvang van 250 personen en een tweede fase van 15 jaar voor de opvang van 336 personen. Eerder (21 juli 2025) adviseerden we over de opgestelde quickscan door Witteveen en Bos. Daarnaast adviseerden werecent(2 oktober 2025, Z-2025-110380 / D2025-00122022) over diverse conceptstukken. In vervolg hierop zijn de akoestische stukken aangepast en is een memo inzake gevelwering opgesteld. Wij zijn door de gemeente gevraagd hierop te reageren, met name vanwegehetfeit dat het geluidsniveau in drie ruimten niet voldoet aan de eerder gestelde binnenwaarde. Daarnaastis de aangepaste ruimtelijke onderbouwing gedeeld en heeft de gemeente ons gevraagd deze voorhetaspectluchtkwaliteit te beoordelen. Korte conclusie Thema Geluid - verkeer
Biz. 2
Beoordeling Niet akkoord
Luchtkwaliteit
4
Akkoord onder voorwaarden
Pagina 1 van 5
Opmerkingen en/of belemmeringen Overschrijding van de binnenwaarde van 38 dB is niet akkoord. Aanpassing van de akoestische onderzoeken is nodig alsook aanvulling van de ETFALmotivering. De onderbouwing ten aanzien van de wettelijke eisen is voldoende. Wel geldt de GGD-richtlijn als aandachtspunt evenals de mogelijkheden om gezondheidsschade te beperken. Wij adviseren daaroverbeleidsmatig een standpuntin te nemen.
Geluid - wegverkeer Advies:
1. 2.
De akoestische rapporten en de onderbouwing aan te laten passen. Verderin te gaan op de interne geluidsisolatie.
Inhoudelijke onderbouwing 1.1 Meerduidelijkheid over representatieve verkeersgegevensis nodig. Deinitiatiefnemer heeft akoestisch onderzoeklaten uitvoeren naar de geluidbelasting door wegverkeer en naar de geluidwering van de gevel. De onderzoeken zijn goed uitgevoerd. De waarden kunnen als betrouwbaar wordengezien als uitgegaan wordt van de gekozen uitgangspunten. Die uitgangspunten gaan uit van een worstcasesituatie met peiljaren die verder in de toekomstliggen dan nodig. Hoewel dit een zorgvuldige benaderingis, roept het de vraag opof dezesituatie wel representatief is voor de werkelijke omstandigheden. Als dit niet representatief is, dient aangegeven te worden wat dan wel representatief is en hoeveel dit scheelt met de nu berekende geluidswaarden. Hier moet nader op worden ingegaan in het akoestisch onderzoek. 1.2 Een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL) is nog niet aangetoond. In de akoestische onderzoeken is geen beoordeling opgenomen in het kader van ETFAL. Dit moet alsnog opgenomen worden of er moet verwezen worden naar de motivering. De motivering zal dan wel aangevuld moeten worden, deze voldoet op dit moment nogniet.
Er moet nader onderbouwd worden waarom nogsprakeis van een aanvaardbaar (akoestisch) woon- en leefklimaat in het kader van: De belasting op de gevel van ‘tamelijk slecht' tot ‘slecht’ > waaromis dit aanvaardbaar en wat is de reductie als van (meer) representatieve verkeersgegevens wordt uitgegaan? Het ontbreken van geluidluwe gevels en geluidluwe buitenruimtes > waaromis dit aanvaardbaar? Geluidwering van de gevel (het binnenniveau van maximaal 38 dB) > op welke manier kan hieraan wordenvoldaanenzijn er mogelijkheden om de gebouwen andersin te delen: geluidgevoelige ruimtes (met name slaapkamers, woonkamers, leslokalen) zoveel mogelijk aan de geluidluwere zijden? Een goede interne isolatie, zie punt 2.1. 1.3 Overschrijding van de binnenwaardevan 38 dBis niet akkoord. Nu wordtin de verschillende documenten aangegeven dat het gewenste binnenniveau 38 dB is. Vanuit het principe van een aanvaardbaar woon- enleefklimaat is echter 33 dB de standaardwaarde die nagestreefd wordt. In bepaalde gevallen mag hiervan gemotiveerd worden afgeweken, bijvoorbeeld in dezesituatie vanwege hettijdelijke verblijf, bestaande bebouwing, urgentie, e.d. Door 38 dB nu als ‘gewenst’ niveau te benoemen, lijkt een overschrijding van 2 dB (bijvoorbeeld naar 40 dB) beperkt. Maardat is misleidend: het uitgangspuntis 33 dB. De 38 dB is al een versoepeling van die norm met 5 dB.
Een verdere overschrijding van deze grens van 38 dB is dan ook niet akkoord. Oplossingen voorhet verlagen van het binnenniveau kunnen worden gezocht in het beter indelen van het gebouw doorop de slechtste plekken (voor geluid) hier geen geluidgevoelige ruimtente situeren (of maatregelen te treffen). 1.4 Het gezamenlijk geluid is onjuist weergegeven In het rapport geluidwering gevels is in figuur 2 en paragraaf 1.3 (tabel 2) het gezamenlijk geluid niet goed weergegeven. Deresultaten in de bijlagen geven welde juiste waarden. Aanpassing is nodig. 2.1 Goedeinterne geluidsisolatie is mede bepalend. In ons eerdere advies zijn we al ingegaan op het belang van de goede interne geluidsisolatie. Dit herhalen wij hier nogmaals, aangezien dit meegenomen moet worden in de ETFAL beoordeling. Het akoestisch woon- en leefklimaat wordt namelijk niet alleen bepaald door geluid van buiten, maar ook door overige geluidsbronnen die aanwezige personen ervaren. Wij adviseren dan ook om de luchtgeluidisolatie en contactgeluidisolatie van de woonruimte scheidende wanden en plafonds in eerste instantie te laten voldoen aan de nieuwbouweisenuit het Besluit bouwwerken leefomgeving. In het kader van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties kan een gemeente daartoe aanvullende eisen stellen. Er Pagina 2 van 5
moetdaarominzicht worden gegeven in de te behalen interne geluidwering. In de bijlage lichten we dit
toe.
Watis getoetst? e Akoestisch onderzoek AZC te Vianen, Aveco de Bondt BV,d.d. 3 oktober 2025, projectnummer 251497003; e Memo geluidwering gevels, Aveco de Bondt, d.d. 7 oktober 2025, referentie 251497_AdB_MEM_0101_v1.0; e Noodopvanglocatie COAIr. D.S. Tuijnmanwegte Vianen Ruimtelijke motivering, Aveco de Bondt, d.d. 7 oktober 2025, projectnummer 251497002. Waaraan is getoetst? e Omgevingswet; Besluit kwaliteit leefomgeving; Evenwichtige toedeling van functies aan locaties; Geluidbeleid gemeente Vijfheerenlanden. Achtergrondinformatie Toelichting aanvaardbaar woon- enleefklimaat Indien geen aanvaardbaar woon-en leefklimaat kan worden gegarandeerd, dan is datin strijd met een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Jurisprudentie laat zien dat daarbij verder gekeken wordt dan strikt het toepassen van wettelijke eisen. Daaromis bij een ruimtelijke procedure mettransformatie ookinzicht in de akoestische kwaliteit van de verblijfsruimten nodig omdat deze direct gerelateerd is aan de gezondheid van de toekomstige gebruikers. Zoweldeinitiatiefnemer als de gemeente dienen hier aandacht aan te besteden. De (landelijke) ervaring leert dat dit in de praktijk niet altijd adequaat gebeurt en dat objecten met een lage akoestische kwaliteit worden gerealiseerd. Dit kan leiden tot klachten en/of gezondheidsproblemenbij (tijdelijke) bewoners.
De haalbaarheid van een goede akoestische kwaliteit kan worden onderzocht doorde inventarisatie van de volgende punten: 1. Het geluidsniveau binnen objecten vanwege buitengeluiden zoals het wegverkeer. 2. De te verwachteninterne geluidisolatie (lucht- en contactgeluidisolatie) tussen de ruimten op basis van de huidige constructie en de (on)mogelijkheden om dezete verbeteren. Denk daarbij aan het voorkémenvan geluid van buren (verschillende dynamiek tussen woonkamer en slaapkamers), verkeersruimten (gang)eninstallaties (we,lift, verwarmingsketel, mechanische ventilatieboxen). 3. Het voldoen aan de beleidsregel hogere waarden Wetgeluidhinder(indien nog niet is omgezet naar beleidsregels onder de Omgevingswet). Indien uit de inventarisatie blijkt dat in alle redelijkheid voldaan kan wordenaande eisen voor nieuwbouw, dan zal de gemeentehiervan uitgaan. Indien dit praktisch en/of financieel niet mogelijk blijkt, kan in overleg van de nieuwbouweisen afgeweken worden. Dat kan bijvoorbeeld een hogere binnenwaarde vanwege wegverkeervan 38 dB zijn (bestaandesituatie) of een lagere geluidsisolatie van wanden en vloeren. De drie beschreven punten worden in samenhang bekeken. De kwaliteit kan bijvoorbeeld beschreven worden in kwaliteitsklassen conform de NEN 1070-1999 of een vergelijkbare methodiek.
Pagina 3 van 5
Luchtkwaliteit Advies: 1. De onderbouwing goedte keuren voor het aspectluchtkwaliteit. 2. Een nadere beleidsmatige afweging te maken. Inhoudelijke onderbouwing 1.1 Het wettelijk kader is volledig omschreven. In de paragraafluchtkwaliteit is het wettelijk kader volledig en juist omschreven. 1.2 Er is inzicht gegevenin de huidige en toekomstige luchtkwaliteit. De benoemde waarden voor NOzenfijn stof (PM10 en PM2,5)laten zien dat aan de wettelijke grenswaarden voor NOzen fijn stof (PM10 en PM2,5) wordt voldaan. 1.3 Met de toetsing NIBM is aangetoond dat wordt voldaan aan de eisen uit de Omgevingswet. In de paragraafluchtkwaliteit is aangetoonddat hetproject niet in betekenende mate bijdraagt aan de luchtverontreiniging. Nader onderzoek is daarmeeniet nodig. 2.1 Het AZCligt binnen 150 meter van de snelweg. Ookals er wordt voldaan aan de wettelijke grenswaarden treedt gezondheidsschade op. De GGD adviseert daarom om nieuwe gevoelige functies, inclusief woningen en ziekenhuizen, ten minsteniet binnen 150 meter van een snelwegen niet binnen 25/50 meter’ van een drukke weg met meer dan 10.000 motorvoertuigen per etmaal te bouwen. Dit is onafhankelijk van de vraag of de grenswaarden wordenoverschreden ofniet. In dit geval wordt er een AZC gerealiseerd binnen 150 meter van de snelweg. Hiermeeligt deze binnende zone uit deze GGD-richtlijn.
Dit betreft geen wettelijke belemmering voorhet plan maar wij adviserendit wel te betrekken bij de verdere beleidsmatige afweging. Daarbij kan de GGD om advies gevraagd worden. Onder het kopje achtergrondinformatie is nadere informatie opgenomen over de GGD-richtlijn. 2.2 Beperking van de gezondheidsschade is mogelijk. Dit kan bijvoorbeeld door gevoelige(r) groepen zo ver mogelijk van de wegte plaatsen en buitenruimtes en ventilatie-openingen zoveel mogelijk aan de luwezijde van de wegte realiseren. Ook kan ervoor gekozen worden de meest gevoelige groepen hierniet te plaatsen. Dit betreft kinderen, ouderen, zwangere vrouwen en mensen metlong-, hart-, vaatziekten of diabetes. De GGD kan hierover nader adviseren. Een adviesvraag kan gemaild worden naar mmk@ggdru.nl. Kanttekeningen 1.1 De grenswaarden wordenin de nabije toekomst aangescherpt.? De EU-lidstaten in de Raad van de EU en het Europese Parlement hebbenop 20 februari 2024 een voorlopig akkoord bereikt voor de Richtlijn Luchtkwaliteit. De richtlijn is op 14 oktober 2024 door de Raad van de EU bekrachtigd. Daarna hebbende lidstaten twee jaar om de richtlijn in nationale wetgeving om te zetten. De grenswaarden worden aangescherpt naar: e¢ 20 g/m? voor NOz2in 2030; e 20 g/m? voor PM10 in 2030; e 10 yg/m? voor PM2,5 in 2030. Aan de nieuwe grenswaarde voor PM2,5 wordtnu niet voldaan.
Hetis niet bekend wat er met de NIBM-regeling gaat gebeuren.
125 meter binnen bebouwde kom,50 meter buiten bebouwde kom
? https://www.consilium.europa.eu/en,
uality-council-gives-final-green-light-
to-strengthen-standards-in-the-eu/
https://iplo.nl/thema/lucht/nieuws-lucht/2024/europese-raad-geeft-groen-licht-aanscherping/ Pagina 4 van 5
1.2 Er is niet ingegaan op de advieswaarden van de WHO. Als aan de wettelijke grenswaarden wordt voldaan, is er nog steeds kans op gezondheidsschade door luchtverontreiniging. De WHO hanteert daarom advieswaarden voordie lager zijn dan de wettelijke grenswaarden. Bovendien is gebleken dat NOzenfijn stof schadelijker zijn dan gedacht. De WHO heeft daarom op 22 september 2021 de advieswaarden voor zowel NOz, PM10 en PM2,5 drastisch verlaagt naar respectievelijk 10, 15 en 5 microgram per m3. Hoewel naar verwachting de komende jaren de lucht een stuk schoner wordt, wordt nog geen van deze WHO-advieswaarden in de nabije toekomst gehaald. Watis getoetst? e Noodopvanglocatie COAIr. D.S. Tuijnmanweg te Vianen Ruimtelijke motivering, Aveco de Bondt,d.d. 7 oktober 2025, projectnummer251497002. Waaraanis getoetst? e Omgevingswet; e Besluit kwaliteit leefomgeving; e GGD Richtlijn Luchtkwaliteit en Gezondheid, 9 maart 2023. Achtergrondinformatie: Gevoelige bestemmingen op afstand van drukke wegen (GGDRichtliin Luchtkwaliteit en Gezondheid) Gezondheidsrisico’s van omwonenden nemen toe naarmate de afstand tot de weg kleiner is, ook wanneer de luchtkwaliteit aan de Europese grenswaardenvoldoet. Woningen en voorzieningen waar kinderen, ouderen, zwangere vrouwen of mensen met een zwakke gezondheid langdurig verblijven moeten daarom op ruime afstand van drukke wegen worden gerealiseerd.
Epidemiologische studieslaten zien dat mensen die veel tijd doorbrengenin de buurt van een drukke weg een groterrisico hebben op negatieve gezondheidseffecten. Gezondheidseffecten nabij drukke wegen worden niet veroorzaakt door één of enkele componenten van het luchtverontreinigingsmengsel, maar door het gehele mengsel aan luchtverontreinigende stoffen. Afstand tot de weg is daarom de beste maat voor het beschermen tegen het extra gezondheidsrisico dooruitstoot van luchtverontreiniging van verkeer. Deinvloed van verkeerop luchtkwaliteit en gezondheid is tot op grote afstand merkbaar. Hoe verder van
de weg, hoe minder risico.
Kinderen (<18 jaar), ouderen (>65jaar), zwangere vrouwen(in verband met hun ongeboren baby) en mensenmet bestaande luchtwegaandoeningen, hart- en vaataandoeningen endiabeteszijn extra gevoelig voor de effecten van luchtverontreiniging. Hun gezondheid kan beschermd worden door hen niet langdurig nabij drukke wegen te laten verblijven. Gevoelige functies zijn voorzieningen waar mensendie tot de hoog gevoelige groepen behoren veel tijd doorbrengen. Tot gevoelige bestemmingen behoren in elk geval: woningen, woonzorgcentra, kinderdagverblijven, scholen en buitenschoolse opvang. De GGD’en adviserente streven naar een zo goed mogelijke luchtkwaliteit om daarmee de gezondheid te beschermen. Om hooggevoelige groepen te beschermentegen de extra gezondheidsrisico’s door de uitstoot van verkeer, adviseren de GGD’en: e Situeer gevoelige functies op zoveel mogelijk afstand van drukke wegen, onafhankelijk van de achtergrondconcentratie ter plaatse. e Hoe verder van de weg, hoe schonerde lucht en dus hoe gezonder. Meerafstandleidt tot meer gezondheidswinst. Hanteerhierbij de volgende minimale afstanden: o
o o
Snelweg: ten minste 150 meter;
Drukke weg buiten de bebouwde kom (>10.000 motorvoertuigen per etmaal): tenminste 50 meter;
Drukke weg binnen de bebouwde kom (>10.000 motorvoertuigen per etmaal): fenminste 25 meter.
Pagina 5 van 5
ADVIES 2 van 2 oktober 25
ROM INTEGRAAL ADVIES Aan T.av. Onderwerp AdviseurROM Telefoon Datum Kenmerk
(Omgevingsdienst regio Utrecht
Gemeente Vijfheerenlanden M. Ajouaou, R. Bots ROMintegraal advies Ir D S Tuijnmanweg 1-3-5 Vianen, vestiging AZC Y. Smeets 088 - 022 50 00 2 oktober 2025 Z-2025-110380 / D2025-00122022
Inleiding Het COAbereidt een aanvraag omgevingsvergunning voor die voorziet in het realiseren van tijdelijke noodopvang aan de Tuijnmanwegter plaatse van nummers1 t/m 5 in Vianen. Het plangebied heeft een gemengdebestemmingdie voorzietin bedrijfsactiviteiten, kantoor en detailhandel. De noodopvang wordt in twee fasen aangevraagd: eeneerste fase van 2 jaar voor de opvang van 250 personen en een tweede fase van 15 jaar voor de opvang van 336 personen. Eerder (21 juli 2025) hebben wij geadviseerd over de opgestelde quickscan door Witteveen en Bos. Er wordt gewerkt aan de benodigde onderzoeken aangezien het de wens is om opkorte termijn de eerste vergunning (voor 2 jaar) aan te vragen. Op dit moment is er een notitie externe veiligheid, een akoestisch onderzoek, een concept m.e.r.-beoordeling en een stikstofberekening opgesteld. Tevensis er een notitie inzake milieuzonering opgesteld waarbij met name de akoestische situatie relevantis. Ten aanzien van deze stukken heeft de gemeente ons gevraagd te adviseren vooruitlopend op de verdere uitwerking en naderte ontvangenstukken. De notitie inzake milieuzonering moet op veel onderdelen nog aangepast worden. In dit advies wordt daarom voor dit aspect nu enkel vanuit industrielawaai gereageerd. Geluidgevoeligheid Belangrijk element voor meerdere onderdelen betreft de geluidgevoeligheid van de opvanglocatie.
Daarbij spitst de eerste vraag zich toe op het gebruik: is het aan te merken als logies of woonfunctie? Op basis van de wet- en regelgeving alsmede delijn in de jurisprudentie is dit niet eenduidig te stellen. Zo stelt de begripsbepaling voor logies (Onderdeel B bijlage | Bbl) dat hettijdelijk onderdak aan personen bieden gezien wordtals logies. Uit art. 4.171 en 4.174 van het Bbl volgt dan weerdat de opvangvan asielzoekers door het COA een vorm van een woonfunctie betreft. Het is wel helder dat de opvang voor0,5 tot 2 jaar niet gezien moet worden als reguliere woonfunctie. Om die reden zien wij deze eerste fase van de opvangnietals geluidgevoelig. Relevantis dat het standpunt dat er geen sprake is van een geluidgevoelig gebouw(in kader van de woonfunctie) ertoe leidt dat er geen directe toetsing aan de wettelijke normen vereistis. Wel blijft ten alle tiiden de beoordeling in kader van de ETFALrelevant en zal er dus een beoordeling van de aanvaardbaarheid moeten plaatsvinden. Ook hierbij is de mate van gebruik en aanwezigheid van personen van belang. Wij zijn van mening dat er geen sprake is van een geluidgevoelig gebouw gelet op de kortdurende opvangfunctie. Wewijzen er hierbij op dat andere functies, zoals de onderwijsfunctie, alsnog kunnen leiden tot (gedeeltelijke) aanmerking als geluidgevoelig gebouw. Geadviseerd wordt dan ookdit punt nader te onderbouwen.
Hiertoe is al eerder een memo inzake context gedeeld waar overeenkomstig op gereageerdis.
Pagina 1 van 14
Korte conclusie Thema Geluid - verkeer
Biz. 3
Beoordeling Niet akkoord
Geluid - industrielawaai
5
Niet akkoord
Externe veiligheid
iG
Ecologie
8
Akkoord onder voorwaarden Akkoord onder voorwaarden
M.e.r.
9
Akkoord onder voorwaarden
Pagina 2 van 14
Opmerkingen en/of belemmeringen Het akoestisch onderzoek moet aangevuld worden. De benodigde maatregelen moeten onderzocht worden om een aanvaardbare situatie te realiseren. Een nadere motivering is nodig waarbij de maximale geluidbelasting moet onderzocht en geborgd wordt. De benodigde maatregelen moeten onderzocht worden om een aanvaardbaresituatie te realiseren. De stukken voldoen maar het advies van de VRU ontbreekt nog. De onderbouwing voor stikstofdepositie voldoet. De beoordeling voor soortenbescherming ontbreekt. Er is geen aanmeldingsnotitie/ project-merbeoordelingsbesluit nodig. Als hiervoor gekozen wordt is aanpassing van de aanmeldingsnotitie nodig.
Geluid - wegverkeer Advies: 1.
2.
Het akoestisch onderzoek naar wegverkeer aan te laten passen.
De benodigde gevelwering eninterne isolatie te laten onderzoeken.
Inhoudelijke onderbouwing 1.1 Geluidgevoelig is als uitgangspunt gehanteerd. Formeel worden kortdurende opvanglocaties als niet geluidsgevoelig in de zin van de Omgevingswetvoor wegverkeerslawaai aangemerkt. In de praktijk zal de gemeentebij de planologische afweging wel rekening moeten houden met het borgen van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat voor de aanwezige personen. In het rapport is inzicht gegevenin het geluidniveau als zijnde het een (nieuw) geluidgevoelig gebouwis. Zie hiertoe ook het gestelde in de inleiding. Wij adviseren om dit als basisuitgangspunt te hanteren. Door te motiveren in hoeverre er voldaan wordt aan de vereistesituatie bij een geluidgevoelig gebouw kan voorzien wordenin de vereiste onderbouwing in kader van de evenwichtige toedeling van functies aan locaties. 1.2 Onduidelijkheid over functie gebouw enindeling. In het rapport wordt opgemerktdat (deels) sprake is van een onderwijsfunctie en dat de indeling niet de laatste versie betreft. Dit moet nog goed afgestemd worden metde initiatiefnemer en de gemeente en duidelijk zijn voor verdere verwerking. 1.3 Er ontbreken bijlagen. In het onderzoekis de (toekomstige) situatie vertaald in een akoestisch rekenmodel. Dit is op een juiste wijze gedaan. Aangezien de bijlagen nog ontbreken in dezeversie, zijn niet alle uitgangspuntente controleren.
De berekende waarden van geluid op de gevels zien er representatief uit, maar dit moet nog wel gecontroleerd worden wanneerook debijlagen zijn bijgevoegd. 1.4 Nadere motivering over de geluidgevoelige ruimtesis nodig. De standaardwaarde en de grenswaarde (voorrijkswegen) worden overschreden. Maatregelen aan de bron, in de overdracht en aan het gebouw zijn onderzocht/ in beeld gebracht. Dit is voldoende uitgewerkt. Watnog ontbreektis de mogelijkheid om de gebouwen andersin te delen: geluidgevoelige ruimtes (met name slaapkamers en woonkamers) zoveel mogelijk aan de geluidluwere kanten. Er dient een goede onderbouwing voor worden gegeven waarom hetniet mogelijk is om de geluidluwe ruimten aan de geluidiuwe kanten te realiseren en hoe op een andere manier een aanvaardbaar leefklimaat geborgd wordt. 1.5 Erzijn nog enkele tekstuele opmerkingen De geluidseffecten van de ontwikkeling (mogelijk extra verkeer) naar de omgeving zijn goed opgenomen in het onderzoek. Dit is akkoord. Verder zijn er nog enkele (tekstuele) opmerkingen op het akoestisch onderzoek, deze hebben wein de bijlage opgenomen. 1.6 De argumenten voor onhaalbaarheid bron- en overdrachtsmaatregelen voldoen. Deopsteller van het akoestisch onderzoek noemt argumenten waarom hetniet mogelijk is de waarde van het geluid te verlagen door middel van bron- en overdrachtsmaatregelen. Wij kunnen instemmen met deze argumenten.
1.7 Het rapport toont nog niet aan dat sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Omdathet geluid hogeris dan de standaardwaarde voor gemeentewegenenrijkswegen en (deels) hoger dan de grenswaardevoorrijkswegen, moetde initiatiefnemer aantonen met welke maatregelen nog voldaan kan worden aan de grenswaarden en op welke manier sprake is van een evenwichtige toedeling van functie aan locaties (ETFAL). Het onderzoek toont nog niet aan dat het plan voldoet aan de voorwaardenuit de beleidsregel hogere waarden ofdat, bij afwijking daarvan, nog een aanvaardbaar woon- en leefklimaat kan worden gegarandeerd. In het beleid staat onder andere opgenomen: Aan de voorwaarden metbetrekking tot een geluidluwe gevel, de indeling van de woning en de buitenruimte mag
Pagina 3 van 14
gezocht worden naargelijkwaardige oplossingen. Gemotiveerd kan een 5 dB ruimere marge worden aangehouden. Of het plan haalbaaris voor het geluid van wegverkeer, (waarbij sprake is van een aanvaardbaar woonen leefklimaat), hangt af hoeveel er nog met deindeling geschoven kan worden en (het budgetvan) de te treffen maatregelen.
2.1 Voldoende gevelweringis vereist. Gebouwmaatregelen (bv. voorzetramen, geluidreducerendeventilatiemogelijkheden) moeten ervoor Zorgen dat er wordt voldaan aan het binnenniveau (in eerste instantie 33 dB). Belangrijk is dit met namein de slaapkamerste realiseren. Een 5 dB minderstrengeeis voor het binnenniveau (38 in plaats van 33 dB, zie art 5.23a Bbl) is mogelijk, mits daar en goede onderbouwing voor wordt gegeven dat nog sprakeis van een akoestisch aanvaardbaar woon- en leefklimaat. 2.2 Een goedeinterne geluidsisolatie is mede bepalend. Omdathet akoestisch leefklimaat niet alleen wordt bepaald door geluid van buiten, maar ook door geluid van binnen (burengeluid), stellen wij ook eisen aan de interne geluidswering bij transformatieprojecten. Immers, voor de aanvaardbaarheid van een akoestische situatie (ETFAL)is ook bepalend in welke mate de aanwezige personen ook andere geluidsbelasting ervaren. Wij adviseren om de luchtgeluidisolatie en contactgeluidisolatie van de woonruimte scheidende wanden en plafondsin eerste instantie te laten voldoen aan de nieuwbouweisenuit het Besluit bouwwerken leefomgeving. In het kader van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties kan een gemeente daartoe aanvullende eisen stellen. Om een gezond woon- enleefklimaatte realiseren gaan we(in principe) uit van de nieuwbouweisen.
Er moet daarom inzicht worden gegevenin de te behalen interne geluidwering. In de bijlage lichten wedit toe. Watis getoetst? e Akoestisch onderzoek AZC te Vianen, Aveco de Bondt BV,d.d. 29 augustus 2025, projectnummer 251497003. Waaraan is getoetst? e Omgevingswet; e Besluit kwaliteit leefomgeving; e Evenwichtige toedeling van functies aan locaties; e Geluidbeleid gemeente Vijfheerenlanden.
Pagina 4 van 14
Geluid - industrielawaai Advies: 1. Een nadere motivering inzake ETFALoptelatenstellen. 2. De maximale geluidsbelasting te borgen. 3. De geluidswering van de gevels en interne geluidisolatie te laten onderzoeken. Inhoudelijke onderbouwing 1.1 Formeel is er mogelijk geen sprake van een geluidgevoelig bestemming. Er is formeel mogelijk geen sprake van een geluidgevoelig gebouw. Maar in kader van de ETFAL moet eenlocatie bestemd voor verblijf van mensen (in enige mate) beschermd worden tegen hinder. Voor functies die niet specifiek aan de opvangfunctie verbonden zijn, zoals een school kan dit anderszijn. Wij adviseren om de stukken opdit punt aan te vullen zodat er duidelijkheid is over indeling en functie van het plangebied. 1.2 Eris sprake van langdurig verbiijf. Het voornemen bestaat om eenlocatie te realiseren waar personen voor0,5 tot 2 jaar worden opgevangen. Omdatdit uitgangspunt bepalendis voor de verdere afweging adviseren wij dit op te nemen in de ETFAL motivering en nader te onderbouwen en een meer permanentere woonfunctie uit te sluiten. Zie hiertoe ook de kanttekening. 2.1 Geluidbelasting vanwegefeitelijk aanwezige bedrijven is aanvaardbaar. Wehebben degeluidbelasting met een eigen, inmiddels gedeelde berekening, bepaald op basis van de huidige situatie, zoals opgenomen in een zonemodelvan hetindustrieterrein.